Toneel
HET voormalige
MARIACOLLEGE MAAKTE THEATER
Het college (eerst St.-Antonius-, daarna Maria-..., nu KSO Glorieux) heeft een respectabele theatertraditie. We spreken dan nog niet van de toneelvoorstellingen die al sinds vorige eeuw de jaarlijkse proclamaties luister hebben bijgezet. Het gaat hier over de reeks producties die in de voorbije kwarteeuw op de planken werden gebracht.
Het begon in 1974. Toen startte Gaby Verzele, leraar Nederlands aan het Sint-Antoniuscollege van superior Coorevits de repetities van De kleine prins, een stuk dat hij zelf een paar jaar tevoren had bewerkt voor een opvoering die er tot dan toe nooit was gekomen. Maar in 1975 was het zover. De kleine prins was gewoon geprogrammeerd na de pauze van een ABN-quizavond. Het jaar daarop vierde het Sint-Antoniuscollege zijn 125-jarig bestaan en voor die gelegenheid werd een stuk uit het schoolarchief afgestoft: Perle-Fine. Het werd een topper en meteen had het lerarenkorps de smaak te pakken van totaalspektakel. Een overzicht van het repertoire:
1975 De kleine Prins (eigen bewerking naar de Saint-Exupéry) 1976 Perle-Fine (aanpassing naar Anton van de Velde) 1977 Reinaert de vos (Paul de Mont) 1978 De Laatste Tocht (R.C. Sheriff) 1979 Kabouters in de stad (Lode Cantens) 1980 Marten de haas (Constant Lindemans) 1981 De twee Egyptische dieven (naar Herodotos door P.H. Schröder) 1982 Bloed en Liefde (G. Bomans) 1983 Boetiek (musical van De Jong-Trimbach) 1984 Eenakteravond met Eriks ongeloofwaardige illucinaties (A. Ayckbourn), Kreten rond middernacht (H. Heinemann) en Het Aquarium (G. Dagan) 1985 Erik (naar Godfried Bomans door Jos Dom) 1986 Oliver Twist (naar C. Dickens door L. Eeckhout) 1987 Antigone (eigen bewerking van Sofocles) 1988 Dracula Spectacula Show (musical van Gardiner en Parr) 1989 Marieke van Nijmegen (bewerking door Bert Decorte) 1990 De wijze kater (van H. Heyermans; in eigen bewerking) 1991 August, August, August (P. Kohout)
Met August, August, August werd het college laureaat van het NTG-Toneeltornooi 1990-91 n.a.v. het 25-jarig bestaan van dit toneelgezelschap.
In het schooljaar 1991-1992 fuseerden het Sancta-Maria-instituut en het Sint-Antoniuscollege tot het Mariacollege. Ondertussen kreeg G. Verzele ook te kampen met een nogal acuut gezondheidsprobleem. Op advies van zijn dokter, die zelf nog onder zijn regie op de collegeplanken had gestaan, zou hij het voortaan op een tweejaarlijkse voorstelling houden.
1992 Reinaard de Vos (eigen bewerking door M. Beleyn - G. Verzele) 1995 Alice (bewerking van Alice in Wonderland door Jan de Vuyst) 1997 Animal Farm (bewerking door M. Beleyn) 1999 Midzomernachtsdroom van Shakespeare
Marcel Beleyn, leraar Engels, schreef een schitterende toneelversie van het maatschappijkritische dierenverhaal van George Orwell. Met deze productie werd het Mariacollege laureaat in het Barbaratornooi, een toneelwedstrijd voor scholen uit de provincie Oost-Vlaanderen en Vlaams-Brabant., georganiseerd door de rederijkerskamer Sint-Barbara uit Aalst. Bovendien kaapte Alwin Verzele (laatstejaars aan ons college) de prijs weg voor de beste vertolking.
![]() |
![]() |
| Bloed en Liefde (1982) | Animal Farm (1997) |
| Midzomernachtsdroom
(1999)
|
De leerlingenredactie van het schooljaar 1998-1999 was aanwezig op de generale repetitie van Midzomernachtsdroom. Zij namen volgende foto's:




Dit was de laatste productie van onze gerenomeerde regisseur Gaby Verzele.
Back to Top
We publiceren hier graag enkele
fragmenten uit onze bewerkingen van ANIMAL FARM van G.Orwell en VAN DEN VOS REYNAERDE. De
volledige toneelteksten zijn allebei gedeponeerd bij het Auteursbureau ALMO,
Jan van Rijswijcklaan 282, B-2020 Antwerpen
(tel. 03 260 68 10) (info@almo.be). Wie geïnteresseerd is in ons
werk en met name in onze enscenering mag ons natuurlijk altijd een e-mailtje sturen ( mariacollege@pi.be ).Wij helpen graag!
ANIMAL FARM (De dierenboerderij)
DEEL 1
Scène 2 : Slagerslied
Met messen en ander tuig gewapende slagersknechten, met bebloede witte schorten, en een of andere kar (= MFK = "multifunctionele kar"?) met Adolf Slijmpot, slachter erop, komen het toneel op , halen denkbeeldige dieren uit een kooi die op de kar staat en zingen lallend het slagerslied. De restaurantbezoekers zingen etend en drinkend mee. Af en toe worden ze stukken vlees toegeworpen door de slagersknechten. De enscenering van deze scène is erop gericht de mens als een in wezen primitieve vleeseter voor te stellen.
(op de wijs van Johan Verminnen, Ieder met zijn ..)
refrein
Beesten om te vreten
Beesten om te slaan
Beesten moeten zweten
Ja, beesten gaan eraan. JA, beesten ...! (x?)
couplet 1: Een koe, een paard, een varken
een slavink, een marmot
Ze zijn daarvoor geboren,
we maken ze kapot.
(Eén van de slagers maakt telkens de passende dierengeluiden terwijl een andere een slavink aan het publiek toont; het geluid van een marmot kan aanleiding geven tot komisch spel; kapot gaat gepaard met een zwaai van een hakbijl, het oversnijden van een keel, enz.;)
couplet 2: We hakken en we houwen,
we maken emmers bloed (rekwisiet, bebloede voorarmen)
Het is perfect natuurlijk.
Een beest moet dood, dat moet.
couplet 3: Van varkens maak ik hammen, (hangt ham aan haak, later voor Jansen)
van kalfjes kalfsgebraad.
Dat smaakt met oesterzwammen.
Hier wordt geen traan gelaat ... eh ... gelaten.
couplet 4: Het moet een beetje zeer doen. (grijpt een andere slagersgast
Ik kick op vrees en pijn. bij de keel)
Ik hou van t doodsgereutel (gewurgde slager gaat dood)
van schaap of geit of zwijn.
couplet 5: Van zwijnen en van runderen
maken wij gehakt,
bloedworsten en hamburgers.
Zo wordt het vlees geprakt. Kijk... (toont en prakt gehakt)
couplet 6: Aan Michel Vandenbossche
hebben wij lak en schijt.
Laat hem maar ouwehoeren.
Wij denken aan t profijt. (geldstukken, cheques, Monopoliegeld)
couplet 7: Door lillend vlees en stromen stront
hak ik mij wel een weg. (hakt vervaarlijk als door een jungle)
Het is normaal, het is gezond:
een beest is broodbeleg. (Een slager wordt Jansen en snijdt een dikke plak ham)
DEEL TWEE
Oogstchoreografie
De MFK (d.w.z. multifunctionele kar) kan hier gewoon als wagen gebruikt worden; de verteller danst in een of andere (dieren)rol mee!
(einde: de dansers zetten alles klaar voor de volgende scène; het changement kan in de choreografie geïntegreerd worden - MFK met een doek afgeschermd dient vervolgens als hondenhok ; allen af, licht uit)
(Licht op verteller, die op het toneel zijn transformatie tot verteller ondergaat)
Scène 16 : Klaver heeft er zin in
Verteller:(heeft meegedanst; is een beetje buiten adem en veegt zich het zweet van het voorhoofd):
Oef, wat een mens allemaal niet moet doen om aan de kost te komen! Oef! ... Ik vond het overigens best leuk,hoor. Heeft u me gezien tussen al die andere schepselen? (demonstreert nog een paar pasjes) Hopsakee! (heeft er schik in en maakt neuriënd noch een paar dansbewegingen) Hoi...hoi...hopsakee! Ik voel me weer driemaal zeven (maar wordt dan iets te overmoedig, krijgt plots een pijnscheut in zijn rug en strompelt kreunend terug naar zijn leesplaats) , ... en ook op de dierenboerderij bruiste het van leven en levenslust! Luister maar...(neemt boek ter hand en leest)
"Hoe zwoegden en zweetten zij om het hooi binnen te brengen! Maar hun inspanning werden beloond, want de oogst was nog een groter succes dan zij hadden durven verwachten. De dieren waren zo gelukkig als zij zich nooit hadden kunnen voorstellen. Elke hap voer was een uitgesproken plezier nu het werkelijk hun eigen voedsel was,door en voor hen voortgebracht. Nu de verachtelijke menselijke parasieten verdwenen waren, was er voor iedereen meer te eten. En ondanks de onervarenheid van de dieren was er ook meer vrije tijd ..." (klapt boek dicht) ... om nieuwe dingen te leren en om hele oude spelletjes te spelen. Ze hadden ..., you know, ...ze hadden er allemaal zin in.
Klaver - Bokser
(ochtendgeluiden: hanengekraai, gegiechel, gekreun, gehijg enz.; licht op; enkele scharrelende kippen; verliefde duivenpaartjes 'fladderen' kirrend en koerend over het toneel; Bokser en Klaver, die in een hoek lagen te slapen, geven elkaar neuskusjes: Klaver is daarbij duidelijk de actiefste, Bokser weet niet zo goed wat hij moet beginnen)
Klaver: Moet je nu heus al op, binkje van me? (drukt zich tegen hem aan)
Bokser (nogal idioot met zijn hoofd op haar schouder): Het is tijd voor het werk.
Klaver (bijt zachtjes in zijn nek): Je ruikt zo lekker naar....... paard en .. en je hebt brede, sterke schoften ... (geeft hem nog meer ongeduldige neusjes enz. ) ... Zullen we een Boksertje maken? (Terwijl Bokser schaapachtig naar het publiek kijkt) .. Je bent weer net zo mooi als toen. Je manen vallen net zo leuk over je oortjes in je nek. (Klaver laat haar vinger over zijn lippen,tanden glijden en over zijn neus; Bokser kijkt nog schaapachtiger) Je volle lippen, je hagelwitte tanden, je neusje ... geeft hem nog meer neuszoentjes) ... hmmm, dat blijft mijn zwakke plek. Beloof me dat je vanavond wat vroeger naar huis komt, ... (knijpend enz.) stevige stud ... boksertje bink ... potig paardje ... gespierde spetter ... (opgewonden hijgend) ... h...h.hh...hhhh...hhevige ...hh...hh...
Bokser: (zich losmakend en aan zijn werk denkend) Ik zal vandaag weer hard moeten hengsten.(af)
Klaver: (hem verliefd nakijkend en wuivend) Tot vanavond,Boksertje! ..... Ik mis je nu al! ... (gebaart dan dat ze hem wil opeten en zegt bij zichzelf) ... Lekker stuk!
(veegt stalvloer en neuriet "Er staat een paard op de gang" in interactie met de kippen. Net op dat moment komt Benjamin op; hij ziet er allesbehalve "lekker" uit.)
Benjamin (niest) A.i.a.i.a.i.a ... Dag Klaver.
Klaver: Dag Benjamin, je bent vroeg!
Benjamin: (zijn neus snuitend) Vroeg uit en vroeg onder dak, dat is gezond en groot gemak.
Klaver: Zeg dat wel. Bokser is al vertrokken.
Benjamin: Haast en spoed zijn zelden goed.
Klaver: Je zult hem daar wel vinden.
Benjamin: (maakt aanstalten om Bokser achterna te gaan)Wie zoekt, die vindt.
Klaver: Ik denk dat ik vandaag maar eens schoon stro in onze stal leg. Bokser komt vanavond wat vroeger.
Benjamin: De boog kan niet altijd gespannen zijn. 't Is een slecht dorp waar het nooit kermis is. ... (draait zich om voor hij weggaat) ... Klaver, ligt er hier soms geen steen?
(Verteller beeldt het bedoelde spreekwoord uit)
Klaver: Een steen? Niet dat ik weet. Waarom?
Benjamin: ... Laat maar. Dag.
Klaver: (nog altijd een tikkeltje frivool) Doe-oei! ( rommelt nog wat op hun slaapplaats en gaat dan hinnikend = zingend af)
Scène 17 : Zo macho
( Haan op in volle glorie. Doet zijn ochtengymnastiek . De kippen bewonderen hem.)
Kip 3: Wat een hanige hunk!
Kip 2: Wat een lenig lijf! Ik krijg er zowaar kippenvel van! (opgewonden gegiechel)
Kip 1: En ik heb zin in een losse scharrel! (Ze proesten het uit.)
Kip 3: Wat een macho!
Kip 2: Hij is zo pico bello!
Kip 1: Hij heeft zoveel in petto.
Kip 2: Een echte man!
Kip 3: Een man die alles kan!
Haan (stoer en ijdel; doet alsof hij de kippen nu pas bemerkt) Hello, chicks! (wenkt ze mee)
Kippen: Wow!
Haan- en kippenchoreografie (b.v. op de wijs van Jimmy B., Zo macho)
Scène 22 : Sneeuwbals rap
Sneeuwbal
We eindigen deze les met een stukje MAVO. Luister goed, want wat ik nu ga zeggen belangt ons allemaal aan. Ik heb een diepgaande studie gemaakt van ... (houdt er de spanning in en toont dan enkele exemplaren van de genoemde tijdsschriften) ... enkele oude nummers van 'Landbouwleven' en 'De boer en tuinder', die ik op de oude graanzolder gevonden heb. Volgende week vertel ik jullie wat ik geleerd heb over (leest) afwatering, inkuiling en basische slak. Vandaag, kameraden, wil ik jullie enkel nog een en ander vertellen over mijn (schrijft in grote letters op het bord) MAP, M-A-P, Mest Actie Plan. Ik constateer dat er op onze boerderij nog veel verspilling is.
Ik trap om de haverklap in excrementen die daar eigenlijk niet horen te liggen.
Daarom, kameraden, deponeer je stront niet zomaar lukraak op de grond. Vraag je af / of het wel past dat je je op die plek ontlast.
En als je dat met zekerheid weet,
open dan pas tevreden je reet.
Denk aan het nut van de fertilisatie bij 't drukken en 't plegen van defecatie.
Allen: En wat te doen als het dringend is?
Sneeuwbal: Wel... ingeval het dringend is
bij spuitpoep, racekak of diarree, vermijd je verspilling en zoek je een plee. Dit is voor ons allen van 't grootste belang, geen kwestie van moeten, van wetten of dwang. We zullen de velden beter doen renderen als we drollen correct distribueren,
want er is een aantoonbare indicatie
en een onmiskenbare correlatie
tussen kwaliteit van de grond
en de kwantiteit van...
Allen stront?!
Dus,
we drukken niet aan een stuk,
we schijten niet de hele tijd,
we poepen niet op de stoep, we kakken op het gemak, we doen onze drek
op de aangewezen plek
Sneeuwbal Ziezo, plaspauze!
alllen af
Scène 22 : Café de Rode Leeuw
(decor: café met tafeltjes en stoelen, reclameborden, grammofoon enz.; rechts vooraan, op de plaats waar de geboden hingen, een bord met als opschrift: " Spreekt wat waar is / Drinkt wat klaar is / Langs hier is de koer"
op een andere plaats een gelijksoortig bord waarop staat: "' Is gezond voor ziel en lijf / Elk zijn glas en elk zijn wijf "; de prikkeldraad wordt bedekt met panelen; Licht op de verteller, die zijn neus dichtknijpt. Terwijl hij spreekt, transformeert hij zich in boer Boerie.De namen kunnen aangepast worden aan de actualiteit.)
Verteller: Nu denkt u misschien, dames en heren, dat dit lesje scatologie ontsproten is aan een of andere ... ....infantiele,anale fixatie - zou Sneeuwbal zeggen - van de flauwe- grappenmakers die zich hiermee onledig gehouden hebben, maar deze keer maak ik geen bezwaar, want ze hebben mij - het werd tijd - geconsulteerd en ik moet bekennen dat ze u terecht met de neus in de stront gedrukt hebben. En we gaan daar nog een poosje mee door, want terwijl de dieren poepten en boerden dat het een lieve lust was en zo de echte boeren een poepie lieten ruiken, werd in café De Rode Leeuw ook over drek en mestvee gedebateerd en over de ongewone situatie die na het vertrek van Janssens op de Herenhoeve ontstaan was. (trekt rits dicht en schakelt over op dialect)
Allez, santé! Geef 'r ons nog enen! Santé!
(muziek: "Mooi man" van Mannenkoor Karrenspoor. Boeren en boerinnen zingen en dansen. Modest blijft mokkend aan een tafeltje zitten, centraal vooraan. Na het lied gaan Speeltie en Boerie lachend aan hetzelfde tafeltje zitten, terwijl anderen in de achtergrond praten, drinken en flirten. De boeren en boerinnen spreken gekuist Vlaams met veel dialectische insluipsels. Modest reageert nauwelijks.)
...(fragment)... Boerie (zich weer omdraaiend): Amaai mijne frak! Mijn herte! (maakt klopbewegingen)
Speeltie: En mijnen buik, jong. 't Is precies gelijk dat er er vlinderkes in zitten.
Boerie (heft het glas): Drink ne keer, Speeltie. Die beestjes hebben ook dorst.
Speeltie (volgt Boeries voorbeeld): Dat is hier weer van lik -mijn-lipke!
Boerie: Ja't,
Speeltie: Ja 't! Allez, Rosa, doe ze nog ne keer vol! Tournee général!
De Dierenboerderij werd in het voorjaar van 1997 onder de titel Animal Farm voor het eerst gecreëerd n.a.v. een lectuurproject rond het gelijknamige boek aan Het Mariacollege te Ronse in een regie van Gaby Verzele.
Zijn ploeg werd daarmee laureaat van het "Barbaratornooi", een toneelwedstrijd voor scholen, georganiseerd door de rederijkerskamer St.-Barbara uit Aalst, i.s.m. de stad Aalst en het auteursbureu ALMO.
Decoruitvoering: o.l.v. Robert Glabeke i.s.m. Gaby Verzele en Marcel Beleyn
Pierre Vandermeersch ontworp de affiche.
Marcel Beleyn
I,2 Het hof - de Aanklachten
(vorigen - Isegrim-Bruin-Tibeert-Cuwaert-Grimbeert-Courtois
later : Hersinde - blinde welpen )
Nob: Hm, Heren, welgekomen,maar... waar is de vos?
Ise: Meneer komt niet, en wij zijn de klos!
Gri Sire, op Reinaert wachten is boter aan de galg.
Hij ligt doodziek te bed met de bof in de balg
Bru Grimbeert, praat niet recht wat is krom.
De vos komt niet naar hier, je weet waarom!
(verontwaardigde reacties van de dieren)
Nob: Heren, heren, laat toch dat steriel getwist
waarmee u onze dure tijd verkwist.
De zaak sleept al te lang zich voort!
Heer Isegrim, u krijgt het eerste woord.
Ise: Sire, geen dier heeft zoveel schand doorstaan
dan dat loeder van een Reinaert mij heeft aangedaan.
Ik zeg het hier met schroom, maar noodgedwongen,
dat hij mijn wijf, Hersinde, heeft.... besprongen!
(hevige reacties)
Daarnaast is er nog het onweerlegbaar feit
waarvoor die smeerlap meer dan schuldig pleit;
mijn welpjes stoeiden ooit zo dartel...
en plots was't uit met hun gespartel.
Leo: Heeft de vos ze soms gebeten?
Ise: Hersinde, kom, laat jij het weten
(Hersinde op met blinde welpen die tegen iedereen aanbotsen)
Her: (begint een verhaal dat onverstaanbaar is door haar gehuilebalk;
de dieren reageren onbegrijpend en verward)
Ise: Inderdaad! over die snoezige poezelige gezichtjes
van die lieve, onschuldige schattige wichtjes
kwam die bandiet als een schaamteloze
zijn smerige zeik te lozen!
Leo: Oh, mijn gemoed schiet ervan vol!
Her: Ja, madame, ze zijn zo blind als een mol
Cou: (met de gestiek van een "mietje' keffend)
Ecoutez moi, je m' appelle Courtois
et je préfère de parler en françois.
Nom d'un chien, je tire dans une colère française!
Le renard ne sera dès maintenant plus à son aise.
De cruelste misdaad die hij deed, monsieur le Vorst
is dat hij pikte - er is een jaar - mijn worst!
Tib (stuift op) Worst? worst? Maar dat is dikke shit!!
Die worst , dat was mijn persoonlijk bezit
Want 'k had ze eerlijk en oprecht gestolen
van de molenaar, daarbij die molen...
Ise: Is meneer de kater plots de advocaat
van Reinaert , die doortrapte onverlaat ?
Tib: Nou, mij heeft Reinaert niets mispeuterd .
Bru: Hou je smoel , je hebt genoeg geleuterd.
Rein beging de ergste euveldaad
jegens Cuwaert de haas, die hier staat.
Reinaart bracht de arme stakker in de waan
dat hij hem kon maken tot kapelaan.
Cuw: Ja , ja , hij nam mij vriendelijk op zijn knie
voor de eerste les in liturgie .
Wij zongen uit Zingt Jubilate, lied 502.
Hij zong voor en ik zong mee,
maar bij de woorden : " Nader bij u , mijn God"
beet hij mij vol wellust in mijn strot.
II,5 Reinaert terug thuis
(Reinaert - Cuwaert - Belijn - Hermelijn - welpen)
(Rein, Cuwaert en Belijn op. Zij naderen Malpertuis.)
Rei: Heren, vrienden, gun mij nog wat respijt.
Ik kan u niet langer verhelen hoezeer ik lijd
nu ik de plek zie ... (snikkend) waar mijn wiegje stond.
De aanblik van mijn geboortegrond
overrompelt mij. Dit is mij te machtig.
Kijk, daar is mijn woonst. Is mijn moestuin (wijst naar het publiek) niet prachtig?
(De denkbeeldige moestuin bevindt zich in de zaal!)
Cuw: Net wat u zegt. Adembenemend! God allemachtig!
Bel: Uit de kluiten gewassen prei, joekels van rapen!
Cuw: En moet je die selder(ij) daar zien!
Bel: Het zijn geweldige knapen!
Rei: Ik zal hem nooit kunnen vergeten.
Hoeveel mooie uren heb ik hier niet gesleten,
met mijn kinderen en Hermelijn, mijn arme vrouw!
De tranen schieten mijn in de ogen. Ik voel oprecht berouw
om het geluk van mijn kroost, dat ik heb verkwanseld.
(vertwijfeld) Waarom heb ik toch het pad van de zonde bewandeld?
Ik denk dat ik Hermelijn zo onder de ogen niet durf te komen.
Mijn hart bloedt en breekt, want ik moet nu naar Rome.
Bel (Terzijde, tot Cuwaert):
Me dunkt onze vriend is ten prooi aan hypochondrie.
Cuw: Als hij zo doorgaat, eindigt hij nog in de psychiatrie.
Heer Belijn, wij moeten hem behoeden voor te veel emotie.