Leg eens wat sneeuw in de groentekas.
In een kas kan de zoutconcentratie (=totale concentratie aan mineralen in de grond) na een tijdje te hoog worden. De niet verbruikte mineralen stapelen zich op en tijdens de verdamping van het water uit de grond blijven heel wat mineralen aan het grondoppervlak achter.
In open lucht worden de overtollige zouten tijdens de wintermaanden door regen uitgespoeld.
Je kan voorkomen dat de accumulatie van mineralen te hoog wordt door jaarlijks de kas te spoelen. Dit kan door in meerdere beurten, maar kort na elkaar water te geven. Niet alle situaties lenen zich echter om de grond overvloedig te begieten. Je kan de stijgende trend van de zoutconcentratie alvast wat vertragen door samengestelde organische ipv anorganische meststoffen te gebruiken. Of je kan in plaats van door te spoelen, de bovenste teeltlaag na drie jaar vervangen door verse tuingrond. Twintig cm is voldoende, zouten blijven vooral achter in de bovenste laag. Niet echt haalbaar voor grotere kassen.
Een alternatieve methode die sommige tuinliefhebbers toepassen is het binnenbrengen van sneeuw in de kas. Dit doe je best als de kasgrond (nog) niet vervroren is. De geleidelijk smeltende sneeuw zorgt dan voor een uitspoeling van de grond. Hoe dikker de laag sneeuw hoe beter, een halve meter is niet te veel.




Spruitentelers en handel hebben met de smaak van spruiten een prima instrument in handen om deze wintergroente op een onderscheidende manier onder de aandacht van de consument te brengen. Tegenover rassen met een uitgesproken zoete smaak, zijn er soorten met een genuanceerde en met een meer karaktervolle [bittere, zwaardere] smaak. In het algemeen blijken zoet smakende spruiten het hoogst te worden gewaardeerd. Bittere spruiten scoren lager. Kijkend naar individuele voorkeuren, blijkt bitterheid echter wel geapprecieerd te worden.
Bij alle maaltijden die hij buitenshuis eet (horeca, gemeenschapskeukens…) consumeert de Belg 24 g fruit en 138 g groenten per dag. Dat is minder dan de helft van de aanbevolen hoeveelheid. In de schoolmaaltijden en de maaltijden van ziekenhuizen en rusthuizen blijft het aandeel van verse groenten en vers fruit bovendien verontrustend laag. Gelukkig beseft de Belg dat het anders moet… Een en ander blijkt uit het onderzoek “Groenten en fruit op de Belgische foodservicemarkt” dat door Food in Mind werd uitgevoerd.
De teeltperiodes voor busselwortelen bieden een waaier aan mogelijkheden. Zaaien kan al zeer vroeg, want de kiemplantjes van wortelen zijn ongevoelig voor vriestemperaturen tot -6°C. Het is wel goed te weten dat de bijna oogstklare wortelen niet tegen dergelijke vriestemperaturen kunnen, waardoor je wortelen gedurende de winter niet op het veld kan laten, althans niet zonder afdekking. Natuurlijk zal de grondsoort voor het grootste deel bepalend zijn of je al dan niet vroeg kan uitzaaien. Alleen wie lichte grond heeft die 's winters nooit wateroverlast kent kan dan al aan de slag begin januari of zelfs eind december. Maar zaaien in een plastiek tunnel of in een onverwarmde kas, dat moet zeker lukken.

