Archief:

Artikels uit het tijdschrift van

Natuurpunt Grote Nete

 

Jaargang 10
driemaandelijks tijdschrift
Oktober 2011 Nr. 4

 terug naar de startpagina


 

In memoriam René Vertommen
gebundeld door Paul Anthonis
 

René Vertommen, grote vriend en kenner van de natuur, grote pionier en bezieler van de natuurbe­weging in de streek, is niet meer. Hij overleed in zijn slaap in Hallaar, 91 jaar oud.
René Vertommen is geboren op 18 mei 1920 in Oorderen. Hij was onderwijzer aan het Sint Ro­chusinstituut in Deurne Antwerpen, verhuisde later naar Heist-op-den-Berg en bracht zijn 'tuintje' uit Oorderen mee. In de Averegten bouwde hij zijn plantentuin uit: Florete Flores. Honderden rond­leidingen heeft hij er gegeven. Daar fleurde hij telkens op. Hij kon er boeiend en passioneel vertellen over de planten en bloemen. Sinds enkele jaren liet hij die rondleidingen over aan personeel van de provincie.
Maar er was meer. René was ook erevoorzitter van de Wielewaalafdeling Netevallei en de latere fusie­vereniging Natuurpunt Grote Nete. Daarnaast was hij nog voorzitter van de heemkring Berthoutzo­nen uit Hallaar, die later fusioneerde met de heemkring Die Swane van Heist, waar hij be­stuurslid gebleven is.
René bleef actief bezig tot de laatste dag. Zijn werktafel thuis lag nog vol papieren en boeken waaraan hij werkte. Hij was een stille werker en een zachtaardig man met wie je altijd een goed gesprek kon voeren.
Gevuld leven
René werd geboren als vierde telg in een gezin van acht kinderen. Zijn vader, Karel Vertommen, was afkomstig uit Heist-op-den-Berg en was koster in Oorderen. René volgde de lagere school in zijn ge­boortedorp. Hij studeerde aan de Katholieke Normaalschool in Antwerpen en verwierf in 1939 het onderwijzersdiplo­ma. In hetzelfde jaar begon zijn onderwijzersloopbaan met een voorlopige opdracht in het Sint­Rochusinstituut te Deurne, de school waar hij jaren later ook vast benoemd werd.
Inmiddels was de Tweede Wereldoorlog losgebarsten. Werkloos geworden, vond hij een totaal andere werkkring. Hij kwam in dienst van de Nationale Land­bouw-en Voedingscorporatie. Deze dienst werd op­gericht om de bevoorrading van de bevolking in die moeilijke periode te verzekeren. Hij belandde in de zuivelsector als toezichter met een dubbele taak. Enerzijds controleerde hij de werking van de melkerij zelf, anderzijds keek hij erop toe dat de belangen van de land bouwers-melk producenten gerespecteerd werden . Zo werkte hij achtereenvolgens bij de Sint-Salvatormelkerij in Booischot, de melkerij Sint-Jozef in Kapellen en ten slotte in melkerij Cérès in Sta­broek. Alles verliep goed tot de bezetter oordeelde dat hij onontbeerlijk was om het 'glorierijke' Derde Rijk in stand te houden. René, die er niets voor voelde om in Wiener-Neustadt vliegtuigen in elkaar te gaan ste­ken, dook onder tot aan de bevrijding.
Stilaan kwam de oude droom -voor de klas staan ­weer naar boven en toen de gelegenheid zich voor­deed verliet hij de zuivelsector. In het begin van jaren 60 verhuisde hij naar Deurne, waar hij opnieuw onderwijzer was geworden. Deze ver­huis werd hem echter opgedrongen door de explosieve havenuitbreiding die toen plaatsgreep. Wilmarsdonk, Oorderen en het grootste gedeelte van Lillo werden opgeofferd aan de uitbreiding van de Antwerpse ha­ven . Met leedwezen zag hij zijn geliefde ouderlijk huis en het hele geboortedorp vernielen, en de mooie polderlandschappen onder het opgespoten zand verdwijnen .
Toen hij in 1972 met pensioen ging, vestigde hij zich in Hallaar in de Leopoldlei 67 te Hallaar. Zijn ouders hadden deze woning gebouwd na de gedwongen verhuis. Hij voelde zich er algauw thuis en maakte snel vrienden. Nu kon zich volop wijden aan de studie van de natuur.

Levenswerk
De oprichting en het onderhoud van de plantentuin Florete Flores was natuurlijk zijn levenswerk. Reeds op jonge leeftijd was René begeesterd door al wat groeit en bloeit. De grote tuin in Oorderen, met zijn vele bomen en struiken, was een klein paradijs. De weidse Scheldevlakte was een gedroomde speeltuin voor de door de natuur gefascineerde onderwijzer. Vooral insecten boeiden hem bijzonder. Rupsen van­gen en ze verder opkweken tot vlinders werd zijn hob­by. Geschikt voedsel voor deze beestjes zoeken, ver­legde zijn belangstelling naar de plantenwereld . Zo fietste hij door de polders met zijn eerste planten­boek bij de hand. Een familiedagboek vermeldt op 19 februari 1945: "Vandaag heeft onze René besloten om een kruidentuin op te richten". De uitbouw van deze kruidentuin, in verschillende fasen en op verschil­lende locaties, werd een levenswerk.
De eerste plantentuin ontstond bij zijn ouderlijke wo­ning in Oorderen. Nadien bouwde hij een plantenver­zameling uit in de school in Deurne. Vervolgens kwa­men de planten en kruiden terecht in zijn ruime tuin in de Leopoldlei te Hallaar. In de jaren 90 verhuisde de hele collectie naar het Provinciaal groendomein Averegten. Daar was in 1975 al een deel van de plantenverzameling aangeplant, zodat iedereen er kon genieten van de prachtige kleuren en geuren van de rijke verzameling.
Na dertig jaar van ononderbroken intense arbeid en nauwkeurige zorg, groeide deze tuin uit tot een merkwaardig en wetenschappelijk verantwoord plantenparadijs. De laatste jaren kreeg hij veel sympathisanten en hulp. In het provinciaal domein zorgt het personeel op dit ogenblik voor het onder­houd. René bleef echter de bezieler van de plan­tentuin, die hij Florete Flores gedoopt had. Hij mocht beleven dat zijn levenswerk in goede handen was. Nu groeien en bloeien er ongeveer 700 verschillende soorten planten, bloemen en struiken op een oppervlakte van 25 are. De planten staan mooi geor­dend op borders per plantenfamilie. Tientallen studenten en scholieren konden op zijn deskundi­ge kennis een beroep doen bij de opmaak van een herbarium en bij plantenstudie. Voor dit alles werd hij dan ook door het provinciebestuur van Antwerpen op 10 juli 2005 passend gevierd.


Wielewaalafdeling Netevallei

René Vertommen werd persoonlijk getroffen door het verdwijnen van zijn geboortedorp. Hij zag de natuur­waarden in de Scheldepolders verdwijnen omwille van de oprukkende haven en industrie. De verwondering over de pracht van de natuur maakte plaats voor ver­ontwaardiging. Verontwaardiging over het verlies van biodiversiteit in onze eigen streek, zoals de dramati­sche afname van de boerenzwaluw, het verdwijnen van onze kleurrijke vlinders, het verdwijnen van koren­bloemen en klaprozen in de velden.
Toen enkele natuurvrienden in 1980 een plaatselij­ke afdeling van natuurvereniging De Wielewaal oprichtten, nam René zijn verantwoordelijkheid. Hij stond mee aan de wieg van deze lokale natuurbe­weging.
Deze vereniging had drie belangrijke doelstellingen: natuurstudie, natuurbehoud en natuureducatie. Sa­men met enkele gelijkgezinden werd de vereniging verder uitgebouwd. René was eerder een stille wer­ker, die altijd bereid was om zijn steentje bij te dra­gen. Hij zorgde voor de nodige continuïteit in de vereniging. Tevens smeedde hij de groep bestuurs­leden tot een hechte vriendenkring. Hij zorgde er­voor dat ze elkaar ook ontmoetten bij plezante acti­viteiten, zoals etentjes, buiten de dagelijkse be­slommeringen van een vereniging.
Dankzij zijn inzet en overleg met het gemeentebestuur beschikt Natuurpunt nu over een prachtig verenigings­lokaal. Dit lokaal is ondergebracht in de oude jongens­school in Hallaar. Een clublokaal vormt immers het kloppend hart van een vereniging. Het wordt intensief gebruikt als leslokaal bij cursussen, diavoordrachten en filmavonden. Het vormt de startplaats voor geleide wandelingen en werkdagen in de Netevallei. Het is tevens een geschikt vergaderlokaal voor bestuursver­gaderingen en fungeert als polyvalente werkruimte. Kortom, het is een onmisbaar werkinstrument voor onze bloeiende vereniging.
Voor zijn verdienste voor de lokale natuurbeweging werd René Vertommen in 2001 benoemd tot erevoor­zitter van de nieuwe fusievereniging Natuurpunt Grote Nete. In 2006 kende de milieuraad hem de Milieuprijs van Heist-op-den-Berg toe. De kandidatuur werd voorge­dragen door Natuurpunt Grote Nete vanwege zijn inzet op het vlak van de verspreiding van de natuur-en plantenkennis in Heist-op-den-Berg. Hij was tevens een pionier van de natuurbeweging in onze regio.
René zetelde ook in de gemeentelijke milieuraad van 1989 tot 1999 en in de adviescommissie bij de opmaak van het Gemeentelijk natuurontwikkelingsplan (GNOP).
Vijf jaar geleden mocht René de Milieuprijs van Heist in ontvangst nemen

Natuurgids en schrijver
René Vertommen bezat een grote kennis over planten en insecten. Hij beschikte tevens over een uitgebreide natuurbibliotheek. Maar hij wou zijn kennis en passie voor natuur delen met anderen. Jarenlang gidste hij klassen in de Averegten. Hierbij kwamen zijn kennis, maar ook zijn vaardigheden en geduld als onderwijzer optimaal aan bod.
Een natuurwandeling onder leiding van René had altijd een extra dimensie. Naast de volksnamen en de nodi­ge botanische toelichting over planten, kwam ook steeds toepasselijke poëzie en literatuur aan bod. Hij kon tientallen gedichten van Vlaamse auteurs decla­meren. Als natuurgids wist René bij honderden men­sen bewondering en interesse te wekken voor de boeiende wereld van de natuur. Zo noemde hij de fraaie, paarse bloemetjes van de dopheide naar Alice Nahon 'vaasjes van puur porselein'.
René heeft tientallen artikels over natuur geschre­ven voor ons ledenblad. Planten en vlinders waren zijn geliefkoosde onderwerpen. Naast een gedetail­leerde beschrijving van een plant, bracht hij altijd de naamgeving, de volksnamen, het volksgeloof, het ge­bruik in de geneeskunde, keuken of industrie aan bod. Het waren telkens weer pareltjes.
Vaarwel, René. Bedankt voor alles.

Tijdeloos landschap
door Eddy Vets
 

Wie langs de Nete kuiert, voelt zich vaak aange­sproken door woorden die uit de diepte van de ziel ontspruiten. Als een bonte bloemenweide sprei­den ideeën en gedachtenspinsels zich voor je uit. Bijna geheel verdronken, of zeggen we beter ver­zonken, ontwaar je amper nog het hier en het nu. Meegevoerd in de kleinste biotoop vlak voor je voeten, of op de vleugels in de wolken de onbe­reikbare horizon tegemoet, dreig je ieder contact met jezelf te verliezen.
Gelukkig is er dan nog de Nete die met haar trage, trouwe loop als een draad van Ariadne de uitweg biedt uit het doolhof van de losgeslagen geest. De vervoering van het moment moet je koesteren en omsluiten in een bolster van geluk. Zo brengt de Nete vreugde voor al wie ervoor openstaat. In die oeverloze ruimte van wolken en groen, wat ben je daar als mens? Pro­beer het niet te vatten, want het lukt niet. Vaar op de golven van de schoonheid van dit I\leteland. Dit ervaren, is de enige houding die wars van alle intellect leidt tot een mogelijke benadering van het mysterie dat je ook natuur mag noemen . Dit mysterie is overal aanwezig, maar toont zijn mooiste kleedje in het Nete­land.
En toch, steeds kwellen gedachten je roes van geluk. Als valkuilen op je wandeling doorheen het Neteland
willen zij je immer verrassen. Bij het turen over het kabbelend Netewater verschijnt plots de gedachte aan de tijd. Is de tijd niet als de Nete? Altijd voortstromend, zonder ophouden. Nooit keert de waterstroom op zijn loop terug met hetzelfde water. Eens voorbij, altijd voorbij. Vol afwisseling lees je de geschiedenis als een verhaal van vrede en ontij. van voor­en tegenspoed. Soms zal de Nete vredig vloeien tussen haar oevers ... tot onver­wachte stormen woest beu­ken op de talrijke meanders.
Planten en dieren krijgen in tijden van natuurrespect in het Netewater alle kansen tot groei en ontwikkeling, maar in perioden van dwaasheid en eigenbelang ster­ven zij een trage dood in de smurrie van de menselijke beschaving.
Zo vormt de rivier eigenlijk een prachtige synthese van de mentaliteit van de bewoners van de hele Netevallei. Wij moeten heden heus niet trots zijn op onze 'cultuur'. De grote troost uit deze trieste vaststelling ligt weer verscholen binnen de Neteoevers. Inderdaad, wetend dat 'alles stroomt' zal ooit ook alle vervuiling verdwijnen; misschien samen met de oorzaak ervan, maar zeker zal de Nete ooit zuiveren wat haar besmeurde, terugnemen wat haar werd ontnomen en wegspoelen wat haar gevangen hield.
Voorlopig kan de eenzame wandelaar hiervan dromen, maar een glimlach op zijn mond verraadt het vaste geloof dat hij als mens slechts tijdelijk mag dwalen in gedachten en in daden in een tijdeloos landschap.
Zo brengt de Nete vreugde voor al wie ervoor openstaat (foto Paul Anthonis)


Twee opstekers in Laakdal
door Vic Van Dyck

September 2011: Het Natuurpuntbeheersteam van Laakdal krijgt twee keer een erkentelijke schouderklop. Eerst werden we genomineerd voor de Groene Pluim en nog diezelfde week hoorden we dat onze vijver in Trichelbroek was uitgeroepen tot het mooiste plekje van Laakdal. Toch wel iets om trots op te zijn, dachten we.
 

Groene Pluim
De Groene Pluim is een aanmoedigings-of waarderingsprijs die jaarlijks door de partij Groen! in Laakdal wordt uitgereikt aan een vereniging, bedrijf of personen die zich extra verdienstelijk maken op ecologisch of sociaal vlak. Na een rondvraag in de gemeente kwamen er tien genomineerden uit de bus. De vrijwilligers van Natuurpunt in Laakdal waren er dus ook bij. Blijkbaar vanwege onze actieve inzet voor meer en betere natuur in de gemeente en het open­stellen van die natuur voor de bevolking.
Door een jury werd uit de genomineerden eerst een top drie gekozen en ja, we zaten er nog steeds tussen. We hoopten al stilletjes op de eerste plaats, maar de hoofdprijs, een geldprijs van 250 euro, ging naar Rinkies ­Chiro Eindhout. In deze Chiro-afdeling kunnen jongeren terecht die met een verstandelijke of lichamelijke beperking kampen. Een dikke proficiat aan de winnaars. Wij gingen tevreden naar huis met een verdienstelijke tweede plaats en zoals al de ge­nomineerden met een mooie oorkonde.

Natuurpuntvijver in Trichelbroek, mooiste plekje van Laakdal
Onlangs organiseerde VW Toerisme Laakdal de verkiezing van het mooiste plekje van on­ze gemeente. Waar we dit plekje kunnen vinden, werd op zondag 18 september be­kend gemaakt door schepen van toerisme Gerda Broeckx. Onze vijver in Trichelbroek kwam als overwinnaar uit de bus.
We weten wel dat Trichelbroek door de afwis­seling van open landschap, bossen, vijvers en moerassen door veel mensen wordt ervaren als een aantrekkelijk natuurgebied, toch waren we trots en blij verrast te vernemen dat onze vijver tot het mooiste plekje van Laakdal werd uitgekozen.

Mooi en met inhoud
Zo'n compliment geeft aan de medewerkers weer wat kracht om verder te doen. Want er komt heel wat bij kijken om dit gebied te beheren. Om te beletten dat de vijver zou dichtgroeien, moeten we elk jaar een deel van de wilgenopslag op de oevers wegnemen, waardoor we het open water behouden en het contact tus­sen water en land herstellen.
Deze plek is daardoor niet alleen mooi maar ook ecologisch waardevol.

Meest bezochte stukje natuur

Begin 2000, kwam Trichelbroek in beheer bij Natuurpunt. Toen al gingen we tijdens onze wandelingen, ook met publiek, steevast naar de vijver kijken. Stilaan beseften we dat die bepaalde plek een goede uitkijkpost was om van het mooie natuurlijke uitzicht te genieten. Maar telkens we aan de vijver verschenen, bemerkten we toch dat we vooral de watervogels verstoorden. Daarom bouwden we in 2007 op die plek een kijkhut om de dieren te kunnen observeren zonder ze te storen. Vanaf dan is deze omgeving het meest bezochte en meest gefotografeerde stukje natuur in Laakdal.

Duizenden waarnemingen
Veel mensen komen daar niet enkel om van het landschap en de rust te genieten, maar ook om de natuur te bestuderen, om te zien wat er allemaal vliegt, zwemt en rondkruipt. De meeste van die waarnemingen en foto's komen via de bekende website http://waarnemingen.be in een databank terecht. Zo hebben we nu al een mooi overzicht van welke dieren en planten daar voorkomen. In Trichelbroek zijn reeds 160 soorten vogels genoteerd, 30 soorten libellen, 11 soorten zoogdieren, enzovoort. In totaal zijn er de laatste tien jaar, meer dan 7000 waarnemingen doorgegeven vanuit dit mooiste plekje van Laakdal. De vijver is inderdaad het 'hart' van Trichelbroek want op de Grote Laak, aan de rand van het gebied, kunnen we we nog altijd niet trots zijn. Hopelijk komt daar verandering in, en wordt ooit een stekje aan de Laak het mooiste plekje van onze gemeente.


Avonturen in de Langdonken
door Hanne en Eddy, begeleiders Huize Eigen Haard
 

Op een mooie, droge zomeravond in augustus maakten een groep bewoners van Huize Eigen Haard uit Aarschot zich klaar voor een natuur­wandeling in de Langdonken, begeleid door een echte gids.
Enkele bewoners waren al vertrouwd met de Lang­donken door wandelingen en het werken op de heide, maar wisten niet zo goed wat ze zich bij zo'n 'gids' moesten voorstellen (Iets om te drinken? Een soort cafeetje?). Ze waren dan ook aangenaam verrast toen ze kennismaakten met Benny, beheerder van het natuurgebied en gids voor de avond.
Dat het geen rustig wandelingetje over de aangelegde paadjes zou worden, bleek al onmiddellijk toen we meteen de heidevlakte introkken. Benny toonde ons de mooiste heideplanten, paddenstoelen, kikkers en krekels (of waren het nu sprinkhanen?). Om deze dieren en planten te bewonderen, moesten we ons een weg banen door bomen, struikgewas en netels, maar dat maakte de ontdekkingen alleen nog maar spannender en meer bijzonder.
Het laatste deel van de wandeling werd echter net iets te avontuurlijk voor sommige bewoners. De netels kwamen nu tot boven ons hoofd, doornen prikten aan armen en benen en gonzende muggen hadden in ons een onuitputtelijke voedingsbron ontdekt. Maar, het echte avontuur kwam door de paadjes, die nu hoofd­zakelijk bestonden uit een dikke laag modder. Schoe­nen kwamen vast te zitten en moesten met man en macht worden losgetrokken en enkele glibber-en valpartijen hadden onze groep veranderd in een hoop­je wandelende aardmannetjes.
Toch waren het net die avontuurlijke verhalen die telkens weer werden verteld en die de natuurwande­ling zo onvergetelijk maakten. De hoopjes gras en modder her en der in Huize Eigen Haard zorgden nog lang voor een nagenietende glimlach.

Dag van de Natuur in Hallaar
door Paul Anthonis

Wat heeft Natuurpunt Heist op het programma gezet van de Dag van de Natuur 2011? Hoe kunt u die dag als vrijwilliger meewerken aan natuur in jouw buurt?
Door een hele of een halve dag te helpen wilgen knotten rond turfputten in de Moerbeemden, bladeren uit de poeltjes verwijderen.

Wij zorgen voor een drankje en ook een lekkere hap voor die een hele dag komen.
•
Afspraak: zaterdag 19 november om

9.00 uur of 13.00 uur, Natuurpuntlokaal, Leopoldlei 81 in Hallaar

•
Meebrengen: stevige schoenen en hand­schoenen, regenkledij bij slecht weer

•
Info: Paul Anthonis, gsm 0497 533 711, e-mail paul.anthonis@scarlet.be


Ik zag ze springen!
door Frans Valvekens

Wanneer de reservatenwerking in de Netevallei werd opgestart, was de laarbeemden het eerste natte weiland dat werd aangekocht. Toen was het nog onder de vlag van de Wielewaal. In al die jaren kwam het beheer neer op begrazing. Vorig jaar werd beslist om over te gaan tot maai beheer. Er werd laat gemaaid dit jaar, het was al augustus. Bij het het keren van het hooi bemerkte ik enkele sprinkhanen die wegsprongen. Ja, inderdaad dat doen sprinkhanen, namelijk springen. Bij nader toezien viel mij hun grote, tricoloor gekleurde ach­terpoten op. Er was voor mij geen twijfel, dit zijn moerassprinkhanen.
Sprinkhanen zijn doorgaans weinig opvallende dieren: heel wat soorten zijn klein, flets gekleurd en lijken sterk op elkaar. De moerassprinkhaan is echter een buitenbeentje. Met een maximale lengte van 3,5 cm is dit de grootste veldsprinkhaan die in België voorkomt. Op hun achterpoten dragen ze de Belgische driekleur: rode achterdij, gele achterscheen met zwarte doorns. Echte Belgen, dus. En het lijkt ernaar dat deze Belg het almaar beter doet.
Rond de eeuwwisseling kwam de moerassprinkhaan (Stethophyma grossum) nog in alle Vlaamse provin­cies voor, maar nergens was ze algemeen. Vooral in de Kempense beekvalleien hield ze behoorlijk stand. De soort moet het vooral hebben van ruige, vochtige graslanden en moerassen. Net deze kletsnatte bioto­pen verdwenen de voorbije decennia in ijl tempo. En samen met haar favoriete biotoop, leek ook de moe­rassprinkhaan te verdwijnen. In de loop van de vorige eeuw ging de soort er in Vlaanderen zo sterk op ach­teruit dat ze zelfs op de Rode Lijst terechtkwam. Niet best, dus. Maar de laatste jaren lijkt ze een opmerke­lijke remonte te maken. En dat bleek ook hier te klop­pen. Nog nooit eerder was de deze 'springer' in de Laarbeemden waargenomen.
Vol trots vertelde ik dit aan mijn vrienden van de Na­tuurpunt Heist-op-den-Berg. Toch was er argwaan. Achter mijn rug hoorde ik vertellen dat ik ze zogezegd 'regelmatig zag vliegen'! Maar nu had ik ze zien sprin­gen, en zelfs dat kon hen niet overtuigen. Gelukkig was er nog onze vriend Hans Verboven, bioloog en kandidaat doctor in ik-weet-niet-wat-allemaal, die mij ter hulp kwam. Op 21 augustus meldde hij dat hij even op prospectie was geweest in de Laarbeemden en er 23 adulte moerassprinkhanen had waargenomen! Nu werd iedereen laaiend enthousiast, het was dan toch waar! Na al die jaren van verlies van soorten in onze regio dan toch eens een positief bericht. Dus voor diegenen die al eens twijfelen aan de zin van reserva­ten en beheerswerken: voortdoen dus! En waar kun je de moerassprinkaan nog zien sprin­gen? We staken ons licht op bij Jorg Lambrechts van Natuurpunt Studie: "In Vlaams-Brabant waren tot 2005 slechts twee po­pulaties bekend: één in de Demervallei in Zichem en één in de Vallei van de Drie Beken in Diest. In 2006 dook de soort echter op in het Vinne (Zoutleeuw) en in 2010 werden nog vijf nieuwe populaties ontdekt in Aronsthoek (Geetbets), het Dunbergbroek (Holsbeek), Vorsdonkbos (Gelrode), Lovenarenbroek (Leuven) en Paddepoei (Glabbeek), alle gebieden die door Na­tuurpunt worden beheerd. En de opmars gaat door want ook in 2011 werd de soort voor het eerst opge­merkt in de Natuurpuntgebieden Koebos (Pellenberg), Aardgat en Tiens Broek (Tienen) en in het Walenbos, beheerd door het Agentschap voor Natuur en Bos (ANB).

Zou het kunnen dat deze populaties de voorbije jaren over het hoofd werden gezien? Misschien, al lijkt dit toch eerder onwaarschijnlijk. Moerassprinkhanen ver­raden hun aanwezigheid immers door hun opvallend en vérdragende 'zang': vooral bij zonnig weer maken de mannetjes een fel tikkend geluid, dat sterk lijkt op de natte tikken van een schrikdraad. Op de meeste nieuwe vindplaatsen wordt de insectenfauna boven­dien al jaren in detail gevolgd, wat laat vermoeden dat het hier dus wel degelijk om nieuwe vestigingen gaat. En ook in Oost-Vlaanderen, Antwerpen en Limburg werden nieuwe populaties ontdekt in 2010 en 2011 . Het is nog afwachten of deze populaties ook in de toekomst zullen standhouden, maar de toename van de voorbije jaren is toch opmerkelijk.
Deze opmars roept ook heel wat vragen op. Wat is de oorzaak van deze uitbreiding: habitatherstel, klimaat­
. verandering of gewoon enkele jaren met geschikte weersomstandigheden? En vanwaar komen deze dieren: uit enkele grote Vlaamse populaties, of eerder uit Wallonië, waar de soort een pak algemener is?
Hoe het ook zij, Saltabel (de sprinkhanenwerkgroep van Natuurpunt) volgt deze opmars nauwgezet op. Moerassprinkhanen zijn nog tot begin oktober actief. Het is dus hoog tijd om nog eens naar deze prachtige dieren te gaan zoeken in natte graslanden en vochtige ruigtes (vaak met pitrusvegetaties) in je buurt. Moe­rassprinkhaan gevonden? Geef dan snel de exacte locatie in op www.waarnemingen.be ...
 

Vogelreservaat in uw tuin
door Titte, den Grunen Hesteneir

Besdragende struiken, voedselrijke borderplanten, fruitbomen waaruit u niet alles plukt en herfstbla­deren die mogen blijven liggen. Kortom, vogel­vriendelijk tuinbeheer, met als resultaat dat u ver­steld zult staan van de vele soorten die in de winter uw tuin bezoeken.
Rond de meeste huizen ligt een vogelreservaat. Me­rels trippelen over het gazon op pierenjacht en ritselen later in het jaar tussen de afgevallen bladeren onder de struiken. Wanneer we alle tuinen naast elkaar zou­den leggen, ontstond het grootste natuurreservaat van het land. Niet dat we daarin ook alle vogels zullen zien. Veel soorten hebben een bijzonder leefgebied nodig en komen zelden bij huizen. Maar wie een lijst bijhoudt van vogels in de eigen tuin, kan beter gelijk een groot vel papier nemen, want het zijn er altijd meer dan u denkt. Dat kunnen er nog meer worden als u variatie in uw tuin aanbrengt. Dan zult u ook de soorten lokken, die vroeger zeldzaam waren maar tegenwoordig steeds vaker in tuinen worden gezien. Nu kunnen we ons niet meer voorstellen dat de merel ooit een typi­sche bosbewoner was en dat eksters vroeger zelden in tuinen kwamen kijken.
Vogelvriendelijk tuinbeheer
De laatste jaren hebben ook sijsje, staartmees, goud­haantje en sperwer de mogelijkheden van onze tuin ontdekt. Voeren in de winter helpt, maar om echt veel soorten te zien, is een vogelvriendelijk tuinbeheer no­dig. Vogels zoeken beschutting. Ze mijden kale tuinen en komen graag in uw bomen en struiken schuilen. Die breken de koude wind . Bovendien vormen ze een vei­lige vluchthaven wanneer er gevaar dreigt. Vliegens­vlug schieten de vogels tussen de takken wanneer er alarm klinkt voor sperwer, kat of mens. In het voorjaar gaan ze er nestelen. Wanneer u nog struiken aan moet planten, denk dan eens aan besdragende soor­
ten, zoals vlier, meidoorn, lijsterbes, vuur­doorns, hulst of taxus.
In de herfst en de winter oogsten de vogels er de vruchten. Borderplanten kiest u vermoede­lijk op kleur, bloeitijd en hoogte. Omwille van de vogels kunt u ook rekening houden met wat ze aan voedsel te bieden hebben. Leeuwen­bekjes, asters, klokjes (campanula), akeleien, kattenstaart, goudsbloemen, petunia's, rozen die bottels vormen, floxen, zonnebloemen, duizendschoon, zinnia's en allerlei wilde plan­ten produceren overvloedig zaad of trekken veel insecten aan, die weer door de vogels worden gegeten. Hebt u fruitbomen? Laat dan wat vruchten hangen en ruim ze niet allemaal
van de grond onder de boom. In een modeltuin hebben vogels weinig te zoeken. Laat in de herfst het afgeval­len blad zo veel mogelijk liggen. Lijsters, merels, vin­ken en heggemussen scharrelen er graag tussen rond. Ze keren de bladeren om.
Probeer het zelf eens, dan ziet u waarom: er zitten jonge regenwormen, kevers en andere kleine dieren onder. Wanneer u er de ruimte voor heeft, laat dan ergens de struiken doorgroeien. Ze verstrengelen zich en in het voorjaar gaan vogels juist in die vergeten hoeken nestelen. En mocht u toch snoeien, gooi het snoeisel dan op een hoop, waarin vogels beschutting en voedsel vinden. Als de takken er niet in de zomer kunnen blijven liggen, haal de hoop dan weg voordat er een merel, zanglijster of winterkoning in kan gaan broeden. Want dan moet de hoop uiteraard blijven liggen.
Met een vijver wint uw tuin aan populariteit. Zeker wanneer die vijver vogelvriendelijk is aangelegd. Aan steile, hoge oevers hebben vogels niets. Ze moeten bij het water kunnen komen. Zorg voor een horizontaal, drassig deel met daarin een ondiepe lagune waarin de vogels zich kunnen baden. Zo'n moerassige oever levert de vogels ook prima materiaal op voor nest­bouw. Met vijverfolie is zo'n vorm gemakkelijk te ma­ken. In een grote vijver is ruimte voor een eiland. Leg bijvoorbeeld enkele flagstones trapvormig, half boven en half onder water neer. Het waterpeil daalt 's zomers bij warm weer snel. Juist dan gaan de vogels graag in bad, vooral op het eiland, waar ze veilig zijn voor kat­ten. Ze weten precies in welke tuinen ze wel of geen katten te duchten hebben.

Vogels kijken
Tuineigenaren die katten weten te weren, krijgen zeker meer vogels te zien. U kunt in uw eigen natuurreservaat de vogels bekijken vanuit uw luie stoel. Uw huiskamer is een luxueuze schuilhut. Vanuit de behaaglijke warmte kunt u er prima vogels kijken.
Vroeger was ruwweg tien procent van al onze broed­vogels een huismus; de tijden zijn echter veranderd. Op de tweede plaats staat de merel, een bosbewoner die een typische tuinvogel geworden is. In de top twin­tig staan houtduif, winterkoning, koolmees, pimpelmees, heggenmus en rood borst. Stuk voor stuk soorten die u 's winters lekker binnen een uurtje vanuit de huiskamer bezig kan bekijken.
Vinken bezoeken het liefst de border, omdat het blad er blijft liggen. Op strenge winterse dagen stropen allerlei vogelsoorten tuinen in de bebouwde kom af, op zoek naar strooivoer, maar ook naar overgebleven herfsthapjes.
En mochten er nog verschrompelde rozenbottels aan de struik zitten, dan weet zeker de groenling de weg naar uw tuin te vinden. In de witte wereld is hij een kleurrijke verschijning. Vanaf september pikken groen­lingen aan de grote, oranjerode bottels in de haag van Japanse bottelroos (Rosa rugosa). De groenlingen verdwijnen pas nadat de bottels tegen het begin van de winter op zijn.
Ook staartmeesjes in groep komen langs op hun da­gelijkse voedselronde door de tuin.
Eksters en Vlaamse gaaien rukken steeds meer op, men ziet ze praktisch het hele jaar door kibbelend en ruzie makend. Wat betreft de min of meer bijzondere vogels, heb ik de indruk dat ze door onze vogelvoor­zieningen, vooral door de vijver, worden aangelokt. Sijsjes en vroeger ook een zeldzame putter, dalen vanuit de elzen naar de oever om te baden. De zanglijster eet van de bessen.
En dan is er natuurlijk de blauwe reiger. Geen klassieke tuinvogel, maar hij teert op een dieet van goudvissen. Die zijn zo slecht gecamoufleerd, dat ze geen schijn van kans hebben bij een gerouti­neerde visser als de reiger. Dus zijn er allerlei artikelen in de handel om reigers af te schrikken. Een kennis van me doet precies het omgekeerde. Hij lokt vogels door voor prooi te zorgen. Ieder avond strooit hij stukjes brood en kaas op het gazon om muizen te lokken. Dat lukt. Maar het is hem om een andere gast te doen: de bosuil, die 's avonds de muizen van het gazon komt grissen. De familie kijkt vanuit de huiskamer toe.
Het kan gelukkig ook minder bloeddorstig. Hang een nestkastje in het zicht en vanaf januari zit u op de eerste rang . Dan beginnen de mezen al een nest­plaats te zoeken. Vorig jaar maart waren de koolmezen bij mij al een eind op dreef, toen een grote bonte specht ze eruit probeerde te gooien. Ongehoord vroeg roffelde hij tegen de opening, waarbij het vogelhuis als klankkast werkte, zodat de hele buurt kon meegenie­ten. Maar uiteindelijk wonnen de scheldende mezen het en konden ze in de gehavende nestkast verder broeden. Het grote aantal mezen en andere stadsvo­gels trekt roofvogels aan.
De sperwer komt steeds vaker in tuinen om op goed doorvoede vogels te jagen. Bij succes blijft de sperwer vaak een tijdje bovenop de prooi zitten filosoferen, alsof hij de adrenaline moet laten zakken. Daarna trekt hij het vogeltje rustig uit elkaar.
Fascinerend
Minder sensationele taferelen zijn minstens zo inte­ressant. Waar broedt de geheimzinnige heggenmus? Kijk hoe lijsters en merels de wormen in het gras 'om­hoog trippelen' en uit de grond trekken. Volg de zang­lijster met een huisjesslak in de snavel maar naar haar smidse. Zij slaat het huis tegen de tegels van het pad stuk.
Bewonder boomklevers die als muizen over de stam­men van oude bomen lopen. Verbaas u over de een­dracht waarmee verschillende vogelsoorten samen optreden tegen eksters, kraaien en Vlaamse gaaien. En verbaas u nog meer over wat er daarna gebeurt. De roodborstjes, die elkaar net nog steunden, vechten onderling zo fel, dat de veren in het rond vliegen. Wanneer u heel vogelvriendelijk tuiniert, komt er misschien een ijsvogel in de vijver vissen. Dit is geen visserslatijn. Of net zo echt als de pestvo­gels die in een strenge winter uw tuin komen bezoeken. Ik was niet thuis en moest ontgoo­cheld aanhoren, hoe mooi ze waren geweest. Maar niet getreurd, maak van uw tuin uw eigen
vogelreservaat.
Fascinerend om te zien!

Een stekelig randfiguur
door Titte, den Grunen Hesteneir

Tienduizenden egels komen jaarlijks op het asfalt aan hun einde. Maar met een paar kleine maatrege­len zijn er volgens ecologen en egelspecialisten veel van deze zwervende nachtdieren te redden. Maak bijvoorbeeld eens een gat in zo'n Gamma­schutting.
De egel is het meest platgereden zoogdier van ons land en onze buurlanden . Het is ook een dier dat wei­nig in tabellen en op cijferlijsten voorkomt. In de mees­te statistieken of egelopvangcentra staat het nachtdier­tje niet in levende aantallen geregistreerd.
Levensgevaarlijk
Wel is bekend hoeveel egels er jaarlijks in ons land worden doodgereden: tussen de 100.000 en 300.000. Biologen willen graag weten wat het effect is van al die verkeersslachtoffers op het individu en de totale egel­populatie. Egels leven letterlijk en figuurlijk op de rand -het is langs de wegkant levensgevaarlijk. De massa­le sterfte is een reden te meer om actie te onderne­men. De duizenden verkeersslachtoffers, die vooral in de zomermaanden tijdens de paartijd vallen, hebben vooral invloed op de egelpopulatie die vlak langs de weg rondscharrelt. Vooral mannetjesegels die een groot leefgebied hebben, en veel zwervers sterven op de weg. Egels zijn echte zwervers, hoewel ze wel een vast leefgebied hebben van enkele tientallen hectare groot. 's Nachts wandelen ze tot circa vijf kilometer! In ons asfaltrijk landje kruisen ze automatisch veel we­gen. Vreemd genoeg lijken egels wel te beseffen dat asfalt levensgevaarlijk terrein is. Ze steken meestal loodrecht en rennend over.
Een andere opmerkelijke ontdekking van de biologen is de invloed van het karakter als ze op de weg lopen. Actieve egels rennen weg als er een auto aankomt, pas­sieve egels drukken zich tegen het asfalt. Het is niet duidelijk wat slimmer is. Een rennende egel is groter en wordt vaak geschept door een auto, doordat 25% van de wagens niet hoog genoeg op de wielen staat. Een egel die plat op de weg wacht, heeft door de verkeersdrukte ook veel kans te worden aangereden.
Op basis van populatiedichtheden in ver­schillende landschappen, schat men dat er een klein miljoen levende egels in België zijn.
Een bedreigde diersoort is de egel niet. Of die één miljoen veel of weinig is, kan men niet zeggen. Het zijn er in ieder geval meer dan wanneer dit land onbe­woond zou zijn . Egels houden namelijk van bosranden, houtwallen, parken en dichtbegroeide tuinen . Groene randzones dus, dicht bij bebouwing, die veelal door mensen zijn gecreëerd. Het is een echte cultuurvolger. In de randzones zitten ongeveer tachtig egels per honderd hectare. Maar de egel leeft in dat 'onnatuurlijke' landschap dicht bij de mens, dus dicht bij allerlei ram­
. pen. Denk maar aan langsrazende wagens en gras­maaiers.
Help onze egel
Het lot van de egel ligt in mensenhanden. Bij het in­richten van agrarische landschappen (meer houtwallen en stukjes bos) en woonwijken kan meer rekening worden gehouden met het bestaan van dit stekelige randfiguurtje. De ecoloog gruwt van de hedendaagse woonwijken met weinig groen en tuinen die stuk voor stuk zijn afgebakend met schuttingen van de Gamma.
Het leefgebied wordt zo kleiner en kleiner en minder goed bereikbaar. De oplossingen zijn vaak simpel vol­gens specialisten. Egels laten zich leiden door de groenstroken waar ze leven. Kruist een houtwal het asfalt, dan steken ze daar de weg over. Daar kun je rekening mee houden. Ook een gat in de schutting of heg is zo gemaakt. Misschien moeten we het concept van een eigen afgebakende tuin helemaal loslaten!
Foto Paul Anthonis

Gierzwaluwengeluk in Eindhout

door Herman Berghmans
 

In het voorjaar van 2006 hebben Jos Van Kerck­hoven en Herman Berghmans van de vogelwerkgroep van Natuurpunt Grote Nete achttien gierzwaluwnestkasten opgehangen in het dorp van Eindhout. Een geslaagde operatie, zo blijkt nu.
Vijf nestkasten kwamen te hangen aan de kerk en dertien aan het voormalige gemeentehuis aan de overzijde van de straat. De nestkasten werden toen betaald door de Laakdalse milieuraad en de kerkfabriek van Eindhout, en het gemeentebestuur gaf de toelating om ze op te hangen aan hun eigendommen. Aan allen nogmaals dank.
Eind juni -begin juli worden de nestkasten door Herman op hun inhoud gecontroleerd en eventuele jongen of aanwezige oudervogels geringd. Het eerste jaar werd in verschillende nestkasten al de aanwezigheid van gierzwaluwen vastgesteld, maar het kwam nog niet tot geslaagde broedgevallen. Vanaf 2007 werden jaarlijks en in toenemende mate jongen grootgebracht.

Zie de tabel.

Jaar:     Aantal jongen kerk     Aantal jongen gemeentehuis     Totaal nesten     Totaal Jongen     Geringde volwassen vogels
2007     1 x 1                         1 x 1                                        
             2x2                                                                             4                      6                         2
2008     1 x 1                         1 x 3
            2x2                                                                             4                         8                         1
2009 1 x 1 2x3
2x3 2x2 7 17 2
2010 2x2 lx2
1 x 3 2x3 6 15 2
2011 1 x 1 3 xl
3x2 2x2
1 x 3 2x3 12 23 15


Bij de controles dit jaar hadden we het geluk om niet minder dan negentien volwassen vogels in de nest­kasten bij hun jongen aan te treffen. In zes nestkasten werden beide oudervogels samen aangetroffen en zeven maal slechts één van de ouders.
Vier van de adulte vogels droegen reeds een ring . Hiervan was één ter plaatse geringd als nest jong in 2009 en twee ook daar als volwassen vogels in 2009 en 2010. Beide vogels werden aangetroffen in dezelf­de nestkast als deze waarin ze werden geringd. Ze zijn dus blijkbaar heel honkvast. De vierde gecontro­leerde gierzwaluw droeg een ons onbekend ringnum­mer. Via de ringdienst van het Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen kregen we de herkomst te pakken. Deze vogel was als nest jong geringd door wijlen Hubert Lehaen van ringgroep Noord­Limburg als nest jong in Sint Huibrechts-Lille op 12 juli 2004. Dit is 37 km van Eindhout verwijderd en de gierzwaluw was dus al 7 jaar oud, wat zeker respectabel is. Het opvolgen van deze gierzwaluwenkolonie is op zich een heel boeiende bezigheid . Maar niet minder belangrijk is dat heel veel Eindhoutenaren al vele zomeravonden konden genieten van hun gierende vrienden boven hun dorpsplein. Deze zomer scheerden ze soms met bijna honderd door de Eindhoutse lucht. Slechts een drietal maanden zijn ze bij ons aanwezig om de rest van het jaar continu in de zuiderse luchten te vertoeven. Tot volgend jaar.


Bijzondere waarnemingen
door Herman Berghmans

BIJZONDERE WAARNEMINGEN IN ONZE REGIO juni -augustus 2011
VOGELS
Een koppel fuut bracht 1 jong groot in het Trichel­broek in Eindhout. Dit laatste werd nog eenzaam en alleen waargenomen tot 24.7 (PLD, HEP, VEL, JAS). Twee vogels vlogen die dag over Vorst (LEK). Hun kleiner neefje, de dodaars, werd nog geobserveerd in de Langdonken in Herselt op 8.6 en in Averbode Heide in Tessenderlo op 31.8 (VKJ, VEB, VPJ). Van de aalscholvers pleisterden er maxima van 15 op
17.7 (DAG) en 23 op 15.8 (BEH) in het Trichelbroek. Een fotogenieke kwak verblijft sinds eind augustus op een privévijver in het Zammelsbroek (BEH, PLD, VPJ, VOJ). Een eenzame grote zilverreiger vloog hier over op 9.8 (BEH). De hele periode verbleef hier tevens een ooievaar die in 2008 als jong werd ge­ringd in Planckendael (PLD, ALG,VPJ, BEH, PIR). Op
8.6 vertoefde er eentje in Baaischot (COK). Vijf zwar­te ooievaars trokken over de Netevallei in Itegem op
3.6 (HEF).
Achttien grauwe ganzen vlogen over Averbode Hei­de op 9.8 (VWW). Een 30-tal brandganzen verbleef de volledige periode in Varendank en Trichelbroek (PLD, BEH). Op deze laatste plaats werden op 1.7 1 en op 25 en 27.8 2 mandarijneenden gespot (VEL, PLD). Slechts 1 krakeend werd die periode gemeld op 4.6 uit de Roost in Veerle (BEH). Wintertalingen zwommen met 2 rond op het Trichelbroek op 6.8 en met 5 in Averbode Heide op 26.8 (LEK). Hier verbleef ook een zomertaling op 25.8 (JAG).
Slechts 1 doortrekkende visarend werd gemeld uit Houtvenne op 29.8 (DAG). Telkens 1 bruine kieken­dief verbleef in Averbode Heide van 3 tot en met 9.6 en op 21.8 (DAR), en een mannetje overnachtte in het Zammelsbroek op 12.8 (VKJ, BEH). Een adult mannetje grauwe kiekendief vereerde Averbode Heide met een bezoek op 28.8 (PLD, LEK, VEB). Wespendieven werden op heel wat plaatsen gezien. In Averbode Heide was er een zeker broedgeval met 2 jongen (BEH, VKJ). Op deze plaats werd er op 27.8 heel wat trek geobserveerd met niet minder 24 door­trekkers die dag. Ook boomvalken werden op meer­dere plaatsen genoteerd met als maximum 10 jagen­de vogels boven Averbode Heide op 4, 6 en 27.6 (BEH, ROH).
Fotogenieke kwak in het Zammelsbroek
(foto Dieder Plu) Patrijzen blijven zeldzame verschijningen met tel­kens een koppel in Itegem op 27.6 (JAS) en in Veerle op 1.7. Verder nog 1 in Hallaar op 6.7 (JAS). Mooi was de vangst van een porseleinhoen in het Tri­chelbroek op 2.8 (BEH, VDV). Zeker 1 maar waar­schijnlijk 2 koppels kleine plevieren brachten jongen groot in Averbode Heide. De laatste waameming was op 27.6 (BEH). Witgatjes werden dan weer gemeld uit de Langdonken met maximaal 6 op 24.6 (VDB, NEB), in Averbode Heide met maximaal 10 op 6.8 (HOA, DAR, JAG, VMF, HEM, VLA), In het Trichel­broek met maximaal 10 op 20.7 (MEE, VKJ, PLO, BEH) en in de Roost met maximaal 8 op 13.8 (BEH). Oeverlopers verbleven in het Trichelbroek op 17.7 (2), 13.8 en 14.8 (DAG, VKJ, PLO), in de Roost op
19.7 en 13.8 (2) (VDV, BEH). Ze werden 's nachts overvliegend gehoord in Westerlo op 4.8 en in Ton­gerlo op 20.8 (VEL).
Een groenpootruiter waadde rond in Averbode Hei­de op 17 en 30.8 (HOA, VEB) en 2 in het Trichel­broek op 20.8 (PLD). Overvliegende wulpen werden genoteerd over Oosterwijk op 8.7 (VLA), over Itegem op 22.7 (JAS) en over Herselt op 23.8 (HOA). Een regenwulp passeerde de trektelpast in Avebode Heide op 28.8 (LEK, PLO, VEB). Baltsende hout­snippen trokken nog avondlijke rondjes boven Aver­bode Heide (DAG, BEK, JAS, SCJ, VLA, BEH, DAR, LEK, VMF), in het Trichelbroek en Varendank (BEH). De eerste watersnippen van het najaar verschenen in Averbode Heide op 20.8 en zelfs al 11 op 27.8 hier (LEK, VEB).

Ronkende zomertortels lieten zich nog horen in de Netevallei in Hallaar op 1.6 (VWG), in de Netevallei in Booischot op 17.6 en 15.7 (NAE, DAG) en in de Kwa­rekken in Westerlo op 11.7 (VKJ). Op 13.8 verbleven er 2 en op 14.84 in het Tichelbroek (PLD). De laatste koekoek koekoekte nog op 17.6 in Booischot (NAE) terwijl nog een jonge vogel rondhing in Averbode Heide op 31.8 (VEB). Zeker 6 en waarschijnlijk 7 zangposten nachtzwaluw hebben zich ook deze zomer opnieuw op Averbode Heide gevestigd (VMF, BEH, LEK, VKJ, VDV, DAR, VPJ, PLD e.a.). IJsvo­gels lieten zich opmerken in de Roost te Veerle (PLD, VDV, BEH) in het Trichelbroek, die veel foto­grafen naar de kijkhhut lokte (PLD, VKJ, VEL, BEH , DAG, MEE, PIR e.a.), in de Kwarekken (VKJ), in de Langdonken (VDB), Schaapwees in Westerlo (DAG), Booischot (BLD) en in de Averegten in Hállaar (HUM).
Zwarte spechten werden gezien in Averbode Heide (DAR, BEH, PLD, JAG, LEK e.a.), in Varendonk en Trichelbroek (HEP, BEH), in de Roost (VDV, LEK) en in de Kwarekken (VKJ). Op deze laatste locatie werd ook 1 middelste bonte specht ontdekt op 11 .7 (VKJ). Kleine bonte spechten lieten zich opmerken in het Trichelbroek (VEL, BEH), Averbode Heide (DAR, BEH), in de Nieuwstraat in Vorst (LEK), in de Roost (BEH) en de Netevallei in Booischot (NAE, MAK). Draaihalzen werden geringd in Heultje op 7.8,
21.8 en 28.8 (2) (LEI) en in het Trichelbroek op 17.8 (BEH, VDV). Een roepend exemplaar werd gehoord op Averbode Heide op 22.7 (VWW). Boomleeuweri­ken tureluurden hier nog de hele periode met maxi­maal 18 op 8.6 en 5.8 (DAR). Een duinpieper viel er in op 28.8. Telkens Telkens 1 tapuit huppelde er rond op 21 en 28.8 (DAR, LEK, VEB, PLD) en een paapje op 28 en 31.8 (LEK, VEB, VKJ, VPJ).
Een ringvangst van een waterrietzanger fleurde de ringweek op in het Zammelsbroek op 13.8 evenals 2 snorren die dag (VKJ, BEH, HEM, CRA e.a.). In Heultje liet een grote karekiet zich strikken op 2.8 (LEI) en een orpheusspotvogel in Blauberg op 6.8 (CRA).
Een grauwe klauwier bracht een bezoek aan Aver­bode Heide op 20.8 (LEK, VEB). De laatste wiele­waal van de zomer liet zich horen in het Trichelbroek op 20.8 (BEH) terwijl de eerste sijzen van het najaar verschenen in het Wijngaarbos te Veerle op 23.8 (BEH) en in Oosterwijk op 31.8 (VKJ). Hier vloog ook nog een appelvink over op 20.7 (VKJ) en 1 over Heultje op 11.7 (VDHD). Kruisbekken ten slotte wa­ren deze periode maar dun gezaaid met 7 op 14.6 en 2 op 15.6 te Averbode Heide (VMF, HEM) en 1 over Heultje op 18.7 (VDHD).

Met dank aan volgende waarnemers:
ALG-Alaerts Gery, BEH-Berghmans Herman, BEK­Berwaerts Koen, BLD-Bleys Dirk, COK-Coekel­berghs Karen, CRA-Cristael André, DAG-Daems Geert, DAR-Daems Ronny, HEF-Heylen Francis, HEM-Herremans Marc, HEP-Helsen Paul, HOA­Hollebeke Anthony, HUM-Huysmans Tom, JAG­Janssens Guy, JAS-Janssens Stefan, LEI-Ledegen Ignace, LEK-Leysen Koen, MAK-Maes Koen, MEE­Meyen Eddie, NAE-Nagels Eddy, NEB-Nef Bruno, PIR-Pieters Robert, PLD-Plu Dieder, ROH-Roosen Hans, SCJ-Schrey Jan, VDB-Van Dyck Benny, VDV­Van Dyck Vic, VEB-Verstraete Bart, VEL-Vanermen Lucas, VKJ-Van Kerckhoven Jos, VLA-Van De Laer André, VMF-Van de Meut1er Frank, VOJ-Volders Jos,VPJ-Vervecken Pierjan, VWG-Van den Wyngaert Guido, VWL-Verwimp Ludo, VWW-Vanwesemael Willy
Bijzondere waarnemingen in onze regio tijdens de periode september-november 2011 worden liefst voor 10 december 2011 doorgegeven aan Herman Berghmans via h.berghmans@skynet.be of inge­vuld op waarnemingen.be.

Waterrietzanger (foto Remi Aerts)

Zonnig herfstfeest
door Stefan Janssens

Op 25 september organiseerde Natuurpunt Grote Nete een Herfstfeest met drie evenementen op verschillende locaties in Itegem. De drie evene­menten -open boomgaard, open passiefhuis en Natuurpuntevenement -lagen op wandelafstand van mekaar. Het werd een ongekend succes.
Dit Herfstfeest had als bedoeling om de klassieke Natuurpuntactiviteiten te overstijgen met een groter evenement. Een gedurfde gok en organisatorisch niet zo eenvoudig te verwezenlijken. Doch de inzet van zo'n twintig Natuurpunters, aangevuld met het en­thousiasme van Eddy Vets van Pomona Belgica, An en Korneel van de passiefwoning en de mensen van de milieudienst van de gemeente Heist-op-den-Berg, zorgden voor een vlekkeloos herfstfeest. AI deed het goede weer ook een belangrijke duit in het zakje van het succes. Er daagden dan ook meer dan vierhon­derd mensen op. Een schot in de roos!
Open boomgaard
Eddy Vets en Pomona Belgica zijn een begrip in het wereldje van wie met streekeigen fruit bezig is. En dat op een biologische manier. De boomgaard is een verzameling streekeigen, ongewone fruitsoorten. Met de nadruk op appels. AI zijn er ook heel wat andere fruitsoorten te vinden. Dit jaar was de appeloogst min­der, door de weersomstandigheden . Bij Pomona Bel­gica is er eveneens een biologische moestuin en een gigantische bloementuin. Jaarlijks organiseert Eddy al een open boomgaard in september, maar dit jaar was er een samenwerking met Natuurpunt.
Op 25 september werd de boomgaard van Pomona Belgica overrompeld door volk. Voor Eddy en zijn echtgenote was het dan ook een vermoeiende dag. Opvallend is hoe populair oude fruitrassen momenteel zijn. Veel mensen planten in hun tuin opnieuw één of meerdere fruitbomen en laten zich meer en meer lei­den door een terugkeer naar vroegere fruitsoorten . Ook het biologisch kweken van fruit komt stilaan on­der de aandacht van het grote publiek. Een goede zaak natuurlijk. Zowel voor het milieu als voor ons erfgoed. Wie meer informatie wil over oude appelrassen kan nog steeds terecht bij Pomona Belgica, BeveIse­steenweg 85, 2222 Itegem.

Open passiefhuis
Het idee van het Herfstfeest is ont­staan in de passiefwoning van An en Korneel. De passiefwoning is in op­bouwen het was nu het moment om ze te tonen aan een geïnteresseerd publiek. Nu was de speciale bouw­vorm met de uitzonderlijke isolatie­technieken en de verluchtingsunit goed zichtbaar.
In de passiefwoning werd tot op het laatste moment hard gewerkt om ze in orde te krijgen voor een bezoek van veel mensen tegelijk. Zo werd met medewerking van de buren nog tot laat gewerkt om een stevige, zelf­gemaakte trap ineen te zetten en te plaatsen. De buren werden trouwens beloond met het nodige gerstenat.
De passiefwoning kreeg ook veel volk over de vloer. Grotendeels mensen met bouwplannen, maar ook tal van andere geïnteresseerden kwamen een bezoekje brengen. An en Korneel, versterkt met de mensen van de milieudienst, hadden de han­den vol om iedereen op te vangen en de vele vragen te beantwoorden. Er was dan ook veel te zien in en rond de passiefwoning: waterzuivering door rietveld, doorgedreven isolatie­technieken , speciaal hoogrendement glas, verluchting gekoppeld aan een Canadese buis, zonneboiler ... Het

Veel belangstelling voor de insectentoren (foto Stefan Janssens)
mekka voor de milieuvriendelijke bouwheer.
Natuurpuntevenement
Wij van Natuurpunt hadden zelf onze intrek genomen in de tuin van Stefan en Brigitte. Hun tuin is niet echt een 'natuurlijke' tuin, maar een typische tuin in Engel­se stijl. In de tuin stond voor de gelegenheid een tent met een grote Natuurpunt-informatiestand en een hele verzameling nestkasten.
In de namiddag vertrokken vier geleide wandelingen, ofwel richting Kijfbossen, ofwel richting vallei van de Grote Nete. Natuurgidsen loodsten de wandelaars langs de mooiste plekjes van de buurt. Achteraf kre­gen we veel positieve reacties van mensen uit de buurt: ze waren op plaatsen gekomen waar ze nog nooit waren geweest. Er was veel lof voor de gidsen en hun gedegen kennis en boeiende verhalen over de natuur.
In de tuin zelf gaf Stefan continue rondleidingen met als thema. Niks te zien in de tuin? Breng meer natuur in je tuin. Er was een parcours uitgezet met borden

met tips hoe je je tuin natuurvriendelijker kunt inrich­ten. Er was zelfs een insectentoren gebouwd.
Passeerden de revue om je tuin natuurvriendelijker te maken:
-insectentoren -vleermuiskast -vlindertuin -pannen en stenen voor amfibieën -hommelpotten -verruigd stukje gras met allerlei herfstbloeiers -nestkasten van mees tot bosuil -drinkbakjes
Voornamelijk de insectentoren, de hommelpotten en de vlindertuin vielen erg in de smaak.
Het Natuurpunt Herfstfeest mag zonder schroom een geslaagd evenement genoemd worden. Veel mensen maakten voor het eerst kennis met onze vereniging en onze inzet voor de natuur.
 

Een beetje plezier
door Jo Van Dessel
 

Sinds geruime tijd worden we weer overspoeld door allerhande tijdingen over het einde van de wereld. Volgens ingewikkelde berekeningen zou 'het eind der tijden' zo ongeveer ter hoogte van onze voor­deur staan te wachten. Nu heb ik sinds mijn jeugd­jaren al menige keer mijn voordeur opengetrokken op de dag des onheils, en tot nog toe moet ik zeggen dat het behoorlijk is meegevallen.
Bij de, overigens moedig volhardende, getuigen van Jehova is bijna elk decennium de wereld lichtjes ver­gaan. Misrekening? Aanzwengeling van het ledenbe­stand door het verspreiden van de onheilsboodschap? Inspelen op het onveiligheidgevoel (trouwens een woord dat pas sinds een tiental jaren opduikt) dat ons via de media de strot wordt ingeduwd? Wie zal het zeggen?


The rich have gat their channels in de bedroom of the paar (Leanard Cahen)


Andere groeperingen vinden dan weer dat alle grote gebeurtenissen in de geschiedenis het gevolg zijn van zorgvuldig uitgekiende complotten door 'hogere mach­ten'. Nu weten diegenen onder ons die af en toe eens een boek doornemen (geen kookboek, BV-biografie of krimi) dat er op onze bol behoorlijk wat afgesjoemeld en geregeld wordt zonder dat de brave burger daar enig besef van heeft of geacht wordt dat te hebben. Grote financiële lobby's zijn al eeuwen bezig met het uitmelken en uitpersen van de planeet en de door dor kapitaal gestuurde politiek is verworden tot afhankelijke navelstaarderij en zéér kortetermijndenken.

Ook onze voorvaderen waren blijkbaar al bezig met het eind van onze al dan niet door één of andere god geschapen aarde. Onze vriend Nostradamus had er een handje van weg om ons wat toekomend onheil te wensen, en ook de Maya's hadden hun eigen aftelkalender. Nu ben ik, Plezier
Gun jezelf wat plezier gun jezelf toch dat beetje plezier nu je nog jong bent en leeft voor je vertrekt en vergeet voor je grijs wordt en beeft nieuwsgierig als ik ben, ooit eens naar een overigens interessante voordracht over de Mayakalender afgezakt. Het publiek bestond, met alle respect, uit hoofdzakelijk keurige koppels met een beetje angst in de ogen. De Nederlandse spreker had de gave van het woord en gaf op de zijn volk eigen gladde en radde manier zijn visie op de kalender. Heel wat behoorlijk interessante feiten over hoe dit oude cultuurvolk de wereld en de toekomst zag, kwamen aan het licht, maar om daar meteen het absolute einde zo ongeveer op het eind van volgend jaar aan vast te koppelen, leek me wat vergezocht.

Dat het hoog tijd is dat we, al was het maar om het leven hier voor onze nakomelingen nog een beetje aangenaam te houden, onze levenswijze best wat aanpassen lijkt me duidelijk. Respect voor de natuur in al zijn geledingen is zo wat het minste wat we zouden moeten hebben. Spaarzaam omgaan met wat er nog rest, ons afval beperken en recycleren de kracht van de natuur gebruiken i.p.v. ze te willen temmen. Kwaliteit boven kwantiteit stellen. Langzaam vorderen tegenover als een gek meehollen met al wat ons in de maag gesplitst wordt als onontbeerlijk. Onze kinderen (geen kids die het moeten hebben van qua/ity time) opvoeden met aandacht voor de wereld rondom ons en niet voor het schijnproces op de buis. Tijd nemen voor onszelf en dus ook voor elkaar. Meer geven dan nemen. En vooral proberen een beetje plezier te hebben zolang we hier zijn. Haat en nijd en afgunst kosten zoveel energie en verzuren ons korte verblijf op dit ondermaanse. Verwondering i.p.v. bewondering, een gezonde kijk i.p.v. het opkijken en slaafs volgen van zelfverklaarde goeroes en vooral: zachtjes aan dan breekt het lijntje niet.

Zo zou het ook kunnen, maar zoals Phil Bosmans van De Bond Zonder Naam al zei: Verander de wereld, begin bij jezelf. Ik zal het proberen.

Als uitsmijter bij dit sermoen nog volgend gedicht.
gun jezelf wat plezier
gun jezelf toch dat beetje plezier
voor het lijden begint
en je wegkwijnt
voor je de ogen sluit
voor je sterft en verdwijnt

 

Zegswijzen over plant en dier

Uit: 'Wat van eksters komt, huppelt graag', WPPostma & E.A. J. Scheepmaker
Boontje komt om zijn loontje.
De betekenis van dit spreekwoord is: men krijgt zijn verdiende loon, of: het kwaad straft zichzelf. Boontje is een gepersonifieerde witte of bruine boon uit een sprookje van de gebroeders Grimm (ca 1825): Boontje, Strootje en Kooltje-vuur gingen gezamenlijk de wijde wereld in. Algauw kwamen ze voor een wa­tertje, dat hun het verdergaan belette. Na enig be­raad vonden ze een mogelijkheid om over het water te komen. Strootje, de langste van de drie, ging er dwars overheen liggen en Boontje bereikte over deze 'brug' veilig de overkant. Kooltje-vuur volgde het voorbeeld van Boontje, maar nauwelijks halverwege zette zijn gloed Strootje in vuur en vlam, zodat die verbrandde. Zelf stortte Kooltje-vuur te water en sis­send blies hij zijn laatste stoom af. Boontje, die alles van de kant af had zien gebeuren, lachte zich te barsten, letterlijk. Wie heden ten dage een boon wat nauwkeuriger bekijkt, kan het litteken duidelijk zien zitten. Boontje kreeg om zijn leedvermaak zijn verdiende straf, zijn loontje.
Gedicht
door Jo Van Dessel
Septemberavond
Zo zacht de wind zo koel de schaduw langzaam zakt de zon
zo blauw de lucht zo groen nog het lover ik zit naast de regenton
zo vroeg de avond zo helder de nacht de zilveren maan zegt dat jij op me wacht Maar hoe zit het nu in werkelijkheid met dat litteken? Bonen en erwten zijn peulvruchten, wat wil zeggen dat ze als zaden in een beschermende peul groeien. Inde peul krijgen ze hun voedsel via een soort van navelstreng, waarmee ze met de peul zijn verbonden. Bij het doppen van tuinbonen en erwten is een litte­ken achtergebleven en dat kwam de sprookjesschrij­ver goed van pas.

Het sprookje van Boontje, Strootje en Kooltje-vuur is al vrij oud . De gebroeders Grimm verzonnen het niet zelf, het was een volksverhaal dat al veel langer be­stond. We komen het al tegen bij Adriaan Poirters (1605-1674) in zijn belangrijkste boek Het Masker van de Wereldt afgetrocken: 'Hoe waerachtigh is het Fabelt jen van Stroycken, KooitjeVier en Baant jen. Dese dry gaende uyt wandelen quamen aen een plasken waters, Stroycken ginck ligghen als een brughsken, Kooltje Vier goncker over, Stroycken brande in twee stucken, Kaalt jen Vier viel in't water, Baant jen begoste alle beyden te begecken.'

 

 

 

 

terug naar>>  Natuurpunt afdeling Grote Nete
Laatste aanpassing gebeurde op: 18.11.2011 10:41:32
                              
Info en tips: 
webverantwoordelijke