Opinie
Afschaffing
van successierechten op gezinswoning voor echtgenoten en
wettelijke samenwonenden in Brussels Gewest nog niet voor
morgen!
10-02-2010
Het aankopen van een gezinswoning door echtparen of samenwonenden
is meestal een belangrijke gebeurtenis. Naast het emotionele
aspect, het samen zoeken naar en vinden van een thuis, is
het meestal ook één van de belangrijkste investeringen
in een mensenleven. De voorbije legislaturen heeft de Brusselse
Regering aanzienlijke inspanningen gedaan, via allerlei
fiscale stimuli, om de aankoop van een eigen gezinswoning
te vergemakkelijken. Wanneer één van beide
partners overlijdt, wordt het als onrechtvaardig en hardvochtig
aangevoeld dat de langstlevende partner successierechten
moet betalen op de woning waarvoor hij of zij meestal zelf
lang en veel heeft gespaard en gewerkt.
Dergelijke
onrechtvaardigheid stootte Brigitte De Pauw, fractievoorzitter
voor CD&V in het Brussels Hoofdstedelijk Parlement,
tegen de borst. Via een schriftelijk vraag vroeg zij de
gegevens op bij de bevoegde Minister. Immers, het Brussels
regeerakkoord bepaalt om, in functie van het budgettair
haalbare, de vermindering van de successierechten voor de
gezinswoning voor de langstlevende echtgenoot of samenwonende
partner door te voeren.
Uit
de cijfers blijkt dat in 2008 door echtgenoten of samenwonende
op de laatste hoofdverblijfplaats maar liefst voor 21,3
miljoen EUR successierechten betaald zijn. In 2009 was dat
in het totaal 22 miljoen EUR; een vergelijkbaar getal. Dit
werd betaald door zo’n 2.483 echtgenoten en zo’n
2.744 samenwonenden. “Met andere woorden, indien we
in Brussel de successierechten op de gezinswoning zouden
afschaffen, zoals Vlaanderen dat reeds heeft gedaan, zouden
we jaarlijks zo’n 5.227 mensen het bedrag van hun
te betalen successierechten kunnen doen verminderen. Dit
is niet onbelangrijk, wetende dat we de mensen met deze
maatregel hun leed kunnen verzachten door hun, naast de
praktische beslommering die een overlijden met zich meebrengt,
financiële last wat te verminderen”, zegt Brigitte
De Pauw.
Op
vraag of een mogelijke afschaffing van deze successierechten
tot de mogelijkheden behoort, antwoordde de Minister dat
dit op het ogenblik niet haalbaar is. Nochtans wil Brigitte
De Pauw blijven pleiten voor de afschaffing of ten minste
een serieuze vermindering van de successierechten op de
gezinswoning. “Amper 7% van de inkomsten uit successierechten
in het Brussels Gewest zijn afkomstig van betalingen van
successierechten op de gezinswoningen door echtgenoten en
samenwonenden. Ik wil er dan toch bij de Minister op aandringen
dit dossier nader te bekijken en de mogelijke afschaffing
ervan ten minste te bestuderen! Dit zou al heel veel leed
bij de mensen besparen”, pleit Brigitte De Pauw.
Brigitte DE PAUW
Brussels Volksvertegenwoordiger
Fractievoorzitter CD&V
Schepen Jette