Interpellatie aan staatssecretaris Dupuis over
300 extra woongelegenheden tegen sociale prijzen


Minister Dupuis kondigde aan dat er 300 extra sociale woningen komen. Maar is dit wel voldoende? Problemen van de huisvesting, die Brigitte De Pauw aankaart in een vraag aan Minister Dupuis.

 

Mijnheer de voorzitter,
Dames mijne heren ministers,
Waarde collega’s,

Hoe je woont bepaalt in sterke mate je levenskwaliteit. Je brengt nu eenmaal een belangrijk deel van je leven in huis door. En de band tussen de Belg en de baksteen is alom gekend. We stellen echter vast dat de kloof tussen arm en rijk zich doortrekt op vlak van wonen. Het woonbeleid is voornamelijk opgetrokken uit fiscale maatregelen; het sociaal woningsaanbod in ons land en in ons gewest in het bijzonder is beschamend laag.

Mensen in armoede ervaren de uitsluiting op de huisvestingsmarkt. Ze komen op wachtlijsten te staan voor een sociale woning. Intussen begeven ze zich noodgedwongen op de private huurmarkt. Ze moeten zich vaak tevreden stellen met zeer lage woonkwaliteit. Of ze besteden een flinke hap uit hun beperkte budget aan kosten voor huur, energie…

Behoorlijke en betaalbare huisvesting blijft voor vele mensen in armoede een onbereikbare droom, ook al is het als recht in de grondwet ingeschreven.

Het recht op een behoorlijke en betaalbare huisvesting werd zowel op de ronde-tafel-conferentie naar aanleiding van de voorstelling van het armoede rapport, maar ook tijdens de actie in het centrum van Brussel van verleden zondag in het kader van de werelddag van de strijd tegen armoede met luide stem verdedigd.

Via de pers, maar ook vanuit het werkveld, heb ik vernomen dat u een gewaardeerd bezoek heeft afgelegd aan de Sociale Verhuurkantoren.

Tijdens dit bezoek kondigde u aan dat u in het Brussels gewest 300 extra woongelegenheden wil creëren voor de meest achtergestelde Brusselaars.

Het spreekt voor zich dat de CD&V-fractie dit initiatief toejuicht. De druk op de woningmarkt in Brussel is inderdaad groot; prijzen stijgen en het aanbod is niet steeds conform het recht op een behoorlijke huisvesting.

Uw initiatief voor de creatie van extra woningen bij de Sociale Verhuurkantoren is dus noodzakelijk. Ik wens evenwel enkele kanttekeningen te maken.

Vooreerst is het niet geheel duidelijk hoe en waar u deze extra woongelegenheden zal creëren. U stelde zelf dat deze woongelegenheden “evenwichtig over het gehele gewest zullen verdeeld worden”. Dit lijkt ons een belangrijk gegeven. Een sociale mix tussen de verschillende bevolkingsgroepen in buurten en wijken is een belangrijk voorwaarde voor een rechtvaardige en evenwichtige stadsontwikkeling. Het creëren van sociale woningen, woningen in het kader van de Sociale Verhuurkantoren en woongelegenheden voor middeninkomens dienen gerealiseerd in symbiose met het aanbod van de privé-markt en met de aard van de buurt of de wijk.

Bovendien is de creatie van deze woningen een noodzakelijke maatregel, doch onvoldoende om het woningprobleem in Brussel op te lossen. De creatie van extra woningen moet ons inziens gecombineerd worden met vele andere maatregelen die het recht op betaalbaar, behoorlijk en menswaardig wonen moet verbeteren.

Hierbij denk ik vooreerst aan een huurtoelage. Volgens verschillende deskundige bronnen is het aangewezen dat de huur nooit meer bedraagt dan 30% van het gezinsbudget. U weet net als wij dat huurgelden vaak meer dan 30% van het gezinsbudget opslokken. Een huurtoelage zou toelaten om hieraan te verhelpen bij gezinnen die de eindjes moeilijk aan elkaar kunnen knopen.

Ik weet dat deze huurtoelage bij ongecontroleerde invoering kan leiden tot een algemene stijging van de huurprijzen in Brussel. Dit moet vermeden worden. Een huurtoelage op basis van een referentiehuurpijs kan deze stijging tegen houden. Bovendien moet deze huurtoelage gekoppeld worden aan noodzakelijke voorwaarden in verband met gezondheids- en bewoonbaarheidscriteria. De invoering van een huurtoelage lijkt mij een piste die terdege moet onderzocht en verfijnd worden.

Ook andere maatregelen dringen zich op. Ik verwijs hierbij graag naar het memorandum van de Brusselse Bond van het Recht op Wonen die op deskundige wijze een geheel aan maatregelen voorstellen om de huisvestingsproblemen integraal en efficiënt aan te pakken, zoals ondermeer:

  • toezicht op het uitvoeren van de door het Burgerlijk Wetboek verplichte herstellingen van de verhuurder en het invoeren van maatregelen opdat deze herstellingen niet kunnen doorgeschoven worden naar de huurder
  • het garanderen van voldoende middelen aan de Regionale Inspectiedienst
  • een gecoördineerd beleid voor de aanpak van ongezonde woningen
  • het versterken van het Brussels Woningsfonds
  • oprichting van transithuizen

Hoewel deze maatregelen en de integrale aanpak niet steeds vallen onder de exclusieve bevoegdheid van de staatssecretaris ben ik ervan overtuigd dat een globale aanpak de enige manier is om de schrijnende situatie in de huisvestingssector aan te pakken.

In het kader van deze interpellatie zijn mijn vragen aan de staatssecretaris de volgende:

  • hoe en waar zullen de 300 extra woningen gerealiseerd worden?
  • zijn er voldoende budgetten voorzien?
  • zal de creatie van deze woningen gebeuren met het oog op een integrale aanpak zoals ik die daarnet schetste?
  • zijn er, naast de ontmoeting met de Sociale Verhuurkantoren, contacten geweest met andere actoren op het werkveld die, zoals u weet, van een grote deskundigheid blijk geven?
  • Zal het gekende systeem van de huurtoelage worden ingevoerd ?

> Lees hier het antwoord van de minister
(u vindt het op blz 25 van het document, de reactie van Brigitte De Pauw vindt u op blz 34)