Inleiding

Paleontologie is de studie over fossielen.Deze leunt zeer dichtaan bij de archeologie. De paleontologie begint bij het ontstaan van het leven op aarde dit ongeveer 7 biljoen jaar geleden en eindigt bij het onstaan van menselijke aktiviteiten ongeveer 10.000 jaar geleden.

Wat zijn fossielen?

Fossielen zijn restanten of sporen van een vroeger leven, deze kunnen heel wat vertellen over de nu nog in leven zijnde soorten op aarde en geven ons een betrekkelijk goed beeld op wat er vroeger heeft geleefd.

vb:Nu nog bestaan er overlevenden van fossielen,de Nautilus pompilus is er een van ,deze leeft thans nog in de warme wateren van de Stille Zuid-Zee.

Hoe onstaan fossielen?

Een fossiel wordt gevormd als het na het afsterven vlug afgedekt word door sedimenten, en de bacterien en aaseters geen kans krijgen het aan te tasten. Meesttal blijven de harde delen het best bewaard. Soms kan het gebeuren ,doch heel zeldzaam dat ook weke delen bewaard blijven afgankelijk van de omstandigheden. De meeste fossielen worden bedekt door modder, zand, vulkanische asse of ijs ( invriezen, wat gebeurd is in Siberie, daar zijn hele  mammoeten gevonden ).

Bedekking door zand of modder. Dit is de meest voorkomende vorm van fossilisatie, wanneer de druk zo hoog is dat het omliggende sedimenten omgevormd worden in steen en het fossiel meestal goed bewaard blijft. ( Soms met schaal en al, schelpen  en zeeegels).

Bevriezing of ijs. Eeen goed voorbeeld van deze vorm van fossilisatie zijn de mammoeten die gevonden zijn in Siberie, en waar er verschillende in het museum van Leningrad staan opgesteld. Bij velen is zelf de maaginhoud goed bewaard, zo dat men precies kon uitmaken hoe de fauna er toen uitzag en deze dieren leefden.

Miniralisatie. Hout en beenderen kunnen door hun structuur miniraliseren, door dat de plaats van hun cellen opgevuld worden door mineralen.

Uitdroging. Dieren en mensen kunnen onder gunstige voorwaarden uitdrogen en zo zeer lang bewaard blijven. Voorbeeld een dier dat sterft in een zeer droge grot en afgsloten van de lucht en bacterien, kan daardoor uitdrogen en perfekt bewaard blijven. Een goed voorbeeld zijn de mummy's gevonden van offergaven in Peru. Door de ijle lucht en koude zijn deze zeer intakt, zelfs  hun kleding. Reden door de koude en grote hoogte zijn daar geen bacterien (ijle lucht) en geen planten groei aanwezig.