7 dagen               Bretagne                  augustus 97
 

zaterdag
16/08
Vertrek in de late namiddag. Overnachten langs de snelweg op de Aire de Bolbec, een 20-tal km voor Le Havre



klik op de kaart voor een vergrote
weergave van de afgelegde reisroute

zondag
17/08
Via Le Havre en Honfleur rijden we langs de kustweg naar Cancale (1), een vissersdorp gekend voor de oesterteelt. We genieten van een dijkwandeling. Kleine sloepjes liggen op het strand troostloos op hun zij  te wachten op opkomend tij.
In de namiddag rijden we door naar St.Malo(2) waar het ongemeen druk is. We vinden er een plaats op de drukke en dure "Camping d'Alet", waar we wegens luidruchtige buren 's nachts geen oog kunnen dichtdoen.


Cancale
 

maandag
18/08
We gaan te voet naar het oude stadsgedeelte, dat zich binnen de stadsmuren bevindt. Men waant er zich als het ware in de middeleeuwen. Een uitgestippelde Michelinwandeling leidt ons boven op de stadsmuur, die bijna helemaal kan worden afgewandeld, en van waar men een uniek uitzicht heeft op de haven en de zee aan de ene kant en op het binnenland aan de andere zijde.


In de namiddag is een bezoek aan Fort La Latte gepland, eveneens gelegen aan de noordkust van Bretagne. 


We rijden verder naar Cap Fréhel (4), die we van hieruit al in het vizier hebben. Van op de uitkijktoren heeft men een mooi zicht over zee, zover het oog reiken kan, bij helder weer althans.

We zoeken het marktplein op in Hillion, dat aangeduid staat als camperplaats, maar dat tevens fungeert als  ontmoetingsplaats voor jongeren, die de ganse nacht voor een hels lawaai zorgen.

 


St.Malo
 


Fort La Latte
 


Cap Fréhel

dinsdag
19/08
We volgen de kustweg tot aan de parking, om Ile de Bréhat (5) te bereiken. Door het grote verschil tussen eb en vloed zijn hier verschillende aanlegsteigers aangelegd. De overzet duurt een tiental minuten.

Het eilandje, dat over een microklimaat beschikt met een specifieke plantengroei, kan men gemakkelijk helemaal te voet afdweilen. Het is voortdurend een komen en gaan van horden toeristen, de enige bron van inkomsten voor het eiland. 

We verlaten de noordkust, en trekken naar Midden-Bretagne. Via de "Mur de Bretagne" (hellingsgraad 15%) komen we aan in Pontivy waar we de avond doorbrengen op een camperplaats aan de overkant van het water.

 


met de veer naar Ile de Bréhat 

woensdag
20/08
Van hieruit gaat het naar de zuidkust, meer specifiek naar het schiereiland Quiberon, waarvan de vorm op de kaart aan een appendix doet denken. Het is er overdruk! De aangeduide camperplaatsen zijn volzet en op andere parkings is er al evenmin een plekje vrij.
Na dit blitzbezoek houden we halt in Carnac (6), druk bezocht omwille van de vele "alignements" of velden met hele rijen rechtopstaande megalieten.

Via Rochefort-en-Terre rijden we naar Vitré (7), waar we op de zeer goedkope, maar nette camping St.Etienne overnachten (60 FF). We trekken nog te voet naar een restaurant in het centrum, maar we hadden er geen benul van dat we hiervoor een uur moesten stappen (3 ŕ 4 km).


megalieten in Carnac

donderdag
21/08
Na de eerste deftige nachtrust van deze reis, gaan we Vitré bezoeken (met de fiets deze keer). De donkere straatjes waarin de huisjes in vakwerk, vooruitspringende voorgevels hebben, geven een middeleeuwse indruk. Er is tevens een imposante burcht, die we wegens tijdsgebrek niet meer kunnen bezoeken. Hier komen we beslist nog eens terug. 
We vertrekken naar onze laatste overnachtingplaats: Honfleur (8).


Vitré

vrijdag
22/08
Rond 8.30 u worden de matten opgerold, zodat we tegen de middag weer thuis zijn.