|
Welke
afstanden kunnen er gewandeld worden ? |
| De wandelingen zijn
uitgepijld en meestal is er keuze tussen 3 à 4 afstanden. Steeds is er een
kleine afstand van 7 kilometer. Deze is meestal ook toegankelijk voor
rolwagens of buggys. De andere klassieke afstanden zijn dan 12, 20, 30 of
40 kilometer. Voor de gevorderden zijn er zelfs tochten van 60 en 100
kilometer. Op elke wandeling zijn er rust- of controleposten : hier heb je
meestal ook de mogelijkheid om aan democratische prijzen drank of broodjes
te kopen . Meestal zijn er ook sanitaire voorzieningen. Hoe wordt het parcours aangeduid? Bij de start staat vermeld welke afstanden (het correcte aantal meters) er kunnen gewandeld worden, hoeveel rustplaatsen er zijn, en welke pijlen er moeten gevolgd worden. De pijlen zijn meestal van hout, maar kunnen ook soms geschilderd zijn, of gekleefd ; dit meestal links van de baan. Links van de baan is ook de plaats waar de wandelaar het veiligst is tijdens de wandeling. Bij kruispunten en aan splitsingsborden (waar de kleinere afstanden bvb. het grote parcours verlaten) is extra aandacht nodig voor de pijltjes. Dus hou het parcours in het oog, maar vooral.….geniet van de omgeving. Hoe schrijft men in ? |