Gustaf Dyrssen (1891 - 1981)
De Zweed Gustaf Peder Wilhelmsson Dyrssen won de moderne pentathlon tijdens de Spelen van Antwerpen. Maar ook
de zilveren en bronzen medaille ging mee naar Zweden.
De eerste proef, het pistoolschieten, leverde winst op voor de Zweed Erik de Laval, maar hij moest na de tweede proef, het zwemmen, de leiding afstaan aan zijn landgenoot Gösta Runö. Na de derde proef, het schermen, nam Gustaf Dyrssen de leiding over om deze niet meer af te staan in de volgende proeven.
Op de Spelen van 1924 in Parijs haalde Dyrssen een zilveren medaille.
Dat Dyrssen nog meer pijlen op zijn boog had bewees hij door tijdens de Spelen van 1924, 1928 en 1936 deel te nemen aan het schermen. Tijdens de Spelen van Berlijn in 1936 behaalde hij samen met zijn ploegmaats een zilveren medaille in het schermen met de sabel.
Te vermelden valt nog dat de Amerikaan Robert Sears, derde na drie proeven, uiteindelijk slechts een achtste plaats wist te veroveren.
De Zweedse hegemonie in de moderne pentathlon was in het begin van vorige eeuw overigens verpletterend.
De Zweedse atleten haalden immers op de Spelen van 1912, 1920 en 1924 alle medailles. Maar ook in 1928 en 1932 was de gouden en zilveren medaille voor Zweedse sporters.
Jaar |
Leeftijd |
Discipline |
Medaille |
Resultaat |
1920 |
29 |
moderne pentathlon |
|
18 |
1924 |
33 |
moderne pentathlon |
|
39,5 |
1936 |
45 |
schermen, sabel - team |
|
  |
Gustaf Dyrssen was een legerofficier. Zo was hij commandant van het moderne fort 'Bodens fästning' in Noord-Zweden van 1942 tot 1944 en commandant-overste van Stockholm van 1945 tot 1957. In 1967 kreeg hij de rang van luitenant-generaal bij het Zweedse leger.
Na zijn sportloopbaan speelde hij ook een leidende rol in het Zweedse sportlandschap. Zo was hij o.a. voorzitter van de internationale moderne pentathlonvereniging (IUPM) van 1949 tot 1960 en lid van het IOC van 1952 tot 1970.
|
|