(*) De Tachtigjarige Oorlog (1568-1648) was toen volop aan de gang. Tientallen jaren lang werd het Land van Waas, strategisch belangrijk vanwege zijn ligging tussen Gent en Antwerpen, geteisterd. De tweede helft van de 16de en de eerste helft van de 17de eeuw vormden een breukvlak voor veel gegoede families op het platteland. Velen zagen hun hofsteden en landerijen verloren gaan door plundering en brandstichting. Overgaan tot het nieuwe geloof (het protestantisme) of sympathie daarvoor uiten was onder het Spaanse bewind al helemaal vragen om problemen. Wanneer men destijds bezit kwijtraakte stond daar niet, zoals in de tegenwoordige tijd, herstel door verzekering of rechtspraak tegenover. In de meeste gevallen verarmden de slachtoffers van het tientallen jaren durende oorlogsgeweld. Veel Vlamingen die tot het nieuwe geloof waren overgegaan emigreerden toen onder druk van de Spaanse landvoogd Alexander Farnese (1545-1592) naar de Noordelijke Nederlanden.
(cfr. "Vlaamse Stam", 37e jaargang, 2001, blz. 533.)
|