Voorouderlijst Van Haecht Willem
 

    

Haecht Van, Van Haeght, Van Hacht, Van Hocht

Familienaam uit de plaatsnaam Haacht (Vlaams-Brabant).

 


De oudste gegevens en de aktes met dank aan Christina Savat en Michael Roekaerts. Meer info op hun website.

 

XVIII - XIX - Van Haecht Willem (S + N), ° ca. 1430, x met ...

 

WZM21.432 fo 89: ingaende jul 1394:
Voor schepen van Haecht is gecomen Hendrick Vanderpaelt heeft bekent ende vuijtgegeven twee erffelijcke chijs Margriete Smeekens ende haeren oeren een huijs ende hoff gelegen in Haecht tusschen Gielis Vandewiele ende Jan Van Haecht Wouters sone was Van Haecht gelijck dat het vercregen was tegens Wouters Van Haecht Wouterssone was Van Haecht.
desen chijns is afgequeten 27 jun 1693.

 

Uit dit huwelijk:

 

Van Haecht Philips, XVII - XVIII.

 


 

XVII - XVIII - Van Haecht Philips (S + N), ° ca. 1460, x met ...

 

HCT851 fo 223:
- 15 jun 1506: Gielis, Henrik ende Ursela Wants alias Van Haecht Jans kinderen wijlen hebben ontvangen na de dood van Aert Wants hunnen ouden vader een dm land te Vossemonde tussen de goeden Jans De Wortelaere ende Daneel Elens
op dezelfde dag derven voors Gielis, Hendrik en Ursula Wants aan Philips Van Haecht alias De Meijer
- 1 feb 1511: Jan Van Haecht zone wijlen Philips heeft ontvangen voor hem en voor Hendrik en Willem zijn broers een dm land te Vossemonde
.

 

Uit dit huwelijk:

 

Van Haecht Jan, XVI - XVII (S + N),

 

Van Haecht Hendrick, x met Margriet Boon,

HCT851 fo 174:
- 19 okt 1571: Machiel Van Haecht zone wijlen Hendrik ontvangt na de dood van zijn vader toe behoef van hemzelf en van Philips, Henneken en Cathlijn Van Haecht zijne broeders en zusters drij dm bempt gelegen aan Jans prochiaen goeden
- 22 mrt 1600: Willem Vos rentmr van de h geest van Loven gemachtigt om te doene bij Peeter Doublij coopman woonende tot Kuelen alsdat den voors Peeter Doublij over zekere jaren geleden van wijlen Michiel Van Haecht heeft gecocht gehadt drij dm bempts te Waelhem die door vs douwe weer verkocht werden aan Jan Van Langendonck sone Willems ende heeft voors Jan Van Langendonck oudt 34 jaer eedt van trouw gedaen.

HCT851 fo 221:
- 24 aug 1481: Hendrik De Wortelere Jansone heeft ontvangen na de dood van zijn vader een dm land te Vossemonde tussen Moen Coelleborg ende de kinderen Hendrik Van Adorp, daeraf Aert Wants dweerder deel aff heeft
- 16 feb 1505: Jan De Wortelaer na doode wijlen Hendrik zijn vader heeft ontvangen een dm land aan de Neelsheijde
- 29 apr 1514: Jan De Wortelaer derft een dm land tussen die goeden der weduwe wijlen Philips Van Haecht & de Neelsheyde aan Hendrik Van Haecht zone wijlen Philips
- 19 okt 1556: Willem Van Haecht ontvangt nae doode Hendrik Van Haecht zijns broeders bij consente van Michiel Van Haecht des voors wijlen Hendriks zone een dm lants tussen derfgen Peeter Ruwiers ende Antonis Wants
- 9 jun 1564: Philips Van Haecht wijlen Henricx zone ontvangt bij doode wijlen Willem Van Haecht zijn oom voor hem en voor Michiel en Kathelijne Van Haecht zijn broeder en zuster een dm lant aende Neelsheijde tussen die goeden Willem Chijns, Peeter Van Adorp tot Mechelen cs ende die goeden Cornelis Van Bettenhove, Jacop Maes ende Everaert Lanaerts.
HCT851 fo 170:

...
- 30 jan 1524 st br: Margriet Gelaerts derfde haer tocht in ses dm bempt aen Antonijne Van Malderen haere dochter x Wouter Ballinckx ende worde wederopgedraegen tot behoef van Willem en Hendrik Van Haecht gebroeders
- 19 okt 1571: Machiel Van Haecht zone wijlen Hendrik heeft na de dood van zijn vader ontvangen drij dm somtijts lants somtijts weije gelegen aen de Waelstraete behoudens Margriete Boon sijne moeder haer tochte
- 20 okt 1590: meester Peeter Mertens schoolmeester tot Haecht heeft drij dm land te leen ontvangen wijlen toebehorende Machiel Van Haecht zone wijlen Hendrik daer grootvader af was Philips Van Haecht ...

 

Hieronder met dank aan Paul Peeters

BRON : Stadsarchief Leuven, register nr. 7863, folio 328v°, akte dd. 26 febuari 1580.

Transcriptie 

Item Michiel Van Haeght sone wijlen Henr(icx)

ende Goert Keerins sone wijlen Peeters

ende Anna Keerens, sustere des voirschreven

Goerts, bijd(en) v(oir)s(creven) wijlen Peeteren behouden van

Cathlijne Van Haecht, suste(re) als zij leeffde

des v(oir)s(creven) Michiels, die v(oir)s(creven) Anna met consente,

wille, weete ende overstaen Inghels Van Espen

sone wijlen Jans, heurs mans, alle als erfgen(aemen)

Henricx wijlen Van Haeght en(de) Margriete

Booms, ghehuyschen als zij leeffden, soo ind(en)

naem van hen selven en(de) oock alle die v(oir)s(creve)n

persoonen indivisim hen sterckmaecken(de) voe(r)

Peeteren, Huybrechten ende Jannne Keerins,

henre medeerffghenaemen, hebben opged(raege)n

met behoorlijcke verthijdeniss(en) ressche en(de) rijse

die goeden nabescreven, te weeten ierst onder-

halff dachmael lanths, gheleghen onder

Herent inden Vloet, reghenooten Aerts Van

Eysschen ter eenre, sheeren strate ter andere

ende noch onderhalff dachmael lanths, gelegen

onder die voirs(creve)n prochie, geheeten inde Vloet

van Velp, regenooten die voirschreven strate,

die goeden meester Merttens wijlen Van Heurcke

ter tweeder ende derdde(re) zijden, et bonifica(ve)ru(n)t

in dictis bonis Johannem Britzeels filiu(m) quondam

Johannis et Corneliam Vanden Velde, eius uxorem,

hiis interfuerunt Liedekercken, Luenis, tanqua(m)

scabini Lovanien(sis) et allodii consortes, item francq(...)

locum tenen(...) et Berwouts similiter allodii

consortes, qui hec rogan(tes) quod faciunt, cor(am)

quibus satis ind(ivisi)m obligan(do) et waras voer

vrije, eyghen goet, ombelast prout, actum

febr(uar)ii xxvi. 

          in demarge.

S(olvi)t.

 

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7863, fol. 329r°, akte dd. 26 februari 1580.

Item es tusschen die v(oir)screven parthijen bevoirweert indijen naermaels bevonden wordde de voirschreven goeden te wes(en) chijsgoeden, dat zij den voirschreven ghehuysschen de v(oir)s(creve) guedinge sullen renomeren, daeraen(e) alsoo dat behooren sal, midts hen beloven(de) handt en(de) mont en(de) de selve goeden te waranderen indijen gevalle op eenen stuyve(r) tsiaers en(de) indijen bevonden wordden meer daervuyt te gaen sullen dopdragheren den voirschreven gehuysschen dairaff recompens moeten doen volghen(de) der ordinantien op daffleggen van(de) renten bijd(en) raide deser stadt in voirleden tijden ghemaeckt, d(aer)mede zij gestaen zullen, cor(am) eisdem. 

 

Hieronder een akte met vermelding van Philippus en Michael Van Haecht.  Allicht gaat het hier om kinderen van Henricus en Margaretha Boon. 

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7468, fol. 84r., akte dd. 24 september 1574. 

Item in iegewoirdich(eyt) des meyers, etc(etera), gestaen Sebastiaen Storms sone wijlen Godevaerts, heeft opgedragen met behoirl(ijcke) v(er)thieniss(en) een stuck beempts, alzoe tselve gelegen is ombegrepen der maten onder Haecht, ter plaets(en) geheeten aen(de) V(er)beerde Stede, tusschen de goeden des hertogen van Aerschot in twee zijden, derffgen(aemen) Henricx Van Haecht ter derder en(de) derffgen(aemen) Van(den) Berge ter vierd(er) zijden, exp(osito) imp(ositus) est Philips en(de) Machiel Van Haecht, per mo(nitionem) et sat(is) et war(as) op seven carolusg(ulden) erffel(ijck) aen m(eeste)r Jan Schellekens en(de) een mol(evat) rogs aen(den) Heyligegeest van Haecht, ta(n)q(uam) p(ro)ut jure, cor(am) Goerts, Wils, septembr(is) xxiiii.

 

 

Schematische voorstelling.

 

 

Henricus Van Haecht

x

Margaretha Booms

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Michael Van Haecht

 

Catharina Van Haecht

x

Petrus Keerens

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Godefridus Keerens

Anna Keerens x

Engelbertus

Van Espen fs. Jans

Petrus Keerens

Hubertus Keerens

Joannes Keerens

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

     

Hieronder een akte met vermelding van Magdalena Boons, weduwe van Henricus Van Haecht.  Met betrekking tot de inhoud van de akte kan ik nog melden dat de klerk wel degelijk Annam (i.p.v. Anna) Gielis vermeldde.  Het gaat in feite om een verkeerdelijk gebruik van een Latijnse verbuiging.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register 7856, fol. 336r., akte dd 14 april 1572.

Item, in presen(tia) vil(lici), etc(etera), Katharina De Wijngaerdere wed(uw)e Peeters wijlen De Schepere cum tutore, Eliz(abet) De Wijngaerdere, zuste(re) der v(oer)s(creve) Kathlijn(e), met consente en(de) overstaen(e) Jans Schellekens, huers mans, Johanna De Wijngaerdere wed(uw)e Balthazars Gielis met consente en(de) overstaen(e) Geerts Berthijns, huers mans, als tochtersse van(den) vijffsten deele der goed(en) nabescreven, Lucie Wijngaerders dochter wijlen Vrancx, met consente en(de) overstaen(e) Henr(icx) Vanden Poele, huers mans, Magdaleene Wijngaerders dochter wijlen Anthonys, met consente ende overstaen(e) Peeters Janss(en), huers mans, inden name van hen selven en(de) alle de v(oer)s(creve) persoon(en) in des(en) vervangen(de) indivisim Jasparen ende Annam Gielis, kinderen des voerscreven wijlen Jaspars, alnoch onder huere jaeren zijn(de), hebben opgedragen met behoirl(ijcke) v(er)thijdenisse een halff dachmael lants, geleghen ond(e)r Herent, ter plaetsen geheeten Bloemaerts Velt, regen(oten) de weduwe Van Haecht ter eenre en(de) Henrick Van Langendonck ter andere zijden, ten erffdo(m)me gehouden van Geerden Van Griecken, zoe zij v(er)cleerden, exposit(o) imposit(us) Ph(i)l(ip)s Van Haecht inden name en(de) tot behoeff van Margriete Boons wed(uw)e Henricx wijlen Van Haecht, per mo(nitionem) jure et sat(is) ind(ivisi)m obligan(do) et war(as) op sheeren cheys van(den) gronde tanq(uam) prout, coram Grave, Wynde, aprilis xiiiia.

     Uit dit huwelijk:

Van Haecht Michiel,

Onderstaande akte en commentaar met dank aan Paul Peeters

Hieronder twee opeenvolgende akten met vermelding van Michael Van Haecht, zoon van Henricus (en Margriet Boon).  Volgens de eerste akte woonde hij te Roost onder Haacht.  De tweede akte is duidelijker, want dan blijkt dat hij op het slot (kasteel) van Roost zelf woonde.

Enkele verduidelijkingen : Wesmael is geen schrijffout, maar staat voor Wezemael, net zo min als Scholisgat, dat uiteraard voor Schorisgat staat.  De kiste staat voor de kist van Mechelen.  Een 'aertdag' is mij niet voor de volle zekerheid bekend, maar ik vermoed dat het gaat om een dag arbeid aan de gemene plaatsen (ten behoeve van de gemeenschap).  Op de website van de Geïntegreerde Taal Bank (GTB) van het Nederlands Instituut voor Lexicologie staat voor aarddag de betekenis van marktdag, doch lijkt me hier nogal onwaarschijnlijk.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7478, fol. 193v°, akte dd. 28 maart 1586.

Item in tegenwoirdicheyt des meyers en(de) scepen(en) van Loeven(e) naebescreven gestaen Michiel Van Haecht soene wijlen Henricx, woonen(de) tot Roost onder Haecht voors(creven), per mo(nitionem) heeft opgedraegen met behoirl(ijcke) verthijenisse de goeden naebescreven ende ierst vijff dachmael beempts, gelegen onder Haeght voors(creven) tusschen de leygracht in deen(e), tgoet den navolgen(den) beempt des v(oor)s(creven) opdragers ter andere, Adriaen Van Rijmenant ter derder zijd(en), belast met vi d(enieren) heeren chijs, met een mol(evat) rogx aen(de) tafele van(den) Heylegegeest tot Haecht ende met seven r(insguldens) erffel(ijck) aen m(eeste)r Jan(ne) Schelckens, item alnoch sesse dach(maelen) beempts, tusschen gelegen ter plaetsen voors(creven) tusschen den voorscreven beempt in deen(e), de v(oor)s(creve) leygracht ter andere, de goeden van(de) kercke van Wesmael ter derder en(de) die goeden des voors(creven) herttoge van Aersschot ter iiiier. zijd(en), belast wesen(de) met sesse d(enieren) heeren chijs, item alnoch vijff dach(maelen) beempt o(m)begrepen vand(er) maeten int Scholisgat tusschen die goeden Mertten Cleymans, derffg(enaemen) h(eer) Jacops Van Horicke en(de) de kercke van Wesmaele tes(amen) ter eende(re), de kiste ter andere, derffg(enaemen) Geerts Van Griecken ter derder en(de) der kercken goeden van Wespelaer ter vierder zijd(en), wesen(de) ombelast, item een besloten block landts, groot drije dach(maelen), gelegen aen(de) Neelsheyde, de selve in deen(e), Remeys Lavaerts en(de) derffg(enaemen) Jacop Maes a secunda, derffg(enaemen) Van Adorp a tertia en(de) derffg(enaemen) Andries Liskens ter vierder sijd(en), belast met een(en) aertdach d(aer)boven jairl(ijcx) voor bet(aelt) ii ½ st(uyvers), soe verre men bevindt d(aer)vuyt te gaen(e), exp(osito) impositus est Lucas Van Adriaen Van Rijmena(n)t inden naeme en(de) tot behoeff van Lucas Van Velthem en(de) Cornelia Hackaerts, sijn(e) huysvr(ouw)e, woonen(de) tAntwerpen, per mon(itionem) et sat(is) et war(as) opde commeren, chijs(en) en lasten, hier voor gespecificeert tanq(uam) prout jure, obligan(do) et submitten(do), cor(am) Liedekercke, Goirdts, martii xxviii.

 

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7478, fol. 194r°, akte dd. 28 maart 1586.

Item in tegenwoirdich(eyt) des meyers en(de) scepen(en) van Loeven(e) naebescreven) gestaen Machiel Van Haecht, zoene wijlen Henricx, woonen(de) tot opt slot van Roost onder Haeght, per mo(nitionem) heeft opgedraegen met behoirl(ijcke) verthijenisse vijff dach(maelen) lants, gelegen onder Haecht v(oor)s(creven) opt Langendonck tusschen die goed(en) Remeys Verpaelt in deen(e), de leygracht ter andere en(de) de goeden Jans V(er)paelt ter derder sijd(en), exp(osito) imp(ositus) est Nicolaes Van Cranenbroeck inden naeme en(de) tot behoeff m(eeste)r Jans Schelckens en(de) jouffr(ouw)e Helena Gecx, sijn(e) huysvr(ouw)e, per mo(nitionem) et sat(is) et war(as) op sheeren chijs ende dazer tselve stuck gelegen is ond(er) eenen peerts kuer, soo verre tselve sulcx bevonden wordt tanq(uam) prout jure, obligan(do) et submitten(do), cor(am) eisdem.

            In de marge.

S(olvi)t iii ½ st(uyvers)

Is gebleecken van(de) bet(alinge) van(de) pontpen(ningen en(de) heerlijcke rechten bijde quytan(tie) Mathijs De Proest, r(entmeeste)r des lants van Rotselaer, vand(er) daet xix. dece(m)bris xvc. negentich en(de) Jan Schelckens, gerestitueert, act(um) ja(nua)rii xii, a(nn)o xvc. eenennegentich.

     Van Haecht Philips,

Hieronder een akte met vermelding van Philippus Van Haecht, zoon van Henricus, man van Anna Peeters en inwoner van Haacht.  Met het nodige voorbehoud zou het hier kunnen gaan om Philippus Van Haecht, zoon van Henricus en Margaretha Boon.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7466, fol. 158v., akte dd. 9 februari 1572.

Item Philips Van Haecht sone wijlen Henricx en(de) Anna Peeters, zijn huysvr(ouw)e, woonen(de) te Haecht, in p(rese)ntia, etc(etera), hebben bekindt en(de) bekynnen bij desen gehuert te hebben(e) van Dorothea Van Are(n)berghe wed(uw)e Jans wijlen Van(den) Bossche eenen beempt, geheeten den Vissebaert, gelegen te Haecht voirs(creven), eygengoet wesende, groot o(m)trent vijff dach(maelen), tusschen de goeden doctor Biesius in twee zijden, mijn(e) hee(re)n Van Delsbroeck ter derd(er) ende de strate aldaer ter vierd(er) zijden, eenen t(er)mijn(e) van sesse jaeren, deen dande(re) sonder middele v(er)volgende, elcx jaers d(aer)en bynnen om en(de) voe(r) derthien carolusg(ulden) te xx st(uvers) tstuck losgelts en(de) drije dobbel kesen metter sane, alle jae(re) S(in)te Mertens(mis)se oft ten lanxten bynnen xiiii daghen d(aer)nae der voirs(creve) Dorothea oft hue(re)n naecomeli(n)gen te betalen(e) en(de) tot hueren woonhuyse te Loven te leveren, quolibet ass(ecu)t(um), met c(on)ditien dat de voirs(creve) huerli(n)ghen de dijcken en(de) grachten van(den) selven beempt sal sculd(ich) zijn wel en(de) loffel(ijck) sonder schade van(den) voirs(creven) beempt tonderhouden, item sal de voirs(creven) huerlinck egheen gesach hebben totten houte d(aer)op wassen(de) dan alzoe thauwsteel gewoonl(ijck) is te gaene, geloven(de) de voirs(creve) huerlingen allen jae(re) des(er) termijn(e) geduere(n)de opden voirs(creven) beempt te planten en(de) v(er)dornen drije willige en(de) drije abeele pooten ende sal den iersten t(er)mijn(e) van betalinge vallen en(de) v(er)schijnen sal S(in)te Mertens(mis)se naestcomen(de) xvc. drijentzeve(n)tich, obligan(do) et submitten(do), cor(am) Graven, Winde, feb(rua)rii ixa., 1572.

     Van Haecht Henneken,  

     Van Haecht Kathlijn, 

 

Van Haecht Catharina, gezin, zie boven, zie verder bij Kerincx,

 

Van Haecht Willem, ° ca. 1490. 

 


 

XVI - XVII - Van Haecht Jan (S + N), ° ca. 1490, x met ...

 

KBG1165 fo 78v: 31 mei 1628:
Henrick Brugmans ende Hendrik Goris soo voor hen selven als gemachtigt van Aert Van Haecht Philipsone als momboir der kinderen van wijlen heere en mr Jan Van Haecht sijns broeders in sijnen tijdt raedt vanden raede van Brabant, so vuijten hoofde huns vaders, als mede als dactie hebbende van sijns constituants aenpaert & deel der goederen naerbeschreven den voors Aert Van Haecht hem oijck sterck gemaeckt hebbende voor Jannen Van Haecht woonende binnen Loven sijnen mede momboir, den voirs Aert Van Haecht hem voirts oijck sterck maeckende voor Jannen Van Haecht sijnen broeder woonende tot Rotselaer, item voor het contingent van wijlen Margriete & Susanna sijne susters ende in die qualiteyt voor eenen staeck van wijlen Philips Van Haecht
voirs oijck gemachtigt van Willem Peeters x Cathelijne Rogmans omt saemenlijck te vervangen den vs Hendrik Lens ende Jan Machiels respectieve m+m van Anna & mMria Van Loosen den selven Willem peeters hem oijck sterck gemaeckt hebbende over Peeter Lauwers alias Douclet ‎(?)‎ & voor Willem Rogmans & hunne respectieve huijsvrouwen tsaemenderhant hun representerende voor den tweeden staeck vanden seyde van mr Hendrik Van Haecht
de voors twee constituanten hun sterck gemaeckt hebbende voor Michiel ende voor Aert Van Essche kinderen van wijlen Anna Van Haecht suster was van wijlen Hendrik & Philips Van Haecht voor den resterende derden staeck in dachtergelaeten goeden van wijlen jouffr Marie De Vleeshouwer dochter wijlen Aert hebben verkocht aan Jan Vandeneijnde schepen tot Rijmenam als aen Jan Daems sijnen commant twee parcelen schaerbosch gelegen in de Zeept groot een dagwant gelegen achter de stede wijlen Jan Venne.

 

Uit dit huwelijk:

 

Van Haecht Hendrik, XV - XVI (S + N), ° ca. 1520,

 

Van Haecht Thomas, x met Odilie De Rijck,

1560-1569: den eussele op Tscharent heeft gehuert Thomas Van Haecht
Wez 4539 ‎(1565)‎ Fo 3:
Van Thomasen Van Haecht die gehuert heeft thien dm soo lant soo scameije gelegen tot Haecht in drij stucken het deen wes& een blocxken groot ontrent onderhalf dach reg die straete ter eenre derfgen Symons Van Nuffelen ter tweedere ende deser kercke goeden ter derder zijde, het ije stuck groot synde vi dm soo lant soo scamije reg teerst block ter eenre derfgen Willems Van Haecht ter tweeder derfgen Peters Ruwers ter derder ende derfgen Jans De Bruijne ter vierder syden ende het derde stuck groot synde ontrent een half boendere reg derfgen Jans De Bruijne ter eenre Christoffel Gyselinckx ter jire, derfgen Peeters Rubbens voors ter derder syden …
WZM21.432 fo 123v: 20 okt 1567:
Opten 20 okt 1567 heeft Thomas Van Haecht wijlen Janssone woonende tot Haecht heeft ontfangen bij doode wijlen Joes Van Wesembeeck tot behoef van de kercke van Wesemael een boender eusels gelegen onder Werchter ter plaetse geheeten Blaesbroeck tussen de goeden Peeter Vermijlen, Lijsbeth Wouters.
WRT1875 fo 158: kerk van Wezemaal:
- 20 okt 1567: Thomas Van Haecht voors heeft nogh ontvangen in den naem en tot behoef van de kercke van Wesemael bij doode voers wijlen Joes Van Wersbeke drij dm eusels op de Grote Laeke
- 20 dec 1574: den voors Glaude Maschelier heeft nog ontvangen drij dm eusels, waerop sterfman Herman Leijs alias Van Gheele out seven jr Willemsone ...
Haacht bede 1573: woonde in de plaetse
WRT1874 fo 435:
...
- 8 jan 1570: Hendrik Van Diependale wijlen Janssone heeft verkocht bij mangelinge aan Thomas Van Haecht x Odilie De Rijcke een bonder bempt in den Basdonck tussen derfgen Aert Van Aerschot, Peeter Vandeneijnde geheeten Raeps, ende den Basdonckdijck
- 14 mrt 1574: mr Hendrik Van Haecht heeft ontfangen in naem en tot behoef van Remeijs, Jan, Hendrick, Katheryne en Margriete Van Haecht, kinderen wijlen Thomas daer moeder af is Odilie De Rijcke bij doode deselfs wijlen Thomas hun vader een bonder bempt waarop Remeijs Van Haecht als sterfman wordt gesteld
- 3 jun 1623: Merten Staes x Kathelijn Van Haecht heeft na de dood van Bartholomeus Van Haecht haer broeder ontvangen een bunder bempt in den Basdonck regt de goeden Jan Mertens, den Basdonckdijck, Anna Bruers en Jan Luijtens
- 23 mrt 1637: Jan Staes pbter heeft dit leen verheven naer doode van ...
HCT851 fo 94:
- 7 okt 1589: Bartolomeus Van Haecht na doode van Thomas Van Haecht zijn vader ontvangt een half bunder bempt aen de goeden der erfgen Jan Verpaelt, het Keerbergenbroeck ende derfgen Joes Herckemans waer af dat Philips De la Fonteijn x Magdalena Van Vloersem op 27 aug 1588 vande hellicht alhier te leen had ontvangen als voerder blijckende in desen boeck
- 3 jun 1623: Merten Stas x Cathlijn Van Haecht ontvangt na dood van Bartel Van Haecht haers broeders heeft ontfangen het voors half boender bempt
- 2 mrt 1637: heer Jan Staes religieus tot Betlehem heeft na dood van Merten Staes zijn vader.
 

 

Hieronder een complexe akte, waarin melding wordt gemaakt van Thomas Van Haecht, zoon van Joannes.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7856, fol. 339v., akte dd. 16 april 1572. 

Item in tegenwoordich(eyt) des meyers ende eygengenooten nabescreven gestaen jouffr(ouw)e Marie Vanden Tymple dochte(re) wijlen heeren Jans, ridde(re) als hij leeffde, met consen(te), wille, weten(e) en(de) bij zijn(e) jonch(eer) Karels van Busleyden, huers mans, heeft opgedraghen met behoirlijcke verthijdenisse en(de) resche en(de) rijse een halff boender lants, geleghen tot Thieldonck opt Mortervelt tusschen de goeden der kercken van Thieldonck ter een(re), de goeden des Heylichs Geests aldaer ter derder zijden, exposit(o) imposit(us) Thomas Van Haecht sone wijlen Jans per mo(nitionem) soe verre het chijnsgoeden zijn ende zoe verre het eygen goeden zijn, de selve Thomas daer inne oyck gegoet zijnde om de selve goeden ten erffel(ijcken) rechte te houden(e) en(de) te besitten(e), hier waeren over Graven, Ketelboete(re), scepen(en) en(de) eygengenooten, item P. Moons, lieuten(ant), Berckel, oyck als eygengenooten, qui hec rogan(tes) coram quibus sat(is) obligan(do) et war(as) voer vrij eygen goet, ombelast ende es te weten(e) dat dese guedinghe gedaen es vuyt crachte van zeke(re) consente ons genadichs heeren sconincx, waeraff die tenuere hier naer volcht van woerde te woorde, Ph(i)l(ip)s bijder gratien Goids, coninck van Castillien, van Leon, van Arragon, van Navarre, van Napels, van Castillien, van Maiorcque, van Sardanie, vanden eylande van Indien, vand(er) vaster eerd(en) vander zee Ociane, ertshertoghe van Oistenrijck, hertoghe van Bourgoingnen, van Loth(e)r(ingen), van Brabant, van Lyborch, van Luxemborch, van Gelre en(de) van Milanen, grave van Vlaenderen, van Arthoys, van Bourgoin(ge)n, palsgrave en(de) van Henegouwe, van Hollant, van Zeelant, van Fariette, van Phirt, van Haquenoult en(de) van Namen, prince van Zwinie, van Salins, van Mechelen, vander stadt, steden en(de) landen van Utricht, van Overijssel ende van Groeninghen en(de) dominateur in Asien en(de) Affricq(en), allen den ghenen die dese onse brieven sullen sien oft hooren lesen, saluyt, wij hebben ontfanghen die supplicatie van jonch(eer) Thomas van Busleyden als man ende mombour van jouffr(ouw)e Marie Van(den) Tymple en(de) Olivier De Ketelboetere als geco(m)mitt(eerd)e van jonch(eer) Olivier Van(den) Tymple, kinderen van wijlen heeren Jans Vand(en) Tymple, riddere, inhouden(de) hoe dat dit voers(creven) wijlen heer Jan Van(den) Tymple vanden ontfanck van(de) thiensten en(de) xxen. penn(ingen) die hij van wegen der Staten van Brabant heeft gehadt int quartier van Loeven(e) bij faulte van zijn(en) geco(m)mitteerde hem ongetrouwe geweest zijn(de), zeecke(re) merckel(ijcke) somme ten achter es gebleven, daeraff zij supplianten respective inde v(oer)s(creve) qualiteyt, te weten(e) de v(oir)s(creven) jonch(eer) Charles de so(m)me van sesse hondert gulden(en) en(de) de voers(creven) jonch(eer) Olivier twelff hondert guld(enen) oft daer omtrent, die tot noch toe ombetaelt zijn gebleven, vuyt dien dat zij eegheen middel en hebben gevonden om eenighe vande goeden bijden voers(creven) heeren Jannen achtergelaeten, te belasten opft te v(er)coopen om metten penn(ingen) d(aer)aff te comen(e) die voerscreve tachterheyt te betaelen(e) en(de) dat vuyt dien de voers(creven) heer Jan bij zijn(en) testamente heeft gewilt dat ingevalle zij supplianten quamen afflivich te wordden sonder wettighe oer, gelijck zij alnoch egheen(en) en hebben, de selve goeden souden devolveren op huere susters ende broeder oft naeste erffgen(aemen) en(de) dat d(aer)o(m)me de selve goeden nyemant en wilt coopen noch renten vercrijghen, sorgende dat die hem souden mogen ontwonnen wordden innegevalle zij supplianten quamen te sterven sond(e)r wettich hoer en(de) tfide co(m)mis plaetse hadde, soe dat den supplianten die van wegen der Staten zeer gepraempt wordden van noode is te hebben authorizatie om eenighe van(de) v(oer)s(creve) goeden te mogen vercoopen en(de) metten penn(ingen) d(aer)aff comen(de), de voers(creve) so(m)men te betaelen ten eynde de coopers van(den) selven versekert te mogen zijn in egeen verlies noch last te comen en(de) de voers(creve) goeden tot hueren prijse moghen gebrocht wordd(en), nyet tegenstaende het voers(creven) fideco(m)mis, dwelck nae recht egheen plaeste en heeft noch van effect en can gesijn ten respecte van schuld(en) bijden voers(creven) testateur hieren vader gemaect en(de) achtergelaeten, hoewel sulcx bij eenen iegel(ijcken) nyet verstaen en wordt, ons mits dien zeeer oitmoedelijcken bidden(de) om onse oepen(e) brieven van octroye ende consente hier toe dienen(de), waer omme zoe eest dat wij de saken voers(creven) overgemerckt ende ierst hierop gehadt dadvys vanden naesten vrienden en(de) maghen der voers(creve) suppl(iante)n den selven suppl(iante)n geneghen wesen(de) tot huerl(ieden) voers(creven) beden en(de) supplicatien hebben toegelaeten, geconsenteert en(de) geaccordeert, toelaeten, consenteren ende accorderen vuyt onser sunderlingher gracien bij desen dat zij eenighe van(de) voers(creve) goeden bij hueren voers(creven) vadere achtergelaeten sullen mogen v(er)coopen oft anderssints met renten belasten, soe zij prouffijtelijcxt sullen bevinden totter voers(creve) so(m)me toe van xviiic. rinsguld(enen) eens om metten penn(ingen) d(aer)aff comen(de), de voers(creve) tachterheyt te betaelen(e) en(de) de coop(er) oft coopers d(aer)inne gueden en(de) erven, daer en(de) soe dat behoiren sal, nyet tegenstaende den v(oer)s(creven) fideco(m)misse en(de) substitutie tselve dien aengaen(de) houden(de) sonder effect, anderssints ende voerdere dan de voers(creve) tachterheyt aengaent, blijvende in zijn viguer en(de) cracht ontbieden, daero(m)me en(de) bevelen onsen lieven en(de) getrouwen den cancellier en(de) luyden van onsen raide, geordineert in Brabant, meye(re), borgemeesteren, scepen(en) ons(er) stadt van Loeven(e) en(de) allen anderen onsen en(de) onser vasallen en(de) der smaelder heeren, rechteren en(de) officieren ons lants van Brabant, hueren stadthouderen ende allen anderen dien dit eenichsints aengaen sal moghen, dat zij den voers(creven) supplianten van deser onser jegenwoordigher gracien, accorde ende consente ind(e)r vueghen en(de) maniere boven vercleert peysel(ijck) en(de) vredel(ijck) doen en(de) laeten genieten en(de) gebruycken, casseren(de) alle belettenter co(n)trarien, want ons alzoe gelieft ende des toirconden hebben wij onsen segele hier aen doen hangen, gegeven in onser stadt van Bruessele thien daghen in januario int jaer ons heeren duysent vijffhondert en(de) lxxi nae costuyme, scrijven ons hoeffs van Brabant, van onsen rijcken, van Spaingnien en(de) Cicillien, etc(etera), txvie. [tzestiende], en(de) van Napels, etc(etera), txviiie. [tachtiende], raede ende geteeckent Boudewijns, xvi. aprilis.

Item es condicie en(de) erffvoerweerde, soe verre men namaels bevindt tselve goet chijnsgoet te zijn ende eenighe lasten daer vuyt te gaen(e), daeraff zij egheen bescheet en weten oft en hebben noch oyck eenighe betaelinghe te dier cause gedaen, dat tselve sal staen ten laste des voers(creve) coopers, eisd(e)m. 

 

Hieronder een akte met vermelding van Thomas Van Haecht, zoon van wijlen Joannes en man van Odilia De Rijck.  Het echtpaar woonde te Haacht.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7464, fol. 127r., akte dd. 30 december 1570.

Item Willem Rogmans en(de) Philips Van Haecht, woonen(de) te Loven(e), tot des naebescreven staet te doen(e), bij Jan(nen) Van Beringhen speciael(ijck) ende onwederoepel(ijck) geco(n)st(itueer)t zijnde, blijcken(de) bijd(en) bescheede d(aer)aff gepass(eer)t voe(r) scepen(en) van Bruessele in date xiiii. dece(m)bris lestleden, onderteekent bijen secret(aris) Vand(er) Baren, hebben opgedragen met ressche en(de) met rijse een dachmael eygens lants, gel(ijck) tselve ombegrepen der maeten gelegen is onder de p(ro)chie van Herent opden Molenvelt, regenoot de goeden jouffr(ouw)e Marie Roelofs in twee zijden, de goeden der erffgen(aemen) Jans wijlen Van Haecht t(er) derder en(de) de goeden ... [n.v.], ende hebben daerinne gegoet en(de) geerft ten eygen(en) rechte Thomas Van Haecht sone wijlen Jans tot behoeff van hem en(de) van Odilia De Rijcke, zijn huysvr(ouw)e, woonen(de) tot Haecht, hiis int(er)fueru(n)t Dormale, Kelft, scepen(en) van Loven(e) en(de) eyge(n)genooten, it(em) Machiel Goerts en(de) Jeroen Cloet, insgelijcx als eyge(n)genooten, coram quibus sat(is) inder qualiteyt voirs(creven) et war(as) voe(r) zeke(re) paert en(de) deel van zeke(re) florensche glden aen joncke(re)n Fredericken Botma en(de) van o(m)trent een halster corens aen derffgen(aemen) Jans Walckiers ende dat in zoe verre men naemaels bevindt de selve goeden der voe(re) medepandt te wesen en(de) a(n)derssins oft voerde(re) nyet, welcke voirs(creve) lasten moet al even wel dragen een halff boender landts eygens den selven Jan(nen) Van Beringen toebehoire(n)de, gelegen onder Herent opt Broeck Velt achter tBlauw Huys en(de) dese opgedragen goeden d(aer)aff ontlasten en(de) tot eeuwigen dagen inde(m)neren prout quiquid(em), regen(ooten) et faciu(n)t scab(ini) p(re)d(ictis), dece(m)br(is) penultima a(nn)o xvc. lxx.

 

Hieronder nog een akte met vermelding van Thomas Van Haecht en Odilia De Rijck. 

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7855, fol. 189v., akte dd. 29 november 1570.

Item Michiel ende m(eeste)r Jan Huyssens, gebroeders, kinderen wjlen Laureys, woonen(de) te Loven(e), hebben o[p]gedragen met ressche ende rijse een stuck eygengoets, houden(de) omtrent drie vierendeelen, gelijck tzelve gelegen es tot Winxele opt Broeckvelt tusschen de goeden tsgoidsh(uys) vand(er) Halffstraten te Loven(e) t(er) eenre, tsRoos(en) Hage t(er) ande(re) en(de) Thomas Van Haeght, te voeren Jan De Rijcke te Werchte(re), t(er) iii. zijden, in ald(er) vuegen ende manieren gelijck hen de zelve goeden v(er)storven zijn bijd(er) afflijvich(ey)t van hueren ouders zoe zij v(er)cleerden, et bonif(icaverun)t in dictis bonis den voirs(creven) Thomas(en) Van Haeght voer hem zelven en(de) tot behoeff van Odilia De Rijcke, zijn(e) huysv(rouw)e, hiis interfuerunt Roeloffs, Goerts, tanq(uam) scabini Lovan(iensis) et allod(ii) cons(ortes), item Engel(bertus) Adams et Berwouts, sil(icite)r allod(ii) cons(ortes), qui hec rogan(tes) quod faciu(n)t quoru(m) quibus sat(is) ind(ivisi)m oblig(ando) ac dicto m(a)g(ist)ri Johanne renu(n)c(iando) et war(as) pro vero allod(ii) inoverato p(ro)ut, actum xxix. nove(m)bris.

 

In de akte maakt men melding van Odilia De Rijck als weduwe van Thomas Van Haecht.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7527, folio 163r., akte dd. 23 februari 1639.

Item in tegenwoirdicheyt des meyers en(de) schepen(en) van Loven naerbes(chreven) gestaen Henrick Van Roost om tgene des naerbes(chreven) staet te moegen doen, hebben(de) procuratie speciael en(de) onwederroepel(ijck) bevel, hem gegeven bij vrouwe Elisabeth de Clermes, weduwe van heer en(de) m(eeste)r Franchois Schelkens, en(de) hebben(de) m(eeste)r Maximiliaen Schelkens, licentiaet inde rechten, met jo(ncke)r Jacques Schelkens, alpheris ten dienste van sijn(e) Co(nincklijcke) Ma(jestey)ts, beyde haere sonen, voor Livinus Gheys als openbaer notaris en(de) sekere getuygen opden viiien. february lestleden gepasseert, alhier verthoont en(de) gebleken, per mo(nitionem) heeft inder v(oor)s(chreve) qualiteyt opgedraegen met behoirl(ijcke) verthijdenisse alsulcke negenendertich gul(dens) erfel(ijck) in twee partijen opt dorp en(de) ingeseten(en) van Haecht, te quyten den penn(inck) sesthien, d(aer)aff de drijendertich gul(dens) erfel(ijck) bekendt sijn voer schepen(en) van Loven opden vien. augusti xvc. lxxvii in media en(de) de resteren(de) sesse gul(dens) erfel(ijck) vuyt vijfthien gul(dens) erfel(ijck) oock bekendt voer schepen(en) van Loven opden xxiien. junu xvc. lxxix in prima, daeraff de resteren(de) negen gul(dens) erffel(ijck) bij wijlen m(eeste)r Jan Schelkens opden xien. marty xvc. lxxxvi voer schepen(en) van Loven in prima sijn getransporteert tot behoeff van Odilia De Rijcke weduwe wijlen Thomas Van Haeght, sijnde de v(oor)s(chreve) negenendertich gul(dens) aen(den) v(oor)s(chreven) wijlen heer en(de) m(eeste)r Franchois Schelkens aengedeylt teghens sijne mede erfgenaem(en) bijden testamente van wijlen m(eeste)r Jan Schelkens en(de) Helena Gecx, gehuysschen als zij leeffden, sijn(en) vaeder en(de) moeder was, inhouden(de) scheydinge ende deylinghe, gepasseert voer schepen(en) van Loven opden xiiiien. october anno 1610 in prima, expos(ito) impos(itus) est m(eeste)r Aerdt Cuypers als rentm(eeste)r van(den) Collegie Winckel alhier binnen Loven inden naem(e) en(de) tot behoeff van(den) sel(ve) collegie per mo(nitionem) et satis, etc(etera), et waras voer een(e) goede, onbelaste en(de) onverthierde rente, cederen(de), transporteren(de) en(de) gevende midts des(en) over ten behoeve der v(oor)s(chreve) collegie derfbrieven van constitutie daeraff sijn(de) met alle en(de) iegewelcke geloeften, daerinne begrepen, ten sel(ven) rechte, coram Leunckens, Begijnemaecker, februarii xxiii., 1639.

     Uit dit huwelijk:

     Van Haecht Remeijs,

     Van Haecht Hendrick,

     Van Haecht Jan,

     Van Haecht  Bartholomeus,

     Van Haecht Catharina,  x met Merten Staes, fs Joannes,

In de akte (met dank aan Paul Peeters) maakt men melding van Martinus Sta(e)s en Catharina Van Haecht en hun enige dochter Catharina Stas.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8255, folio 452r., akte dd. 17 februari 1637. 

Item in presentie der schepen(en) van Loven naebeschreven gestaen Cathlijne Van Haeght weduwer wijlen Mertten Stas ende Cathlijne Stas, haere dochtere, verclarende haere eenige dochtere te wesen, dye welcke onder ob(ligatie), sub(missie en(de) renun(ciatie) in forma hebben bekent, gelijck zij bekennen midts desen van Henrick Van Vlasselaer ontfangen te hebben de capitale pe(n)nin(gen) mette verloopen van negen guld(ens) erffelijck, bekent en(de) gehypothiceert op seeckere gronden van erffven voor schepen(en) van Loven den xven. april xvic. en(de) negen in iiia. bij Jan Ardts sone Henricx, consenteren(de) voor sulcx inde cassatie der voors(chreve) constitutie promittentes non amplius alloqui sed semper et wicumque, coram Borchgraff, Loomans, februarii xviia., 1637.

 

Soms brengt een akte je toevallig op het spoor van verdere nakomelingen. Bij deze is het zover met de volgende twee akten van dezelfde datum.

De eerste is emancipatieakte die deels de geheimen prijs geeft. Martinus Stas/Staes, zoon van wijlen Joanns  en inwoner van Leuven, emancipeert zijn kinderen Henricus, Thomas en Anna. Op zich valt hieruit nog niet zoveel af te leiden.

De tweede akte geeft meer duidelijkheid en biedt nieuwe perspectieven voor de genealoog. In deze akte treedt Martinus Stas op in naam van Odilia De Rijck, weduwe van Thomas Van Haecht. Deze Odilia blijkt zijn schoonmoeder te zijn. Martinus is immers gehuwd met Catharina Van Haecht, dochter van Thomas en Odilia De Rijck. Martinus Stas is dus met zijn vrouw in Leuven gaan wonen.

Opzoekingen in de parochieregisters van Leuven leverden volgende kinderen van Martinus Staes/Stas en Catharina Van Haecht op :

-     Thomas Staes, gedoopt Leuven (Sint-Geertrui) 16.09.1605;

      zoon van Martinus en Catharina N. (familienaam niet vermeld);

      doopheffers : Bartholomeus Van Haecht en Margareta De Witte.

      (doopheffer Bartholomeus Van Haecht is de oom van het kind).

-     Theodorus Stas, gedoopt Leuven (Sint-Geertrui) 01.03.1607);

      zoon van Martinus en Catharina Van Haecht;

      doopheffers : Theodorus Van Essche en Margareta Van Haecht

      (doophefster Margaretha is de tante van het kind);

-     Joannes Stas, gedoopt (Sint-Geertrui) 03.02.1608;

      zoon van Martinus een Catharina Van Haecht;

      doopheffers : Joannes De Rijcke en Elizabeth Wagemans.

-     Anna Stas, gedoopt Leuven (Sint-Geertrui) 15.03.1609;

      dochter van Martinus en Catharina Van Haecht;

      doopheffers : Adam Van Haecht en Anna De Vadder.

-     Joannes Stas, gedoopt Leuven (Sint-Geertrui) 20.04.1611;

      zoon van Martinus en Catharina Van Haecht;

      doopheffers : Joannes Van Haecht en Catharina Van Haecht.

      (beide doopheffers zijn allicht resp. oom en tante van het kind).-     Catharina Stas, gedoopt Leuven (Sint-Geertrui) 28.12.1613;

      dochter van Martinus en Catharina Van Haecht;

      doopheffers : Guilielmus Van Emelen en Catharina Mertens.

Vermoedelijk werd Martinus Staes begraven te Leuven (Sint-Geertrui) 05.12.1636. Zijn begrafenisakte luidt als volgt :

"Den 5. decemb(ris), Merten Staes, autaermeester van Ons L. Vrouwen autaer, hij leet inden choor kercke".

Dochter Anna Stas moet overleden zijn vóór 17.02.1637, vermits Catharina Van Haecht op die datum voor de schepenen van Leuven als weduwe compareert met haar enige dochter Catharina (zie S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8255, folio 452r.).

Zoon Henricus Stas huwt met Helena Van Haecht te Leuven (Sint-Geertrui) op 19.08.1625;

getuigen : Martinus Stas en Joannes Van Haecht

(getuige Martinus Stas is allicht de vader van de bruidegom).

Zij lieten volgende kinderen dopen :

-     Elisabetha Staes, gedoopt Leuven (Sint-Michiel) 18.06.1626;

      dochter van Henricus en Helena Van Haecht;

      doopheffers : Henricus Roggen en Elizabeth Wagemans.

-     Franciscus Stas, gedoopt Leuven (Sint-Michiel) 04.10.1628;

      zoon van Henricus en Helena Van Hacht;

      doopheffers : Arnoldus Van Haecht en Catharina De Paep vidua Vander Noodt.

-     Christina Staes, gedoopt Leuven (Sint-Geertrui) 09.09.1630;

      dochter van Henricus en Helena Van Haecht;

      doopheffers : Joannes Stas en Christina Van Haecht.

-     Helena Stas, gedoopt Leuven (Sint-Geertrui) 28.01.1633;

      dochter van Henrus en Helena Van Haeght;

      doopheffers : Arnoldus Van Essche en Anna Van Ophem in naam van Helena Boudijns.

-     Joannes Staes, gedoopt Leuven (Sint-Geertrui) 10.10.1635;

      zoon van Henricus en Helena Van Haecht;

      doopheffers : Johannes Van Haecht en Catrina Staes.

-     Margareta, gedoopt Leuven (Sint-Geertrui) 29.03.1638;

      dochter van Henricus en Helena Van Haeght;

      doopheffers : Laurentius Le Paepe en Margareta Le Paepe.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register n. 7499, folio 320v., akte dd. 30 maart 1609

Item Martinus Stas filius quond(am) Jo(hann)is, co(m)moran(s) Lovanii,

in p(rese)ntia, etc(etera), eman(cipavit) Henricu(m), Thoma(m) et Annam Stas,

suas proles, a pane suo modo debito et consueto,

quo facto G. Boels recond(uxi)t, coram Broecke, Maes,

martii xxxa., 1609.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7499, folio 321r., akte dd. 30 maart 1609.

Item in tegenwoordich(eyt) der schepen(en) van Loven naerbe(creven) gestaen m(eeste)r Jan Schelckens, heeft v(er)cleert gecocht te hebben op Willem Van Langendonck sone wijlen Jans, woonen(de) te Haecht, een(e) rente van neghen rinsg(u)l(dens) erffel(ijck), te quytten ten penn(inck) xvie. tot behoeff Henr(icx) Schelckens sone wijlen Christiaens, daer inne gereserveert hebben(de) zijne vrije dispositie en(de) voerheffen, naerder blijcken(de) inde brieven daeraff, alhier voor schepen(en) gepass(eer)t den xviiie. january 1597 in prima, wel(cke) rente die voors(creven) Henr(ick) sond(er) die wete oft overstaen(e) des voors(creven) Schelckens getransporteert heeft voor schepen(en) van Haecht tot behoeff Jans Van Rijmenant en(de) zijn(e) huysvrouwe volgen(de) den transport daeraff zijn(de) in daete xx. july 1606, die wel(cke) voors(creven) Jan Van Rijmenant alhier oock is gecompareert en(de) heeft met consente en(de) overstaene des voors(creven) m(eeste)r Jan Schelckens die voors(creve) rente van negen rinsg(u)l(dens) getransporteert en(de) transporteert midts desen aen Mertten Stas, p(rese)nt en(de) accepteren(de) tot behoeff van Odilia De Rijcke wed(uw)e Thomas Van Haecht om diesel(ve) rinte tot haeren behoeve te hebben, te trecken en(de) tontfangen, bekennen(de) die voors(creve) transportanten daeraen(e) egeen recht meer te hebben oft te behouden, nu oft naemaels in eeniger manieren, obligan(do), submitten(do) ac renun(tiando) in forma, cederen(de) voorts derffbrieven daeraff zijn(de) met allen en(de) iegewel(cke) conditien en(de) voorweerd(en) daerinne begrepen, eodem iure, coram Broeck, Maes, martii xxxa., 1609.

      In de marge.

Op heden desen xxxen. meert 1626 heeft Mertten Stas bekent en(de) bekent bij desen de capitaele pen(ningen) van dese negen r(insguldens) erffel(ijck) mette v(er)loopen van dijen ontfangen te hebben vuyt handen van Jan Van(der) Beken, consenterende alsoo inde cassa(tie) van desen, promittens nullatenus allloqui sed semper satis erga quoscunque, act(um) ut supra.

Martin Stas.

     Van Haecht Margriete, 

 

Van Haecht Philippus, ° ca. 1540, x met Margriete De Witte, fa Jacobus (? fs Huyben) x met Elisabeth Van de Velde, deze x 2 met Jacobus De Witte,

Een massa aktes i.v.m. dit gezin vind je onder de KLIK.

     Uit dit huwelijk:

     Van Haecht Jacob, dokter in beide rechten,

     Van Haecht Margriete,

     Van Haecht Susanna,

     Van Haecht Jan, meester,  x met Barbara Meulemans, fa Petrus, meer info bij Barbara Meulemans,

Hierbij een akte met vermelding van Joannes Van Haecht, zoon van Philippus en inwoner van Rotselaar. Hij was gehuwd met Barbara Meulemans (Muelemans/Molemans), dochter van Petrus.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7495, folio 23v., akte dd. 19 augustus 1603.

Item m(eeste)r Jan Van Haecht sone wijlen Ph(i)l(ip)s, nu ter tijt woonen(de) bynnen der baenderije van Rotselaer, als getrouwt hebbende Barbara Muelemans dochte(re) wijlen Peeters, en(de) hem daervore sterckmaecken(de), dat sij tsel(ve) sal lauderen en(de) approberen, heeft opgedraeghen met behoorl(ijcke) v(er)thijden(isse) die goeden naerbes(chreven), ende ierst huys en(de) hoff, boogaert, schue(re) en(de) stallen, met zijn(e) toebehoorten, groot een halff boend(er), regen(ooten) sh(ee)ren straete ter ie., die goeden Andries Truyens ter ande(re) en(de) derffgen(aemen) Adriaens Van Hoovelde ten twee ande(re) zijd(en), item drije vieren(deelen) landts op Hameren Velt tussschen die goeden m(eeste)r Peeters Luytens ter ie., Cornelis Van Grave ter iie. en(de) de goeden der wed(uw)e Bernaerts Van Beringe te iiie. zijd(en), item veertich royen landts opt sel(ve) Hameren Velt, regen(ooten) die leygracht aldaer vlieten(de) ter ie., Cornelis Van Grave ter iie., die goeden Laureys Van(der) Tommen ter iiie. zijden, item xxv royen landts opt sel(ve) velt, regen(ooten) Cornelis Van Grave ter ie. en(de) iie., die goeden der erffgen(aemen) Jacops Werver ter iiie. en(de) die goeden des voors(chreven) Cornelis Van Grave ter iiiie. zijd(en), item een pleck bempts onder Rotselaer int Hameren Broeck, regen(ooten) die goeden hee(re) Jans Van(der) Linden ter ie., Cornelis Van Grave ter iie. en(de) die goeden van S(in)te Merttens ter ande(re) zijd(en), item drije vieren(deelen) landts opt Ieverevelt, regen(ooten) Cornelis Van Grave ter ie. en(de) iie., die goeden Aerdt Aurogge ter iiie. en(de) die goeden h(ee)r Jans Van(der) Linden ter iiiie. zijd(en), item een dachm(ael) landts, geleghen onder Wiltsel opden Cleynen Lastvoert, regen(ooten) die goeden hee(re) Jans Van(der) Tommen ter ie., die goeden der erffgenamen Van Rivieren ter iie., die goeden h(ee)r Jans Van(der) Linden ter ande(re) zijd(en), item een dachm(ael) bempts int Putterbroeck ond(er) Wiltsel tusschen die Vrancx gracht ter ie., die leygracht ter iie., die goeden Willems Van(den) Broecke ter iiie. zijd(en), item een halff boend(er) landts opd(en) Broeckhoff ond(er) die heerlich(ey)t van Wiltsel, regen(ooten) sh(ee)ren straete in ii zijd(en), die goeden Lenaert De Droochschede(re) ter iiie. en(de) de Hoochstevens Bempt ter iiiie. zijd(en), item i ½ dach(mael) opt Schaerebroecxken, regen(ooten) derffgen(aemen) m(eeste)r Lambrecht Joerdens ter ie., sh(ee)ren straete ter iie. en(de) derffgen(aemen) Peeters Van(den) Broecke ten twee ande(re) zijd(en), alles ind(er) vuegen en(de) manieren gel(ijck) die sel(ve) Van Haecht transporta(n)t die sel(ve) v(er)cregen heeft en(de) hem sijn gegoit vuyt crachte van mainmise opden xxviie. july 1602 in hac camera, exp(osito) imp(ositus) Pauwels Van Hoovelde en(de) jo(uffrouw)e Anthonette Van Mil, zijne huysvr(ouw)e, p(er) mo(nitionem) et sat(is) obligan(do) et submitten(do) et war(as) opde lasten daer vuyt gaen(de), te weten op gheene voirde(re) lasten dan alsoo den sel(ven) Van Haecht in zijne goedinghe zijn gewarandeert geweest en(de) dat hij transportant die sel(ve) goeden zedert zijn v(er)crijghe nyet en heeft belast noch gealieneert, coram Schore, Beringhe, augusti xxvia., 1603.

Hierbij nog een akte met vermelding van Joannes Van Haecht en Barbara Molemans dochtere wijlen Petrus als inwoners van Rotselaar. Uit de onderstaande akte blijkt dat die goedenisakte werd herroepen en geannuleerd omdat de koopsom van de goederen onder Rotselaar en Wilsele niet werd betaald. Met andere woorden, die verkoop is niet doorgegaan. Overigens merk ik nu op dat ik in de hoofding van die goedenisakte een foutieve datum vermeldde. Er stond 19 augustus 1603, maar dit moest 26 augustus 1603 zijn.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7495, folio 53v., akte dd. 13  oktober 1603.

Item Jan Van Haecht en(de) Barbara Molemans dochte(re) wijlen Peeters, zijn(e) huysvr(ouw)e, woonen(de) tot Rotselaer, heeft v(er)claert en(de) v(er)claert midts desen hoe dat onlancx geleden die voors(chreven) Jan Van Haecht heeft v(er)cocht aen Pauwel Van Hoovelde en(de) zijne huysvr(ouw)e zeke(re) goeden, gelegen ond(er) Wiltsele en(de) Rotselaer, en(de) daeraff gedaen goedinghe voor schepen(en) van Loven, maer want die voors(chreven) Pauwel Van Hoovelt hem nyet en heeft voldaen, noch betaelt, alsoo hij gehouden was te doene, mede oock dat die voors(chreven) Jan Van Haecht daer toe nyet behoorl(ijck) en was gequalificeert als daerinne alleenel(ijck) nyet gegoet oft geerft zijn(de), maer oock mede zijne voors(chreve) huysvr(ouw)e, heeft daeromme die sel(ve) goedinghe gerevoceert en(de) revoceert midts desen, willen(de) ende dat de sel(ve) sal wordden gecass(eer)t en(de) geannulleert, coram Beringhen, Liebrecht[s], octob(ris) xiiia., 1603.

     Van Haecht Nicolaus,

     Van Haecht Aert, Mr,

Hierbij twee opeenvolgende akten van dezelfde datum. In de eerste akte maakt men melding van Arnoldus Van Haecht, zoon van Philippus en zijn moeder Margaretha De Witte. In de tweede akte maakt men melding van Joannes Van Haecht, zoon van Philippus en inwoner van Rotselaar. Deze Joannes is de broer van Arnoldus.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7497, folio 21r., akte dd. 17 juli 1604.

Item in tegenwoordich(eyt) der schepen(en) van Loven naerbes(chreven) gestaen Aerdt Van Haecht sone wijlen Ph(i)l(ip)s om te lichten onder cautie seeckere penn(ingen), gestelt alhier opden reg(ist)re als onder de weth bij derffgen(aemen) m(eeste)r Jan Van Cauwenhoven, hem midts desen sterckmaecken(de) voor jo(uffrouw)e Margriet De Witte, zijn(e) moedere, en(de) andere zijn(e) mede erffgenaemen, heeft opgedraeghen met behoorl(ijcke) v(er)thijden(isse) drije boend(er) en(de) drije dachm(aelen) landts, geleghen in een block buytten der Mechelsche poorte, geheeten Ravesteyn, regen(ooten) tgoidtshuys van Sinte Geertruyden in drije zijden, de wed(uw)e Jans De Vos ter iiiie. zijd(en), exp(osito) imp(ositus) est m(eeste)r Willem De Vos inde naem van jo(uffrouw)e Marie Van Gerwe ende dat in plaetse van cautie van daer aen haer gebreck te mogen v(er)haelen indyen naemaels bevonden wordde naer recht haer eenighe actie totte voors(chreve) penn(ingen) te competeren, voorder oft anderss(in)ts nyet, et satis et war(as) voor vrije, ombelast goet, coram Borcht, Beringhen, julii xviia., 1604.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7497, folio 21v., akte dd. 17 juli 1604.

Item Adriaen Rogmans sone wijlen Henricx, woonen(de) bynnen des(er) stadt Loven, heeft hem gestelt cautionaris en(de) borghe als principael voor Jan Van Haecht sone wijlen Ph(i)l(ip)s, woonen(de) tot Rotselaer, voor alsul(cke) costen van(den) processe als naemaels souden moghen gerijsen tusschen den sel(ven) Van Haecht en(de) Pauwel Van Hoovelt, geloven(de) soo verre naermaels bevonden wordde die voors(chreven) Van Haecht daerinne naer recht gehouden te zijn oft met vonnisse van mijn h(ee)ren schepen(en) alhier gecondempneeert te wordden, die sel(ve) te betaelen tanquam assecutum obligan(do), submitten(do) ac renun(tiando) in forma, des soo geloeft die voors(chreven) Jan Van Haecht obligan(do) et submitten(do) ac renun(tiando) in forma den voors(chreven) Adriaen Rogmans, zijn(e) borghe, costeloos en(de) schaedeloos tontheffen en(de) tindemneren, coram Borcht, Beringhen, julii xviia., 1604.

 

Hierbij weer een akte met vermelding van Arnoldus en Joannes Van Haecht, kinderen van Margaretha De Witte (en Philippus Van Haecht. In de akte wordt ook melding gemaakt van Jacobus Van Haecht. Vermoedelijk gaat het hier om de broer van Arnoldus en Joannes. Jacobus was dokter in beide rechten,

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7497, folio 22v., akte dd. 20 juli 1604.

Item in tegenwoordich(eyt) der schepen(en) van Loven naerbes(chreven) gestaen Aerdt Van Haecht sone wijlen Ph(i)l(ip)s, soo in zijn(en) eygen(en) naeme als oock mede vuyt crachte en(de) naer v(er)moghen van zekere procura(ti)e speciael en(de) irrevocabel, hem gegeven bij jo(uffrouw)e Marg(rie)te De Witte voorde tocht van(de) naerbes(chreve) rente en(de) Jan Van Haecht, gepass(eer)t voorden not(ari)s G. Boels opden xviie. july 1604, alhier gesien en(de) gebleken, mede oock als last en(de) procura(ti)e hebbende van hee(re) en(de) m(eeste)r Jacop Van Haecht, doctoir in beyd(en) rechten, gepass(eer)t voor Geeraert Boursin, greffier van(den) Grooten Provinciaelen Raedt van Namen opden viiie. july 1604, insgel(ijcx) alhier gesien en(de) gebleken, altsaemen voor derffel(ijckheyt) vande naerbes(chreve) rente, heeft bekindt en(de) bekindt midts desen aen hem ind(er) qua(litey)t voors(chreven) gelost, gequeten en(de) affgeleeght te zijn(e) midts eender somme van penninghen de quibus sat(is) bij jo(ncke)r Carel Van Cauwenhoven twintich carolus gul(den)s erffel(ijck) vuyt eene meerdere rente van veertich carol(us) gul(den)s erffel(ijck), daer vore p(er)sonel(ijck) voor schepen(en) van Loven v(er)bonden stonden Peeter Van Hamme, jo(uffrouw)e Johanna De Keyser en(de) andere opden xiiie. augusti 1548 in hac camera, promitt(ens) nullatenus alloqui sed semp(er) sat(is) erga quoscunq(ue) obligan(do) et submitten(do) tan(quam) p(er)sonam sua(m) qua(m) suorum constituen(tis) cum debita renun(tiatione) in forma, consenteren(de) voorts inde cassatie van dijen voor soo vele de voors(chreve) xx rinsg(u)l(dens) erffel(ijck) is aengaen(de), coram Duffel, Borcht, julii xxa., 1604.

     Van Haecht Philippus, 

 

Van Haecht Anna, XV (S9425).

 


 

XV - XVI - Van Haecht Hendrik (S + N) , ° ca. 1520, x 1 met Anna De Rijcke, x 2 met Margriet Van Langendonck, fa Jacobus, x 3 met Elisabeth Verhoeven, deze x 1 met Ingelbert Storms.

 

Aktes met dank aan Christine Savat

Anno 1527 Opten iersten dach van may soe es comen Kathelijne Van Hove dochter wijlen Goirts met Henriq van Oisterwijck haeren man ende momboir … manne van leene te weten Wyllem Van Eycken Jan Van Eycken syn sone Huybrecht Van Hougaerden ende Henricq Stelkens ende hebben ghederft … geschiede te Werchter in Ingelbrecht Storms huys.

Wer1875: Fo 9v:

- 8 apr 1565: Staessen Van Haecht zone mr Henric Van Haecht x Anna De Rijcke wijlen Jansdochter heeft ontvangen drij dm beempt ten berge onder Werchter

- 6 jun 1596: Peeter Lauwers alias De Doncker woonende tot Mechelen, schipper, heeft te leen ontvangen de helft van drij dm beempt

- 10 dec 1658: Guilliam Lauwaerts na doode van Peeter sijn vader heeft te leen ontvangen

- 3 sep 1660: Peeter Stoop x Anna Ricx kopen de voors bempt.

Wer1876/2: 1703: Fo 170:

- 20 aug 1496: Jan Van Hove Janssone heeft ontvangen onderhalf dagmael tarweland tot behoef Goorts Van Hove sijn broeders kinderen ... ende Jan Van Hove heeft nog ontvangen twee dm tarweland nu toebehorende Hendrik Van Oosterwijck x Cathelijn Van Hove verstorven van Jan Van Hove Cathelijne vader

- 1 apr 1527: Hendrik Van Oosterwijk tot Kathelijne Van Hove sijn wive heeft ontvangen als momboir van (voor om Ingelbert Storms) … drij en half dm tarweland

- 1 mei 1527: Cathelijne Van Hove dochter wijlen Goerts met Hendrik Van Oosterwijck haeren man ende momboir hebben gederft aan Ingelbert Storms

- 14 mei 1567 (?): Elisabeth Verhoeven we Ingelbert Storms te voren Hendrik Van Haecht sone wijlen Jans als proprietaris van de heerlijkheid bij hem gekocht tegen de erfgenamen van de erfgenamen Keijens ende heeft ontvangen drij en half dm terweland bij wijlen Engelbert voors gecocht tegen Catharina Van Hove x Hendrik Van Oosterwijk op 1 mei 1527 – Adolphus Van Hofstayen haeren behoude sone heeft eed gedaen

- 27 feb 1572: Francen Van Hofstayen sone wijlen Adolphus heeft van mij Hendrik Van Haecht te lene ontvangen na de dood van Elisabeth Verhoeven sijnder grootmoeder bij Engelbert Storms sijnen grootvader vercregen – voor hem en voor Maria ende Theria Van Hofstaden sijn susteren, Berbelen Storms heurder moeder haer tocht houdende

- 1 dec 1591: momboir van de kinderen van Hendrik Van Haecht bij Barbara Van Haecht dochter wijlen mr Hendrik Van Haecht bij haer behouden soo van Augustyn Van Loossen haeren iersten man als van Peter De Doncker alias Lauwers haeren tweeden man, Dorothea Van Hofstad dochtere wijlen Adolphs x Gielis Schuerbergen heeft na de dood van Fransen Van Hofstadt haeren broeder te lene ontvangen – sterfvrouw Barbara Schuerbergh hun dochter 9 jr

- 4 mrt 1637: na de dood van Jan Van Hove sone Hendrickx es gecomen Joos Roefs als momboir van Anneken Van Hove en heeft te lene ontvangen drij en half dm terweland gelegen over de Dijle bij Janne Van Hove vercregen tegen Mathijs Moons ende Lijsebeth De Haen als erfgen van Barbara en Dorothea Van Hofstadt ende van Barbara Scaerens of Schuerwegge.

H835: Fo 38v: 24 apr 1597:
Margriet VL dochter Jacops x Hendrik Van Haecht in mangelinge met Willem Van Langendonck x Catherijn Van Haecht welke haer is verstorven van Elisabeth Van Loossens haer oude moije en van Peeter Van Loossen alias Walravens broedervan vs Elijsabeth.
End everstorven na de dood van Jacop Van Langendonck haeren vader en bij hem vercregen toen hij leefde van voors Peeter De Schrijnmaker alias lanx den cant …

H835: Fo 58: 29 jan 1598:
Machiel Lints x Martijn Loossens alias Walravens verkopen een dm bempt aen de Donckstraete aan Hendrik Van Haecht x Margriete VL.

 

Hieronder (met dank aan Paul Peeters) een akte met vermelding van Sebastianus (Hendrick ?) Van Haecht, vermoedelijk dezelfde die een eerste maal huwde met Anna De Rijcke en een tweede maal met Margaretha Van Langendonck. 

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7471, fol. 108r., akte dd. 10 september 1577.

Item m(eeste)r Jan ende Peeter Machiels, gebroeders, zonen wijlen Henrix, woonende te Loven(e), inden name van he(n) selven, als oyck vuyt crachte van procuratie speciael en(de) irrevocable, he(n) ende elcken van he(n) gegeven bij Henricken Michiels, hu(n)nen broede(re), woonende bynnen der stadt van Diest, blijckende bij der procuratien daeraff zijnde, gepasseert voer meeste(r) Otto Van Haeften, op(en)b(ae)r notaris, en(de) zeke(re) getuygen, in date des viie. daeghs deser iegewoirdiger maendt septembris ende die v(oer)s(creven) m(eese)r Jan Michiels als specialijck ende onwederoepelijck geconstitueert zijn(de) bij Goerde Michiels, oyck bruede(re) der v(oer)s(creve) gebruederen, woonen(de) tot Hasselt, blijcken(de) bijder p(ro)curatien daeraff zijnde, gepasseert voer Romeyn Caroli, notaris, en(de) zeke(re) getuygen in date des v(oer)s(creve) viien. daeghs van deser jegewoirdiger maendt septembris, ende Margriete Machiels, zuste(re) der voers(creve) gebruederen, baghijne inden Grooten Bagijnhove alhier, cu(m) tutore, hebben inden naem(e), qualiteyt ende vuyt crachte als voe(r), alle die v(oer)s(creve) gebroeders, in desen v(er)vangen(de) ende hu(n) sterckmaken(de) voer Willem(en) Machiels, hu(n)nen broede(re), absent wesende, opgedragen met behoorl(ijcke) v(er)thijdenisse ende met ressche ende rijse onderhalff dachm(ael) landts onbegrepen der maten, gelijck tselve gelegen is opden Berck onder die prochie va(n) Thildonck, regen(ooten) den Winterloop aldaer ter eendere, die goeden der Zielmissen van Wackerzele ter tweede(re) ende derdere ende die goeden der erffgen(aemen) m(eeste)rs Bartholomeeus wijlen Van(den) Heetvelde, in zijn(en) leven(e) secretaris deer stadt, ende hebben daerinne gegoedt ende geerft ten eygen(en) rechte Eustaes(en) Van Haecht inde name ende tot behoeff der kinderen van jouff(rouw)e Geertruydt Waleyns al(ia)s Casselers, die zij behouden heeft vanden voers(creven) wijlen meeste(r) Bartholomeeus(en) Van(den) Heetvelde, hueren man doen zij leeffde, hier waren ove(r) Berthijns, Winde, schepenen te Loven(e) ende eygengen(ooten), item Jheronim(us) de la Hault, secretaris, en(de) Jheroen Cloet, oyck als eygengenooten, coram quibus sat(is) indivisim, zoe inden naem(e), qualiteyt en(de) he(n) sterckmaken(de) als voe(r), et war(as) voer vrij, eygen, onbelast goet, prout, quiquidem rogan(tes) quod faciunt scabini Lovanien(sis) predicti, septemb(ris) xa.

 

Hieronder 3 opeenvolgende akten met vermelding van Sebastianus Van Haecht.  Ter verduidelijking : buyten slandts wesende moet gezien worden in de optiek van vroeger.  Dit betekent niet Nederland, Frankrijk of iets dergelijks, maar buiten het hertogdom van Brabant.  Het hertogdom Brabant had 4 hoofdsteden : Antwerpen, Brussel, Leuven en 's Hertogenbosch.  Buitenland kan dus evengoed Vlaanderen, Limburg, Zeeland, Holland of elders geweest zijn.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7471, fol. 293r., akte dd. 24 maart 1578.

Item in tegenwoirdicheyt des meyers ende der schepen(en) van Loven(e) naerbes(creven) gestaen Eustaes Van Haecht, tot des naerbes(creven) staet te doene, hebben(de) procuratie spetiael en(de) onwederoepel(ijck) bevel van Franchoys(en), Niclaes(en) en(de) Willem(en) Vander Gouwen, gebroeders, hen sterck gemaect hebbende voer Jan(nen) Vander Gouwen, hu(n)nen broede(re), buyten slandts wesende, blijckende bijder procuratien daeraff zijnde, gepasseert voer m(eeste)re Jan(nen) Van Wamele, openbaer en(de) de geapprobeert notaris, ende zekere getuygen, in date xxiia. feb(rua)rii a(nn)o xvc. lxxvii per mo(nitionem) heeft vuyt crachte vander zelver procuratien, opgedragen met behoorl(ijcke) v(er)thijdenisse alsulcke sess(e) carolusg(uldens) te xx st(uyvers) tstuck, vallende jaerl(ijcx) ... [n.v.], staende te quyten(e) den pen(ninck) achthien, als die voers(creve) gebroeders jaerl(ijcx) trecken(de) ende heffen(de) waeren op een huys ende alle ande(re) zijn(e) toebehoorten, eene herberge wesen(de), geheeten Deycke, staende onder die prochie van Thieldonck, exp(osito) soe is daerinne gegoedt ende geerft ten erffelijcken rechte Willem(en) De Vos inden name ende tot behoeff der kinderen ende erffgen(aemen) meesters Bartholomeus wijlen Van(den) Heetvelde, in zijn(en) leven(e) secretaris der stadt van Loven(e), metten verloope van twee jaren, per mo(nitionem) et sat(is) vuyt crachte vander voers(creve) procuratie, et war(as voer eene onbelaste ende onverthierde rinte, prout jure, coram Griecken, Maelcote, martii xxiiiia.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7471, fol. 293v., akte dd. 24 maart 1578.

Scribatur hic adductio Eustatii Van Haecht, receptor(es) ? pauperum domesticorum parochie divi Petri Lovanien(sis) ad bona magistri Cornelii Va(n) Middelborch et eius uxoris ex recognitione incip(iente) ?, item jouff(rouw)e Margriete Le(m)mens, que h(abetu)r julii penultima, lib(ro) xvc. lxxvi, passat(um) cor(ram) predictis scab(ini), martii xxiiiia.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register 7471, fol. 295v., akte dd. 27 maart 1578.

Item Eustaes Van Haecht, tot des naerbes(creven) staet te doen(e) bij Roeland(en) Staes, woonen(de) te Thieldonck, spetiaelijck en(de) onwederoepelijck geconstitueert zijnde, blijckende bijd(er) procuratien daeraff zijnde, gepass(eer)t voer m(eeste)re Jan(nen) Wamel, openbaer en(de) geapprobeert notaris, en(de) zekere getuygen in date des xviiien. daeghs martii, a(nn)o xvc. lxxv, in p(rese)ntia, heeft vuyt crachte vander zelver procuratien bekindt ende geleden, kint ende lijdt midts des(en) dat meester Jan Schellekens als rintm(eeste)r ende inden name der kinderen meesters Bartholomee[u]s wijlen Van(den) Heetvelde, in zijn(en) leven(e) secretaris der stadt van Loven(e), aen(de) voers(creven) Roeland(en) Staes tot diverssche stonden gelost, gequeten ende affgeleght heeft midts zeke(re) somme van penni(n)g(en) de qua sat(is) alsulcke dertich rinsg(ulden) erffelijck als die voers(creven) Roelandt jaerl(ijcx) in diverssche parthijen heffende was opde goeden en(de) hoeve der zelve kind(ere)n, geleg(en) te Thieldonck, geheeten de Hoeve ter Elst, scheldende alsoe den v(oer)s(creven) erffgen(aemen) ende kinderen Vanden Heetvelde en(de) hu(n)ne goeden daer voe(re) verbonden en(de) alle andere deser quitan(tien) behoeven(de) vand(er) v(oer)s(creve) erffrinte van dertich rinsg(ulden) volcomelijck quyte, promitt(entes) nullatenus alloqui, sed semp(er) satis inden naem(e) ende qualiteyt v(oer)s(creven) si quid minus et war(as) erga quoscu(m)q(ue) prout, oblig(ando) et submitt(endo), coram Grave, Liedekercke, martii xxviia.

Bijgaande betreft de scheiding en deling van roerende en onroerende goederen tussen de kinderen van Henricus Van Haecht en Anna De Rijcke, meer bepaald tussen Anna Van Haecht (vrouw van Guilielmus Rogmans), Barbara Van Haecht (weduwe van Augustinus Van Loffelt/Van Loffene en vrouw van Petrus Lauwaerts alias De Donckere) voor het vruchtgebruik tochte en haar minderjarige kinderen, die zij behield van Augustinus, voor de naakte eigendom.  Voor de minderjarige kinderen traden Philippus Van Haecht, Henricus Dries en Joannes Wijbrechts op. Vermits hun broer Eustachius Van Haecht in het verhaal niet voorkomt, moet hij reeds overleden zijn.

Stilaan wordt he duidelijk waarom deze familie Van Haecht zo dikwijls aan bod komt.  De eigendommen in de akte lijken wel eindeloos en waren gelegen onder Werchter, Haacht, Rotselaar, Wezemaal, Herent en Betekom.  Echt de moeite !

De alinea’s werden in de akte gerespecteerd.  De akte begint op folio 227r. om pas te eindigen op folio 236v.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7473, fol. 227r., akte dd. 27 april 1580.

Eene scheydinge en(de) deylinge, geschiet en(de) gebuert zijn(de) bij kuese d(aer)o(m)me gedaen tusschen Anna Van Haecht dochter wijlen m(eeste)r Henricx, daer moeder aff was jouffrouwe Anna De Rijcke, wettighe gehuysschen als zij leeffden, met consente, overstaen(e) ende aucthorisatie Willems Rogmans, haers mans, ter eenre, Barbara Van Haecht wed(uw)e wijlen Augustijns Van Loffene, tegenwoirdige huysv(rouw)e Peeters Lauwarts al(ia)s De Donckere, haers mans, met consente en(de) overstaen(e) desselffs Peeters, haers mans, voerde tochte, Ph(i)l(ip)s Van Haecht, Henr(ick) Dries en(de) Jan Wijbrechts als tutuers en(de) momboirs van(de) o(n)beiaerde kinderen der voers(creve) Barbara Van Haecht, bij haer als voer behouden vanden voers(creven) wijlen Augustijn(en) Van Loffene, voerde proprieteyt, als nae volghende de acte auctentycke d(aer)aff zijn(de) en(de) alhier gebleken, d(aer)mede de voers(creve) p(er)soon(en) wettel(ijck) geco(n)stitueert zijn totter voers(creve) scheydinge en(de) deylinge, wesen(de) deselve van(der) daet den iersten augusti a(n)no xvc. lxxix lestled(en), onderteeckent H. Cloet, tsamen ter ande(re) zijden, ende dat van(de) goeden, renten, pachten en(de) chijsen, bijden voers(creven) wijlen m(eeste)r Henrick Van Haecht en(de) jouff(rouw)e Anna De Rijcke, gehuysschen als zij leeffden, haeren wettigen kinderen achtergelaeten, te deylen(e).      

Sijn bleven en(de) gevallen der voers(creve) Anna Van Haecht met consente, aucthorisatie en(de) overstaen(e) desselffs Willems Rogmans, haers mans, de goeden ende renten naebeschreve(n), ende ierst een huys ende hoff metter schueren, stallen en(de) boomgaerde(n) met sijnder toebehoirten, groot tsamen ontrent een boender, gelegen tot Wesemael achter die kercke tusschen die goeden van(den) p(er)sonaetschappe van Wesemael ter eenre, die plaetse aldaer ter tweedere, die Brockstrate ter derdere ende tGemeyn Broeck ter iiiier. zijden, belast met eender hoffstadt aen(den) heere van Wesemael, met xiiii st(uyvers) aen(de) kercke van Wesemael en(de) een(en) cappuyn aen jouffrouwe Leeters, item het derdedeel van een boender beempts, geleghen bij tvoers(creven) huys, daeraff dander twee derdendeelen sijn toebehoiren(de) den erffgen(aemen) m(eeste)r Bertholomeus Vanden Heetvelde en(de) m(eeste)r Henricken Va(n) Diependale, regenoote vanden heelen beempde midts dien noch overdeylt is, die strate geheeten die Gote oft Voirt ter eende(re), van welcke straten het gebruyck is toebehoiren(de) den iiien. deele van onsen beempde met oick den meestendeel van(de) vrede vanden voers(creven) beempde tegen die voers(creve) strate, die goeden der voers(creve) erffgen(aemen) Vanden Heetvelde ter iie., het broeck, geheeten tKercken Beempt, ter iiie. ende sheeren strate ter iiiier. zijden, belast int geheele met i ½ cap(puyn en(de) e(enen) vierendeel cap(puyn) i ½ d(enier) boon(e) ende een halffstadt heeren chijs, item een boender beempts leengoets onder den heere van Wesemale, gelegen  aent broeck, geheeten die Winghbeempden, regenoote tvoers(creve) broeck ter eende(re), Ysacq Van(den) Paenhuyse ter andere, die goeden van desen deylgenooten ter iiier. ende die strate aldaer ter vierder zijden, item een(en) besloten beempt, groot ontrint twee boenderen, bepla(n)t met alboomen en(de) met fruytboomen, gelegen aen(de) Winghe beneden die watermolen tVuythem, die goeden van desen deylgenooten ter eende(re), die voers(creve) Winghe ter tweede(re), ... [n.v.], belast int geheel (des betaelen ander lied(en) hieraff tvierendeel) met een(en) cap(puyn) iii d(enieren) Lovens en(de) xiii ½ d(enieren) jaerbeden, item een dachmael maybeempts, gelegen int Vlasselaerbroeck, die goeden Jans Wijbrechts ter eende(re) en(de) iier. ende des Heylichs Geest goet van Wesemael ter iiier. ende die goeden Henricx wijlen Vanden Bossche ter iiiier. zijden, belast met een(en) broode, item noch een dach(mael) maybeempts int selve broeck beneden het Eyerhoff, ter plaetsen geheeten die Boonestrate, inden Claphoeck, die goeden des goidtshuys van Vrouwenperck ter eende(re), derffgen(aemen) Jooris Pasteels ter tweede(re) en(de) die beke, geheeten de Lostich, ter iiier. zijden, belast met ontrint e(enen) st(uyver) heeren chijs, item een dach(mael) besloten beempts, geheeten den Dijck, gelegen onder Cortrijck, die goeden Henricx Boschmans ter eende(re), die Winge ter ande(re) en(de) Daniel Van Assche ter derde(re) zijden, item het derdendeel van een boender beempts, gelegen int Molenbeemptbroeck onder Holsbeke, regenoote ... [n.v.], item een(en) besloten beempt, groot ontrint vijff dach(maelen), geheeten het Lanckbroeck, gelegen onder Holsbeke, regenoote tbroeck, geheeten den Molenbeempt ter eende(re), derffgen(aemen) Jans Van(den) Bossche tot Loeven(e) ter tweede(re) en(de) die goeden der kercken van Wesemael ter derde(re), ... [n.v.], belast met vier rinsguld(en) erffel(ijck), den pen(ninck) xxv voer een weeckmisse te Cortrijcke ende xi ½ pen(ningen) aen(den) hee(re) van Holsbeke, item een besloten block lants, groot ontrint een boender, aent Wesemael Velt gelegen tot Wesemael, daer lutter achste schooff inne leet, aende canten beplant met appelboomen, regenoote dWesemael Velt ten twee zijden, die strate beneden ter derder zijden, belast met een vierendeel cappuyns xix ½ pen(ningen) Lovens vii st(uyvers) vi d(enieren) jaerbede, item noch ontrint drij dach(maelen) landts, gelegen opt voers(creven) Wesemael Velt aent gerichte aldaer, regenoote die goeden vander p(er)sonaetschappe van Wesemael ter eende(re), de fabrycke goeden aldaer ter tweede(re), derffgen(aemen) Jans Vyts ter derder en(de) den Honsdriesch ter ter vierder vierder zijden, belast met iii pen(ningen) Lovens xiii jaerbeden en(de) een vierdendeel cap(puyn), item noch ontrint drie vierendeel lants, d(aer)bij gelegen, regenoote des heeren goet van Wesemael ter eende(re), derffgen(aemen) m(eeste)r Ingelberts Adams ter iier., jouff(rouw)e Leeters ter derde(re) en(de) den wech aldaer ter vierde(re) zijden, item noch ontrint een dach(mael) lants, gelegen int selve velt achter Henricx Van Geele, regenoote derffgen(aemen) Henricx wijlen Cappels ter eendere, die goeden Jans wijlen Dunnemelcx ter iier., derffgen(aemen) Henricx ... [n.v.] ter derder zijden, belast met ii ½ mol(evaten) rogs eenen cap(puyn) ende vi (mij)t(en), item noch ontrint een vierendeel lants, daerbij gelegen, regenoote derffgen(aemen) Reyniers wijlen Reers ter eende(re) ende derffgen(aemen) Henricx Cappels ter iier., derffgen(aemen) m(eeste)r Ingelberts Adams ter iiier. ende derffgen(aemen) Henricx Schrijns ter vierder zijden, item noch ontrint drij dach(maelen) lants, geheeten die Goete, opden cant beplant met appelboomen, daerinne leet een plecxken vierde schooff aen(den) heere van Wesemael, regen(oote) de voetwech van Loven(e) naer Aersschot ter eende(re), sheeren strate ter tweede(re) ende den waterloop aldaer ter derde(re) sijden, belast met een vierendeel cap(puyn) ende een plecxken metten voers(creven) vierden schooff, item noch een besloten stuck lants, met appelboomen beplant, groot ontrint vijff vierendeel, gheleghen bijde plaetse te Wesemael, die strate aldaer ter eende(re), het Wesemael Velt ter iier., Ysack Vanden Paenhuyse ter iiier. ende derffgen(aemen) Laureys De Cleermaeker ter iiiier. zijden, belast met een hoffstadt ende het derdendeel van vijff rinsg(ulden) erffel(ijck), ontquytbaer rinte, aen Janne Va(n) Wesenbeke alias Symoens, item noch ontrint ii ½ dach(mael) lants in een besloten block, gelegen tVuythem, oick met lutter appelboomen beplant, regenoote sheeren strate aldaer in twee zijden en(de) Anthoenis Vercoutheren ter derder ende vierder zijden, opden last van(de) hellicht van vii d(enieren) Lovens en(de) noch opd(en) last vier pen(ningen) Lovens, item noch ontrint vijff vierendeelen lants, gelegen int Hellegat, regen(oote) Marie ... [n.v.] goeden ter ie., Liebrechts Wijbrechts Wijbrechts (!) erffgenaemen ter tweeder ende derder zijden, item noch ontrint i ½ dach(mael) lants (leengoet wesende onder Sebastiaen Sta(n)daerts tAersschot), geheeten de Streecke, regenoote die goeden der erffgen(aemen) Anthoenis Vyts ter eendere, Ysack Vanden Paenhuyse ter iier. en(de) den Varenwech aldaer na tRos leydende ter iiier. zijd(en), item noch een dach(mael) ende sekere roeden lants, geleghen int Hellegat, regen(oote) derffgen(aemen) Anthoenis Vuyterhellicht ter eende(re), derffgen(aemen) Jans Verelst al(ia)s Croonairt ter iier. en(de) derffgen(aemen) Henr(ick) wijlen Verperckt ter iiier. zijden, item noch ontrint lx roeden lants, gelegen int Ros, regenoote sheeren bosch boven ter eende(re), Henrick Vercoutheren, te voren Lucia Van Wesenbeke, beneden ter tweede(re) ende Cathlijn(e) Schrijns al(ia)s Delien ter iiier. zijden, item noch ontrint e(en) dach(mael) lants, gelegen int Ros, regen(oote) derffgen(aemen) Anthoenis wijlen Van Kelffs ter eende(re), sheeren bosch boven ter tweede(re) en(de) Henrick Vercoutheren , te voiren Lucia Van Wesenbeke, ter iiier. zijden, item noch ontrint drie vierendeel lants, gelegen int Ros, item noch ontrint vijff vierendeel landts, gelegen opde Groot Hellichtwinninge onder Nurode, daeraff het vierendeel is viertschooff onder den hee(re) van Wesemael ende die reste leet onder Schoonhoven, regen(oote) die goeden des goidtshuys van Vrouwenperck ter eendere, die goeden vander kercken van Wesemael ter ande(re) en(de) Jan V(er)coutheren Janss(on)e ter derder zijden, item het derdendeel van een boender bosch onder Wesemael onverdeylt, d(aer)aff dander twee derdendeelen sijn toebehoirende ... [n.v.], regen(oote) des heeren bosch aldaer ter eenre, derffgen(aemen) Anthoenis Vyts beneden ter iie. ende den bosch, geheeten den Leempoel ter iiier. zijden, item noch die hellicht van vijff boenderen, soo schaveye als bosch, geheeten die Beke, onder Nurode, d(aer)aff dander hellicht gelegen westweert, is toebehoiren(de) Willem Rogmans, regen(oote) vand(en) geheelen vijff boende(ren) theerschap van Rivieren ter eende(re), des dekens van Aersschot bosch ter ande(re) en(de) die strate aldaer ter derder zijden, belast int geheel met vier pen(ningen) Lovens aen Schoonhoven, item een dach(mael) beempts int Helchterbroeck onder Rotselaer, geheeten dLanck Dach(mael), comende metten een(en) eynde opde Blockgrachte oft Swertegrachte beneden den Boonhoff en(de) metten anderen eynde int middel van(den) broecke aen(den) Hoywech aldaer, die goed(en) Willems wijlen Ourogge ter eende(re), Jo(hann)es Martini ter ande(re), de voers(creve) Blockgrechte ter derde(re) ende die goeden mijns heeren van Winterdijck ter iiiier. zijd(en), belast met e(enen) cap(puyn) heeren chijns, item noch ontrint vijff vierendeel beempts int voers(creven) broeck, regen(oote) die goed(en) Jooris wijlen Van Aersschot ter eende(re), die Winghe aldaer vlietende ter iie., derffgen(aemen) Peeters wijlen Van Kelffs ter iiie. en(de) die goed(en) Jans wijlen Vander Tommen ter iiiier. zijd(en), item noch ontrint e(en) dachm(ael) beempts, int voers(creven) broeck geleghen, regenoote die goed(en) Henricx wijlen Goirdts ter eende(re), derffgen(aemen) Henricx Willems al(ia)s Keteleer tot Wesemael inde Croon ter ande(re) ende de Deemere ter derder zijd(en), niet verrre vanden keervondel aldaer, item noch ontrent e(en) dach(mael) beempts, gelegen inden Steenham, comen(de) metten een(en) eynde opde voers(creve) Winghe, die goeden m(eeste)r Wouters Van(der) Borcht, te voiren Anthoenis Absoloons, ter iie. en(de) derffgen(aemen) Wille(m)s wijlen Goirdts ter iiier. zijden, item alnoch een boender beempts leengoets, geheeten dEyckeussel, gelegen inden Haenwincxschen Hoeck onder Werchte(re), regen(oote) die goeden Merttens wijlen Waelravens al(ia)s Van Looffen ter eende(re), derffgen(aemen) Jans De Schrijnmake(re) ter iier., derffgen(aemen) Peeters Waelrave(n)s a(lia)s Van Looffen ter derde(re) ende die goed(en) Augustijns Van Looffen ter iiiier. zijd(en), item noch eenen besloten beempt, geheeten het Colckeussel, groot ontrint seven dach(mael), oick gelegen ind(en) voers(creven) Haenwijcxschen Hoeck, regen(oote) die goed(en) vanden Grooten Heyligengeest binnen Loeven(e) ter eende(re), die goeden der erffgen(aemen) Peeters wijlen Van Langendonck ter iie., dWerchterbroeck ter derde(re), een cleyn straetken aldaer ter vierde(re) ende sheeren strate van Werchter nae Haecht ter vijffster zijd(en), belast met ontrent een(en) st(uyver) heeren chijs aen(de) erffghen(aemen) joncker Fredericx wijlen de Bothma, item een boender bosch, gelegen onder Bethekem onder den hee(re) vander Bruggen, niet verre van(den) wintmolen, regen(oote) derffgen(aemen) Jans Kerssavont ter eende(re), het aertstraetken aldaer ter tweede(re), derffgen(aemen) Henricx Leersse ter iiier. ende die goed(en) des goidtshuys van Sevenborre ter iiiier. zijden, belast met ontrint vier st(uyvers) heeren chijs ende dat leet in een gichte, item xxx st(uyvers) erffel(ijck) in plaetse van vi hal(steren) rogs tsiaers opde goeden Goirdts wijlen Michiels, nu Peeters ... [n.v.] al(ia)s S(er)noen te Wesemale, te quyten met xxiiii r(insgulden) eens, ut h(abetu)r feb(rua)rii viiia., anno xvc. lvi, item xxxv st(uyvers) erffel( ijck) opd(en) Bonten Os onder Wesemale, toebehoiren(de) Ysack Vanden Paenhuyse, te quyten den pen(ninck) xviiie., vallen(de) jaerlijcx in septembri, bij m(eeste)r Henrick wijlen Van Haecht vercregen opden xxviiien. maii anno liiii in prima tot Loeven(e), item viii st(uyvers) erffel(ijck) op een huys met sijnder toebehoirten, gestaen tot Wesemael opde plaetse, toebehoiren(de) Lijsbetten V(er)coutheren al(ia)s Bruers, vallen(de) jaerlijcx in februario, te quyten(e) den pen(ninck) xviiie., bijden voers(creven) m(eeste)r Henrick v(er)cregen voer schepen(en) van Wesemael opd(en) xxviiien. augusti anno xvc. lxiiii, ite(m) noch xxxviii st(uyvers) erffel(ijck) ontquytbaer, vallen(de) jaerl(ijcx) den xven. januarii op een huys, gestaen tot Wesemael tegen over den Wildeman, toebehoirt gehadt hebben(de) Joorise Ronruyter, smet aldaer, bijd(en) voers(creven) m(eeste)r Henr(ick) v(er)cregen opd(en) xen. maii anno lxiii in p(ri)ma, hanc quoq(ue) et sat(is) prout, obligan(do) et submitten(do), cor(am) Termonde, Winde, aprilis xxvii, anno xvc. lxxxtich.

 

Sijn bleven ende gevallen der voers(creve) Barbara Van Haecht met consente, aucthorisatie en(de) overstaen(e) des voers(creven) Peeters voerde tocht ende den voers(creven) momboiren inden naeme en(de) qualiteyt voers(creven) voerde proprieteyt de goeden en(de) renten naebes(creven) ende ierst huys endehoff met sijn(e) toebehoirten, gelegen bij de kercke van Werchte(re), geheeten den Moriaen, groot samen metten beempdeken daer aen gelegen een halff boender, sheeren strate ter eende(re), die goeden Peeters wijlen Wouters ter iie., die goeden Willems wijlen Spoelberchs ter iiie. ende die goed(en) der erffgen(aemen) Jans wijlen Van Ijssche ter vierder zijden, belast in twee p(ar)tijen met vijff rinsg(ulden) xiii st(uyvers) erffel(ijck) met een(en) cap(puyn) xij d(enieren) Lovens aen Goirden wijlen Van Brecht en(de) ewat heeren chijs aen(den) hertoge va(n) Aersschot, item een stuck erven, groot ontrint een boender, geheeten den Quaeden Dijck, die goeden vander pastorijen van Werchter ter eende(re) sheeren strate ter tweede(re) en(de) iiier., belast met twee r(ins)gulden erffel(ijck) aen tgoidtshuys van Percke met vier tournoysen en(de) vier pen(ningen) Lovens aend(en) hertoghe van Aersschot en(de) dit stuck moet den Dijlcant onderhouden, item een stuck erve(n), geheeten die Slecke, groot ontrint een boender, wesen(de) lee(n)goet, die Dijle ter eende(re), sheeren strate ter iie. ende die goeden m(eeste)r Jans Schelckens ter iiie. en(de) iiiie. sijden, dit stuck moet het meyngat onderhouden ende den Dijlcant, item een stuck erve(n), groot ontrint een halff boender, geheeten het Boon Block, sheeren strate ter eende(re), den Quaden Dijck ter tweede(re), dinfirmerije van Loeven(e) ter iiier. en(de) m(eeste)r Jan Schelckens ter vierder zijden, belast met ... [n.v.] heeren chijs, item ontrint een halff boender beempts int Werchterbroeck, niet verre van(de) vierschooff, die goeden des Heylichs Geests van Werchter ter eende(re), Anthoenis Smets ter iie., derffgen(aemen) heeren Jans Poel ter iiie. sijden, belast met twee brooden, elck van vier mijten, item het derdendeel van een boender beempts int selve broeck, bijden Vogheleren Dijck tusschen die goeden ... [n.v.], item noch ontrint i ½ int selve broeck bijden wech, gaende van Werchtere nae Haecht tusschen die goeden ... [n.v.], item drie dach(maelen) besloten beempts, geheeten Heyn Thijs Eeussel, wesende halff leengoet en(de) dander hellicht chijsgoet, die goeden der erffgen(aemen) Adriaens wijlen Van Hoovelde ter eende(re), die goeden der kercke ende Heyligengeest van Werchte(re) ter iie. en(de) die Dijle ter iiier. zijden, belast met wat heeren chijs ende dat leet in een gichte vand(en) besten pant vanden gichtdrage(re), item drie dach(maelen) beempts te Blaesbroeck achter die wooni(n)ge Peeters wijlen Vermijlen, die goeden des goidtshuys van Villeers ter eende(re) en(de) derffgen(aemen) Jans Daneels ter andere, belast met twee pen(ningen) heeren chijs, item vijff dach(maelen) beempts te Veldonck achter die wooninge Rombouts wijlen Van Scayen, nyet verre vander cappellen tusschen die goeden Raes wijlen De Rijcke, geheeten den Sluysdonck, ter eende(re), die goeden van Chantrain ter iie. en(de) ... [n.v.], belast met twee hinnen ut putatur, item vi dach(maelen) lants, gheleghen te Veldonck in drije besloten bloken o(n)der sheeren strate ter eenre en(de) tweedere en(de) die goeden wijlen heeren Airts Smets ter iiier. zijden, item die hellicht van vij dach(maelen) lants ontrint den Drie Linden onder Rotselaer in diversche stucken, daeraff dander hellicht is toebehoirende den erffgen(aemen) Henricx wijlen Van Haecht Ph(i)l(ip)s sone, item die heerlijckheyt onder Werchte(re) achtervolgen(de) den chijsboeck, item drie dach(maelen) bosch onder Bethekem tot Moershem onder den hee(re) vander Bruggen, die goeden der erffgen(aemen) Aerts wijlen Brugmans ter eende(re), die goeden Henricx wijlen Peeters ter iie., Anna Van Gestel ter derder zijden ende die goeden heer Jans wijlen Blanckaerts ter iiiier. zijden, belast met o(n)trint drie st(uyvers) heeren chijs ende leet in een(en) peertskuer, item vijff dach(maelen) erffven, gelegen tot Waelem onder Haecht, daeraff een dach(mael), gelegen gelege(n) naest den Waelem Driesch, leen is onder den hertoghe van Aersschot, die goeden Henrickx wijlen Van Haecht Remeyss(on)e ter iie., die leygrachte en(de) die goeden Jans wijlen Van Puddeghem ter iiie. ende die goeden vander hoeven van Waelem ter vierder zijden, item drie dach(maelen) beempts, gelegen beneden der wooninge Jacops wijlen Vervoyen, die goeden vanden Heyligengeest van Haecht ter eende(re) ende die leygrachte aldaer ter tweede(re) ende derder zijd(en), belast met ewat heeren chijs en(de) dat leet in een gichte, item drie dach(maelen) lants, gelegen boven die woonin(ge) Jacops voers(creven), sheeren strate ter eende(re), die goeden der kercken van Wesemael ter iie., de voetwech vander kercken van Haecht naede Puddeghem Heyde ter iiie. en(de) die goed(en) ... [n.v.] ter vierder zijden, belast met i ½ mol(evat) even(e) ende vi d(enieren) Lovens, die schuldich is jaerl(ijcx) te betaelen in een gichte, daert inne leet, item die hellicht van drij dach(maelen) beempts, gelegen int Schoubroeck achter dijen bosch, daeraff dander hellicht is toebehoiren(de) derffgen(aemen) Jans wijlen Van Haecht, die goeden ... [n.v.], item een halff boender lants opt Langroyvelt onder Herint, wesen(de) eygen goet, die goeden der erffgen(aemen) Aerts wijlen Van Essche ter eende(re), derffgen(aemen) Jans wijlen De Rijcke tot Wespelaer ter iie., die Waterlee ter iiie. ende die goeden mijns heeren van Waterdijck ter vierder zijden, item een halff boender lants opt Broeck Velt voer S(in)t Jooris, wesende eygen goet, de goeden der erffgen(aemen) Thomaes wijlen Van Haecht ter ie., sheeren strate van Herint naer Wijchmael ter tweedere, die goeden Jans De Witte ter derde(re) en(de) die goeden vander kercken van Herint ter vierder zijden, item i ½  dach(mael) lants opt Molenvelt over den Mole(n)wech, geheeten den Brempt, de goeden van(de) XII Apostelen binnen Loeven(e) ter eende(re), de goeden van(de) Sielmissen van Herint ter iie. en(de) jouff(rouw)e ... [n.v.] Van Duffel ter derder zijden, belast met ewat heeren chijs, soo in pen(ningen) als in even(e) aen derffgen(aemen) ... [n.v.] Roeloffs, item vijff vierendeel eygen lants boven den Wiltsenwech, die goeden des goidtshuys van S(in)te Geertruyen ter eende(re), die goeden Jan Van Veltem ter iie., die goeden m(eeste)r Daniels Van(den) Berge ter iiie. en(de) die goeden des begijnhoeff va(n) Aersschot ter iiiier. zijd(en), item die hellicht van twee boenderen beempts eygen goet int Wittebroetvelt onder Herint, waeraff dander helft toebehoirt den erffgen(aemen) Henricx wijlen Van Haecht Ph(i)l(ip)s sone, regenoote m(eeste)r Henr(ick) Van Diependale ter eende(re), die goeden h(eer) en(de) m(eeste)r Desiderius van Tsestich ter iie., die goeden des goidtshuys van Betlehem ter derdere ende de goeden der erffgen(aemen) Jans Baerts ter vierder zijden, item xxxvi st(uyvers) erffel(ijck), ontquytbaer opde goeden Francens Van Hove onder Werchte(re), vallen(de) jaerl(ijcx) den ... [n.v.], bij m(eeste)r Henrick wijlen Van Haecht v(er)cregen opd(en) xxen. octobris anno xvc. lxvi in medio, item drie rinsgulden erffel(ijck), ontquytbaer opde goeden Anthonis De Raymakere, vallen(de) jaerlijcx op S(in)te Huybrechs dach, bijd(en) voers(creven) Van Haecht v(er)cregen voer scepen(en) van Werchte(re) opd(en) vierden novembris anno xvc. xlii, item vier rinsg(ulden) erffel(ijck), te quyten(e) den pen(ninck) xviiie. opde goeden Jans Verstraten te Veldonck onder Werchtere, v(er)cregen opd(en) iersten februarii anno xvc. lxii in p(ri)ma, ende twintich st(uyvers) erffel(ijck), te quyten den pen(ninck) xviiie., p(er)soneel opde erffgen(aemen) Lijsbeth V(er)elst, vallen(de) den xxviien. januarii ut h(abetu)r opt reg(ist)re der schepen(en) van Rotselaer a(n)no xvc. lxix stilo Braban(tie), bijd(en) voers(creven) Van Haecht v(er)cregen tegen Aerden Vertennen en(de) Barbelen Marcelis ut h(abetu)r opt reg(ist)re der schepen(en) van Werchtere julii xiia. anno xvc. lxxv, hanc quoq(ue) et sat(is) prout, obligan(do) et submitten(do), cor(am) eisdem.

Item dat de voers(creve) deylgenooten oft deylderen hen selen moeten te vreden houden, elck met zijn(e) stucken, in sulcker grootten als die gelegen zijn, tsij die min oft meer inder maten houdende zijn dan voers(creven) staet, cor(am) eisdem.

Item es noch conditie en(de) ondersproecken dat die voers(creve) p(ar)tijen deylende sullen ten ge(lijcken) proffijte opbueren en(de) ontfangen alle proffijten van(de) voers(creve) goeden, renten, pachten, chijnsen, peertskueren oft ande(re) kueren, v(er)schenen leenrechten van(de) heerlich(ey)t, tot Werchter gelegen als anderss(in)ts, hoedanich die zijn oft genoempt mogen wordden, v(er)schenen ende gevallen tot date deser scheydinge en(de) deylinge incluys, ende dat sij p(ar)tijen deylende oyck ten gelijcken coste en(de) last, sullen betaelen ende draghen alle gevallen chijnsen, rinten, co(m)meren en(de) lasten, soo peertskueren oft ande(re) kueren, relieve(menten) van leenen en(de) oick alle ande(re) schat oft straetschuld(en), hoedanich die wesen en(de) bevonden sal wordden, gevallen en(de) v(er)schenen tot date des(er) v(oer)s(creve) deylinge incluys, gel(ijck) voers(creven) is, cor(am) eisdem.

Item ofter eenige renten reel oft p(er)soneel bevo(n)den wordden qual(ijck) en(de) onsekerl(ijck) te staen(e) in vueghen dat de genen dijen dieselve te deele gevallen sullen sijn, d(aer)toe met rechte nyet en conste gecomen oft he(n) met rechte affgenome(n) wordden, dat zij p(ar)tijen, deylen(de) d(aer)aff malcande(ren), sullen recompenseren nae rate en(de) dat dueren(de) den tijt aengaende den p(er)soneele renten van drije jaeren nae date deser deylinge ende van(de) geypoticeerde en(de) reele renten, den tijt van sesse jaeren, oyck nae date der selve(r) deylinghe ende nyet lange(re) om binnen middelen tijden elcken van hen sijn(e) rente te moge(n) doen v(er)sekere(n) ende dat soo verre deselve dijen die in deylinge gevallen sullen wesen, nyet v(er)thiert en wordden, coram eisdem.

Item indijen naemaels bevonden wordde vuyt eenige der voers(creve) deelen meer co(m)mers te gaen(e) dan hier voer gedeclareert es, beloopen(de) inde jaerlijcxe betaelin(ge) op xxx st(uyvers) en(de) daer onder dat de voers(creve) p(ar)tijen, deylen(de) malcanderen d(aer)aff, egheen reco(m)pens doen en selen ende soo verre meer dan xxx st(uyvers) bevonden wordde daervuyt te gaen(e), dat zij deylderen van tselve meer malcanderen schuldich sullen wesen, d(aer)aff nae rate van hue(re) gedeelte te reco(m)penseren ende indijen tselve quytbaer es, sullen dieselve deylderen malca(n)deren reco(m)penseren en(de) goet doen achtervolgende den bescheede d(aer)aff sijnde en(de) van(de) chijnsen en(de) rinten, ontquytbaer wesen(de) nae advenant en(de) teghen den pen(ninck) xxv ende indijen men naemaels bevindt dat eenige van(de) voers(creve) goed(en) subiect sijn liggende in eenige peertskueren oft ande(re) kueren oft heerl(ijcke) rechten, d(aer)aff geen seke(re) so(m)me jaerl(ijcx) betaelt en wordt, voirder oft meer dan voers(creven) staet, dat elck der voers(creve) p(ar)tijen dat sal schuldich en(de) gehouden sijn van sijn(e) goeden d(aer)op bevonden sal wordden vuyt te gaen(e), tselve te moeten tsijn(en) laste dragen sonder d(aer)aff eenich(en) reco(m)pens deen den anderen te moeten doen, overmidts partijen anders geen(e) meerde(re) lasten dan op elck stuck gespecificeert es, en hebben oft weten bij te brengen oft d(aer)op vuytgaen(de), cor(am) eisdem.

Item es conditie dat elck van hen deylgenooten sal moeten dragen die rinten, chijnsen en(de) co(m)meren op sijn(en) gedeelte gestelt, alwaert oick soo dat naemaels bevonden wordde dieselve vuyt sijn(en) gedeelte oft vuyten selven stucke d(aer)op die gestelt staen, nyet vuyt te gaen(e), maer vuyt eenige ande(re) stucken, cor(am) eisdem.

Item es te weten dat buyten deser deylinge ghebleven sijn xx st(uyvers) erffel(ijck), ontquytbaer geypothiceert wesen(de) op een huys en(de) hoff met sijn(e) toebehoirten, gelegen tot Wesemale aen(de) kercke, geheeten die Croone, bijden voers(creven) m(eeste)r Henr(ick) Van Haecht en(de) sijn(e) huysvrouwe gelegateert inder kercken aldaer tot een(e) jaergetijde, alle jaer des sondaechs nae S(in)t Jobs dach inder voers(creve) kercken gecelebreert te wordden voerde salicheyt huerde(r) beyder sielen met noch twee halste(ren) rogx erffel(ijcx), ontquytbaer opde goeden van(den) Heylicruyceautaer tot Werchter achtervolgen(de) den bescheede d(aer)aff zijnde, om opden voers(creven) dach den aerme(n) mensche(n) tot Wesemaele inder kercken gedistribueert te wordden, cor(am) eisdem.

Item es conditie en(de) ondersproken indijen naemaels eenige meer p(ar)ceelen van gronden van erffven, chijnsen, renten, pachten oft bosschen bevond(en) wordden, in desen behoiren(de) gedeylt te zijn(e) ende ter deylingen nyet gebracht wxesen(de), datme(n) dieselve tusschen die voers(creve) partijen sal deylen alsoo dat behoirt, cor(am) eisdem.

Item es conditie in dijen iemand(en) van desen deylderen questie en(de) proces wordde gemoveert ter caus(en) van eenige erffgoeden, he(n) in deylinge gevallen en(de) voer aengedeylt indijen sulcke soude willen d(aer)aff naemaels sijn v(er)hael hebben op zijn(e) andere mede deylderen, dat hij dieselve sal schuldich wesen in tijts daeraff te adverteren ende insinueren ende dat doende indijen hem alsdan eenige met rechte affgewonnen wordde, sullen de geadverteerde voer zijn paert ende quote den voers(creven) anderen daeraff moeten reco(m)pe(n)se(ren) ter estimatie van twee oft drij goede mannen, hen des wel v(er)staen(de), nemende regardt nae dat andere gelijcke goeden aldaer inden coop gemeynl(ijck) gelden oft weert zijn, met oyck alle redelijcke costen, bij he(n) daero(m)me gedaen oft te doene ter moderatie gel(ijck) voer, ende d(aer)mede in wederzijden te moeten te vreden zijn, coram eisdem.

Item es noch cond(iti)e ende ondersproken dat de v(oer)s(creve) p(ar)tijen (om te vervangen de schulden ende andere lasten d(aer)inne zij gelijckelijck vuyt zaken van(den) sterffhuyse hunder ouderen ende schoenbroeder salger gehouden zijn ende anderssints) sullen gelijckel(ijck) en(de) tot hunder beyden coste ende proffijte doen affhouwen, bosschen en(de) binden allen het schaerhout, stru(n)ckhout oft steenhout dat overal opde voers(creve) goeden is staen(de), soo wel op deen als op danders gedeelte, nyettegenstaen(de) deser deylin(ge) dat ind(en) toecomen(den) winter anno lxxx oudt sal wesen sesse oft seven jaeren oft tselve gelijckel(ijck) ende ten gemeyn(en) proffijte als voer v(er)coopen ende indijen desen jegenwoirdighen troubelen tijt noch langere blijft duerende en(de) men tvoers(creven) hout, gel(ijck) voers(creven) is, nyet en can vercoopen oft geoirboiren en(de) alsoo langere dan voers(creven) is, moet blijven staende wassende, soo is conditie en(de) o(n)dersproken dat de gene die den gront daerop tvoers(creven) hout daerop sal moeten blijven staen(de) wassen(de) is toebehoiren(de), sal voer vuyt hebben ende nae advenant meer p(ro)fite(ren) dan den ande(re) van(den) jae(re) dat tvoers(creven) hout langer dan voers(creven) is, sal moeten blijven wassen(e), coram eisdem.

Insgelijcx es conditie ende ondersproken dat de voers(creve) parthijen om redenen als voer gelijckel(ijck) zulen vercoopen oft doen affhouwen alle opgaen(de) hout, op elcx een dander gedeelte staen(de), stuck voer stuck weert wesende xxiiii st(uyvers), maer daeronder nyet, ende men sal tvoers(creven) hout doen bijder weth oft ande(re) twee oft drij mannen van eeren (ter plaetsen woonende) daer tvoers(creven) hout is staende, doen schatten ende priseren ende oft iemant van(de) v(oer)s(creve) partijen oft deylderen tvoers(creven) opgaen(de) hout, op zijn stucken staen(de), begeert te behouden voerd(en) prijs, gelijck tselve geschat ende gepriseert sal wordden, dat zal hij mogen doen sonder eenich teghen segghen midts opleggende en(de) betaelen(de) terstont de gepriseerde somme ten proffijte als voer, cor(am) eisd(em).

 

Hieronder een akte met vermelding van Henricus Van Haecht.  Het gaat naar alle waarschijnlijkheid over Henricus Van Haecht die een eerste maal getrouwd was met Anna De Rijcke, een tweede maal met Margaretha Van Langendonck en een derde maal met Elisabetha Verhoeven

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7469, fol. 124r., akte dd. 24 september 1575.

Item heer ende m(eeste)r Anthonis Van(den) Heetvelde, canoninck der cathedraelder kercken van Sinte Baeffz tot Ghendt, heeft bekent en(de) geleden, kint en(de) lijdt midts des(en) aen he(m) gelost en(de) affgequeten te zijn(e) bij meeste(re) Henrick Van Haecht sesthien stuyvers erffel(ijck), ontquytbaer staen(de) bepandt op drije dachm(aelen) beempts, gelegen tot Haecht achter de woonin(ge) wijlen Jacops Vernoyen, nutertijt toebehooren(de) den voers(creven) m(eeste)re Henricken Van Haecht, schelden(de) alsoe den voers(creven) meeste(re) Henricken, zijn(e) goeden en(de) alle ande(re) deser behoeven(de), daeraff volcomel(ijck) quyte, promitt(entes) nullatenus alloqui sed semper satis erga quoscu(m)q(ue) obligan(do) et submitt(endo), coram Spira, Maelcote, septemb(ris) xxiiiia.

 

Hieronder twee opeenvolgende akten van dezelfde datum betreffende de familie Van Haecht.  In de akte wordt melding gemaakt van Anna De Rijck, huysvrouw van Henricus Van Haecht, en de kinderen van haar man, te weten Eustachius, nog minderjarig zijnde (dus minder dan 25 jaar), Anna Van Haecht, echtgenote van Guilielmus Rogmans, en Barbara (x Augustinus Van Looffelt).  Anna De Rijck en de genoemde kinderen dragen een eusel of beemd onder Werchter over aan Willem de Heda, secretaris van de Grote Raad van Mechelen, en zijn vrouw Anna Lancelots.  Het pand was aan Anna De Rijck toegevallen bij scheiding en deling dd. 11.10.1555 voor schepenen van Leuven.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7463, fol. 428r., akte dd. 14 juni 1570.

Item in tegenwoerd(icheyt) des meyers van Loeven(e), etc(etera), gestaen Anna De Rijcke huysvr(ouw)e m(eeste)r Henricx Van Haeght, Eustaes Van Haecht, sone des voers(creven) m(eesters) Henricx, mindere van jaeren wesende, ende Anna Van Haecht, zustere des voers(creven) Eustaes, met consente, wille, wetene en(de) overstaen(e) Willems Rogmans, huers mans, zoe inden naem(e) van hem zelven als oyck inden naem(e) van Barbelen Van Haecht, zuste(re) des voers(creven) Eustaes, daervoe(re) zij hem in desen sterck maeckten en(de) geloefden te v(er)vangene bij maniss(en) hebben opgedragen met behoerl(ijcke) v(er)thijdenissen een stuck eussels oft beempts, gelijck tselve geleghen es inde p(ro)chie van Werchte(re) tusschen de goeden m(eeste)r Willems de Heda in twee zijden ende de Lake ter derdde(re) zijden, chijsende onder joncker Fredricken Bothma als heere van(den) gronde, gelijck tselve stuck eussels der voers(creve) Annen De Rijcke bij deylinghe xia. octobris a(n)no xvc. lv voer schepen(en) van Loeven(e) toegevueght is geweest, exp(osito) soe es daerinne gegoet ende geerft ten erffel(ijcken) rechte de voerscr(even) m(eeste)r Willem de Heda, secret(aris) inden Grooten Rade tot Mechelen, tot behoeff van hem zelven en(de) van jouff(rouw)e Anna Lancelots, zijn(e) huysv(rouw)e, p(er) mo(nitionem) et sat(is) et war(as) op omtrent een oirt chijs aen(den) voers(creven) gronthee(re) ende dat ts(elv)e es geleghen onde(r) een(en) kue(re) ta(m)q(uam) prout jure, cor(am) Roelofs, Dormale, junii xiiii.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7463, fol. 428v., akte dd. 14 juni 1570.

Item de voers(creve)n m(eester) Jan Schellekens en(de) Philips Van Haeght, woonen(de) te Loeven(e), in presentia, hebben geloeft ende geloven mits desen den voers(creven) m(eesteren) Willem(en) de Heda ende zijne voers(creve) huysv(rouw)e vuyt crachte van(de) voers(creve) opdrachten int voersc(reven) eeussel te houdene ende zoe vele te doene dat hen tselve peysselijck ende vredelijck zal volghen ende dat tertijt toe de voers(creve) app(ro)batie bijd(en) voers(creven) Eustassen ende Berbelen zal gedaen wesen ende hen gehuysschen zal volcomen guedinghe gedaen wesen ta(m)q(uam) assecut(um), obligeren(de) en(de) submitteren(de), ende hieraff heeft de voers(creve) Anna De Rijcke, Eustaes en(de) Anna Van Haecht metten voers(creven) Willem Rogmans, hue(ren) man, geloeft den voers(creven) Philips en(de) Schellekens costeloos ende schadeloos tontheffene ende te inde(m)pnerene ende voerts heeft de voers(creve) Anna De Rijcke metten voers(creven) Eustaes Van Haeght geloeft den voers(creven) Willem(en) Rogmans van des voerscr(even) es, costeloos ende schadeloos tontheffene ta(m)q(uam) assecut(um), cor(am) eisd(em).

 

Henricus Van Haecht (x Anna De Rijcke xx Margaretha Van Langendonck xxx Elisabetha Verhoeven) geeft volmacht aan zijn zoon Eustachius en aan zijn schoonzoon (behouwt zone) Guilielmus Rogmans (x Anna Van Haecht) om zijn zaken, zowel in eigen naam als in naam van zijn waargenomen functies, te laten behartigen.  Uit de akte blijkt dat hij niet alleen rentmeester is geweest van de Sint-Jobskerk te Wezemaal, maar ook rentmeester van de Sint-Michielskerk, de Heilige Geesttafel en de huisarmen van die parochie te Leuven.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7854, fol. 402r., akte dd. 17 maart 1569.

Allen dat meester Henrick Van Haeght, zoe in zijn(en) name en(de) als rentm(eeste)re geweest hebben(de) vand(er) kercken van S(in)t Job tot Wezemale en(de) vand(er) kercken, Heyligengeest en(de) huysarmen van S(in)te Michiels en(de) Groot Gasthuys van Loven(e) ende heeft in dijer qualiteyt geconstitueert Eustaes(en) Van Haeght, zijnen sone, en(de) Willem(en) Rogmans, zijn(en) behouden zone, aut ad recipien(te) ende den zelven en(de) Moons, Wittrincx, Boxtuyn, Putte, Veken, Vleesch(ouwere), Brezijp, Vliet, m(eeste)r Otto Van Haechten, m(eeste)r Jan(nen) Petri, Henr(ick) Vrancx, m(eeste)ren Wouteren Spoelberch, m(eeste)r Willem(en) Borchgreve, Jan(nen) De Rijcke tot Here(n)t aut quoad lites cum potestate sub(stituen)di p(ro)mitt(ens) rat(um) salvo cale, coram Dormale, Goerts, xvii. m(ar)tii.

Hieronder een akte met vermelding van Henricus Van Haecht en zijn echtgenote Anna De Rijck als inwoners van Werchter, die gegoed werden in drie vierendelen land in het Ros onder Wezemaal.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7461, fol. 299v., akte dd. 19 januari 1567.

Item in tegewoirdicheyts des meyers van Loven(e), etc(etera), gestaen Willem De Kepper sone wijlen ... [n.v.], woonen(de) te Wezemale, voer de drij deelen van drije vierendeelen lants nabescreven, de selve Willem, Jacop Van(den) Calster ende Henrick Boschmans als tuteurs ende momboirs van Henricken Van Wezere sone wijlen Jans totter tutele ende momborije, bij d(er) weth van Wezemale d(aer)toe behoirlijck geauctoriseert zijn(de), blijcken(de) bijd(er) actie auctentyck d(aer)aff zijn(de) in date xiii. ja(nua)rii lestleden, alhier gebleken, voer het ander vierendeel der voirs(creve) drije vierendeelen, gelijck tselve int geheel gelegen is int Ros tusschen de goeden Henricx Van(den) Paenhuyse ter eenre, des heeren bosch van Wezemale ter iier., derffgen(amen) Jans Van Kelfts ter derder ende de goeden m(eeste)r Henricx Van Haecht ter vierder zijden, exp(osito) soo is d(aer)inne gegoedt ende geerft ten erffel(ijcken) rechte de voirs(creven) m(eeste)r Henrick Van Haecht, soo tot behoeff van zij selven als tot behoeff van Anna De Rijcke, zijn(e) huysvrouwe, woonen(de) te Werchtere, p(er) mo(nitionem) et sat(is) ind(ivisim) et war(as) voe(r) ombelast prout jure, cor(am) Roeloffs, Kelft, ja(nua)rii xixa.

 

Uit dit huwelijk:

 

1. Van Haecht Eustachius, ° ca. 1546,

 

Van Haecht Anna, XIV - XV (S + N),

 

Van Haecht Barbara, XIV (S),

 

1b. Storms Barbara, x met Adolphus Van Hofstayen,

     Uit dit huwelijk:

     Van Hofstayen Franciscus,

     Van Hofstaden Maria,

     Van Hofstaden Theresia.

 

2. Van Haecht Maria, (°) Haacht 01.08.1589,

 

Van Haecht Petrus, (°) Haacht 06.01.1591,

 

Van Haecht Michael, (°) Haacht 09.05.1593,

 

Van Haecht Guilielmus, (°) Haacht 28.01.1596, x Haacht 31.01.1627 met Barbara De Rijck,

     Uit dit huwelijk:

     Van Haecht Henricus, (°) Haacht 05.10.1627, 

     Van Haecht Jacobus, (°) Haacht 28.07.1630,

     Van Haecht Anna, (°) Haacht 11.08.1633, 

 

Van Haecht Henricus, (°) Haacht 17.05.1598,

 

Van Haecht Jacobus, (°) Haacht 21.01.1601,

 

Van Haecht Anna, (°) Haacht 17.12.1603, x met Wilhelmus Rogmans,

     Uit dit huwelijk:

     Rogmans Elisabeth,

     Rogmans Catharina.

 

 

 

XV - Van Essche Aert (S9424), ° ca. 1540, x met Anna Van Haecht (S9425).

 

Aktes i.v.m. dit gezin vind je in het parenteel van Van Essche Aert.

 

Uit dit huwelijk:

 

Van Essche Michael, ° ca. 1565, x Haacht 21.09.1593 met Catharina De Lange,

     Uit dit huwelijk:

     Van Essche Catharina, (°) Haacht 09.10.1594, 

     Van Essche Maria, ° Haacht 20.01.1596,  x Haacht 09.11.1620 met Henricus Mesmaeckers,

     Van Essche Anna, (°) Haacht 28.08.1597, x Haacht 08.09.1623 met Carel Verschuren,

     Van Essche Emerantiana, (°) Haacht 09.01.1601, x 1 met Andries Van L/Roije, x 2 met Peeter Van Thienen,

     Van Essche Margareta, (°) Haacht 17.03.1602, x Haacht 26.11.1628 met Nicolaus Bloems,

     Van Essch Catharina, (°) Haacht 17.03.1602, 

 

Van Essche Arnoldus, XIV (S4712), ° ca. 1570,

 

Van Essche Philippus.

 


 

XIV - XV - Rogmans Wilhelmus (S + N), x met Anna Van Haecht.

 

Aktes i.v.m. dit gezin vind je in het parenteel van Rogmans Wilhelmus

 

Rogmans Elisabeth, x met Hendrik Brugmans,

      Uit dit huwelijk: 

     Brugmans Maria, ° ca. 1605,

     Brugmans Henricus, ° ca. 1609Brugmans Catharina, (°) Betekom 10.10.1611 (g. De Soemer Joannes en Rogmans Catharina),

      Brugmans Joanna, (°) Betekom 20.08.1616 (g. Petri Wilhelmus en Vande Voerster Joanna),  

 

Rogmans Margriete, x met Hendrik Craesbeke,

 

Rogmans Catharina, XIII - XIV.

 

 

 

XIV - Van Loossen - Van Loosvelt Augustyn (S13942 + S19850 + S20286), ° ca. 1555, x met Barbara Van Haecht fa Mr. Hendrik (S13943 + S19851 + S20287), deze x 2 met Lauwers alias Donckers Anthonis (S10236 + S11064S11688 + S11724 + S19288 + S40544), deze x 1 met Anna Yev(n)en (S10237 + S11065 + S11689 + S11725 + S19289 + S40544), x 2 met Cathlijn Van Hove (S + N), haar gezin bij Van Hove.

 

Een heleboel aktes i.v.m. dit gezin vind je in het parenteel van Van Loossen - Van Loosvelt Augustyn.

 

Uit dit huwelijk:

 

1. Maria Van Loosvelt, XIII (S9925 + S10143),

 

 Van Loossen Anna, XIII (S6971),

 

2. Lauwers alias Donckers Laurentius, x met De Wortelaer Lisken, schipper en eigenaar van 'De Wildeman', een mooi huis gelegen in de Brabantstraat.

     Uit dit huwelijk:

     Lauwers Catharina, (°) Haacht 11.01.1589,

     Lauwers Jan, (°) Haacht 16.04.1591, schipper, x Haacht 19.10.1614 met Ingels Anna,

          Uit dit huwelijk:

          ...

          Lauwers Joannes, (°) Werchter 07.10.1618 (g. Van Hoegaerden Joannes ex Leuven en Lauwarts Petronilla),

          Lauwers Anthonius, (°) Werchter 16.02.1620 (g. Dauw Anthonius en Verhulst Catharina),

          Lauwers Joannes, (°) Werchter 18.08.1621 (g. De Worteleer Joannes en Meutters Maria),

          Lauwers Petrus, (°) Werchter 18.08.1621 (g. Lauwers Petrus en Verhulst Catharina uxor Stoop),

          Lauwers Petrus, (°) Werchter 28.09.1622 (g. Lauwers Petrus (nauta: schipper) en De Wortelaer Elijsabeth ex Haacht),

          Lauwers Carolus, (°) Werchter 10.12.1624 (g. Verbeke Carolus en Van Putteghem Emerantiana n. Verscuren

            Magdalena uxor Petrus dixit Droogen Peter),

     Lauwers Anna, (°) Haacht 16.01.1594,

     Lauwers Petronella, (°) Haacht 21.07.1596, + Leuven Geertrui 19.11.1668,, x (niet Rot, H, ) met Dauwen Antonius,

     + Leuven Geertrui 08.02.1640, fs Joannes x Anna Verhoeven,

          Uit dit huwelijk: geen andere fii Mech, H, W, Rot, Wez, K,

          Dauwen Joannes,

          Dauwen Anna, (°) Rotselaar 04.10.1620 (g. Dauwen Joannes sr en Ingels Anna),

          Dauwen Catharina, (°) Rotselaar 06.04.1622 (g. Vanden Berge Henricus en Goor Catharina),

          Dauwen Oliverius, (°) Rotselaar 30.12.1635 (g. Wijbrechts Oliverius en De Cael Gudula),

          Dauwen Rumoldus,

          Dauwen Petrus ,

          Dauwen Maria,

          Dauwen Barbara, begijn op het Klein Begijnhof Lauven, (°) Leuven Geertrui 11.06.1638, 

 

Lauwers Lucia, ° ca. 1555, x met Cornelis Verbeeck,    

 

Lauwers Elisabeth, x met Hendrick Van Dijcke, geen gegevens in W, H,

 

Lauwarts Peeter, XIII - XIV - XV (S5118 + S5532 + S5844 + S5862 + S9644 + S20272).

 

Terug naar startpagina Terug naar startpagina stamboom