|
U kan klikken op de onderwerpen bovenaan of links
van elke bladzijde,
Wil je inschrijven op de (wekelijkse) nieuwsbrief, dan volstaat een mailtje.
|
|
|
De Donkgemeenten willen zelf toeristen aantrekken, maar dat neemt niet weg dat inwoners van deze gemeente zelf ook op reis gaan. Wie dat wil kan een reisverhaal naar ons doorsturen: iets over de bestemming, een anekdote of nuttige informatie voor anderen, tips voor onderweg ... Maximum 5000 tekens, aub. St-Vith - Slagharen - Egypte - Winterbergen-Bad Arolsen-Kassel-Soest (aug. 2007) - Cochem (aug. 2006) - Torreviejo (mei 2006) 12-14 augustus 2010: St-Vith en omstreken, een les in meertaligheid Wie zijn die Duitstalige Belgen ? Die vraag zette aan om voor een korte snippervakantie een hotel te boeken in St-Vith, een stadje met iets meer dan 9000 inwoners dat de voorbije jaren is bekroond als gezelligste van zuidelijk België. Het werd een leerrijke ervaring, in het stadje zelf maar ook daarbuiten. St.-Vith ligt op iets meer dan 210km van Berlare. Onderweg stapten we even uit in Malmedy, waar al opviel dat vele winkels hun opschriften ook in het Nederlands hebben. In St-Vith zelf werd dat nog meer duidelijk. Aan het begin van de hoofdstraat, waar ook het Margraf Pip Hotel zich bevindt, staan ook de vlaggen met de Vlaamse leeuw en de Waalse haan. In het gezellige hotel met zwembad en wellnessmogelijkheden, dat in 1974 door koning Boudewijn is bezocht, spreekt zowat elk personeelslid Nederlands. Dat ondervonden we trouwens ook in restaurants en winkels. De gemeentelijke website en alle toeristische folders zijn in minstens drie talen. "We krijgen die folders zo van het ministerie", klinkt het in het toerismebureau. De programmafolder van het plaatselijke cultureel centrum Triangel (zeker Stroming x drie, maar het dient tevens als - zelfs private - feestzaal, congrescentrum, handelsbeurs) is in het Duits met een (soms kortere) Franse tekst. Dat programma is overigens niet zo uitgebreid als in Stroming, maar bevat toch minstens een initiatief in zowat alle kunstuitingen, en ook verschillende informatieve en debatactiviteiten. Het heemkundig museum is ondergebracht in een groot huis, wellicht heropgebouwd na het geallieerd bombardement van kerstdag 1944. Verspreid over heel het stadje tonen foto's hoe de stad er voor WO2 uitzag. De dag van onze aankomst was er 's avonds in het stadscentrum het laatste optreden in een Sommerfestivalreeks, overigens afgesloten met een groots vuurwerk. De stad en de streek richten zich sterk naar wandelaars. De volgende dag ging het eerst naar het nabije Rodt, voor een wandeling langs een natuurleerpad (opnieuw met alle teksten in drie talen) door een bos en langs een Sint-Hubertuskruis. En er is een biermuseum met meer dan 4000 bieren uit de hele wereld. Ja, ook het Overmeerse Pa-Gijsbier stond er. De plaats was uitgekozen als overnachtingsplaats voor een motorclub met leden uit zowat heel Europa, wat een indrukwekkend overzicht gaf van zowat alle mogelijke zware motoren. 's Namiddags verkozen we niet naar Recht te rijden, waar men een lijsteenmijn kan bezoeken, maar naar het meer van Butgenbach, zo'n 30km er vandaan. Het mindere weer zette aan om niet daar te gaan wandelen, maar nog zo'n 20km verder naar Monschau door te trekken, langs de verlaten kazerne en militaire oefenterreinen van Elsenborn. Ook in het pittoreske en goed bewaarde Duitse stadje, met een burcht, is veel Nederlands te lezen in de vele smalle winkeltjes en in de toeristische folders. Met het Weihnachtshaus is heel het jaar door duidelijk hoe belangrijk die periode voor Monschau is. De plaatselijke mosterdfabriek (met proeverij en twee winkels), de handwerkfabriek, de brouwerij en wijnproeverij zijn andere mogelijkheden om het nuttige aan het aangename te paren. Voor de terugweg kozen we om niet direct de autosnelweg te nemen, maar om af te stappen in Stavelot, waar het imposante oude klooster nu plaats biedt aan drie musea, onder meer over het nabije autocircuit van Francorchamps. En ook daar doet men nu moeite om alles in meerdere talen voor te stellen. Het oude goed bewaarde stadscentrum met grote markt bewijzen de 'grandeur' die het stadje vroeger had. De vele waterpompen, tevens wasplaatsen, geven aan hoe belangrijk men hygiëne er vond. Aan vele gevels hangen de typische carnavalsmaskers. 12-14 juli 2009: slapen in Nederlandse wigwam bij pretpark Slagharen Een reisbestemming zoeken op het internet kan tot prettige verrassingen leiden. Zo vonden we in Slagharen (Noord-Oost Nederland nabij Zwolle) een attractiepark annex verblijfspark waarin men in houten hutten of in 'heuse' wigwams kan overnachten. We kozen voor het laatste, om zo de verbeelding van de jongste zoon wat te prikkelen. Of was het toch om de eigen jeugdverhalen terug naar boven te brengen ? Het was juist geen 300km rijden, via Breda, Tilburg, langs Flevoland. Slagharen bleek een klein dorpje te zijn waar een plaatselijk winkelier met heel wat verbeelding en vooral doorzettingsvermogen begin jaren zestig een toch wel uniek project opzette. Om er voor te zorgen dat de mensen naar hem zouden blijven komen in plaats van steeds naar grote centra te trekken bouwde hij in 1963 24 vakantiehuisje en zette er een pony en een wagentje bij voor de huurders. Het project had onmiddellijk zo een succes dat hij nog hetzelfde jaar besliste om uit te breiden. En dat uitbreiden bleef maar duren: meer vakantiewoningen, een ponypark, een heus attractiepark. Miljoenen Nederlanders (waaronder zowat de hele koninklijke familie), vele Duitsers en steeds regelmatiger ook Belgen leerden het park intussen kennen. Ook al omdat het in weinig moet onderdoen voor heel wat bekendere parken. We hadden een wigwam dicht bij het attractiepark gereserveerd, maar dat bleek niet echt nodig: Op zijn Nederlands is de ruimte goed benut zodat je vanuit elke wigwam snel bij het park bent. De wigwam zelf is gerieflijk ingericht met drie slaapcompartimenten (voor twee volwassenen en vier kinderen), een voor campingnormen royaal ingerichte keukenblok, een tv, twee elektrische verwarmingselementen, een tafel en zes stoelen. Je moet enkel voor je eetproducten, lakens (die ook ter plaatse te huur zijn), afwasmiddel en kuisproducten zorgen. Tussen vier wigwams staat een sanitair blok met voor elke wigwam een eigen hok met wc, douche en lavabo. En rond elke wigwam is plaats genoeg om buiten aan de tafel te eten. Wat moet er, behalve wat goed weer, meer zijn ? Het park is rond het cowboy en indiaan-thema ingekleed en ook in de shows zit dat element. Voor de kleinsten zijn er Randy en Rosie, de vriendelijke wasberen. Het 40-tal attracties omvatten onder meer een achtbaan, een reuzenboot die je helemaal overslag doet gaan, een wildwaterbaan, en ook verschillende voor de kleinsten aangepaste toestellen in een wat afzonderlijk kidcity. Er is een binnen- en een kinderbuitenbad met zonnestrand voor de ouders die voor de gasten uit het verblijfspark tot 23 uur open blijven. Voor het binnenbad is het aantal kleedhokjes wel wat beperkt, maar als je uit de overzichtstentoonstelling leert dat de eigenaar, na talrijke pogingen om subsidies te krijgen, uiteindelijk alles zelf betaalde, dan kijk je daar wel over. Tussenin is er een ruime keuze aan eetmogelijkheden en - uiteraard - een aantal winkeltjes. Er is zelfs een heuse superette in het park zodat wie zelf wil koken niet ver hoeft te lopen. De sfeer is alvast familiaal te noemen en zelfs op een drukke dag blijft het aanschuiven redelijk beperkt. Tijdens weekends en feestdagen worden voor kinderen die naast het park verblijven speciale acties opgezet, zowel 's morgens als 's avonds. En in de twee amusementsruimtes zijn er shows en gratis bingo-avonden.
nkb informatief
verkreeg een korting voor wie boekt
Bestellen via http://www.slagharen.com/ , gebruik aanmeldingscode GVA1 11-25 juli 2008: van Luxor naar Assouan en dan naar Hurghada, of van de goden langs de Nijl naar de Rode Zee Een vroegere collega had het me zo'n 20 jaar geleden al aangeraden: een tocht op de Nijl vergeet je niet meer. En hij had gelijk. Er is om te beginnen de Nijl zelf met erlangs de smalle bewoonbare strook (zo'n 90% van de Egyptische bevolking woont op dat bijna enige deel van het land dat niet door de woestijn is ingenomen) waarop lemen woningen in kleine dorpen, de palmbomen en hier en daar een fabriek, en in de rivier zelf de eilandjes waarop dieren staan te grazen en vissers te vissen. Er is de sluis waarin de cruiseschepen juist in passen en kort daarop een brug met maar een doorgang voor de schepen. En natuurlijk de tempels die getuigen van een ver en vooral machtig verleden. Dank zij een, op het internet gevonden voorstel konden we de cruise combineren met een week Hurghada, een welkome gelegenheid om eens echt niets te doen na een drukke week. Maar eerst iets over de periode. Van alle kanten werd gezegd dat het te heet zou zijn. Ja, het was warm tot heet. Mits 's morgens wat vroeger ofwel na 16 uur te vertrekken was het echt nog te doen. Bovendien was er het voordeel dat er minder toeristen zijn: de tempels kunnen daardoor rustiger worden bekeken. En dan het schip voor onze week Nijlcruise. De Kasr el Nil was niet direct het meest moderne, maar met de 50 personeelsleden voor zo'n 50 reizigers gaf het vooral een bijna familiaire sfeer. En dat is zeker zo belangrijk. Het eten was tot zeer goed en er was zeker genoeg. Het zwembad (zo'n 5 op 5m), de jacuzzi en overdekte ruimte op het bovendek zorgden voor koelte en schaduw tijdens de warmste momenten. En de creatieve, met handdoeken gemaakte figuren die het cabinepersoneel na elke poetsbeurt op het bed achterlieten waren telkens aangename verrassingen. Onze tocht begon in Luxor, met de tempels van Luxor en Karnak. Indrukwekkend is nog te zacht uitgedrukt. Het papyrusmuseum waar onze Egyptische maar bijna perfect Nederlandssprekende gids ons naar toe bracht, leerde heel wat bij. De tweede dag ging het naar de kolossen van Memnon, de vallei van de koningen (waar we drie faraograven en ook nog een graf van een edelman bezochten) en naar een pottenbakker. In de namiddag voer het schip naar Edfu, waar we 's avonds in het drukke stadje de waterpijp leerden kennen. De volgende morgen bezochten we de tempel, die tot het midden van de 19de eeuw volledig onder het zand was verborgen. We zagen er de tekeningen van de god Amon-Re, terwijl hij meehelpt bij de bouw, bij de opening, en als vertegenwoordiger van het wettelijke en het religieuze gezag. En de hiërogliefen die werden ontcijferd als recepten voor medicatie en reukwaar. Na nog een stuk Nijl volgde tempel van Kom Ombo, waar zowel Horus als de krokodillegod Sobek werden vereerd. De krokodillemummies waren de blijvende getuigen. Deze dubbele tempel was tevens een school. De tekeningen van medische apparaten, van muziekinstrumenten en de jaarkalenders zijn daar de getuigen van. De volgende dag werd door de meesten als de topdag beschouwd. Nadat we de enorme dam in Assouan hadden gezien - een initiatief van de Russen waarmee bijna heel Egypte elektriciteit krijgt -, bracht een bootje ons naar de tempel van Philae. Deze was - zoals onder meer de tempel van Abou Simbel en nog vele andere - dank zij een oproep van de Verenigde Naties en met de hulp van tientallen landen, van de oorspronkelijke plaats naar een hoger gelegen plaats verhuisd, om te verhinderen dat de tempel voor eeuwig in de Nijl zou verdwijnen. Op de terugweg werd gestopt bij een parfumerie, waar naar verluidt al de essences werden verkocht die de gekende merken voor hun reukwaren gebruiken. In de namiddag ging het met een falouk, de typische zeilboot, naar een botanische tuin. Vandaar met een motorboot naar een plaats waar toeristen in de Nijl kunnen zwemmen. En dan op de kameel naar een kleurrijk Nubisch dorp. Daar trachtte een leraar de Arabische en Nubische cijfers bij te brengen, en lieten verschillenden zich een hennatatoeage zetten. De volgende dag stond de souk ('winkelstraat') op het programma. Een laatste gelegenheid om de gepaste kleren te kopen voor het verkleed feest 's avonds op de boot. De voorlaatste cruisedag werd enkel gevaren. 's Avonds zagen we een voorstelling van een buikdanseres en van een derwisj. Deze laatste draaide zowat een half uur rond zonder te stoppen, waarbij hij allerlei figuren maakte. Eens terug in Luxor bezochten enkelen nog met de paardenkoets de armere wijken van de stad. De volgende morgen ging het in konvooi met de bus door de woestijn naar Hurghada. Daar kwamen we terecht in hotel Arabella Azur, met eenvoudige maar volledig uitgeruste kamers in oosterse stijl; verschillende restaurants (ook langs de zee), twee zwembaden en een strand langs de Rode Zee die zo klaar was dat men duidelijk de vele gekleurde vissen, koralen en krabben kon zien als men er in zwom of vanaf de kant. Je moest inderdaad niet van het complex af. Dat heeft dan wel het nadeel dat je geen besef krijgt van hoe de Egyptenaar leeft, of van de contrasten die er zijn tussen de leefwereld van de toerist en die van de plaatselijke bevolking. Als je bijvoorbeeld dan toch van een van de personeelsleden, die van 13 tot 1 uur werkte, hoort dat hij €46 per maand verdient ... Of als je juist voor het vertrek naar Egypte hoorde dat er onlusten waren wegens de gestegen voedselprijzen, dan begrijp je al beter waarom iedereen toch tracht om 'iets extra' los te krijgen. 12-14 augustus 2007: een weekendje in de omgeving van Winterbergen - zoektocht naar sprookjes, Fachwerk-architectuur en Belgische kazernes Het werd dit jaar opnieuw een weekeindje Duitsland, maar in de omgeving van Winterbergen ditmaal. We gingen in op een Knack-voorstel om twee dagen in het Dorintresort in Neuastenberg te verblijven. Het werd een ontdekking van een mooie streek met binnen een straal van zo'n 100km heel wat bezienswaardigheden, op verschillende gebieden. De natuur - met bergtoppen tot meer dan 800m -, de sprookjesroute rond de verhalen van de gebroeders Grimm, en ook - voor wie er soldaat is geweest - de zoektocht naar de overblijfselen van kazernes zorgen voor heel wat mogelijkheden. Om nog te zwijgen van bv. Documenta in Kassel. Spijtig genoeg moesten we ons op twee dagen tot enkele zaken beperken. De weg naar Winterbergen liep over Eindhoven, Duisburg en Dortmund. Kort daar voorbij verlieten we de autosnelweg om in Arnsberg de oude binnenstad en het kasteel te bezoeken. Een eerste ontmoeting met de typische huizen van leem en houten balken, waarop meestal een spreuk of in enkele zinnen iets over de eigenaars of de geschiedenis staat geschreven. Dan ging het via kronkelige en op en neer gaande, maar heel goede wegen naar Winterberg zelf, een stadje dat zich duidelijk aan de zomer- en wintertoerist heeft aangepast, ook aan hen die Nederlands spreken. Neuastenberg is een kleine gemeente zo'n 6km meer naar het zuiden. Het Dorintcomplex, met hotelkamers, studio's en huizen, beviel onmiddellijk. De kamer bevatte een grote verrassing: in een 'kast' was een hele keuken beschikbaar, met vuur, frigo en al wat voor twee mensen nodig is om zelf iets klaar te maken. Het zwembad, de sauna en stoombad werden de volgende dagen 's morgens en 's avonds goed gebruikt. En het eten was overmatig, en goed. Maar we gingen vooral om de omgeving te verkennen. Een eerste wandeling leidde naar de Kahler Asten, met 841m de hoogste van Sauerland. 's Winters kan je er met een skiliften naar toe. Het is maar een van de vele uit de streek om het de skiërs van verschillend niveau aangenaam te maken. Er staat ook een schansspringtoren, er is een bobsleeparcours, verschillende langlaufroutes staan uitgestippeld. Maar de regio wil de toerist ook in de zomer een afwisselend verblijf bieden. De natuur zet aan om de verschillende wandelpaden langs heidekruid en door dennenbossen te verkennen. Ondermeer een zomer-bobsleebaan, een avontuurlijk klim- en mountainbikeparkoers voor het hele gezin, golf en zwembaden, een ertsmijn en een cowboy-en-indianendorp liggen er in de onmiddellijke omgeving. De tweede dag ging het eerst richting Bad Arolsen, om dan na Kassel delen van de Märchenstrasse en van de Fachwerkstrasse te verkennen... Op weg naar Bad Arolsen stopten we even aan de bron van de Ruhr, de rivier die zoveel betekent voor het economische Duitsland. In Bad Arolsen 'botsten' we eerst op de kazerne die tussen 1954 en ? door Belgische militairen werd gebruikt. Het oefenterrein is nu ingenomen door parking en grote supermarkten, de gebouwen staan te vervallen of worden onder meer door enkele overheidsdiensten gebruikt. Vele ruiten zijn ingegooid, aan de buitenkant hangt een spandoek met 'Zu verkaufen'. Op een straatnaam wijst niets er op dat de Belgen er ooit 'lagen'. Een Duitser legt uit dat de gebouwen tijdens WOII door een SS-regiment werd gebruikt, "maar dan echt door elitesoldaten, niet door misdadigers", voegt hij er aan toe. Hij looft de bijdrage die de Belgen hebben geleverd tot de heropbouw van de regio. Hij wijst ons ook de weg naar het kasteel, waar de voormalige Nederlandse koningin Wilhelmina werd geboren. Een prachtig gebouw ! Dan naar Kassel, neen, niet direct voor Documenta, maar voor het gebroeders Grimmmuseum, dat wel in de onmiddellijke omgeving van het Friedrichsmuseum of het hart van Documenta staat. Het Grimmmuseum geeft in vier verdiepingen een overzicht van de sprookjes- en jeugdliteratuur uit de 19de eeuw weer. Waarom Karl May (onder meer Winnetou) er niet lag, kon men ons niet zeggen ... Van de gebroeders Grimm krijg je een heel volledig overzicht van hun leven en werken, met heel wat authentieke stukken uit hun meubilair en vooral bibliotheek. Op de bovenste verdieping is heel creatief werk te zien over hun verhalen. Maar wie er een souvenir voor kinderen dacht te kunnen kopen, komt wel wat bedrogen uit. Nadien zouden we delen van de sprookjesroute en van de route langs zogenaamde vakwerkhuizen verkennen, maar een kunstmarkt en toch maar eens tot het Friedrichmuseum wandelen beslisten er anders over. Er was zoveel te zien, dat we ons nog moesten haasten om nog op een redelijk uur terug in het hotel te zijn. De laatste dag begon met een rondrit langs enkele van de attracties rond Winterberg zelf. Dan ging het naar het Möselmeer om er aan het reusachtige meer te eten. In de namiddag zochten we in Soest naar de Belgische kazernes, waarin zich een museum over de Belgische aanwezigheid zou bevinden. Al wie we de weg vroegen, werd heel vriendelijk toen we naar de Belgische kazernes vroegen, maar het museum blijkt er niet zo gekend. In het toerismebureau wist men te vertellen dat het slechts een zondag per maand open is, of na telefonische afspraak. Spijtig genoeg kan het bureau de initiatiefnemer niet bereiken. Ons bezoek bleef daarom beperkt tot nog wat soldenaankopen in de mooie binnenstad, en een stop aan de Adamkazerne. Daar bevindt zich het museum, maar je moet het wel weten te vinden. Een e-mailgesprek met de verantwoordelijke maakte later veel duidelijk. De Adam-kazerne is een beschermd monument, maar het officiële onderhoud beperkt zich tot het allernoodzakelijkste. De rest hangt af van de gebruikers. De meeste andere kazernes in Soest zijn afgebroken, onder andere om er woonkernen uit te bouwen en een is door een universiteit gebruikt. Het museum is een privé-initiatief van Burkhard Schnettler. Hij verzamelt al zo'n 40 jaar - dank zij de Belgische klanten die hij had - heel wat uniformen, gebruiksvoorwerpen, foto- en filmmateriaal over de Belgische soldaten en hun activiteiten, ook niet-militaire want er waren blijkbaar ook heel wat culturele activiteiten. Na het vertrek van de Belgen mocht hij het museum opstarten, maar veel hulp was er niet. Zelfs het maken van een wegwijzer (en het aanvragen van de toelating) moet hij zelf bekostigen. Wel krijgt hij nog regelmatig zelfs groepen van voormalige soldaten over de vloer die er herinneringen komen ophalen en films en foto's bekijken. Van 12 tot 14 oktober komen 200 vroegere soldaten van de 5de Linie er om er op 13 oktober een gedenksteen te plaatsen in de vroegere maar bijna vervallen Rumbekekazerne. In de Adamkazerne staat op het vroegere paradeterrein dat van de 9de Linies, intussen omgedoopt tot algemeen gedenkteken voor de Belgische aanwezigheid in Duitsland. De kleine toegangsprijs en de opbrengst van de cafétaria zijn de enige bron van inkomsten voor het museum. De initiatiefnemer hoopt dat de Belgische Staat het initiatief wil erkennen, de toegang wil verlenen tot de eigen memorabilia om de inhoud te kunnen vergroten, en er voor te zorgen dat het museum ook na hem kan blijven voort bestaan. Een folder en meer info zijn verkrijgbaar via museum-bsd@gmx.de (mag in het Nederlands). En dan was het weer de autosnelweg op voor een tocht van nog zo'n 330km. De hele tijd in Duitsland was zonder regen verlopen. Die kwam er toen we Nederland binnenreden, om nog harder te vallen eens we goed in België waren. Het kon niet beter uitdrukken hoe we betreurden dat het weer voorbij was. 12-14 augustus 2006: een weekendje in het Duitse Cochem We zijn er zelf eens een weekendje op uit getrokken. Eerst wat gezocht op bed and breakfast sites (en er ook enkele interessante gevonden voor later) maar uiteindelijk toch gekozen voor de Moezelstreek in Duitsland. Ook via het internet konden we nog een last minute kamer boeken in het Panorama Hotel in Cochem. Het bleek een goede keuze. Een routeplanner leidde ons via de autosnelweg langs Luik en Verviers naar Duitsland. Wegenwerken zorgden nog voor een kleine omweg op de binnenbaan die we namen om iets meer van het landschap te zien, maar na zo'n 350km zagen we voor het eerst Cochem langs de Moezel liggen. Het hotel bleek juist aan de rand te liggen, met voldoende parkeerplaats in de onmiddellijke nabijheid. Omdat het nog maar 14.30 uur was, verkenden we eerst het stadje, zochten wat informatie in het toerismebureau (waar ook Nederlandstaligen vlot terecht kunnen en waar een duidelijk overzicht beschikbaar is over de nog vrije kamers in de omgeving), en besloten direct met de stoeltjeslift de stad al eens van boven te bekijken. Onderweg omhoog gaven we toestemming om een foto te nemen, die inderdaad enkele dagen later thuis werd besteld. De zeker niet duurste maar heel verzorgde hotelkamer had alles wat we nodig hadden. 's Avonds werd de stad grondiger verkend. De oude binnenstad heeft nog heel wat (heropgebouwde ?) oude woningen, verschillende mooie winkels en tal van horecazaken waar schnitzels en andere al dan niet plaatselijke gerechten aan toch wel redelijke prijzen worden aangeboden. Na het eten toch ook maar de typische Moezelwijn, de Riesling, geproefd in zo'n typisch 'wijncafé-tje', niet echt in de drukste straat en juist naast de oudste wijnkelder van de stad. Een aanrader, ook al omdat de wijn er toch wel goedkoper is dan in de restaurants. Zondagmorgen begon met enkele lijntjes in het zwembad van het hotel, dan een meer dan uitgebreid ontbijt. Het bleek voldoende om de klim naar de Reichsburg boven de stad aan te kunnen. Deze prachtige burcht is, volgens de toeristische informatie, eigenlijk een reconstructie van het oorspronkelijke kasteel uit de 10de eeuw. Die brandde rond1689 af en werd tussen 1874 en 1877 weer opgebouwd op basis van de oorspronkelijke plannen. Een steile klim die wel de moeite loont, zowel door wat men onderweg als boven te zien krijgt. Het kasteel is begeleid te bezoeken (volwassenen €4). Op zaterdagavond kan men (vooraf in te schrijven) aanzitten voor een riddermaal. De namiddag werd gebruikt om de omgeving te verkennen door de Moezel te volgen tot aan de grote bocht en dan via de overkant terug te keren. De wijnranken staan er hoog boven het dal en het oogsten vraagt wellicht soms echte bergklimcapaciteiten. In Ediger waren het juist Wijnfeesten, een ideaal moment om halt te houden. Het kleine stadje met de prachtige gotische kerk en vele echt oude huisjes waren op zich al de moeite waard. Het kerkhof had een toch wel mooi monument voor de gevallen uit beide oorlogen, met een speciale gedenksteen voor vijf Joodse inwoners uit de stad. Een feeststoet trok door de stad met onder meer 'Romeinen', wijnplukkers, alpenhoornblazers en uiteraard de plaatselijke wijnkoningin. Een plaatselijke Riesling met gerookte forel bij een echte 'wijnboer' zorgden voor een mooie afsluiter. De naar verluidt prachtige wandeltocht die iets buiten de stad via de wijnvelden naar oude Romeinse overblijfselen leidt, zal voor een andere keer zijn. Terug naar de stad, via de andere kant, hadden we voor het eerst wat regen. Ook aan de andere kant liggen enkele typische dorpjes met verschillende wijnkelders. 's Avonds bleven we in het hotel voor sauna en zwembad, met nadien een overvloedige maaltijd. Voor het vertrek profiteerden we een laatste maal van zwembad en ontbijt. Een tochtje op de rivier zelf lieten we voor later. De terugweg ging dit keer via binnenwegen. Via het natuurprachtige Daum en Gerolstein reden we via Malmedy naar Stavelot. Het viel op hoeveel Nederlands daar wordt gebruikt, ook in de oude abdij waar enkele tentoonstellingen te zien zijn. Dan ging het via Spa naar Luik, om vandaar via de autosnelweg terug naar huis te rijden. Juist voor Luik begon het werkelijk water te gieten en dat stopte maar toen we bijna Aalst binnenreden. Dat zal niet beletten dat we aan dit weekeindje vooral goede herinneringen zullen overhouden. Nico Links:
13 mei 2006: Nicole en Hugo Adam terug uit Torreviejo Nicole en Hugo vertrokken midden maart naar het Spaanse Torreviejo, hun vaste vakantiebestemming. Ze zijn sinds maandag terug, met goed weer. Het weer was ook ginder fantastisch. Iedere morgen en avond konden wij buiten eten. Twee nachten was er zware storm, doch wanneer de zon 's morgens verscheen kwam alles weer op "zijn positieven"! Wij hebben er Kamiel en Aline Vlaeminck een paar keer ontmoet. Wij bij hen en zij bij ons. Zij waren net terug uit België. Kamiel was herstellende van een zware verkoudheid. Met die Spaanse zon scheen die vlug te beteren !!! We zijn eens door de El Chaparalwijk gereden omdat wij vermoeden dat de heer en mevrouw Genbrugge daar verblijven, maar we hebben ze niet gezien. De reis is goed verlopen. We volgden deze keer de route via het viaduct van Millau. Bij de heenreis lag er nog een pak sneeuw midden Frankrijk, doch hebben daar geen last van gehad. |
De activiteitenkalenders: (ook socio-cult.verenigingen)
vergelijk met beleidsplan 07-12
Meer
themanieuws
Al eens naar
adressen
uit buurgemeenten of van interessante, leerrijke En tips van de lezers.
Om eens te vergelijken ...
Deze site steunt het Roemeense dorpje Vîrtop, maar heeft ook oog voor andere acties voor ergens in de wereld.
|
Deze pagina is het
laatst gewijzigd (of door ons geopend) op
18/08/11.
|