Voorouderlijst Verherbruggen Huijbrecht                       

 

Herbrugge(n) Van, Verherbrugg(h)en, Verheirbrugge

Familienaam uit de plaatsnaam Heerbrugge o.a. in Lokeren (Oost-Vlaanderen).

 


De oudste gegevens en de aktes met dank aan Christine Savat en Michael Roekaerts. Meer info op hun website.

 

XVII - Verherbruggen Huijbrecht (S + M), x ° ca. 1450, met Margriete Wolfs.

 

H851: Fo 211: - 21 jun 1507: Huijbrecht, Willem ende Goort Verherbruggen broeders en Anthonis Mergaerts alle erfgen van IJden Mergaerts hebben gederft een half bunder ende 25 roijen lants (wwe Aert Schrijns) aan Berbele Guldentops wwe Aert Schrijns

WRT1875 fo 759: - 10 feb 1535: Willem Vanderherbrugge zone wijlen Huijbrechts bij dode wijlen Margriete Wolfs sijnder moeder heeft ontvangen twee dm land te Wakkerzeel - 22 mei 1542: Sebastiaen Van Bomen als momboir van de kinderen vs Willem wijlen Vanderherbruggen heeft ontvangen tot behoef van de selve kinderen twee dm lants stellende daerop als sterfman Peeter Vanderherbruggen - 14 aug 1564: Jan Van Herbruggen zone wijlen Simons heeft na de dood van Margriete Wolfs sijn grootmoeder verkocht die twee derdedeelen van voors twee dm aan Simon en Peeter Verherbruggen gebroeders - 3 dec 15(): ()gen zone wijlen Willems tot behoef van hem selven als voor () het leen naerbestaende ende tot ()en Verherbruggen zone () sijns neve als voor dander () Peeters wijlen Verherbruggen () Simons & vader () tderdendeel vande voors twee dm lants waeraf die ander twee derdedeelen zijn toebehorende den voers Simon ende wijlen Peeteren Verherbruggen, blijvende hiervan den voorschreven Willem Werherbruggen 5 jr oudt sterfman, doende den voors Simon hieraf hulde 

 

De bijgaande akte roept veel vraagtekens op en  (met dank aan Paul Peeters) maakt melding van de familie Verherbruggen, meer bepaald :

-     Petrus Verherbruggen, zoon van Joannes, voor het eerste deel;

-     Catharina Goirts, weduwe van Guilielmus Peeters en dochter van Anna Verherbruggen (met bijstand van Nicolaus Goirts als voogd), voor het tweede deel;

-     Maria Verherbruggen, in huwelijk met Nicolaus Mertens, voor het vierde deel.

Waar het derde deel zit, is niet duidelijk en werd ook niet vermeld in de akte. Ofwel moest het vierde deel het derde deel zijn ofwel is de griffier het derde deel vergeten ofwel bleef het derde deel in het bezit van de familie Verherbruggen. Zij dragen hun respectievelijke delen in een dagmaal land onder Assent over, dat zij verkregen van hun voorschreve ouders, maar uit de akte is moeilijk uit te maken wie hun ouders waren. Ik heb het gevoel dat wijlen Joannes Verherbruggen de vader was van Petrus, Anna en Maria Verherbruggen. Op de eerste link vind ik Petrus, Anna en Maria Verherbruggen wel terug als broer en zusters, maar dan wel als kinderen van Guilielmus (Willem). Er lijkt me dus iets niet in de haak te zitten

Het perceel land wordt overgedragen aan Joannes Bols en zijn vrouw Anna Van Espen, inwoners van Rotselaar. Volgens de akte is Joannes Bols de zoon van Henricus. Joannes staat biij Bols als fs Nicolaus. Klopt dit ?

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8245, folio 10r., akte dd. 18 juli 1614

Item in tegenwoirdicheyt des meyers ende schepenen van Loven(en), gestaen Peeter Verherbruggen zone wijlen Jans voer een vierendeel, Cathelijne Goirts wed(uw)e wijlen Willems Peeters, daer moeder aff was Anne Verherbruggen, met consente en(de) overstaen(e) van Nicolaes Goirts, haeren momboir, haer metten rechte verleent, voirde tweede hellicht deele, ende Mayken Verherbruggen, haer sterckmaecken(de) voer Nicolaes Merttens, haeren tegenwoirdighen man, gelovende den selven indyen te hebben, dat hij t' gene naerbeschreven staet, sal lauderen en(de) approberen, voer het resteren(de) vierde paert, hebben opgedragen met behoirl(ijcke) verthijdenisse een dachmael lants ombegrepen der maeten, gelegen onder Assent, regenooten Peeter Crabbeels ter eenre, Hans Bol[s] ter iire. ende sheeren straete ter iiire. sijden, hen opdrageren verstorven van hunne ouders voirs(chreven), expos(it)i impos(itus) est jure hered(itarie) Jans Bols zone wijlen Hendricx Bols, woonen(de) tot Rotzelaer, zoe ten zijnen behoeff als Anne Van Espen, zijne tegenwoirdighe huyssvrouwe, eensdeels bij maniere van mangelinge nopen(de) het deel vande voors(chreve) wed(uw)e tegens den hellicht van tgene naerbeschreven staet, te weten de hellicht van het dachmael bempts, waer van haer dander hellicht was toebehooren(de), per mo(nitionem) et satis die voors(cchrev)e opdrageren obligan(do), submitten(do) ac renuntian(do) in forma, et waras op een(en) cappuyn sheeren chijns aen doctoir du Bay tanqua(m) prout, coram Glavemans, Luenis, julii xviiia., a(nn)o 1614.

De volgende akte van dezelfde datum in het register gaat ook over de familie Verherbruggen, maar ook nu schept die eigenlijk geen duidelijkheid.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8245, folio 10v., akte dd. 18 juli 1614.

Item in tegenwoirdicheyt als vore gestaen die voirs(chreven) Peeter Verherbruggen ende Cathelijn Goirts voirs(chreven) cum tutore hebben opgedragen met behoirl(ijcke) verthijdenisse een dachmael bempts vuyt drije dachmaelen, gelegen inde Cranebroecke onder Rotzelaer, regenooten Jan De Leeuwe ter eenre, Margriete Van Maelcote ter iire. en(de) m(eeste)r Conrardt Silvius ter iiire. sijden, op hen opdrageren verstorven, expos(it)i impos(ita) die voirgen(oempde) Cathelijne Goirts wed(uwe) wijlen Willems Goirts, zoe tot haeren behoeff als tot behoeff van haere kinderen, bij maniere van maniere per mo(nitionem) ende dat bij maniere van mangelinge tegens de hellicht van tvoirs(chreven) dachmael lants, et satis die voors(chrev)e opdrageren obligeren(de), submitteren(de) en(de) renuntieren(de) in forma, et waras die voirs(chrev)e drij dachamlen int geheel op een gelte smouts aen(de) kercke vann Wackerzeele tanqua(m) prout iure, coram eisdem.

 

 

Uit dit huwelijk:

 

Verherbruggen Willem, XVI,

 

Verherbruggen Anna,

 

Verherbruggen Simon, x ...

Nog een transcriptie van een schepenakte, waarin melding wordt gemaakt van Simon Verherbruggen en Margaretha Swol(f)s.  Simon is mogelijk de zoon van  Hubertus.  Margaretha is ontegensprekelijk de vrouw van Hubertus Verherbruggen.

BRON : S.A.L, Inventaris Cuvelier, register nr. 7858, folio 379v°, akte dd. 05.04.1573

     Transcriptie.

Item Jan Palsters, woonen(de) tot Wackerzeel, in

p(rese)ntia, heeft gekint en(de) geleden dat Symon

Van Herbruggen aen hem mits eend(er) so(m)men van

penn(ingen) de quibus sat(is) volcomel(ijck) gelost ende

affgequeten heeft een(en) peeter erffel(ijck), die

den voirs(creven) Jan(nen) aengestorven is bijd(er) doot

en(de) afflijvicheyt Eliz(abe)t Swols en(de) die zij opden

voirn(oempden) Symon hebbende was met scepen(en) brieven

van Kelffs, schelden(de) hem daer aff quyte

promitt(ens) no(n) alloqui sed sat(is) et waras erga

quoscumque prout, cor(am) Liedekercke, Duffle,

quinta ap(ri)lis.

In de marge.

S(olvi)t.

     Uit dit huwelijk:

     Verherbruggen Jan, 

Verherbruggen Peter, x met ...

     Uit dit huwelijk:

     Verherbruggen Jan,  

     Verherbruggen Simon, x met Anna Lambrechts, fa Henricus,

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7862, fol. 204r°, akte dd. 18 november 1577.

Item Anna V(er)herbruggen filia quondam Simonis, in p(rese)ntia, co(n)tulit Nicolao Goirts fil(io) quondam Jacobi et Meyssen Van Malcote, eius uxori, hereditariu(m) reditum heredi unius floreni caroli singulis a(n)nis ad xiii. maii p(er)solven(dis) pro quo median(tibus) l(itte)ris scab(in...) (?) Lovanien(sis) de data xiii. maii lib(r)o xvc. lx obligatus Johannes V(er)herbruggen fil(ius) quondam Symonis erga Johannem Lambrechts tanquam ma(m)burnu(m) Henrici et Jacobi V(er)herbruggen, fratrum unde dicta Anna V(er)herbruggen actio(n)em se habere asserint quare contulerunt l(itte)ras eodem jure, cor(am) Griecken, Liedekercke, novembris xviii. 

 

De onderstaande akte (met dank aan Paul Peeters) brengt nieuwe gegevens aan het licht.  Uit de akte blijkt dat Joannes Van Herbruggen (Verherbruggen) zoon was van Simon en Anna Lambrechts.  Deze laatste was dan weer de dochter van Henricus Lambrechts.  Het laatste woord van de akte is een afkorting ‘br.’  Ik ben er niet zeker van, maar ik vermoed dat het een afkorting is van ‘Brabantie’, die betrekking heeft op de datum van de akte.  De akte zou dus gedateerd zijn volgens de Brabantse stijl.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8219, fol. 64v., akte dd. 4 februari 1568.

Item Jan Van Herbruggen sone wijlen Symoens, daer moeder aff was Anna Lambrechts dochter wijlen Henr(icx) Lambrechts, in p(rese)ntia, heeft gecedeert ende getransporteert, cedeert ende transporteert mits desen Willem(en) Van Molle, p(rese)nt en(de) accepteren(de), alsulcken twintich stuyvers erffel(ijcke) rinte, jairl(ijcx) opden xxiiiien. dach maii te betaelen(e), vuyt en(de) van een(en) erffrinte van twee car(olus) guld(en) erffel(ijck) als de v(oir)s(creven) wijlen Henr(ick) Lambrechts, grootvadere des voirs(creven) Jans, v(er)cregen heeft met scepen(en) brieven van Loven(e) daerop gemaeckt maii xxiiii. li(br)o xvc xxxvii, daer inne Matheeus Van Maelcote p(er)sonel(ijck) v(er)obligeert is, gevende alzoe den voirscr(even) Willem(en) Van Molle die selve brieven overe metten achterstellen van drije jaeren, ter causen van dien v(er)schenen ten selven rechte, gel(ijck) hij die van te voeren hadde prout, cor(am) Liedekercke, Winde, februarii iiiia., a(nn)o xvc. lxviii Br(abantie) (?).

En in deze wordt weer melding gemaakt van Joannes Van Herbruggen. Hij moet op de een of andere manier familie geweest zijn van Daniel Vanden Vinne en Catharina Van Overbeke.

Bron : S.A.L. Inventaris Cuvelier, register nr. 8219, fol. 64v., akte dd. 4 februari 1568.

Item de v(oir)s(creven) Willem Van Molle, Margriete Van Merbeke, zijn huysv(rouw)e, wonen(de) te Thieldonck, Bastiaen Mercx en(de) Cathlijn(e) Van Meerbeke, zijn huysv(rouw)e, wonen(de) te Wespelaer, in p(rese)ntia, obligan(tes) et submittten(tes), hebben geloeft ind(ivisi)m Danielen Van(den) Vinne, man en(de) momboir Kathlijn(e) Van Overbeke voerde tocht ende den v(oir)s(creven) Jan(nen) Van Herbruggen met zijne consoirten, alle erffgen(aemen) Jans Lambrechts, voer derffelijcheyt, te voldoene en(de) volbringen allen alsulcken conditien ende conventien, bescreven in scepen(en) brieven van Loven(e) d(aer)op gemaeckt maii xxiiii., li(br)o xvc. xxxvii v(oir)s(creven), daer inne de voirscr(even) Matheeus Van Maelcote p(er)sonelijck v(er)obligeert is ende oyck derffrinte van een(en) car(olus) guld(en) vuyt ende van de voirs(creve) twee car(olus) guld(en) jairl(ijcx) wel en(de) loffel(ijck) te betaelen(e) en(de) leveren naer teneure van(de) v(oir)s(creve) scepen(en) br(ieven) prout, coram eisd(em).

          Uit dit huwelijk:

           Verherbruggen Jan, 

           Verherbruggen Elisabeth, x ca. 1600 met Jeroen Vandendriessche, fii in Wakkerzeel,

           Verherbruggen Henricus,

Onderstaande akte (met dank aan Paul Peeters) met vermelding van Henricus Verherbruggen, zoon van wijlen Simon.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7856, fol. 361v., akte dd. 6 mei 1572.

Item Jo(hann)es Berckmans filius quond(am) Jacobi, co(m)mor(ans) apud Wespelae(re), obligan(tes), recog(novit) se debere Henrico Verherbruggen filio quond(am) Symonis sex florenos caroli te xx stuvers monete curren(tis) hered(itarii) redd(itus) singulis annis ad viam. maii p(er)solven(dis) et in cambio quite et libere quol(ibe)t ass(ecutu)m ad mo(nitionem) pignus valenes et t(antu)m et poter(it) red(imer)e q(ua)n(do) vol(verit) quemlibet denariu(m) exinde median(tibus) sedecim denar(iis) cons(imilibu)s ac cum, coram Liedekercke, Wynde, vi. maii. 

 

Hierbij een akte met vermelding van Hieronymus (Jeronimus) Vanden Driessche en zijn vrouw Elisabetha Verherbruggen, inwoners van Wakkerzeel.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8246, folio 153v., akte dd. 29 december 1616.

Item in p(rese)ntie des meyers, etc(etera), gestaen Jheroon Van(den) Driesche en(de) Elizabeth Verherbruggen, gehuysschen van Wackerseele, hebben opgedraghen met behoorel(ijcke) v(er)thijdenisse een huys, hoff en(de) allen den toebehoorten, gestaen te Wackerseele, groot een boender, regen(ooten) de strate ter ire., d' abdije van Parck ter iire., Dierick Van Drochem ter iiire. en(de) de wed(uw)e Schrijnmakers ter andere zijden, expos(ito) ende heer en(de) m(eeste)r Steven De Man, pr(es)b(yte)re, capellaen van S(in)te Peeters alhier, impos(itus) reddidit, etc(etera), terminis, etc(etera), ende voorts meer op vijff guldens thien stuyvers tot xx st(uyvers) den gulden ende drije plecken den st(uyer), loopen(de) munte, jaerl(ijckx) te Loven den v. aprilis te betalen, daeraff d' eerste jaer verschijnen sal den v. aprilis 1617, los en(de) vrije van allen beden en(de) impositien, erffel(ijck) in toecomen(de) tijden, t' elcken jare als schuldt met rechte verwonnen, et satis obligeren(de), sub(mitterende) en(de) renun(tierende) ind(ivis)im in forma et waras opden chijns en(de) eenen gulden, noch geloven d' opdrageren ind(ivis)im ende elcke van hen dese vijff g(uldens) x st(uyvers) erffel(ijck) jaerl(ijckx) ten termijne voors(chreven) wel, loffel(ijck) en(de) p(er)sonel(ijck) te betalen, obligeren(de), sub(mitterende) en(de) renun(tierende) in forma, namentl(ijck) s(enatus) c(onsul)ti vell(eiani) authen(tica) si qua mulier, d(aer)aff onderricht, op conditie van(de) vijff g(uldens) thien st(uyvers) effel(ijck) te moghen lossen t' eender reysen, elcken pen(ninck) met xvi gelijcke penn(ingen) en(de) met volle rente, los en(de) vrije van pontpen(ningen) en(de) diergel(ijcke), coram Duffle, Roeloffs, decembris xxix., 1616.

     Verherbruggen Jacobus, 

     Verherbruggen Willem,

 

?Van Herbruggen Barbara, x met Peter De Wolf,

     Uit dit huwelijk:

     De Wolf Hans. 

 


 

XVI - Verherbruggen Willem, ° ca. 1490, x met Anna Verboomen.

 

Uit dit huwelijk:

 

Verherbruggen Joannes,

 

Verherbruggen Willem, XV (S17312 + M22976),

 

Verherbruggen Peter,

 

Verbruggen Simon, x met Van Langendonck Kathelijne,

     Uit  dit huwelijk:

     Verherbruggen Anna,  x met Jan Gorts, fs Jacob Gorts en Anna Van Beringen

     Verherbruggen Henricus,

     Verherbruggenn Jacob, x met Anna Schrijnmaecker alias Vrancx,

     Verherbruggen Marck,

     Verherbruggen Jan,  x met  Catharina Smets,

 


 

Verherbruggen Joannes, ° ca. 1540,  x met ... (wellicht uit bovenstaand gezin)

 

Uit dit huwelijk:

 

Verherbruggen Remigius, fs Joannes, x met Margriete Philips,

Onderstaande aktes met dank aan Paul Peeters

BRON : Stadsarchief Leuven, register nr. 7478, folio 209r°, akte dd. 2 juni 1586.

                                                  Transcriptie.

Item in tegenwoerdicheydt des meyers van Loven(e)

daer over staende van heerheyden wegen van wegen

des hertogen van Brabandt ende den schepen(en) van Loven(e)

naerbescr(even) gestaen Margriete Philips dochter wijlen

Joannes en(de) huyssvrouwe Remeys Verherbruggen, woonen(de)

tot Wespelaer, ende heeft met consente, wille,

weeten(e) en(de) overstaene desselfs Remeys, haers mans,

 

In de volgende akte maakt men melding van Remigius Verherbruggen en zijn vrouw Margaretha Philips, inwoners van Wespelaar.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7506, folio 140v., akte dd. 12 december 1615.

Item in p(rese)ntie als boven gestqaen Ph(i)l(ip)s Hollandts vuyt crachte en(de) naer v(er)moegen van zeeckere procura(ti)e speciael en(de) irrevocabel, hem gegeven bij Remeys V(er)herbruggen en(de) Cath(elij)ne Philips, gehuysschen, woonen(de) tot Wespelaer, gepass(eer)t voorden not(ari)s m(eeste)r H. Leunis en(de) zeeckere getuyghen opden ien. marty anno 1614, alhier gesien en(de) gebleken, waervan den teneur hier naer volght, die voors(creven) Ph(i)l(ip)s Hollandts ind(er) qua(litey)t voors(creven) bij manisse heeft opgedraeghen met behoorl(ijcke) v(er)thijden(isse) allen de partijen van landen, inde bovenst(aende) procura(ti)e gespecificeert, exp(osito) imp(ositus) jo(ncke)r Dionijs Hougaerts ind(en) naem van h(ee)r en(de) m(eeste)r Jan Van Hamene (?), doctoir ind(er) h(eyliger) godtheyt en(de) pastoor van S(in)t Jacops kercke alhier te Loven, als administrateur Van(der) Noot goidts aultaer bynnen der sel(ver) kercke, tot desselffs aultaers behoeve per mo(nitionem) redd(idi)t opden last van oudts daerop vuytgaen(de), te weten sheeren chijns vanden gronde en(de) alnoch ontrent dertich stuyvers erffel(ijck) indyen men bevindt desel(ve) daerop vuyt te gaen, ende voorts meer op sesse carol(us) gul(den)s te xx st(uyvers) tstuck en(de) vijff gel(ijcke) stuyvers erffel(ijcke) rente, alle jaer opden xxen; decemb(ris) te betaelen, waeraff den iersten termijn vallen sal xxen. decemb(ris) 1616 en(de) in des(er) stadts wissele wissele van Loven te leveren tot behoeff des voors(creven) aultaers, los en(de) vrij, etc(etera), in futur(um) quolibet assecut(um) et satis et waras die voors(creven) opdraeger opde lasten voors(creven), geloven(de) voorts die voors(creve) rente van vi g(u)l(dens) v stuyvers alle jaer ten tijde en(de) termijne voors(creven) wel en(de) loffel(ijck) te betaelen en(de) te leveren, los ende vrije als boven, in toecomen(de) tijden telcken termijn als schult met rechte v(er)wonnen, obligan(do), submitten(do) ac renun(tiando) vigore predicti procuratorii prout in  forma, et casu quo pignora, etc(etera), met conditie dat die voors(creven) opdraegeren de sel(ve) rente sullen mogen lossen en(de) affquytten tallen tijden alst hen gelieven sal teender oft te twee reysen, elcken guld(en) daer van met xvi gel(ijcke) gul(den)s loopen(de) munte en(de) met volle rente, coram eisd(em).

            Hier naer volght den teneur der voors(creve) procuratie.

Op heden den iersten dach van martio anno 1614 comp(ar)eren(de), etc(etera), in propre persoonen Remeys Verherbruggen en(de) Cath(elij)ne Philips, gehuysschen woonen(de) tot Wespelaer, hebben elck int besunder onwederroepel(ijck) geconstitueert en(de) machtich gemaeckt, gel(ijck) sij doen bij desen, Nicolaes Van Cranenbroeck, Ph(i)l(ip)s Hollandts, Peeter Sapma en(de) elcken van hun besundere om in hen constituanten naeme en(de) van hennen twegen te compareren voer meyer en(de) schepen(en) van Loven en(de) elders daer des van noode wesen sal en(de) aldaer bij titule van wettelijke hypotheque op te draeghen en(de) te transporteren tot behoeff van jo(ncke)r Dionijs Hougaerts, ingeseten des(er) stadt Loven, oft van(den) genen die hij daertoe nomineren sal, de gronden van erffven naerbes(creven), ierst huys en(de) hoff, gestaen tot Wespelaer voors(creven), geheeten den Ingel, met allen zijnen toebehoorten, regen(oten) derffgen(aemen) Jacops Van Brezips ter ie., der Zielmisse block ter iie., den h(ee)r van Chavanthy ter iiie. en(de) sheeren straete van vore ter iiiie. zijden, item een block, aldaer insgel(ijcx) gelegen aen(de) Hellemans straete naerden Haechtschen Dijck waerts, regen(oten) sheeren straete in ii zijden, het Vorstebroeck Velt ter iiie. en(de) ... [n.v.] wijlen tsRijcken Block ter iiiie. zijden, item een eussel, geheeten de Copshoeve Copshoeve, gelegen ter plaetse voors(creven) over tHeyken, regen(oten) van voere sheeren straete ter ie., het prochiaens en(de) costers eussel ter iie. en(de) Hansken De Vette ter iiie. zijden, item een dach(mael) landts, gelegen opt Vorstebroeck Velt, regen(oten) den h(ee)re van[der] Horst ter ie., het Hulsterbroeck ter iie. en(de) Willem Vlemincx ter iiie. zijden, item een dach(mael) landts, oock opt Vorstebroeck Velt gelegen, regen(oten) derffgen(aemen) sRijcken ter ie., mijn h(ee)r van(der) Horst ter iie., derffgen(aemen) Henr(icx) Lambrechts ter iiie. en(de) het Hulsterbroeck ter iiiie. zijden, item de hellicht van drije dach(maelen) landts, opt Drijwilligen Velt gelegen, regen(oten) Jans Van Aer Aurois erffgen(aemen) ter ie., Schrieckmans Broeck Block ter iie., de Hellemans straete ter iiie. en(de) Jans Van Herbrugge goet ter iiiie. zijden, item een stucxken landts, geheeten den Vuytganck, regen(oten) derffgen(aemen) Willems V(er)herbruggen ter ie., den h(ee)r van Chavanthi ter iie., item een stuck landts, groot onderhalff dach(mael), gelegen opt Achterste Broeckvelt, regen(oten) mijn h(ee)r Van(den) Eldre ter ie., Henrick Lambrets erffgen(aemen) ter iie. en(de) tHulsterbroeck ter iii. zijden, item een halff boen(der) opt Vorstebroeckvelt, regen(oten) het Hulsterbroeck ter ie., ... [n.v.], item drije en(de) een halff dach(maelen), regen(oten) het block van Schrieckman ter ie., Jan Auroy ter iie. en(de) de Hellemans straete ter iiie. zijden, ende dit voer een rente van ses g(u)l(dens) vijff stuyvers erffel(ijck) te xx st(uyvers) tstuck Brab(an)ts gelts, cours ende loop hebben(de) opde voors(creve) goeden, te besetten alle jaer opden xxen. decemb(ris), bijde voors(creve) constituan(ten) te betaelen ende in des(er) stadts wissele van Loven te leveren tot behoeff des voors(creven) Hougaerts oft zijns actie hebben(de), los en(de) vrije, etc(etera), en(de) aff te leggen metten pen penn(inck) xvi. teender oft te twee reysen met volle rente, daervoer behoorl(ijcke) geloefte van genoechdoeninghe te doen en(de) de voors(creve) goeden te waranderen op sheeren chijns van(den) gronden als opt allent recht daerop vuytgaende, behoudel(ijck) alnoch ontrent dertich stuyvers erffel(ijck) indyen men bevindt desel(ve) daerop vuyt te gaen en(de) voorts personele gelofte voerde jaerlijcxsche betaelinghe der voors(chreve) rente te doen en(de) andere solemmniteyten daerinne tobserveren, diemen gewoonel(ijck) is naer stijl van(der) plaetse tuseren onder v(er)binten(isse) van hen comp(aran)ten, beyde p(er)soon(en) en(de) goeden ind(ivisem) in forma, ende is te weten dat de voors(creve) rente van vi g(u)l(dens) v st(uyvers) wordt gecreert in plaetse van een rente van vijff g(u)l(dens) den penn(inck) xviii. als die voors(creve) Remeys V(er)herbruggen personel(ijck) bekent heeft gehadt aen(de) kinderen en(de) weesen wijlen Willems Van Molle en(de) Margriete Van Meerbeke, gehuysschen als sij leeffden, voer schepen(en) van Loven opden xvien. marthy lib(ro) xvc. lxxix in prima ende waeraff die voors(creven) Hougaerts dactie vercregen heeft, consenteren(de) die voors(creven) Hougaerts dijen volgen(de) alsoo inde cassatie die hij daeraff geloeft te doen van(den) reg(ist)re oft erffbrieven van(de) voors(creve) vijff g(u)l(dens) sijnde, de et sup(ra) quibus, aldus gedaen tot Loven ten daeghe, maent en(de) jaer voors(creven) ter p(rese)ntien van Peeter Sapma en(de) Matheus Haenewijck, als getuyghen hiertoe v(er)socht ende van nij mij H. Leunis, not(ari)s bijd(en) Raede van Brabant geadmitteert, ende was ond(erteecken)t H. Leunis.

 

Hierbij eenn akte met vermelding van Remigius Verherbruggen en zijn vrouw Margaretha Philips, inwoners van Wespelaar. In de akte staat dat Remigius de zoon is van Joannes. Dit laatste gegeven bevestigt hetgene reeds eerder onder voorbehoud werd gemeld (zie de passage hierna).

In een akte (bij Van Langendonck) wordt Remigiuis vermeld aks zoon van Joannes. Remigius Verherbruggen had bovendien nog een broer Joannes.

In de volgende akte maakt men melding van Remigius Verherbruggen en zijn vrouw Margaretha Philips, inwoners van Wespelaar.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7506, folio 140v., akte dd. 12 december 1615.

Verder blijkt uit de akte dat hun dochter Catharina Verherbruggen huwde met Petrus Gilis,

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8245, folio 66r., akte dd. 8 april 1615.

Item in tegenwoordicheyt des meyers, schepenen ende eygengenoten van Loven naergen(oempt) is gecompareert Remeys Verherbruggen, wonende tot Wespelaer, sone wijlen Jans, met Margariete Phlips, sijne huysvrouwe, hebben opgedragen met wettighe verthijdenisse, rijssche ende rijse die parceelen van goeden naebes(chreven), tot Wespelaer en(de) daeromtrent gelegen, en(de) eerst iii ½ dachm(aelen) landts, in eenen stucke geweest hebbende, verscheyden perceelen, gelegen opt Drijewilligen Velt, regenoten Scrieckmans Block alias het Block van Blijdenberch ter i., gelegen aenden wech te Wackerzeel waert ter i., de Hellemans straete ter ii., Jan Van Nuroode ter iii. zijden, item huys ende hoff metten toebehoorten, groot omtrent een dachmael, genoempt den Ingel, liggende tot int dorp van Wespelaer voors(chreven), regenoten sheeren straete van voore ter i., mijn heere van Straeten ter ii., de capelrije van Wespelaer met een block ter iii., den voors(chreven) heere van Straeten ter iiii. zijden, item noch een blocq landts, gheweest hebbende twee blocxkens, nu groot int geheel omtrent een halff boender landts, gelegen ter Hulst, regenoten mijn heere van Bellengien ter i., Margriete Stuckens oft haers actie hebbende ter ii., item een dachmael landts, opt Vorstebroeck Velt gheleghen, regenoten t' goedt mijns heeren Vanden Tymple ter i., het Hulsterbroeck ter ii., Lambrecht Vleminx ter iii., item noch een blocq landts, groot ... [n.v.], ghelegen ter Hulst, regenoten mijn heere Van Bellengien ter i., Jan Van Breetzijp ter ii., sheeren straete ter iii., item noch een halff boender landts opt selve velt, regenoten den tbroeck, geheeten den Troch, ter i., mijn heere Van Straeten ter ii. en(de) iii. zijden, Jan Leerbijls ter iiii. zijden, expositus et Carele Diericx Thomas Zegers inden naeme ende tot behoeff der fonda(ti)e van heer en(de) m(eeste)r Jan Piermont, gefondeert in(de) Pedagogie vande Lelie alhier vrou Jehe(n)ne Van Brecht, religieuse int convent van ... [rand], imposit(o) idem reddidit per mo(nitionem) terminis ende voorts meer op eene voortaene rente van xii g(uldens) x st(uyvers) erff(elijck) te twintich st(uyvers) den guld(en) ende te drije plecken Brabants elcken st(uyver) gherekent, te leveren binnen Loven, los ende vrije van x., xx., mindere ende meerdere penn(ingen), mede van allen and schote, lote, sdorps rechte beden en(de) van allen andere subventien, ingestelt oft inne te stellen infuturum quolibet assecutum et satis de voors(chreve) opdrageren ob en(de) met hen Peeter Ghielis, man en(de) momboir van Catlijne Verherbruggen, haerlieden dochter, indivisim oblig(ando) et submitten(do) insolidum met renunc(iando) nove constitutione de duobus reis ende de voors(chreve) Margriete s(enatus) c(onsul)ti vell(eiani) et authenticae si qua mulier, hun voorgehouden, ende aliisq(ue) exceptionibus in forma et waras op sekeren cleynen sheeren chijns vanden gronde, behoudelijck dat het huys en(de) hoff is belast met ii g(uldens) aen Carel Diricx tanqua(m) promittens insuper indivisim bene et legaliter persolvere et in cambio quite deliberare oblig(ando), submitten(do) ac obli renunc(iando) insolidum ut supra et casu quo ad mo(nitionem) alia et tantu(m) prout, met conditie van te mogen lossen teender reysen elcken penn(inck) met xvi gelijcke penn(ingen) ende met volle rente, alles losgelts, blijvende pontpenn(ingen) en(de) andere oncosten ten laste der rentgelderen alleene, behouden(de) de v(oor)s(creve) vrouwe Jehe(n)en haer perceptie en(de) naer haer afflijvich(eyt) gheven(de) dese rente tvoors(chreven) convent voer eene almouss, coram Glavemans, Luenis, aprilis octava, a(nno) 1615.

 

Hierbij een akte met vermelding van Remigius (Remeys) Verherbruggen, zoon van Joannes en inwoner van Wespelaar. Remigius was de man van Margartha Philips. Daarnaast ook de melding van Henricus Van Diependael j(unio)r als zoon van Henricus (en van Catharina Boons).

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7494, folio 159r., akte dd. 3 februari 1603.

Item in tegenwoirdicheyt des meyers ende schepen(en) van Lovene naebescreven gestaen Remeys Verherbrugg(en) sone wijlen Jans, woonende te Wespelaer, per mo(nitionem) heeft opgedraeg(en) met behoorl(ijcke) verthijenisse een dachmael landts, gelegen inde prochie van Winxele inde Helle opt velt, geheeten Mansrot, regenooten de Leeps ter eendre, den Grooten Heyligengeest bynnen Loven ter iier. en(de) derffgen(aemen) Henrycx Bijls ter iiier. zijd(en), exp(osito) imp(ostius) est m(eeste)r Henrick Van Diependael sone wijlen Henricx et sat(is) die voirs(creve) opgedraegeren obligan(do) et submitten(do) et war(as) op sheeren i ½ st(uyver) sheeren chijns, coram Schoer, Asscha, februarii iiia., 1603.

     Uit dit huwelijk:

     Verherbruggen Peeter,

     Verherbrugghe Cornelius, (°) Wakkerzeel 19.05.1606 (g. Verpaelt Cornelius en Raeps Susanna), x Wespelaar 05.02.1630 (g. Petrus Grootaers, Henric De Wit en

     Petrus Verschaest) met Anna De Witt,

          Uit dit huwelijk:

          Verherbruggen Jan, (°) Wespelaar 22.02.1630 (g. Jan Van Langendonck en Maria Verboven),

          Verherbruggen Jan, (°) Wespelaar 15.04.1631 (g. Petrus Verwaest en Anna Crabbeel), thuis gedoopt door Maria Vennemans,

          Verherbruggen Maria, (°) Wespelaar 20.01.1634 (g. Petrus Verherbruggen en Maria Verlaeck),

          Verherbruggen Petrus, (°) Wespelaar 15.02.1637 (g. Petrus Grootaers en Anna Van den Ven), thuis gedoopt door Anna Daems,

     Verherbruggen Adriaen, 

     Verherbrugghe Catherina, (°) Wakkerzeel 10.04.1591 (g. Martini Nicolaus en ... Catherina uxor De Costere Daniel), ouders wonen in Wespelaar,  x met Gilis Petrus,

     Verherbrugghen Arnoldus, (°) Wespelaar (vermeld in Wakkerzeel) 07.07.1602 (g. Paeps Arnoldus en Van Espen Maria),

 

Verherbruggen Joannes.

 

 

 

XV - Verherbruggen Willem (S17312 + M22976), ° ca. 1540, x met ...

 

- 10 feb 1535: Willem Vanderherbrugge zone wijlen Huijbrechts bij dode wijlen Margriete Wolfs sijn moeder heeft ontvangen twee dm land te Wakkerzeel
- 22 mei 1542: Sebastiaen Van Bomen als momboir van de kinderen vs Willem Vanderherbruggen heeft ontvangen ten behoef van de selve kinderen
– Peeter Vanderherbruggen sterfman
- 14 aug ?? Jan Van Herbruggen ‎(zone wijlen Simons?)‎ na de dood van Margriete Wolfs sijn grootmoeder verkoopt aan Simon en Peeter Verherbruggen
- beschadigd: zone wijlen Willems Verherbruggen zone ... sijns neve ... Peeter wijlen Verherbruggen
?. Simon & vader – de voers Simon ende wijlen Peeteren Verherbruggen – Willem Verherbruggen 5 jr sterfman
- 16 okt 1585: Jeronimus Vandendriesch x Elisabeth Verherbruggen bij doode des voors wijlen Simon haers vaders
- 6 aug 1616: Jeroen Vandendriesche sterfman x Elisabeth Vanherbruggen
- 9 feb 1637: Joos Verhulst x Cathlijn Vandendriesche na de dood van Jeroen Vandendriesche haer vader
- 22 mrt 1642: Hendrik
… ens x wijlen Margriete Vandendriesche als vaderlijk momboir van sijn mk verkoopt aan Anthoen Van Ermeghem x Susanna Der Boven
- 6 jun 1670: Simon Vermeeren namens Susanna Verboven we Antoon Van Ermegem.

 

Wackerzeel: Jan Goorts vervallen & onbewoont, Jan Kermickx ‎(Servranckx?)‎ vervallen & onbewoont, Goort Kermicx huijs aende Leeps vervallen, Jan Van Breetzyp vervallen & te nyete, Mathijs Mergaert vervallen & te nyete, Jan Verdonck een huijs vervallen, Gielis De Rijcke afgebrant, Anthonis Hoobroeck afgebrant, die we Willem Verherbruggen afgebrant, die we bij een Jan Vernoeijen afgebrant, Hendrik Vandendriessche afgebrant, Hans Mertens afgebrant, Daneel Tymermans afgebrant, Remeijs Optenberg afgebrant, Jan Gijselinckx herberge met brouwerij ende stallinge afgebrant, Jan De Schrijnmaker herberge met brouwerij ende stallinge afgebrant, die we Vrancx De Witte herberge brouwerije ende stallinge afgebrant, Cecilie Loomans? afgebrant, Willem De Rijcke afgebrant, Anthonis Moons afgebrant, Henrick Opde Bergh afgebrant, Jan de Kalster afgebrant.


WSP1949: 23 dec 1606
Willem Verherbruggen Willemsone wijlen heeft verkocht aan Hans De Wolf  Petersone daer moeder af was Barbara Verherbruggen een hofstadt gelegen ter Hulst, item noch de helft van drij vd opt achterste broeckvelt.
WSP1950: anno 1641
Adriaen Verherbruggen sone wijlen Remeijs daer moeder af was Margriete Silpens ‎(?)‎ verkoopt aen Peeter en Cornelis Verherbruggen sijn broeders als sijn paert en deel op hem verstorven van de voors sijn vader en moeder
.

 

Uit dit huwelijk:

 

Verherbruggen Lucas,

 

Verherbruggen Peeter, ° ca. 1560, x met Barbara Van Malcot,

In de akte maakt men melding van Petrus Verherbruggen (geb. ca. 1560 als zoon van Willem) en zijn 2 meerderjarige kinderen Ludovicus (Loyck) en Anna en zijn 3 minderjarige kinderen Lucas (Luyck), Cornelius en Joanna (Jenneken).  Met Arnoldus erbij had Petrus Verherbruggen dus minstens 6 kinderen. Volgens de akte was zijn dochter Anna gehuwd met Petrus Van Crochten. Bovendien vernemen we in de akte dat Petrus Verherbruggen gehuwd was met Barbara (Beycken) Van Malcot, waarmee hij de voornoemde kinderen had.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7513, folio 240r., akte dd. 4 maart 1624.

Item in teghenwoordicheyt des meyers, en(de) schepenen van Loeven en(de) deygengenooten naebeschreven gestaen Peeter Verherbruggen, gebruycken(de) in desen de cracht en(de) macht, hem v(er)leent met seckere brieven van octroye, bij hem v(er)wonnen inden Raede van Brabant opden neghensten novembris 1623, onderteeckent Masteleyn, waer van den teneur hier naer van woorde te woorde is volgen(de) (et subscribatur) voorde tocht int naebes(creven) goet, item Loyck V(er)herbruggen en(de) Anne V(er)herbruggen met consente, wille, wete en(de) overstaen(e) en(de) Peeters Van Crochen haers mans als man en(de) momboir van Anne V(er)herbruggen, voorde welcke hij hem in desen is sterckmaecken(de), kinderen des v(oor)s(chreven) Peeters V(er)herbrughen, metten selven octroye tot des naebeschreven staet te doen, volcoementlijck geauthoriseert sijnde, en(de) hen elck int besundere sterckmaecken(de) voor voor Luyck, Cornelis en(de) Jenneken V(er)herbruggen, henne broeders en(de) sustere, alnoch minderjaerich, dat sij tghene naebeschreven staet, tot hennen ouderdom oft eenighen geapprobeerden staet gecoemen sijnde, sullen lauderen en(de) approberen, per monitionem hebben indivisim opgedraeghen met behoorl(ijcke) v(er)thijdenisse eenen bempt, geleghen onder de heerlijckheyt van Thieldonck, groot een bunder, regen(oot) derffgenaemen jo(ncke)r Anthonis Van(den) Heetvelde, heere van Thildonck, ter eendre, de Leeps ter iier., het Weystraetken ter iiier. ende den Paependries ter iiiier. sijd(en), ende de v(oor)s(chreve) opdraegeren vuytten voors(chreven) beempt ontgoydt en(de) onterft sijnde, soe is daer inne gegoydt en(de) geerft ten eyghen en(de) erffel(ijcken) rechte s(ieu)r Peeter Martini, meyer van Sichen, inden naem en(de) tot behoeff van heer Peeter Pecquius, ridder, heere van Bouchoert, S(in)te Laureys Hove en(de) Borsbeeck ende cancellier raedt van staete van sijne conincklijcke maieseteyt van Spaignen van Brabant, ende vrauwe Barbara Maria Boonen, gehuyschen, per mo(nitionem) et satis per mo(nitionem) iure, hier waeren over Ascha, Daneels, schepen(en) van Loeven en(de) eygenooten, item s(ieu)r Michiel Pannis, lieutenant des heere meyers van Loeven, en(de) Ph(i)l(ip)s Hollandts, insgel(ijcx) als eygengenooten, coram quibus satis die voors(chreve) opdraegeren indivisim obligan(do) et submitten(do) ac ren(untiando) in forma, et waras voor vrije, eyghen ende ombelast goet, ende om den v(oor)s(chreven) heer cancellier, sijnder v(oor)s(chreve) huysvrouwe, hennen erven ende naercomelinghen van(den) v(oor)s(chreven) coop, geloefte van genoechdoen en(de) waerschap te bat te v(er)seckeren, soe hebben die v(oor)s(chreve) opdraegeren indivisim opgedraeghen de licentia d(omi)ni fundi et sententia scabinor(um) onderhalff dachmael landts, geleghen op Bresijpe, regen(oot) die v(oor)s(chreve) erffgen(aemen) Vanden Heetvelde in twee sijden en(de) die beecke ter iiier. sijd(en), item alnoch een dachmael landts, geleghen op Bresijpe, regen(oten) die v(oor)s(chreve) erffgen(aemen) Van(den) Heetvelde in twee sijden en(de) die beecke ter derdere, en(de) ... [n.v.] exp(osito) imp(ositus) est die v(oor)s(chreven) s(ieu)r Peeter Martini inden naem en(de) tot behoeff des v(oor)s(chreven) heer cancellier sijnder v(oor)s(chreve) huysvrouwen, hennen erffven en(de) naercomelinghen en(de) dat om daeraen te v(er)haelen tghene naemaels soude moeghen bevond(en) word(en) in des v(oor)s(chreven) is, te cort oft te nauwe gedaen te sijn, voorder oft andersints nyet, v(er)cleren(de)  die v(oor)s(chreve) opdraegeren hen ter saecken van desen coop te vollen v(er)nuecht en(de) betaelt te sijn, act(um) martii quarta, 1624.

            Teneur van(den) octroye, in desen gementioneert.

Philips bijder gratien goidts, coninck van Castillien, van Arragon, van Leon, van beyden Cicillien, van Jerusalem, van Portugal, van Navarre, etc(eter)a, eertshertoghe van Oistenrijck, hertoghe van Bourgoignien, van Lothrijck, van Brabant, van Lymborch, van Luxemborch, etc(eter)a, allen den genen die dese onse brieven sullen sien oft hooren lesen, saluyt, wij hebben ontfanghen die supplicatie van Peeter V(er)herbruggen, Loyck V(er)herbrugghen, sijnen soene, en(de) Peeter Van Crochen, getrauwt hebben(de) Anne Verherbruggen, sijne dochtere, dat hen van wijlen Beycken [Van] Malcot, sijne huysvrouwe, sijn achtergelaeten en(de) gebleven vijff kinderen, te weten d(en) v(oor)s(chreven) Loyck en(de) Anne, midtsgaeders Luyck, Cornelis en(de) Jenneken V(er)herbruggen, op alle de welcke vijff kinderen is van weghen en(de) vuytten hoeffde van(de) voors(chreve) wijlen hunne moeder verstorven en(de) gedevolveert eenen beempt, geleghen onder de heerlijckheyt van Thieldonck, groot een boender, regen(oot) derffgen(aemen) van wijlen jo(ncker) Anthonis Van(den) Heetvelde, heere van Thieldonck ter eenre, de Lips ter iier;, het Weystraetken ter iiier. en(de) den Paependries ter iiiier. sijd(en), welck(en) beempt d(en) v(oor)s(chreven) Peeter V(er)herbrughgen, iersten suppliant, besit in tochte, sijnde den selven belast met eene erffel(ijcke) rente van neghen guld(ens) tsiaers, v(er)achtert van veele jaeren, ende alsoe desen last vuytten voors(chreven) pandt qualijck can word(en) gedraeghen en(de) betaelt en(de) dat de v(oor)s(chreve) supplianten oyck sijn v(er)sien van weynighe middelen en(de) het sterffhuys van(de) v(oor)s(chreve) Beycken Malcot beswaert met andere commeren en(de) lasten, die sij nyet en coemen v(er)vallen sonder den v(oor)s(chreven) beempt te v(er)coopen, soe vind(en) sijn gansch en(de) geheel noodich de selve v(er)coopinghe te doen, soe voorde proprieteyt competeren(de) de v(oor)s(chreve) vijff kinderen als over de tocht, toecomen(de) den v(oor)s(chreven) iersten suppliant, hunnen vaeder, om alsoe te v(er)hueden dat hunne pand(en) bijde crediteuren nyet en word(en) vuytgewonnen en(de) gedecreteert, maer aengesien dat de v(oor)s(chreven) Luyck, Cornelis en(de) Jenneken V(er)herbruggenb nyet en sijn gecoemen tot hunnen competenten ouderdom, tot de v(oor)s(chreve) v(er)coopinghe v(er)reyscht, en(de) dat tselve soude v(er)oirsaecken dat sij egeene cooplieden van(den) v(oor)s(chreven) beempt en soud(en) weeten te vind(en), ten waere dat ons gelieffd(en) hen daer aff te dispenseren en(de) de v(oor)s(chreve) v(er)coopinghe toe te laeten en(de) te authoriseren, nyettegen(staende) de v(oor)s(chreve) minderjaericheyt, rechten en(de) costuymen dijer soud(en) moeghen sijn ter contrarien, hadden de v(oor)s(chreve) supplianten ons seer ootmoedel(ijck) gebeden om onse opene brieven van octroye daer toe dienende, waeromme soe eest dat wij de redenen v(oor)s(chreven) over gemerckt en(de) daerop gehadt het advys van meyer en(de) schepen(en) der v(oor)s(chreve) heerlijckheyt van Thieldonck, ierst desen aengaen(de) gehoort hebbende, het naeste maeschap van(de) v(oor)s(chreve) kinderen geneyght sijnde ter bede van(de) v(oor)s(chreve) supplianten, hebben den v(oor)s(chreven) Peeter V(er)herbruggen, midtsgaeders den v(oor)s(chreven) Loyck, sijnen soene, en(de) den v(oor)s(chreven) Peeter Van Crochen als man en(de) momboir van(de) voors(chreve) Anne V(er)herbruggen, sijne dochter, gegunt, geoctroyeert en(de) geaccordeert, gunnen, octroyeren en(de) accorderen, hen geven(de) oirloff en(de) consent vuyt onse sonderlinghe gratie bij desen dat sij soe in hunnen eygen(en) naem soe verrre tselve elck van hen aengaet, als oyck van weghen en(de) inden naem van(den) v(oor)s(chreven) Luyck, Cornelis en(de) Jenneken V(er)herbruggen, minderjaerighe, den voors(chreven) beempt sullen moeghen v(er)coopen en(de) den cooper oft coopers daer inne doen oft laeten goed(en) en(de) erffven, soe des behoort, welcke v(er)coopinghe, goedenisse en(d)e erffenisse wij van alsnu voer alsdan hebben geauthoriseert en(de) authoriseren bij desen de minderjaericheyt van(de) v(oor)s(chreve) Luyck, Cornelis en(de) Jenneken V(e)rherbruggen, nyettegenstaen(de) noch oyck eenighe lantrechten oft costuymen dijer soude moeghen wesen ter contrarien, die welcke wij om redenen voor v(er)haelt hebben voor dese reyse vuyt onser rechter weetentheyt, princel(ijcke) macht gederogeert en(de) derogeren, blijven(de) de selve voor andere saecken in heur cracht ende vigeur, alles sonder prejuditie van elcx anders recht, ontbieden daeromme en(de) bevelen onsen sier lieven en(de) getrauwen cancellier en(de) andere lieden van onsen Raede, geordonneert in Brabant, schepen(en) van Thieldonck en(de) allen anderen onsen en(de) onser vassallen en(de) der smaelre heeren, rechteren, justicieren, officieren en(de) ondersaeten ons v(oor)s(chreven) landts van Brabant, dijen dat eenichsints aengaen, mede dat sij totte goedenisse en(de) erffenisse van(den) v(oor)s(chreven) beempt procederen naer behooren, doen(de) en(de) laeten(de) voorts den supplianten van dese onse octroye, accorde, consent ende authorisatie inder vueghen en(de) manieren als boven, midtsgaeders den cooper oft coopers van(den) selven beempt rustelijck en(de) vredel(ijck) genyeten en(de) gebruycken, cesseren(de) alle beletten ter contrarieren, want ons alsoe geloeft, gegeven bynnen onse stadt van Bruessele den negensten novembris sesthien hondert drijentwintich van onse rijcken tderde, onderstont bijden koninck in sijn(en) raede, en(de) was ond(erteecken)t Masteleyn.

 

Hierbij een akte met vermelding van Petrus Verherbruggen en Barbara Van Malcot, inwoners van Tildonk. Uit de akte blijkt dat de goederen van de ouders van Barbara werd gescheiden en gedeeld bij akte van 12.11.1610 voor de schepenen van Tildonk.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7888, folio 40r., akte dd. 18 september 1613.

Item in tegenwoirdicheyt des meyers, schepenen van Loven ende eygengenooten naebeschreven gestaen Peeter Verherbruggen sone wijlen N. ende Barbara Van Malcote, sijne huysvrouwe, nutertijt woonende te Thieldonck, hebben opgedraegen met behoirlijcke vertijdenisse ende met resche ende rijse de goeden naerbeschreven, geleghen te Thieldonck voorschreven, te weeten ierst huys ende hoff met een besloten block daer achter aengelegen, tsamen groot ontrent drije dachmaelen onbegrepen der juster maeten, regenooten die Morterstrate ter eendere, Joachim Van Malcote ter tweedere ende derdere ende Philips De Pauwe ter vierder sijden, eygen goet, belast met vijff rinsgulden erffelijck aen d' erffgenaemen Troen Geens tot Mechelen, noch met drije rinsguldens erffelijck aende kercke van Thieldonck, bij hen gehuysschen vercreghen voor meyer ende schepenen van Thieldonck opden ix. meerte int jaer 1612 volgende de brieven daeraff sijnde, item noch een boender groese oft bempt, geleghen tot Voethem onder Thieldonck voorschreven, regenooten mevrouwe Vanden Vanden (!) Heetvelde ter eenre, de Leepse ter tweedere, ende den Papendriesch ter derdere ende het Weystraetken ter vierdere sijden, vrij eygen goet ende ombelast, ende welck boender bempts den voorghenoemden Peeteren ende Barbara, sijn huysvrouwe, is competerende vuyt crachte van scheydinghe ende deylinghe tusschen der selver Barbara ende haere mede erffgenaemen, ghemaeckt ende ghepasseert xii. novembris 1610, blijckende bijder attestatie der schepenen van Thieldonck daervan gegeven den lesten aprilis 1613 volgende den beschede daeraff sijnde, onderteeckent bij hunnen geswooren greffier Jacques de Blehem, alhier gesien ende verthoont, exp(osito) ende joncker Daniel Van Asche ende Merten Nackarts als tegenwoirdige momboirs van(de) arme vondelingen deser stadt inden naem ende tot behoeff der selver inde voorschreven goeden ghegoet ende geerft sijnde, p(er) mo(nitionem) hebben van wegen als voor alle de selve goeden den voorgenoemde gehuysschen opdrageren wederomme overgegeven om die ten eygenen ende erffel(ijcken) rechte te hebben, te houden ende te besitten opten commere ende last voorschreven ende voorts meer op twelff carolusguldens te xx stuyvers tstuck, munte in Brabant cours ende loop hebbende, erffel(ijcke) rente, alle jaere op heden datum van desen te betaelen ende inder stadt wissele van Loven, los ende vrij van allen lasten, beden ende impositien, soe ordinaris als extraordinaris, oock van(de) xe., xxe., ce., mindere ende meerdere penningen, te leveren tot behoeff der voorschreven vondelingen erffel(ijck) in toecomende tijden telcken termijn als schult met recht verwonnen, iure his interfuerunt Tymple, Nijverseel, schepenen te Loven ende oock als eygengenooten, item s(ieu)r Jan Baptista Van Spoelberch, lieutenant smeyers van Loven, ende Henrick Heerheyns, oock als eygengenooten, coram quibus satis die voorschreven gehuysschen opdraegeren indivisim obligan(do) et submitten(do) et waras ut sup(ra) ende om den voorschreven momboirs tot behoeff van(de) voorschreven vondelinghen vande voorschreven rente ende jaerlijcxe betaelinge van dijer noch beter te versekeren, soe geloeven midts desen die voorschreven Peeter Verherbruggen ende Barbara Van Maelcote, gehuysschen, ombesundert, onverscheyden ende elck een voor al als principael de selve rente alle jaer ten tijde ende termijn voors(chreven) wel ende loffel(ijck) te betaelen ende te leveren, los, vrij ende ten behoeffve als boven tanquam assecutum et causa quo pignora et tantum, prout indivisim obligan(do) et submitten(do) hun lieden respective persoonen ende alle hunne goeden, p(rese)nt ende toecomende, met conditien dat sij de selve rente sullen moghen lossen ende quyten tallen tijden als hen gelieven sal teender reyse, te weeten elcken gulden erffel(ijck) daeraff met xvi gelijcke guldens te xx stuyvers tstuck als voor den gulden gherekent ende met volle rente, actum sept(em)bris xviii., anno 1613.

Item die voorschreven gehuysschen hebben bekent vuyt handen van Joachim Vaes, tegenwoirdich rentm(eeste)r van(de) voorschreven vondelinghen, ontfanghen te hebben de capitale penningen vande voorchreven rente van xii rinsgulden, behoudelijck dat hij met hunnen consente, soe sij vercleerden, heeft ondergehouden de somme van xlviii rinsguldens eens om daer mede te redimeren iii rinsguldens erffel(ijck), opde voorschreven opdrageren goeden ende panden vuytgaende, geloevende oock die voorschreve gehuysschen thennen last te dragen ende te betaelen het pontgelt indyen ter saecke vande voorschreven betaelinghe eenich verschenen is, coram eisdem eodem.

Daffquytinghe van dese rente, hier boven begrepen, beginnende, item Henrick Leunckens, tegenwoirdich momboir van(de) arme vondelingen binnen deser stadt Loven, es ghepasseert voor schepen(en) van Loven opden iiiien. meerte anno 1624 in hac camera et sic vacat.

     Uit dit huwelijk:

     Verherbruggen Ludovicus, 

     Verherbrugghen Arnoldus, (°) Wakkerzeel 07.09.1593 (g. De Witte Guilielmus en Van Maelcot Catharina), 

     Verherbrugghen Anna, (°) Wakkerzeel 19.04.1598 (g. Van Meerbeeck Joannes en Verherbrugghen Anna),  x met Petrus Van Crochten, gezin bij Van Crochten,

     Verheerbruggen Lucas, + Tildonk 09.06.1685, x 1 ca. 1624 met De Witte Emerantiana,  x 2 Tildonk 25.08.1630 (g. Egidius Vrints en Antonius Heynsmans)

     met Catharina Vrints, fii in Tildonk,

     Verbruggen Cornelius, 

     Verherbruggen Joanna, x Wakkerzeel 17.08.1641 (g. Gobelyns Petrus en Van de Putte Petrus) met  Gobbelyens Joannes, complex gezin daar; 

 

Verherbruggen Anna, ° ca. 1560, x met Joannes Van Laer,

Heer Pierre Philip De Castele heer van Wespelaer etc ter eenre ende Antoon Van Laer woonende tot Tildonck voor de tochte misgaders Jan Van Laer & Aert Van Meerbeke als momboirs van Elisabeth Van Laer minderjaerige dochter vanden voors Antoon Van Laer x Joanna Van Meerbeke suster vande voors Aert Van Meerbeeck voor de proprietyt ter andere sijde hebben getransporteert bij forme van erfmangelinge te weten den eersten comparant een dagmael opt Cleijn Beeckvelt ende de tweede comparanten een dagwant op de Varent in Nederassent opde voors Elisabeth verstorven mits de doot van Anna Van Langendonck, Geraert Van Langendonck en Joanna Van Meerbeeck, en ingeval de voors Elisabeth soude aflijvig comen te worden sonder wettige kinderen achter te laeten dat het dagwant sal succederen op de kinderen van Jan Van Meerbeeck daer moeder af was Joanna Van Malcot.

WSP1950: 16 okt 1646
Willem, Simon & Cathlijn De Wolf mitsgaders Antoon Van Laer x Anna De Wolf, Peeternella De Wolf verkopen aen Aert Gijselincx x Silleken Smets een block lant gelegen ter Hulst groot onderhalf dm.
WSP1950: 16 okt 1646
Willem, Simon & Cathlijn De Wolf mitsgaders Antoon Van Laer x Anna De Wolf, Peeternella De Wolf verkopen aen Guilliam De Wolf x Barbara Leijs een half dagwant lant opten Varent.
BMB245: fo 5v: 18 nov 1681
Jan Van Laer Janssone daer moeder af was Maria Schuermans heeft bekent dat mr Philips Anthonij Viers hem heeft getelt de som van 200 gl
.

     Uit dit huwelijk:

     Van Laer Jan, x ca. 1620 met Catharina Stroobants, fii in Wespelaar,  

     Van Laer Maria, ° ca. 1591,

     Van Laer Catharina, ° ca. 1593,

     Van Laer Judocus, ° ca. 1600,

     Van Laer Antonius, ° ca. 1605, x 1 Wakkerzeel 28.02.1629 (g. Van Lare Judocus en Van Meerbeke Joannes) met Joanna Van Meerbeeck, x 2 met Anna De Wolf,

          Uit dit huwelijk:

          1.  Van Laer Elisabeth, (°) Wakkerzeel 03.03.1634 (g. De Backer Guilielmus en Hensmans Elisabeth), 

          2. Van Laer Catharina, ° ca. 1640,

 

Verherbruggen Maria, XIV (S8657 + M11489), ° ca.1570.

 


 

XIV - Mertens Nicolaus (S8656 + M11488), ° ca. 1570, x met Verherbrugghen Maria (S8657 + M11489), fa Joannes?, Wak+.

 

Een heleboel aktes i.v.m. dit gezin vind je in het parenteel van Mertens Nicolaus.

 

Uit dit huwelijk:

 

Mertens Hubertus, (°) Wakkerzeel 17.01.1597 (g. Dnus Cluppels Nicolaus en Verboven Catharina), moeder N,

 

Mertens Petrus, (°) Wakkerzeel 17.01.1597 (g. Verpaelt Petrus en De Costere Catharina), moeder N,

 

Mertens Martinus, x Wakkerzeel 15.11.1622 (g. Verpaelt Petrus en Leerbels Guilielmus) met Mergaers Elizabeth,

     Uit dit huwelijk:

     Mertens Maria, (°) Wakkerzeel 22.09.1624 (g. Luijckx Adrianus en Van Beringhe Maria),

 

Mertens Nicolaus, x (niet Wak!, ) met Carles - Struijne - Struijfe Margareta,

     Uit dit huwelijk:

     Mertens Nicolaus, (°) Wakkerzeel 28.07.1625 (g. Vincxs Adrianus en Van Maelcot Catharina), moeder Carles,

     Mertens Anthonius, (°) Wakkerzeel 15.01.1627 (g. Goorts Anthonius en Mertens Joanna), moeder Struijne,

     Mertens Martinus, (°) Wakkerzeel 14.11.1628 (g. Mertens Martinus en Peeters Catharina), vanaf hier moeder Struijf(e),

     Mertens Catharina, (°) Wakkerzeel 19.06.1631 (g. Lantrop Joannes maijerus Werchtris en Velghen ? Catharina),

     Mertens Clara, (°) Wakkerzeel 22.11.1633 (g. Daems Judocus en Suetens Clara),

     Mertens Hubertus, (°) Wakkerzeel 10.07.1639 (g. Mertens Wilhelmus en Smets Barbara),

 

Mertens Guilielmus, (°) Wakkerzeel 28.05.1602 (g. De Witte Guilielmus en Smets Barbara), moeder N,

 

Mertens Lucas, XIII (S4328 + M5744), (°) Wakkerzeel 15.05.1605 (g. De Rijcke Lucas en Van Langendonck Anna).


Terug naar startpagina Terug naar startpagina stamboom