Het castrum van Fa (Aude)

Vorige | Overzicht | Volgende

De resten van het 13de eeuwse castrum van Fa zijn vlot bereikbaar vanuit Couiza. Neem de D118 richting Quillan tot aan de afslag Espéraza (4km). Rij tot in het centrum van Espéraza waar je (bij het station en de musea) links de D12 neemt richting Fa.

Nog voor je het dorpscentrum van Fa bereikt krijg je uitzicht op de donjon op een heuvel aan de linkerkant van de weg. In het centrum ga je links de brug over, links voorbij de romaanse kerk en een honderdtal meter verder opnieuw links over een tweede bruggetje. Deze asfaltweg geeft uit op een kleine parking waar je de auto achterlaat. Van daar leidt een brede kiezelweg (volg de gele wegwijzer ‘Tour Wisigothe de Fa’) naar het castrum, dat je bereikt na een wandeling van 800 meter. Probeer zeker niet om die tocht met de wagen te doen, de weg is alleen geschikt voor een SUV met vierwielaandrijving.

Fa Fa

Historische situering

Het archeologisch onderzoek op de site van Fa heeft uitgewezen dat de plaats reeds bewoond werd in de Romeinse tijd. Dat blijkt uit de gevonden potscherven, medailles en munten uit die periode.

Pas in de loop van de 13de eeuw vinden we Fa terug in de geschiedkundige documenten onder de naam ‘Villa de Fano’ (1232). In 1319 wordt de naam ‘castrum van Fano’ gebruikt en die naam evolueert vervolgens naar ‘plaats genoemd Fane’ (1389), ‘locus Fani’ (1410), ‘Fan’ (1571) en tenslotte, vanaf 1594, ‘Fa’. De naam van de gemeente is dus een verkorting van het woord fanum uit de Romeinse tijd, wat ‘tempel’ betekent. Een gelijkaardige oorsprong vinden we ook terug in de naam ‘Fanjeaux’ (oorspronkelijk Fanum Jovis of ‘tempel van Jovis’). Etymologisch is het ook mogelijk dat de naam ‘Fa’ afstamt van villae Fabianus, de naam van een dorp uit de Romeinse tijd dat aan het riviertje Faby lag.

Fa Fa

Lange tijd werd de donjon van Fa beschouwd als een bouwsel uit de Visigotische tijd, maar recent onderzoek heeft uitgewezen dat het wel degelijk een middeleeuws monument betreft, ook al vermeldt de wegwijzer nog altijd ‘Tour Wisigothe de Fa’. Die vierkante toren of donjon is het enige goed bewaarde overblijfsel van een middeleeuws castrum en meet aan elke zijde zeven meter met muren van ruim een meter dik, de hoogte bedraagt ongeveer achttien meter.

De toren ligt op het hoogste punt van een plateau van zestig meter lang en twintig meter breed. In het noorden, aan de kant van het dorp, wordt de donjon geflankeerd door een omwalling waarvan alleen de westelijke hoek nog goed bewaard is. Die muur, met enkele kleine schietgaten, beveiligt de noordelijke toegangsweg op het lager gelegen terras over een breedte van een viertal meter. In het zuiden en het oosten wordt het hoofdplateau afgeboord door muren van drie tot vijf meter. Die zijn echter helemaal door de natuur overwoekerd en daardoor nauwelijks zichtbaar.

De eerste vermelding van Fa in de overgeleverde documenten dateert uit 1258 wanneer het castrum het voorwerp uitmaakt van een dispuut tussen de abt van Alet-les-Bains en de aartsbisschop van Narbonne, die beiden het bezit ervan betwisten. Nadat de site met geweld werd ingenomen door de manschappen van de aartsbisschop, werd de abt van Alet in 1268 veroordeeld om de schade, veroorzaakt door zijn huurlingen, te herstellen.

Fa Fa

Binnen in de donjon ziet men nog sporen van de verankeringspunten van de drie verdiepingen die destijds bestonden uit plankenvloeren. Oorspronkelijk was de donjon alleen toegankelijk vanaf de eerste verdieping via een ladder. De bres die nu toegang geeft tot het gelijkvloers dateert van veel later. Het gelijkvloers wordt schaars verlicht door slechts twee uitsparingen van 10 x 40cm die gebruikt werden als schietgaten. De toegang tot de eerste verdieping meet 90 x 240cm en ligt op 4,50m hoogte.

Op het plateau zijn er verder nog schaarse sporen te zien van een oude habitat, zo goed als zeker resten van gebouwen van een castrum dat destijds, zoals gebruikelijk, werd beschermd door de burcht of de donjon. In de archieven is echter zo goed als niets terug te vinden over de geschiedenis van Fa, alleen  het archeologisch onderzoek kan hier enige duidelijkheid scheppen.

Fa Fa

Wat er ook van zij, zeker is dat de toren er reeds stond in de 13de eeuw. Door zijn gering strategisch belang werd de versterking niet omgevormd tot een koninklijke burcht na de Albigenzische kruistocht. Hoogstwaarschijnlijk behoorde de donjon van Fa tot een verdedigingsgordel van militaire fortificaties, samen met Arques, Couiza en Albedun Le Bézu

In 1578, tijdens de godsdienstoorlogen tussen katholieken en protestanten, werd Fa bezet door de hugenoten en bij die gelegenheid werd de donjon blijkbaar gedeeltelijk heringericht voor de verdediging van het dorp. Maar op 26 mei 1579 gaven de inwoners zich zonder slag of stoot over. Nadien werd Fa toegewezen aan de adellijke heer van Dax, die reeds Axat, Leuc en La Serpent in bezit had. Het kasteel, of althans de donjon, bleef echter in bezit van de aartsbisschop van Narbonne.

De toren van Fa is vrij en zonder enig risico te bezoeken. Drank- en eetgelegenheden zijn er in Espéraza of in Couiza.

Tekst en foto's: Michel Gybels

Vorige | Overzicht | Volgende