KLEUREN
'Een
goede Duitse Herder kan geen slechte kleur hebben'. Dit is
een uitspraak van Ritmeester Von Stephanitz, de
grondlegger van het ras van Duitse Herdershond. Hij gaf
hiermee aan dat kleur van ondergeschikt belang is voor een
goede werkhond. Wel was hij tegenstander van allerlei
vormen van kleurverbleking, ook wel pigmentverlies
genoemd. De kleur van de Duitse Herder werd door Von
Stephanitz dus niet hard en exact vastgesteld. Dit zien we
terug in de omschrijving van de kleur in de huidige
rasstandaard.
'Zwart
met roodbruine, bruine, gele tot helgrauwe aftekening,
éénkleurig zwart en grauw, bij grauw donker gewolkt,
zwart zadel en masker. Onopvallende, kleine witte
borstvlekken evenals zeer lichte binnenzijden zijn
toegelaten, maar niet gewenst. De neusspiegel moet bij
alle kleurslagen zwart zijn. Ontbrekend masker, lichte tot
priemende oogkleur evenals lichte tot witachtige
aftekening aan borst en binnenzijden, lichte nagels en
rode staartpunt duiden op pigmentzwakte. De onderwol
vertoont een lichte grauwe tint. De kleur wit is niet
toegestaan.'
kleurontwikkeling bij grauwe Duitse Herders
is mijn zwart - gele Duitse Herder toch een grauwe?
aanwijzingen van pigmentzwakte
- Lichte nagels
- Geen uitgesproken masker
- Een rode staartpunt
- Lichte of priemende ogen
- Geen aaneengesloten
zwart zadel
- Lichte lippen en licht
tandvlees
- Op het bovenste gedeelte
van de kop geen zwarte kleur
- Wit haar in de oren
- Lichte tot witachtige
aftekening aan de borst en binnenzijden
- De neusspiegel is niet
zwart
het gebruik van grauwe honden voor pigmentverbetering
Zowel
de grauwe als de zwart - bruine en zwart - gele
kleurvariant hebben een belangrijk kenmerk gemeen,
namelijk:
Als
dezelfde kleurvarianten (grauw met grauw, of zwart - bruin
met zwart - bruin, of zwart - geel met zwart - geel)
zonder voldoende kennis en ondoordacht met elkaar worden
vermenigvuldigd, zal er altijd een bepaalde mate van
pigmentverlies ontstaan.
Als
na drie of vier generaties van combinaties met alleen
zwart - bruine of zwart - gele honden een verstandige en
doordachte combinatie van de zwart - bruine of zwart -
gele hond met een pure grauwe hond wordt gemaakt of
andersom, wanneer na enkele generaties van kruisingen met
pure grauwe honden een combinatie wordt gemaakt van de
grauwe hond met een zwart - bruine, of zwart - gele hond,
zal er bij de hieruit voortkomende nakomelingen geen
pigmentverlies maar juist een mate van pigmentverbetering
zichtbaar zijn.
de erfelijkheidsregels met betrekking tot pigment
recept voor pigmentverbetering
- Combineer de zwart -
gele hond (die verschijnselen van pigmentzwakte
vertoont) met een sterk gepigmenteerde grauwe of zwart
- bruine hond van wie de voorouders aantoonbaar komen
uit generaties van wisselende wolfsgrauwe en zwart -
bruine combinaties. Deze honden zullen vrijwel zeker
de pigmentatie verbeteren. Voor de erfelijke
overdracht maakt het niet uit of we hier nu een grauwe
of zwart - bruine reu of teef gebruiken. Gebruiken we
een grauwe reu, dan zal het nest bestaan uit grauwe en
goed gepigmenteerde zwart - bruine pups. Gebruiken we
een zwart - bruine reu, dan zal het nestje alleen
bestaan uit zwart - bruine pups.
- Wanneer je een zwart -
gele teef (met pigmentzwakte) combineert met een
homozygote grauwe reu (AA), een reu dus die dominant
grauwe nakomelingen brengt, dan zul je alleen grauwe
pups in verschillende kleurvarianten krijgen.
Theoretisch zullen gemiddeld 50% van de pups
homozygoot (AA) en 50% van de pups heterozygoot (Aa)
voor grauw zijn. Aangezien het doel is om de zwart -
gele kleur te verbeteren, zou je nu theoretisch gezien
de heterozygote nakomelingen kunnen combineren met een
zwart - gele hond. Deze omleiding is vrij omslachtig,
maar geeft wel de beschikking over meer grauwe honden
die je weer kunt gebruiken in het fokprogramma.
Een
voorbeeld:
Nakomelinggroepen
van bovenstaande hond laten zien dat deze hond, die zelf
in het geheel niet wolfsgrauw is, zijn uitgesproken
pigment, vooral dat van de kop, sterk dominant vererfd. De
eigenschap van deze hond om pigment te verbeteren is te
danken aan het consequent gebruik van een grauwe voorouder
over meerdere generaties in de ouderparen aan moederskant.
Voor
fokkers die pigmentverbetering in hun lijn willen
aanbrengen en zelf geen wolfsgrauwe hond in hun
fokprogramma willen gebruiken is het een goede optie om
een zwart - bruine nakomeling toe te passen uit de
combinatie van een zwart - bruine reu of teef en een
grauwe reu of teef. Voorwaarde hierbij is dat de grauwe
ouder afkomstig moet zijn uit een lijn van steeds
wisselende zwart - bruine en grauwe voorouders.
Hieronder
staan afbeeldingen van drie reuen die nakomeling zijn van
Flick von Arlett. Quai is afkomstig van een teef met
weinig pigment, Petz is afkomstig van een teef met normaal
pigment en Witz is afkomstig van een teef met veel
pigment. De afbeeldingen maken ook duidelijk dat in deze
gevallen de teven hun pigment niet hebben vererfd. Je kunt
hier dan ook duidelijk zien hoe het pigment van de teef
gedomineerd werd door het pigment van de reu.
.
Bron: The sable Shepherd, a museumpiece? (http://www.arlett.de/)