Oktober 1999

Aurobindo

een groots verleden ... een grote toekomst

 

 

 

Wie zich blindstaart op de tekortkomingen van India, komt er willicht nooit meer, maar wie openstaat voor de schoonheid ervan, ontdekt een boeiende, nooit loslatende cultuur; India meer dan honderd maal België en met één miljard inwoners ... was al sedert eeuwen voorwerp van Europese kolonisatiepogingen en voortschrijdende aanpassing aan het Westelijke gedachtegoed, aan Europese denk- en levensgewoonten.  Toch kunnen de oorspronkelijke kastegebonden Hindoes zich zonder grondige veranderingen handhaven en, na 190 jaar Britse heerschappij, zich in 1947 vrijmaken, ondanks de geestelijke verwarring op dat ogenblik, maar met de nieuwe grondwet de duiding naar een democratische en seculiere staat, ... wat zou moeten leiden tot voorbeeld van tolerantie, democratie en gelijke rechten.

                      

Het Hindoe-Islamitisch probleem legt een zware hypotheek op de twee ontstane staten, India en Pakistan.  Bij deze onafhankelijkheidsstrijd heeft Calcutta, sinds kort omgedoopt tot Kolkata (de door Job Charnock, lid van de British East India Company, in 1690 gestichte nederzetting kort bij het dorpje Kalikata op de oever van de Hooghlyrivier en verwijzend naar de godheid Kali) een vooraanstaande rol gespeeld. Zo bijvoorbeeld de familie Ghose, waarvan Aurobindo een telg was. 

 

 

Hij werd geboren in 1872 te Calcutta, het toentertijd Brits-Indische Bengalen.  Net zoals zijn vader kreeg Aurobindo een opvoeding in Engeland.  Hierdoor, sterk vervreemd van de eigen cultuur en religie, leert hij eerst op latere leeftijd zijn oorspronkelijke moedertaal en wordt stilaan actief in de bevrijdingsbeweging van zijn moederland India.  Na studies in Cambridge en vervolgens als leraar van het National College in zijn geboortestad Calcutta, ontstaan bij Aurobindo talrijke nationalistische pamfletten, ook onder invloed van de reeds bekende Ramakrishnabeweging van Swami Vivekananda, deze laatste eveneens een beroemdheid uit Calcutta. Aurobindo belandt, omwille van zijn ontluikend

 

 

nationalisme en de in het geheim georganiseerde subversieve activiteiten, in de gevangenis.  Het is hier dat hij intensief yoga begint te beoefenen en zich in de Bhagavadgita verdiept, wat resulteert in «het goddelijke in alles en allen te zien».  Uit deze typisch Hindoeïstische verbinding van religie en politiek, leert hij dat alleen innerlijke verandering de zelfverwerkelijking van de mens stuwt als individu en lid van de gemeenschap op weg naar een nieuwe betere mensheid.  Zo ontstaan in 1910 in de Franse enclave Pondicherry, op de oostkust van Zuid-India, een kleine groep vertrouwelingen van Aurobindo met aandacht op yoga gericht.  Hier ontpopt Aurobindo zich als dichter, politicus en yogi.  Lange reeksen artikelen verschijnen van zijn hand, welk later in boekvorm zijn filosofisch werk zouden vormen. Tot aan zijn dood in 1950 leeft Aurobindo hier

 

 

teruggetrokken van de buitenwereld met als doel een steeds hogere vorm van mens-zijn te bereiken, welke ook in het lichamelijk zou uitstralen ..., de streving ook het lichaam tot een goddelijke manifestatie te transformeren.  Samen met zijn yogaleerlinge, Mirar Richard Alfassa, «de Moeder» geheten, en de inmiddels groeiende kring volgelingen ontstaat de ashram, van dewelke duizenden leerlingen uit India en de hele wereld gebruik wordt gemaakt.  Het is aldaar, in deze rustige en sfeervolle ashram, dat hun beider tombe zich bevindt.  Het is de Moeder die, na Aurobindo’s dood, zijn werk verder zette in de ashram, welke tegenwoor-

 

 

dig gegroeid is tot een grote en naar economische zelfstandigheid strevende gemeenschap.  Zo begon de realisatie van Auroville, een stad gelegen even ten Noorden van Pondicherry, waarin mensen van alle rassen en landen zich thuis voelen en waar in leef-, werk- en woonwijze dit gemeenschappelijke streven naar een hogere en toekomstig mens concreet vorm zou krijgen.  Dit vraagt om uiterste volharding en levenslange inzet.  Aurobindo’s leer, enigszins vergelijkbaar met Teilhard de Chardin, werd ontgetwijfeld ook beïnvloed door de stichter van de Ramakrishna Mission, Swami Vivekananda, welke India opdracht geeft de wereld op spirituele wijze te veroveren.

 

 

 

Hier schijnt dan in het traditionele hindoeïsme de nauwelijks bekende christelijke missiegedachte te zijn overgenomen.  Maar toch is het geen agressief zendingsbewustzijn zoals bij vele andere recente uit India voortkomende bewegingen.  Dit zou niet in overeenstemming zijn met de geest en de leer van Aurobindo.  De mens heeft een onuitroeibaar streven naar volmaaktheid, vrijheid en volledige zelfbeheersing welke tot nu toe niet verwezenlijkt is.  Dit menselijke streven is een deel van het universele streven naar van de Natuur, waarvan hij deel uitmaakt.  Deze streving naar grotere harmonie is slechts door evolutie bereikbaar.  De materie gaf evolutie tot Leven.  Deze evolutie is de groeiende manifestatie door rationaliteit.  Dus, de wetenschap niet langer als welhaast absolute leidraad voor het leven accepteren.  Deze fixatie belemmert de nodige transformatie en dwingt onze overdreven rede tot een intellectueel systeem van dogma’s, vormen en ceremonieën, en vervalt gemakkelijk tot bijgeloof.  De rede verdeelt, ware religie verenigt!  Vrijheid is de macht uit te groeien tot volmaaktheid overeenkomstig de innerlijke wetmatigheid van eenieder.

 

De mensheid is een manifestatie van de Werkelijkheid in het Universum.  Dit omvat zowel gemeenschap als eigen individuele identiteit van het collectieve wezen.  Het tot eenheid brengen van alle strevingen binnen de ene individuele mens betekent meewerken met de manifestatie van God en zijn schepping, en leidt tot de vrijheid van dat individu.  Individuele entiteiten verdwijnen niet in het «hogere opgaan».  Er blijft eenheid-in-verscheidenheid.  De logica van het Oneindige kent geen tegenstelling tussen het Ene en het Vele, geen monolithische eenheid.  De mensheid bestaat bij gratie van de individuen, in solidariteit met het geheel, het collectieve.  Het zich vrij maken van alle egocentrisme, deze hogere orde van permanente vrede en welzijn geldt niet alleen voor het individu maar ook voor groepen en naties.  Dit is voor Aurobindo de Wereld-Moeder, de oorspronkelijk tegelijk transcendente en immanente Werkelijkheid, oerbeeld van eenheid-in-verscheidenheid.  In het bewuste individu zoekt de Wereld zijn Zelf, de Natuur, welke in toenemende mate God zoekt te worden.  Alles en allen zoeken voortdurend het Sachidananda, wat vertaald «Existence-Consciousness-Delight» betekent.  Op transcendent niveau is Zijn (Sat, een zijn niet beperkt door tijd en ruimte, de fundamentele Werkelijkheid) identiek met Bewustzijn (Cit, de actieve energie, de moederlijke Kracht met het uiteindelijke resultaat daarvan de transformatie van alles tot een expressie van de goddelijke Natuur) en Bewustzijn is identiek met Zaligheid (Ananda, de vreugde, de Gelukzaligheid, als grondslag van alles wat ontstaat, bestaat en tot zijn einde komt: het geheim van de schepping met daarbij het esthetische genoegen aan kunst, poëzie, het oer-Ananda, het genoegen in  het eigen bestaan, eigenschap van alle wezens).  Dus, het openbaar maken van een verborgen onscheidbare drie-eenheid.

 

Zolang dit niet bereikt is zullen konflicten onderling blijven bestaan en ontwerpt de mens steeds nieuwe ethische gedragsregels tot de mens alle ethiek te boven komt, d.w.z. zonder uiterlijke regels en waarbij dus een wet of voorschrift overbodig wordt!  Dit is ook het geval met de religie, waardoor iedere vorm van dogma en gebondenheid aan een religieus gezag overbodig wordt.  Dit leidt tot menselijke vrijheid als deel van de goddelijke vrijheid ... is totale overgave aan de hoogste en universele Wil.  Dit is volgens Aurobindo, een leven in karmayoga.  De mens is dus een plastische persoon-in-wording met als doel de goddelijke kern in zichzelf tot manifestatie te brengen.  Dit brengt eenheid, ondanks alle verscheidenheid, alles deelt immers in de Goddelijke Liefde.  De overlevingsstrijd wordt dan een strijd voor samenleven.  De wezenlijke verandering of doorbraak in de mens, deze transformatie, stelt hem in staat zich met het Goddelijke van het Universum te indentificeren.  Deze transformatie tot een hoger kwalitatief niveau is alleen door een andere taal en denken te beschrijven, niet die van de huidige mens, maar door de taal van de mystiek gekenmerkt door een directe en concrete ervaring.  Zo poogde Aurobindo in zijn groot epos «Savitri» vorm te geven aan dit nieuwe taalgebruik, een duurzame inspiratie met direct werkende symbolen.

 

Bibliografie:

·         The future Evolution of Man - Sri Aurobindo

·         Sri Aurobindo Ghose – Leven en Werk – Dr. A.M.C. van Dijk

·         Sri Aurobindo – een korte biografie – Peter Heehs

·         Sri Aurobindo’s Philosophy – Joan Price Ph. D.

·         Sri Aurobindo or the adventure of consciousness – Satprem

·         Light for Students – Compiled from the writings of Sri Aurobindo and the Mother