Voorouderlijst Van Breezyp Jacob 

 

Breezyp Van

Naam uit brede + zijpe.

of

Bressem Van, Van Bressen

Familienaam uit de plaatsnaam Breissem in Kumtich (Vlaams-Brabant).

 


De oudste gegevens en de aktes met dank aan Christine Savat en Michael Roekaerts. Meer info op hun website. En met dank aan Paul Peeters.

 

XIV - XV- Van Breezyp Franconis/Vranck, x met ...

 

Uit dit huwelijk:

 

Van Breezyp Jacob, XIII - XIV.

 


 

XIII - XIV - Van Breezyp Jacob (S), ca. 1560 ca., x met Anna Vrancx alias Schrijmaecker fa Vranck (S), deze x 1 met Jacobus Van Herbruggen.

 

NGB 14284 - 5/5/1681:
"Deling der goederen van Peter Michiels x Barbara Holemans onder Jan, Peeter, Elisa en Catlijn Michiels; Laureys Vervarent x Elisa Michiels de 1/2 van 3 dagmaal bos te Schriek; een stuk beemd van 3 dagm. te Schriek reg. voorgaand bos; Jan Michiels in eigen naam en als momboir van de wezen Peeter Michiels x Catlijn Van Breeseype en Peter van Tongelen medemomboir".
R1605: Fo 114: 10 feb 1606:
Catlijn van Brezyp dr wijlen Jacob Van Brezyp out ontrent 22 jaeren verkoopt aan Henrick Van Aerschot x Elisabeth Meijs haer paert en deel in een huijs tot Averijst ‎(zie hierboven)‎ + nog in drij dm hellichtwinninge int Bexembroeck.
WSP1949: 21 mrt 1608:
Jan Vandeneijnde sone wijlen Cornelis x Catharina Van Brezip dochter wijlen Jakob Van Brezip daer moeder af was Anna Schrijmaeckers verkopen aan heer Jan Van Straten ridder x Anna De Carandoleth een hofstadt & bogaert.

 

Onderstaande aktes met dank aan Paul Peeters

Hieronder een akte, waarin we vernemen dat Anna Schrijmaecker in feite Anna Vrancx alias Schrijnmakers heet en eerst gehuwd was met Jacobus Van Herbruggen en daarna met Jacobus Van Brezijp.  Haar eerste man Jacobus Van Herbruggen verleed zijn testament voor notaris Petrus Wants.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7864, fol. 129r, akte dd. 21 november 1580.

Item in presentia vill(ici), etc(etera), Anna Vrancx alias Schrijnmakers wed(uw)e Jacops Van Herbrugg(en) met consente en(de) overstaen Jacobs Van(den) Brezijps, heurs teghenwoordichs mans, heeft opghedraeghen met behoorlijcke v(er)thijdenissen een stucxken landts, groot o(m)tri(n)t een halff dachmael, gheleghen te Wackerzeele opt Castervelt, reghen(ooten) Jan De Schrij(n)maker ter eenre, derffghename(n) van Bartholome(us) Heetvelts ter ande(re), Cathlijn Ketelers ter iiier. zijden en(de) de Waterleese ter iiiier. zijden, in aldervueghen gheleyck tselve hier ghemackt is gheweest bijden v(oor)s(chreven) heuren iersten man met sijnen testame(n)te, ghepassert voor heeren Peeter Wants als notaris ende zecker ghetuyghen, soo sij v(er)cleerde, exp(osito) imp(osita) Cecilia Loomans inden name ende tot behoeff Jans Van Helt, heurs soens, per mo(nitionem) jure et sat(is) oblig(ando) et war(as) op vijfthien heere(n) chijnsen tanquam prout, cor(am) Impens, Goerts, novembr(is) xxi, a(n)no 80.

 

Hieronder een akte met vermelding van Jacobus Van Bredzijp, echtgenoot van Anna De Schrijnmaecker, dochter van wijlen Franconis (Vranck).  De vraag is of in de akte geen contradictie zit.  Enerzijds wordt aangegeven dat Anna de dochter is van Vranck De Schrijnmaecker.  Anderzijds interpreteer ik dat Jacob Van Bredzijp ook gehuwd is (geweest) met Yna Van Aerschot, weduwe van Jan De Schrijnmaecker.  Of is de vader van Vranck De Schrijnmaker misschien Jan en Yna Van Aerschot ?  Heb ik het misschien verkeerd begrepen ?  Alleszins is de onderstaande weergave de letterlijke transcriptie van de akte.  De datum is gebaseerd op de datum van de voorgaande akte.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7863, fol. 283r, akte dd. 28 januari 1580.

Item Jacop Van Bredzijp, man ende momboir van Anna De Scrijnmake(re) dochtere wijlen Vrancx, vuyt vermogen van zeke(re) p(ro)curatie, hem bij Yna Van Arsschot weduwe Jans wijlen De Scrijnmake(re), zijnder huysvrouwe moeder, gegeven volgende den instrumente daeraff zijnde, gepasseert voor Cornelis Coels als notaris ende zeke(re) getuygen opden xiiiien. dach des(er) jeghenwoird(iger) maendt januarii xvc. lxxx ende voirde welcke hij hem in desen sterck ende principael is maken(de), in p(rese)ntia, etc(etera), heeft getransporteert Henricken Vercoutheren zone wijlen Michiels derffrente ende pacht van een mudde rogs en(de) twee car(olus) guldens tsiaers, verschijnen(de) den xiiiien. junii, bijd(en) v(oir)screven wijlen Jannen De Scrijnmake(re) ende Yna Van Arsschot vercregen met schepenen brieven van Werchte(re) in date xiiii. junii xvc. lxv op Thomasen Goirts ende bijden zelffven Thomasen den voirgenoempden ghehuysschen bekindt, quare cont(uli)t l(itte)ras metten achterstellen van dijen zedert den jaere lxxv incluys, ten zelven rechte gel(ijck) die v(oir)s(creve) Yna Van Arsschot die te voiren hebbende was, promitten(tes) semp(er) satis obligan(do) et waras voir goet, deuchdel(ijck) ende onverthiert, cor(am) eisdem.

 

Uit onderstaande akte blijkt dat Jacobus Van Breedzip / Van Breezyp zoon is van Franconis (Vranck).  Hij was gehuwd met Anna Sc(h)rijnmaeckers / De Schrijnmaecker.  Deze laatste was dan weer de zuster van Yecken (vermoedelijk Ida) Schrijnmaeckers.  Anna en Yecken Schrijnmaeckers waren kinderen van Franconis (Vranck).

Verder wordt in de akte ook melding gemaakt van Cecilia Van Bredzip, dochter Dionysius en vrouw van Maria Gellens.  Het is echter niet duidelijk of er een direct familieverband is tussen Cecilia en Jacobus Van Breedzip.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7863, fol. 394v, akte dd. 7 april 1580.

Item, in p(rese)ntia villici, etc(etera), Jacop Van Breedzip sone wijlen Vrancx, hebbende tot des nabes(creve)n es, procuratie speciael ende irrevocabel bevel van Yna weduwe wijlen Vrancx Van Arsschot, ghepasseert voir Cornelis Coels, notaris, en(de) zekere getuyghen in date den xiiiien. januarii a(nn)o xvc. tachtentich lestleden, als oock van Anne De Schrijnmaeckere, zijne huysvrouwe, gepasseert voir Symo(n) De Laet, notaris, en(de) zekere getuyghen in date den naestlesten meerte lestleden, Henrick Vercoutheren en(de) Janne Verheyden als mombours en(de) naeste vrieden van Yecken Scrijnmaeckers dochtere wijlen Vrancx, schoonsustere des v(oir)s(creve)n Jacops, dairtoe behoorlijck geordineert en(de) ghedeputeert bij weesmeesteren des(er) stadt in date den tweeden martii anno xvc. lxxx, onderteeckent H. Cloet, alh(ier) ghesien en(de) ghebleken, hebben opgedraeghen met behoorlijcke verthijdenissen een block landts, groot drije dachmalen oft daeromtrent, gelegen onder Rotselair, de goeden der erffghenaemen Laureys Ingels in twee zijden en(de) tsheeren strate ter iiir. ende vierder zijden, exp(osito) imp(ositi) Jacop Cuelens ende Janne Van Montenaecken als mombours en(de) naeste maghen van Cecilie Van Bredzip dochtere wijlen Dionijs Van Bredzip en(de) Marie Gellens, ghehuysschen als zij leeffden, tot behoeff der selver Cecilien p(er) mon(itionem) jure et satis obligan(do) et submitten(do) qualitatie qua supra et waras voer ombelast, prout, cora(m) Greve, Luenis, aprilis septima, a(nn)o 1580.

Item verclaeren die voirschreven p(ar)thijen in wederzijden de voirschreven goeden v(er)cocht te zijne met behoorlijcke sitdaeghen ende proclamatien op hoogen ende de selffve ghebleven te zijne metten vuytgaen vand(er) bernender keerssen opden voirschreven Jacoppen Ruelens en(de) Janne Van Montenaecken inder qualiteyt als voer volghende de conditien dairaff zijnde, berusten(de) onder Symo(n) De Laet, die de voirschreven p(ar)thijen respectivel(ijck) beloven te achtervolghen en(de) te voldoen(e), tanqua(m) assecutu(m), coram eisd(em).

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7863, fol. 395v, akte dd. 7 april 1580.

Item, in p(rese)ntia vil(lici) et allod(ii) consort(es), Jacop Van Breedzip sone wijle(n) Jans Vrancx heeft opgedraeghen met behoorl(ijcke) v(er)thijden(issen) de hell(icht) van drije dachmael bempts, dairaff dander hellicht is competeren(de) Mathijs Van(den) Putte, ghelegen onder Haeght, ter plaetsen geheeten Scooris Gat, regenooten mijn(e) heere van Chavant ter eenre ende Mathijs Vand(en) Putte v(oir)s(creven) ter andere, item noch een dachm(ael) lanths eygen goet, geleghen onder Wespelaer opt Broeckvelt, regenooten Claes De Costere ter eenre, mijn(e) heere van(der) Horst ter andere en(de) de kercke van Wespelair ter derdder zijden, item noch onderhalff dachmael lanths, gelegen oock onder Wespelair opt Misseghem [Nusseghem ?], reghen(ooten) mijn(e) heere van Chavant ter eenre, mijn(e) heere van(der) Horst ter andere, Cornelis Van Meerbeke ter derdde(re) zijden, exp(osito) imp(ositus) Jan Van Meerbeke zone wijlen Cornelis per mon(itionem) jure, hiis interfuerunt Greve, Luenis, tanqua()m) scabini Lovanien(sis) et allodii consortes, item Johannes Francq locum tenens villici et Berwouts faciu(n)t, cora(m) quibus satis, obligan(do) et submitten(do) et war(as), te weeten de hellicht van drije dach(maelen) opde hellicht van twee stuyvers en(de) een oert en(de) het onderhalff dachmael op sheeren chijs, tanqua(m) prout, actu(m) aprilis septima, 1580.

 

Uit dit huwelijk:

 

Van Breeseype Catharina, XII - XIII (S4443 + S4979),

 

Van Bresijp Jacobus, () Haacht 08.04.1591. 

 


 

XII - XIII - Michiels Petrus (S2242 + S4978),   1590 (timmermansknecht - 1626), x met Van Breeseype Catharina (S2243 + S4979), 1590 (niet H, K, R, Kamp,  ), (zij x 1 met  Roeffs Judocus, (deze x 2 Werchter 22.09.1656 (g. De Meijer Joannes en Vermijlen Joannes) met Cathelijne Cootmans.), x 2 met Jan Vandeneijnde, fs Cornelis), en x 2 Werchter 22.09.1656 (g. De Meijer Joannes en Vermijlen Joannes) met Cathelijne Cootmans.

 

Een akte i.v.m. dit gezin vind je in het parenteel van Michiels Petrus.

Uit dit huwelijk:

 

Michiels Catharina, XI - XII (S1121 + S2489),

 

Michiels Maria,

 

Michiels Jacobus, () Werchter 19.09.1621 (g. Dirix alias Jacobi Kempeneer en Barbara Van Hove),

 

Michiels Anna, () Werchter 23.07.1624 (g. Joannes Van Bostraten en Anna Michiels),

 

Michiels Petrus, () Werchter 02.08.1627 (g. Petrus Crabbe en Maria Borchmans).

 

Terug naar startpagina Terug naar startpagina stamboom