Algemeen                                        
Ontstaan
Tot en met de 1 ste Wereldoorlog    
Het Interbellum en verder tot nu
Algemeen
De geschiedenis van het Kamp van Beverlo is onafscheidelijk verbonden met de geschiedenis
van de gemeente Leopoldsburg, daar deze als het ware uit het Kamp is geboren.
Ook is die gemeenschappelijke geschiedenis sterk beïnvloed geworden door alles wat zich in ons
landje afspeelde. Onze nationale geschiedenis loopt als het ware als een rode draad door het
ganse verhaal van het kamp .
Ontstaan
Napoleon werd verslagen te Waterloo , en de toenmalige mogendheden besloten België te laten
samenvallen met Holland en er het Koninkrijk der Nederlanden van te maken onder de Prins van
Oranje die dan ook Koning werd geproclameerd in Maart 1815 .
Koning Willem I was 42 jaar oud , en was voor die tijd een vorst die er mocht zijn , hij was een
soort verlicht despoot met zeer goede ideeën , die het echt goed voorhad met zijn nieuwe
koninkrijk . Zijn enige nadeel was eigenlijk dat hij kost wat kost steeds zijn zin wou doordrijven ,
en daardoor ongewild mensen tegen zich in het harnas joeg. Door allerlei zaken steeg de
misnoegdheid van de Belgen (het invoeren van de godsdienstvrijheid, het afbetalen van de staatsschuld
die in feite enkel door de Hollanders was gemaakt, het invoeren van het Nederlands als officiële
taal waardoor alle belangrijke functies naar Hollanders gingen omdat Belgen het Nederlands niet
machtig waren)
Het ging dus van kwaad naar erger , het wantrouwen en de achterdocht groeiden zienderogen ,
en Willem maakte de grote fout geen enkele concessie te willen doen .
Intussen geraakten alle Europese mogendheden in een kleine economische crisis , die alleen maar
voortkwam uit een overproductie in alle landen en een overprotectie van de eigen goederen ,
die zich uitte in een drastisch duurder worden van het dagelijkse leven .
Natuurlijk werd de schuld van dit alles door de Belgen in de schoenen van de Koning geschoven.
Het was nu enkel nog wachten op de spreekwoordelijke vonk die de lont in het kruitvat moest
aansteken . En deze kwam tijdens de opvoering van de opera "La muette de Portici" ,
die sinds 1 augustus 1830 op het programma stond van de Muntschouwburg . Die opera vertelt het
verhaal van de onderdrukte inwoners van Napels die zich verzetten tegen de Spanjaard .
24 augustus verjaarde de Koning . Te Brussel waren alle feestelijkheden afgeschaft uit schrik
voor rellen , maar dat verwekte natuurlijk ook weer wrevel . s' Anderendaags stonden opgezweepte
jongelui na het vierde bedrijf van de opera op en scandeerden : "Allez , allez , op naar de
National" (een krant die de koning steunde) . En zo ontstond een regelrechte opstand met plunderingen
en branden. Magazijnen van wapenhandelaars werden geplunderd, machines werden kapotgeslagen,
er vielen twee doden . De oude kleuren van Brabant werden aan het raadhuis gehangen
(rood-geel-zwart) , en onder die vlag wensten de Belgen een eind te maken aan het Nederlands gezag .
De weinige Hollandse troepen tegenwoordig in Brussel moesten onverrichterzake de terugtocht
blazen. Einde september stuurde de Koning nog zijn beide zonen met 10000 man naar Brussel,
maar de opstand was reeds te groot geworden en ook die mensen moesten zonder succes terugkeren.
Op 4 oktober riep de Voorlopige Regering de onafhankelijkheid van België uit.
In het voorjaar van 1831 aanvaardden de mogendheden de scheiding van Holland en Belgie , en
spraken zich uit voor Leopold von Sachsen Coburg als kersverse vorst van het nieuwe België.
Dit was het begin van een oorlog tussen Holland en België die nog een negen jaar zou duren.
De Belgische Koning kreeg van het parlement de toelating het leger te hervormen en te versterken
met Franse en Poolse Officieren . Er werden oefenkampen opgericht , zo waren er te Diest en te
Zonhoven , en nog een paar kleinere verspreid over het ganse land . De koning wilde echter een
groot kamp waar infanterie, cavalerie en artillerie samen konden oefenen , dat bovendien beschutting
zou geven tegen de Hollandse invallen . Op 3 oktober 1834 ging hij met de generaals Hurel en
Magnan op verkenning naar de grote heide van Beverlo . De koning was onmiddellijk voor de plek
gewonnen . In maart 1835 keurde het parlement de bouw van het Kamp van Beverlo goed . De heide
bood vele voordelen , militair omdat de plek dicht tegen de Hollandse grens lag , economisch daar
de gronden spotgoedkoop waren , om hygiënische redenen door de aanwezigheid van drinkwater .
De bouw kon beginnen .
In mei 1835 begonnen de grote werken . Het terrein werd afgebakend en geëffend , toegangswegen
werden aangelegd . Vanuit het kamp van Diest werden 420 barakken afgebroken en aangevoerd ,
tenten en strohutten werden , daar waar nodig opgetrokken en 48 drinkwaterputten werden gedolven.
In juli werden een koninklijk paleis , een paleis voor de minister van oorlog en drie
generaalspaviljoenen gebouwd .
Het Kamp was in augustus klaar. Periodiek waren er 20000 militairen op kampperiode voor een duur
van 4O dagen . De Koning bracht gedurende elk van die periodes vijf dagen door te midden van
zijn jonge leger .Daarbij liet hij grote maneuvers plaatsgrijpen . Op de laatste dag van zijn
verblijf werden de troepen aan hem voorgesteld , moment waar hij de troepen schouwde en
beloningen uitdeelde . In het kamp oefenden infanterie , cavalerie en artillerie samen .
Het ging hier om een Europese primeur .
Naar boven
Tot en met de 1 ste Wereldoorlog
Samen met die massa militairen waren ook de eerste burgers toegekomen . Ze trokken "strooien" hutten op binnen het infanteriekamp en tussen de paviljoenen van de generaals. Smalend werd het geheel het "strooien dorp" genoemd .
Maar onze voorouders hadden met de waard geen rekening gehouden . Hevige windvlagen brachten grote schade aan aan barakken , tenten en strohutten en het stuifzand werd overal doorheen gejaagd . Het eigenlijke kampleven werd door het vele herstelwerk , dat veel tijd in beslag nam ,belemmerd .
Zo werd in 1837 het infanteriekamp vervangen door negen carrés in het oostelijk deel van het kamp op een lijn Noord - Zuid . Elke carré was een kazerne van 90 m in het vierkant , en bood plaats aan 900 soldaten . De muren waren gemaakt van hout en leem , en de daken waren bedekt met stro . Er werden ook twee dergelijke kleine carrés opgetrokken in het ambulancekamp .
Het Cavaleriekamp daarentegen moest niet worden hersteld daar het meer op de westzijde van het kamp lag en dus beter beschermd werd tegen wind en zand .
Ondanks het feit dat strohutten bleven bestaan tot vlak voor de Eerste Wereldoorlog werd er vanaf 1850 overgegaan tot het bouwen met goed metselwerk , want omtrent die periode was men er ook achtergekomen dat Beverlo tot een permanent kamp moest uitgroeien. Feit is ook dat in het "strooien dorp" met al zijn cafés , en in de carrés die uit erg brandbaar materiaal bestonden, regelmatig afgerekend moest worden met kleine of grote branden .
Daarom werd er vanaf 1846 enkel nog met goede baksteen gebouwd , en tussen de kazernes werden lanen getrokken die een breedte hadden variërend van 10 tot 30 m , beplant met bomen .Het nieuwe infanteriekamp werd gebouwd vanaf 1849 , het cavaleriekamp pas in 1870 . Er werd ook een gevangenis opgetrokken in 1856 , de Malakoffgevangenis .
De naam Malakoff herinnerde aan de Malakoff vestiging bekend uit de toenmalige Krimoorlog . Het gebouw bestond uit een toren van 10 m hoog met slechts één verdieping . Het was er zeer vochtig en ongezond . Hij werd gebruikt tot juist voor de Eerste Wereldoorlog .
Een andere belangrijke inplanting was het Militair Hospitaal , waarvan de bouw in 1841 werd aangevat .
We vonden er twee administratieve gebouwen met verdieping en acht lossen paviljoenen zonder verdieping . Ze waren allemaal verbonden door een gang , die toeliet het ganse hospitaal rond te wandelen zonder buiten te moeten komen . Op Europees niveau was het voor die tijd een van de modernste instellingen .
Tegen 1870 kreeg het kamp zijn definitief uitzicht dat bewaard werd tot 1913 , jaar waarin nog een aanvang werd gemaakt met de bouw van zes grote messes , voorzien van elektriciteit en centrale verwarming .
In 1914 werd een aanvang gemaakt met het elektrisch net van het kamp . Deze realisatie werd onder de Eerste Wereldoorlog door de Duitsers verder uitgewerkt .
Zoals reeds aangehaald , was de "grote heide van Beverlo" een grote open vlakte waarover de wind vrij spel had, en dus soms zeer veel schade aanrichtte aan de verschillende kampen .
Daarom werd in 1837 een aanvang gemaakt met de aanleg van parken rond de paleizen , en massale aanplantingen ten oosten van het kamp . Door de toenmalige minister van Oorlog Chazal , werd de tuchtcompagnie , de mannen van de "compagnie sans floche" naar het kamp gestuurd om er als goedkope werkkracht te fungeren . Onder leiding van Officieren van de Tuinbouwschool te Gembloers , en enkele Genie Officieren werd een prachtig park aangelegd. Rond 1851 was de klus zo goed als geklaard .
Het "strooien dorp" kende intussen een steeds maar grotere bevolking , en de legerleiding kwam tot het besluit dat de aanwezigheid van al die burgers in het kamp , de tucht en de goede zeden van de manschappen niet ten goede kwam , en verordenden dat tegen 1 mei 1848 alle burgers het kamp verlaten moesten hebben . Velen van hen vestigden zich ten zuiden van het kamp aan de zogenaamde "korteketenbrug" . En , we kregen daar een buurt van jewelste met cafés , café chantants , cabarets , restaurants en ja, ook enkele gewone burgerhuizen . Het Frans was in die tijd nog de voertaal , zeker bij de officieren , en daardoor kwam het dat het woordje "korteketen" algauw door "contrequette" werd vervangen . Maar ook ten westen van het kamp waar de regering in 1842 een terrein van 26 Ha had afgestaan , dank zij een zekere generaal Hurel , nam de bevolking toe , en werd de verkaveling door de dankbare burgers "Hureldorp" genoemd . Door de voortdurende toename van de bevolking viel de administratie voor Beverlo te zwaar uit en zodoende kreeg het Hureldorp zijn onafhankelijkheid in 1850 (1 juli). Al gauw bleek dat de naam "Hureldorp" eigenlijk een slechte keuze was , want door de vermeende aanwezigheid van enkele nogal frivole dames, sprak men in de volksmond snel van het "hoerendorp" , wat bij de meerderheid van de bevolking niet in goede aarde viel . Snel werd naar een nieuwe naam gezocht , de keuze was niet moeilijk , want geen enkele gemeente of stad in België werd door de Koning zoveel bezocht. De naam "Leopoldsburg" werd tot ieders voldoening een mooie naam voor een uniek dorp .
Even voor de Eerste Wereldoorlog groeide het kamp uit tot het grootste en meest moderne van Europa , 40000 militairen en 4000 paarden konden er worden ondergebracht, voeding werd verstrekt in zeer grote moderne messcomplexen , geoefend werd op ruime oefenvelden en ultramoderne schietstanden .
Leopoldsburg leefde . Jaarlijks marcheerden de eenheden van alle Belgische garnizoenen in dagmarsen naar het kamp , om uiteindelijk , met de muziekkapel op kop , Leopoldsburg binnen te marcheren . 's Avonds kon men in de gemeente over de koppen lopen . Iedereen trok er op uit . In de meeste cafés speelde een orkestje en kweelde een of ander zangeresje . De voertaal was hoofdzakelijk Frans . Inderdaad , onze gemeente is lang een franstalig bastion geweest midden in de Kempen , en dit vooral door de aanwezigheid van hoge Officieren . De winkelier die zijn zaak respecteerde zocht naar een franstalige naam . Men vindt er nu nog enkele van terug : "Maison Tessens , Au Prince Royal , enz." .
Op 27 Oktober 1914 viel het kamp , ongeschonden , in handen van de Duitsers . Door hen werden de grote messes en het Militair Hospitaal verder afgewerkt , plus zorgden ze voor de verdere elektrificatie van het kamp .
De bezetter gebruikte Beverlo als opleidingskamp van waaruit regelmatig verse troepen naar de IJzer werden gestuurd . Helaas werden hier ook proeven verricht met gifgas , dat later zoveel slachtoffers zou maken .De Duitsers legden hier ook een kerkhof aan voor hun gesneuvelden ; het gaat hier om het huidige Belgische Militaire Kerkhof , dat door de oudere Kampenaars nog steeds het "Duits Kerkhof" wordt genoemd .
Naar boven
Het Interbellum en verder tot nu
Tussen beide wereldoorlogen werd de trend van juist voor de grote oorlog verder gezet en bleef het Kamp van Beverlo het modernste van Europa .
De Tweede Wereldoorlog begon voor het kamp met een bombardement op de infanterieschool en de Tucht Compagnie, en dit op 10 mei . Op die manier werden mannen , die niet goed genoeg waren voor de oorlog hier de eerste slachtoffers.
Het Kamp viel terug in handen van de bezetter. Het infanteriekamp werd een opleidingskamp, terwijl het cavaleriekamp gebruikt werd als concentratiekamp, van waaruit velen vertrokken naar de uitroeiingkampen om nooit meer, of zwaar verminkt, terug te komen. Anderen werden gefusilleerd in het Gemeentebos te Hechtel (op deze plaats is heden het Monument van de Weerstand opgericht).De week voor Pinksteren in 1944 lag het in de bedoeling het kamp te bombarderen. Doch de geallieerde vliegers vergisten zich, zodat de Zuidstraat van Beverlo-dorp zwaar getroffen werd. De piloten die door het Duitse afweergeschut werden neergehaald, werden door de plaatselijke bevolking afgemaakt . De ondergrondse beweging bracht Londen op de hoogte van de vergissing. De fout werd hersteld op Pinksteren. Een twintig minuten durend bombardement vernielde het ganse infanteriekamp. Dit betekende voor 6000 Duitsers een gewisse dood. Men schreef toen 28 mei 1944.
Op 4 september verlieten de Duitsers het kamp waar ze 900 gevangenen achterlieten, die door de plaatselijke autoriteiten werden vrijgelaten. Dertig onder hen konden niet huiswaarts keren en werden voorlopig ondergebracht in de vroegere brouwerij Leopold. Op 06 september kwamen enkele soldaten van "SS Divisie Langemark" voorbij, grepen 28 van hen vast en brachten ze naar de beek ten noordwesten van het station waar ze werden neergeschoten. De beek kreeg nadien de naam "treurgracht" toebedeeld.
Na de bevrijding werden vele "incivieken" ingezet om het puin te ruimen. Het kamp werd terug opgebouwd, maar bereikte nooit meer het niveau van tussen de beide wereldoorlogen. De nieuwe kwartieren zijn heel wat kleiner dan de vroegere secties .
En hoe ziet het Kamp er op de dag van vandaag uit ?
Het militair domein strekt zich uit over het grondgebied van vijf verschillende gemeentes , nl. Leopoldsburg , Hechtel Eksel , Houthalen Helchteren , Heusden Zolder , en Beringen. Onnodig te vertellen dat het kamp dan ook met deze gemeenten nauwe contacten heeft bijvoorbeeld voor wat bescherming van het milieu betreft of het organiseren van allerlei activiteiten door allerhande organisaties of bewegingen op de terreinen .
Het ganse domein beslaat ongeveer 55 km2 en het geheel wordt doorsneden door de grote steenweg Leopoldsburg - Hechtel. Noord van deze baan vinden we voornamelijk de schietstanden terug met in het oostelijke gedeelte nog een stuk oefenterrein . Dit geheel beslaat een oppervlakte van ongeveer 16 km2 . Zuid van de baan vinden we de eigenlijke oefenterreinen terug die over een oppervlakte van ongeveer 33 km2 zijn verspreid . Dit stuk terreingedeelte wordt doorsneden door het natuurreservaat "De Zwarte Beek" . Dit stuk terrein is in concessie gegeven aan VZW Natuurreservaten die daar bepaalde beheerswerken verrichten . West van de oefenterreinen vinden we de zone van de kwartieren en de residentiële wijken . Deze zone is intussen uitgegroeid tot een soort dorp aan de rand van de gemeente Leopoldsburg .
Leopoldsburg groeide met het kamp of ging er mee ten onder . Beide gemeenschappen zijn ook nog steeds zeer van mekaar afhankelijk en er is hier geen verenging denkbaar zonder militairen leden die er soms zeer actief zijn of zelfs een leidende rol spelen .
Met de komst van de 1 Mec Bde in 1970 nam de bevolking aanzienlijk toe en deed dat gedurende de laatste jaren nog door de komst van zowel het 1 JP als de Ps Cav Sch.
Het Kamp van Beverlo , wanneer men in garnizoenstermen spreekt is terug geëvolueerd naar het grootste garnizoen in België .
De onderkomens van de verschillende eenheden bieden momenteel ruimte voor ongeveer 4000 man .Werkelijk zijn er zo een 3870 . Daarmee worden bedoeld actieve militairen die in het garnizoen gelegerd zijn .Dit betekent niet dat ze allen in Leopoldsburg woonachtig zijn . Daarnaast bieden de overige installaties plaats aan een bijkomende 3000 man , die hier hun kampperiodes komen doorbrengen . Buiten de eenheden , die over hun eigen horeca aangelegenheden beschikken , vinden we in de schoot van het kamp nog het messcomplex terug , dat dagelijks voor maximum 2000 dagrantsoenen kan zorgen . Op de huidig beschikbare trainingsinstallaties kunnen ongeveer 1000 man tegelijkertijd worden tewerk gesteld en kunnen er voor een maximum van 3000 man oefeningen uitvoeren op de beschikbare terreinen .
Het Kamp van Beverlo blijft op militair vlak het grootste kamp van België , en zal blijven proberen het clientèle zo goed mogelijk te bieden waar het recht op heeft . In het kader van de talrijke opdrachten die momenteel door de troepen moeten worden uitgevoerd, zijn de mogelijkheden tot training zoals ze in het kamp voorhanden zijn een pure noodzaak.
De militairen hopen daarbij op volledig begrip van de omwonenden en proberen zoveel mogelijk samen te werken om te komen tot een werkelijk voorbeeldig nabuurschap op alle gebied . En daarbij valt natuurlijk niet te vergeten dat zij samen met de burgers van Leopoldsburg , fier zijn op het historisch erfgoed en daarmee ook naar buiten willen komen .
Naar boven
|