
De eerste zondag van september was het Melselekermis. Dan werd er
getafeld: frikadellen met krieken en rozijnenboterhammen, een kom abrikozen ook
en peren; daarna pateekes bij de koffie en witte wijn met pralienen.
Deze foto heb ik achterbuiten getrokken, waarschijnlijk in 1953.
Staan er niet op: Frans en Florien, Juliën, Martha Cant en ikzelf (Albert). (Vader was al gestorven in 1950.)
De kinderen van L > R: Albert, Maria, Godelieve, André, Juliën en Louis
Truyman.
De groten van L > R: Jozef, Marie Dhooghe met Ward, moeder, Fons met
Emelie Smet, Celine Hens met Petrus.
Onder het afdak in de hoek links was de oude achterdeur met rondboog. Een
paar meter naar rechts de deur van de keet (met haard en oven). Wanneer niemand
thuis was werd de klink van de achterdeur getrokken en op het schapje boven de
keetdeur gelegd.