Belpech (Aude)

Vorige | Overzicht | Volgende

BelpechBelpech ligt in de driehoek Carcassonne - Castelnaudary - Pamiers op het strategisch kruispunt van drie  feodale entiteiten, de middeleeuwse graafschappen Toulouse en Foix en het burggraafschap Carcassonne.

Om die reden waren er vanaf de 12de tot en met het begin van de 14de eeuw tal van twisten over het bezit van Belpech. Uit die tijd resten er nog de ruïne van de burcht en haar castrale kapel, de Romaanse toegangspoort van de kerk en enkele oude vakwerkhuizen. Belpech is beslist de moeite waard om er even halt te houden.

Geschiedkundige situering

Etymologisch betekent de Occitaanse naam Belpech ‘mooie heuvel’ (bel = mooi – pech = heuvel). Al van in de Gallo-Romeinse tijd werd de plaats bewoond, wat o.a. blijkt uit het archeologisch onderzoek van de burchtruïne boven het dorp. Daar werden in de jaren zeventig van de vorige eeuw heel wat munten uit de Gallo-Romeinse tijd teruggevonden, die nu bewaard worden in het Musée Saint-Raymond in Toulouse.

Uit documenten blijkt dat in 1060 voor de eerste keer sprake is van een kleine militaire fortificatie op de heuvel van Belpech die van bijzonder strategisch belang was. Omstreeks 1100 ontstaat er een bescheiden nederzetting aan de voet van de burcht, een nederzetting die later zal uitgroeien tot het dorp. Van een castrum kan hier evenwel niet gesproken worden. In 1151 is een zekere Bernat de Belpech er kasteelheer en wordt de oude fortificatie aanzienlijk uitgebreid en grotendeels herbouwd. De familie Belpech kan vanaf dan ook gelinkt worden aan andere adellijke families uit de nabijgelegen Lauragais, waaronder de belangrijke families Unaud de Lanta (uit Lanta) en Del Manso Quiders (uit Mas-Saintes-Puelles). Die families telden heel wat overtuigde katharen en vooral de vrouwen leidden als bonnes femmes tal van kathaarse vrouwenhuizen in de Lauragais. Bij de wijding van Esclarmonde de Foix, zuster van de graaf, tot bonne femme in Fanjeaux, in 1204 door Guilhabert de Castres, de kathaarse bisschop van Toulouse, was ook Guillelma de Belpech aanwezig.

Bij het uitbreken van de Albigenzische kruistocht (1209-1218) wordt Belpech nochtans gespaard door de troepen van Simon de Montfort. Nergens is er sprake van een belegering of vernieling van de burcht. Vanaf 1205 wijzigt de familie Belpech haar naam in ‘Fort de Belpech’ en is een zekere Raimon Fort de Belpech kasteelheer. Op dat ogenblik hoort Belpech nog bij het burggraafschap van de Trencavels van Carcassonne, maar al gauw wordt Raimon gedwongen partij te kiezen tussen de graaf van Toulouse en de burggraaf van Carcassonne. Hij kiest eieren voor zijn geld en betoont leenhulde aan de graaf van Toulouse, waardoor hij zich de woede van Trencavel op de hals haalt. Niettegenstaande Belpech vanaf dan dus een leen is van Toulouse, behoort het op kerkelijk vlak tot het bisdom Mirepoix op het grondgebied van de graven van Foix. Uit akten blijkt bovendien dat de Belpechs heel wat schenkingen deden aan de abdij van Boulbonne, eveneens ressorterend onder het graafschap Foix.

De situatie escaleert omstreeks 1220 als er een openlijk conflict uitbreekt tussen Toulouse en Foix over het beheer van Belpech. Merkwaardig genoeg kiest kasteelheer Guilhem Fort de Belpech, de opvolger van Raimon, de kant van Foix. Vanaf dan wordt de familie Belpech een erg trouwe vazal van de graven van Foix en ze wordt daarvoor ook beloond met de bescherming van hun eigendommen.

Belpech Belpech

In 1226 wordt Belpech tijdens de koninklijke kruistocht van Lodewijk VIII uiteindelijk toch onder de voet gelopen door het Franse kruisleger en moet de familie Belpech vluchten naar Foix. Bij de moordpartij op de inquisiteurs in Avignonet, in 1242, is een zekere Pèire van de familie Belpech de compagnon van ridder Othon de Massabrac en bij de belegering van Montségur, in 1244, maakt dezelfde Pèire daar deel uit van de verdedigers. Daaruit kan afgeleid worden dat de familie Belpech, zeker na 1220, het kathaarse geloof is toegedaan en zich volop engageert in het verzet tegen de Franse bezetter.

Na de val van Montségur verdwijnen de Belpechs evenwel uit de geschiedenis en blijft er van hun burcht nog weinig over. Nochtans wordt Belpech in het begin van de 14de eeuw nog herhaalde malen genoemd in processtukken van de Inquisitie onder Bernard Gui en Jacques Fournier, die er begijnen van de spirituele franciscaner beweging van Pierre de Jean Olivi wegens ketterij laten oppakken, ondervragen en veroordelen. Nog tot in 1356 worden er begijnen van die beweging opgepakt.

Het definitieve einde van de burcht van Belpech komt tijdens de Godsdienstoorlogen tussen katholieken en protestanten, waarbij de versterking volledig wordt ontmanteld en vervalt tot de huidige ruïne.

Bezoek aan de site

De eerder kleine ruïne van de burcht ligt op een heuvel die vanaf de rand van het dorp makkelijk te bereiken is via een slingerende maar goed berijdbare weg, die uitkomt op een terrein aan de voet van het waterzuiveringsstation van Belpech. Daar kan je de wagen parkeren en zie je de resten van de castrale kapel die nog enkele vroeggotische kruisgewelven bezit. Die kapel werd tijdens de middeleeuwen druk bezocht door pelgrims.

Achter het gebouw van het waterzuiveringsstation loopt een smal licht hellend pad door een klein bos naar de voet van de burchtruïne. Die ruïne werd in de jaren zeventig van de vorige eeuw onderzocht door archeoloog Jean Paul Cazes, waarbij vooral de resten van de donjon werden aangepakt en voor verder verval behoed. Het betreft hier een vrij kleine donjon van 11 x 8 meter, die enkel voor militaire doeleinden werd gebruikt. Een deel van de muur reikt nog tot een hoogte van 16 meter. Rond de donjon zie je in het bos nog enkele schaarse resten van kleine gebouwen, de meeste overwoekerd door het struikgewas.

Belpech Belpech

In het dorp is vooral het Romaanse portaal van de Sint-Michielskerk een bezoek waard. In de kerk staat een indrukwekkende vroeggotische graftombe met een liggend beeld (gisant) van een bisschop van Mirepoix, die blijkbaar verkoos om hier in plaats van in Mirepoix een laatste rustplaats te vinden.

In de straat voor de kerk staan nog enkele gerestaureerde middeleeuwse vakwerkhuizen. Voorzie voor een bezoek aan de burchtruïne en het dorp minstens twee uur. In het centrum is er een voordelig geprijsd restaurant met uitstekende streekgerechten (Le Vixiège), gelegen naast de rivier met dezelfde naam.

Belpech Belpech

Tekst en foto's: Michel Gybels

Bron:
Charles Peytavie, Les seigneurs de Belpech au temps du catharisme et de la croisade albigeoise, AEC/René Nelli, Carcassonne (lezing).

Vorige | Overzicht | Volgende