Tussenkomst bij de begrotingsbespreking in het Brussels Hoofdstedelijk Parlement


De begroting voor 2010 van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest wordt overschaduwd door de zware financiële en economische crisis van het voorbije jaar. Er zijn, volgens de Nationale Bank, weliswaar betere tijden in het vooruitzicht, toch zullen we het komende jaar niet ontsnappen aan de gevolgen ervan. Dezer dagen verliezen tal van mensen hun baan en er staan nog velen op de tocht. De inkomsten van het Gewest hebben zwaar te lijden gehad. Het Gewest zag haar fiscale inkomsten uit de aankoop van onroerende goederen sterk dalen en er is niet meteen een snelle verbetering in aantocht. Ons Gewest is het meest van alle gewesten afhankelijk van haar eigen fiscale inkomsten; zij vertonen immers meer dan 80% van het totaal van de middelenbegroting. Hierdoor is ons Gewest het meest conjunctuur gevoelig van alle andere gewesten. We dringen er dan ook bij de minister op aan om snel werk te maken van allerlei ontduikingsmechanismen van registratierechten, zoals via erfpachtconstructies.

Onder dit gesternte heeft de Regering een begroting moeten op stellen. Dit is geen gemakkelijke klus geweest en de regering heeft keuzes moeten maken; meestal keuzes voor besparingen. In de algemene toelichting bij de begroting heeft de regering laten verstaan dat zij zowel voor de aanpassing van de begroting 2009 als voor de begroting 2010 het uiterste bereikt heeft. Dat de volgende begroting er niet zal kunnen komen zonder dat de mensen extra belastingen moeten betalen. De Brusselse Regering heeft dan ook een noodkreet de wereld ingezonden: zonder herfinanciering kunnen we niet meer verder!

Laat mij hier evenwel enkele kanttekeningen bij plaatsen: De Regering heeft op tal van plaatsen moeten besparen. Evenwel, de dotaties aan de gemeenschapscommissies en die aan de gemeenten zijn gestegen. Ook zien we dat het gewest steeds meer middelen spendeert aan niet-gewestelijk bevoegdheden; ik denk maar aan de kinderdagverblijven. De Minister President heeft onlangs aangekondigd een studie te laten uitvoeren naar de onderwijsbehoeften in het gewest. Waarom moet het gewest zo iets op zich nemen; een gewest dat al op haar tandvlees zit? Ons Gewest moet met andere woorden op haar eigen bevoegdheden elke euro in twee bijten, maar geeft aan de andere kant meer geld uit aan andere overheden en niet-gewestelijk bevoegdheden. De pot waarop ze kan besparen, wordt hierdoor steeds kleiner, waardoor het nog zeer moeilijk wordt om haar eigen taken naar behoren uit te oefenen. Onze fractie roept dan ook op dergelijke initiatieven over te laten aan de bevoegde gemeenschappen en zich als gewest écht de gewestelijke taken ten volle ter harte te nemen.

Naar alle waarschijnlijkheid zal de institutionele dialoog worden heropgestart. Wij pleiten ervoor dat we eerst hier intern in Brussel bekijken hoe we ons zo efficiënt mogelijk kunnen organiseren met de steeds beperktere pot aan middelen die we hebben en ons gaan bezig houden met onze eigenlijke gewestelijke taken, alvorens we in deze dialoog gaan pleiten voor een herfinanciering van en meer middelen voor Brussel. We hopen dat de groep van wijzen, die zal nadenken over de verdeling van de taken in het Brussels Gewest, zo snel mogelijk haar werk kan aanvatten en tot oplossingen kan komen. Een grondig debat hierover dringt zich op, want her is niet alleen vijf voor twaalf voor de begroting, maar ook vijf voor twaalf voor het kerntakendebat.

Graag ga ik nu in op een aantal meer specifieke punten uit de begroting:

Zoals reeds gezegd beginnen we nu pas op het vlak van werkgelegenheid de gevolgen van de crisis ten volle te voelen. Onze eerste uitdaging als overheid is te vermijden dat mensen langdurig in de werkloosheid belanden. We moeten hen begeleiden en stimuleren om zo snel mogelijk aan de slag te zijn. Actiris moet in deze tijden meer dan ooit haar rol opnemen van Act-iviris; het activeren van werklozen. Zij moet ten dienste van de werkzoekende staan en hem bijstaan in het helpen zoeken naar een job. Daarom zijn we tevreden dat de regering het accent legt op de verplichte begeleiding van werkzoekenden, jongeren van -25 jaar een verplicht begeleidingsprogramma voor te schotelen, Actiris te moderniseren, de taalcheques te stimuleren en last but not least de sociale economie te versterken. De verdere versterking van de economische activiteiten in de haven van Brussel zorgt voor extra jobcreatie voor kortgeschoolden. Ik wil hier ook een warm pleidooi houden voor doorgedreven samenwerking tussen het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, de COCOF en de VGC op het vlak van werkgelegenheid. Werk en opleiding kunnen zo nog beter op elkaar afgestemd geraken.

De huisvestingscrisis laat zich tijdens deze economische crisis des te meer voelen. In het Brussels Hoofdstedelijk Gewest blijft het een dure aangelegenheid om te huren, laat staan iets te kopen. Onze fractie heeft steeds gepleit voor huursubsidies mits omkadering van de huurprijs. We hebben dan ook met plezier in de begroting gelezen dat het Observatorium van de Huurprijzen de opdracht zal krijgen een studie te maken over de vaststelling van een huurrichtprijs. Indien het budgettair haalbaar is, zal voorzien worden in een huurtoelage voor specifieke doelgroepen. Niet alleen het huren is belangrijk, eveneens wensen wij dat er voldoende aandacht wordt besteed aan gezinnen met middeninkomens. Zij moeten gestimuleerd worden hier in de stad te blijven; deze groep van mensen dreigt immers de stad te verlaten. Daarom willen wij blijven ijveren om, indien het budgettair haalbaar is, de successierechten op de gezinswoning voor de langstlevende partner af te bouwen. Recent werden we in de pers geconfronteerd met de vereenzaming van onze ouderen in de stad. Het intergenerationeel wonen kan hierbij een oplossing bieden. Naast de private huurmarkt is er natuurlijk aandacht voor de sociale woningen. Het is dan ook goed dat de regering de bouw van nieuwe sociale woningen verder zet en dat zij hierbij zal rekening houden met de geografische spreiding in de stad. Een goede sociale mix is immers het ingrediënt van een gezond stadsweefsel. Mensen die een sociale woning huren hebben het meestal niet breed. Echter, bovenop de huurprijs moeten zij dikwijls torenhoge energiefacturen betalen. Dit komt omdat veel van onze sociale woningen slecht geïsoleerd zijn. Het is de optie van deze regering geweest onze stad uit te bouwen tot een ecologische hoofdstad. Ik wil dan ook een oproep doen om, naast de bouw van nieuwe sociale woningen ook de bestaand te renoveren en te isoleren.

Dit brengt mij bij mijn volgende punt. De opwarming van de aarde en de bescherming van het milieu zijn door de top van Kopenhagen niet langer uit de actualiteit weg te branden. Ik heb ook in de commissie verklaart dat ik de afschaffing van de premies voor zonnepanelen een goede zaak vind. Er zijn immers drie stappen die moeten genomen worden. Vooreerst moeten we onze woningen voldoende isoleren en uitrusten met de energiebesparende apparaten. Niet alleen de isolatie van de oudere sociale woningen is van belang, ook de eigenaars moeten aangezet worden hun woning of appartement te isoleren. Vervolgens, moeten mensen ook gesensibiliseerd worden. Er moet een mentaliteitswijziging komen. Tenslotte, moet het gebruik van alternatieve en groene energieën worden aangemoedigd. Vanuit sociaal oogpunt wil ik er toch bij de bevoegde minister op blijven hameren dat de levering van de minimum ampère van 6 naar 10 ampère moet opgetrokken worden. Er zijn steeds meer armen in ons gewest, die maandelijks nauwelijks rondkomen. We mogen ze in deze tijden niet (letterlijk) in de kou laten staan.

Wij betreuren de besparingen op het vlak van openbaar vervoer. We weten dat opstellen van deze begroting geen sinecure was en dat er moest bespaard worden. Echter, om te vermijden dat we de komende decennia blijven stilstaan in deze stad moet er verder werk gemaakt worden van een performanter openbaar vervoer. Hiervoor moet, omwille van de toekomst van onze stad, blijvend middelen geïnvesteerd worden in openbaar vervoer. Gelukkig is er een oplossing gevonden voor de betaling van het rollend materieel via Beliris. We zijn blij dat het onderhoud van de bestaande infrastructuur gegarandeerd blijft en dat de minister werk zal maken van een verbetering van de veiligheid in de metrostations.. Uit de algemene toelichting bij dit onderdeel van de begroting hebben we kunnen opmaken dat de regering het STOP-principe hoog in het vaandel blijft dragen. We kijken daarenboven uit naar de bepalingen en specifieke maatregelen uit het IRIS 2 Plan. Ook qua personenvervoer is het ook de juiste keuze om de veiligheid in de tunnels te verbeteren.

Aan de andere kant, heeft de regering in het kader van de voorzitterschap van de EU wél een groot aantal middelen uitgetrokken. We moeten dit voorzitterschap inderdaad als een opportuniteit zien om Brussel in de kijker te zetten. Echter, we betreuren dat ervoor gekozen is meer middelen uit te trekken voor privé verenigingen en –ondernemingen in plaats van dit via de kanalen van de bestaande instellingen te doen.

Tot slot, wil ik zeggen dat onze fractie deze begroting zal goedkeuren. Het is geen gemakkelijke opdracht geweest en de regering heeft in deze moeilijke tijden toch binnen de normen van het Hoge Raad voor de Financiën kunnen blijven. Toch zullen wij met een kritisch oog blijven toekijken op welke manier deze schaarse middelen worden gespendeerd.