Voorouderlijst Van Looij Jacobus

 

Plaatsnaam afkomstig van Lo. Lo: open plaats in het bos, bos, open land, weide, bosje.

Deze naam ontstond op heel wat plaatsen.

 


 

XIII - XV - Jacobus Van Looij (S), wonen 1600 - 1605 in St.-Pieters-Rode, x met Ven Anna, ° ca. 1560, deze x 2 met Cornelis Verlinden.

 

WRT1875 fo 13:

- 31 jan 1600: Jasper Van Hoevelt als proc spec van Aert Mathys Antonissone heeft verkocht aan Jacop Verloo x Anna Vandenvin woonende SPR die hellicht van ses dm bempt.

- 7 jul 1586: Jan Holemans sone Peeters ende Adriaen Wijns als momboirs van Heijnken, Hansken ende Anneken Ghens kinderen wijlen Peeter daer moeder af was Lijsbeth Spoelbergh hebben ontvangen een bunder bempt in Werchter
- verkopen aan Aert Mathijs x Berbel Smaut
- beschadigd

- verkocht aan Jakop Verloo x Anna Vandevinne
- 7 feb 1605: Anna Vandevinne we Jacop Verloo – Peter Verloo sterfman van een bonder beempt onder Werchter
- 19 sep 1605: Anna Vandevinne x Cornelis Verlinden met Jan Schrijns als momboir van de kinderen wijlen Jacops Van Loo heuren iersten man hiermede vervangende Jan Vandevenne sijnen medemomboir verkopen aan Machiel Van Langendonck Willemssone
- okt 1605: Jan Vandevenne ‎(
? van de voors kinderen Jacop Van Loo)‎ heeft geapprobeert
- 9 mrt 1637: Rombout Van Langendonck na de dood van Michiel Van Langendonck zijn vader 29 mrt 1653: Maijken Van Meerbeke na de dood van Rombout Van Langendonck
, Jan ?  haeren zone sterfman.
Wer1848: Fo 63 : 17 mei in gebannen vierschare anno 1605:
Aert Holemans als gemachtigt bij Anthonis Mathys Joanna Mathys met Jan De Vas wijlen Godevaerts sone haren m+m ende Marie Mathys x Jan Vermeulen Cornelissone inden naem van Jasper Mathys heulieder resp broeder over dewelcken zij zich samen sterk maken kinderen wijlen Aert Mathys x wijlen Anna Stockmans zijn ierste huijsvrouwe
Item Jan Rombout ende Barbara Verhulst met Peeter Mathys haeren m+m ende Elisabeth Verhulst huijsvrouwe Van Augustyn Van Houte
Item den voors Jan Verhulst met Cornelis Neefs als wettige momboir van twee voorkinderen wijlen Catharina Verhulst daer vader af was Romboudt Neefs die voors Jan Verhulst oock als wettig momboir vande naerkinderen van wijlen Catherina Verhulst daer vader af was Jan Voorspoels vervangende Augustyn Vanden Dycke zijn medemomboir
Alle resp kinderen en kintskinderen wijlen Gillis Verhulst x Barbara Smout den welcken naerhandt gehalveert es geweest metten voors wijlen Aert Mathys voor dander helft ende heeft verkocht aan Anna Venne ende haeren kinderen van wijlen Jacob Van Loij elck voor zoo ver hen raeckt ende aengaet inde negen of thien bunderen bempts metten gronden ende toebehoorten gelegen in diversche percelen onder Werchter.
Wer1848: Fo 27: 13 dec 1605:
Jan Ven & Jan Schrijns als momboiren van de kinderen wijlen Jakob Verloo x Anne Ven zijnde we geasst met Cornelis Verlinden haeren tegenwoordigen man verkopen aan Jan Michiels x Anneken Van Loosfelt zekeren bempt te Hanewijck genoempt den Dijckeusel ‎(erfgen Peeter Van Loosvelt).‎
Wer5310: 20 jun 1615:
Willem Van Nuffel dienaer tot N
ynde heeft verclaert dat hij ten versoecke van Anne Venne we wijlen Cornelis Verlinden heeft gebodt gedaen aen Machiel Vercalsteren geleden ontrent een maendt als dat den vs Machiel niet en soude vernoden den ‎(aene)‎ te gebruijcken dewelcke hij gefult heeft van Aert De Rijcke, welcke gebodt gedaen is op een pene ... get Jan Van Lantrop meijer tot
 ...  

 

In tegenstelling tot gewoonlijk is de akte (met dank aan Paul Peeters)  in het register gesplitst en daarom zijn uitdrukkelijk alle folio’s vermeld.

Ingevolge een geschil sluiten de nakomelingen van Anna Vinne (Ven/Vande Vinne), zowel uit haar eerste als haar tweede huwelijk, een akkoord.

De eerste partij zijn de kinderen van Anna Vinne met Jacobus Van Loy(e), bestaande uit :

-        Joannes Van Loye;

-        Petrus Van Loye (verkeerdelijk in de akte als Peeters vermeld);

-        Cornelis Van Loye;

-        Gommara Van Loye, die gehuwd was met een zekere Franciscus Tuinaten (?);

-        de minderjarige kinderen van Elisabetha Van Loye uit haar eerste huwelijk met Petrus Pierson en haar tweede huwelijk met Cornelius Minnen;

-        de kinderen van Gertrudis Van Loye met Adrianus Verhulst.

Joannes, Petrus, Cornelius, Gommara, Elisabetha en Gertrudis zijn de kinderen uit het eerste huwelijk.

Er was nog een andere dochter Joanna; die was reeds overleden en had een testament gemaakt.

Het huwelijk van Gommara was u nog niet gekend.    

De tweede partij was Anna Vanderlinden, kind van Anna Vinne met Cornelius Vander Linden (Verlinden).

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7903, foliis 236v.tot en met 237v. & folio 240r., akte dd. 21 maart 1643.

Item in tegenwoerdicheyt der heeren schepenen van Loven naerbes(chreven) gestaen Peeter Gisbert Van Schutteput, notaris, tot t' ghene des naerbeschreven staet te mogen doen, behoorlijck ende onwederroepel(ijck) geconstitueert en(de) gemechticht zijn(de), bij vuyt crachte van sekere procuratie, gepasseert voor den not(ari)s Legius, alhier gesien en(de) gebleken, en(de) waer van den teneur van woerde te woerde hier naer is volgen(de) en(de) luydende aldus.

Alzoo tusschen Jan, Peeters (!) ende Cornelis Van Loye kinderen wijlen Jacops en(de) van Anna Vinne, Gommereyn Van Loye, geassisteert bij Franchoys Tuinaten (?), haeren wettigen man, in hennen name als inden naem der onmondighe kinderen van wijlen El(i)z(abe)t Van Loye vuyt haer verweckt, soo bij Peeter Pierson als Cornelis Minnen, item vande kinderen wijlen Waltrudis Van Loye ende van Adriaen Verhulst ter eenre ende Anna Vander Linden, oyck dochtere vande voors(chreve) Anna Vinne, vuyt haer verweckt bij Cornelis Vander Linden, haeren tweeden man, begijntken opden Grootten Begeynhove alhier, different was vuytstaende ter cause van(de) goeden, bijde voors(chreve) Anna Vinne vercregen en(de) gegoeyt, namentlijck die voors(chreve) Anna Vander naer die doot van haeren iersten man wijlen Jacop Van Loye, uyt dijen dat de voors(chreve) kinderen daer inne verscheydel(ijk) inde parthijen der selver goeden waeren gegicht en(de) gegoeyt, namentl(ijck) de voors(chreve) Anna Vander Linden alleen ende bij exclusie van allen dandere in huys en(de) hoff, metten erffven daervan dependeren(de), groot onbegrepen drije dachmaelen, gelegen ten Inde onder Wercher, naer breeder vuytwijsen van(de) goedenisse, gepasseert voor meyer en(de) schepenen deser stadt Loven den ... [n.v.] a(nn)o xvic. vijff in prima, ende daerenboven in een halff boender bempts leengoet, ende die voors(chreve) andere kinderen inde goederen, verhaelt inde goedenisse, gepasseert voorden zelven meyer en(de) schepenen alhier opden xiien. decembris xvic., oyck in prima, ende dat de voors. Anna Vander Linden oock voor een paert en(de) deel gericht inde goeden, bijde voors(chreve) Anna Vinne vercregen bijde goedenisse, gepasseert voor schepenen deser stadt opden xviien. may xvic. vijff, gelijck sij daerenboven oock was gericht voor een hellicht inde goeden, achtergelaeten bij wijlen Johanna Van Loye, oyck dochtere des voors(chreven) Jacops en(de) Anna Vinne, volgens het testament daer van zijn(de) ende dat allen de selve goeden qual(ijcke) costen worden onderschreven, soo eest dat de voors(chreve) partijen op die goede aggreatie vande momboirs der voors(chreve) ommondige kinderen zijn gecomen in accordt en(de) transactie in vuegen naervolgen(de), als te weten dat de voors(chreve) Anna Vander Linden is affgaende, gelijck zij is affgaende bij dezen haere prerogative, die welcke sij vuyt crachte vande voors(chreve) goedenissen tot haren voordeel alleen gepasseert, midtsgaders vuytten voors(chreven) testamente van wijlen Johanna Van Loye, hebbende opden voet en(de) conditie dat sij soo diep sal paerten en(de) deylen in allen d' andere goeden, bijde voors(chreve) Anna Vinne achtergelaeten, oyck inde ghene waerinne de voors(chreve) voorkinderen alleen sijn gegoeyt, egheene vuytgesondert, sulcx dat sij mette selve voorkinderen en(de) t' samen gelijckel(ijck) paerten en(de) deylen in allen en(de) yegewelcke goeden, bijde voors(chreve) Anna Vinne achtergelaten, namentlijck oock inde drije dachmaelen leengoet, bijde voors(chreve) Anna Vinne vercregen, staende haeren iersten houwelijck met Jacop Van Loye (soo men meynt), het welck bijde voors(chreve) voorkinderen danckelijck wordt geaccepteert, wel verstaende dat de voors(chreve) Anna Vander Linden oyck naer advenant sal moeten comen inde lasten en(de) schulden, en(de) dat de legaten van dese vijftich guldens, begrepen inden testamente van Anna Vinne, gemaeckt ten behoeff vande voorkinderen tot suppletie van hen houwelijck goet, sullen doet en(de) te nyet blijven en(de) aengaende de leengoeden de selve sullen oyck gelijckelijck gedeylt worden, zoo wel tusschen die soonen als dochteren, behaudel(ijck) dat den voors(chreven) Jan Van Loye, oudtsten sone, voor sijn(en) prerogative inde selve leengoederen vuytte gereetste goeden sal genieten t' zestich guldens eens, op cortinghe van welcken hij sal behouden de koyen, dewelcke hij in zijn(en) stal is hebbende en(de) daervoor cortten vierentwintich gul(dens) en(de) Peeter en(de) Cornelis Van Loy elck thien guldens eens, is oock ondersproekcen dat sal doot bljven t' ghene d' welck den voors(chreven) Jan en(de) Cornelis Van Loye en(de) oock eenige andere der voors(chreve) kinderen saude mogen ten achteren zijn, gebleven aen henne voors(chreve) moedere, in sulcker vuegen dat de voors(chreve) voorkinderen ende naerdochtere metter minnen gelijckelijck sullen deylen allen de voors(chreve) goederen, de welcke henne voors(chreve) moedere bij haere doot heeft geruymt (?), geloven(de) hinc inde het ghene voors(chreven) is, onwederroepel(ijck) van werden te hauden en(de) tot meerder versekerheyt hebben geconstitueert eenen yeder thoonder deser ten eynde om dese transactie voor meyer en(de) schepenen deser stadt en(de) elders alomme te vernieuwen, promitt(entes) ratum obligan(do), submittendo ac renunciando in forma, actum tot Loven desen xxen. february xvic. sevendertich ter presentie vanden heere advocaet Loesen en(de) Jan Loyaerts, getuygen, hier toe geroepen hebben(de), de welcke de minute deser mette voors(chreve) parthijen hebben geteeckent, onder s[t]ondt mij present als not(ariu)s pub(li)cus en(de) was onderteeckent, aldus D. Legius, leeger stondt, geteeckent aldus Dierick Minnen als momboir van Margrieta Minnen, weylen Cornelis Minnen.

Welcken volgen(de) heeft die voors(chreve) comparante vuyt crachte en(de) naer vermogen als vore den bovengeschreven instrumente notariael notariael van transcactie alhier herkent, vernieuwt en(de) andermael gerepeteert ende dijen volgen(de) inden naem en(de) van wegen der voo van allen die voors(chreve) constituanten geloeft, soo hij geloeft midts desen den innehouden van dijen in alles wel ende loffelijck te volbrengen en(de) achtervolgen, daer voren verbindende en(de) submitteren(de) die respective persoonen en(de) goeden der voors(chreve) constituanten met renunciatie in forma, coram Borchgrave, Dielbeke, martii xxia., a(nn)o 1643.

 

En deze ... Anna Vin (Ven), weduwe van Jacobus Verlo(e)y (Van Looy), haar eerste man, verhuurde op 18.11.1631 goederen aan haar zoon Cornelius Verloy. Uit de akte blijkt dat Anna de dochter is van Joannes. In de akte staat het woordje “schieden”, dat geïnterpreteerd moet worden als “scheiden”. Verder blijkt dat de verhuurde eigendommen gelegen waren in de nabijheid van de dijk van de Dijle te Ninde. De huurder werd derhalve verplicht de dijk te onderhouden om overstroming te voorkomen. Het gaat om een vernieuwing van de akte van verhuring voor de schepenen van Leuven.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7523, folio 68r., akte dd. 13 oktober 1634.

Item heer ende m(eeste)r Jo(hann)es Baelmans, advocaet, etc(eter)a, met desen als thoonder gemachticht sijnde, heeft t' selve vernieuwt in(de) manieren als volght.

Compareren(de) op heden den xviiien. novembris 1631, Anna Vin dochtere Jans, innegesetene van Werchter, de welcke heeft bekendt te hebben vuytgegeven ter hueringhe aen Cornelis Verloy, haeren sone, behouden van wijlen Jacop Verloy, haeren eersten man, p(rese)nt en(de) in hueringhe aenveerden(de), huys en(de) hoff met sijne toebehoorten, groot t' saemen drije dachm(aelen), geleghen te Ninde onder Werchter voors(chreven), met noch een(en) bempdt van seven dachm(aelen), daerneffens geleghen, en(de) dat voor eene somme van tachentich guldens t' siaers, te betaelen daeraff de vijftich guldens S(inte) Mertensmisse en(de) de resterende dertich guldens te halff meert, daeraff den eersten termijn van betaelinghe sal v(er)schijnen te S(in)te Mertensmisse van(den) jaere xvic. tweeendertich toecomende en(de) te halff meert 1633, en(de) soo voorts een(en) termijn van ses jaeren, d(aer)enboven heeft de voors(chreve) comp(aran)te bekendt te hebben verhuert aen haeren voors(chreven) sone drij dachmaelen landts, geleghen regen(oten) den voors(chreven) bempdt voor en(de) omme ses veertelen corens Mechelsche maet, vuytbrenghende achthien halsters Lovens, te betaelen en(de) te leveren jaerlijcx te Bamis, d(aer)aff den eersten termijn verschijnen sal te Bamis toecomende en(de) soo voorts gedueren(de) den voors(chreven) termijn van ses jaeren, is conditie dat den voors(chreven) huerlinck sal moeten draeghen de beden en(de) impositien en(de) alsoo den voors(chreven) pacht te moeten betaelen los en(de) vrije, en(de) dat de voors(chreve) comp(aran)te sal moeten de huysinghe onderhouden in goede reparatie, vuytgenomen de pleckerije, de welcke ten laste van(den) huerlinck sal blijven, item is conditie dat partijen, dijen het gelieft, sal mogen ten drije jaeren schieden, mits de huere op segghende een halff jaer te vorens, is noch conditie dat den voors(chreven) huerlinck sal moeten onderhouden den dijck van(den) voors(chreven) bempdt teghen de Dijle, te weten teghen d' overloopen, item dat allen de poten, de welcke sullen vallen van(de) willighen, staen(de) opden selven bempdt, sullen moeten worden opden selven en(de) op d' ander goederen der comp(aran)te geplant, sonder dat den huerlinck den selven sal mogen appliceren tot sijnen behoeff en(de) voorts het voors(chreven) landt mesten gelijck het behoort op het leste jaere, gelovende den voors(chreven) huerlinck jaerlijcx den voors(chreven) pacht loffel(ijck) te betaelen opde besproken termijnen als schuldt met rechte v(er)wonnen, op pene dat de faulte van betaelinghe sal doen expireren de voors(chreve) hueringhe, te weten naer den tijdt van ses weken, constituerende een yeder thoonder deser om t' ghene voors(chreven) is, voor meyer en(de) schepen(en) van Loven te v(er)nieuwen, promittentes ratum in forma, actum tot Loven ter p(rese)ntien van Anthoon Van Hoogenberghe en(de) s(ieu)r Franc(iscus) Balthazar Blommarts, getuyghen, hiertoe geroepen, ende van mij als not(arius) pub(licus), ende was ondert(eeckent) G. Loesen.

Sic renovatum per praedictum constitutum, coram Dilbeeck, Van(der) Hulst, octobris xiii., 1634.

 

De onderstaande akte maakt melding van Anna Ven(ne), eerst gehuwd met Jacobus Van Loy en nadien met Cornelius Verlinden. In de akte worden verder ook Petrus, Joanna en Gommara Van Loy vernoemd, kinderen uit het eerste huwelijk van Anna Ven(ne). Meteen wordt ook de onduidelijke familienaam van de man van Gommara Van Loy duidelijk. Het gaat hier niet om Franciscus Tuinaten, maar om Franciscus Van Nethen (en français : de Nethen). Nethen is een vroegere gemeente onder Leuven, juist onder de taalgrens, thans deelgemeente van Graven (en français : Grez-Doiceau). De familienaam Van Nethen komt wel voor in en ten zuiden van Leuven en is dus een herkomstnaam.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7900, folio 464r., akte dd. 19 mei 1634.

Condt zij eenen yegel(ijcken) als dat in tegenwoirdicheyt des meyers en(de) schepen(en) van Loven nabescr(even) gestaen Jaspar Van Schutteput tot tgene des nabescr(even) staet te mogen doen, behoorel(ijck) en(de) onwederroepel(ijck) geconstitueert en(de) gemechticht zijn(de) bij en(de) van wegen Anna Venne, ierst wed(uw)e Jacops Van Loy en(de) daernaer van Cornelis Verlinden, Peeter Van Loy, Jenneken Van Loy en(de) Gommerijne Van Loy met consente, wille, wete en(de) overstaen van Franchois de Nethen, haren man en(de) momboir, alle kinderen der voers(chreve) Anna Venne, bij haer behouden bijden v(oer)s(creven) wijlen Jacop Van Loy, volgen(de) den instrumente notariael daerop gemaeckt en(de) gepasseert voer m(eeste)r Paul Van Meerbeeck als not(ari)s en(de) zeke(re) getuygen opden vijffden deser maendt van may, inhouden(de) cl(ausu)le van procuratie, alhier gesien en(de) den heeren schepen(en) volcomentl(ijck) gethoont en(de) gebleken, bij manisse, etc(etera), heeft vuyt crachte en(de) naer vermogen als vore opgedraegen met behoorel(ijcke) v(er)thijden(isse) respective voer tocht der v(oer)s(chreve) Anna Venne van(de) geheel goeden naebescreven, als voer de drije zevenste gedeelten van(de) proprieteyt, den v(oer)s(creven) Peeter, Jenneken en(de) Gommerijne competeren(de) in neghen, thien oft elff boederen, soo bempt als landt, metten gronden ombegrepen der maeten, gelegen in diversche parceelen onder Werchter en(de) Haecht, eenige daeraff leengoeden zijn(de), die mits desen alhier nyet en worden opgedragen, maer vuytgesteken en(de) achtergelaten, om die goedenisse oft opdracht daeraff te doene voer hoff en(de) heere d(aer)onder deselve resorteren(de) zijn, die v(oer)s(creve) constituanten als voere voer de tocht en(de) die drije zevenste gedeelten voer derfelijcheyt competeren(de), volgen(de) die vercrijchbrieven voer schepen(en) van Werchter opden xvii. may 1605, item en(de) van een stuck bempts, geheeten den Overbempt, groot drije dachm(aelen), gelegen tot Nynde onder Werchtere tusschen Jan Van(der) Hoeven goeden ter eenre en(de) Jans Van(den) Gevelle ter ande(re) zijd(en), item van eenen bempt, genoemt den Middelbempt, groot een boender, daerneffens gelegen, item van noch een(en) anderen bempt, genoempt den Neerbempt, oyck daerneffens gelegen, groot drije dachm(aelen), item en(de) van een plecxken eussel, liggen(de) aenden Neerbempt aende leygrechte aldaer, item en(de) van drije dachm(aelen) landts, d(aer)aen gelegen tusschen Jan Van Hoolaerts goeden aen deen zijde en(de) Hans De Hertoge goeden ter andere zijden en(de) sheeren strate, geheeten de Cappellestrate, ter andere zijden, item en(de) van noch een halff boender bempts voer de hellicht v(er)cregen voer meyer en(de) schepen(en) van Loven opd(en) xii. decembris 1616 in ia. en(de) voer dander hellicht ... [n.v.], item en(de) van vijff dachm(aelen) bempts landts als die v(oer)s(creve) Anna Venne v(er)cregen heeft tegen Jan Van Trille ende die voers(creve) transportant vuyt crachte en(de) naer v(er)mogen v(oer)s(creven) zijn(e) co(m)missie van procura(ti)e vuytten naem(e) der v(oer)s(creve) constituanten respectivel(ijck) voerde tocht en(de) erffelijcheyt als voere daervuyt ontgoeyt en(de) onterft zijn(de), ende voer zoo vele die chijns en(de) allodiaele goeden aengaet sonder voerdere, ende heer en(de) m(eeste)r Jan Baelmans, licentiaet inde rechten, zoo voer jo(uffrouwe) Geertruyt Van Schutteput, daerinne behoorel(ijck) gegoeyt en(de) geerft zijn(de), heeft den voers(creven) transportant inden naem en(de) tot behoeff der v(oer)s(creve) tran constituanten allen de v(oer)s(creve) goeden respective voer de tocht ende erffelijcheyt wedero(m)me over gegeven om die te houden en(de) te besitten opt recht en(de) co(m)mere daer te voren op vuytgaen(de), ten behoorel(ijcken) en(de) gewoonel(ijcken) tijde en(de) termijn(e) te betalen ende voerts meer op eene voertaene erffrente van vijftich carolusg(uldens) te xx st(uyvers) tstuck munte en(de) te drije plecken den stuyvere, munte in Brab(an)t cours en(de) loop hebben(de), erffel(ijcke) rente, alle jaere opd(en) vijffden dach der maendt van may te v(er)schijnen en(de) te betalen, en(de) daeraff den iersten dach van betalinge vallen ende v(er)schijnen zal den vijffden dach may van(den) jaere 1635 naest(comen)de en(de) inder stadt wissele van Loven te leveren, los en(de) vrij van allen beden, lasten en(de) impositien, ordinarisse oft extraordinarisse, alreede innegestelt oft hier naermaels alnoch inne te stellen, egen(e) vuytgescheyden noch gereserveert, oyck van pontgelt, xe., xxe., ce., mindere en(de) meerdere pen(ningen), erffel(ijck) in toecomen(de) tijden als schult met rechte v(er)wonnen, et satis die voers(creven) transportant inden naem(e) en(de) van wegen der v(oer)s(creve) constituanten oblig(ando) et submitten(do) ind(ivisim) hunne p(er)soon(en) en(de) goeden met renunciatie in forma en(de) namentl(ijck) van weghen der v(oer)s(creve) vrouwe p(er)soon(en) privilegio senatusconsulti velleiani et authenticae si qua mulier et aliis de hiis certioratis, et waras allen de v(oer)s(creve) goeden int geheel met ontrent xv st(uyvers) chijns tsiaers, item op eene rente van vijftich guldens erffel(ijck) aen Guill(amm)e Cremers en(de) vijff en(de) twintich guld(ens) erffel(ijck) aen(den) Collegie vande Standoncken, tanq(uam) prout jure ende om den voers(creven) heer en(de) m(eeste)r Jannen Baelmans en(de) zijn(e) huysvruwe, hunnen erffven ende naercomelingen oft actie van hen hebben(de), van(de) v(oer)s(creve) erffrente van vijftich carolus guldens en(de) van(de) jaerel(ijcxe) betalinge der selver noch bat te v(er)sekeren, soo heeft die v(oer)s(creven) Jaspar Van Schutteput inden naem(e) en(de) van weghen der v(oer)s(creve) Anna Venne, Peeter Van Loy, Jenneken Van Loy en(de) Franchoys Van Nethen en(de) Gommerijne Van Loy, in desen constitutanten, indivisim et insolidum geloeft, soo en(de) gel(ijck) hij geloeft mits desen, dieselve rente van vijftich rinsg(uldens) erffel(ijck) alle jaere in tijde en(de) termijn(e) v(oer)s(creven) wel ende loffel(ijck) te betalen en(de) leveren, los en(de) vrij als vore, telcken termijn als verreyckte schult, daer vore v(er)binden(de) en(de) submitteren(de) indivisim et insolidum die persoon(en) en(de) goeden der v(oer)s(creve) constituanten mette voergaen(de) renunc(iatie), met conditien dat die v(oer)s(creve) rentgelderen deselve rente zullen mogen lossen en(de) affquyten t' allen tijden alst hen gelieven zal metter so(m)me van acht hondert carolus g(uldens) eens, munte ten tijde van(de) quytinge gepermitteert, en(de) met volle rente en(de) metten costen en(de) commeren daero(m)me gedaen, die bijden v(oer)s(creven) Baelmans al sijn v(er)schoten en(de) gedebourseert, coram Pulle, Willemaerts, maii xixa., anno 1634.

            In de marge.

Transport van dese rente van vijftich gulden erffel(ijck) gedaen bij m(eeste)r Jannen Baelmans tot behoef van Peeter Van Loy c(on)s(orte)s bij forme van quitantie, staet xxii. 7bris. 1637 in hac camera et sic vacat.

 

Bij deze een interessante akte met vermelding van Anna Ven(ne) met haar eerste man Jacobus Verloo (Van Looy) en haar tweede man Cornelius Verlinden en hun respectievelijke kinderen.

Uit haar eerste huwelijk werden volgende kinderen vermeld :

-     Joannes Verloo.

-     Gommara Verloo, vrouw van Franciscus de Netenne / Van Nethen.

Uit haar tweede huwelijk werden volgende kinderen vermeld :

-     Anna Vander Linden, begijn op het Groot Begijnhof te Leuven.

-     Petrus Verloo (die volmacht voor notaris Joannes Van Rijmenam te Mechelen).

-     Cornelius Van Loo.

-     Walteria Van Loo, vrouw van Adrianus Verhulst.

Anna Ven overleefde ook haar tweede man.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7518, folio 95v., ake dd. 10 november 1628.

Item in tegenwoordicheyt des meyers en(de) der schepen(en) van Loven naerbes(chreven) gestaen m(eeste)r Niclaes Van Craenenbroeck als brenger deser om t' gene naerbes(chreven) staet te mogen doen, onwederoepelijck geconstitueert sijnde, respectivel(ijck) bij Anna Venne wed(uw)e wijlen Cornelis V(er)linden, haeren tweeden man, en(de) met haer Jan V(er)loo, Francois de Netenne als man en(de) momboir van Gommarijne V(er)loo, kinderen respectivel(ijck) der v(oor)s(chreve) Anna Venne en(de) van wijlen Jacob V(er)loo, haeren eersten man, mitsgaeders Anna Vander Linden, begijne opt Groot Begijnhoff alhier binnen Loven, dochter van(de) v(oor)s(chreve) Cornelis V(er)linden en(de) der v(oor)s(chreve) Anna Venne, gepasseert voor m(eeste)r G. Loesen als openbaer not(ari)s en(de) sekere getuyghen in date ixa. novembris lestleden, voorts oock vuyt crachte van(de) procuratie, haer gegeven bij Peeter V(er)loo, gepass(eer)t voor Jan Van Rijmenam, not(ari)s, resideren(de) tot Mechelen, opden vi. novembris, oock lestleden, item van Cornelis Van Loo en(de) van Adriaen V(er)hulst als man en(de) momboir van Walteria Van Loo opden ixen. novembris, insgel(ijcx) lestleden, gepasseert voor H. Van Hove, not(ari)s, residerende tot Werchtere, alle alhier gesien ende gebleken, de selve geconstitueerde inder voorn(oempde) respective qualiteyten heeft bekent deuchdel(ijck) schuldich te sijn aen(den) eersaemen Guilliam Cremers en(de) jo(uffrouw)e Johanna Van(der) Eycken, gehuysschen, woonen(de) binnen Loven, alhier p(rese)nt en(de) t' selve accepterende, vijftich carolusg(uldens) te xx st(uyvers) Brabants t' stuck ter cause van acht hondert guldens, als nu comptant bij de voorseyde Anna Venne van(den) v(oor)s(chreven) Cremers ontfangen, erffel(ijcke) rente, alle jaere opden ix. novembris te betaelen en(de) binnen deser stadt wissele van Loven te leveren, los en(de) vrije van bede, oock van xe., xxe., ce., en(de) van alle andere impositien, innegestelt oft naermaels inne te stellen in toecomen(de) tijden ten behoeve v(oor)s(chreven) t' elcken jaere en(de) termijne als schuldt met rechte v(er)wonnen, ob(ligando) et indivisim sub(mittendo) de persoonen en(de) goeden der v(oor)s(chreve) consti(tuan)ten ac ren(unciando) in forma, en(de) om den v(oor)s(chreven) Guill(iam)e Cremers en(de) sijne voors(chreve) huysv(rouw)e te bat te v(er)sekeren, soo heeft de v(oor)s(chreven) geconstitueerde inden naem en(de) qualiteyt als vore geconsenteert int maecken van mainmise over alle de goeden der voors(chreve) consti(tuan)ten en(de) int decreet der schepen[en] van Loven sonder daertoe te derven gedaeght oft geroepen te worden t' hennen coste, ende naementlijck aen en(de) tot een stuck landts, gelegen tot Ninne onder Werchter, gen(oemp)t het Ackeleyveldt, reg(eno)ten Geertruyt Honnetas erffve ter ie., de Cappelstraete ter iie., d' erfgen(aemen) Joos Troyen en(de) Cornelis V(er)beeck erfven en(de) den Overbempdt metten Middelbempdt t' saemen ter iiiie. sijden, bij haer v(er)cregen opden viien. meert 1628 in ia., item noch ontrent negen oft thien boenderen bempdts, gelegen onder Werchter tot Ninne v(oor)s(chreven), bij de v(oor)s(chreve) consti(tuan)te v(er)creghen voor schepen(en) van Werchter opden xviien. may 1605, ondert(eeckent) Voirspoel, item noch op twee boenderen bempdts min een halff dachm(ael), gelegen tot Werchter, volgens de schepene brieven van Loven daeraff sijnde in date xiia. decembris 1616 in media, item op een huys en(de) hoff, gelegen tot Ninne v(oor)s(chreven), met conditie dat de voors(chreve) consti(tuan)ten de voors(chreve) rente van vijftich rinsg(uldens) erffel(ijck) sullen mogen lossen en(de) affquyten t' allen tijden alst hun gelieven sal t' eender reysen, elcken gulden erffel(ijck) daeraff met sesthien gel(ijcke) guldens loopen(de) munte en(de) met volle rente, item is in desen merckel(ijk) ondersproken alswanneer de quytinghe sal geschieden, dat de bekenders een halff jaer te vorens sullen aen(de) rentheffers moeten adverteren, coram Grave, Stockmans, novembris xa., 1628.

      In de marge.

Ick onders(chreven) kenne mis desen dese v(oor)s(chreve) rente, soo het capitael als oock de v(er)loopen, voldaen te sijn, oversulcx consentere ick met mijnder huysv(rouw)e int casseren der selver rente, in teecken der waerheyt hebben wij alle beyde onse gewoonl(ijcke) handtteeckens hier ondert(eeckent), actum desen ia. decembris 1637, en(de) waren ondert(eeckent) Guilliam Cremers en(de) Johanna Van(der) Eycken, de v(oor)s(chreve) quitancie is staende opde copije van(de) constitutie, alhier gesien en(de) gebleken, quod attestor, en(de) was ondert(eeckent) H. Van Roost.

 

In de akte wordt melding gemaakt van Anna Ven en de zeven kinderen met haar eerste man Jacobus Verloo (Van Looy). Van haar kinderen waren op dat ogenblik nog in leven : Elisabetha, Joanna, Gommara (Pommerijn), Waltrudis (Waltruydt), Joannes, Petrus en Cornelius. Anna Ven wordt voor het vruchtgebruik en haar zeven kinderen voor de naakte eigendom gegoed in een perceel land (het Ackeleyvelt) en een perceel beemd, voorheen twee parcelen, deels cijnsgoed en deels leengoed (den Nerenbempdt), beiden gelegen te Ninde onder Werchter.

Tot dusver niets speciaal zou men zeggen, ware het niet dat de overgedragen goederen voorheen in het bezit waren van de familie Vanden Trille, mogelijk afkomstigd uit het Mechelse, waarvan afstammelingen in die tijd al verbleven in Tenerife !!! Deze familie Vanden Trille was blijkbaar een koopmansfamilie. Ik heb getracht op internet iets meer te vinden over die familie Vanden Trille, maar het resulaat was omzeggens niets. Hoe dan ook, het is bijna niet te geloven wat men al niet kan vinden in het stadsarchief van Leuven !

De akte is soms wat rommelig wat de samenstelling van de familie Vanden Trille betreft, maar de leden van deze familiie, die op Tenerife verbleven, hadden wel een dubbele naam zoals gebruikelijk in Spanje. Ik heb me niet gewaagd aan de samenstelling van deze familie, want het lijkt nogal ingewikkeld.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7517, folio 264v., akte dd. 7 maart 1628.

Item in tegenwoordicheyt des meyers en(de) schepen(en) van Loven naerbes(chreven) gestaen m(eeste)r Merten Van(den) Sijpe, om t' gene des naerbes(chreven) staet te doen, geauthoriseert sijnde bij procuratie, hem gegeven bij s(ieu)r Juan Vanden Trille, coopman van wijnen, woonen(de) binnen Mechelen, voor den notaris m(eeste)r Huybrecht Sporckmans en(de) sekere getuygen opden lesten decembris a(nn)o 1619, alhier bij copije authentick gesien en(de) gebleken, en(de) waervan den teneur hier naer van woorde te woorde is volgende.

Opten lesten dach van decembris anno xvic. en(de) negenthien compareerde voor mij Huybrecht Sprorkmans (!) Janssone, not(ari)s openbaer bij den Grooten Raede van(den) Eertshertoch onse gen(edichs) heeren en(de) pirncen te Mechelen geadmitteert, ter p(rese)ntie van(de) getuyghen naergen(oemp)t, s(ieu)r Juan Van(den) Trille, coopman van wijnen, woonen(de) binnen deser stede, mij not(ari)o wel bekent sijnde, als actie bij behoorl(ijck) transport hebbende van Peeter Van(den) Trille y Torres en(de) van Maximina Van(den) Trille y Torres, beyde kinderen van Michiel Van(den) Trille, die sone was van Jan Van(den) Trille, bij twee instrumenten daervan gepasseert binnen de edele stadt van S(in)t Christoffel, gelegen int Eylandt van Tenerife, voor den not(ari)s Rodrigo Hernandez Cordelo en(de) sekere getuyghen, d' eene in date den eersten may en(de) d' andere den eersten juny, al in(den) jaere xvic. en(de) xviien., noch den voorn(oempden) s(ieu)r Juan Van(den) Trille, als oock d' actie bij behoorl(ijcke) transport hebbende van Peeter Husterlinck Van(den) Tille en(de) van Ambrosio Husterlinck Van(den) Trille, bij de sone van Anna Jaecques Van(den) Trille, die dochtere was van(den) voorn(oempden) Jan Van(den) Trille, bij instrumente daervan gemaeckt binnen de voorn(oempde) edele stadt van S(in)t Christoffel voor den voorn(oempden) notaris Hernandes Cordele en(de) sekere getuyghen opten xxii. dach may 1617, de voorn(oempden) Juan Van(den) Trille noch als actie bij behoorl(ijck) transport hebben(de) van Maria Jaecques Van(den) Trille weduwe wijlen Marcus de Almau, oock dochter van(den) voorn(oempden) Jan Van(den) Trille, bij instrument daervan gepaseert binnen de edele stadt van Santa Crus, gelegen int eylandt van Palma, voorden notaris Thomas Gonsalez en(de) sekere getuyghen opten xxiiien. july xvic. ende seventhiene, noch de voorn(oempden) s(ieu)r Van(den) Trille, oock als actie bij transport hebbende van Gonsalo de Strado Van(den) Trille sone wijlen Elizabeth Van(den) Trille, oock dochtere van(den) voorn(oempden) wijlen Jan Van(den) Trille, bij instrumente daervan gemaeckt binnen de voorn(oempde) stadt van S(in)t Christoffel voor den not(ari)s Cordelo ter p(rese)ntien van sekere getuygen opten xixen. aprilis xvic. seventhiene voors(chreven), in dijer qualiteyt voor de twee vijffde deelen van(den) lande en(de) bempde naerbes(chreven), d' een vijffde deel den v(oornoempden) kinderen ende kindtskinderen wijlen Juans Van(den) Trille gebleven en(de) verstorven bij den voorgen(oempden) heurlieder vaeder en(de) grootvaedere respective en(de) d' ander vijffdedeel bij den voorn(oempden) wijlen Jan bij coope en(de) transport vercregen (*) Van Trille, sijne sustere (als sij leeffde), de voorgen(oempden) s(ieu)r Van(den) Trille oock als om t' gene naerbes(chreven) staet te mogen doene, wettel(ijck) gemachticht van s(ieu)rs Jan De Bot, oudt aelmoessenier der stadt van Antwerpen, en(de) van Jaspar Mandekens als testamentel(ijcke) momboiren en(de) in(den) naeme van(de) vijff minderjaerige kinderen wijlen Peeters Van(den) Trille de jonghe, was bij l(ette)ren van procuratien (inhoudende clausulen van yemanden voorts te substitueren) speciale, in date den xxiiii. septembris lestleden gepasseert binnen der voorn(oempde) stadt Antwerpen voor den not(ari)s m(eeste)r Jan Waerbeke en(de) sekere en(de) sekere getuygen, noch de v(oor)s(chreven) s(ieu)r Van(den) Trille in(den) naem van Catharina Van(den) Trille en(de) Balthasar Van Compostella, die sij hierinne vervinck en(de) belooffde te v(er)vaene, hem in sijnen eygen naeme over hun ten desen sterckmaecken(de), de s(elv)e wijlen Peeter en(de) Catelijne Van(den) Trille, sone en(de) dochter van wijlen Peeter Van(den) Trille den ouden, oock voor een vijffdedeel vuytten hooffde van heurl(ieden) vaeder en(de) grootvaeder respective en(de) voor de helft van een ander vijffde deel, hun gemaeckt en(de) gelaeten bij den testamente van wijlen Magdalene Van(den) Trille, hunne moye en(de) oude moye, oock respective, de voorgen(oempden) s(ieu)r Juan Van(den) Trille noch in(den) naem en(de) hem in desen sterckmaecken(de) en(de) in hem vervangen(de) Niclaes Van(den) Trille sone wijlen Rombouts Van(den) Trille, noch de voorn(oempden) Van(den) Trille als omme t' gene naerbes(chreven) staet te mogen doene, onwederroepel(ijck) gemachticht van jo(uffrouw)e Marie Van(den) Trille filia Peeters, wettighe huysv(rouw)e van s(ieu)r Wouter Theunemans, coopman, met consente en(de) authorisatie desselffs Wouters, heurs mans, geassisteert sijnde van een(en) vremden momboir, heur verleent, bij letteren van procuratien (oock inhoudende clausule van substitutie) speciale in date den xxvii. septembris lestleden, gepasseert binnen der stadt Middelborch in Zeelandt voor den not(ari)s m(eeste)r Adriaen Van Laere en(de) sekere getuygen, de voors(cchreven) s(ieu)r Juan Van[den] Trille noch als totten naervolgen(den) onwederroepelijck gemachticht van jo(uffrouwe) Peeternelle Van(den) Trille, oock Peeters dochtere wijlen, met Guilliam t' Kindt de jonghe, heuren man en(de) momboir, bij l(ette)ren van procuratien speciale in date den xixen. septembris lestleden, gepasseert voor borgem(eeste)ren, schepenen en(de) raedt der stadt Antwerpen en(de) besegelt metten segele ten saecke der selver stede daerop gedruct, de voorn(oempden) s(ieu)r Juan Van(den) Trille ten lesten voor hem selven en(de) oock inden naem van Michiel Van(den) Trille, sijnen broeder, over den welcken hij hem in sijnen eyghen naeme ten desen sterckmaeckende, de voorn(oemden) Rombout, Peeter, Juan en(de) Michiel Van[den] Trille, alle kinderen van wijlen Michiel Van(den) Trille oock voor een vijffdedeel vuytten hooffde van heurl(ieden) vaedere en(de) grootvaedere respective en(de) voor de wederhelft van het bovengen(oempde) vijffde deel, hun oock gemaeckt en(de) gelaeten bij den testamente van(de) voorn(oempde) wijlen Magdalene Van(den) Trille, huerl(ieden) moye ende oude moye respective, van alle welcke voorn(oempde) transporten en(de procuratien bij translaeten als anderssins mij not(ari)o volcomel(ijck) gebleken is, de voors(chreven) wijlen Jan, Peeter, Michiel, Elizabeth ende Magdalene Van(den) Trille, sonen en(de) dochteren van wijlen Michiel Van(den) Trille den ouden en(de) van Elizabeth sMoncx, wettighe gehuysschen als sij leeffden, ende heeft den voorn(oempden) s(ieu)r Juan Van(den) Trille, soo voor hem selven als oock in(de) qualiteyt voorgeruert, geconstitueert, machtich gemaeckt en(de) gesubstitueert respective m(eeste)r Marten Van(den) Sijpe, procureur, et(ceter)a, ... [n.v.] t' saemen en(de) elcken van hun besondere omme te gaene en(de) te compareren, soo voor den heere stadthouder en(de) mannen van leene des edelen heere hertoghe van Aerschot als voor meyer en(de) schepen(en) der heerl(ijckheyt van Werchtere en(de) alomme elders daert behooren en(de) van noode wesen sal en(de) aldaer volgen(de) de v(er)coopinhghe, bij hem comp(aran)t opden xiiien. augusti lestleden gedaen aen Carel Verbeke, woonende tot Ninne, en(de) der keersbrandinghe daerop gevolght den xxiiien. der selver maendt van augusto, op te draegen, te transporteren en(de) voer te gevene aen Anna Ven, eertijdts wed(uw)e Jacops Van Loo, als tot haerder tocht en(de) bij leven en(de) haere seven kinderen, behouden van(den) v(oor)s(chreven) wijlen Jacop als tot der s(elv)er kinderen erffel(ijck), eerst een stuck landts metten gronde en(de) toebehoorten inder grootten soo t' s(elv)e gelegen is onder Ninne voors(chreven), genaempt het Ackeleyvelt tusschen Honnetas ter ie., de Cappelstraete ter iie., d' erffgen(aemen) Joos Troyen en(de) Cornelis V(er)beecke erffven t' saemen ter iiie. en(de) den Overbempdt metten Midelbempdt t' saemen ter iiiie. sijden, ende tot dijen een parcheel bempdts, eertijdts twee parcheelen geweest hebben(de), metten gronde gronde (!) en(de) toebehoorten, genaempt den Nerenbermpt, den meestendeel daerafff chijnsgoedt en(de) de reste leengoedt onder den voorn(oempden) hertoghe van Aerschot gelegen tot Ninne voors(chreven) tusschen der voors(chreve) Geertruydt Honnetas met Jan Hoolmans erffven t' saemen ter ie., den voors(chreven) Middelbempt ter iie., jo(uffrouw)e de wed(uw)e Switten erffve ter iiiie. sijden, de s(elv)e parcheelen van landt en(de) bempdt den voorn(oempden) s(ieu)r Juan Van(den) Trille en(de) consorten aengelot en(de) ten deele gevallen bij cavelinghe oft lotinghe mette voors(chreve) Anna Ven ter ie. en(de) den voorn(oempden) Van(den) Trille ter andere sijden, en(de) opten derden july lestleden gepasseert voor meyer en(de) schepenen van Werchtere voors(chreven), ondert(eeckent) Leersse, der voors(chreve) Anna Ven en(de) haere kinderen elck voor soo vele en(de) inder manieren als boven int voors(chreven) landt en(de) bempdt metten toebehoorten te goeden,vestighen en(de) t' erffven, hem consti(tuan)t inder qualiteyt als voor daeraff t' ontgoeden, t' ontvestigen en(de) t' onterffven met wettigher v(er)tijdenisse en(de) ren(untia)tie, sulcx naer der plaetsen recht daer onder die voors(chreve) goeden gelegen sijn, halm te schietene, waerschappe te gelovene op een(en) penninck Lovens aen(den) voorn(oempden) heere hertoghe van Aerschot vuyt het voorn(oempden) parcheel landts alleene, item op twee pen(ningen) Lovens aen(den) voorn(oempden) heere hertoghe vuyt het voors(chreven) parcheel bempdts oft eenich deel van dijen, ende op de helft van negen guldens erffel(ijck) aen jo(uffrouw)e Pecquius vuyt het voors(chreven) landt en(de) bempdt, al jaerl(ijcx) vuytgaen(de) sonder meer, ende om voorts meer al in desen te doene, dat hij consti(tuan)t inder qualiteyt als boven, alomme p(rese)nt en(de) voor ooghen wesen(de), selver soude moghen oft moeten doen, al waert oock soo dat de saecke speciaelder bevel behoeffde dan voors(chreven) staet, geloven(de) de voorgen(oempden) consti(uan)t inder qualiteyt als boven, altijdt voor goedt, vast en(de) van weerden te houden allen t' gene bij sijne respective geconstitueerde en(de) gesubstitueerde in des voors(chreven) staet, gedaen en(de) gevoordert sal worden onder de verbintenisse van sijns Van(den) Trille en(de) sijne voors(chreve) geconstitueerde persoonen en(de) goeden, haeffve en(de) erffve, present en(de) toecomen(de), aldus gedaen en(de) gepasseert alhier te Mechelen ten jaere, maende en(de) daeghe als boven ter p(rese)ntien van Daneel Van Schoor en(de) Geleyn Parduyns, beyde clercken, beyde als getuyghen hier over geroepen en(de) sunderlinghe gebeden, bij mij daer oock p(resen)t wesen(de), onder stondt H. Sporckmans Janssone, no(tari)s.

Ende de v(oor)s(chreven) opdraegere vuyt crachte sijnder voors(chreve) procuratie vuytte voors(chreve) goeden ontgoedt en(de) onterft sijnde, soo is daerinne gegoedt en(de) geerft ten erffel(ijcken) rechte die voors(chreve) Anna Ven voor haer tocht en(de) haere voors(chreve) seven kinderen, bij haer behouden van(den) voors(chreven) Jacop V(er)loo, haeren eersten man, te weten Elizabeth, Johanna, Pommerijn, Waldruyt, Jan, Peeter en(de) Cornelis Van Loo voor d' erffgelijcheyt per mo(nitionem) et satis et waras opden chijns en(de) last, inde voors(chreve) procuratie begrepen, tanquam prout jure, coram Van(der) Heyden, Beringhen, martiio vii., 1628.

(*) Vermoedelijk ontbreekt er een voornaam.

 

In de volgende akte maakt men melding van Anna Ven (x Jacobus Van Loo xx Cornelius Verlinden). Zij was een erfelijke rente van 10 stuivers verschuldigd. Deze rente was oorspronkelijk eigendom van Laurentius Spoelberch zone wijlen Petrus, maar hij ruilde deze rente met Martinus Heyligen zone wijlen Henricus en zijn zoon Adrianus, die in plaats daarvan een zesde deel van een bunder overdroegen aan Laurentius Spoelberch (erfruiling).  De datum van de akte is dezelfde als de datering van de voorgaande akte in het register.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7517, folio 323v., akte dd. 26 april 1628.

Condt sij een(en) yegel(ijcken) dat comen sijn voor meyer en(de) schepen(en) van Loven naerbes(chreven) Merten Heyligen sone wijlen Henricx ten bij sijne en(de) overstaene Adriaens Van Heylighen, sone des v(oor)s(chreven) Mertens, woonen(de) tot Loven, ter ie., en(de) Laureys Spoelberchs sone wijlen Peeters, woonen(de) tot Werchter, ter andere sijden, welcke comp(aran)ten v(er)claeren t' saemen aengegaen te hebben sekere erffmangelinghe, te weten de voors(chreve) eerste comp(aran)t per mo(nitionem) heeft opgedraegen met behoorl(ijcke) v(er)tijdenisse het seste deel van een boender landts, daer eertijdts een huys en(de) schure plach op te staene, gelegen tot Nynde onder Werchter, reg(eno)ten de Cappelstraete ter ie., Jan Aerts ter iie., de Neerstraet ter iiie. en(de) d' erffgen(aemen) Aert Raeps ter iiiie. sijden, expos(ito) impos(itus) est de voors(chreven) Laureys Spoelberch p(er) mo(nitionem) et satis, et(ceter)a, et waras op de lasten en(de) commeren daer te vorens op vuytgaen(de), mette v(er)loopen daeraff open en(de) onbetaelt staende, tanquam prout jure, waertegen den voors(chreven) Laureys Spoelberch per mo(nitionem) heeft opgedraegen met behoorl(ijcke) v(er)tijdenisse thien stuyvers erffel(ijck), den pen(ninck) xvi, als hij jaerl(ijcx) was heffende en(de) trecken(de) op Anna Vinne, woonen(de) tot Nynde, en op haer huys met sijne toebehoorten, groot t' saemen ontrent drije dachm(aelen), reg(eno)ten de Dijle ter ie., de Neerstraet ter iie., Carel V(er)beeck ter iiie. en(de) Adriaen V(er)hulst ter iiiie. sijden, v(er)schijnende jaerl(ijcx) den xixen. july volgen(de) de schepen(en) brieven van Loven daeraff sijnde, expos(ito) impos(itus) est die voors(chreven) Adriaen Heyligen, sone des voors(chreven) Mertens, per mo(nitionam) et satis, et(ceter)a, et satis, et(ceter)a, et waras voor eene goede, onbelaste en(de) onverthierde rente, cederen(de), transporteren(de) ende geven(de) voorts over in weder sijden d' erffbrieven daeraff sijnde, met alle en(de) yegewelcke gelooften, daerinne begrepen, met xxii jaeren v(er)loops ten selven rechte, coram eisdem.

 

Hierbij een akte met vermelding van Anna Ven (Vinne), weduwe van Jacobus Van Loo (Van Looy).

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7507, folio 154r., akte dd. 12 december 1616.

Item, in presen(tia), etc(etera), gestaen Hans Pieterss(one), hebben(de), tot des naerbe(creven) staet te doen(e), procura(ti)e speciael en(de) irrevocabel bevel, hem gegeven bij Anthonis Borremans soene Glaude, daer moeder aff was E(lisa)b(e)th Van Baserode, gepasseert voor den not(ari)s Harlingen en(de) seeckere getuygen opden xxvien. octob(ris) anno 1605, alhier gesien en(de) den naerbescreven schepen(en) gebleken, de selve Hans vuyt crachte en(de) naer v(er)moegen sijnder voors(creve) procura(ti)e per mo(nitionem) heeft opgedraegen met behoorl(ijcke) v(er)thijden(isse) ierst de hellicht van een tstuck beempts, geheeten den Overbeempt, groot drije dachmaelen, gelegen te Ninne onder Werchtere tusschen Jans Van(der) Hoeven goeden ter eenre en(de) Jans Van Gevelde goeden ter andere zijden, item noch de hellicht van een(en) bempt, genaempt den Middelbempt, groot een boen(der), daer neffens gelegen, item noch de hellicht van een(en) anderen beempt, genaempt den Neerbeempt, oyck daer beneffens gelegen, groot drije dachmaelen oft dachwant, item noch de hellicht van een plecxken eussels, liggen(de) aen(den) Neerbeempt aen(de) leygracht aldaer, item noch de hellicht van drije dachmael landt, daeraen gelegen, tusschen Jans Van Hallarts goeden aen deen zijde en(de) Hans De Hertohghe goeden aen dander zijde, item noch een halff boender beempts, liggende neffens den Neerbempt, wesen(de) leen onder den heere van Rotselaer, onder den welcken tselve tstuck bempts moet wordden gegoydt, exp(osito) soo wordt daerinne gegoydt en(de) geerft ten erffel(ijcken) rechte Anna Vinne, eerste wed(uw)e Jacop Van Loo, voorde tocht en(de) haer voorkinderen, van(den) voors(creven) Jacop behouden, voor derffelijckeheyt, per mo(nitionem) et satis die voors(creven) opdraegere vigore quo supra et waras d' ierste parcheel op twee pe(n)nin(gen) Lovens, het tweede parcheel op twee gel(ijcke) pe(n)nin(gen) Lovens, item het derde op twee gel(ijcke) pe(n)nin(gen) Loven, item het naestlesten parcheel, wesen(de) drije dachm(aelen) landts op een(en) pe(n)nin(ck) Lovens tanquam prout iure, coram Duffele, Roeloffs, decemb(ris) xiia., 1616.

Item de voors(creve) Anna v(er)cleert de pe(n)nin(gen), waermede dese voors(creve) goeden gecocht zijn, te procederen van(den) v(er)coope van diversche goeden, bijden voors(chreven) Jacop, haeren iersten man, achtergelaeten en(de) opder voors(creve) voorkinderen voor de proprieteyt en(de) haer Anna voorde tocht gesuccedeert en(de) verstorven, eisd(em).

 

Hierbij een akte met vermelding van Anna Ven, weduwe van Jacobus Van Lo(o)y en inwoonster van Ninde onder Werchter, met haar ongehuwde dochter Joanna. Deze laatste was ca. 27 jaar oud en moet bijgevolg geboren zijn omstreeks 1592.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7509, folio 122v., akte dd. 15 januari 1619.

Item, in p(rese)ntia, etc(etera), gestaen Anna Vinne, eertijds weduwe Jacobs Van Loy, woonen(de) tot Ijnde onder Werchter, Philipotte Wellens dochtere wijlen Willems, woonen(de) alhier te Loven, en(de) Johanna Van Loy, oudt xxvii jaeren, haere ongehoude dochtere, behouden van wijlen haeren voors(creven) iersten man, hebben elck onbesundert ende onv(er)scheyden bekent en(de) bekennen midts desen deuchdel(ijck) schuldich te sijn aen h(ee)r Vincent Berthijns en(de) h(ee)r ende m(eeste)r Janne Schorenbroot als executeurs van(den) testam(ente) wijlen jouff(rouw)e Heylwich Berthijns, alhier present en(de) tselve tot des voors(chreve) sterffhuys behoeff accepteren(de), met consent van h(ee)r en(de) m(eeste)r Coenraet Sylvius, hunnen mede executeur, twelff carolus gul(dens) te xx st(uyvers) tstuck en(de) thien gel(ijcke) stuyvers loopen(de) munte, erffel(ijcke) rente, alle jaer op daete deser te v(er)schijnen en(de) in dese stadts wissele van Loven te leveren, los en(de) vrije, etc(etera), in toecomen(de) tijden, telcken termijn als schult met rechte v(er)wonnen, et tantum obligan(do), submitten(do) ac renun(tiando) in forma, signa[n]ter privilegio senat(us) cons(ulti) vell(eiani) de eo certioratae et ad mo(nitionem) pignus valens duplum met conditien dat de voor(creve) bekinderen de selve rente van xii r(insguldens) x st(uyvers) sullen mogen affquytten alst hun gelieven sal teender reyse tegen den penninck xvi met volle rente, consenteren(de) voorts int maecken van beleyde en(de) mainmise over alle hunne goeden en(de) int decreet van dijen sonder daertoe te derffven geroepen sijn et prima, coram Impens, Lunckens, januarii xva., 1619.

            In de marge.

Op heden den 29e. jan(ua)ry 1624 heeft m(eeste)r Peter Van(der) Hoffstadt als procurator van(de) Collegie van Atricht alhier bekent vuyt handen Anna Van(den) Vinne ontfangen te hebben het capitael met het v(er)loop van dese xii g(u)l(dens) x st(uyvers), consenteren(de) inde cassatie van desen, oirconden, etc(etera), Peeter Vander Hofstadt.

 

Hierbij twee opeenvolgende akten van dezelfde datum. Worden vermeld in de akten :

-     Joanna Verloo, dochter van Jacobus en Anna Ven (1e en 2e akte).

-     Gommara Verloo, dochter van Jacobus en Anna Ven (1e en 2e akte).

-     Elisabetha Verloo, dochter van Jacobus en Anna Ven (2e akte).

-     Ywana Verloo, dochter van Jacobus en Anna Ven (2e akte).

-     Anna Ven, vrouw van Jacobus Verloo (1e en 2e akte).

-     Jacobus Verloo, man van Anna Ven (1e en 2e akte).

-     Anna Verlinden (Vander Linden), dochter van (Cornelius en) Anna Ven (in de marge van de 2e akte), begijn op het Groot Begijnhof te Leuven.

Voor Ywana staat in de akte Ywijn, wat normaal een zoon zou moeten zijn, maar gezien er duidelijk "haere susters" staat, ga ik er van uit dat het om de vrouwelijke versie van Iwanus (Iwijn) gaat.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7509, folio 174r., akte dd. 20 maart 1619.

Item, in p(rese)ntia villici Lovanien(sis), etc(etera), gestaen Willem De Ridder en(de) Henrick Van Beethoven als momboiren van Hansken De Ridder zone wijlen Jans, en(de) dat naer v(er)mogen van seeckere acte van consente en(de) authorisa(ti)e der heeren weesm(eeste)ren en(de) overmomboiren der stadt van Loven vander daet xxiiien. decembris anno 1618 lestleden, alhier gesien en(de) gebleken, waervan den teneur onder dit transport sal worden geinsereert, de selve momboiren vuyt crachte en(de) naer v(er)moegen als vore, per mo(nitionem) hebben opgedraegen met behoorlijcke v(er)thijdenisse een huys en(de) hoff met een brouwerije daerop staen(de), groot omtrent een dach(mael), alsoo tselve gestaen en(de) gelegen es opden amer onder die prochie van Werchtere, regen(oten) sheeren straete ter eenre, den amer ter iie., derffgen(aemen) Joos Troye ter derdere en(de) Cornelis V(er)beeck ter iiiie. zijden, exp(osito) imp(ositi) sunt Johanna en(de) Gommereyn Verloo voer derffelijckheyt, kinderen wijlen Jacops en(de) Anna Vinne, heurlieder moeder, voerde tochte, et satis, etc(etera), et waras op twelff rinsg(u)l(dens) erffel(ijck) aen(de) weduwe van mijn heere Jan wijlen Maes, in sijnen tijt raedt en(de) fiscael van(den) Raede van Brabant, en(de) voorts alnoch op twelff st(uyvers) sheeren chijns, tanquam prout iure, coram Duffle, Edelheer, martii xxa., anno 1619.

     Hier naer volght den teneur vande voirn(oempde) req(ues)te.

Aen mijn eerw(eerde) heeren die weesm(eeste)ren der stadt Loven.

Geven ootmoedel(ijck) te kennen Willem De Ridder en(de) Henrick Van Beethoven, momboiren van(den) ombejaerden kinde Jans De Ridder en(de) Lijsbeth Dries, gehuysschen als sij leeffden, bij naeme Janneken, oudt ontrent sesse jaeren, hoe dat tvoors(creven) kindt doer afflijvicheyt sijnder ouders grootelijcken is belast met vele en(de) diversche schulden, hem bij sijne voors(creve) ouders achtergelaeten, om welcke te betaelene en(de) op te bringen, sij momboiren daegelijcx worden gemaent en(de) gemolesteert, en(de) apparentel(ijck) noch meer sullen gemolesteert wordden van crediteuren, gemerckt zij tot geen respijt en willen v(er)staen, waertoe nochtans tvoors(creven) kindt seer cleyne middelen heeft om die penn(ingen), den crediteuren toecomen(de), op te brenghen en(de) te becomene en(de) anders nyet en sal connen opbeuren, ten waere bij hem momboiren eenige vant voirs(creven) kindts erffgoeden werden v(er)cocht om met die penn(ingen) daervan te procederen(e) die selve schult te betaelen, bidden daeromme die voors(creve) momboiren seer ootmoedel(ijck) ten eynde met apostille marginale van uw(er) eerw(eerdige) op des(er) hen georloft en(de) gepermitteert wordde te moegen publickel(ijck) en(de) ten meesten voerdeele van(de) voors(creve) weeze v(er)coopen seker stuck landts, groot ontrent een boender, tot Werchter voors(creven) gelegen, regen(oten) ... [n.v.], den voors(creven) ombejaerden kinde van sijn(e) moedere v(er)storven, met noch een huys, aldaer gestaen, groot omtrint min dan een dach(mael), dwelck oock beter v(er)cocht waere dan langer inde patrimonie van tvoors(creven) minderjaerich kint gebleven, gelijckt blijckt vuytte attestatie van meyer en(de) schepen(en) der voors(creve) heerlijckheyt van Wercter, hiermede gaen(de), om alsoo mette penn(ingen) daervan comen(de), die voors(creve) schulden en(de) lasten betaelt te worden, van allen dwelck sij momboiren alsdan gedaen sijnde, p(rese)nteren(de) alhier aen uw(er) eerw(eerde), des noot zijnde, behoorl(ijck) bewijs en(de) rekenin(ge) te doen(e), te meer oock dat de voors(creve) weesen anders geen goet meer en is hebben(de) oft en kan prouffyteren dan tvoors(creven) stuck landts metten voors(creven) huyse en(de) noch een huys en(de) hoff, oyck gelegen tot Werchter, dwelck jaerl(ijcx) in hueringhe is hebben(de) geldende xxvi r(insguldens) en(de) dit al van zijns moeders wegen en(de) van wegen sijns vaeders zijde, soo es het sterffhuys van sijnen grootvaeder alnoch in suspen(sie) en(de) alsoo onseker, allen dwelck doen(de), etc(etera), ond(erteecken)t Van(den) Berghe.

     Hier naer volght den teneur van het advys, opde marge van(de) selve req(ues)te gestelt.

Die suppl(ian)ten sullen ierst en(de) voor al overgeven staet en(de) inventaris van(de) goeden, den weese alhier vermelt, soo van svaders als mo[e]ders wegen toecomen(de), met oyck specifica(ti)e van schult en(de) wederschult om tselve gedaen en(de) gesien geord(onneer)t worden naer behooren, actum ter weescamere den xxen. decembris anno 1618, mij p(rese)nt, ond(erteecken)t R. Prince.

     Hier naer volght den teneur van(de) authorisa(ti)e.

Depost die heeren weesm(eeste)rs z gezien den voors(creven) staet, hier boven geruert, mede geleth op het advys van meyer en(de) schepen(en) van Werchter in date xxvi., novemb(ris) 1618, hier bij gevuecht en(de) ond(erteecken)t Van(den) Berghe, hebben den suppl(ian)ten gecommitteert en(de) geauthoriseert, gelijck sij hun committeren en(de) authoriseren bij desen, om thuys en(de) hoff, in dese req(ues)te naerder v(er)melt, totten meesten proffijte vanden achtergelaeten weese wijlen Jans De Riddere te v(er)coopen ten eynde en(de) effecte bij desen v(er)socht, mede om den cooper oft coopers van(den) selven huyse behoirl(ijcke) gicht en(de) goedinghe daertoe behoiren(de), met geloefte van waerschap in forma, dienen(de) dese jegenwoordige voor acte, aldus gedaen ter weescamere den xxiiien. decembris 1618, mij p(rese)nt, ond(erteecken)t R. Prince.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7509, folio 175v., akte dd. 20 maart 1619.

Item, in p(rese)ntie als boven, gestaen Johanna en(de) Gommara Verloo dochteren wijlen Jacobs, heurl(ieder) respectivel(ijck) sterckmaecken(de) voor Elisabeth en(de) Ywijn Verloo, haere susters, ten bij sijne en(de) overstaen(e) Anna Vinne, heurlieder moeder, ende hebben indivisim en(de) onv(er)scheyden bekindt, gelijck sij zijlieden bekinnen midts desen schuldich te sijn(e) Herman Hedinga als rentm(eeste)r van(de) Collegie van(de) Aerme Standoncken alhier bynnen Loven, en(de) dat inden naem(e) en(de) tot behoeff van(de) selve collegie, alhier present en(de) tselve accepteren(de), xxvtich. carolus g(u)l(dens) te xx st(uyvers) Brabants tstuck, erffel(ijcke) rente, v(er)schijnende jaerl(ijcx) den xxen. meert en(de) bynnen deser stadt wissele van Loven ten behoeren behoeve der voors(creve) collegie los en(de) vrije te leveren, van bede, oock van xe., xxe., ce. en(de) van alle andere, mindere oft meerdere penn(ingen), impositien oft exactien, alreede innegestelt oft naermaels inne te stellen in futurum quolibet assecutum et tantum et ad mo(nitionem) pignus valens duplum, etc(etera), geloven(de) de bovengen(oempde) bekinderssen indivisim als vore de voors(creve) rente van xxv rinsg(u)l(dens) erffel(ijck) jaerlijcx ten termijn(e) voors(creven) wel en(de) loffel(ijck) te betaelen en(de) leveren als voer, los en(de) vrije ten behoeve voors(creven), obligan(do) et indivisim submitten(do) ac renun(tiando) in forma, consenteren(de) die voors(creve) bekinderssen int maecken van mainmise over huerlieder goeden, alwaer die gelegen en(de) bevonden sullen worden ende inde voluntaire condemnatie en(de) decreet der schepen(en) van Loven sonder daertoe te derffven gedaecht oft geroepen te worden, et facta est condemnatio, met conditie dat de voors(creve) respective bekinderssen de voors(creve) rente van xxv rinsg(u)l(dens) erffel(ijck) sullen mogen lossen en(de) affquytten tallen tijden als hun gelieven sal teender reysen, elcken carolus gulden erffel(ijck) daeraff met xvi gelijcke rinsg(u)l(dens) en(de) met volle rinte, coram eisd(em).

     In de marge.

Opden 18. marty a(nn)o 1641 heeft h(ee)r en(de) m(eeste)r Adrianus Van(den) Sande als pater van dArme Standoncken alhier bekent ontfangen te hebben vuyt handen van Anna Van(der) Lynden, begijnken van(den) Grooten Begijnhove, als erffgen(aem) van Anna Venne die capitale penn(ingen) met alle die v(er)loopen van dese xxv g(uldens) erffel(ijck), consenteren(de) oversulcx inde cassatie van desen, et satis et waras erga quoscunque, toircon(den), etc(etera)

Vanden Sande, paster in Standonck.

 

Het gaat hier weer om dezelfde akten dd. 20.03.1619 (kladversie), die ook in het register nr. 7510 werden vermeld. Daarenboven bevond zich tussen de eerste en de derde akte nog een onvolledige en afgebroken akte.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register 7510, folio 57v., akte dd. 20 maart 1619.

Item, in p(rese)ntia villici Lovanien(sis), etc(etera), gestaen Willem De Ridder en(de) Henrick Van Beethoven als momboiren van Hansken De Ridder zone wijlen Jans en(de) dat naer v(er)moegen van zeke(re) acte van consente en(de) auctoriza(ti)e der heeren weesm(eeste)ren en(de) overmomboiren der stadt van Loven vander daet xxiii. decembris anno 1618 lestleden, alhier gezien en(de) gebleken, waervan den teneur onder dit transport sal worden geinsereert et subscribatur de sel(ve) momboiren vuyt crachte en(de) naer v(er)moegen als vore, per mo(nitionem) hebben opgedraegen met behoirl(ijcke) v(er)thijdenisse een huys en(de) hoff met een brouwerije d(aer)op staen(de), groot o(n)trint een dachm(ael), alsoe tselve gestaen en(de) gelegen es ten Inde opden amer onder die prochie van Werchter, regen(oten) sheeren straete ter eenre, den amer ter iie., derffgen(aemen) Joos Troye ter derdere en(de) Cornelis V(er)beeck ter iiiie. zijd(en), exp(osito) imp(ositi) sunt Johanna en(de) Gommereyn Verloo voer d' erffelijckheyt, kinderen van wijlen Jaco[p]s, ende Anna Vinne, heurlieder moeder, voerde tochte, et satis, etc(etera), et waras op twelff rinsg(uldens) erffel(ijck) aen(de) weduwe van mijn(en) heere Jan wijlens Maes, in sijn(en) tijt raedt en(de) fiscael vanden Raede van Brabant, en(de) voirts alnoch op twee st(uyvers) sheeren chijns, tanquam prout iure, coram Duffle, Edelheer, martii xxa., anno 1619.

            Hiernaer volght den teneur van(den) voirn(oempden) req(ues)te.

            Aen mijn eerw(eerdige) heeren die weesm(eeste)ren der stadt Loven.

Geven oetmoedel(ijck) te kennen Wilem De Ridder en(de) Henrick Van Beethoven, momboiren vanden ombejaerden kinde Jans De Ridder en(de) Lijsbeth Dries, gehuysschen als sij leeffden, bij naeme Janneken, oudt omtrent sesse jaeren, hoe dat het voirs(creven) kindt doer afflijvicheyt sijnder ouders grootelijcken is belast met vele en(de) diversche schulden, hem bij zijne voirs(creve) ouders achtergelaeten, om welcke te betaelene ende op te brengen, sij momboiren daegelijcx worden gemaent en(de) gemolesteert en(de) apparentelijck noch meer sullen gemolesteert wordden vande crediteuren, gemerckt zij tot geen respijt en willen verstaen, waertoe nochtans tvoirs(creven) kindt seer cleyne middelen heeft om die penn(ingen), den crediteuren toecomende, op te brengen en(de) te becomene ende anders nyet en sal konnen opbeuren, ten waere bij hem momboiren eenighe vant voirs(creven) kindts erffgoeden werdden v(er)cocht om met die penn(ingen) daervan te procederen(e) die selve schult te betaelen, bidden daero(mm)e die v(oir)s(creve) momboiren seer oetmoedel(ijck) ten eynde met apostille marginale van uw(er) eerw(eerde) op des(en) hem geoirloft en(de) gepermitteert wordt te moegen publickel(ijck) ende ten meesten voerdeele van(den) v(oir)s(creven) weese v(er)coopen seker stuck landts, groot ontrent een boender, tot Werchter v(oir)s(creven) gelegen, regen(oten) ... [n.v.], den v(oir)s(creven) ombejaerden kinde van sijn(e) moedere v(er)storffven, met noch een huys, aldaer gestaen, groot omtrint min dan een dachm(ael), dwelck oyck beter v(er)cocht waere dan langer inde patrimonie van tv(oir)s(creven) minderjaeriche kint gebleven, gelijck blijckt vuytte attestatie van meyer en(de) schepen(en) der v(oir)s(creve) heerlijckheyt van Werchter, hiermede gaen(de), om alsoo mette penningen daervan comen(de), die v(oir)s(creve) schulden en(de) lasten betaelt te worden, van allen dwelck sij momboiren alsdan gedaen sijnde, p(rese)nteren alhier aen uw(er) eerw(eerde), des noot sijnde, behoirl(ijck) bewijs en(de) rekenin(ge) te doen(e), te meer oyck dat de voirs(creve) weese auders geen goet meer en is hebben(de) oft en kan prouffyteren dan tv(oir)s(creven) stuck landts mettten v(oir)s(creven) huyse, ende noch een huys en(de) hoff, oyck gelegen tot Werchter, dwelck jaerlijcx in hueringhe es gelden(de) xxvi r(insguldens) en(de) dit al van sijn moeders weghen en(de) van wegens sijns vaders sijde, soe es het sterffhuys van sijnen grootvaeder alnoch in suspen(sie) en(de) alsoe onseker, allen dwelck doen(de), etc(etera), ond(erteecken)t Van(den) Berghe.

            Hier naer volght den teneur van het advys, opde marge van(den) sel(ven) req(ues)te gestelt.

Die suppl(ian)ten sullen ierst en(de) voeral overgeven staet en(de) inventaris van(de) goeden, den weese alhier v(er)melt, zoe van svaders als moeders wegen toecomen(de), met oyck specificatie van schult en(de) wederschult, om tsel(ve), gedaen en(de) gesien, geord(onneer)t worden naer behoiren, actum ter weescame(re) den xxen. december a(n)no 1618, mij p(rese)nt R. Prince.

            Hiernaer volght den teneur van(de) auctoriza(ti)e.

Depost die heeren weesm(eeste)rs, gezien den v(oir)s(creven) staet, hierboven geruert, mede geleth op het advys van meyer en(de) schepen(en) van Werchter in date xxvi. novembris xvic. en(de) xviiie., hierbij gevoeght ende ond(erteecken)t Van(den) Berghe, hebben den suppl(ian)ten geco(m)mitteert en(de) geauctoriseert, gel(ijck) sij hun co(m)mitteren en(de) authorizeren bij des(en) om thuys ende hoff, in dese req(ues)te naerder v(er)melt, totten meesten proffijte van(den) achtergelaeten weese wijlen Jans De Ridder te v(er)coopen ten eynde en(de) effecte bij des(en) v(er)socht, mede om den cooper oft coopers van(den) sel(ven) huyse behoirl(ijck) gicht en(de) goedinghe daertoe behoirende, met geloefte van waerschap in forma, dienende dese tegewoirdige voer acte, aldus gedaen ter weescamer den xxiiien. decembris 1618, mij p(rese)nt, ond(erteecken)t R. Prince.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7510, folio 58v., akte dd. 20 maart 1619 (akte afgebroken en doorgehaald].

Item, in p(rese)ntia als boven, gestaen Johanna en(de) Gommereyn Verloo, dochteren wijlen Jacobs voerde tochte derffelijckhehyt, ter eenre, en(de) Anna Vinne, henl(ieder) moeder, voerde tochte, ter andere zijd(en), per mo(nitionem) hebben opgedraegen met behoirlijcke v(er)thijdenisse de goeden naerbes(creven), ierst de hellicht van een stuck bempts, geheeten den Overbempt, groot drije dachm(aelen), gelegen te Ninne onder Werchtere, regen(oten) Jans Van(der) Hoeven goeden ter eenre en(de) Jans Van Gevelde goeden ter andere, belast met vier r(insguldens) en(de) x st(uyvers) aen jouffvr(ouw)e Van(den) Heetvelde item noch de hellicht van een(en) bempt, genaempt den Middelbempt, groot een boender, daer neffens gelegen, item noch de hellicht van een plecxken eussels, liggen(de) aen(den) Meerbempt aende leygracht ... [akte afgebroken en doorgehaald].

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7510, folio 58v., akte dd. 20 maart 1619.

Item, in p(rese)ntie als boven, gestaen Johanna ende Gommara Verloo dochteren wijlen Jacobs, hairlied(er) respectivel(ijck) sterckmaecken(de) voer Elisabeth en(de) Ywijn Verloo, haere susters, ten bij sijne en(de) overstaen(e) Anna Vande Vinne, heurl(ieder) moeder, ende hebben indivis(im) en(de) onverscheyden bekindt, gel(ijck) zijlieden bekinnen midts desen schuldich te sijn(e) Herman Hedinga als rentm(eeste)r van(de) Collegie van(de) Aerme Standoncken alhier binnen Loven, ende dat inden naem(e) en(de) tot behoeff van(de) selve collegie, alhier p(rese)nt en(de) tsel(ve) accepteren(de), vijffentwintich carolus guld(ens) te xx st(uyvers) Brabants tstuck, erffelijcke rinte, verschijn(ende) jaerl(ijcx) den xxen. meerte ende binnen des(er) stadt wissele van Loven ten behoeve der v(oir)s(creve) collegie los en(de) vrije te leveren, van bede, oyck van xe., xxe., ce. ende van alle andere, mindere oft meerdere penn(ingen, impositien oft exactien, alreede innegestelt oft naermaels inne te stellen in futurum quolibet assecutum et tantum et ad mo(nitionem) pignus valens duplum, etc(etera), geloven(de) de bovengen(oempde) bekinderssen indivis(im) als vore de v(oir)s(ccreve) rinte van xxv r(insguldens) erffel(ijck) jaerlijcx ten termijn(e) v(oir)s(creven) wel en(de) loffel(ijck te betaelen en(de) leveren als voer, los en(de) vrije ten behoeve v(oir)s(creven), obligan(do) et indivis(im) submitten(do) ac renuntian(do) in forma, consenteren(de) die v(oir)s(creve) bekinderssen int maecken van mainmise over heurl(ieder) goeden, alwaer die gelegen en(de) bevonden sullen worden, consenteren(de) ende inde voluntaire condempnatie ende decret der schepen(den) van Loven sonder daertoe te daertoe te derffven gedaeght oft geroepen te worden, et facta est condemnatio met conditie dat de v(oir)s(creve) respective bekinderssen de v(oir)s(creve) rinte van xxv r(insguldens) erffel(ijck) sullen moegen lossen ende affquyten t' allen tijden alst hun gelieven sal t' eender reys(en), elcken carolusg(uldens) erffel(ijck) d(aer)aff met xvie. gelijcke rinsg(uldens) en(de) met volle rinte, coram eisdem.

 

Hierbij een akte met vermelding van Anna Vinne (Ven), weduwe van Jacobus Van Loy (Verloo) en moeder van Joanna Van Loy. De inhoud van de akte blijkt dezelfde te zijn als de akte in het register nr. 7509 (folio 122v.) van dezelfde datum.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7510, folio 38v., akte dd. 15 januari 1619.

Item, in p(rese)ntia, etc(etera), gestaen Anna Vinne, eertijts weduwe Jacobs Van Loy, woonen(de) tot Nynde onder Werchter, Philippotte Wellens dochtere wijlen Willems, woonen(de) alhier te Loven, ende Johanna Van Loy, oudt xxvii jaeren, haere ongehouwde dochtere, behouden van wijlen haeren v(oor)s(creven) iersten man, hebben elck onbesundert en(de) onv(er)scheyden bekent en(de) bekennen midts desen deuchdel(ijck) schuldich te sijn aen h(ee)r Vincent Berthijns en(de) h(ee)r en(de) m(eeste)r Jannne Schorenbroot als executeurs van(den) testam(ente) wijlen jouff(rouwe) Heylwich Berthijns, alhier p(rese)nt en(de) tselve tot des v(oor)s(creven) sterffhuys behoeff accepteren(de), met consent van h(ee)r en(de) m(eeste)r Coenraert Sylvius, hunnen mede executeur, twelff carolus g(uldens) te xx st(uyvers) tstuck en(de) thien gelijcke st(uyvers) loopen(de) munte, erffel(ijcke) rente, alle jaer op daete deser te v(er)schijnen en(de) in deser stadts wissele van Lov(en) te leveren, los en(de) vrije, etc(etera), in toecomen(de) tijden, telcken termijn als schult met rechte v(er)wonnen, et tantum obligan(do), submitten(do) ac ren(untiando) in forma, signa(n)ter privilegio senat(us) cons(ulti) vell(eiani) de eo certioratae et ad mo(nitionem) pignus valens duplu(m), met conditien dat de v(oor)s(creve) bekinderen deselve rente van xii r(insguldens) x st(uyvers) sullen moegen affquytten alst hun gelieven sal teender reyse tegen den pen(ninck) xvi met volle rente, consenteren(de) voirts int maecken van beleyde en(de) mainmise over alle hunne goeden en(de) tot decreet van dijen sonder d(aer)toe te derffven geroepen sijn, et prima, coram Impens, Lunckens, january xva., 1619. 

 

In de navolgende akte maakt men melding van Anna Vinne (Ven), weduwe van Cornelius Vander Linden (Verlinden), inwoners van Werchter.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7510, folio 120v., akte dd. 13 augustus 1619.

Item, in p(rese)ntia villici, etc(etera), gestaen Jan Van Hove sone wijlen Jans, woonen(de) tot Schrieck, p(er) mo(nitionem) heeft opgedraegen met behoorl(ijcke) v(er)thijden(iss)e een huys en(de) hoff mette halff schure en(de) andere toebehoorten, groot ontrent twee en(de) een halff boenderen, soo tselve gelegen es tot Schrieck voors(creven), regen(oten) die Hoochstraete ter ie., Peeter Van Rompay ter iie. en(de) iiie., de Pachthaleye ter iiiie., exp(osito) ende h(ee)r en(de) m(eeste)r Vincent Berthijns inden naem en(de) tot behoeff van(den) sterffhuyse van wijlen jo(uffrouw)e Heylwich Berthijns en(de) als executeur van(den) testam(ente) der selver, imp(ositus) p(er) mo(nitionem) redd(idi)t, om tvoors(creven) goet bijden voors(creven) opdraeger te houden en(de) te besitten op eene voortaene rinte van twelff rinsg(u)l(dens) ts(iae)rs te xx Brabants tstuck en(de) thien gel(ijcke) stuyvers erffel(ijcke) rinte, jaerl(ijcx) vallen(de) en(de) v(er)schijnen(de) opden xiiien. dach augusti en(de) bynnen des(er) stadt wissele van loven te leveren tot behoeff als voor, los en(de) vrije van xe., xxe., ce. en(de) van alle andere, mindere oft meerdere penn(ingen) en(de) impositien, innegestelt oft naermaels inne te stellen in futur(um) quolibet assecut(um) et tantum et casu quo pignora, etc(etera), et waras voor ombelast, obligan(do) et submitten(do), etc(etera), geloven(de) voorts die voors(creven) opdraeger en(de) met hem Anna Vinne wed(uw)e wijljen Cornelis Van(der) Linden, woenen(de) tot Werchter, indivisim die voors(creve) rinte jaerl(ijcx) wel en(de) loffel(ijck) te betaelen en(de) leveren als voer, los en(de) vrije, etc(etera), in futur(um) quolibet assecut(um) obligan(do) et submitten(do) ac renun(tiando), besundere de voors(creve) wed(uw)e het benefitie van rechte den vrouwen v(er)leent, s(enatus) c(onsulti) v(elleani) daeraff onderricht zijn(de) en(de) van allen anderen in forma, met conditien dat die voors(creve) bekinderen oft henne naercomelin(gen) die voors(creve) rinte van xii ½ rinsg(u)l(dens) effel(ijck) sullen mogen lossen en(de) affquyten tallen tijdens alst hun gelieven sal teender reysen, elcken gulden met xvi gel(ijcke) carol(us) gul(den)s loopen(de) mincte munte, ac cum, et primus, coram Grave, De Vroye, augusti xiiia., 1619.

Item die voors(creven) Jan Van Hove heeft geloeft en(de) geloeft midts desen die voors(creve) Anna Vinne van(de) voors(chreve) geloefe thaerder manisse altijt costeloos en(de) schadeloos tindempneren ende tontslaen in forma, l(itte)re apart, obligan(do) et submitten(do), etc(etera), eisd(em).

            In de marge.

Is gebleken bij quittantie der date vien. aug(usti) 1736, becleet met segel van ses stuyvers, dat dese tegenstaende rente is gequeten bij Adriaen Scherens aenden eerw(eerdigen) heere Natalis Du Bois, president van het Collegie van Atrecht, quare vacat, eodem ut supra.

 

Bijgaand een akte met vermelding van Anna Ven (Vanden Vinne) als weduwe van Jacobus Van Loo(y), wonende te Ninde onder Werchter, met haar dochter Joanna Van Loo, die ca. 34 jaar oud was. 

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7513, folio 222r., akte dd. 29 januari 1624.

Item, in presentia villici, etc(etera), gestaen Anna Van(den) Vinne, ierste weduwe wijlen Jacques Van Loo, woonen(de) tot Ninne onder Veertrijck Werchter, voer haer tocht, ende Johanna Van Loo, haere dochter, oudt xxxiiii jaeren, voer d' erffelijckheyt per mo(nitionem) hebben opgedraegen met behoirl(ijcke) verthijdenisse het paert en(de) kindtsgedeelte, opde voors(chreve) Johan(na) verstorven doer d' afflijvicheyt haers voors(chreven) vaeders in allen derffgoeden en(de) renten, bijden selven achtergelaeten, gelegen onder Veertrijck Werchter voors(chreven), egeene vuytgescheyden, expos(ito) en(de) m(eeste)r Peeter Van(der) Hofftadt als procurator der Collegie van Atrecht alhier, imposito per mo(nitionem) reddidit opde lasten daerop vuytgaende, ende voirts meer op sesse carolus guldens te xx st(uyvers) t' stuck en(de) vijff gelijcke stuyvers loopen(de) munte, erffel(ijcke) rente, alle jaer opden xxixen. january te verschijnen en(de) in deser stadtswissele van Loven te leveren tot behoeff der fundatie jo(uffrouw)e Heylwich Berthijns binnen de voors(creve) collegie, los ende vrije van xe., xxe., ce. en(de) allen andere, mindere oft meerdere pen(ningen) en(de) impositien, innegestelt oft naermaels inne te stellen in toecomende tijden, telcken termijn(e) als schult met rechte verwonnen, geloven(de) de voors(chreve) opdraegerssen indivisim de voors(chreve) rente wel en(de) loffel(ijck) altijts te betaelen ende te leveren, los en(de) vrije als boven in futurum quolibet assecutum, obligan(do), submitten(do) ac renun(tiando) p(er)sonaliter in forma, signanter renuncieren(de) de voors(chreve) opdraegerssen privilegio senat(us) cons(ulti) velle(ani) de eo certioratae et casu quo pignora, etc(etera), met conditie dat de voors(chreve) rente van ses gul(dens) v st(uyvers) tallen tijden sal mogen gequeten worden met hondert gelijcke gul(dens) eens en(de) met volle rente, coram Asscha, Van(der) Vorst, januarii xxix., 1624.

Item staet te weten dat de voors(chreve) rente wordt aengeleydt mette penningen gecomen van daffleggen van xii gul(dens) x st(uyvers) erffel(ijck), op heden bijde voors(chreve) Anna Van(den) Vinne aen(de) voors(chreve) funda(ti)e gedaen, eisdem.

            In de marge.

Is gebleken gebleken (!) van(de) originele quittan(tie), staen(de) opden voet van(de) copije deser ges(chreven) en(de) ond(erteecken)t mette eyghen handt van wijlen den h(ee)re president Pasmans, luyden(de) aldus : den onderges(chreven) heeft ontfanghen de capitalen en(de) v(er)loopen van(de) bovenges(chreve) rente van ses gul(dens) v st(uyvers) en(de) is alsoo voldaen, consenteren(de) midts desen in de cassatie van de selve rente, desen xiiiien. des jaers xvic. achtentachenticch en(de) was onderteeckent B. Pasmans, coll. Attreb. p(re)s(i)d(en)nt, et sic vacat. 

 

Hierbij een akte met vermelding van Anna Ven als weduwe van Jacobus Van Loo(y), wonende te Werchter, met haar dochter Elisabetha Van Loo, die gehuwd was met Petrus Wouters en te Tildonk woonde. Haar dochter Elisabetha gaf je op als de echtgenote van Judocus Roefs met kinderen te Werchter vanaf 1622. Hieruit meen ik te mogen afleiden dat Elisabetha eerst gehuwd was met Petrus Wouters en dat Judocus Roefs haar tweede man was.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7891, folio 29r. akte dd. 1 augustus 2016.

 

Item in teghenwoordicheyt des meyers ende schepenen van Loven naebeschreven ghestaen Anna Venne weduwe wijlen Jacops Van Loo, woonende te Werchter, ende Lijsbeth Van Loo, haere dochtere, met consente, wille, wete ende overstaen Peeters Wouters, haers mans, woonende te Tieldonck, per mo(nitionem) hebben opghedraghen met behoorelijcke vertheydenisse, te weten die voorschreve Anne die hellicht en(de) die voorschreve Lijsebeth het paert ende deel, hun respective competerende inde goeden naebeschreven, geleghen soo onder Werchteren als Haeght, te weten eerst seven daechmael bempts, gheheeten het Hoocheeusel, geleghen te Werchter tuschen de Laecke en(de) de Deyle, regenooten Wouter Lievens ter eenre, joncker Jan Tijpoots ter tweeder, Hendrick Vermijlen ter derder en(de) een cleyn straetken aldaer ter vierder zijden, item alnoch in  een stuck bempts, groot ontrent ses dachmalen, gelegen ter selver plaetsen aen t' water, dan datter een stuck bemps tusschen beyden leeght, regen(ooten) t' sheeren straet in twee zijden, die voorschreve Anna ter derder ende Hendrick Van Horck ter vierder zijden, item alnoch in vijff dachmael bemps, oock gheleghen te Werchteren, regen(ooten) Jan Schrijns in twee zijden, die leygracht ter derder ende t' sheeren straet ter vierder zijden, item noch in seven daechmaelen bemps, aldaer geleghen, regenooten de Laecke in twee sijden, belast aen de kercke van Werchteren met sesendertich stuyvers erffelijck, item in een dachmael bemps, geheeten den Ast, regenooten den advocaet Donck ter eendere, Liebrecht Van Ijssche ter andere zijden, item noch in twee dachmalen bempts, tot Haeght gheleghen, regenooten het Cluysenbroeck ter eenre, Jan Lenaerts ter tweeder ende 'tsheeren straet  ter derder zijden, ite(m) noch inde hellicht van drij boenderen bempts, ghelegen te Werchteren, ter plaetsen geheeten ten Inde, regenooten den voorschreven advocaet Donc ter eender, die Dijle ter tweeder en(de) Cornelis Verbeeck ter derder zijden, alle die voorschreve goeden nyet voorder belast dan met t' sheeren cheyns vanden gronde, uytghenomen t' voorschreven rentken expresselijck ende s(ieu)r Anthoone De Pottere als ghecommitteerde ende rentmeester der Collegie van Paus binnen Loven inden naem ende tot behoeff der selver daer inne gegoeyt ende gheerft sijnde per mo(nitionem) per me reddidit en(de) voorts meer op twelff carolus guldens te twintich stuyvers t' stuck, munte in Brabant cours ende loop hebbende, ende thien ghelijcke stuyvers erffelijcke rente rente (!), alle jaere op den iersten augusti te betalen, ende inder stadt wissele van Loven, los ende vrij van alle lasten ende beden, ons ghen(edichs) heeren hertoghen van Brabandt ende van allen anderen impositien, hoedanich die souden moghen zijn, oock xe., xxe., hondertste, mindere ende meerdere penninghen, te leveren, den voorghenoemden Collegie vanden Paus erffelijck in toecommende tijden 't elcken termijn als schult met recht verwonnen, iure et satis die voorschreve respective opdrageren ind(ivisim) oblige(re)n(de) et submite(re)n(de) et waras ut supra, ghelovende daerenboven die voorghenoemde opdraghere onbesundert, onverscheyden ende elck een voor al als principael die voorschreve renten van twelff carolus guldens erffelijck alle jaere ten teyde ende termijn voorschreven wel en(de) loffelijck te betaelen ende inder stadt wissele van Loven, los ende vrij, ten behoeve als boven, te leveren 't elcken termijn als schult met recht verwonnen, daer voor respectivelijck verbindende ende submitterende hunlieder persoonen en(de) alle hunne goeden, ruerende ende onruerende, present ende toecommende, met conditien dat sijlieden de selve rente sullen moghen lossen ende te quytten 't allen tijde alst hen gelieven sal t' eender reyse metter somme van twee hondert carolus guldens eens, die sijlieden gheloveren bekennen uyt handen des voorschreven De Pottere voor 't capitael der voorschreven rente ontfanghen te hebben ende met volle rente, coram Maelstede, Van Thienen, augusti prima, a(nn)o 1616.

 

Hierbij een niet gedateerde en onvolledige akte, waarin Anna Ven wordt vermeld als weduwe van Jacobus Van Loo en Cornelius Verlinden. De onvolledige akte moet op basis van de voorgaande en de navolgende akte gedateerd worden tussen 12.05.1616 en 22.05.1616.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7890, folio 135v., akte tussen 12 mei 1616 en 22 mei 1616.

Item in tegenwoirdich(eyt) des meyers en(de) schepenen van Loven naebeschreven gestaen Anna Venne, lest achtergelaten weduwe wijlen Cornelis V(er)linden ende te vorens weduwe Jacops Van Loo, cum tutore, heeft opgedraghen met behoorlijcke v(er)thijdenisse alsulcke tocht als haer is competerende ierst in thien dachmaelen bemps broeck, geleghen te Nynde onder Werchter, geheeten te Beverlaecke, item in drij dachmaelen bemps, gelegen aldair, bij geheeten den Bruel, bij haer c(om)p(aran)te) en(de) v(oor)s(chreve) Jacop Van Loo, haers mans, v(er)cregen teghen Jan Lieleboom, expos(ito) impos(itus) est m(eeste)r Dierick Hanewijck inden name ende tot behoef van(de) kinderen der voors(chreve) opdragersse, bij haer behouden van(den) v(oor)s(chreven) Jacob Van Loo, haers ierste mans, et satis die v(oor)s(chreve) opdragersse obligan(do) et submitten(do) ac renuncian(do) in forma, et waras die v(oor)s(creve) toch voor goet, onbelast ende onv(er)alienert prout.

 

De onderstaande, eveneens onvolledige en niet gedateerde akte volgde onmiddellijk op de voorgaande en heeft daar duidelijk betrekking op. Ook hier een melding van Jacobus Van Loo en Anna Venne.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7890, folio 135v., akte tussen 12 mei 1616 en 22 mei 1616.

Item in tegenwoirdicheyt, etc(etera), gestaen Cornelis Gaillarts als momboir van(de) kinderen Jans Jan ende Anna Cleymans kinderen wijlen Jans, sone daer vader af was Jan Cleymans, heeft v(er)socht naderschap van thien dachmaelen broeckx, geleghen te Nynde onder Werchter, geheeten te Beverlaecke, item van drij dachmaelen bemps, geleghen aldaer bij, geheeten den Bruel, bijden v(oir)s(chreven) Jan Lieleboom als procuratie gehadt hebbende inden naeme van Merten en(de) Jan Cleymans v(er)cocht aen Jacop Van Loo en(de) Anna Venne, hebbende tot dijen eynde op dese stadts registre als onder die weth geconsigneert gout en(de) sylver.

 

Hierbij weer een akte met vermelding van Anna Ven(ne), weduwe van Jacobus Van Loo en inwoonster van Werchter, met haar dochter Elisabetha Van Loo en schoonzoon Petrus Wouters, die in Tildonk woonden.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7890, folio 167r., akte dd. 1 augustus 1616.

Item in teghenwoirdicheyt des meyers en(de) schepen(en) van Loven naerbescreven ghestaen Anna Venne weduwe wijlen Jacops Van Loo, woonen(de) te Werchte(re), ende Lijsbeth Van Loo, hare dochtere, met consente, wille, weete en(de) overstaen Peeters Woutes haers mans, woonen(de) te Thieldonck, p(er) mo(nitionem) hebben opghed(raegen) met behoorl(ijcke) v(er)thijden(isse), te weeten die voirs(creve) Anna de hellicht en(de) die v(oir)s(creve) Lijsbeth het p(ar)t en(de) deel, hun respective competeren(de) inde goeden naerbescreven, al gheleghen soo onder Werchteren als Haeght, te weten ierst in negen dach(maelen) bempts, gheheeten het Hoocheeussel, gelegen te Werchtere tusschen de Laecke en(de) de Dijle, reghen(ooten) Wouter Lievens ter eenre, joncker Jan Tijpoets ter tweede(re), Henrick V(er)mijlen ter derdere ende een cleyn straetken aldair ter vierd(er) zijd(en), item alnoch in een stuck bempts, groot ontrent zess(e) dachmalen, gheleghen ter zelver plaets(en) aen dwaeter, dan datter een stuck bempts tusschen beyden leeght, regen(ooten) sheeren strate ten twee zijden, die voirs(creve) Anna ter derder ende Henrick Van Horck ter vierder zijden, item alnoch in vijff dach(maelen) bempts, oock gheleghen te Werchteren, regen(ooten) Jan Scrijns in twee zijden, die leygracht ter derdere en(de) sheeren strate ter vierder zijden, item noch in zeven dach(maelen) bempts, aldaer gheleghen, reghen(ooten) de Laecke in twee zijd(en) en(de) het clooster van Vrouweperk ter derder zijd(en), belast aen(de) kercke van Werchte(re) met xxxvi st(uyvers) erffel(ijck), item in een dach(mael) bempts, ghen(oempt) den Ast, regen(ooten) den advocaet Doncq ter eendere en(de) Liebrecht Van Ijssche ter tweedere andere zijd(en), item noch in twee dach(maelen) bempts, tot Haecht gheleghen, reghen(ooten) het Cluysenbroeck ter eenre, Jan Lenaerts ter tweede(re) ende sheeren strate ter derder zijd(en), item noch inde hellicht van drije boen(deren) bempts, gheleghen te Werchteren, re ter plaets(en) gheheeten den Inde, reg(enooten) den v(oir)s(creven) advocaet Doncq ter eenre, die Dijle ter tweede(re) en(de) Cornelis Verbeeck ter derder zijd(en), alle die v(oir)s(creve) goeden nyet voirder belast dan met sheeren chijns van(den) gro(n)de), vuytghenomen tv(oir)s(creven) rentken, exp(osito) ende s(ieu)r Anthoine De Pottere als gheco(m)mitt(eer)de en(de) rentm(eeste)r der Collegie van(den) Paus binnen Loven ind(en) naem en(de) tot behoeff der zelver d(aer)inne gheghoet en(de) gheerft zijn(de), p(er) mo(nitionem) reddidit, ende voirts meer op tweelff carolus gul(dens) te xx st(uyvers) tstuck, mu(n)te in Brabant cours en(de) loop hebben(de), en(de) thien ghelijcke stuvers erffel(ijcke) rente, alle jaere opden iersten augusti te betalen ende inder stadt wissele van Loven, los en(de) vrij van allen lasten en(de) beden ons ghen(edichs) heeren shertogen van Brab(an)t en(de) van allen anderen impositien, hoedanich die souden moghen zijn, oock van xe., xxe., hondertste, minde(re) en(de) meerdere pen(ningen), te leveren den v(oir)gen(oempden) collegie vand(en) Paus, erffel(ijck) in toecomen(de) tijd(en) telcken termijn(e) als schult met recht verwonnen, iure et satis die v(oir)s(creve) respective opdraegheren oblig ind(ivisim) oblig(ando) et submitten(do) et waras ut sup(ra), gheloven(de) daerenboven die voirghen(oempde) opdraegheren ombesund(er)t, onverscheyden en(de) elck een voiral als principael die v(oir)s(creve) rente van xii ½ car(olus) gul(dens) erffel(ijck) alle jaere ten tijde en(de) termijn(e) v(oir)s(creven) wel en(de) loffel(ijck) te betaelen ende ind(er) stadt wissele van Loven, los en(de) vrij en(de) ten behoeve als boven te leveren, t' elcken termijn(e) als schult met recht v(er)wonnen, d(aer)voir respectivel(ijck) verbinden(de) en(de) submitteren(de) hunlieder p(er)soonen en(de) alle hunen goede(re)n, rueren(de) en(de) onrueren(de), p(rese)nt en(de) toecomen(de), met conditien dat zijlieden de selve rente sullen moghen lossen en(de) quyten t' allen tijd(en) alst hen ghelieven sal teen(der) reys(en) metter somme van twee hond(er)t car(olus) g(uldens) eens, die zijlieden gheloveren bekennen vuyt hand(en) des v(oir)s(creven) De Pottere voer tcapitael der voirs(cree) rente ontfangen te hebben en(de) met volle rente, coram Maelstede, Van Thienen, augusti octo prima anno 1616.

Nog een akte bij Michiels.

 

Uit dit huwelijk:

    

1. Van Looij Waltrudis, XV,

    

Van Looij Gommara, x met Franciscus Van Nethen,

 

Van Looij Joanna, ° ca.  1592,

Janne Verloo sone wijlen Jakobs heeft te leene verheven naer doode van Johanna Verloo sijn sustere tot behoef van hemself en van zijn broeders & susters een half bunder bempt gelegen in den Holsdonck en sterfvrouwe wordt Anna Verlinden meesteresse vanden Grooten Begijnhove binnen Loven. 

 

In de volgende akte (met dank aan Paul) maakt men melding van Anna Ven (x Jacobus Van Looy) en haar dochter Joanna Van Loo. Deze laatste woonde op dat ogenblik in Leuven. Joannes Vrancx zone Gerardus, inwoner van Leuven, stelt zich voor een bedrag van 100 rijnse guldens borg voor Anna Ven inzake het proces dat zij was voerende te Leuven tegen Martinus Heyligen. Anna Van Loo belooft borgsteller Joannes Vrancx schadeloos te stellen.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7517, folio 242v., akte dd. 24 februari 1628.

Item Jan Vrancx sone Geeraerts, woonen(de) te Loven, in p(rese)ntia, et(ceter)a, heeft hem gestelt cautionaris en(de) borge als principael voor Anna Venne, woonen(de) te Werchtere, en(de) dat ter sommen van hondert rinsg(uldens) eens om daeraen bij Merten Heyligen te v(er)haelen de costen van seker proces, d' welck hij als ged(aeghd)e voor schepen(en) alhier heeft vuytstaen(de) tegen de voors(chreve) Anna en(de) dat ingevalle de s(elv)e Anna inde selve costen bij vonnisse der voors(chreve) schepen(en) worde gecondemneert, voorder nyet, ob(ligando) et sub(mittendo) ac ren(untiando) in forma, van welcke borchtochte heeft Joanna Van Loo dochtere dochtere (!) der voors(chreve) Anna, woonen(de) te Loven, alhier p(rese)nt, gelooft en(de) gelooft bij desen den voorn(oempden) Jan Vrancx altijdts costeloos en(de) schaedeloos te guarranderen en(de) indemneren, ob(ligando) ut supra, coram Beringhen, Haeper, februarii xxiiii., 1628.

    

Verloo (Van Loo) Elisabeth, XII (S3475).

 

Van Looij Peeter, x met ...

     Uit dit huwelijk:

     Van Looij Peeter, frater Vedastus bij de Carmelieten in Leuven, 

    

Van Looij Jan, x met Vermijlen Christina, + Werchter 26.10.1664,

Wer1874 fo 152v:
- 29 jan 1624: Anne Vinne we Jakob Verlot heeft drie jaer geleden gekocht een half bunder bempt tegen den Nederbempt van wijlen Jan Van Trillo wijnvercooper tot Mechelen
- 9 dec 1636: Jan Verloo sone Jakobs heeft te lene ontvangen na de dood van Joanna Verloo sijn sustere voor hem en voor zijn B+Z een half bunder bempt in de Holsdonck – sterfrv jouffr  Anna Verlinden meesteresse van den Grooten Begijnhof binnen Loven sijne halve suster – Jan Verloo voorganger
- 9 dec 1658: Guilliam Van Loo sone Jans voor hem en voor zijn broers Jan ende Cornelis tvoors half bunder te Ninde
- 2 aug 1688: Guilliam Van Loo als momboir vd kinderen wijlen Jan, Guilliam ende Cornelis Van Loo heeft verheven na de dood van Guilliam Van Loo sone Jans tvoors half bunder geheeten de Delle – sterfman Peeter Van Loo sone Jans den jongen oudt 23 jr
- 23 okt 1721: Simon Van Loo na de dood van Peeter Van Looij sijn broeder heeft verheven
- 22 sep 1727: Catharina Wouters we Simon Van Looij na de dood van Simon – sterfman Peeter Van Looij haer soon oudt 28 jr – Aert Vanderveken besetman
- 30 jun 1729: dit leen bij forme van onderpandt voor een rente van 20 à gl ten behoeve van de fondatie Cavarenne op het Cleijn Begijnhof tot Loven
- 9 mrt 1781: Peeter Van Looij na de dood van Peeter Van Looij
.

Hieronder (met dank aan Paul Peeters)  een schepenakte met twee procuraties, waarin de gebroeders Joannes, Guilielmus en Cornelius Van Looy als kinderen van Christina Vermijlen (x Joannes Van Looy) worden vermeld.  Christina Vermijlen overleed te Werchter op 26.10.1664 en werd er begraven op 28.10.1664.  Eerstgenoemde Joannes Van Looy huwde met Anna Van Inde.

In de tekst is één onduidelijkheid met de vermelding van Cornelis Goous als aanpalende.  Mogelijk gaat het om een verschrijving van Gooris.

 Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8273 fol. 17r.

 In tegenwoordicheyt der heeren schepenen van Loven naerbeschreven gestaen den clercq H. Smedts vuyt crachte ende naer vermogen van twee onwederroepelijcke procuratien, hem als thoonder der selver gegeven, waervan den teneur hiernaer van woorden tot woorden sijn volgende, luydende aldus.

Op heden den 19en. january a°. 1663 comparerende voor mij openbaer notaris, inden Raede van Brabant geadmitteert, ende getuygen naergenoempt, Jan Van Loye, ingesetenen van Werchter, die welcke heeft bekent ende bekent bij desen ontfangen te hebben vuyt handen van Margriet Tritsmans, weduwe van wijlen Daniel Van Meerbeeck, ingesetene deser stadt Loven, de somme van twee hondert guldens eens in permissien gelde, waervoor den voors. comparant ten behoeve vande voors. weduwe oft haers actie hebbende, beloeft te betaelen eene rente van twelff guldens thien stuyvers sjaers den penninck sesthien, daervan den iersten valdach sal wesen den xixen. january 1664 ende soo voorts totte quytinge toe, welcke sal mogen geschieden als den rentgelder gelieven sal t' eender reyse ende met volle rente in munte als voor, gelovende deselve rente jaerlijcx wel, loffelijck ende personelijck te betaelen ende in stadts wissele van Loven te leveren, los ende vrije van alle impositien, t' elcken jaere ende termijne voors. als schult met recht verwonnen, daer voor verbindende sijnen persoon ende alle sijne goederen, meuble ende immeuble, present ende toecomende, ende naementlijck vijff dachmaelen bempts, gelegen onder Werchter voors. tot Nynde, regenootten Anna Vanden Berghe ter eenre, Lambrecht Valentijn ende Cornelis Wouters ter ije. ende d' erffgen. Cornelis Goous (Gooris ?) ter iije. zijden, in welck stuck Guilliam ende Cornelis Van Loye, sijne broeders, elck is competerende een gerechte derde paert, die alhier beyde present ende oock comparerende, inde bovengeschreve belastinge ten respecte van hunne paerten sijn consenterende bij desen ende welcke stuck hunne moeder Christina Vermijlen is besittende in tochte, die deselve insgelijcx heeft affgegaen, blijckende bijde acte daervan sijnde voor schepenen van Werchter opden xen. deser, onderteeckent Panhuysen ende besegelt met den zegel der selver plaetse, alhier in originele gesien ende gebleken, consenterende die voors. comparanten over het voors. stuck bempts int maecken van beleyde ende mainmise ende int decreet van dijen sonder daertoe geroepen oft gedaeght te sijn ende tot naedere asseurantie van dese rente ende jaerlijcxe betaelinge van dijen, soo is hier mede gecompareert sr. Peeter Van Tongelen, meyer van Werchter voors., die welcke hem daer voor heeft gestelt borghe ende cautionaris als principael onder gelijcke obligatie van sijnen persoon ende goeden, present ende toecomende, met renuntiatie in forma, des hebben die voors. drije gebroeders geloeft hunnen borghe costeloos ende schadeloos te garranderen ende indemneren, constituerende alsoo allen de voors. comparanten onwederroepelijck een ieder thoonder deser om dese bekentenisse ende borchtochte daerinne vermelt, voor meyer ende schepenen van Loven ende richter competent te vernyeuwen ende te herkennen, consenterende in volontaire condemnatie, promittentes ratum, etta.

Aldus gedaen ende gepasseert date als boven ter presentie van Jan Michiels ende Aert Michiels, getuygen, tot dese geroepen ende gebeden, ende hebben de comparanten de minute deser neffens mij notario onderteeckent, onderstaet quod attestor ende is onderteekent A. Van Heusden, nots.

 

Hier naer volght den teneur vande tweede procuratie.

Op heden den 30en. july anno 1674 comparerende voor mij als openbaer notaris, bijden Raede van Brabant geadmitteert, tot Loven residerende, ende inde presentie vande getuygen hieronder genoempt, Jan Van Loye ende Anna Van Inde, gehuysschen, woonende onder Werchter, die welcke tot naedere asseurantie eender rente van twelff guldens thien stuyvers sjaers, bij hem bekent tot behoeve van wijlen Daniel Van Meerbeeck, gepasseert voor mij notario ende seeckeren getuygen opden xixen. january 1663, hebben alnoch verbonden ende verobligeert seecker huys ende hoff met alle sijne toebehoortten, gestaen te Ninde onder Werchter voors., groot ontrent een halff dachmael, regenootten de Cappellestraet ter ie., Abraham Van Goor ter ije., mr. Gillis Hoolaerts ter iije. ende iiije. zijden, item noch de helft van drije dachmaelen lants, gelegen onder Ninde voors., regenootten de Dijle ter ie., Margriet Minnens ter ije. ende d' erffgen. Lucia Donckers ter iije. zijden, consenterende van gelijcken over de voors. goederen int maecken van beleyde ende mainmise ende int decreet van dijen sonder daertoe geroepen oft gedaeght te sijn ende alsoo voorde voors. rente was gebleven borghe als principael sr. Peeter Van Tongelen, meyer van Werchter, soo is hiermede gecompareert Cathlijn Van Meerbeeck, dochter ende mede erffgenaeme van wijlen de voors. Margriet Tritsmans, haere moeder, die welcke den voors. sr. Peeter Van Tongelen vande voors. sijne borchtochte is ontslaende ende ontlastende bij desen onder obligatie ende renuntiatie in forma, constituerende voorts den voors. Jan Van Loye onwederroepelijck een ieder thoonder deser om t' gene voors. is, voor meyer ende schepenen van Loven ende alle hoff ende heer competent te vernyeuwen ende te herkennen.

Aldus gedaen ende gepasseert ten daeghe, maende ende jaere als boven ter presentie van Henrick Van Hal ende Joos Haeck, getuygen, tot dese geroepen ende gebeden, ende hebben de comparanten de minute deser neffens mij notario onderteeckent, onderstaet quod attestor ende is onderteekent A. Van Heusden, nots.

Den voors. geconstitueerden vuyt crachte ende naer vermogen als voor, heeft dese twee contracten in alle ende iegewelcke hunne poincten alhier vernyeuwt ende herkent, gelovende ende consenterende prout latius inden selven, obligando, submittendo ac renuntiando in forma, coram jor. de Dielbeeck, sr. Hoppenbrouwer, hac ultima july 1674.  Jan Hoppenbrauwer.

 

In de onderstaande akte wordt melding gemaakt van Joannes Van Loy sone Jacobus en zijn vrouw Christina Vermijlen.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7902, folio 134r., akte dd. 15 mei 1641.

Item in teghenwoirdicheyt der schepenen van Loven nagenoempt ghestaen m(eeste)r Guillam Impens, clerck, naer vermoghen van onwederroepelijcke procuratie, hem om des naerbes(chreven) staet, valide te moghen doen, ghegeven bij en(de) van weghen Jan Van Loye sone Jacobs, hem in desen sterckghemaeckt hebbende voor Christina Vermijlen, sijne huysvroiuwe, volghens den instrument van procuratie daeraff sijnde, gepasseert voor m(eeste)r Jan Cornelii als openbaer not(ari)s ende seeckere getuyghen opden xxiiie. meert lestleden, die heeren schepenen in origineli gesien ende ghebleecken, die welcke midts de so(m)me van hondert guldens bijden constituant ontfanghen van Maria De Laet, begijncken, heeft bekendt wel ende deuchdelijck schuldich te sijn aende voors(chreve) Maria De Laet, present en(de) dat accepterende, eene erffelijcke rente van ses guldens vijff st(uyvers) jaers, vallende jaerlijcx den 23. meert, erffelijcke rente, jaerlijcx wel ende loffelijck te betaelen ende inder stadt wissele van Loven los ende vrije van allen beden, lasten ende impositien, alreede inneghestelt oft alnoch inne te stellen, oyck van xe., xxe., ic., mindere ende meerdere penninghen, te leveren ten behoeve vande voors(chreve) Maria De Laet, erffelijck in toecomende tijde, telcken termijn als schuldt met recht verwonnen, consent(erend)e den voors(chreven) comparant int maecken van beleyde ende mainmise over alle ende eygewelcke goeden, have ende erffve des voors(chreven) constituant en(de) naementlijcken over eenen bempt, groot vijff dachmaelen, geleghen te Neynde onder Werchter, reg(enoten) Peeter Spoelberch ter ie., Peeter Van Opstal ter iie., mi[t]sgaders int deceet sonder daghement aenden constituant te derven doen, op conditie vande selve rente te moghen quyten den pe(n)ni(n)ck xvi. en(de) met volle renthe, coram eysdem eodem.

      Uit dit huwelijk:

     Van Loo Joannes, (°) Werchter 06.02.1622 fornicat. adolescens (g. Van Uffel Petrus en Wouters Magdalena), x Werchter 17.06.1657 (g. Van Loo Cornelius en Vermijlen Cornelius)

     met Anna Van Ninde, fii in Werchter,  

     Verloo Guilielmus, x 1 Werchter 23.11.1658 (g. Van Roost Cornelius en Vanden Dijck Joannes) met Cathelijne Van Vlasselaer,

     x 2 Werchter 29.01.1675 (g. Verbeeck Franciscus en Van Loo Joannes) met Magdalena Guens

     Van Loo Joannes, (°) Werchter 18.04.1627 (g. Wouterdams Joannes en Kerckmans Catharina),

     Verloo Cornelius,  

     Van Loij Franciscus, (°) Werchter 09.06.1641 (g. Vermijlen Cornelius en Van Nuffel Antonia), 

 

Van Looij Cornelius, x met Josina Van Waeijenberghe,

Fo 77: 21 feb 1631:
Cornelis Verloo sone Jacobs x Lijncken Van Wayenbergh hebben bekend schuldig te zijn & vercocht te hebben aen de kerk van St Jan Baptist te Werchter …
Wer1874: Fo 348:
- 5 dec 1524: Wouter Paeps na doode Wouters zijns vaders heeft ontvangen een huis en hof gelegen in de Peperstraete groot een half bunder
- 5 mei 1570: Jan Paeps na de dood van voors Wouter Paeps zijn vader heeft te leen ontvangen
- 23 mrt 1574: Jan Paeps zone wijlen Wouters heeft verkocht aan Machiel Poortmans zone wijlen Hendrikcx een huis en hof
- 12 mrt 1576: Machiel Poortmans derft uit krachte van naerderschap het voors huis en hof aan Willem Paeps Mertensone
- 20 nov 1595: Jan Timmermans zone wijlen Wouters oudt ontrent 28 jaar wonende te Werchter heeft ontvangen na de dood van Willem Paeps tot behoef van hem en van Margriet Coeckelberghs, huijsvrouwe Peeter Machiels, het voors huijs en hof
- 16 nov 1626: Peeter Coremans na doode ? en verkoopt aan Jeroen Van Hove
- 4 jan 1627: Jan De Worteleer presenteert naerderschap als wesende naeste bloet van Maria Paeps grootmoeder vande kinderen van Cornelis Verloij van ende aangaande tvoors huijs ende hof – aan Jan De Wortelaer x Margriet De Wijngaert.

Willem ende Lowijs Van Looije ende Symon Lenaerts x Maria Van Looij hen sterk makende voor Cornelis Van Looij absenten broeder tegenwoordig in Zeelant om sijnen cost te winnen, item Elisabeth Van Tongelen Jansdochter we wijlen Adriaen Van Looij geasst met Geraert Van Criekinge als naeste bestaende van haer ende haere kinderen sijn overeengekomen met Josijnken Van Waijenbergh hun moeder en schoonmoeder we wijlen Cornelis Van Looij over de achtergelaten goederen van hun vader was competerende uit hoofde van fr Fidestes Van Looije sone Peeters religieus Carmelieten tot Loven te weten dat Josijne Van Wayenbergh alle inkomsten zal hebben haar leven lang.
AVT2: 27 nov 1670:
Cornelis Van Loije, Lowijs Van Looij en Sijmon Lenaerts x Maria Van Looije kinderen Josijne Van Wayenbergh we Cornelis Van Looije machtigen hun broeder Guilliam Van Looij om te compareren in de stadt van Mechelen om aldaer te sien en te horen wat mr Henr. Merremans van intentie is te doen over alsulcken ontfanck en uitgaven als testateur vanwegens frater Vedastus anders Peeters Van Looije Peetersone sal doen.

AVT2: 14 april 1671:
Jan Van Looije ende Guilliam Van Looije gebroeders ende kinderen Jans Van loije x wijlen Cristina Vermijlen ende Lowies Van Loije sone Cornelis Van Looije x Josijnken Van Waeyenbergh alle erfgen van Joanna Vanderlinden hunne moeijcken ende begijnken geweest binnen Loven hebben S+D tussen hun drijen alsulcke twee stukken land te weeten deene gen het Camerlant tot Ninde groot een half boender, item noch een stuk land gen den Dijckbeempt occk tot Ninde groot twee en half dm.
AVT3: 24 nov 1684:
Willem Van Loije Cornelissone en Adriaen Van Loije sijnen zone bejaard jongman daar moeder af was Catlijn Van Vlasselaer verkopen aan Simon Lenaerts x Maeijcken Van Loije het vijfde paert in huis en hof schuur en stallinge als deselve was competerende van wegens Cornelis Van Loije x Josijne Van Wayenbergh hunder ouders genoempt die drij clooten gelegen over de Dijle.
AVT2: 1676: Conditie waerop derfgen Cornelis Van Loije publiekelijk zullen verkopen op heden 17 sept 1676 de volgende meubiliare ende haefelijcke goederen
‎(lijst van goederen beschikbaar)‎.
 

 

Deze akte (met dank aan Paul Peeters) met vermelding van Cornelius Van Loy sone Jacobus. Over zijn vrouw wordt niets gezegd.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7902, folio 134v., akte dd. 15 mei 1641.

Item in teghenwoirdicheyt der schepenen van Loven nagenoempt ghestaen m(eeste)r Guillam Impens, clerck, naer vermoghen van onwederroepel(ijcke) procuratie, hem om des naerbes(chreven) staet, valide te moghen doen, ghegeven bij ende van weghen Cornelis Van Loye sone Jacobs, woonende tot Werchter, volghens den instrument van procuratie daer aff zijnde, gepasseert voor m(eeste)r Pauwel Van Meerbeeck als openbaer notaris ende seeckere getuyghen opden viiie. april lestleden, die heeren schepenen in origineli gesien ende gebleecken, heeft bekendt midts de so(m)me van hondert guldens, bijden constituant ontfanghen van Johanna Block, begijncken inden Grooten Beghijnhove, wel ende deuchdelijck schuldich te sijn aende voorghenoempde Johanna, present en(de) dat accept(erend)e ses guldens vijff s(tuyvers) erffelijck, vallende jaerlijcx opden viiie. april, erffelijcke rente, jaerlijcx wel ende lofffelijck te betaelen en(de) los ende vrije in stat wissele van Loven, van alles te leveren ten behoeve der voors(chreve) Johanna, erffelijck in toecomende tijde telcken termijn als schuldt met recht verwonnen, den voors(chreven) comparant vuyt crachte als voor consenteert int maecken van beleyde en(de) mainmise over alle en(de) eyghewelcke des constituants goeden, meubele en(de) immeubele, p(rese)nt en(de) toecomende, ende namentlijck over eenen bempt, geleghen tot Nin(de) onder Werchter, groot vijff dachmaelen, rege(enoten) de straet in iie. sijden, de kercke van Werchter ter iiie., mi[t]sgaders int decreet sonder dat den constituant daertoe sal moeten worden gedaeght, op conditie vande selve renthe te moghen lossen den pe(n)ni(n)ck xvie. en(de) met volle rente, coram eysdem eodem.
     Uit dit huwelijk:

     Van Loo Adrianus, (°) Werchter 16.02.1625 (g. Verhulst Adrianus en Janssens Cecilia), x Werchter 01.07.1652 (g. Van Tongelen Joannes en mag. Joannes Schellekens)

     met Elisabeth Van Tongelen,

     Van Loo Joannes, (°) Werchter 21.08.1627 (g. Ricx Abraham en Van Loo Gommara),

     Van Loo Guilielmus, ° ca. 1630,

     Van Looij Cornelis, ° ca. 1635,wonend Zeeland, 

     Van Loij Maria, (°) Werchter 24.06.1640 (g. Verhagen Petrus en Serneels Catarina), x Werchter 16.02.1670 (g. Van Tongelen Arnoldus en Van Roijst Cornelius) met

     Simon Leenaerts, deze x ? 2 Werchter 03.07.1694 (g. Vandervliet Guilielmus en De Maijer Rumoldus) met Vanden Branden Joanna, 

     Van Loo Joanna, (°) Werchter 29.06.1644 (g. Van Waijenbergh Arnoldus n. Wouters Arnoldus en Vander Haghen Joanna), 

     Van Loo Ludovicus, (°) Werchter 09.09.1646 (g. Jansens Ludovicus en Verhulst Anna n. Vander Linden Anna),  

 

Verloo Ywana,

 

Van Loo Cornelia,

 

2. Verlinden Anna, meesteresse Groot Begijnhof Leuven.

 


 

XII - Roeffs Judocus (S3474), x 1 met Catharina Huysmans, x 2 met Verloo (Van Loo) Elisabeth (S3475), deze x 1 met Petrus Wouters, fs Petrus.

 

Hierbij een akte (met dank aan Paul Peeters) met vermelding van Petrus Wouters en Elisabetha Verloo dochtere Jacobus (deze laatste voordien in huwelijk met Judocus Roefs), inwoners van Ninde onder Werchter. Nieuw is dat Petrus Wouters de zoon is van Petrus. Bovendien was er in Ninde ook een brouwerij aan de amer van de Dijle. Het gaat allicht om dezelfde brouwerij waarvan reeds sprake was in de volgende akten :

- Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7509, folio 174r., akte dd. 20 maart 1619.

- Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register 7510, folio 57v., akte dd. 20 maart 1619.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7890, folio 96v., akte dd. 18 februari 1615.

Condt zij eenen iegelijcken dat in tegenwordich(eyt) des meyers en(de) schepenen va(n) Loven naebes(chreven) gestaen Peeter Wouters sone wijlen Peeters en(de) Lijzabeth V(er)loo dochtere wijlen Jacops, zijne huysvrauwe, woonen(de) te Nynde onder Werchter, hebben vuytgegeven ten erffchijns Jannen De Riddere sone Paulus, die insgelijx bekenden vanden v(oor)s(chreven) gehuysschen ten erve genomen te hebben een huys, wesende een braucamme met eenen amer daer aen gelegen ende allen anderen zijnen toebehoirten, gelegen tot Nynde v(oor)s(chreven) aende Dijle, reg(eno)ten derffg(enaemen) Cornelis V(er)beeck ter eenre, die erffg(enaemen) Joes Stroyen ter ii., die Cappellestraete ter iiie. en(de) sheeren straete ter iiii. zijden, te hebben, te besitten ende te gebruycken opt recht en(de) commer d(aer) te vorens vuytgaende, te weten xii guldens erffelijck aen mijn heere den fiscael Maes tot Brussele, eenen stuyver erffchijns indyenmen die bevint d(aer)vuyt te ghaen, ende voorts meer op eene vortane rente van twelff carolusguldens te twintich stuyvers tstuck ende thien gelijcke stuyvers, munte in Brabant cours en(de) loop hebbende, erffelijcke rente, allen iare op heden datu(m) deser te betalen ende inder stadt wissele van Loven, los en(de) vrij van allen beden, etc(etera), oick van x., xx., c., mindere en(de) meerdere penningen, te leveren den v(oor)s(chreven) gehuysschen erffgheveren in futuru(m) quolibet assecutum et sub hiis satis die v(oor)s(chreve) erffgheveren ind(ivisi)m obligan(do) et submitten(do) in forma et waras, etc(etera), ende tot meerder v(er)sekerheyt den erffgheveren te doen, soo geloft die voors(chreven) Jan De Riddere, hem sterckmaecken(de) voir Lijzabet Dries, zijne huysvrau, singulis a(n)nis p(er)solvere et quite, etc(etera), met conditien die selve rente te moghen lossen teender reysen tegen den penninck sesthien en(de) met volle rente, Glavimans, Lunis, feb(ruarii) 18., 1615.

Item es te weten die baete boven die voirschreven gereserveerde rente en(de) lasten te bedragen twee hondert en(de) twee guldens eens los als hond(er)t dalders, alsnu gereet moeten gegeven worden ende die resteren(de) vijfftich guldens bynnen de weken naestcomen(de) datu(m) deser, des sullen erffgeveren tselve goet leveren, los en(de) vrij van allen gevallen achterstellen van lasten totten daghe van(de) goedinghe toe, staende tpontgelt ten laste van(den) v(oor)s(chreven) Jan De Riddere ende sal hem die selve brauca(m)me volgen met allen sijn gereetschap na vuytwijsen van tselve selver contract, bij p(ar)thijen hinc inde ond(er)tekent en(de) onder hun berustende, iisdem eodem.

 

Hierbij een akte met vermelding van Petrus Wouters zone Petrus en zijn vrouw Elisabetha Verloo (Van Looy) dochtere Jacobus, inwoners van Ninde onder Werchter. Het interessante aan deze akte is dat zij een brouwerij met een bijhorende amer aan de Dijle te Ninde in erfcijns uitgeven.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7888, folio 474v., akte dd. 18 februari 1615.

Condt sij eenen iegel(ijcken) dat in tegenwoirdicheyt des meyers ende schepen[en] van Loven naerbeschreven gestaen Peeter Wouters sone wijlen Peeters ende Elisabeth Verloo dochtere wijlen Jacops, sijne huysvrouwe, woonende te Nynde onder Werchter, hebben vuytgegeven ten erffchijse Jannen De Riddere sone Paulus, die insgel(ijcx) bekende van(de) voorschreven) gehuysschen ten erve ghenomen te hebben een huys, wesende een braucamme, met eenen amer daeraen ghelegen, ende allen andere sijne toebehoorten ende aengelegen, gelegen tot Nynde voorschreven aende Dijle, reg(enoo)ten derffgenaemen Cornelis Verbecke ter eenrde, die erffgenaemen Joos Stroyen ter iie., de Cappelle straete ter iiie. ende sheeren straete ter vierdere sijden, te hebben, te besitten ende te ghebruycken opt recht ende commer daer te voorens vuytgaende, te weeten xii rinsguldens erffel(ijck) aen mijn heere den fiscael Maes tot Bruessele, eenen stuyvers erffchijns indyenmen die bevint daervuyt te gaen ende voorts meer op eene voortaene rente van twelff carolusguldens te xx stuyvers tstuck ende thien gel(ijcke) stuyvers, munte in Brabant cours ende loop hebben(de), erffel(ijcke) rente, alle jaere op heden date van desen te betaelen ende inder stadt wissele van Loven, los ende vrij van allen bede, etc(etera), oock van xe., xxe., ce., mindere ende meerdere penninghen te leveren den voorsch(rev)en gehuysschen erffgheveren in futurum quolibet assecutum et sub his satis die voorschreven erffgheveren indivisim obligan(do) et submitten(do) in forma et waras ut sup(ra) ende tot meerder verseeckerheyt den erffgheveren te doen, soe geloeft die voorschreven Jan De Riddere, hem sterckmaeckende voor Lisabeth Aerdts, sijne huysvrouwe, singulis annis persolvere et quite et libere ut sup(ra) deliberare quolibet assecutum et tantum obligan(do) ut sup(ra), met conditie die selve rente te moghen lossen teender reysen teghen den penninck sesthien ende met volle rente, coram Glavimans, Lu[e]nis, februarii 18., 1615.

Item is te weeten die baete boven de voorschreven ghereserveerde rente ende lasten te bedragen twee hondert ende twee guldens eens al(ia)s hondert daelders, alsnu gereet moeten betaelt gegeven wordden ende de resteren(de) vijfftich guldens bynnen ses weeken naestcomende date deser, des sullen erffghev(er)en tselve goet leveren, los ende vrij van allen gevallen achterstellen van(de) lasten totten daeghe vande goedinghe toe, staende tpontgelt ten laste vande voorschreven Jan De Riddere ende sal hem de selve braucaeme volghen met allen sijne ghereetschap naer vuytwijsen van seecker contracdt, bij partijen hinc inde onderteeckent ende onder hun berusterende, iisdem eodem.

 

Uit dit huwelijk:

 

2. Roeffs Joannes, (°) Werchter 25.01.1622 (g. Van Hove Joannes (scabinus) en Roeffs Anna),

    

Roeffs Catherina, XI (S1737), (°) Werchter 01.12.1624 (g. Verstraten Anthonius en Van Aerschot Catherina),

    

Roeffs Petrus, (°) Werchter 25.03.1627 (g. Van Eijken Petrus en Van Balen Maria fa. Baptista).

 

 

 

XV - Verhulst Adriaen (S), ° 1580 ca., x met Waltrudis Verlooij.

 

Aktes i.v.m. dit gezin vind je in het parenteel van Verhulst Adriaen.

    

Uit dit huwelijk:

    

Verhulst Barbara, XIV, 

    

Verhulst Anna, x 1 Werchter 29.01.1639 (g. Verloij Jan en Schrijns Joannes) met Henricus Schrijns, x 2 Werchter 01.07.1655 (g. Van Roijst Wilhelmus en Van Hautvin Martinus) met Andries Van Gestel, fs Henricus x Barbara Wiggers,

     Uit dit huwelijk:

     1. Schrijns Maria, (°) Werchter 01.03.1640 (g. Machiels Arnoldus en Van Hove Maria),

     Schrijns Barbara, (°) Werchter 31.03.1643 (g. Clippels Theodoricus en Verhulst Barbara),

     Schrijns Guilielmus, (°) Werchter 30.11.1649 (g. Van Roost Guilielmus en Wauters Clara),

 

Verhulst Egidius, + Werchter 06.01.1651, x met Barbara Gomm(a)ers, deze x 1 met Joannes De Rijck,

     Uit dit huwelijk:

     1. De Rijck Maria,

     De Rijke Magdalena, (°) Werchter 02.12.1618 (g. Van Esche Lijbertus en Wouters Magdalena vidua), 

     De Rijke Barbara, (°) Werchter 06.12.1620 (g. Rogmans Wilhelmus en Van Aerschot Barbara),

     De Rijck Magdalena, (°) Werchter 28.12.1623 (g. Wouters Petrus en Van Hove Barbara), 

     De Rijke Joannes, (°) Werchter 01.06.1625 (g. Van Lantrop Joannes en De Wijgarder Margaretha),

     De Rijck Margareta, (°) Werchter 09.07.1628 (g. Goris Henricus en De Smet Margareta).

 

Terug naar startpagina Terug naar startpagina stamboom