18 dagen          Pyreneeën en Andorra                    juli 2003
 

zaterdag
12 juli
Vertrek rond 14 uur naar A17 richting Kortrijk. Vandaar constant Parijs blijven volgen. De eerste keer dat we het wagen om de ring te nemen. Druk maar vlot verkeer. "Bordeaux" en "A10" blijven we aanhouden.

We stoppen net voor Chateauroux op de Aire des avioneurs. Hier gaan we overnachten. Het is ondertussen kwart voor tien, en de dagteller wijst 575 km aan.


klik op de kaart voor een
vergrote weergave van de reisroute
 

zondag
13 juli
We rijden verder door naar het zuiden via de A10, A71 en vervolgens de A20, die een heel stuk péagevrij is. De temperatuur bedraagt meer dan 40°. Rijden met open raam brengt wat afkoeling.  In Toulouse rijden we westwaarts en verlaten de A64 ter hoogte van Tarbes aan afrit 13, richting Lourdes (1). Ondertussen steken donkere onweerswolken de kop op.

Goed en wel op camping "Sarsan" geïnstalleerd, gaan de hemelsluizen open, gepaard met klank- en lichtspel, terwijl de temperatuur in één uur tijd met 15 graden daalt. Het is 18 uur.


40°, iets van het goede te veel
 

maandag
14 juli
We gaan te voet naar het stadje. 't Is maar 15 minuutjes lopen, zegt de campinguitbater. Ondertussen heb ik geleerd dat je dat steeds mag vermenigvuldigen met 2: na een half uur bereiken we het centrum.

Na een bezoek aan het office de tourisme voor een stadsplan en wat uitleg, besluiten we om het stadstreintje te nemen, zodat we een idee hebben van de belangrijkste bezienswaardigheden. De winkelstraat is één aaneenrijging van souvenirwinkeltjes met allerhande prularia i.v.m. het bedevaartsoord.
 


In de namiddag keren we terug, deze keer met de fiets, en brengen een bezoek aan "Le Centre Réligieux":  het bedevaartsoord, dat jaarlijks door 5 miljoen mensen wordt bezocht, waarvan 1 miljoen bedevaarders.


Of je nu gelovig bent of niet, het zicht van de duizenden mensen die geduldig aanschuiven om een glimp op te vangen van het kleine beeld van O.L.V. verscholen in een nis onder de kathedraal en de gedempte sfeer die daarbij heerst, kan niemand onberoerd laten. Nergens heb ik nog zo'n verscheidenheid aan mensen gezien: zowel jong als oud, blanken als zwarten: alle rassen zijn vertegenwoordigd.


Honderden zieken en gehandicapten worden er op berries of rolstoelen in lange rijen door evenveel vrijwilligers naartoe geleid. Mensen verdringen zich aan de 36 kraantjes om recipiënten van allerlei vorm en inhoud te vullen met het helende water van de bron.


Tot slot lopen we nog even binnen in de Piusbasiliek: een ondergrondse kerk, - eerder een hol- , opgetrokken in kaal beton, waar 20 000 mensen de mis kunnen bijwonen, en voldoende groot om er alle inwoners van Lourdes in onder te brengen. Na de St.Pieters te Rome, de grootste ter wereld. Dit laat indrukken na.

 


De basiliek, met aan de voet 
achter de bomen , de grot


lange files schuiven aan bij de grot
 


vullen van flessen met bronwater
 


de ondergrondse Piuskerk
 

dinsdag
15 juli
We rijden eerst naar Bagnères-les- Bigores, op 20 km zuidoostwaarts van Lourdes gelegen, waar zich de grot van Médous bevindt, die in de plaatselijke folders wordt aanbevolen. Mooie kalkformaties maken een indruk op de bezoeker. Na een geleide rondgang door de verschillende zalen, worden we per bootje weer naar de uitgang gevoerd. Mooie grotten, maar ze kunnen volgens mij niet tippen aan de grot van Padirac ten oosten van de Dordognestreek.

We zoeken weer de A64 op richting Toulouse en nemen afrit 20 richting Foix. Omdat de camping hier niet in een handomdraai te vinden is, rijden we een twintigtal km door naar Tarascon-sur-Ariège (2), waar we een mooie, schaduwrijke camping vinden: Le Pré Lombard. 


de grotten van Médous


camping "Le Pré Lombard" in Tarascon
 

woensdag
16 juli
In de voormiddag wordt de plaatselijke markt bezocht: een mix van brocante, tweedehands spullen en voeding. In de receptie kregen we een summiere beschrijving van een wandeling naar "La Pic", een bergtop op 1000 m hoogte gelegen waar we een mooi uitzicht zouden hebben op de omliggende bergketen.


Het gaat van steil naar steiler, soms voetje per voetje, steeds hoger klimmend en af en toe even naar adem snakken. Na een uur ontmoeten we een ontgoochelende wandelaar, die beweert dat hij geen top heeft gezien wegens slechte aanduiding. Dat zeggen ook 2 Nederlandse toeristen, die we een kwartier later ontmoeten.

En inderdaad, na 2 uur te hebben geklommen te midden van een dichte bebossing, besluiten we wijselijk om rechtsomkeer te maken, temeer daar het bospad weer aan 't dalen is. Nog vlug een paar foto's nemen van Tarascon, met de eerste uitschieters van de Pyreneeën als decor. 

 


panorama's op Tarascon-s-A
 


Tarascon sur Ariège
 

donderdag
17 juli
We vervolgen de N20 met Ax-les-Thermes (3) als laatste Franse post voor we Andorra induiken. Slechts 30 km verwijderd van Tarascon, zodat we in de voormiddag reeds op de municipale "Mazaleou" de zonneluifel kunnen opendraaien. Het is er zeer druk. Reden hiervoor is het feit dat 2 dagen later de Tour de France hier voorbijkomt, en 5 km verder op de Col de Bonascre (700 m hoger) aankomt. Voor velen is dit het basiskamp.


In de namiddag slenteren we door de smalle winkelstraat en komen we via een fleurig marktpleintje bij de kabelbaan, die je in 9 minuten van 700 m naar 1400 m brengt, op de eerder genoemde Col. Ik kan niet aan de verleiding weerstaan om Ax vanuit de hoogte te bekijken. Vanuit de cabine zie ik hoe vele campers al een plaatsje hebben ingenomen om een glimp van de Tourkaravaan op te vangen.


Boven wordt aan "ski d'été" gedaan: in de plaats zich naar boven te laten trekken op ski's, kan men dit nu doen op een autoped of een gocart, om dan zigzaggend naar beneden te rijden. Leuke bedoening.

Men kan met de kabelbaan nog een tweede traject nemen dat je meevoert boven de 2000 m, maar ik hou het voor bekeken, en keer terug naar de begane grond, waar vrouwlief me opwacht. We lopen nog even langs het "thermenbad", dat gevoed wordt door een warmwaterbron, en waar velen een voetbad komen nemen.

Via een wandelpaadje komen we weer op de camping terecht, amper 1 km van het centrum.


Ax-les-Thermes
 


kabelbaan in Ax
 



thermenbad in Ax-les-Thermes
 

vrijdag
18 juli
Onder een stralend blauwe hemel vatten we de koninginnerit aan: een constante klim tot boven 2000 m, met Andorra als doel. Ik heb een hele sliert personenwagens in mijn kielzog en voel me een beetje als moeder eend. Fascinerend is te zien hoe de plantengroei verandert naarmate we stijgen. 

Haarspeldbochten van 180° zijn er zelden, zodat het geen probleem is om de constante snelheid van 40 km/u aan te houden. Ik vergeet zelfs even te stoppen om een paar foto's te nemen, want het zicht is uniek. De pas de la Casa is de hoogst berijdbare bergpas in Europa (gaat tot 2400 m), maar sinds dit jaar (2003) is de tùnel d'Envalira (4) geopend, die je op 400 m van de top doorheen het gebergte voert om er 2,9 km verder in Andorra weer uit te komen, tegen een péage van 11 euro. Dit heb ik er graag voor over, wetend dat nog hellingspercentages staan te wachten boven de 10 %.


Eenmaal de tunnel uit, wacht een constante afdaling over 20 km, totdat men Andorra weer verlaat aan de Spaanse grens. Vanuit de tunnel tot Canillo (5) dalen we van 2000m tot 1525 m.
Camping "Janramon" in Canillo bereiken we iets voor de middag. Het is de goedkoopste uit de reeks van onze reis: 11 euro. We hebben wat we zoeken: een rustig plekje, proper sanitair en een zeer vriendelijke receptie.

In de namiddag maken op aanraden van het Officina de Turism een wandeling naar het Sanctuarium van Meritxell. Nadat het enkele jaren geleden is afgebrand, werd het in moderne architectuur heropgebouwd. De moeite waard om dit moderne bouwwerk, te midden van ongerepte natuur, te bezoeken.  

Na 3 uur staan we opnieuw in Canillo. Ik twijfel nog even om de plaatselijke kabelbaan uit te proberen, maar 't is te laat.

 


tùnel d' Envalira
 


wandelpad van Canillo naar Meritxell
 


bedevaartskerk in Meritxell
 

zaterdag
19 juli
We verplaatsen ons naar Encamp (6), 6 km verder gelegen, en dalen daarbij van  1525 m  naar 1260 m. Camping "Internacional" wordt onze volgende stek voor 1 dag.
In de namiddag trekken we erop uit om de, in de brochure beschreven wandeling te maken, maar het begin van de route, de oude kabelbaan,  is onvindbaar, zodat we een flink eind mislopen.

De nieuwe kabelbaan "Funicamp" trekt mijn aandacht. De cabines, die aan een dubbele kabel zijn opgehangen om het heen en weer slingeren door de wind te beperken, gaan tot op een hoogte van 2500 m!

Het grondstation meldt voortdurend de waarnemingen van de top: terwijl het beneden 25° graden is, bedraagt de temperatuur op het hoogste punt slechts 8°. Ook hier ben ik te laat: de kassa's sluiten om 16 uur, want de laatste terugtocht moet men aanvangen om 17 uur.

't Zal voor een volgende keer zijn.
We houden het dan maar bij een wandeling in het plaatselijk stadspark.


het Oficina de Turism in Encamp
 


Encamp: op de achtergrond links de kabelbaan
 

zondag
20 juli

Op naar de belangrijkste stad van het staatje: de hoofdstad Andorra-La-Vella (7). In het toerismebureau van Encamp kwam ik daags voordien te weten dat de hoofdstad ook een camping heeft, gelegen op 10 minuten lopen van het centrum. (in de praktijk dus 20 min.) Deze staat in geen enkele gids vermeld: noch de ANWB, noch de ACSI, noch de Michelingids hebben blijkbaar weet hiervan. Interessant om van hieruit de hoofdstad te verkennen en de winkelstraten af te schuimen. Andorra staat  immers gekend als een belastingsparadijs.

't Is echter een tegenvaller: vermits het zondag is, opent slechts 1 op de 10 winkels haar deuren. We houden het dus bij wat kuieren in de omgeving, en plannen om dit morgen over te doen.

We brengen een bezoek aan het belangrijkste gebouw in La-Vella:  "Casa del Val", het huis van de vallei. Hier bevindt zich de kluis met de belangrijkste papieren van het land. Andorra is verdeeld in 7 parochies, met aan het hoofd een soort gouverneur. Ieder van hen beschikt over één van de 7 sleutels die nodig zijn om de kluis te openen. Van democratie gesproken!

Lange files met toeterende auto's, die via de hoofdweg La-Vella doorkruisen, worden zo goed als mogelijk door de plaatselijke policia - waarvan evenveel vrouwen als mannen - in goede banen geleid. In hun zwart-rode outfit lijken het mimespelers, die met voortdurend molenwiekende armen en gesticulerende handen het verkeer trachten te regelen.
Een plots opkomend onweer en hevige windstoten waaien ons vroegtijdig naar de camping.


Andorra-La-Vella, geflankeerd door
het majestueze gebergte


Casa del Val


De policia die als marionetten
het verkeer (proberen te) regelen

maandag
21 juli
Vandaag doen we ons herexamen wat het shoppen betreft. We starten met de wandeling "Rec de l'Obac", waarvan we het begin, na wat zoekwerk, vinden op 10 minuten van de camping.
Langs een zalig wandelpad, dat evenwijdig loopt met de hoofdweg en als een "corniche" tegen de bergwand werd aangelegd, bereiken we het gehucht Escaldes.

Hier bevindt zich het begin van de winkelstraat, weliswaar niet verkeersvrij, maar uitnodigend om te kopen. De winkels bulken van sigaretten, sterke drank, hifi- en fotoapparatuur.
Zelden zie je in de etalage een prijsaanduiding, zodat men wel moet binnenstappen om de prijs te weten.

Via deze winkelstraat komen we weer uit bij de camping, die gelegen is vlak achter het voetbalstadion.

 


Romaans kerkje in La Vella
 


tijdens de wandeling "Rec de l' Obac"
 

dinsdag
22 juli
Vooraleer we vandaag Andorra verlaten, tanken we nog eens vol. De brandstof is hier immers spotgoedkoop: 0,55 € voor een liter diesel (tegenover 0,88 € in Frankrijk)

We zetten de weg, steeds dalend, verder zuidwaarts, en worden er aan de Spaans-Andorese grens opgewacht door een horde douaniers. Geen enkele auto kan aan de controle ontsnappen: iedereen moet op een aangeduide parkeerplaats staan om de koffers open te maken. Ook wij moeten de door de douanebeambte aangewezen kasten en bergruimtes van de camper openmaken. Vooral sigaretten en sterke drank interesseren hem. 

Na een "thank you very much" worden we vrij van zonden verklaard en kunnen we Spanje binnenrijden tot Seu d'Urgell (8), waar we onze steven weer oostwaarts wenden richting Bourg-Madame (9) in Frankrijk.


Volgende bestemming van onze reis is Carcassonne (11). Deze historische stad wordt in 2 verdeeld: de benedenstad: La Ville Basse en de bovenstad: La Cité, een Kathaars bolwerk.

Op 2 km hiervandaan bevindt zich de schitterende camping "La Cité", die ons zo'n mooi plekje aanbiedt, dat we besluiten hier 3 nachten door te brengen en te genieten van de rust en de omgeving.

Van hieruit hebben we 's avonds een mooi zicht op de verlichte Cité, een door een dubbele muur omringde stad.

 


laatste blik op Andorra
 


's nachts wordt La Cité
sprookjesachtig verlicht


La Cité in Carcassonne
 

woensdag
23 juli
Langs een wandel- en fietspad bereiken we met onze "bikes" in 10 minuten de voet van de versterkte vesting. Hier laten we de fietsen staan, en verkennen de rest te voet. 

Tussen dubbele torens en een ophaalbrug komt men het stadje binnen, dat door een dubbele muur beschermd wordt.  De straatjes zijn niet breder dan 2 m, zodat er geen verkeer toegelaten wordt. De eerste indruk doet me denken aan de "Mont Saint-Michel", waar eveneens  massa's toeristen door de nauwe steegjes schuifelen. 
In deze vesting wonen 600 mensen, die bijna allemaal de uitbaters zijn van de winkeltjes en horecabedrijven.

Binnen de muren bevindt zich ook een kathedraal, vrij toegankelijk, op voorwaarde dat men niet "te zomers" gekleed is. 

Een ander opmerkelijk gebouw is "Le chateau Comtal", die binnen de muren weer een vesting op zich is. Deze burcht, die mits betaling van 6 € kan bezocht worden, stelt vooral opgravingen tentoon zoals kruisen, sarcofagen of grafstenen.

Wie zich in de buurt van deze historische stad bevindt, mag zeker niet nalaten om dit bolwerk te bezoeken.


La Cité de Carcassonne


de toegangspoorten tot La Cité
 


de kathedraal in la Cité
de Carcassonne
 

donderdag
24 juli
Na een luie voormiddag, gaan we deze namiddag op verkenning in "La Ville Basse", het nieuwe stadsgedeelte van Carcassonne. Op het stadsplan is duidelijk te zien hoe de straten volgens het dambordsysteem zijn aangelegd.
Er is slechts één belangrijke verkeersvrije winkelstraat, gehalveerd door een marktpleintje, waar menig toerist zijn dorst komt lessen op één van de vele terrasjes.
Als iemand naar Carcassonne komt, is het beslist niet om La Ville Basse te bezoeken, maar La Cité.

 


plein in "La Ville Basse" de Carcassonne
 

vrijdag
25 juli
Vandaag begint de terugtocht, die we verdelen in drie etappes, waarbij we telkens 2 nachten op dezelfde camping zullen blijven.
Het eerste deel gaat via de A62 naar Toulouse en Montauban, om dan de A20 te nemen richting Brive-la-Gaillarde, noordwaarts. Net hiervoor nemen we afrit 53, waar we na 20 km het wondermooie dorpje Collonges-la-Rouge bereiken: afstand 300 km.

Een km buiten het dorp staan we veilig en wel op camping "Moulin de la Valane".
Het is 16 uur als ik besluit een blitsbezoek te brengen aan het Office de Tourisme, en even rond te lopen in de verkeersvrije straten.  Ik heb al gemerkt dat mijn fototoestel hier aardig zal moeten presteren: waar men ook kijkt, steeds heeft men een blik op een te schilderen tafereel


straatje in Collonges-la-Rouge

zaterdag
26 juli
Het dorpje Collonges-la-Rouge bezit naast een Romaans kerkje, ook een aantal kasteeltjes en oude woonhuizen, die allemaal uit de kenmerkend purper-rode zandsteen zijn opgetrokken. Vandaar dat het dorp trouwens zijn naam ontleend heeft.
In de 16de eeuw werd het een geliefde verblijfplaats voor de hooggeplaatste ambtsdragers uit het graafschap, die er fraaie landhuizen en onderkomens met grote en kleine torens lieten bouwen.
Dit alles droeg bij tot het originele karakter van Collonges.
Het dorpje biedt een harmonieuze aanblik, wat te danken is aan het uitsluitende gebruik van traditionele materialen en de mooie verhouding tussen de verschillende soorten huizen.

De meeste hiervan zijn nu gezellige winkeltjes, die allerhande prularia verkopen, die in verband staan met de streek.

Op een terras is het gezellig toeven in de schaduw van de wijnranken, die de felste zonnestralen  tegenhouden.

In de namiddag breng ik nog een bezoek aan Meyssac, twee km verderop gelegen, en dat tevens enkele mooie geklasseerde gebouwen bezit, die net als in Collonges, opgetrokken zijn uit de rode zandsteen.

 


Romaans kerkje van Collonges


herenhuis in Meyssac,
met naar buiten springende wenteltrap

zondag
27 juli
Na een onrustige nacht wegens hevig onweer, wordt het vandaag vooral een dag van kilometers vreten. We rijden terug naar de A20. Via Brive, Limoges, Chateauroux en Orléans, sluiten we aan op de A10, om aan afrit 10 naar Rambouillet te rijden, waar we onze laatste 2 nachten op de camping municipale "l'Etang d'Or" doorbrengen, de uitvalsbasis voor een bezoek aan de stad. De dagteller wijst 482 km aan. Morgen staat een bezoek aan het kasteel op het programma.

 


kasteel van Rambouillet

maandag
28 juli
In de voormiddag fietsen we langs een gezellige "piste cyclable" door het bos van Rambouillet, naar het alom gekende kasteel. (3km)
De uitgestrekte tuin met beelden omkaderd door een echte bloemenweelde, en de verschillende waterpartijen zijn een streling voor het oog.

Nadat we aan de ingang "om veiligheidsredenen" gescand worden, kopen we een toegangsticket. De gids, uitgedost in maatpak, geeft duidelijke uitleg over alle te bezoeken vertrekken, meubilair en ornamenten, en vergeet daarbij telkens niet "Monsieur le Président de la République" erbij te vernoemen.

Dit kasteel staat er prat op dat het nog regelmatig dienst doet als plaats van bijeenkomst van hoge staatsambtenaren.

In de namiddag brengen we nog een bezoek aan "La Bergerie Nationale", waar het Merinosschaap met gekrulde horens wordt gekweekt. Eigenlijk niet meer dan een veredelde kinderboerderij.

 



zijgevel van het kasteel
 


La Bergerie Nationale in Rambouillet
 

dinsdag
29 juli
Via de N10 rijden we richting Parijs, om op de drukke ring de A1 te nemen richting Lille. Vandaar de A17 naar Kortrijk.
Om 15.30 landen we veilig en wel in Gistel.
Totale afstand: 2915 km