Actualiteitsvraag
aan collegelid De Lille over
de oprichting van overlegfora in het kader van de hervorming
van de gemeenschapscentra
Deze
week verscheen de recentste nieuwsbrief van de dienst Gemeenschapscentra.
In het kader van de lopende reorganisatie van de gemeenschapscentra
worden twee belangrijke nieuwigheden gemeld. Enerzijds de
vorming van de “entiteit Gemeenschapscentra”,
be¬staan¬de uit de dienst Gemeenschapscentra en
de 22 GC’s. Anderzijds wordt de oprichting van 3 overlegfora
aangekondigd: (1) het vrijwilligers-bestuurdersoverleg als
samensmelting van Stad & Cultuur met het voorzittersoverleg,
(2) de hoofd¬stedelijke staf van centrumverantwoordelijken
en (3) gebruikersfora.
Wat
mij dwarszit, is dat zowel het secretariaat áls het
voorzitterschap van het eerste overlegforum waargenomen
zou worden door de dienst Gemeenschapscentra. Dat de vrijwilligers¬bestuurders
voor hun onderling overleg op administratieve en logistieke
steun kunnen rekenen van de VGC, lijkt me evident. Dat het
voorzitterschap van een groep vrijwilligers door een beroepskracht
wordt uitgeoefend niet.
Het
voorzitterschap is een zeer belangrijke functie, die mee
aan agendazetting bepaalt en de gang van zaken sterk kan
beïnvloeden. De uitoefening van deze functie door een
beroeps¬kracht van de dienst Gemeenschapscentra zorgt
voor een onevenwicht tussen het gewicht van de vrijwilligers
en de beroepskrachten. Voor onze partij staat de vrij¬williger
centraal bij de gemeenschapscentra. Dat wil niet zeggen
dat we hiermee de inzet van de beroeps¬krachten miskennen
of hen wantrouwen. Wel geloven we in een bottom-up-verhaal.
Daarom
volgende vragen aan het collegelid:
Meer
fundamenteel, zou ik het collegelid willen vragen een ruime
discussie binnen de RVG te organiseren rond de hervorming
en toekomst van de 22 gemeenschapscentra. Zo kan elke partij
zich ten gronde uitspreken over dit belangrijk thema.