Stoken met Suikers

PRAKTISCH "MOONSHINING" IN VIER STAPPEN:

Wij gaan hier een praktisch voorbeeld geven hoe een alcoholhoudende vloeistof wordt produceerd (beslag of stookwijn) die geschikt is om te distilleren. Daarna bekijken we hoe hieruit een goede en zuivere alcohol distilleerd wordt die gebruikt kan worden om bv. allerhande likeuren of andere "geestrijke" dranken aan te maken.
De beide soorten installaties nl. de "ongeregelde" en de "geregelde" apparaten worden omschreven en de algemene werkwijze bij gebruik ervan toegelicht. Het "fijn-afstellen" is voor elke installatie natuurlijk verschillend. De werkwijze hierin beschreven is echter in grote lijnen op elke installatie of distillatie-apparaat van toepassing.

 1) BESLAG  OF STOOKWIJN MAKEN:

Zorg ervoor dat alle onderdelen zuiver zijn alvorens het fermentatieproces op te starten. Reinig dus alle onderdelen nauwkeurig ( bv. met een gewoon aangelengd huishoudelijk bleekmiddel ) en spoel deze goed af met warm water om alle restanten van eventuele chemicaliën weg te spoelen. Bepaalde bacteriën die in de vrije lucht voorkomen zetten alcohol om in azijn...! Dus zuiverheid is geboden.

Het vergisten zelf kan met verschillende soorten gist gebeuren. We kennen o.a. bakkersgist, wijngist, biergist, onder en bovengistende soorten maar ook zijn er gistsoorten die speciaal voor een bepaalde soort zijn zoals Bordeaux gist of een Tokay gist. Voor de distillateur maakt de gistsoort niet zoveel uit, hier is het belangrijk dat de gist een zo hoog mogelijk alcoholgehalte kan bewerkstelligen. De normale wijn en biergisten beginnen te sterven als het alcoholgehalte boven de 12 vol % komt. Gewone bakkersgist is voor de distillateur een goede keus. Bakkersgist is trouwens overal te krijgen en is zeer goedkoop. Toch raad ik eventuele "Moonshiners" aan een aangepaste (en kant en klare) gistsoort zoals bv. turbogist te gebruiken. Het rendement wordt hiermee heel veel beter. Deze gistsoorten zijn ook niet zo temperatuursgevoelig en zijn verkrijgbaar voor fermantatie (vergisten) bij relatief lage- en/of.hoge-temperaturen.
Opvele plaatsen is er tegenwoordig al een "supergist" beschikbaar die een suikergehalte van 320 gram per liter water aankan (8kg suiker/ 25 liter water). Bij een vergistingstempertuur tussen 16 en 25 °C kan een alcoholgehalte van ± 18 % bereikt worden !!!! Het enige nadeel van deze supergisten is, dat men bijna verplicht is om minstens tweemaal af te stoken omdat de alcohol, na de eerste afstookbeurt, nog een relatief sterke gistgeur bevat. Na een tweede afstookbeurt is deze geur zo goed als verdwenen. De eerst geproduceerde alcohol wordt dus terug met bv met 6 a 8-maal zoveel water vermengd en weer afgstookt. De alcohol wordt hierdoor "gewassen". Bijna alle kwalijke geurtjes blijven namelijk in het restwater achter. Het is trouwens aan te raden altijd minstens tweemaal af te stoken. Ikzelf stook meestal zelfs driemaal af. Men hoeft zich dan niet meer bezig te houden met filtrering doorheen actieve koolfilters om een relatief zuivere en reukvrije alcohol te bekomen.

De werkwijze hieronder beschreven geldt voor het maken van ± 10 liter beslag. Indien U meer of minder beslag wilt maken past U de andere hoeveelheden evenredig aan. Wat we nodig hebben voor het beslag is 2 kg kristalsuiker, 0,5 ltr druivensap (is niet strikt noodzakelijk), 10 ltr. zuurstofrijk water (bv. afnemen van douchesproeikop) en een zakje (of  pakje) bakkersgist (of andere gist). U kunt u ook een andere soort vruchtensap nemen, appelsap of sinaasappelsap of vlierbessensap, het mag allemaal. In andere recepten maakt het wel degelijk uit wat voor een soort sap u neemt maar in dit specifieke recept (basisbeslag) maakt het niet uit want ons doel is een zuiver alcohol te maken. Bij gebruik van een moderne gistsoort is het fruitsap niet noodzakelijk. Het fruitsap moet wel vrij zijn van bewaarmiddelen. Het sap is eigenlijk alleen bedoeld als extra gistvoeding bij het gebruik van bakkersgist.
Nota: De normale hoeveelheid bakkersgist die men gebruikt is ca 50 gr per 10 liter beslag. Voor een zuiver most-beslag (fruit) gebruikt men wel beter een wijngist en in alle gevallen is een turbogist het ideale. Voor wijngist en andere gistsoorten moet men de specifieke aanwijzingen ervan opvolgen.

OPGELET! Het fruitsap mag geen bewaarmiddelen bevatten. Deze laten de gistcellen afsterven!!!

Kristalsuiker kan bij het vergisten problemen geven, daarom is het beter om de suiker eerst met water en citroenzuur te inverteren. Breng de 2 kg kristalsuiker met 3 gram citroenzuur en 2 ltr. water aan de kook en laat dit mengsel ongeveer 10 - 15 minuten heel zachtjes doorsudderen (goed omroeren). Haal het van het vuur en laat de vloeistof afkoelen. Vul nu (zuurstofrijk) water bij tot u ca 10 liter beslag hebt. Nu hebben we geinverteerde suiker (druivesiuker). Deze is beter vergistbaar als kristalsuiker. Het is echter niet strikt nodig om te inverteren. U kunt het ook zonder doen maar voeg dan wat extra zuur toe. We gaan nu meten:.
Gist gaat dood bij een bepaald alcoholpercentege, voor elke gistsoort is dit een ander percentage. Met bakkersgist is het maximaal bereikbare alcoholgehalte van het beslag ongeveer 10 á 12 vol %. Voor het distilleren is het belangrijk dat we geen restsuiker in het beslag hebben omdat de restsuiker aankoekt in het distillatieapparaat. We gaan dus aan de veilige kant zitten en zorgen ervoor dat als alle suiker vergist is als de gistcellen nog volop aktief zijn. Een veilige marge voor bv. bakkersgist zou dan ±10 vol % zijn. Dit komt overeen met een s.g. (soortelijk gewicht) van 1075, oftewel 1950 gram suiker per 10 ltr  (195 gr/liter). Bij speciale gistsoorten is dit natuurlijk veel hoger, bv. 1100 tot 1150...! Er bestaan ook speciale gisten die veel minder temperatuursgevoelig zijn en een hoge vergistingssnelheid bezitten. Zo kan bv. de gistsoort "Coobra7" 6 kg suiker afwerken op ± 3-5 dagen en 8kg op ± 5-7 dagen. Dit alles bij temperaturen tussen 16 en 28º C.

Zoals U weet kan men aan 10 liter water ± 2,2 kg (of meer) suiker voegen afhankelijk van de gistsoort die men gist gebruikt. Wij willen echter totaal geen restsuikers (verkwisting....) en gebruiken hier normale gist en houden ons dus aan ± 200 gr suiker per liter water. In het druivensap zit ook suiker dus we moeten het s.g. meten. Doe alles, suikeroplossing en druivensap in een fles of bus (zonder de gist...!) en breng het s.g. op 1075 á 1080 (Hydro- of densimeter). Men gebruikt best een doorzichtige fles, bus of emmer om later, na het klaren, het heldere beslag van het onzuivere gistrestsel gemakkelijk af te kunnen hevelen. U hebt nu ongeveer 10,5 ltr. suikerwater in de fles. Doe de gist in een kopje lauw water met een theelepeltje suiker en laat dit ongeveer 15 minuten staan. Doe het dan bij het suikerwater in de gistingsfles, waterslot erop en laten gisten. Schud de gistrecipiënt enkele malen per dag gedurende de eerste drie dagen. Daarna éénmaal per week. Na enkele dagen kan men (indien gewenst) een klein gedeelte van het beslag afnemen voor het "aanzetten" of opstarten van een nieuw beslag.
Ons beslag zal na ongeveer 8 tot 14 dagen volledig uitgegist zijn. Het s.g. moet dan lager zijn dan ongeveer 985 of  liefst nog lager. Indien men een langzaam gistproces heeft toegepast (relatief lage temperatuur) zult U merken dat er een "droesem" is neergeslagen in de bodem van het gistvaatje. Hevel de stookwijn boven deze droesem af om deze "af te stoken". Bij snelle gistprocessen is het beter de stookwijn na het gisten, nog enige tijd op een koele plaats te laten rusten. Dit om de droesem een kans te geven om neer te slaan. Bij het vergisten van een zuiver "suikerbeslag" is de laagdikte van het bezinksel relatief klein.

Belangrijk:
Het is heel belangrijk dat men het s.g (soortelijk gewicht) van de most of het beslag opmeet alvorens de gist toe te voegen en hierna ook nog tijdens of na het afskuiten van het gistproces. Door het verschil te kennen tussen de waarde vóór het vergisten en erna (of tijdens) van elkaar af te trekken weet men het volume alcohol dat in de most of beslag geproduceerd werdt. Ook weet men dan hoeveel restsuikers er nog aanwezig zijn en of het beslag uitgewerkt is .Bij het beindigen van de vergisting weet men dan of het beslag kan herbruikt worden om de nog aanwezige suikers te laten vergisten.
Voorbeeld: Wij hebben een most met een s.g van 1105 (105 Oe) dus met 273 gr suiker per liter  en een  potentieel alcoholgehalte van l4,1 Vol%. Doordat het hier een most (fruit) betreft trek ik 25 gr suiker af ( standaardaanpassing ) en krijg dan 273 - 25 = 258 gr suiker / liter met een potentieel s.g. van 1100 of 13,4 Vol % alcohol.
Aan het einde of tijdens ons gistprocess meten wij een s.g van 1040 (40 Oe). Wij hebben dan nog een suikergehalte van 104 gr/ltr met een potensieel van 5,4 Vol% alcohol. Wij hebben dus nu 13,4 - 5,4 = 8 Vol% alcohol in ons beslag geproduceerd en nog een restsuiker van 104 gr suiker per liter in het beslag. Bij een beslag van 30 ltr is dit 104 X 30 = 3,12 kg! Ons gistproces moet  normaal voortgezet worden. Indien het gistproces om de een of andere reden niet kan voortgezet worden kan men de most herbruiken. Na het klaren en verwijderen van de droesem stookt men deze most of beslag af en herbruikt de rest hierna in een volgend gistproces na de toevoeging van een gedeelte nieuw beslag of most.

Giststarter:
Men kan ook op voorhand een zg, "gist-snelstarter" aanmaken (doe ik altijd...). Voeg het sap van 2 uitgeperste appelsienen (of gebruik ± 50 cl fruitsap zonder konserveringsmiddel) in een lege fles van ca 0,7 ltr (normale drankenfles) voeg hier twee lepels suiker (glucose of fructose is beter) aan toe die men eerst heeft opgelost in wat water alsmede een lepeltje gist dat men ook eerst heeft opgelost in zuiver lauw water ( ± 22-28° C ) . Al het gebruikte water kan men best eerst ¼ uur koken en dan laten afkoelen tot beneden de 30° C om alle, eventuele schadelijke bacteriën te vernietigen. Dit water hierna goed schudden om het weer zuurstofrijk te maken. Vul de fles nu tot de helft  met het voordien gekookte en afgekoelde water (22 - 28° C). Sluit de fles af met een prop watten (niet met de stop !!!) en laat 1 tot 2 dagen staan. Er zullen na een tijdje gistbelletjes opstijgen in de fles. De giststarter is hierna klaar voor gebruik. Kieper deze gewoon mee in de vergistings-recipiënt samen met het suikerwater, het druivensap en de eventueel andere gist die opgelost werdt in wat lauw water. Het gistprocess start hiermee sneller op. Roer ook het beslag de eerste dagen enige malen heftig om zodat weer zuurstof in het beslag wordt opgenomen.
Laat een "giststarter" nooit volledig stilvallen (uitgisten) voordat je deze toevoegt aan het afgekoelde wort. Indien men deze niet onmiddelijk wil gebruiken kan men, vóórdat de giststarter uitgewerkt is, deze snel afkoelen en bewaren in de koelkast. Op die manier blijft de vitaliteit van de gist behouden.

Hier volgt het stookwijn-recept "Pedro Dynamiet": Recept voor ± 10 liter stookwijn binnen 5 tot 8 dagen met een alcoholpercentage van circa 16 %.

Benodigdheden: 5 gram citroenzuur, zakje Turbogist, 50 gram gistvoedingszouten, aminozuren en thiamine (vitamine B1). Er zijn vandaag vele "kant en klare" gistsoorten op de markt. Het is dan ook gemakkelijker en meestal beter deze te gebruiken.

Werkwijze: (voor andere hoeveelheden pas evenredig aan….).Breng in een pot 2 liter water aan de kook. Los daarin 2,1 kg kristalsuiker in op en voeg daarbij 5 gram citroenzuur. Onder regelmatig roeren ca 15 minuten zachtjes laten koken. Koel de vloeistof af en doe deze in een vat of bus van 15 liter inhoud. Bijvullen tot ca 11 liter met zuurstofrijk water. Voeg daarin de gist en voedingszouten toe (al roerend) en na een dagje of zo, sluit men het vat af met een waterslot. Het is belangrijk de gistrecipiënt enkele malen per dag heftig doorheen te schudden of door te roeren gedurende de eerste drie dagen en daarna éénmaal per week. De duur van de gisting is sterk afhankelijk van de omgevingstemperatuur en de gebruikte gistsoort. Normaal mag men rekenen op ± 5 - 8 dagen bij een beslagtemeratuur van ± 20 - 25º C. "Pedro Dynamiet" is zelfklarend, heeft geen restsuikers en vormt geen methylalcohol.

Temperatuur:

 

Houd de beslagtemperatuur liefst tussen 20º C en max 30º C tijdens de fermentatie. De temperatuur stijgt enige graden tijdens het gistingsproces ( kan zelfs tot 8º C stijgen! ). De beste starttemperatuur is dus ± 18 - 22º C. Indien de temperatuur tijdens het gistingsproces lager is dan 16º C  kan men (en onder 14° C MOET men)  bijwarmen. Boven de 30º C afkoelen of bv. op koelere plaats laten vergisten. Gewone bakkersgist werkt best bij 22-28°C.  Indien men  fermenteerd bij betrekkelijk koele buitentemperaturen is men dan ook verplicht het vergisten in garage of werkplaats te laten plaatsvinden. Met alleen geinverteerde suikers en een moderne gistsoort kan dit bv. ook gewoon in de badkamer plaatsvinden. Men moet dan wel opletten voor onverwachte bezoekers...! Het eenvoudigste is natuurlijk alleen in de zomer te fermenteren en af te stoken. De normale vergistingstijd bedraagd normaal 7 tot 14 dagen. Voor moderne gistsoorten ca. 5 - 7 dagen.
Onder in de gistingbehouder zit na het klaren een min of meer dikke laag met gistcellen. Die kunnen we in het distillatieapparaat niet gebruiken dus hevelt u het beslag over zodat alleen het heldere beslag overblijft. Het beslag of stookwijn is nu klaar om afgestookt te worden..

Normale benodigheden voor 30 ltr beslag:
6 kg suiker, 1 ltr druivensap (of ander sap zonder konserveringsmiddel), 10 gr citroenzuur, 200 gram bakkersgist (of pakje turbogist - supergist) en ca 28 liter zuurstofrijk water. Alvorens de gist toe te voegen het geinverteerd suikerwater en het vruchtensap in de gistingsbehouder doen en het soortelijk gewicht opmeten. Zou ± 1075 a 1080 moeten bedragen voor bakkersgist. Voor turbogist of andere gistsoorten volgt men de aanwijzingen op. Suiker of water toevoegen naargelang het bekomen resultaat. Bij gebruik van speciale gistsoorten is vruchtensap niet noodzakelijk. De gistvoedingsstoffen en andere ingrediënten zijn hier reeds toegevoegd aan de gist. (zie "adressen" in hoofdstuk "informatie").                                                                   

Potentieel alcoholgehalte bij gebruik van suiker als basisgrondstof: (S.G. bij 20° C)

soortelijk gewicht

gram suiker per liter

potentieel alcohol %

1060

156

 8,1

1065

169

 8,7

1070

182

 9,4

1075

195

10,1

1080

208

10,8

1085

221

11,4

1090

234

12,1

1095

247

12,8

1100

260

13,5

1105

273

14,2

2) DISTILLEREN (1e distillatie):  

Zorg ervoor dat alle onderdelen zuiver zijn alvorens het distillatieapparaat te gebruiken. Reinig alle onderdelen (bv. met aangelengd bleekwater) en spoel met lauw water om alle restanten van eventuele chemicaliën weg te spoelen. Dus zuiverheid is altijd geboden...!                                                                                                 We hebben nu ca. 10 ltr (meestal 30 ltr of meer...) uitgeklaarde stookwijn (eerste recept) met een alcoholpercentage van ongeveer 10 vol %. Doe dit in het distillatieapparaat en sluit het koelwater aan. Denk eraan dat bij interne- elektrische verwarming van de ketel er na het afstoken nog voldoende vloeistof in de ketel is zodat het element nog steeds onder staat. Bij grotere intern verwarmde elektrische-ketels moet men meestal minstens 20-30 liter beslag afwerken. Indien men slechts 10 liter beslag heeft vul dit dan gewoon aan met water. Zo weinig mogelijk natuurlijk. Men moet tenslotte het hele boeltje opwarmen !. Met "geregelde" apparaten bedoelen wij die toestellen die op ± 1 - 2° C nauwkeurig kunnen afgeregeld worden.

 Let erop dat het koelwater tegen de dampstroom in loopt !. De fragmentatiepijp is voor de helft tot ¾ gevuld met rashigringen (of keitjes, buisstukjes,...etc). De normale duurtijd van een volledige distillatie (opwarmtijd inbegrepen) ligt tussen de 4 en 10 uren, afhankelijk van het effect van de installatie, de hoeveelheid stookwijn en de gebruikte temperatuur. Men moet er echter niet bij blijven staan....! Eenmaal afgesteld kan men rustig een "slaapje" gaan doen of andere intressante aktiviteiten ontplooien zoals bv. een sexrondje met madame......hahaha.

Gasverwarming of externe elektrische verwarming:

 

Zet de verwarming vol open. U zult zien dat na verloop van tijd de alcohol uit de koeler begint te lopen, dan zet u de verwarming iets lager. Gooi het eerste geproduceerde borrelglaasje weg. Het beslag moet (bij externe verwarming) nog net goed borrelen. Als er een thermometer op de brug zit hou dan de temperatuur in de gaten. Ga zolang door met distilleren tot de temperatuur 92º C is dan stopt u. Heeft u geen thermometer dan zult u moeten proeven aan de uitlopende alcohol. Als het heel erg waterig begint te smaken kunt u stoppen. Afhankelijk van de stookwijn,de gebruikte apparatuur en de snelheid waarmee gedistilleerd is zal het alcoholpercentage van het distillaat tussen de 35 en 60 vol % liggen. Het distillaat zal onaangenaam ruiken en smaken. Dus gaan we dit daarna voor de tweede keer distilleren
Meestal is het niet nodig om meer dan 2-maal te distilleren (wel voor dranken op graan-basis).Deze distilleer sessies duren in totaal 3 tot 6 uur afhankelijk van de apperatuur, de hoeveelheid basis en de gebruikte temperatuur.U hebt nu een tweetal liter alcohol die we dus normaal nog eens moeten herdistilleren.

Electrische verwarming met thermostaatregeling op de brug (geen effectregeling):

 

Bij gebruik van een intern electrisch-distillatieapparaat met alleen een termostaat op de brug (geen effectregeling) stelt men de temperatuur eerst in op bv. 30 - 40° C. De opwarmtijd bedraagd 1 tot 2 uur naargelang het effect van het element (meestal 2000 W) en de hoeveelheid stookwijn. Waneer de termostaat aangesproken wordt bij deze temperatuur staat het vast dat reeds "dampen" de termostaat bereiken. U zult merken dat de werkelijke temperatuur van de dampen veel hoger zijn. Laat dit een tijdje zo werken om alle gasachtige foezels uit de stookwijn te verdrijven. Hierna afstellen op ± 65° - 68  C en de geproduceerde vloeistof wegkieperen. Daarna afstoken 0p 79 - 80° C. Door het "na-ijlen" van de verwarming en de traagheid van de termostaat geschiedt de productie met "horten en stoten". Niets van aantrekken...men moet alleen wat meer geduld hebben. Bij "geregelde" toestellen wordt geen naloop geproduceerd. Door het niet nauwkeurig in de hand hebben van de stookwijn-temperatuur zal het alcoholgehalte lager liggen. Waarschijnlijk rond de 85 á 90 Vol%. Toch nog zeker voldoende....! Het is natuurlijk beter dit toestel te voorzien van een effectregeling. Deze regelijng stuurd het verwarmingseffect en daarmee de temperatuur van de stookwijn zelf. De productie kan dan continu en zeer nauwkeurig in de hand gehouden worden.

Electrische verwarming met effectregeling : (met regelthermostaat op de brug)

 

Bij gebruik van een intern electrisch-distillatieapparaat met effectregeling en een thermostaat op de brug stelt men de temperatuur eerst in op bv. 35 - 40° C. De effectregeling op vol vermogen. De opwarmtijd bedraagd 1 tot 2 uur naargelang het effect van het element (meestal 2000 W) en de hoeveelheid stookwijn. Waneer de termostaat aangesproken wordt bij deze temperatuur staat het vast dat reeds "dampen" de termostaat bereiken. Laat deze gasvormige foezels eerst vrij ontsnappen. U zult merken dat de werkelijke temperatuur van de dampen veel hoger zijn. Hierna afstellen op ± 65-67° C  en de geproduceerde vloeistof wegkieperen. Daarna afstoken 0p 79-80° C. De effectregeling zodanig afstellen dat de thermostaat net niet afslaat en de temperatuur konstant op 79 tot 80 ° C wordt gehouden. Door het minder "na-ijlen" van de verwarming  geschiedt de productie nu veel minder met "horten en stoten". Deze regelijng stuurd het verwarmingseffect en daarmee de temperatuur van de stookwijn zelf. De productie kan hierdoor beter in de hand gehouden worden. U produceerd nu prima alcohol !!!. Bij "geregelde" toestellen wordt geen naloop geproduceerd
Kieper na afkoken de overschot gewoon weg. Nogmaals destilleren moet hier normaal niet. Wel om smaken toe te voegen of extra te zuiveren. U hebt voor elke 8 - 10 liter van deze basis (relatief zwak) ongeveer 1 ltr (± zuivere) alcoholl van ± 85 tot 94 % (Opgelet: eerst aanlengen, filtreren en op smaak brengen alvorens te drinken!).

3) HER-DISTILLATIE (2e distillatie):

Tijdens dit distillatieprocess onderscheiden wij drie fasen. Wij noemen deze voorloop, tussen- of middenloop en de naloop. De tussen of middenloop wordt ook het "hart" genoemd. Bij Whisky-stokers is dit "low wine", "Spirit" en de "Feints".

In het distillaat dat we geproduceerd hebben  zitten nog steeds een hoop restproducten met slechte smaak en geur. Dit zijn de zogenaamde "foezels". Deze zijn totaal ongewenst en gaan we er nu uitdistilleren. Ook hier maken we gebruik van de verschillende kooktemperaturen van de verschillende stoffen.

Gasverwarming of externe-elektrische verwarming:

 

Doe het distillaat met 30 - 50% water in het distillatieapparaat en sluit het koelwater aan. Zet de verwarming vol aan.Ik ga er nu even vanuit dat er een temperatuur-meter op de brug zit. Als de alcohol weer uit de koeler begint te druppelen zet u de verwarming laag. Zo laag dat de vloeistof nog net afkookt. Het eerste gedeelte van dit distillaat noemen we de voorloop en die is ongeschikt voor consumtie. Hierin zitten een heleboel lagere alcoholen en de meeste stoffen met een slechte geur en smaak. Hoelang de voorloop duurd en waar de middenloop begint (het bruikbare gedeelte) is werkelijk geen zinnig woord over te zeggen. Hier spelen een heleboel factoren mee. De constructie van uw distillatie apparaat is hierop van invloed maar ook wat u distilleerd en bij welke temperatuur. Ook de grote van verontreinigin in het eerste distillaat spelen mee maar ook hoe kritisch Uzelf bent.... Globaal zou ik zeggen wanneer u bij deze tweede distillatie ongeveer 2 ltr distillaat gaat distilleren dan  moet U het eerste volle borrelglaasje weggooien. Belangrijk om te weten is dat de giftige Methylalcohol in de voorloop zit en eruit gedistilleerd wordt bij een temperatuur van ± 68º C (aan de uitgang van de fractioneerkolom). Daarna komt de Ethylalcohol (theoretisch vanaf ca 78.3º C). Blijf vooral de eerste paar minuten proeven en ruiken en dit zeker bij de "niet geregelde" apparaten.

Na verloop van tijd krijgt u dan vanzelf dat inzicht, want ervaring speelt ook hier een rol. Als de alcohol beter gaat smaken en/of ruiken schakelt u over op de middenloop. Dit is de alcohol die we willen hebben. Probeer vooral niet het proces te versnellen door de temperatuur te verhogen. De kwaliteit gaat dan sterk achteruit.De middenloop eindigt alweer als de smaak en/of geur achteruit loopt. Dan schakelt u over op de naloop. Deze naloop heeft men alleen bij ketels met een handmatige temperatuursregeling bv bij gas- en externe elektrische verwarming of bij het afstoken aan hoge temperatuur. De naloop kunt u bewaren en herbruiken bij het volgende distillaat. HetU hebt nu ± 1,5 liter drank van  55 % - 80% alcohol.

Electrische verwarming met thermostaatregeling op de brug (en/of effectregeling):

 

Indien het noodzakelijk is Uw product een tweede maal te distilleren  om bv. Aroma's  van bessen, kruiden en/of fruitextracten toe te voegen of de vloeistof nogmaals te reinigen moet U ook voldoende water toevoegen  aan Uw eerste distillaat (± 1,5 ltr) zodat Uw intern element nog onderstaat na het afkoken. Altijd een minimum van 50% water aan zuivere alcohol toevoegen, dit om "overkoken" te vermijden. Stel het distilleren zoals hierboven beschreven. U hebt nu 1- tot 1,2 liter alcohol van ± 90 - 96 % (Opgelet: eerst aanlengen, filtreren en op smaak brengen alvorens te drinken!).

4) FILTRERING:                                                                                                                                    

Meestal is nodig ons eindproduct nog te zuiveren door filtrering. In dat geval kunt u de alcohol filtreren over aktieve kool. ( Norit ) .Alvorens te filteren kunt U de alcohol best eerst op een lagere (bv 40 - 60 %) of gewenste sterkte brengen met gedistilleerd water of zoals ik met gewoon plat bronwater. Denk eraan dat als men later de alcohol nog wil aanlengen, bv. met suikersiroop, dat men alcohol voorhanden heeft met voldoende sterkte.
Voor een meer gedetailleerde uitleg over het filtreerproces zie epistel "Aktieve-Kool Filters". Indien U direct naar dit onderwerp wilt overschakelen klick dan op de onderlijnde titel.
Het verkregen alcohol percentage kunt u wegen met een alcoholmeter (vóór de toevoeging van andere stoffen). We hebben nu het hele proces van alcohol-distillatie beschreven. En gelooft u mij, de door Uzelf gemaakte alcohol is meestal van een betere kwaliteit als die de industriële likeur- of drankmaker gebruikt. Zeker is, dat Uw drank goedkoper is en altijd vers....!!!                                                                                        

Tabel : Soortelijk gewicht (S.G.) - Alcohol Vol% (S.G. bij 20° C)

S.G.

Vol%

S.G.

Vol%

 

 

 

 

982

10

868

70

968

20

843

80

954

30

818

90

935

40

789

100

914

50

 

 

891

60

 

 

Indien U likeuren of kruidendranken wil maken zie dan onze likeur- of kruidenrecepten of koop dranken-eccence (kunt U natuurlijk ook alles zelf produceren...). Men kan heel gemakkelijk alle soorten dranken aanmaken en zijn creatieviteit botvieren. De essencen zijn verkrijgbaar (mits betaling) bij de meeste apothekers en speciaalzaken.
Zie "adressen" onder hoofdstuk "Informatie". Indien U hier direct wilt  naar overschakelen, klick dan op de onderlijnde titel

.

[Alcohol] [Grondbeginselen] [Praktisch Stoken] [Sterke Dranken] [Kruiden] [Likeuren] [Wijn & Bier] [Technisch] [Informatie]