Breeding Working and Sporting German Shepherd Dogs
 

 

 

 

 

..............................

 

To sit with a dog 

on a hillside on a glorious afternoon 

is to be back in Eden, where doing nothing was not boring - 

it was peace.  

 

Milan Kundera

..............................

 
 
 
 
 

 

 

         

        CONTACT MAKEN

 
         

 

 

Inleiding

Als men wolven of honden met elkaar bezig ziet, valt rust en balans in de roedel op; Er heerst geen vijandige, ruzieachtige of onderdrukte sfeer. Integendeel, het genoegen waarmee na een slaapje, jachtpartij of spel de posities opnieuw bevestigd worden geven meer behoefte aan balans, harmonie en rust weer. Conflicten zijn er nimmer op gericht elkaar (blijvend) schade toe te brengen; ze zijn er op gericht de orde te bewaren of herstellen. Het is vooral prettig en gerustellend om in een groep te verkeren, omdat de overlevingskansen aanzienlijk vergroten.
Wolven en honden gebruiken geen woorden; oogcontact in combinatie met een aantal factoren (status, situatie, gebeurtenis, omgeving) zorgt voor een gecompliceerd spel van actie en reactie.
Het 'lezen' van elkaar - kijken naar het gedrag in al zijn facetten is daarin zeer belangrijk; alle signalen en boodschappen die de hond geeft zijn te zien in de mimiek, de houding en het gedrag.
Door het interpreteren en vertalen van deze hondengedragingen naar lichaamstaal en technieken voor geleider, is de stapcontact-methode ontstaan, een non-verbale communicatie tussen hond en geleider.
De reactie van de hond is er meestal één van verbazing. Er ontstaat interesse in die baas op twee benen; klaarblijkelijk spreekt die wel (een beetje) hondentaal.
De natuurlijke manier van communiceren smeedt een sterke emotionele band tussen u en uw hond.
Zoals die hoort te zijn.

Er zijn verschillende nieuwe 'positieve' methoden ontwikkeld om uw hond af te richten, de 'stapcontact-methode' is er één van, en maar naar mijn mening zou deze methode het fundament moeten zijn van alle verschillende africhtingmethoden
Omschakelen naar een nieuwe methode is nooit gemakkelijk. Ten eerste omdat je niet weet of er (en wat) de resultaten zullen zijn, en ten tweede omdat het nu eenmaal prettiger is om vast te houden aan wat je kunt.
Indien je er in slaagt deze twee drempels te nemen, dan heeft u inmiddels een ander contact met uw hond of bent op weg daarnaartoe, en heeft u een andere visie op de hond.
Deze stapcontact - methode (STAP)is ontworpen door Klaas Wijnberg, en hij heeft desbetreffend een mooi boekje over deze materie geschreven namelijk ' de hondenfluisteraar', ik raad dan ook aan dit boek eens ter hand te nemen en aandachtig door te lezen.
Het hier op volgende geschrevene is een handgreep uit dit werkje, hopelijk is dit een stimulans om het toch zo mooie hondenziel verder te ontdekken.

Jan.


In balans zijn.

Het boven op een berg zitten, het overwinnen van een wildwaterrivier, het trekken door onherbergzaam gebied: het geeft rust en kalmte.
Alle dagelijkse beslommeringen vallen weg en lijken onbelangrijk, het gevoel één te zijn met de omgeving is fantastisch. Opeens lijkt alles te kloppen; er is balans. Dat geeft een tevreden gevoel.

Die balans is een belangrijk onderdeel bij het africhten van onze hond.
Als er balans is, kan er een gevoel van vertrouwen ontstaan tussen mens en hond. Dat is belangrijk, de hond moet er op kunnen vertrouwen dat u (als ranghogere) altijd de belangen van de roedel, en dus de zijne, zult dienen. Dat gaat vaak mis. Door ongeduld, verkeerde reacties, onredelijke eisen, onduidelijke instructies en training, afreageren(!), onstaat er een 'reserve' bij de hond. Op bepaalde essentiële momenten vertrouwt de hond u niet.
Net zoals een mens heeft een hond een bepaald karakter. Naast rasgroep en ras wordt ook het individu gevormd. Wat voor gevoel geeft de hond u? Hoe gedraagt hij zich? Is hij zeker of onzeker? Is hij bazig of onderdanig? Is hij ondernemend of lui? Pienter of moeilijk lerend? Wat zegt de uitdrukking op zijn gezicht u?
Al die vragen kunt u beantwoorden door naar u hond te kijken en er een gevoel bij te ontwikkelen. Vooral als u met een eerste hond gaat beginnen is het geen gemakkelijke opgave om aan te voelen wat de hond u verteld, omdat er nog geen referentie is.

Bij sommige mensen, en ik hoop dat u zulke mensen kent, kun je heerlijk op je gemak zijn. Zelfs bij vreemden kan het aanvoelen alsof je elkaar al jaren kent. Jezelf kunnen zijn. Een gevoel van balans. Sommige mensen zeggen dat ook van hun vrienden: 'ik hoef hem alleen maar aan te kijken en dan weet hij wat ik bedoel'. Nou valt dat in praktijk nog weleens tegen, maar het gaat om het gevoel wat de één bij de ander heeft.

Uw levenshouding en geluk bepalen de balans en rust in uw leven. En die stralen af op uw omgeving en uw hond.

Verstandhouding en balans zijn veel belangrijker dan training. Training is secundair - primair is de verstandhouding met uw hond.

 

Anders leren kijken.

Traditionele training gaat van deze doelstelling uit: het resultaat. Dat wil zeggen dat de oefening door de trainer aan de eigenaar geleerd wordt, en die leert ze aan de hond. Het is daarbij niet van belang een verstandhouding te hebben met de hond.
Er zijn honderden voorbeelden te bedenken waarbij het niet nodig is om te weten hoe iets werkt, maar het voldoende is te weten dat het werkt. Misschien is dat wel de reden waarom we ook zo met honden omgaan. U hoeft niet te weten hoe een auto 'werkt' om er toch mee te kunnen rijden. Of te weten hoe een computer geprogrammeerd wordt om die te bedienen.
Dat is ook meteen het argument dat vastgeroeste trainers gebruiken om nieuwe ontwikkelingen in training af te kunnen doen als 'een trend', je hoeft de hond niet te begrijpen om hem gehoorzaam te maken.
Maar in de voorbeelden van de auto en de computer hebben we het over dingen. Een hond is geen ding. Het is een levend wezen met gevoel (hoe anders ook dan mensen) en gevoelens.
De eigenaren leren bij traditionele training de hond 'bedienen' zonder te begrijpen wat het wezen van het dier is en(te proberen) de connectie hiermee te maken. Soms zelfs zonder te begrijpen op welke manier de hond leert.
Gelukkig zijn we, uitzonderingen daargelaten, al af van de zeer agressieve lesvorm ' hij heeft het maar te doen!'. Ook de straf - forcerende training (training waarbij de hond geprovoceerd wordt een 'fout te maken en vervolgens gecorrigeerd wordt), behoort (binnenkort) eveneens tot het verleden.
Beide voorbeelden gaan uit van 'het bedienen' van de hond en worden daarom terecht vervangen door nieuwe methodieken.

In onze africhting zijn alle oefeningen met elkander verbonden als een grote legpuzzel. Een oefening als 'oproepen naar geleider' of 'afliggen' kun je niet los zien van de rangordeverhouding. Het apporteren staat in relatie tot de passie die de hond daarvoor heeft, de wijze waarop de stof wordt aangeboden en de verstandhouding met de geleider.

 

Band.

Dit betekent dat u anders moet kijken naar het dier dat u besloten heeft mee te trainen. U heeft tijd en geduld nodig om met uw hond te werken. En inzicht om in het hondenoerwoud zin en onzin van elkaar te kunnen onderscheiden.
Klaarblijkelijk stelt de hond ook eisen -naast goede socialisatie- aan u: de wijze waarop u hem benadert, de tijd die heeft (of vrijmaakt), dat u 'natuurlijk' bent, dat u een roedel en geborgenheid biedt, de plaats waar u woont, zelfs uw levenshouding en -geluk.

Het loslaten van wat u weet is (in aanvang) vaak het moeilijkste. Het is immers verleidelijk vast te houden aan (verouderde) zekerheden.
Zolang u openstaat voor vernieuwing komt het echt goed, ook als u later overstapt op een positieve trainingsmethode. U zult verbaasd zijn hoe snel uw hond de verandering doorheeft.
Met een open instelling en deze methode u een hoop plezier beleven aan uw hond, en een sterke band met hem krijgen. Een band die sterker zal worden dan op de traditionele manier.

 

Verstand en emotie.

Voor de toepassing van een positieve trainingsmethode is het belangrijk dat u in staat bent zelf een mening te vormen, en op basis van weten in plaats van veronderstellen. Dat betekent kritisch zijn ten aanzien van wat men leest, hoort en ziet. Zo leert u zelf zin en onzin onderscheiden. U vormt met uw hond een unieke combinatie, daar is er maar één van. Die combinatie zal u op een bepaalde manier leren samenwerken: met contact, een verstandhouding en harmonie. En die manier gaat u bepalen, en niemand anders. Want wat voor een andere combinatie geldt, hoeft niet voor uw combinatie te gelden, maak uw eigen regels.
En vanzelfsprekend zullen er momenten komen waarop u denkt dat het niet gaat en u wanhoopt. Er komt evenwel altijd een oplossing als u geduldig blijft zoeken en doorzet.
Bij die zoektocht heeft u beslist intuïtie nodig. Het (leren) aanvoelen van de situatie. Wat bedoelt de hond? Wat wil de hond? Hoe lost u het probleem os impasse op? Leer uw hond aanvoelen en sta open voor wat de hond u teruggeeft.
Niet domweg de hond 'bedienen', maar interactie met uw hond. Daarvoor heeft u verstand en emotie nodig.

 

Oogcontact.

Honden communiceren met elkaar met behulp van ogen, oren, neus en aanraking. Ze hebben immers geen woordelijke communicatie.
Kijken is een essentieel onderdeel van communiceren tussen honden.
Normaal doen wij niets met dat oogcontact. We wandelen en praten over het weer of genieten van de omgeving. Dat een hond gemiddeld elke 50 meter een keer oogcontact aanbiedt gaat aan mensen voorbij. Dit oogcontact zou de basis moeten vormen voor een goede verstandhouding met de hond. Voor de goede orde: met oogcontact bedoel ik het geconcentreerd met de baas bezig zijn. Dat kan zijn door letterlijk oogcontact te maken, maar ook andere vormen van contact. Want sommige honden kijken recht in uw ogen andere kijken bijvoorbeeld naar oorlel, schouder of heup. Daarmee maken ze contact met u. hier komt het meteen al op uw intuïtie aan. Wanneer heeft de hond oogcontact met u?

Instinctief zal de hond de 'roedel' in de gaten houden en tijdens een wandeling regelmatig naar u kijken. Pups en jonge honden doen dat heel sterk. U kunt zich voorstellen dat een oudere die een jaar lang oogcontact heeft aangeboden, ermee stopt omdat reactie uitblijft. Zo ontstaan er honden die nergens meer naar kijken. Ze gaan hun eigen gang, en als de baas wat wil dan hoor ik het wel. Het gevoel contact te houden met de groep raakt op de achtergrond. Sterker nog, er zijn honden die, als je ze loskoppelt, gewoon weglopen. Weg bij de roedel, weg bij de baas.

Eigenlijk zijn honden die geen enkele aandacht hebben voor hun geleider een merkwaardig fenomeen. De hond wordt in een gezin (de roedel) geplaatst en verliest na verloop van tijd de interesse in die roedel? En dat terwijl de roedel de spil van het bestaan van de hond is. Buiten de roedel zijn er immers alleen vijanden.
Kennelijk raakt de familieband zo verstoord dat de hond de roedel niet meer als roedel beschouwt.
Reden hiervoor is mijns inziens dat we de taal van de hond niet spreken. De hond beschouwt ons als onvolwaardig. En als we wat willen, dan zeggen we het wel (door het geven van een commando). Deze honden raken onthecht. Dat kun je goed zien als er een andere hond aankomt. Wat u ook aan het doen bent, welk spelletje u ook speelt: uw hond gaat of wil graag naar de andere hond toe. Eindelijk 'iemand' die het honds wel spreekt. Dat is prettig en geruststellend.

 

Wij zullen nooit een hond begrijpen zoals honden elkaar begrijpen.

Sommige geleiders hebben een zeer gehoorzame hond maar hebben er geen enkele verstandhouding mee. Zij hebben de hond leren 'bedienen'. Maar die gehoorzaamheid hoeft niets met die geleider te maken hebben, deze honden volgen iedereen die ze goed bedient. Het maakt niet uit wie met de hond gaat lopen, het gehoorzaamheidsniveau blijft hetzelfde. De hond heeft geleerd zich op een bepaalde manier te gedragen om te (kunnen) overleven, en doet dat bij iedereen. Zijn geleider is een vervangbare uitzendbaas. Uit deze onthechting kunnen allerlei gedragsklachten voortvloeien, zoals ongehoorzaamheid, dominantie-agressie enz.
Binding met, en aandacht voor, de roedel en roedelleider hoort sterk te zijn.

 

Training secundair.

Het voorgaande leidt tot de conclusie dat training in het begin van een goede methode niet zo belangrijk is. Alles draait om contact, verstandhouding en harmonie. Daarmee legt u de basis voor latere training. Ik maak de volgende vergelijking: als u mijn familie niet bent mag u zich niet bemoeien met mijn familiezaken. Dat recht heeft alleen familie. U en de hond moeten eerst 'familie' van elkaar worden, alleen dan heeft u de positie en het recht zich met 'familiezaken' (training) te bemoeien.
U zult ervaren dat als er eenmaal contact, verstandhouding en harmonie zijn, training erg eenvoudig wordt. Met goede begeleiding kunt u veel, heel veel leren. Tot die tijd spreken we van opvoeden als verzamelnaam voor alle handelingen die ertoe leiden dat de hond met u samenwerken wil. Dat is primair.

 

Training.

Voordat u gaat werken is contact met de hond noodzakelijk.
De training starten zonder contact met uw hond te hebben heeft geen enkel zin, het is als een huis bouwen op en moeras, dus zonder fundament.
U heeft reeds contact (gemaakt) met uw hond. De hond kijkt niet alleen in huis naar u, maar ook regelmatig op straat en tijdens wandelingen, en u beloont dat kijken met een grote variatie aan handelingen (vriendelijk kijken, handen klappen, booghouding om te komen, hard weglopen enzovoort) kortom er gebeurt altijd wel wat tussen u en uw hond.
De hond heeft inmiddels de bereidheid met u samen te werken en vertrouwd u als roedelleider en initiatiefnemer.
Dan is het tijd om aan de oefeningen (trainen) te starten. Gaat u eenmaal aan de slag, dan is het van belang dat uw gemoedstoestand goed is. Als er teveel spanning in u zit, voelt de hond dat en reageert daarop. Ook als u vermoeid of gehaast bent gaat het niet lukken.
Alles wat u in de hond stopt, krijgt u terug! In die zin zult u regelmatig in de spiegel kijken…

Geloof in uzelf en geloof in de hond!

U gaat niet domweg een trainingsoefening aanleren of de hond bedienen, u gaat samenwerken.
En in samenwerking zijn geen grenzen. Concentreer u op een oefening. Wil niet teveel (tegelijk) en te snel. Denk aan de beperkingen die een hondengeest heeft, meerdere keren kort oefenen heeft meer zin dan één keer lang, en hou het zo simpel mogelijk.
Kijk en observeer. U weet inmiddels dat alles wat tussen u en de hond afspeelt als een puzzel aan elkaar verbonden is. Dat u niet het 'komen' kan oefenen als u geen contact en verstandhouding heeft met de hond, of het 'liggen' niet als de rangorde niet duidelijk is.
Raakt u op enig moment gefrustreerd omdat het niet wil lukken, stop dan. Ga even lekker wandelen in de vrije natuur en geniet van de omgeving. Of kies een andere vorm van ontspanning. Wek die spanning weg! Want de hond begrijpt er niets van.

Verleiding.

Verleiding (of afleiding) is de meest voorkomende oorzaak van dat een oefening niet, of niet goed, wordt uitgevoerd. Verleiding - ongecontroleerd en onverwacht - zorgt voor een gebrek aan aandacht en concentratie. Het is dan ook belangrijk verleiding zorgvuldig op te bouwen. In dit kader is er nog een belangrijk aspect: de wijze waarop u werkt.
Als u iets nieuws leert, heeft u daarbij alle aandacht nodig. Neem het autorijden als voorbeeld; in het begin begrijpt u niet dat iemand tijd heeft om te sturen, schakelen, pedalen intrappen, en richting aangeven en ook nog eens naar het verkeer te letten. Een jaar later rijdt uzelf met het grootste gemak en heeft naast alle handelingen van autorijden tijd genoeg om naar de omgeving te kijken.
Zo gaat het met een oefening ook: als u de hond steeds op dezelfde manier (en op dezelfde plek) een oefening aanleert, zal hij snel weten wat er komen gaat en wat u van hem verwacht.

Kijk wat de hond doet en hoe hij reageert. Begin in een goede stemming en sluit positief af; als een oefening niet lukt, eindig dan met een oefening die de hond altijd goed doet. Wanner het goed gaat, wees dan blij (en trots op uzelf en de hond). Laat dit zien aan de hond door een juichgebaar of klappen in de handen. Uw blijdschap en vreugde komen echt aan bij de hond, geloof me. Bezig zijn met uw hond moet een feestje zijn.



Spanning en ontspanning.

Wissel de spanning van het oefenen af met ontspanning. Dat is niet alleen nodig voor de hond, maar zeker ook voor u. ontspanning kan bestaan uit gewoon lekker doorwandelen, even spelen, even hardlopen, enz.
Belangrijk is dat u de spanning meet bij de hond. Maar houd ook bij uzelf steeds de vinger aan de 'spanningspols'. Wordt de druk te hoog, verlies u de controle over de hond en zijn reacties? Voor een pup / jonge hond is een minuut geconcentreerd werken al heel wat. Bouw dat op. Maak vooral gebruik van het contact dat uw hond spontaan aanbiedt.
Bij oudere honden geldt juist dat als ze u in het begin vijf seconden (!) oogcontact aanbieden dat al prachtig is. Ze zijn zo gewend met hun oren te werken ('als de baas wat wil, geeft hij wel een commando') dat de omschakeling naar oogcontact langzaam gaat. Hoe meer u werkt op contact in huis, des te sneller zal het gaan.
Maar ook hier geldt de regel van spanning en ontspanning.

 

Uit balans.

Een verhouding is nooit van de ene op de andere dag uit balans. Dat gaat geleidelijk. Maar ook hier geeft de hond weer (eerlijk) aan dat dit zo is. U kunt dit merken aan een aantal zaken. De belangrijkste is dat oefeningen, tegen het einde van de aanleerfase of in de beheersfase 'opeens' in kwaliteit achteruitgaan. Oefeningen die de hond (zo goed) beheerst en altijd goed uitgevoerd werden, worden slecht, half of niet uitgevoerd. Met dit zogenaamde 'uithollen van de oefening' ontrekt de hond zich aan uw gezag. Er is bij de hond op dat momenttwijfel ontstaan of u wel in de positie bent commando's te geven. Meestal is er een aanleiding een conflict, een traumatische gebeurtenis, u bent boos geworden op de hond, of iets dergelijks.
Probeer deze signalen zo snel mogelijk op te pakken en er iets aan te doen. Dus niet door corrigeren, maar door het contact te herstellen en een paar stappen terug et doen met de training.
Probeer het vertrouwen en de balans weer op het oude niveau terug te brengen. Uiteraard is het nog beter het niet zover te laten komen.

Tot op het oefenveld,
Jan.