Van lichamelijke inspanningen krijg je dorst. Zodra u ook maar even actief bent, verliest u al vocht, niet alleen doordat u transpireert, maar ook doordat er water verdampt met de lucht die u uitademt. Hoe harder en langer u bezig bent, en hoe warmer en vochtiger de omstandigheden zijn, hoe meer vocht u kwijtraakt. Vochttekort zorgt er ook voor dat de spieren minder functioneren en veroorzaakt krampen .Het vochtverlies van het lichaam kan hoog oplopen en als het vocht niet weer snel aangevuld wordt, kan het tot dehydratie (uitdroging) leiden. Dat vermindert niet alleen uw prestatievermogen, maar schaadt ook uw gezondheid. Het wordt veel moeilijker om door te blijven gaan en u voelt u sneller vermoeid. Laten we om te beginnen kijken wat er met uw
lichaam gebeurt wanneer u sport. Spieren die arbeid verrichten
produceren extra warmte. Feitelijk wordt maar liefst 75% van de tijdens
uw sporten verbruikte energie omgezet in warmte en gaat vervolgens
verloren. Daardoor komt het dat u het tijdens lichaamsbeweging warmer
krijgt. De extra warmte móet ook afgevoerd worden, zodat uw inwendige
lichaamstemperatuur binnen veilige grenzen blijft -tussen de 37 en 38°
C. De
hoeveelheid zweet die u produceert en derhalve ook de hoeveelheid vocht
die u verliest, hangt af van: .hoe hard u zich inspant; .hoe lang uw
activiteit duurt; .de temperatuur en vochtigheidsgraad waaronder u
actief bent; .uw individuele constitutie. Hoe harder en langer u zich
inspant, en hoe warmer en vochtiger de omgeving, hoe meer vocht u
verliest. Tijdens één uur lichaamsbeweging mag de gemiddelde persoon
verwachten rond de één liter vocht kwijt te raken -en in warme
omstandigheden nog meer. Tijdens inspannendere activiteiten in warme en
vochtige condities (denk aan het lopen van een marathon) zou u niet
minder dan twee liter per uur kunnen verliezen. Sommigen transpireren
zwaarder dan anderen, ook al verrichten ze dezelfde inspanning in
dezelfde omstandigheden. Dat is onder meer afhankelijk van uw
lichaamsgewicht en lichaamsomvang (een kleiner lichaam produceert minder
zweet), uw conditiepeil (hoe fitter u bent en hoe beter geacclimatiseerd
aan warme condities, hoe gemakkelijker u zweet ten gevolge van. een
betere thermosregulatie) en individuele factoren (sommigen zweten nu
eenmaal gewoon meer dan anderen!). Globaal genomen transpireren vrouwen
minder dan mannen, wat zijn verklaring vindt in hun kleinere
lichaamsomvang en economischere vochthuishouding. Het belangrijkste om
te beseffen is nochtans dit: hoe meer u zweet, des te alerter u moet
zijn op het gevaar van dehydratie. Uw vochtverlies door transpiratie en
dus de hoeveelheid vocht die u weer zou moeten opnemen, kunt u schatten
door uzelf te wegen voor en na uw inspanning. Voor elke kilo
gewichtsvermindering zou u l liter vocht moeten opnemen. Wat zijn de gevaren van dehydratie? Door bovenmatig verlies van vocht (dehydratie) gaat het prestatievermogen achteruit, terwijl het bovendien schadelijk voor de gezondheid is. Het hart, de longen en de bloedsomloop komen er onder extra druk door te staan, wat betekent dat het hart harder moet werken om bloed het lichaam rond te pompen. De inspanning gaat steeds moeilijker af doordat het bloedvolume vermindert en de lichaamstemperatuur stijgt. Met een verlies van 2% van uw gewicht gaat uw prestatie al met 10-20% achteruit (d.w.z. uw looptijd verslechtert met die factor). Bij een afname van 4% kunt u met misselijkheid, braken en diarree te kampen krijgen. Bij 5% is uw prestatievermogen met 30% afgenomen, terwijl een daling van 8% duizeligheid, een belemmerde ademhaling, zwakte en geestelijke verwarring veroorzaakt. Een nog verdere daling heeft ernstige gevolgen. Het ironische is dat hoe uitgedroogder u raakt, hoe minder uw lichaam in staat is te zweten. Door het excessieve verlies van vocht heeft dehydratie namelijk een afname van het bloedvolume tot gevolg. Het lichaam staat dan voor een dilemma: moet het de bloedstroom naar de spieren op peil houden, of moet het de bloedstroom naar het huidoppervlak instandhouden, zodat de warmte afgevoerd kan worden? Gewoonlijk delft de bloedstroom naar het huidoppervlak het onderspit, met als gevolg dat uw lichaamstemperatuur (er wordt immers geen warmte afgevoerd) stijgt. Gaat u nu door met uw inspanning zonder het verloren vocht aan te vullen, dan raakt u hoe langer hoe meer uitgedroogd. Uw lichaamstemperatuur blijft almaar verder stijgen en er ontstaat een vicieuze cirkel, die op den duur in vermoeidheid of zelfs warmtestuwing uitmondt. Kan ik mijn vochtverlies tot een minimum beperken? U kunt
onmogelijk verhinderen dat uw lichaam vocht verliest. Het is tenslotte
een natuurlijke en wenselijke manier voor het regelen van de
lichaamstemperatuur. Daar staat tegenover dat u heel goed kunt voorkomen
dat uw lichaam uitgedroogd raakt door het vochtverlies zoveel mogelijk
op te vangen. De beste manier om dat te doen, is ervoor te zorgen dat u
met voldoende vocht in uw lijf aan uw inspanning begint en tijdens en na
uw activiteit voldoende drinkt om het verlies aan te vullen. Zijn zweetpakken een goed idee? Nogal wat atleten trekken een zweetpak of
andere kleding van bijvoorbeeld kunststof of neopreen aan om op hun
wedstrijdgewicht te komen. Dat is absoluut geen goed idee! Doordat ze
verhinderen dat het zweet verdampt, voorkomen dit soort pakken dat er
warmte wordt afgevoerd. Wanneer zou ik moeten drinken? 1.
Van tevoren Waarom voel ik mij misselijk, wanneer ik onder het sporten drink? Als u zich misselijk voelt of met andere maagdarmklachten kampt wanneer u drinkt, is de kans groot dat u al uitgedroogd bent! Door een in feite geringe mate van dehydratie (rond 2% van het lichaamsgewicht) vertraagt al het legen van de maag en wordt de normale ritmische beweging van uw darmen verstoord. Daardoor kunt u zich opgeblazen en misselijk voelen en braakneigingen hebben. Probeert u dat te vermijden door voordat u begint zoveel te drinken als u zonder problemen aankunt en daarna tijdens uw activiteit te blijven drinken. Begin er zo vroeg mogelijk mee. Wacht niet tot u zich dorstig voelt en 'bewaar' evenmin uw drinken voor latere fasen van uw training! Is het goed om water te drinken? Water is een goede leverancier van vocht. Het maakt ook het grootste deel uit van wat u verliest door het zweten en wat uw lichaam nodig heeft. Bij de meeste vormen van gematigde lichaamsbeweging, die minder dan een uur duren, zit u met rijkelijke hoeveelheden water drinken altijd goed. Tijdens langer durende activiteiten hebt u misschien de extra voordelen van een ander type drank nodig. Kan ik ook te veel water drinken? Te veel drinken levert
zelden problemen op, aangezien het lichaam al het overtollige vocht
doodgewoon uitscheidt. De enige omstandigheid waaronder grote
hoeveelheden water voor een probleem kunnen zorgen, is tijdens erg
langdurige of inspannende activiteiten (bijv. het lopen van een
marathon), indien men gewoon water drinkt en het verloren natrium niet
wordt aangevuld. Het gevolg is dat het natriumgehalte van het bloed snel
daalt (hyponatriëmie) en het bloedplasma erg waterig wordt. Dat zijn
allemaal factoren die de urineproductie stimuleren en de aandrang tot
drinken verminderen, waardoor dus dehydratie in de hand gewerkt of
verergerd wordt. Daarom kunt u, als u langere perioden zwaar
transpireert, beter verdunde elektrolyten/koolhydratendrankjes drinken
dan gewoon water. Dat helpt de vochthuishouding van het lichaam in
balans te houden, spaart spierglycogeen en stelt daardoor het intreden
van vermoeidheid uit. Jarenlang heeft de wetenschap het drinken van gewoon water aanbevolen. Zo stelde bijvoorbeeld het Amerikaanse College van Sportgeneeskunde in 1984 dat water het beste vocht is. Sindsdien zijn er echter de nodige onderzoeken uitgevoerd, waaruit naar voren komt dat het in bepaalde omstandigheden voordelig kan zijn om iets te drinken dat verrijkt is met koolhydraten of mineralen (elektrolyten). De reden daarvoor vinden we in de drie doelen die drinken onder het sporten dient: . Het vult het door het
zweten verloren vocht weer aan. Elektrolyten zijn (minerale) zouten die opgelost zijn in de lichaamsvochten. Het gaat meer in het bijzonder om natrium, chloor, kalium en magnesium. Ze dragen bij tot de regeling van de vochtbalans tussen verschillende onderdelen van het lichaam, bijvoorbeeld de hoeveelheid vocht binnen en buiten een spiercel en het volume aan vocht in de bloedsomloop. De verplaatsing van water wordt gecontroleerd door de concentratie van elektrolyten aan weerszijden van het celmembraan. Zo leidt een stijging van de natriumconcentratie buiten een cel (in de tussencelruimte) ertoe dat water zich van binnen in de cel naar buiten verplaatst. Omgekeerd heeft een daling van het natriumgehalte een waterverplaatsing van buiten de cel naar in de cel tot gevolg. Kan het weer de prestatie beïnvloeden?
De prestatie kan beïnvloed worden door zowel. de temperatuur van de
lucht als de windsnelheid. Hoe warmer en vochtiger het weer is en hoe
minder wind er staat, hoe meer vocht uw lichaam verliest en hoe groter
dus het gevaar van uitdroging. In een onderzoek fietsten zes sporters op
een hometrainer met een vaste weerstand. Onder een omgevingstemperatuur
van 2° C konden ze 73 minuten fietsen voordat ze uitgeput waren. Nadat
de temperatuur van de omgeving was verhoogd tot 33° C, konden ze nog
slechts 35 minuten fietsen. Met een koolhydratendrank bleken ze langer
door te kunnen gaan in koude omstandigheden. In warme omstandigheden
maakte het drankje daarentegen niets uit. Onder warme condities legt het
lichaam de prioriteit bij het vervangen van water en niet bij die van
koolhydraten. U kunt zodoende beter water of een aangelengd
koolhydraten/elektrolytendrankje drinken dan iets met een groter gehalte
aan koolhydraten. Traint u in koud weer en zweet u slechts weinig, dan
hebt u mogelijk meer baat van een koolhydraatrijke drank. Zou ik zouttabletten moeten nemen bij warm weer? Nee, zouttabletten zijn geen goed idee, ook al transpireert u overvloedig in warm weer. Ze hebben tot gevolg dat er een sterk geconcentreerde natriumoplossing in uw maag ontstaat (bovenmatig hypertoon). Daardoor worden de leging van de maag en de rehydratie uitgesteld, aangezien er eerst water aan uw lichaam onttrokken moet worden, zodat uw maag de natriumoplossing kan verdunnen. Het beste middel voor het vervangen van het verlies van vocht en elektrolyten is het drinken van een verdund natrium/koolhydratendrankje (hypotoon of isotoon) met een natriumconcentratie van 40- 110 mg/100 ml. Hoe kan ik het vervangen van vocht versnellen? Gewoon water wordt al
betrekkelijk snel opgenomen. De snelheid waarmee dat gebeurt wordt
beïnvloed door een aantal factoren, onder meer: .het volume van het
opgenomen vocht; .het gehalte aan suiker (koolhydraten) en natrium in
het drinken; .de intensiteit van de lichaamsbeweging. Hoe groter het
volume van het vocht in uw maag, des te sneller de maag geleegd wordt in
de darm en dus des te sneller het verloren vocht in uw lichaam wordt
vervangen. Dat is de reden waarom u het beste al vroeg tijdens uw
lichaamsbeweging zoveel mogelijk kunt proberen te drinken en daarna
geregeld vocht moet blijven opnemen. Vanzelfsprekend is dat
gemakkelijker bij vormen van sport waar uw lichaam steun heeft of de
handeling niet al te belemmerend is, zoals bij fietsen, zwemmen of
gewichttraining. Relatief verdunde oplossingen van suiker en natrium
(hypotoon of isotoon) bevorderen de opname van water uit de dunne
darm in de bloedbaan. Natrium stimuleert in feite niet alleen de opname
van water, maar ook die van suiker, om welke reden het aan de meeste
commerciële sportdranken is toegevoegd. Een suikergehalte van tot ca. 8
g/100 ml en een natriumgehalte van tot 110 mg/100 ml bespoedigen de
wateropname. Dranken met een hogere concentratie (hypertoon) vertragen
daarentegen het legen van de maag en verlagen daardoor de snelheid
waarmee het vocht wordt vervangen. Hoe intensiever de activiteit, des te
langer het proces duurt. U kunt dat ondervangen door met ruimschoots
voldoende vocht in uw lichaam te beginnen en in plaats van water een
verdund suiker-/natriumdrankje te drinken. Wat is de beste samenstelling van sportdranken? Voor zowel het suiker als het natriumgehalte bestaat een optimaal bereik De uitkomst van onderzoeken is dat een suikerconcentratie van tussen 4 en 8 9 per 100 ml voor de snelste opname van water zorgt. De optimale natriumconcentratie ligt tussen 40 en 110 mg per 100 ml. Hoewel een iets hoger gehalte aan natrium de wateropname nog meer versnelt, wordt het drankje er onsmakelijk door. Het is belangrijk om een goed compromis tussen smaak en natriumgehalte te vinden. Als uw vochtverlies heel klein is (bijv. in koele weersomstandigheden) en u spant u intensief in, dan kan een drank met een groter gehalte aan koolhydraten/energie, tot I5 g per 100 ml, gunstiger zijn als het gaat om het sparen van het spierglycogeen en uitstellen van de vermoeidheid. Wat voor typen sportdranken zijn er op de markt? Sportdranken
kunnen in twee groepen verdeeld worden: vochtvervangende dranken en
koolhydraten/energiedranken. .Vochtvervangende dranken zijn verdunde
oplossingen van elektrolyten (al is natrium in feite de enige die de
moeite waard is) en suikers (koolhydraten) De meestal toegevoegde
suikers zijn glucose, sucrose, fructose en glucosepolymeren (dextrinemaltose).
Het hoofddoel van deze dranken is het vocht sneller aan te vullen dan
gewoon water, al dragen de extra suikers er ook toe bij dat de
bloedsuikerspiegel op peil blijft en er glycogeen gespaard wordt. Je lichaam bestaat grotendeels uit water. Het werkt als
transportmiddel om voedsel aan te voeren en afvalstoffen af te voeren.
Dit water moet regelmatig worden aangevuld zodat het proces van aan en
afvoer kan doorgaan. Osmose is het verschijnsel dat water beweegt
tussen binnenzijde en buitenzijde van de celwand. De celwand is namelijk
half doorlatend. Het water beweegt van het deel met minder opgeloste
stoffen naar het deel met meer opgeloste stoffen. Zo worden
voedingsstoffen aan de spiercellen geleverd. Op dit verschijnsel is het
verschil in sportdrankjes hoofdzakelijk gebaseerd. De hoeveelheid
opgeloste stoffen in sportdrank (zouten en suikers) wordt aangegeven met
de termen hypotone, hypertone en isotone.
Wat is het verschil tussen hypotone, isotone en hypertone dranken? 1.Een
hypotone drank heeft een relatief lage osmotische druk, wat
betekent dat hij per 100 ml minder deeltjes (suikers en elektrolyten)
bezit dan de eigen vochten van het lichaam. Doordat de drank meer
verdund is, wordt hij sneller opgenomen dan water. Gemiddeld genomen
bevat een hypotone drank minder dan 4 g suiker per 100 ml. Verbeteren elektrolyten de prestatie? Elektrolyten in
sportdranken hebben geen rechtstreekse verbetering van de prestaties tot
gevolg. Ze worden voornamelijk aan sportdranken toegevoegd om de
wateropname te versnellen en het verlies ervan door het zweten aan te
vullen. Feitelijk is natrium de enige elektrolyt die het opnemen van
water en suiker stimuleert, de andere (zoals kalium en magnesium)
sorteren totaal geen effect. Via het zweet gaan er inderdaad
elektrolyten verloren, maar in principe kan de gewone voeding ze
gemakkelijk weer aanvullen. Zelfs als u zwaar transpireert, vormt het
verlies van elektrolyten nog steeds geen probleem, aangezien uw zweet
meer verdund wordt naarmate u langer en intensiever actief bent. Verbeteren sportdranken de prestatie? Sinds de jaren '70 zijn daar nogal wat onderzoeken naar verricht. De uitkomst van veel daarvan is dat sportdranken met een laag gehalte aan natrium en koolhydraten inderdaad de prestatie kunnen verbeteren. Hun 'werkzaamheid' danken ze aan het feit dat ze snel water en brandstof aanvoeren naar het lichaam en daardoor de sportbeoefenaar helpen dehydratie te voorkomen en het uitputten van de glycogeendepots uit te stellen. De meeste onderzoeken met een positieve uitkomst zijn uitgevoerd met getrainde atleten, die onder tamelijk strenge laboratoriumcondities matig tot heel intensieve inspanningen leverden. Bedenk dat het in uw situatie totaal anders kan liggen. Als u bijvoorbeeld een uur of minder traint met een lage intensiteit, dan kan gewoon water voor de prestatie evenveel te bieden heb ben als een sportdrank -maar wel voor een fractie van de prijs! Daar staat tegenover dat sportdranken waarschijnlijk ook weer geen afbreuk doen aan uw prestatievermogen en zeker van nut zijn voor de meeste lichamelijke activiteiten met een duur van een uur of langer. Welk type drank is het beste voor mij? Het type drank dat u zou moeten kiezen, hangt af van de intensiteit en duur van uw inspanning, de temperatuur en vochtigheidsgraad van uw omgeving en hoe overvloedig u transpireert. De eerste te overwegen factor is wat uw prioriteit heeft: een snelle aanvulling van vocht of van brandstof? Als u minder dan 60-90 minuten bezig bent, onder erg warme en vochtige condities en u zweet zwaar, dan zal uw prioriteit vermoedelijk liggen bij een snel aanvullen van vocht. In dat geval is een vochtvervanger (hypotone of isotone sportdrank) de beste keuze. Water is prima als u zich minder dan een uur matig tot gemiddeld inspant. Of u een hypotone dan wel isotone drank kiest, is tot op grote hoogte een kwestie van persoonlijke smaak. Hoewel. isotone dranken meer brandstof leveren, zijn ze voor sommige atleten iets te geconcentreerd; zij vinden ze (te) 'machtig' en krijgen er buikpijn van. De aanvoer van brandstof zal voor u waarschijnlijk belangrijker zijn dan een snelle vervanging van vocht, wanneer u langer dan 90 minuten zwaardere inspanningen levert of dat onder koele omstandigheden doet of ingeval u niet erg veel zweet. In een dergelijke situatie zal de vermoeidheid waarschijnlijk eerder door glycogeenuitputting veroorzaakt worden dan door dehydratie. Koolhydraten- of energiedranken op basis van glucosepolymeren kunnen nu een betere keuze zijn, omdat ze behalve redelijke hoeveelheden vocht meer brandstof kunnen aanvoeren dan typische vochtvervangers. Veel sporters krijgen echter buikpijn van koolhydratendranken; vochtvervangers met een gehalte van 4-8 g suiker per 100 ml blijken dan vaak even prima diensten te verrichten. Het beste kunt u tijdens uw trainingen met verschillende dranken experimenteren en zo proefondervindelijk uitzoeken wat het beste bij u valt. |
|||
| De keuze van de juiste sportdrank | |||
| Condities | Sportdrank | ||
| Inspanning < 30 minuten | Niets, water | ||
| Inspanning met matige tot gemiddelde intensiteit < 1 uur | Water, hypotone of isotone sportdrank | ||
| Zware inspanning met een duur van tussen 1 en 2 uur | Hypotone of isotone sportdrank | ||
| Zware inspanning met een duur van > 90 minuten of > 1 uur onder koele omstandigheden | Hypotone of isotone sportdrank, koolhydratendrank (glucosepolymeren | ||
|
|
|||
|
Copyright © 2001 RecreAzw. Alle rechten voorbehouden |
|||