Emigratie

 

In het midden van de 19e eeuw en vanuit de dorpen van Waals Brabant gelegen in de driehoek Wavre-Perwez-Gembloux alsook het noorden van de provincie Namen, emigreerden tal van mensen. Deze emigratie naar de VS is gekenmerkt door haar omvang, haar korte duur, en het feit dat de emigranten zich in de zelfde streek vestigden, het Noord Oosten van de Wisconsin. Zij bleven er gegroepeerd tot in de laatste tijden, en bewaarden er in hun dagelijks leven de tradities van hun geboortestreek, en ook hun taal. Tal van artikels en studies werden aan dat onderwerp gewijd, en het is onmogelijk hier deze gebeurtenissen in enkele woorden te schetsen.

Welke waren de voornaamste oorzaken van deze emigratie ?
Eerst de vermindering van de opbrengst van de landbouw. De verbrokkeling van de grond te wijten aan de erfenissen, en de hoge prijs, liet de jonge gezinnen niet toe een familie deftig te onderhouden. De industrialisatie, in volle evolutie, trok voordeel uit een groeiende mechanisatie, terwijl de landbouw door voorbijgestreefde werktuigen zich tevreden moest stellen met middelmatige opbrengsten.

Gezien de strenge winter 1844-45 het verlies van het winter graangewas tot gevolg had, werden aardappelen geplant. Maar de zeer vochtige zomer van 1845 en de ontwikkeling van een woekerdier vernietigden de oogst in meerdere Europese landen. De bevolking leed aan hongersnood. Er waren zelfs onlusten, des te meer dat de volgende jaren even slecht waren. Tyfus en cholera epidemieŽn maakten nog meer slachtoffers in de verzwakte bevolkingen. In Ierland had de hongersnood de dood van 800.000 mensenlevens opgeŽist met als gevolg de massale uittocht van een miljoen mensen naar de VS.

Deze rampen droegen zeker bij tot het vertrek van tal van families. Anderzijds lanceerde op dat ogenblik de regering van de Verenigde Staten van Amerika een uitzettingsprogramma naar het Westen. Zo trachtte zij de grote oppervlakten van de Middle West door de landbouw op te waarderen. De Staat Wisconsin, lid van de Vereniging sinds 1848, verkocht grond tegen lage prijzen en was op zoek naar kandidaten voor de exploitatie ervan. Propaganda werd gevoerd tot in onze dorpen, met behulp van wervingsagenten en zeevaartmaatschappijen.

Een eerste groep verliet Grez-Doiceau in 1853 en werd vlug gevolgd door andere uit de streek, gedurende de voornaamste emigratiegolf, tussen 1855 en 1857. Op de in het algemeen pijnlijke avertocht volgde de onzekerheid van de installatie en de moeilijkheden van de ontbossing, noodzakelijk voor de landbouw. Men kan zich moeilijk de moed inbeelden die deze pioniers moesten aan de dag leggen. Niettemin maakten zijn nu deel uit van een land waar zij het stemrecht hadden - hun landgenoten gingen nog vijftig jaar moeten wachten - en hun grond was hun eigendom. Na twee nieuwe beproevingen, de Secessieoorlog en het "groot vuur" van 1871, die grote vernietingen en meer dan duizend slachtoffers eiste, begon de streek te bloeien en kon ze een toekomst bieden aan de talrijke afstammelingen van deze Walen uit Amerika.

Verenigingen hebben banden gelegd met de afstammelingen van deze pioniers, hebben neven en nichten ontdekt en bijeenkomsten georganiseerd.
Internet en het huidig succes van de genealogie laten een vlugge uitbreiding toe van deze relaties. Ik heb zo de afstammelingen teruggevonden van meerdere takken van mijn familie, namelijk deze van
Jean Baptiste Dewit en Josephine Delfosse
en zijn neef
Charles Joseph Dewit en Anne Marie Sambre
die Tourinnes St Lambert verlieten in 1856.