Pottenbakkerij
Waar de klei vandaan komt.
Alle klei komt uit de grond, uit de aarde. Bijna overal is klei te
vinden. Ook in ons land. Zoals langs de rivieren en in weilanden. Maar
deze klei is geen erg goede pottenbakkersklei. Deze wordt gebruikt voor
het bakken van stenen.
De goede pottenbakkersklei komt uit andere landen. De klei ligt er onder
dikke lagen grond. Daarom worden er met machines eerst diepe putten
gegraven. Die putten heten groeven. De klei moet worden schoongemaakt,
zand en stenen worden eruit gehaald. Dit gebeurt in een fabriek waar de
klei ook wordt gemalen.
Soorten klei.
Er is grove en fijne klei. Een bekende kleisoort is "chamotte
klei". (zeg : sjamot)
Chamotte zijn heel fijn gemalen stenen. Die worden door de klei gemengd.
Chamotteklei is gemakkelijk zacht en buigzaam te maken. Ook belangrijk
is dat chamotteklei snel droogt.
De verschillende soorten klei hebben verschillende kleuren zoals grijs,
geel, wit, rood en bruin. Als je klei koopt zit het in flinke stukken
dun plastic verpakt. Door het plastic blijft de klei zacht en kneedbaar.
Een verpakt stuk klei wordt wel een brood genoemd.
Pottenbakkers.
Pottenbakkers zijn kunstenaars. Soms tekent de pottenbakker eerst wat
hij wil maken. Of hij gaat meteen met de klei aan de gang. Iedere
pottenbakker werkt op zijn eigen manier.
Alle pottenbakkers hebben een oven en een draaischijf.
Een oven is nodig om de potten en figuren te bakken. Meestal worden de
kleivormen twee of drie keer gebakken. Het bakken is niet gemakkelijk.
De temperatuur van de oven is belangrijk alsook de duur van het bakken.
Na het bakken kan men de figuren glazuren.
Glazuur wordt gemaakt van gesmolten glas. Als een vaas of kan niet
geglazuurd is, gaat hij lekken.
De pottenbakker heeft ook een draaischijf die ook schopschijf wordt
genoemd.
Hij gebruikt een draaischijf, omdat hij daarmee sneller kan werken.
Aardewerkfabrieken.
Er zijn pottenbakkers die alleen werken. Zij verkopen ook zelf hun werk.
Ze hebben dan een werkplaats met een winkel. Potten en vazen van de
pottenbakker zijn niet goedkoop. Dit komt omdat iedere vaas en pot weer
anders is. Dat kost veel tijd. Als iemand zo"n vaas koopt, heeft
hij iets bijzonders. Iets wat een andere niet heeft. Want er is er maar
een van.
In ieder huis worden kopjes, bekers en borden gebruikt. Schalen en
vazen. Die zijn niet stuk voor stuk door de pottenbakker gevormd. Deze
gebruiksvoorwerpen komen uit de aardewerkfabrieken. Aardewerk betekent:
werk gemaakt van aarde. Klei is een soort aarde.
Voor alle kopjes, bekers, bloempotten en vazen is klei gebruikt. Het
maken gebeurt met machines. Ook dingen uit de aardewerkfabrieken kunnen
mooi zijn. In sommige fabrieken worden dure borden en vazen met de hand
beschilderd. Maar de gewone dingen worden achter elkaar geperst,
gebakken en geglazuurd.
Nu we dit alles weten zijn we misschien in staat ook iets fijn te maken
met wat klei.
Laat uw fantasie eens werken en maak een kunstwerkje waar iedereen van
opkijkt.