CD&V wil schoolbelcontracten


Van alle Brusselse gezinnen met kinderen is 32 procent een eenoudergezin. In Vlaanderen is 68 procent van die moeders of vaders die er alleen voor staan, aan het werk; in Brussel is dat maar 55 procent. De CD&V-vrouwen van Vrouw en Maatschappij willen meer alleenstaande moeders de mogelijkheid bieden om uit werken te gaan. “Want ouders hebben een voorbeeldfunctie,” zegt het Brussels parlementslid Brigitte De Pauw, die pleit voor meer cijfers en een grondiger onderzoek naar de leefomstandigheden van alleenstaanden.


De tijd dat de christendemocraten zich alleen maar voor het klassieke gezin leken te interesseren, ligt achter ons. Neem nu de werkgroep Vrouw en Maatschappij, die zich ter gelegenheid van de Internationale Vrouwendag op 8 maart over het lot van alleenstaanden – succesvolle singles, eenoudergezinnen, oudere alleenstaanden – boog.

Alleenstaanden zijn een volwaardige groep in de samenleving, zo schrijft de werkgroep. In het Brussels gewest bestaat immers meer dan veertig procent van de huishoudens uit één persoon. De werkgroep pleit meteen ook voor een genuanceerde beeldvorming: de groep bestaat uit mannen en vrouwen uit alle leeftijdscategorieën en uit alle socia­le milieus, het zijn niet allemaal óf happy singles, óf zielige alleenstaanden.

De Pauw: “Het stereotiepe reclamebeeld van mama, papa en twee kindjes frustreert ook mensen die gekozen hebben voor een andere manier van leven of er door de omstandigheden, een echtscheiding bijvoorbeeld, toe gedwongen zijn. Het beleid moet aandacht hebben voor alle gezinsvormen.”

De Pauw vindt het belangrijk dat alleenstaande ouders uit werken gaan. Het cijfer van 55 procent moet omhoog, vindt ze, maar de samenleving moet die ouders – onder wie tachtig procent vrouwen en twintig procent mannen – ook de kans geven om te werken. De Pauw: “Ouders hebben een voorbeeldfunctie. Het is belangrijk dat kinderen leren wat arbeidsattitude is. Elke ochtend opstaan en je aankleden om te gaan werken, maakt daar een essentieel deel van uit.”


Kinderopvang


De Pauw beseft dat het voor een alleenstaande ouder met kinderen niet makkelijk is om te gaan werken. “We mogen onze ogen niet sluiten voor de werkloosheidsval. Uit werken gaan kost geld. Een werkende moet meer uitgeven aan kleren en verplaatsingskosten. Een werkzoekende komt ook vlotter in aanmerking voor een sociale woning dan een werkende, en hij of zij krijgt vrijstelling van bepaalde belastingen.”

Centen zijn één zaak, de praktische organisatie van het huishouden waarmee eenoudergezinnen worstelen, is nog een ander paar mouwen. De Pauw: “Een van de hinderpalen om buitenshuis te werken, is de kinderopvang. Probeer maar eens als alleenstaande een kindje naar de crèche en eentje naar de lagere school te brengen. Naast de prijs is het met z’n tweeën ook veel makkelijker te organiseren. De crèche en de school zijn heel andere systemen.” Kinderopvang is met andere woorden soms te duur, soms niet aangepast aan de werkuren van de alleenstaande ouder. Terwijl volgens De Pauw de kans groter is dat een kind met leerachterstand in de lagere school te kampen krijgt als het niet naar de kleuterklas is geweest.

CD&V pleit alvast voor het opnemen van ‘schoolbelcontracten’ in het sociaal overleg: het afstemmen van de werkuren van alleenstaande vaders of moeders op de schooluren. Een alternatief is kinderopvang in het bedrijf in plaats van een gsm of een bedrijfswagen. De Pauw: “Er zijn tal van buitenschoolse activiteiten voor lagereschoolleerlingen; voor kleuters bestaat er bijna niets.”

Depauw gaat het probleem alvast aankaarten in de Vlaamse Gemeenschapscommissie (VGC). CD&V wil ook dat het gewestelijk woonbeleid meer rekening houdt met het toegenomen (en nog toenemende) aantal alleenstaanden. Een eerste stap is het voorstel van ordonnantie voor kangoeroewonen: alleenstaande bejaarden delen een huis met een jong gezin. Dat dient De Pauw een van de volgende dagen samen in met haar CDH-collega Céline Fremault.


Dit was een artikel van Danny Vileyn in Brussel Deze Week van 15-03-2006

>Terug naar pers