Herstelling Driverboard Gottlieb systhem1.

De eerste electronische flippers van Gottlieb gebruiken alllemaal dit board. Het nadeel van deze boards is dat er te weinig bescherming is tussen sommige van de de drivers en het CPU board . Dit wil zeggen dat het geregeld gebeurt dat wanneer er een coil driver kapot gaat de kortsluitting zich verder zet tot op het cpu board en de schade aanzienlijk is. Mede door het feit dat het CPU board dan weer chips bevat die helemaal niet meer te vinden zijn en roms de niemand nog kan opnieuw branden , maken deze flippers tot de meest moeilijke om hersteld te krijgen. Er zijn dan ook weinig herstellers die ze nog aan nemen. ( Binnen enkele weken publiceer ik een herstellings methode voor dit CPU board ) Nu bestaan er reeds enige jaren nieuw uitgebrachtte boards die het CPU board vervangen , namelijk het Ni-Wumph board van USA makelij en het PI-1 board van P.Janin uit Frankrijk Voor we echter zo een board gaan steken in een flipper , moeten we liever zeker zijn dat zowel de voeding als het driver board in orde zijn zodat we bij het vervangen geen onaangename verassingen tegenkomen die ons nieuw board direkt opblazen!

De hier gebruikte test methode voor het driver board is dan ook een methode waarbij het driver board uit de flipper gehaald word en op de werkbank volledig uitgetest word . U heeft slechts weinig materiaal nodig , twee drukknoppen en een switch samen met enkele goedkope connectoren. Voor dezen die voorzien meerdere malen dit soort driver boards te zullen herstellen is er een meer uitgebreide opstelling, waarin we gebruik maken van een electronische switch. Het aansluitschema voor beide opstellingen zal u hieronder vinden.

Materiaal

Het eerste wat we nodig hebben om het board aan te sluiten buiten de flipper zijn losse Gottlieb connectoren, ook deze zijn niet te vinden, niet getreurd er is een gemakkelijke oplossing, gebruik de connectoren zoals u die vind in Video games met Jamma aansluiting, dat zijn edge connectoren die twee zijdig aansluiten, we gebruiken enkel één zijde. Deze connectoren zijn nog makkelijk te vinden in de klassieke electronica handel en betaalbaar. U kan ze afzagen op de gewenste lengte of ze samen lijmen tot één grotere connector , volgens wat u nodig heeft.Te zien op de volgende foto's. Voor hen die geen connectoren willen maken omdat ze slechts éénmalig een driverboard willen nazien of herstellen kan u de aansluitingen van het test schema ook los maken, door hier en daar de verbindingen te solderen, op de connectorenlipjes, naderhand warmt u de lipjes terug op en veegt de connector schoon met een stukje vochtige spons hetwelk u over de nog warme vloeibare tin veegt, u connectorenlipjes zijn dan meteen nieuw vertind en volledig netjes.

De gebruikte connectoren ( ze hebben een stap van 3.96.)

Deze connector was juist een pin te kort , er werd een stuk bijgeplaatst en beide stukken werden aan elkaar gezet door er een extra plaskiekstrip op te lijmen op de uiteinden komt nog een verstevigings vijsje.

Hier werden 4 stukken aan elkaar gezet en vormen nu één grote connector dewelke J2 , J3 , J4 en J5 overlapt.

De test-connectoren op het board geplaatst.

Bovenaan J1, onderaan één samengestelde connector die J2, J3, J4 en J5 uitmaakt.

Theorie

Wat is de bedoeling van de test opstelling? Wel we gaan alle transistoren aansturen die de verschillende lampen en coil 's bedienen. Een groot deel van deze transistoren worden aangestuurd door een andere IC ( Flip/flop) en enige transistoren worden rechtsreeks aangestuurd. We sturen de gewone transistoren aan door een kleine positieve spanning op hun basis te plaatsen , en de andere door de flip/flop te laten schakelen van " on " naar "off" als het ware en zo deze transistoren aan te spreken. Op de uitgangen van de driver transistoren plaatsen we telkens een test lampje om te kijken of dit lampje ( led) dan ook "aan " en "uit" gaat als we de desbetreffende transistor aansturen. Wat we nodig hebben voor de flip/flop's aan te sturen is een clock, dat word een eenvoudige drukknop en aan de ingang van de flip/flop moet een negative of positievce spanning komen om deze te doen omslaan in de ene of andere toestand. Ik voorzien twee methodes om dit te verwezenlijken , de eerste is een generator die afwisselend een positieve en een negatieve uitgangs spanning zet op de flip/flop ingangen. De tweede is eenvoudiger, maar met de hand te bedienen , een gewone omschakelaar die we handmatig omzetten om een positieve of een negatieve spanning op de flip/flops aan te brengen. Aldus kan de nabouwer kiezen of hij een automatische tester wil maken voor meervoudig gebruik of een eenvoudiger opstelling voor sporadisch gebruik. Nu gaan we van start.

druk het schema af ....

Praktijk.

Hoe zijn de verbindingen op de connectoren die we op het board schuiven? Hieronder het aansluitschema.

De grote samengestelde connector dewelke schuift over J2, J3, J4 en J5 daar worden devolgende pinnen samen verbonden, J2 pin 5,6 en 7, J3 pin 10, 19 en 21, J4 pin 1, 7 en 8, J5 Pin 16 ..ALLEN worden aan elkaar verbonden.

 

Op de bovenste connector J1 vormen we drie groepen,

GROEP 1 , De eerste groep zijn de pinnen 1,2,3 en 4 samen te verbinden .

GROEP 2 , De tweede groep zijn pinnen, 5, 6,7,10,13,14,15,16 en 17 samen vervbinden.

GROEP 3 , De derde groep is pinnen 8,9,11,12 ,18,19,20 en 21 ook allen onderling te verbinden..

Aan pin 22 komt de 0 volt en aan pin 23 de +5 volt.,

Aan GROEP 1 komt een omschakelaar ( eenvoudige opstelling)( schakeld om tussen +5 of 0 volt) of de automatische schakelaar.

Aan GROEP 2 komt een drukknop waarvan de andere zijde verbonden is aan 0 volt.

Aan GROEP 3 komt een drukknop waarvan de andere zijde verbonden is via een weerstand van 470 ohm naar de +5 volt ( eenvoudige opstelling) OFWEL komt deze GROEP aan de automatische schakelaar steeds via een weerstand van 470 ohm.

 

 

Onderaan ziet u de 4 connectoren dewelke één geheel vormen waarin,J2 ( meest rechts ) J3, J4 en J5 ( meest links) met de verbindingen.

Bovenaan ziet u connector J1 . Aan de rechter zijde de rood/zwarte draad die de spanning aanbrengt op pin 23 en 22. De andere drie draden die vertrekken zijn de drie GROEPEN, links ( bruine draad) GROEP 1, midden ( witte draad) GROEP 2 , en rechts ( purperen draad) GROEP 3.

Gebruiks aanwijzing voor de eenvoudige opstelling .

Bij de eenvoudige opstelling hebben we dus twee drukknoppen en een omschakelaar.

Testen;

Om de transistoren Q25,26,27,28,29,30,31 en 32 te testen ( dit zijn de direkt gekoppelde transistoren) drukt u op de drukknop van GROEP 3. Zolang u drukt zal er output zijn op de output pinnen van deze transistoren , dat zijn pinnen 1,2,3 en 4 van J2, en 2,4,5 en 6 van J4. De output controleerd u door een test -led aan te sluiten op deze pinnen , de test-led bestaat uit een led in serie met een weerstand van 470 ohm. Eén kant is verbonden met +5 volt de andere kant met de output pin.( zie hieronder.) Indien bij het drukken de led niet aangaat is de stuur transistor stuk.

TEST LED

 

Voor u de test led de eerste maal gebruikt , probeer even uit of hij goed werkt door even Ovolt aan te tikken , de led moet branden..

Om nu de andere outputs te testen van de transistoren aangesloten op de flip/flop's gaat u als volgt te werk.

Tik de te controleren output aan met de pin van de test led. U vind de outputs op connector J5 pinnen, 1,2,3,4,5,6,7,8,9,10,11,12,13,14,15,16,17,18 en 19. En op connector J3 pinnen 1,2,3,4,5,6,7,8,9,11,12,13,14,15,16,17,18 en 20.

Ofwel brand de led dadelijk ofwel moet u eerst de omschakelaar verzetten ( dewelke verbonden is aan GROEP 1) en vervolgens op de drukknop van GROEP 2 drukken . Telkens u nu de omschakelaar omzet en op de drukknop drukt zal de aangesloten test-led omschakelen van "aan" naar "uit"( Alle outputs schakelen tegelijk over van "aan" naar "uit" ,u kan ze dus allemaal de één na de andere aan tikken ! ) Indien dit niet gebeurt is de desbetreffende transistor stuk , heeft u het met 4 outputs van dezelfde flip/flop chip dan is de chip stuk..( Z1 tot en met Z9). Om te resumeren ALLE outputs moeten getest worden op "on" en op "off".

Gebruiks aanwijzing automatische opstelling.

Bij de automatische opstelling heeft u enkel één drukknop.

 

GROEP 1 aan de automatische schakelaar.

GROEP 2 aan een drukknop waarvan de andere zijde is aangesloten aan 0 volt.

GROEP 3 via een weerstand van 470 ohm aan de automatische schakelaar.

De automatische schakelaar.

Dit materiaal heeft u nodig om de schakelaar te maken:

Een kastje om alles in te bouwen, een drukknop , aansluitdraad, 2 stekkers rood en zwart, één NE555 met voetje, één condensator electrolytisch van 4,7µF, een condensator van 20nF , een led, weerstanden van 1x470 ohm 1x22Kohm, 1x 6,8Kohm en een trimpotentiometer van 470Kohm.

Hier het schema van de automatische schakelaar..

 

In het kastje word ook de test- led mee ingebouwd.

De automatische schakelaar gemonteerd , rode en zwarte draad zijn +5 volt en 0 volt, de oragne draad de output. Het printje is 2x4 cm.De trimpotentiometer in de schakelng dient om de ratio van het signaal op 50% zetten. Dit betekend dat de negatieve en de positieve puls van de automatische switch zoveel mogelijk gelijk moeten zijn. Om dit af te regelen zet u de test-led op de uitgang van de switch , en regel de potentiometer zo dat de led evenveel uit is als aan.

Het afgewerkte geheel aan geschakeld aan het board. Links bovenaan het aansluit snoer naar een 5 volt voeding, uit het kastje onderaan komen de draden die de drie GROEPEN aansturen op J1, alsook de 5 volt voeding naar het board. En rechts de gekrulde draad eindigend op een test pin om de verschillende outputs met te controleren.Op het kastje staat de drukknop om de flip/flops op 'aan' of 'uit' te zetten, en links ervan de test -led.

Testen.

Dank zij de automatische schakelaar zullen de outputs van de gewone transistoren constant pinken, is er eentje dewelke niet pinkt dan is de transistor in kwestie stuk.

De outputs van transistoren aangeschakeld aan de flip/flop's, zullen allemaal ofwel 'aan' staan of "uit" staan , een of soms twee maal drukken op de drukknop schakelt ze om in de nadere stand dus van"aan " naar " uit" en vice versa.( Soms moet men 2 of 3x drukken.. het drukken moet juist gebeuren als de schakelaar "hoog" of "laag" staat en dat varieerd om de 1/2 seconde , dus als u pech heeft en juist drukt als hij nog even "verkeerd" staat gebeurt er niets , maar geen, nood..meestal lukt het wel van de eerste keer !) Zijn er tussen de 36 outputs enkele die niet omschakelen dan is de transistor van de desbetreffende output stuk , heeft u er 4 van dezelfde flip/flop dan is die IC stuk ( Z1 tot en met Z9) .

De ouputs en hun pinnen op de connectoren die u moet testen zijn hierboven bij de eenvoudige opstelling te vinden.

Extra tip.

Alle outputs bevinden zich op de onderste samengestelde connector. In het midden van het board ziet u de kleine transistoren dewelke aangeschakeld zijn via de flip/flop's. Dat zijn er 32 , de eerste 4 transistoren links zijn ook gestuurd via flip/flops. Verder onderaan 1 serie van 5 transistoren ( midden) , en eentje van 4 transistoren( rechts).

Omdat de gebruikte connectoren onderaan twee zijdig zijn , en de print enkelzijdig zijn de bovenste contacten ( componenten kant van het board) allemaal vrij. Daarvan maak ik gebruik om de outputs die wat verspreid staan allemaal netjes achter elkaar te zetten ik verbind de vrije bovenste rij pinnen van de connector van 1 tot 36 met de transistoren van de flip/flops van de eerste tot de 36ste, dan de 4 middenste transistoren op 37 tot 41, de rechtse op 38 tot 41. Als ik nu de outputs test ,rits ik met de test pin langst de rij pinnen en zie meteen alle resultaten. Is er eentje die niet oplicht of uit staat zoals de andere dan weet ik ook meteen dewelke het is, Als het gebeurt op de 14de pin dan is het ook de 14de transistor van de middelste rij die stuk is .. enzovoort... Denk eraan de 36 eerste pinnen zijn dan transistoren aangestuurd door flip/flops de 8 laatste zijn direct aangestuurde transistoren.

Nog een belangrijke opmerking, De output van de grote transistor 2N3055 is pin 2 van J4, deze transistor is een uitzonderings geval, in die zin dat hij eerst nog word gestuurd door een driver, Q29, u kan indien de output van deze 2N3055 niet ok is de driver even apart testen, hiervoor eerst de 2N3055 verwijderen en dan testen door de test led aan te tikken op de linkse pin van de driver transistor die juist links naast de 2N3055 is opgesteld (Q29) , deze aansluiting moet nu als de rest reageren indien u sturing geeft via de test box. Krijgt u daar geen output dan is ook de driver stuk.

Extra tip 2.

Wanneer u de automatische switch maakt, plaats dan drie extra vrouwelijke banane plugs op het kastje...Een rode een zwate en een groene... Verbind de rode met de +5, de zwarte met 0 volt en de groene met de output van de switch. U zal de switch ook kunnen gebruiken in de herstellings handleiding voor de driver boards van Bally en Zaccaria, zéér binnekort voeg ik daar het gebruik van zo een automatische switch aan toe! Zie op de pagina " Laatste wijzegingen en toevoegingen".

Slotwoord.

Bij het gebruik van de test box met automatische switch , neemt het slechts één minuutje in beslag , na het aansluiten van de beide edge connectoren, om het ganse driver bord uit te testen. Indien u de drie extra banane plugs op het boxje monteerd heeft u meteen nog een trage puls generator die zal van pas komen in andere herstellings methodes voor flipper boards, of zelfs voor andere toepassingen . Ik denk dat het de moeite waard is dit kleine instrument bij de hand te hebben! Succes!