homecamperlinkshomepagesreisportaalsitestoeristische infoander landandere bestemming

5 dagen         Frans Lotharingen                        mei 2005
 

dinsdag
03 mei
We vertrekken om 18.45 u. We nemen de E40 richting Brussel. Daarna de E411 naar Namen en Luxemburg. Afrit 21 brengt ons naar de camperplaats in Han-sur-Lesse, onze traditionele tussenstop als we die richting uitgaan. Doel is Frans Lotharingen of "Lorraine"
Camperplaats in Han: N 50° 07 648  -  E 005° 11  242

 


klik voor een vergrote weergave van de reisroute
woensdag
04 mei
We rijden verder zuidwaarts langs de E411 en nemen afrit 26 richting Neufchateau. Vandaar gaat het zuidwaarts via Florenville met als eerste bestemming Orval, waar we de abdij willen bezoeken. Orval ligt net op de grens met Frankrijk.

Voor een toegangsprijs van 4 euro krijgen we eerst een diaprojectie te zien over het leven in het klooster, in de kaasmakerij en in de brouwerij; afdelingen die voor bezoekers niet toegankelijk zijn.

We hebben wel de gelegenheid voor een rondgang in de ruïnes uit de middeleeuwen en de 18de eeuw. De regen zorgt er voor dat we dit tamelijk vlug hebben doorlopen. We schuilen wat in de vroegere apotheek, waar allerhande instrumenten zijn tentoongesteld, die vroeger werden gebruikt. Er is tevens nog een museum te bezoeken dat al bij al niet zoveel voorstelt.
Bij het verlaten van de site, kunnen we niet nalaten om nog een paar flesjes Orval-abdijbier mee te doen.



Na de middag rijden we een 20-tal km verder zuidwaarts over de grens naar Avioth. Hier staat een dijk van een kerk, de Basilique Notre Dame, die sterk contrasteert met de landelijke omgeving. Ze werd opgetrokken van de 13de tot de 15de eeuw. Het interieur is echter enkel te bezoeken onder leiding van een gids, zodat we het moeten stellen met het nemen van een foto van de buitenkant.

We vervolgen onze weg, en 10 km verder komen we aan in Montmédy.
We zoeken de camping Municipal op, en plaatsen ons op een niet officiële standplaats, met kiezels als ondergrond, naast het sanitair. Het gevaar om vast te zitten in de zompige bodem van de afgebakende plaatsen is immers reëel. (camping Montmédy: N 49° 31. 285   E 005°  21.  685)


Montmédy bestaat uit 2 afzonderlijke delen: een beneden- en een bovenstad.
Deze laatste is gebouwd op een geïsoleerde rots. Aan de noordkant geven 2 opeenvolgende overwelfde poorten met een ophaalbrug toegang tot de ommuurde stad. In de grote kerk die volop gerestaureerd wordt, zijn de oorspronkelijke banken bewaard gebleven. Het interieur geeft een troosteloze indruk. In het centrum is geen kat te bespeuren. Het enige café-restaurant is leeg.


de abdij van Orval

ruïnes van de abdij

de Basilique Notre Dame in Avioth

de overwelfde poort in Montmédy leidt naar de versterkte bovenstad
donderdag
05 mei
Onze tocht gaat verder naar Verdun, 80 km verder zuidwaarts. Vijf km voor we het centrum bereiken, nemen we de D913, een weg die leidt naar verschillende gedenkplaatsen van tijdens de oorlog van 1916. Jaarlijks komen hier duizenden bezoekers om de slagvelden te zien, waar van '16 tot '17 hevig werd gevochten in wat nu bekend staat als "de slag bij Verdun"

Eerste gedenkteken is het "Tranchée des Baïonettes". Een massieve deur vormt de toegang tot het monument, dat over een loopgraaf is gebouwd. Hier werden op 10 juni '16 twee compagnieën infanteriesoldaten levend bedolven tijdens hevige beschietingen. Alleen de punten van hun bajonetten staken nog boven de aarde uit.

Wat verder bereiken we het "Ossuaire de Douamont". Dit is de laatste rustplaats van ongeïdentificeerde stoffelijke resten van 130 000 Franse en Duitse soldaten die tijdens de slag bij Verdun zijn gesneuveld.
Dit grootste Franse monument omvat een 137 m lange gang. In het midden verrijst een 46m-hoge toren in de vorm van een granaat. Na 204 treden heeft men er een prachtig zicht op de slagvelden rond Verdun. In een andere zaal illustreert een audio-visuele diapresentatie de heldenmoed van de strijdkrachten.

Er zijn nog tal van monumenten langs dezelfde D913, maar te veel is te veel om het na elkaar te doen. Daarom rijden we door naar Verdun, en we parkeren op een grote parking naast de "Citadelle Souterraine"
Na de middag brengen we hier een bezoek. Gezeten in een automatisch door infrarood-stralen voortbewogen karretje krijgt de bezoeker een rondleiding door de citadel, waar het dagelijks leven van de soldaten wordt opgeroepen door geluid, bewegende taferelen en virtuele beelden van onder meer het hoofdkwartier en de bakkerij en reconstructies van het leven in een loopgraaf. Er is zelfs Nederlandstalige commentaar voorzien.
Nadien maken we nog een wandeling door het centrum, maar wegens de feestdag (hemelvaart), zijn alle winkels gesloten.
Het is 16 uur en we besluiten nog door te rijden naar Metz, 100 km meer oostwaarts gelegen.


 


Tranchée des Baïonettes

het Ossuaire de Douaumont

rondrit in de Citadelle Souterraine
vrijdag
06 mei
We staan op de camping Municipal van Metz. (N 49° 07. 475  E 006° 10. 216). We betalen 8 euro per nacht, zonder elektra, die trouwens niet mag gebruikt worden wegens overstromingsgevaar van de Moezel. Hier zijn speciale plaatsen voorzien voor campers. Het centrum ligt op 10 minuten loopafstand. De camping is pas een week geopend.

Metz bezit heel wat kerken - vroeger zelfs 50! De mooiste en meest bezienswaardige is de Cathédrale St.-Etienne. Prachtig zijn de glas-in-loodramen die een oppervlakte van ruim 6500 m² beslaan.

Een ander mooi zicht krijgt men op de Pont Moyen, waar de Temple Neuve (Protestantse kerk) midden op een eilandje tussen twee armen van de Moezel staat.


Andere bezienswaardige gebouwen zijn de 18de-eeuwse schouwburg aan de place de la Comédie, die de oudste is van Frankrijk, en het prefectuurgebouw dat er aanpaalt.


Een ander curiosum is de "Marché couvert", de overdekte markt, die plaats heeft in een voormalig bisschoppelijk paleis, dat nooit voltooid is geweest.


 


de kathedraal St.-Etienne in Metz

zicht op de Temple Neuve in Metz
zaterdag
07 mei
De terugtocht vangt aan: via Thionville en Luxemburg, komen we weer terecht op de E411 en rijden richting Namen.
We nemen de snelweg naar Charleroi en Bergen, en nemen afrit 21. Het is de bedoeling een bezoek te brengen aan de nieuwe scheepslift in Strépy-Thieu. Er is een grote parking waar enkele campers staan die er overnacht hebben
(N 50°  28. 593   E 004°  06. 348)

Het is echter reeds 16 uur. Na wat informatie te hebben genomen, blijkt dat het bezoek, boottocht inbegrepen, bijna 3 uur in beslag neemt. Het bezoek zal voor aan andere keer zijn, maar we zijn toch wat informatie rijker.
Twee uur later staan we weer op het thuisfront. Enkel het slechte weer heeft tijdens deze vijfdaagse, roet in het eten heeft gegooid. Er staan 910 km op de kilometerteller.


de scheepslift van Strépy-Thieu