De chinchilla

   

De chinchilla is een sympathiek knaagdiertje dat in populariteit stijgende is.  Helaas wordt zo’n diertje vaak aangekocht zonder juist te weten hoe het dier verzorgd moet worden.  Dat resulteert in vroegtijdige sterfte, en dat terwijl zo’n dier in goede omstandigheden tot 20 jaar oud kan worden ! Daarom in het kort enkele nuttige tips in verband met de chinchilla.

De chinchilla is afkomstig uit het Andes-gebergte (Zuid-Amerika) en woont daar in spleten en holen.  De temperaturen daar kunnen erg koud worden en vandaar heeft het dier een zeer dichte isolerende vacht, grijs of zwart van kleur.  Die prachtige vacht heeft minder leuke gevolgen voor het diertje : chinchilla’s worden op industrieel niveau gefokt voor hun pels voor de beroemde chinchilla-mantels.  Als huisdier gehouden heeft de chinchilla gelukkig geen last van pelsenjagers.  Die pels is wel erg gevoelig, in die zin dat de haren gemakkelijk loslaten wanneer het dier bang is, met andere woorden til het dier nooit op aan de pels, anders heb je enkel een boel haren in je hand.  Een tamme chinchilla til je op –heel vreemd- aan de oren en de staart.

Chinchilla’s zijn sociale dieren, van nature leven ze in groepen.   Een groep bestaat uit 1 mannetje met enkele vrouwtjes met jongen.  In huis kunnen ze echter goed als paartje gehouden worden, zodat u niet meteen een hele meute chinchilla’s moet houden.  Maar als éénling in een kooi gaat het diertje treuren.

De kooi is ook van belang : de minimum afmetingen bedragen 1 m op 0,5 m op 0,5 m.  Gaas is het beste materiaal.  In het hok moet een slaaphokje geplaatst worden : een chinchilla trekt zich graag af en toe terug in het donker.  Als bodembedekking is turfmolm en houtkrullen ideaal.  Er moet ook een zandbak geplaatst worden in de kooi, gevuld met fijn schelpenzand.  De chinchilla neemt namelijk dagelijks een zandbad., wat onontbeerlijk is voor een goede vachtconditie.   Er moeten ook flinke klimtakken van een harde houtsoort in de kooi geplaatst worden.  Deze takken hebben 2 functies : ten eerste om de lichaamsbeweging te stimuleren en ten tweede om het dier te laten knagen.  De chinchilla heeft immers tanden die blijven doorgroeien – gans het leven door- en de tanden worden afgesleten door te knagen op houttakken (daarom moet de houtsoort zo hard zijn !).  Het knaaggedrag heeft ook gevolgen voor de constructie van de kooi : alles (ook eet- of drinkbakjes) moeten van metaal, steen of glas zijn.  Plastiek is uit den boze : het wordt opgeknabbeld en opgegeten met alle gevolgen van dien.

De kooi moet op een rustig plaatsje staan en de ideale temperatuur voor de chinchilla varieert tussen de 15 en 20 °C.

Een correcte voeding is van levensbelang.  Het maag-darmstelsel is ingesteld  op een voedingsstof –arme voeding, maar wel vezelrijk.   Een voedingsstofrijke voeding wordt slecht verdragen, met darmproblemen als gevolg.  Voer voor konijnen of andere knaagdieren is absoluut ongeschikt.  In de handel zijn er speciale chinchilla—pellets te koop.  Hiervan hebt u ongeveer 25 gr per dier per dag nodig.   Daarnaast moet elke dag fris hooi gegeven worden.  Als snoepjes kan men gedroogde vijgen geven, radijsjes, distels en brandnetels.  Let goed op : bepaalde zaken die een gezonde lekkernij zijn voor konijnen kunnen voor de chinchilla echt giftig zijn, zoals kerseboomtakken, rhododendrontakken, eikeschors etc...Geef het voedsel ’s avonds, want de chinchilla is een nachtdiertje ! Verander nooit plots van voedsel, want chinchilla’s zijn erg gevoelig in de darmen, en diarree is een frequente doodsoorzaak.  Dagelijks vers water is een must : best geeft men het water via een fles met drinknippel, om vervuiling van het water tegen te gaan.  Af en toe een vitaminenmengsel aan het drinkwater toevoegen is erg nuttig.

Voor de eigenaar die wel eens een nestje wil fokken met zijn chinchilla’s : een chinchilla is fokrijp op de leeftijd van een 8 tal maanden .  De draagtijd bedraagt 3,5 maanden, met gemiddeld 2 jongen als resultaat.  Meer jongen resulteert in problemen want er zijn meestal maar twee melkklieren echt functioneel bij het moedertje : dan moet er bijgevoerd worden met kunstmelk !

Wat de gezondheid betreft, kan ik niet genoeg de nadruk leggen op het darmstelsel van de chinchilla : merkt ook u maar iets op van darmkrampen, diarree etc..aarzel niet om meteen diergeneeskundige hulp in te roepen, want zulke zaken verlopen snel en vaak fataal.  Ook de longen zijn erg gevoelig : vermijd tocht en wisselende temperaturen.

terug