17 dagen                Franse Alpen                 juli 2004
 


vrijdag
9 juli

Voor de grote reis van dit jaar staan de Franse Alpen op het programma. Een voor ons nog onbekend gebied.

We vertrekken om 19 uur. Via de E40 en de E411 rijden we naar de parking en camperplaats in Han-sur-Lesse, waar we na 228 km om 22.15 landen.



klik op de kaart voor een vergrote weergave van de reisroute
zaterdag
10 juli
We vervolgen de weg naar Arlon en rijden Luxemburg binnen; tijd om (goedkoop) te tanken en een paar sloffen sigaretten aan te kopen voor de rokers in de familie.

Via Metz en Nancy gaat het naar Luneville en St-Dié-des- Vosges. Het begin van de Vogezen.

Hier heb je normaal de keuze tussen "Colmar via le Tunnel" of "Colmar via de col". De tunnel is echter voor geruime tijd gesloten wegens onderhoudswerken, zodat we de Col du bonhomme nemen.

We rijden eerst door naar Bennwihr, waar we ons bevoorraden met witte wijn in caves de Bestheim. Nadien keren we een paar km terug en zoeken de camping municipal op in Kaysersberg. Hier is ook een camperplaats, die tjokvol staat. 

De dagteller staat op 362 km.

 


Col du Bonhomme

camping municipal in Kaysersberg
 
zondag
11 juli
Vandaag moeten we Annecy bereiken. De kortste weg hiervoor is via het Zwitserse Basel, Lausanne en Genève. Wanneer we echter op de snelweg ter hoogte van Mulhouse bij een splitsing Lyon volgen, zijn we goed voor een ommetje van 100 km.  Rond 17.30 km, en na verscheidene stortbuien, komen we aan op de camping "Au coeur du Lac" in Sévrier, 6 km ten zuiden van Annecy, gelegen aan het gelijknamige meer. Onder donkere, dreigende wolken, installeren we ons op een geïmproviseerd plaatsje. 

 


Het meer van Annecy
 
maandag
12 juli
Achter de camping loopt een brede, vlakke wandel-en fietsweg, die het hele meer omarmt, met een totale lengte van 42 km.
In de voormiddag wandelen we er een eind langs, richting Albertville. 
' s Namiddags gaan we de andere kant op met de fiets richting Annecy centrum.
Het is er een drukke bedoening: in de haven varen plezierboten af en aan, terwijl watersporters hier aan hun trekken komen. Ook de "croisières" die tochten maken op het meer, kennen gouden dagen. 

Na een stadsplan te hebben bemachtigd, gaan we de "vieille ville" opzoeken, of "Annecy-le-Vieux" zoals het officieel heet.
In dit oude stadsgedeelte, dat door een gracht doorsneden wordt, is het gezellig kuieren. 
Vooraleer terug te keren, lopen we nog even door het stadspark, dat niettegenstaande de massa's toeristen, rust uitstraalt.

 


het fietspad rond het Lac d'Annecy
 

Annecy-le-Vieux
 
dinsdag
13 juli
We rijden een stap verder, met Aix-les-Bains als bestemming, gelegen aan het Lac du Bourget, het grootste natuurlijk meer van Frankrijk. Afstand vanaf Annecy: 45 km
In de campinggidsen is er sprake van 2 campings, die echter meer op een schroothandel gelijken. We vinden er echter de "camping international du Sierroz": zeer net en met ruime afgebakende plaatsen. Er is ook een serviceplaats voor campers. Hier blijven we 2 nachten.

In de namiddag gaan we met de fiets langs een vanaf de camping aangelegd fietspad naar het centrum. Bezienswaardig is het grote plein, met de Arc de Camanus, een overblijfsel van een Romeinse triomfboog, met op de achtergrond de "Thermes Nationaux". Aix is immers een wereldberoemd kuuroord. De stadskern is klein maar gezellig.


Aix-les-Bains, met links de Romeinse triomfboog,
en rechts het thermengebouw

gezellig plein in Aix-les-Bains
 
woensdag
14 juli
In de voormiddag staan onze activiteiten op een laag pitje: gezellig een boekje lezen, en genieten van een glaasje wijn onder de luifel van de camper.

's Namiddags kopen we tickets voor een boottocht naar de Abbaye de Hautecombe, een tiental km verderop gelegen, aan de overkant van het meer.

Na een half uurtje varen bereiken we de abdij. Hier komen mensen van alle leeftijden, om zich enkele weken of maanden te isoleren en om te mediteren. 

Het bezoek valt wat tegen: we mogen er alleen de donkere kerk binnen, om er via de audioguide uitleg te krijgen over alle beelden die er te zien zijn. Nadien is er nog tijd om iets te drinken op het terras, vooraleer de boot ons terugbrengt naar Le Grand Port in Aix- Les-Thermes.

 


Le Lac du Bourget (Aix-les-Bains)
 

L'Abbaye de Hautecombe
 
donderdag
15 juli
Vandaag gaan we het "serieuze" alpengebied binnen. Via de snelweg naar Grenoble, nemen we de RN 91 richting Briançon.  Eerste stop is Bourg d'Oissans, aan de voet van L'Alpe-d'Huez. 

Het is hier reeds een drukte van jewelste van campers die her en der geparkeerd staan, met het oog op de tijdrit van de Tour de France, die hier volgende week plaats vindt. 

We vinden er een plekje op de camping "A la rencontre du soleil" op voorwaarde dat we maar één nacht blijven, want vanaf morgen is alles "complet".

Van onder de luifel zien we campers in slierten naar boven trekken, afgewisseld met horden amateur-wielrenners, die beslist de beklimming van de bergreus, met zijn hoogte van 1860 m en zijn 21 haarspeldbochten, op hun palmares willen schrijven.

 


aan de voet van l'Alpe-d'Huez
 

enkele van de 21 haarspeldbochten
 
vrijdag
16 juli
Na onderling overleg besluiten we om de klim naar de top niet te ondernemen, en door te rijden in oostelijke richting naar La Grave, gelegen aan de voet van de 3900m-hoge bergtop "La Meije". Afstand Bourg-La Grave: 28 km.

Ik stop aan de eerste camping "Le Gravelotte" bij het binnenkomen van het dorp, en ga er eerst polshoogte nemen. Het is een open plek, met weinig beschutting. De caravans en tenten staan er ongeordend door elkaar. Ik rij door naar de volgende. Even buiten het dorp vind ik camping "La Meije". Hier is nog één plaatsje vrij, op voorwaarde dat ik zondag vertrek. Van op de camping hebben we een indrukwekkend zicht op de met sneeuw bedekte Meije. 
Het sanitair op de camping is kraaknet: er moet wel betaald worden om te douchen en de schoenen moeten buiten het gebouw afgedaan worden. Er zijn echter maar 4 douches en 4 Wc's voor een camping die een capaciteit heeft van 250 mensen. Geen wonder dat er zich 's morgens laconieke taferelen afspelen: een paar wachtenden die ook dringend "moeten", staan voor je toiletdeur mee te "genieten" van het klank- en lichtspel.

's Namiddags wandelen we nog even naar het grondstation van de kabellift, die tot op een hoogte gaat van 3200m. Het verlangen is groot om mee te gaan, maar de vrees voor een onweer tijdens de trip dwingt me op de begane grond te blijven. En inderdaad, rond 18 uur is het zover: forse windstoten, hevige bliksemschichten en felle regenbuien bevestigen mijn bezorgdheid.

 


van op de camping, een prachtig zicht op La Meije
 

de kabelbaan gaat tot op een hoogte van 3200 m 
 
zaterdag
17 juli
Deze voormiddag gaan we het oude stadsgedeelte van La Grave verkennen. Rondom de gerestaureerde Romaanse kerk uit de 15de eeuw, ligt een klein kerkhof, waar een aantal verongelukte bergbeklimmers begraven ligt. Oude ruw bepleisterde huisjes ondersteunen elkaar langs de zeer steile straatjes.

In de namiddag staat een wandeling naar Villar-d' Arène op het programma, een voorstel van het office du tourisme. 
Na een tweetal km houdt het wandelpad op de linkeroever op, en zijn we verplicht op onze stappen terug te keren. We proberen het nogmaals via het bospad, maar als ook dat zich in drie richtingen splitst zonder enige aanduiding, houden we het voor bekeken, en gaan we terug naar de camper.


het bergdorp "La Grave"
 

de Romaanse kerk van La Grave
 
zondag
18 juli
We rijden verder oostwaarts langs de RN91, richting Briançon. Na een twintigtal km en wat klimwerk, bereiken we de col du Lautaret, op een hoogte van 2058 m. Een fascinerend landschap: op de voorgrond weinig begroeiing en met sneeuw bedekte alpentoppen als decor.
Van op de parking gaan we (5 min) te voet naar de "Jardin d'Alpin". In 60 rotstuinen, die naar geografische herkomst zijn gerangschikt, vindt men ongeveer 2000 plantensoorten die van alle berggebieden uit de hele wereld zijn bijeengebracht. Hier heerst een sfeer van rust, en het zicht is adembenemend. Een beeld dat me niet meer zal loslaten.

Chantemerle is de volgende bestemming, maar vermits de camping "Caravaneige" sinds 1 jaar dicht is, besluiten we verder te rijden naar St-Blaise, een tweetal km voorbij Briançon.
Op de camping "Les cinq vallées" vinden we een mooie plek, waar we weer voor een paar dagen zoet zijn.

 


de col du Lautaret
 

le jardin d'Alpin
 
maandag
19 juli
We vertrekken met de fiets naar het centrum van Briançon. Rijdend langs de Guisane, wuiven een paar rafters, die het wilde water trachten te trotseren. 
De hoogste stad van Europa, zoals Briançon zichzelf graag noemt, bestaat uit twee delen: Cité Vauban (ville haute) en St-Cathérine (ville basse). 
Het eerstgenoemde is het historisch stadsgedeelte, dat slecht via een paar stadspoorten te bereiken is.

De smalle en steile straatjes zijn verkeersvrij. In het midden voert een gekanaliseerde goot  het water naar het laaggelegen gedeelte.
Vanop de vestingmuren heeft men een mooi uitzicht op de Ville Basse, ingesloten tussen hoge bergwanden.

In de namiddag rijden we met de fiets tot aan het grondstation van de kabellift, en we beginnen vanaf daar aan een wandeling, die ons moet leiden naar "musée des canaux". 
Na stevig klimwerk zijn we zelfs op een bepaald moment onder de liftkooien, wat me weer doet verlangen om hier eens in te zitten. Daarom besluiten we om ons verblijf in Briançon nog een dag te verlengen, zodat we dit morgen kunnen doen.
Uiteindelijk eindigt de wandeling op een akker, waar verschillende groenten zijn aangeplant, en die via aangelegde kanaaltjes zouden moeten geïrrigeerd worden. Het is echter één uitgedroogde bedoening, en er zit niets anders op dan op onze stappen terug te keren.

 


rafters trotseren de Guisane
 

Briançon
 

stadspoort van La Cité Vauban
dinsdag
20 juli
Vandaag staat de kabelbaan "Le Plorel" op het programma. Hij brengt de toerist van 1200 m naar een hoogte van 2320 m.
Het weer beslist er echter anders over. Een donker laaghangend wolkendek en miezerige regen brengt zelfs de grootste optimist uit zijn humeur. Wachtend op enige verbetering in de namiddag? 
Integendeel; nu komt ook nog klank- en lichtspel roet in het eten gooien. Het liftreglement is duidelijk: bij onweer wordt alles stilgelegd. Ik blijf op mijn honger zitten. Ooit kom ik hier terug.
De dag wordt ingevuld met wat lectuur, en foto's bewerken voor deze website.

 


de kabellift "Le Plorel" in Briançon
woensdag
21 juli
Onder een stralend blauwe hemel, beginnen we lichtjes aan de terugweg. We rijden over de col de Montgenèvre (1854 m) Italië binnen. Hier bevinden we ons in vogelvlucht op het verste punt van thuis. Het is vreemd hier alle verkeerssignalisatie in het Italiaans te zien. Even wennen. Aan de tunnel de Fréjus mogen we 38 euro ophoesten voor een ritje door de 13 km-lange tunnel. Om de afstand van 150 m te bewaren tussen de voorganger, word je ook maar met mondjesmaat bij de péage doorgelaten. 
Via Modane (uitgang tunnel) rijden we over de snelweg naar Chambéry weer naar Aix-les-bains, waar we een plaatsje krijgen op dezelfde camping als tijdens de heenreis. De dagteller wijst 180 km. De buitentemperatuur bedraagt 31° zodat de airco voor het eerst zijn dienst kan bewijzen.. In de late namiddag maken we nog een wandeling langs de schaduwrijke dijk van Aix, waar jongeren van op de aanlegsteigers koelte opzoeken in het water van le Lac du Bourget.


een wandeling op de schaduwrijke dijk van
Aix-les-Bains

jongeren zoeken koelte in het water
donderdag
22 juli
Via de snelweg gaat het naar Annecy, waar we richting Genève nemen. We willen immers nog 2 dagen doorbrengen aan de cascades du Hérisson, gelegen in het Juragbied. De kortste weg van hieruit is immers via Zwitserland. Aan de grens wordt ons een vignet aangeboden (30 euro) waarmee we een gans jaar op de Zwitserse wegen mogen rijden. We nemen afrit Nyon (tussen Genève en Lausanne) en via een serieuze col zitten we al weer op Frans grondgebied. 

Rond de middag staan we op de camping "Le Relais de l'eventail", aan de voet van de cascades.

In de namiddag bezoeken we het nieuwe "musée des cascades", dat pas sinds een jaar in gebruik is. Na een didactische film, zijn nog drie animaties te zien in verband met de waterval. 

Daarna gaan we nog eens kijken naar de machtige cascade, die...... bij gebrek aan water, slechts een povere aanblik biedt.

 


de waterarme cascade "l'Eventail"
vrijdag
23 juli
We ontwaken onder een stralende zon, die echter vlug verdwijnt, en plaats maakt voor een donker wolkendek. De wind neemt toe, en het water gutst met bakken uit de lucht.
In de namiddag is het opgeklaard en kunnen we de fameuze wandeling maken langs de cascades. De moeite waard. Hier waren we immers twee jaar geleden ook, en dit wou ik nog eens overdoen. De wandeling voert je langs de 7 watervallen van de Hérisson, die dit jaar echter heel povertjes hun schoonheid prijsgeven. 

 


Het begrip"Le grand saut" is relatief
 
zaterdag
24 juli
Er staan heel wat kilometers voor de boeg.  Via Doucier en Lons-le-Saunier zoeken we de snelweg op naar Dijon en Troyes, die naar Reims leidt. Via een ACSI-kaart met doorreiscampings, leer ik dat een paar km over Reims aan afrit 13, een camping municipal is in Guignicourt, op 3 km van de snelweg. Voor 11 euro kunnen we hier nog even uitblazen en genieten van een mooie avond. Er werd 440 km afgelegd.

 


camping municipal in Guignicourt
zondag
25 juli
De laatste 260 kilometers worden afgehaspeld. Via Lille met zijn wespennest van snelwegen, rijden we naar Tourcoing en zo naar de A17 richting Brugge waar we in Torhout de afrit nemen. Om 13.30 staan we  weer bij ons huisje weltevree. 't Is mooi geweest, behalve het weer dat ons af en toe in de steek liet.