Voorouderlijst Reyniers Joannes

 

Patroniem van de Germaanse voornaam 'ragin-harja'.

 


 

Reyniers Joannes, fs Joannes, Rot+, x Rotselaar 20.11.1612 (g. Gyzens Arnoldus, Aurogge Guielmus, Vanden Panhuysse Joannes en Janssens Guielmus) met Aurocx Anna, ° ca. 1585.

 

Hierbij een akte (met dank aan Paul) met vermelding van Joannes Re(y)niers en zijn vrouw Anna Aurocx (Aurogge), pachters te Rotselaar.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7513, folio 127v., akte dd. 3 november 1623.

Item, in presentia villici, etc(etera), gestaen Cat(elij)ne Van(den) Kerckhove dochter wijlen Franchois en(de) weduwe Guill(aum)e Van(der) Baeren, naer vermogen van sekere twee acten van authorisatien der heeren weesm(eeste)ren alhier, ondert(eecken)t J. Schorenbroot, respective van(der) daten xix. octobris ende tweeden novembris lestleden, alhier beyde gesien ende volcomel(ijck) gebleken, heeft vuyt crachte van dijen per mo(nitionem) opgedraegen met beh[o]irlijcke verthijdenisse twee stucxkens landts, gelegen onder de heerelijckheyt van Wesemael, d' een groot drije vierendeelen ombegrepen der maeten, gelegen opt Hulselaeren Velt, regen(oten) Niclaes Andries ter ie., jo(ncke)r de Laistre ter iie. en(de) s(ieu)r Glaude Masquelier ter iiie. sijden, ende dander groot een halff dachm(ael) onbegepen, gelegen opt Aerts Veldeken, regen(oten) Peeter Pavy ter ie., d' erffgen(aemen) Adriaen Foblets ter iie. en(de) Henrick Wuybrechts ter iiie. sijden, inder vuegen gelijck de selve partijen opde voors(chreve) opdraegersse en(de) haeren broeder en(de) twee susters sijn gedevolveert bij doot hens voors(chreven) vaders en(de) tusschen henlieden alnoch onverdeylt staende, exp(os(ito) soo is daerinne gegoidt en(de) geerft ten erffel(ijcken) rechte Jan Reyniers, pachter tot Rotselaer, soo voor hem als tot behoeff van Anna Aurogge, sijne huysvrouwe, et satis de voors(chreve) opdraegersse vuyt crachte als voer obligan(do) et submitten(do) tam sese et sua quam bona omnia mobilia et immobilia predictorum sui f(rat)ris et sororum ac renun(tiando) prout in forma, ende waranderende de voors(chreve) twee parceelen daerop dat den commer, diemen naermaels soude mogen bevinden, daerop vuyt te gaen, nyet en sal excederen de weerde van twee stuyvers t' sjaerts op elck parceel ende is te weten dat de voors(chreve) stucken landts sijn publickel(ijck) op hoogen vercocht en(de) als leste v(er)dierder gebleven aen(den) voors(chreve) Jan Rijniers, den palmslach voer vierentwintich gul(dens) eens boven ettelijcke) hoogen ende andere oncosten daerop gestelt bijde conditie daeraff bijden clerck Leunis gehouden, coram Loomans, Willemaerts, novemb(ris) tertia, 1623.

 

Bijgaand een akte met vermelding van Joannes Reyniers en zijn vrouw Anna (Catharina) Aurocx, inwoners van Rotselaar.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7514, folio 249r., akte dd. 18 juli 1625.

Item in p(rese)ntia, et(ceter)a, gestaen Jan Brugmans, bode, et(ceter)a, tot des naerbes(chreven) staet te doen, volcomentl(ijck) geconstitueert sijnde bij procuratie, hem gegeven bij Hendrick Van Hoovelt en(de) Jenneken Cuppens voorde tocht, Guilleam Meas, Marie en(de) Cathlijn Van Horick, kinderen wijlen Jacques en(de) van Barbara Scheys, ten bij sijne van(de) voors(chreve) Barbara Scheys, voorden not(ari)s L. Van(den) Berge en(de) sekere getuygen opden xven. july 1625, alhier gesien en(de) gebleken, en(de) waer van den theneur hier naer is volgende, per mo(nitionem) heeft opgedraegen met behoorel(ijcke) [verthijdenisse] vijff vieren(deelen) landts, gelegen tot Rotselaer opt Rotselaeren Velt, regen(oten) den H(eyligen) Geest ter ie., d' erffgen(aemen) Van Asch ter iie. en(de) die Dieffstraet ter iiie. zijden, expos(ito) impos(itus) est Jan Reyniers, soo voor hem als voor Anna Aurogs, sijne huysvr(ouw)e, woonen(de) tot Rotselaer, per mo(nitionem) et satis et waras voor ombelast, tanquam prout, coram eisdem.

 

Hierbij een akte met vermelding van Joannes Reyniers en zijn vrouw Anna Aurocx, inwoners van Rotselaar.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7515, folio 8v., akte dd. 5 augustus 1625.

Item in presen(tie) des meyers, schepenen van Loven ende eygenooten naerbes(chreven) gestaen heer en(de) m(eeste)r Joannes Baelmans, ad(vocae)t, et(ceter)a, tot des naerbes(chreven) staet te doen, onwederroepel(ijck) gemachticht sijnde bij procuratie, hem gegeven bijden eerentfesten en(de) discreten heeren Godefridus Spigel en(de) Jan Van Bael als executeuren van het testament, bijden geestelijcken broerder Jan Spierinck van Wel, wesen(de) nu ter tijt professeur van het Minderbroeders clooster religieuse regulae S(anc)ti Francisci de observantia, tot Ceulen gemaekt ten tijde als hij sulcx noch machtich was te doen, en(de) dat om tgene naerbes(chreven) is te doen, om mette penningen d(aer)van procederen(de), te recouvreren die legaeten, bijden voors(chreven) testamente achtergelaeten, wesende deselve procuratie gepasseert tot Ceulen voorden not(ari)s Fabritius en(de) sekere getuygen opden xiiiien. juny anno 1622, alhier gesien en(de) gebleken, heeft inder voors(chreve) qualiteyt bij manisse opgedraegen met behoorel(ijcke) verthijdenisse een block landts, gelegen onder Rotselaer aen t' Haemelebroeck, groot ontrent een halff boender ombegrepen der maeten, soo de selve plecke gelegen is sonder eenige maete gehouden te sijn, regen(oten) de Dijle ter ie., tv(oor)s(chreven) Hamelebroeck ter iie., jo(ncke)r Raes Van Graeve ter iiie. ende die voors(chreven) opdraegere ter iiiie. zijden, expos(ito) impos(itus) est Jan Rijniers, soo voor hem als tot behoeff van Anna Auwenrogs, sijne huysvrouwe, woonen(de) tot Rotselaer, per mo(nitionem) his interfuerunt domicellus Egidius Van(der) Vorst et Jo(ann)es Van Berckel, scabini Lovanien(sis) et allodii consortes, item domicellus Michael Pannis, locum tenens villici Lovanien(sis), et Ph(i)l(ippu)s Hollandts, similiter tanquam allodii consortes, coram quibus satis et waras voor vrije, eygen en(de) onbelast goet, qui hic rogantes quod faciunt scabini Lovanien(sis) p(re)dicti, actum augusit va., 1625.

Item p(ar)tijen v(er)cleren den rechtveerdigen prijse te sijn hondert vijffventseventich r(insguldens) eens, los en(de) vrije gelt, eisdem.

 

Hierbij een akte met vermelding van Joannes Reyniers en zijn vrouw Anna Aurocx, inwoners van Rotselaar. Uit de akte blijkt dat Joannes de zoon is van Joannes. Zoals je reeds eerder zei, is de zinsconstructie van deze stadsklerk op zijn minst eigenaardig te noemen. De zinnen hangen precies met haken en ogen aan elkaar.

Uit hun huwelijksakte blijkt ook dat zij niet huwden op 20.11.1612, maar op 04.11.1612 .

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7891, folio 65r., akte dd. 23 september 1616.

Item in tegenwoordicheyt der schepenen van Loven naerbeschreven ghestaen Jan Reyniers sone wijlen Jans ende Anna Ourocx, sijne huyssvrouwe, woonende tot Rotselaer, tot desen verobligerende en(de) submitterende hunne respective persoonen ende goeden ter coherentien des heeren meyers ende schepenen van Loven, hebben onbesondert, onverscheyden ende elck een voor al als principael bekente (!) schuldich te  zijn aen jouffrouwe Catharina Van Winde weduwe wijlen m(eeste)r Charles Vander Noodt twelff carolus guldens te twintich stuyvers t' stuck, munte in Brabandt cours ende loop hebbende, erffelijcke rente, alle jaere op heden datum van desen te betalen en(de) inder stadt Loven wissele van Loven, los en(de) vrij, oock van xe., xxe., honderste, mindere ende meerdere penningen, te leveren tot behoeff der voorschreven jo(uffrouwe) Catharina, haeren daer in en(de) naercomelingen erffelijck in toecommende tijden als schult met rechte verwonnen, obligantes et permittentes ind(ivisim) ut supra in forma, gelovende voorts ter manissen pant te stellen, weert sijnde boven alle voorgaende commeren ende lasten daer op uytgaende, dobbel rente, geleghen onder den resorte der stadt Loven en(de) altoos soo veele te doene dat der voorn(oempde) jouffrouwe Catharina oft actie van haer hebbende, erffelijck in toecommen(de) tijden sal moghen genoech ende tot meerder versekerheyt der voorschreven jouffrouwe Catharina, soo hebben de voorschreve ghehuysschen geconsenteert, soo sij consenteren midts desen int maecken van mainmise over alle hunne goederen, waer en(de) tot wat plaetsen de selve geleghen sijn, mede int decreteren der selver, soo den bekenderen daer toe te derven doen dagen met conditien dat de voorschreve bekenderen daer toe derven doen dagen, met conditien dat de voorschreve bekenderen de selve rente sullen moghen lossen ende affquyten 't allen tijden alst hen gelieven sal t' eender reyse teghen [den] penninck sesthiene en(de) met volle rente, coram Roeloffs, Van Thienen, die xxiii. sept(embris) anno 1616.

 

Huwelijksakte van Joannes Reyniers en Anna Aurogge te Rotselaar op 4 november 1612

Transcriptie.

4to. [quarto] octobris novemb(ris) solemnizatu(m) est matrim(onium)

in eccl(es)ia de Rotselaer inter

Jo(ann)em Reyniers et Annam Aurogge

in praesentia d(omini) Adriani de

Mera, pastoris, Arnoldi Gijzens,

Guielmi Aurogge, Jo(ann)is Van(den) Panhuysse,

Guielmi Janssens et alioru(m) 

 

Hierbij een akte met vermelding van Joannes Reyniers zone Joannes en zijn vrouw Anna Aurocx, inwoners van Rotselaar.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7890, folio 175r., kate dd. 23 september 1616.

Item in tegenwoirdicheyt der schepen(en) van Loven naebes(chreven) gestaen Hen Jan Reyniers en(de) sone wijlen Jans en(de) Anna Ourocx, zijn(e) huysvr(ouw)e, woonen(de) tot Rotselaer, tot desen v(er)obligeren(de) hunne respective p(er)soonen en(de) goeden ter cohertien en(de) jurisdictienn des hee(ren) meyers en(de) schepen(en) van Loven, hebben beke onbezundert, onverscheyden en(de) elck een voer al als principael bekent schuldich te sijn aen jo(uffrouwe) Catharina Van Winde wed(uwe) wijlen m(eeste)r Charles Vander Noot tweelf tweelf carolusg(uldens) te xx st(uyvers) tstuck, munte in Brabant cours en(de) loop hebben(de), erffel(ijcke) rente, alle jaere op heden datum van desen te betalen en(de) inder stadt wissele van Loven, los en(de) vrij, etc(etera), oyck van xe., xxe., ce., mindere en(de) meerdere pen(ningen), te leveren tot behoeff der voers(chreve) jo(uffrouwe) Catharina, haeren erven en(de) naercomeling(en), erffel(ijck) in toecomen(de) tijd(en) als schult met rechte verwonnen, oblig(ando) et submitten(do) ind(ivisi)m ut sup(ra) in forma, geloven(de) voerts ter maniss(en) pant te stellen, weert sijn(de) boven alle voergaen(de) co(m)meren en(de) lasten daerop vuytgaen(de), dobbel rente, geleg(en) onder den resorte der stadt Loven, en(de) altoos zoo vele te doene dat der voern(oempde) jouffr(ouw)e Cat(harin)a oft actie van haer hebben(de), erffel(ijck) in toecomen(de) tijd(en) sal mogen genoech zijn en(de) tot meerder v(er)sekerheyt der voers(chreve) jo(uffrouwe) Cath(arin)a, soo hebben de voers(chreve) gehuysschen geconsenteert, soo zij consenteren mits desen, int maecken van b mainmise over alle hunne goederen, waer en(de) tot wat plaetsen deselve gelegen zijn, mede int decreteren der selver sonder den bekenderen d(aer)toe te derven doen daeghen, met conditien dat de v(oer)s(chreve) bekenderen deselve rente sullen moghen lossen ende affquyten tallen tijd(en) alst hen gelieven zal teender reyse tegen den pen(ninck) xvie. en(de) met volle rente, coram Roeloffs, Thienen, septembris xxiii., 1616.

Hierbij een akte met vermelding van Joannes Reyniers en zijn vrouw Anna Aurocx. Daarnaast ook de vermelding van Claudius Masquelier.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8245, folio 384v., akte dd. 3 juli 1615.

Item in p(rese)ntie des meyers, etc(etera), gestaen jouff(rouwe Anna Willems wed(uw)e wijlen m(eeste)r Wouters Remigii, gebruycken(de de macht van(den) procura(ti)e testam(ente) des v(oir)s(chreven) haers mans, gepasseert voir m(eeste)r G Loosen, openb(aer) not(ari)s, en(de) get(uyghen) opden ix. may a(nno) 1612, heeft opgedraegen met behoirl(ijcke) verthijdenisse vijff vieren(deelen) landts, int Rotselaren Velt gelegen, regen(oten) Catlijne Keysers ter ie., Niclaes Goirts ter iie., de Geverstraete ter iii. en(de) den wech loopen(de) nae de Drij Linden ter ande(re) sijd(en), belast met vierden schoove, in dien men bevint met wettich bescheet het parceel dien last schuld(ich) te sijn, aengesien men met wette in 40 oft meer iae(ren) dien n(yet) bet(aelt) en heeft, item met noch subiect eenen peerts keur, item vijff vieren(deelen) lants opde Geverstraete, regen(oten) Jan De Roever (?) ter ie., Aert Van Arschot ter ii., Henric Van Hoovelde ter iiie., derfgen(aemen) Christian Ourox ter iiii. en(de) de Geverstraete ter ande(re) sijd(en), belast met ix mijten, item v vieren(deelen) lants opde Dijle, wesen(de) een block, tot Rotselar gelegen, regen(oten) de Dijle ter ie., jo(ncke)r Raes Van Grave ter ii., jo(uffrouw)e Adriana Luytens ter 3. en(de) de straete naer de Dijle ter ande(re) sijd(en), belast met drij mol(evaten) gerst, een half mol(evat) even oft gerst en(de) vlas, dachterstellen van welcken lasten, tot voor date deser verschenen, dopdraegersse beloeft te betalen en(de) den coopere costel(oos) en(de) schadel(oos) tontheffen, alles onbegrepen der maeten, soe die plecken gelegen sijn en(de) verhuert sijn, d(aer)af de cooper de vruchten van dit iaer trecken sal en(de) sal oick betalen de chijnsen, te verschijnen dit iaer en(de) de naevolgen(de) renten aen Glaude Maquelier met het jaere lestleden verschenen loopen(de) iaere, exposito impositus Johan Renier, soe voor hem s(elv)e als tot behoeff van Anna Ourogge, sijne huysvr(ouw)e, bij manisse des hee(ren) meyers en(de) wijsdom der scep(enen) van Loven, et satis de v(oir)s(chreve) opdraegeresse ob(ligerende), sub(mitterende) en(de) renunt(ierende) in for(m)a, en(de) merckel(ijck) ben(eficio) s(enatusconsul)ti vel(leiani), d(aer)af ondericht sijn(de), et waras op de lasten, hier voer vermelt, en(de) op acht guld(ens) x st(uyvers) aen Gaude Masquelier als op allen lasten d(aer)op vuytgaen(de), van allen vordere lasten te waranderen, sulcx dat den voirgen(oempden) coopere, sijn(e) erven en(de) naecom(elingen) ten eewigen daegen genoch sal sijn, item is te weeten dat den coope is tweehondert vier en(de) tachtentich guld(ens), d(aer)inne begrepen het capitale der rente van Masquelier, d(aer) betaelt is de so(mm)e van hondert sestich achtenviertich guld(ens), en(de) de volle betaelin(ge) te Lichtmisse naestcom(ende) als schult met recht verwo(n)nen, los en(de) vrij van alle en(de) iegewelcke costen item den lijcoop is ses guld(ens), cora(m) Schore, Greve, julii tertia, anno 1615.

         In de marge.

De cassatie van dese rente van acht guld(ens) x st(uyvers), gedaen aen Claude Masquelier, staet den xxvi. january 1622 lib(r)o 1621 in hac camera.

 

Uit dit huwelijk:

   

Reyniers Jacoba, (°) Rotselaar 25.08.1613 (g. Rongen Joannes en Vits Jacoba), + Rotselaar 09.04.1689 we, x Rotselaar 27.01.1636 (g. Reyniers Joannes en Vermylen Joannes) met Van Geel Gualterus - Wauter,

Onderstaande aktes betreffende dit gezin met dank aan Paul Peeters:

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7921 fol. 125v°.

Item inde tegenwoordicheyt des heere meyers ende schepenen van Loven naerbes. gestaen mr. Peeter Van Cotthem om tghene naerbes. stadt, validelijcken te vernieuwen ende herkennen, geconstitueert sijnde bij de procuratie, hier onder geinsereert, ende heeft tselve gedaen inder vuegen naer volgende.

Op heden desen xxviijen. november 1668 comparerende voor mij openbaer nots., present die getuygen naertenoemen, d' eerbaere persoonen Wauter Van Geel ende Jaecquemeynken Reyniers, gehuyschen, innewoonderen der baronnije van Rotselaer, de welcke bekennen alsnu deughdelijcken vercocht te hebben aen ende ten behoeve van jouffvrouwe Anna De Waersegere, alhier present ende accepterende, seekeren bempt, ghelegen binnen Rotselaer voorschreven opde Goorte, geheeten den Langhenbempt, groot sesse dachmaelen onbegrepen der maete, regenooten het Geveren Broeck oost, d' erffgenamen Cruyningen suyt, mijn heer Dorlicx west ende die leygrecht ende Huybrecht Bols noort, bij hen comparanten vercregen voor meyer ende schepenen van Rotselaer opden ... [niet vermeld] tegen derffgenamen de Brumeu ende dat om ende voor de somme van vijffhondert tweeentseventich guldens in gelde boven eene rente van viij r. tsiaers, den penninck sesthien, als daer op sijn treckende die heeren capellaenen van Sinte Peeters alhier tot Loven ende eenen chijns aenden heere hertoge van Arschot, daermen jaerlijcx voor betaelt de weerde van een oort, den welcken mitsgaders de vs. acht guldens de voors. coopersse boven haeren coop sal moeten draegen als waer op de vs. Xcooperen. den voors. bempt, waranderende sonder meer behoudelijcken dat de verloopen der voors. lasten bij de Xcooperen. sullen moeten affgedaen wordden totten dach vande goedenisse deser inclus, geloovende voor het selve waerschap altijt genoch te doen ende inne te staen oft naermaels bevonden wierde hier iet te cort oft nauw gedaen waere onder obligatie, submissie ende renunciatie in forma, Xclaerende. de vs. compten. op de voors. coopsomme te hebben ontfangen in contante penningen de somme van tweehondert guldens ende de reste moegen sij comen ontfangen alst hun gelieven sal ende tot naerder vasticheyt vande voors. gelooft van genochdoeninghe consenteren in cas van noode int maeken van belijde ende mainmise over alle ende igewelcke henne goederen, beyde haeve ende erffve, hebbende ende toecomende sonder daegement te derven doen, mede indt decreet der heeren schepenen daer over te geven sonder daegement te derven doen, te dijen eynde constituerende en ider thoonder deser indt particulier om tgene voors. staet, voor meyer ende schepenen deser stadt Loven te Xnieuwen. in behoorel. forme, oock met rechte van onterffenisse ende erffenisse te moegen doen ende laeten geschieden pro ut moris et stily.

Actum binnen Loven ter pntie. van mr. Peeter De Nin ende Jaecques Stuckens, als getuygen tot desen gebeden, ende hebben de voors. comparanten ende acceptante de minute deser onderteeckent, onderstont mij present als nots., onderteekent W. Van Limborch, den voors. geconstitueerde vuyt crachte sijnder vs. commissie d' innehouden vanden bovenges. contracte vernieuwt ende herkent hebbende, heeft dijenvolgens ter manisse des vs. heere meyers opgedraegen met behoorel. Xthijdenisse. de sesse dachmaelen bempts, indt witte deser breder met sijne regenooten gespecificeert, exposito impositus est mr. Wijnant Van Limborch inden naeme van jouffe. Anna De Waersegere weduwe Peeter de Caumon oft actie hebbende, per mo. jure et satis den vs. opdraegere ob., sub. ac ren. in forma et waras ut supra, alles pro ut latius in dicto procuratorio, coram Cranevelt, De Ridder prima decembris 1668.

Van bovenstaande akte bestaat een afwijkende versie. Bovendien wordt o.m. in de onderstaande akte nu wel vermeld op welke datum de verkopers de eigendom verkregen, wat niet vermeld stond in de vorige akte.  Daarenboven wordt de onderstaande akte in een ander register vermeld.  De vorige akte werd ingeschreven op 01.12.1668, terwijl deze akte werd ingeschreven op 08.08.1669.

Bron: S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7922 fol. 89v°.

Item inde tegenwoordicheyt der heere schepenen van Loven naerbes. gestaen den procur. Cotthem om het ghene naerbes. staet, te Xnieuwen. ende herkennen, geconstitueert sijnde bij de procuratie hier onder geinsereert, ende heeft tselve gedaen in vuegen naervolgende.

Op heden desen xxviijen. november 1668 comparerende voor mij openbaer notaris, present die getuygen naer te noemen, deersaeme persoonen Wauter Van Geel ende Jaecquemeynken Reyniers, gehuyschen, innewoonderen der baenderije van Rotselaer, dewelcke bekennen alsnu deugdelijcken Xcocht. te hebben aen jouffe. Anna De Waersegere weduwe sr. Peeter de Camon, alhier present ende accepterende, seeckeren bempt, gelegen binnen Rotselaer voors., gelegen opde Goorte, geheten den Langenbempt, groot sesse dachmaelen onbegrepen der maete, regenooten het Geverenbroeck oist, de erffgenamen heer Cruyningen suyt, doctoor Dorlicx west ende die leygracht met Huybrecht Bols noort, Xcregen. voor meyer ende schepenen van Rotselaer den x. juny 1665 tegen d' erffgenamen de Brumeu ende dat om ende voor de somme van vijffhondert tweeenseventich guls. in gelde boven eene rente van viij r. tsiaers den penninck sesthien, als daer op sijn treckende die heeren capellanen van Sinte Peeters tot Loven ende eenen chijns aenden heere hertoge van Arschot, daermen jaerlijcx voor betaelt de weerde van een oort, die de vs. cooppersse sal insgelijcx boven haeren vs. cooprijs gehouden sijn te draegen als daer op den voors. bempt waranderende sonder meer, salvo dat de Xloopen. der voors.lasten bij de Xcooperen. sullen moeten affgedaen worden totten ach vande goedenisse toe Xschenen., gheloovende voort tselve waerantscap altijt innetestaen ende genoch te doen, soo verre bevonden wierde alhier te corte ofte nauw gedaen te sijn onder ob., sub. ende renunciatie in forma, Xclaerende. op dese voors. coopsomme te hebben alsnu ontfangen in contacte penningen de somme van tweehondert guldens ende de reste moegen de Xcooperen. comen ontfangen alst hun gelieven sal, want die gereet sijn ende maer aen hun liggende, die selve alsnu mede te draegen ende tot vasticheyt vande vs. geloofte van ghenochdoeninge ende garantschappe consenteert in cas van noode indt maeken van belijde ende mainmise over alle ende igewelcke henne goederen, beyde haeve ende erffve, present ende toecomende, mede indt decreet der heere schepenen van Loven daer over te geven sonder daegement te derven doen, te dijen eynde constituerende een ider thoonder deser indt particulier om t' gene vs. staet, te Xnieuwen ende te herkennen in behoorel. forme super quib. promittentes, etha.

Actum binnen Loven present Jaecques Stuckens ende Peeter De Min, als getuygen tot desen gebeden, hebbende de Xcooperen. mette coopersse de minute deser onderteekent, onderstont quod attestor ende was ondert. W. Van Limborch, nots.

Aldus vernieuwt ende herkent bij den voors. geconstitueerden ten respecte vande voors. geloofte van satis et waras om te comen tot voldoeninge vande selve, coram Dilbeeck, De Ridder, vija. augusti 1669.  Jan De Ridder.

Hierbij nog een akte van evictie ten laste van Jacoba Reyniers.  Haar man Walterus (Wouter) Van Geel overleed te Rotselaar op 22.12.1676 en werd er de dag nadien begraven.

 Baron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7934 fol. 215r°.

 Allen die ghene die dese teghenwoordighe letteren sullen sien ofte hooren lesen, wij jor. de Fusco, jor. de Stembor, sr. De Vos et Hoppenbrauwer, schepenen der stadt van Loven, doen condt ende te wetene met kennisse der waerheyt dat alsoo Jaquemijne Reyniers met wijlen Wauter Van Gheel, haeren man was, met scepene briven deser stadt in dathe 17 january 1652 in prima verbonden ende verobligeert stont aen Anna Mannaers weduwe wijlen Jeroen Vander Hulpen in eene erffelijcke rente van xv guldens xij ½ stuys tsjaers den penninck 16 ende de voorscreve impetrante om vande voorscreve rente ende jaerelijcxe betalinge der selver beter verseeckert ende voldaen te worden, ons versocht heeft haer verleendt te worden behoorelijcke provisie van mainmise, in desen dienende, addresserende aenden iersten bode hier op versocht, die welcke oock aen hem op den 18en. ditto daer naer sijn verleendt geweest op ende tot alle ende igewelcke goederen der voors. verobligeerde, vuyt crachte van welcke brieven den bode A. Steuckens hem op den 19. ditto daer naer volgen. sijn relaes, in dorso vande selve briven van mainmise ghestelt, hem heeft getransporteert binnen die banderije van Rotselaer ende aldaer in sijne als in ons ghen. heere ende deser stats handen ten behoeve vande voors. impetrante ghenomen heeft ieerst (!) een daghmael lants, ghelegen onder Rotselaer op het Hamelen Broeck Velt, regenotende jor. van Grave ter eendre, Jan Van Arschot ter ije. ende Jooris De Pelsmaeker ter derdere sijden, item een daghmael bempts, ghelegen aldaer aen het Hamelen Broeck, regenotende Jan Calstermans ter eendre, d' erffgenaemen Heetvelt ter ije. ende Hendrick Peeters ter iij. sijden, item vijff virendeelen maygras, gelegen aldaer inden Gever, regenotende den Langenbempt ter eendre, d' erffgenaemen Jans Van Panhuysen ter tweedere ende jor. van Grave ter iije. sijden, item een halff daghmael lants, ghelegen aldaer opt Hamelen Velt, regenotende d' erffgenaemne Phlips Otto ter ie., Willem Reyniers ter ij. ende iij. ende jor. van Grave ter iiij. sijden, item een daghmael bempts, ghelegen daer inden Gever, regenotende de representanten mevrauw Silvius ter eendre, St. Mertens cloister tot Loven ter ije. ende derffgenamen Willem Jans ter iij. sijden, hebbende de voorscreve impetrante totte selve goederen oock behoorelijck gheleydt ende mits tvoluntair consent der voors. verobligeerde, soo sijn de voorscreve briven van mainmise op den derden february vanden voors. jare 1652 gedecreteert ende verclaert executoriael ende alsoo de voorscreve verobligeerde in faulte is ghebleven vande voornoempde rente, verscenen van diverse jaeren, te betaelen, soo is de voorscreve impetrante ghenoodtsaeckt geweest te doen daeghen die voorscreve weduwe van Wauter Van Geel met contbriven deser stadt door den bode Rauvoet ut retulit, ten eynde sij compareren soude teenen seeckeren ghelegenen daeghe, inde voorscreve briven vermelt, om de voorscreve briven van mainmise anderwerve te comen sien decreteren ende verclaeren executoriael ofte anderssints daer teghens te comen seggen ofte doen, soo sij ten rade souden vinden te behooren te behooren (!) met inthimatie soo verre sij als dan niet en comparerende, dat haerder absentie nyettegenstaende den voorschreven anderwerve decrete ghegeven soude worden, dwelck alsoo is gesciedt opden thinden january van desen tegenwoordigen jaere xvic. ende tweeentachentigh, vuyt crachte van welcken anderwerve decrete de voorscreve goeden sijn ter vente ghestelt met behoorelijcke affixie van biletten, geaffigeert door den voorscreven bode Jan Rauvoet ut retulit, ende dat op de kercke dore van Rotselaer ende herberghe, aldaer ghenoempt den Anthonis, innehoudende specificatie van de panden, designatie vande plaetse, dagh ende ure, waer ende wanneer men de voorscreve goederen vercoopen souden, inder vughen dat daer over binnen Rotselaer ten huyse voorscreve naer voorgaende affixie ende proclamatie als vore sijn ghehouden gheweest twee behoorelijcke sitdaghen, respectivelijck op den xven. january ende xxix. ditto van desen teghenwoordighen jaere 1682, op welcken voorscreven lesten sitdagh de voorscreve goederen metten vuytganck vande brandende kerse sijn vercoght ende ghebleven aenden eerw. heere Rochus De Wulff, prister, etc., als hooghsten ende lesten verdierdere, om ende voor de somme van drije hondert ende vijfftigh guldens eens achtervolgens conditie daer over gehouden door den ghesworen clerck mr. Jan Bapt. Snijers, ons scepenen alhier in originali gesien ende ghebleken, welcke exploicten ende besoignien alsoo gedaen sijnde, heeft de voorschreve executante doen daeghen de voors. weduwe geexecuteerde door den voors. bode Rauvoet ut retulit met behoorelijcken contbriven deser stadt, ten eynde sij compareren soude voor die heeren meyer ende scepenen deser stadt op hodie om de goedenisse te comen sien doen over die voorschreve goederen, mede oock den cooper door den selven bode Rauvoet ut quoque retulit om de goedenisse te aenveerden ende sijne cooppenninghen te voldoen ofte anderssints daerteghens te comen doen soo hunnen rade soude ghedraeghen met inthimatie soo verre de selve als dan niet en compareerden, dat hunder absentie absentie nyettegenstaende totter interpositie vanden voorschreven decrete, voirts gheprocedeert soude worden naer behooren, doen alsoo te wetene dat bij ons schepene voorschreve alle die voorscreve stucken ende bescheeden met allent gene des dijen aencleeft, int langhe wel ende rijpelijck oversien ende gheexamineert hebbende ende gheconsidereert datte voorschreve gheexecuteerde ter payen aff van desen stadthuyse nogh eens voirts gheroepen sijnde, niet en is ghecompareert ofte imant anders in haren naeme ende alsoo voorts procederende totter interpositie vanden voorscreven decrete, hebben wij scepenen voors. ter manisse des heere meyers van Loven daer over staende van wegens hertoghe van Brabandt, bij onsen weysdomme gheauthoriseert ende authoriseren bij desen alle die voorscreve besoignien, proclamatien ende sitdaeghen ende voirts allent ghene vuyt crachte vanden voorschreven decrete, in desen gedaen ende ghebesoigneert gheweest, ende tegens de voorscreve gede. ende gheexecuteerde default ende contumacie ghevende ende voor het profijt van dijen haer van alsulcken recht, actie ende pretensie als de selve totte voorscreve geexecuteerde goederen soude connen ofte moeghen pretenderen, heysen ende competeren, nu en. naermaels versteeckende, hebben de selve aenghewesen aende voornoempde Anna Mannaers, executante, mits den voors. heere Rochus De Wulff, prister, die onder opden voet vande conditien verclaerdt heeft de goederen te hebben innegecoght tot behoeff der executante om de selve te hebbene ende te gebruyckene als hare eygene ende propre goederen ende is dijen volgende den notaris mr. Jan Bapta. Snijers, alhier present ende accepterende inden naeme ende ten behoeve van voors. Anna Mannaers weduwe Jeroen Vander Hulpen, ter manisse dse voors. heere meyers (naer dijen hij van sijn recht van naderscap hadde gherenuntieert) behoorelijck gegicht ende gheerft met alle solemniteyten daertoe staende, actum xxvij marty anno 1682.  Jan Hoppenbrauwer.

 

En dan nog:

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8268 fol. 352r°.

Item in tegenwoordicheyt der heeren schepenen van Loven naerbes. ghestaen Laurentius Henrion, clerck inde derde schrijffcamere alhier, innegevolge en. vuyt crachte van sijne onwederroepelijcke procuratie, hem als thoonder der selver gegeven, waer van den teneur van woorde tot woorde volgen. ende luyt aldus.

Compareren. op heden desen xxvijen. aprilis xvic. vijftich voor mij notario ende de ghetuygen naerbes. Wauter Van Geel ende Jacquemijn Reniers, wettige gehuysschen, woonen. tot Rotselaer, de welcke hebben bekent te hebben ontfangen vuytte handen van Bernaert Vijvens de somme van twee hondert gul., begrepen in het accordt, op heden voor mij notario en. seeckere getuygen gepasseert, waer voor de voors. gehuysschen elck in solidum hebben gheloeft te betaelen aen Jaecq. Vander Heyden ten behoeff van Elisabeth De Vos dochtere Augustijns ende van Elisabeth Vijvens (waeraff de huysvrouwe des vs. Jacq. Vander Heyden, vaederlijcke moye is) eene erffel. rente van twelff guldens en. thien stuyrs. sjaers, waer aff den iersten valdach sal wesen den seventwintichsten aprilis xvi eenentvijftich en. soo voorts totte redemptie toe, de welcke sal moegen ghebeuren mette vs. somme van twee hondert guldens, geloeven. ondertuschen de vs. rente jaerlijcx wel en. loffelijcken te betaelen aen. vs. Jaecq. Vander Heyden, soo langhe als de vs. Elisabeth De Vos nyet en sal sijn gecomen tot geapprobeerde staet oft competenten ouderdom, vrije van alle impositien, soe daenige die souden wesen ende tot meerdere verseeckerheyt hebben die vs. gehuyschen opghedraegen ende verobligeert vijff vierendeelen maygers inde Geverbroeck, vrij ende los goet, vercregen voor schepenen van Rotselaer op den viij. marty xvi sevenenveertich, item een dachmael landts, oock int selve broeck gelegen, vercregen voor schepenen deser stadt opden xxix. may xvic vijftich in media, ende noch een dachmael bemps, gelegen vast aen t' Hamelbroeck, regenooten s' heeren straet ter eenre, Jan Calstermans ter tweedere ende mevrouwe Geertruyt Boonen ter derdere zijden, constitueren. een ieder thoonder deser ten eynde om tgene voors. is, te vernieuwen voor meyer ende schepenen deser stadt, promittentes irrevocabiliter ratum, obligando, submitten. ac renunciando in forma.

Actum tot Loven ter presentien van mr. Jan Van Urssel ende Jan Van Torbeys, als ghetuygen hiertoe geroepen, hebben. de voors. comparanten de minute deser onderteeckent, mij present als notaris, inden Raede van Brabant geadmitteert, quod attestor, en. was onderteeckent Loesen.

Naer vermoegen van welcke procuratie, soo heeft den bovenges. geconstitueerde den vs. contract notariael in alle sijne poincten, clausulen en. arlen. vernieuwt en. herkent en. dijenvolgens geconsenteert int maecken van mainmise, decret en. herdecret der voors. hren. schepenen daer over te g[e]ven, obligan., subm. ac renuncian. in forma, coram jor. Dielbeeck en. De Vos, hac xxi may 1670.  Joos De Vos.

     Uit dit huwelijk:

     Van Geele Anna, (°) Rotselaar 23.04.1636 (g. Molemans Joannes en Foblets Anna),

     Van Geel Catharina, (°) Rotselaar 20.06.1638 (g. Reyniers Joannes en Aurocx Catharina),

     Van Geele Joannes, (°) Rotselaar 17.04.1640 (g. Van Geele Isaacus en Aurogge Dimpna),

     Van Geel Petrus, (°) Rotselaar 16.11.1642 (g. Reyniers Petrus en Vrancx Heylwigis),

     Van Geel Maria, (°) Rotselaar 05.02.1645 (g. Reyniers Guilielmus en Meulemans Maria),
     Van Geel Gommarus, (°) Rotselaar 11.08.1647 (g. Bollens Gommarus en Van Langendonck Anna),

     Van Geel Guilielmus, (°) Rotselaar 30.07.1648 (g. Briers Guilielmus en Leerbels Margareta),
     Van Geel Philippus, (°) Rotselaar 07.01.1651 (g. Hoppenbrouwers Joannes en Vanden Panhuijsen Maria),

     Van Geel Isaac, (°) Rotselaar 08.10.1653 (g. Van Hoeije Isaac en Bolles Joanna),

     Van Gheele Martinus, (°) Rotselaar 13.08.1656 (g. Bries Martinus en Verheijden Anna n. Aleijdis Boonen),
 

Reyniers Catharina, (°) Rotselaar 05.04.1615 (g. Geyselincx Arnoldus en Aurogge Catharina), x Rotselaar 09.09.1640 (g. Van Geendertaele Anthonius, Brants Gualterus en Van Geel Gualterus) met Van Geendertael Petrus,

Onderstaande aktes met dank aan Paul Peeters.

Petrus Van Ghindertaelen en Catharina Reyniers gingen een lening van 240 guldens aan, waarvoor zij een jaarlijkse erfelijke rente van 15 guldens moesten betalen aan de fundatie van wijlen Steven De Man.

S.AL., Inventaris Cuvelier, register nr. 7911 fol. 555r°.

Item in tegenwoordichijt der schepenen van Loven naergenoempt gestaen Jaspar De Man, clercq, naer Xmogen. van sijne procuratie, om den naerbeschreve contracte wettelijcken te moghen doen Xnuewen. ende te passeren, gegeven, waer van den teneur van woorde tot woorde is volgende, luydende aldus.

Op heden den 22. decemb. anno 1657 compareren. voor mij als openbaer nots., bijden Raede van Brabant geadmitteert, tot Loven residerende, ende in pntie. vande getuyghen hier onder genoempt, Peeter Van Ghindertaelen ende Catlijn Reyniers, wettighe gehuyschen ende innegesetenen der banderije van Rotselaer, welcke hebben bekent ende bekennen bij desen ontfanghen te hebben vuyt handen van. eerw. heere Joannes Buycx, pastoir der kercke van Sinte Quintens ende landtdeecken alhier, ende hr. ende mr. Philippus Gudelinus, audt schepene deser stadt, als administrateurs van. fondatie van wijlen hr. Steven De Man, bij hem gefundeert inde kercke voors. tot een jaergetijdt, die somme van tweehondert ende veertich rinsgls. eens in permissen gelde, ter saeke van welcke somme die gehuyschen eerste comparanten hebben geloeft ende geloven bij desen te geven ende te betaelen jaerelijcx op date van desen aen ende ten behoeve van. voors. fondatie eene rente van xv g. erffelijck, den penninck xvie., daer van den eersten termijn van betaelinghe vallen ende Xschijnen. sal den xxij. decemb. anno 1658, ende soo voorts vervolgens van iaere tot iaere totte quytinge toe, welcke sal moghen geschieden als die rentgelders gelieven sal teender reyse ende met volle rente in munte als voore, geloven. die voors. gehuyschen eerste compnten. die voors. rente jaerelijcx wel, loffelijck ende persoonelijcken te betaelen ende in stadts wissele van Loven te leveren, los ende vrij van x., xx., xle., ce. ende alle andere mindere ende meerdere penninghen, impositien oft exactien, alreede innegestelt ende alnoch naermaels inne te stellen, erffelijck in toecomende tijden, telcken iaere ende termijn voors. als schult met recht X onnen., daer voore Xbindende. hunne respective persoonen ende henne goederen, meubele ende immeubele, present ende toecomende, ende namentlijcken seven dachmaelen lants, gelegen opt Iverevelt tot Rotselaer, regen. sheeren straete ter ie., Peeter Molemans ter ij., mijn hr. Van Grave ter iij., Jan Vander Elst ter iiij. ende derffgenamen Jan Dauwen ter ve. zijden, item vijff virendeelen bempts tot Rotselaer int Haemelen Broeck, regenoten Peeter Molemans ter ie., deffgenamen Bertel De Pelsmaeker ter ije., mijn hr. Van Graeve ter iije. ende Geeraerdt Van Vaerenbergh ter iiije. zijden, item een dachmael bemps int Beversluysbroeck, regenoten de Winghe ter ie., mijnheere Van Graeve ter ij., Jan Verlinden ter iij. zijden, item vijff virendeelen bemps aent Ossenhooft tot Rotselaer, regen. Mertten Briers ter ie., die leybeke ter ije., den hertogh van Arschot ter iije. ende Jan Heymans ter iiije. zijden, verclaerende allen de voors. partijen niet voorder te wesen belast als met s' heeren chijns van. gront, consenteren. daer over int maeken van beleyde ende mainmise ende int decreet ende herdecreet der heeren schepenen van Loven daer over te geven sonder daeghsel te doen aen henne persoonen, hen gevende van alsnu voor alsdan voor gedaeght, constituerende voorts onwederoepelijcken bij desen een yder thoonder deser om desen bekentenisse voor meyer ende schepenen van Loven ende alle richter competent te Xnueuwen. ende te herkennen, promitten. ratum, eth.

Aldus gedaen ende gepasseert ten daeghe, maende ende jaere als boven ter presentie van Jan Batson ende Guilliam Impens, getuyghen, tot dese geroepen ende gebeden, ende hebben die gehuyschen bekenderen die minute deser neffens mij notario onderteeckent, quod attestor, ende was onderteeckent A. Van Heusden, noto., den voors. De Man vuyt crachte als voore, heeft dit contract alhier Xueuwt., herkent ende gereitereert, gelovende ende consenteren. prout latius inden selven, obligan., submitten. ac renuncian. in forma, coram Schore, Horenbeeck, xxiiij. decemb. 1657.

 

Hieronder nog een schepenakte met vermelding van Peter Van Gindertaelen en Catharina Reniers.  Uit de akte leren we dat Peter de broer is van Jacob Van Gindertaelen, die in Leuven woont.

S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7916 fol. 141r°.

Item in tegenwoordicheyt des heeren meyers, schepenen van Loven ende eygenoten naergenoempt gestaen Niclaes Vander Vorst vuyt crachte en. naer vermogen van onwederroepelijcke procuratie, hem, tot t' ghene naerbeschreven staet te doen, gegeven ende waer van den theneur hier naer is volghende.

Opden xiij. juny 1663 comparerende voer mij notario ende die getuygen naergenoemt den eersaemen Peeter Van Ghindertalen, innewoonder van Rotselaer, met Cathlijn Reniers, sijne huysvrouwe, die welcke hebben bekent vercocht te hebben aen sr. Jeronymus Nempe en. aen joe. Paschasia Zangrius, wettige gehuysschen, present ende in coop aenveerdende, ses vierendeelen landts met eenen vordelcant, gelijck die selve gelegen sijn in een stuck onder de banderije van Wesemael, regenoten sheeren bosch ter eenre, d' erffgen. van Willem Vereeckt ter ije., Guilliam Van Aerschot ter iije. ende Jan Meynaerts ter iiije. sijden, vrey ende onbelast goet, ende dat om ende voerde somme van tweehondert ende twintich guldens eens, boven noch drey pattacons voor eenen doeck voerde voors. Cathlijn ende eenen patacon van lijcoop, welcke voors. sommen sullen moeten betaelt worden terstont naerdat de goedenisse sal geschiedt sijn, cederende dijenvolghens deselve ierste comparanten aende vs. acceptanten allen het recht ende actie, midtsgaeders die brieven ende munimenten daer van sijnde, die sij sijn hebbende aende voors. ses vierendeelen landts, de selve surrogerende in hun plaetse, tanquam procuratores in ren. propriam sonder hun daeraen iet te reserveren, directelijck oft indirectelijck onder obligatie van hunne respective persoonen ende goederen, meubelen en. immeubelen, present ende toecomende, met renunciatie in behoirelijcke formen, ende om bat de coopers te verseeckeren, soo sijn oyck gecompareert Wouter Van Gheel ende Geeraert Maes, innewoonders van Rotselaer, Adriaen Van Aerschot, innegesetenen van Holsbeeck, ende Jaecques Van Ghindertaelen, broeder van. voors. Peeter Van Ghindertaelen, innegeseten borger deser stadt, die welcke tot validiteyt ende verseeckerheyt van t' ghene voors. is, hebben hun simil et in solidum geconstitueert borghen ende cautionarissen voorde vercoopers als principalen onder obligatie als voer, renuntierende aen het beneficie ordinis excussionis, behoudelijck hun guarrandt, welcken de vercoopers hun geloven bij desen in forma, constituerende parthijen hinc inde ende oyck die cautionarissen respective onwederroepelijcken Vander Vorst ende allen andere thoonders deser om t' ghene voors. is, te vernieuwen ende herkennen voor meyer ende schepenen van Loven, Wesemael en. elders daert van noode wesen sal, ende aldaer te laeten ende doen passeren goede gichte ende goedenisse met die solemniteyten van rechts oft coustuymen wegen gerequireert, met gelofte van waerschap in forma, consenterende oyck bij desen in volontaire condemnatie, midtsgaeders int maecken van mainmise en. decreet op hun respective goederen sonder dagement ende voorts meer alles anders te doen, etha., gelovende, obligerende ende renuncierende ut supra.

Aldus gedaen binnen Loven ter presentien van Guilliam Elsen ende Hendrick Herts, getuygen, hier over geroepen, de minute deser is geteeckent bijde respective parthijen ende cautionarissen neffens mij notario stipulerende, binnen Loven residerende, quod attestor, signatum A. Tordoir, nots.

Den voors. Vander Vorst, comparant ende geconstitueerde, vuyt crachte ende naer vermogen der vs. procuratie het bovengeschreven contract notariael alhier vernieuwt, herkent ende gerepeteert hebbende, heeft dijenvolghende inden naem der voors. constituanten bij manisse, etha., opgedraeghen met behoirelijcke verthijdenisse die voors. sesse vierendeelen landts, gelegen onder Wesemael, in henne regenoten hier voren gespecificeert, ende den vs. opdraegere inder qualiteyt als voer daer vuyt ontgoyt ende onterft sijnde, soo is daerinne behoirelijck gegoydt ende geerft ten eyghen ende erffelijcken rechte den voors. sr. Jeronymus Nempe (present en. accepterende), soo voor sijn selven als oyck voerde voors. joe. Paschasia Zangrius, sijne huysvrouwe, hier waeren over jor. Aerdt Van Eynatten ende sr. Jan Van Caverson, beyde schepen. deser voerschreven stadt, en. jor. Eduwaerdt Zandelijn, meyer der selver stadt, ende mr. Nicolaes Wouters, insgelijcx eyghenoten, voer de welcke den voerschreven opdraegere inder qualiteyt en. inden naem als voer geloeft altijt genoech te doene oft hier inne die cooperen iet te luttel oft te nauwe waere gedaen, daer voren verobligerende die persoonen ende goederen van allen die voerschreven constituanten met behoirlijcke renuntiatie in forma, et waras voer vrey eygen ende onbelast goet.

ctum xxvij juny a°. 1663. M. Peeters.

 

In de onderstaande akte wordt melding gemaakt van Petrus Van Gindertaelen (Van Geendertael) en zijn vrouw Catharina Re(y)niers uit Wezemaal. 

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7904, fol. 118v., akte dd. 6 februari 1645.

Item in tegenwoerdicheyt des meyers ende schepenen van Loven naerbeschreven gestaen Jan Peeters sone wijlen Jacq(ue)s ende Anna Van Bru, hem sterckmaecken(de) voer Anna Van Brussele, sijne huysvrauwe, dat sij tghene naerbeschreven staet, ter manisse alhier sal comen lauderen en(de) approberen, per mo(nitionem), et(ceter)a, heeft opgedraegen met behoirlijcke verthijdenisse een dachmael hoywa[s]ch, gelegen onder Rotselaer int Beversluyse Broecxken, regen(oten) jo(ncke)r Van Graeve ter eenre, Willem Meulemans ter iie. derffgen(amen) Hendrick Wijbrecht ter iie. en(de) den voers(chreven jo(ncke)r Van Grave ter iiie. zijden, op hem opdraegere verstorven bijde doot en(de) afflijvicheyt van sijne ouders, exposit(o) soo is sijn daerinne behoirlijck gegoyet en(de) geerft ten erffelijcken rechte Peeter Van Gindertaelen en(de) Cathlijn Reyniers, wettige gehuysschen, woonende tot Wesemael, per monitionem jure et satis die voerschreven opdraegere obligan(do), submitten(do) ac renuncian(do) in forma et waras op een negemanneken sheeren chijns aenden hertoge van Aersschot, verclaeren(de) parthijen den rechten prijs van(den) coop te wesen de somme van neghen guldens eens boven eene rente van neghen guldens erffelijck, staende tegenwoerdelijck gehypothiceert op seecker stuck lant, gelegen onder Geelroy op het Wustvelt, toebehoirende den voerschreven opdraegere, die alsnu is treckende s(ieu)r Michiel Crabeels, welcke rente van negen guldens den voerschreven Peeter Van Gindertaelen is nemende tot sijnen laste, geloven(de) de selve alle jaeren t' elcken valdaeghe aenden voerschreven s(ieu)r Michiel Crabbeels oft sijns actie hebbende, soo in tijts te betaelen, dat den voerschreven opdraegere sijne erffven ofte naercomelingen daer voer nemmermeer en sullen worden aengesproecken noch gemolesteert in gheender hande manieren, daer voere verobligerende sijnen persoon en(de) goederen, present en. toecommende, met behoirlijcke renuntiatie ut supra en(de) vier guldens en(de) thien stuyvers lijffcoop, coram Dilbeeck, Crabeels, via. februarii a(nn)o 1645.

     Uit dit huwelijk:

     Van Genentael Catharina, (°) Wezemaal 25.04.1641 (g. De Muijser Catharina),

     Van Geendertaelen Barbara, (°) Wezemaal 11.04.1642 (g. Van Geendertaelen Jacobus  en Geendertaelen Barbara eius soror),

     Van Genentael Catharina, (°) Wezemaal 25.11.1643 (g. Calstermans Joannes en Aurocx Catharina),

     Van Giendertaelen Elisabeth, (°) Wezemaal 09.03.1645 (g. Van Gindertaelen Joannes en Mijboes Elisabeth),

     Van Genentael Joannes, (°) Wezemaal 29.08.1646 (g. D. De Lanne Joannes en Vanden Panhuijsen Anna),

     Van Genentael Maria, (°) Wezemaal 19.03.1648 (g. Keppers Adrianus en Molemans Maria),

     Van Geendertaelen Barbara, (°) Wezemaal 08.08.1649 (g. Vandermeulen Elisabet en Willems Franciscus),

     Van Geendertale Adriana, (°) Wezemaal 15.03.1651 (g. Reniers Wilhelmus en Van Inthoudt Adriana),

     Van Gindertael Petrus, (°) Wezemaal 06.10.1652 (g. Van Schrieck Petrus en Van Inthout Maria),

     Van Geendertaelen Anna, (°) Wezemaal 30.06.1655 (g. De Raeijmaker Arnoldus en Van Inthout Anna),

 

Reyniers Joannes, (°) Rotselaar 22.06.1617 (g. Foblets Joannes en Meulemans Barbara), x Rotselaar 16.01.1648 (g. Foblets Joannes en Pelsmaecker Gregorius) met Foblets Anna,

Akte met dank aan Christine Savat. 

R1609: Fo 25v (1661):

Ev ten behoeve vande tafel vanden H Geest

- Jan Reijniers stelt zich als borg voor Aert Van Hove

- Niclaes Huijgens stelt zich borg voor Anthoon Lauwers

- Anthoon Lauwers stelt zich borg voor Niclaes Huijgens

- Wouter Verboomen stelt zich borg voor Jan Hoefnagels

- Henrick Briers stelt zich borg voor Wouter Vollens

- Jan Raes stelt zich borg voor Goossens Luijmoije.

Onderstaande akte ten bewijze dat beiden nog leefden in 1680 met dank aan Paul Peeters.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8278 fol. 456v°.

In tegenwoordicheyt des heeren meyers ende schepenen van Loven naerbes. ghestaen den clercq Matthijs Willemaers vuyt crachte ende naer vermoghen van onwederroepelijcke procuratie, hem als thoonder der selve gegeven, waervan den teneur hier naer van woorde tot woorde is volghende, luydende aldus.

Op heden den 27en. meye a°. 1680 comparerende voor mij als openbaer notaris, bij den Raede van Brabant gheadmitteert, tot Loven residerende, ende inde presentie vande getuyghen hieronder ghenompt, Jan Reyniers ende Anna Foblets, gehuysschen, woonende tot Rotselaer, die welcke hebben bekent ende bekennen bij desen vercocht, ghecedeert ende ghetransporteert te hebben aen jouffe. Anna Van Opstal, lest weduwe wijlen sr. Germijn Herthals, alhier present ende in coop aenveerdende, sesse vierendeelen landts onbegrepen der maeten, geleghen onder Rotselaer voors. int Rotselaeren Velt, regenootten d' erffgenaemen van wijlen mijn heer van Dalem ter eenre ende ije., den H. Geest van Rotselaer ter iije. ende den Groenenwech loopende naerden thoren ter iiije. zijden, ende dat om ende voorde somme van drijehondert guldens eens, los ende vrije goet, op welcke coopsomme sal cortten eene somme van hondert guldens als de gehuysschen transportanten vande acceptante hebben opgenomen ter rente, ghepasseert voor mij notario ende seeckere getuyghen opden 25en. april 1678, die welcke midts desen sal comen te cesseren, doodt ende te nyet wesen, ende de resterende twee hondert guldens bekennen de voors. transportanten te hebben ontfanghen ende alsoo ten vollen daervan te zijn ghecontenteert ende voldaen, waranderende de voorschreve sesse vierendeelen landts voor vrije ende onbelast, soo van renten als chijnsen, met geloefte van daervoor oock altijt innetestaen onde[r] obligatie van hunne persoonen ende goederen, meuble ende immeuble, present ende toecomende, met renuntiatie in forma, verclaerende de voorschreve sesse vierendeelen te zijn ghecomen vuytten hooffde vande ouders der transportante ende haer te wesen aenghecomen bij scheydinge ende deylinghe, daeromme ende onder andere goederen gedaen teghen haere mede erffghenaemen, constituerende voorts de voorschreve gehuysschen transportanten onwederroepelijck een ieder thoonder deser om desen transporte voor meyer ende schepenen van Loven, Rotselaer ende alle hoff ende heer competent te vernyeuwen ende te herkennen ende aldaer de voorschreve jouffe. Anna Van Opstal met alle solemniteyten daertoe noodich inde voors. sesse vierendeelen lants te goeden ende te erffven ende hun gehuysschen transportanten daervuyt t' ontgoeden ende t' onterffven met gelofte van garrant als naer recht.

Aldus gedaen ende ghepasseert ten daeghe, maende ende jaere als boven ter presentie van Jan Coen ende Henrick Ortssens, getuyghen, tot dese gheroepen ende gebeden, ende hebben de comparanten de minute deser neffens mij notaris onderteeckent, onderstaet quod attestor, endeis onderteeckent H. Smedts, nots.

Den voorschreven gheconstitueerden vuyt dit contract in alle ende ieghewelcke zijne poincten, clausulen ende arlen. alhier vernyeuwt ende herkent ende dijenvolghens bij manisse der heeren meyers opgedraeghen met behoirlijcke verthijdenisse de bovenges. sesse vierendeelen landts, geleghen onder Rotselaer int Rotselaeren Velt, hierboven tusschen de regenootten naeder ghespecificeert ende den voors. opdraegere midts d' ordonnantie van rechte vuytte voors. sesse vierendeelen landts ontgoyt ende onteerft zijnde, soo is daerinne gegoyt ende geerft ten erffelijcke rechte den notaris Smedts, alhier present ende accepterende inden naeme ende ten behoeve van jouffe. Anna Van Opstal, lest weduwe van wijlen sr. Germijn Herthals, haere erffven ende naercomelinghen oft actie hebbende, per monitionem jure et satis, den voors. opdraegere inden naem als voor, obligano, submittendo ac renunciando in forma et waras, de voors. sesse vierendeelen landts voor los, vrije ende onbelast, coram de Pleines, De Vos, hac iija. juny a°. 1680.  J. De Vos, Roch. Van Goidtsnoven, 1680.

 

In de onderstaande akte maakt men melding van Joannes Reyniers zone Joannes en zijn vrouw Anna Foblets, inwoners van Rotselaar. Joannes Foblets, zoon van Arnoldus en poorter te Antwerpen, was de oom van Anna Foblets.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7947, folio 171r., akte dd. 7 februari 1695.

Inde egenwoordigheyt der heeren schepenen van Loven naergenoemt gestaen Ingelbert Loncin, clerck der middele schrijffcamere der stadt Loven, vuyt crachte en(de) naer vermoeghen van seeckere procuratie om t' ghene naerbes(chreven) staet, wettelijcken te moeghen doen vernieuwen, hem gegeven, heeft t' selven gedaen in der manieren naervolgende, waer van den teneur luydt aldus.

Wij Wouter Van Aersschot en(de) Peeter Molemans, schepenen des landts ende baronije van Rotselaer, maecken condt en(de) kennelijck eenen iegelijcken dat comende voor onsen richter en(de) voor ons in propre persoonen Jan Reyniers sone Jans met Anna Foblets, sijne huysvr(ouw)e, woonende alhier binnen Rotselaer, heeft bekent ende geleden om ende midts die somme van een hondert tweentviertich gul(den)s bij hun ten contentemente ontfangen, wel ende deughdeljcken schuldich te wesen ende te gelden ten behoeffve van Jan Foblets sone Aerts, poortere deser stadt Antwerpen, hunnen oom, present ende acceptant eene rente van acht gul(dens) thien stuy(ver)s t' sjaers, altijdt te vallen ende te betaelen als schult metten rechte verwonnen op heden dathe desers ende ierst vanden jaere xvic. achtentvijfftich ende soo voorts van jaere tot jaeren totte quytteringe ende redemptie van dijen, die t' allen tijde sal moghen geschieden, t' sij t' eender reyse ofte wel ten twee reysen, t' elcker mette iuste hellicht vande voors(chreve) hondert tweentviertich gul(dens) smaels naer gelifften der voors(chreve) rentgelders ende met volle verloopen van dijen, los ende vrije gelt in universum van alle precarien en(de) impositien, alreede innegestelt en(de) naermaels noch inne te stellene, in goeden gevalueerden ende gepermutteerden gelde onder verbant van hunne respective persoonen en(de) goederen, haeffve ende erffve, present ende toecomende, hebbende die voors(chreve) comp(ara)nten tot meerdere asseurantie ende versekeringe van t' gene voors(chreven) is geconstitueert, soo ende gelijck sij constitueren midts desen een ieder thoonders desers om in hunnen naeme en(de) van hunnen t' wegen altijdt des noodich ende v(er)socht sijnde, te compareren voor de heeren wethouderen der stadt Loven om t' gene voors(chreven) aldaer herkennende en(de) renovellerende, daer over te consenteren in het maecken van beleyde ende mainmise ende in het decreteren der selver over allen ende een iegelijcke de selve hunne goederen, ruerende ende onruerende, v(er)cregen ende te v(er)crijgen, gelovende tam divisum quam coniunctum et in solidum onder verbandt, submissie ende renuntiatie pro ut in co(mmun)i forma, sonderlinge die voors(chreve) Anna Foblets senatusc(onsulti) velle(an)i et auth(entica) presente cod. de fidejussoribus, ierst en(de) voor al van d' effecten van dijen gecertioreert sijnde, actum desen vijffden septembris xvic. ende sevenentvijftich, signatum H. V. Panhuyssen.

Aldus vernieuwt door den voors(chreven) geconstitueerden obligan(do), submitten(do) ac renuntian(do) in forma, coram jo(ncke)r Vander Straeten, Caels, hac septima february 1695.

     Uit dit huwelijk:

     Reyniers Maria, (°) Rotselaar 31.01.1649 (g. Fobelets Guilielmus en Fobelets Magdalena),

     Reyniers Catharina, (°) Rotselaar 01.06.1651 (g. Briers Guilielmus en Reijniers Catharina),

     Reyniers Barbara, (°) Rotselaar 30.12.1654 (g. Dirickx Guilielmus en Fobelets Catharina),

     Reijniers Joannes, (°) Rotselaar 11.09.1657 (g. Van Geel ? Walterus en Bries Gertrudis),

     Reijniers Petrus, (°) Rotselaar 26.03.1660 (g. Van Gindertael Petrus en De Pelsmaecker Jacoba),

 

Reijniers Petrus, x Rotselaar 05.10.1653 (g. Van Aerschot Joannes en Reijniers Joannes) met Maria Van Aerschot,  fa Joannes x Elisabeth Hendrickx, + Rotselaar 06.11.1669, deze x 2 Rotselaar 27.02.1661 (g. Van Aerschot Adrianus en Leijs Hermannus) met Cerneels Adam, ° ca. 1635, deze dan weer x 2 Rotselaar 18.02.1670 (g. Rijniers Joannes en De Pelsmaeker Andreas) met Maria De Pelsmaecker, fa Andreas x Catharina Gilis, + Rotselaar 17.12.1693,  

Onderstaande aktes met dank aan Christine Savat

Wouter Van Geel voor deene hellicht ende Adam Serneels als m&m Maria Van Aerschot we wijlen Peter Reyniers hem te dese sterckmakende voor de tochte ende Jan Reijniers met Adriaen Van Aerschot als wettige momboirs van de kinderen wijlen Peter Reyniers aengaende die proprieteijt voor dander hellicht, hebben met consent en ten overstaen van mr Peeter Van Gindertaelen ten desen hem mede sterk gemaeckt hebbende voor Cathlijn Reijniers sijne huijsvrouwe verkocht een bunder en 25 roeden lants in twee percelen alhier binnen Rotselaer aen Aert Maerschalck.
IN: Guilliam & Jan Serneels kinderen wijlen Adam Serneels x Maria Van Aerschot tegen jouffr Van Tongerloo we lic Van Hove in sijn leven rentmr van de hertog van Aerschot
Die aenre concluderende dat de voors we sal hebben afstand te doen mette vruchten baeten & proufijten bij haer oft haeren voors man saliger genoten van seker block nu bosch gelegen onder dese baronnije inde Hallewij? groot ontrent een bunder ... voor redenen dat selve aen de voors kinderen is competerende vuijten hoofde vande voors hunne ouders, als blijckt vuijtte S+D hier mede gaende.
R1619: 23 apr 1692
Gesien bij schepenen etc het proces ongedecideert hangende tusschen Guilliam & Jan Serneels kinderen van wijlen Adam Serneels & Maria Van Aerschot ter eenre ende joufr Maria Magdalena Van Tongerloo we wijlen heere licentiaet Van Hove in sijn leven rentmr van den hertogh van Aerschot ter andere sijde ... condemneren den gedaegde afstandt te doen mette vruchten, baeten ende prouffeyten bij haer ende wijlen haeren man genoten van het block bosch.

     Uit dit huwelijk:

     1. Reijniers Johanna Maria, (°) Rotselaar 02.08.1654 (g. Van Cauteren Andreas en Van Aerschot Johanna),
     2. Serneels Guilielmus, (°) Rotselaar 11.12.1661 (g. Verhaegen Guilielmus en Reijniers Jacoba),

     Serneels Jacobus, (°) Rotselaar 25.02.1664 (g. Janssens Jacobus en Goris Anna),

     Serneels Anna, (°) Rotselaar 24.05.1665 (g. Van Aerschot Walterus en Janssens Anna),

     Serneels Maria, (°) Rotselaar 24.05.1665 b. Borginions Margareta (g. ... Petrus en Henrix Maria), 

     Serneels Joannes, (°) Rotselaar 08.07.1666 (g. De Pelsmaker Guilhelmus en Janssens Mechtildis),
     Cerneels Joannes, (°) Rotselaar 13.01.1669 (g. Van Hoegaerden Joannes en Van Cauteren Joanna),

 

Reyniers Maria, XI (N1359), (°) Rotselaar 13.08.1619 (g. Vermylen Joannes en Vande Venne Maria),

    

Reyniers Wilhelmus, (°) Rotselaar 06.06.1621 (g. Vander Heyden Joannes en Aurogge Dymphna), x (niet Wez, Rot, ) met Van Salm Catharina, deze x 2 Wezemaal 14.03.1673 (g. Wiggers Michael en Vanden Schrieck Petrus) met Gerardus Vanden Schrieck,

     Uit dit huwelijk:

Reijniers Henricus, (°) Wezemaal 20.08.1653 (g. Van Salm Henricus en Briers Gertrudis),

In de akte wordt melding gemaakt van Henricus Reyniers en Anna Gijbels, wonende te Uithem onder Gelrode. Henricus Reyniers was de Guilielmus en Catharina Van Salm. Deze laatste huwde later met Gerardus Vander Schrieck. De vermelding “schoonvader” in de akte heeft hier de betekenis van stiefvader. De datum van de akte is gebaseerd op de datering van de voorgaande akte.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7939, folio 237v., akte dd. 5 april 1687.

Inde tegenwoordigheyt der heeren scepenen van Loven naergenoempt gestaen Franchois Waghemans naer vermoegen van sijne procuratie, hem ghegeven omden naervolgende contracte notariael wettelijck te verniuwen ende te herkennen, heeft tselve gedaen inder maniere naervolgende.

Comparerende op den xxv. meert anno 1687 voor mij notaris ende inde presetie vande ghetuygen naerghenoempt Hendrick Reyniers ende Anna Gijbels, gehuyssen ende innegesetenen van Vuytum onder Gelrode, die welcke hebben bekent, soo sij doen mits desen wel, ende deughdelijck te hebben ontfangen vuyt handen van jouff(rouw)e Joanna Barbara Berckmans, devotaire, eene somme van twee hondert vijftigh guldens eens permissie gelt volgens die tegenwoordighe valuatie, ter saeken van welcke die comparanten gheloven jaerelijcx date deser ten behoeve vande voorscreve jo(uffrouw)e Anna Barbara Berckmans te gelden ende te betaelen eene erffelijcke rente van vijftich guldens twelff eenen halven stuy(ver)s, staen(de) tegens den penninck 16, en[de] in cas van precise betalinge tussen die sesse weken naer den valdage twelff guldens thien stuy(ver)s ende alsoo tegens den penninck 20, voor den iersten jaere te verschijnen xxv. meert 1688 ende alsoo vervolghens van jaere tot jaere, vrije ende exempt binnen Loven te leveren totte effective quytinghe toe, die welcke sal moeghen ghescieden ter gheliefte vande voorscreve ghehuysscen in gelijcke munte als boven in twee rijsen met volle rente ende advertensie van sesse weken te vorens, daer vore ende voor de capitaelen verobligeren(de) tsaemen ende elck in solidum hunne respective persoonen ende goederen, meubelen ende immeubelen, present ende toecomende, ende naementlijck naer vermoegen vande permisse, hem ghegheven bij Geeraert Vander Scrieck ende Catlijn Van Salm, gehuyscen, der comparanten moeder ende schoonvader, bij acte onder hunne signaturen ghegheven opden xxiiii. meert lestleden, des ierste comparants kints gedeelte, dwelck hem ten deele sal comen te vallen inde goederen, soo vuyt den hooffde van sijnen vader Willem Reyniers, als oock van wegens Catlijn Van Salm voorscreven, alle welcke bijde selve in tochte worden beseten, als te weten huys, hoff ende toebehoorten van dijen met het block daer aen ghelegen onder Rotselaer, groot sesse virendeelen, reghenoten die Deyle ter eendre, de erffghen(aemen) Wauter Van Gheel ter iie., de Quelenberg ter iiie. ende jo(ncke)r Van Grave ter vierdere sijden, item in sestigh roeden lants, ghelegen onder Rotselaer, reghenotende het Perts Kerchoff ter ie., etc(etera), item in een halff boinder bempts, ghelegen int Hamelen Broeck, regenotende die leybeke ter ie., Adriaen Booms ter iie., jo(ncke)r Van Grave ter iii. sijden, item int derdendeel van een boinder bempts, ghelegen int selve broeck ontrent het voorgaende, reghenoten de erffgenaemen Jan Reyniers ter ie. ende de erffgenaemen Peeter Reyniers ter iie., item in een daghmael bempts, ghelegen int Hellichter Broeck, ter plaetse alwaer de Deyle ende Demer in malcanderen compt, genoempt het Terwe Lant, item in sesse virendeelen lants, ghelegen onder Wesemael opden Witten Wijngaert, regenoten den baron van Wesemael, de erffgenaemen vanden advocaet Lesius ende den Varenwegh, item in sestigh roeden lants, gelegen aldaer achter het Gansen Block, regenoten de erffgen(aemen) vanden baron Van Mellaert in twee sijden ende de erffgenaemen Peeter Baumans ter iii. sijden, item in een daghmael hoywasch, gelegen int Vlasselaeren Broeck, regenoten de Molenwinghe ter ie., jo(ncke)r De Busscher ter iie., jo(ncke)r Tuldenus ter iii. sijden, item in een halff daghmael bosch, gelegen boven het Welleken, regenotende de erffgenaemen Andries Van Salm, alle verstorven bij doode van Willem Reyniers voors(creven), item huys, hoff ende weyde, groot ontrent drije daghmaelen, gelegen onder Wesemael, regenoten tcloister van Vrauwenperck oist, den Lostick suyden, die Vonderwegh straete west, sceydende op een blinde grechte, item ontrent drije een halff daghmaelen lants ende bosch, gheheeten den Buckt, gelegen aldaer, reghenotende de erffgenaemen Adriaen Pasteels oist, tcloister van Vrauwenperck suyden ende westen, den bosch vanden heere van Wesemael noorden, comende van wegens die voors(creve) Catlijn Van Salm, constituerende tot desen effecte onwederoepelijck een ider thoinder ende brenger deser, tsaemen ende ider int besundert, om dese bekentenisse wettelijck te verniuwen ende te herkennen voor die heeren meyer ende scepenen van Loven ende alomme daer het van noode wesen sal soude moeghen wesen, consenterende aldaer int slaen van beleyde ende mainmise, decreet en(de) herdecreet over die voorscreve goederen, mede in condemnatie voluntair, alles sonder voorgaende daghement, met conditie datte voorscreve comparanten thunnen coste sullen moeten leveren copije ofte extrackt autentycq vuyt die deylinge vande bovenscreve goederen, soo haest de selve sal behoorelijck sijn ghesloten, ghelovende, verbindende ende renuntierende, actum ut supra ter presentie van m(eeste)r Peeter Bogaers ende Joachim Feray, borghers deser stadt, ghetuygen, tot dese gheroepen ende ghebeden, ende hebben die voors(chreve) comparanten de orghinele minute deser  beneffens mij notaris onderteeckent, onder stont, quod attestor, signatum J.B. Snijers, not(ari)s.

Aldus vernieuwt ende herkendt door den voorscreven gheconstitueerden eentsamentlijck gheconsenteert int slaen van mainmise ende decreet daer over te gheven sonder dagement, alles pro ut in dicto procuratorio, obligando, submittendo ac renuntiando, eisdem eodem.

     Reiniers Maria, (°) Wezemaal 06.01.1655 (g. Van Emelen Joannes en Van Arschot Maria),

     Reijniers Andreas, (°) Wezemaal 17.09.1656 (g. Van Salms Andreas en Oomkens Catharina n. Vercalsteren Clara),

     Reijniers Joannes, (°) Wezemaal 08.07.1659 (g. Van Salm Joannes en Reijniers Jacoba),

     Rijniers Petrus, (°) Wezemaal 15.05.1661 (g. Boets Petrus en Meulemans Catharina),

     Reiniers Anna, (°) Wezemaal 05.12.1663 (g. Van Salm Martinus en Foblets Anna),

     Rijniers Catharina, (°) Wezemaal 16.10.1667 (g. Willems Franciscus en Oomkens Catharina),

    

Reyniers Joachimus, (°) Rotselaar 23.06.1627 (g. Vanden Wauwer Joachimus en Van Mechelen Emerantiana).

 


 

Castermans Joannes, x 1 (niet W, Wak, Bet, ) met Reniers Maria, (°) Rotselaar 13.08.1619 (g. Vermylen Joannes en Vande Venne Maria), 2 x Werchter 02.05.1656 (g. Mr Joannes Thijs en Cornelis Cornelius) met Van Casteren Clara, (°) Keerbergen 07.11.1621 (g. Antonius Vercalsteren en Margareta Van Rillaer).

    

Uit dit huwelijk:

         

1. Calstermans Jacoba,

    

Castermans Joannes, (°) Werchter 21.10.1646 (g. Reniers Joannes en Gijselincx Joanna),    

    

Castermans Guilielmus, (°) Werchter 28.02.1650 (g. Reniers Guilielmus en Wauters Barbara),    

    

Castermans Petrus, (°) Werchter 01.09.1652 (g. Van Geendertaelen Petrus en Naurox Catharina), x 3 Werchter 18.08.1681 (g. Vertiers Michael en Goevaerts Egidius) met De Wijngaert Maria, (°) Werchter 22.01.1646 (g. Guilielmus Wortelaers en Maria Holemans, deze x 1 Werchter 21.10.1670 (g. Lauwens Petrus en De Wijngarde Joannes) met Adrianus Lauwens, x 2 Werchter 02.04.1674 (g. Van Langendonck Joannes en Van Roijst Cornelius) met Guilielmus Van Langendonck,

     Uit dit huwelijk:

     1. Lauwens Petrus, (°) Werchter 09.08.1671 (g. Petrus Van Tongelen en Maria Holemans), + Werchter 06.06.1720, x > 1715 met Fobelets Maria,

     2. Van Langendonck Guilielmus, (°) Werchter 28.05.1674 (g. Guilielmus De Wijngarde en Maria Van Langendonck),

     Van Langendonck Guilielmus, (°) Werchter 25.10.1676 (g. Guilielmus Van Langendonck en Catharina Van Aerschot),

     Van Langendonck Barbara, (°) Werchter 11.09.1678 (g. Joannes De Wijngaert en Maria Van Tongelen n. Barbara Janssens),

     3. Castermans Clara, (°) Werchter 18.10.1681 (g. Arnoldus De Wijgaert en Clara Vercalsteren),

     Castermans Joanna, (°) Werchter 02.11.1683 (g. Henricus De Wijngaert en Joanna De Keyzer), x Werchter 08.11.1710 met Cornelis Van Tongelen,

     Castermans Anna, (°) Werchter 04.11.1686 (g. Anthonius Van Langhendonck en Anna De Meyer),

     x (niet W, ) > 1717 met Gerardus Huygens, (°) Holsbeek 20.06.1688 (g. Joannes Bear Heckenrode en Dla Otto),

     Castermans Maria, (°) Werchter 22.04.1689 (g. Gerardus Paeps alias Van Eycken en Maria Van Langhendonck),

     + Holsbeek 02.03.1763, x 1 Werchter 23.02.1715 met Petrus Huygens, (°) Holsbeek 09.09.1685 (g. Joannes Geeraerts

     n. Petrus Geeraerts en Anna De Wolf), + Holsbeek 28.10.1720, fs Petrus Huygens en Catharina Bear,

     x 2 Holsbeek 14.03.1721 (g. Bernard Huygens en Petrus Luyckx) met Petrus Taverniers, (°) Lubbeek 22.11.1696,

    

2. Castermans Arnoldus, (°) Werchter 06.03.1657 (g. Van Hove Arnoldus en Wauters Dymphna),    

    

Castermans Magdalena, (°) Werchter 19.06.1661 (g. Coens Joannes en Peeters Magdalena),    

    

Castermans Catharina, (°) Werchter 24.06.1663 (g. Castermans Hubertus en Machiels Catharina),

    

Calstermans Adriana, (°) Werchter 07.03.1665 (g. Van Roost Cornelius n. Bosmans Cornelius en Paeps Adriana).

 

Terug naar startpagina Terug naar startpagina stamboom