Koninklijk Harmonieorkest Labore et Constantia van Ekeren v.z.w.

home | voorstellen | geschiedenis | wie | Beeld en geluid | Instaporkest | jubileum | agenda | praktisch | links | e-mail

Geschiedenis

Indien u de moed niet kan opbrengen om de volledige geschiedenis van onze vereniging te lezen, dan kunnen wij u misschien doorverwijzen naar onze korte versie, of indien u écht zo weinig tijd hebt zelfs naar de miniversie van deze interessante historie.

Op 25 mei 1826 (dus nog voor het ontstaan van België) werd in Ekeren een "muzieksociëteit" opgericht. Eén van de stichters was Jonker Ferdinand Moretus, een telg uit de vermaarde drukkersfamilie Plantijn-Moretus, die vanaf 1820 in Ekeren woonde. We weten niet zeker of deze nieuwe vereniging reeds van in het begin de naam "Labore et Constantia" (Door Arbeid en Volharding), de wapenspreuk van de familie Plantijn-Moretus, gedragen heeft. In 1841 spreekt men van "het Genootschap de Harmonie", in 1842 van "de Harmonie-Sociëteit" en in 1847 van "de Harmonie". In 1842 wordt voor de eerste maal buiten Ekeren, met groot succes, deelgenomen aan een festival in Boom.

In 1860 wordt een naamsverandering doorgevoerd: de "Harmonie" wordt "Fanfare". Een prachtige, nog bestaande, standaard is een aandenken aan deze tijden. Hij draagt als opschrift: Eeckeren / LABORE ET CONSTANTIA / Fanfaren-Maatschappij / 1860. Maar na twee jaar, in 1861 zijn de centen op.

Op 10 september 1861 doet burgemeester Frans Harrewijn een schriftelijke oproep tot al de overblijvende leden en de notabelen voor een vergadering op het gemeentehuis. Het gewenste gevolg blijft niet uit en "Labore" komt terug boven water. Wederom springt de familie Moretus in de bres en voorzitter wordt jonker Edouard Moretus. Op dat moment zijn er nog vierentwintig muzikanten.

In het begin worden vooral processies en gemeentefeesten opgeluisterd. In het reglement van 1861 wordt zelfs verboden om buiten de dorpsgrenzen zijn krachten (en centen?) te verspillen aan concours en festivals. Vanaf 1863 wordt jaarlijks geconcerteerd in het gemeentehuis (inkom 1 (één) frank ten voordele van de armen), en met de kermis op de markt. Verder worden ook serenades gegeven bij huwelijken en jubilea. De muzikanten willen echter meer en op 2 april 1871 wordt het reglement terug veranderd. Binnen de kortste keren wordt er, weerom met groot succes, opgetreden op tientallen festivals en wedstrijden in heel het Antwerpse, tot zelfs in Nederland toe. Er wordt gespeeld op de wereldtentoonstelling in Antwerpen (1894) en op de exposities van Brussel (1903 en 1910) en Luik (1905). Ook met de centen blijft het goed gaan, want in 1872 wordt er een nieuwe vlag ingehuldigd en een kiosk aangekocht. Vanaf 1879 is er ook het jaarlijkse teerfeest.

Sedert 1885 richtte de stad Antwerpen het "Jaarlijkse Bestendig Festival voor Zang- en Muziekverenigingen" in. Ook toen was "Labore et Constantia" van de partij. Zij is één van de drie verenigingen die de eer kunnen opeisen aan alle festivals meegewerkt te hebben. Dat zijn er meer dan 100. Vanaf 2004 beslistte de stad om dit festival niet meer in te richten. Tussen 1893 en 1913 richtten "Labore" en de plaatselijke toneelkring ieder seizoen toneelavonden in. In 1898 verhuist de maatschappij, die dan 69 muzikanten telt, naar het nieuw gebouwde Gildenhuis. Vanaf 1906 is er ook een nieuwe traditie nl. een uitstap naar Blankenberge en Oostende.

Op 30 maart 1910 Is het weer groot feest. Bij Koninklijk Besluit wordt de vereniging vereerd met de titel van "Koninklijke Fanfarenmaatschappij 'Labore et Constantia'". De voorzitter schenkt een nieuwe vlag en er komen honderd en drie muziekverenigingen naar Ekeren afgezakt voor een monumentaal festival.

Tijdens de oorlog (14-18) ligt het verenigingsleven, ook bij "Labore", stil, maar in 1919 is de maatschappij weer zo gezond als een vis. Zeven jaar later, in 1926, wordt de honderdste verjaardag gevierd met een groot internationaal festival. Ekeren is één enorme openlucht muziektent. Honderd en tien korpsen trekken op drie onvergetelijke zondagen het dorp rond. Zelf gaat het korps op bezoek bij de even oude buren van "St.-Bartholomeus" in Merksem. Op dat moment zijn er terug 55 spelende leden. In 1930 is er weer wereldtentoonstelling in Antwerpen, evenals in 1935 en 1939 in Brussel en Luik. "Labore et Constantia" meldt present en ook de concertreizen naar Oostende en Blankenberge worden hernomen.

In 1939 worden 13 muzikanten onder de wapens geroepen en tijdens de Tweede Wereldoorlog liggen de repetities weerom stil. Na de oorlog, in 1945 is er een moeilijke periode om terug van start te gaan. Labore verhuist naar "De Boterham" en de oudere bestuursleden en muzikanten samen met enkele nieuwelingen kunnen het onverhoopte toch waarmaken. Korte tijd later komt de fanfare terug op straat. In 1947 komt er ook een nieuwe vlag.

Begonnen in 1949 in derde afdeling van het Provinciaal tornooi, gaat het stelselmatig hoger tot in 1955 ere-afdeling. In hetzelfde tijdsbestek is er ook een fundamentele ommekeer. Opgericht in 1826 als harmonie, in 1860 fanfare geworden, betekent 3 april 1952 een terugkeer naar de status van harmonie. Met toestemming van het Paleis heet de vereniging voortaan "Koninklijke Harmonie Labore et Constantia". Er zijn dan 63 muzikanten. Het reglement van 27 oktober 1860 wordt herzien en bijgewerkt om goedgekeurd te worden op de algemene vergadering van 19 februari 1950.

Op de wereldtentoonstelling van 1958 in Brussel kon "Labore et Constantia" natuurlijk niet ontbreken. 1960 betekent de verwezelijking van een stoute droom. Dat jaar krijgt "Labore" een uniform. Een hele hoop geld heeft het gekost, maar er was nog over voor het teerfeest: soep met balletjes, groene en witte bonen, ossetong in madeirasaus, aardappelen met erwtjes en dessert. Dit alles voor 65 muzikanten.In datzelfde jaar wordt voor de eerste maal de "Bierfeesten" ingericht, welke tot eind jaren '80 zouden blijven bestaan. In 1964 wordt er weer een nieuwe vlag geschonken en vanaf 1965 wordt er regelmatig deelgenomen aan carnavalstoeten in de rijnstreek o.a. Koblenz, Keulen en Aken. Op 11 juli 1966 promoveert "Labore et Constantia" naar Uitmuntendheid en in 1967 werd de majoretteafdeling opgericht.

In het begin was het de gewoonte dat de ereleden voor de nodige financiën zorgden om de vereniging haar werk te laten doen. Met de tijd echter, werd er meer en meer zelf ingericht om aan de nodige centjes te geraken en dat kan niet zonder helpers. Op 13 april 1970 gaat men over tot de oprichting van "Labore's Tweede Jeugd". De echtgenoten, moeders en sympathisanten van de muzikanten verenigen zich met als doel: "Alle steun en medewerking verlenen aan al het reilen en zeilen van 'Labore'". Op al die jaren hebben zij dan ook een onschatbare bijdrage geleverd aan de werking van de harmonie. De jaren '70 waren ook het toneel van vele successen op wedstrijdvlak, zowel voor de harmonie, als voor de, niet meer bestaande, majorettes en drumband.

In 1982 krijgt de tot dan feitelijke vereniging "Koninklijke Harmonie Labore et Constantia", het statuut van rechtspersoonlijkheid en wordt een vereniging zonder winstoogmerk (v.z.w.). Ook een nieuwe accommodatie dringt zich op en de zetel van de vereniging verhuist naar het "Ekershof". Op 29 mei 1983 schenkt erevoorzitter Jos Van Roosbroeck een nieuwe vlag, waarna er de eerste van drie verbroederingsfeesten volgt tussen "Ekeren", "Merksem" en "Heist-op-den-Berg". De drie korpsen uit deze gemeenten worden namelijk gepatroneerd door dezelfde familie Van Roosbroeck.

Sedert 27 maart 1985 is Jef Van Roosbroeck (° 1947) voorzitter van "Labore et Constantia". Hij is de achtste voorzitter sinds 1861. 

In 1999 werd beslist om het oude uniform na bijna veertig jaar dienst te vervangen door iets moderner. Tevens worden er vanaf 1 januari 2000 geen wandelconcerten meer gegeven. Met de ingebruikname van het nieuwe logo en de naamsverandering in "Koninklijk Harmonieorkest Labore et Constantia", hoopt de vereniging klaar te zijn voor de 21ste eeuw.

Begin 2005 werd het Instaporkest "LaConia" boven het doopvont gehouden zodat we hopen dat de verjonging en de toekomst ook verzekerd zijn. Met een deskundig dirigent, een dynamisch bestuur en een 50 a 60-tal gemotiveerde muzikanten, kan het niet anders dan dat deze er mooi uit ziet.

home | voorstellen | geschiedenis | wie | Beeld en geluid | Instaporkest | jubileum | agenda | praktisch | links | e-mail