Voorouderlijst Van Langendonck Wouter

 

Langendonk Van, Van Lang(h)endonck(t), Langendo(n)ck, Langedo(n)ck, Van Lagendock

Familienaam afgeleid uit de plaatsnaam Langedonk (lage zandrug) in Haacht (Brabant), Kampenhout (Brabant), Kasterlee (Antwerpen), Herent (Brabant), ...Ook in Nederland is er een Langdonc in Rozendaal-Langdonk.

 


De oudste gegevens en de aktes met dank aan Christine Savat en Michael Roekaerts. Meer info op hun website.

In dit complexe Van Langendonck-parenteell zitten nog heel wat vraagtekens.

 

XVII - XVIII - XX - Van Langendonck Wouter (S + M),  ca. 1440, x met ...

 

Uit dit huwelijk:

 

Van Langendonck Kathelijne, x met Simon Verherbruggen, fs Willem (fs Huijbrecht Verherbruggen x Margriete Wolfs) x Anna Verboomen,

     Uit  dit huwelijk:

     Verherbruggen Anna,  x met Jan Gorts, fs Jacob Gorts en Anna Van Beringen

     Verherbruggen Henricus,

     Verherbruggenn Jacob, x met Anna Schrijnmaecker alias Vrancx,

     Verherbruggen Marck,

     Verherbruggen Jan,  x met  Catharina Smets,

 

Van Langendonck Laureijs, XVI - XVII - XIX,

 

Van Langendonck Jan, x met ...

     Uit dit huwelijk:

     Van Langendonck Willem. 

 


 

XVI - XVII - XIX - Van Langendonck Laureijs (S + M), ca. 1460  + Rotselaar 1513, x met Anna Van Ermeghem.

 

- 18 jan 1484: Jan VL heeft na de dood van Lijsbeth Van Breezijp onderhalf dm beempts ontvangen gelegen te Linden onder Rotselaer geheeten t Stofeusel..
- 9 nov 1517: Willem VL sone wijlen Jans heeft die voers onderhalf dm beempts gederft ‎(we Willem De Colmere)‎ aen Aert VL zone wijlen Laureijs.

1548: Anna Van Ermeghem heeft terfpachte genomen drie dm lants gelegen opt Aertsvelt wijlen toebehor.  Goorden Van Ghele tusschen mij vrouwe van Dansbrugge ende Henrick De Pelsmaker ende heeft den voors. Anna met Lauwereys Van Langendonck tonderpande gestelt 3 vierendelen bempt int Hamerken int Bexembroeck tusschen Janne De Moer Janne Verheyden ....
1560: Anna Van Ermeghem heeft terfpacht genomen drije dachmael lants opt Lucasvelt wijlen toebehor:  Lucas Van Gele tusschen mijne vrouwe van Dansbrugge ende Henrick De Pelsmaker ende heeft de voors. Anna met Laureyssen Van Langendonck tonderpandt gestelt vier vierendeel bempts gelegen int Hamerken int Bexembroeck tusschen Janne De Moor ende Janne Denckens
.
- 27 sept 1568: Katherijne VL heeft na de dood van wijlen Aert VL haar vader na S+D met broers en zussen onderhalf dm beempts ‎(Henrick VL).‎
- 20 mei 1608: Willem Mertens heeft tot behoef van Kathelijne Keerinckx sijn huijsvrouwe te leen ontvangen na de dood van Kathelijne VL haar moeder onderhalf dm beempts ? ‎(Jan VL)‎
.

 

Uit dit huwelijk:

 

Van Langendonck alias De Raijmaker Joannes,

 

Van Langendonck Aert de oude, XV - XVIII,

 

Van Langendonck Willem, de oude alias Laureys (XIV),  

 

Van Langendonck  Lijsbeth (alias Barbara ?) Van Langendonck, x met Van Puddegem alias Brants Jan, ca. 1410,

Elisabeth Van Langendonck wordt vermeld als "oude moye (groottante) "van de kinderen van Aert,

     Uit dit huwelijk:

     Van Puddegem Laureijs, 

 


 

XV - XVIII - Van Langendonck alias Caemerlinck Aert (S + M), ca. 1480, x met Kathelijne Van Mechelen.

 

Hendrik Van Maelcote heeft gederft onderhalf dm lants aen Aert Van Langendonck geheeten Kemerlinck.
wil1946: fo 93:
- 16 aug 1468: Peeter Heijkens x Geerboijt Vandendijcke heeft ontfangen onderhalf dm lants opt Ranckvelt onder Wilsele.
- 24 feb 1501: Hendrik Van Maelcote heeft gederft onderhalf dm lants aen Aert Van Langendonck alias Caemerlinck.
- 24 jan 1507: Aert Caemerlinck heeft opgedragen tot behoef van Jan De Pape tot Antwerpen.

a 1515:
- gicht 5 op de Lauwendries in Tildonk: dyt es de ghiechte due draecht Aert Van Langendonck diemen heet De Raymakere, Laureys soene, ende voer hem droechse Jan Hoeve, Jans soene ten Lynden
- gicht 7: dyt es de ghiechte die draeght Willem Van Langendonck Aertssoene die men heet De Raeymakere ende veert daer op gesedt a XVcXIII ende voer hem droechse Aert De Witte Willem soene.
R1628 fo 208:
- 30 sept 1504: Berbel Gast dochter wijlen Hendrick ontvangt na de dood van haar vader een huis en hof gelegen in Wijchmael aende Sluijse geheeten den Fobanc dat ze op 16 feb 1503 verkoopt aan Geert De Bubbeler. Jan De Bubele Geertzone verkoopt het op zijn beurt op 12 juli 1517 aan Wouter Van Mechelen zone Hendrick
- 30 april 1532: Henrick en Claes Van Mechelen en Kathlijne van Mechelen x Aert Van Langendonck, Lijsbeth Van Mechelen met consent van Willem De Witte Vrancq zone bij doode van Wouter ende Henrick Van Mechelen ontvangen de erfelijkheid vande voors goeden
- dezelfde dag hebben de voors Henrick en Claes Van Mechelen met hun mede-erfgenamen het huis verkocht aan Jan De Witte zone Wouters wonende tot Herent
- 8 juli 1532: Jan De Witte x Kathlijn Hobbouts woonende tot Herent hebben het voors huis geheeten den Swaen gelegen als voers opgedragen aan Joos Van Wesenbeke ende Jozijne Van Kelfs zijn huijsvrouwe.
1545: Welcke voersscr& ? dese naervolgende personen gehalt hebben aende molen van Rotselaer
Inden iersten die ondesate van Rotselaer quinten Briers, Henricq Aurogge, Anthonis Rogmans, Vranck De Kersmaker, Henriq Terheyden, Michael Briers, Zegher Vermolen, Berthel Terheyden, Lange Heyne, Gherdt De Pelsmaker, Willem Aurogge, Willem Aerts alias Meester, Willem Vermolen, Jan Vogels, Jan en Peter Van Kelfs, Antheunis Briers, Aert Vermolen, Joris Loyckx, Willem Goordts, Willem Van Bossche, Antheunis De Ceppel, Aert Van Langendonck, Aert Aurogge, Peeter Van Dycke, Goordt Loyckx, Jasper Briers, Merten Van Eycken, Jan Van Eycken, Henricq Ingels, Willem Mertens, Jan Wouters, Goordt Loyckx, Aert Andries, Jacop Grietens, Gunte Briers?
 

 

Onderstaande akte (met dank aan Paul Peeters) geeft heel wat meer inzicht in het parenteel Van Langendonck. Bovendien worden er verwantschappen blootgelegd met de families Van Puddegem en Kerinx. Andere verbanden volgen wellicht bij het opduiken van nieuwe aktes. Alles dus met wat voorbehoud.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register 7500, folio 154r., akte dd. 6 november 1609.

Item, in p(rese)ntia villici, etc(etera), gestaen Franchoys Daerboven als executeur van(den) testam(ente) wijlen m(eeste)r Peeter Merttens, in zijn(en) leven schoelm(eeste)r tot Haecht, met voergaen(e) van m(eeste)r Jan Schellekens als superintendent van(de) fundatie van(de) scholen aldaer, bijd(en) voers(chreven) m(eeste)r Peeter gefundeert, voor deen hellicht, oock met advyse van s(ieu)r Julianus de Haureez[1], pastoir van Haecht voors(chreven), en(de) Jan Van Langendonck zone wijlen Jans, hem sterckmaecken(de) voor zijne mede erffgen(aemen), Aerdt Van Langendonck zone wijlen Henricx, hem sterckmaecken(de) voor zijn(en) staeck, Anthonis tServrancx als man en(de) momboir van Barbara Huens, daer moeder aff was E(lisa)b(e)thVan Langendonck, Geeraert Huens zone wijlen Jans, daer grootmoeder aff was die voors(chreve) E(lisa)b(e)th, Geeraert Van Leempoel, daer insgel(ijcx) groetmoeder aff was die voors(cchreve) E(lisa)b(e)th, Lucas Claes als man en(de) momboir van E(lisa)b(e)th Van Leempoel, daer insgel(ijcx) grootmoeder aff was de voors(chreve) E(lisa)b(e)th, voor hun mede erffgen(aemen) hen insgel(ijcx) sterckmaecken(de), Willem Merttens als man en(de) momboir Cathelijne Kerincx dochter wijlen Goerdts en(de) daer moeder aff was Cathelijne Van Langendonck, hen insgelijcx sterckmaecken(de) voor zijn(en) staeck, Jan Bloems sone wijlen Jans, daer moeder aff was Anna Van Langendonck, E(lisa)b(e)th Rogmans dochter wijlen Adriaens, daer insgel(ijcx) moeder aff was de voors(chreve) Anna en(de) indijer qualiteyt alle erffgen(aemen) van Aerdt Van Langendonck den ouden en(de) E(lisa)b(e)th Van Langendonck, zijne zustere, heurlieder oude moye, mede in desen gebruycken(de) den consente en(de) authorisa(ti)e van(de) oppermomboiren des(er) voors(chreve) stadt van Loven in date marty prima, anno 1607, ond(erteecken)t L. Van Assche, waer van den teneur van woorde tot woorde hier naer sal wordden geinsereert.

Aen mijne heere weesm(eeste)rs des(er) stadt van Loven, geven ootmoedelijcken te kennen Jan Van Langendonck sone wijlen Jans, Aerdt Van Langendonck zone wijlen Hendricx, Anthonis Servrancx als man en(de) momboir van Barbara Huens, daer moeder aff was E(lisa)b(e)th Van Langendonck, Geeraert Huens sone wijlen Jans, daer grootmoeder aff was die voors(chreve) E(lisa)b(e)th, Geeraert Van Leempoel, daer insgelijcx grootmoeder aff was die voors(chreve) E(lisa)b(e)th, Lucas Claes als man en(de) momboir van E(lisa)b(e)th Van Leempoel, daer oock insgel(ijcx) grootmoeder aff was der voors(chreve) E(lisa)b(e)th Van Langendonck, Willem Merttens als man en(de) momboir van Cathelijn Kerincx, daer moeder aff was Cathelijn Van Langendonck, E(lisa)b(e)th Rogmans, daer moeder aff was Anna Van Langendonck, hoe dat hun lieden inde voors(chreve) qual(itey)t alle als erffgen(aemen) van Aerdt Van Langendonck den ouden, respective zijn competeren(de) zeker actie en(de) gerechticheyt in diverssche erffgoeden en(de) gronden van erffven, waervan die specificatie van(de) goeden hier es annex, die wel(cke) erffgoeden overlange op henne voors(chreve) voorouders voerde erffelijckh(eyt) zijn gedevolveert geweest en(de) nochtans onv(er)deylt gebleven, eensdeels doer dijen dat de sel(ve) erffgoeden vele en(de) lange jaeren in tochschewijse hebben gebruyckt geweest bijde gene die daer actie waren hebben(de), soo oock door die groote troubele van oirloghe als anderssints, nu eest alsoo datter noch eenighe zijn die mede actie zijn co(m)peteren(de), als nament(lijck) den staeck oft erffgen(aemen) van Willem Van Langendonck den ouden, wel(cken) voors(chreven) Willem heeft vele en(de) diverssche erffgen(aemen) achtergelaeten, onder den wel(cken) oock vele en(de) diverssche staecken en(de) weesen zijn, soo eest oock dat dat die voors(chreve) erffgoeden door die menichfuldich van diverssche staecken en(de) erffgen(aemen) in hun sel(ven) niet deylbaer en zijn, soo hebben die suppl(ian)ten onder hunlieden goet gevonden die sel(ve) erffgoeden en(de) actien tsamenderhandt metter vuytgaen van(de) brandende keerss(en) te v(er)coopen en(de) die penn(ingen daeraff comen(de), staeckschewijse en(de) soo behoort te deylen ende want bij tsel(ve) nyet en v(er)moegen sond(er) wettel(ijck) daertoe behoorl(ijck) geauthor(i)s(eer)t te zijn, soo bidden die suppl(ian)ten om authorisa(ti)e om tvoors(chreven goet te mogen v(er)coopen tsamenderhandt te mogen v(er)coopen en(de) die penn(ingen) daeraff comen(de), te deylen en(de) wettighe goedinghe te moghen doen, midts laten(de) het gedeelte van(de) erffgen(aemen) oft actie hebben(de) van Willem Van Langendonck voors(chreven) alhier onder die weth tot behoeff die daer actie souden mogen pretenderen, dwelck doende, etc(etera), ende waeren ond(erteecken)t Jan Van Langendonck, Anthonis Servrancx, Geeraert Huens, Lucas Claes, Geert Van Leempoel, Willem Merttens ende E(lisa)b(e)th Rogmans dappostille marginaele opde voors(chreve) reg(iste)r gestelt, wesen(de) authorisa(ti)e, was, soo hier naer volght, fiat ut petitur, behoudel(ijck) midts datter in dese goeden diverssche staecken sijn, onder die wel(cke) zijn weesen, daerinne gericht dat die sel(ve) goeden ten hoochsten en(de) metter berren(der) keerssen sullen wordden v(er)cocht en(de) dat die suppl(ian)ten hen sullen hebben te reguleren in respecte desel(ve) weesen achtervolgen(de) henne p(rese)ntatie, in desen gedaen,van die penn(ingen) alhier tot hennen behoeve sullen wordden gestelt onder die weth, aldus gedaen ter weescamer der stadt Loven, coram Glavimans, Hoeven, marty prima 1607, mij p(rese)nt greffier ond(erteecken)t L. Van Assche, p(er) mo(nitionem) hebben tsamen opgedraeghen met behoorl(ijcke) v(er)thijden(isse) die goeden hier naerbes(chreven), ierst een block landts, groot drije dachm(aelen) ombegrepen der maeten, geheeten het Peupeleren Block, gelegen onder Haecht voors(chreven), regen(oten) sh(ee)ren straete in twee zijden, de wed(uw)e Gielis Van(der) Veken ter iiie. en(de) de weduwe Fredericx Van(den) Hove ter iiie. zijden, item alnoch een bosken, groot twee dachm(aelen) ombegrepen der maeten, gelegen aen tKerckhoffvelt, regen(oten) die wed(uw)e Peeter Iricx ter ie., derffgen(aemen) Laureys De Pretere ter andere en(de) Jenneken Houb Hobbouts ter iiire. zijden, exp(osito) imp(ositus) Willem Daerboven ind(en) naem en(de) tot behoeff van Franchois Daerboven, zijn(en) vaeder, et sat(is) die voors(chreve) opdraege(ren) ind(er) qua(liteyt) als vore, obligan(do), submitten(do) ac renun(tiando) in forma, et waras die voors(chreve) drije dachm(aelen) op twee penn(ingen) Lovens heeren chijns en(de) die voors(creve) twee dachm(aelen) bossch op een(en) capp(uyn) ende tderdendeel van een(en) capp(uyn), thien penn(ingen) Lovens sh(ee)ren chijs, noch op dertich stuyvers een(en) hal(ven) aen(de) armen van Haecht om aen wittebroot temployeren en(de) noch op xx st(uyvers) tot reparatie van(de) kercke van Hach Haecht en(de) vii st(uyvers) totten jaeregetijde te betaelen, te lossen en(de) te quytten volgen(de) den testam(ente) van Jan Van Puttegem al(ia)s Brants ende E(lisa)b(e)th Van Langendonck, zijn(e) huysvr(ouw)e, gepass(eer)t voor schepen(en) van Haecht den viiie. maye anno 1544, voorder nyet, tanqua(m) prout iure, coram Rijcke, Broecke, novemb(ris) via., 1609.

 

Item die voors(chreve) partijen ind(er) qua(liteyt) als voor, p(er) mo(nitionem) hebben alnoch opgedraegen die hellicht van een boend(er) landts, gelegen opt Kerckhoffvelt, daeraff dander hellicht es toebehooren(de) m(eeste)r Jan Schellekens, regen(oten) den voors(chreven) m(eeste)r Jan ter ie., het Peertskerckhoff ter andere en(de) tschuttershoff van(de) handtboghe ter iiie. zijden, exp(osito) imp(ositi) h(ee)r en(de) m(eeste)r Andries De Vroye, licen(tiaet) in beyd(en) rechten, en(de) jo(uffrouw)e Philippote Everaerts, gehuysschen, et sat(is) et war(as) op twee mol(evaten) evene h(ee)ren chijns inde gichte van Anna Merttens, nu zijn(e) ex(cellen)ce competeren(de), tanqua(m) prout iure, coram eisd(em).

 

Item die voors(chreve) partijen ind(er) qua(liteyt) als vore, p(er) mo(nitionem) hebben opgedraegen met behoorl(ijcke) v(er)thijden(isse) een halff dachm(ael) landts, gelegen inde prochie van Haecht opt Hultervelt opde Zouwe, regen(oten) die voors(chreve) Zouwe ter ie., derffgen(aemen) Jaecques Snijders ter ande(re), derffgenaemen Huybrecht Smets ter iiie. en(de) Jan Van Puddeghem ter iiiie. zijden, exp(osito) imp(ositi) Hendrick Van Langeriet en(de) Marg(rie)te Luppekens, gehuysschen, woonen(de) tot Haecht voors(chreven), et sat(is) et war(as) op een halff quarteele even(e) en(de) een(en) penn(inck) Lovens h(ee)ren) chijns sonder meer commers, tanqua(m) prout iure, coram eisd(em).

 

Dit zijn die goeden diemen onder die vrienden gemeynelijck noempt Marie tSmetssers goeden, die v(er)storven zijn opde erffgen(aemen) van Aerdt Van Langendonck den ouden, item een dachm(ael) opt Cleyn Liestervelt tegen het Cleyn Veldeken, item een halff boen(der) en(de) een halff dachm(ael) opt sel(ve) velt aen Barbel Van Mol aen(den) hoeck van(den) Lauwendrys, geheeten tCleyn Veldeken, item een stuck landts, gelegen opt Cleyn Daeldervelt, het welck som v(er)cregen is en(de) som v(er)cregen goeden, item onderhalff dachm(ael) bempts, gelegen inde Lindebempden, item een boend(er) landts, gelegen opt Bijlock, v(er)cregen goet, item noch een block landts, groot onderhalff dachm(ael), aent block, oock v(er)cregen goet, item noch een besloten bempdeken, groot een dachm(ael), comen(de) aen(de) Lepse aent Missecom.

 

Dit zijn die v(er)cregen goeden van Jan Van Puddegem al(ia)s Brants en(de) Barbara Van Langendonck.

Ind(en) iersten opt tHuldervelt een halff dachm(ael), regen(oten) Henrick Paelmans ter ie. en(de) sijn selffs goet ter andere zijd(en), item een dachm(ael) opt sel(ve) velt int middel vant velt, item een halff dachm(ael) en(de) twee stappen, regen(oten) Jan V(er)hulsten, noch een dachm(ael) landts opt Kerckhoffvelt, regen(oten) Paulyn V(er)stappen ter ie., den H(eyligen) Geest van Meerbeke ter iie., den H(eyligen) Geest van Haecht ter iiie., het Popeliers Block, groot drije dachm(aelen), noch een bosselken aent Kerckhoven Velt, regen(oten) Willem De Witte ter ie., Marie Goeleyns ter andere, Cathelijn V(er)haegen ter iiie., item een geleeghe, [daer] Dolf Smet in woont, alsoo hij tsel(ve) in hueringhe heeft gehoud(en), item alnoch voor memorie dat die voors(chreve) v(er)crege goeden ierst in twee zijden moeten gaen en(de) gedeylt wordden ende over sulcx soo moet die kercke van Haecht tot behoeff van(de) schoele aldaer vuyt crachte van sekere testam(ente) oft anderssints deen hellicht hebben oft die penn(ingen) daeraff comen(de), item noch zijn die voors(chreve) v(er)cregen goeden belast bij testam(ente) met ontrint twee gul(den)s erffel(ijck) aen(de) pastorije van Haecht tot een jaergetijt.


[1]     Ook Hauresch en Haure genoemd, licentiaat in de theologie, was o.m. kanunnik en supprior in de abdij van Park.

 

Uit dit huwelijk:

 

Van Langendonck Jan, XVII, ca. 1500,

 

Van Langendonck Henricq, XIV,

 

Van Langendonck Barbara, x met Willem Gorts,

     Uit dit huwelijk:

     Gorts Willem,   

     Gorts Antoon, 

 

Van Langendonck Elisabeth, x met Huens Franco,

In de volgende akte (met dank aan Paul) maakt men melding van Franco (Vranck) Huens en Elisabetha Van Langendonck. De kans is reel dat Gerardus Huens, gehuwd met Leonora Vander Beken, een zoon is van Franco Huens, alhoewel het niet zwart op wit in de akte staat. Ik maak hier wel de bemerking dat Vranck eigenlijk niet helemaal hetzelfde is als Franciscus. Vranck komt in feite van Franco. De volgende vertalingen mogen dit duidelijk maken:

-     Francisci betekent "van Franciscus"

-     Franconis betekenis "van Franco" (vergelijk : Simonis betekent "van Simon", Michaelis betekent "van Michael", Ottonis betekent "van Otto).

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8248, folio 250v., akte dd. 11 juni 1622.

In tegenwoordicheyt des meyers, schepen(en) ende eygengenot(en) van Loven naebes(chreven) sijn gecompareert Geerardt Huens heeft ende Leonora Vander Beken, gehuysschen, en(de) hebben opgedraghen met behoorlijcke verthijdenisse, rijssche ende rijse een boender beempts, genoemt het Rotselaer Eeussele, opt eynde van het Wijchmael Broeck, daervan deene hellicht hem aenden voors(chreven) Geerardt is aengedeylt vuyten achtergelaeten goeden van wijlen Vrancx Huens ende Elisabeths Van Langendonck, gepasseert voor schepenen van Herent den xii. july 1586 ende dandere hellicht heeft den opdragere vercregen tegen Thomas Zeghers ende Marie De Wintere den xix. octobris 1605 in iii., liggende tselve parceel regenot(en) de Dijle ter i., het Wijchmael Broeck ter ii., Bartholomus Van Haecht ter iii. en(de) Phlips Crabbeels ter iiii. zijden, et bonificavit in dictis bonis Jo(hann)em Vreysens per monit(ionem), hier waeren over Heyden, Beringhen als schepenen ende eygengenot(en) van Loven met Pannis, lieutenant smeyers, ende Jannen Hermans, insgelijcx eygengenot(en) van Loven voors(chreven), quiquidem hec, etc(etera), coram quibus satis et wara oblig(ando), etc(etera), et waras voor vrije, eygen en(de) onbelast goet, actum junii xi., 1622.

     Uit dit huwelijk:

     Huens Barbara, x met Anthonis Servranckx,

     Huens Jan,, x met ..,

          Uit dit huwelijk:

          Huens Geeraert, 

      fa, x Van Leempoel ... ,

          Uit dit huwelijk:

          Van Leempoel Elisabeth, x met Lucas Claes,

          Van Leempoel Geeraert, 

 

Van Langendonck Catharina, ca. 1525, x met Godefridus Kerinx, is dit fs Jan x Elisabeth Van Meerbeeck,

Hieronder (met dank aan Paul Peeters) aktes met vermelding van Godefridus (Goert/Godevaert) Kerincx en Catharina Van Langendonck.   

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7860, fol. 89v, akte dd. 24 oktober 1575.

Item Johanna Smets wed(uw)e Jans wijlen V(er)herbrugg(en) met consen(te) en(de) overstaen(e) Lod(ewijck) Smets, momboir van henne kinderen, behouden van(den) v(oir)s(creven) Jan(nen), heuren man als hij leeffde, in p(rese)ntia, hebben gekint en(de) geleden dat Cath(lij)ne Van Langendonc wed(uw)e Goerts wijlen Keerincx aen hem mits een(e) somme van penn(ingen) de quibus satis volcomel(ijck) gelost en(de) affgequeten heeft xxx st(uyvers) erffel(ijck) die Jan V(er)herbruggen behouden hadde met scepen(en) br(ieven) van Loven(e) vand(er) date xxii. octobr(is) a(nn)o lxix aen en(de) op vijff vierend(eelen) lants, gelegen onder Wespelaer opt Broeckvelt, reg(not)e derffg(enaem)en h(eer) Jans Van(den) Temple t(er) eenre, die taeffele van Wespelaer t(er) ande(re) en(de) de strate in twee zijd(en), waeraff dactie nu competeert bij naederschap Goerden Kerincx, scelden(de) heur d(aer)aff quyte, promitten(do) non alloqui sed satis et war(as) erga quoscumque prout, cor(am) Liedekercke, Winde, xxiiii. octobr(is).

 

Hierbij de transcriptie van een akte, waarin Catharina Van Langendonck, weduwe van Godefridus Kerincx, haar zoon Nicolaus emancipeert. Godefridus Kerincx en Catharina Van Langendonck hadden dus naast een dochter Catharina ook een zoon Nicolaus.  Wellicht is Godefridus Kerincx de zoon is van Jan (en van Elisabetha Van Meerbeeck ?).

BRON : Stadsarchief Leuven, register nr. 7862, folio 17r, akte dd. 1 juli 1577. 

Transcriptie

Item Catherina Van Langendonck relicta

Godefridi Keerincx, in p(rese)ntia, ema(n)cipavit

Nicolau(m) Keerincx, suu(m) filiu(m), a pane suo modo

debito, quo facto Berwouts recond(uxi)t, cor(am)

eisdem.

In de marge.

S(olvit).

 

Uit de bijgaande akte van emancipatie blijkt dat Godefridus Kerincx en Catharina Van Langendonck naast hun kinderen Nicolaus en Catharina minstens nog een derde kind hadden, nl. Elisabetha.  In de akte werden Nicolaus en en Elisabetha uit den brode gedaan door Catharina Van Langendonck die toen reeds weduwe was.  Zoals reeds eerder opgegeven emancipeerde Catharina Van Langendonck ook op 1 juli 1577 haar kinderen Nicolaus en Catharina (zie S.A.L., reg. 7862, fol. 17r.).  Mogelijk was Elisabetha toen reeds meerderjarig of misschien al overleden.  In 1573 woonde Catharina Van Langendonck in Egenhoven onder Heverlee.  Egenhoven werd in de akte ongelukkig en verkeerdelijk geschreven als Eegengenhoven.

BRON : S.A.L, Inventaris Cuvelier, register nr. 7467, folio 444r, akte dd. 21.05.1574.

Transcriptie.

Item Catharina Van Langendonck relicta

Godefridi Kerincx, co(m)moran(s) sub parochia

de Eegengenhoven, in p(rese)ntia, eman(cipavi)t Nicolau(m)

et El(isa)b(e)t(am) Kerincx, suas proles, a pane suo

modo debito et consueto, quo facto

Cloet recond(uxi)t, cor(am) eisd(em).

     Uit dit huwelijk:

     Kerincx Nicolaus, 

     Kerincx Elisabeth, 

     Kerincx Catharina., x met Willem Mertens,

 

Van Langendonck Anna, x 1 met Bloems ..., x 2 met Rogmans Adriaen,

     Uit dit huwelijk:

     1. Bloems Jan, x met ...

          Uit dit huwelijk:

          Bloems Jan, 

     2. Rogmans Adriaen, x met ...

          Uit dit huwelijk:

          Rogmans Elisabeth, 

     ? Rogmans Elisabeth. 

 

 

 

XV - Van Langendonck Willem, de oude alias Laureys (M),   ca. 1485,

 

Akte met dank aan Paul Peeters. De goederen die verdeeld werden, waren allen gelegen onder Rotselaar. Ik ga er dan ook van uit Guilielmus (Willem) Van Langendonck in Rotselaar woonde.

Die familie Van Langendonck lijkt een groot kluwen te zijn.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7500, folio 223r., akte dd. 22 maart 1610.

Eene scheydin(ge) en(de) deylin(ge), bij minnel(ijcke) accorde daeromme gedaen en(de) geschiet zijn(de) tus[s]chen Niclaes Gordts, als dat te hebben(e) van Johanna en(de) E(lisa)b(e)th Van Langendonck dochteren wijlen Willems, ter eenre, Jan Hays als man en(de) momboir van Barbara Loots, daer moeder aff was Barbara Van Langendonck, dochter des voors(chreven) Willems, met Ph(i)l(ip)s Crabeels als man en(de) momboir van Johanna Van Langendonck dochter wijlen Aerdts, daer grootvaeder aff was die voors(chreven) Willem, soo voor hem als voor Aerdt Van Langendonck, broeder der voors(chreve) Johanna Van Langendonck, ter tweedere, Jan Schuermans en(de) Gheert Ingelborchs als man en(de) momboir van Anna Van Langendonck dochter wijlen Jans, daer grootvader aff was die voors(chreven) wijlen Willem, met Willem en(de) Jan Van Langendonck, broeders der voors(chreve) Anna, mede de selve Gheert als d' actie hebbende van Niclaes Lenaerts, man en(de) momboir van Margriet Van Langendonck, ter derdere, Peeter Van Doerne als man en(de) momboir van E(lisa)b(e)th Van Maelcot, daer moeder aff was Catharina Van Langendonck, dochter des voors(chreven) Willems, met Henrick en(de) Gordt Gordts, daer moeder aff was Marie Van Langendonck, insgel(ijcx) dochter des voors(chreven) Willems, ter iiiie. zijden, vande goeden, rinten en(de) pachten, opde voors(chreve) deylgenooten verstorven van wegen des voors(chreven) Willems Van Langendonck al(ia)s Laureys.

      Sijn bleven en(de) gevallen den voors(chreven) Niclaes Gordts ind(er) qua(litey)t als voor een stuck landts, gelegen onder Rotselaer opt Bloemersvelt, groot ontrent drije dachm(aelen), regen(oten) sh(ee)ren straete in twee zijden, belast met sh(ee)ren chijns van(den) gronde sonder meer commers daerop vuytgaen(de), hanc quoque et sat(is) obligan(do) et submitten(do), coram Rijcke, Loomans, martii xxiia., 1610.

      Sijn bleven en(de) gevallen den voors(chreven) Jan Hays ind(er) voors(chreve) qua(litey)t drije dachm(aelen) besloten bempt, gelegen ond(er) Rotselaer, regen(oten) Jan Van Langendonck ter ie., die Vestenstraete ter ande(re) en(de) die Quaypoel straete ter iiie. zijden, op last van sh(ee)ren chijns van(den) gronde en(de) op een hal(ster) rogs ts(iae)rs aen(den) H(eyligen) Geest van Rotselaer, item noch een dachm(ael) landts, gelegen opt Blommersvelt, comen(de) aen(de) straete ter ie., die wed(uw)e Merttens Van Maelcot ter andere en(de) derffgen(aemen) Peeters Van Meerbeeck ter iiie., belast met sh(ee)ren chijns van(den) gronde, item noch een halff dachm(ael) landts, gelegen opt Cleyn Kelstervelt, regen(oten) de wed(uw)e Adriaens Van Ermelgeem goet ter ie., Jan Van Langendonck ter andere, tGroot Kelstervelt ter iiie. ende die straete ter iiiie. zijden, belast met sh(ee)ren chijns van(den) gronde, hanc quoq(ue) et sat(is) obligan(do) et submitten(do), eisd(em).

      Sijn bleven en(de) gevallen den voors(chreven) Jan Schuermans en(de) Geert Ingelborchs qua(lita)te qua een stuck landts, groot thien vieren(deelen), gelegen opt Rutersvelt ond(er) Rotselaer, regen(oten) Geert Hoens goet ter ie., Aerdt Van Langendonck ter andere, sheeren straete ter iiie. zijden, item noch drije vieren(deelen) landts hellichtwinninghe, gelegen opt Blommersvelt, regen(oten) Niclaes Gordts goet ter ie. en(de) sh(ee)ren straete ter andere, item noch thien stuyvers ts(iae)rs, te quytten den penn(inck) xvie., op een hal(ff) boen(der) bempts, gelegen onder Rotselaer, met dese deylinge te deele gevallen aen Peeter Van Dorne cum suis, hanc quoque, et sat(is) obligan(do) et submitten(do), eisd(em).

Item Geert Ingelborchs heeft bekint, gel(ijck) hij bekint midts desen die capitaele penn(ingen) van(de) x st(uyvers) erffel(ijck) mette v(er)loopen, in desen vermelt, ontfangen te hebben van Peeter Van Dorne en(de) Henrick Gordts, consenteren(de) alsoo inde cassatie ende was bijd(en) sel(ven) ond(erteecken)t.

      Sijn bleven en(de) gevallen den voors(chreven) Peeter Van Doirne qua(lita)te qua cum suis een halff boend(er) bempts, gelegen onder Rotselaer, regen(oten) Willem Van Langendonck sone Jans, woonen(de) bynnen Loven, ter ie., de Quaypoelstraet ter andere, item noch vijff vieren(deelen) bempts, gelegen aen tvoors(chreven) goet tusschen die voors(chreve) regen(oten), belast met shee(ren) chijns van(den) gronde ende met thien stuyvers ts(iae)rs, te quytten den penn(inck) xvie., aen het gedeelte Jan Schuermans en(de) Geerdt Ingelborchs te deele gevallen, hanc quoque et sat(is) obligan(do) et submitten(do), eisd(em).

Item de voors(chreve) deylgenoten hebben malcanderen beloeft en(de) beloven midts desen elck met sijn gedeelte, hen als boven te deele gevallen mette chijnsen en(de) lasten daeroppe gestelt, hen te vreden te houden sonder van malcanderen yet te pretenderen, nu oft naemaels in eeniger manieren, obligan(do) et submitten(do), coram eisdem.

 

Uit dit huwelijk:

 

Van Langendonck Joanna, ca. 1515,

 

Van Langendonck Elisabeth,

 

Van Langendonck Barbara, ca. 1525, x met ... Loots,    

     Uit dit huwelijk:

     Loots Barbara, x met Joannnes Haye,   

 

Van Langendonck Arnoldus, x met ...,

     Uit dit huwelijk:

     Van Langendonck Joanna, x met Philippus Crabbeels, akte bij Vanden Daele,

     Van Langendonck Arnoldus,  

 

Van Langendonck Joannes (XIV),

 

Van Langendonck Catharina, x met ... Van Malcot,

     Uit dit huwelijk:

     Van Malcot Elisabeth, x met Petrus Van Dorne,   

 

Van Langendonck Maria,  x met ... Gordts,

     Uit dit huwelijk:

     Gordts Henriucus,

    

Van Langendonck Anna, x 1 met Bloems ..., x 2 met Rogmans Adriaen,

     Uit dit huwelijk:

     1. Bloems Jan, x met ...

          Uit dit huwelijk:

          Bloems Jan, 

     2. Rogmans Adriaen, x met ...

          Uit dit huwelijk:

          Rogmans Elisabeth, 

     ? Rogmans Elisabeth. 

 


 

XVII - Van Langendonck Jan, ca. 1500, x met Van Loossen Margriet.

 

- 15 mrt 1545: Jan Van Loosfelt heeft met consente van Jan Van Langendonck ontvangen tot behoef van Willem, Philips, Peeter, Merten, Jacop, Anthonis ende den anderen kinderen Jans Van Langendonck, blijvende Willem Van Langendonck hieraf den sterfman na doode van Merten Van Loosfelt een half bunder land op de Clocke.
- 5 jun 1564: Willem Van langendonck zone wijlen Jans heeft na de dood van voors Jan Van Loosfelt zijn oom ontvangen ? ‎(Margriet Van Loosfelt).‎
- 6 jun 1622: De secretaris der stadt Loven heeft ontvangen ten behoeve van Jan Van Langendonck Jacobsone na de dood van Willem Van Langendonck zijn oom het voors.
- 17 mei 1627: Digna Verheijden we Jan Van Langendonck heeft na de dood van haer man ontvangen.
- 2 mrt 1637: Jan Van Leemput x Cathlijn Van Langendonck na de dood van Digna Verheyden.

 

Hieronder (met dank aan Paul Peeters) een akte met vermelding van Joannes Van Langendonck, zoon van Arnoldus en inwoner te Tildonk.  Het gaat hier mogelijk om de man van Margaretha Van Loossen (Van Loofvelt).  Hij moet dan wel al een respectabele leeftijd gehad hebben voor die tijd.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7469, fol. 289r., akte dd. 30 december 1575.

Item jonckh(ee)r Richaert van Pulle sone wijlen jonckh(ee)rs Jans, tot des naerbes(creven) staet te doen(e), behoorlijck en(de) spetialijck geconstitueert zijn(de) bij jouff(rouw)e Johanna Vranx, zijnd(er) moede(re), voer schepen(en) van Libbeke den thiensten novemb(ris) lestleden, soe hij verclaerde, al naerde(re) blijcken(de) bij der selver procuratien in date voers(creven), die selve vuyt crachte voers(creven) heeft opgedrag(en) met ressche en(de) rijse drije vierendeel eygens landts, gelijck tselve stuck gelegen es onder Winxele opt Duysterveldeken tusschen de goeden Geerdts Verhulst in twee zijd(en), Jan Verhulst ter derdere ende die goed(en) Jans Van Langendonck ter vierdere zijd(en), ende heeft daerinne gegoedt en(de) geerft ten eygen(en) rechte den voers(creven) Jan(nen) Van Langendonck sone wijlen Aerdts, woonen(de) tot Thieldonck, hier waeren ove(re) Winde, Maelcote, schepen(en) te Loven(e) en(de) eygengen(ooten), item Willem(en) Vos en(de) Jheroen Cloet, oyck als eygengen(ooten) coram quibus sat(is) et war(as) voer vrije eygen onbelast goet, quiquidem rogan(tes) quod faciunt scabini Lovanien(sis) predicti, decemb(ris) penultima a(nn)o xvc. lxxxv.

    

Uit dit huwelijk:

 

Van Langendonck Hendrick,

 

Van Langendonck Philips, 

 

Van Langendonck Peeter, x met Katharina Van Rode,

Met het nodige VOORBEHOUD (met dank aan Paul Peeters):

In de akte is er sprake van Petrus Van Langendonck, zoon van wijlen Joannes en inwoner van Haacht.  Mogelijk waren zijn ouders Joannes en Margaretha Van Loossen. 

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8220, fol. 198r., akte dd. 30 maart 1570.

Item Peeter Van Langendonck sone wijlen Jans, woonende te Haecht, oblig(ans) et submitt(ens), etc(etera), heeft bekindt schuldich te zijn(e) Jan(nen) Taelmans, zess(e) carolusg(ulden) te xx st(uyvers) tstuck, monete curren(tis), ende drije mudden rogs, goet en(de) payable met wanne en(de) vlogele wel bereyt, mate van Loven(e), erffelijcke rinte en(de) pacht, alle jae(re) opden naestlesten dach van meerte te betalen en(de) te Loven(e) ten huyse des voers(creven) Taelmans te leveren, los en(de) vrij van beden, schothe, lothe, xe., xxe., ce. en(de) alle ande(re) pennin(gen) ende impositien in futuru(m) ass(ecutu)m ad mo(nitionem) pignus apud Haecht predictum valens dupl(um) et t(antu)m, met conditie dat die voers(creven) bekinde(re) die voers(creve) erffrinte en(de) erffpacht sal mogen lossen ende quyten alst hem gelieven zal met twee hondert vier carolusg(ulden) te xx st(uyvers) tstuck, mo(ne)te predicte, ac cu(m), cor(am) Dor(ma)le, Kelfst, martii penultima.

     Uit dit huwelijk:

      Van Langendonck Jasper,

     Van Langendonck Willem, 

 

Van Langendonck Jacobus, x met Maria Vercalsteren, fa Henricus

     Uit dit huwelijk:

     Van Langendonck Jan,

In de volgende akte maakt men melding van Joannes Van Langendonck, zoon van Jacobus en wonende te Haacht. Het gaat hier VERMOEDELIJK om de zoon van Jacobus en Maria Vercalsteren. In de akte wordt ook melding gemaakt van Catharina Van Langendonck en haar man Everardus Janssens, wonende te Rijmenam. MOGELIJK is zij de zuster van Joannes.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7502, folio 225r., akte dd. 7 mei 1612.

Item, in p(rese)ntia, etc(etera), gestaen Everaert Janssens en(de) Cathelijn Van Langendonck, gehuysschen, woonen(de) tot Rijmenant, p(er) mo(nitionem) hebben opgedraeghen met behoorl(ijcke) v(er)thijden(isse) een huys metten hoff en(de) allen anderen zijn(e) toebehoorten, groot een boend(er), alsoo tsel(ve) gestaen en(de) gelegen es tot Rijmenant voors(chreven), geheeten het Hoeffijser, regen(oten) sh(ee)ren straete ter ie., Michiel Timmermans ter iie., Jan Cornelis ter iiie. en(de) Barbara Jeroens ter iiiie. zijden, exp(osito) ende Jan Van Langendonck sone wijlen Jacops, woonen(de) tot Haecht, imp(ositus) p(er) mo(nitionem) redd(idi)t den voors(chreven) opdraege(re) om tsel(ve) goet te hebben, houden en(de) te besitten opde commeren en(de) lasten daer te vorens op vuytgaen(de), te weten op xxxii rinsg(u)l(dens) erffel(ijck) aen Jan De Pretere eb(de) sh(ee)ren chijns, tanquam prout iure, en(de) alsoo die sel(ve) opdraeger tsel(ve) is warandere(de) ende voorts meer op een(e) voortaen(e) rinte van xxx st(uyvers) ts(iae)rs, den stuyver tot drije plecke Brabants gerekent, erffel(ijcke) rinte, jaerl(ijcx) vallen(de) en(de) v(er)schijnen(de) opden viien. dach may en(de) bynnen des(er) stadt wissele van Loven te leveren, den voors(chreven) Jan en(de) zijn(e) naercomelin(gen), los en(de) vrije van bede, ve., xe;, xxe., ce. en(de) van alle andere, mindere oft meerdere pe(n)nin(gen) en(de) impositien, innegestelt oft naermaels inne te stellen in futur(um) quolibet assecutu(m) obligan(do) et submitten(do), met conditie dat die voors(chreve) bekinderen en(de) opdraegeren die voors(chreve) rente van xxx st(uyvers) erffel(ijck) sullen moghen lossen en(de) affquytten tallen tijden alst hen gelieven sal teend(rer) reysen, elcken guld(en) met xvie. gel(ijcke) gul(den)s loopen(de) munte, ac cum, coram Borcht, Leunckens, maii viia., 1612.

 

Hierbij een akte met vermelding van Joannes Van Langendonck, zoon van wijlen Jacobus en inwoner van Haacht, die zijn kinderen Guilielmus, Maria en Catharina. Vermoedelijk is Joannes de zoon van Jacobus en Maria Van Calsteren.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7499, folio 116r., akte dd. 14 april 1608

Transcriptie.

Item Jo(ann)es Van Langendonck filius quond(am Jacobi,

commorans apud Haecht, in p(rese)ntia, eman(cipavit) Wilhelmu(m),

Mariam et Cath(ari)nam Van Langendonck, suas proles,

a pane suo modo debito et consueto, quo facto N.

Cranebroeck reconduxit, coram Schorenbroot,

Leunckens, aprilis xiiiia., 1608

     Van Langendonck Margriet,

     Van Langendonck Catharina, 

    

Van Langendonck Merten,

    

Van Langendonck Jan, x met Maria De Rijck,

    

Van Langendonck Antoon, x met Margriet Van Haecht,

    

Van Langendonck Willem, XVI (M36718),

    

Van Langendonck Maria, x met Willem Verhoeven.

 

 

 

XIV - Van Langendonck Henricq (S + M), ca. 1515, x met Catharina Verhaegen.

 

Werchter 1542: Henric Van Langendonck van 2 derdendelen van een boender inden Slangenmoutere? deselve van sijnen goeden daer jan Paeps de wederhelcht aff...
1545: Ander uytgheven van chijns onder Werchtere & corenpacht daeraff die onderpanden blijven liggen ommits den oorlogen
Henricq Van Langendonck van ij derdeelen van een boender inden Slangenmorttere.
R1604: Fo 72v: 17 juli 157:
Jan Boon x Paschijne Van Puddeghem verkopen aan Hendrik Van Langendonckx x Kathelijne Verhagen een elsen bossche opt Ruijtersvelde ‎(meester Jan Touwaert, Jaspar Vanden horcke).‎
SAL 6340/ B: bedezetting Werchter 1597 ‎(Wakkerzeel):‎
51. Jan Van Langendonck heeft in hueringe huijs ende hof groot sijnde mette landen ende bempde acht bunderen een dm, ende heeft eijgen sesse dm lant als bempt belast met acht halsteren corens erselen ende eenen capuijn, drij dm leen daeraf zijnde, eenen ploegh, vier peerden ende negen koije, vier veersen, een osken.
SAL 6340/ B: bedezetting Werchter 1597:
66. Jan Van Langendonck huijs en hof groot metten lande ende bempde 3 en half b ende heeft in hueringe 3en half bunder hebbende vijf koijen
122. Jan Van Langendonck heeft huis & hof groot onderhalf dm noch twee dm bempt daeraf anderhalf dm es leen, ende heeft in hueringe so lant als bempt tsamen 7 en half dm, 2 veersen en 2 koijen.
R1628: Fo 71:
- 9 nov 1560 heeft Ariaen Vernoijen sone wijlen Jans gederft twee deelen van vijf dm lants gelegen te Linden onder Rotselaer aan Henrick Van Langendonck
- 7 nov 1622: Jan Van Langendonck sone wijlen Henriq heeft bij leene ontvangen twee deelen van vijf dm lands
- 31 dec 1623: Jan Huijbrecht ende Geeraert VL hebben na de dood van hun vader te leene verheven
- 10 nov 1636: Jan Smets sone Jans x Anna VL heeft na de dood van Geeraert VL haeren broeder te leene verheven de voors twee derdedeelen van het driesken
- 11 feb 1641: Willem Vandenbosch x Cathelijn VL kopen van Jan Smets x Anna Van Langendonck de vrs twee derdendelen
- 4 okt 1660: Henricq Briers x Francijncken Vandenbosch na de dood van Willem Vandebosch verheft de voors twee derdedelen
- 19 sept 1673: Guilliam Briers verheft na de dood van Hendrik Briers zijn vader de voors twee derdeleen
R1628: Fo 70:
- 12 nov 1562 ‎(Aert Van Langendonck)‎: Marck Vanderherbruggen zone wijlen Simons verkoopt aan Hendrik Van Langendonck zone Aerts een dm land uit vijf dm gelegen te Linden onder Rotselaer
- 7 nov 1622: Jan Van Langendonck zone wijlen Henricq heeft te leene ontvangen na de dood van zijn vader voors een dm lants uit vijf dm gelegen te Linden onder Rotselaer ‎(zijn zelfs goet over Aert Van Langendonck daer huijs en hof plach op te staen)‎
- 31 dec 1623: Jan Huijbrecht ende Geeraert Van Langendonck kinderen wijlen Jans hebben te lene verheven na de dood van hun vader ten behoeve van hun en van hunne broeder en zusters een dm land uit vijf dm moeder voor de tochte
- 11 feb 1641: Willem Vandenbosch x Cathelijn Van Langendonck kopen van Jan Smets x Anna Van Langendonck dochter Jans het voors dm gelegen ter Linden onder Rotselaer geheeten het Driesken daer huijs ende hof placht op te staen
- 4 okt 1660: Henricq Briers x Francijncken Vandenbosche verheft na de dood van Willem Vandenbossche haar vader tvoors dm lants geheeten het Driesken daer huijs end ehof plach op te staen
Wer1847: wer1847: Fo 50v: 28 jan 1591:
Accoort tussen Jan Schrijns met huijsvrouwe en Everaert ‎(Geraert?)‎ Jansens x Cathlijn Van Langendonck over een rente.
Fo 51v: 21 mrt 1591:
Everaert Jansens x Lijncken Van Langendonck dragen op aan Jan Van Langendonck zeker paert en deel in een stuk land geheeten de Clock.
Wer1847: Fo 84v: 24 apr 1595:
Anna Uijterhellicht we Jan Vanden Sluijse geasst van Mathijs Vandeputte als momboir voor de tocht en Peeter Uijterhellicht broeder van Anna als momboir van de weesen Vanden Sluijse voor derfelijkheid verkopen huis en hof met het land een half boender in de Smetstraete in Wakkerzeel aan Jan Van Langendonck zone wijlen Hendrik & Anna Vandeputte zijn huisvr

Jan Van Langendonck uit Herent.

R1628: Fo 35:
- 29 dec 1494: Willem De Witte alias Van Brezyp Aertsone heeft gederft de hellicht van drij dm eussels gelegen inde Kelfserbempde ende daerin gegoet Willem De Colmer
- 7 jan 1509: Lijsbeth Colmers wijlen Willems dochter x Janne De Scrijnmaker hebben ontvangen na de dood van haar vader het paert recht ende deel van onderhalf dm bemps oft eusels gelegen inde Kerlfscherbempden
- 30 jan 1509: ‎(Jacop Van Maelcote)‎: Vranck De Witte Willemsone als oom ende momboir van Willeken De Colmere zone wijlen Willems oudt ontrent 8 jaeren heeft ontvangen na de dood van Willem wijlen zijn vader tot zijn behoef en tot behoef van zijn broeders & susters de helft van drij dm eussels gelegen inde Kelfserbemde ‎(Jan Bastijns, Laureijs VL)‎
- 25 feb 1567: Jan Leemans, Simon Schots x Meyrs Leerbeijls, daerboven hij hem in dese sterckmaeckte Mathijs Smeets x Lijsbeth Leerbijls, Barbele Leerbijls x Anthonis De Pelsmaker, alle kinderen en erfgen van wijlen Margriete De Colmere hebben ontfangen naer doode vandezelfde Margriete onderhalf dm eusels gelegen inden Elst ‎(wijlen Jan Bastijns ende nu Remeijs Optenbergh, Henrick Van Langendonck, Lijsbeth Van Langendonck), Jan Leemans sterfman
- dezelfde dag hebben die voors kinderen en erfgen gederft tselve onderhalf dm eusels, gelegen als boven aan Hendrik Van Langendonck tot behoef van Aerden Van Langendonck zijnen sone- 3 nov 1590: heeft Aert VL hulde gedaen in plaetse vanden voors Hendrik VL over onderhalf dm eusels.
R1628 Fo 81:
- 17 dec 1559: Henrick Van Horicke sone wijlen Jans heeft opgedragen een half bunder land aan Jan VL sone Aerts
- 12 maart 1588: Aert VL zone wijlen Hendrik heeft na de dood van zijn oom Jan VL te leene ontvangen het voors half bonder land
- 23 jan 1628: Huijbrecht VL sone wijlen Jan heeft te lene ontfangen na de dood van zijn oom Aert VL en S+D het voors half boender
- 11 feb 1641: Anneken VL heeft na de dood van Huijbrecht haar broeder te leene verheven tvoors half bunder land te Linden ... Jan smets heeft als voorganger de eed gedaan
- dezelfde dag hebben Willem Vandenbosch en Cathelijn VL gekocht van den voors Jan Smets x anna VL het voors half bunder.
BMB240 fo 31: 18 feb 1614:
Geraert Van Langendonck sone wijlen Hendrik draegt op aen Aert Van Langendonck sijnen broeder calengierder van bloetswege negen dachwant bosch als hij vercocht hadde aen Jan Van Sichen & voorts als leste verhooger gebleven aen Guilliam Van Schoubroeck/ gelegen binnen dese prochie van Boortmeerbeeck achter den halven steen, daeroff dander helft den voors Aert Van Langendonck is toecomende hem comparant bij doode van Hendrik Van Langendonck verstorven bij S+D voor schepenen van Loven dd 9 sep 1593.
BMB240: 4 mrt 1614:
Aert Van Langendonck sone Hendrick voor deen helft & Geraert Van Langendonck voor dander helft hebben resp te weten den voors Aert als hem verstorven deselve helft van ‎(A?)‎ Van Langendonck dochter Hendricx bij S+D gepasseert voor schepenen van Loven met Jan, Aert & Geert van langendonck den 12 dec 16... te deele gevallen Geraert oock gebleven van voors Hendrik Van Langendonck sijn vader & bij S+D gepasseert voor voors schepenbanck hebben opgedragen ten behoeve van Hendrick Van Beethoven x Cathelijne Boevenbeke vijf dagwant lant op het Borrevelt
.

KA 22009 fo 78: Haacht:
Derfgen Jans Van Puddegem van dander hellicht van het voors bosken
Betaelt bij Willem De Witte anno 1604 nihil
Alsoo dat goet bij de erfgen Aerts Van Langendonck anno 1609 is vercocht aen Fransen Derboven soe hebben de voers erfgen den achterstel van deese rente wel betaelt totten jaere 1608 incluijs.

 

Hieronder (met dank aan Paul Peeters) een akte met vermelding van Henricus Van Langendonck, zoon van Arnoldus en inwoner van Haacht.  Het gaat vermoedelijk om de man van Catharina Verhaegen.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7469, fol. 607r., akte dd. 19 mei 1576.

Item in tegenwoirdich(eyt) des meyers en(de) der schepen(en) van Loven(e) naerbes(creven) gestaen Margriete De Rijcke dochter wijlen Jacops, tegenwoirdige huysv(rouw)e Jan Van Overbeke, met consente, wille, weten(e) ende overstaen(e) desselffs Jans Va(n) Overbeke, haers mans, woonen(de) te Loven(e), p(er) mo(nitionem) heeft opgedrag(en) met behoorl(ijck)e v(er)thijdenisse die hellicht van seven dachm(aelen) beempts, genompt de Cansbloken, onverdeylt geleg(en) onder Rotselaer aen(de) Linde Beempd(en), d(aer)aff dande(re) hellicht es toebehooren(de) der wed(uw)en en(de) erffgen(aemen) Jans Vanden Horicke tusschen de selve Linde Beempd(en) in deene, die goed(en) des Heyligengeests van Wackerzeele ter ande(re), die goed(en) der kercke van Sinte Jacops te Loven(e) opde Biest ter derde(re), die goed(en) der erffgen(aemen) Anthonis Smets ter vierde(re) en(de) die goed(en) Symon Schots ter vre. zijd(en), exp(osito) soe is daerinne gegoedt en(de) geerft ten erffel(ijcken) rechte Willem De Vos ind(en) name ende tot behoeff Henr(ick) Van Langendonck sonen wijl(en) Aerdts, woonen(de) ond(er) Herent, per mo(nitionem) et sat(is) ind(ivisi)m et war(as) opde hellicht van drije peeters erffel(ijck) aen(de) infirmarije van(den) Grooten Baghijnhove bynnen Loven(e) en(de) opde hellicht van een(en) halffven braspen(ninck) tanq(uam) p(ro)ut jure, coram Liedekercke, Winde, maii xixa.

 

Hieronder nog een akte met vermelding van Henricus Van Langendonck en Catharina Verhaegen.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7467, fol. 334r., akte dd. 5 februari 1574.

Item Sebastiaen Craen sone wijlen Jans, woonen(de) te Loeven(e), in tegenwoirdicheyt des meyers, scepen(en) en(de) eygengenoyten van Loeven(e) gestaen, heeft opgedragen met behoirl(ijcke) v(er)thijdeniss(en) en(de) met ressche en(de) rijse de chijns en(de) eygengoed(en) naebescreven, ierst een dach(mael) landts chijsgoet, geleghen onder de heerlicheyt van Kelffs op dBloemaerts Velt tusschen de goed(en) Lijsbets Van(den) Campe ter ie., Jans Van Kessele ter iie. en(de) den Lovenschen Wech aldaer ter ande(re) zijd(en), item een dach(mael) landts, eygen goet wesen(de), gelegen opt v(oer)s(chreven) velt tusschen de goed(en) der v(oer)s(chreve) Lijsbeth ter eenre, Vrancx De Witte ter iie. en(de) de Balsgrecht aldaer ter iiie. zijd(en), exp(osito) soo is d(aer)inne gegoidt en(de) geerft ten erffel(ijcken) rechte nopen(de) den chijnsgoede Henrick Va(n) Langendonck, soo in zijn(en) eygen(e) als ind(en) naem(e) van Cathlijne Verhagen, sijn huysv(rouw)e, p(er) mo(nitionem) en(de) aengaen(de) den dachmaele landts, eygen goet wesen(de), heeft de v(oer)s(chreven) opdrage(re) d(aer)inne gegoidt en(de) geerft ten eygen(en) rechte den voers(chreven) gehuysschen, hie(r) waeren over Liedekercke, Ketelboeter, scepen(en) van Loeven(e) en(de) eygengenoyten, item Peeter Moons, lieuten(ant) smeyers van Loeven(e), en(de) Michiel Van(der) Heyd(en), insgel(ijcx als eygengenoyten, cor(am) quibus sat(is) et war(as) tv(oer)s(chreve) dach(mael) chijnsgoet op een(en) pen(ninck) Lovens aen Geerden Van Griecken als heer van Kelffs en(de) het v(oer)s(chreve) tweede dach(mael) voer vrij eygen goet, et t(antu)m prout jure, quiquid(em) rogan(tes) quod faciunt scabini p(re)d(ictis), feb(rua)rii va.

 

De vroegere jaartelling (Brabantse stijl) speelt weer parten.  De onderstaande akte is gedateerd op 5 februari 1573 (i.p.v. 5 februari 1574).  De jaar veranderde immers met Pasen.  Ik was immers (ten onrechte) de mening toegedaan dat het jaar veranderde op 1 januari, maar dit was echter toen niet het geval.  Bovendien viel de jaarverandering niet op een vaste dag.  Pasen was immers niet steeds op dezelfde dag.

De volgende vermelding in het register nr. 7467, fol. 399r., geeft hierover duidelijkheid met de volgende vermelding.  Daaruit blijkt dat 1574 begon te lopen vanaf 11 april.

Pascha d(omi)ni pro a(nn)o 1574 fuit xia. aprilis.

Hieronder dus de akte met vermelding van Henricus Van Langendonck en Catharina Verhaegen. 

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7467, fol. 334r., akte dd. 5 februari 1573.

Item Sebastiaen Craen sone wijlen Jans, woonen(de) te Loeven(e), in tegenwoirdicheyt des meyers, scepen(en) en(de) eygengenoyten van Loeven(e) gestaen, heeft opgedragen met behoirl(ijcke) v(er)thijdeniss(en) en(de) met ressche en(de) rijse de chijns en(de) eygengoed(en) naebescreven, ierst een dach(mael) landts chijsgoet, geleghen onder de heerlicheyt van Kelffs op dBloemaerts Velt tusschen de goed(en) Lijsbets Van(den) Campe ter ie., Jans Van Kessele ter iie. en(de) den Lovenschen Wech aldaer ter ande(re) zijd(en), item een dach(mael) landts, eygen goet wesen(de), gelegen opt v(oer)s(chreven) velt tusschen de goed(en) der v(oer)s(chreve) Lijsbeth ter eenre, Vrancx De Witte ter iie. en(de) de Balsgrecht aldaer ter iiie. zijd(en), exp(osito) soo is d(aer)inne gegoidt en(de) geerft ten erffel(ijcken) rechte nopen(de) den chijnsgoede Henrick Va(n) Langendonck, soo in zijn(en) eygen(e) als ind(en) naem(e) van Cathlijne Verhagen, sijn huysv(rouw)e, p(er) mo(nitionem) en(de) aengaen(de) den dachmaele landts, eygen goet wesen(de), heeft de v(oer)s(chreven) opdrage(re) d(aer)inne gegoidt en(de) geerft ten eygen(en) rechte den voers(chreven) gehuysschen, hie(r) waeren over Liedekercke, Ketelboeter, scepen(en) van Loeven(e) en(de) eygengenoyten, item Peeter Moons, lieuten(ant) smeyers van Loeven(e), en(de) Michiel Van(der) Heyd(en), insgel(ijcx als eygengenoyten, cor(am) quibus sat(is) et war(as) tv(oer)s(chreve) dach(mael) chijnsgoet op een(en) pen(ninck) Lovens aen Geerden Van Griecken als heer van Kelffs en(de) het v(oer)s(chreve) tweede dach(mael) voer vrij eygen goet, et t(antu)m prout jure, quiquid(em) rogan(tes) quod faciunt scabini p(re)d(ictis), feb(rua)rii va.

 

Hieronder nogmaals een akte met vermelding van Henricus Van Langendonck, zoon van Arnoldus en inwoner van Herent.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7466, fol. 122r., akte dd. 12 januari 1572.

Item Aerdt De Witte soene wijlen Jans en(de) Marie Hazarts, zijn(e) huysvr(ouw)e, woonen(de) onder die prochie van Herent, hebben opgedragen met ressche en(de) rijse de goeden naebescreven ende ierst huys en(de) hoff, groot o(m)trent drije dach(maelen), gel(ijck) tselve o(m)begrepen van e(n)niger maten gelegen is onder Herent, ter plaets(en) geheeten te Coelen aen(den) Hambossch tusschen den bossch, genoempt den Ketelboeter Bossch, toebehoiren(de) eensdeels den erffg(enaemen) m(eeste)r Bartholomei Vand(en) Heetvelde en(de) eensdeels Matheeus(en) De Mu(n)tere in deene, die goeden er derffgen(aemen) Lambrechts Bormans ter ande(re), Jan Van Malcote ter derd(er) en(de) sheeren strate ter vierd(er) zijden, item alnoch een dach(mael) eygens landts, gelegen opt Thiemo(n)t tusschen de goeden h(eer) Peet(er)s Van Dale in twee zijden, tgodshuys van(de) Halfstrate aldaer ter derd(er) en(de) sheeren strate aldaer ter vierd(er) zijden, ende hebben daerinne gegoet en(de) geerft ten erffel(ijcken rechte Henrick Van Langendonck sone wijlen Aerdts, woonen(de) onder Herent, redd(idi)t quo facto, etc(etera), redd(idi)t ende voerts meer op een(e) voertaen(e) rente van sesse carolusg(ulden) te xx st(uvers) tstuck der mu(n)ten shertogen van Brabant cours en(de) loop hebbende, erffel(ijcke) rente, alle jae(re) opten xii. ja(nua)rii te betalen(e) en(de) ind(er) stadt wissele van Loven(e) los en(de) vrij, etc(etera), te leveren in futur(um), hiis interfueru(n)t Liedekercke, Ketelboete(re), scepen(en) te Loven(e) en(de) eyge(n)genooten, item P. Moons, lieuten(ant) smeyers van Loven(e), en(de) Jheroen Cloet, insgelijcx als eyge(n)genooten, cor(am) quibus sat(is) ind(ivisi)m et war(as) voe(r) vrij eygen goet, alleenl(ijck) belast metten voirs(creven) sesse carolusguld(en) erffel(ijck), met c(on)ditien dat de voirs(creve) opdrageren de voirs(creve) erfrinte van sesse carolusg(ulden) sal mogen lossen en(de) affquyten tallen tijden alst hen gelieven zal tot eend(er) reys(en), elcken carolusg(ulden) daeraff met zesthien(e) gel(ijcke) carolusg(ulden) ende met volle rente, geloven(de) voerts de v(oir)s(creve) gehuysschen ind(ivisi)m de voirs(creve) erfrinte jaerl(ijcx) ten tijde en(de) termijn(e) voirs(creven) wel en(de) loffel(ijck) te betalen(e) ende los en(de) vrij te leveren als voe(re), quolibet ass(ecu)t(um) et t(antu)m et casu quo pignora in for(m)a, etc(etera), obligan(do) et submitten(do), qui quidem rogan(tes), q(uo) faciu(n)t scab(ini) Lovanien(sis) p(re)d(ictis), ja(nua)rii xiia.

            In de marge.

Item Henrick Van Langendonck heeft bekyndt en(de) bekyndt midts des(en) aen hem bij Aerd(en) De Witte de sesse carolusg(ulden) erffel(ijck) met vollen pacht gelost, gequeten en(de) affgeleet te zijn(e), conse(n)teren(de) alzoe inde cassatie van des(en), actu(m) op heden den vierd(en) ja(nua)rii xvc. lxxiii stilo Brab(antie), s(ub)s(cripsi)t Henrick Van La(n)gendonck.  

 

Hieronder een akte met vermelding van Henricus Van Langendonck, zoon van Arnoldus.  Hij woonde te Kelfs, toen nog behorende tot Herent.  Het gaat (met het nodige voorbehoud) vermoedelijk om de man van Catharina Verhaegen.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7464, fol. 41r., akte dd. 18 augustus 1570.

 Item in jegewoirdich(eyt) des meyers van Loven(e), etc(etera), gestaen Willem en(de) Anthoenys Goirdts, gebruederen, kynderen Willems Goerts, daer moeder aff was Barbel Van Langendonck, woonen(de) tot Rotselaer, per mo(nitionem) hebbenopgedragen met behoirl(ijcke) verthieniss(e) de hellicht van seven dach(maelen) lants, gelegen opt Groot Keyster Velt inde heerlicheyt van Kelfs, daeraff dander hellicht es toebehoirende derffgen(aemen) Jans V(er)haghen tusschen de goeden der erffgen(aemen) Bartholomeeus(en) Vanden Heetvelde in deene, derffgen(aemen) jans Opten Berch t(er) ande(re), derffgen(aemen) Anthoenys(en) De Wijgaerde(re) ter derder en(de) derffgen(aemen) Jacops Goerts ter vierder zijden, item alnoch een dach(mael) lants, gelegen opt Breesip tusschen de goeden Jans Boone in deene, de goeden der kercken van Wackerzeele ter ande(re), Willem Van Langendonck ter derder en(de) sheeren strate t(er) vierd(er) zijden, exp(osito) soe es daerinne gegoet en(de) geerft ten erffel(ijcken) rechte Henrick Van Langendonck sone wijlen Aerdts, woonen(de) tot Kelfs voirs(creven) p(er) mo(nitionem) et sat(is) ind(ivisi)m et war(as) op sheeren chijs en(de) rechte van(den) gronde ta(m)q(uam) p(ro)ut jure, cor(am) Buck, Kelft, aug(us)ti xviii.

 

Nog een akte bij Van Haecht Philip.

 

Uit dit huwelijk:

 

 Van Langendonck Joannes, XIII (S5660),

 

Van Langendonck Aert, ca. 1550, x met Anna Van Ophem, ex Kortenberg, fa Joannes x Maria Geerts,

Onderstaande aktes en verdere gegevens met dank aan Paul Peeters

Hieronder een akte met vermelding van Aert Van Langendonck sone Henrick, die gehuwd was met Anna Van Ophem. Het echtpaar week uit naar Leuven, waar zij volgende kinderen lieten dopen :

- Catharina Vanlangendonck, ged. Leuven (Sint-Pieter) 07.10.1587.

- Henricus Vanlangendonck, ged. Leuven (Sint-Pieter) 23.03.1589.

- Arnoldus Van Langendonck, ged. Leuven (Sint-Pieter) 12.11.1590.

- Elisabetha Van Langendonck, ged. Leuven (Sint-Pieter) 08.06.1595.

- Wilhelmus Van Langendonck, ged. Leuven (Sint-Pieter) 16.01.1600.

- Anna Vanlangendonck, ged. Leuven (Sint-Pieter) 20.06.1601.

Er dient hier opgemerkt te worden dat bij voornoemde dopen naast de voornaam van de vader alleen de voornaam van de moeder Anna werd vermeld zonder enige aanduiding van de familienaam. Er kan dus voorlopig geen volledige zekerheid over hun kinderen gegeven worden.

Arnold Van Langendonck en Anna Van Ophem werden gegoed in goederen die zij hadden gekocht of verkregen van Lucas De Rijcke en Barbara De Witte van Wakkerzeel, die de goederen op hun beurt voor de schepenen van Werchter hadden verkregen van Huibrecht Kerinx ende Gielis Baten alias Moons.

Het kan soms erg boeiend zijn, zeker in deze vroege periode.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7481 fol. 162r-163r, akte dd. 20.02.1589.

Item in tegenwoirdich(ey)t des meyers ende der schepenen van Loven(en) naerbescreven naerbescr(even) gestaen Lucas De Rijcke sone wijlen Willems ende Barbara De Witte, gehuysschen, woonen(de) tot Wackerzeel, per mo(nitionem) hebben opgedrag(en) met behoorlijcke verthijdenisse, ierst een dachm(ael) wermoes landts, gelijck tselve onbegrepen der juyster maten geleg(en) is tot Wackerzeele voers(creven) opd(en) Winckele aldaer, regen(oten) die goed(en) jonckh(ee)rs Peeters Van Griecken ter eende(re), Anna opden Berch ter ande(re), Peeter Van Meerbeke ter derdere ende die voers(creven) Lucas, opdrage(re) ter iiiie. sijd(en), item alnoch eene plecke winnens landts, groot een dachm(ael) oft d(aer)ontrent, gelijck die selve geleg(en) is onder Wackerzeel voers(creven) opde Cleyne Laecke ald(aer), regen(oten) die goed(en) jonckh(ee)rs Anthonis Van(den) Heetvelde ter eende(re) ende tweede(re), derffgen(amen) Peeters Van Langendonck ter derde(re) en(de) die leybeke aldaer ter vierdere zijd(en), gelijck die selve gehuysschen die voers(creve) goeden staen(de) hu(n)nen houwelijck, geled(en) ontrent den twee jaren, voer schepen(en) van Werchte(re) vercreg(en) hebben gehadt, respective teg(en) Huybrecht Kerinx ende Gielis(en) Baten al(ia)s Moons, ende die selve v(oer)s(creve) opdrageren daervuyt ontgoedt ende onterft zijn(de), soe is d(aer)inne gegoedt en(de) geerft ten erffel(ijcken) rechte Aerdt Van Langendonck sone wijlen Henr(ick), woonen(de) te Loven(en), soe tot behoeff van hem selven als ind(en) name en(de) tot behoeff van Anna Van Ophem, zijn(e) huysv(rouw)e, per mo(nitionem) et sat(is) die voers(creve) gehuysschen indivisim obligan(do) et submitt(endo) ac renu(n)t(iando) previlegiis et exceptionibus quibuscu(m)q(ue) et waras voer onbelast, p(rese)nt jure tenentur a d(omi)ni fundi, cor(am) Luenis, Liebrechts, februarii xxa., 1589.

In de marge.

S(olvi)t.

Is gebleken bij zelve quitan(tie) van(der) date 18. ap(rilis) 1589, ond(er)t(eecken)t De Proest, de pontpen(ningen) van dese twee p(ar)cheelen bet(ael)t te zijn(e), act(um) ap(rilis) 21, 1589.

 

BRON : S.A.L, Inventaris Cuvelier, register nr. 7481, akte dd. 05.06.1589.

Transcriptie folio 284v.

Item in tegenwoirdich(ey)t des meyers en(de) schepen(en) van

Loven(en) naerbes(creven) gestaen Marie Kerinx dochtere

wijlen Geerdts, met consente, bijzijn(e) en(de) overstaen(e)

Jans Claes sone wijlen Henr(icx), haers mans, woonen(de)

tot Sterbeke, p(er) mo(nitionem), heeft opgedrag(en) met

behoorl(ijcke) v(er)thijdenisse drije ende een halff

dachm(alen) landts, luttel min oft meer, geleg(en)

ond(er) Thieldonck opde Boe(m)morte(re), regen(oten)

..................................................................................... [n.v.],

gelijck tselve stuck landts haer opdragersse

in deylin(ge) is gevallen voer meye(re) en(de) schepenen

In de marge.

No(t)a dat(um).

S(olvi)t.

Transcriptie folio 285r.

van Berthem, exp(osito) soe zijn d(aer)inne

gegoedt en(de) geerft geweest ten erffel(ijcken)

rechte Aerdt Van Langendonck sone wijlen

Henr(icx) ende Anna Van Ophem dochtere

wijlen Jans, zijn(e) huysv(rouw)e, woonen(de) te

Loven(en), per mo(nitionem) et sat(is) obligan(do) et submitt(endo)

et war(as) op sheeren chijns v(anden) gronde, bedragen(de)

jaerl(ijcx) ontrent een(en) stuyve(re) en(de) ingevalle

men bevindt meer commers daer vuyt te

gaen(e), soe zullen die v(oer)s(creve) opdrageren

den v(oer)s(creven) Aerd(en) en(de) zijn(e) huysv(rouw)e daeraff

recompens doen(e), tanq(uam) p(ro)ut jure,

cor(am) Luenis, Liebrechts, junii va., 1589.

Commentaar.

Maria Kerinx Geertsdochtere en haar man Jan Claes Hendrikszone, wonende te Sterrebeek, dragen ca. 3 dagmaal land, gelegen op de Boemmorter te Tildonk, over aan Arnold Van Langendonck Hendrikszone en Anna Van Ophem Jansdochtere, wonende te Leuven.  Maria Kerinx had het goed verkregen bij scheiding en deling, verleden voor de meier en de schepenen van Bertem.

In de akte wordt dus melding gemaakt van niet minder dan 3 verschillende gemeenten, die toch niet naast mekaar liggen.

Verder vernemen we uit de akte dat zowel Hendrik Van Langendonck als Jan Van Ophem reeds overleden waren vr 5 juni 1589.

Uit de website "Tilloenk en Sewaureg" meen ik te mogen afleiden dat Boemmorter ergens in de buurt van Hambos moet gelegen zijn.

BRON : Stadsarchief Leuven, register nr. 7482, folio 254r, akte dd. 19 februari 1590.

Transcriptie

Item in tegenwoirdich(ey)t des meyers en(de) schepen(en) van Loven(en)

naerbes(creven) Goerdt en(de) Huybrecht Kerinx, gebroederen,

Anna Kerinx, suste(re) der voers(creve) gebroed(er)en, met cosente,

wille, wete, overstaen(de) en(de) authorisatie Ingelberts

Van Espen, haers mans, kind(er)en wijl(en) Peeters, woonen(de)

onder Campenhout, p(er) mo(nitionem) hebb(en) opgedragen met

behoorl(ijcke) v(er)thijdenisse een halff boende(re) landts

vuyt en(de) van drije en(de) een halff dachm(alen), soe tselve

onbegrepen der mat(en) geleg(en) is tot Wackerseele

opde Waterle, regen(oten) Jan Leerbijls ter eendere,

derffgen(amen) Stroobants ter iire., derffgen(amen) Van(den) Heetvelde

ter derdere en(de) d(en) Bruel alh(ier) ter vierde(re) zijd(en), exp(osito)

imp(ositus) est Aerdt Van Langendonck sone wijl(en) Henr(ick),

woonen(de) bynnen des(er) v(oer)s(creve) stadt, per mo(nitionem) et sat(is) die

voers(creve) opdrageren, obligan(do) et submitt(endo) se et

sua in for(ma) et war(as) opd(en) last van twee tournois(en)

oudt cheyns aen(den) heyligengeest van Wackerseele,

tanq(uam) prout jure, coram Edelheere,

Griecken, feb(ruarii) xix, a(nn)o xvc. xc.

 In de marge.

S(olvi)t iiii s(tuyvers).

Is gebleken bij quitan(tie) m(eester)s Mathijs De Proest, rentm(eeste)rs van Rotselaer en(de) d(aer)ontrint, in date ap(rilis) 25, 1590, die pontpen(ningen) van des(en) bet(ael)t te zijn(e), act(um) ap(rilis) 28, 1590.

Die buyt(en) goed(en) m(eester) Jans Kerinx, ged(aen) bij Henr(ick) Vand(en) Roost en(de) zijnd(er) huysv(rouw)e staet ap(rilis) 7, lib(ro) 35 in hac camera.

Hieronder een schepenakte met vermelding van Arnoldus Van Langendonck, zoon van Hendrik. Vermoedelijk gaat het om Aert Van Langendonck, zoon van Hendrik en Catharina Verhaegen en man van Anna Van Ophem.  In de akte is ook sprake van Joannes Van Langendonck, zoon van Guilielmus.  Mogelijk past hij ook in dat plaatje.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8229, fol. 366r., akte dd. 11 mei 1591.

Item, in p(rese)ntia villici, etc(etera, gestaen jouff(rouw)e Barbara Van Hougaerden dochter wijlen Willems wed(uw)e wijlen Adriaens Van(der) Heyden, soe inden naem van haer selven voer de tochte als vuyt crachte ende nae vermogen van(den) consente, haer gegeven voer derffelijckheyt bij Anna Van(der) Heyden, haere dochtere, met consente en(de) overstaen(e) heer ende m(eeste)r Reynier Meydael, licentiaet ind(en) rechten, haers mans, als tselve blijcken(de) was bij den instrumente daer op gedepesscheert opten xxviiien. julii a(n)no xvc. lxxxviii voer Cornelis Taymans, openbaer notaris ende zekere getuygen, den schepen(en) gebleken, ende heeft vuyt crachte van(den) voirs(chreven) consent geassisteert met eenen vrempden momboir, haer in rechte verleent, opgedragen met behoirlijcke verthijdenisse een halff boender bempts, gelegen onder die prochie van Wackerseel, geheeten het dWaesscheussel, regenoten ... [n.v.], gelijck Jan Van Langendonck sone Willems tselve in hueringe es houdende, exp(osito) imp(ositus est jure hered(itari)o Aert Van Langendonck soene wijlen Henricx, per mo(nitionem) et satis de voirs(chreve) opdragersse, soe voorde tochte als voer derffelijckheyt, oblig(ando), submitt(endo) ac renunc(iando) privilegio senatusconsulti velleani de quo certiorata et waras op een cappuyn ende een penn(inck) Lovens aenden heer van Rotselaer, t(ermin)is tanq(uam) prout jure aut, coram Loenis, Liebrechts, maii xi.

 

In deze akte maakt men melding van Arnoldus Van Langendonck en zijn vrouw  Anna Van Ophem dochtere Joannes, inwoners van Leuven. De akte is wel degelijk van 5 juni 1621, doch in de akte staat een paradoxe datum (datum na het verlijden van de akte). Het moet dus een vergissing van de klerk geweest zijn.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7511, folio 225v., akte dd. 5 juni 1621.

Item in tegenwoordich(eyt) des meyers en(de) schepen(en) van Loven naerbes(creven) gestaen Aerdt Van Langendonck en(de) Anna Van Ophem dochter wijlen Jans, gehuysschen, woonen(de) bynnen des(er) voors(creve) stadt Loven, om te voldoenin(ghe) (!) alsulcken leth van(den) vonnissse, gewesen bijde voors(creve) schepen(en) opden xxixen. dach may 1621 tusschen den voors(creven) Langendonck en(de) Henrick V(er)hulst cum suis nopen(de) de hipotheca(ti)e van drije rinsg(u)l(dens) ses stuyvers viii d(enieren) arthois, wesen(de) het vi. deel van xx rinsg(u)l(dens) erffel(ijck), naerder int voors(creven) vonnis v(er)melt, per mo(nitionem) hebben opgedraegen met behoorl(ijcke) v(er)thijdenisse een(en) bempt, gelegen onder die prochie van Campenhout, geheeten de Suerhaghe, groot ontrent elff dachmaelen, regen(oten) sheeren straete ter ie., de Voertbeeck ter iie., het Suerblock ter iiie., derffgen(aemen) Sergijsens ter iiiie. zijden, exp(osito) ende m(eeste)r Aerdt Cuypers ind(en) naem en(de) tot behoeff van Henrick V(er)hulst en(de) consorten, erffgen(aemen) van wijlen Michiels Van Ophem, imp(ositus) per mo(nitionem) redd(idi)t om den voors(creven) bempt te hauden en(de) voertaen te besitten opde lasten daer te vorens op vuytgaen(de), te weten aen het clooster van Betanien met seeckeren cleynen chijns en(de) drije rinsg(u)l(dens) erffel(ijck) aen een cappelrije in S(in)te Rombouts kercke tot Mechelen tanquam prout iure, daerop die voors(creven) opdraege(re) den sel(ven) bempt zijn waranderen(de) ende voorts opde voors(creve) rente van drije rinsg(u)l(dens) vi st(uyvers) viii d(enieren) erffelijcke rente, jaerl(ijcx) vallen(de), v(er)schijnen(de) en(de) te leveren, gel(ijck) dierste brieven daeraff zijn(de), naerder begrijpen, geloven(de) voorts die voors(creven) Aerdt Van Langendonck die voors(creve) rente van drije rinsg(u)l(dens) vi st(uyvers) viii d(enieren) jaerl(ijcx) wel en(de) loffel(ijck) te betaelen en(de) leveren, los en(de) vrije van allen impositien oft exactien, innegestelt oft naemaels inne te stellen in futur(um) quolibet assecut(um) obligan(do) et submitten(do) se et sua in forma, coram Greve, Van(den) Broecke, junii xxii., 1621, met conditie dat die voors(creve) opdraegeren oft henne naercomelin(gen) de voors(creve) rinte van drije rinsg(u)l(dens) ses stuyvers viii d(enieren) sullen mogen lossen tallen tijden alst hun gelieven zal teender reysen tegen den penn(inck) xxtich. loopen(de) munte, coram Pulle, Willemaerts, junii va., anno 1621.

Item die voors(creve) opdraegeren v(er)cleeren de voors(creve) hypotheca(ti)e te doen onder de protestatie, bij hem gedaen en'(de) gescreven op des(er) stadt reg(ist)re onder de consigna(ti)e van seeckere penn(ingen), bij hem aldaer als onder de wet gestelt tot behoeff der voors(creve) erffgen(aemen) Van Ophem, voorder oft anderss(in)t[s] nyet, eisd(em).

 

Van Langendonck Henricus, x met Catharina Verhaegen, fa Jan x Cathlyn Van Puddegem, ex Rijmenam,

 

Van Langendonck Catharina, ca. 1550,

 

Van Langendonck Gerardus,

 

Van Langendonck Jaspar, x met Elisabeth Van Ophem , fa Joannes x Maria Geerts,

WSP1950: 7 dec 1644:
Heer Pierre Philip De Castele heer van Wespelaer etc ter eenre ende Antoon Van Laer woonende tot Tildonck voor de tochte misgaders Jan Van Laer & Aert Van Meerbeke als momboirs van Elisabeth Van Laer minderjaerige dochter vanden voors Antoon Van Laer x Joanna Van Meerbeke suster vande voors Aert Van Meerbeeck voor de proprietyt ter andere sijde hebben getransporteert bij forme van erfmangelinge te weten den eersten comparant een dagmael opt Cleijn Beeckvelt ende de tweede comparanten een dagwant op de Varent in Nederassent opde voors Elisabeth verstorven mits de doot van Anna Van Langendonck, Geraert Van Langendonck en Joanna Van Meerbeeck, en ingeval de voors Elisabeth soude aflijvig comen te worden sonder wettige kinderen achter te laeten dat het dagwant sal succederen op de kinderen van Jan Van Meerbeeck daer moeder af was Joanna Van Malcot
.
 

P. 35: Elijsabeth Van Ophem x Jasper Van Langendonck
Anna Van Ophem x Aert Van Langendonck
kinderen van Jan Van Ophem x Maria Geerts
.
   

 

Hierbij een akte (met dank aan Paul Peeters) met vermelding van Anna Van Langendonck, dochter van Henricus en Elisabetha Van Ophem. Ook wordt er melding wordt gemaakt van Joannes Van Langendonck, zoon van wijlen Henricus en inwoner van Wakkerzeel, en zijn broer Arnoldus Van Langendonck. Op voornoemde pagina vermeldde je dat Anna de dochter is van Gaspar Van Langendonck en Elisabetha Van Ophem. Hier lijkt iets onduidelijk.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7498, folio 78v., akte dd. 5 december 1605.

Item Jan Van Langendonck sone wijlen Henricx, woonen(de) tot Wackerseel, heeft gecedeert, getransporteert en(de) overgegeven, cedeert, transporteert en(de) geeft overe midts desen Aerdt Van Langendonck, zijn(en) broeder, tot behoeff van Anneken Van Langendonck dochter wijlen Henricx, daer moeder aff was E(lisa)b(e)th Van Ophem twee carol(us) g(u)l(dens) en(de) x st(uyvers) erffel(ijck), vallen(de) den xixe. octob(ris) 1565 en(de) bekent voor schepen(en) van Loven bij Andries Van Cale en(de) E(lisa)b(e)th Leys opden xixe. octob(ris) 1565 in prima, en(de) den voors(chreven) transporta(n)t gelegateert met testam(ent) van wijlen Henrick Van Langendonck opden xxiien. augusti 1598, gepass(eer)t voor m(eeste)r Servaes Alim als not(ari)s, cederen(de), transporteren(de) en(de) geven(de) voorts overe die voor(chreven) transportant den voors(chreven) zijn(en) broeder ind(en) naem als boven derffbrieven daeraff zijn(de), met allen en(de) iegel(ijcke) conditien en(de geloeften, daerinne begrepen, ten sel(ven) rechte, et sat(is) et war(as) voor eene goede, ombelaste oft onverthierde rinte, coram Rijcke, Ophem, decemb(ris) va., 1605.

 

XIV - Van Langendonck Joannes (M), x met Anna Gordts.

 

Een akte bij Engelborghs.

 

Uit dit huwelijk:

 

 Van Langendonck Anna XIII (M6669),

 

Van Langendonck Guilielmus,

 

Van Langendonck Joannes,

 

Van Langendonck Margaretha, x met Nicolaus Lenaerts,

 


 

XVI - Willem Van Langendonck (M), schepen, x met Van Haecht Cathlyn (M), ca. 1544.

 

H835: Fo 38v: 24 apr 1597:
Margriet VL dochter Jacops x Hendrik Van Haecht in mangelinge met Willem Van Langendonck x Catherijn Van Haecht welke haer is verstorven van Elisabeth Van Loossens haer oude moije en van Peeter Van Loossen alias Walravens broedervan

 

4

 

vs Elijsabeth.
End everstorven na de dood van Jacop Van Langendonck haeren vader en bij hem vercregen toen hij leefde van voors Peeter De Schrijnmaker alias lanx den cant
  

 

Hieronder (met dank aan Paul Peeters) een akte met vermelding van Guilielmus (Willem) Van Langendonck sone Jans en zijn vrouw Catharina (Cathlijn) Van Haecht, inwoners van Haacht.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7468, fol. 131v., akte dd. 22 november 1574.

Item in jegewoirdich(eyt) des meyers van Loven(e) en(de) den scepen(en) naebescr(ev)en, woonen(de) tot Thieldonck, per mo(nitionem), etc(etera), heeft opgedragen met behoirl(ijcke) v(er)thieniss(en) een dach(mael) beempts, gelijck tselve ombegrepen van(der) maten gelegen is int Werchterbroeck tusschen de goeden der erffgen(aemen) Jans wijlen Raeps in deene, de leygracht ter ande(re) en(de) de goeden Peet(er)s Van Espent ter derd(er) zijden, gelijck hij opdrage(re) tvoirs(creven) stuck erven den xxviii. junii lestleden v(er)cregen heeft met meer ande(re) goeden tegen Jan(nen) Vand(en) Ynde al(ia)s Raeps, exp(osito) imp(ositus) est ten erffel(ijcken) rechte Willem Van Langendonck sone wijlen Jans, soe tot behoeff van hem selven als tot behoeff Catlijn(en) Van Haecht, zijn(e) huysvr(ouw)e, woonen(de) te Haecht, ende dat bij maniere van naderschap et sat(is) et war(as) daerop dat hij tvoirs(creven) goet nyet en heeft belast, getransporteert noch gealieneert, cor(am) Berthijns, Wils, nove(m)br(is) xxii.

 

Hierbij een interessante akte met NIEUWE gegevens. In de akte wordt melding gemaakt van :

-     Cornelius Van Hamme, man van Judoca Van Langendonck, wonende te Humelgem;

-     Joannes Docx, man van Anna Van Langendonck, wonende te Haacht;

-     Catharina Van Langendonck, weduwe van Anthonius Schelckens, wonende te Kortenberg.

Uit de akte blijkt dat Judoca, Anna en Catharina gezusters zijn.

Verder werd in de akte ook Judocus Van Hamme geciteerd als inwoner van Humelgem. Het gaat hier ongetwijfeld om de zoon van Cornelius en Judoca Van Langendonck en de man van Elisabetha Van Geel.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7500, folio 85v., akte dd. 9 juni 1610.

Item in tegenwoirdicheyt des meyers en(de) schepenen van Loven naerbescreven gestaen Joos Van Hamme, woenen(de) tot Humelgem, vuyt last ende naer v(er)moghen van seeckere procura(ti)e speciael ende irrevocabel, hem gegeven bij jo(ncker) Louys Van Provijn soene wijlen hee(re) Franchois, gepass(eer)t voer Jacques Hautman als not(ari)s, tot Brussel resideren(de), en(de) seeckere getuyghen opden xxv. dach may anno xvic. en(de) zeven, bijden naerbescreven schepen(en) gesien en(de) gebleecken, p(er) mo(nitionem) heeft opgedraeghen met behoirlijcke verthijdenissen eenen bempt, groot drije en(de) een halff boenderen, in sulcker groetten, vueghen en(de) manieren, gel(ijck) dijen geleghen es onder Haecht int Schouwenbroeck, geheeten den Kievits Heuvele, den voirs(creven) jo(ncker) Louys gelegateert metten testamente des voirs(creven) zijne vaeders, exp(osito) imp(ositi) sunt Cornelis Van Hamme en(de) Jan Docx, woenen(de) respective tot Imelgem en(de) Haecht, soo tot behoeff van hen als henne respective huysvrouwen Josijne Van Langendonck en(de) Anna Van Langendonck, mede oyck tot behoeff van Catthelijn Van Langendonck weduwe wijlen Anthoin Schelckens, woenen(de) tot Corttenberch, gesusters, soo voer haer als voer haere kinderen, behouden vanden voirs(creven) Anthoin, haeren man, ende dat bij voergaen(den) coop om en(de) voerde so(mm)e van vierhondert en(de) vijfftich rins(guldens) eens, daeraff gedaen en(de) bijde v(oir)s(creve) cooperen bet(aelt, et satis die v(oir)s(creven) opdragere vuyt last als voer, obligan(do) et submitten(do) p(er)sonam et bona sui constituent(is) in forma, et war(as) op neghen mijten ts(iae)rs, tanquam prout iure, coram Loomans Broecke, Loomans, junii ixa., 1610.

 

Uit dit huwelijk:

    

Van Langendonck Jan, ca. 1570, x Haacht 24.07.1594 met Van Haecht Maria,

Bijgaand een akte (me dank aan Paul) met vermelding van Joannes Van Langendonck en zijn vrouw Maria Van Haecht, inwoners van Haaht.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7507, folio 354v., akte dd.  (05.05.1617) - scan 708

Item, in p(rese)ntia villici, etc(etera), gestaen Jan Van Langendonck en(de) Marie Van Haecht, gehuysschen, woonen(de) tot Haecht, p(er) mo(nitionem) hebben opgedraegen met behoorl(ijcke) v(er)thijden(isse) een huys en(de) hoff met allen zijn(e) toebehoorten, groot ontrent een halff boen(der), gelegen tot Haecht voors(creven), regen(oten) de Scharent gemeynte ter eenre en(de) tweedere en(de) Rombout Van(den) Houte ter iii. zijden, item vijff dach(maelen) landts oft bloke, gelegen aldaer aen sheeren straete ter eenre, derffgen(aemen) Mertens Cleymans ter iie. ende den heer van Meldert oft zijn(e) erffgen(aemen) ter iiie. zijden, gel(ijck) dopdraegeren die selve goeden v(er)cregen hebben bij maniere van naerderschap tegen Geeraert Van(der) Gauwen voor schepen(en) van Haecht voors(creven) opden xii. feb(rua)ry anno 1604, exp(osito) ende Symoen Poelmans als rentm(eeste)r van(de) Ongeschoedde Carmeliterssen alhier bynnen Loven, imp(ositus) per mo(nitionem) redd(idi)t opden last van ontrent xxvii st(uyvers) erffel(ijck) van oudts daerop vuytgaen(de), ende voorts meer op negen gul(den)s te xx st(uyvers) tstuck loopende munte en(de) seven een(en) halven gel(ijcke) stuyvers erffel(ijcke) rente, alle jaer op daete des(er) te v(er)schijnen en(de) in des(er) stadt wissele van Loven te leveren tot behoeff des voors(creven) goidtshuys, los en(de) vrije van beden, xe., xxe., ce. en(de) allen anderen, mindere oft meerdere penn(ingen) en(de) impositien, innegestelt oft naermaels inne te stellen in futur(um) quolibet assecutum et satis et waras ut sup(ra), geloven(de) die voors(creve) gehuysschen die selve rente van negen gul(dens) vii st(uyvers) alle jaer ten tijde en(de) termijn(e) voors(creven) wel en(de) loffel(ijck) altijts te betaelen en(de) te leveren, los ende vrije als boven in toecomen(de) tijden telcken termijn als schult met rechte v(er)wonnen, obligan(do), submitten(do) ac renun(tiando) in forma et casu quo pignora, etc(etera), met conditie dat die voors(creve) opdraegeren oft hunne naercomelin(gen) die voors(creve) rente van ix gul(dens) vii 1/1 st(uyvers) sullen mogen lossen en(de) affquytten tallen tijden alst hun gelieven sal teender met hondert daelders eens loopende munte en(de) met volle rente, coram Roeloffs, Van Thienen, maii via., 1617.

            In de marge.

Uxor non interfuit sed promisit maritus eam infra octo prestare eisd(em).

Es alhier gebleken van(de) quictan(tie) van dese negen g(u)l(dens) vii st(uyvers), geschreven bijde handt van deerw(eerdige) priorinne des goidtshuys van Carmeliterssen, alhier genoempt, Isabel de Sain Paul, hiernaer van woerde tot woerde volgen(de), ick onders(crev)en, priorinne van het clooster van(de) Carmeliterssen binnen Loven, kenne ontfaen te hebben de so(mm)e van hondert en(de) vijfftich g(u)l(dens) voer het capitael van dese bovenschreven rente en(de) achthien gul(dens) en vijffthien stuy(vers) voer twee jaeren v(er)loops van(de) selve en(de) was ondert(eecken)t Ysabel de Sain Paul, prieure, en(de) staet deselve quictan(tie) onder een cop(ije) van dese constitutie et sic vacat, actum hac 3. july 1623 ter p(rese)ntien van m(eeste)r Huybrecht Sodalis als rentm(eeste)r des v(oor)s(creven) goidtshuys.

 

Bijgaand een akte met vermelding van Joannes Van Langendonck en Maria Van Haecht, inwoners van Haecht.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7509, folio 86v., akte dd. 17 november 1618.

Item in p(rese)ntia, etc(etera), gestaen Jan Van Langendonck ende Marie Van Haecht, gehuysschen, woonen(de) tot Haecht, hebben indivisim bekendt deuchdelijck schuldich te zijn aen h(ee)r Vincent Berthijns als executeur van(den) testam(ente) van wijlen jo(uffrouw)e Heylwich Berthijns, sijne sustere, alhier present en(de) tselve accepteren(de) tot behoeff desselffs sterffhuys, thien carolus g(u)l(dens) te xx st(uyvers) tstuck loopende munte, erffel(ijcke) rente, alle jaer op date deser te v(er)schijnen en(de) in deser stadts wissel van Loven te leveren, los en(de) vrije in futr futurum quolibet assecut(um) et tantum obligan(do), submitten(do) ac renun(tiando) in forma, et ad mo(nitionem) pignus valens, etc(etera), met conditie dat die voors(creve) bekinders oft henne naercomelingen die voors(creve) rente sullen mogen quytten alst hun gelieven sal ter teender reyse tegen den penn(inck) xvi en(de) met volle rente, coram Duffle, Edelheer, novemb(ris) xviia., 1618.

            In de marge.

 Uxor non interfuit sed promisit eam ad mo(nitionem) prestare, eisd(em).

 Opden viiien. november 1627 heeft heer Walterus Esschius als procurator der Collegie van Atricht alhier bekent bijden heer president Schinckelius aldaer ontfangen te sijn vuyt handen Jans Van Langendonck de capitale pen(ningen) mette v(er)loopen deser thien g(uldens) erffel(ijck) achtervolgen(de) de quictan(tie), bijden selven heer president ondert(eeckent) den xxv. octob(ris) lestleden, alhier gethoint, consenteren(de) alsoe inde cassatie van desen, et sic vacat.

Ita testor, Walterus Eschius.

Waarschijnlijk past de onderstaande akte (met dank aan Paul Peeters) met vermelding van Joannes Van Langendonck, zoon van Guilielmus (Willem) en inwoner van Werchter, in het plaatje. 

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7857, fol. 191r., akte dd. 21 januari 1572.

Item Johannes Van Langhendonck filius quondam Wilhelmi, woonen(de) te Werchter, obligan(tes), recognovit se debere Wilhelmo prius filio Wilh(elmo) tres florenos caroli te xx st(uferos), mo(ne)te curren(tis), hered(itarium) redd(itus) singulis a(n)nis ad xxi. januarii, p(er)solven(dis) et in ca(m)bio quite et libe(re), quol(ibe)t ass(ecutu)m ad mo(nitionem) pignus val(ens) et t(antu)m et poterit redimere q(ua)n(do) vol(verit) quemlibet denariu(m) exin(de) mediantibus sedecim d(enariis) c(on)s(imilibu)s ac cum, cora(m) Duffle, Ketelboeter, xxi. januarii.

 

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7499, folio 291v., akte dd. 6 februari 1609.

Item in tegenwoordich(eyt) der schepen(en) van Loven naerbes(chreven) gestaen Jan Van Langendonck sone Willems, woonen(de) tot Haecht, heeft bekindt en(de) bekindt midts desen schuldich te zijn jo(uffrouw)e Heylwich Berthijns, lest wed(uw)e m(eeste)r Joos Muyshondt, in zijn(en) leven s(ecreta)ris ordinaris in Brabant, achthien carol(us) gul(den)s te xx st(uyvers) Brab(an)ts stuck ts(iae)rs, erffel(ijcke) rinte, jaerl(ijcx) vallen(de) en(de) v(er)schijnen(de) opden vie. dach feb(rua)rii, ende bynnen des(er) stadt wissele van Loven te leveren de voors(chreve) jo(uffrouw)e Heylwich en(de) haere naercomelin(gen), los en(de) vrije van ve., xe., xxe., ce. en(de) van alle andere impositien en(de) exactien, innegestelt oft naemaels inne te stellen in futur(um) quolibet assecut(um) obligan(do) et submitten(do) ac renun(tiando) in forma, et ad mo(nitionem) pignus vallens duplu(m), etc(etera), met conditie dat die voors(chreven) bekinder oft zijne naercomelinghen die voors(chreve) erffrinte van xviii carol(us) gul(den)s erffel(ijck) sullen lossen en(de) affquytten tallen tijd(en) alst hun gelieven sal teend(er) reysen, elcken guld(en) erffel(ijck) met xvie. gel(ijcke) gul(den)s loopen(de) munte, ac cum, coram Asscha, Maes, feb(rua)rii via., 1609.

Op heden den xe. septemb(ris) 1618 heeft h(ee)r Vincent Berthijns als executeur van(den) testam(ente) jo(uffrouw)e Heylwich bekent vuyt handen Machiels Van Langendonck ontfangen te hebben die cappitaele penn(ingen) mette v(er)loopen van dese rente van xviii g(u)l(dens) erffel(ijck), consenteren(de) alsoo inde cassatie van dijen, actu(m) ut sup(ra), oircond(en), etc(etera), ond(erteecken)t Vincentius Berthijns.

 

Hierbij een akte met vermelding van Joannes Van Langendonck zone Guilielmus en zijn vrouw Maria Van Haecht, inwoners van Haacht.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7495, folio 123r., akte dd. 16 februari 1604.

Item in tegenwoordich(eyt) des meyers en(de) schepen(en) van Loven naerbes(chreven) gestaen Cath(elij)ne Tymmermans dochter wijlen Michiels met consente, overstaen en(de) authorisatie Jans V(er)hulst, haers mans, woonen(de) tot Thieldonck, bij maniss(e) heeft opgedragen met behoorl(ijcke) v(er)thijden(isse) een dach(mael) landts, gelegen onder Haecht opt Hulteren Velt tusschen den wech gaen(de) van Haecht naerden Hoenberch in deene, die goeden der kercke van Haecht, geheeten Trumstuck, ter iie., den H(eyligen) Gheest van Haecht ter iiie. en(de) derffgen(aemen) Thinghieters ter iiiie. zijd(en), gel(ijck) tsel(ve) stuck haer opdraegersse gelegateert is bijden testamente van Barbara Switten in date ix. may 1582 en(de) gepass(eer)t voor m(eeste)r Carel Boomgaert, openbaer not(ari)s, en(de) zeke(re) getuyghen ten daeghe voors(chreven), exp(osito) imp(ositus) est Jan Van Langendonck sone Willems, soo tot behoeff van hem sel(ven) als Mayken Van Haecht, zijn(e) huysvr(ouw)e, woonen(de) tot Haecht voors(chreven), p(er) mo(nitionem) et sat(is) indivis(im) et war(as) op drije hal(steren) rocx aen derffgen(aemen) Remeys Smee Smeets en(de) derffgen(aemen) Mathijs Ouwer Aa, tanqua(m) prout iure, coram Duffle, Liebrechts, feb(rua)rii xvia., 1604.

Senten(tiatum) p(er) m(agist)rum Hubert(um) Sodal(is) tanqua(m) receptor bonor(um) quond(am) d(omi)ni Stephani Jacops, coram Roeloffs, Maelstede, act(um) ixa., augusti 1616.

     Uit dit huwelijk:

     Van Langendonck  Cornelius, () Haacht 10.03.1596,

     Van Langendonck Jan, () Haacht 26.01.1600,

     Van Langendonck Aert, () Haacht 05.09.1602,

     Van Langendonck Petrus, () Haacht 04.05.1605,

     Van Langendonck Rombout, () Haacht 14.03.1608,

     Van Langendonck Willem, () Haacht 14.11.1610,

     Van Langendonck Anna, () Haacht 01.11.1615,

     Van Langendonck Remigius, () Haacht 13.01.1622,

 

Van Langendonck Judoca - Josina (M11727 + M15457),

 

Van Langendonck Michael, x Haacht 28.10.1601 met Catharina Verhulst, fa Arnoldus (fs Joannes x Martina Van Nieuwenhuysen),

In de volgende akte (met dank aan Paul Peeters) maakt men melding van Michael Van Langendonck, schoonzoon van Arnoldus Verhulst zone Joannes en van Martina Van Nieuwenhuysen, allen inwoners van Haacht. Uit dit gegeven kan ik afleiden dat Michael Van Langendonck gehuwd was met hun dochter Catharina Verhulst .

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7500, folio 47r., akte dd. 11 januari 1610.

Item Aerdt Verhulst soene wijlen Jans, en(de) Martijne Van Nyeuwenhuyse, zijn(e) huysvr(ouw)e, ende Michiel Van Langendonck, zijn schoensoen, woenen(de) onder Haecht, hebben bekint en(de) bekinnen midts desen indivisim schuldich te zijn Jan Maes, tegenwoirdich borgem(eeste)r deser stadt Loven, ende Gheeraerdt Boels als momboirs van(de) twee kinderen Jans Van Haecht en(de) wijlen Jacomijne Vos, daer grootvaeder aff was wijlen m(eeste)r Willem Vos, tot behoeff der selve kinderen twelff carolusgul(dens) te xx st(uyvers) Brabants tstuck, erffel(ijcke) rinte, jaerl(ijcx) vallen(de) en(de) verschijnen(de) opden xie. january en(de) bynnen deser stadt wissele van Loven te leveren tot behoeff als voer, los en(de) vrije van bede, ve., xe., xxe., ce. en(de) van alle andere, mindere oft meerdere penn(ingen) en(de) impositien, innegestelt oft naemaels inne te stellen in futurum quolibet ass(ecu)t(um) ad mo(nitionem) pign(us) valens duplu(m) et tantu(m), obligan(do), submitten(do) ac renuntian(do) in forma, met conditie dat de voirscreven bekinders oft henne naecomelinghen de voirs(creve) rinte van twelff carolusgul(dens) erffel(ijck) sullen moghen lossen en(de) affquyten tallen tijden alst hen gelieven sal teender reysen, elcken carolus gulden erffel(ijck) met xvi gel(ijcke) carolus gul(dens) loopen(de) munte, ac cum, d(omi)no primi, cor(am) Schore, Loomans, januarii xia., 1610.

Item die voirs(creve) gehuysschen hebben geloeft en(de) geloven midts desen voer den voirs(creven) Michiel Van Langendonck te betaelen een hondert xcii r(insguldens) eens tot zijnd(er) manissen oft hem van(de) voirs(creve) rinte van xii r(insguldens) erfffel(ijck) costeloos en(de) schaedeloos ontlasten, obligan(do) et submitten(do) in forma l(it)tere apart, eisd(em).

            In de marge.

Item Jan Maes, tegenwoirdich schepen deser stadt Loven, heeft bekint, gel(ijck) hij bekint mits desen, de capitaele pe(n)nin(gen) mette volle v(er)loopen van(de) xii r(insguldens) erffel(ijck), in dit contract naerder geruert, ontfanghen te hebben van Michiel Van Langendonck, consenteren(de) alsoo inde cassatie van(de) selve rinte, et sic vacat, act(um) vii. novemb(ris) 1617.

P. Maes.

 

De akte maakt melding van Arnoldus Verhulst zone Joannes, zijn vrouw Martina Van Nieuwenhuyse en hun schoonzoon Michael Van Langendonck (x Catharina Verhulst), inwoners van Haacht. De akte is weerom identiek aan de akte die vermeld werd in hetzelfde register op folio 47r.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7500, folio 186v., akte dd. 11 januari 1610.

Item Aerdt Verhulst sone wijlen Jans, Martijne Van Nyeuwenhuyse, zijn(e) huysvr(ouw)e, en(de) Michiel Van Langendonck, zijn schoensoen, woonen(de) onder Haecht, hebben bekint en(de) bekinnen midts desen indivisim schuldich te zijn Jan Maes, tegenwoordich borgem(eeste)r des(er) stadt Loven, en(de) Geeraert Boels als momboirs van(de) twee kinderen Jans Van Haecht en(de) wijlen Jacomijne Vos, daer grootvaeder aff was wijlen Willem m(eeste)r Willem Vos, tot behoeff der sel(ve) kinderen twelff carol(us) gul(den)s te xx st(uyvers) Brab(an)ts tstuck, erffel(ijcke) rinte, jaerl(ijcx) vallen(de) ende v(er)schijnen(de) opden xie. january en(de) bynnen des(er) stadt wissele van Loven te leveren tot behoeff als voor, los en(de) vrije van bede, ve., xe., xxe., ce., en(de) van alle andere, mindere oft meerdere penn(ingen) en(de) impositien, innegestelt oft naemaels inne te stellen in futur(um) quolibet assecutu(m) ad mo(nitionem) pignus valens duplu(m) et tantum, obligan(de), submittendo) ac renun(ciando) in forma, met conditie dat de voors(chreve) bekinders oft henne naercomelin(gen) die voors(chreve) rinte van twelff carol(us) gul(den)s erffe(lijck) sullen mogen lossen en(de) affquyten tallen tijden alst hen gelieven sal teend(er) reysen, elcken carol(us) guld(ens) erffel(ijck) met xvie. gel(ijcke) carol(us) g(u)l(dens) loopen(de) munte, ac cum, et duo primi, coram Schore, Loomans, january xia., 1610.

Item die voors(chreve) gehuysschen hebben geloeft en(de) geloven midts des(en) voor den voors(chreven) Michiel Van Langendonck te betaelen een hondert xcii rinsg(u)l(dens) eens tot zijn(de)r manisse oft hem van(de) voors(chreve) rinte van xii rinsg(u)l(dens) erffel(ijck) costeloos ende schadeloos ontlasten, obligan(do) et submiten(do) in forma l(itte)re apart, eisd(em).

Item Jan Maes, tegenwoordich(eyt) schepen(en) des(er) stadt Loven heeft bekindt, gel(ijck) hij bekint midts desen die capitaele penn(ingen) mette volle v(er)loopen van(de) xii rinsg(u)l(dens) erffel(ijck), in dit contractd naerder geruert, ontfangen te hebben van Michiel Van Langendonck, consenteren(de) alsoo inde cassa(ti)e van(de) sel(ve) rinte, et sic vacat, act(um) viia. novemb(ris) 1617, ond(erteecken)t J. Maes.

 

Hierna volgen 6 opeenvolgende akten van dezelfde datum, waarin Petrus Vermijlen (zie ? Vermijlen) zone Guilielmus de centrale figuur is. Hij was weduwnaar van Paschasia Nijs en woonde te Werchter onder Veldonk (thans Tremelo). Om te vermijden dat hij in de financile problemen zou geraken, diende hij een aantal goederen te verkopen. Omdat er nog minderjarige kinderen waren, had hij hiervoor toestemming nodig van de weesmeesters van Leuven (zie eerste akte). Namens de minderjarige kinderen traden Egidius Vermijlen, broer van Petrus, en Joannes Hoolaerts als voogden op. Joannes Hoolaerts was de man van Elisabetha Nijs, zuster van Paschasia.

In de eerste akte wordt melding gemaakt van Michael Van Langendonck en zijn vrouw Catharina Verhulst, inwoners van Haacht.

In de vierde akte wordt melding gemaakt van Henricus Gooris alias Bruers en zijn vrouw Maria Van Looffene (Van Loofvelt), inwoners van Werchter.

In de vijfde akte wordt melding gemaakt van Adrianus Peeters en Joanna De Coen, inwoners van Baal.

In de laatste akte wordt melding gemaakt van Joannes Viskens zone Jacobus en Helena (Aleit) Geeraerts, inwoners van Werchter.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7514, folio 6r., akte dd. 3 juli 1624.

Item in tegenwoordicheyt des meyers ende der schepen(en) van Loven naerbes(chreven) gestaen Peeter V(er)mijlen sone wijlen Willems, woonen(de) onder Werchter tot Veldonck, zoo in sijn(en) eygen naeme als vuyt crachte ende naer vermogen van sekere acte van consente en(de) authorisatie der heeren weesm(eeste)ren der stadt van Loven in date xvii. may 1624 lestleden, ondert(eeckent) J. Schorenbroot, alhier gesien ende gebleken, waervan den theneur onder dit contract sal worden geinsereert, de selve Vermijlen per mo(nitionem) heeft opgedraegen met behoorlijcke verthijdenisse eenen schoonen bleckbosch, gelegen bijde Langerechte goeden, het derdendeel van drije boenderen der maeten onbegrepen, resorteren(de) onder den heere van Aerschot, regen(oten) de Langerechte Hoeve west ter eenre, Aert Nijs sone Jans noort ter andere, Eyken De Preter oigst ter iiie. en(de) sheeren straete suydt ter iiiie. zijden, expos(ito) impos(iti) sunt Michiel Van Langendonck, soo tot behoeff van hem selven als oock tot behoeff van Cathlijne Verhulst, sijn(e) huysvr(ouw)e, woonen(de) tot Haecht, p(er) mo(nitionem) et satis die v(oor)s(chreven) opdraegere obligan(do) et submitten(do) ac ren(untiando) in forma, et waras op eenen cappuyn aen(den) hertoge van Aerschot, tanquam prout iure, coram Borchgreeff, Van(der) Heyden, julii iiia., 1624.

Item partijen v(er)cleren den rechtveerdigen coop te wesen om en(de) voor de so(m)me van vierhondert en(de) xlii r(insguldens) eens los gelts sonder slach, hoogen en(de) ander ongelt volgen(de) de v(er)coopcedulle d(aer)aff sijnde, coram eisdem.

                Aen mijn(e) heeren weesm(eeste)ren der stadt Loven.

Geeft oytmoedel(ijck) te kennen Peeter Vermijlen hoe dat mijne heeren hem suppl(ian)t hebben geauthoriseert om te mogen vercoopen soo vele goeden op sijne kinderen gedevolveert als is bedraegen(de) het capitael van sekere twee renten van xii r(insguldens) ende van hondert ix r(insguldens) vii st(uyvers) t' siaers respective, die hij geeft aen jo(ncke)r Arnoult De Rijcke vuyt sijne en(de) sijn(e) kinderen goeden te Veldonck onder Werchter, om deselve goeden van(de) sel(ve) renten te suyveren op conditien en(de) onder anderen dat die v(er)coopinge soude moeten geschieden ten overstaen van een(en) van(de) h(ee)ren weesm(eeste)ren en(de) hennen greffier volgen(de) dacte, hiermede gaen(de), nu soo eest alsoo dat deselve te v(er)coopene goeden gelegen sijn, soo onder Betekem, Basel (!), Keerbergen en(de) Sriecke, wesen(de) onder dandere sijde vande Dijle, dorpen onder die contributie, gelegen een mijle boven Werchter (daer oock die v(er)coopinge sal moeten geschieden) en(de) alwaer mijn(e) v(oor)s(chreve) h(ee)ren nyet en sullen derffven compareren (soo hij suppl(ian)t beducht), bidt d(aer)o(mm)e seer oytmoedel(ijck) dat mijne voors(chreve) h(ee)ren believe te authoriseren twee schepen(en) aldaer ter plaetse om over die v(er)coopinge te staene, dwelck doen(de), etc(etera).

                Teneur van d' appostille.

Die h(ee)ren weesm(eeste)ren midts redenen, in desen v(er)haelt, permitteren den suppl(ian)t in plaetse van een(en) h(ee)re vuyt hen(ne) collegie en(de) hennen greffier die over die v(er)coopinge van(de) goeden, in dese req(ues)te en(de) acte van authorisatie van(den) xviien. may 1624 bijden onders(chreven) geteeckent, naerder verhaelt, hadden moeten en(de) behooren te staen, t' assumeren twee schepenen van(de) plaetse daer die v(oor)s(chreve) vercoopinge sal geschieden, alles onder hen behoorl(ijck) relaes en(de) opde voirdere conditien, inde voors(chreve) acte van authorisatie v(er)haelt, aldus gedaen ter weescamere des(er) stadt Loven opden xxven. may 1624, mij p(rese)nt s(ecreta)ris dienen(de) des(er) v(oor)s(chreve) acte, onderteeckent J. Schorenbroot.

                Teneur van d' authorisatie.

Alsoo den h(ee)ren weesm(eeste)ren des(er) stadt Loven van wegen Peeter V(er)mijlen weduwer wijlen Paeschijne Nijs, woonen(de) tot Werchter, bij req(ues)te te kennen was gegeven hoe dat hij met wijlen sijne v(oor)s(chreve) huysvrouwe saliger inden jaere 1617 gecocht van jo(ncke)r Arnoult De Rijcke seker huys met sijn(e) toebehoortten en(de) ontrent vijff bunderen landts der maeten ombegrepen, gestaen ende gelegen tot Veldonck onder Werchtere, op sheeren chijns daer vuytgaen(de) en(de) voirts op twee erffenten, d' eene van xii gul(dens) en(de) dandere van hondertnegen gul(dens) vii st(uyvers) tsiaers erffel(ijck), bijden voors(chreven) De Rijck daerop behouden, welcke renten hij suppl(ian)t met sijn(e) huysvr(ouw)e wel v(er)hoept hadden, gel(ijck) sij oock beloeft hadden en(de) gehouden waeren emmers voor deene hellicht aff te leggen bij v(er)coopin(ge) van andere henne goeden, die hen ongelegen en(de) in diversche plaetsen en(de) stucken gelegen waeren, in plaetse dat dese hen seer wel bijder handt en(de) bij malckanderen gelegen sijn, maer alsoo die doot sijnder huysvr(ouw)e v(er)rast heeft, soo en hebben sij tselve nyet connen gedoen, te min overmidts de proprieteyt vande sel(ve) goeden nu is gedevolveert en(de) aloo die sel(ve) rente groot sijn comen(de), wel tot dobbel huere oft daerontrent, soo bevindt hem die suppl(ian)t in groote perplexiteyt en(de) tachterheyt, die hem ommogel(ijck) is te v(er)volgen en(de) jaerlijcx te continueren, sulcx dat hij geschapen is nyet alleenel(ijck) te verliesen die gecochte goeden, maer oock sijne andere goeden, alsoo die selve renten ten overlijden van sijne v(er)loopen waeren bijde drijehondert r(insguldens) eens, die hij suppl(ian)t nyet al en heeft connen voldoen, midts die jaerlijcxe valdagen daernaer gevolght ende alsoo tsel(ve) goet hem ende sijne kinderen beter gelegen is dan hunne andere goeden, gel(ijck) sijne kinderen en(de) vrienden seer wel weten en(de) vercleren sullen, (eest noot) soo bidt die v(oor)s(chreven) suppl(ian)t seer ootmoedel(ijck) dat mijne heeren gelieven wille hem te authoriseren bij overstaen van eenige momboirs, d(aer)toe bij uwer eerw(eerde) te stellen, om te mogen soo vele goeden van(de) kinderen v(er)coopen als van noode is, om die selve goeden te suyveren van(de) v(oor)s(chreve) renten, d' welck doen(de), etc(etera), ende dat volgens d' appostille van(den) xviien. may 1624, opde selve req(ues)te v(er)leent bij de naeste vrienden des v(oor)s(chreven) suppl(ian)ts en(de) wijlen sijne huysvr(ouw)e ter weescamere waeren overgebrocht, hunl(ieden) advys inhouden(de).

Op heden den xviien. may 1624 compareren(de) Gielis V(er)mijlen, broeder des suppl(ian)ts in desen, en(de) alsoo vaderl(ijcken) oom van(de) weeskinderen desselffs, en(de) Jan Hoolaerts als getrouwt hebben(de) Lijsbeth Nijs, huysvrouwe geweest hebben(de) des voo sustere van Paeschijne Nijs, huysvr(ouw)e geweest hebben(de) des v(oor)s(chreven) suppl(ian)ts, en(de) alsoo moederl(ijcke) oom der selver weeskinderen, die welcke naerdijen henlieden beyde den inhoudt des(er) req(ues)te was voorgelesen, hebben v(er)claert het versueck, d(aer)mede) gedaen, te wesen redel(ijck) en(de) beter gedaen dan gelaeten, tot ontlastin(ge) van(de) goederen der voors(chreve) weeskinderen en(de) profijte der sel(ve), des torconden hebben met henne gewoonel(ijcke) handtteecken neffens mij not(ari)o, bijden Raede van Brabant geadmitteert, onderteeckent ten tijde als boven, en(de) was ondert(eeckent) Gielis Vermijlen, Jan Hoolaerts, A. Cuypers, not(ari)s, soo hebben die v(oor)s(chreve) h(ee)ren weesm(eeste)ren naer voorgaen(de) goede en(de) rijpe deliberatie ende midts die redenen, soo inde selve req(ues)te v(er)haelt als andere, den v(oor)s(chreven) h(ee)ren moveren(de) en(de) innesiende het meeste proffijt des suppl(ian)ts en(de) sijne wesen, bij hen behouden vande voors(chreve) Paesschijne Nijs, den selven suppl(ian)t gepermitteert en(de) geauthoriseert, permitteren en(de) authoriseren bij desen te mogen publicquel(ijck) met drije behoorl(ijcke) sitdaegen vercoopen soo vele goeden, alreede op sijne voors(chreve) kinderen gedevolveert bij afflijvicheyt sijn(der) v(oor)s(chreve) huysvr(ouw)e als is bedraegen(de) het capitael der bovenges(chreve) gereserveerde renten, behoudel(ijck) nochtans het selve v(er)coop geschiede ten overstaen ende bijwesen een der heeren weesm(eeste)ren en(de) hennen griffier ende dat die suppl(ian)t binnen twee maenden naer date van(den) voors(chreven) v(er)coope en(de) goedenisse gehouden sal wesen alhier ter weescamere te doen blijcken van het remploy van(de) penningen, te procederen van(de) v(oor)s(chreve) te vercoopene goeden in het affleggen der voors(chreve) rente, authoriseren(de) alsoo dijenvolgen(de) den voors(chreven) suppl(ian)t om den coopere der voors(chreve) goederen te doen behoorl(ijcke) gichte ende goedenisse voor hoff en(de) heer daer dat noodich bevonden sal worden te moeten geschieden, hebben(de) die voors(chreve) h(ee)ren weesm(eeste)ren aen(den) suppl(ian)t ten eynde als boven doen expedieren dese tegenwoordige acte, aldus gedaen ter weescamere opden xviien. may 1624 ter presen(tien) jo(ncke)r Ph(i)l(ip)s Van Schore, h(ee)r en(de) m(eeste)r Dionijs Van Beringen en(de) Jan Willemaers, weesm(eeste)ren, mij p(rese)nt s(ecreta)ris, en(de) was onderteeckent, J. Schorenbroot.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7514, folio 8v., akte dd. 3 juli 1624.

Item in p(rese)ntie als boven gestaen die v(oor)s(chreven) Peeter Vermijlen, soo in sijn(en) eygen(en) naem(e) als inder v(oor)s(chreve) qualiteyt, p(er) mo(nitionem) heeft opgedraegen met behoorl(ijcke) verthijdenisse de hellicht van een(en) schoonen bleckbos, gelegen inden Moerwech achter Bale onder die heerlijckheyt van Aerschot, groot onbegrepen int geheele vijff dachmael, d(aer)aff dander hellicht competeert d' erffgen(aemen) Willem Poortmans, regen(oten) den Moerwech straete ter ie. west, Gielis Heymans oist ter iie. ende Anthonis Gooris cum suis zuydt ter iiie. sijden, expos(ito) impos(itus) est Jan Hoolaerts ende dat inden naeme en(de) tot behoeff van s(ieu)r Michiel Crabbeels en(de) jouff(rouw)e Magdaleen Hegmans, gehuysschen, woonen(de) opt hoff van Bruggen onder Bethekem, et satis, etc(etera), et waras de hellicht van onderhalffven cappuyn aen(den) hertoch van Aerschot, tanquam prout iure, coram eisdem.

Item partijen vercleren den rechtveerdigen coope te wesen om en(de) voor de so(m)me van twee hondert en(de) lxxv r(insguldens) eens los gelts sonder slach, hoogen en(de) andere ongelt, coram eisdem.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7514, folio 8v., akte dd. 3 juli 1624.

Item in p(rese)ntie als boven gestaen die v(oor)s(chreven) Peeter Vermijlen, soo in sijn(en) eygen(en) naeme als inder v(oor)s(chreve) qualiteyt, per mo(nitionem) heeft opgedraegen met behoorl(ijcke) verthijden(isse) een halff boender bleckbosch, gelegen tot Heetvelt onder die van(der) Bruggen tot Bethekem, regen(oten) m(eeste)r Jacob Standaerts noort ter ie., Guill(aum)e Mares oigst en(de) z[u]yden ter iie. en(de) iiie. en(de) sheeren straete west ter iiiie. sijden, expos(ito) impos(iti) sunt Henrick Van Hove en(de) Anna Brugmans, gehuysschen, woonen(de) tot Werchtere, p(er) mo(nitionem et satis die voors(chreven) opdraegere obligan(do) et submitten(do) ac ren(untiando) in forma et waras op eenen peertskeur en(de) ii st(uyvers) heeren chijns aen(den) heere van(der) Bruggen, tanquam prout iure, coram eisd(em).

Item p(ar)tijen vercleren den rechtveerdigen coop te wesen om en(de) voor de so(m)me vanj tweehondert en(de) vijfftich r(insguldens) eens los gelts sonder slach, hoogen en(de) andere ongelt volgen(de) de v(er)coopcedulle daeraff sijnde, coram eisdem.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7514, folio 9r., akte dd. 3 juli 1624.

Item in p(rese)ntie als vore gestaen die v(oor)s(chreven) Peeter Vermijlen, soo in sijn(en) eygen naem(e) als vuyt crachte der v(oor)s(chreve) authorisatie, p(er) mo(nitionem) heeft opgedraegen met behoorl(ijcke) v(er)thijdenisse de hellicht van drije dachm(aelen) bleckbosch der maeten onbegrepen, gelegen onder Aerschot onder dNieugoet, regen(oten) die bempden van(de) Langenrechten Hoeffve west ter ie., Eyken De Preter noordt ter iie. en(de) derffgen(aemen) Jan Rijers zuydt ter iiie. sijden, expos(ito) impos(iti) sunt Henrick Gooris al(ia)s Bruers en(de) Marie Van Looffene, gehuysschen, woonen(de) tot Werchtere, p(er) mo(nitionem) et satis, etc(etera), et waras int geheel op ii st(uyvers) chijns aen(den) hertoge van Aerschot, tanquam prout iure, coram eisdem.

Item p(ar)tijen v(er)cleren den rechtveerdigen coop te wesen om en(de) voor de so(m)me van een hondert ende tsestich r(insguldens) eens los gelts sonder slach, hoogen en(de) andere ongelt volgen(de) de conditie daeraff sijnde, coram eisdem.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7514, folio 9v., akte dd. 3 juli 1624.

Item in p(rese)ntie als voere gestaen die v(oor)s(chreven) Peeter V(er)mijlen, etc(etera), p(er) mo(nitionem) heeft opgedraegen met behoorl(ijcke) v(er)thijdenisse het twelffste deel van sekeren bempt, geheeten den Buytvoort Bempt, gelegen onder Bethekem onder de Willegen, regen(oten) de Wijp zuydt ter ie., de Laecke noort ter iie. ende Willem Viskens oist ter iiie. sijden, item noch een(en) bosch, gelegen achter den Gooris Berch inde Helle onder Bethekem, alsoo die plecke gelegen is regen(oten) Adam Van Gorick noort ter ie., Peeter Michiels oigst ter iie., Henrick De Molder ende Jan Aerts zuydt ter iiie. ende de kercke van Bethekem west ter iiiie. sijden, expos(itus) impos(iti) sunt Adriaen Peeters en(de) Jenneken De Coen, sijn(e) huysvr(ouw)e, woonen(de) tot Bael onder Aerschot, p(er) mo(nitionem) et satis, etc(etera), et waras op sheeren chijns van(den) gronde, tanquam prout iure, coram eisdem.

Item partijen v(er)cleren den rechtveerdigen coop te wesen om en(de) voor de so(m)me van xxvii r(insguldens) eens en(de) tweede p(ar)cheel om en(de) voor lxxx r(insguldens) eens los gelts sonder slach, hoogen en(de) andere ongelde volgen(de) de v(er)coopcedulle d(aer)aff sijnde, eisdem.

Bron : S.A.L., Inventari Cuvelier, register nr. 7514, folio 9v., akte dd. 3 juli 1624.

Item in p(rese)ntie als vore gestaen de v(oor)s(chreven) Peeter Vermijlen, etc(etera), p(er) mo(nitionem) heeft opgedraegen met behoorl(ijcke) v(er)thijden(isse) de hellicht van twee dachm(aelen) bosch als heye, d(aer)aff dander hellicht toebehoort Cathlijn V(er)hoeven, geheeten het Poelken, gelegen achter den Balenberch onder Rivieren, regen(oten) Adriaen Van Came noort ter ie., Adriaen Viskens cum suis oist ter iie. en(de) d' erffgen(aemen) Van(den) Morters west ter iiie. sijden, expos(ito) impos(itus) est Jacob Viskens en(de) dat inden naem(e) en(de) tot behoeff Jan Viskens Jacobs sone ende Helena Geeraerdts, gehuysschen, woonen(de) tot Werchtere, et satis, etc(etera), et waras op sheeren chijns van(den) gronde in soo verre men bevindt d(aer)op vuyt te gaene, tanquam prout iure, coram eisdem.

Item p(ar)tijen vercleren den rechtveerdigen coop te wesen om en(de) voor de so(m)me van li r(insguldens) eens los gelts sonder slach, hoogen en(de) anderssints volgen(de) de conditie d(aer)aff sijnde, eisdem.

 

Op 19.05.1631 emancipeert Michael Van Langendonk, inwoner van Haacht, zijn kinderen Rumoldus, Guilielmus, Henricus, Adrianus, Michael en Catharina, die hij verwekt heeft bij zijn vrouw Catharina Verhulst.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8253, folio 453v., akte dd. 19 mei 1631.

Transcriptie.

Item in presentie, etc(etera), gestaen Michiel Van

Langendonck, woenende tot Haecht, emancipavit

modo debito Romoldum, Guillemmum, Hendricum, Adrianum, Michaelem

et Catharinam, proles suas, verweckt vuytten

lichame van Cathleyn Verhulst, sijne wettige

huysvr(ouw)e, quo facto Nicolaus De Coninck

reconduxit in forma, coram Lievens, Roeloffs,

maii 19., 1631.

 

Hierbij een akte met vermelding van Michael Van Langendonck zone Guilielmus en zijn vrouw Catharina Verhulst.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7888, folio 105v., akte dd. 2 december 1613.

Item in tegenwoirdicheyt des meyers ende schepenen van Loven naebeschreven gestaen Aert Verhulst sone wijlen Jans, woonende tot Haecht, per mo(nitionem) heeft opgedraegen met behoirlijcke vertijdenisse een stucken bossch, groot ombegrepen der maeten twee boenderen, gelegen onder Naugoet onder Arschot, reg(eno)ten sheeren strate in twee sijden ende derffgenaemen Anthonis Bruers den ouden ter derdere sijden, exp(osito) imp(ositi) sunt Machiel Van Langendonck den jonghen sone wijlen Willems ende Cathlijn Verhulst, sijne huysvrouwe, ende dat bij maniere van verna[e]rderinghe per mo(nitionem) iure et satis die voors(chreven) opdraegere obligan(do), submitten(do) se et sua ac renuncian(do) in forma et waras voor ombelast goet, prout coram eisdem eodem.

     Uit dit huwelijk:

     Van Langendonck Rumoldus, () Haacht 22.09.1602, 

     Van Langendonck Guilielmus, () Haacht 29.07.1604, x (niet H, ) met Anna Peeters, fa Guilielmus x Catharina Rogmans,

Hieronder (met dank aan Paul Peeters) een akte met vermelding van Guilielmus Van Langendonck en Anna Peeters. In deze akte vernemen we dat Anna Peeters de dochter is van Guilielmus en Catharina Rogmans.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8260 fol. 350v.

In tegenwoordicheyt der heeren schepenen van Loven naerbes. gestaen Willem Van Langendonck ende Anna Peeters, gehuyschen, woonende tot Haecht, ten bij sijne ende overstaen van Guilliam Peeters, vader der voors. Anna, voor de toechte, hebben bekent ende geleden wel ende deuchdelijck schuldich te sijn aen heer ende mr. Vincent Courselius eene erffelijcke rente van vijfftich guldens tsiaers, den gulden tot xx stuyvers ende den stuyver tot drij plecken Brabants gerekent, ter saeken van acht hondert gelijcke guldens, ten dancke bij de voors. gehuyschen ontfangen, gelovende alsoo de voors. rente allen iaere date deser wel ende loffelijck te betaelen ende binnen deser stadts wisselle van Loven te leveren, los ende vrije, soo van xe., xxe., ce., meerdere ende mindere als van alle andere impositien ende subventien, alreede ingestelt oft alnoch inne te stellen, daer voor verbindende henne persoonen ende goeden, met renunciatie in forma, ende om de voors. heere Vincent Courselius noch naerder te versekeren van sijne voors. rente ende iaerlijcxe betaelinge der selver, soo hebben die voors. comparanten geconsenteert int maeken van mamise, mede int decreet van dien sonder daer toe geroepen oft gedaecht te derven worden over alle henne goederen, ende naementlijck over huys ende hoff met sijne toebehoorten, groot twee boinderen, gestaen ende gelegen onder Werchter, regen. sheeren straete ter ie., derffgen. van Margriet Govaerts ter ij., d' erffgen. Peeters Van Es ter iije. ende d' erffgen. Adriaen Briers ter iiije. sijden, item een boiner landts daer bij gelegen, regen. den Ouden Hoff ter ie., Merten Briers ter ije. ende den voors. Guilliam Peeters ter andere twee sijden, comende die voors. goederen van Catlijn Rogmans, moeder der voors. Anna Peeters, obligando, sub. ac renunciando in forma, coram Tijpoets, Vekemans, xxi. 9bris. 1650.

     Van Langendonck Maria, () Haacht 12.06.1606,  x Haacht 03.07.1628 met Petrus Grietens,  fs Abraham

In de onderstaande akte wordt melding gemaakt van Petrus Grietens en zijn vrouw Maria Van Langendonck uit Haacht. Volgens de akte is Petrus de zoon van Abraham.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7904, fol. 87r., akte dd. 10 oktober 1644. 

Item in tegenwoirdicheyt der schepenen van Loven nagenoempt gestaen, m(eeste)r Jan Cornelii, not(ari)s, binnen die voors(chreven) stadt residerende, naer vermoghen van onwederroepelijcke procuratie, hem om des hiervolgende valide te moghen doen, gegeven bij Peeter Gritens sone Abraham en(de) Maria Van Langendonck, gehuysschen, woonende tot Haecht, volgens den instrumente van procuratie daer aff sijnde, gepasseert voor m(eeste)r Pauwels Van Meerbeeck als openbaer not(ari)s, present den getuyghen, inden selven instrumente gemelt, die heeren schepenen alhier in origineli gesien en(de) gebleken, heeft bekent midts eene somme van elff hondert guldens, bijde voors(chreven) constituant ontfanghen van weghen m(eeste)r Jan Golfus en(de) Catharina Gritens, gehuysschen, inden name der selver constituanten, wel en(de) deuchdelijck te sijn als Jan Vanden Panhuysen, meyer van Rotselaer, present en(de) dat accepterende ten behoeve der voors(chreven) m(eeste)r Jan Golfus en(de) sijne huysvrouwe sesent'sestich guldens xv st(uyvers) erffelijck, daer aff dieerste jare sal verscheynen te Lichtmisse naestcomende vanden toecomen(de) jare xvic. viertich vijff [1645], erffelijcke rente, jaerlijcx wel en(de) loffelijck te betaelen en(de) inder stadt wissele van Loven los en(de) vrije ten behoeve der voors(chreve) gehuysschen renthefferen te leveren, t' elcken termijn als schuldt met recht verwoonen, en(de) om die selve renthefferen van(de) voors(chreve) rente van lxvi gul(dens) xv st(uyvers) erffelijck noch bat te versekeren en(de) vande jaerlijcxsche betaelinghe van dijen, soo consenteert den comparant inden name der constituanten int maken van mainmise over alle en(de) eygewelcke goeden, meubele en(de) immeubele, p(rese)nt en(de) toecomende, der constituanten, ende namentlijcken over hun huys en(de) hoff, groot ontrent twee boinderen, gelegen inde prochie van Haecht achter de kercke, regennoten de straet ter ie., de leyebeke ter iie., straecken achter de Lombarden ter iii., belast met sheeren chijns, item alnoch over ses dachm(aelen) landts, geheeten Cleyn Veldeken, liggende onder Haecht voors(chreven), regennoten Rombaudt Van Langendonck ter ie., de Twelff Apostelen van Loven ter ii., Hendrick Elias goeden ter iiie., derffgenamen Anthoen Dauwen ter iiii. sijden, mitsgaders int decreet der schepenen van Loven daer op te geven sonder dagement te derven doen, op conditie vande voors(chreve) rente te moghen lossen den penninck xvi. prout in contractu obligando ac ren(unciando) in forma, coram Crabbels (?), Herthals, x. octob(ris) 1644.

 

In de akte wordt melding gemaakt van Petrus Grietens sone Abraham, met zijn vrouw Maria Van Langendonck en zijn schoonvader Michael Van Langendonck, allen inwoners van Haacht.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8256, folio 98v., akte dd. 3 februari 1634.

Item in tegenwoirdicheyt der heeren schepenen van Loven naerbes(chreven) gestaen Peeter Grietens soene wijlen Abrahams, woonen(de) tot Haecht, met consente, wille en(de) wete van Marie Van Langendonck, sijn(e) huysvr(ouwe), gelovende de selve in dijen te hebben, dat sij d' inhouden deser ter manisse sal comen lauderen en(de) approberen, item Michiel Van Langendonck, schoonvaeder des v(oor)s(chreven) Peeters, oyck woonende onder Haecht, die welcke tsamen en(de) elcken int besonder midts eene so(m)me van eenhondert en(de) tweenvijfftich r(insguldens), den v(oor)s(chreven) Peeter Grietens ten danck als heden voldaen bij Lucas Claes ende Cathlijne V(er)heyden, gehuysschen ende innegesetenen deser stadt Loven v(oor)s(chreven), hebben bekent en(de) geleden, gel(ijck) sij kennen en(de) lijden bij desen, tsamen ende elcken int besondere hebbe wel en(de) deuchdel(ijck) schul(dich) te zijn eene erffel(ijcke) rente van negen rinsguldens ende thien stuyvers tsiaers, te xx st(uyvers) tstuck den gulden ende te drije plecken Brabants den stuyver, op date van desen te v(er)schijnen, daer van diersten termijne van betaelinghe vallen en(de) v(er)schijnen sal den derden dach van february xvic. ende vijffendertich ende soe voorts van jaere te jaere totter lossinge toe, de welcke sal moegen geschieden teender reyse tegen den penninck sesthiene en(de) altoos met volle rente, al los en(de) vrije gelts, en(de) tot Loven aen(den) v(oor)s(chreven) renthefferen, hens actie te hebben(e) oft rep(rese)nteren(de), te leveren, hebbende voorts die selve comp(aran)ten tsamen voor tgeheel en(de) elck een voor al onder v(er)bintenisse van hunl(ieden) persoonen en(de) goeden, beyde haeve en(de) erfve, jegewoirdige en(de) toecomen(de), met renuncia(ti)e der privilegien van v(er)scheyden v(er)obligeerden, non numerat(ae) per excussie en(de) van allen anderen in forma, beloeft en(de) beloeft bij desen de v(oor)s(chreve) rente jaerelijcx ten valdage wel, loffel(ijck) ende p(er)sonnelijcken te betaelen en(de) te leveren ten behoeve als voor binnen der stadts wissel van Loven, alles los en(de) vrije van xe., xxe., ce., mindere oft meerdere penningen, impositien oft exactien, alreede ingestelt oft naermaels inne te stellene, mede van pontpenningen in futurum telcken valdaghe als schult met recht v(er)wonnen, geloven(de) nyettemin ter manisse de v(oor)s(chreve) rente wel, behoorel(ijck) en(de) reelijck te besetten en(de) te bepanden op goede en(de) sufficen(te) panden, weert zijnde, boven allen voorcommeren, dobbel rente, en(de) namentlijcken die v(oor)s(chreve) ierste comparant, soe haest scheydinghe en(de) deylinghe over de goeden voor de proprieteyt op hen gedevolveert van wegen sijns v(oor)s(chreven) vaeders, sal wesen gepasseert met belofte van daervan inne te brengen p(er)tinente specificatie, consenterende eyntelijcken sonder p(re)juditie van des v(oor)s(chreven) is, tsamen ende onverscheyden int maecken van beleyde ende mainmise ende decrete der heeren schepenen van Loven sonder daertoe gedaecht oft geroepen te derven worden over allen en(de) yegewelcke henlieder beyer goederen, beyde meuble en(de) i(m)meuble, en(de) vliegen(de) erfven, p(rese)nt en(de) toecomen(de), ende namentl(ijck) over drije boen(deren) lants, in een(en) stucke gelegen onder Haecht, geheeten t' Cleyn Veldeken, regenooten Mertens Stas in deen zijde, de XII Apostelen binnen Loven ter iier., Henrick Elewaerts ter iiier., Anthoen Dauwe ter iiiier., Jan Van(den) Calstere ter ver., t' clooster van S(in)te Elisabeht ter vier. en(de) derffgen(aemen) Adriaen Van Ermen ter andere zijden, coram Schore, De Vroye, februarii tertia, 1634.

Item is te weten dat die capitaele penningen alleene genoten heeft die v(oor)s(chreven) Peeter Grietens en(de) oversuclx Michiel Van Langendonck maer en is als borge principael, belovende die selve hem costeloos en(de) schaedeloos t' ontheffen en(de) indempneren onder obligatie, sub(missie) en(de) renuncia(ti)e ut ante, namen eodem eisdem.

     Van Langendonck Petrus, () Haacht 15.06.1608, 

     Van Langendonck Catharina, () Haacht 13.04.1610, x Haacht 19.02.1634 met Egidius Wouters,

Onderstaande akte van emancipatie en commentaar met dank aan Paul Peeters

BRON : S.A.L, Inventaris Cuvelier, register nr. 8262, folio 104v, akte dd. 11.10.1657

In tegenwoordicheyt der heeren schepenen van

Loven naerbeschreven gestaen Gielis Wauters, woonende tot

tot Haecht aen Dansbrugge, heeft behoorelijck

geemancipeert ende vuyt sijnen broode gedaen

Jaecq, Rombaut, Henrick, Cornelis, Caerel,

Jenneken ende Beycken ende Wauters, sijne

kinderen, bij hem verweckt vuyt den schoot

van Catlijn Van Langendonck, sijne

huysvrouwe, quo facto Jan Schellekens recon-

duxit in forma, coram Fusco, De Greve,

11 octobris 1657.

Commentaar.

Volgende kinderen van Egidius Wauters en Catharina Van Langendonck werden vermeld in de klappers van de dopen te Haacht :

-          Rumoldus Wouters, gedoopt Haacht, 5 maart 1637;

-          Henricus Wauters, gedoopt Haacht 10 november 1639;

-          Cornelius Wouters, gedoopt Haacht 12 januari 1642;

-          Carolus Wauters, gedoopt Haacht 22 september 1647;

-          Barbara Wauters, gedoopt Haacht 20 november 1650.

Eens te meer wordt bewezen dat de parochieregisters niet volledig zijn, want de dopen Jacobus en Joanna Wauters zijn niet terug te vinden tenzij beiden elders zouden gedoopt zijn.

     Van Langendonck Henricus, () Haacht 05.03.1612, x Haacht 29.04.1640 met Barbara Van Adorp, fii in Haacht,

     Van Langendonck Joannes, () Haacht 21.04.1614,

     Van Langendonck Adrianus, () Haacht 03.09.1615, 

     Van Langendonck Michael, () Haacht 11.02.1618, 

 

Van Langendonck Anna, x 1 ? (niet H, ) met Jan Docx, fs Adrianus (zie akte bij Verhulst3), x 2 Haacht 11.11.1614 met Petrus Van Puddegem,

     Uit dit huwelijk:

     1. Dox Elisabeth, () Haacht 17.09.1600,

     Doxs Adrianus, () Haacht 24.02.1603, 

     Docx Aert, () Haacht 29.03.1605,

     Doxs Margareta, () Haacht 23.06.1607, 

     Docx Joannes,

     Docx Maria, () Haacht 28.11.1610,

     2. Van Puddegem Guilielmus, () Haacht 04.07.1616,

     Van Puddegem Susanna, () Haacht 12.06.1618, 

 

Van Langendonck Philips,  x Haacht 23.10.1611 met Joanna Crabbe, fs Joannes (fs Arnoldus)

In de onderstaande akte (met dank aan Paul Peeters) wordt melding gemaakt van Philippus Van Langendonck zone Guilielmus en zijn vrouw Joanna Crabbe. Uit de akte blijkt dat het gezin uitweek naar Tervuren. Het zou mij niet verwonderen dat zij daar ook nog kinderen achterlieten.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7897, folio 403v., akte dd. 2 maart 1632.

Item in tegenwoirdicheyt der schepenen van Loven naergenoempt gestaen Guilliam Herts naer vermoegen van procuratie speciael ende onwederoepelijck bevel, hem, tot des naerbeschreven staet validelijcken te doen, ende gegeven bij Philips Van Langendonck sone wijlen Willems, woonende ter Vueren, hem mette voors(chreve) procuratie, gepasseert voor Geeraert Van(der) Beecke als notaris openbaer ende seckere ghetuyghen opden iersten marty anno 1632, alhier gesien ende den naerbeschreven schepenen van Loven volcomentlijcken geblecken, sterckmaecken(de) voor Joanna Crabbe, ende sijne huysvrouwe, geloevende de selve indyen te hebben, dat sij tghene des naerbeschreven staet, voorde voors(chreve) schepenen van Loven sal comen lauderen, ratificeren ende approberen, heeft bekent wel ende deuchdelijcken schuldich te sijn m(eeste)r Jacques Le Marlier, tegenwoirdich rentm(eeste)r van sPaus Collegie binnen Loven, p(rese)nt ende tselve accepterende inden naem ende tot behoeff van(de) voors(chreve) Collegie vanden Paus, twelff carolusgul(dens) te xx stuyvers tstuck, munte in Brabant cours ende loop hebbende, erffelij ende thien gelijcke stuyvers erffel(ijcke) rente, alle jaere opden iersten marty te betaelen ende inder stadts wissele van Loven los ende vrij van allen beden, lasten ende impositien ons genadichs heeren shertogen van Brabant, alreede innegestelt oft naermaels inne te stellen, oock van(de) xe., xxe., ce. ende alle andere, mindere ende merdere penningen, hoedanich die soude moeghen wesen oft genoempt woirden, te leveren te[n] behoeve vande voors(chreve) collegie oft actie daervan hebbende, erffelijcken in toecomenden tijden, telcken termijn als schult met rechte verwonnen, daer voor verbindende ende submitteren(de) den persoon ende alle de goeden des voors(chreven) constituants, beyde haeffel(ijcke) ende erffel(ijcke), tegenwoirdighe ende toecomende, met renunciatie in forma, geloeven(de) den voors(chreven) comp(aran)t van wegen als voor de selve rente ter manisse te besetten ende thypoticeren op goede, loffelijcke ende suffisante panden ende gronden van erffven, binnen der banmijle ende jurisdictie van Loven gelegen, boven alle voorgaende commeren ende lasten daerop vuytgaende, dobbel rente weerdt sijnde, ende voorts meer soo vele te doen dat de voors(chreve) collegie erffel(ijck) in toecomenden tijden sal moeghen genoech sijn ende om de voors(chreve) collegie van(de) voors(chreve) rente van xii gul(dens) thien stuyvers erffel(ijck) ende jaerlijcxe betaelinghe der selver noch naerder te verseckeren, soo heeft den voorgen(oemden) comparant vuyt crachte ende naer vermoegen als voor geconsenteert ende consenteert bij desen dat sij van stonden aen ende tallen tijden hen gelievende, sullen moegen maecken beleyde ende mainmise op ende over alle der voors(chreven) constituants goederen, beyde haeffel(ijcke) ende erffel(ijcke), tegenwoirdighe ende toecomende, gheene vuytgesundert noch gereserveert, ende naementlijcken ierst op huys ende hoff metten bloecke daer aen, gelegen binnen den dorpe van Haecht, groot tsaemen ontrent drije boenderen, regenooten sheeren straete ter ie., Cornelis Van Ham ter iie., den voors(chreven) Philips Van Langendonck ter iiie. ende derffgenaemen Joos Van Hoy ter iiiie. sijden, item seven daechmael lants, daer bij gelegen, regenooten tvoorschreven huys en(de) hoff ter ie., de voors(chreve) erffgenaemen Van Hoy ter iie. en(de) iiie. ende de leybeecke ter iiiie. sijden, item een boender lants, aldaer oock gelegen, regenooten jon(cker) Eustaes Van(der) Beecken ter ie., de leybeecke ter iie., derffgenaemen m(eeste)r Franchois Schellekens ten twee andere sijden, belast tvoors(chreven) huys mette toebehoorten met xii guldens erffel(ijck), de seven daechmaelen met xxv gul(dens)  erffel(ijck) sonder meer, consenterende oock mede int decret bij schepen(en) van Loven daerop te gheven sonder dat den voors(chreven) constituant daer toe geroepen oft gedaecht sal moeten woirden, met conditien dat den voors(chreven) bekendere de selve rente sal moegen lossen ende affquyten tallen tijden hem gelievende, metter somme van tweehondert gel(ijcke) carolusgul(dens), bij hem voort capitael van(de) voors(chreve) rente van xii gul(dens) x st(uyvers) van(den) heere president van tvoors(chreven) coll sPaus Collegie ontfangen volgende den inhoudt van(de) voors(chreve) procuratie teender reyse ende met volle rente, coram Van Assche, Cruyningen, marty iia., anno 1632.

 

Hierbij een akte met vermelding van Philippus Van Langendonck en zijn vrouw Joanna Crabbe, inwoners van Haacht. Joanna was de zuster van Joannes, die te Haren nabij Brussel woonde. Beiden waren kinderen van Joannes en kleinkinderen Arnoldus Crabbe . Vermoedelijk was Joanna ook familie van Guilielmus Hoppenbrouwer en Joanna Crabbe, die te Leuven woonden.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7515, folio 83v., akte dd. 24 november 1625.

Item in tegenwoordicheyt des meyers en(de) der schepenen van Loven naerbes(chreven) gestaen Jan Crabbe sone wijlen Jans, woonen(de) tot Haeren, voor d' eene hellicht, ter ie. en(de) Jenneken Crabbe, suster des voors(chreven) Jans, met consente, wille, wete ende overstaende van Ph(i)l(ip)s Van Langendonck, haers mans, woonende tot Haecht, voor d' ander hellicht, ter andere zijden, p(er) mo(nitionem) hebben tsaemen opgedraegen met behoorel(ijcke) v(er)thijden(isse) drije dachm(aelen) en(de) een halff besloten bempt, gelegen tot Houdtheverle, regen(oten) doctor du Bay ter ie., den Gaesberch ter ii., ... [n.v.] ter iiie. zijden, inder vuegen gelijck de v(oor)s(chreve) opdraegers tselve goet hen v(er)storven is bij doot en(de) afflijvicheyt van wijlen Aert Crabbe, huns grootvaeders, expos(ito) impos(iti) sunt Willem Hoppenbrouwer en(de) Jenneken Crabbe, gehuysschen, woonen(de) tot Loven, et satis die voors(chreve) respective opdraegeren obligan(do) et indisim submitten(do) ac renun(tiando) ende besondere de voors(chreve) opdraegersse het beneficie senatuscons(ulti) vell(eani) de eo certiorata ac aliis quibuscumq(ue) in forma et waras op xxxv st(uyvers) aen het goidtshuys van Gempe, soo verre men bevindt daerop vuyt te gaene, d' welck de coopers tot heurl(ieder) last sijn nemen(de) prout, coram Schore, Maes, novemb(ris) xxiiiia., anno 1625.

Item partijen v(er)cleren den rechtveerdigen coop te wesen om en(de) voor de somme van drije hondert rensgul(dens) los gelts eens en(de) sesse r(ensguldens) voor eenen doeck, coram eisd(em).

     Uit dit huwelijk:

     Van Langendonck Joannes, () Haacht 10.10.1613,

     Van Langendonck Petrus, () Haacht 27.01.1616, 

     Van Langendonck Judocus, () Haacht 25.03.1618, 

     Van Langendonck Henricus, () Haacht ...1620, 

     Van Langendonck Guilielmus, () Haacht 09.06.1622, 

     Van Langendonck Renerius, () Haacht 17.03.1627, 

 

Van Langendonck Josijne,

    

Van Langendonck Margareta, x Haacht 17.07.1611 met Henricus Huijsmans, geen fii in H,

 

Van Langendonck Catharina, XV (M18359).

 

 

 

XIII - Van Langendonck Joannes (S5660), ca. 1545, x met Anna Vandeputte (S5661), fa Matheus Vandeputte (fs Goort) en Barbara Van Diependael .

 

Hieronder (met dank aan Paul Peeters) een korte akte met vermelding van Joannes Van Langendonck, zoon van Henricus.  Hij had een tegoed op Philippus Smets, zoon van Henricus, uit hoofde van de verkoop van iets, dat niet werd vermeld in de akte.  Mogelijk ging het om een paard, maar het blijft natuurlijk gissen.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7863, fol. 418v, akte dd. 27 april 1580.

Item Philips Smeths sone wijlen Henricx, ghewoont hebbende te Wackerzeele, obligan(tes), etc(etera), heeft geloeft Jannen Van Langendonck sone wijlen Henricx xxxv rinsg(uldens) eens, halff Sint Jansmisse ende halff te Bamisse te betaelen, quolibet assecutu(m) ter saecken van(den) coop van een(en) ... [n.v.], bijden v(oir)s(creven) Jannen den zelffven Philipsen gelevert, zoe die voirschreven Philips bekindt, coram Liedekercken, Termonde, aprilis xxviia. 

 

In deze akte wordt melding gemaakte van :

- Joannes Van Langendonck;

- Joannes Smets x Anna Van Langendonck;

- Guilielmus Vanden Bosch x Catharina Van Langendonck;

- Hubertus Bols x Margaretha Van Langendonck;

allen kinderen en schoonkinderen van wijlen Joannes Van Langendonck en Anna Vanden Putte.

Verder nog Anna Van Langendonck, dochter van Gerardus, doch het familieverband is hier niet duidelijk.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8258, folio 306r., akte dd. 14 februari 1640.

Condt zij allen den genen die dese tegenwoirdige l(ette)ren zullen zien oft hooren lesen, saluyt, dat in(de) tegenwoirdicheyt des meyers ende den schepenen der stadt van Loven naerbeschreven, is comen ende gecompareert in propren p(er)soone Anthoen Servrancx om des naerbes(chreven) staet, validelijck te moeghen doene, behoorel(ijck) geconstitueert ende gemachticht met procura(ti)e, in desen volgende van woorde te woorde, luydende aldus.

Op heden den xen. february xvic. viertich comparerende voor mij ondergeschreven als notaris openbaer, bijden Raede van Brabant geadmitteert, tot Loven residerende, present die naerbeschreven getuyghen, Jan Van Langendoncq zoene wijlen Jans ende Anna Vanden Putte wijlen gehuysschen, Jan Smets als getrouwt hebbende Anna Van Langendonck, suster des v(oor)s(chreven) Jans Van [Langendonck] vaeder ende moedere, hem voor de selve zijne huysvrouwe sterckmaeckende, Willem Vanden Bosch als man ende momboir van Cathlijne Van Langendonck, hem voor deselve sterckmaeckende, ende Huybrecht Bols, getrouwt met Margriete Van Langendoncq, hebben tsaemen ende elcken besundere onwederroepel(ijck) geconstitueert en(de) gemachticht, constitueren en(de) maecken onwederroepelijck machtich midts desen m(eeste)rs Philips Hollants, Antoen Servrancx, om in hunnen constituanten naeme te transporteren en(de) te cederen tot behoeff van Elisabeth Van Laer dochter Anthonis ende van Johanna Van Meerbeke voor derffelijckheyt en(de) den selven Anthoen voor de tochte de juste hellicht van huys ende hoff met bloke ende boomgaert, al aen malcanderen gestaen ende gelegen onder Tildoncq, regenooten de plaetse, waer van dandere hellicht toecompt de voors(chreve) Elisabeth, alnoch onverdeylt, regenooten de v(oor)s(chreve) plaetse ter eenre, Jan Van Meerbeke ter 2ere., Tildoncq Velt ter derdere ende tBueckenstraetken ter vierdere zijden, hun verstorven van weghen Anna Van Langendoncq dochter Geeraerts, alleenel(ijck) belast met tsheeren cleynen chijns vanden gronde aen het capittel van S(in)te Peeters tot Loven sonder meer commers daer op vuyt te gaene, de voors(chreve) Elisabeth voor de proprieteyt ende haeren vaedere voor de tochte, daerinne wel ende wettelijck te goeden ende t' erffven, hun constituanten t' ontgoeden ende t' onterffven, halm te schieten, wettelijck gifte te doen met warantschap ende gelofften van genoechdoene in forma, ende voots meer generaelijck ende special(ijck) in tgene des v(oor)s(chreven) is en(de) des daer aen cleefft, te doen en(de) te hanteren, des sij constituan(ten), p(rese)nt sijnde, selver soude moegen doene, alwaert oyck soe, etc(etera), promittentes hinc inde ratum irrevocabiliter obligan(tes), etc(etera), verclaerende p(ar)tijen den prijs van(den) coope te wesen vier hondert guldens eens los gelts, blijvende het pontgelt tot last des coopers boven eenigen lijffcoop alnoch te v(er)teren, super quibus, etc(etera), actum et stipulatu(m) ter p(rese)ntien van Jaecques Van Schoonderhaegen en(de) Jan Brants, als getuygen tot des v(oor)s(chreven) is geroepen, zijnde de minute onderteeckent Jan Van Langendoncq, Jan De Smet, Willem De Wit en(de) met het mercq van Huybrecht Bols, me stipulatu(m) uti notario, signatum J. Woutelers, not(ariu)s.

Vuyt crachte van welcken heeft die gemachtichde ter manisse opgedraegen ende getransporteert, draeght op en(de) transporteert bij desen de v(oor)(schreve) juste hellicht int v(oor)s(chreven) huys en(de) hoff met bloke en(de) boomgaert, hier voorens tuschen den regenooten gespecificeert, expositis impositus est per mo(nitionem) jure hereditario die v(oor)s(chreven) Anthoen Van Laer voor de tochte ende Elisabeth Van Laer, zijn(e) dochtere, voor derffelijckheyt et satis die v(oor)s(chreven) transportant virtute suae commissionis obligan(do) et sub(mittendo) p(er)sonas ac bona constituen(tis) indivisim met renuncia(ti)e prout in forma et waras prout ante, hier waeren over Van Grave en(de) J. Meys, schepen(en) der stadt Loven, ter manisse des meyers den vierthiensten dagh february anno xvic. viertich.

            In de marge.

Anthoen Van Laer habet l(itte)ras in forma.

Willem Van(den) Bosch en(de) Cathlijn Van Langendoncq non interfuerunt sed o(mn)es alii promiserunt eosdem ad mo(nitionem) adducere et praestare eod(em) eisdem.

 

Hierbij de transcriptie van een uiterst erbarmelijk en slecht geschreven akte, waarin melding wordt gemaakt van Joannes Van Langendonck en Anna Vanden Put en hun schoonzoon en dochter Joannes Smets (De Smet) de jonge en Anna Van Langendonck. Dergelijke akten komen zelden boven water, juist omdat het schrift zeer moeilijk leesbaar is in die periode.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7899, folio 49r., akte dd. 18 januari 1634.

Alzoe die vande Groote Collegie van(de) H(eylige) Godtheyt alhier binnen Loven met inschrijff brieven deser stadt waeren procederen(de) teghens Jan De Smet den jonghen om te commen tot betaelinge en(de) naerdere vasticheyt eender rente van lxxxvii r(insguldens) x st(uyvers) met den achterstelle der selver en(de) d(aer)inne den selven Jan Smets met vonnisse der schep(enen) van Loven opden xviii. feb(ruary) 1631 in dese camere is gecondemp(ner)t, sijnde de selve rente originel(ijck) bekent aen Niclaes Haenwijck opden xxixe. january 1621 en(de) bijden sel(ven) Haenw(ijck) getransp(orter)t tot behoeff van(den) v(oor)s(chreven) colleg(ie) opden xxie. 7bris. 1621, beyde in dese camer, soo ist dat den v(oor)s(chreven) Jan Smets den jonghen en(de) Anna Van Langhendonck, gehuyssch(en), tot desen compar(erende), in de presen(tie) van(den) meyer en(de) schep(enen) van Loven om de v(oor)s(chreve) colleg(ie) provisionel(ijck) van(de) v(oor)s(chreve) rente en(de) v(er)loopen naerder te v(er)seckeren, draeghen op met behoorelijcke v(er)thijdenisse het kintsgedeelte der v(oor)s(chreve) Anna Van Langendonck, competer(erende) door de doot en(de) afflijvicheyt Jan Van Langendonck en(de) Anna Van(den) Put, haer vader en(de) moeder, als te weeten het neghenste part en(de) deel, de v(oor)s(chreve) Anna competeren(de) in huys en(de) hooff met allen anderen sijnen toebehoorten, geleghen tot Wackerzeel, reg(enoten) de Smisse straet ter i. de Kercken Erssel ter ii. en(de) tsheeren straet ter iii., item in een halff boender lants, d(aer)bij geleg(en), reg(enoten) tsel(ve) hooff, tsheeren straet en(de) Waterlies ende jo(uffrouw)e Eetvelts ter ande(re), item noch een block lants, geheeten het Vaerenbloeck, groot sesse dachm(alen), reg(enoten) tsheeren straet ter i., de leybe[e]ck ter ii. en(de) andere zijde, ende voorts allen haer part en(de) deel in allen dandere goeden daer van sij geloeven ter manisse de specifica(tie) over te brengen om hier bijde gevught te worden, houden(de) die selve alhier voor geinserrert en(de) v(er)obligert, geloeven(de) oock voorts sonder prejudit(ie) van desen tusschen dit en(de) vier maenden, wanneer sij met hunne mede erffgen(aemen) sullen gescheyden en(de) gedeylt wesen hunne speciaele panden, alhier over te brenghen, die welcke sij voor nu voor alsdan en(de) voor alsdan voor als nu (!) hier houden voor geinserrert en(de) v(er)obligert, expos(ito) impos(itus) heer en(de) m(eester) Walterius Waterfort inden naeme van(den) voors(chreven) colleg(ie) en(de) dat bij maniere van naerdere panden van(de) v(oor)s(chreve) rente van lxxxvii r(insguldens) en(de) x st(uyvers) tsiaers, geloeven(de) voorts de v(oor)s(chreven) transp(ortan)t(en) op nu comptant op te leg[g]hen en(de) te betaelen allen de costen van(den) processe en(de) beschrijff, in desen geresen, alles sonder p(re)judit(ie) dat het v(oor)s(chreven) colleg(ie) blijven in hun geheel van(den) v(oor)s(chreven) vonnisse sonder tselve int minste te inoveren, oock geloeven de v(oor)s(chreve) comp(ar)anten en(de) transp(ortan)ten te continueren hunne betaellinge van(de) achterstellen van(de) v(oor)s(chreve) rente, sulkcx dat die van(den) v(oor)s(chreven) colleghen hun daer mede sullen contenteren ende oft daer aene faulte geschieden en(de) gheen betaellinghe en deden, dat de v(oor)s(chreve) colleg(ie), aen desen opgedraeghen, sullen moghen v(er)haelen allen hunne v(er)loopen der v(oor)s(cheve) renten, tot desen renuntieren(de) het articule der coustuyme van Loven desen c(on)trarieren(de), en(de) naementl(ijck) de v(oor)s(chreve) Anna senat(us) consul(ti) veleiani, etc(etera), d(aer)aff onderricht wesen(de), promit(tentes) oblig(ando), submit(tendo) ac renun(tiando) in forma, coram Van(der) Vorst, Willemarts, januarii xviiia., a(nno) 1634. 122

De akte maakt melding van Anna Vanden Put, weduwe van Jan Van Langendonk, en haar zoon Hubertus Van Langendonck, beiden inwoners van Wakkerzeel. Ik maak hier de bedenking dat Anna Vanden Put een respectabele leeftijd moet gehad hebben, rekening houdende met het gegeven dat haar man omstreeks 1545 werd geboren. Het kan natuurlijk zijn dat Anna wel wat jonger was dan haar man.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8255, folio 44v., akte dd. 19 januari 1633.

In presentia scabinorum Lovanien(sis) gestaen is gecommen Jan Hermans van wegen Anna Vanden Put weduwe Jans Van Langendoncq ende van wegen Huybrechts Van Langendoncq, soone der voors(chreven) Anna, beyde woonende tot Wackerzeel, gebruyckende in desen de procuratie der selver, begrepen in sekere hu[e]rcedulle, bij hen aengegaen over de goeden van Coenrardt Vanden Broeck, gepasseert voor m(eeste)r Willem Impens, n(o)t(ari)s, ende zekere getuygen den 4. marty anno 1626, den heeren alhier gebleken, ende heeft vermogens de selve procura(ti)e vernieuwt den inhouden der voors(chreve) hurcedulle, soo wel ten opsiene van(den) jaerlijcxen pacht, bedragende i mudde corens ende seven guld(ens) boenderssche wijse als vanden andere conditien ende, daerinne begrepen, oblig(ando) et submitt(endo) ac renunt(iando) prout in forma, coram Daneels, De Greve, januarii xix., 1633.

Senten(tiatum) per pred(ictum) Vanden Broeck, eod(em) eisd(em).

 

In de akte maakt men melding van Joannes en Hubertus Van Langendonck, zonen van Joannes en inwoners van Wakkerzeel. Zij dienen een erfelijke rente van 6 guldens te betalen. Blijkens de randvermelding werd de rente bij kwitantie dd. 30.06.1692 vereffend door Joachim Van Gorp. Deze laatste wordt ook op dezelfde webpagina vermeld als zoon van Petrus Van Gorp alias Huveneer en Anna Van Langendonck.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7518, folio 187r., akte dd. 13 maart 1629.

Item Jan en(de) Huybrecht Van Langendonck kinderen wijlen Jans, woonen(de) tot Wackerseel, in p(rese)ntia, et(ceter)a, ob(ligantes), et(cetera), in forma, hebben indivisim en(de) elck in solidum gelooft, gelijck sij geloven mits desen te voldoen ende te volbrenghen alle en(de) yegewelcke geloften en(de) conditien, begrepen inde schepene briven van Loven de data julii va., 1601 in iiia., en(de) de voors(chreve) rente van sesse rinsg(uldens) erffel(ijck) aen m(eeste)r Ph(i)l(ip)s Van Caverson als rentm(eeste)r van(de) oude cappellanen en(de) H(eyligen) Geest van S(in)te Quintens alhier, alle jaer op den behoorl(ijcke) valdach te betaelen en(de) de s(elv)e te quyten als in(de) s(elv)e briven staet begrepen, consenteren(de) tot naerder vasticheyt en(de) jaerl(ijcxe) betaelinge der s(elv)er rente int maecken van mainmise over henne goeden en(de) int decreet van dijen sonder daertoe te dorven gedaeght oft geroepen te worden, ende naementl(ijck) over huys en(de) hoff, groot drije dachm(aelen), staen(de) en(de) liggen(de) tot Wackerseel, regen(oten) die kercke van Wackerseel in iie. sijden en(de) de straet in twee andere sijden, item noch over een block landts, liggende tegenover t' voors(chreven) huys, coram Van Assche, Gudelinus, martii xiii., 1629.

            In de marge.

Is gebleken bij quittantie in date 30. juny 1692, ondert(eeckent) H. Raellen, s(acrae) t(heologicae) l(icentiata), pastor S(anc)ti Quintini Lovanii, datten selven de capit(aele) pen(ningen) deser rente heeft ontfanghen van Joachim Van Gorp et sic vacat, eodem.

 

In de onderstaande akte maakt men melding van Joannes Van Langendonck, zijn vrouw Anna Vanden Putte en hun zoon Hubertus.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8248, folio 57r., akte dd. 1 februari 1621.

Item in tegenwoordicheyt des meyers ende schepenen van Loven naergen(oempt) gestaen Jan Van Langendonck, woonende tot Wackerzeel, soo voor hem selven als voor Anna Vanden Putte dochtere wijlen Mathijs, gelovende haer ter manisse in dyen te hebben dat sij dese sal approberen, heeft opgedragen met behoorlijcke verthijdenisse eerst drije dachmaelen vijftich roeden landts, wesende die hellicht van seven hem aengedeylt van onder andere vanden goeden van sijne ouders vuyt seven dachm(aelen), liggende onder Kelft bij Her W Wackerzeele opt Groot Kelffstervelt oft Kestervelt, regenot(en) Aerdt Van Langendonck in twee zijden, derffgenaemen Fredericx Vanden Broeck ter iii. ende den vaerwech van Liere op Loven ter iiii. zijden, belast elck dachm(ael) met i d(enier) Lovens aen derffgenaemen jonck(er) Peeter Van Griecken, item noch drije dachm(aelen) landts, oock gelegen onder Kelft opt Cleyn Kester Velt, regenot(en) Willem Van Langendonck ter i., Conrardt Vanden Broeck ter ii., sheeren straete ter iii. en(de) Niclaes Goirdts ter iiii., vercregen tegen Kerstiaen Houwijc ende Jochum Van Malcote, oock belast met i elck dachm(ael) met i pen(ninck) Lovens alh aen  me vrouwe Van Griecken als voere, exposit(o) impositus est iure hereditario m(agiste)r Wilhelm(us) Impens inden naeme ende tot behoeff van de Groote Collegie vander Godtheyt der fundatie Molani binnen deser stadt ende universiteyt van Loven, quo facto idem reddidit terminis te hebben ende te houden opde commeren ende lasten voorgeroert, in behoorlijcke termijnen te betaelen sonder meer commers daervuyt te gaene, ende voorts meer op eene voortaene rente van acht rinsguldens siaers te twintich stuyvers den guld(en) ende te drije plecken Brabants elcken st(uyver) gerekent, jaerlijcx te betaelen, telcken jaere den ix. february, daervan het eerste jaer sal verschijnen nona february 1622 ende soo voorts te leveren binnen deser stadt, los ende vrije van x., xx., c., mindere ende meerdere penn(ingen), mede van allen andere subventien, ingestelt oft inne te stellen in futurum quolibet assecutum et satis den voors(chreven) Van Langendoncq oblig(ando) et submitt(endo) ac renunc(iando) prout in forma, et waras opde commere, hier voore gespecificeert, voorts heeft den voors(chreven) comparant onder obliga(ti)e, submissie ende renun(ciatie) ut in forma, soo voor hem als voor sijne huysvrouwe bovengen(oempt), hem sterckmaeckende voorde selve als voore, geloeft dese voors(chreve) rente jaerlijcx loffelijck te betaelen et casu quo ad monit(ionem) alia valentia duplum sub districtu Lovanien(sis) et tantum prout vel redimere, welcke redemptie altijt sal mogen geschieden tseffens en(de) teenemaele, elcken penn(ninck) met sesthien gelijcke penn(ingen) tseffens ende met volle rente, blijvende die pontpenn(ingen) en(de) andere costen ten laste des rentgelders alleene, coram Willemarts, Broeck, februarii x., 1621.

Ende is te weeten dat die penningen, alhier gheemployeert, sijn gecommen van renten, gelost aende voors(chreve) fonda(ti)e Molani ende alsoo geremployeert ead(em) natura, eod(em) eisd(em).

Oock verclairdt den voors(chreen) Langendonck dat hij dese penn(ingen) licht om te voldoen(e) seker vonnisse, onlancx gewesen bij schepenen van Loven in iii. ten laste van Huybrecht Van Langendonck, sijne soone, begerende voor sulcx dat hij sijne andere kinderen daerva(n) sal moeten ontheffen, eod(em) eisd(em).

Sententiatum per m(agist)rum Walterum Van Waterfort ter instantien van(den) eerw(eerdigen) heere Henricus Rampen, doctoir der heyl(iger) godtheyt ende proviseur der v(oor)s(chreve) fundatie id mo(nente) praetore, coram Leunckens, Begijnemaecker, septemb(ris) xxxiia., 1638.

            In de marge.

Op heden den xxia. january 1640 comparerende heer en(de) m(eeste)r Henricus Rampen, doctoor inder heyl(iger) godtheyt, dye welcke als d' administratie hebben(de) vande fundatie Molani, heeft bekent en(de) geleden ontfangen te hebben vuyt handen Jan Van Langendonck, soo voor hem als sijne mede erffgen(aemen), de capitale penn(ingen) mette verloopen der rente van acht guld(ens) erffel(ijck), int witte van desen begrepen, consenterende voor sulcx inde cassatie der selver, promitt(ens) non amplus alloqui sed semper satis et waras erga quoscumque et ubicumque quare vacat et signavit.

Henricus Rampen.

 

Uit dit huwelijk: 

    

Van Langendonck Willem, XII (S2830), ca. 1575,

    

Van Langendonck Henricus, () Wakkerzeel 24.10.1576 (g. Van Langendonck Henricus en Van Langendonck Catharina),

    

Van Langendonck Joannes, ca. 1578, x met Maria Cluppels,

Jan Van Langendonck x Maeijcken Cluppels, ‎(Droms Keermoq)‎ x Elijsabeth Loossens ‎(Lootens)‎, denselven Droms hem sterkmakende voor Merten Loots absent & voor Marie Loots alhier present approberen de erfmangelinge als Thomas Hernandez heeft aengegaen met Jesper De Witte.
Wer1849/ 1: Fo 87: 3 feb 1632:
Merten Loosen sone Jans verkoopt drije dm bempt in Wakkerzeel genoempt Kerselaerenhof ‎(derfgen Cornelis Verpaelt, derfgen Jans Van Langendonck sone Jans)‎ aan Jan Van Langendonck x Maeijcken Cluppels.
 

 

Hieronder (met dank aan Paul Peeters) een akte met vermelding van Abraham Ri(c)x, die gehuwd was met Maria Van Langendonck, dochter van Joannes en Maria Cluppels.  Maria Van Langendonck overleed te Wercher op 21.11.1639 en werd de dag nadien begraven in de kerk.  Abraham overleed eveneens te Werchter op 16.04.1668 en werd nog dezelfde dag in de kerk begraven.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8265 fol. 29r.

In tegenwoordicheyt der heeren meyers en. schepenen van Loven naerbes. gestaen den clercq Coecx, gemachticht met procuratie om den naervolgen. contracte behoorel. te herkennen en. te vernieuwen, waer van den teneur is volgen. van woorde tot woorde.

Op heden den xen. october 1665 compareren. voor mij als openbaer nots. en. inde pntie. van. getuygen hier onder genoemt, Margriet a Kempis, wede. van wijlen Niclaes Meynaerts, ingesetene deser stadt Loven, die welcke in desen gebruyckende de cracht en. macht, haer verleent bijden testamente van wijlen haeren man, gepasst. voor mij nots. ende seeckere getuygen opden xxien. may lestleden, alhier in originele gesien en. gebleken, heeft bekent en. bekent bij desen gecedeert ende getransporteert te hebben aen en. ten behoeffve van Adam Supply ende Barbara Meesenberch, gehuysschen en. oock ingesetenen alhier, pnt. en. accepteren. alsulcke rente van twelff gul. thien stuyvers tsrs. den penninck sesthien met een jaer verloops ende den loopenden jaere te verschijnen den xxiijen. juny toecomende als die voors. transportante jaerel. is heffende en. treckende ten laste van Abraham Ricx, woonende tot Werchter, getrouwt geweest sijnde mette dochter van wijlen Maria Cluppels wede. wijlen Jan Van Langendonck, staende beset bij mainmise op hunne goederen tot Wackeseel, volgens de constitutie brieven daer van sijnde, gepasst. voor de heeren schepen. deser stadt opden xxvijen. juny 1653 in tertia ende de mainmise en. decrete daer op gevolght, respective den vijffden july daer naer in eadem camera, cederende mede de voors. brieffven met allen t' recht en. actie daer inne vermelt, waranderen. de voors. rente voor goet, deuchdel. en. onbelast, met gelofte van daer voor oock altijdt inne te staen onder obligatie en. renunciatie in forma, bekennende de transportante de capitaele penningen ende het verloop te hebben ontfanghen en. oversulcx ten vollen daer van te sijn voldaen, constituerende alsoo onwederroepel. een yeder thoonder deser om den selven transporten voor meyer en. schepen. van Loven ende alle hoff ende heer competent te vernieuwen en. te herkennen en. aldaer de voors. gehuysschen inde voors. rente te goeden ende te erven ende haer transportante daer vuyt te ontgoeden ende te onterven, promittens ratum, etc.

Aldus gedaen en. gepasst. ten daege, maende en. jaere als boven ter presentie van Ignatius Hoymeyer ende Mertinus Ghenis, getuygen, tot dese geroepen en. gebeden, ende heeft die voors. transportante de minute deser neffens mij notario ondt., onderstont mij present quod attestor, en. was onderteeckent A. Van Heusden, nots., naer vermogen vande voors. procuratie, soo heeft de voors. geconstitueerden den bovens. contracte notariael in alle sijne pointen, clausulen en. arlen. met alle solemniteyten van rechts wegen daer toe gerequireert, herkent en. vernieuwt, mede eentsaementl. opgedraegen met behoorel. verthijdenisse die voors. rente van twelff guldens thien stuyvers erffel. met een jaer verloops en. den loopen. jaere te verschijnen prout latius in contractu ende de voors. Margriet a Kempis daer vuyt ontgoeyt en. onterft sijnde, soo is daer inne gegoeyt en. geerft mr. Anthonius Van Heusden inden naem en. tot behoeff van Adam Supply ende Barbara Meesenberch per mo. jure et satis et waras, voors. rente voor vrije en. onbelast, obligando, submitten. ac renuntiando in forma, coram Crabbeels, Santels, xijen. octobris 1665.  Delahault, J. Crabeels., 1665.

 

Hieronder nog  een akte met vermelding van Maria Cluppels, weduwe van Joannes Van Langendonck. en haar schoonzoon Abraham Ricx, echtgenoot van Maria Van Langendonck.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8261 fol. 212v.

Item in tegenwoordicheyt der heeren schepen. van Loven naerbeschreven gestaen Cornelis Oliviers, dije vuyt crachte ende naer vermoegen der procuratie speciael ende irrevocabel, aen hem gegeven bij ende van weghens Marie Cluppels, weduwe over wijlen Jan Van Langendonck vermoegens, d' authorisatie, bij haer geobtineert voor schepenen van Werchter, in qualiteyt als overmomboiren aldaer opden xvijen. juny lestleden, onderteeck. H. Vanden Panhuyse, geassisteert met Abraham Ricx, haeren schoonsone, tot het naerbes. valide te moegen doen, gepasseert voor d' heere advocat J. Baelmans, notaris, ende seeckere getuygen den xxiijen. juny lestleden, d' heeren schepenen in forma authentica gesien ende gebleken, ende heeft bekent ende geleden, kent ende leydt midts desen midts eene somme van penn. ten contentemente sijns constituanten ontfangen vuyt handen mr. Peeter a Kempis tot behoeff desselffs, schuldich te sijn eene voortaene rente van tweelff guldens ende thien stuyvers erffelijck te twintich stuyvers den gulden ende te drije plecken Brabants den stuyver gereeckent, los ende vrije van xe., xxe., ce., mindere ofte meerdere impositien ende exactien, alreede innegestelt oft naermaels inne te stellen, te leveren ende te betaelen alle jaeren den xxiijen. juny, waer van d' ierste jaer sal vallen ende verscheynen den xxiijen. juny vanden toecommenden jaere xvic. vierenvijftich ende soo voorts van jaere tot jaeren totten daghe van quytinge, dije sal moegen geschieden t' eender reyse, elcken penn. met sesthien gel. penn. der specien ende woerden, te weeten een hondert guldens in pattagons, xxiiij guld. in acht ducatons ende de reste in schellin. ende halff schelle. volgens d' evaluatie ende met volle rente los gelts, gelovende den voors. geconstitueerde inden naeme sijns constituanten de voors. erffelijcke rente van xij r. x st., alle jaeren wel, loffelijck ende personelijck te betaelen ende inde stadts wissele van Loven los ende vrije als boven, mede ter manisse pant te stellen onder den resorte van Loven, weerdich boven alle voorcommeren ende lasten, dobbele rente vol redimere onder oblig., submissie en. renun. in forma, ende om den voors. rentheffer, sijne erffven ende naercommelingen oft actie te hebbene voorde voorseyde erffel. rente ende jaerelijcxe betaelinge beter te verseeckeren, soo consenteert den voors. geconstitueerde int' maecken van beleyde ende mainmise, mede int' decreet van dijen sonder voorgaende dagement over alle ende ygewelcke sijns constituanten goederen en. signanter seecker haer huys ende hoff met den bloecken daeraen, gelegen tot Wackerseel onder Werchter, groot int' geheel ontrent de drije daghmaelen der iuster mate ombegrepen, regenoten sheeren strate ter ie., jor. Vander Beken ter ije., d' erffgenaemen Willem De Witte ter iije. ende iiije. zijden, item een halff boinder landts, gelegen opt' Lupservelt, oyck onder Wackerzeel, regenoten d' erffgenaemen Peeter Van Rijmenant ter eenre, den voetwegh loopende van Wespelaer naer Wackerzeel ter ije., d' erffgenamen Mertten Gorts ter iije. ende den Vaerenwegh ter iiije. zijden, ende voorts over alle ende ygewelcke henne andere goederen, allomme waer ende tot wat plaetsen gelegen, coram Fusco, Peeters, juny xxvij., 1653

 

In de volgende akte wordt melding gemaakt van Joannes Van Langendonck (zoon van wijlen Joannes) en zijn vrouw  Maria Cluppels, wonende te Wakkerzeel. De akte bestaat in feite uit 3 delen. Als datum van de akte werd de datering van het laatste deel genomen. Daarnaast was er nog randvermelding, doch deze was vrij chaotisch. In het eerste deel van de akte is er sprake van de Vint straete. Het gaat hier ongetwijfeld om de Vinkstraat.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7531, fol. 80r., akte dd. 11 februari 1643.

Item Jan Van Langendonck soene wijlen Jans ende Maria Cluppels, gehuyschen, woonen(de) te Wackerseel, in presen(tia), etc(etera), hebben indivisim en(de) elck int besundere bekindt wel en(de) deuchdelijck schuldich te sijne aen s(ieu)r Louys Meersmans, present en(de) accepteren(de), soo voor hem als voor jouff(rouw)e Emerentiana Van Blaesberch, gehuy sijne huysvrauwe, woonen(de) bynnen deser stadt Loven, twelff carolus guldens te twintich stuyvers Brabants tstuck en(de) twelff thien gelijcke stuyvers erffelijcke rente, alle jaer op date deser te v(er)scheynen en(de) te betaelen, daeraff dierste jaer van betalinghe sijn sal den viien. februarii anno 1634 en(de) inder stadt wissele van Loven te leveren, los en(de) vrije van ve., xe., xxe., ce. en(de) van alle andere, mindere oft meerdere pen(ningen en(de) impositien, inne gestelt oft naermaels inne te stellen, in futur(um) quolibet assecutum et ad mo(nitionem) pignus infra leucam valens dupl(um) et tant(um), obligan(do), etc(etera), in forma, midts conditie dat die voors(chreve) gehuyschen, henre erffven en(de) naercomelinghen de v(oor)s(chreve) rente van twelff r(insguldens) x s(tuyvers) erffel(ijck) sullen moeghen losssen en(de) affquyten tallen tijden alst hen goetduncken en(de) gelieven sal teender reyse teghen den pen(ninck) sesthien in gevalueerden gelde en(de) met volle rente, consenteren(de) tot naerder vasticheyt van mainmise over de goeden naer beschreven en(de) int decreet van dijen, sonder daer toe te derven gedaeght oft geroepen te woorden, namentl(ijck) ierst over een dachmael landts, gelegen te Wackerseel opt Leepservelt, regen(oot) derffgen. Goert Keerincx in twee sijden, die Vint straete ter iiier. ende Onse Lieve Vrauwen aultaer ter iiiier. sijden, item over drije viriendeelen landts, geleghen insgelijcx te Wackerseel opde Grootte Laecke, regen(oot) de Laeck beecke ter ier., derffgen. Dilbeeck ter iier., Peeter De Coninck ter iiier. en(de) Jan Van Langendonck ter iiiier. sijden, item over andere drije virendeelen landts, gelegen opde Laecke te Wackerseel, regen(oot) die selve Laecke ter ier., jo(ncke)r Botma ter iier. ende Aerdt Schrijnmaeckers ter iiier. sijden, v(er)cleren(de) die voors(chreve) gehuyschen die voors(chreve) goeden alleenelijck belast te sijne met des heeren grondt chijns sonder meer, coram Dilbeeck, Goffart, februarii vii., 1643.

Teneur van(de) mainmise, in desen vermelt.

Borgem(eeste)ren, schepenen en(de) raedt der stadt van Loven, den ierste van onsen boede hier op v(er)socht, saluyt, want Jan Van Langendonck en(de) Maria Cluppels, gehuyschen, met schepen(en) brieven deser stadt Loven verbonden sijn aen s(ieu)r Louys Meersmans en(de) Emerentiana Van Blaesberch, gehuyschen, in eene rente van twelff rinsg(uldens) x s(tuyvers) erffelijcken, daer aff sij in gebreke souden sijn van vasticheyt ende de voors(chreven) Louys vuyt saecken van dijen ons versocht heeft hem v(er)leent te worden behoorl(ijcke) brieven van mainmise, in desen dienen(de), soe eest dat wij u ordineren en(de) committeren bij desen dat ghij in uwe en(de) in ons g(enedichs) heere en(de) onse handen tot behoeff der voors(chreve) gehuyschen behoorlijck nempt, levert en(de) stelt alle ende iegelijcke goeden der voors(chreve) verobligeerde, den voors(chreven) Louys oyck totte v(oor)s(chreve) goeden behoorl(ijck) leyden(de) om des gedaen, de voors(chreve) mainmise te worden gedecreteert, midts den consente der voors(chreve) bekinderen gedraeghen int bekennen der voors(chreve) rente, inthimeren(de) oyck mede de voors(chreve) mainmise den grondtheeren oft henren officieren, daer onder de voors(chreve) goeden resorteren(de) sijn, om van desen te moeghen registre hauden tot conservatien van henren heerlijcke rechten, soo verre voor voldoen(inghe) van(de) v(oor)s(chreve) gebrecken de v(oor)s(chreve) goeden naermaels v(er)cocht en(de) geexecuteert worden, doen(de) van allen tghene des ghij in desen gebesoigneert sult hebben, goidts tijts uwe behoorl(ijcke) relatie aen een van onsen secretarisen die tselve registreren sal, van allen welcken te doen, wij u des geven volcomen macht en(de) authoriteyt, nemen(de) oyck in des voors(chreven) is, tuwer assistentie soe verre des noot sij, tuwer assisten(tie) soe verre des noot sij (!) dofficiers van(de) plaetsen en(de) andere u in desen voors(chrevn) is tuwer assisten(tie) soo verre des noot sij behoeffelijck wesen(de) op henren behoorl(ijcken) salaris, den welccken wij ingevalle als boven versoecken, ordineren en(de) bevelen u in des voors(chreven) is te assisteren, des ter kennissen hebben wij borgem(eeste)ren, schepen(en) en(de) raede voors(chreven) den segel ten saecken deser stadt hier op doen drucken opden viien. februarii 1643 en(de) was ond(erteecken)t J.F. De Vroey, nota dat de specificatie staet in(de) v(oor)s(chreven) bekentenisse.

Relaes.

Item Jacques Van Schoonderhaghen, gesworen boede deser stadt Loven, retulit hem opden xen. februarii 1643 getransporteert te hebben inden dorpe van Wackerseel en(de) aldaer in sijne als in ons g(enedichs) heere en(de) deser stadts handen genomen tot behoeff van s(ieu)r Louys Meersmans de goeden Jans Van Langendonck en(de) sijnder huysvrauwe, inden billete  der mainmise annex begrepen en(de) inde bekentenisse geinsereert  om te comen tot vasticheyt van xii r(insguldens) x s(tuyvers) erffel(ijck) den officier gegeven sijn(en) behoorl(ijcken wijn, sic relatum februarii xi., 1643, en(de) was ond(erteecken)t J.F. De Vroey, secretaris.

         In de marge.

Is geblecken bij quitantie, gegeven bij Louys Meersmans en(de) jo(uffrouw)e Emerentiana Van(den) Blaesberch, gehuys(chen), woonen(de) alhier, de data januarii 2, 1652, en(de) Emerentiana Van(de) Blaesberch dese rente aen hem gequeten te sijne bij jo(uffrouw)e Sara Van Berckel als de selve thaeren laste genomen hebben(de) int coopen van drije dachmael en(de) een halff landts, gelegen onder Wackerseel, v(er)cocht bij Peeter Ingelbeerts Marie Cluppels, weduwe van Jan Van Langendonck, actum januarii xvi., 1652.

 

In deze akte wordt bevestigd dat Joannes Van Langendonck, man van Maria (Maycken) Cluppels, de zoon is van Joannes.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7530, akte dd. 28 maart 1642.

Item in teghenwoordicheyt des meyers en(de) schepen(en) van Loven naerbeschreven compareren(de) Jan Van Langendonck soene wijlen Jans en(de) Maycken Cluppels, gehuyschen, woonen(de) te Wackerseel, bij manisse, etc(etera), hebben opgedraeghen met behoorl(ijcke) v(er)thijdenisse een halff boender landts, geleghen onder Thildonck opt velt gaen(de) den Lauwendriesch, regen(oot) de leybeeck ter ier. en(de) die gronden van jo(ncke)r Jan Van(den) Heetvelde in alle andere sijden, exp(osito) imp(ositus) est h(eer) en(de) m(eeste)r Joh(ann)es Lhost, raedt en(de) pensionaris deser stadt Loven als toesiender curateur van(den) nnoeselen jo(ncke)r Jan Van(den) Heetvelde, per mo(nitionem) et satis obligan(do), etc(etera), in forma, et w           aras op onderhalff spint even en(de) drije penninghen Lovens aen(den) voor(chreven) weeste des v(oor)s(chreven) jo(ncke)r Jan Vanden Heetvelde sonder meer, daer voor altijts goet garandt geloven(de) en(de) om den v(oor)s(chreven) weese van tv(oor)s(chreven) waerschap noch bat te v(er)sekeren, hebben de licentia villici et sententur scabinor(um) subscriptor(um) opgedraeghen met behoorl(ijcke) v(er)thijdenisse drije dachmaelen landts, geleghen opt Cleyn Daeldervelt onder Thildonck, regen(oot) die voors(chreven) jo(ncke)r Jan Vanden Heetvelde in twee sijden en(de) tGroot Daeldervelt ter iiier. sijden, exp(osito) imp(ositus) est die voors(chreven) h(ee)r pensionaris Lhost in(der) qualiteyt als voor per mo(nitionem) et satis et waras op sheeren chijns van(den) gronde en(de) dit in plaetse en(de) voor een(en) onderpande om ingevalle van eenighe voordere lasten opt v(oor)s(chreven) halff boender te pretenderen bij v(er)coop oft andersints het gebreck daer aen te v(er)haelen, voorder en(de) andersints nyet, en(de) dit midts der somme van een hondert sevenentsestich r(insguldens) eens, bijde v(oor)s(chreve) gehuyschen vuyt handen des v(oor)s(creve) h(ee)r pensionaris Lhost op heden ontfanghen, soe sij alhier present gestoden, den selven h(ee)r pensionaris van(de) voors(chreve) somme midts desen quiteren(de), promittens et obligan(do), etc(etera) in forma, coram Goffaert, Willemaers, martii xxviii., 1642.

 

En deze ... In de akte staan Joannes Van Langendonck en Maria Cluppels uit Wakkerzeel vermeld. Enigszins grappig, Petrus Van Leempoel was gehuwd met Anna Vanden Poel.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7522, folio 21v., akte dd. 16 augustus 1632.

Item, in p(rese)ntia villici, etc(eter)a, gestaen Marie Cluppels met consent en(de) overstaen Jans Van Langendonck, haers mans, woonen(de) tot Wackerzeel, per mo(nitionem) hebben opgedraeghen met behoorl(ijcke) v(er)thijdenisse een dachm(ael) landts onbegrepen der maeten, geleghen soo onder Thieldonck als Wincxel, regen(oten) de Horen straete ter ie., d' erffgen(aemen) Henricx Goirts ter iie., jo(uffrouw)e Heetveldts ter iiie. en(de) de kercke oft H(eyligen) Geest van Thieldonck ter iiii. sijden, alsoot t' s(elv)e landt opde voors(chreve) Marie Cluppels is gedevolveert bij doodt van haere ouderen en(de) haer te deele gevallen, expos(ito) impos(itus) est Peeter Van Leempoele, soo voor hem als tot behoeff van Anna Van(den) Poele, sijne huysv(rouw)e, et satis praedicti transportantes ob(ligando), sub(mittendo) ac ren(untiando) in forma, et waras voor onbelast, verclaerende partijen den prijse van(den) gerechten coop van t' voors(chreven) landt te sijn hondert rinsg(uldens) eens boven ses guldens van t' gelach, coram Borchgreeff, Leuncken, xvi. augusti 1632. 

 

In de akte maakt men melding van Joannes Van Langendonck en Maria Cluppels, inwoners van Wakkerzeel.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7526, folio 228r., akte dd. 11 januari 1638.

Item, in p(rese)ntia, etc(etera), gestaen m(eeste)r Hendrick Leunis vuyt crachte en(de) naer v(er)mogen van(de) procuratie, int naervolgen(de) contract notariael geinsereert, hem als thoinder der selver gegeven bij Jan Van Langendonck en(de) Mayken Cluppels ten ... ijn [rand] om tselve contract alhier te v(er)nyeuwen, heeft tselve geeffectueert midts desen inder vuege naervolgen(de).

Comparerende op heden den ix. january 1638 voir mij notario ende getuyghen naer geschreven Jan Van Langendonck ende Mayken Cluppels, gehuysschen, woonende tot Wackerseel, de welcke indivisim hebben bekent schuldich te sijn aen Gilliam Cremers ende Joanna Vander Eycken, oick wettige ghehuysschen, woonende binnen deser stadt inde Gulde Poort, present ende accepterende een erffelijcke rente van twintich guldens sjaerts ter cause van drij hondert twintich guldens eens, als nu contant ontfanghen vande voirs(chreve) Cremers, waer aff den eersten valdach sijn wesen den 9en. january 1639, ende soe vorts totter redemptie toe, de welcke sal mogen gebueren met de voirs(chreve) somme van drij hondert twintich guldens in goeden gevaluerden gelde ende met volle rente, gelovende ondertusschen de voirs(chreve) comparanten de voirs(chreve) rente jaerlijckx wel ende loffelijck te betalen aende voirs(chreven) Gilliam Cremers ende Joanna Vander Eycken ende haer naercomelinghen met los ende suyver gelt binnen deser stadt te leveren, vrij van alle impositien, opgestelt oft naermaels op te stellen onder obligatie van henne persoenen ende goederen, ende tot meerder versekeringe vandien hebben de voirs(chreve) comparanten geconsenteert in het maecken van mainmise ende in het decreet ende herdecreet der selver sonder daertoe gedaecht te sijn, namen[t]lijcken over seven virendeelen lants, gelegen onder Tildonck op Blommaerts Velt, regenoten de Palsgracht, item op drij dachmaelen lants, oick onder Tildonk op Groot Kerstervelt, regenoeten het goedtshuys van ter Terbanck, item op een half bonder bempts, gelegen tot Wackeseel aen daertstraete, regenoeten de eerffgenaemen Van Heetvelt ende op alle dander partijen aende voirs(chreve) comparanten ten deel gevallen achtervolgens de scheydinge ende deylinghe, gepassert op den 17. january 1630 voor de schepenen van Werchter, onderteeckent Schutteput, item op noch een stuck bempts, gelegen tot Wackeseel, genaempt Kerstiaens Hoff, groet drij dachmaelen, regenoten de leybeeck ter eendere, de voirschreven erffgenaemen Heetvelt ten tweedere, bij hem comparant vercregen tegen Merten Loesen op den 3. febuary 163... [rand], oick voir de voirs(chreve) schepenen van Werchter gepasseert volgens de goedenisse, berustende onder den voirs(chreven) Schutteput ende noch op een dachmael ende 60 roeden, gelegen onder Tildonck op Cleyn Daeldervelt, regen(oten) tsheeren straet ter eendere ende de voirs(chrerven) erffgenaemen Heetvelt ter tweedere, oick bij hen vercregen volgens de goedenisse gepasseert den 2. february 1628 in tertia alhier, constituerende onwederroepelijck Merten Lunckens ende een ider thoinder deser ten eynde om tselve te vernieuwen voir meyer ende schepenen deser stadt Loven met voluntaire condemnatie, gelofte van satis ende andere in forma, promittentes irrevocabiliter ratum obligando, submittendo ac renunciando pro ut moris atq(ue) stili, actum tot Loven ter presentien m(eeste)ren Hendrick Vanden Cauter ende Hendrick Paridanus, getuygen hier toe geroepen, de welcke de minuete deser met de voorschreven gehuysschen comparanten hebben geteeckent.

Mij p(rese)nt als notaris, G. Loesen.

Et satis p(re)dictus constitutus et ad mo(nitionem) valens duplum, coram Daneels, Van Grave, xia., jan(ua)ry 1638.

 

In de volgende akte maakt men melding van Joannes Van Langendonck sone Joannes en zijn vrouw Maria Cluppels, inwoners van Wakkerzeel.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8256, folio 43r., akte dd. 2 september 1633.

Item in tegenwoirdicheyt des heere meyers ende den heeren schepenen ende eygenooten van Loven naerbes(chreven) gestaen Jan Van Langendoncq soen wijlen Jans ende Marie Cluppels, sijne huysvr(rouwe), woonende onder Wackerseel, ende hebben tsamen ende elcken int besonder opgedraeghen ende getransporteert met wettighe v(er)thijdenissen, ressche ende rijse, deygen goeden naerbeschreven, gelegen onder Herent Thildonck, ierst i dachmael lant eygen goet, gelegen opt Blommaerts Velt, regenooten Adriaen V(er)cautere ter ier., den erffwech ter iier. de laybeke ter iiier en(de) iiiier., derffgen(aemen) Willem [Van] Langendoncq ter andere, item noch i dach(wan)t lants eygen goet opt selve, regenooten de laygraecht in twee sijden, den Grooten H(eyligen) Geest binnen Loven ter derdere, derffgen(aemen) Jans Van Haechten ter iiiier. sijden, item noch vijff vierendeelen expositis ende Lucas Claes, soe voer hem als Cathlijne Van(der) Heyden, sijne tegenwoirdighe huysvr(ouwe), ter manisse des heere meyers met wijsdo(m)me der v(oor)s(chreve) heeren schepen(en) en(de) eygenooten van Loven ten eygenen rechte daer inne gegicht en(de) geerfft sijn(de), heeft deselve goeden aen(de) v(oor)s(chreve) gehuysschen wedero(m)me overgegeven voor vrije, eygen goet en(de) voorts meer op eene voortaene rente van twelff rinsguldens tsiaers te xx s(tuyvers) tstuck, den gulden en(de) den stuyver te drije plecken Brabants gerekent, al in loopende ende ganckbaeren gelde, erffel(ijcke) rente, alle jaere op date van desen te v(er)schijnen, daervan den iersten termijn van betaelinghe vallen en(de) v(er)schijnen sal den tweeden dach van septembris xvic. vierendertich ende soe voorts van jaere te jaere, daerenboven soe hebben die v(oor)s(chreve) gehuysschen tsamen ende elck een int besonder sonder p(re)judicie van des v(oor)s(chreven) is, onder verbintenissen van hunl(ieden) respective p(er)soonen ende goeden, beyde meubele ende immeubele, tegenwoirdige en(de) toecomen(de), waer en(de) ter wat plaetsen die gelegen oft bevonden sullen comen te worden met renuncia(ti)e der p... (?) van v(er)scheyden v(er)obligeerden en(de) de v(oor)s(chreve) vrouwe p(er)soone der constitut... (?) s(enatus) c(onsul)ti vel(leiani) et auth(entica) si qua mulier, daer van gecertioreert, de v(oor)s(chreve) rente van xii r(insguldens) tsiaers, jaerelijx ten v(oor)s(chreven) valdage wel, loffel(ijck) en(de) p(er)sonnel(ijck) te betaelen en(de) te leveren ten behoeve des v(oor)s(chreven) Lucas Claes en(de) sijn(e) huysvr(ouwe), hunl(ieden) successeuren en(de) naercomelingen, binnen deser stadts wissel van Loven, alles los ende vrije van xe., xxe., ce., mindere oft meerdere penningen, impositien oft exactien, alreede ingestelt oft naermaels in(ne) te stellen(e), mede van pontpen(ningen) in futuru(m) telcken termijne als schult met recht v(er)wonnen, et sub hisce satis et waras ut ante, obligan(do), etc(etera), ende indyen nu oft naermaels de v(oor)s(chreve) panden den renthefferen dochten insufficient te wesen, geloven die v(oor)s(chreve) rentgelderen indivisim der manisse van hen andere sufficiente te stellen ende over alles soe veele te doen(e) dat den renthefferen ten eeuwigen daghen sal moegen genoech wesen onder obligatie, sub(missie) en(de) renuncia(ti)e als voor, met conditie dat die rentgelderen de v(oor)s(chreve) rente t' allen tijdens alst hen gelieven sal, sullen mogen quyten teender reyse tegen den penninck sesthiene ende met volle rente, alles los gelts en(de) aende renthebberen te leveren, coram Schore, De Vroye, schepen(en) ende eygenooten, item s(ieu)r Michiel Pannis, lieutenant meyer, et J. Woutelers, insgel(ijcx) eygenooten, hac secunda septembris 1633.

 

In de akte wordt melding gemaakt van Joannes Van Langendonck en zijn vrouw Maria Cluppels. De akte bevestigt dat Joannes Van Langendonck zoon is van Joannes en Anna Vanden Putte.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8255, folio 38v., akte dd. 17 december 1632.

In presentia villici, etc(etera) gestaen M. Leunckens Jooris Van Outerboer van wegen wijlen m(eeste)r Peeter Zangrius vermogens sekere procura(ti)e speciale ende irrevocabele, bij hem ten eynde naebes(chreven) gepasseert voor Jannen Hermans, n(o)t(ari)s, den 18. octobris lestleden, alhier gebleken, heeft opgedragen negen guld(ens) erff(elijck), den pen(ninck) xvi., welcke persoonelijck heeft bekindt Jan Van Langendonck, woonende tot Wackerzeel, soone wijlen Jans, vuytten lichaeme van wijlen Anna Vanden Putte, met sijne huysvrouwe Marie Cluppels voor dheeren schepenen alhier den iii. aprilis 1632 in hac camera iii., exposit(o) impositus jure hereditario Jo(ann)es Hermans tot behoeff vanden sterffhuyse van wijlen deerw(eerdigen) heere Fabritius in mindernisse der penn(ingen), gecomen vande boecken des voors(chreven) wijlen heere Fabritius door Santrain (?) zaliger v(er)cocht et satis oblig(ando), etc(etera) hij opdrag(er) qua(lita)te qua oblig(ando), etc(etera), et waras voor nyet belast, coram Borchgrave, Greve, decemb(ris) 17., 1632.

            In de marge.

De retrocessie van dese rente habetur 4a. 7bris. in hac 1637 in hac camera tertia.

 

In de akte maakt men melding van Joannes Van Langendonck en Maria Cluppels.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8255, folio 320r., akte dd. 16 mei 1636.

Item in tegenwoordiheyt des meyers en(de) schepenen van Loven naerbes(chreven) gestaen Jan Van Vlasselaer ende Elysabeth Van Geel, gehuysschen, ende hebben opgedraegen met behoorlijcke verthijdenis een dachmael landts, gelegen onder Thildoenck opt Groot Kestervelt, regen(oten) s' heeren straete ter eenre, d' erffgen(aemen) Niclaes Hanewijck ter iie., het clooster van Terbanck ter iiie. en(de) Jan Van Langendoenck ter iiiie. sijden, et satis de voors(chreve) opdraegeren expos(ito) impos(itus) Jan Van Langendoenck en(de) Maria Cluppels, gehuyschen, woonende tot Wackerseel, et satis de voors(chreve) opdraegeren onder obligatie, submissie en(de) renunciatie in forma, ende naementlijck de voors(chreve) vrouwen persoon privilegio s(enatus) c(onsulti) vell(eiani) auth(entica) si qua mulier, daer van gecertioreert sijnde, et waras voor vrij ende onbelast goet ende voorts meer op alle andere conditien, begrepen inde coopcedulle, gel gepasseert voorden not(ari)s L. Van(den) Berghe ende sekere getuygen den xvien. may a(nno) 1636 lestleden, coram Lievens, Van(der) Heyden, xix., maii 1636.

 

Bijgaand een akte met vermelding van Joannes Van Langendonck, zoon van Joannes en Anna Vanden Putte, die getrouwd was met Maria Cluppels. Het echtpaar woonde in Wakkerzeel.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8254, folio 209r., akte dd. 5 april 1632.

In tegenwoordicheyt der schepenen van Loven naergen(oempt) gestaen Jan Van Langendonck soone wijlen Jans woonende tot Wackerseel tot Wackerzeel, soone wijlen Jans vuyten lichaeme van Anna Vanden Putte, met Marie Cluppels, obligerende persoone ende goeden, present ende toecommende, een voor al ende elck voor t' geheel, met renuncia(ti)e der nieuwer constitutie de duobus reis et aliis in forma, hebben bekindt schuldich te sijne aen m(eeste)r Peeter De Zangre, boeckcoopere binnen Loven, present en(de) dese accepterende, eene rente van negen guldens erffelijck te xx st(uyvers) den guld(en) ende te drije plecken Brabants elcken st(uyver) gerekent, jaerlijcx te verschijnen date deser, welcke rente de comparanten geloven jaerlijcx loffelijck te betalen ende binnen deser stadts wissele te leveren, los ende vrij van allen subven(tien), ingestelt oft inne te stellen infuturum quolibet assecutum, belovende oock deselve loffelijck te besetten ter manisse onder den resorte van Loven op suffisante panden en(de) altijt soo vele te doen dat den rechthebbere des te vreden sijn moge ofte te redimeren, welcke redemptie sal tallen tijden mog(en) geschieden den rentgelders gelievende met een hondert vierenveertich gelijcke guld(ens) capitaels ende met volle rente, al binnen Loven te leveren, los gelt, coram S(ainc)t Victoir, Appelmans, aprilis v., 1632.

Ende verclaeren partijen dat Langendonck voors(chreven) dese rente bekindt boven andere hondert en vier guld(ens) eens, bij hem aen Zangrius opgeleeght in gereeden gelde, alles van wegen Merten Loosens in betalinge van sekere drije dachm(aelen) beempts, bij hem Loosen tegen Zangrius gecocht, maer noch nyet gegoeyt, soo dye plecke is liggende tot Cortenaecken, leenroerich onder den prelaet van Vlierbeke, sulcx dat hij Sangrius hem bekendt over dijen coope te sijn voldaen en(de) gheeft hem preparaet die goedinge daervan te doen tallen uren, ten coste nochtans des coopers desen, behalven seeght Langendonc[k] dese betalingen te doen van wegen des voors(chreven) Loozens ende tsijnder assignatie in mindernisse van 4 r(ins)g(uldens) eens, welcke hij aen hem schuldich was over den coop, tegen hem gedaen van drij dachm(aelen), liggende tot Wackerzeel, eod(em) eisd(em).

 

Hierbij een akte van exact 405 jaar geleden, eveneens gedateerd op 22 april. In de akte maakt men melding van Joannes Van Langendonck zone Joannes en zijn vrouw Maria Cluppels.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7503, folio 192r., akte dd. 22 april 1613.

Condt sij een(en) iegel(ijcken) dat comen is voor meyer en(de) schepen(en) van Loven Jan Leerbijls, gebruycken(de) de macht van(de) procura(ti)e, hem gegeven opden viien. octob(ris) anno 1611, gepass(eer)t voorden not(ari)s Vaes en(de) zekere gtyghen, den sel(ven) vuyt crachte voors(chreven) heeft ten erffve vuytgegeven, gel(ijck) hij geeft midts desen Jannen Van Langendonck soene Jans en(de) Marie Cluppels, gehuysschen, de wel(cke) bekinnen van(den) voors(chreven) Jannen ten erffgenomen te hebben voor hen, henne erffven en(de) naercomelin(ngen) een stuck bempts, wesen(de) hellicht winninghe, groot een dach(mael) ombegrepen der maeten, gelegen tot Rotselaer, ter plaetsen geheeten den Lynd(en) Beempt, regen(oten) den Donck ter ie., de wed(uw)e en(de) erffgen(aemen) Mertens Van Maelcote ter iie. zijden, erffel(ijck) te houden, te hebben en(de) te besitten op vijff en(de) dertich stuyvers) erffel(ijcke) rente, alle jaer opden xxiien. april(is) te betaelen en(de) ind(er) stadt wissele van Loven, los en(de) vrije, etc(etera), te leveren in futuru(m) quolibet et waras voor ombelast, geloven(de) de voorschreven erffnemeren de voors(chreve) rinte alle jaer ten tijde en(de) termijne voors(chreven) wel en(de) loffel(ijck) te betaelen assecutu(m), met conditie dat die voors(chreve) erffnemeren de voors(chreve) erffel(ijcke) rinte sullen mogen lossen en(de) quytten tallen tijden als hen gelieven sal, elcken carol(us) guld(en) daeraff met xvi gel(ijcke) carol(us) gul(den)s, munte als voren, ac cum, coram Glavimans, Roeloffs, aprilis xxii., 1613.

Item is te weten dat den erffvuytgever heeft bekindt ind(er) qua(litey)t voors(chreven) de twee deelen van(de) voors(chreve) rinte van xxxv st(uyvers) aen hem gelost en(de) gequeten te zijne en(de) de capitaele pe(n)nin(gne) daeraff ontfangen te hebben en(de) trestant, te weten het derdendeel, bedraegen(de) inde jaerlijcxsche betaelin(ge) elff stuyvers en(de) een(en) halven en(de) xii mijten, sal blijven opden voors(chreven) bempt en(de) erffneme(re) ten proffijte van(de) voors(chreve) Marie Janssens wed(uw)e wijlen Peeters Van Bretsijp voorde tocht en(de) haere kinderen, bij haer behouden van(den) voors(chreven) Peeter, voor derffelijckheyt, eisd(em).

            Hiernaer volght den teneur van(de) procura(ti)e, hier voor v(er)melt.

Op heden den viien. octob(ris) anno 1611 compareren(de) voor mij openbaer not(ari)s, bijden Raede geord(onneer)t in Brabant, geadmitteert, en(de) den getuyghen hier onder geschreven, die respective p(er)soonen van Huybrecht Van Bredtsijp, woonen(de) bynnen Brussele, Jacob De Vos en(de) Anna Van Bredsijp, gehuysschen, woonen(de) tot Hauwaert, en(de) met hem Marie Janssens wed(uw)e wijlen Peeters Van Bredsijp, die voors(chreven) Huybrecht en(de) Jacop hun sterckmaeccken(de) voor haere kinderen, die sij behouden heeft van(den) voors(chreven) Peeteren, voorde proprieteyt, die wel(cke) ind(er) bester vueghen, maeten en(de) manieren hen mogel(ijck) wesen(de), hebben onwederroepel(ijck) geconst(itueer)t en(de) midts desen constitueren den p(er)soon van Jan Leerbijls, woonen(de) tot Wackerseel, p(rese)nt en(de) acceptant, om te v(er)coopen en(de) alieneren alsulcken stuck bempts, groot een dach(mael), als sij liggen(de) hebben(de) tot Rotselaer, ter plaetsen geheeten den Lynd(en) Beempt, regen(oten) den Donck ter ie., die wed(uw)e en(de) erffgen(aemen) Mertens Van Maelcoete ter iie. sijden, van tsel(ven) v(er)coop goede goedinghe doen voor h(ee)r oft laethen daer tsel(ve) behooren sal en(de) die pe(n)nin(gen) te employeren, als te weten een derdendeele daerop laeten staen ten proffijte van(de) voors(chreve) weesen des voors(chreven) Peeters Van Bredsijp voor derffelijckheyt en(de) de tochte voorde wed(uw)e en(de) daer vuyt te geven en(de) betaelen aen Hendrick Corbeels een so(mm)e van xxv rinsg(u)l(dens) min vijff stuyvers en(de) van(de) resteren(de) pe(n)nin(gen) reckenin(ge), bewijs en(de) reliqua te doen aen(de) voors(chreve) constituan(ten), geloven(de) die voors(chreve) respective constituan(ten) in goeder trouwen en(de) onder v(er)binten(isse) van alle hunne goederen, rueren(de) ende onrueren(de), van altijt voor goet en(de) van weerden te houden, tgene den voors(chreven) geconstitueerden in tgene voors(chreven) is, sal gedaen en(de) gebesoigneert hebben, aldus gedaen en(de) gepass(eer)t ten daeghe, jaere en(de) maent voors(chreven) ter p(rese)ntien van Laureys Van Giendertaelen en(de) Jan Van Cranebroeck, als getuygen hier toe geroepen en(de) gebeden, en(de) was ond(erteecken)t Joachim Vaes.

 

In de bijgaande akte wordt melding gemaakt van Joannes (Hans) Van Langendonck en Maria Cluppels.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7506, folio 123r., akte dd. 4 december 1615.

Item, in p(rese)ntia villici, etc(etera), gestaen Jan Schuermans, pachter, woonen(de) tot Haecht, tot des naerbes(chreven) staet, procura(ti)e speciael en(de) onwederroepel(ijck) macht hebben(de), hem gegeven bij en(de) van wegen h(eer)rs en(de) m(eeste)rs Balthasars De Leeuw Jans soene, advocaet van(den) Grooten Raede tot Mechelen, soo voer hem als mede gemechticht van h(ee)r en(de) m(eeste)r Jasp(ar) De Leeuw en(de) Robert Van Emstenrode, als getrouwt hebben(de) jo(uffrouw)e Susanna De Leeuw, gepass(eer)t voorden not(ari)s m(eeste)r Gielis Jacobs en(de) zekere getuyghen opden xxviiien. novemb(ris) lestleden, alhier gesien en(de) gebleken, die sel(ve) in dijer qua(liteyt) per mo(nitionem) heeft opgedraegen met behoorl(ijcke) v(er)thijden(isse) een stuck landts, gelegen tot Thieldonck opt Bonnemeuters Velt, groot een dach(mael) en(de) twee roeden achtervolgen(de) die metinghe daeraff gedaen, regen(oten) derffgen(aemen) Heetvelts in twee zijden, den eerssel van het goidtshuys ter Bancke ter iiie. en(de) Denijs ... [n.v.] ter iiiie. zijden, belast met drij d(enieren) Lov(ens), item een stuck landts, aldaer oock gelegen opt Lepselvelt, groot lxxxiii roeden achtervolgen(de) die voors(chreve) metinghe, regen(oten) de voorscreven erffgen(aemen) Heetvelts in ii zijden, het goidtshuys van Santrain ter iiie. en(de) de wed(uw)e Willem Peeters ter iiiie. zijden, belast met twee spinten even heeren chijns, exp(osito) soo is daerinne gegoidt en(de) geerft ten erffel(ijcken) rechte Hans Van Langendonck, oock soo voer hem als tot behoeff van Marie Cluppels, sijne huysvr(ouw)e, erffven en(de) naercomelin(gen), et satis predictus transportans vigore quo sup(ra) obligan(do), submitten(do) ac renun(tiando) in forma et waras ut sup(ra) tanquam prout, coram Roeloffs, Greve, decemb(ris) iiiia., 1615.

 

Hierbij een akte met vermelding van Joannes Van Langendonck en zijn vrouw Maria Cluppels, inwoners van Wakkerzeel. De akte bevestigt dat Joannes Van Langendonck de zoon is van Joannes en Anna Vanden Putte.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8251, folio 295r., akte dd. 23 december 1626.

In tegenwoordichet des meyers ende schepenen van Loven naergenoempt gestaen m(eeste)r Van[den] Zijpe als gemechtichde om des naebes(chreven) staet te mogen doen van die conventualen des goidtshuys vanden Augustijnen binnen deser stadt met met (!) procura(ti)e, gepasseert voorden notaris Vaes den xix. deser loopender maende decemb(ris) 1626, den heeren alhier gebleken, heeft opgedraegen met behoorlijcke verthijdenisse drije vierendeelen landts, ghelegen tot Wackerzeel opde Laecke, regenoten de selve Laecke ter ie., jouff(rouw)e Botma ter ii., Aerdt Schrijnmaeckers ter iii. ende derffgenaemen Goerts Bullens ter iiii. zijden, exposito impositus iure hereditario Jan Van Langendonck, woonende tot Wackerzeel voors(chreven), soone wijlen Jans, vuyten lichaeme van wijlen Anna Vanden Putte, soo voor hem selven als voor Marie Cluppels, sijne huysvrouwe, per monit(ionem) et satis die voors(chreven) opdragere obligans, etc(etera), et waras voor op sheeren chijns sonder meer commeren daervuyt te gaene, eod(em) eisd(em).

            In de marge.

Januarii 8, 1627, docuit Langendonck bij quitan(tie) van G. Vervoort de vi. huius mensis dat de pontp(enningen sijn betaelt.

 

Hierbij een akte met vermelding van Joannes Van Langendonck zone Joannes en zijn vrouw Maria Cluppels, inwoners van Wakkerzeel. In de akte is er ook sprake van Remigius (Remeys) Verherbruggen zone Joannes, man van Margaretha Philips en inwoner van Wespelaar. Daar staat Remgius als zoon van Guilielmus (Willem). Tenzij de klerk hier een vergissing beging, is de informatie dus niet correct. Remigius Verherbruggen had bovendien nog een broer Joannes.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8251, folio 437r., 28 februari 1628

In presentie des meyers ende schepen(en) van Loven Remeys Van Verherbruggen soone wijlen Jans, woonende tot Wespelaer, heeft opgedragen met wettige verthijdenisse een pleck landts, groot een dachm(ael) lx roeden, gelegen onder Thieldonck opt Cleyn Daeldervelt, regenot(en) sheeren straete ter i., mevrouwe Eetfelts ter ii., Jan Van Langendoncq soone wijlen Jans van Wackerzeel ter iii. ende tGroot Daeldervelt ter iiii. zijden, op hem verstorven van wijlen Jan Verherbruggen, sijnen broedere, gelijck hij verclairde, exposit(o) impositus iure hereditario Jan Van Langendonck voors(chreven), soo voor hem als voor Marie Cluppels, sijne huysvrouwe, per monit(ionem) et satis den voors(chreven) opdragere met Margriete Phlips, sijne huysvrouwe, obligantes et submittentes se suaq(ue) insolidum et met renuncia(ti)e prout in forma, et waras op drije spinten, een qu(a)rt eevenen ende iii d(enieren) Lovens aen mevrouwe Van Eetsfelt voors(chreven) ende te liggen onder eenen peertskeur terminis tanquam ende gemerct dat de voors(chreve) vrouwe Eetfelt schijnt te willen pretenderen dit voors(chreven) parceel tanderen tijden gecocht geweest te hebben bij wijlen N. Vanden Eetvelt, soo hebben die voors(chreven) opdrageren comparanten opgedragen met wettighe verthijdenisse onderhalff dachm(ael) landts opt Broeckvelt onder Wespelaer, regenot(en) t' Hulter Broeck ter i. ende mevrouwe Fiscaels ter ii. en(de) iii. ende Elisabeth Diericx ter iiii. zijden, exposit(o) impositus den voors(chreven) Van Langendonck ter zaecken van cdit autie om daeraene te verhaelen allen wettige gebreken, waranderende de selve i dachm(ael) voor vrij en(de) onbelast, verclairende dit voors(chreven) transpoort te geschieden ter zaecken van coop om en(de) voor twee hondert ende seven-en-twintich guld(ens), vrije ende losgelt, aen die opdrageren te betalen, coram Haeppere, Beringen, febr(uarii) 28., 1628.

 

Hierbij een akte met vermelding van Joannes Van Langendonck en zijn vrouw Maria Cluppels.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8250, folio 167r., akte dd. 26 juni 1624.

Item in p(rese)ntie des meyers en(de) eygen(genoten), etc(etera), gestaen Peeter Verpaelt en(de) Catlijne Van Malcot, gehuyschen, hebben opgedraegen met ressche en(de) rijse drij dach(mae)l bempt, gelegen te Wackerseele, onbegrepen der maete, regen(oten) het Groot Terwelant in iien. en(de) jouff(rouw)e Van Griecken in ii ande(re) sijd(en), vercregen van Jan Van Langendonck, expositis, soe sijn daer inne gegoet en(de) geerft Jan Van Langendonck en(de) Maria Cluppels, gehuysschen, en(de) Gerart Vervoert en(de) Maria Mergaerts, sijne [huysvrouwe], hier waeren over Heyden, Pape, scep(enen) en(de) eygen(genoten), item Michiel Panis en(de) G. Impens, insgel(ijcx) eygen(genoten), voer de welcke scep(enen) deygen(genoten) hebben getuyght in tgene v(oer)s(chreven) is, alles geschiet te sijn gel(ijck) nae recht en(de) gewoonte behoert, actum den 26. juny 1624.

     Uit dit huwelijk:

     Van Langendonck Maria, ca. 1607, + Werchter21.11.1639, x met Abraham Rix, + Werchter 16.04.1668,

     deze x 2 Werchter 29.06.1642 (g. Bartholomeus Rix en Joannes Van Langendonck)

     met Vanden Panhuyse Elisabeth, () Rotselaar 06.04.1621 (g. Henricus Van Inthout en Elisabeth Holemans), gezinsgegevens en akte bij deze laatste,

 

Van Langendonck Joanna - Anna, ca. 1579, x met Joannes Smets jr,

Aarschot 139ter: 11 feb 16:
Anna Van Langendonck dochter wijlen Jans x Jan Smets verkoopt het voors half bunder lants aen Willem Vandenbossche x Cathlijn Van Langendonck.
R1628 fo 81:
- 17 dec 1559: Henrick Van Horicke sone wijlen Jans heeft opgedragen een half bunder land
aan Jan VL sone Aerts
- 12 maart 1588: Aert VL zone wijlen Hendrik heeft na de dood van zijn oom Jan VL te leene ontvangen het voors half bonder land
- 23 jan 1628: Huijbrecht VL sone wijlen Jan heeft te lene ontfangen na de dood van zijn oom Aert VL en S+D het voors half boender
- 11 feb 1641: Anneken VL heeft na de dood van Huijbrecht haar broeder te leene verheven tvoors half bunder land te Linden ... Jan Smets heeft als voorganger de eed gedaan
- dezelfde dag hebben Willem Vandenbosch en Cathelijn VL gekocht van den voors Jan Smets x Anna VL het voors half bunder.

     Uit dit huwelijk:

     Smets Mathias, () St.-Pieters-Rode 23.09.1613 (g. Mathias Vanden Put en Barbara Langendonck),

    

Van Langendonck Catharina, ca. 1582, x Wakkerzeel ...02.1609 (g...) met Guilielmus Vandenbossche,

Hieronder een akte (met dank aan Paul Peeters), waarbij Guilielmus Vanden Bosch en Catharina Van Langendonk een aantal goederen onder Rotselaar, Herent en Tildonk in erfcijns nemen van Magdalena Bruylandt, weduwe van Petrus Henricius, en van haar drie dochters Petronella Henrions (nog minderjarig), Christina Henrions (x Henrius Meys), wonende te Brussel, en van Anna Henrions (x Judocus Schoovaerts), wonende te Leuven. Omdat Petronella Henrions nog minderjarig was, diende de weeskamer van Leuven haar goedkeuring te verlenen. De akte met de goedkeuring van de weeskamer volgt na de eigenlijke akte.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7520, folio 7v., akte dd. 5 juli 1630.

Condt sij eenenyegel(ijcken) dat comen is voor meyer en(de) schepen(en) van Loven naerbes(chreven) m(eeste)r Jan Putmans, procur(eur) alhier, vuyt crachte en(de) naer v(er)moghen van sekere procuratie speciael en(de) onwederoepel(ijck) bevel, hem gegeven respectivel(ijck) bij Magdalena Bruylandt wed(uw)e wijlen Peeters Henrions, soo voorde tochte als voor een vierde paert van d' erffelijckheyt ter eendere, Vranck Van Gele, hem sterckmaeckende voor Willem Van Campenhout, als wettighe momboirs over Petronella Henrions, dochter der voors(chreve) Magdalena, naer vermoghen van sekere acte van consente en(de) authorisatie der heeren weesm(eeste)ren der stadt van Loven van(der) daet viiia. juny 1630 lestleden, onder(eeckent) A. De Vroey ter iie., alhier gesien en(de) gebleken, waeraff den teneur onder dit contract sal worden geinsereert et subscribatur, item Christina Henrions met consente, wille, wete en(de) overstaen van Henrick Meys, haers mans, woonende tot Brussel, ter iiie. en(de) Anna Henrions, oock dochter der voors(chreve) Magdalena en(de) suster der voors(chreve) gesusters, ten bijsijne en(de) overstaene van Joos Schoevaerts, haers mans, woonen(de) tot Loven, voor d' erffel(ijckheyt), ter iiiie. sijden ende gepasseert voor H. Van Roost als openbaer not(ari)s en(de) sekere getuyghen van(der) daet xxven. juny lestleden, alhier gesien en(de) gebleken, de voorn(oempden) geconstitueerde heeft in(de) voorn(oempde) qualiteyt bekendt ten erffve vuytgegeven te hebben aen Willen Vanden Bosch en(de) Cathlijn Van Langendonck, gehuysschen, woonen(de) tot Rotselaer, diewelcke, alhier oock p(rese)nt sijnde, bekenden van(den) voorgen(oempden) geconstitueerde inden naem en(de) qualiteyt als boven ten erfchijnse genomen te hebben de goeden naerbes(chreven), te weten eerst een halff boender landts, gelegen onder Rotselaer opt Blommerveldt, regen(oten) s' heeren straete ter ie., den voetwech van Wijchmael naer Wackerzeel ter iie., Henrick Gobbelijns ter iiie. en(de) Willem Van Langendonck ter iiiie. sijden.

Item een dachm(ael) landts, geleghen op t' s(elv)e veldt onder Herent, regen(oten) den Varenwech comen(de) van Wackerzeel naer Loven ter ie., Willem Van Langendonck ter iie. en(de) iiie. en(de) den H(eyligen) Geest van Wackerzeel ter iiiie. sijden.

Item de hellicht van drije dachm(aelen) landts, geleghen onder Thildonck opden Grooten Bommoirter, regen(oten) het Berckenveldt ter ie., Jaecques Goerts ter iie., Anthoon Goerts ter iiie. ende ... [n.v.].

Item de hellihct van een halff boender landts, gelegen opden Berck onder Thildonck, regen(oten) d' erffgen(aemen) wijlen Sebastiaen Van Gele west ter ie., Jenneken Goorts ter iie., den Bommoirter ter iiie. en(de) de leybeecke ter iiiie. sijden.

Item seven vieren(deelen) landts, geleghen opt s(elv)e veldt, regen(oten) s' heeren straete ter ie., Merten Goorts ter iie., Peeter Rijmenant ter iiie. en(de) ... [n.v.] ter iiiie. sijden.

Item de hellicht van drije dachm(aelen) en(de) een halff landts, geleghen onder Rotselaer, rege(oten) s' heeren straete ter ie., Willem Van(den) Bosch voors(chreven) ter iie., d' erffgen(aeen) Sebastiaen Van Gele ter iiie. west en(de) de goeden van S(in)te Barbelen capelle ter iiiie. sijden.

Item een dachm(ael) bempdts hellichtwinninghe, geleghen onder Rotselaer int Linden Broecxken, regen(oten) Jan Van Langendonck ter ie., Geert Huens den ouden ter iie., Jan Van Meerbeeck ter iiie. en(de) d' erffgen(aemen) mijn heer Van(den) Cruyce ter iiiie. sijden.

Item een vierendeel bempdts, gelegen int s(elv)e broeck, regen(oten) Geert Huens ter ie., den H(eyligen) Geest van Rotselaer ter iie., de kercke oft H(eyligen) Geest van Wackerseel metten sprinckbempdt ter iiie. sijden.

Item een halff dachm(ael) bempdts, gelegen int s(elv)e broeck, regen(oten) Merten Maerschalck ter ie., Geeraert Ingelborchs ter iie., Barbara Meulemans ter iiie. en(de) Geert Huens den ouden ter iiiie. sijden.

Item een halff boender bempdts, gelegen onder Rotselaer, regen(oten) Merten Goorts ter ie., sheeren straete ter iie., mijn heere Van(den) Cruyce ter iiie. en(de) jo(ncke)r Louys de Plaines ter iiiie. sijden.

Ten lesten de hellicht van een huys en(de) hoff, schure, peerdtstallen, koystallen, met een blocxken landts en(de) een bempdeken daerachter aen, geleghen onder Rotselaer, d(aer)aff de wederhellicht is toebehoorende d' erffgen(aemen) Sebastiaen Van Gele, groot int geheel ontrent een boender onbegrepen der maten, regen(oten) de s(elv)e erffgen(aemen) in iie. sijden, de leybeke ter iiie. en(de) s' heeren straete ter iiiie. sijden, om allen de selve goeden te hebben, te houden en(de) te besitten opde commeren, chijnsen ende lasten daer te vorens op vuytgaende, te weten de twee eerste parcheelen elck op een egemanneken, heeren chijns soo verre men bevindt de selve daermede belast te sijn, item de drije naervolgende parcheelen, geleghen onder Thildonck, opden last van seven molevaten rocx ontquytbaer, mitsgaeders alnoch eenighe chijnsen, bedraegende jaerlijcx ontrent tweilff stuyvers min oft meer, item de vier naervolgende parcheelen belast met s' heeren cleynen chijns soo verre men bevindt de selve daermede belast te sijn, item t' halff boender bempdts, wesende het thiensten parcheel, opden last van een halfster en(de) een spint rogge, een molevat evene, een halff molevat gerste, mitsgaeders eenighe cleyne chijnskens, daermen jaerlijcx voor betaelt, soo voor de evene, gerste als chijnsen, aen(den) hertoghe van Aerschot veerthien stuyvers, item noch op drije rinsguldens erffel(ijck), t' sij die te quyten staen oft nyet aen(den) rentm(eeste)r Waeffelaerts, ende d' leste parcheel, wesende de hellicht van het voors(chreven) huys met sijne toebehoorten, op s' heeren cleynen chijns, soo verre men bevindt daerop vuyt te gaene, als op allen t' recht en(de) commeren daerop vuytgaende van alle andere voordere lasten te waranderen, d(aer)aff de voors(chreven) geconstitueerde inden naem als voor gelooft, gelijck hij gelooft mits desen, altijdts genoech te doen ofter yet aen gebraecke, den consti(tuan)ten persoonen en(de) goeden daervore v(er)obligeren(de) en(de) submitterende ende voorts meer op eene voortaene rente van vijffentwintich carolus guldens te xx st(uyvers) Brabants t' stuck, erffel(ijcke) rente, alle jaere te halff oigst te betaelen en(de) te verschijnen ten behoeve van(de) voors(chreve) Petronella Hermans, d(aer)aff den eersten termijn vallen en(de) v(er)schijnen sal te halff oigst 1631, te Loven te leveren, los en(de) vrije van bede en(de) van alle andere impositien ende exactien, alreede innegestelt oft naermaels inne te stellen, ten behoeve der s(elv)e Petronella oft actie van haer hebbende, t' elcken jaere en(de) termijne als schuldt met rechte v(er)wonnen, ob(ligando) et sub(mittendo), gelovende de voors(chreve) erffnemeren de voors(chreve) rente van xxv r(insguldens) erffel(ijck) jaerl(ijcx) indivisim et insolidum wel en(de) loffel(ijck) te betaelen en(de) leveren als vore, los en(de) vrije als boven, onder de s(elv)e ob(liga)tie en(de) sub(miss)ie, met conditie dat de voors(chreve) gehuysschen de voors(chreve) rente van xxv r(insguldens) erffel(ijck) sullen moghen lossen en(de) affquyten t' allen tijden alst hun gelieven sal ten twee reysen, elcken gulden erffel(ijck) daeraff met xvi gelijcke guldens loopende munte en(de) met volle rente, item is in desen merckel(ijck) ondersproken bij soo verre de voors(chreve) Petronella Henrions binnen s' jaers van date deser quaeme ten houwel(ijck) oft eenighen geapprobeerden staete, dat die voors(chreve) rentgelders in dijen gevalle den interest maer naer rate van(den) tijde en sullen betaelen, item is te weten dat de voors(chreve) goeden tsaemen sijn vercocht om en(de) voor de so(mm)e van achthien hondert en(de) sevenenvijftich guldens los geldts eens boven den lijffcoop, conditie geldt en(de) andere oncosten, bij de coopers appaert betaelt, op welck de somme de s(elv)e coopers op rekeninghe in alles hebben betaelt metten ongelde van opden 26en. juny lestleden de somme van sesse hondert sessentsestich guldens thien stuyvers eens en(de) t' restant, daerinne begrepen de voorgen(oempde) rente van xxv rinsgul(dens) eerffgel(ijck), te betaelen binnen sesse weken oft ten lancxsten twee maenden naestcomende, tegen wanneer de kerckgeboden van(de) voorn(oempde) goeden sullen gedaen en(de) geexpireert sijn als v(er)reyckte schuldt met rechte v(er)wonnen, onder ob(liga)tie en(de) sub(miss)ie als boven met condemnatie voluntaire, item is te weten dat de voorgen(oempde) goeden alnoch sijn v(er)huert aen Geert Huens den jonghen, daeraff de hueringe van(de) landen sal expireren S(in)t Andriesmisse xvic. eendertich en(de) de huyshuere mette bempden halff meert xvic. tweeendertich daernaer volgende, coram Vorst, S(ainc)t Victor, julii va., 1630.

In de marge.

Op heden den 14en. augusti 1631, soo heeft Vranck Van Geele van wegen Petronella Henrions bekent ontfangen te hebben vuyt handen Guilliams Van(den) Bosch de capitale pen(ningen) van dese xxv r(insguldens) erffelijcx meten loopen(den) jaere, consenteren(de) alsoo inde cassatie van desen, promitt(ens) nullatenus alloqui sed semper satis et waras erga quoscumque ob(ligando), et(ceter)a, actum eodem, en(de) was ondert(eeckent) Vranck Van Gele.

Hiernaer volght den teneur van(de) authorisatie der heeren weesm(eeste)ren, daeraff hiervoren mentie wordt gemaeckt.

Alsoo van weghen Magdaleene Bruylandt wed(uw)e wijlen Peeter Henrions den heeren weesm(eeste)ren der stadt van Loven bij req(ues)te was te kennen gegeven hoe dat sij van(den) s(elv)en Peeter, haeren man, hadde gehouden drije dochters, te weten Christina, Anna ende Petronella, daeraff de twee eerste waren gehouwt en(de) de voors(chreve) Petronella noch minderjaerich, oudt alleenl(ijck) achthien jaeren, daeraff momboirs sijn Vranck Van Ghele en(de) Guilliam Van Campenhout, en(de) dat haere twee oudste dochters geirne souden gestaen tot v(er)coopinghe van(de) erffgoeden, op hun bij doodt huns vaeders v(er)storven, daerinne sij sup(plian)te was hebbende de tochte en(de) in welcke v(er)coopinghe sij oock consenteerde, behoudel(ijck) dat sij in plaetse van een kindt soude staen en(de) een vierdepaert daervan profiteren en(de) aengaende het paert der voors(chreve) Petronella, haere joncxste dochtere, dat het s(elv)e soude aengeleeght worden ter rente, maer want sij sup(plian)te sulcx niet en v(er)mochte te doen, overmits de minderjaericheyt van haere v(oor)s(chreve) joncxste dochtere sonder voorgaende consent van(de) heeren weesm(eeste)ren, badt sij oodtmoedel(ijck) dat de s(elv)e heeren soude gelieven t' v(oor)s(chreven) v(er)coop t' octroyeren voor soo vele de voors(chreve) haere joncxste dochtere soude moghen aengaen, gemerckt de momboirs der selver daerinne oock waren consenterende, d(aer)op bij app(el)l(ati)e marginael geordonneert sijnde, co(mmun)icatie aen(de) momboirs van(de) voors(chreve) Petronella om hen advys over t' gene voors(chreven) is gehoort voorts geordonneert te worden naer behooren ende dijen volgens de voors(chreven) Vranck Van Ghele en(de) Guilliam Van Campenout als vaderl(ijcke) en(de) moederlijcke momboirs van(de) voors(chreve) Petronella v(er)cleert hebbende voor hun advys, opde marge van(den) voors(chreven) req(ues)te gestelt, te consenteren voor soo vele in hen was inde v(er)coopinghe van(de) voors(chreve) erffgoeden en(de) mits bij de sup(plian)te, affgaende haere tochte dat sij een kindt soude mede wesen te weten een vierde paert proffiteren van(de) pen(ningen), te procederen van(de) voors(chreve) v(er)coopinghe, behoudel(ijck) dat het vierdepaert van(de) voors(chreve) Petronella soude worden aengeleght ter rente tot behoeff van(de) s(elv)e, op alles wel en(de) rijpel(ijck) geleth sijnde, soo hebben de voors(chreve) weesm(eeste)ren de suppliante geauthoriseert om ten overstaene van(de) voors(chreve) momboirs de v(oor)s(chreve) erffgoeden publickel(ijck) ten minsten met twee sitdaeghen en(de) vuytganck van(der) brandender keerssen ten hoochsten te v(er)coopen opde restrictien, begrepen inden advyse van(de) voors(chreve) momboirs, hierboven geruert, en(de) dat de s(elv)e momboirs binnen sesse weken naer date van het vercoop alhier ter weescaemeren sullen moeten doen blijcken van het remploye van het vierdepaert, de v(oor)s(chreve) Petronella competerende in(de) voors(chreve) cooppen(ningen), aldus gedaen ter weescaemeren der v(oor)s(chreve) stadt Loven ter p(rese)ntien van jo(ncke)r Louys Van Schore en(de) Jan Willemaerts, weesm(eeste)ren, opden viiien. juny 1630, ende was ondert(eeckent) A. De Vroey.

 

In de akte maakt men melding van Guilielmus Vanden Bossche en Catharina Van Langendonck, inwoners van Rotselaar.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7516, folio 107r., akte dd. 20 oktober 1626.

Willem Van(den) Bossch h(abe)t.

Item, in p(rese)ntia, etc(etera), gestaen jo(ncke)r Raes Van Grave, heere van Lovenjoul, etc(etera), per mo(nitionem) heeft opgedragen met behoorlijcke verthijdenisse de goeden naerbes(chreven), gelegen onder Rotselaer, ierst drije dach(mae)len opt Wijngaert Velt, regen(ooten) t' godtshuys van Vlierbeeck ter ire., Peeter Christoffels oft den Gruenen Wech, loopende naer de Gote, ter iire., Jan Dauwen den ouden ter iiire., den wech loopende van(den) meulen naer t' dorp mette pastorije ter iiiire. zijden, item een dachmael bempts, gelegen int Weduwebroeck, regen(ooten) Sinte Anthonis autaer tot Rotselaer ter ire., de Helle ter iire., d' erffgen(aemen) Jans Van Haeght ter iiire. en(de) t' godtshuys van Vrouwenperck ter iiiire. zijden, expos(ito) impositi sunt Willem Vanden Bossche en(de) Cath(lij)ne Van Langendoncq, gehuysschen, woonen(de) tot Rotselaer voors(chreven), per mo(nitionem) et satis obligan(do), submitten(do) ac renuncian(do) in fo(rm)a et waras t' voors(chreven) ie. parcheel op drije hal(steren) rocx erffchijns aen t' hoff te Werff, nu den voors(chreven) Van Grave, en(de) het iie. parcheel voor onbelast en(de) anderssints volgende de conditien van(den) vercoope, gehouden bij den not(ari)s m(eeste)r Richart Dotrenge, tamq(uam) prout jure, verclaeren(de) partijen den rechtveerdigen prijs van(de) voors(chreve) twee parceelen te wesen de so(m)me van viic. lxxv. r(insguldens) eens, te weten die. [eerste] vic. xxv r(insguldens) en(de) het iie. [tweede] ic. l r(insguldens), die de voors(chreven) opdraegere bekent mits desen ontfangen te hebben ende is te weten dat de voors(chreve) partijen goets sijn vercocht geweest geduren(de) het leven van vr(ouwe) Marie du Mortier, huysvr(ouwe) des voors(chreven) Van Grave, coram Pulle, Dilbke, octob(ris) xx., anno 1626.

     Uit dit huwelijk:

     Vandenbossche Maria, () 1609 

     Vandenbossche Catharina, 1610,

     Vandenbossche Jacobus, () Rotselaar 25.01.1612 (g. Langendonck Hubertus en Vanden Bossche Catharina),

     Vandenbossche Mathias, () Rotselaar 02.03.1614 (g. Vande Putte Mathias en Van Aerschot Johanna),

     Vandenbossche Anna, () Rotselaar 13.03.1616 (g. Andries Petrus en Vanden Bosche Anna),

     Vandenbossche Joannes, () Rotselaar 08.09.1618 (g. Smeets Joannes en Meree Anna),

     Vandenbossche Francisca, () Rotselaar 19.06.1622 (g. Van Reseghem Nicolaus en Dcella Borghgraef Francisca),

     Vandenbossche Elisabeth, () Rotselaar 30.03.1628 (g. Dnus Van Eijnatten Arnoldus en Van Langhendonck Elizabeth), 

 

Van Langendonck Arnoldus, () Wakkerzeel 02.03.1586 (g. Langendonck Arnoldus en Bloems Anna), x met Maria Smets,

Jan Van Langendonck uit Rillaer
Christiaen Van Boischot x Elisabeth Van Langendonck woonende tot Scherpenheuvel
Jan Van Langendonck Janssone ende Lembrecht Stevens als wettige momboir van Aert Van Langendonck 22 jaeren
Kinderen en erfgen van wijlen Aert Van Langendonck x Maeijcken Smets verkopen aan Geeraert Smets een stuck bempts eertijts in drije percelen gelegen, genoemt die Bruellanden groot int geheel sesse dm, gelegen over de molen bij de Strijdtlanden.

 

Door de vermelding (met dank aan Paul Peeters) van Wakkerzeel in de volgende akte werd ik op het spoor van voornoemde link gebracht die nieuwe gegevens bevat. De akte maakt melding van Joannes Van Langendonck en Catharina Corten(s), inwoners van Kortrijk(-Dutsel). Joannes blijkt de zoon te zijn van Arnoldus en Maria Smets. Cortens is een familienaam die zich voornamelijk ten oosten van Aarschot situeert.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7899, folio 368r., akte dd. 14 januari 1636.

Item in teghenwoordicheyt der meyers ende schepen(en) van Loven naerbeschreven gestaen Jan Van Langhendonck soene Arts en(de) van Marie Smets, en(de) Cathelijn Cortens, gehuysschen, woenende tot Cortrijck, indivis(im) et insolid(um) hebben bekent bekent wel ende deuchdelijck schuldich te sijn aen suster Elisabet Steynen, religieux des goitshuys van S(in)te Niclaes Berghe binnen der stadt van Arsschot, ten behoeve desselffs goitshuys sevenendertich carolus guldens te xx st(uyvers) stuck en(de) thien gelijcke stuyvers, erffelijcke rente, munte in Brabant cours en(de) loop hebben(de), allen jaeren op datum van heden te betaellen en(de) leveren inde stadt wissele van Loven, los en(de) vrije van allen impositien, alreede innegestelt oft alnoch inne te stellen, oock van x., xx., ce. en(de) allen anderen, mindere en(de) meerdere pen[n]inghen, telcken jaer en(de) t(er)mijn, alle als schult met recht v(er)wonnen, et satis obligand(o), submitt(endo), indivis(im) et insol(idum) hunlieder p(er)soonen en(de) allen hunne goederen, met renunt(iatie) in forma, en(de) namentl(ijck) de v(oor)s(chreve) Cathelijn Cortens senat(us) cons(ulti) vell(eiani), etc(eter)a, geloven(de) de v(oor)s(chreve) rente van xxxvii r(insguldens) en(de) x st(uyvers) ter manisse te besetten op goede, sufficiente panden binnen den resorte van Loven, weerdich boven allen voorco(m)meren, d(aer)op vuytgaen(de), dobbel rente, en(de) altoos soe veel te doen dat de rentheefferen ten eeuwig(en) daeg(e) zal mogh(en) genoech wesen, d(aer)op waerschap geloven(de) met condit(ie) dat die rentgelders de selve rente altoos sullen mogh(en) lossen en(de) affquyten tallen tijden alst hun gelieven sal ten drije reysen, telcken met een just derdendeel, elcken pen(ninck) met xvi gel(ijcke) pen[n]ingh(en) ten tijde vande quytinge in Brabant cours ende loop hebben(de), los gelt, en(de) met volle rente naer rate van(de) quytinghe en(de) om het v(oor)s(chreven) clooster van nu aff vande v(oor)s(chreve) rente van xxxvii r(insguldens) x st(uyvers) tsjaers en(de) jaerel(ijcxe) betaelling(e) der selver noch beter te v(er)seckeren, soe consentert den v(oor)s(chreven) Jan Van Langendonck en(de) Cathelijn Cortens, gehuys(schen), (met consent en(de) ten overstaen van Leonarts Taels en(de) Marie Smets, respective schoenvader en(de) eyghen moedere des v(oor)s(chreve)n Jans Van Langhendonck) tot meerder vasticheyt affgaen(de) hunne tocht van het gedeelte des v(oor)s(chreven) Jans en(de) int maecken van beleyde en(de) mainmise over alle en(de) igewelcke hunne goederen, beyde haeve en(de) erffve, en(de) naementlijck op een boender lants, geleghen S(in)te Peeters Roede opt Savelpoel Block, reg(enoten) Sebastiaen Cortens ter i., S(in)te Jobs goeden ter ii., de straete leyen(de) van S(in)te Peeters Roye naer Cortrijck ter iii. en(de) Adriaen Cortens ter iiii. sijden en(de) de Meulenstraet van Cortrijck naerden H(eylighen) Gheest molen ter ve., item het sestendeel in een stuck lants, weye als bosch, geheeten de Braecke, geleghen tot Nieuwroye, reg(enoten) de Hertstraet ter ie., de cappele van het casteel van(der) Horst ter ii., het Nauroyebroeck ter iii., den H(eylighen) Gheest van Roye ter iiii., het goitshuys van(de) Halffstraet binnen Loven ter ve., item het pachtdeel, de v(oor)s(chreve) Cathelijn Cortens compet(erende) in v(er)scheyd(en) goederen, geleg(en) soe naementl(ijck) tot Rillaer, wesen(de) huys en(de) hooff en(de) lant en(de) bosch, item huys en(de) hooff met sijn land(en) en(de) weyen en(de) boomgaert, tot Vlasselaer onder Wesemael geleg(en), als oock het part en(de) deel, de v(oor)s(chree) Cathelijn competer(ende) in v(er)scheyden goederen, geleg(en) tot Wackerzeel en(de) Thildonck, consenteren(de) int decret der heeren schep(enen) van Loven d(aer)over te geven sonder de derffven geroepen oft gedaeght te word(en), coram Borchgrave, Vand(er) Hulst, scabinis, januarii xiiii., a(nno) 1636.

            In de marge.

Op heden den xix. october 1648 comparerende d' eerw(eerdigen) heere Guilliam Mathijs, bichtvadere van het clooster van S(in)te Niclaesberge binen Aersschot, die welcke inde selve qualiteyt heeft bekent ontfangen te hebben vuyt handen van Jan Van Langendonck de capitale penninghen van dese tegenstaende rente van sevenendertich gul(dens) thien stuyvers erffelijck mette verloopen van dijen, promitten(tes) inden naem van tselve goidtshuys, non amplius alloqui sed semper satis et waras, erga quoscumque et sic vacat.

G. Matthijs.

     Uit dit huwelijk:

     Van Langendonck Joannes x met Catharina Cortens, wonen Kortrijk(-Dutsel),

     Van Langendonck Elisabeth, x met Christiaen Van Boischot, Scherpenheuvel,

     Van Langendonck Aert,    

 

Van Langendonck Elisabeth, ca. 1588, x met Willem De Witte, fs Guilielmus,

In de volgende akte (met dank aan Paul Peers) maakt men melding van Guilielmus De Wit(te) en zijn vrouw Elisabetha Van Langendonck, die toen in Tildonk woonden.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8256, folio 364v., akte dd. 26 april 1636.

Item in tegenwoirdicheyt des meyers en(de) den schepenen en(de) eygenooten van Loven naerbeschreven gestaen Willem De Witte soene wijlen Willems met consente en(de) overstaen(e) van Elisabeth Van Langendonck, zijn(e) huysvr(ouwe), woonen(de) onder Thieldoncq, hebben opgedragen en(de) getransporteert met behoorelijcke v(er)thijdenissen, gel(ijck) zij dat doen bij desen, de goeden naervolghende, ierst vijff dach(mae)len lants in een(e) plecke, gelegen onder Tildoncq v(oor)s(chreven) opt ge velt, geheeten de Crayen Eycke, regenooten derffgen(aemen) jo(ncke)r Anthonis Van(den) Heetvelde in twee zijden, den voetwech ter derdere en(de) de kerckgoeden van Tildoncq ter iiiier., waranderen(de) tselve voor onbelast in, item noch een boender bempts in een(en) stucke gelegen onder Tildonck v(oor)s(chreven) int Moosbroeck Eussel, regen(ooten) derffgen(aemen) des v(oor)s(chreven) Van(den) Heetvelde in 2 zijden, Jan Schots ter derdere en(de) tCleyn Missegem ter iiiier. sijden, te waranderen(e) tselve oyck voor onbelast, zijn(de) beyde v(oor)s(chreve) twee p(ar)cheelen hen hen aengelo v(er)storven van wegen Jans Van Langendonck en(de) dijen naervolgens aengelooth ierst voor m(eeste)r Peeter a Kempis als not(ari)s en(de) daer naer v(er)nieuwt voor schepen(en) van Werchter nu in martio lestleden, exposit(o) ende Caerel Vekemans per mo(nitionem) jure hereditario et allodiali voor soe veele die eygen zijn, imposito idem reddidit en(de) voorts meer op eene voortaene erffel(ijcke) rente van achtentwintich carolusgulden tsiaers te xx st(uyvers) Brabants tstuck en(de) te drije plecken den stuyver gerekent, loopen(de) munte, erffelijcke rente, alle jaere op date van desen te v(er)schijnen, daer van dierste jaer van betaelin(ge) vallen en(de) v(er)schijnen sal den zessentwintichsten aprilis te v(er)schijnen, daer van diersten termijn van betaelin(ge) vallen en(de) v(er)schijnen sal xvic. ende zevenendertich, en(de) soe voorts van jaere te jaere, daerenboven hebben die voors(chreve) gehuysschen tsamen voor tgeheel ende een voor al onder obligatie en(de) submissie van hunlieden respective p(er)soonen en(de) goeden, beyde haeve en(de) erve, p(rese)nt en(de) toecomen(de), met renuncia(ti)e van allen exceptien en(de) privilegien dese eenichsints c(on)trarieren(de), signantel(ijck) privill(egii)s de duob(us) vel plurib(us) reis en(de) de v(oor)s(chreve) vrouwe p(er)soone der constitut. s(enatu)s c(onsul)ti vel(leiani) et auth(entica) si qua mulier, daer van respective gecertioreert zijn(de), de v(oor)s(chreve) rente van xxviii r(ins)gul(dens) erffelijck jaerelijcx ten v(oor)s(chreven) valdaege wel, loffel(ijck) ende personnelijck te betaelen en(de) te leveren ten behoeve als voor binnen deser stadts wissel van Loven, van alles los en(de) vrije van ve., xe., xxe., ce., mindere en(de) meerdere penningen, impositien oft exactien, alreede ingestelt oft naermaels in(ne) te stellen(e), mede van pontpen(ningen), erffel(ijck) in toecomen(de) tijden, telcken v(er)schijndage als schult met recht v(er)wonnen, obligan(do) et sub(mittendo) ac renuncian(do) ut ante in forma et sub hisce satis die v(oor)s(chreve) bekenderen tsamen en(de) be elck besonder, obligan(do), etc(etera), et waras pro ut ante, ende oft nu oft naermaels bevonden worde de v(oor)s(chreve) panden nyet bastant oft suffisant genoech te wesen, geloven midts desen talder manisse andere suffisante te stellen, weert zijn(de) boven allen dobbel rente boven allen voorlasten, onder den resorte deser stadt gelegen, oft de rente tal in cas van egeene andere suffisan(te) panden te moeten quyten indyen die rentheffer oft sijns actie hebben(de) geliefft et tantum prout, met conditie dat de v(oor)s(chreve) rente sal mogen worden gequeten teenre reyse tegen den penninck sesthiene en(de) met volle rente, los en(de) vrije gelts, van alles des sullen rentgelderen gehouden zijn deselve rente voor date van(den) valdach aen(den) rentheffer op te seggen een halff jaer te vooren, coram Borchgraeff, Van(der) Hulst, schepen(en) en(de) eygenooten van Loven, item s(ieu)r Michiel Pannis, lieutenant meyer, et J. Woutelers, oyck eygenooten, cora(m) quib(us) satis, etc(etera), actu(m) 26. april 1636.

      In de marge.

Is gebleken bij manuele quit(an)tie in date 14. july 1704, ond(erteecken)t Ludovicus Vekemans, de rente van xxviii. gul(dens), gereserv(eer)t op de goederen, in desen v(er)melt, is gequeten door d' erffgen(aemen) Guiliam De Wit met de v(er)loopen dijer, quare sic vacat, actum 18. feb(ruary) 1705.

Quod attestor, Arn. Gilbert.

 

Hierbij een superlange akte over de verpachting van het hof ter Leeps te Tildonk met aanhorigheden. Het pachthof was eigendom van de Grote Heilige Geesttafel te Leuven en werd door Guilielmus De Wit zone wijlen Guilielmus en zijn vrouw Elisabetha Van Langendonck dochtere Joannes gepacht voor negen jaar met ingang van half maart 1622. Op het ogenblik dat het pachtcontract werd afgesloten, woonden Guilielmus en Elisabetha nog te Attenhoven, een gehucht onder Holsbeek. Het aangaan van het pachtcontract verklaart waarom zij naar Tildonk trokken en alle kinderen na dochter Catharina aldaar werden gedoopt. Het pachtcontract omvat een gedetailleerde omschrijving van de goederen die onder het pachthof ressorteerden.

 

Joannes, de vader van Elisabeth Van Langendonck en inwoner van Wakkerzeel, is n van de twee personen die zich borg stelden voor het pachtcontract. In de akte wordt bevestigd dat Joannes de zoon is van wijlen Henricus. De andere persoon die zich borg stelde, was Egidius Froenhoven, eveneens inwoner van Wakkerzeel. Vermoedelijk is deze laatste de stiefvader van Guilielmus De Wit. In de akte staat voor de twee borgstellers mijn inziens verkeerdelijk "respective schoenvader en(de) vader der v(oer)s(creve) winnen", terwijl het mogelijk "respective vader en(de) schoenvader der v(oer)s(creve) winnen" moest zijn. In Wakkerzeel trouwde er op 27.06.1612 wel een Egidius Froenhove met een Catharina Derboghen, doch het verband is niet duidelijk.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7511, folio 231r., akte dd. 14 juni 1621.

Condt zij allen lieden dat Willem De Witte soene wijlen Willems en(de) E(lisa)b(e)th Van Langendonck dochter Jans, zijne huysvrouwe, woenende tegenwoirdel(ijck) tot Attenhoven, in p(rese)ntia, etc(etera), hebben genomen en(de) bekennen midts desen ter pachtinge genomen te hebben teghen jo(ncke)r Jan Vand(er) Vorst, jo(ncke)r Jacques Roeloffs, Aerdt Van Langendonck en(de) Geldolff Van Overbeeck als momboirs en(de) m(eeste)r Geeraerdt Boels als clerck vande groote taeffel van(den) H(eyligen) Geest bynnen Loven, die welcke bekinden den voers(creven) gehuysschen alsoo ter hueren oft pachte vuytgegeven te hebben, een hoff, geleghen inde Leeps onder de prochie van Thieldonck, metten huyse, schure, stallen, backhuyse, duyffhuyse, boogaerden, bempden, eusselen, weyen en(de) landen, hiernaer bij specificatie staende, ter hueren ofte pachte te hebbene en(de) te besittene eenen termijn van neghen jaeren, deen dander sonder middel v(er)volgende, ingaende te halff meert anno xvic. ende tweentwintich toecomende, dierste drije jaeren om ende voer veerthien mudden rogh ende seven mudden terwe, mitsgaders hondert rinsguldens in gelde, leverbaer goet, tot Loven opden solder vanden v(oor)s(creven) Grooten H(eyligen) Geest jaerl(ijcx) te leveren ende dandere naervolgende sesse jaeren jaerl(ijcx) voer achtien mudden ses hal(steren) rogh, neghen mudden, twee hal(steren) terwe en(de) hondert rins(guldens) in gelde, jaerl(ijcx) S(in)te Merttensmisse en(de) S(in)te Andriesmisse te leveren, los en(de) vrije van bede en(de) van alle andere lasten oft impositien, innegestelt oft naemaels inne te stellen, d(aer)aff den iersten termijn van betaelinghe zijn ende v(er)schijnen sal S(in)te Merttensmisse xvic. tweentwintich en(de) soo voerts van jaere te jaere en(de) van termijn tot termijn, telken termijn als v(er)reyckte schult, ende voerts opde conditien ende voerweerden naerbescreven, ende ierst dat de winnen de voirs(creve) landen schuldich sullen sijn wel ende loffel(ijck) te winnen, werffven en(de) mesten, gelijck regenooten wel winnen boven ende beneden zijn doende sonder eenighe van dijen te moghen laeten driesch liggen, hoer vruchten oft die tontaerden sonder consent vanden vuytgeveren, wel v(er)staende dat den winne metten bloecke achter de schure sal moghen doen zijnen wille om dat te besayen met pastuere, raepsaet oft anderss(in)ts, item dat de winnen jaerl(ijcx) opt voers(creven) lant van desen hove schuldich sullen sijn te haelen ende te vueren daert meest prouffijtel(ijck) ende nootel(ijck) wesen sal ten minsten sesthien voederen goet mergels, dwelck zij zullen moghen haelen indyen het gelieft van(den) mergel, liggende inden mergelput opde drije boenderen lants deser taeffele, genoempt de Gulde Delle, tusschen Diepenbael en(de) Wincxel, item dat de winnen schuldich sullen sijn te betaelen sonder cortsel van heure pachtinge, hennen voerscreven termijn gedueren(de), jaerl(ijcx) de chijnsen ende lasten vuytten selven goeden gaende oft op eenige van dijen vuytgaende, moghen zijn, te weten aen(de) erffge(n)a(m)en m(eeste)r Roeloffs Absoloens twee mudden havere, item aen(den) goidtshuyse van Perck vuyt x dachmaelen lants jaerl(ijcx) v st(uyvers) een pl(e)c(ke) en(de) noch i brasp(e)n(ninck) ix (mij)t(en), item aen die van Oudenborch tot Mechelen jaerl(ijcx) ontrint v st(uyvers) xiii (mij)t(en), item aen(den) goidtshuyse van Gempe vuyt twee boenderen weyde jaerl(ijcx) ontrint xv pond(en) payem(ent)s, item aen(den) rintm(eeste)r van(den) hee(re) van Heerent in schellin(gen), pen(ningen), etc(etera), jaerl(ijcx) ontrint xxvii st(uyvers), item alsulcken chijns als de wed(uw)e en(de) erffge(n)a(m)en Jans Roeloffs opde voers(creve) goeden oft eenighe van dijen jaerl(ijcx) zijn treckende ende aen jouffr(ouwe) Alijdt Peckius iii cap(puynen) iii q(ua)rt capp(uyn) en(de) iii d(enieren) boon een halff q(ua)rt oft soo vele min oft meer alsmen bevinden sal de voer(creve) p(er)soonen daerop te trecken ende dat alsoo in tijts dat de voers(creve) goeden doer tgebreck van dijen nyet beschadicht en wordden, dwelck oft gebeurde, zoude sijn ten coste en(de) laste vande winnen en(de) sullen zij vande betaelin(ge) van dijen moeten laeten blijcken, item dat de winnen schuldich sullen sijn de weghen, straeten en(de) waterloopen, aen(de) voers(creve) goeden liggende, tot heuren cost en(de) last te veghen, ruymen en(de) onderhouden en(de) de goeden te beheymen en(de) tot heuren affscheyt die alsoo beheympt te laeten, mede oyck te maecken een cleyn dijcxken tusschen de schure ende het duyvenhuys teghen het water, comen(de) vuytte beecke oft Leepse inde messie van(den) selven hove, des sullen zij hebben het trunckhout van(de) boomen ende haghen vande landen, bempden ende eusselen, en(de) dat alleenel(ijck) ten behoirl(ijcken) tijde en(de) in diverssche houwen te deylen, soo verre thousteel gegaen heeft en(de) nyet voerder, wel verstaende dat zij winnen theuren lesten jaere nyet voerder en sullen moghen houwen dan tot v(er)maecken vande straeten ende tot beheymen vande goeden, item es conditie dat de winnen schuldich sullen zijn tot heuren coste en(de) laste vuytteroyen alle de dornen en(de) bremen opde boomgaerden, eusselen en(de) bempden der v(oer)s(creve) goeden te wassen en(de) die alsoo d(aer)aff suyver te houden ende de grechten van(de) selve wel en(de) loffel(ijck) te ruymen opden ouden bodem en(de) die alsoo te onderhouden ende soo verre geraeden es de weyde achter thoff beneden eensdeels aff te snijden oft grachten en(de) gebruycken tot maybempt, dat den winnen tselve sullen moghen doen tot hennen coste, item es mede oyck dat zij sullen gehouden zijn te bevrijden den bosch deser taeffele aldaer aen(de) voerscreven) weyde liggende teghen de beesten, item es conditie dat de winnen tot hennen prouffijt alleen sullen hebben allen het fruyt van(de) oistboomen van(den) selven hove en(de) goeden, dyes sullen sij de selve boomen ten behoirl(ijcken) tijde schuldich zijn te ontgraven, mesten en(de) weder toedecken en(de) het droeghe houdt vuythouwen ende de jonge boomen v(er)dornen teghen de beesten ende oft gebeurde dat eenige oistboomen v(er)gingen oft verdroechden, soo sullen sij winnen (tselve heuren m(eeste)r ierst geadverteert hebben(de)) alsulcke verdroechde oistboomen moeten vuythouwen tot heuren prouffijt, dyes sullen sij daervoere planten moeten twee andere loffel(ijcke) oistboomen van gelijcken oft beteren sappe en(de) die heuren m(eeste)r bewijsen en(de) de selve oyck loffel(ijck) v(er)dornen tot dat die vuytten beesten gewassen sullen sijn, item de winnen sullen schuldich zijn jaerl(ijcx) opde voers(creve) goeden te planten twelff abeel poten indyen aldaer te becomen zijn oft ingevalle nyet willige poten en(de) die alsvoer behoirl(ijck) v(er)dornen teghen de beesten ende sullen in heuren iersten jaere deser pachtinge schuldich zijn te planten inden jonghen boogaert vier loffel(ijcke) peerleers en(de) die behoirl(ijcke) v(er)dornen, gel(ijck) voers(creven) es, mede alle opgaende eycken oft eesters opde voers(creve) goeden staende, jaerl(ijcx) behoirl(ijcke) sleenen en(de) opvoeden, item dat die winnen sullen schuldich zijn tot heuren coste en(de laste tonderhouden alle de huysinghen, schuren, stallen, backhuys en(de) duyvenhuys van(de) v(oor)screven hoeffve vande twee onderste ryckels nederwaerts ende insgel(ijcx) met waghen en(de) peerden oft anderss(int)s ten tijde als tselve van noode wesen sal naerder te haelen allen die maeteriaelen, diemen sal behoeven totter repara(ti)e van(de) voers(creve) hoeve, het zij van metselrije, timmeringhe, decken, plecken en(de) anderssints in wat manieren dattet zij en(de) den leem steecken, ende dat soo wel van oude als nyeuwe reparatie oft wercke, waer oft wanneer dat tselve zij, alsoo verre als tselve bynnen twee mijlen weghs nyet te haelen en zij, item es conditie dat soo wanneer men aldaer deckt oft pleckt van eenighe huysinghen des voers(creven) hoeffs, het zij met tichelen oft met stroot van nyeuwen oft van ouden werck, dat alsdan de winnen schuldich sullen sijn den wercklieden den montcost te geven ende den v(er)huerders oft m(eeste)rs sullen tot heuren laste de dachueren betaelen, soo wel van nyeuwt werck datmen bynnen heuren tijde soude moghen maecken als van oude werck, nu aldaer staende, item de winnen sullen schuldich zijn durende den tijt deser pachtinghe te leveren tot heuren coste tot reparatie van(de) voers(creve) hoeffve, jaerl(ijcx) vijffentwintich busselen goet leverbaer walms, item de winnen sullen schuldich zijn alle de landen vande voers(creve) hoeven te laeten tot hunnen affscheyden deser pachtinge, alsoo zij die aenveert en(de) bevonden hebben, te weten den winter en(de) aerdt, item in soo verre bevonden wordde de voirs(creve) winnen voerdere gehouden te hebben opde goeden, bij hen te pachte genomen dan thaustel gegaen heeft oft behoirt te gaen, oft zij oyck den eenen pacht nyet vol en betaelden voer ende eer den anderen pacht viele, dat die vuytgeveren heur handen sullen moghen slaen aen(de) voers(creve) goeden ende die aen iemandt anders naer huerder gelueften mogen v(er)hueren, ten waere dat zij aengaende der betaelin(ge) vanden pacht den (!) moet vanden vuytgeveren hadden, item dat de winnen jaerlijcx sullen doen moeten twee craweyen met waghen en(de) peerden oft d(aer)voer betaelen jaerl(ijcx) drije rins(guldens) indyen die m(eester)s gelieft, ende oyck mede tweemael tsiaers de momboirs metten rintm(eeste)r met hunne peerden en(de) waghen haelen en(de) thuys voeren om die voers(creve) hoeve te visiteren, item soo verre de winnen eenighe merckel(ijcke) schaede leden aende vruchten vande voers(creve) landen van hagelslage, tempeest hercraccht oft watervloet bynnen den tijt deser pachtinge, d(aer)aff samen hen recompens doen, gelijck men bevinden sal naer recht en(de) redelijckheyt te behoiren, behoudel(ijck) dat zij tselve den momboirs sullen moeten cundighen bynnen ses daghen naerde schaede gebeurt zijn(de) om hen daerop te moghen informeren en(de) die te doen visiteren, item die winnen sullen gehouden zijn aen(den) clerck deser taeffele te betaelen ses rins(guldens) eens voer zijn leersgelt, ende alle dese conditien en(de) voerweerden hebben de voers(creve) p(ar)tijen inder qualiteyt voers(creven) malcanderen geloeft te voldoen en(de) tachtervolghen sonder fraude oft argelist, obligan(do) et submitten(do) ac renuntian(do) in forma ende tot meerdere verseeckerheyt ende betere vasticheyt vande voors(creve) conditien in alles te volbringhen ende de voers(creve) jaerl(ijcxe) betaelinge, soo in gelt als graene te doen, heeft hebben hen gestelt cautionaris(en) en(de) borghen als principael, indivisim et insolidum, Jan Van Langendonck soene wijlen Henricx, woenen(de) tot Wackerzeel, en(de) Gielis Froenhoven, woenen(de) insgel(ijcx) tot Wackerseel, respective schoenvader en(de) vader der v(oer)s(creve) winnen, onder obliga(ti)e, submissie en(de) renuntia(ti)e in forma, van welcke borchtocht die voers(creve) winnen hennen voers(creven) vaderen en(de) borghen geloven altijts costeloos en(de) schaedelo[o]s tontheffen en(de) tindemneren onder obliga(ti)e als voer, en(de) speciael(ijck) voer al des v(oer)s(creven) es, v(er)binden(de) die voirs(creven) Willem De Witte zijn kindtsgedeelte, op hem v(er)storffven van weghen Willems De Witte, zijns vaders saligher, tselve midts desen opdragen(de) tot behoeff van(de) v(oor)s(creve) vuytgeveren en(de) borgen om hen gebreck naemaels d(aer)aen te v(er)haelen, voerder nyet., coram Willemaerts, Vand(en) Broecke, junii xiiiia., 1621.

 

            Hiernaer volgen die goeden ende landen van(de) voers(creve) hoeffve.

Inden iersten thuys metter schure, stallen, backhuyse, duyffhuyse, borreput metten hove en(de) boomgaerden, geheeten thoff ter Leeps, geleghen onder Thieldonck tusschen de straete, geheeten de Ketelstraet, ter eenre ende de goeden vande selve hoeffve ter andere zijden.

Item noch een boender boomgaert oft weyde, wijlen lant, geleghen opde Hoebeecke ter eenre, de Boschstraet, streckende vande hoeve naer Herent, ter andere, die goeden van die Van Brecht, wijlen die Vanden Tympel ter derdere en(de) vierdere zijden, hebben(de) vijff trunckeycken en(de) drije willighen aen(de) straete.

Item ses dachmaelen weyden, geleghen opde ander zijde van(de) voers(creve) Boschstraet tusschen de selve straet ter ie., die Van Brecht ter andere, die goeden van die Van Watermael ter andere en(de) die voers(creve) Van Brecht ter iiie.

Item ses dachw(ant) oft twee boenderen, eensdeels weyde ende eensdeels lant, geleghen ter zijden ende vast aen tvoers(creven) hoff opde voers(creve) Boschstraet ter ie., die goeden Van Brecht in drije andere zijden ende die goeden van dese hoeffve ter iiiie. zijden.

Item twee boenderen weyde met vele opgaende ende trunckeycken, d(aer)op staende, den wech gaende naer Herent ter ie., dMairsrot ter andere, tHellevelt ter iiie. en(de) die goeden van die Van Brecht ter iiiie. zijden.

Item twee ende een halff boenderern, soo bosch soo weyde, geleghen opde Leeps tusschen de goeden m(eeste)r Bartholomeeus Van(den) Heetvelde ende de Leeps ter eenre, de voerscreven ses dachmaelen oft twee boenderen hiervoer ter andere, den bosch deser taeffele cum s(ui)s en(de) die goeden van die Van Brecht ter andere, de voers(creve) twee boenderen ter andere zijden.

Item een dachmael bempts, vast d(aer)aen geleghen, tusschen den voers(creven) bempt des voers(creven) m(eeste)r Bartholomeeus Van(den) Heetvelde ter eenre, die Leeps ter andere, den hoff vanden hove ter iiie. en(de) het velt ter iiiie. zijden.

            Specificatie van(de) landen van(de) v(oer)s(creve) hoeffve.

Inden iersten drije dachmaelen lants, geleghen achter en(de) ter zijden vander schuren van(den) hove tusschen die straete ter ie. en(de) die goeden deser taeffele ter andere zijden.

Item een boender en(de) een halff dachmael lants, geleghen vast aen(de) voers(creve) leste landen, die goeden van die Van Brecht opde zijde te Thieldonck weert ter eenre, de goeden Henrick Schoenjans ende de vijff dachmaelen deser taeffele cum suis ter andere zijden item vijff.

Item vijff dachmaelen lants, geleghen opt selve velt tusschen de goeden Jans Schoenjans ter ie., den bempt des v(oer)s(creven) m(eeste)r Bartholomeeus Van(den) Heetvelde ter andere, de goeden Jans Louys ter derdere en(de) tvoers(creven) boender ende een halff dachmael deser taeffele ter iiiie. zijden.

Item een dachmael lants, geleghen opt selve velt tusschen de straete ter ie., den voers(creven) m(eeste)r Bartholomeeus Van(den) Heetvelde ter andere ende die v(oer)s(creven) Van Brecht ter iiie. zijden.

Item een halff boender lants, gelegen opt selve velt tusschen de goeden des voers(creven) Schoenjans ten twee zijden, die goeden van die Van Brecht ter iiie. zijden en(de) die ses dachmaelen lants deser taeffele ter iiiie. zijden.

Item drije dachmaelen, geleghen opt selve velt tusschen die goeden des voers(creven) Van Brecht ter eenre, de goeden vanden Grooten Bagijnhove te Loven ter andere, de Ketelstraet ter iiioe. ende die drije dachmaelen lants deser taeffele cum s(ui)s, geleghen opt velt daernaest.

Item sesse dachmaelen lants, geleghen opt Hellevelt tusschen die goeden van die Van Brecht ter eenre, die thien dachmaelen lants deser taeffele cum s(ui)s ter andere, de straete ter derdere en(de) de goeden des v(oer)s(creven) Schoenjans en(de) de twee dachmaelen deser taeffele cum s(ui)s ter iiiie. zijden.

Item thien dachmaelen lants, geleghen vast aen(de) voers(creve) ses dachmaelen tusschen de selve ses dachmaelen, die goeden van die Van Brecht en(de) de naerbes(creve) drije dachmaelen deser taeffele cum s(ui)s ter eenre, de goeden Rombouts De Wintere ter andere, de straete over eynde ter iiie. en(de) die goeden Henricx en(de) heer Willems Van Diependael en(de) de vijff dachmaelen deser taeffele ter iiiie. zijden.

Item drije dachmaelen lants, geleghen bijde v(oer)s(creve) thien dachmaelen en(de) die Van Brecht ter ie., de drije dachmaelen deser taeffele ter iie., de straete ter iiie., m(eeste)r Henrick Van Diependael ter iiiie. zijden.

Item vijff dachmaelen lants, geleghen opt selve velt tusschen de v(oer)s(creve) thien dachmalen deser taeffele cum s(ui)s ter ie., heer Willem Van Diependael ter andere, den Groenen Wech oft de straete ter derdere en(de) de goeden van S(in)t Jan Baptisten te Thieldonck ter iiiie. zijden.

Item vijff dachmaelen lants, geleghen opt selve velt tusschen die goeden van die Van Brecht ten twee zijden, Jan Van Coelen ter iiie. en(de) Aerdt Banckman ter iiiie. zijden.

            Opt Hellevelt en(de) de Ketelstraet, geleghen opde zijde te Thieldonck weert.

Item een dachmael lants, geleghen tusschen de goeden Aerdt Moons ter ie., de selve Aerdt Moons en(de) die Van Brecht ter andere, de goeden Henricx De Rijcke ter iiie. en(de) Henrick Van Diependael ter iiiie. zijden.

Item drije dachmaelen lants, geleghen opt selve velt tusschen de Ketelstraet ter ie., die goeden van die Van Brecht ter andere en(de) de goeden erffge(n)a(m)en Geeraerts de Thimo oft nu m(eest)er Jan Glavimans en(de) derffge(n)a(m)en heer Jans Van(den) Tympel, riddere, ter andere zijden.

Item een halff boender, geleghen achter thoff over de Leeps onder Herent tusschen de Boschstraet ter ie., die goeden van die Van Brecht ter andere en(de) die Leeps ter iiie. zijden.

Item thien dachmaelen lants, geleghen opt Leepstraet tusschen die Leeps ter ie., die goeden van die Van Brecht ter andere, die goeden heer Jans Vanden Tympel en(de) die Van Brecht ter andere ende die goeden der taeffele van(den) H(eyligen) Geest van Thieldonck ter vierdere zijden.

Item een dachmael lants, geleghen tusschen die goeden des goidtshuys vand(er) Banck ter eenre, die goeden Henricx Van Diependael ter andere, de goeden Jans Van(der) Banck ter derdere, de goeden van S(in)t Jan Baptisten tot Thieldonck ter vierdere zijden.

Item zeven dachmaelen lants, geleghen tusschen die goeden van die Van Brecht, heer Jans V(er)elst ter ie., die goeden des voer[schreven) behoeve Schoenejans ter andere, Jan V(er)elst, te voeren de weduwe Merttens Rollekens en(de) Matthijs Goossens ter andere en(de) de straete.

Item zesse dachmaelen lants, geleghen opt Hultervelt tusschen de Bettenrode straete ter eenre, de wed(uw)e Jans Van Diependael ter andere ende die Van Brecht over eynde ter derrdere zijden.

Item drije boenderen lants, geleghen opt tselve Hultervelt tusschen die goeden van die Van Brecht ter eenre, de straete ter andere, de goeden Willems Ijden ter derdere ende de goeden E(lisa)b(e)th Ruelens en(de) Matthijs Goossens ter andere zijden.

Item een boender lants, geleghen opt selve velt tusschen die goeden van die Van Brecht over eynde ter eenre, die goeden Jans Van Corbeecke ter andere, die goeden Lijsbeth Ruelens ter iiie. en(de) heer Willem Van Diependael ter iiiie. zijden.

Item een dachmael lants, geleghen opt Thieldonckvelt tusschen die goeden Henricx Van Diependael ter eenre, die goeden van die Van Brecht ter andere, Jan V(er)elst en(de) Wouter Vand(er) Vorst ter derdere, Jan en(de) Lucia Van Diependael ter andere zijden.

Item een dachmael lants, gelegen opt Reucken onder Herent tusschen de straete oft herwech ter eenre, de weduwe Symoens ter andere en(de) mevrouwe Van Muysen ter andere zijden.

Item drije dachmaelen lants, geleghen opt selve velt tusschen mevrouwe Van Muysene in drije zijden en(de) m(eeste)r Jan Van Bergen ter vierdere zijden.

Item drije dachmaelen lants, geheeten de Nouwer Hoeff, geleghen tusschen die goeden Henricx Van Diependael den jongen ter ie., den bosch Henricx Van Diependael ter andere, de goeden Jans Vand(er) Hulst ter iiie. en(de) de beecke oft waterloop ter iiiie. zijden.

Item een dachmael ses royen eygents lants, geleghen onder Thieldonck opt Leepservelt, reg(enoten) de Ketelstraet ter ie., deser taeffele goeden ter iie., derffge(n)a(m)en Van Brecht ter iiie. en(de) derffge(n)a(m)en Henricx Van Langendonck ter iiiie. zijden.

Item thien dachmaelen lants, geleghen onder Thieldonck opt Ketelvelt, regenoot de goeden deser taeffele in twee zijden, derffge(n)a(m)en heer Gordt Van Brecht ter derdere en(de) heer en(de) m(eeste)r Anthonis Van(den) Heetvelde ter iiiie. zijden.

 

Bijgaand een akte met vermelding van Guilielmus Van Langendonck en zijn vrouw Elisabetha De Witte, inwoners van Tildonk.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8250, folio 171v., akte dd. 13 juli 1624

Item in p(rese)ntie der scep(enen) gestaen Willem De Witte en(de) El(i)z(abe)t Van Langendonck, gehuyschen, woon(ende) te Thieldonck, ob(ligerende), sub(mitterende) en(de) renunt(ierende ind(ivisi)m in for(m)a, merckel(ijck) s(enatusconsulti) v(elleiani) en(de) auth(entica) si qua mul(ier), d(aer)aff onderricht sijn(de), hebben bekent en(de) beke(n)nen bij desen Henrick Corbeel en(de) Petronella Van(der) Vorst, gehuyschen, ses guld(ens) vijff st(uyvers), loopen(de) munte, vallen(de) iaerl(ijcx) date deser, tot xx st(uyvers) den guld(en), los en(de) vrij van x., xxe., meerde(re) en(de) minde(re) impo(siti)en) en(de) heeren bede erfel(ijck) te betalen te Loven, telcken reyse als schult met rechte verwo(n)nen, geloven(de) ter manisse pandt te stellen onder resort van Lvoen, weerdt sijn(de) boven allen lasten dobbele rente, en(de) soe vele te doen dat den v(oer)s(chreven) Henrick, sijn(e) erfgen(aemen) en(de) actie hebben(de), in toecom(ende) tijden genoch sal sijn, consenteren(de) inde mai(n)mise en(de) decrete sonder rechtvorderinge, cora(m) Borchgreve, Hulet, july dertien, 1624.

     Uit dit huwelijk:

     De Witte Maria, () Holsbeek 03.10.1618 (g. Dielbeke Anthonius Dnus Attenhoven en Coremans Maria),

     De Witte Catharina, () Holsbeek 07.04.1621 (g. Van Langendonck Arnoldus en Mertens Johanna),

      De Witte Anna, () Tildonk 06.03.1624 (g. Guilielmus Daerboven en Anna De Witte),

     De Witte  Joannes, () Tildonk 21.03.1627 (g. Joannes Van Langhendonck en Joanna Van Meerbeke),

     De Witte Guilielmus, () Tildonk 23.09.1629 (g. Guilielmus Van Langhendonck en Joanna Van Meerbeke),

     De Witte Barbara, () Tildonk 03.11.1631 (g. Arnulphus De Witte en Barbara Van Meerbeke),

     De Witte  Petrus, () Tildonk 04.03.1635 (g. Petrus Vanden Put en Susanna Gorts),

     De Witte Guilielmus, () Tildonk 24.08.1639 (g. Petrus Van Rijmenam en Catharina Van Maelkot), 

 

Van Langendonck Hubertus, () Wakkerzeel 08.04.1590 (g. Vande Putte Petrus en Kerincxs Catherina), x met Elisabeth Van Herck, deze huwde drie keer (zie bij Vanden Panhuijs.), Het gezin en een heleboel aktes vind je bij Vanden Panhuijs.

Van Langendonck Gerardus, () Wakkerzeel 26.04.1592 (g. Van Langendonck Gerardus en De Worteleere Elizabeth), x (niet Wak, ) met Joanna Van Meerbeeck,  fa Joannes x Joanna Van Malcot.

In de akte (met dank aan Paul Peeters) maakt men melding van Joanna Van Meerbeeck, weduwe van Gerardus Van Langendonck. Uit de akte blijkt dat zij de dochter was van Joannes en Joanna Van Malcot. Joannes Van Meerbeeck en Joanna Van Malcot hadden volgende kinderen :

-     Joannes.

-     Joanna x Gerardus Van Langendonck.

-     Arnoldus.

-     Anna x Henricus Gorts.

-     Anthonius.

-     Elisabetha.

Misschien biedt het wel bijkomende mogelijkheden.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7517, folio 348v., akte dd. 22 mei 1628.

Item in p(rese)ntia, et(ceter)a, gestaen Jan Van Meerbeeck, Johanna Van Meerbeeck wed(uw)e wijlen Geeraerts Van Langendonck, Aert Van Meerbeeck, Henrick Gordts als man en(de) momboir van Anna Van Meerbeeck, Anthoon en(de) Elisabeth Van Meerbeeck, minderjaerighe, alle kinderen en(de) erffgen(aemen) van Jan Van Meerbeeck en(de) Jenneken Van Malcot, gehuysschen als sij leeffden, bij manisse hebben opgedraeghen met behoorl(ijcke) v(er)thijdenisse alsulcke seven rinsg(uldens) erffel(ijck), vallen(de) jaerl(ijcx) opden xiiiien. may, als personelijck bekendt heeft Jan Stroobants en(de) Barbara Van Putte, gehuysschen, op den xiiiien. may 1599 in ia., expos(ito) impos(iti) sunt Merten Waegemans, Gooris Loomans en(de) Merten Coosmans, respective meyer en(de) huysarm(meeste)rs van S(in)te Peeters kercke alhier binnen Loven, in(den) naem en(de) tot behoeff van(de) selve huysarmen, per mo(nitionem) et satis et waras voor eene goede, onbelaste en(de) onverthierde rente prout, cederen(de), transporteren(de) en(de) geven(de) voorts over tot behoeff als voor d' erffbrieven daeraff sijnde met alle en(de) yegewelcke gelooften, daer inne begrepen, mitsgaeders een jaer v(er)loops en(de) den loopenden jaere, eodem jure, coram Borchgreeff, Beringhen, maii xxii., 1628.

 

In de bijgaande akte wordt melding gemaakt van Joanna Van Meerbeeck, dochter van Joannes, weduwe van Gerardus Van Langendonck en inwoonster van Nederassent onder Tildonk.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8251, folio 246r., akte dd. 19 juni 1628.

Item in p(rese)ntie des meyers en(de) den schepenen van Loven naerbeschreven gestaen Johanna Van Meerbeke dochter wijlen Jans, wed(uw)e van wijlen Geeraert Van Langendonck, woonen(de) onder Nederassent, ende heeft opgedraegen met wettige v(er)thijdenissen v(er)thijdenissen (!) ierst een boen(der) bempts, gelegen tot Thieldonck, regen(ooten) jo(uffrouw)e Heetvelt ter ier, derffgen(aemen) Ketelboeters ter iier., Jan Stroobants ter derdere, de wed(uw)e Willem Van(den) Putte ter vierdere sijden, bij haer v(er)cregen voor meyer en(de) schepen(en) van Thieldonck tegen Willem Van(den) Putte op den xxen. aprilis 1628 lestleden, item noch een halff boender lants, gelegen tot Thildonck opt Mortervelt, regen(ooten) de kercke van Thildonck ter ier., de wed(uw)e Jheroen Cloet ter iier., het clooster van Terbanck ter iiier. en(de) Hans Van Haecht ter iiiier. sijden, haer competeren(de) bij scheydinge en(de) deylinghe, aengegaen tegen haere mede c(on)sorten, waranderen(de) de v(oor)s(chreve) p(ar)tijen van goeden voor vrije, eygen en(de) onbelast, item noch een halff boen(der) lants, gelegen op Thildonck Velt onder Winxele, regen(ooten) derffgen(aemen) Ketelboeters ter ier., m(eeste)r Jan Van Diependael ter iier., de laybeke ter iiier. en(de) Jan Vincx ter vierdere zijden, exposita impositus ende m(eeste)r Eustaes Spinnen inden naeme en(de) ten behoeffve van(de) huysarmen van S(in)te Geertruyden alhier binnen deser stadt per mo(nitionem) imposito idem reddidit ende voorts meer op eene voortaen(e) rente van twintich r(insguldens) tsiaers ten (!) gulden te xx st(uyvers) ende den st(uyver) te drije pl(ecken) Brabants gerekent, loopen(de) munte, erffel(ijcke) rente, alle jaer op dat(um) van desen te v(er)schijnen en(de) betaelen  ende waer van den iersten termijn van betaelinge vallen en(de) v(er)schijnen sal den xixen. juny des jaers sesthien hondert negenentwintich naestcomen(de) en(de) soe voorts van jaere te jaere totter affquytinghe toe, de welcke sal moegen geschieden eens ende tenemaele tegen den penninck sesthiene ende met volle rente, gelovende die v(oor)s(chreve) opdraegersse onder ob(ligatie), sub(missie) met renunciatie der constitutie privilegien der vrouwe p(er)soonen gegunt, s(ena)t(us) c(onsulti) velleiani et auth(entica) si qua mulier, ierst en(de) voor al daer van ende den effecte van dijen volco(m)mentl(ijck) gecertioreert wesen(de), sonder p(re)judicie van des v(oor)s(chreven) is, de v(oor)s(chreve) rente jaerel(ijcx) ten v(oor)s(chreven) valdaeghe wel, loffel(ijck) ende p(er)sonnel(ijck) te betaelen ende te leveren ten behoeve als voor binnen deser stadts wissele van Loven, alles los en(de) vrije van xe., xxe., ce., mindere oft meerdere penninghen, impositien oft exactien, alreede innegestelt oft naermaels inne te stellene, mede van pontpenninghen in futurum assequut(um) telcken jaere en(de) termijne als schult met recht v(er)wonnen, onder ob(ligatie), sub(missie) met renuncia(ti)e privilegiis de duob(us) reis excussionis et aliis in forma et alia et tantum, voor allen tgene v(oor)s(chreven) is, hen hebben v(er)obligeert en(de) p(er)sonnel(ijck) v(er)bonden als principael en(de) voor tgeheel als borgen Jan Van Meerbeke, woonen(de) tot Thildonck, ende Jan Van Langendonck, woonende tot Wackerzeel, beyde hier p(rese)nt sijnde, ende heeft voorts de v(oor)s(chreve) Johanna Van Meerbeke geloeft haere v(oor)s(chreve) borgen van(de) v(oor)s(chreve) borchtochte en(de) van allen costen, schaeden en(de) interesten, die sij lieden ter saecken van dijen souden co(m)men te lijden, costeloos en(de) schaedeloos t' ontheffen en(de) t' indempneren, coram Schore, Beringhen, junii xix., 1628.

Is te weten dat tv(oor)s(chreven) bekenne bijde v(oor)s(chreve) Johanna Van Meerbeke wordt gedaen om met de penninghen daervan te procederen(e), te betaelen het v(oor)s(chreven) boender bempts, bij haer gecocht tegen Willem Van(den) Putte ende daer beneffens dat deselve, waer mede de v(oor)s(chreve) rente is aengeleght, sijn geprocedeert vuyt seecker legaet van wijlen heer Jan Duraens, eodem eisdem.

            In de marge.

Op heden den derden aprilis xvic. ende vijffenviertich comparerende voor mij deersame Joos De Vos ende Adriane De Vaddere, respective huysarm(eeste)rs, met hen Henrick Van Thienen als rentm(eeste)r vande huysarmm(eeste)rs van S(in)te Geertruyden, hebben bekent, gelijck sij bekennen bij desen ontfangen, te hebben vuyt handen van Antoen Van Laer ende Ardt Van Meerbeeck als momboirs van(den) onbejaerden weeze Elysabeth Van Laer dochtere Antonis, daer mo[e]der aff was Jenneken Van Meerbeeck, de capitale pe(n)nin(gen) mette verloopen der rente van twintich guld(ens) erffel(ijck), int witte van desen begrepen, consenteren(de) voorsulcx inde cassatie en(de) dextinctie der voors(chreve) rente van xx r(ins)g(uldens) erffelijck, promittentes non amplius alloqui sed semper satis et waras erga quoscumque et ubicumque quare vacat et signvait.

Adriaen De Va[dd]er.

Joos De Vos.

Henrick Van Thienen.

     Uit dit huwelijk:

     Van Langendonck Maria, () Wakkerzeel 07.05.1623 (g. Van Maelcot Arnoldus en Cluppels Maria),

     Van Langendonck Margareta, () Wakkerzeel 09.01.1626 (g. Langendonck Joannes en Langendonck Margareta),

 

Van Langendonck Maria, () Wakkerzeel 16.08.1596 (g. Smets Ludovicus), x met Leonardus Antonius Van Asbroeck,

    

Van Langendonck Barbara, ca. 1597, x Wakkerzeel 12.11.1623 (g. Verboven Guilielmus, Gobbelijns Joannes, Van Maelcot Anthonius en Moens Joannes) met Arnoldus De Wit,

     Uit dit huwelijk:

     De Wit Joanna () Wakkerzeel 20.10.1627 (g. Der Bogen Petrus en Van Mierbeeck Joanna),

     De Wit Petrus, () Wakkerzeel 01.10.1630 (g. Van Rijmenam Petrus en De Wit Anna), 

 

Van Langendonck Margareta, () Wakkerzeel 16.01.1597 (g. Langendonck Jaspar en Vande Putte Barbara),

 

Van Langendonck Margareta, () Wakkerzeel 31.07.1602 (g. Van Langendonck Guilielmus en ... Margareta uxor mag. Joannes Van Diependael), x Wakkerzeel 10.11.1630 (g. Bols Joannes) met Hubertus Bols, gezin daar.

 

 

 

XIII - Ingelborchs Gerardus (M6668), ca. 1575, + Wakkerzeel 18.12.1647, x 1 Wakkerzeel ...11.1600 (g...) met Van Langendonck Anna (M6669), x 2 Tildonk 26.05.1637 (g. Egidius Heremans, Guilielmus De Wit, Guilielmus Van Langendonk en Henricus Gorts) met Van Ophem Catharina., fa Martinus x Maria Bogaerts, , deze x 1 Steenokkerzeel 03.10.1699 met Gordts Hendrik.

 

Een heleboel aktes i.v.m. dit gezin vind je in het parenteel van Ingelborchs Gerardus.

 

Uit dit huwelijk:

 

1. Gorts Barbara, + Winksele 22.02.1650, x 1 met Jacobus Persoons, x 2 met Arnoldus Hermans,

met haar tweede man woonde ze in Winksele,

 

Gorts Gaspar, x met Anna Engelborghs,

 

Gorts Bernardus,

 

Gorts Judoca, x met Joannes Van Malcot,

 

Gorts Maria, x met Arnoldus Van Meerbeeck,

 

2. Ingelborghs Arnoldus,

 

Ingelborchs Joanna,  () Wakkerzeel 08.09.1601 (g...), x Wakkerzeel 11.06.1623 (g. Muelemans Guilielmus, Van Hove Joannes, Van Langendonck Guilielmus en Schuermans Joannes) met Palmaers Joannes,

     Uit dit huwelijk:

     Palmaert Joannes, () Haacht 19.05.1624,

     Palmaert Joannes, () Haacht 27.03.1626, 

     Palmaert Catharina, () Haacht 04.06.1629, 

     Palmaert Maria, () Haacht 02.02.1633, 

     Palmaert Augustinus, () Haacht 09.04.1636, 

     Pallemaerts Rumoldus, () Haacht 13.01.1641, 

 

Ingelborchs Guilielmus, () Wakkerzeel 20.11.1603 (g. Van Langendondonck Guilielmus en Gorts Catharina), x Wakkerzeel 27...1630 (g. Langendonck Guilielmus en Vande Put Petrus) met Goris Margareta,

     Uit dit huwelijk:

     Ingelborchs Catharina,  x Werchter 14.06.1655 (g. Van Tongelen Petrus en Arnoldus) met Lauwers Petrus, fii in W,

     Ingelborchs Levinus, () Werchter 14.10.1641 (g. Doxs Guilielmus n. Segers Levinus en Van Essche Barbara), 

 

Ingelborchs Maria, () Wakkerzeel 05.03.1606 (g. Gorts Nicolaus en Derboghe Catherina), x 1 Wakkerzeel 26.09.1627 (g. Verswijver Joannes en Palmaerts Joannes) met Verswijver Petrus, x 2 Haacht 23.09.1629 met Van Langendonck Joannes, fs Joannes,

Deze akte (met dank aan Paul) maakt melding van Joannes Van Langendonck sone Joannes en Maria Ingelborchs (nieuw is dat Joannes Van Langendonck de zoon is van Joannes).

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7534, folio 28r., akte dd. 24 oktober 1645.

Item in presen(tie) als voor compareren(de) die v(oor)s(chreven) geconstitueerde en(de) gesubstitueerde vuyt crachte en(de) naer vermoeghen als voor, bij manisse, etc(etera), heeft opgedraeghen met behoorlijcke v(er)thijdenisse een halff boender beempts onbegrepen der maeten, geleghen onder Wackerseel, geheeten d' Alboombeempdeken, regen(oten) S(in)t Jobbeempt ter ier., die leybeecke ter iier., het Werchteren Broeck ter iiier. en(de) iiiier. sijde, exp(osito) imp(ositus) est Ph(i)l(ip)s Hollandts inden naem en(de) ten behoeve van Jan Van Langendonck soene Jans en(de) Maycken Ingelborchs, gehuyschen, woonen(de) tot Haecht, per mo(nitionem) jure et satis obligan(do), etc(etera), in forma, et waras op sheeren chijns van(den) gronde, nyet excederen(de) die twee ende eenen halffven stuyvers tsiaers ingevalle men bevindt met wettighen bescheede eenighen daerop vuyt te gaen(e), en(de) dit om en(de) midts der somme van tweehondert xx r(insguldens) eens boven slach, hooghen en(de) anderen ongelde volgens de v(oor)s(chreve) conditie, gehauden als voor, eisd(em).

     Uit dit huwelijk:

     2. Van Langendonck Guilielmus, () Haacht 16.08.1637,

     Van Lagendonck Cornelius,  

     Van Langendonck Petrus, 

     Van Langendonck Anna, () Haacht 21.03.1646, 

      Langendonck Maria, () Haacht 08.08.1649, x met Jan Van Lankriet,

            

Ingelborchs Catharina, x Wakkerzeel/Haacht 19.06.1632 (g. Docxs Arnoldus en Leerbels Guilielmus) met Docx Adrianus,

     Uit dit huwelijk:

     Doxs Maria, () Haacht 17.07.1633, 

     Dox Joannes, () Haacht 22.10.1634,

     Doxs ..., () Haacht 21.02.1636, 

 

Ingelborchs Anna, + Tildonk 04.09.1638 vv, x 1 Wakkerzeel 06.05.1636 (g. Van den Putt Guilielmus, Smets Judocus, Leerbels Guilielmus en Gorts Antonius) met Paeps Henricus, x 2 Wakkerzeel 08.07.1637 (g. Van Meerbeeck Arnoldus en Gorts Henricus) met Gorts Jaspar, ca 1610, + Tildonk 07.03.1680, fs Henricus en Catharina Van Ophem ex Steenokkerzeel, hij x 2 Tildonk 28.01.1656 (g. Ludovicus Hermans, Guilielmus Vander Auwera en Joannes Adons) met Van Laer Elisabeth, + Tildonk 09.02.1672,

     Uit dit huwelijk:

     1. Gordts Catharina, () Tildonk 23.05.1638 (g. Georgius Calawaerts en Catharina Van Ophem),

     Gordts Petrus, () Tildonk 19.04.1639 (g. Petrus Paps en Maria Ingelborchs),

     x Wakkerzeel 31.01.1666 (g. Goerdts Gasparus en De Becker Antonius) met Catharina De Becker,

     zij x 2 met Guilielmus Vander Hoeven, fii in Wakkerzeel,

     Gordts Catharina, () Tildonk 29.10.1641 (g. Petrus Ingelborghs en Margriet Wouters),

     Gordts Maria, () Tildonk 15.03.1643 (g. Jan Van Langendonck en Maria Vanden Dael),

     Gordts Gerardus, pachter, () Tildonk 05.02.1646 (g. Gerardus Ingelborgs en Maria Gorts), + Tildonk 09.05.1709,

     x Tildonk 12.07.1687 (g. Guilielmus Van Hamme en Egidius Limbosch) met Maria Van Bolle,

     () Wespelaar 03.01.1668, + Tildonk 04.11.1743, fa Henricus en Anna De Backer, zij x 2 met Jacobus Trappeniers, fii in Tildonk, 

     Gordts Judocus, () Tildonk 22.07.1648 (g. Judocus Vanden Daele en Barbara Gorts),

     Gordts Joannes, () en + Tildonk 03.04.1651 (g. Petrus Van Meerbeeck en Anna Van Rijmenam),

     Gordts Joannes, () Tildonk 04.08.1652 (g. Joannes Ingelborghs en Elisabeth Van Langendonck), + Bertem 15.02.1689,

     x Tildonk 26.08.1679 (g. Gaspar Gorts en Laurentius Mommens) met Anna Mommens, () Tildonk 23.10.1654, + Bertem 22.03.1689, fii in Bertem, 

     2. Gordts Anna, () Tildonk 17.11.1658 (g. Andreas Van Langendonck en ... Van Laer),

     Gordts Guilielmus, () Tildonk 17.01.1660 (g. Guilielmus Van Laer en Elisabeth Gordts),

     x 1 Rotselaar 03.04.1692 (g. Van Crikingen Andreas en Mertens Cornelius) met Maria Rigaut,

     x 2 Rotselaar 02.03.1703 (g. Van Crieckinge Andreas en Mariens Cornelius) met Anna Vanden Bosch, ex Tildonk, fii in Rotselaar,  

     Gordts Cornelius, ca. 1662, x met Maria De Wit, 

     Gordts Arnoldus, () Tildonk 19.07.1665 (g. Egidius Limbosch n. Arnoldus Van Laer en Anna Van Rijmenam n. Catharina Smets), 

     Gordts Barbara, () Tildonk 24.03.1669 (g. Josephus Van Laer en Catharina Smets),

     Gordts Henricus, () Tildonk 21.06.1671 (g. Cornelius Van Laer en Catharina Gordts),

 

Ingelborchs Anthonius, x 1 met Diricx Catherina, x 2 Wakkerzeel 17.02.1637 (g. Gilis Henricus en Leerbels Guilielmus) met Van Ninge Catharina,

     Uit dit huwelijk:

     1. Ingelborch Petrus, () Werchter 18.01.1625 (g. Wouters Petrus jr en Van Hove Barbara,

     Ingelborchs Joannes, () Werchter 21.02.1621 (g. De Wijgarder Joannes en Ingelborchs Joanna), 

     Inghelborghs Guilielmus, + Werchter ...07.1636 ex peste, 

 

Ingelberghs Joannes, x (niet Wak, ) met Goorts Elisabeth,

     Uit dit huwelijk: 

     Ingelborghs Gerardus, () Wakkerzeel 27.11.1644 (g. Ingelborghs Gerardus en De Witte Magdalena), 

     Engelborghs Jacobus, () Leuven Sint-Geertrui 28.09.1646, x Holsbeek 03.02.1674 (g. Booms Joannes en Ingelborgh Joannes) met Booms Anna,

     Ingelborghs Guilielmus, () Wakkerzeel 07.10.1648 (g. Van Langendonck Guilielmus en Ingelborghs Joanna),

     Ingelborghs Joannes, () Wakkerzeel 09.02.1651 (g. Verswijver Joannes en Gooris Margarita), 

     Ingelborghs Antonius, () Wakkerzeel 03.02.1656 (g. Van Dijck Antonius en Van Bostraeten Elisabeth),

     Ingelberghs Catharina, () Wakkerzeel 04.08.1658 (g. Van Maelcot Nicolaus en Verheijden Catharina), 

     Ingelborghs Petrus Cijprianus, () Wakkerzeel 26.09.1661 (g. Ingelborghs Petrus en Otto Maria), 

     Ingelborghs Arnulphus, () Wakkerzeel 04.12.1662 (g. Marschalcks Hendricus n. Arnulphus Marschalcks en Gorts Susanna n. Margarite Lerbels), 

     Ingelborchs Francisca, () Wakkerzeel 11.10.1665 (g. Vanden Cauteren en Vanden Bosch Francisca), 

 

Ingelborchs Petrus, XII (M3334),

 

Ingelborchs Gerardus, () Wakkerzeel 01.10.1623 (g. Vervoert Gerardus en Van Langendonck Catharina), + Wakkerzeel 15.09.1636 pest.

 


 

XIV - Van Hamme Cornelius (M11726 + M15456), ca. 1572, meisenier Humelgem 1596, meier abdij Park Humelgem 1616, + Humelgem 30.12.1648 in kerk, x Haacht 08.06.1594 met Judoca - Josina Van Langendonck (M11727 + M15457), ex Haacht, + Haacht 11.10.1662, fa. Willem en Kathelijne Van Hacht.

Een akte bij De Raymaeker.

 

Uit dit huwelijk:

 

Van Hamme Joannes, + Vilvoorde 13.11.1660, x met Vander Beken Maria, + Vilvoorde 02.03.1656,

     Uit dit huwelijk:

     Van Ham Joannes, () Kortenberg 27.09.1622 (g. Jan Vander Beecken en Judoca Van Langendonck),

     Van Ham Cornelius, () Meerbeek 18.09.1624 (g. Cornelius Van Ham en Petronilla Aerts), x Vilvoorde 02.09.1645 met Anna Cool,

     Van Ham Henricus, () Meerbeek 15.07.1628 (g. Henricus Van Ham en Catharina Van Langendonck), + Grimbergen 26.05.1694,

     x Grimbergen 19.05.1663 met Anna Van Overstraeten, we Gasper Van Campenhout, 

     Van Ham Joannes, () Meerbeek 02.10.1629 (g. Jan Van Langendonck en Petronilla De Becker),

     Van Ham Judoca, () Meerbeek 01.02.1632 (g. Guilielmus Hayen en Judoca Van Langendonck), x met Antonius Vleeracker,

     Van Ham Guilielmus, () Meerbeek 29.08.1634 (g. Guilielmus Keyaerts en Catharina Van Ham),

     Van Ham Maria, () Meerbeek 01.07.1637 (g. Arnoldus Vrebos en Maria Wouters),

     Van Ham Anna, () Meerbeek 13.02.1639 (g. Egidius Van Ham en Anna Vrebos), 

 

Van Hamme Gertrudis, XIII (M5863),

 

Van Ham Judocus, XIII (M7728), Humelgem ca. 1600,

 

Van Hamme Henricus, Humelgem ca. 1605, + Humelgem 25.05.1664, x Nossegem 16.06.1630 (g. Cornelius Van Hamme en Joannes Aerts) met Aerts Barbara,

     Uit dit huwelijk:

     Van Hamme Elisabeth, () Humelgem 17.08.1636 (g. Joannes en Elisabeth Aerts),

     Van Hamme Anna, () Humelgem 12.10.1638 (g. Judocus Beeckmans en Anna Aerts), x met Peeter Van Hamme,  fs Judocus en Aerts Clara,

     Van Hamme Barbara, () Humelgem 19.01.1641 (g. Joannes Min en Barbara Goyseels), x 1 (niet Erps, ) met Olbrechts Hieronimus, gezin bij Jaspers,

     Van Hamme Henricus, () Humelgem 20.04.1643 (g. RD Henricus Culens pastoor in Jevardimontanus en Clara Cayaerts),

     Van Hamme Joannes Baptista, () Humelgem 07.01.1646 (g. Joannes Baptist Crabbe en Catharina Van Ham),

     Van Hamme Joanna, () Humelgem 08.08.1648 (g. Joannes Aerts en Elisabeth Van Geel),

     Van Hamme Martinus, () Humelgem 09.12.1650 (g. Martinus Verhulst en Maria Smekens),

     Van Hamme Petrus, () Humelgem 26.10.1654 (g. Petrus Van Hespen en Maria Wauters),

 

Van Hamme Cornelius,

 

Van Hamme Catharina,

 

Van Hamme Elisabeth,

  

Van Ham Guilielmus, Humelgem, x met Wouters Maria,

     Uit dit huwelijk:

     Van Ham Cornelius, () Leefdael ...04.1637,

     Van Ham Guilielmus, () Leefdael 27.11.1639,

     Van Ham Josina, () Leefdael 08.10.1642 (g. Joannes Minnen en Barbara Aerts),

     Van Ham Joannes, () Humelgem 19.04.1646 (g. Joannes Tambuyser en Joanna Hoylants),

     Van Ham Petrus, () Humelgem 20.04.1649 (g. Petrus Van Ham en Barbara Aerts Keyaerts),

     Van Ham Stephanus, () Humelgem 19.09.1650 (g. Henricus Van Ham en Margareta De Ridder),

 

Van Ham Egidius, Humelgem, x met Keyaerts Clara, () Nossegem 28.01.1612, fa Lambert en Maria Vander Elst, zij x 2 met  N de Possche,

     Uit dit huwelijk:

     Van Ham Maria, () Nossegem 10.06.1644 (g. Cornelius Van Ham en Maria Vander Elst),

     Van Ham Petrus, () Nossegem 06.02.1646 (g. Petrus Aerts en Catharina Van Ham), + Nossegem 27.04.1715,

     x Nossegem 16.07.1678 (g. Adrianus Vander Smissen en Petrus Coosemans) met Maria Coosemans, + Nossegem 17.10.1713,

     x 2 met Josina Van Hamme, fa Cornelius en Barbara Gallebaert,

     Van Ham Andreas, () Nossegem 25.05.1648 (g. Andreas Vander Elst en Catharina Van Ham),

     Van Ham Carolus, () Nossegem 15.01.1651 (g. Henri Van Ham en Elisabeth Van Gheel),

     Van Ham Martinus, () Nossegem 12.04.1653 (g. Martinus Vander Elst en Josina Van Langendonck),

     Van Ham Joannes, () Nossegem 26.03.1656 (g. Jan Minne en Barbara Aerts),

     Van Ham Guilielmus, () Nossegem 26.03.1656 (g. Guilielmus Crabeels en Elisabeth Keyaerts),

 

Van Ham Maria, x met Martinus Verhulst.

 

 

 

XV - Vander Beken Joannes (M18358), Erps ca. 1580, + Kortenberg 06.09.1659, x Kortenberg 25.06.1611 (g. Jan Van Coutsem en Jan Van Langendonck) met Catharina Van Langendonck (M18359), Haacht ca. 1580, + Kortenberg 08.11.1659, fa Guilielmus en Catharina Van Haacht, deze x 1 Haacht 12.05.1605 met Antonius Schellekens, wn.

 

 Uit dit huwelijk:

 

1a. Schellekens Jan, pastoor Erps,

Notaris Philippus Verschueren 1646:

Jan Schellekens, pastoor van Erps, halve broeder van onderstaande kinderen, verkoopt zijn huis aan zijn halfbroer Michael.

 

1b. Schellekens Anna, () Kortenberg 13.06.1606 (g. Ludovicus Van Varenberch en Anna Van Langendonck), brouwer - pachter, + Kortenberg 15.09.1649, x Kortenberg 25.11.1629 (g. Amandus De Pauw en Jan Vander Beken) met Rumoldus De Pauw, () Kortenberg 01.08.1605, + Kortenberg 15.09.1649, fs Amandus en Catharina Van Varenberch,

     Uit dit huwelijk:

     De Pauw Catharina, () Kortenberg 21.08.1630 (g. Amandus De Pauw en Catharina Van Langendonck), x met Jan Vander Elst,

     De Pauw Josina, () Kortenberg 06.03.1632 (g. Jan Vander Beken en Catharina Van Varenberch), x met Carolus Vander Beken,

     De Pauw Joannes, () Kortenberg 26.02.1634 (g. RD Jan Schellekens en Gudula Vander Beken),

     De Pauw Maria, () Kortenberg 03.05.1636 (g. D. Martinus Notschalius en Maria Smets),

     De Pauw Amandus, () Kortenberg 18.12.1639 (g. Amandus de Pauw jr en Maria Scheepers),

     De Pauw Guilielmus, () Kortenberg 16.10.1642 (g. Guilielmus Pauwels en Barbara Coevents),

     De Pauw Rumoldus, () Kortenberg 18.03.1645 (g. Guilielmus Vander Beken en Anna Crytsaerts), + Kortenberg 15.09.1649,

     De Pauw Anna, () Kortenberg 11.05.1647 (g. Rumoldus Van Velthem en Catharina De Pauw), x met Henri Robert, fii in Erps,

     De Pauw Barbara, () Kortenberg 06.12.1649 (g. Judocus Van Varenberch en Catharina De Pauw), + Kortenberg 28.10.1654,

 

Schellekens Michael, () Kortenberg 08.05.1608 (g. Michael en Margareta Van Langendonck), + Kortenberg 18.05.1692 vele jaren meyer, x 1 met Margareta Crytsaerts, x 2 Bertem 29.05.1633 (g...) met Margareta De Pauw, () Bertem 06.01.1609, + Kortenberg 14.01.1645, fa Philippus en Maria Smets, x 3 met Maria Van Hamme, () Humelgem, + Kortenberg 11.07.1655, fa Henri en Margareta Vays ex Tervuren, x 4 Nossegem 12.05.1657 (g. Guilielmus Vander Beken en Petrus Vanden Dael koster) met Martina Aerts, Nossegem, + Kortenberg 03.11.1704, fa Lambert en Anna Stueckens,

     Uit dit huwelijk:

     1. kinderloos,

     2. Schellekens Joannes, () Kortenberg 06.04.1634 (g. Jan Vander Becken en Anna De Pauw n. moeder Maria Smets),

     Schellekens Catharina, () Kortenberg 20.04.1637 (g. RD Jan Schellekens pastoor Erps en Catharina Van Langendonck), + Kortenberg 12.02.1639,

     3. Schellekens Judoca, () Kortenberg 05.10.1646 (g. Maria Stroobants n. Philippus De Pauw en Anna Schellekens n. Judoca Van Langendonck),

     Schellekens Catharina, () Kortenberg 30.01.1649 (g. Hieronimus Van Hamme broer en Catharina De Pauw), 

     Schellekens Anna, () Kortenberg 29.08.1651 (g. Cornelius Van Hamme broer en Anna Schellekens),

     Schellekens Philippus, () Kortenberg 01.10.1654 (g. Petrus De Kerschieter n. D. Philippus Verschueren en Catharina Vander Beken), + Kortenberg 11.09.1673,

     4. Schellekens Elisabeth, () Kortenberg 20.02.1658 (g. Jan Aerts en Elisabeth Vander Elst),

     Schellekens Joanna, () Kortenberg 17.04.1660 (g. Judocus en Joanna Stuckens),

     Schellekens Barbara, () Kortenberg 11.02.1662 (g. Jan Lauwens en Maria Orts),

     Schellekens Maria, () Kortenberg 11.03.1663 (g. Guilielmus Vander Beken en Maria Stuckens),

     Schellekens Michael, () Kortenberg 01.03.1667 (g. RD Arnoldus Swijsen en Anna Tielens),

     Schellekens Petronilla, () Kortenberg 19.04.1670 (g. Ja Orts n. Petrus Orts en Anna Tielens n. Elisabeth Orts), x met Daniel Tielemans

 

Schellekens Anthonius, () Kortenberg 30.07.1610 (g. Petrus Van Varenberch en Joanna Van Langendonck), + Kortenberg 05.12.1696, x 1 Kortenberg 09.11.1636 (g. Jan Vander Beken en Paulus Creytsaerts) met Anna Crytsaerts, () Kortenberg 04.09.1614, + Kortenberg 19.04.1645, fa Paulus en Catharina Vande Merck, x 2 Erps 30.09.1645 (g. Guilielmus Keyaerts en Rumoldus De Pauw) met Jacoba Van Hove, + Kortenberg 07.03.1669,

     Uit dit huwelijk:

     1. Schellekens Joannes, () Kortenberg 02.04.1638 (g. RD Jan Schellekens en Catharina Creytsaerts),

     Schellekens Anna, () Kortenberg 10.05.1640 (g. RD Jan Creytsaerts en Ann Schellekens),

     Schellekens Josina, () Kortenberg 21.02.1642 (g. RD Jan Crytsaerts en Judoca Van Langendonck), x 1663 met Jan De Wandelaer,

     Schellekens Paulus, () Kortenberg 29.06.1644 (g. Paulus Crytsaerts en Margareta De Pauw),

     x 1 met Joanna Coosemans, + Kortenberg 27.10.1673, x 2 met Catharina Goedseels, + Kortenberg 26.10.1674,

     2. Schellekens Catharina, () Kortenberg 11.10.1646 (g. Guillielmus Cayaerts en Rumoldus De Pauw),

     Schellekens Rumoldus, () Kortenberg 16.03.1648 (g. Rumold De Pauw en Maria Vander Heyden),

     Schellekens Barbara, () Kortenberg 29.12.1649 (g. Jan Van Hove en Barbara Vander Beken),

     Schellekens Michael, () Kortenberg 27.12.1650 (g. Michael Schellekens en Barbara Vander Beken), + Kortenberg 29.06.1653,

     Schellekens Guilielmus, () Kortenberg 23.03.1653 (g. Catharina De Pauw n. Martinus Sui en Catharina Vander Beken),

     Schellekens Judocus, () Kortenberg 04.07.1655 (g. Judocus Van Hove en Virginia Mommaerts),

     Schellekens Anna, () Kortenberg 01.03.1658 (g. Guilielmus Crabeels en Anna Bogaerts),

     Schellekens Martina, () Kortenberg 26.12.1659 (g. Judocus Van Varenberch en Martina Aerts),

     Schellekens Petrus, () Kortenberg 10.05.1662 (g. Petrus Keyaerts),

     Schellekens Gudula, () Kortenberg 18.09.1663 (g. Jan De Pauw en Gudula Van Hove),

     Schellekens Anthonius, () Kortenberg 27.08.1666 (g. Rumoldus De Pauw en Anna Kayaerts), 

 

2. Vander Beken Joannes, () Kortenberg 14.02.1612 (g. Jan Vander Beken en Catharina Stroobants),

 

Vander Beken Gudula, () Kortenberg 25.08.1614 (g. Jan Van Langendonck en Gudula Stroobants), x met Maximilianus Van Ophem, brouwer te Brussel in "den Ancker", fs Jan en Elisabeth Goedseels,

 

Vander Beken Joanna, () Kortenberg 06.11.1616 (g. RD Jan Schellekens en Maria Cuelens),

 

Vander Beken Guilielmus, pachters op het pachthof van de abdij, () Kortenberg 11.04.1618 (g. Ludovicus Van Hoven en Maria Van Varenberch), x met Catharina De Pauw, geen fii in Kortenberg,

 

Vander Beken Philippus, () Kortenberg 16.04.1621 (g. Philippus Vander Becken en Maria Van Langendonck), + Kortenberg 09.09.1633,

 

Vander Beken Catharina, XIV (M9179), () Kortenberg 22.06.1624 (g. Anthonius Vander Becken en Catharina Van Langendonck).

 

 

 

XII - Van Langendonck Willem (S2830), ca. 1575, x Meerbeek 25.11.1605 (g. Ingelborchs Gerardus en De Wit Guilielmus) met Wouters Margriet (S2831).

 

Willem Van Langendonck Janssone heeft bij mangelinge overgegoijt aen Jakob Cluppels x Clara ... een half bunder bempt gelegen onder Wakkerzeel geheeten Cristiaenshoff hem bij testamente gemaeckt bij Adriaen Van Langendonck Peeterssone ‎(erfgen Jan Van Langendonck Willemsone, die weesen Huijbrecht Verpaelt)‎ in ruil voor een half bunder bempt int Werchterbroeck.
Fo 119: 13 nov 1635:
Hendrik Schuermans voor een achtste paert hem compet& in huijs en hof gelegen tot Wakkerzeel ende Hendrik Gielis insgelijckx voor een achtste paert in het voors huis en hof als voor sijne kinderen met Cathlijn Schuermans ... als gelaeten ten eijnde de schulden te betalen van Jan Schuermans grootvader van den voors weese verkopen de voors paerten en delen in voors huis aan Willem Van Langendonck x Margriet Wauters.
R1628: Fo 86
:
- 26 juli 1636: Willem Van Langendonck x Margriet Wauters kopen van Anthoon Fredercik van Dielbeke het voors bunder broeckbempt int Hamelen broeck
- 12 april 1688: Guilliam Camps x Jenneken VL.
Wer1849/ 1: Fo 135v: 1638?
Antoon Goorts x Christina Persoons verkopen huis en hof, schuur en stallingen, backhuijs bleecke ende alle anderen heulieden acten ende gerechtigheyt int voors huis tot Wakkerzeel in voldoeninge vande schriftelijke bescheede oft contracte van transactie tussen de voors comparanten ter eenre ende ‎(vervolgt Fo 126 (tekst begint in het midden document)‎ ‎(28 feb 1638).‎
Heer ende mr guilliam van langendonck der rechten licentiaet ter andere sijden.
Opden 8 jan ll aangegaan naer dat den iersten C uit de voorschreven goederen wettelijk waren ontgoet soo is in het voors huis en hof met sijne voors toebehoorten & andersints so voors is in conformiteyt van den voors schriftelijcke bescheede oft contract van transactie opde conditie inden selven bescheede vermelt gegeoyt & geerft ten erfelijcke rechte de voornoempde heer en meester Guilliam Van Langendonck..
GR2: 26 feb 1652:
Guilliam Langendonck, Jan & Antoon Langendonck Aert Docx zijne resp sonen ende schoenzone hebben voor henzelf en hen sterk makende voor Peeter Van Gorp x Anna Van Langendonck ende Guilliam Camps x Joanna Van Langendonck hunne resp schoenzonen ende swaegers te weten de voors Guilliam Van Langendonck voor de tochte etc verhuren aan Mathijs De Keuster x Cathlijn Van Mechelen ‎(iets)‎ gelegen onder Rotselaer op de bergh bestaende in 15 bunderen soo lant als bempt.

R1608 Fo 144v: 2 dec 1665:
S+D Willem Van Langendonck
- Jan Van Langendonck
- Antoon Van Langendonck
- Peter Moons en Margriete Moons met vs Jan en Antoon Van Langendonck, kinderen Peeter daer moeder aff was Cathlijn Van Langendonck
- Anna Van Langendonck we Peeter Van Gorp geassisteert met Peeter Van Dyck als man ende momboir van Margriete Van Gorp hare dochter en met de vs Antoon Van Langendonck zich sterck maekende voor Joachim Van Gorp haren sone beneffens Wouter Van Gorp als wettige momboir van haer minderjarige kinderen
- Elysabeth Van Langendonck we Aert Docx geassisteert met Guilliam Docx haren ... ende Henrick Coremans als man ende momboir van Margriete Docx hare dochter zich sterkmakende voor hunne minderjarige broeders ende zusters
- Joanna Van Langendonck x Guilliam Kimps
1) Jan Van Langendonck
- huijs, hoff, messinge ende stallinge met een block erachter aen alhier onder Rotselaer te Patersvelt reg derfgen Peeter Verhulst, derfgen Peeter Van Gorp, over die voors Anna Van Langendonck hunne moedere
- onderhalf dm opt Blommersvelt reg de weg naar Wackerseel, Jan Jacques,
- item een half dm alhier opt selve velt
- 10 vd onder Rotselaer genoemt den Wolff
-de hellicht van eenen bempt genoempt de Poeleersels voor dander hellicht onverdeijlt tegens Servaes Goorts, groot int geheel drije dm reg die quade Poelstraet, Jan Van Langendonck tot Loven,
- drije dm 33 roijen bempts genoemt den Langenbempt
- eenen bempt genoempt de Echelbempt ‎(derfgen Peeter Van Gorp)‎
- een half boender ende 20 r onder Tildonck ‎(reg Niclaes Van Maelcot)‎
- een half bonder onder Wakkerzeel opde Waterkes
- drije dm en half onder Wilsel
- moet aan Anthoon Van Langendonck 20 gl eens
2) Antoon Van Langendonck
- ses oft seven dm lants opt Patersvelt genoempt den Doenck
- een bempt gen de Poeleersles
- eenen bempt alhier gen de Laert
- twee dm bempts tot Wackerseel genoemt den Houthemijk
- die helcht van een stuck lants onde Wilsel gen die Balckendoncken, voor dander hellicht comp aende kinderen vande voors Peeter Moons
- die somme van 20 gl tot laste van Jan Van Langendonck
- doch op de last van 100 gl aan Anna Van Langendonck
3) Peeter ende Margareta Moons
- huijs ende hof tot Wackerseel groot een half dm
- een half boender land aldaer opt kerkhof reg het Broederscaphuijs
- een half dm opt Wakcerseelveldeken
- drij dm bempts aldaer neffens het vs huijs ende hof
- een bempt aldaer tusschen het groot ende cleijn broeck groot ontrent een half boender met het hoeckcken springende int groot broeck
- die helcht van een stuck lants onder Wildel gen die Balkendoncken ‎(Antoon Van Langendonck met dandere hellicht)‎
- moet 100 gl geven aan Anna Van Langendonck
4) Anne Van Langendonck we wijlen Peeter Van Gorp
- alhier onder Rotselaer tot Patersvelt die schuere met die twee boomgaerden aldaer ‎(reg Jan Van Langendonck met huis etc)‎
- een dm lants oft erontrent alhier opt Blommersvelt
- een bempt alhier genoemt den Haenerenbempt
- drij dm lants onder Herent tot Kelfs opt Blommersvelt tegen de Varenwegh
- tderdeel van een boender onder Holsbeeck int Puttebroeck
- moet trekken van Antoon Van Langendonck, Peeter ende Margriete meeus cum suis en Elisabeth Van Langendonck die somme van een hondert gl en van Johanna Van Langendonck 50 gl eens maeckende tsaemen drije hondert vijftigh ‎(sic)‎
5) Elijsabeth Van Langendonck we Aert Dockx
- negen dm bempt onder Rotselarr, gen den Draijboom ‎(reg derfgen Merten Goorts)
- een bempt alhier genoempt Sint-Annabosch gelegen inde Lindebempde
- een perceel lants soo onder Herent als Tildonck gen die Meer leenroerich
- die helcht van tachterste Boskendoencken onder Wilsel groot tusschen die ses seven dm (Joanna Van Langendock met andere hellicht)‎
- ses dm broeck onder Wilsele
- moet 100 gl aan Anne Van Langendonck
6) Joanna Van Langendonck x Guilliam Kempts
- ses dm lant opt Blommersvelt waervan onderhalf dm onder Rotselaer ende vierenhalf onder Herent gen den Pierelaer
- een bempt onder Rotselar gen den Craenenbroeck
- een boender broeckbempt int Haemelenbroeck leenroerich
- een stuck lant onder Kelfs opt Blommersvelt
- die helcht vande achterste Balckendoensken ondr Wilsel groot tusschen die 6 7 dm
- aan Anna Van Langendonck: 50 gl. 
 

Hieronder (met dank aan Paul Peeters) een akte met vermelding van Guilielmus Van Langendonck, weduwnaar van Margaretha Wouters.  Zij waren resp. grootvader en grootmoeder van Gerardus Moons, zoon van Petrus en Catharina Van Langendonck.  In de akte wordt ook melding gemaakt van de gebroeders Anthonius en Joannes Van Langendonck, doch welke relatie zij hadden tot Guilielmus Van Langendonck en Margaretha Wouters, wordt in de akte niet vermeld, maar aan de hand van de info op voornoemde webpagina mag ik aannemen dat zij zonen waren van Guilielmus Van Langendonck en Margaretha Wouters.  Wellicht was voornoemde Joannes Van Langendonck de man van Anna Van Hove.  Als Guilielmus Van Langendonck geboren is omstreeks 1575, dan moet hij een wel respectabele leeftijd gehad hebben, want hij leefde nog bij het verlijden van de onderstaande akte.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8263 fol. 3r, akte dd. 07.04.1660.

In tegenwoordicheyt der heeren meyers en. schepenen van Loven naerbes. gestaen Geeraert Moons, heeft opgedraegen met behoorelijcke verthijdenisse alle sijne actie, paert ende deel in ende totte goederen, op hem verstorven bij de doot en. afflijvicheyt van Margriet Wauters, sijne grootmoeder, ende noch in toechte worden beseten bij Willem Van Langendoenck, sijnen grootvaeder, expos. impositi sunt Anthoen ende Jan Van Langendoenck, gebroeders, met henne respective huysvrouwen nec satis nec waras, obligando, submittendo ac renuntiando in forma, eodem et coram ijsdem.J. Van Espen. 

In de onderstaande akte maakt men melding van Guilielmus (Willem) Van Langendonck en zijn vrouw Margaretha Wouters.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7527, folio 39v., akte dd. 18 december 1638.

Item in tegenwoordicheyt des meyers schepen(en) van Loven en(de) eygengenoeten naerbeschreven gestaen Willem Van Langendonck en(de) Margriete Wouters, gehuyschen, bij manisse hebben tsamen opgedraeghen met behoorl(ijcke) verthijdenisse een halff boender en(de) vier oft vijffenvijftich roeden landts, geleghen onder die parochie van Rotselaer opt Ruetersvelt, regenoot derffgen(amen) Henricx Van Langendonck ter ier., Jan Van Langendonck ter iier., Peeter Van Opstal ter iiier. en(de) Christiaen Hauwijck ter iiiier. sijden, item alnoch neghen virendeelen landts, al ombegrepen der maeten, geleghen onder Herent, ter plaetsen geheeten Blommers Velt, regen(oot) Jan De Leeuw, nu Willem Van Langendonck, ter ier., derfgen(amen) Henricx Van Langendonck den Heyligengeest van Wackerseel ter iier., Peeter Van Malcot Meerbeck ter iiier. en(de) den H(eyligen) Geest van Rotselaer ter iiiier. sijden, bijde voors(chreve) opdraegeren met meer ander goet v(er)creghen van derffgen(amen) m(eeste) Jan De Leeuw en(de) soe die selve plecken gemeten sijn bij m(eeste)r Jan Van Hanswijck, geswoeren landtmeter der stadt van Mechelen, exp(osito) soe is daer inne gegoydt en(de) geerft ten erffel(ijcken) en(de) eygen rechte jouff(rouw)e Magdalena Van(den) Broeck weduwe wijlen Anthon Janssens per mo(nitionem) his interfuerunt Borchgreeff, Begijnemaecker, scabini Lovanien(sis) et allodii consortes, item domicellus Michael Pannus, locum tenens villici Lovanien(sis), et Philippus Hollandts similiter tanq(uam) allodii consortes, cor(am) quibus satis obligan(do), etc(etera), in forma, et waras te weeten dierste parcheel voor vrije, eyghen en(de) ombelast en(de) tweede parcheel op drije penninghen Lovens aen derffgen(amen) Van Griecken sonder meer, obligan(do), etc(etera), in forma, qui hec rogantes quod faciunt scabini Lovanien(sis) predicti, act(um) decembris xviii., 1638.

 

In de volgende akte maakt men melding van Guilielmus Van Langendonck zone wijlen Joannes en zijn vrouw Margaretha Wouters, inwoners van Rotselaar.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7517, folio 358v., akte dd. 2 juni 1628.

Item Willem Van Langendonck sone wijlen Jans en(de) Margriet Wouthers, gehuysschen, woonen(de) tot Rotselaer, in p(rese)ntia, et(ceter)a, hebben indivisim en(de) insolidum bekendt schuldich te sijn aen jo(uffrouw)en Anna, Anthonette, Maria en(de) Barbara Van Horion, gesusters, dochters jo(ncke)r Jans, respective woonen(de) int Groot Begijnhoff alhioer en(de) te Borchloon, tweilff carolus guldens te xx st(uyvers) Brabants tstuck en(de) thien gelijcke stuyvers, erffel(ijcke) rente, jaerl(ijcx) v(er)schijnen(de) opden tweeden juny en(de) binnen deser stadt wissele van Loven te leveren, los en(de) vrije van bede en(de) van alle andere impositien, innegestelt oft inne te stellen in toecomen(de) tijden, t' elcken jaere en(de) termijne als schuldt met rechte v(er)wonnen, ob(ligando) et sub(mittendo), geloven(de) de v(oor)s(chreve) gehuysschen indivisim de voors(chreve rente van xii r(insguldens) x st(uyvers) erffel(ijck) jaerl(ijcx) wel en(de) lofffel(ijck) te betaelen ende leveren als vore, los en(de) vrije als boven onder de s(elv)e obligatie en(de) sub(miss)ie, met conditie dat de voors(chreve) gehuysschen de voors(chreve) rente sullen mogen lossen en(de) affquyten t' allen tijden alst hun gelieven sal t' eender reyse, elcken gulden erffel(ijck) daeraff met xvien. gelijcke guldens loopen(de) munte en(de) met volle rente, ende om de v(oor)s(chreve) jo(uffrouw)en te bat te v(er)sekeren, soo hebben de v(oor)s(chreve) gehuysschen geconsenteert int maecken van mainmise over henne goeden en(de) int decreet der schepen(en) van Loven sonder daertoe te derven gedaeght oft geroepen te worden, t' heurl(ieden) coste, ende signantel(ijck) aen en(de) tot een huys en(de) hoff met drije en(de) een halff boenderen, soo landt als weye en(de) boomgaert, gelegen tot Attenhoven, geheeten den Balckendonck, reg(eno)ten s' heeren straete ter ie., t' Putterbroeck ter iie. en(de) den heere van Attenhoven ter iiie. sijden, coram Vorst, Beringhen, junii iia., 1628.

            In de marge.

Item jo(uffrouw)e Loyse de Plaines dochter wijlen jo(ncke)r Loys, als d' actie en(de) transport hebben(de) van(de) vier gesusters de Horion, int witte van desen begrepen (alsoo sij v(er)claerde), heeft bekendt, gel(ijck) sij bekent mits desen, de capitaele pen(niongen) van dese xii g(uldens) en(de) x st(uyvers) erffel(ijck) mette v(er)loopen van dijen ontfangen te hebben vuyt handen van Willem Van Langendonck, consenteren(de) alsoo in(de) cassatie van(de) s(elv)e brieven, des t' oirconden, et(ceter)a, actum desen 26en. may 1635, et sic vacat, en(de) was ondert(eeckent) Lowise de Pleyne.

 

Uit dit huwelijk: geen fii H, Wak, Hev, Rot, Til, Wes, BMB!, K, W, R, DD, Mech, Wak,

 

Van Langendonck Catharina, ca. 1607, x met Petrus Moons,

En hieronder (met dank aan Paul Peeters) nog een zeer boeiende:

BRON : S.A.L, Inventaris Cuvelier, register nr. 8263, folio 299v, akte dd. 07.10.1661

 Transcriptie.

 In tegenwoordicheyt des heeren meyers

ende schepenen van Loven naerbeschreven

gestaen Henrick Peeters ende

Elizabeth Moons, gehuysschen ende

innegesetenen van Werchter, hebben

opgedraegen met behoorlijcke verthijdenisse

het paert ende deel, de voorschreven

Elizabeth competerende van haere

moeders wegen, soo in huys, landt als

Rotselaer               bempt, gelegen tot Rotselaer, Werchter,

Werchter              Herent als elders, het welck tegen-

Herent, etca.         woordich alnoch in tochte wordt

beseten bij Willem Van Langendonck,

haeren grootvaeder, expositis impositis

sunt Jan Van Langendonck ende

Anthoen Van Langendonck met

Barbara Willems, sijne huysvrouwe, #

# present ende accepterende, per monitionem jure et satis et waras

opde chijnsen ende lasten daerop

vuytgaende, obligando, submittendo ac renunciando

in forma, coram Schore, Vanden

Bossch, viia. octobris 1661.

             M. Van. Bossche                F. Delahault.

                                     1661.

Commentaar.

Deze akte leert ons dat Elisabetha Moons de kleindochter is van Guilielmus Van Langendonck.  Hieruit kunnen we afleiden dat Elisabetha Moons de dochter is van Petrus Moons en Catharina Van Langendonck.  Deze laatste is dan weer de dochter van Guilielmus Van Langendonck en Margaretha Wouters.  Jan en Anthoon Van Langendonck zijn eveneens zonen van Guilielmus en Margaretha Wouters.  Anthoon huwde met Barbara Willems.  Uit dit alles kunnen we besluiten dat Petrus Moons en Catharina Van Langendonck tenminste drie kinderen hadden, met name Petrus, Margaretha en Elisabetha.

     Uit dit huwelijk:

     Moons Elisabeth,  

     Moons Petrus, 1638,

     Moons Margaretha, 1641, 

 

Van Langendonck Anna, XI, (S1415), ca. 1608,

 

Van Langendonck Elisabeth, ca. 1610, x (niet Wak, H, W, Wes, ) met Arnoldus Docx,

Fo 72v ‎(17 april 1693)‎
S+D Aerdt Dox x Elisabeth Van Langendonck: goederen van de vader
- Guilliam Docx
- Jan Docx
- Francois Van Wesenbeeck in naam van wijlen Anthoon Docx gestorven jonkman
- wijlen Hendrick Coremans x Margriete Docx
- Cathlijne Docx x Jan Somers.
 

     Uit dit huwelijk:

     Dockx Margareta, () Haacht 27.04.1637, x met Hendrick Coremans,

     Dox Jan, () Haacht 09.09.1640,

     Dockx Guilielmus, x 1 Rotselaar 12.02.1665 (g. Van Langendonck Antonius en Koorsmans Henricus) met Vanden Bosch Francisca,

     x 2 Rotselaar 27.02.1669 (g. Janssens Joannes pater en Janssens Christophorus) met Janssens Anna,

In deze akte (met dank aan Paul Peeters) wordt melding gemaakt van Guilielmus Docx en Anna Jans(s)ens Pavie, inwoonders van Wijgmaal onder Herent, die op 07.10.1688 voor notaris Andreas Vanden Schrieck een lening van 300 guldens aangingen bij Maria Bouillon, begijn op het Groot Begijnhof te Leuven. Op 07.01.1689 wordt voor dezelfde notaris weer een akte verleden waarbij een zesde van de goederen in pand werd gesteld  zoals bij volmacht door zijn moeder Elisabetha Van Langendonck, weduwe van Arnoldus Docx en inwoonster van Haacht, op 21.11.1688 bepaald werd in een akte voor Engelbertus Loncin (eveneens notaris te Leuven). In de rand van de akte staat dat de kwijting van de lening werd verleden ingevolge akte voor Guilielmus Van Ranst (notaris te Leuven) op 25.03.1730. De akte bevestigt dat Guilielmus Docx de zoon is van Arnoldus en Elisabetha Van Langendonck.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7941, folio 151r., akte dd. 18 januari 1689.

Inde tegenwoordigheyt der heeren schepenen van Loven naergenoemt gestaen Ingelbert Loncin, clerck der middele schrijffcamere, vuyt crachte ende naer v(er)moeghen van seeckere procuratie, om t' gene naerbes(chreven) wettelijck te moeghen doen vernieuwen en(de) herkennen, hem gegeven, heeft t' selve gedaen in der manieren naervolgende, waer van den teneur luydt aldus.

Compareren(de) op heden den sevensten 7ber. 1688 voor mij not(ari)o ende getuyghen naergenoemt, Gilliam Docx ende Anna Jansens Pavye, gehuysschen ende innegesetene der banderije vanden Heerent, ter plaetsen genoempt Wijghmael, welcke hebben bekent, soo sij doen bij desen, ontfanghen te hebben vuyt handen van jouff(rouw)e Maria Boullion, begijncken op den Grooten Begijnhoeve deser stadt Loven, eene somme van drij hoondert gul(den)s in goeden ende gevalueerden gelde, ter cause van welcke somme de voors(chreve) comparanten hebben bekent, soo sij doen bij desen, schuldigh te wesen ende gelooft te betaelen aen de voors(chreve) jouff(rouw)e Boullion, present en(de) accepteren(de), eene rente van achtien gul(den)s en(de) vijffthien stuyvers jaerelijckx, ende soo daer vooren interest te betaelen tegen den penninck sesthien, behaudelijck ende in verstande dat ingevalle sij de selve rente jaerel(ijcx) comen betaelen binnen de eerste drij maenden naer den valdagh, dat sij als dan ende voor het selve jaer sullen volstaen met interest tegens vijff ten honder[d]en ende soo met vijffthien gul(den)s jaerelijcks, welcke renthe haeren cours sal beginnen te nemen op daete deser ende oversulcx voor d' eerste jaer vallen ende voorschijnen (!) sal op den sevensten september van het naervolgende jaer xvic. negenentachentigh ende soo vervolghen[s] van jaere tot jaere tot de quytinge toe, die sal moeghen geschieden als het de comparanten goet duncken en(de) gelieven sal, met gelijcke somme van drij hondert gul(den)s in gelde als voors(chreven), geloven(de) ondertusschen de selve renthe jaerelijck wel, loffelijck en(de) personelijck te betaelen als schult met recht verwonnen, los en(de) vrij van alle impositien ende exactien, alreede innegestelt ende noch inne te stellen, daer voor verobligeren(de) henne persoonen ende goederen, elck in solidum ende int besonder ende naementlijck hen kindtsgedeelte in de goederen, op hen hem e[e]rst[en] comparant verstorven ende gedevolveert bij de doodt van sijnen vader, soo vuyt den hooffde desselffs als vuytten hoeffden van sijne moedere Elisabeth Van Langendonck, gelovende der selver consent hier toe te brenghen, consenteren(de) daer over int maecken ende slaen van mainmise, decreet en(de) herdecreet sonder voorgaende daeghement, ende naementlijck op de speciale panden, hem in deylinghe daer vuyt te vallen bij deylinghe die ee[r]stdaghs gelooft te doen maecken ende hier over te brenghen om daer op de selve mainmise te slaen als speciale panden, constitueert alle thoenderen deser om t' gene voors(chreven) staet, te vernieuwen voor de heeren meyer ende schepenen deser stadt ende aldaer te consenteren in voluntaire condemnatie, promittentes ratum, actum binnen Loven ter presentie van Laverijs Jansens ende van Merten Truyens, borgers ende innegesetenen deser stadt, als getuyghen, hebbende comparanten deser minuter (!) geteeckent, onder stont, mij present als not(ari)s, signatum Schrieck.

Depost opden sevensten january 1689 anderwerven compareren(de) voor mij not(ari)o en(de) die getuyghen naergenoempt den voors(chreven) Gilliam Docx, den welcken voor speciale panden der voors(chreve) rente heeft v(er)obligeert naer vermoeghen van permissie ende procuratie, bij sijne moedere Elisabeth Van Langendonck hem daertoe gegeven volgens acte, gepasseert voor den not(ari)s Loncin ende seeckere getuyghen op den xxien. november 1688 vanden voorleden jaere xvic. achtentachentigh, het sessde paert vande panden, daer inne met henne reg(eno)ten gedescribeert, consenteren(de), constitueren(de) en(de) geloven(de) als in de selve acte, promittens ratum, actum binnen Loven ter presentie van Andries Van Brussel ende van Hendrick Labboets als getuygen, hebbende den comparant deser minute geteeckent, onder stont, mij present als not(ari)s, signatum Schrieck.

Aldus vernieuwt en(de) herkent bij den voors(chreven) geconstitueerden en(de) geconsenteert int slaen van mainmise, obligan(do), submitten(do) ac renun(tiano) in forma, coram Adonia, Deens, xviii. january 1689.

            In de marge.

Is gebleken bij quittantie notariael, gepass(eer)t voor den notaris G. Van Ranst in date 25. meert 1730, dat de capitale penn(ingen) eender rente, in desen vermelt, met de verloopen sijn gerembours(eer)t en(de) gequeten door jo(uffrouw)e Maghdalena Van(der) Waerden wed(uw)e wijlen Joannes Hoegaerts aen d' h(ee)r Robert de Tru en(de) jo(ncke)r de Coenen, quare sic vacat.

Hiernaer volght den teneur van d' acte van procuratie.

Op heden desen xxien. november 1688 compareren(de) voor mij openbaer not(ari)s, bij den Souverijnen Raede van Brabant geadmitteert, tot Loven resideren(de), ende in de presentie van(de) getuyghen naergenoemt Elisabeth Van Langendonck, wed(uw)e van wijlen Aert Dox, woonachtigh tot Haeght, de welcke heeft verclaert, gelijck sij doet bij desen, te hebben geconsenteert en(de) volle maght gegeven te hebben aen Guilliam Docx, haeren wettighen sone, om te moeghen lichten ter rente eene somme van drije hondert gul(den)s eens sonder meer van alsulcke persoonen als hij sal geraeden vinden om daermede te doen, gelijck het hem gelieven sal ende daer vooren te verobligeren het sessde deel van(de) goederen naerbeschreven, haer comparante in erfftochte competeren(de), en(de) haere kinderen voor de proprieteyt, te weten ierst het sessde deel in huys, hoff, schure en(de) stallinghen, groot een halff daghmael, gelegen tot Haeght, regen(oten) de herbaen ter ie., de kercke van Haeght ter iie., het clooster van Muysen ter iiie., alleenelijcken belast met sheeren chijns, item in een boinder lants, gelegen tot Haeght opt Hooghveldt, regen(oten) die Broeckstraet ter ie., den Heylighen Geest van Haeght ter iie., d' erffgen(amen) Jan Docx ter iiie. seyden, belast met vierthien stuy(ver)s sjaers aen sijne ex(cellen)tie den heere hertoghe van Aerschot, item in drije daghmaelen ende een halff lants, gelegen tot Wilsel, regen(oten) sheerenstraet ter ie., Guilliam Camps ter iie., het Puttebroeck ter iiie. seyden, wesende vrije en(de) eyghen goet, item in ontrent een boinder lants, gelegen tot Haeght, genoemt het Battelblock, regen(oten) derffgen(amen) Jan Docx ter ie., het broeck, genoemt Schorisgat, ter iie., mijnheere Colins ter iiie. ende Servaes Vloebergh ter vierdere seyden, wesende vrije ende eyghen goet, item in onderhalff daghmael lants, geheeten het Clijn Blocxken, geleghen tot Haeght, regen(oten) die Broeckstraet ter eenre, Servaes Vloebergh ter tweedere, de Kist van Mechelen ter derdere seyden, wesende insgelijcx vrije ende eyghen goet, item in seven daghmaelen lants, geleghen tot Rotzelaer, genoempt den Draeyboom, regenoten de Waterstrate ter eenre, d' infermerije van Loven ter tweedere ende S(in)te Job ter derdere seyden, alleenelijcken belast met sheeren chijns, item in drije daghmaelen bempts, geleghen op de Haert tot Rotzelaer, regenoten den hertoghe van Aerschot ter eenre, den Heylighen Geest van Rotzelaer ter tweedere ende derdere zeyden, wesende vrije ende eyghen goet ende te consenteren tot vastigheyt vande voors(chreve) capitaele somme van drije hondert guldens ende jaerelijcxen intereste van dijen in het maecken ende slaen van mainmise, mede in het decreet ende herdecreet der heeren schepenen van Loven daer over te geven sonder eenigh daeghement, renuntierende dijenvolghens aen haere tochte, gelovende allen t' gene den voors(chreven) haeren sone duer allen t' ghene voors(chreven) is, sal comen te doen, te hauden voor goet, vast ende van weerden onder obligatie van haeren persoon ende goederen, meubelen en(de) immeubelen, present ende toecomende, met submissie ende renuntiatie als naer recht, ende naementlijcken renuntieert die voors(chreve) comparante aen het privilegie senat(us) consul(ti) vell(eiani) auth(entica) si qua mulier, et(ce)t(er)a, daer van bij mij notario ierst en(de) voor al onderricht sijnde, promitten(tes), ratum, et(ce)t(er)a, obligan(do), submitten(do) ac reuntian(do) in forma, actum tot Wijghmael ten teyde voors(chreven) ter presentien van Jan Dockx, beyde haere sonen als getuyghen hier toe aensocht ende gebeden, hebben(de) die voors(chreve) comparante ende getuyghen die minute deser beneffens mij not(ari)o ondert(eeckent), onderstont quod attestor, signatum J. Loncin, not(ariu)s pub(licu)s.

               Uit dit huwelijk:

               1. Dockx Barbara, () Rotselaar 15.04.1666 (g. Engelborghs Joannes en Dockx Barbara),

               2. Docx Anna, () Rotselaar 10.02.1672 (g. Docx Jan en Goris Anna),

               Doijgx Joannes, () Rotselaar 26.04.1673 (g. Janssens Joannes en Elisabeth Van Langendonck),

               Dox Joannes, () Rotselaar 20.12.1675 (g. Pavie Joannes en Dox Catharina),

     Dox Catharina, () Haacht 18.01.1644, x met Jan Somers,

     Dox Antoon, () Haacht 27.01.1647,

     Dox Barbara, () Haacht 04.09.1650,

     Dox Maria, () Haacht 08.04.1657.

 

Van Langendonck Joanna, ca. 1614, x met Guilliam Kempts,

Hieronder (met dank aan Paul Peeters) een akte met vermelding van Guilielmus Camps (Kempts), die in Bonheiden woonde.  Zijn eerste vrouw was volgens de akte Anna Van Langendonck.  Op de website staat Joanna Van Langendonck.  Mogelijk moet zijn overlijden ook in Bonheiden gezocht worden.  Voor zover ik het kan begrijpen, werd de scheiding van de goederen van de ouders van (Jo)anna Van Langendonck verleden op 07.04.1684 voor notaris Rumoldus Jacobus Wetz te Aarschot.  Het archief van deze notaris is helaas niet bewaard.  Alleszins kan men hieruit afleiden dat de ouders van (Jo)anna Van Langendonck overleden vr 07.04.1684.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7962, fol. 263r., akte dd. 22 april 1712.

Inde teghenwordicheyt der heeren schepenen van Loven naergenoempt gestaen den clerck J. Lach vuyt crachte ende naer vermoghen van sekere onwederoepelijcke procuratie om den naervolghenden contracte notariael wettelijcken te moghen doen vernieuwen ende herkennen, hem als thoonder deser gegeven, heeft het selve gedaen ende geeffectueert in voeghen als volght.

Op heden den eenendertichsten december 1711 compareerde voor mij ondersen. conincklijcken ende apostolycken notaris, tot Mechelen residerende, Guilliam Camps, ingesetene van Bonheyden, den welcken heeft bekent ontfanghen ende ter rente opgenomen te hebben van sr. Bartholomeus Peeters, audt deken van het schippers ambacht alhier, de somme van sesse hondert vijfftich guldens wisselgelt, den schellinck tot sesse stuyvers ende soo d' andere specien in wisselgelt naer advenant, den eersten met den lesten penninck in presentie van mij notario ende getuyghen t' sijnen contentemente ontfanghen, dienende dese daer over voor volle et (!) absolute quitte. sonder van voordere te moeten doceren, waervoren hij comparant aen den voorschreven sr. Peeters ofte sijne actie hebbende, interest beloeft te betaelen teghens den penninck xvien., dan is cas van preciese betaelinghe vuytterlijck sesse weken naer iederen vervaldach ende niet afftreckende eenighe der naerbeschreven lasten, sal den sal den (!) rentgelder gestaen midts betaelende teghens den penninck xxvtich. ende alsoo sessentwintich guldens wisselgelt s' jaers, cours ende inganck nemende op heden dathe deser, sulcx dat het ierste jaer van betaelinghe vallen ende verschijnen sal den eenendertichten decembrer vanden toecomenden jaere 1712 ende soo voorts van jaere tot jaere tot de volle ende effective queytinghe toe, de welcke altijdt sal vermoghen te geschieden met gelijck capitael van sesse hondert vijfftich guldens wisselgelt ende interest dier naer rate van tijde verschenen, belovende de selve rente altijdt te houden vrije ende exempt van alle lasten ende impositien, soo van xe., xxe., xl., mindere oft meerdere penningen ende generalijck alle andere, bedacht ende onbedacht, eenighe placcaerten ofte ordonnantien ter contrarie, niet teghenstaende daeraen voor soo veel is noot ende dese raecken mach, derogerende midts desen, verbindende voorders voor t' selve capitael ende interesten dier sijnen persoon ende goederen, haeve ende erfve, present ende toecomende, ende specialijck seker neghen dachwanden landt ende bempt in twee plecken, geheeten Gooris Hoff, tot Werchter, regenotende de Speck straete ter eenre west, d' erffgenaemen Michiel Van Haecht oost, het clooster van Villeers suyt ende den Demer nordt, jaerelijcx belast met sesse molevaten even aenden hertoch van Aerschot in chijns, ende erffgen. leyt met ses dachw. in een pandt, gicht ende gelt elck dachw. 9 mijten aende erffgen. mevrauw Absolons ende heeft die gicht oock, item gelt aende kercke aldaer twee stuyvers een blanck twee mijten, insgelijcx in chijns sonder meer, daerop waerschap ende guarrant gelovende, hem eersten comparant competeren. vuyt den hooffde van wijlen Anneken Van Langhendonck, sijne eerste huysvrauwe was, waer van hij bij testament erffgenaem is bedeylt en belovende den selven testamente alhier tot betoogh te reproduceren tusschen dit ende drije daeghen ende voorts volghens scheydinghe ende deylinghe tusschen haer ende haere mede erffgenaemen, aengegaen voor den notaris R.J. Wetz, residerende binnen Aerschot, ende sekere getuygen, sevensten aprilis 1684, constituerende voorts onwederoepelijck bij desen ... [n.v.] om voor sijne mats. Souverijnen Raede van Brabant, schepenen van Werchter voors. ende alomme elders, t' gene voors. herkennende, hem constituant int onderhoudt dier voluntairelijck te doen ende laeten condemneren met costen, midts gaders voor meyer ende schepenen van Werchter, heeren drossart ende schepenen van Aerschot ende alomme elders voor heer, hoff ende weth competent de voors. negen dachwanden landt ende bempt, gronde ende toebehoorten, voor die voors. capitaele somme ende interest dier wel ende wettelijck te laeten verbinden, affecteren ende realiseren, midts gaders te consenteren int slaen van beleyde ende mainmise voor de heeren meyer ende schepenen van Loven ende hem comparant daer vuyt te laeten ontgichten ende onterven ende daer inne te doen ende laeten gichten, goeden ende erven den voorse. Bartholomeus Peeters op schot, loth, eta., mette solemniteyten daer toe gerequireert, sonder daertoe te derven geroepen ofte gedaechtvaert te worden, consenterende, eta., alles ten coste van den rentgelder, belovende, eta., verbindende, eta., pro ut in communi forma, actum binnen Mechelen, present srs. Joannes Van Rijmenant ende Joannes Michael Jacobs, als getuyghen hiertoe versocht ende gebeden, ende is die minute deser, geschreven op eenen segel volghens het reglement, bij den comparant ende getuyghen beneffens mij notaris onderteeckent, onder stondt, quod attestor, ende was onderteeckent And. Sire, nots. reg. et ap(osto)licus, 1712.

Aldus vernieuwt ende herkent door den voors. geconstitueerde vuyt crachte als boven, obligando, submittendo ac renuntiando in forma, coram jor. Vander Dilft et Corthout, hac 25. aprilis. 1712.

 

Van Langendonck Lucia, ca. 1617,

 

Van Langendonck Joannes, ca. 1620, x Werchter 06.07.1642 (g. Van Langendonck Guilielmus en Van Hove Arnoldus) met Van Hove Anna, () Werchter 15.12.1624 (g. Hubertus Van Hove en Anna Brugmans),

Onderstaande emancipatie met dank aan Paul Peeters

BRON : Stadsarchief Leuven, register nr. 8268, folio 129r, akte dd. 4 oktober 1669.

Transcriptie

In tegenwoordicheyt der heeren schepenen van Loven

naerbes. gestaen Guilliam Jan Van Langendoenck, woon-

ende tot Werchter, heeft behoorelijck geemanci-

peert ende vuyt sijnen broode gedaen Guilliam,

Anthoen, Jan, Jenneken, Adriane, Ant ende Catlijn Van

Langendoenck, sijne kinderen, bij hem verweckt

vuyt den schoot van Anna Van Hove, sijne

huysvrouwe, quo facto J. Schellekens

reconduxit in forma, coram Dilbeeck,

Vander Veken, 4 octob. 1669.

Hieronder nog een akte met vermelding van Joannes Van Langendonck en Anna Van Hove, die gegoed en geerft (officieel in het bezit gesteld) werden van een vierde van een half bunder land te Kruis onder Werchter.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8263 fol. 2r.

Item in tegenwoordicheyt der heeren meyers ende schepenen van Loven naerbes. gestaen Jan Schellekens als geconstitueert met procuratie, hem gegeven en. verleent bij Nicolaes Huygens, gepasseert den 4. marty 1646 voor den nots. H. Vanden Panhuysen ende sekere getuygen, die heeren schepenen bij copije authentiecq gethoont en. gebleken, heeft indier qualiteyt opgedraegen met behoorelijcke verthijdenisse een vierde paert van een half boinder landts, gelegen tot Cruys onder Werchter, regen. Sinte Berbelen Cappelle tot Nynde ter ie., Gielis Verhulst ter ije., s' heeren straete ter iije. ende Willem Van Roost ter iiije. sijden, belast int geheel met een mudde corens aen Jan Van Langendoenck ende Anna Van Hove, gehuyschen, item vierentwintich stuyvers erffel. aende kercke van Werchter, expos. impos. Jan Van Langendoenck en. sijne huysvre. voors., et satis den voors. gecommitteerden naer vermogen als voor et waras als voor, obligando, submittendo ac renuntiando in forma, coram ijsdem.

J. Van Espen.

Hieronder nog een akte met vermelding van Anna Van Hove, weduwe van Joannes Van Langendonck en moeder van Catharina Van Langendonck, die op 12.04.1695 te Werchter huwde met Michael Heyligen (get. : Henricus Van Leemput en Petrus De Worteleers). 

Gezin bij Wortelaers.

De huwelijksvoorwaarden tussen Michael Heyligen en Joanna Meulemans werden op 09.03.1700 verleden voor de schepenen van Werchter (bron : R.A.L., Schepengriffies van Vlaams-Brabant, arrondissement Leuven, nr. 1853, folio 31).

Op het einde van de akte wordt er ook nog melding gemaakt van Maria, Henricus, Cornelius, Jacobus, Franciscus, Petrus en Catharina Heyligen.  Mogelijk gaat het om de broers en zusters van Michael.

Hoe dan ook, op genealogisch gebied is het wel een interessante akte.  De schepenakte is de registratie van een notarile akte die bijna 20 jaar eerder werd verleden voor notaris Jan Mariot (waarvan de akten worden bewaard in het Rijksarchief te Leuven).  Uitzonderlijk is ook de schrijfwijze van Werchter, dat vrijwel steeds onveranderd is gebleven.  Uitzonderlijk schrijft men Wechter (zoals het in het dialect wordt uitgesproken) en in deze akte zelfs twee maal Werghter.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7601 fol. 568r, akte dd. 21 juni 1718.

Inde tegenwoordigheyt des heere meyers en. schepenen van Loven naer te noemen gestaen den officiael Kerstens om die naervolgende acte notariael alhier te vernieuwen en. t' herkennen, als thoonder vande selve geconstitueert sijnde bij die procuratie daer inne geinsereert, heeft het selve gedaen als volght.

Op heden desen xxen. xbris. 1697 is gecompareert voor mij ondergeschreven als notaris, pnt. die getuygen onder te noemen, d' eersaeme Anna Van Hove wede. Jans Van Langendonck, d' welcke heeft verclaert te hebben gecedeert en. getransporteert, soo en. gelijck sij doet bij desen, aen Michiel Heyligen, getrauwt met Catharien Van Van Langendonck, des ierste compte. dochtere, alhier present ende accepterende, soo voor hem als voor sijne huysvrouwe, secker stucks lants, gelegen tot Werghter en. genoempt den Himpt op den Hoogen Wegh, over eenige jaeren innegecocht bij Henderick Van Leemput ten behoeve der eerste comparante, aen den tweeden comparant genoch bekent en. dat om en. voor een somme van vier hondert en. eenen guldens loopende gelde, die de ierste compte. op heden oock kent te hebben ontfangen, dienende dese voor quitttantie (!), waranderende t' selve goet op desselve laste, waer op sij eerste comparante t' selve heeft vercregen, aenden tweeden oock genochsaem bekent, in desen verstaende nochtans dat die transportante haer reserveert de facultijt en. macht van t' selve bunder lants wederomme t' haerewaerts te nemen als t' haer gelieven sal mits restitueren. de voors. vier hondert eenen guls., die nochtans nyet en sal vermogen te geschieden dan ontrent Kersmisse, te weten als wanneer de tweede comparanten sullen hebben genoten den oost, item is voorders oock besprocken dat oft die eerste comparante quaeme affleyvigh te worden voor en. alleen sij het voorschreve goet soude hebben gerecupereert, dat als dan de macht van te redimeren, oock sal competeren aen alle haere erffgenaemen int gemeyn, ten waere die ierste comparante eenighe der selve wilde vuytsluyten, alles nochtans op den voet voors. als wanneer die tweede comparanten vuyt den cooppreys van het te doen vercoop voorvuyt soude moeten recupereren henne voors. vier hondert en. eenen guls. en. voor het surplus concurreren neffens hunne andere mede erfgenaemen, waer tegens sij geloven hem nimmermier te sullen opponeren, wel verstaende oock dat oft ter oorsaecke van desen coop eenige pondtpenningen soude moeten worden betaelt, dat de selve in cas van vernaerderinge als voor de acceptanten oock sullen moeten worden gerestitueert, verobligeren. ten effecte van dijen henne persoonen en. goederen, verclaerende d' eerste comparante dusvolgens onder de modificaite als boven tot het voors. boinder geen recht meer te hebben dan daer aen te vertheyden ten behoeve der tweede comparante, constituerende partijen hinc inde onwederoepelijck een iedert thoonder deser om te compareren voor de heeren meyer en. schepenen van Loven, Werchter en. allomme elders en. aldaer te consenteren inde vernieuwinge deser goedenis en. ontgoedenis, mitsgaeders inde condemnatie voluntair sonder voorgaende daegement, aldus gedaen binnen Loven ten teyde voors. ter presentie van Joes. Crans en. Gotgaff Tossijn, getuygen, en. is de originele minute deser bij die voors. comparanten en. getuygen beneffens mij notario behoorelijck onderteeckent, onderstont quod attestor, en. was onderteeckent J. Mariott, nots.

Aldus vernieuwt ende herkent die voors. acte notariael bij den voornoempden geconstitueerden in alle en. iegewelcke haere poincten en. clausulen, den welcken dijenvolgens ter manisse des heere meyers en. weysdomme der naerbeschre. heeren schepenen heeft opgedraegen met behoorelijcke vertheydenisse secker bunder landts, gelegen tot Werghter en. genompt den Himpt, op den Hoogen Wegh, inde voorschreve acte notariael in sijne regenoten breeder geinsereert en. gespecificeert, en. daer vuyt ontgoeyt en. onterft sijnde, soo wordt daerinne met alle solemnitijten van rechten daer toe gerequireert, gegoyt en. geerft den officiael Croons inden naem en. ten behoeve van Michiel Heyligen, Joanna Meulemans, gehuyschen, Maria Heyligen, Hendrick Heyligen, Cornelis Heyligen, Jacq Heyligen, Franciscus Heyligen, Peeter Heyligen, Catharina Heyligen en. alnoch sijne toecomende naercomelingen, et satis et waras pro ut latius in dicto procuratorio, coram d. van Wingh et Claes, hac 21. junius 1718.

T. Van Besten, 1718.

     Uit dit huwelijk:

     Van Langendonck Margareta, () Werchter 05.05.1644 (g. Van Essche Henricus en Wouters Margareta),

     Van Langendonck Maria, () Werchter 03.02.1647 (g. Vanden Branden Martinus en Van Hove Maria),

     Van Langendonck Guilielmus, () Werchter 28.03.1649 (g. Van Langendonck Guilielmus en Lauwens Elijsabeth),

     Van Langendonck Elijsabeth, () Werchter 01.10.1651 (g. Van Emelen Michael en Van Langendonck Elijsabeth),

     Van Langendonck Anna, () Werchter 03.10.1653 (g. Roofs Judocus en Wauters Anna),

     Van Langendonck Barbara, () Werchter 19.07.1656 (g. Bruijnincx Judocus en Willems Barbara),

     Van Langendonck Joanna, () Werchter 01.08.1658 (g. Joannes Viskens en Maria Stoop n. Joanna Van Langendonck),

     x Rotselaar 15.07.1691 (g. Andreas Van Crieckinge en Petrus Van Crieckinge) met Henricus Gijselincx,

     Van Langendonck Adriana, () Werchter 28.09.1660 (g. Van Hove Arnoldus en Paeps Adriana),

     Van Langendonck Antonius, () Werchter 28.02.1663 (g. Van Langendonck Antonius en Boels Anna),

     Van Langendonck Barbara, () Werchter 31.05.1665 (g. Van Dijck Petrus en Van Essche Barbara),

     Van Langendonck Joannes, () Werchter 07.06.1667 (g. Verseunen Joannes en Camps Elijsabeth),

     Van Langendonck Catarina Brigitta, () Werchter 31.05.1669 (g. Van Hove Arnoldus nomine Vanden Eijnde Guilielmus

     en Vervoort Anna nomine de Troch Catarina Brigitta dlla), x met Heijligen Michael,

 

Van Langendonck Antonius, ca. 1621, x Werchter 24.11.1647 (g. Van Langendonck Joannes en Stroonaerts Henricus) met Barbara Willems,

BRON : S.A.L, Inventaris Cuvelier, register nr. 8275, folio 101r, akte dd. 10.11.1676 (met dank aan Paul Peeters).

Transcriptie.

In teghenwordicheyt der heeren schepenen

van Loven naergenoempt comparerende

Anthoon Van Langendonck, innegesetene

van Wackerseel, den welcken behoorel.

heeft geemancipeert en. vuyt sijnen

broede gedaen Guilliam, Peeter, en. Cornelis

Margri Van Langendonck, sijne kinderen, verweckt

vuytten schoode van Barbara Willems,

sijne wettige huysvre., quo facto J.

Goemans reconduxit in forma, coram

Sylvius, Schutteput, xen. 9bris. 1676.

                                                 Roch. Van Goidtsnoven,

                                                                                     1676.

En ook nog een akte met vermelding van Antonius Van Langendonck en Barbara Willems.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8264 fol. 129r.

In tegenwoordicheyt der heeren meyers en. schepenen van Loven naerbes. gestaen mr. Jan Schellekens als geconstitueert ende gemachticht met procuratie, hem gegeven ende verleent bij Jan Bruynincx, gepasseert den 9. may 1661 voor schepenen van Werchter, onderteeckent H. Vanden Panhuysen, die heeren schepenen alhier bij copije authentiecq gethoont ende gebleken, heeft in dier qualiteyt opgedraegen met behoorelijcke verthijdenisse het paert en. deel, den voors. constituant competerende in huys ende hoff, gestaen en. gelegen binnen Werchter voors. tot Veldoenck, genoempt Thielemans Huys, regen. Jan Vermijlen ter ie., Hendrick Stromans ter ije. ende de cappelle van Veldoenck ter iije. sijden, item het twelfste deel, hem competerende in seker stuck landts ende heye, groot sess, seven oft acht dachmaelen onbegrepen der maeten, soo tselve gelegen is onder die heerlijckheyt van Bael onder Aerschot, regen. het clooster van Perck ter ie., Gielis Janssens ter ije., die herbaene ter iije., d' erffgen. Hendrick Gooris ter iiije. ende die leygracht ter ve. sijden, expos. impos. Anthoen Van Langendoenck ende Barbara Willems, gehuyschen, et satis den voors. geconstitueerden naer vermogen als voor, et waras et voors. landt opden last van ontrent die sesthien stuyvers chijns opt geheel, obligando, submittendo ac renuntiando in forma, De Greve, Van Caverson, 25. jan. 1664.  J. Van Espen.

 

En nog deze:

Een akte, waarin Anthonius Van Langendonck en zijn vrouw Barbara Willems, wonende te Wakkerzeel, worden vermeld. De akte werd geregistreerd voor de Leuvense schepenen op 02.04.1648, de datum van de voorgaande akte. Het is merkwaardig dat er een pachthof te Oorbeek nabij Tienen in pand wordt gesteld, dat schijnbaar van de kant van Barbara Willems komt via een scheiding en deling. Ook is het merkwaardig dat een zekere Egidius Cuelens als borg een bunder land onder Bierbeek als onderpand stelt. Deze Egidius of  Gilis wordt zijn schoonvader genoemd. Uit ervaring weet ik dat schoonvader ook wel de betekenis van stiefvader kan hebben. Andere akten zullen dit misterie moeten oplossen.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8260 fol. 87r (11.02.1648) geregistreerd op 02.04.1648

Item in tegenwoordicheyt der heeren schepenen van Loven naerbes. gestaen mr. Jesper De Man als geconstitueert met procuratie, waer van den teneur hier is volgende van woorde tot woorde.

Op heden den xien. feb. 1648 comparerende voor mij openbaer nots. ende getuygen naergenoempt, d' eersaemen Anthoen Van Langendoenck met Barbara Willems, wettige gehuyschen, woonachtich onder Wackerseel, hebben gekent ende geleden wel ende effectivelijcken den iersten met den lesten penninck ontfangen te hebben vuyt handen vanden eerw. heere ende mr. Petrus Giffene, prister ende president van het Collegie van Dael binnen Loven, de somme van vijff hondert Carolus guldens eens in goeden gelde, waer voor sij comparanten mits desen aenden selven heere Petrus Gieffene in sijnen eygen naeme bekennen ende beloven te betaelen eene erffelijcke rente van eenendertich rinsguldens ende vijff stuyvers tsiaers, altijdt op datum deser te verschijnen ende inder stadt wisselle van Loven los ende vrije van xe., xxe., ce., mindere ende meerdere penningen, ingestelt ende naermaels inne te stellen, te betaelen als schult metten rechte verwonnen t' eender reyse ende met volle rente ende gelijcke somme ende goeden gelde te quyten, daer van het ierste iaer vallen ende verschijnen sal den xien. feb. vanden toecomenden jaere 1649 ende alsoo vervolgens totte affquytinge toe ende tot meerdere vasticheyt van welcke hebben die voors. bekenderen gestelt ende stellen bij desen tot wettigen onderpande vande voors. rente ende iaerlijcxe betaelinge der selver het paert ende deel vande voors. Barbara Willems ingevolge vande scheydinge ende deylinge, daer over met haere condividenten gemaeckt ende gepasseert ende tot meerdere vasticheyt der voors. rente ende verloopen der selver, heeft geconsenteert ende consenteert midts desen int maeken van mamise ende decreet der heeren schepenen van Loven sonder daer toe gedaecht oft geroepen te moeten worden over seker pachthoff metten huysingen, stallen, schuere ende andere sijne toebehoorten, groot ontrent een boinder, gelegen onder den dorpe van Oirbeeck bij Thienen ontrent de kercke, regen. sheeren straete in drij sijden ende d' erffgen. wijlen Henrick Van Roost ter iiije. sijden, waranderende tselve pachthoff op ontrent de xxvij rinsguldens erffel. ende den heeren chijns, in welck goet hij comparant metten iersten sal gegoeyt ende geerft worden ende voorder versekerende de voors. heere Giffene, stelt alhier voor borge als principael voorde voors. capitale ende verloopen Gielis Cuelens, sijnen schoonvaeder, die present hem alsoo stelt borge als principael, verobligerende ende opdraegende tot vasticheyt vande selve sijne borge een boinder lants, soo het selve gelegen is onder Bierbeeck, regen. den wech van Loven naer Geldernaeken (!) ter ie., d' Assestraet ter ije. ende Huyberecht Van Bierbeeck ter iije. ende iiije. sijden, onbelast, oock onder obligatie ende met consent van mamise ende decreet als voor, prout in forma, alles ter goeder trouwen ende om allen tgene voors. is, te doen ende laeten effectueren ende voor schepenen van Loven te vernieuwen, heeft den voors. constituant ende borge tsaemen ende yder in solidum onwederroepelijck geconstitueert ende gemachticht Leunckens, Steuckers ende yder thoonder deser, promittentes ratum super quibus, etc.

Aldus gedaen binnen Loven ter pntie. van mren. Michiel Mays ende Jan Ardenoos, getuygen, tot desen geroepen ende gebeden, ende hebben die voors. respective comparanten de minute deser benefffens mij notario onderteeckent, quod attestor, ende was onderteeckent Martinus Berckmans, nots., naer vermogen van welcke procuratie, soo heeft den voors. geconstitueerden den voors. contracte notariael ende innehouden desselffs in alle ende iegelijcke sijne poincten herkent ende vernieuwt, mede eentsaementlijck geconsenteert int maeken van mamise ende decreet van dien sonder daer toe geroepen oft gedaecht te derven worden over de goederen, hier voor gespecificeert, obligando, submittendo ac renunciando in forma, eodem et coram eisdem.

N.B. : De akte werd doorgehaald en in de rand werd volgende tekst vermeld.

Op heden den xven. 7bris 1664 comparerende den voors. Anthoen Van Langendonck, heeft gethoont seeckere quictan. in date xi. febr. 1649, ondert. P. Ghiffene, waer mede quame te blijcken dat den voors. Peeter Ghiffene bekende ontfangen te hebben en. voldaen te sijn van. capitaele penn. en. Xloopen. der rente van xxxi. r. en. v. st. tsiaers, int witte van desen begrepen, qaure vacat hic presens, quod attestor L. Mispelter.

 

Van Langendonck Anthonius en Willems Barbara (interessante maar complexe akte). Anthonius Van Langendonck (senior) overleed te Wakkerzeel op 14.10.1681. Zijn vrouw Barbara Willems overleed te Diegem op 22.11.1686. Zij woonde op dag ogenblik bij haar zoon Joannes, de pastoor van Diegem.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8288, folio 212r., akte dd. 10 februari 1689.

In teghenwoordicheyt der heeren meyer en(de) schepenen van Loven naerbescreven gestaen den clercq Henrion heere Cornelis Van Langendonck uyt crachte en(de) naer vermoghen van sijne procuratie, inde naervolgen(de) cavelinghe geinsereert, om deselve te vernieuwen in vuegen naervolgen(de), waer van den teneur van woorde tot woorde is volgen(de).

Cavelinghe vande kinders van Anthoen van Langendonck en(de) Barbara Willems, wettighe getrouden in hun leven en(de) gestorven Anthoen het jaer 1681, den 14. octob(ris), en(de) Barbara het jaer 1686, den 22. novembris, hebben tsaemen gewonnen dertien kinders en(de) negen achtergelaeten, waer van de naemen hier volgen, ende onder de welcke achtergelaeten goederen gedeelt worden en(de) worden gestelt ieder naer hunnen ouderdom, te weten Margriet, begijnke, Guilliam, getrout met Lucia De Wijgaert, Jan, pastoor van Diegem, Peeter, Anna, begijnken, Marie, Cornelis, theologeant tot Loven, Claere en(de) Elisabeth, onder dese negen kinderen sijn twee minderjaerige en(de) buyten eenen staet, te weten Clare en(de) Elisabeth, over welcke hen verclaert als momboir Jan, haeren broeder, nota tot verclaeringe van(de) tafel, ten eersten dat Anthoon, vader deser kinderen, is gestorven tot Wackerzeel onder de heerlijckheyt van Werchter, Barbara Willems, sijne huysvrauwe, binnen de prochie van Diegem, woonende bij haeren sone, pastoor.

Tweeden dat die voorgemelde gestorven hebben achtergelaeten tot ontrent achtien bunderen goets, soo in landt, bosch, weyde en(de) vijvers, oock twee huysen, goet gelegen is op verscheyde dorpen als Werchter, Bael, Rotselaer, Wilsel, Herent, Holsbeke, etc(eter)a.

Derden dat Barbara Willems naer de doot haers mans het bovenges(chreven) goet heeft verhuert voor het meestendeel aen haere twee sonen Guilliam en(de) Peeter, welcke oock hebben rekeninge gedaen het jaer 1688 ten oversijn van(de) oudtste kinders, de sloten van(de) rekeninge sijn berustende onder Magriet.

Vierden dat eenen van(de) bempde Aterechts Bempden, tot Veldonck gelegen, is belast aen Christien Segers, begijnken opt Groot Begijnhoff tot Loven met eene rente van dertigh gul(dens) tsiaers, wesende het capitael sesse hondert gul(dens), het goet tot Attenhove aen(de) selve is belast met eene rechte van vier gul(dens) tsiaers, wesen(de) capitael tachentich gul(dens) ander renten en sijnder geen, maer wel cheynsen, van(de) welcke sal mentie ghemaeckt worden in ieder kavel, inden welcken het goet sal gestelt worden, welcke cheynsen en renten moeten vuyt het gemeyn effen gestelt worden tot en(de) met[ten] dagh dat ieder sal genieten de profijten en(de) eygendom van sijn kavelinge, voorders sullen sij volgen den gront daer sij opstaen.

Vijffden dat Jan, consideren(de) dat hij sijne ouders veel heeft gekost in sijne studie, niet en wilt mede deelen en kavelen, maer te vreede is met twee cleyne plecxkens, het eene geheeten het Wackerseel Veldeken, groot sestich royden, het andere de Waterlees, groot ontrent een daghwant, dat met conditie dat hij sal moeten voor nu en altijt ten laste sijn van alle schulden, het sterffhuys raecken(de), soo wel van vuytstel van eenige susters oft broeders, als anderssints, geen vuytghenomen, ten tweeden dat dit vuytscheyden met soo luttel goet sou dienen als een beweeghredene om dat de deylinge soude gescieden bij lotinghe, welcke conditien worden oock aengenomen vande onderteeckende.

Sesden datter eenige kinders sijn uytgestelt gheweest van(de) voors(chreve) ouders, sommighe tot de so(m)me van drij hondert gul(dens) sommighe min, waer mede de vuytgestelde te vreden sijn, te weten Margriet, Guilliam, Jan, Anna, Peeter, pretendert noch dertigh gul(dens) en(de) worden hem beloeft te worden gegeven als hij sal comen tot staet dat opde maniere gelijck de susters dien sal worden aenghewesen, Cornelis is te vreden om te comen tot sijnen vuytstel met drije jaeren te trecken de profijten van t' goet tot Attenhove boven de voorgemelde rente, het ierst[e] jaer beginnen(de) het jaert 168... [rand].

Sevenste datter noch drije susters sijn die geenen vuytstel hebben gehadt en(de) tot dijen hun wort toe geseyt de so(m)me van twee hondert gul(dens), soo sij sullen comen tot eenigen staet, de susters sijn Marie, Clare en(de) Elisabeth, tot den vuytstel van Marie wort gestelt den achterstel van(den) pacht van Guilliam en Peeter, item wort geord(onneer)t te vercoopen alle boomen, eenen gul(den) weert, gheene vuytgenomen, staende op ons ouders goet, ten waere iemant die welcke rontsommeren die staen op sijn kavel, met conditie van te betaelen binnen een maendt naer date deser de penninghen van(de) vercochte boomen, sullen moeten ontfangen en(de) bewaert worden van onse suster Margriet tot dat Marie oft een ander suster sal comen tot staet, Margriet en sal haer handen nyet mogen eydelen van dese penningen, teen bij gescriften last van haere twee audtste broeders en waert dat dit altsaemen niet genoch en was tot den voornoemden vuytstel tsaemen om alle schulden te betaelen, soo wordt gheordonneert dat ieder vande acht de cavelen sal alle jaeren aensprekelijck sijn om gelijckelijck te contribueren soo veelder van noode sal sijn.

Achtste datte twee jonxste susters voor hunne vuytstel sullen hebben het goet tot Attenove met den laste van haere renten, soo nochtans dat sij terstont den eygendom sullen hebben vant voors(chreven) goet, midts dat Cornelis daer van drije de eerste jaeren de profijten sal trecken ende niet meer, voor de reste eygendom en(de) profijt sal altijt sijn tot profijte en(de) voordeel van(de) voors(chreve) susters, dat ieder naer date van(de) deelinghe oft cavelingh terstont m(eeste)r is van sijn goet, maer van het goet dat besaeyt is, moeten aen(de) besayer drije deelen gelaeten worden van vijff, de twee sijn voorden eygenaer, soo het besaeyt goet sal gepickt sijn oft het lant vande staen(de) winthervrucht ontlast, magh tersont den eygenaer dat verhueren, waer datter eenig landt gemest waere ofte gelabeurt tot somervruchten, maer anders niet, soo datte vruchten, worden(de) gevonden opt lant vierthien daegen voor S(in)t Andriesmisse, sullen sijn voor den eygenaer, even wel de pacht maer eyndighen het jaer een duysent seshondert tachentich negen van tgoet te S(in)t Andriesmisse en(de) van(de) huysen 1690 halff meert.

Thienden dat ieder sal moeten draegen de renten, cheynsen oft andere lasten, staende ten laste van sijnen ieders kavel.

Dit alles genoteert sijnde, worden gestelt de cavels als volght.

Eerst worden der gestelt drije cavelinghen tsaemen en(de) daer voor wort gestelt het huys en(de) hoff met het bemdeke achter aen tot Veldonck, item twee bempden, oock tot Veldonck, geheeten Aterechts Bempden, groot alle twee ontrent de vijff bunderen, emmers de maete onbegrepen, met den laste van een rente, wesende het capitael sesse hondert gul(dens) jaerlijcx, loopen(de) tegen den penni[n]ck 20 ten profijte van Christien Segers, begijnken tot Loven opt Groot Begijnhoff, emmers metten laste van alle commeren en cheysen, staen(de) opde voors(chreve) goederen, maer aengesien opde v(oor)s(chreve) bempden is gefondeert den titel, opden welcken onsen broeder Joannes is geweyt gheweest, soo is dat die de welcke de cavels sullen hebben, daer mede te vreden sijn, midts dat Jo(ann)es, dies aensocht sijnde, den titel sal doen veranderen, gelijck hij oock seer wel te vreden is, oock wordt hier bij gestelt de hellicht vande twee vijvers, gelegen inde Veldonck Heyden, waer van de ander helft wort geleyt bijden Donck, wesen(de) een cavel.

Den vierden cavel wordt gestelt het Tillemans Lant, ghelijck het gelegen is onder Bael, de maete onbegrepen, item de hellicht van Calesbosch, gelegen tot Bael, te deelen met den sesden cavel.

Ten vijffden wort gestelt het Voorste Landt tot Veldonck en Uyterste Landeke, groot saemen ontrent een bunder, item tot Tremelo een bempt, gheleghen aen(de) Broeckstraete ter ie., de leybeke ter iie., Peeter Vermeylen, groot ontrent drij dachwanden.

6. den sesden de Herdt onder Rotselaer, het Breslant onder Bael, item de hellichte van Calesboschke, gegelen (!) tot Bael, ten deel met den vierden cael.

7. den sevensten de Doencken, alle twee met hun chijsen en commers daerop staende, ghelegen tot Rotselaer, item met den selven last het Capoele[u]sel ende Ruttensbempdeke, te weten dit bempdeken ons part, dat is van vijff deelen vier, item de helft van(de) vijvers tot Veldonck, item de helft van tHalff daghwant, te deelen met onse moye tot Werchter.

8. Ten achtsten het huys tot Wackerseel met sijn hof en ste, item den Vekenstijl, groot ontrent twee dachwant, gelegen onder Herent, item Hontsmijl, gelegen onder Wackerseel, item de hellicht van een besloten bempdeken aen t' Werchter Broeck, waer van de ander helft toecomt aen onse moye Anna Van Hove tot Werchter.

Dese cavels sijn gestelt bij rijpen deliberatie van werderinghe en(de) schattinghe van alle susters en(de) broeders ten bijde sijn(de) en(de) overstaen van onse neven Isaacq Panhuysen, schepenen van Rotselaer, Henr(ick) Leemput, schepene van Werchter, hier geroepen als goede vrinden, om reden en(de) recht te spreken, gelijck oock gedaen hebben en(de) oock daer voor bedanckt gheweest, voorders noch viertien dagen voor date deser sijn alle broeders en(de) susters daerom noch vergaedert gheweest ende worden voor goet ende onwederroepelijck gestelt als boven is ghedaen.

De drij eerste cavels sijn een ieder gepresenteert gheweest om daerin te comen, maer nyemant willen(de), sijn die voor[schreve] drij cavels aengenomen van Magriet, Anna en(de) Cornelis en(de) wort oock soo voor goet gehouden.

Ten vierden keus wordt gegeven onsen outsten broeder Gillam ende heeft gecosen het huys tot Wackerseel, et(ce)t(era), wesen(de) den achtsten.

Item comt Gillam toe als outsten sone de twee deelen van onsen bosch tot Holsbeke, wesen(de) leengoet.

Het derde paert comt aen Cornelis, den jonsten broeder.

Voorders over de vier, te weeten Peeter, Marie, Clara ende Elisabeth, sijn de lotingen hen geschiet met briefkens en(de) aen gedeelt bij ouderdom en(de) bij lotinge voorde vijffde lotinge ghevallen aen Peeter den vii. cavel, te weten den Donck, et(ce)t(er)a.

De sesde is ghevallen aen Marie den sesden cavel, te weten de Herdt.

De sevenste is gevallen aen Clare den vierden cavel, te weten het Tillemans Landt, et(ce)t(era).

De achtste is gevallen aen Lisabeth den vijffden cavel, te weten het Voorste Lant, et(ce)t(era).

Dese cavelinghe is geschiet gheweest den xxen. january 1689, dat met conditie dat ieder sou hebben vierthien daegen om te delibereren oft hem sijnde cavelinghe aen sou staen, en(de) in foute van claginghe soude worden gehouden voor goet en vast alsser was gecavelt, dese vierthien dagen om sijnde, ider ondervraeght sijnde van sijnen cavel en(de) hier en(de) daer gelijck wat werde gesprocken van(de) cavels, naementlijcken die Doncken, et(ce)t(era), hadt, et(ce)t(era), soo is dat de cavels alsoe verandert sijn gebleven, vuytghenomen dien van Peeter en(de) Marie, die van Clara is noch verbeteert (!) gheweest, soo dat aen(de) onderjaerige het minste gheen achterdeel en is geschiedt.

Daerom dan ieder affgevraeght sijnde ten oversijn van onse twee neven als goede vrinden ofte iemant iet noch hadde te seggen en(de) te klaegen oft wiste oft wilde veranderen, hebben altesaemen geseyt wel te sijn ende te vreden, gelijck bovengeschreven is ende vervolgens int minste nyet en wilden veranderen, jae om te thoonen dat sij nu noch nim[m]ermeer en willen klaegen noch niet en willen veranderen, soo ist dat dijen den welcken soude niet begeren hun te houden aen het ghene voors(chreven), terstont sal vervallen inde boete van duysent gul(dens), over die boete stellen wij rechtel(ijck) onsen broeder Jan ende naer sijn doodt Cornelis, dat ten proffijt van alle danderen susters en broeders, voorders soo iemant soo willen dit doen veranderen, soo begeert Jan oock te cavelen, noch en wilt dat sijn recht van cavelen niet affgaen dan contrarie al gesint sijnde, willen stellen het voorschreven voor vast ende onvrindelijck dat voor soo veele bij daertoe macht, cracht hebben oft in eeniger maniere konnen, in teecken van dit alles onsen vasten wille te sijn, hebben dit onderteeckent, dat ten bij ende oversijn van onse twee goede neven ende vrinden, van ons versocht om als goede mannen te spreken en(de) seggen naer hen beste gevoelen en(de) goetduncken, gelijck sij oock hebben gedaen, actum den achtsten february sesthien hondert negenentachentich, en(de) was die minute dese onderteeckent Joannes Van Langendocnk, pastoor van Digem, Peeter Van Langendonck, Margriete Van Langendonck, Gillam Van Langendonck, Anna Van Langendonck, Marie Van Langendonck, Cornelis Van Langendonck, Isaac Van(den) Panhuysen en(de) Hendrick Van Leemputte,, procuratie om voor de weth en schepenen van Loven vertijt en(de) gerealiseert te worden, wij onderges(chreven) willen en(de) begeeren vertijt ende gerealiseert te worden, ieder in sijnen cavel oft lotinge, hier voor bescreven, ende gedaen den achtsten february duysent sesse hondert negentachentich, dat voor de weth en(de) schepenen van Loven en(de) alom te doen datter toe versocht wordt, autoriseren wij ende geven volle macht, gelijck wij doen bij desen aen onsen heere broeder Cornelis Van Langendonck in teecken van onsen wille te wesen, hebben dit onderteeckent, actum ix. february 1689 en(de) was onderteeckent J. Van Langendonck, pastoor van Digem, Margriet Van Langendonck, Gillam Van Langendonck, Peeter Van Langendonck, Anna Van Langendonck, Marie Van Langendonck en(de) Cornelius Van Langendonck.

Welcke volghens heeft den voors(chreven) gheconstitueerde de v(oor)s(chreve) cavelingen, allen tghene voors(chreven) in alle punten en(de) ar(tike)len vernieuwt en(de) ter manisse der heere meyer gerealiseert in een ieder part, deel en(de) cavelinge der deylgenooten met verthijdenisse in behoorel(ijcke) forme, obligando, subm(ittendo) ac ren(ciando) in forma, coram jo(ncke)r de Pleines, Vander Veken, hac x. feb(ruari) 1689.

              Uit dit huwelijk:

              Van Langendonck Margareta, () Wakkerzeel 24.09.1648 fa primogenita (g. Stroomans Hendricus en Wouters Margareta),

              Van Langendonck Guilielmus, () Wakkerzeel 13.02.1650 (g. Van Langhendonck Guilielmus en Vande Elst Catharina),

              Van Langendonck Joannes, () Wakkerzeel 18.10.1651 (g. Van Langendonck Joannes frater en Cluppels Maria),

              Van Langendonck Maria, () Wakkerzeel 30.10.1653 (g. Dirikx Arnoldus en Willems Catharina),

              Van Langendonck Petrus, () Wakkerzeel 10.03.1655 (g. Van Gorp Petrus en De Witte Anna),

              Van Langendonck Anna, () Wakkerzeel 06.05.1657 (g. Camps Guilielmus en Van Hove Anna),

              Van Langendonck Anna, () Rotselaar 08.08.1659 (g. Vanden Bosch Guilielmus en Van Langhendonck Anna),

              Van Langendonck Petronilla, () Rotselaar 15.04.1661 (g. Jox Guilielmus en Stoop Petronilla),

              Van Langendonck Maria, () Rotselaar 25.04.1663 (g. Bries Henricus en Gorts Maria),

              Van Langendonck Cornelius, () Rotselaar 19.09.1665 (g. Vanden Eijnde Cornelius en Van Langendock Anna),

              Van Langendonck Clara, () Wakkerzeel 19.11.1667 (g. .... en Van Langendonck Anna),

              Van Langendonck Anthonius, () Wakkerzeel 22.07.1670 (g. Van Dijck Anthonius en Van Langendonck Elisabeth),

              Van Langendonck Elizabeth, () Wakkerzeel 23.11.1671 (g. Vanden Panhuisen Isaac en Van Langendonck Elizabeth).

 


 

XI - Van Gorp alias Huveneer Peter (S1414), koster, meier Hever sinds 1646, + Hever 31.05.1655, x (niet Hev, H, W, Kamp, Wes, Mech, Wak, Til, Buk, DD, ) met Anna Van Langendonck (S1415), (niet Hev, Mui, H?, Wes!, Kamp, R, Bmb!, Mech, Wak, ), fa Willem.

 

Mombers mmk: Wouter Van Gorp en Jan Van Langendonck.

Aktes i.v.m. dit gezin vind je in het parenteel van Van Gorp alias Huveneer Peter .

 

Uit dit huwelijk:

 

Van Gorp Jan, in 1663 in buitenland, () Hever 03.08.1630 (g. Peter Jacops en Elisabeth Van Langhendonc), x Mechelen St.-Pieter 29.01.1651 (g. Van Gorp Petrus en Van Bat Joannes) met Maria Van Geertsbergen,

     Uit dit huwelijk:

     Van Gorp Guilielmus, () Mechelen P&P 08.10.1651 (g. Van Langendonck Guilielmus n. Van Geertsbergen Joannes en Kemps Joanna),

     Van Gorp Joannes, () Mechelen P&P 30.09.1653 (g. Van Langendonck Joannes en Van Langhendonck Elisabeth),

     Van Gorp Catharina, () Mechelen P&P 07.01.1656 (g. Van Steensel Egidius en Loocks Catharina),

 

Van Gorp Frans, () Hever 11.12.1633 (g. Frans Robbijns pastor en Joanna Van Langhendonck), + > 1663,

 

Van Gorp Willem, () Hever 26.09.1635 (g. Willem Van Langhendonck en Maria Smaes), + < 1663,

 

Van Gorp Margareta, () Hever 29.04.1637 (g. Jan Van Thielen en Margareta Van Langhedonck), x (niet Wak, Hev, Buk, Wes, H, ) met Petrus Van Dijck, zij x 2 Wakkerzeel 11.07.1671 (g...) met Mertens Theodorus,

     Uit dit huwelijk: aktes bij Van Gorp,

     1.Van Dijck Guilielmus, () (niet Wak, Hev,),

     Van Dijck Joannes Evangelista Winandus, () Wakkerzeel 03.01.1662 filius secundo genitus (g. Joannes Van Langendonck n.

     Winandus Van Limborgh en Adriana Paeps n. Susanna Bogaerts),

     Van Dijck Cornelius, () Wakkerzeel 15.01.1664 (g. Cornelius Antonis en Maria Van Langhendonck),

     Van Dijck Anna, () Wakkerzeel 13.10.1667 (g. Anthonius Van Dijck en Anna Langendonck),

     Van Dijck Alexander, () Wakkerzeel 23.07.1670 (g. Dcellus Alexander Vander Beken en Susanna Verboven),

      2. Mertens Joanna, () Wakkerzeel 01.07.1673 (g. Mertens Lucas en Van Langendonck Joanna),

      Mertens Anthonius, () Wakkerzeel 25.06.1676 (g. Van Dijck Anthonius),

 

Van Gorp Peter, () Hever 23.06.1639 (g. Jan De Man pastor en Magdalena Van den Eijnde), + < 1663,

 

Van Gorp Joachim, () Hever 09.06.1641 (g. Joachim Van Hal en Cecilia Semeij ?), (x) Wakkerzeel 08.11.1665,  x 1 Wakkerzeel 24.11.1665 (g. Walterus Van Gorp oom en Joannes Vervoort) met Elisabeth Vanden Putte, + Wakkerzeel 27.10.1687, x 2 Wakkerzeel ...11.1687 met disp. wegens verwantschap derde graad) (g. Petrus Vanden Put en Joannes Van Dijck) met Lucia Vanden Putte, + waarschijnlijk te Wakkerzeel eind juli 1707 (geen exacte datum vermeld / "in fine julii").

     Uit dit huwelijk:

     1. Van Gorp Barbara, () Wakkerzeel 29.09.1666 (g. Martinus Vervort en Barbara Willems),

     Van Gorp  Petrus, () Wakkerzeel 18.02.1668 (g. Petrus Vanden Putt en Joanna Van Langendonck),

     Van Gorp Margareta, () Wakkerzeel 01.06.1670 (g. Guillielmus Vanden Put en Petronella Van Langendonck),

     Van Gorp Anthonius, () Wakkerzeel 30.06.1673 (g.  Anthonius Vanden Put en Maria Van Tongelen),

     Van Gorp Hermelindis, () Wakkerzeel 20.06.1676 (g. Anthonius Mertens fs Theodorus en Hermelindis Vanden Put),

     Van Gorp Guilielmus, () Wakkerzeel ...01.1680 (g.  Guilielmus Vanden Put),

     Van Gorp Catharina, () Wakkerzeel 19.03.1681 (g. Jacobus Fondri en Catharina Boons),

     2. Van Gorp Egidius, () Wakkerzeel 27.09.1688 (g. Egidius Verhoeven en Catharina Scrijns),

     Van Gorp Petrus, () Wakkerzeel 07.11.1690 (g. Petrus Vanden Putte en Joanna Van Luyten), + 08.11.1690,

     Van Gorp Petrus, () Wakkerzeel 11.12.1691 (g. EH Augustinus Vanden Goedenhuyse n. Petrus Vanden Putte en Maria Koekelbergs n. Joana Laborie ? we Jacobus Blondiau),

     Van Gorp Catharina, () Wakkerzeel 10.10.1695 (g. EH Augustinus Van Goedenhuysen en Elisabeth Vander Vorst),

     Van Gorp Elisabeth, () Wakkerzeel 10.10.1695 (g. Guilielmus Vander Hoven en Cathaarina Vanden Putte),

      En van de tweelingen overleed op 16.10.1695 (8 dagen oud), maar er staat geen voornaam bii. 

 

Van Gorp Elisabeth, Hever ? < 1641, + Schriek 17.06.1722 we, x 1 (niet S, Hev, K, R, K, P, Heist, Beer, W, H, O, Bon, B, Bet, Rot, Wez, ) met Wouters Peter, + Schriek 02.07.1676, x 2 Schriek 07.11.1676 (g. Peter Storms en Adriaen Wouters) met Jan Storms,

     Uit dit huwelijk:

     1. Wouters Anna, () (niet S, Heist, P, Beer, H, W, K, R, O, Bon, B, Rot, ), x Schriek 20.10.1697 (g. Michiel Wouters en Egidius Ceulemans) met Melis Gommer,

     Wouters Maria, () Schriek 14.03.1671 (g. Hendrik Guens en Maria Strommens),

     Wouters Michael, () Schriek 04.12.1672 (g. Michiel Wouters en Maria Huybrechts), x Schriek 11.01.1701 (g. Walter Wouters en Jan Verhaegen) met Verhaegen Anna,

     Wouters Margareta, () Schriek 26.12.1674 (g. Egidius Van den Broeck en Margareta Bullens),

     2. Storms Jan Edmond, () Schriek 21.09.1677 (g. Jan Huyghe en Margaretha Storms), + Schriek ...08.1700,

     Storms Joanna, () Schriek 21.12.1679 (g. Antoon Scherens en Joanna Lambrechts), + Schriek ...08.1700,

     Storms Peter, () Schriek 17.01.1683 (g. Peter Storms en Maria Holemans),

     Storms Willem, () Schriek 08.02.1685 (g. Willem Bellens en Anna Van Langendonck),

 

Van Gorp Hendrik, Hever ? < 1641,

 

Van Gorp Adriaan, Hever ? < 1641, + ? Wakkerzeel 26.01.1687,x Wakkerzeel 14.09.1672 met Joanna Schaerlaecx.

Joanna Schaerlaecx was op het ogenblik van de akte reeds weduwe van Adrianus Van Gorp, van wie zij drie minderjarige kinderen behield. Haar minderjarige kinderen werden vertegenwoordigd door voornoemde Joachim Van Gorp (haar schoonbroer) en Joannes Schaerlaecx (vermoedelijk haar broer of vader) als voogden. 

     Uit dit huwelijk:

     Van Gorp Norbertus, () Wakkerzeel 09.02.1676 (g.  EH Norbertus De Bussere EH Kelfs),

      Van Gorp Joannes, () Wakkerzeel 1679 (g. Joannes Schaerlaken),

     Van Gorp Maria, () Wakkerzeel 26.03.1682 (g. Henricus Van Leenput en Maria Van Langendonck),

     Van Gorp Catharina, () Wakkerzeel 02.04.1685 (g. Lucas Mertens en Catharina Booms),

 

Van Gorp Adriaan, Hever ? < 1641, + ? Wakkerzeel 26.01.1687,x Wakkerzeel 14.09.1672 met Joanna Schaerlaecx.

     Uit dit huwelijk:

     Van Gorp Norbertus, () Wakkerzeel 09.02.1676 (g.  EH Norbertus De Bussere EH Kelfs),

      Van Gorp Joannes, () Wakkerzeel 1679 (g. Joannes Schaerlaken),

     Van Gorp Maria, () Wakkerzeel 26.03.1682 (g. Henricus Van Leenput en Maria Van Langendonck),

     Van Gorp Catharina, () Wakkerzeel 02.04.1685 (g. Lucas Mertens en Catharina Booms)

 

Van Gorp Joanna, X (S707).

 

Terug naar startpagina Terug naar startpagina stamboom