è MENU  Accueil/Onthaal   Patronymes/Patroniemen   Branches/Takken     Notices/Noticies

ALGEMENE INLEIDING

 Geüpdatet 10/2003

De vertaling van deze algemene inleiding is te danken aan Veronique BERKEIN.

De andere vertalingen heb ik getracht zelf te maken : gelieve mij voor de fouten te verontschuldigen.

Met dit onderzoek betreffende de genealogie van het patroniem "BERQUIN" werd een aanvang gemaakt eind 1998.

Georgette BERQUIN ging op onderzoek  naar haar voorouders in VIEUX-BERQUIN. Ze vond een werkje getiteld "Généalogie de la Famille de Berquin - XIIIe-XVIe siècles", gepubliceerd door M. Fabrice de MEULENAERE in het tijdschrift "L'Intermédiaire des Généalogistes - De Middelaar tussen de Genealogische Navorsers" (Brussel, 3e trimester 1994) volgens hetwelk de oorsprong van onze naam zich zou situeren in de heerlijkheid van VIEUX-BERQUIN, niet ver van BAILLEUL in het Département du Nord.

Georgette BERQUIN kwam via de telefoongids in contact met René BERQUIN. Diens grootvader, Karel-Romaan "Romain" BERQUIN, had zijn stamboom terug kunnen brengen tot een zekere Jacobus BERQUIN, geboren rond 1600. Deze laatste leefde in HOUTKERQUE in het Département du Nord, niet ver van VIEUX-BERQUIN en dus circa 50 jaar na de verdwijning van de laatst gekende vertegenwoordigers van de heren van BERQUIN, die ons patroniem droegen.

Zo hebben we ontdekt dat Georgette in deze stamboom inpast via een gemeenschappelijke betovergrootvader, Jean-Baptiste BERQUIN, geboren in 1802. Georgette en ik besloten dus, na het ontdekken van onze gemeenschappelijke verwanten en door onze gedeelde interesse voor dit onderwerp, ons te verenigen in een algemeen onderzoek naar de leden van onze families. Verschillende correspondenten die onze naam dragen, zowel in Frankrijk, in België als in  het buitenland, hebben ons vervoegd.

HISTORIEK "BERQUIN"
 
DE HEREN van BERQUIN                            "A LA BONNE FOY BERQUIN"

Het dorp VIEUX-BERQUIN (of Vies-Berkin, Wies-Brequin, Vetus-Berquinum, ...) zou zijn oorsprong danken aan de ontginning, bevolen door de Graaf van Vlaanderen, Robert 1 de Fries (o 1030 + 1093). Zijn zoon,  graaf Robert II van Jeruzalem (°1093 + 1111) en diens vrouw Clemence van Bourgogne, verleenden  "à nos hommes de Berkin" een keure die in 1160 door hun zoon, de graaf van Vlaanderen Thierry van den Elzas († 1168) werd hernieuwd. Deze liet de gronden meer naar het zuiden ontginnen en zo ontstond het dorp NEUF-BERQUIN (of ZUIT-Berkijn), Vieux-Berquin werd aldus Noort-Berkijn.

De oudste dragers van de naam BERQUIN zouden Boidin de BERKIN zijn, kanunnik van Sint-Bartholomeus in Bethune, en Boidin de WIES-BREQUIN, die in 1229 gronden in Vieux-Berquin ontving uit handen van de Graaf van Vlaanderen, Ferrand van Portugal en diens vrouw Gravin Jeanne van Konstantinopel.

Daaruit vloeide een lijn  van heren van BERQUIN voort die zich vertakte over 9 generaties (tak 1A) en uitmondde bij een zekere Jean de BERQUIN († rond 1560). De gronden van de heren van BERQUIN werden  in beslag genomen ten gevolge van de veroordeling van een van hen; wellicht de meest illustere: ridder Louis de BERQUIN. Deze, lid van de raad van Frans I, vriend van Clément MAROT en ERASMUS, publiceerde boeken waardoor hij zich deed opmerken omwille van zijn ijver ter verdediging van de gewetensvrijheid. Hij werd vervolgd door de inquisitie en omwille van zijn overtuiging veroordeeld tot de brandstapel.  Hij werd samen met zijn geschriften op de place de Grève te Parijs verbrand op 17/04/1529.

Na de terechtstelling van Louis de BERQUIN, werden diens bezittingen door zijn suzerein, keizer Karel V in beslag genomen en het leengoed BERQUIN werd opgekocht door Philippe d'ORLEY, heer van PLESSY een naburige heerlijkheid waar deze van BERQUIN van afhing. Vervolgens werden de leengoeden BERQUIN en PLESSY afgestaan aan Louis de GRIBOVAL, man van Adrienne de BERQUIN, tante van de terechtgestelde. De heerlijkheid ging vervolgens naar hun afstammelingen om aan de vooravond van de Franse revolutie in het patrimonium van Markiezin Marie-Paule de RODRIGUEZ  uit te monden. Sommige van deze GRIBOVAL afstammelingen vinden we terug onder de notabelen als burgemeester en schepenen van het 'Brugse Vrije'.(tak 1B)

 
DIAMANTSLIJPEN
Even voor deze laatsten vindt men rond het midden van de XVe eeuw in Brugge (is er een verband tussen de twee?) ene Louis de BERQUEN, genaamd "Louis BERQUIN", terug, edelsteenslijper, die bekendheid verwierf door het uitvinden of perfectioneren van het diamantslijpen met 32 facetten en er een heel uitzonderlijke sleep voor KAREL de STOUTE. Hij emigreerde naar Parijs en enkele van zijn nakomelingen vestigden zich als edelsmeden in Calais, waar ze "poorters" waren. Vervolgens, in de XVIIe eeuw, duikt de meester-edelsmid Robert de BERQUEN weer op in Parijs waar hij verscheidene werken over de edelsteenkunde, waaronder "Les merveilles des Indes Orientales et Occidentales" in 1661. Vervolgens vestigt één van zijn kleinzonen zich in Straatsburg en de naam "de BERQUEN" lijkt te verdwijnen rond 1800 (tak 2).

POORTERS, POORTERESSEN, WEVERS, ...
In 1539 legt de verordening van Villers-Cotteret, uitgevaardigd door Frans I, de parochies op de doopakten te registreren. Men zal toch nog moeten wachten op de verordening van Blois van 1579 voordat deze verplichting  min of meer zal gerespecteerd worden zodat de parochie- archieven die aan de vernietigingen zijn ontsnapt, uitgebreider genealogisch onderzoek toelaten. Vanaf dit ogenblik, vindt men vrij vaak de naam "BERQUIN" terug in Vlaanderen in de naburige streken van Vieux-Berquin: Cassel, Bailleul, Hondschoote, Houtkerque, Rexpoëde, Dunkerque, .... aan Franse kant (takken 4A, 4B, 4C, 4D en Haringe, Stavele, Veurne, Ieper, Gijverinckhove, Moorslede, Dadizele, ...  aan de Belgische zijde van de huidige Frans-Belgische grens (tak 3 en zijtakken).

Behalve deze registers staan andere bronnen, met name de archieven van de gilden van de "Bourgeois'"in het Vlaams "Poorters", aanvullingen en onderverdelingen toe en men vindt BERQUIN terug onder de "Bourgeois" van met name Cassel, Houtkerque, Veurne en Ieper. Enkele van de voorouders of verwanten van de tak van mijn grootvader waren poorters van Houtkerque of Veurne. Maar niet alle BERQUIN waren poorters en men vindt onder hen ook landbouwers, boerenmeiden, wevers, spinners, etc...

Vervolgens breidt het gebied waarop de BERQUIN zich vestigen zich progressief vanuit deze streken verder uit in een trage verspreiding over de aangrenzende Franse departementen en in België, zowel Franstalig als Nederlandstalig België.
Deze verspreiding blijft hoe dan ook bescheiden en het huidige telefoonboek van Frankrijk laat slechts een klein aantal BERQUIN zien in de verdergelegen gebieden.

Het is daarom niet misplaatst te stellen dat ons patroniem BERQUIN wel degelijk in Vieux-Berquin kan gesitueerd worden zij het via de Heren van BERQUIN, zij het via hun onderdanen of inwoners van het dorp. Het zou dus mogelijk moeten zijn die ene (of meerdere) ontbrekende schakel(s) terug te vinden tussen deze en de verscheidene Vlaamse takken.

BEELDHOUWKUNST, "BERQUINADES" en SLAVENHANDELAARS
 
Men vindt ook BERQUIN's (zijn ze over zee gekomen?) in Bordeaux : sinds het begin van de jaren 1600, is er een familie schrijnwerkers-beeldhouwers geroemd, auteurs onder anderen van altaarborden.
Uit deze familie is ook afkomstig de literator Arnaud BERQUIN geboren in 1747, de auteur van 'kleurloze en moraliserende' werken die men 'berquinades' noemt (tak 4J). Zijn neven, Pierre-Louis BERQUIN-DUVALLON, eveneens literator, werd geboren in Sancto Domingo en vluchtte naar Louisiana.
Eindelijk, rond 1700, een genaamde Pierre BERQUIN, afkomstig uit dezelfde familie, is er gevestigd als Inspecteur-Generaal van de Hoeven van de Koning (belastingontvanger) en zijn kinderen zullen inschepen voor de nieuwe kolonie Sancto-Domingo (Haïti) waar ze officieren zijn in de krijgsmacht van de Koning. De slavernij viert er een op een bijzonder wrede manier, hoogtij en tengevolge van de slavenopstand vanaf 1791 worden de Fransen verdreven en wordt Haïti in 1804 onafhankelijk. Enkele BERQUIN komen naar Bordeaux terug en anderen vestigen zich in de Franse Guadeloupe, of in Louisiana (VS) onder de "Cajuns" (tak 4J2)

VERSPREIDING EN RECENTE EVOLUTIES
Sinds het begin van de XXe eeuw, en meer nog sedert het begin van de tweede helft ervan, werd reizen makkelijker en de BERQUIN zoeken nieuwe horizonten op, zoals mijn grootoom Léon BERQUIN die zich voor 1914 in Congo vestigde  (tak 3A6) of  ze ontmoetten in ons land mensen uit zeer verre streken: huwelijken en intercontinentale vestigingen worden minder en minder uitzonderlijk.

AMERIKA
Er lijken zich niet veel BERQUIN te hebben bevonden onder de oude emigranten: de klassieke genealogische gegevens van de Verenigde Staten en Canada vermelden slechts heel zelden mensen die ons patroniem dragen. Men vindt er wel een paar "BURQUIN" terug: gaat het hier om een klankverandering onder invloed van het Engels? Internet laat toe universitaire publicaties terug te vinden van meerdere BERQUIN  die in de VS verblijven: een van de vele episodes uit de 'brain drain'?
 
 
TAKKEN EN GENERATIES
 
METHODOLOGIE

Het gaat hier om een genealogische studie aangaande het Patroniem BERQUIN en daarom werd ervoor geopteerd alle dragers van dit patroniem en zijn varianten te inventariseren en van daaruit te werken met een afdalende genealogie terwijl wordt gezocht naar eventuele banden tussen de verschillende individuen en afstammelingen.
Vertrekkend van de hypothese dat de oorsprong van de naam wel degelijk te vinden is bij de eerste Heren van BERQUIN, is het mogelijk deze tijd-ruimte data op te stellen:

RUIMTE
 
We bepalen elke Tak per regio waar de oudst gekende voorouder van elke tak geboren werd of zich gevestigd heeft.

TIJD
 
Door vanaf deze eerste Heren van BERQUIN een Generatierangorde op te stellen:
- eerst  voor tak 1 : voor de 15 eerste generaties, de geboortedata (afgerond) lopen van 1180 tot 1740, oftewel een verschil van 560 jaar, te delen door 14 intervallen, oftewel 40 jaar tussen deze generaties ;
- vervolgens voor de referentietak 3A (de afstamming van mijn grootvader), een gelijkaardige berekening geeft een kleinere afstand van 30 jaar tussen de generaties vanaf de 15e generatie.

Volgens deze rangorde, bevinden wij ons vandaag in de geboortesectie van de 23e generatie (van 1980 tot 2010) en er ontbreekt in theorie slechts één schakel tussen de laatste vertegenwoordiger van de Heren van Berquin (tak 1A) en de eerste van de tak 3A en dat over een periode van zo'n 800 jaar ! Het gaat hier slechts om benaderende waarden en een marge van 1 of 2 generaties is mogelijk tussen de benjamins onder de benjamins en de oudste onder de oudsten.
We beschikken zo over een werktuig dat toelaat elk nieuw gevonden individu op basis  van een geboortedatum (ten minste bij benadering) en een geboorteplaats (van verblijf of van overlijden) te situeren op het kruispunt van een tak en een generatie, wat , door het ontbreken van andere gegevens, het onderzoek naar de relaties met andere al ingeschreven individuen, vergemakkelijkt.

SPELLING EN TAAL
PATRONIEMEN

Het patroniem BERQUIN komt historisch onder verscheidene schrijfwijzen voor, met of zonder lidwoord zoals de oude documenten het bewijzen. In het begin waren er weinig geletterden en de taal werd vooral mondeling doorgegeven, de 'klerken' die de akten en documenten overschreven, hechtten weinig belang aan de spelling en probeerden fonetisch op te schrijven wat ze hoorden. Soms kwamen diverse schrijfwijzen naast elkaar voor in hetzelfde document.
Bovendien bevinden we ons in Vlaanderen, op het kruispunt van de Vlaamse en Franse taal, nu dan eens onder de suzereiniteit of heerschappij van het Roomse Rijk en dan weer onder die van de Koningen van Frankrijk. De grens tussen deze twee invloeden verplaatste zich zelfs binnenin het Graafschap Vlaanderen. Daarenboven waren de teksten en registers die door de clerus en bepaalde geletterden werden geschreven, in het Latijn opgesteld wat ons een derde taal geeft !
Bijvoorbeeld: men vindt ridder Louis de BERQUIN ook terug als Loijs Van BERQUIJN, Louis BERQUIN, Lodewijk van BERKIJN, Ludovicus BERQUINUS, BARQUIN, etc..
Na de Franse revolutie leidde de stiptere ontwikkeling van de burgerlijke stand tot een bijna definitieve vastlegging hoewel men vaak heel recent nog verdraaiingen en mutaties vaststelt. Bij ons weten blijven de dag van vandaag enkel deze varianten over: BERQUIN (veruit in de meerderheid), BERKEIN (waaronder de tak 3K ) men vindt er toch een 'mutatie' in de 17e generatie waar de zoon Hendrik, geboren in 1866 uit een vader BERKEIN, als spelling BERQUIN krijgt (maar hij tekent "H. BERKIEN !), net als zijn afstammelingen) en BERKIN. Het patroniem " de BERQUEN" van de tak 2 (Brugge - Calais - Parijs -Straatsburg) lijkt rond 1800 te zijn verdwenen bij gebrek aan mannelijke nazaten.

Omwille van continuïteitsredenen hebben we ervoor gekozen de stamboom en tabellen van deze studie te beperken tot deze vier spellingsvormen die in de huidige burgerlijke stand bewaard zijn gebleven, behalve voor sommige gevallen in de alleroudste generaties.

ETYMOLOGIE BERQUIN

Onder de diverse hypotheses weerhoud ik slechts deze die me de meest waarschijnlijke lijkt, rekening houdende met de huidige stand van ons onderzoek : het zou gaan om de Germaanse wortels BER (kracht, versterkte burcht) en KIN (klein): BER-KIN =  kleine burcht.
Toch zou het patroniem BERQUIN volgens bepaalde auteurs (met name de "Dictionnaire Etymologique des noms de famille" door Marie-thérèse MORLET) afgeleid kunnen zijn van BARQUIER (= Binnenschipper, veerman), via BERQUE en de diminutieven BARQUIN, BARQUET, varianten: BERQUET, BERQUEZ, BERQUIER, BERQUIN ... Ik onthoud deze hypothese voor de takken die niet verwant zijn met Vlaanderen, (bvb: Picardië, Moezel, Luxemburg, Elzas, Bordeaux, ...): takken 4E, 4i, 4J, 4H, etc  in zoverre geen enkele band kan vastgesteld worden met VIEUX-BERQUIN. Het zou dan gaan om 'homonieme' takken die niet afstammen van de Heren van BERQUIN of  van de lokaliteit BERQUIN.
 
VOORNAMEN

Wat de voornamen betreft, is het over het algemeen niet mogelijk de gebruikelijke vorm ervan te kennen die vaak verschilt van de naam zoals die in de documenten  van de burgerlijke stand voorkomt en van de Latijnse voornaam die op religieuze documenten te vinden is. Dan denken we nog niet aan de verkleinvormen en bijnamen. In West-Vlaanderen, in het begin van deze eeuw, werden veel voornamen in de praktijk verfranst, zelfs onder de Nederlandstalige bevolking. Aan de andere kant hebben bepaalde amateur- of professionele genealogen, heel in het bijzonder in Frankrijk, voornamen in het Frans vertaald bij het opstellen van tabellen, compilaties of transcripties van registers en archieven. We hebben ons dus moeten beperken tot de vorm in de bron die ons het meest betrouwbaar lijkt.
Vandaag, en in het bijzonder in Nederlandstalig België, is het gebruikelijk slechts diminutieven te gebruiken, waar mogelijk monosyllabisch, die bijna uitsluitend worden gebruikt in alle privé- of beroepsrelaties, geboorteaankondigingen, aankondigingen van huwelijken, overlijdens etc..., zodat we ons bij de transcriptie hebben moeten beperken tot de voornamen zoals ze ons werden meegedeeld.

GEOGRAFISCHE NAMEN

We hebben ervoor geopteerd enkel te verwijzen naar de huidige, officiële schrijfwijzen en namen van gemeentes, provincies, departementen en landen, en waar mogelijk in de officiële taal van de plaats.

TITELS, BEROEPEN EN DIVERSEN.

Omwille van de structuur van de gebruikte informaticasoftware, is het niet mogelijk een Franstalige en een Nederlandstalige versie uit te geven voor de verschillende aanvullingen en commentaren opgenomen in de stambomen. Voor de Nederlandstalige lezers zal weldra een Frans/Nederlands Lexicon bijgevoegd worden (huidig in project).
 
BRONNEN

We zijn begonnen met het verzamelen van onze familiearchieven en met het ondervragen van nabije of verre verwanten. We hebben vervolgens per post alle BERQUIN, BERKEIN, en BERKIN gecontacteerd die we  in Frankrijk en België konden opsporen door telefoongidsen en diverse lijsten te raadplegen. We hebben zo een bepaald aantal antwoorden gekregen. Enkele personen hebben ons gegevens betreffende henzelf of hun verwanten gestuurd, anderen, die zelf al met onderzoek waren begonnen, hebben ons vervoegd in onze zoektocht.
We hebben het werk verdeeld en de ene of de andere van ons is lid van  het 'Centre de Recherches Généalogiques Flandre-Artois' te Bailleul, de SCGD en de OGBH te Brussel, de VVF te Oostende, e,n wij bezoeken regelmatig talrijke bibliotheken en archieven, waaronder  het Algemeen Rijksarchief op meerdere liggingen, en de Archives Départementales du Nord te Lille, met ook de microfilmen door de "Mormons", en Internet geeft ons ook heel wat informaties.
Dit alles verschaft ons een indrukwekkende oogst aan gegevens die ik invoer en verwerk met behulp van de informaticasoftware "Généalogos", wat toelaat lijsten, stambomen etc... op te stellen en dankzij de internationale GEDCOM standaard met correspondenten gegevens uit te wisselen.

Tot op heden werd echter geen systematisch controle opgemaakt van de bronnen die door onze correspondenten werden geraadpleegd, zodat, voor de echte genealogen, dit slechts amateur-werk is. Deze kritiek aanvaard ik: ik heb geen enkele wetenschappelijke aspiratie. Dat wil echter niet zeggen dat het werk niet ernstig zou gebeuren .

 è MENU  Accueil/Onthaal   Patronymes/Patroniemen   Branches/Takken    Notices/Notities