AN-BN vzw

EETSTOORNISSEN
(Vereniging Anorexia Nervosa - Boulimia Nervosa) 

 
 

Anorexia Nervosa

Wat is Anorexia Nervosa
Lichamelijke symptomen
Psychische aspecten
Gedragsstoornissen
Relatiesoornissen
Oorzaken
Wat kan je er aan doen
Hoe kan de omgeving reageren

 

Wat is Anorexia Nervosa

De naam anorexia nervosa (afgekort AN) betekent letterlijk 'gebrek aan eetlust door nerveuze oorzaken'. Deze naam is eigenlijk misleidend, omdat de patiŽnten die hieraan lijden geen gebrek aan eetlust hebben, maar juist doelbewust proberen hun eetlust en hongergevoel te onderdrukken. Anorexia zou eigenlijk beter 'magerzucht' of 'lijnziekte' genoemd kunnen worden, want de patiŽnten hebben een onweerstaanbare drang om af te vallen. Ze zijn er als het ware aan verslaafd en gaan ermee door, zelfs als zij al sterk zijn vermagerd. 
Alles wat te maken heeft met eten, gewicht en lichaamsomvang is een obsessie voor anorexia-patiŽnten. Ze tellen voortdurend calorien en tobben over wat ze wel of niet moeten eten. Voedsel wordt slechts als 'toegestaan' beschouwd als het weinig calorien bevat; vooral suikers en vetten zijn taboe. 
Vaak eten anorexia-patiŽnten iedere dag dezelfde dingen volgens een zichzelf opgelegd ritueel. Iedere afwijking van dit strikte regime kan paniek oproepen en wordt daarom op alle mogelijke manieren vermeden. Sommige patiŽnten kunnen dit regime niet voortdurend volhouden en hebben bij tijd en wijlen last van eetbuien, waarbij ze in korte tijd veel eten naar binnen werken. Na zo'n eetbui voelen ze zich erg wanhopig en willen het eten zo snel mogelijk weer kwijt. Dit doen ze dan vaak door zelf opgewekt braken of door het gebruik van laxeermiddelen. Om nog meer af te vallen dwingen anorexia-patiŽnten zichzelf vaak tot overmatige lichamelijke activiteit. Sommige patiŽnten beoefenen bijvoorbeeld twee uur per dag aerobics, joggen dagelijks 10 kilometer of doen iedere avond op hun kamer 500 buikspieroefeningen. 
Hoewel de patiŽnten erg mager - soms zelfs extreem mager - kunnen worden, blijven zij zichzelf dik voelen. Er is dus sprake van een sterk vertekend lichaamsbeeld. Het is zelfs zo dat naarmate het gewicht lager wordt patiŽnten steeds banger worden om aan te komen. Een pondje erbij wordt dan als een regelrechte ramp ervaren. 
Hoewel anorexia-patiŽnten wel bij anderen opmerken dat die te mager zijn, blijven zij hun eigen toestand tegenover zichzelf en anderen vaak lang ontkennen. Ze proberen hun eetgedrag en de lichamelijke gevolgen daarvan voor anderen verborgen te houden uit angst voor druk die anders op hen uitgeoefend zal worden om aan te komen. Anorexia- patiŽnten kunnen daarom lang volhouden dat er niets met hen aan de hand is. 

Top


Top

Lichamelijke symptomen

Gewichtsafname
Men constateert bij A.N. patiŽnten een gewichtsverlies van 20 tot 40% op zeer korte tijd. Soms stelt men zelfs een gewichtsvermindering van 60% vast.

Amenorroe
Hieronder verstaat men het uitblijven van de normale menstruatie gedurende minimaal drie maanden. Deze amenorroe kan optreden voor de eetstoornis, gelijktijdig met het begin van de eetstoornis of lange tijd erna. Dit is vaak het eerste signaal.
Herstel van het lichaamsgewicht betekent niet altijd een onmiddelijke terugkeer van de maandstonden.

Hardlijvigheid
Opstipatie of hardlijvigheid treedt op als gevolg van het uithongeringproces, wat aanleiding geeft tot het nemen van laxeermiddelen. Vaak leidt een regelmatig, overdreven gebruik hiervan tot een soort verslaving aan deze middelen.

Droge huid, dor en broos haar, haaruitval

Lanugobeharing
Bij zeer sterke vermagering kan een zachte, donsharige beharing ontstaan in het gelaat, op de schouders en de rug, en in mindere mate op armen en benen.

Daling van het basaal metabolisme
-een daling van de lichaamstemperatuur tot ongeveer 35įC
-een daling van de bloeddruk
-een vertraging van de polsfrekwentie tot 50 slagen/minuut
-een vertraging van de ademhaling tot 10 ŗ 12 maal/minuut

Koude voeten en handen
Door een samentrekking van de bloedvaten ontstaat er cyanose, d.w.z. blauwe verkleuring aan de uiteinden van het lichaam, meer bepaald aan de voeten en handen.
Het bloed stroomt niet meer tot in de vingertoppen waardoor verkleuring van de lichaamshuid aan die lichaamsdelen ontstaat.

Andere symptomen

  • anemie (bloedarmoede), die kan zich uiten in bleekzucht, duizeligheid, moeheid en hoofdpijn

  • oedemen (ophoping van vocht) ten gevolge van een gebrek aan albumine of ten gevolge van een nierbeschadiging

  • kaliumtekort ten gevolge van het vele braken of het overdreven gebruik van laxeermiddelen kan leiden tot hartritmestoornissen 

  •  een vitaminetekort ten gevolge van aanhoudende ondervoeding

  • sufheid

  • deshydratatie (uitdroging)

  • nausea (misselijkheid) en hoofdpijn

  • ontkalking waardoor het beendergestel en ook de tanden schade ondergaan

  • slaapstoornissen


Top


Top

Psychische aspecten

Gestoord lichaamsbeeld
A.N. patiŽnten ervaren zichzelf niet zoals ze in werkelijkheid zijn.
Zelfs wanneer ze er uitgemergeld, schrikwekkend mager bijlopen, vinden zij zichzelf te dik. Dit verklaart waarom ze hun gewichtsgrens steeds maar (naar beneden) verleggen, en zo doorgaan met hun vermagering. Dit geldt enkel voor het eigen lichaamsbeeld, want meestal hebben de patiŽnten een juiste kijk op andermans gewicht en lichaamsbeeld.

Angst om volwassen te worden
Vele A.N.-patiŽnten ervaren met angst de overgang naar de volwassenheid. Volwassen worden betekent verantwoordelijkheid nemen, zowel op het terrein van gezondheid (het eigen lichaam in goede conditie houden), als op psychisch en sociaal vlak (het ontwikkelen van een eigen gedachtengang, het aangaan van relaties, het maken van beroeps- en levenskeuzen).
Deze angst uit zich bij vele A.N.-patiŽnten ook t.o.v. de seksualiteit.Door het (extreme) vermageren gaan de A.N. patiŽnten de vrouwelijke geslachtvormen reduceren, alsof ze (al dan niet bewust) streven naar een geslachtsloos lichaam als dat van een kind, voor de puberleeftijd.
Lange tijd heeft men gedacht dat alle A.N.patiŽnten afkerig stonden t.o.v. seksualiteit.
Er was sprake van vermijding van voortplanting, geblokkeerde seksualiteit en erotiek, het volledig ontbreken van een seksueel bewustzijn, enz.
Dit is ondertussen weerlegd door onderzoeken. Niet alle A.N.patiŽnten vertonen deze afwijzende houding.
Wel is het zo dat de A.N.patiŽnte op hormonaal gebied in een toestand verkeert zoals voor de pubertijd. De patiŽnte vertoont een prebuberaal patroon, dat vooral herkenbaar is in het wegblijven van de maandstonden. De menstruele cyclus houdt op en de patiŽnten zijn meestal onvruchtbaar, zolang als de vermagering niet hersteld is.

Perfectionisme
A.N. patiŽnten hebben dikwijls een sterke faalangst. Dit gaat gepaard met een streven naar perfectie en een grote prestatiedrang. Onvolmaaktheid wordt als een mislukking beschouwd en leidt tot ongenuanceerd zwart/wit denken.
Vele A.N.patiŽnten hebben een gevoel van minderwaardigheid, en een sterk negatief zelfbeeld, waardoor ze geen zelfvertrouwen hebben.

Labiele stemming
A.N.patiŽnten vertonen dikwijls een wisselvallig humeur. Ze kennen depressieve perioden waarbij langdurige, oncontroleerbare huilbuien kunnen optreden. Het gevoel van onmacht en gevoelsleegte brengt de patiŽnte soms tot dreigen met zelfmoord.
A.N.patiŽnten ervaren lichaam en geest als gescheiden elementen. Voortdurend zijn ze bezig het lichamelijk "omhulsel" te reduceren. Ze zijn geobsedeerd door hun slankheidsideaal en drijven dit tot het uiterste door. Daarbij zijn ze nooit tevreden met het bekomen resultaat en dus ook niet tevreden met zichzelf. Vandaar dat vele A.N.patiŽnten ook depressieve buien kennen. Op heldere momenten "weten" ze wel dat het zo niet verder kan, maar ze "voelen" zich onmachtig t.o.v die magerzucht die heel hun leven in beslag is gaan nemen.

Top


Top


Gedragsstoornissen

Weigeren van voedsel om een normaal gewicht te handhaven.

Calorie-obsessie 
De meeste A.N.patiŽnten zijn druk begaan met calorieŽn en interesseren zich ten zeerste voor de samenstelling van de voeding die ze zichzelf Ďtoestaaní. Ze kennen perfect het aantal calorieŽn van de bijzonderste voedingsmiddelen en weigeren angstvallig calorie-rijke spijzen. Vooral vetten, koolhydraten, suikers en zetmelen worden geweerd.

Liegen en de omgeving misleiden in woord en daad
Ze verzinnen de knapste leugens om niet te moeten eten : "ze komen net van tafel", "hebben last van moeilijke spijsvertering", "moeten ís avonds naar een feestje", "lusten dat nou net niet", etc.
Vaak slagen ze er ook in Ė vooral bij de beginfaze Ė hun omgeving te laten geloven dat ze aten, terwijl ze Ė bvb. Door braken of weggooien van voedsel eigenlijk niets binnen namen.
A.N.patiŽnten komen niet gemakkelijk spontaan uit voor wat ze echt doen, denken en voelen. Ze trachten zich uiterlijk aan te passen aan de veronderstelde verwachtingen van hun omgeving uit behoefte aan genegenheid.

Hyper-activiteit
Ondanks het tekort aan voedingsenergie, zijn vele A.N.patiŽnten hyperactief. Ze proberen het weinige voedsel dat ze zich "toestaan" af te reageren door sportprestaties of overdreven beweging. Daarbij is enkel het beoogde resultaat voor hen belangrijk, terwijl de activiteit op zichzelf niet als zodanig prettig wordt ervaren.
Deze hyper-activiteit kan zich ook op intellectueel vlak manifesteren,in de vorm van overdreven veel studeren.
De aangehaalde hyper-activiteit verblindt vaak de omgeving.Vandaar dat de problematiek te laat onderkend of de ernst ervan miskend.

Braken en misbruik van laxeermiddelen
Na het eten proberen sommige A.N.patiŽnten de opgenomen calorieŽn kwijt te geraken door opgewekt braken en/of gebruik van laxeermiddelen. Dit gebeurt meestal in het geheim.
Bij het gebruik van laxatia verliezen de patiŽnten gewicht niet door calorieverlies, maar wel door vochtverlies. Dit heeft echter uitdroging tot gevolg.

Eetrituelen
Vele A.N.patiŽnten houden zich aan bepaalde regels i.v.m. eten. Ze ontwikkelen voor zichzelf een soort schema of ritueel, waarvan ze niet willen afwijken.
Dit geldt zowel voor het tijdstip als voor de manier van eten.
Sommige A.N.patiŽnten eten alleen ís nachts of nooit in het bijzijn van anderen. Er zijn er die heel traag eten en uitermate lang kauwen. Anderen verdelen voedsel op het bord in kleine porties, alvorens ze beginnen te eten, enz.
A.N.patiŽnten hebben angst om de controle over hun eetgedrag te verliezen.

Top


Top

 

Relatiestoornissen

Isolement.
A.N.patiŽnten isoleren zich van leeftijdsgenoten en hebben weinig sociale 

Contacten. 
Hun wereld beperkt zich dikwijls tot die van het gezin waarin ze leven.Het gezin wordt overmatig belangrijk en de A.N.patiŽnte wordt overgevoelig voor de spanningen en stromingen die er ontstaan.
Ook gaat de A.N.patiŽnte elk "gevaar om te eten" ontwijken : daardoor gaat ze ook weinig bij mensen op bezoek, naar feestjes of op vakantie.

Conflicten rond maaltijden en eten
A.N.patiŽnten zijn niet alleen voortdurend bezig met wat ze (niet) gaan eten, maar ze bekommeren zich ook meer dan nodig om het eetgedrag van anderen. Zo kan het hen uitermate ergeren als anderen weinig of minder eten. Sommige A.N.patiŽnten maken van het lezen van recepten en koken een hobby en willen graag anderen volproppen met al wat ze zichzelf ontzeggen.
Dit abnormaal gedrag leidt vanzelfsprekend tot conflicten aan tafel, uitgelokt door de A.N.patiŽnt zelf of door de ouders die hun dochter tot eten dwingen of opmerkingen maken over haar eetgedrag.
Hierdoor ontstaat een machtstrijd omtrent het eetgedrag van de patiŽnte die de symptomen versterkt.

Top


Top




Oorzaken

Er zijn zovele oorzaken van eetstoornissen als er patiŽnten zijn, omdat elke A.N en B.N.patiŽnte haar eigen verhaal heeft. Het gaat trouwens nooit om een oorzaak, maar wel om een samenspel van factoren.
Hierbij kunnen we enerzijds voorbeschikkende en uitlokkende factoren en anderzijds onderhoudende factoren onderscheiden.
Al deze factoren zijn individueel, familiaal en/of socio-cultureel bepaald.

Voorbeschikkende en uitlokkende factoren

Kwetsbare individuen zijn gemakkelijk(er) vatbaar voor A.N. en B.N. Het zijn dikwijls heel gevoelige personen die voortdurend begaan zijn met de reacties van de anderen.Ze willen een modelmens zijn, maar twijfelen daarbij voordurend aan zichzelf.
Ze zijn bekommerd om hun uiterlijk, net als om hun prestaties. Het zijn perfectionisten en idealisten. 
Precies daardoor willen ze controle uitoefenen op hun lichaam,"er het beste van maken"; maar precies daardoor zijn ze ook gemakkelijk slachtoffer van stress.

Een uit de hand gelopen dieet
Niet iedereen is in dezelfde mate bekommerd om voedsel en gewicht. Het overdreven belang dat hieraan wordt gehecht is individueel verschillend en kan soms een directe aanloop zijn tot A.N. en B.N. Het is goed een gezond gewicht na te streven, maar dit streven mag niet leiden tot een voedings- en gewichtsobsessie.
Waarom een dieet plots uit de hand loopt en leidt tot A.N. of B.N. is moeilijk te bepalen, daar hierbij waarschijnlijk andere, niet-fysische factoren een rol spelen.
Daarbij komt het uithongeringseffect. Het eigenlijke hongergevoel is daarbij minder significant, maar wel de angst, de onrust om bij te komen.

Stress
Bepaalde gebeurtenissen of persoonsgebonden traumaís kunnen leiden tot stress, die dan op zijn beurt leidt tot A.N. of B.N.: het verlies van een geliefde persoon, moeilijkheden op school of thuis, etc.
Ook chronische stress kan meespelen wanneer een probleemsituatie gaat aanslepen (thuis, in de klas of in de vriendenkring).
Ook perfectionisme en negatieve faalangst ontwikkelen stress.

Gezinsfactoren
Onderzoeken hebben aangetoond dat A.N. en B.N. zowel voorkomen in gezinnen waar de gezinsbanden heel nauw zitten als in gezinnen waar er nauwelijks aandacht is voor mekaar.

Vandaag wordt aangenomen dat A.N. en B.N. in zowat alle gezinnen kan optreden als een samenloop van factoren hiertoe aanleiding geeft.

 

Culturele en maatschappelijke factoren

Niet ten onrechte constateert men dat A.N. en B.N. veel meer voorkomen in rijke, geÔndustrialiseerde landen dan in andere.
De (te) uitgebreide waaier van aanreikingen die onze maatschappij kenmerkt en de onoverzichtelijke, maar ook onvoorspelbare toekomstkansen, leiden tot onzekerheid, angst en stress. Dit kan een voedingsbodem zijn voor A.N. en B.N.
Meer dan ooit speelt in onze maatschappij ook het slankheidsideaal een dominerende rol. In de voedingssector is de Ďlightírage daar enerzijds een overduidelijke exponent van. Maar anderzijds wordt onze voedingsmarkt ook overspoeld door tal van nieuwe gerechten en voedingsmiddelen en worden we aangezet tot consumeren.
Daarbij is ook de rol van de reklame en de media niet te onderschatten.

 

Onderhoudende factoren

A.N. en B.N.-verslaving
Er bestaat ook een soort verslavingseffect bij A.N en B.N. Door het dieet en de uithongering komen bepaalde stoffen in het lichaam vrij die een prettig gevoel geven, een kick. Men noemt die stoffen endorfines. Dat zijn stoffen die vrijgemaakt worden bij mensen die overmatig met iets bezig zijn. Je kickt dan ook niet gemakkelijk af van die activiteit ! Het gaat hier duidelijk om een lichamelijke verslaving.
Daarnaast kan men ook een psychologische verslaving vaststellen. Deze verslaving wordt in de hand gewerkt door de patiŽnte zelf, die voortdurend met zichzelf concurrencieert, maar ook door haar omgeving die gaat reageren op haar afwijkend eetgedrag.

Verstoord denkpatroon en verkeerde lichaamservaring
De A.N. en B.N. worden ook in stand gehouden door een verstoord denkpatroon (zwart-wit denken) en een verkeerde lichaamservaring. Daardoor wordt het voor de A.N. en B.N.patiŽnte haast onmogelijk zich te bevrijden uit de vicieuze cirkels waarin ze gevangen zitten. Ze zijn niet meer in staat op een "nuchtere" manier te denken over hun eigen lichaam en ervaren dit op een volstrekt onjuiste manier. En dus gaan ze door met wat stilaan het enige doel van hun leven is geworden.

Top


Top



Wat kan je er aan doen

Wat men aan eetstoornissen kan doen is een tijdige onderkenning. Vermits het typisch is voor A.N. dat er geen ziekte-inzicht is en voor B.N. dat ze zich schamen voor hun eetgedrag en dit dan ook zo lang mogelijk trachten te verbergen, speelt de Ďalertheidí van de omgeving hierin een belangrijke rol. Hoe sneller de omgeving hun gedrag van de dochter of partner juist kan inschatten en de ernst van de problematiek kan onder ogen zien, hoe sneller kan Ďingegrepení worden om Ďhulpí te zoeken. Als dit zou leiden tot een behandeling, maakt de prognose gunstiger.
Alhoewel het dikwijls geen gemakkelijke opgave is, kan men van A.N. en B.N. genezen.

Daarbij is het echter essentieel dat de A.N. of B.N.patiŽnte zelf kiest voor deze genezing. Is dit niet het geval, dan wordt elke aanpak maar een pleister op de wonde en zit recidiveren er dik in.

Niet altijd is de A.N. of B.N. patiŽnte (nog) in staat zelf haar ziekte te lijf te gaan. A.N. kan nl. Een obsessie worden, een inwendig robotje dat je leven en gedrag dicteert en waar je moet aan gehoorzamen, ook al begin je te voelen dat het je aan het vernietigen is.

Belangrijk is dat de patiŽnte zelf inziet dat ze een probleem heeft en daar iets wil aan doen. Sommigen werken er zich zelfstandig boven op. Anderen hebben hulp nodig.

Top


Top


Hoe kan de omgeving reageren

HET PROBLEEM ERKENNEN 

De directe omgeving moet de persoon die aan een eetstoornis lijdt, bewustmaken van het probleem. Dit is een van de moeilijkste stappen. Op het moment dat ze het probleem erkennen, neemt dit vaak al een erg belangrijke plaats in in hun leven. In dit stadium heeft de eetstoornis een duidelijke invloed op hun lichamelijke en emotioneel functioneren, op hun sociale leven en op hun studies of werk. 
Sommige gezinnen vinden moeilijk het juiste evenwicht tussen loslaten om zelfstandig te worden en helpen wanneer moeilijkheden opduiken. De gezinsleden moeten betrokken worden in het herstelproces. De mate van betrokkenheid van de ouders hangt echter of van de rijpheid (maturiteit) van de dochter. Juist omwille van deze uiteenlopende maturiteit, bestaan er geen algemeen geldende gedragsregels voor ouders. 
Als het voor beide ouders duidelijk is dat hun dochter een eetstoornis heeft, is het van belang dat ze een gemeenschappelijke strategie ontwikkelen. Immers, iemand helpen tot gedragsverandering is niet vanzelfsprekend. 

HET GEDRAGSVERANDERINGSPROCES VOORBEREIDEN 

In dit proces van gedragsverandering kunnen we vijf stadia onderscheiden. 

A. Ontkenningsfase 
De betrokken persoon is helemaal niet bereid haar gedrag als een probleem te bestempelen. Zij is dus totaal niet gemotiveerd om ook maar iets te veranderen. 

B. Erkenningsfase 
Zij is bereid te erkennen dat er een probleem is. - Zij is bereid de moeilijkheden als een gevolg van haar bizarre eetgewoonten te onderzoeken. 
Sommigen accepteren dat hun eetgedrag een probleem is. Ze zijn misschien zelfs in staat de gevolgen van verandering in te schatten, maar ondernemen niets constructiefs. 

C. Voorbereidingsfase 
Zij is bereid te werken aan verandering en heeft behoefte aan hulp. Ze voelt zich echter nog erg onzeker over wat er zou gebeuren als ze haar eetgewoonten zou opgeven. Dit bemoeilijkt nog steeds het veranderingsproces. 

D. Actiefase 
Zij is bereid tot verandering en begint te werken aan haar gedragsverandering. Zij zal trachten de controlemechanismen in haar eetpatroon te doorbreken en ze krijgt vertrouwen dat het ook anders kan. In dit stadium hebben meisjes steun en aanmoediging nodig. 

E. Verankeringsfase 
Het is nodig om de veranderingen te verankeren in de eigen levensstijl. Zij werkt gestaag verder aan de gedragsverandering en tracht hervallen te vermijden. 
Ouders die het probleem willen bespreekbaar maken, moeten goed op voorhand plannen welke boodschap ze willen overbrengen. Beide ouders dienen bij dit gesprek met de dochter aanwezig te zijn. Ouders kunnen direct zijn in hun boodschap naar de dochter toe. Argumenteren is echter uit den boze, want dit verhoogt bij de dochter enkel de weerstand tot verandering. Ouders delen best kalm maar duidelijk mee wat ze gemerkt hebben in haar gedrag, wat hen doet vermoeden dat ze een eetprobleem heeft. Zij kunnen haar vragen of ze zelf veranderingen heeft gemerkt en of ze hier zelf een verklaring voor heeft. Samen met hun dochter kunnen ze enkele initiatieven bespreken die hun bezorgdheid kunnen verminderen, zoals: 
- een boek over eetstoornissen lezen en er achteraf samen over praten
- de huisarts raadplegen 
- gedrag vragen waaruit blijkt dat ze samen met het gezin wil en kan eten. 
De ouders kunnen dan een moment plannen waarop ze met hun dochter de resultaten van deze optie(s) zullen bespreken. 

HET GEDRAGSVERANDERINGSPROCES

Ontkenningsfase 
Wanneer een dochter geconfronteerd wordt met de zorgen van haar ouders, zal ze eerder verdedigend, ontkennend of boos reageren. De onderliggende redenen zijn dat zij zichzelf wil beschermen en haar schaamte en angst wil verbergen. Ze heeft angst dat haar ouders haar niet meer zullen aanvaarden en dat zij haar zullen doen eten.
Des te sterker de dochter het probleem ontkent, des te duidelijker de karakteristieken van haar eetstoornis worden. Het is dan belangrijk om consequent en kordaat te zijn, zonder de zaak op te blazen. Ouders hebben het recht om betrokken te zijn. Immers, de eetstoornis beÔnvloedt henzelf en hun gezinsleven. De eetstoornis is dus een zaak van het gezin geworden, net zoals met een ernstig lichamelijk probleem zou gebeuren. 
Het is cruciaal dat ouders in deze omstandigheden rustig blijven. In plaats van hun dochter te bombarderen met zorgelijke opmerkingen is het beter haar aan te moedigen om over haar problemen te spreken. Ouders kunnen dit doen door de discussie open te trekken naar haar globale fysieke en mentale gezondheid. Wanneer een bepaald thema aanslaat, kan dit gebruikt worden om het probleem verder te verkennen en het gesprek gaande te houden. Daarbij kunnen ouders tonen dat ze hun dochter begrepen hebben door te reflecteren wat zij verteld heeft. Het gevoel dat haar ouders naar haar luisteren zonder te veroordelen en inspanningen leveren om haar te begrijpen, is voor een meisje vaak voldoende om de rebellerende houding te laten verdwijnen. 
Bovendien is het belangrijk om geduldig te zijn. Verwachten dat in een eerste gesprek alles uitgepraat raakt, is niet realistisch.

Erkenningsfase 
Eens anorexia nervosa duidelijk erkend wordt, gaat dit de onderlinge communicatie in het gezin sterk beÔnvloeden. Ouders worden vaak verlamd van angst voor de toekomst van hun dochter. Deze angsten, zorgen en somberheid kunnen de interacties in het gezin erg bemoeilijken. Bezorgde ouders willen hun dochter vaak autoritair dwingen tot eten of tot stoppen met vreten en braken. AN is geen verveeld gedrag van een ontspoorde puber, dat kan gestopt worden door ouderlijk gezag of autoriteit. Deze harde confrontatie werkt niet. Integendeel, ze maakt het alleen maar erger. Het leidt tot tranen en frustratie en vermindert de verstandhouding. Het wederzijds vertrouwen herstellen wordt dan voor beide 'partijen' een erg moeilijke opgave.
Het is geen eenvoudige opgave om dit te doorbreken. Ouders moeten het probleem van hun dochter eerst voldoende begrijpen, d.w.z. op de handen gaan zitten en niet te trachten om met goedkope oplossingen de situatie te veranderen of te forceren. Dit is zeker niet evident voor mensen die problemen onmiddellijk actie-gericht willen oplossen, vaak omwille van hun eigen gemoedsrust. Het is voor ouders moeilijk te begrijpen dat hun dochter erg ambivalent staat tegenover verandering. Herstellen en terug 'normaal'-worden kan zelfs beangstigend zijn. Het heeft heel wat voordelen om te blijven zoals ze is. In het algemeen kunnen ze als volgt samengevat worden. Slank-zijn is modieus en 'in', wat positief is voor het zelfwaardegevoel. Kwetsbaarheid verhoogt terzelfdertijd hun machtspositie in het gezin. Het vermindert de druk van de verwachtingen naar hen toe en vermeerdert de zorg en de aandacht. De controle over voedsel leidt tot vermijding of verwijdering van emotionele spanningen en een verhoogd zelfwaardegevoel. 

Voorbereidingsfase 
Eťn van de grootste valkuilen voor ouders in de omgang met jongeren met eetstoornissen is onenigheid over de aanpak van hun dochter. Dit kan leiden tot een verdeel-en-heers-situatie. Het is van essentieel belang dat de omgeving, al dan niet met een hulpverlener, dezelfde doelstellingen nastreeft en benadering aanhoudt. Wanneer de ene de leiding neemt en de andere een zachtere aanpak verkiest, kan de eenheid ondermijnd worden. Deze moeilijkheden kunnen best op voorhand worden opgevangen. Het is duidelijk dat de confrontatie met een dergelijke problematiek een zware test is voor de kwaliteit van de echtelijke relatie van de ouders.
Het is een moeilijke opgave ouder te zijn van een dochter met een eetstoornis. Deze problematiek doorbreekt het gezinsleven. Het is belangrijk aandacht te blijven hebben voor elkaar als partner en de andere kinderen niet te verwaarlozen. Het is noodzakelijk uitdrukkelijk tijd voor hen te maken en ook je eigen interesses niet te verliezen. 
Daarom is het goed dat de dochter met de eetstoornis een duidelijk referentiekader met regels aangeboden krijgt. Het is psychisch gezond dat zij deze regels gaat bevechten. Adolescenten hebben regels nodig waartegen ze kunnen vechten. Ze voelen zich veiliger wanneer hun ouders op een duidelijke wijze tonen waar ze in kunnen geloven. Ouders moeten voor zichzelf duidelijk weten waar ze voor staan, zodat ze in de onderhandeling met hun kinderen zichzelf niet verloochenen. Ouders moeten vermijden beslissingen te nemen waar de andere ouder niet kan achter staan. 

De volgende basisregels kunnen als leidraad gehanteerd worden: 

  • Ten eerste dienen alle gezinsleden elkaar te respecteren. De ouders dienen respect te hebben voor de groeiende behoefte aan autonomie bij hun kinderen. De kinderen moeten de behoefte van de ouders om een deel van hun tijd zonder hen door te brengen, respecteren. Elke ouder dient de zelfstandigheid van de andere ouder te respecteren. 

  • Ten tweede dient elk gezin te bepalen welke gedragingen aanvaardbaar zijn en welke niet. 

  • Ten derde dienen ouders ervoor te zorgen dat ze samen-werken in plaats van elkaars inspanningen te blokkeren. 

  • Ten vierde moeten ouders ervoor zorgen dat ze de verantwoordelijkheid over de opvoeding van hun kinderen met elkaar delen. 

  • Ten vijfde moeten ouders ervoor zorgen dat hun dochter, ook al heeft ze een eetstoornis, zich ontwikkelt tot een zelfstandig functionerend individu. 

Tenslotte moet er tijd blijven voor leuke dingen in het gezin zodat iedereen van elkaars gezelschap kan genieten. 

Actiefase 
Duidelijke grenzen zijn moeilijk, maar noodzakelijk in de omgang met jongeren met eetstoornissen. Dit is niet evident, vermits de eetstoornis vaak opduikt in een levensfase waar juist in functie van het maturatieproces van het kind flexibeler met grenzen wordt omgegaan. Vaak voelen ouders zich heen en weer geslingerd tussen onredelijke eisen en geen grenzen. Grenzen waarin ze zelf geloven en waar ze achter staan, kunnen ze gemakkelijker aanhouden wanneer hun dochter hen op de proef stelt. Waar ouders de grenzen leggen, is niet zo belangrijk, wel het feit dat ze er beiden akkoord over kunnen gaan. 
Geconfronteerd met eetstoornissen en gewichtsverlies, voelen heel wat ouders zich onzeker over hoe ze mogen en moeten reageren op het eetgedrag van hun dochter. 

Het heeft geen zin om ter plaatse te blijven trappelen wanneer het eetgedrag tot levensbedreigende toestanden leidt. Dan is de eerste opdracht samen met de dochter te voorkomen dat ze nog verder gaat vermageren of nog meer gaat vreten. Opnieuw is het een kwestie van evenwicht tussen inspanningen van de dochter om veranderingen uit te proberen de verantwoordelijkheden van de ouders om duidelijke grenzen aan tť bieden. Ouders moeten soms direct durven tussenkomen in het sociale of studieleven van hun dochter, wanneer zij haar gezondheid blijft belasten. Hierbij hebben zij soms onterecht de angst dat hun kind tť oud is voor zulke aanpak. Ouders dienen voor ogen te houden dat meisjes de risico's en gevaren van dergelijke eetpraktijken niet meer zien, wanneer deze een belangrijke plaats hebben ingenomen in hun leven. 

Ouders kunnen ervoor proberen te zorgen dat hun dochter gezond en evenwichtig eet. Alles wat verwijst naar diŽten wordt best geweerd. Ouders hopen vaak dat hun dochter zal eten als ze iets klaarmaken dat hun dochter vroeger graag at. Al die inspanningen ten spijt, zal de dochter meestal weigeren en zal de moeder zich afgewezen voelen. 

Ouders mogen niet aanvaarden dat hun dochter voor het ganse gezin kookt, omdat dit haar bezorgdheid om voeding enkel versterkt. Het is goed als ze zorgen voor regelmaat in de maaltijden. Ze kunnen hun dochter uitnodigen om samen met hen te eten, maar moeten kunnen aanvaarden dat ze het niet doet. De gezinsmaaltijden mogen niet de focus worden van het conflict. Voedsel is voor de dochter al een horror-thema, erover vechten maakt het alleen maar weerzinwekkender. 

Ouders kunnen over het eetgedrag enkel regels opleggen, wanneer de dochter akkoord gaat. Ouders lopen enkel ontgoochelingen op en stimuleren manipulatie door hun dochter regels op te leggen, waar ze zelf niet achter staat. Bij de onderhandelingen hierover moet het doel zijn: actief luisteren naar de zorgen van hun dochter en ervoor zorgen dat zij ook de zorgen van haar ouders kan beseffen. Het is van belang realistische doelen voorop te stellen. Zo is het niet mogelijk iemand die boulimia heeft, het braken te verbieden. Dit is te hoog gemikt en zal enkel leiden tot mislukking en herval. Immers, vrouwen met een laag zelfwaardegevoel zijn overgevoelig voor mislukkingen en vaak niet in staat om succeskansen juist in te schatten. Omdat deze meisjes of vrouwen erg begaan zijn met het behagen van anderen, zeker diegenen die ze zien lijden onder hun eetstoornis, zullen ze al te makkelijk akkoord gaan met de vooropgestelde doelstellingen. Om hun directe omgeving niet teleur te stellen zullen ze trachten te verbergen dat ze hun doelstellingen niet bereikt hebben. Als dit dan toch aan het licht komt, zullen ouders zich vaak beet genomen voelen. De doelstellingen kunnen maar realistisch zijn als de dochter oprecht voor zichzelf kan uitmaken wat haalbaar is. 

BESLUIT 

Al het voorgaande is zinvol en doeltreffend wanneer ouders bereid zijn te onderkennen dat hun dochter een probleem heeft, de ernst ervan in te zien en hun eigen verantwoordelijkheid op te nemen in het herstelproces van hun dochter. Dit is geen vanzelfsprekend gegeven. In bepaalde omstandigheden kunnen ouders er belang bij hebben het probleem te minimaliseren of zelfs te ontkennen. 

Door ontkenning willen de ouders vaak de confrontatie met de schuldvraag vermijden. Immers, sommige ouders zien het probleem als een persoonlijk falen van hun opvoeding. Ze voelen zich door de eetstoornis veroordeeld in hun bekwaamheid als ouder. Dit kan zover gaan dat ze de therapie van hun dochter gaan saboteren of ondermijnen zodat de therapeut ook zal mislukken. Zo kunnen ze de therapeut verhinderen om een of ander gezins- en/of relationeel probleem aan de oppervlakte te brengen. 

Uit al het voorgaande moge duidelijk blijken dat er ook voor ouders geen algemene regels zijn die snelle successen garanderen. Het beste wat ouders kunnen doen, is ook door een leerproces te gaan, waarbij ze 'nieuwe' vaardigheden leren. Geduld en opnieuw beginnen spelen hierbij een cruciale rol. Ouders moeten ten aanzien van hun dochter beschikbaar zijn als bron van hulp en ondersteuning, maar terzelfdertijd ook zo goed mogelijk voor zichzelf zorgen.

REFERENTIES

TREASUR J.,
Anorexia Nervosa. A survival guide for families, friends and sufferers. 
Erlbow, Psychology Press, 1997

NORR… J.,
Eetstoornissen bij jongeren voorkomen
KVLV, persoons en relatievorming, opvoeding 
http://www.kvlv.be 

Top


Top


Copyright © 2005 Vereniging AN-BN vzw