Voorouderlijst Van Ermegem Egidius
 

 

Ermengem Van, Van Ermengen, Van Ermingen, Van Ermegem

1. Familienaam uit de verdwenen plaatsnaam Hermengem in de buurt van Gavere (Oost)Vlaanderen),

2. Uit uit de plaatsnaam Hermelgem (Oost-Vlaanderen),

3. Of uit de gelijknamige en verdwenen plaatsnaam ergens in Vlaams-Brabant ?

 


 

XV - Van Ermegem Egidius (M23000) ca. 1530, x met ...

 

SAL 7859 fo 214: 5 jan 1575 Egidius Van Ermegem commorans apud Wackerzeel emancipavit Henricum suum filium a pane

 

Uit dit huwelijk:

 

Van Ermigeen Elizabeth, x 1 Wakkerzeel 05.09.1600 (g...) met Verhulst Guilielmus, x 2 met Bernardus Vanden Driesche,

Hierbij een akte (met dank aan Paul Peeters) met vermelding van Guilielmus Vander Hulst (Verhulst) en zijn vrouw Elisabetha Van Ermegem.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8252, folio 88r., akte dd. 7 februari 1629.

Item in presentie des meyers ende den schepenen van Loven naebes(chreven) gestaen Carel Jensema en(de) jouff(rouwe) Maria Van Wamel, gehuysschen, hem in desen sterckmaeckende voer Guilliam Van Wamel (huns gehuysschen respective swagher en(de) broeder), gelovende hem in dijen te hebben dat hij tghene naebes(chreven) staet, sal comen lauderen en(de) approberen, hebben opgedraghen, gecedeert en(de) getransporteert, draghen op, cederen en(de) transporteren midts desen, eene erffelijcke rente van drije r(ins)g(uldens) tsiaers, die gheldende en(de) ten laste geleght is Willem Vander Hulst en(de) Elizabeth Van Ermeghem, gehuysschen, volghens sekere scheydinghe en(de) deylinghe, gepasseert voer schepenen alhier in date ix. marty 1611 in 3a. en(de) gehipoticeert op die groote schuere, geleghen tot Wackerzeel, metten helft vanden bloke daer aen geleghen, groot ontrent onderhalff dachmael, reghenooten Claes Goorts ter ie., het Groot Kestervelt ter iie. en(de) tgoet des voers(chrevren) Willem V(er)hulst ter iiie. zijden, welcke voors(chreve) rente van iiie r(ins)g(uldens) erffelijc nu wordt betaelt bij Bernaerdt Vanden Driessche en(de) Elizabeth Van Ermeghem voors(chreven), expositis per mo(nitionem) wijsdomme der schepenen van Loven impo(situs) est m(eeste)r Jan Boyens inden naeme en(de) tot behoeff van jouff(rouwe) Jozina De Vos en(de) die voers(chreve) opdragheren en(de) transportanten oblig(ando), sub(mittendo) en(de) renuncia(ndo) in forma et waras voer eene goede, nyet belaste noch v(er)alieneerde rente, gelovende voirts die voers(chreven) Bernaerdt en(de) Elizabeth Van Ermeghem, alhier present, die voers(chreve) rente van iii r(ins)g(uldens) jaerlijcx wel, loffelijck en(de) personelijcken te betaelen, mede ter manisse casu quo te bepanden op anderere (!) loffelijcke ende sufficiente panden, gelegen onder den resorte van Loven, weert sijnde boven alle commeren en(de) lasten daer te vorens vuytgaende, dobbele rente, coram Berckel, Stockmans, feb(ruarii) viia., 1629.

Comparerende den voers(chreven) Guilliam Van Wamel, heeft tvoers(chreven) transport gelaudeert en(de) geapprobeert in allen en(de) iegewelcke sijne poincten, eodem in alles volghens die costuymen deser stadt, coram Vand(er) Vorst, Assche, Stockmans, feb(ruarii) ix., 1629

F. Mutsen.

 

Hierbij een akte met vermelding van Elisabetha Van Ermegem. Uit de akte blijkt dat zij eerst gehuwd was met Guilielmus Verhulst en dat zij daarna hertrouwde met Bernardus Vanden Driesche.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8250, folio 58r., akte dd. 24 maart 1623.

Item in p(rese)ntie des meyers, scep(enen) en(de) eygen(genoten), ec(etera), gestaen Eliz(abe)t Van Ermegem wed(uw)e wijlen Willems Verhulst met consente en(de) overstaen Bernaert Van(den) Driesche, haeren man en(de) momb(oir), behoirl(ijck) geautoriiseert bijde sel(ve) van(de) weescame(re) deser stadt in date den xi. meert 1623, ondert(eeckent) Schoerenrbroot, gesien en(de) gelesen, hebben opged(rage)n met ressche en(de) rijse drij vieren(deelen) lants, gelegen onder Rotselaer opt Blommaerts Velt, regen(oten) de wed(uw)e Niclaes Goirts in ii, Henrick Gobbeleyns ter iii. en(de) den voetwech naer Wackerseele ter ande(re) sijd(en), volgen(de) de deylin(ge) in date xix. meert 1610 in 3., expositis imposit(us) Gerart Ingelborgh tot behoeff Willems Van Langendonck, hier waeren over Borchgreve, Beringen, scep(enen) en(de) eygen(genoten), item s(ieu)r Michiel Pa(n)nis en(de) Guil(lam)e Impens, insgel(ijcx) eygen(genoten), coram quibus obligeren(de), sub(mitterende) en(de) renuntie(rende) in for(m)a, et waras voor vrij, eygen(en) en(de) onbelast goet, soe dat den voorngen(oempden) coopere, sijn(e) erfgen(aemen) en(de) actie hebben(de), in toecom(ende) tijd(en) genoech sal sijn, actum den xxiiii. meert 1623.

 

Nogmaals een akte met Elisabeth en Guilielmus Verhulst en haar tweede man Bernardus Vanden Driesch. Het gaat om een verzoekschrift dat op 11.03.1623 door Bernardus Vanden Driesch werd ingediend bij de weesmeesters van Leuven. Bernardus Vanden Driesch en zijn vrouw Elisabetha waren belast met zware schulden, die door wijlen Guilielmus Verhulst bij zijn overlijden werden achtergelaten. Guilielmus had gedurende de laatste drie jaar van zijn leven ziek gelegen en uiteindelijk was hij gestorven "vanden cancker" zonder nog enig "gereet" geld achtergelaten te hebben en zonder de vaste kosten (straetschulden) en openstaande renten betaald te hebben. Bovendien had het gezin erg geleden onder de schade, veroorzaakt door een brand ingevolge de doortocht van vijandelijke troepen te Herent en omgeving. Om tegemoet te komen aan de openstaande schulden zag Bernardus Vanden Driesch geen ander middel dan goederen te verkopen die inmiddels voor de eigendom verstorven waren aan de nog minderjarige kinderen van Elisabetha Van Ermegem en haar eerste man. Hiervoor was dan wel de toelating van de weesmeesters van Leuven nodig. De voogden van de minderjarige kinderen waren Christophorus De Rijs (De Rese) en Henricus Verhulst, deze laatste als broer van Guilielmus. Twee van de minderjarige kinderen werden ook bij naam genoemd in de akte, met name Judocus, 18 jaar, en Anna, 21 jaar.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8250, folio 59r., akte dd. 11 maart 1623.

De heeren weesmeesteren en(de) overmomboiren deser stadt Loven gesien hebbende die req(ues)te, henlieden gep(rese)nteert bij oft van weghen Bernaerts Van(den) Driesch, tegenwoordel(ijck) gehoudt wessende met Elisabeth Van Ermeghem, weduwe was wijlen Willems Verhulst, inhouden(de) hoe dat hij suppl(ian)t hem vonde beswaert met diverssche groote ende swaere schulden, achtergelaeten bijd(en) voors(chreven) Willem Verhulst ende gemaeckt bij oorsaecken hij langhen tijt als wel die drij jaeren voor sijn doot continuelijcken sieck hadde gelegen, soo hij ten lesten oock vanden cancker was gestorven, naerdyen hij alle zijn gereet hadde verteert ende de bovenschreven soo straetschulden als jaerlijcxsche renten hadde gemaeckt, om welcke te betaelen ende eenichsints te blusschen, hij supp(lian)t egeene bequaeme middelen en wiste, des alnoch te min door die groote schaede die hij en(de) sijne huysvr(ouw)e het voorleden jaer hadden gelegen, soo door den brandt ind(en) voorled(en) tochte van het volck van(den) vijant tot Herent en(de) daer ontrent geschiedt als anderssints, waerdoere een(en) iegelijken van(den) dorpe en(de) onder anderen oock mede die suppl(ian)t bijde gemeynte op seeckeren penninck waeren geschadt, ten waere hem wordde gepermitteert eenighe erffgoeden van zijn(e) huysvr(ouw)e (die alreede door dafflijvich(eyt) des voors(chreven) Verhulst) op haere kinderen waeren gedevolveert, te moghen vercoopen, waerinne de selven zijn(e) huysvrouwe ende die twee oudtste van haere kinderen, oudt wesende respective xx ende xxi jaeren waren consenteren(de), dan alsoo die coopers hen daermede nyet en souden willen te vreden houden, soe was zijn bidden dat hem suppl(ian)t ende zijne voors(chreve) huysvrouwe zoude worden gepermitteert vande selve haere goeden te moghen vercoopen, onder andere eene rente van twee guldens erffel(ijck), bepandt op huys ende hoff van Willem Van Ermeghem ende tot dijen alnoch een stucxken van drije vierendeelen landts, gelegen onder Rotselaer opt Blommersvelt, om met de penninghen daervan te procederen, de voors(chreve) schulden eenichsints te moghen vervanghen en(de) betaelen, waerop bijde voors(chreve) heeren weesm(eeste)rs rijpelijck geleth wesende ende daerover gehadt hebbende het schriftelijck advis van Christoffel De Rijs als momboir der voors(chreve) weeskinderen, gepasseert voorden not(ari)s Schuttepunt opden iiiien. meert 1623, ende tot dijen mondelinghen verhoort hebben(de) Hendrick Verhulst, vaederlijcken oom der sel(ve) weesen, die welcke van(de) voors(chreve) lasten ende schulden te vollen waeren geinformeert ende oversulcx inden versuecke des suppl(ian)ts waren consenteren(de) ende accorderen(de), soo insgel(ijcx) deden Joos Verhulst, oudt xviii jaeren, en(de) Anna, zijne zustere, oudt xxi jaeren, soo hebben die sel(ve) heeren twee partijen geconsenteert ende consenteren midts desen, authoriseren(de) oversulcx den suppl(ian)t ende zijne huysvr(ouw)e om die coopers der sel(ve) vaste ende behoorlijcke goedenisse te doene, behoudelijcken nochtans het selve verclairende te geschiede[n] publicquelijcken ende metten vuytganck vande brandende keersse ende voerts des versocht wesen(de) van zijn(en) ontfanck ende vuytgeven doen behoorlijck bewijs ende reliqua, aldus gedaen ter weescamere voors(chreven) opden xien. meert 1623 ten overstaen jo(ncke)r Ph(i)l(ip)s Van Schore, Beringhe, ende Leunckens, weesm(eeste)ren, mij p(rese)nt secretaris.

Quod attestor, J. Schorenbroot, 1623.

 

Hierbij nog een akte met vermelding van Elisabetha Van Ermegem, een eerste keer gehuwd met Guilielmus Verhulst en een tweede maal met Bernardus Vanden Dries(ch). Het lijkt wel het vervolg van de akte waarbij Bernardus een verzoekschrift indiende bij de weesmeesters van Leuven, waarvan ik op heden voormiddag reeds melding maakte.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8250, folio 69v., akt dd. 12 mei 1623.

Item in p(rese)ntie des meyers, etc(etera), gestaen El(i)z(abe)t Van Ermegem wed(uw)e wijlen Willems Verhulst, geassist(eer)t met Bernart Vanden Dries, haeren tegenwoerd(igen) man en(de) momb(oir), heeft opged(raegen) met behoirl(ijck) geautoriseert bijde hee(ren) weesm(eeste)ren der stadt Loven in date den xi. meert 1623, gesien ende verthoont, heeft opgedraegen met wettige vertijdenisse twee guld(ens) erffel(ijck), bepant opt huys van Willem Van Ermegem volgen(de) hunne deylin(ge) d(aer)afff sijn(de) in date marty xix., lib(ro) 1610 in 3., exposita impositus de voers(chreven) Willem Van Ermegem per mo(nitionem) et satis et waras dat de selve rente bij dopdraegeren nyet en is verhandelt belast noch verhandelt onder ob(ligatie), sub(missie) en(de) renunt(iatie) in for(m)a, coram orchgreve, Beringen, maii xii., a(nn)o 1623.

 

Elisabetha Van Ermegem emancipeert met akkoord en in aanwezigheid van haar huidige man Bernardus Vanden Dries haar kinderen Leonardus, Henricus, Petrus, Martinus, Anna en Susanna, die zij behouden heeft van wijlen haar (eerste) man Guilielmus Vander Hulst (Verhulst). Dit toont nog maar eens aan hoe onvolledig die parochieregisters wel zijn!

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8248, folio 381r., akte dd. 9 oktober 1621

Transcriptie.

Item in p(rese)ntia scab(inorum), etc(etera), constituta El(i)z(abe)t Van Ermegem vidua

quondam Guilielmi Vander Hulst de consensu et interesse

Leonardi Bernardo Vanden Dries, sui moderni mariti, emancipavit

modo debito in for(m)a Leonardu(m), Henricu(m), Petrum,

Martinu(m), Annam et Susa(n)nam Vander Hulst, proles, quas

retinuit a dicto suo marito, quo facto G. Impens

easdem reonduxit, cora(m) Heyden, Beringen, octobris 9.

     Uit dit huwelijk:

     Verhulst Leonardus, 

     Verhulst Anna, () Wakkerzeel 30.12.1601 (g. Verhulst Egidius en Verelst Anna),

     x Wakkerzeel 21.02.1634 (g. Vande Put Petrus, Verhulst Judocus, Verhulst Henricus en Hubertus Gobbelens) met Gobbelijns Petrus,

     Verhulst Judocus, () Wakkerzeel 05.02.1605 (g. Verhulst Judocus en Verhulst Anna),

     x 1 met Catlijn Vandendriesche, x 2 Wakkerzeel 04.02.1642 (g. Van Ermighen Antonius en Van Essche Deodatus) met Van (de) Ryn Anna, fii in Wak, 

     Verhulst Henricus,

     Verhulst Petrus,

     Verhulst Martinus, 

     Verhulst Susanna, 

 

Van Ermegeen Henricus, XV (M11500),

 

Van Ermigeen - Van Ermigeem - ... Adriana, wonen Herent, x (niet Wak!, ) met Cremers - De Cremer Egidius, fs Petrus x Jacoba Van Dalem,

In de volgende akte (met dank aan Paul) staat enerzijds Adriana (Adriaenken) Van Ermegem weduwe Egidius De Cremer met haar schoonbroer Gerardus De Cremer en Georgius (Joris/Gregorius) Vanden Dale als voogden van haar minderjarige kinderen vermeld en anderzijds Philippus De Haen (x Catharina Van Crochten. Georgius Vanden Dale (Vanden Dael) is ook de doopheffer van haar zoon Georgius Cremers.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7899, folio 500v., akte dd. 18 februari 1636.

Item in tegenwoirdicheyt des meyers, en(de) schepen(en) en(de) eygengenoten naebescreven gestaen Adriaenken Van Ermegem wed(uw)e wijlen Gielis De Cremere voerde tocht en(de) Geeraert De Cremere, broedere des v(oer)s(chreven) wijlen Gielis, en(de) Jooris Van(den) Dale, beyde als momboirs van(de) ombejaerde kinderen des v(oer)s(creven) wijlen Gielis ende Adriaenken v(oer)s(creven), per mo(nitionem) hebben opgedraegen met behoorelijcke verthijdenisse v(oer)s(creven) en(de) met ressche ende rijse de hellicht van een halff dachmael landts, gelegen te Herent op tvelt, geheeten de Waterleese, regenoten de leygrecht ter eenre, de wed(uw)e Willems Van Ermegem ter tweedere, derffgen(aemen) Symon Paelmans ter derdere en(de) Geert Ingelberts ter vierder zijden, exp(osito) soo is daerinne behoorel(ijck) gegoeyt en(de) geerft ten erffelijcken en(de) eygen rechte Philips De Haen per mo(nitionem) jure et satis die v(oer)s(chreve) transportanten oblig(ando) et submitt(endo) in forma, hier waeren over Michiel Pannis, lieuten(ant) des meyeren meyers van Loven, item hunne eygen p(er)soon(en) en(de) goederen in forma, hier waren over Lievens, Van(der) Heyden, schepen(en) te Loven en(de) eygengenoten, item s(ieu)r Michiel Pannis, lieuten(ant) des meyers van Loven ende) Jaspar Van Schutteput, insgel(ijcx) als eygengenoten, coram quibus die voers(creve) transportanten oblig(ando) et submitt(endo) ind(ivisi)m hunne eygen p(er)soon(en) en(de) goeden, mede die goeden der v(oer)s(creve) weesen in forma, et waras voer vrij, eygen goet, onbelast en(de) ongealieneert, quiquidem allodii consortes rogantes, quod faciunt scabini predicti en(de) om de v(oer)s(creve) coopere te bat te v(er)sekeren, soo hebben heeft de v(oer)s(creven) transportanten Geeraert De Cremere de licen(tia) villici opgedragen met behoorel(ijcke) v(er)thijden(isse) in voer onderpant in plaetse van cautie vijff vierendeelen lants opt Croonens Velt onder Herent, regenoten sheeren straete ter ie., den hee(re) pensionaris Sylvius ter andere, Willem De Smet ter derder en(de) derffgen(aemen) van Anthoen Servrancx ter vierd(er) zijd(en), exp(osito) imp(ositus) est de v(oer)s(creven) Philips De Haen en(de) dat bij maniere van cautie en(de) onderpant voer de voers(chreve) geloefte van satis et waras, voerder oft anderss(in)s yet, act(um) xviii. februarii 1636.

Item die v(oer)(creve) Adriaenken Van Ermegem heeft bekent van(den) v(oer)s(chreven) Philips De Haen voerden prijs van(de) hellicht van dit half dachm(ael) lants ontfangen te hebben die so(m)me van vijftich guld(ens) eens en(de) dat met consente der v(oer)s(creve) momboiren om haer daer mede te behelpen in haren noot en(de) hunne hare kinderen op te voeden en(de) te coopen een koye en(de) anderssins om d(aer)op te leven, coram eisdem, daerinne de v(oer)s(chreve) momboirs hebben geconsenteert en(de) consenteren bij desen coram eisdem.

 

In de akte wordt melding gemaakt van Egidius De Cremer(e) en zijn vrouw Adriana Van Ermege(e)m. Uit de akte blijkt dat Egidius de zoon is van Petrus De Cremer en Jacoba (of Jacobina) Van Dalem.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8255 fol. 103v., akte dd. 9 juli 1633.

 In tegenwoordicheyt des meyers ende schepenen ende eygengen(oten) van Loven naergen(oempt) Gillis De Cremere soone Peeters met Adriana Van Ermegeem, gehuysschen, woonende tot Kelffs onder Herent, ende neffens hem den voors(chreven) Peeter De Cremere, weduwere van wijlen Jacquemijne Van Dalem, sijne huysvrouwe, hebben tsamender handt opgedragen het aenpaert ende kintsgedeelde, op den voors(chreven) Gillis voor een derdepaert gedevolveert ende verstorven in derffelijcke goederen van sijne ouders goederen voorgemelt, tegenwoordich alnoch bij hunnen vadere betocht, soo ende gelijck als dye sijn gelegen onder Herent voors(chreven) ende Thieldonck, te weeten huys ende hoff met omtrent negen dachmaelen erffven daeraene en(de) bij ghelegen onder Herent te Cuelen, regenoten onder andere sheeren straete in twee zijden, de leybeke ter iii., mevrouwe van Thieldonck ter derdere zijden ende derffgen(aemen) van Hendrick Vriendts ter andere vierdere zijden.

Item noch een boender landts, gelegen Wijchm(ael) onder Herent opt Wijvelt, regenoten sheeren straete en(de) Gerardt Van Varenbergh, den voetwech daer over loopende en(de) t' cap(pite)le ter and van S(in)te Peeters ter andere zijden.

Ende van meer andere parceelen, naermaels ter manisse te specificereen, waranderende allen de selve op omtrent achthien g(uldens) siaers.

Item dye gehuysschen dragen noch op huys ende hoff onder Kelffs, groot drije dachmaelen en(de) een halff, regenoten sheeren straete ter i., jouff(rouwe) Van Cale ter andere zijden, tselve waranderende op omtrent xxiiii g(uldens), wesende eensdeels bij dopdrageren gecocht ende dye reste op hun verstorven van wegen de voors(chreve) Adriana.

Item noch vijff vierendeelen landts bijde Waterleeze onder Kelffs, regenoten het Groot Kelffster Velt ter i., de wed(uw)e jouff(rouwe) Martina Cremers weduwe Oliverii ter ii., derffgen(aemen) Willems Van Ermegeem ter iii. ende Geerdt Ingelborch ter iiii. zijden, waras op sheeren chijns vanden gronde, exposit(o) imposit(us) jure hered(itario) et allodiali Lucas Claes per monit(ionem) ende tselve gedaen, heeft dye goederen den opdrageren wederomme overgegeven om de (!) dye te hebben ende te houden eodem jure terminis ende voorts meer op eene voortaene rente van negen rinsguldens siaers te twintich st(uyvers) den guld(en) ende te drije plecken Brabants elcken st(uyver) gerekent, munte binnen Loven geevalueert, t' elcken jaere te lieveren date deser, los ende vrije van x., xx., c., mindere ende meerdere penn(ingen) mede van allen andere subventien, ingestelt oft inne te stellen, binnen Loven als schult met rechte verwonnen, et satis dye voors(chreve) opdrageren obligantes et submitten(tes) ac renunc(iantes) prout in forma, et waras dye voors(chreve) goederen opde lasten bovengespecificeert, voorts hebben dopdrageren gelooft dese rente jaerlijcx loffelijck te betalen ende binnen Loven te lieveren, obligantes, etc(etera), ende geloven de gehuysschen hunnen vadere van desen costeloos tontheffen, oblig(ando), etc(etera), met conditie van te mogen lossen teender reysen den pen(ninck) xvi ende met volle rente, al losgelt, binnen Loven gelievert, belovende aff te dragen pontpen(ningen) en(de) allen andere costen, hier waeren over jonck(er) Gillis Van(der) Vorst ende jonck(er) Carle Van Pulle, getuygen tot desen gebeden schepenen en(de) eygengenoten van Loven, item s(ieu)r Pannis, lieutenant, ende m(eeste)r Jan Servaes, n(o)t(ari)s, insgelijcx eygeng(enoten), quiquidem hec, etc(etera), july ix., 1633. 

            In de marge.

Op heden desen 22en. juny 1641 gestaen Lucas Claes, heeft bekendt ontfangen te hebben vuyt handen Peeters Van Caerle als coopere vande panden, de capitaele pen(ningen) mette verlooopen der rente van den negen guldens erffelijck, int witte van deser begrepen, gelovende alsoo ter saeken van dien niet meer te heyschen oft te pretenderen, sed semper satis et waras erga quoscumq(ue), quare hic vacat et signavit. Lucas Claes.

 

Hierbij een akte met vermelding van Egidius De Cremer zone Petrus en Adriana Van Ermegen, inwoners van Kelfs onder Herent, enerzijds en Guilielmus Van Ermegem en Joanna Gordts anderzijds.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7514, folio 86r., akte dd. 18 november 1624.

Item, in p(rese)ntia, et(ceter)a, gestaen Gielis De Cremer sone Peeters en(de) Adriana Van Ermegem, gehuysschen, woonen(de) tot Kelffs onder Herent, per mo(nitionem) hebben indivisim opgedraegen met behoorel(ijcke) v(er)thijden(isse) de hellicht van huys en(de) hoff, tsaemen groot ontrent vijff dachmael, soo weyde als landt, d(aer)aff dander hellicht is competeren(de) Willem Van Ermeghem, gelegen tot Kelffs voors(chreven), regen(oten) sheeren straete in twee zijden, Willem V(er)hulst in twee zijden ende Christoffel De Rese ter ve. zijden, expos(ito) impos(itus) est die voors(chreven) Willem Van Ermeghem, soo voor hem als voor Johanna Gordts, sijne huysvr(ouw)e, hennen erffven en(de) naercomelingen, per mo(nitionem) et satis die voors(chreve) opdraegeren indivisim obligan(do) et submitten(do) prout in forma et waras tv(oor)s(chreven) geheel goet in alles op xvii rensgul(dens) erffel(ijck) en(de) sheeren chijns van(den) gronde, in mindernisse van welcken coop, bedraegen(de) drije hondert vijfftich rens(guldens) eens boven de lasten en(de) chijnsen, hier voor gespecificeert, nemen die v(oor)s(chreve) cooperen thennen laste te betaelen en(de) den v(oor)s(chreven) v(er)cooperen geloven midts desen d(aer)aff costeloos en(de) schadeloos t' ontlasten en(de) t' ontheffen ierst negen gul(dens) erffel(ijck), die sij v(er)cooperen geldende sijn aen Lucas Claes, item sesse gul(dens) erffel(ijck) aen tHeylich Sacraments aultaer inde kercke van S(in)te Geertruyden alhier, item noch dertich st(uyvers) erffel(ijck) aen Hans Van Haecht, geloven(de) die v(oor)s(chreve) cooperen indivisim die v(oor)s(chreve) renten jaerlijcx soo in tijts te betaelen, dat die v(oor)s(chreve) v(er)cooperen, henne erffven en(de) naercomelingen oft henne goeden daervoor nyet en sullen beschadicht sijn noch aengesproken wordden, obligan(do), et(ceter)a, in forma, coram Roeloffs, Plaines, 9bris. xviiia., 1624.

 

Hierbij een akte met vermelding van Egidius De Cremer zone Petrus en zijn vrouw Adriana Van Ermegem, inwoners van Herent.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8247, folio 536v., akte dd. 10 februari 1620.

Item in p(rese)ntie des meyers en(de) scep(enen), etc(etera), gestaen Gielis De Cremer en(de) Adriana Van Ermegem, gehuyschen, woon(ende) te Herent, voer de proprieteyt en(de) Peeter De Cremere, vaedere des voers(chreven) Gielis, voer de tocht, obligeren(de), sub(mitterende) en(de) renunt(ierende) ind(ivisi)m in for(m)a, merckel(ijck) den twee (?) en(de) der vrouwen gegunt, d(aer)af ondericht sijn(de), hebben bekent en(de) beke(n)nen bij desen Lucas Claes, tot backere te Loven, sesse guld(ens) tot xx st(uyvers) den pen(nincck), drij plecken den st(uyver), loop(ende) munte, vallen(de) iaerl(ijcx) date deser, los en(de) vrij van xe., xxe., ce., meerde(re) en(de) minde(re) impo(siti)en, erfel(ijck) in toecom(ende) te Loven te betaelen, telcken iae(re) als schult met rechte verwo(n)nen, geloven(de) ter maenisse pandt te stellen, gelegen ond(er) Loven, weerdt sijn(de) boven allen lasten dobbele rente, en(de) soe vele te doene, etc(etera), ende na(m)ent(lijck) tot versekerin(ge) van dese v(oer)s(chreve) rente hebben de twee ierste comp(aran)ten verbonden opgedraegen henlieden kintsgedeelte van vaedere en(de) moedere, op hen te versterven, en(de) geloven de selve Peeteren De Cremere, henlieden vaedere, costel(oos) en(de) schadel(oos) tontheffen onder gel(ijcke) ob(ligatie), sub(missie) en(de) renunt(iatie) als boven, des sullen dese ses rinsg(uldens) mogen lossen teen(der) reyse, elcken pen(ninck) met xvi gel(ijcke) pen(ningen) en(de) met volle rente, los en(de) vrij van allen costen, cora(m) Roelofs, Beringen, febr(uarii) x., 1620.

            In de marge.

De bekentenisse van drij rinsg(uldens) erfel(ijck) tot behoef van Lucas Claes staet den vi. may hier naer volgen(de).

 

Hier nog  een akte met vermelding van Egidius De Cremer en zijn vrouw Adriana Van Ermegem.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8247, folio 565r., akte dd 6 mei 1620.

Item in p(rese)ntie des meyers, etc(etera), gestaen Gielis De Cremere en(de) Adriana Van Ermegem, gehuyschen, obligeren(de), sub(mitterende) en(de) renunt(ierende) ind(ivisi)m in forma, merkel(ijck) tbeneficie der vrouwen gegunt, d(aer)af ondericht sijn(de), hebben bekent en(de) beke(n)nen bij desen Lucas Claes, barbiere te Loven, sesse drij guld(ens) tot xx st(uyvers) den guld(en) tot 20 st(uyvers) guld(en) (!) en(de) drij plecken den st(uyver), loopn(de) munte, vallen(de) iaerl(ijcx) date deser den x. february, dierste te vallen x. feb(ruary) 1621, mette voergen(oempde) vi r(insguldens) bekent den x. february lestled(en), los en(de) vrij van x., xx., c., meerde(re) en(de) minde(re) impo(siti)en, erfel(ijck) in toecom(ende) tijden, te betaelen telcken iaere als schult met rechte verwo(n)nen, geloven(de) ter maenisse pant te stellen, gelegen onder Loven, weerdt sijn(de) boven allen lasten dobbele rente, en(de) soe vele te doen dat den v(oer)s(chreven) Lucas Claes, sijn(e) erfgen(aemen) en(de) actie hebben(de), in toecom(ende) tijden genoch sal sijn, en(de) tot versekeringe van dese rente, hebben de voergen(oempde) comp(aran)ten verbonden en(de) opged(raege)n henlieden kintsgedeelte van vader en(de) moeder, op hen te versterven, onder gel(ijcke) ob(ligatie), sub(missie) en(de) renun(tiatie) als boven, des sullen dese drij rinsg(uldens) mogen gelost wordden teen(der) reyse, elcken pen(ninck) met xvi gel(ijcke) pen(ningen) en(de) met volle rente, los en(de) vrij van allen costen, coram Vroye, Beringen, maii sexta, a(nno) 1620.

     Uit dit huwelijk:

     De Cremer Hermanus, () Wakkerzeel 20.03.1622 (g. Leijs Hermanus en Leijs Elisabeth),

     Cremers Catharina, () Wakkerzeel 08.02.1624 (g. Vanden Dries Bernardus en Cremers Catharina),

     De Cremer Joanna, () Wakkerzeel 22.07.1625 (g. Vander Hulst Petrus en Gorts Joanna),

     Cremer Andreas, () Wakkerzeel 13.08.1628 (g. Van de Merck Andreas en Vanderhulst Elizabeth),

     Cremers Georgius, () Wakkerzeel 02.02.1631 (g. Vanden Dael Georgius en Van Ermegem Elisabeth),

     Cremers Anthonius, () Wakkerzeel 11.12.1633 (g. Van Ermeghen Antonius en Van Beneden Maria).

 


 

XV - Van Ermigeen Henricus (M11500) ca. 1560, x met ...

 

Onder de KLIK met dank aan Paul Peeters een heleboel akte i.v.m.  betreffende Van Ermegem.

 

Onderstaande aktes met dank aan Christine Savat: 

SAL 7295: 1681:
- Jan en Anthoon Van Ermeghem kinderen wijlen Merten hun sterk makende voor Christine Van Ermegem hunne suster voor den iersten staeck
- Cathelijne Van Ermegem dochter Willems we wijlen Hendrik Maerschalck geasst met Huibrecht Maerschalck haeren sone voor den tweeden staeck
- Beijken ende Jan Van Ermegem kinderen wijlen Oliviers deze Beijken geasst met Peeter VL haeren m&m, ook voor den voors Jan nog minderjarig voor den derden staeck
- Jan, Olivier ende Peeter Colibrants kinderen wijlen Jan x Elisabeth Van Ermegem hun sterk makende voor Huijbrecht Beijken ende Elisabeth Colibrants hunne absente broeder ende susters voor de vierden en lesten staeck,
alle erfgen wijlen Antoon Van Ermegem hunnen resp broeder ende oom als hij leefde welke C hebben verklaert opt tauxaet bij ons gedaen hebben geprocedeerd tot S+D van zijn goederen patrimoniael en verworven met Susanna Derboven.

 

Uit dit huwelijk:

 

Van Ermegen Elisabeth, + Wakkerzeel 06.11.1674, x Wakkerzeel 13.09.1648 (g. Marschalcks Henricus en Meulemans Joannes) met Colibrants Joannes,

Hieronder (met dank aan Paul Peeters) een akte met vermelding van Jan Colibrant en Elisabeth Van Ermegem.

Het is een onaflatende stroom van akten, die nogmaals aantoont hoe belangrijk het ondergewaardeerde Stadsarchief van Leuven is.  En zegge dat twee schrijfkamers teruggaan tot bijna in de helft van de 14e eeuw en n schrijfkamer tot begin van de 15e eeuw en dit haast op onafgebroken wijze !

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8267 fol. 208v.

In tegenwoordicheyt des heeren meyers ende schepenen van Loven naerbes. gestaen H. Smets, clercq in tertia, vuyt crachte ende naer vermogen van sijne onwederroepelijcke procuratie, hem als thoonder der selver gegeven, waervan den teneur hiernaer is volgende van woorde tot woorde, luydende aldus.

Op heden den 8en. feb. 1669 comparerende voor mij als openb. nots., bijden Raede van Brabant geadmitteert, tot Loven residerende, ende inde presentie vande getuygen hier onder genoempt, Jan Colibrant ende Elisabeth Van Ermegem, gehuysschen, ingesetenen van Wackerseel, die welcke hebben bekent ende bekennen bij desen ontfangen te hebben vuyt handen van jouffe. Margriet Spruylants, weduwe van wijlen Eustaes Derve, ingesetene deser stadt Loven, de somme van tachtentich guldens eens in permissien gelde, waervoor de voors. compten. ten behoeve vande voors. wede. oft haers actie hebbende, beloven te betaelen eene erffelijcke rente van vijff gul. sjaers den penninck sesthien, daervan den iersten valdach sal wesen den 8en. february 1670 ende soo voorts vervolgens van jaere te jaere totte quytinge toe, welcke sal mogen geschieden als de voors. gehuysschen gelieven sal t' eender reyse ende met volle rente in munte als voor, gelovende deselve rente jaerlijcx wel, loffelijck ende personelijck te betaelen ende in stadts wissele van Loven te leveren, los ende vrije van alle impositien als schult met recht verwonnen, daervoor verbindende hunne persoonen ende alle hunne goederen, meuble ende immeuble, present ende toecomende, ende namentlijck heeft opgedraegen met behoorelijcke verthijdenisse huys, hoff, stallingen ende alle appendentien van dijen, gestaen tot Wackerseel aende plaetse, groot negen roeden, regen. Anthoen Fondry ter ie., Lenaert Gijbels ter ije. ende sheeren straete ter iije. zijden, om daeraen beyde voors. wede. te mogen verhaelen haer wettich gebreck, constituerende voorts de voors. gehuysschen onwederroepelijck een ieder thoonder deser om dese opdrachte voor meyer ende schepenen van Loven ende alle hoff ende heer competent te vernyeuwen ende te herkennen, consenterende in volontaire condemnatie sonder voorgaende dagement, promittentes ratum, eta.

Aldus gedaen en. gepasseert ten daeghe, maende ende jaere als boven ter presentie van Bernaert Schoreels ende Carel Smets, getuygen, tot dese geroepen ende ghebeden, ende hebben de compten. de minute deser neffens mij noto. onderteeckent, onderstont quod attestor ende was onderteeckent A. Van Heusden, nots.

Naer vermogen van welcke procuratie, soo heeft den voors. geconstitueerden den voors. contracte notariael ende innehouden desselffs in alle ende iegelijcke sijne poincten herkent ende vernyeuwt, mede eentsamentlijck bij manisse des heere meyers opgedraegen met behoorlijcke verthijdenisse t' voors. huys met sijne toebehoortten, gelegen tot Wackerseel, hierboven in sijne regen. naerder gespecificeert, exposito impositus est den procur. Van Heusden, alhier present ende accepterende inden naem ende ten behoeve van jouffe. Margriet Spruylants, wede. van wijlen Eustaes Derve, ingesetene deser stadt, heure erven ende naercomelingen, quo facto eadem bona reddidit terminis tamquam opde laste van te voren dop. vuytgaende ende voorts meer opde voors. rente van vijff gul. sjaers den penninck sesthien, obligando, submittendo ac renuntiando in forma, coram jor. Eynatten, sr. De Vos, hac 9a. feb. 1669.  G. Vander Heyden, Theodore Van Eynatten. 

 

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7943, folio 5v., akte dd. 18 juli 1690.

Inde tegenwoordicheyt des heere meyers ende schepenen van Loven naergenoempt gestaen den clercq Eeremans vuyt crachte ende naer vermoegen van sekere procuratie om den naervolgenden contracte notariael wettelijck te moegen doen v(er)nieuwen en(de) passeren, hem gegeven, heeft tselve gedaen inder manieren naervolgende, luydende aldus.

Op heden den xven. juny 1690 comparerende voor mij openbaer not(ari)s, bijden Souv(e)r(eyn)en Raede van Brabant geadmitteert, tot Loven residerende, ende inde p(rese)ntie vande getuygen naer te noemen, Ida Herbauts, lest weduwe weduwe wijlen Jaecques Vanden Put, woonende tot Ordingen boven die stadt S(in)t Truyden, ende Judocus Herbauts sone Hendricx, vuyt crachte van manuele procuratie, aen hem gegeven bijden voors(chreven) sijnen vaeder onder sijne siganture opden veerthiensten deser maent, onderteeckent Hendrick Herbauts, beyde in qualiteyt als erffgenaemen ab intestato van wijlen Mattheus Druw sone wijlen Eustaes en(de) van Margriet Spruylants, gelovende die v(oor)s(chreve) ierste comp(aran)te desen contracte te doen lauderen ende approberen bijden v(oor)s(chreven) Henr(ick) Herbatus, haeren broeder, die welcke hebben bekent wel ende deuchdelijck ontfangen te hebben, gelijck sij doen bij desen, vuyt handen van s(ieu)r Huybrecht Colibrant de somme van twee hondert tweeendertich guldens als restant van een meerder capitael, bekent bij wijlen Jan Colibrant ende Elisabeth Van Ermegem ten behoeve van jo(uffrouw)e Elisabeth Druwe, in haeren leven begijncken opden Grooten Begijnhove, volgens die bescheeden daer van sijnde, gepasseert voorde heeren schepenen van Loen opden 17. july 1653 in prima ende bij mainmise geaffecteert op diversche goederen, gelegen onder Wackerseel, opden achtiensten der selver maent, item bekennen alnoch ontfangen te hebben vuyt handen als voor de somme van tachentich guldens als den v(oor)s(chreven) Jan Colibrat en(de) Elisabeth Van Ermegem hadden bekent ontfangen te hebben vuyt handen van Margriet Spruylants wed(uw)e wijlen Eustaes Druwe volgens die bescheeden daer van sijnde, gepasseert voorde heeren meyer ende schepenen deser stadt opden negensten february 1669 in tertia, maeken(de) alsoo tsaemen de somme van twee hondert en(de) twelff gul(dens), mits welcken soo consenteren die v(oor)s(chreve) comp(aran)ten inde cassatie der voors(chreve) twee capitaelen ende v(er)loopen der selver ende alsoo den v(oor)s(chreven) s(ieu)r Huybrecht Colibrant is beduchtende ofte naermaels geene andere erffgenaemen vanden voors(chreven) Mattheus Druwe en sullen voorden dach comen, als die voors(chreve) comp(aran)ten v(er)sueckende dijenvolgens asseurantie voor die voors(chreve) capitaelen, soo ist datte voors(chreve) comparanten tot securiteyt van dijen hebben verobligeert ende verbonden seker huys, gestaen binnen deser stat inde Penstraet, regen(oten) den huyse, competerende s(ieu)r Hendrick Caels, ter ir., s(ieu)r Pauwel Van Gobbelschroye ter iir. ende die straete van voor ter iiir. zijden, vrij ende onbelast, ende gemerckt die voors(chreve) affgeleghde renten jaerelijcx wirden getrocken bij jo(uffrouw)e Elisabeth Pasteels, begijncken opden Grooten Begijnhove alhier, in plaetse van eene lijffrente van twelff guldens t' siaers, vallende altijt den 28. january, de welcke die v(oor)s(chreve) Margriet Spruylants in qualiteyt als erffgen(aem) vande v(oor)s(chrerve) jo(uffrouw)e Elsiabeth Druwe aen haer moeste betaelen, welcke lijffrente tot noch toe is onbetaelt onbepant gebleven, soo hebben die voors(chreve) comparanten tot naerdere asseurantie van dijen en(de) jaerelijcxsche betaelinge der selver verobligeert en(de) verbonden den v(oor)s(chreven) huyse inde Penstraet, consenterende daer over int slaen van beleyde ende decreet der heeren schepenen van Loven daer over te geven sonder v(oor)gaen(de) daegement, bekennende die v(oor)s(chreve) jo(uffrouw)e Pateels over den achterstel van haere lijffrente voldaen te sijn totten 28. januaryh lestleden, contituerende ten effecte van dijen een ieder thoonder deser om t' gene v(oor)s(chreven) is, te v(er)nieuwen ende herkennen voorde heeren meyer ende schepenen deser stadt ende alomme elders daer des van noode wesen sal, promittentes ratum et gratum, etc(etera), aldus gedaen ende gepasseert ten daege, maende en(de) jaere als boven ter presentien van Jo(ann)es Eeremans ende Lambertus Vreven, beyde als getuygen hier toe geroepen ende gebeden, ende hebben die voors(chreve) respective comp(aran)ten de minute deser beneffens mij not(ari)s onderteeckent, quod attestor, en(de) was ondert(eeckent) C. Eeremans, not(ariu)s pub(licu)s.

Dijenvolgende den voors(chreven) geconstitueerden heeft vuyt crachte sijnder v(oor)s(chreve) procuratie, heeft den bovenges(chreven) contracte in allen en(de) iegewelcke sijne poincten, clausulen en(de) conditien, daer inne breeder v(er)melt, alhier v(er)nieuwt, herkent ende gereitereert, gelovende ende consenterende prout latius inden selven, obligando, submitten(do) ac renun(ciando) in forma, coram Fusco, Du Buisson, 18. julii 1690.

Estque in instanti adductio facta tot allen ende iegewelcke goederen der v(oor)s(chreven) verobligeerden, beyde haeve ende erffve, en(de) signantelijcken totten huyse ende sijne toebehoorten, staende binnen deser stadt inde Penstraete, om te comen tot vasticheyt der v(oor)s(chreve) twee affgeleghde capittaelen ende die lijffrente van twelff guldens ts(iae)rs als jaerelijcxsche betaelinge der selver idq(ue) mo(nitionem) et ducente praetore, coram eisdem eodem.

     Uit dit huwelijk:

     Colibrants Joannes, () Wakkerzeel 04.08.1649 (g. Goorts Joannes en Persoons Christina),

     Colibrants Joanna, () Wakkerzeel 14.02.1651 (g. Smets Egidius en Hulskens Joanna n. Joanna De Wit),

     Colibrants Maria, () Wakkerzeel 14.02.1651 (g. Van Langendonck Guilielmus en De Wit Maria),

     Colibrants Petrus, () Wakkerzeel 25.03.1652 (g. Colibrants Petrus en Bols Catharina),

     Colibrants Oliverius, () Wakkerzeel 17.11.1654 (g. Vanden Put Oliverius en Willems Barbara),

     Colibrants Hubertus, () Wakkerzeel 17.09.1657 (g. Verhoeven Wilhelmus fs Stephanus en Willems Anna),

     Colibrants Barbara, () Wakkerzeel 08.01.1661 (g. Van Dijck Anthonius n. Gasparus Gorts en Colibrants Barbara),

     Colibrants Elisabeth, () Wakkerzeel 25.11.1663 (g. Van Maelcot Nicolaus en Pasteels Elisabeth),

 

Van Ermegen Guililelmus, XIII (M5750), () Wakkerzeel 21.03.1592 (g. Van Carle Guilielmus en Van Maelcot Catharina),

 

Van Ermigeen Henricus, () Wakkerzeel 07.09.1593 (g. Troije Joannes en Van Ermigeen Barbara),

 

Van Ermegem Martinus, x Haacht 13.04.1649 met Van Hove Catharina,

     Uit dit huwelijk:

     Van Ermegen Joannes, () Wakkerzeel 24.04.1650 primogenitus (g. Janssens Joannes en Conincks Barbara),

     Van Ermegen Susanna, () Wakkerzeel 02.01.1652 (g. Van Ermegen Oliverius en Verboven Susanna

     uxor Antonius Van Ermegem alterus Petrui in dominis Kelfs habitantium),

     Van Ermegem Joannes, () Wakkerzeel 04.11.1654 (g. Goorts Joannes en Smets Maria),

     Van Ermegen Christina, () Wakkerzeel 29.03.1657 (g. De Witte Nicolaus en Persoons Christina).

 


 

XIII - Van Ermigeen Guilielmus (M5750), () Wakkerzeel 21.03.1592 (g. Van Carle Guilielmus en Van Maelcot Catharina), x (niet Leuv?, ) met Go(o)rts Joanna, fa Nicolaus x  Clementia Van Malcot (M5751),

+ Wakkerzeel ...10.1644.

 

Misschien zijn er nog andere nuttige links (met dank aan Paul Peeters), want in de akte staan heel wat gegevens betreffende de familie Verhulst en aanverwanten.

In elk geval wordt in de onderstaande akte melding gemaakt van Joanna Gordts als weduwe van Guilielmus Van Ermegem.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7532, fol. 50r., akte dd. 18.01.1644

Item in tegenwoordicheyt des meyers, schepen(den) van Loven en(de) eygenooten naer beschreven compareren. Hendrick Verhulst soene wijlen Willems, Joos Verhulst, Peeter en. Merten Verhulst, Peeter en. Jan Goebelijns, hen sterckmaecken. voor henne huysvrauwen, alle erffgen(aemen) Willems Verhulst, Johanna Gordts weduwe wijlen Willems Van Ermegem voor haer tocht en(de) Anthoen en. Merten Van Ermeghem kinderen wijlen Willems voor de proprieteyt, oyck als erffgen(aemen) Willems Verhulst, en(de) Christoffel De Rese soene wijlen Christoffels, mede erffgen(aenmen) des voors. Willems Verhulst, bij manisse, etc., hebben tsamen opgedraeghen met behoorl(ijcke) v(er)thijdenisse een dacmael beempt onbegrepen der maeten, geleghen onder Rotselaer, regen(oten) den hertoghe van Aerschot ter ire., jo(ncke)r Raes Van Grave ter iier., Peeter Van Meerbeck ter iiier. ende derffgen. Gielis Froenhoven en. St. Annen aultaer inde kercke van Rotselaer tsamen ter iiiier. sijden, expos(iti) impositus est jure heredit hereditario et allodiali die voors(chreven) Peeter Van Meerbeck soene wijlen Jans, woonen. te Rotselaer, per mo(nitionem) his interfuerunt Fusco, Begijnemaecker, scabini Lovanien(sis) et allod(ii) consortes, item Ph(i)l(ip)s domicellus Michael Pannus locum tenens villici Lovanien(sis) et Ph(i)l(ip)s Hollandts, similiter tanquam allod(ii) consortes, coram quibus satis obligan(do) et submitten(do) ac ren(unciando) in forma et waras voor vrije, eyghen en. onbelast goet, quiquid(em) rogantes quod faciunt scabini Lovanien(sis) predicti, act(um) januarii viii., 1644.

Joanna Goerts / Go(o)rts was de weduwe van Guilielmus Van Ermegem. De onderstaande akte maakt duidelijk dat er nog andere kinderen waren, te weten Anthonius, Martinus en Elisabetha Van Ermegem.

Joanna Goerts als weduwe van Guilielmus Van Ermegem voor de tocht (vruchtgebruik), alsmede haar zonen Anthonius en Martinus Van Ermegem, hun sterkmakende voor hun zusters Catharina en Elisabetha Van Ermegem, voor de proprieteit (naakte eigendom), dragen een dagmaal land te Kelfs onder Herent over aan voornoemde Anthonius en zijn vrouw Susanna Derboven. Anthonius Van Ermegem en Susanna Derboven hadden het perceel van hun moeder, broeder en zusters gekocht voor een som van 110 rijnse guldens.

Van Oliverius Van Ermegem is er geen sprake in de akte. Op voornoemde pagina gaf je op dat Oliverius overleed te Wakkerzeel op 20.02.1659. Hij overleed volgens de overlijdensakte aan de tering en werd de dag nadien begraven op het kerkhof, niet ver van zijn moeder ter hoogte van het koor van de Heilige Maagd, althans voor zover ik uit de akte kan verstaan. Er zijn hier dus drie mogelijkheden :

-     ofwel is Oliverius, overleden op 10.02.1659, een andere Oliverius als de zoon van Guilielmus en Joanna Goerts;

-     ofwel had hun zoon Oliverius zijn deel in de erfenis reeds gehad;

-     ofwel hadden Guilielmus Van Ermegem en Joanna Goerts helemaal geen zoon Oliverius.

Zelf zou ik echter voor de laatste mogelijkheid opteren.

Bron : S.A.L., Invetaris Cuvelier, register nr. 7901, fol. 206v., akte dd. 16 juli 1640.

Item in tegenwoirdicheyt des meyers en(de) schepen(en) van Loven nabes(creven) gestaen Jenneken Goerts wed(uw)e wijlen Willem Van Ermegem, Anthon en(de) Merten Van Ermegem, hare twee sonen, hen in desen sterckmaeckende en(de) hier inne v(er)vangen(de) Cath(lijn)e en(de) El(iz)abe)t Van Ermegem, hunne susters respectivel(ijck) voer de tocht en(de) proprieteyt, bij manisse, etc(etera), hebben opgedragen met behoorel(ijcke) v(er)thijden(isse) een dachm(ael landts, gelegen te Kelfs onder Herent, regen(oten) derffgen(amen) An... [rand] Van Meerbeke ter ie., den wech van Wackerseel naer Loven ter ande(re), den wech opt velt aldaer loopen(de) ter iiier. en(de) ... [n.v.] en(de) de v(oor)s(creve) transp(or)tanten daer vuyt behoorel(ijck) ontgoet en(de) onterft zijn(de), soo is daerinne behoorel(ijck) gegoeyt en(de) geerft ten erffel(ijcken) rechte de v(oor)s(creve) Anthoen Van Ermegem en(de) Susanna Derboven, zijn(e) huysvr(ouw)e per mo(nitionem) jure et satis de v(oor)s(creve) transp(or)tanten oblig(ando) et submitt(endo) in forma et waras op sheeren cleyn(en) chijns, coram ende dit bij maniere van coop om en(de) voer de so(m)me van hondert thien rinsg(uldens) eens, daerop de v(oor)s(creve) comparanten hen bekenden van(de) v(oor)s(creve) Anthon en(de) Susanna voldaen te sijn en(de) dats om d(aer)mede te betalen de schulden, bijd(en) v(oor)s(creven) wijlen we hunnen vadere mette v(oor)s(creve) hunne moedere tsamenderhant gemaeckt, cor en(de) om schade te v(er)hueden, coram Borchgreeff, Begijnemakere, july xvi. julii, 1640.

 

In de onderstaande akte maakt men melding van Joanna Go(o)rts, weduwe van Guilielmus Van Ermegem en haar zonen Anthonius en Martinus Van Ergemem enerzijds en Philippus De Haen en Catharina Van Crochten anderzijds. De datum is gebaseerd op de datering van de voorgaande akte. De klerk schrijft een beetje a-typisch (bijv. susteers in plaats van susters; Waeckerseel in plaats van Wackerseel; stuyveers in plaats van stuyvers, enz.). Het zijn dus geen tikfouten.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7900, folio 442r., akte dd. 14 juni 1638.

Item in tegenwoirdicheyt des smeyers ende schepenen van Loven naerbes(chreven) ghestaen Niclaes Peeters sone Willems, hem steerckmaeck(ende) voor Cathlijn Goorts, sijne moedere, mede voor sijne andere broeders ende susteers, heeft bekendt, gelijck hij bekendt midts desen, aen hem bij Servaes Van Estenni midts seeckere somme van penninghen, bij hem ontfanghen, wel ende deuchdelijck gelost, gequeten ende affgeleydt te sijn eene rente van xvii stuyveers erffelijck met de verloopen van dijen, staende bepandt op huys en(de) hoff met den gelech daeraen gheleghen, groot drije virendeelen, onder Waeckerseel inde Lipts straet, regen(oten) de straet ter ie., Dionijs Kerrins ter iie., derffghenaem(en) Jans Verhaghen ter iiie., sijnde tselve gelech bijden voors(chreven) Servaes opden viiie. deser maendt vercreghen teghen teghen (!) Martina Troye ende haren kinderen in hac camera, consent(er)en(de) voorsulcx den voors(chreven) comparant inde cassatie vande voors(chreve) rente en brieven daer aff sijnde, promittens non amplius alloqui sed semper satis et waras erga quoscumq(ue) obligando, submittendo ac renunciando prout in communi forma, coram eysdem eodem.

 

Hierbij een akte met vermelding van Joanna Gorts, weduwe van Guilielmus Van Ermegem zone Henrius, en haar kinderen Anthonius, Martinus, Oliverius, Catharina en Elisabetha Van Ermegem enerzijds en Philippus De Haen en zijn vrouw Catharina Van Crochten Catharina.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7899, folio 461v., akte dd. 9 maart 1635.

Item in tegenwoirdicheyt des meyers en(de) schepen(en) van Loven nabescreven gestaen Jenneken Goerts wed(uw)e wijlen Willems Van Ermegem, woonen(de) te Kelffs onder Herent, met Anthon Van Ermegem, haren sone, respective voer de tocht en(de) erffelijckheyt, den v(oor)s(creven) Anthon beyde hen in desen sterckmaken(de) en(de) hierinne v(er)vangen(de) Merten, Olivier, Cath(lijn)e en(de) El(i)z(abe)t Van Ermegem, minderjarich, sijn hunne respective andere broeders en(de) zusters, bij manisse, etc(etera), hebben opgedragen met behoorel(ijcke) v(er)thijden(isse) een halff dachm(ael) landts, gelegen onder Kelffs opt Cleyn Kerstevelt, regenoten derffgen(aemen) Jan Van Langendonck ter ie., sheeren strate ter andere, El(i)z(abe)t Van Langendonck so wijlen Aerts dochter ter iiier. en(de) Martina Brouwers wed(uw)e m(eeste)r Lenaerts Oliverii ter iiiier. zijd(en), item noch een dachm(ael) lants, gelegen onder Thildonck opden Cleynen Boommeuter, regenoten tclooster van Ter Banck ter ie., Merten Barbara Van Ermegem ter iier., Henrick Van Laer ter iiier. en(de) ... [n.v.] ter iiiier. zijd(en), in alder vuegen en(de) manieren gel(ijck) de v(oor)s(chreve) goeden v(er)storven en(de) gesuccedeert sijn nae de doot en(de) afflijvicheyt van wijlen Cath(lijn)e Van Malcote wed(uw)e wijlen Henr(ick) Van Ermegem, grootvader des v(oor)s(creven) Anthon was, zoo zij transportanten v(er)claeren, exp(osito) soo is daerinne behoorel(ijck) gegoeyt en(d)e geerft ten erffel(ijcken) rechte Philips De Haen en(de) Cathlijn(e) Van Crochten, gehuysshen, per mo(nitionem) jure et satis die v(oor)s(chreve) transportanten ind(ivisi)m oblig(ando) et submitten(do) in forma et waras op een sheeren chijns van(den) gronde indyen men bevindt daerop eenigen vuyt te gaen, nyet excederen(de) een(en) st(uyve)r tsiaers, en(de) om den v(oor)s(creven Ph(i)l(ip)s De Haen en(de) zijn(e) huysvr(ouw)e van(de) v(oor)s(creve) geloeften van genoechdoen en(de) warantschap te bat te v(er)sekeren, soo heeft de v(oor)s(chreven) Anthon van Ermegem opgedragen met behoorel(ijcke) v(er)thijden(isse) de proprieteyt van zijn kintsgedeelte van allen goed(en), van vader en(de) moeder op hem gedevolveert, exp(osito) imp(ositus) de v(oor)s(creven) Ph(i)l(ip)s De Haen en(de) dat bij maniere van cautie voerde v(oor)s(creve) geloeften van genoechdoen van satis et waras coram voer hoff, anderss(int)s nyet, coram Lievens, Dielbeke, martii ixa., 1635.

Item is te weten, zoe de v(oor)s(creve) p(ar)tijen hebben v(er)claert, den rechveerdigen coop van desen te bedraegen ter so(m)me van hondert vijffendetzeventich rinsg(uldens) eens, los en(de) vrij gelt, die de v(oor)s(creve) transportanten van(de) v(oor)s(chreve) cooperen bekennen ontfangen te hebben, welcke somme v(er)claren de v(oor)s(creve) Jenneken Goerts en(de) Anthon, haren sone, geemployeert te zijn te inde betaelinge van(de) schuld(en) der v(oor)s(creve) Jenneken en(de) anderssins tot onderhout van hare v(oor)s(chreve) kinderen, coram eisdem.

 

In de onderstaande akte maakt men melding van  Guilielmus Van Ermegem en Joanna Gorts (Goorts/Goirdts). Blijkbaar waren zij een aantal jaren pachters in Sint-Pieters-Rode. Dit verklaart waarom je geen doopdata van hun kinderen vindt in Wakkerzeel.  

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8255, folio 19v., akte dd. 15 september 1632.

In tegenwoordicheyt der heeren schepenen van Loven naergenoempt is gecompareert Marten Leunckens inden naeme ende van weghen Willems Van Ermegem ende Jenneken Goirdts, pachters, woonende opde hoeve ten Vuyle Vleuberch onder S(in)te Peeters Rhode, toebehoorende vrouwe Geertruydt Vanden Eertvelde, weduwe van wijlen heere ende m(eeste)r Cornelis Boonen, tot desen gebruyckende sekere hunne procuratie, staende begrepen in hunne pachtcedulle der selver hoeve, gepasseert den ii. january 1624 voor Jannen Hermans, n(o)t(ari)s binnen Loven, ende sekere getuygen, den heeren schepenen alhier verthoont, ende heeft hij comparant vermogens der selver commissie vernieuwt ten laste van sijne committenten den inhouden vande voorschreven huerc pachtcedulle, soo ten opsiene der geloeften van die jaerlijcxe huere ende pachte als andere, daervoer verbinden(de) hunnen persoone ende goeden met renuncia(ti)e ende onder andere die gene der voors(chreve) Jenneken aengedeylt voor schepenen alhier den iiii. decemb(ris) 1623 in prima vanden achtergelaeten goeden van Niclaes Goirts, dye selve opdragende in handen Jooris De Cousnijdere, tselve accepterende, alles vuyt laste en(de) commissie vande voors(chreve) vrouwe Van(den) Eetvelde per monit(ionem) renuncian(do) prout in forma, coram Lievens, Wagemans, septemb(ris) 15, 1632.

Senten(tiatum) in instanti eod(em) eisd(em).

 

Hierbij nog een akte met vermelding van Joanna Gorts, inwoonster van Sint-Pieters-Rode, die op dat ogenblik reeds weduwe was van Guilielmus Van Ermegem. Hij moet alleszins overleden zijn na 3 januari 1627, vermits hij op die datum zijn uiterste wilsbeschikking verleed voor M. Costermans, pastoor te Sint-Pieters-Rode.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7520, folio 105v., akte dd. 24 december 1630.

Item in p(rese)ntia villici, et(ceter)a, gestaen Johanna Gordts wed(uw)e wijlen Willems Van Ermegheem, woonende S(in)te Peeters Rode, om dese naerbes(chreven) staet te doene, gebruyckende die cracht en(de) macht, haer gegeven bij den voors(chreven) haeren man met sijnen vuyttersten wille volgen(de) de acte en(de) instrumente daeraff sijnde, gepass(eer)t voor heer M. Costermans, pastoir tot S(in)te Peeters Rode voors(chreven), en(de) sekere getuyghen opden iiien. jan(ua)ry 1627, mede oock het consent en(de) authorisatie, haer gegeven bij de heeren weesm(eeste)ren en(de) overmomboiren deser voors(chreven) stadt Loven opden xxen. dach deser tegenwoordigher maendt van december, ondert(eeckent) G. Tijpoets, beyde alhier gesien en(de) gebleken, per mo(nitionem) heeft opgedraeghen met behoorl(ijcke) v(er)thijdenisse een boender landts, gelegen opt Hooghen Hoff onder Wackerseel, regen(oten) Peeter De Pottere in twee sijden en(de) s' heeren straete ter andere twee sijden, item noch een halff boender landts, geleghen onder Wackerseel voors(chreven) opt Cleyn Keysterveldt, regen(oten) d' erffgen(aemen) Aerts Van Langendonck in drije sijden, bij de voors(chreve) gehuysschen v(er)creghen voor schepenen van Loven opden vierden dach may 1620 in ia., item noch een dachm(ael) landts, geleghen tot Kelffs onder Herent int Cleyn Keystervelt, regen(oten) s' heeren straete ter ie., d' erffgen(aemen) Jans Van Langendonck ter iie., Anthoon Mergaerts ter iiie. en(de) d' erffgen(aemen) jo(ncke)r Pauwel De Rijcke ter iiiie. sijden, bij haer v(er)creghen teghen Peeter Van(der) Planck voor schepen(en) van Loven opden vien. october 1625 in ia., item noch een hoffstede aen Voerder Broeck onder Wackerseel, groot een halff boender, regen(oten) de Biest ter ie., Cornelis Van Maelcot ter iie. en(de) s' heeren straete ter iiie. sijden, item noch een(en) bempdt, groot een boender, regen(oten) Henrick Van(den) Driesch ter ie., s' heeren straete ter iie. sijden en(de) de v(oor)s(chreve) opdraegersse ter iiie. sijden, mede alnoch d' andere goeden, haer opdraegersse aengedeylt teghen haere medeerffgen(aemen) voor schepen(en) van Loven opden vierden decembris 1623 in ia., die welcke alhier worden gehouden voor geinsereert, expos(ito) ende m(eeste)r Geeraert Boels sone wijlen Geeraerts, impos(itus) per mo(nitionem) redd(idi)t om de voors(chreve) goeden bij de voors(chreve) opdraegersse te houden en(de) te besitten opde chijnsen en(de) lasten daer te vorens op vuytgaende, ende voorts meer op eene voortaene rente van ses carolus guldens te xx st(uyvers) Brabants t' stuck en(de) vijff gel(ijcke) st(uyvers) erffel(ijcke) rente, jaerlijcx) vallende en(de) v(er)s(chijnende opden xxiiiien. dach van decembris en(de) binnen der stadt wissele van Loven te leveren, los en(de) vrije van bede, xe., xxe., ce. en(de) van alle andere impositien oft exactien, innegestelt oft naermaels inne te stellen in futurum quolibet assecutum et satis et waras de voors(chreve) goeden op s' heeren chijnsen, vier rinsg(uldens) t' siaers aen d' erffgen(aemen) Peeters De Potere en(de) ix r(insguldens) erffel(ijck) aen d' erffgen(aemen) Puppincx tanquam prout jure, ob(ligando) et sub(mittendo) ac ren(untiando), et(ceter)a, gelovende voorts de voors(chreve) opdraegersse de voors(chreve) rente van sesse rinsg(uldens) en(de) v st(uyvers jaerl(ijcx) wel en(de) loffel(ijck) te betaelen en(de) tot Loven te leveren, los ende vrije, et(ceter)a, in futurum quolibet ass(ecu)tum, ob(ligatione), sub(mittentione) se et sua cum debita renunciatione in forma, met conditie dat die v(oor)s(chreve) opdraegersse oft haere naercomelinghen de v(oor)s(chreve) rente van sesse carolus guldens en(de) vijff stuyvers sullen mogen lossen met hondert gelijcke carolus guldens, t' allen tijden alst hen gelieven sal t' eender reyse ac cum, coram Schore, Roeloffs, decembris xxiiiia., 1630.

 

Hierbij een akte met vermelding van Guilielmus Van Ermegem en zijn vrouw Joanna Go(o/i)rts, toen wonende in Sint-Pieters-Rode.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7510, folio 336v., akte dd. 15 april 1620.

Item, in p(rese)ntia villici, etc(etera), gestaen Ph(i)l(ip)s Hollandts vuyt crachte van seeckere procura(ti)e speciale ende irrevocabele, hem gegeven bij Cath(lij)ne Schepers wed(uw)e wijlen Stevens Peetermans en(de) bij Jan Puppinck, beyde woonen(de) bynnen des(er) selver stadt Loven, gepass(eer)t voorden not(ari)s H. Leunis en(de) zekere getuyghen opden xiii. april(is) lestleden, alhier gesien en(de) de naerbes(creven) schepen(en) gebleken, heeft in dijer qua(litey)t bij manisse opgedraegen met behoorl(ijcke) v(er)thijdenisse eene rente van vijff g(u)l(dens) erffel(ijck), den penn(inck) xvi, vallen(de) jaerl(ijcx) iiia. marty, bijde voors(creve) Cathelijne Schepers gereserveert op onderhalff dachmael bempts, gelegen tot Wackerzeel onder Kelffs, achtervolgen(de) die brieven van erffvuytgeven daervan zijnde, gepasseert voor schepen(en) alhier in date tertia martii lib(ro) 1611 in 3a., exp(osito) soe is daerinne gegoidt en(de) geerft ten erffel(ijcken) rechte Willem Van Ermeghem, woonen(de) S(in)te Peeters Rhode, soe voor hem als tot behoeff van Johan(na) Goirts, sijne huysvr(ouw)e, en(de) hunne naercomelin(gen), et satis die voors(creven) opdraegere qua(lita)te qua obligan(do) et submitten(do) personam et bona o(mn)ia predictae Catharinae Schepers tantum ac renun(tiando) prout in forma, et waras voor eene goede, onv(er)thierde en(de) ombelaste rente, cederen(de) dijen volgen(de) tot behoeff der voors(creven) gegoidde alle bescheeden daer van zijnde, met alle geloften en(de) conditien, daerinne begrepen, ten sel(ven) rechte, coram Lievens, Roeloffs, aprilis xva., 1620.

 

Hierbij nog een akte met vermelding van Guilielmus Van Ermegem en zijn vrouw Joanna Go(i)rts.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7510, folio 341v., akte dd. 4 mei 1620.

Item, in p(rese)ntia villici, etc(etera), gestaen Jan Puppinck, tot des naerbes(creven) is, special(ijck) en(de) onwederroepel(ijck) geconstitueert sijnde van wegen Cath(lij)ne Schepers wed(uw)e wijlen Stevens Peetermans achtervolgende de procura(ti)e daer van op heden gepasseert voerden not(ari)s H. Leunis en(de) zeeckere getuyghen, alhier gesien en(de) de naergen(oempde) schepen(en) volcomentl(ijck) gebleken, heeft in dijer qua(litey)t bij manisse opgedraegen met behoorl(ijcke) v(er)thijdenisse een halff boen(der) landts ombegrepen der maeten, gelegen onder Wackerzeel opt Cleyn Keystervelt, regen(oten) Aerdt Van Langendonck in drije zijden, gel(ijck) dopdraegersse tselve landt is gelegateert bij testam(ente) wijlen Cath(lij)ne ... [n.v.], haere moedere zaliger, exp(osito) soe is daerinne gegoidt en(de) geerft ten erffel(ijcken) rechte Willem Van Ermegeem, soo voer hem als tot behoeff van Joanna Goirts, sijne huysvr(ouw)e, en(de) hunne naercomelin(gen), en(de) dit bij maniere van coop, daervan bij hem gedaen als leste v(er)dierdere metten vuytgaen der berren(der) keerssen, de baete voor hondert tweentsestich gul(den)s eens boven de hoogen en(de) anderssints naervolgen(de) de conditie daeraff bijden voors(creven) H. Leunis onlancx gehouden, et satis die voors(creven) Puppinck qua(lita)te qua obligan(do) et submitten(do) personam et bona predictae constituentis ac renun(tiando) prout in forma, et waras op vier gul(dens) erffel(ijck) aen Peeter De Potere boven sheeren chijns van(den) gronde, tanquam prout, coram De Vroey, Beringhen, maii 4a., 1620.

 

Bijgaand een akte met vermelding van Guilielmus Van Ermegem en zijn vrouw Joanna Go(e)rts. Uit de akte blijkt dat Joanna de dochter is van Nicolaus Goerts. Verder worden er meer details vermeld over de familie Goerts.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7512, folio 421v., akte dd. 31 maart 1623.

Item in tegenwoordich(eyt) des meyers en(de) schepen(en) van Loven naerbes(creven) gestaen Niclaes Van Maelcot, soo in zijnen eygen(en) naem als hem sterckmaecken(de) voor Willem Van Maelcote, minderjaerich, mede vuyt crachte van zeke(re) approbatie, gedaen bij Peeter Van Maelcot, Cathelijne Van Maelcot ten bij sijne Henricx Vanden Driesch Dries, haers mans, Lijsbeth Van Maelcot, alle hen sterckmaecken(de) voorden voors(creven) Willem Van Maelcot voorden not(ari)s Goosens en(de) zeke(re) getuyghen opden xvien. meert 1623, alhier gesien ende gebleken, p(er) mo(nitionem) heeft opgedraegen met behoorl(ijcke) v(er)thijden(isse) de goeden naerbes(creven), ierst de vre van een block, gelegen onder Kelffs aen het Voerbroeck, regen(oten) die Biest, sheeren straete en(de) de voors(creve) opdraegeren, comen(de) van boven sh(ee)ren straete, daeraff dander deel, comen(de) naer het voors(creven) Voorbroeck, den voors(creven) opdraegeren toecompt, item hen gedeelte in een dachm(ael) landts ombegrepen, gelegen onder Herent, regen(oten) den Grooten H(eyligen) Geest van Loven ter ie., derffgen(aemen) Niclaes Goerts, item hen gedeelte ineen derdendeel van een boend(er) weye, gelegen int Asselbroeck onder Wi[l]ssele, regen(oten) Guill(au)me De Haepere en(de) die van Vlierbeeck, h(ee)r Louys Van(den) Tempel en(de) die van S(in)te Geertruyden, item hen gedeelte in een halff boend(er) weyde, gelegen int Wijchmael Broeck onder Herent, regen(oten) die Dijle in twee zijden, doctoir Sylvius in twee zijd(en), alles soo die selve goeden iertijts noch zijn v(er)cocht geweest aen wijlen Niclaes Goerts, exp(osito) imp(ositi) sunt Jacques Goerdts met Barbara De Coninck, zijn(e) huysvr(ouw)e, Mertten Goirdts, Anthoen Goerts, Peeter Daerboven en(de) Susanna Goerts, sijne huysvr(ouw)e, en(de) Willem Van Ermegem ende Johanna Goerts, zijne huysvr(ouw)e, alle kinderen en(de) erffgen(aemen) wijlen Niclaes Goerts, p(er) mo(nitionem) et sat(is) die voors(creven) opdraege(re) obligan(do), submitten(do) ac renun(tiando) in forma, et war(as) op sh(ee)ren chijns van(den) gronde ingevalle eenighen daerop is vuytgaen(de), tanqua(m) prout ende om den voors(creve) coopers van(de) voors(creve) goeden te bat te v(er)sekeren, soo heeft die voors(creven) Niclaes, soo in zijn(en) eygenen name als vuyt crachte als voor, p(er) mo(nitionem) de licen(tia) qui villici opgedraeghen met behoorl(ijcke) v(er)thijden(isse) een halff boend(er) landts, daerop is staen(de) huys en(de) hoff, gestaen en(de) geleghen onder Kelffs, regen(oten) de vre voors(creven), sh(ee)ren straete ter ie., derffgen(aemen) Niclaes Goerts en(de) Keystervelt, exp(osito) imp(ositi) sunt die voors(creve) erffgen(aemen) Niclaes Goirts p(er) mo(nitionem) et sat(is) et war(as) op sh(ee)ren chijns en(de) dat in plaetse van onderpandt om daeraen te verhaelen tgene naemaels soude mogen bevonden wordden in des voors(creven) is, te cort oft te nauwe gedaen te zijn(e), voorder oft anderss(in)ts nyet, coram Schore, Beringhen, martii xxxia., 1623.

 

Hierna volgen drie opeenvolgende akten van dezelfde datum. In de derde akte wordt melding gemaakt van Guilielmus Van Ermegem en zijn vrouw Joanna Goerts. Om de derde akte volledig te kunnen vatten werden de twee voorgaande akten erbij gevoegd

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7513, folio 261r., akte dd. 11 maart 1624.

Item in tegenwoordicheyt des meyers en(de) schepen(en) van Loven naerbes(chreven) gestaen Godtgaff Kneff als vaderl(ijcke) momboir van sijn(e) kinderen, v(er)weckt van wijlen Elisabeth Puppinck dochtere wijlen Dionijs, item Jan Puppinck en(de) Gommaer V(er)stijlen, die sel(ve) Jan soo in sijn(en) eygen naem als mede metten sel(ven) Gommaer inde qualiteyt als momboirs ende toesienders respective van(de) kinderen wijlen Jacques Puppinck en(de) van(de) kinderen Jans Pauwels ende Cathlijne Puppinck, gehuysschen als sij leeffden, wesen(de) geassisteert bij Huybrecht Snoecx, geallieert sijn(de) in houwel(ijcke) staet een van(de) kinderen der v(oor)s(chreve) Cath(lij)ne Puppinck, vuyt crachte en(de) naer vermogen van sekere acte en(de) van authorisatie, hen v(er)leent bijde h(ee)ren weesm(eeste)ren alhier opden xven. feb(ruary) lestleden, ondert(eeckent) J. Schorenbroot, alhier gesien ende gebleken, die selve comparanten qua(lita)te qua bij manisse hebben opgedraegen met behoorl(ijcke) v(er)thijdenisse een stuck landts, groot onderhalff dachm(ael), gelegen tot Kelft onder Wackerseel opde Waterleye aldaer, regen(oten) Peeter V(er)paelt ter ie., de weduwe m(eeste)r Lenaert Oliveri ter iie. ende de leybeeck ter iiie. sijden, expos(ito) soo is daerinne gegoedt en(de) geerft ten erffel(ijcken) rechte Geeraerdt Ingelborchs, pachter tot Wackerseel, et satis predicti transportan(tes) respective prout in cedula venditionnis infrascripti obligan(do), submitten(do) ac renun(tiando) in forma et waras op sheeren chijns als op allent recht d(aer)op vuytgaende, ende is te weten dat tvoors(chreven) landt is op hoogen vercocht en(de) als leste v(er)dierder gebleven aen(de) voors(chreven) Ingelborch den palmslach voor hondert xxxv gul(dens) eens, boven ettelijcke hoogen en(de) andere lasten daerop staende achtervolgen(de) de conditie d(aer)aff bijden clerck Leunis gehouden, coram Asscha, Beringen, martii xi., 1624.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7513, folio 261v., akte dd. 11 maart 1624.

Item die v(oor)s(chreve) opdraegeren qua(lita)te qua p(er) mo(nitionem) hebben alnoch opgedraegen met behoo[r]lijcke v(er)thijden(isse) twee stucken landts, gelegen tot Kelft onder Wackerseel, d' een groot drije vieren(deelen), gelegen opt Groot Keystervelt, regen(oten) het clooster van Terbanck ter ie., de Waterleye ter iie. en(de) iiie. en(de) Peeter V(er)paelt ter iiiie. zijden, ende dander groot een vierendeel, oock opt sel(ve) velt, regen(oten) Jan Van Langendonck ter ie., Niclaes Hanewijck ter iie. en(de) de h(ee)ren van(de) Chartroisen ter iiie. sijden, expos(ito) soo is d(aer)inne gegoedt en(de) geerft ten erffel(ijcken) rechte Jan De Vadder inden naem en(de) tot behoeff van Marie Meynaerts en(de) Elisabeth Cremers, begijnkens inden Grooten Beggijnhove alhier, et satis p(re)dicti transportantes secundum tenorem cedulae venditio(n)isk subscriptae obligan(do), submitten(do) ac ren(untiando) prout in forma, et waras op sheeren chijns tanq(uam) prout iure, coram eisdem.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7513, folio 261v., akte dd. 11 maart 1624.

Item is te weten dat de v(oor)s(chreve) partijen landts sijn op hoogen vercocht den palmslach d(aer)aff voor hondert vierthien gul(dens) eens boven ettel(ijcke) hoogen ende andere lasten d(aer)op staen(de), naerder blijcken(de) bijde conditie d(aer)aff bijden clerck Leunis gehouden, eisdem.

Item die voors(chreven) opdraegeren vuyt cracht als boven p(er) mo(nitionem) hebben opgedraegen met behoorl(ijcke) v(er)thijden(isse) bat dan een dachm(ael) landts, alsoo tselve gelegen is onlancx gemeten is, gelegen tot Herent opt Blo(m)mersvelt, regen(oten) den Meulen Wech van Wackerseel naer Wijchmael ter ie., sheeren hellicht winninge aldaer ter iie., mijn heer Sylvius ter iiie. ende Henrick Gobbelijns ter iiiie. sijden, expos(ito) soo is d(aer)inne gegoedt en(de) geerft ten erffel(ijcken) rechte Willem Van Ermegeem, soo voor hem als tot behoeff van Johanna Goerts, sijne huysvr(ouw)e et satis p(re)dicti transportantes obligan(do), submitten(do) ac ren(untiando) in fo(rm)a ende waranderen(de) tvoors(chreven) landt op sheeren chijns van(den) gronde als op allent recht d(aer)op vuytgaende, coram eisdem.

 

Guilielmus Van Ermegem en Anna Gorts (Goerts/Goorts) zijn n van de erfgenamen van haar ouders Nicolaus Gorts en Clementia Van Malcot. Meteen ken je ook de moeder van Anna Gorts. Hieronder volgt de scheiding en deling van de goederen van haar ouders met vermelding van de andere erfgenamen. De akte geeft een mooi beeld van de goederen van haar ouders.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7513, folio 371r., akte dd. 4 december 1623.

Eene minnel(ijcke) scheydinghe en(de) deylinghe bij voorgaen(de) loetinghe, gedaen en(de) gemaeckt sijnde tusschen Merten Goerts ter ire., Niclaes Jacques Goerts ter iier., Anthoen Goerts ter iiier., Willem Van Ermeghem als man en(de) momboir van Johanna Goerts, ten overstaen der selve Johanna ter iiiier. en(de) Peeter Daerboven als man en(de) momboir van Susanna Goerts ter vijffder sijden, alle als erffgenaemen wijlen Niclaes Goerts en(de) van Clementia Van Malcot, gehuyschen, en(de) dit in conformiteyt van(den) accorde, ierst nopen(de) de preeminentie van(de) leengoederen tusschen de voors(chreve) deylderen en(de) daer naer met de voors(chreve) Clementia, henne moeder, aengegaen voorden not(ari)s Ph(i)l(ip)s Hollandts en(de) seckere getuyghen opden iersten dach aprilis 1623 vande goederen, bijde voors(chreve) henne ouders achtergelaeten, te deylen.

Sijn bleven en(de) gevallen den voors(chreven) Merten Goerts, als hebben(de) den voor keuse, als sijnde den oudtsten soen, ierst huys en(de) eene geleghe tot Kelft, regen(oot) sheeren straete in twee sijd(en) en(de) Willem V(e)rhulst ter iiier. sijd(en), groot onderhalff dachmael.

Item eenen beempt, geleghen onder Rotselaer, groot ontrent ses dachmael, met noch een beempdeken daeraen geleghen, regenoot sheeren straete ter ire., Willem Van Langendonck ter iier. en(de) S(in)t Jobs goet ter iiier. sijd(en).

Item een stuck landts, geleghen aen(den) Vecken Stijl, groot onderhalff dach(mael), regen(oot) sheeren straete ter ire. en(de) Willem V(er)hulst ter iier.

Item twee parcheelen landts, houden(de) tsaemen drije dachmael, opden Cleynen Boomoeter geleghen, regen(oot) deen sijnde groot een halff boender, ... [n.v.], item regenoot dander, houden(de) een dachmael, ... [n.v.].

Item een halff boender landts, geleghen opt Leepser Velt, regenoot sheeren straete ter ire., derffgen(aemen) Willem Peeters en(de) jouff(rouw)e Van(den) Heetvelde.

Item een halff dachmael landts, geleghen opt selve velt, regen(oot) sheeren straete ter ire., jouff(rouwe) Van(den) Heetvelde en(de) Jan Van Langendonck.

Item een dachmael landts, geleghen opt Blommers Velt, regen(oot) Jan Van Meerbeeck in twee sijd(en) en(de) Willem Van Langendonck ter iiier.

Item noch een halff boender landts, geleghen opt Cleyn Veldeken, regen(oot) sheeren straete ter ie., derffgen(aemen) ... [n.v.].

Item noch een dachmael landts, geleghen in twee stucken tot Wijchmael, regen(oot) deen groot een halff dachmael den Grooten Heyligengeest te Loeven ter ire. en(de) den pensionaris Sylvius, item het ander groot een halff dachmael, regen(oot) derffgen(aemen) Willems ... [n.v.], sheeren straete en(de) Geert Huens.

Item sijn den selven noch bleven een dachmael landts, gelegen opden Put.

Item moet d(en) v(oor)s(chreven) Merten Goerts alnoch hebben voor sijne preferen(tie) in(de) leengoeden volgen(de) accorde daeraff sijnde en(de) gepasseert voord(en) not(ari)s Ph(i)li(p)s Hollandts en(de) seckere getuyghen opd(en) ... [n.v.].

Een boender landts, sijnde leen, geleghen onder Thildonck opt Roye Veldeken, regen(oot) den Grooten H(eyligen) Geest van Loeven ter ier. de wed(uw)e Henrix Vrints in twee sijd(en), en(de) sheeren straete en(de) derffgen(taemen) Henrick Vrints Jan Van Langendonck ter iiiier. sijd(en).

Hanc quoque et satis obligan(do), submitten(do) ac ren(untiando) in forma, cor(am) Asscha, Voorst, 10bris. iiiia., 1623.

Item sijn bleven en(de) gevallen den voors(chreven) Jacop Goerts bij voorgaen(de) loetinghe de goeden naebeschreven.

Ierst huys en(de) hoff met sijne toebehoorten, geleghen tot Kelff, daer die voors(chreve) henne ouders inne gewoont hebben, groot een halff boender, regen(oot) de Kelffstraete ter ie., haer selffs goet ter iier., tclooster van(der) Banck ter iiier. en(de) de straete aen Kester Velt ter iiiier. sijd(en).

Item noch twee parcheelen beempts, geleghen int Werchter Broeck, deen groot drije dachmaelen, regen(oot) ... [n.v.], item dander groot een dachmael, regen(oot) ... [n.v.].

Item een halff boender beempts int Wijchmael Broeck, regen(oot) de Deyle in twee sijd(en) en(de) den pensionaris Sylvius in twee sijden.

Item noch ses dachmael landts, geleghen opden Groote Boemotter, sijnde leen goet, regen(oot) Aerdt Van Langendonck ter ire., Geert Ingelborchts ter iier., Margriet Heriaens ter iiier., Steven Hernalsteens Hernaldus ter iiier. en(de) sheeren straete ter vijffder sijd(en).

Item een halff boender landts, geleghen opt Leepser Velt, regen(oot) Anthonis Doncx (?) in twee sijd(en), Gielis Froenhoven ter iiier. en(de) Jan Van Langendonck ter iiiier. sijd(en).

Item noch drije virendeel landts opt Cleyn Kestervelt, regen(oot) Coenrarddt Van(den) Broeck ter eenre en(de) sheeren straete ter iier. sijd(en).

Hanc quoque et satis prout, cor(am) eisd(em).

 

Sijn bleven en(de) gevallen Anthoen Goerts de goeden naebeschreven, ende ierst een(en) block landts, genoempt Schrijnmaecker Block, groot een boender, sijnde leen goet, regenoot Geert Ingelborchs ter ire., de Bolle Baen ter iier. en(de) het Voerder Broeck ter iiier. sijd(en).

Item vijff dachmael beempts, in twee parcheelen geleghen, geheeten het Waseusel, regen(oot) den H(eyligen) Geest van S(in)t Jacops te Loeven ter ire., Gielis Froenhoven ter iier., jouff(rouw)e Grieken ter iii. en(de) Geert Ingelborchs ter vierder oft ver. sijd(en).

Item onderhalff dachmael landts opde Beecke, regen(oot) Geert Ingelborchs ter ire. en(de) Jan Leerbeyls ter tweeder en(de) derder sijd(en).

Item een halff dachmael landts, opt selve velt geleghen, regen(oot) Peeter Van Rijmenant ter ire., Margriet Van(den) Bossche ter iier. en(de) sheeren straete ter iiier. sijd(en).

Item noch een halff boender landts, geleghen opd(en) Grooten Bometer, regen(oot) Margriet Horriaens ter ire., Jacop Gorts ter iier., de Berck ter iiier. en(de) Gielis Froenhoven ter iiiier. sijd(en).

Item noch een halff boender en(de) een virendeel, opt Blommers Velt geleghen, regen(oot) Geert Van Varenberch ter ire., Peeter De Coninck ter iier. en(de) iiier. sijd(en).

Item noch drije dachmael en(de) een halff landts, geleghen opt Blommers Velt, regen(oot) Jan Van Langendonck ter ire., den Heyligengeest van Loeven ter iier. en(de) sheeren straete ter iiier. sijd(en).

Item een halff boender landts, geleghen opt Elstervelt, regen(oot) den Heyligengeest van Thildonck ter ire., jouff(rouw)e Heetvelt ter iier. en(de) sheeren straete ter iiier. sijd(en).

Item noch een halff dachmael landts, geleghen op Blommers Velt, regen(oot) den H(eyligen) Geest van Loeven ter ire., Jan Van Langendonck ter iier. en(de) sheeren straete ter iiier. sijd(en)

Item noch een dachmael opde Berck, regenoot jouff(rouw)e Heetvelt ter ire. en(de) sheeren straete.

Hanc quoque et satis prout, cor(am) eisd(em).

Item sijn bleven en(de) gevallen den voors(chreven) Willem Van Ermeghem Peeter Daerboven en(de) Johanna Susanna Goerts, gehuyschen.

Ierst een halff boender landts opt Blommers Velt, geheeten het Schuerken, regen(oot) Willem Van Langendonck ter ire. en(de) sheeren straete in twee sijd(en).

Item noch drije dachmael landts, geleghen voorde hoeve opt selve velt, regen(oot) Willem Van Langendonck ter ire., Henrick Gobbeleyns ter iier. en(de) sheeren straete ter iiier. sijd(en).

Item noch drije dachmael landts opt Beerenschot onder Thildonck, regen(oot) mijn heer Van Hinnesdael ter ire., Peeter De Coninck ter iier. en(de) sheeren straete ter iiier. sijd(en).

Item een halff boender op Thien Rot onder Herent, regen(oot) den Grooten H(eyligen) Geest van Loeven ter ier. in twee sijd(en) en(de) tcappittel van S(in)te Peeters te Loeven ter iiier. sijd(en).

Item noch een halff boender opde Host onder Herent, regen(oo)t mijn h(ee)r Van(den) Dael ter ire., Jan Van Haectoren (?) ter iier. en(de) Henrick Vrints ter iiier. sijd(en).

Item een halff boender landts opt Blommers Velt onder Thildonck, regen(oot) den H(eyligen) Geest van Wackerseel ter ire. en(de) sheeren straete ter andere.

Item noch een halff boender landts, opt Blommers Velt geleghen onder Herent, regen(oot) de leybeeck ter ire., den H(eyligen) Geest van Wackerseel ter iier., Geert Van Varenberch ter iiier. en(de) sheeren straete ter iiiier. sijd(en).

Item noch een dachmael landts opt Blommers Velt onder Herent, regen(oot) Jan Van Meerbeeck ten iie. sijd(en) en(de) Willem Van Langendonck ter iiier. sijd(en).

Item een dachmael landts, geleghen opde Meer, regen(oot) Peeter Van(der) Planck in twee sijd(en) en(de) sheeren straete ter iiier. sijd(en).

Item noch ontrent seven dachmael beempts, aen een geleghen onder Rotselaer, regen(oot) Severijn Poel in twee sijd(en), Peeter De Coninck ter iiier. en(de) sheeren straete ter iiiier. sijd(en).

Hanc quoque et satis prout, cor(am) eisd(em).

Sijn bleven en(de) gevallen den voors(chreven) Willem Van Ermeghem en(de) Johanna Goerts, gehuyschen, de goeden naervolgen(de).

Item ierst de hoffste aen Voerderbroeck, groot een halff boender, regen(oot) de Biest ter ire., Cornelis Van Malcot ter iier. en(de) sheeren straete ter derdere sijd(en).

Item een(en) beempt, groot een boender, regen(oot) Henrick Van(den) Dries ter ire., sheeren straete in twee sijd(en) ende den voors(chreven) Willem ter iiiier. sijd(en).

Item onderhalff dachmael beempts, geleghen aen(de) Winckel, regen(oot) de Winckel in twee sijd(en) en(de) sheeren straete en(de) sijn selffs goet ter iiiier. sijd(en).

Item een halff boender beempts, geleghen inden Linden Beempt, regen(oot) de leygrecht in twee sijden en(de) Henrick Gobbeleyns ter derdere sijd(en).

Item een halff boender beempts landts opt Waeterlees, regen(oot) sheeren straete ter ire., tgoidtshuys van(der) Banck ter iier., Aerdt Van Langendonck ter iiier. sijd(en).

Item een dachmael landts opt selve gelt, regen(oot) Kester Velt ter ire., Peeter V(er)paelt in twee sijden.

Item een halff boender landts opde Beeck, regen(oo)t Margriete Herrions ter ire., Jan Leerbeyls ter iier. en(de) de leybeeck ter iiier. sijd(en).

Item een derdendeel landts opt Leepservelt, regen(oot) jouff(rouw)e Van(den) Heetvelde in twee sijden en(de) sheeren straete ter iiier. sijd(en).

Item een halff boender landts, groot opt Groot Daeldervelt, regen(oot) jouff(rouw)e Heetvelt ter ire., Geert V(er)voort ter iier. en(de) Jan Van Meerbeeck ter iiier. sijd(en) en(de)  Willem Van Ermeghem ter iiiier. sijd(en)

Item een derdendeel van een boender landts opt selve Cleyn Daeldervelt, geleghen regen(oot) jouff(rouw)e Heetvelt ter ire. en(de) iier., Goert Keerinx ter iiier. en(de) sheeren straete ter iiiier. sijd(en).

Item een halff dachmael landts opt Cleyn Kestervelt, regenoot Peeter Van(der) Planck in twee sijd(en).

Item een halff boender, in twee stucken geleghen, deen daeraff sijnde een onderhalff dachmael, geleghen opt Elster Velt, regen(oot) die van(der) Banck ter ire., jouff(rouw)e Van(den) Heetvelde, jo(ncker) Pul en(de) de leyebeeck in dander, sijnde een hafff dachmael, geleghen opt Bresijp, regen(oot) die Beeck ter ire., Jehenne V(er)calster, die van ter Banck en(de) Jan Van Lanen (?).

Item een dachmael landts opt Cleyn Kestervelt, regen(oot) Aerdt Van Langendonck ter ire., die weduwe jo(ncker) Henr(ick) Hap ter iier. en(de) Peeter De Coninck ter iiier. sijd(en).

Hanc quoque et satis prout, cor(am) eisd(em).

Item is conditie dat partijen deylderen hen sullen moeten te vred(en) houden mette grootte van henne maeten, soe die hier voor gestelt sijn, sonder dat een van dandere eenighe precise maete sal v(er)moeghen te eyschen, eisd(em).

Item dat iegel(ijcken) sijne regen(ooten) die hier voor nyet gesuppleert en sijn, sal v(er)moeghen te doen suppleren, eisd(em).

Ende aengaen(de) de graenen, opde voors(chreven) land(en) alnoch wassende, sullen die voors(chreve) deylderen hen reguleren, alles achtervolgen(de) den voors(chreven) accorde, hier voor v(er)melt, eisd(em).

Ende oft geviele dat opde voors(chreve) goed(en) naemaels eenighe swaericheyt gemoveert woorde, sullen die voors(chreve) deylderen gelijckelijck tselve ten gelijcken coste moeten v(er)antwoorden eisd(em) en(de) deen den anderen daerinne te goede coemen, eisd(em).

 

In de akte wordt melding gemaakt van Guilielmus Van Ermegem en zijn vrouw Joanna Goerts als inwoners van Sint-Pieters-Rode. Verder wordt ook Gerardus Ingelborch vermeld. Allicht gaat het hier om de man van Anna VanLangendonck.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7515, folio 5v., akte dd 29 juli 1625.

Item, in p(rese)ntia villici, et(ceter)a, gestaen Jan Puppinck sone wijlen Dionijs, soo voor sij selven voor twee ve. paerten als inden naeme en(de) hem sterckmaecken(de) voor een gel(ijcke) vijffde paert, competeren(de) de kinderen van wijlen Cat(hlij)ne Puppinck, sijne sustere, Godtgaff Kneff als getrouwt gehadt hebbende Elisabeth Puppinck, oock dochter des v(oor)s(chreven) Dionijs, hem sterckmaecken(de) voor sijne kinderen, bij hem van(de) selve Elisabeth verweckt, oock voor een vijffde paert inde naervolgen(de) goeden en(de) Michiel Puppinck sone wijlen m(eeste)r Jacques, wesende in houwelijcken staete, soo voor sij selven als hem mede sterckmaecken(de) voor Jacques en(de) Jan Puppinck, sijne broeders, tsaemen voor een gel(ijck) ve. paert, hebben de selve comparanten bij manisse opgedraegen met behoorel(ijcke) v(er)thijdenisse een block landts, groot een boender onbegrepen der maeten, alsoo t' stuck is gelegen tot Kelft onder Wackerseel, regen(oten) sheeren straete in iie. zijden ende Peter De Potere ter andere iie. zijden, alsoo tselve goet op d' opdraegeren is gedevolveert bij doot van(den) voors(chreven) wijlen Dionijs Puppinck, expos(ito) soo is daerinne gegoedt ende geeerft ten erffel(ijcken) rechte Willem Van Ermegem, soo voor hem als tot behoeff van Johanna Goorts, sijne huysvr(ouw)e, woonen(de) tot S(in)te Peeters Rode, en(de) dit bij maniere van vernaerderinge, d(aer)toe Geeraert Ingelborch als cooper van t' voors(chreven) goet hen is admitteren(de) bij desen, et satis predicti transportantes respective obligan(do), submitten(do) ac renun(tiando) in forma, et waras op sheeren chijns van(den) gronde, oft wel dat den voirderen last, diemen naermaels daerop soude mogen bevinden vuyt te gaen, nyet en sal excederen de weerde van twee styvers tsiaers, ende is te weten dat het voors(chreven) block is op hoogen vercocht ende als leste hooger gebleven aen(den) voors(chreven) Ingelborch, den palmslach om en(de) voor vijff hondert guldens eens boven ettelijcke hoogen daerop gestelt en(de) andere ontcosten, naerder begrepen inde conditie daeraff bijden clerck Leunis gehouden, van welcke voors(chreve) cooppenningen de drije ve. paerten competeren(de) respectivelijck Jan Puppinck sone Dionijs en(de) Godtgaff Kneff en(de) sijne kinderen bijde coopers voors(chreven) sullen mogen onderhouden en(de) geproffiteert wordden tot S(in)t Andriesmisse naestcomen(de) toe, overmidts te dijen eynde respecte bij hen aen(de) v(er)coopers betaelen(de) den pacht naer rate van henne voors(chreve) quote tegen achthien halsteren corens tsiaers, ende blijft midts desen opt voors(chreven) block landts oock gereserveert eene rente van vier guldens drije stuyvers een ort erffel(ijck), loopen(de) munte, quytbaer tegen den penninck xvi met het v(er)loop naer rate van(den) tijde, jaerlijcx op date deser te v(er)schijnen en(de) in deser stadts wissele te leveren tot behoeff des voors(chreven) Jacques en(de) Jan Puppinck, gebroederen, kinderen wijlen m(eeste)r Jacques, los en(de) vrije van xe., xxe., ce. en(de) van alle andere impositien, innegestelt oft naermaels inne te stellen in toecomen(de) tijden, telcken termijn(e) als schult met rechte v(er)wonnen, coram Van(der) Vorst, De Greve, july xxix., 1625.

 

Uit dit huwelijk:

 

Van Ermegen - Van Ermegen Antonius, Wakkerzeel, (niet Wak!, W, H, Wes, Til, Buk, Kamp, Wink, Rot, Herent!, Wil!, Leuv, ), + Wakkerzeel 03.04.1669, x Wakkerzeel 29.12.1638 (g. Lerbeils Gielielmus en Froonhaven Egidius) met Verboven Susanna,

Onderstaande aktes met dank aan Christine Savat:

S+D erfgen wijlen Antoon Van Ermegem x Susanna Derboven over de goederen bij hen samen geconquesteert
1) Jan ende Anthoon Van Ermgehem kinderen wijlen Mertens hen sterkmakende voor Christina Van Ermeghem hunne sustere
- Catalijne Van Ermgehem Willems dochter we wijlen Hendrick Maerschalck geasst met Huijbrecht Maerschalck haeren sone
- Beijcken Van Ermeghem x Peeter van Langendonck
- Jan Van Ermeghme noch minderjarig met asstie Peeter Van Langendonck
deselve Beycken ende Jan van Ermgehem kinderen wijlen Oliviers
- Jan, Peeter ende Olivier Colibrants kinderen wijlen Elisabeth Van Ermgehme ende Jan Colebrants hun samen sterkmakende voor Huijbrecht, Beycken ende Elisbaeth Colibrants hunne absente broeder & susters
als erfgen van wijlen Anthoon Van Ermeghem hunnen respect broeder & oom als hij leefde ter eenre
2) Jan Van Schaerlaken ende Jenneken Van Schaerlaken, kinderen wijlen Peeter Van Schaerlaken x Cathalijne Derboven, deseelven Jenneken geasst met haar man Adriaen Van Gorp ende in deselve qualiteyt als erfgen van wijlen Susanna Derboven hun moijcken, ende huijsvrouwe was vande voorschreven Anthoon Van Ermeghem ter andere zijden.
Wer1850: Fo 174v ‎(8 maart 1681)‎:
Subdivisie voor derfgen van wijlen Anthoon Van Ermgehem:
3) kinderen ende erfgen Jan Colibrants x Elisabeth Van Ermgem
- eens stuk land van onderhalf dm gelegen onder Tildonck opden Leerks ‎(?)‎ ‎(erfgen Jan Paeps, den Grooten Boommeuter)‎
- ene half bunder land gelegen te Kelfs onder Herent
- een dm land ook gelegen tot Kelfs onder Herent opt Blommersvelt tegens den vaerwegh loopende naer Loven 

- 6 aug 1616: Jeroen Vandendriesche sterfman x Elisabeth Vanherbruggen
- 9 feb 1637: Joos Verhulst x Cathlijn Vandendriesche na de dood van Jeroen Vandendriesche haer vader
- 22 mrt 1642: Hendrik ‎(Bul)‎ ens x wijlen Margriete Vandendriesche als vaderlijk momboir van sijn mk verkoopt aan Anthoen Van Ermeghem x Susanna Derboven
- 6 jun 1670: Simon Vermeeren namens Susanna Verboven we Antoon Van Ermegem
- 7 mrt 1682: Peeter Van Langendonck na de dood van Susanna Derboven ten behoeve van Barbara Van Ermegem zijn huijsvrouwe en van Jan Van Ermegem haeren broeder voor deen ‎(helft)‎ en van Anthoon en Christina Van Ermegem haere neve ende nichte voor dander hellicht ,
sterfman Jan Van Ermegem
- 25 aug 1690: Jan Van Ermegem met Peter Van Langendonck x Barbara Van Ermegem ende jofr Elisabeth Pasteels begijntje hebben verheven bij doode Jan Van Ermeghem den jongen
 

 

In deze aktes (met dank aan Paul Peeters) wordt melding gemaakt van Anthonius Van Ermegem en Susanna Verboven. Sommige woorden worden wel op zeer eigenaardige wijze geschreven. Het zijn dus geen tikfouten.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7901, folio 107v., akte dd. 22 november 1639.

Condt zij eenen eygelijcken dat in teghenwoirdicheyt des smeyers ende schepenen van Loven nabeschreven gestaen Anthoen Van Ermmegheem ende Susanna Verboden, sijne huysvrouwe, woonende tot Wackerseel, die welcke hebben bekendt ten erffvuytgegeven thebben, gelijck sij ten erffvuytgeven midts desen aen Peeter Scherlakens en(de) Cathlijn Van Boven, gehuysschen, present ende ten erff aenveerdende dhellicht inde goeden nabeschreven, geleghen onder Haecht, inden ieersten dhellicht in huys ende hoff met den blocke daer aen geleghen aende Paeltheyde, regennooten den H(eyligen) Geest van Haecht ter ie., d' erffgenamen Jans Van Haecht ter iie., het Kerckhoffvelt ter iiie. ende de erffgenamen Willem Smets ter iiiie. sijden, belast int geheel met een mol(evat) corens aende pastorije van Haecht voor een jaregetijde sonder meer, item dhellicht in drij dachmaelen landts ombegrepen der maten, geleghen op het Kerckhoff Velt, regennooten den wech gaende na de Paeltheyde na Sinte Andries cappelle ter ie., den heer van Roost ter iie., item de hellicht in drije dachmaelen broeck bempts, regennooten de Vrouwe Broeders ter ie., Fransen Janssens ter iie., Jan Peeters ter iiie. ende Philips Smedts ter iiiie. sijden, om alle die voors(chreven) hellichten vande voorgenoemptde goeden thouden, hebben en(de) te besitten opde lasten te voorens daer op vuytgaende, terminis debitis persolvendis ende voorts meer op eene voortaene rente van sesse rinsguldens vijff st(uyvers) erffelijck, den gulden tot xx st(uyvers) en(de) den st(uyver) tot drij pleecken Brabants gereeckent, vallende jaerlijcx datum van desen, erffelijcke rente, jaerlijcx wel ende loffelijck te betaelen ende inder stadt wissele van Loven los ende vrije te leveren ten behoeve der voors(chreve) erffvuytgeveren, erffelijck in toecomende tijden telcken termijn als schuldt met rechte verwonnen, per mon(itionem) jure et satis ende om die voors(chreve) erffvuytgeveren vande voors(chreve) rente en(de) jaerlijcxsche betaelinge der selver noch bat te verseeckeren, soe hebben die voors(chreve) erffnemeren geloeft gelijck sij geloeven midts desen tsamen en(de) elckeen van hun int besonder de selve rente jaerlijcx ten tijde en(de) termijne voors(chreven) wel en(de) loffelijck te betaelen als schuldt met recht verwonnen, daer voor verbindende hunne persoonen en(de) goeden, p(rese)nt en(de) toecomende, met renunciatie in forma ende bovendijen bekenden die voors(chreve) erffnemeren alnoch aende voors(chreve) erffvuytgeveren gecedeert, getranspor(teer)t en(de) opgedraghen te hebben hun paert en(de) deel, hun toebehoorende in een dachmael bempts vuyt een halff boinder broexbempts, geleghen onder Haecht int Achterste Schoubroeck, regen(nooten) die van Perck ter ie., het dachmael vanden selven halff boinder ter iie., jo(ncke)r Rennier Kerreman ter iiie. sijden, exp(osito) impos(itus) die voors (chreve) erffvuytgheveren per mon(itionem) jure et satis obligando, etc(etera), et waras op sheeren chijs, coram Broeck, Meys, xxii. 9bris. 1639. 

 

In deze akte werd weerom melding gemaakt van Anthonius Van Ermegem en Susanna Derboven (Verboven/Van Boven) uit Wakkerzeel. De akte is gedateerd op dezelfde dag als de voorgaande akte in het register. In de akte is er ook sprake van Petrus Derboven sone Franciscus, wonende te Leuven, en van Petrus Scharlaken en zijn echtgenote Catharina Derboven. Het lijkt me niet uitgesloten dat Susanna Derboven een zuster was van Petrus en Catharina en dus allen kinderen van Franciscus. Tot slot merk ik nog op dat ik in de voorgaande akte m.b.t. deze familie ten onrechte Susanna Verboden had vermeld. Dit moest uiteraard Susanna Verboven zijn. Het is wel zodat dat de familienamen Derboven, Verboven en Van Boven blijkbaar door mekaar werden gebruikt.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7901, folio 108v., akte dd. 22 november 1639.

Item in tegenwoirdicheyt der schepenen van Loven nabeschreven gestaen m(eeste)r Jan Thilemans, clerck inde middel camere, na vermoghen vande procuratie, waeraff den teneur hier is volgende, luydende aldus, comparerende op heden den xxien. dach der maendt van november 1639 voor mij openbaer not(ari)s, present de getuygen nagenoemt, Peeter Der Boven sone Franchois, woonende tegenwoordich tot Loven, Anthoen Van Ermegheem en(de) Susanna Der Boven, woonende tot Waeckerseel, Peeter Scharlaken met Cathlijn Der Boven, sijne huysvrouwe, woonende tot Haecht, die welcke tsamen en(de) elck een van hun in besondere als principael (midts eene so(m)me van vierhondeert r(insguldens), bij hen ontfanghen) hebben bekendt wel en(de) deuchdelijck schuldich te sijn aen jo(ncke)r Jaspar Roeloeffs ende jo(uffrouw)e Barbara Van Soethen, sijne compaigne, present ende dat accepterende, vijffentwintich carolus guldens erffelijck, den gulden tot xx s(tuyers) ende den st(uyer) tot drije pleecken Brabants gereeckent, vallende jaerlijcx datum van desen, daeraff voorsulcx d' ieerste jare verscheynen sal den xxii. novemb(ris) 1640, erffelijcke rente, jaerlijcx wel en(de) loffelijck te betaelen en(de) inder stadt wissele van Loven los en(de) vrije van x., xx., mindere en(de) meerdere penninghen ende andere impositien, alreede inneghestelt en(de) alnoch inne te stellen, te leveren ten behoeve des voors(chreven) jo(ncke)r Roeloffs en(de) sijne huysvrouwe, erffelijck in toecomende tijde, telcken termij(n) als schuldt met recht verwonnen, geloevende ter maenisse pandt te stellen, dobbel rente werdt sijnde, boven alle voorgaende commeren, te voorens daerop vuytgaende, geleghen onder het beschrijff deser stadt ende om die voors(chreve) renthefferen noch bat te verseeckeren, soe hebben die voors(chreve) comparanten tsamen en(de) elck een van hun in besondere geconsenteert, gelijck sij consenteren midts desen int maken van beleyde en(de) mainmise met alle en(de) eygewelcke sijne goeden, meubele en(de) i(m)meubele, present en(de) toecomende, en(de) namentlijcken over h(un)ne erffgoeden die sij respective sijn hebbende en(de) besittende onder Haecht, Herent en(de) daerontrent, daeraff specificatie en(de) billet sal gemaeckt worden, mi[t]sgadeers int decreet der schepenen van Loven daer op te geven sonder daer toe geroepen oft gedaeght te derven worden, op conditie vande selve renthe te moghen lossen den penninck xvi en(de) met volle rente, ende opdat dese bekentenisse effect souden moghen hebben, soo hebben die voors(chreve) comparanten tsamen en(de) elck een van hun in besondere geconstitueert en(de) onwederroepelijck machtich gemaeckt m(eeste)r Jan Thilemans en(de) elck thoonder deser op dese bekentenisse voor meyer en(de) schepenen van Loven laten te vernieuwen, promittentes, etc(etera), obligando ac renunciando in forma, aldus gedaen en(de) ghestipuleert binnen Loven present Jan De Backer ende David De Lathoudere, getuygen tot desen gebeden, ende van mij openbaer not(ari)s, etc(eter)a, en(de) was ondert(eeckent) P. Van Meerbeeck, welcken volgende heeft den voors(chreven) comparant van weghen der voors(chreve) respective constituanten bekendt wel ende deuchdelijck schuldich te sijn aen jo(ncke)r Jaspar Roeloeffs, present en(de) dat accepte(re)n(de) ten behoeve van hem selven als ten behoeve van jo(uffrouwe) Barbara Van Soethen, sijne huysvrouwe, xxv r(insguldens) erffel(ijck), geloevende de selve vuyt crachte als voor ten tijde en(de) termijne prout in procuratorio te betaelen, obligando, etc(eter)a, consenterende oock int maken van beleyde ende mainmise over alle en(de) eygewelcke goeden, meubele en(de) i(m)meubele der voors(chreve) respective constituanten, mi[t]gadeers int decreet der schepenen van Loven daerop te geven sonder dagement, en(de) voorts prout latius in procuratorio, coram eysdem, eodem.
     Uit dit huwelijk: 

     Van Ermighem Joannes, () Wakkerzeel 21.12.1639 (g. Janssens Joannes en Van Carel Barbara),

     Van Ermigem - Van Ermen Antonius, () Wakkerzeel 17.03.1641 (g. Gorts Antonius en Verboven Catharina),

     x Werchter 20.06.1674 (g. Immerechts Joannes en Van Royst Cornelius) met Immerechts - Huibrechts Maria,

          Uit dit huwelijk:

          Van Ermen Henricus, () Werchter 16.12.1674 (g. Geleijs Henricus en De Grove Magdalena),

          Van Ermen Joannes, () Werchter 30.09.1676 (g. Huibrechts Joannes en Geens Catharina), moeder Huibrechts,

 

Van Ermegem Maarten, () St-Pieters-Rode 23.04.1617 (g. Martinus Goorts en Barbara Coninxs),

 

Van Ermegem Henricus, () St.-Pieters-Rode 18.08.1619 (g. Jacobus Goorts en Joanna Derboven),

 

Van Ermegem Oliverius, + Wakkerzeel 20.02.1659 tering, () St.-Pieters-Rode 12.07.1621 (g. Lambertus Vande Rhijn en Christina Vervoirt), x Tildonk 23.07.1651 (g. Martinus en Antonius Van Ermegen, Arnoldus De Wit en Egidius Dierckx) met De Witte - De Wit Anna,

     Uit dit huwelijk:

     Van Ermegem Catharina, () Wakkerzeel 04.09.1652 (g. Van Ermegem Antonius en Germanus Oliverij),

     Van Ermegem Barbara, () Wakkerzeel 07.04.1654 (g. Salen Martinus en Willems Barbara), x met Petrus Van Langendonck,  6 fii in Haacht,

Hieronder (met dank aan Paul Peeters) een akte met vermelding van Barbara (Beycken) Van Ermegem, vrouw van Petrus Van Langendonck. 

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7596, fol. 275r., akte dd. 17 oktober 1712.

In tegenwoordigheyt der heeren meyer en. schepenen van Loven naergenoempt gestaen den officiael Croons om die naervolgende acte van cessie alhier te vernieuwen en. realiseren, als thoonder van. selve sijnde geconstitueert volgens die procuratie, daerinne geinsereert, heeft dat geeffectueert in vugen als volght.

Op heden den vijffden juny 1700 compareerden voor den onderges. nots. et a present de getuygen naergenoempt d' eerbaere Barbara Van Ermegem, ten desen geassisteert van Peeter Van Langendonck, haeren man en. momboor, ende int gene naerbes. condescenderende, hebbende verclaert vercocht en. gecedeert te hebben, gelijck sij doen bij desen, ten behoeve van Gillis Van. Vorst, ingesetene van Herent, alhier mede comparerende, t' selve accepterende, soo voor hem als den gene hij naermaels noemen sal, ses vierendeelen lants, soo ende gelijck t' selve gelegen is onder Herent, regenoten de heerestraet ter ie., d' erffgen. Gielis Van Laer ter iie., mijn heer Donia ter iiie., ... [n.v.] ter 4e. sijden, a(enden) acceptant genogh bekent, soo hij verclaert, sijnde den selven coop geschiet om ende mits de somme van hondert tweenseventigh guls. thien stuys. eens sterck gelt, de welcke de vercoopers bekennen ontfangen te hebben, dienende dese voor quitantie, waranderende de selve vercoopers den selven pant op den heerel. chijns aen. heere van Kelfs van ontrent een oort en. een negenmanneken Lovens (?) ingevalle daerop bevonden wordt sonder voorder commeren daerover waerschap ende guarrant gelovende ingevalle naermaels voordere bevonden wierden daerop vuyttegaen, gelovende de selve vercoopers allen verloopen der voors. chijns te suvyeren tot den lasten verschijndage incluys ende finalijck h(et) selven pant geen voorder recht meer te behouden, verclaeren. de voors. vercoopers hun naer allen t' gene te sullen reguleren onder verbintenisse van hunne persoonen ende goederen, present en. toecomende, ehbben tot voorder coroboratie vander voors. onwederoepel. gemaghtight mr. ... [n.v.] en. alle thoonder deser om uyt hennen naeme te gaen voor hoff en. heer competent ende aldaer hun constituanten t' ontgoeden en. den voors. acceptant oft sijnen commandt daerinne te goeden prout stily, gelovende, eta., verbindende, eta., renuncierende in forma, actum binnen Haght ten daege, maendt, iaer als boven, present Peeter Thijs en. Henrick Verhoeven, als getuygen hier toe aensoght, hebbende de contractanten ende getuygen de minute deser beneffens mij nots. ondert. en. was ondert. Barbara Van Ermegem, Pr. Van Langendonck, Gielis Van. Vorst, Peeter Thijs en. H. Verhoeven, onderstont quod attestor, signatum Ab(raha)m F. Goltffus, nots., 1700.

Aldus vernieut ende gerealiseert bij den voornoempden geconstitueerden de voorseyde acte van cessie in alle ende iegewelcke sijne pointen en. clausulen, consenterende als in de selve, welcken volgens heeft ter manisse des heere meyers ende bij wijsdomme der heeren schepenen voornoempt met alle behoorelijcke solemnitijten van rechte hier toe gerequireert, opgedragen en. vercocht de sesse vierendeelen lants, gelegen onder Herent, naerder hier voorens in sijne regenooten gedesigneert, expos. impos. est den nots. Van Roost, alhier present ende de selve ten behoeve van Gielis Vander Vorst ende Maria Verhoeven, gehuyschen, accepterende, et satis et waras pro ut latius in dicto procuratorio, coram domino Van Winge et Corthoudt, 8bris. 17a., 1712.

G. Deens, 1712.

     Van Ermegem Elisabeth, () Wakkerzeel 15.01.1657 (g. Vanden Bossche Martinus en Goorts Elisabeth),

     Van Ermegem Joannes, () Wakkerzeel 27.03.1659 posthumus (g. Goorts Joannes en Lerbels Anna),

 

Van Ermegem Catharina, XII (M2875), () St.-Pieters-Rode 06.01.1624 (g. Joannes Van Haecht en Margaretha Lerebels),

 

Van Ermegem Elisabeth, () St.-Pieters-Rode 17.07.1626 (g. Joannes Dillemans en Maria Van Langendonck fa. Arnoldus). 

 


 

XII - Marschalcks - Maerschalcx - ... Henricus (M2874), Wakkerzeel (geen registers in die periode), + Wakkerzeel 02.01.1679, x Wakkerzeel 27.01.1645 (g. Van Ermegen Antonius en Ingelborchs Joannes) met Van Ermegen - Van Ermeg(h)em Catharina (M2875), Wakkerzeel (geen registers), (niet Mech?), + Wakkerzeel 20.08.1693.

 

Aktes i.v.m. dit gezin vind je in het parenteel van Marschalcks - Maerschalcx - ... Henricus.

 

Uit dit huwelijk:

 

Marschalcks Susanna, () Wakkerzeel 30.11.1645 (g. Gorts Antonius en Verboven Susanna filia primogenita), + Wakkerzeel 13.11.1695, x 1 Wakkerzeel 18.11.1671 (g. Vander Meren Anthonius en Colibrants Joannes) met Vander Meren Joannes, x 2 Wakkerzeel 05.05.1694 (g...) met Van Deyck Joannes,

     Uit dit huwelijk:

     1. Vander Meeren Joannes, () Tildonk 30.11.1672 (g. Petrus Colebrans en Catharina Engelbeurghs),

     Vander Meeren Henricus, () Tildonk 01.11.1674 (g. Henricus Maerschalck en Joanna Van Meerbeeck n. Anna Vander Meren),

     Vander Meeren Barbara, () Tildonk 08.02.1679 (g. Guilielmus Gorts en Barbara Vander Meeren),

     Vander Meeren Petrus, () Tildonk 02.07.1683 (g. Petrus Vande Put en Joanna Van Meerbeeck),

     Vander Meeren Nicolaus, () Tildonk 07.01.1687 (g. Nicolaus Maerschalckx en Catharina Meulemans),

     Vander Meeren Christina, () Tildonk 25.12.1690 (g. Joannes Lambrechts en Joanna Schaerlaeckens n. Christina Vander Wegen), 


Marschalks Oliverius, () Wakkerzeel 15.09.1650 (g. Van Ermegen Oliverius broer en Goorts Elisabeth),
 

Marschalcks Catharina, () Wakkerzeel 30.01.1650 (g. Machiels Nicolaus en Van Rijmenam Catharina), x Wakkerzeel 23.01.1675 (g. Vanden Put Wilhelmus en Maerscalx Henricus) met Vanden Put Petrus,

     Uit dit huwelijk: geen andere fii te W, Wak,

     Vanden Put Maria, () Wakkerzeel 29.01.1675 (g. Verhoeven Maria),

     Vanden Put Anna, () Wakkerzeel 19.09.1685 (g. Joostens Henricus en Maerscalx Anna),

     Vanden Put Petrus, () Wakkerzeel 24.02.1690 (g. Vanden Put Petrus en Vanden Put Catharina),

     Vanden Putt Nicolaus, () Wakkerzeel 01.04.1692 (g. Maerschaclk Nicolaus en Maerscalck Susanna),

 

Maerschalcx Joannes, () Wakkerzeel 07.03.1652 (g. Ingelborchs Joannes en Persoons Christina),


Maerschaelck Anna, () Wakkerzeel 23.04.1654 (g. Van Langendonck Guilielmus en Vander Linden Anna),


Marschalcks Hubertus, () Wakkerzeel 05.11.1656 (g. Van Dijck Antonius en Verheijen Catharina), + Wakkerzeel 09.03.1689, x Wakkerzeel 05.06.1683 (g. Vanden Put Ludovicus en Van Dyck Anthonius) met
Verhoeven Clara,

     Uit dit huwelijk:

     Maerscalx Joannes, () Wakkerzeel 24.01.1687 (g. Van Eijck Joannes n. Joannes Van Ermegen en Maerscalx Catharina),


Marschalks Nicolaus, () Wakkerzeel 25.06.1659 (g. Van Maelcot Nicolaus en Rentmeesters Francisca), x Wercher 12.02.1695 (g. Colebrans Oliverius en Geerems Petrus) met Vanden Bemde - Vande Beun - Vande Bin - Vande Bende - Bennes - Bennis Joanna (S1307 + S1947), deze x 1 x Holsbeek 20.11.1669 (g. Vanden Bempden Joannes en Wauters Nicolaus) met Dox Adrianus (S1306 + S1946), hun gezin bij Dox,


Maerschalks Henricus, () Wakkerzeel 18.07.1661 (g. Vermijlen Henricus en Vander Motten Barbara), x Wakkerzeel 06.04.1690 (g. Vanden Put Guilielmus en Maerscalx Nicolaus) met Van Gorp Margareta, + Wakkerzeel 03.01.1701, x 2 Wakkerzeel 24.06.1701 (g. Vanden Putt Guilielmus en Paeps Stephanus) met
Desternij Anna,

     Uit dit huwelijk:

     1. Maerschalck Barbara, () Wakkerzeel 03.12.1690 (g. Vande Putte Antonius en Maerschalck Barbara),

     Maerschalck Elijsabeth, () Wakkerzeel 16.12.1691 (g. Van Gorp Joachim en Van Gessel Anna n. Elijsabeth Silis),

     Maerschalck Clara, () Wakkerzeel 10.01.1695 (g. Vanden Putte Remigius en Vander Hove Clara),

     Maerschalckx Joanna Maria, () Wakkerzeel 19.03.1698 (g. Paeps Cornelius en Verbist Joanna n. Maria Van Langendonck begijn in Leuven),

     2. Maerschalckx Henricus, () Wakkerzeel 16.02.1703 (g. Vermijlen Joannes n. Henricus Vermijlen en Meeus Adriana),

     Maerschalckx Catharina, () Wakkerzeel 15.08.1704 (g. Paeps Stephanus en Vanden Dries Catharina),

 

Maerscals Anna, XI (M1437), () Wakkerzeel 16.10.1664 (g. Eggericx Laurentius en Van Rijmenant Anna),


Maerscalx Barbara, () Wakkerzeel 03.07.1668 (g. De Bries Barbara), + Wakkerzeel 25.09.1698, x Wakkerzeel ...02.1694 (g. Van Deyck Joannes en Maerschalck Henricus) met Van Dyck Jacobus, geen fii te Wak, W,

 

Terug naar startpagina  Terug naar startpagina stamboom