Actuele vraag van 16 januari 2002

 

  Actuele vraag van de heer Patrick Lachaert tot mevrouw Vera Dua, Vlaams minister van Leefmilieu en Landbouw, over een eventuele overeenkomst tussen Aquafin en drie waterzuiveringsmaatschappijen  
     
 

De voorzitter :De heer Lachaert heeft het woord.

De heer Patrick Lachaert (Op de tribune) : Mijnheer de voorzitter, mevrouw de minister, mijnheer de minister, collega's, recent heb ik uit een doorgaans goed ingelichte bron vernomen dat er een overeenkomst in de maak is tussen de NV Aquafin en drie drinkwatermaatschappijen. Die overeenkomst zou worden gesloten op 23 januari eerstkomend. Ik heb getracht de inhoud ervan te vernemen, maar ben daar niet in geslaagd. Bij diverse instanties heb ik meer inlichtingen proberen in te winnen, maar ook dat is me niet gelukt. Ik hoop dat het de minister wel gelukt is.

Mevrouw de minister, bent u op de hoogte van deze eventuele overeenkomst? Bent u dan ook op de hoogte van de inhoud ervan? Past deze handelwijze wel in de heronderhandeling met de NV Aquafin?

De voorzitter : Minister Dua heeft het woord.

Minister Vera Dua (Op de tribune) : Mijnheer de voorzitter, collega's, de doorgaans goed ingelichte bron van de heer Lachaert, was toch niet helemaal correct ingelicht. Wat hij aanhaalt, past in een boeiende discussie bij de watermaatschappijen over de vraag in hoeverre ze een rol kunnen spelen bij het beheer, de exploitatie, en eventueel de bouw van het fijnmazig gemeentelijk rioleringsnet. De TMVW staat daar het verst in, en wil er haar nieuwe core business van maken.

Op 23 januari zal er tussen Aquafin en de TMVW een afsprakennota worden getekend. Ik heb daar zonet een exemplaar van ontvangen, waarvan ik u graag een kopie zal bezorgen. In die nota engageren TMVW, een intercommunale maatschappij, waar we bijgevolg geen invloed op hebben, en Aquafin zich ertoe in het komende jaar te zullen onderzoeken in hoeverre de gemeentelijke riolering door de drinkwatermaatschappijen kan worden beheerd. Dat zou kunnen uitmonden in een contract tussen Aquafin en TMVW en andere drinkwatermaatschappijen.

Dat is uiteraard een vrij drastische stap. Ik ben op de hoogte van wat er gebeurt, en werd tijdens een algemene vergadering van de TMVW gevraagd kennis te nemen van het project en er mijn visie op te geven. Bovendien meen ik dat ook de commissie voor Leefmilieu hier eens grondig over zou kunnen debatteren.

Persoonlijk sta ik tamelijk positief tegenover deze plannen. Tijdens die vergadering kon ik vaststellen dat de burgemeesters enthousiast zijn als ze horen dat ze dat verschrikkelijk moeilijke en zware dossier van de gemeentelijke riolering zouden kunnen doorschuiven naar de intercommunale. Uiteraard moeten de gemeenten wel zelf de sturing in handen houden.

Ik heb ook vastgesteld dat weinig burgemeesters het initiatief nemen tot bijvoorbeeld de aansluiting van huizen op een rioleringsnet, nochtans een wettelijke verplichting. Het moeilijkste wat we aan een burgemeester kunnen vragen, is blijkbaar huis aan huis te verkondigen dat de mensen hun afvoer van afvalwater moeten aansluiten op de riolering. Als de samenwerking met de drinkwatermaatschappijen tot gevolg kan hebben dat die aansluiting inderdaad gebeurt, dan zetten we een enorme stap op het gebied van waterzuivering. Dat is een argument om te geloven dat er muziek zit in die constructie.

Drinkwatermaatschappijen hebben bovendien in elke straat leidingen liggen, en moeten geregeld de straten openbreken om daaraan te werken. Ze zouden tegelijkertijd het onderhoud van de riolering kunnen uitvoeren.

Er is nog geen contract. Wel zijn er intensieve gesprekken in de watersector over dit thema aan de gang. Als minister verantwoordelijk voor zowel het waterbeleid als de waterzuivering, wacht ik af hoever men geraakt met de concrete uitwerking van het project. Het is evident dat ik op een bepaald ogenblik mijn zegen zal moeten geven. Ik ben goed geïnformeerd en ik weet wat er allemaal gaande is. Om alle leden van de commissie voor Leefmilieu, Natuurbehoud en Ruimtelijke Ordening de kans te geven om hun mening te geven, zou ik hier trouwens willen pleiten voor het organiseren van een debat in het Vlaams Parlement over deze constructie.

De voorzitter : De heer Lachaert heeft het woord.

De heer Patrick Lachaert : Ik zou de minister vooreerst willen danken voor haar antwoord. Ik hoop dat deze constructie Aquafin niet in staat zal stellen om alsnog te realiseren wat in rechtstreekse onderhandelingen niet is gelukt, namelijk het uitbreiden van de werkzaamheden tot op het niveau van het fijnmazig gemeentelijk rioleringsnet.

Aangezien de gemeenten hier door - overigens vaak overbetaalde - bestuurders worden vertegenwoordigd, geniet de TMVW bij de gemeenten meer krediet dan Aquafin. Het is mogelijk dat dit tot een uitbreiding van de doeleinden zou kunnen leiden. Dit zou een grote bedreiging van de gemeentelijke autonomie betekenen.

De voorzitter : Het incident is gesloten.