Familienamen

                                                                                                                             

 A | B | C |  D E F | G | H I J | K | L | M | N O | P Q | R | S | T U | V | W X Y Z

Andere H-bladzijden H | He | Her | Ho | Hor | IJ

 

 

Terug naar intro 

 

Het grootste deel van onderstaande info is een selectie uit: Woordenboek van de familienamen in België en Noord-Frankrijk (grondig herziene en vermeerderde uitgave) (Dr. Frans Debrabandere - L.J. Veen /Het Taalfonds 2003).

 

Van Haack, Van Haeke(n), Van Ha(e)cke, Vanhaecke, Van Hack(en), Van Haken,

Van Haeeke

Familienaam naar de plaatsnaam 'haak': een hoekvormig perceel land.

Deze naam komt op diverse plaatsen in Vlaanderen voor.

 

Haaf Van/Ten, Van Haeff

Familienaam uit de Nederduitse plaatsnaam haaf, die in het Nederlands hof is.

 

Haaften Van, Van Haeften

Familienaam uit de plaatsnaam Haaften (Gelderland).

 

Haalboom, Alboom Van, Album(e)

Naam uit de plaatsnaam Alboom: plaats waar witte abeel groeit.

 

Haan (de(n)), Haane(n), Hanen, Haans, Haens, Haen(en), De(n) Haen(e), De Naene, Dehan(n)e, Dehaene, D'haen(e), Dhaen(e), d'Hane, Dhane, Lehaen, Lehan(n)e

1. Bijnaam naar de eigenschappen van een haan: trots, mooie kleding.

2. Naar een huisnaam (bedrijfsnaam, café-uithangbord, of gewoon huisnaam).

16 de eeuw Jan Van Haelen gaat wonen in het huis 'In 't Haenken' en zijn naam verandert in Jan De Haen.

 

Haarsma Van, Van Haersma

Friese patroniem uit Hare.

 

Haas (de), (de) Haes, Haas(s), De(n) Haese, De(n) Haeze, Denaes, Denage, De Haze, De Hase, De Haasse, Dehaese, D'Haes(e), D(h)aese, D(h)aeze, D'Hase, D'Haze, Hase, Ha(a)ze, Haase(n), Haese(n), Ha(a)zen, Hasen

1. Bijnaam naar de eigenschappen van de persoon: snelheid, schichtigheid.

2. Familienaam naar de huis(café)naam.

 

Haasrode Van

Verdwenen familienaam uit de plaatsnaam Haasrode.

 

Haast, Ha(e)st

Bijnaam uit het Middelnederlandse haest: haastig.

 

Habra(e)ken, Habracken, Houbra(e)ken, Houbracken, -cker, Houtbraken, Houraeken

Familienaam uit de plaatsnaam Houbraken in Asten (Noord-Brabant) of Habraken/Hobbraken in Olen (Antwerpen).

 

Hache, Ache, Hatse, Haxhe

Beroepsnaam naar de naam van het werktuig. Het Franse hache: bijl.

 

Hack(e), Hak(ke), Haq(ue), Hackx, Hacks, Acke, Ac(k)x, Acs

1. Bijnaam voor iemand met een bijl of beroepsnaam van een houthakker.

2. Patroniem uit Hanke, een vorm van Johannes.

3. Patroniem uit de Germaanse voornaam Hacco.

 

Haecht Van, Van Haeght, Van Hacht, Van Hocht

Familienaam uit de plaatsnaam Haacht (Vlaams-Brabant).

 

Haeck (de), Hae(c)x, Dehacq, Haecke, Hake, Haek(e), Haa(ck), Hac, Hae(c)x, Aeck, Aex

1. Beroepsbijnaam voor iemand die beroepshalve met een metalen (bv. visser) of houten haak werkte.

2. Patroniem, knuffelvorm uit een Germaanse hag/haggo/hacco-naam.

3. Bijnaam voor de drager van, of beroepsbijnaam voor de gebruiker van een ax/aks: bijl.

4. Of zelfs afgeleide van Johannes.

 

Ha(a)(e)g(h)e(n) van der, -Haeghem, Vanderaegen, van Draeg(h)e(n), Derhaag, Derhaeg, Verhaag(e)(n), Verhaeg(h)(e)(n), Veraeghe, Verhayge(n), Verhacghe, Ver(r)aghen, Ver(h)ague, Voragen, Vor(n)ha(e)gen, Varnhagen, Ver(h)a(e)g(h)e(m), Vraeghe, Verraghen(n)e, Veraghaen(n)e, Hageman(s), -mann, Haegheman, Hagheman(s), Hagueman, Haegeman(s), Agemans, Haagmans, Haegman(s), Haeghmans, Haechmans,Hagmans, Haegsman, Hacg(u)eman, ...

Zeer verspreide plaatsnaam die op veel plaatsen tegelijk ontstond en die bovendien vanuit de diverse dialecten op steeds andere wijzen geschreven (en vervormd) werd,

Haag, Hage, ... : heg, omheining van levend hout, kreupelhout (verwijzend naar de

plaats van afkomst of waar men woonde).

 

Haeldermans, Halremans, Haldermans

1. Zie Aldermans.

2. Ook familienaam uit de plaatsnaam Hallaar (Heist o/d Berg).

 

Ha(e)lterman, A(e)lterman, Aelderman

1. Beroepsnaam afgeleid van het Middelnederlandse ha(f)ter: halster, leren paardenriem.

2. Zie ook Aelter.

 

Haelters, Haelsters, Halter(s), Halders, Alster(s)

1. Naam uit het Middelnederlandse halfter, ha(e)lter, halster: leren halsriem voor paarden. Beroepsbijnaam.

2. Zie ook Aelter.

 

Haermaker De, Haremaker

Beroepsnaam van de haarwerker, de maker van dekens en stoffen (die vroeger veel met haar gemaakt werden).

 

Haesebroek Van, Van Hazebroe(c)k, (van) Haesbroe(c)k, Van Hasenbroeck, Van Haesenbroe(c)k(e), -brouche, Van Haes(e)brouck(e), Vanhaesebrouck, Van Haesesbrouck(e), -broeck, -brocke, Van Hasbroe(c)k, -brouck, Haze(n)broek, Hazebrou(c)k, -broucq, -bourcq, Hasebrouck, Haesebroek, Haes(e)brouck, Haezebrouck, -broe(c)k, Hasenbroe(c)kx, Hasbrouck, Has(se)broucq, Van Asbroe(c)k, Van Asbrouck, Asbroucq

1. Naam uit de plaats Hazebroek/Hazebrouck (Frans-Vlaanderen).

2. Van ook Asbroe(c)k Van.

 

Haeseleer (de), -aer, (de) Haseleer, -air, Haselaars, -aers, -eers, Haezeleer, De Haezelaer, Hazelaere, -aers, Haezelaere, Hazalaers, D'Hazelaer, -eer, -eire, D'Haesele(e)r, -eir, D'hasseler, Daeseleer, -eire, Daseler, Azelart, Azelaire, Has(se)laire

Naam naar de hazelaar, hetzij als plaatsnaam, huisnaam of uithangbord.

 

Haesen, Haazen, Ha(a)sen, Hazes, Heesen

1. Patroniem uit de Germaanse voornaam Haso.

2. Variant van Haas (de). Zie daar.

 

Haeyer(e) d', D'Haeyers, Dhaeijere, Dhaeyer(e), d'Haeyre, d'Hayer(e), D'Haijere, Dayer(s), Ayers, Hayers

Afgeleide van het werkwoord haeyen: begeren, verlangen, verdragen, verduren.

Bijnaam die één van de werkwoorden illustreert.

 

Hagenaar(s), Hagenaers, Hageniers, Hagener, Haagner

Familienaam uit de plaatsnaam Den Haag (Zuid-Holland) en soms gewoon uit de plaatsnaam Haag/Hagen.

 

Haghebaert, Haeg(h)ebaert, Hac(k)bart, Haegenbarth

Patroniem uit de Germaanse voornaam hag - bard.

 

Hainaut, -ault, -(e)aux, -eaut, Hainnaut, -aux, Ainaux, Haynau, Henau(x), -au(l)t, -eaut, eau(x), -auw, Hennau(t), -aux, -ault, -eaut, Heinnaux, Duhainaut, De Hainaut, Deheinau(x), De Heneau, De Hennault, De Hen(n)au(w), D(h)ainaut, D'Hainaut, -aux, D(h)enaut, Denhaut, D'Henau, Dhaynaut, Dhennau(x), Dhinaut

1. Familienaam uit de plaatsnaam Hainaut, het graafschap Henegouwen.

2. Zie ook Henau.

 

Haisch

Duitse patroniem uit de oude Germaanse naam Haije (dit mogelijk uit aq, hagan, ... of uit de heiligennaam Hyacinthus (dit is een naam uit de Griekse godenwereld)).

 

Halen Van, Van Haalen, (van) Haelen, Vanhaelen, Van Aelen, Van Hael(e)

Familienaam uit de plaatsnaam Halen (Limburg) of uit Houthalen (Limburg).

 

Halet, -é, -es, -ey, -ey(d)t, Haeleydt, Hallet, -é, -ett, -ez, Haulet, -ai(t), -ez, Aule(y)t

1. Bijnaam afgeleid van Waalse halé = mank,

2. Patroniem, afgeleid van een Germaanse hal-naam (bv. Halin).

3. Familienaam afgeleid van de plaatsnaam (Grand-, Petit-) Hallet in prov. Luxemburg.

 

Halin, Hal(l)in(g), Halain, Hallein, Halein(g), Hal(l)en(g), Haul(a)in

1. Patroniem, knuffelvorm uit een Germaanse hade-naam (bvb Hadelin).

2. Mogelijk een verschrijving van Alain. Zie daar.

3. Zie ook Hellin en Hallynck.

 

Halkes, Halkus, Halkema

Patroniem uit de Germaanse voornaam hal + ulf.

 

Halle Van, Van Hal(l), Hal

Familienaam uit de plaatsnaam Halle (Antwerpen en Vlaams-Brabant), Hal (Noord-Brabant), Hall en Halle (Gelderland).

 

Halleman(s), Halmans

1. Beroepsnaam van de beambte bij de stadshalle, de hallenmeester.

2. Familienaam uit de plaatsnaam Halle, Hal. Zie bij Halle.

3. Naam uit het Duitse Halfman(n): pachter die een hoeve bebouwt, maar de helft moet afstaan.

 

Halleux

Familienaam uit de plaatsnaam Halleux (Luxemburg) en in Charneux, Comblain-au-Pont, Nandrin (Luik).

 

Hallynck, -ing, Allinck(x), Helling(h), -ings, -ynck, -inck(x), -inx, Helinck(s), -inckx

1. Bijnaam naar de muntnaam hallinc, hellinc: kleine (halve) munt, mijt.

2. Patroniem uit Halin, Hellin. Zie daar.

 

Ha(e)lterman, A(e)lterman, Aelderman

1. Beroepsnaam afgeleid van het Middelnederlandse ha(f)ter: halster, leren paardenriem.

2. Zie ook Aelter.

 

Hamakers, Hamae(c)kers, Haemaekers, Hamacker(s), Hamache(r), Hammaecher, Hammache, Hamaque, Amaeckers, Amacher, Amacker

Beroepsnaam uit het Middelnederlandse hamaker, haemmaker: maker van hamen (= leren of  houten halsjukken voor paarden).

 

Hamal, Hamael

Familienaam afkomstig uit de Romaanse vorm van de plaatsnaam Hamel in Rutten (Limburg).

 

Hambeeck Van, Van Hambeke

Familienaam uit de plaatsnaam Hambeek (omgeving Rijmenam - Antwerpen).

 

Hamerlinck: zie Amelryck(x).

 

Hambucken, Hambücken, Hahnbück(en), Ha(a)mbuckers, Hambückers, Hanbuckers, Hanbückers

Familienaam uit de plaatsnaam Hambuch(en) (Noordrijn-Westfalen en Rijnland-Palts), Hambüchen (Noordrijn-Westfalen). Komt uit Hagenbuch: haagbeuk.

 

Hamers (de), (de) Haemers, Hammer(s), D'Haemer(s), Dhaemers, Dhamer, Dham(m)ers, Daemers, Thamers, (den) Hamer

Beroepsnaam voor de smid.

 

Hamilton, Hamelton, Hammerton

Naam uit de Engelse plaatsnaam Hamilton (=boomloze heuvel/thuis/versterkte plaats) in Leicestershire, en ook elders.

 

Hamme (Van), Van der Ham, Van Hame, Wanham, Vahamme, Ham, Verham(me), Veramme, Veremme, Voorhamme, Verheem

Een ham is een zeer verspreide plaatsnaam voor een landtong in een overstromingsgebied, een meander, een rivierbocht, ....

Ooit bij een ham gewoond of er wat mee te maken gehad ?

 

Hamoir

Familienaam uit de plaatsnaam Hamoir (Luik).

 

Hamza

Arabisch naam uit hamuza: sterk, standvastig.

 

Haniset, -izet, -ozet, -uzet, Han(n)os(s)et, Hannuzet, Henuset, -uzet, Hunuzet, Enuset, Hanset(s), Hancet, Hansé, Hanse(z), Hanzé, Inzé, Inze, Inse, Aniset, -izet, -uset, An(n)uzet

Patroniem, Waalse knuffelvormen van de voornaam Johannes.

 

Hannaert(s), Han(n)ard, Han(n)art(e), Han(n)a, Annaert(s), Anna(a)rt, Anard, Hennaerd, -aert, -ard, -art, Hénard, Honna(e)rt, Honna(rt), Hoonaert

Patroniem uit de voornaam Johannes.

 

Hanne, Han(n)a, Hannes(se), Hanesse, Hannise, Han(n)us, Hanus(s)e, Anus,

Han(n)euse, Aneuse, Hanause, Han(n)uise, Hanusz, Hennes, Hennus, Henusse, Hans, Hanse(n), Hance, Hans(s)enne, Hensenne, Ansenne(s), Hans(s)en(s), Hensen(s), Ans(s)ens, Ansen, Hanze(n), Hens(e), Hen(n)issen, Hen(n)euse, Hens(s)en, Henze, Henzen(ne), Hins(en), Hinssen(s)

Patroniem, verkorte vorm uit diverse vormen van Hans, Hannes, Johannes.

 

Hannebau, -bou(w), -buer, Hennebaut, -baux, -bo(is),-bot, bel(le), -bil, Henbaut, Hinnebaut, -bo, Hun(e)belle, Humbel, Hendboeg

Patroniem uit de Germaanse voornaam hen-bald (: haan-moedig).

 

Hannecart, -card, -kaert, Hanecard, -cart, De Hannecard, Hannicart, Haenecaert, Han(ne)quart, Hankar(d), -art, Hancart, Hanchar(d), -art, Annicaert, Anckaert(s), -aer, -aar, Ankaer(t), Ancard, -art, -aer, Anecaert, Encart, Enkart, Hani(c)ka, Han(n)eca, Aneca, Anyca, Anica, Anca

Patroniem op -ik/-ard van de heiligennaam Johannes.

 

Hannekin, Haniken(ne), Hankenne, Han(ne)quin, Hankin(s), Annequin, Hanquin(et), Henquin(et), -ez, -iaux, Hanquin(i)aux, Anquinaux, -et

Patroniem, Romaanse afgeleide knuffelvorm van de voornaam JoHANnes of uit Arnekin (knuffelvorm van Arnoud-Arnolf).

 

Hannert(s), Han(n)ard, Han(n)art(e), Han(n)a, Annaert(s), Anna(a)rt, Anard, Hennaerd, -aert, -ard, -art, Hénard, Honna(e)rt, Honna(rt), Hoonaert

Patroniem afgeleid uit JoHANnes.

 

Han(n)et, Hen(n)et, Anne(e)t, An(n)é, Annez, Honet, -ée, -ee, Honnee

Patroniem afgeleid uit JoHANnes.

 

Hannosette

Metroniem, uit de voornaam Hanoset (Johannes).

 

Hanno(t), Hano(t), Han(n)ot(t)e, Anno(t), Annoot(e), Anote, Annothe, Hannotel, Han(n)otiau(x), -teau(x), -tieau, -taux, Annotiau, Hanotin

Patroniem uit knuffelvormen van de heiligennaam JoHANnes.

 

Hanoulle, Hanoul(d), Anoul, Han(n)ou(i)lle, Henoeille, Hagnoul, Hainol, Hanjoul, Hanjoel, Hanjool, Hignoul(e), Xhignoulle, Hinoul, Ignoul

Patroniem, Waalse knuffelvorm op -oûle van Johannes.

 

Hanraets, Haanraats, -aads, Haenraets, Ha(h)nraths, Henraat(h), Hanratty, Hanre(z), Hanré

1. Patroniem uit de Germaanse voornaam han-rêd.

2. Een Heerlens geslacht Haanraads is echter afkomstig uit Haanrade in Kerkrade (Nederlands-Limburg).

 

Hans(e)bout

Patroniem uit de Germaanse voornaam Ans(e)boud (ans-bald).

 

Hantsetters De, De Handsetters, Handschutter, De Handsc(h)utter, (de) Han(d)tschutter, Dedanschutter, Deanscutter, Dan(t)schotter, Danschutter, Dhantschotter, D'Handschotter, D'Hants(c)hotter, Dandschotter, Damschotter, Handschoote, Hantschoot(te), Handtchootte, Hanscoote, Hanscotte, Anscutter

Beroepsnaam van de hant(schoe)zutter: handschoenennaaier.

 

Hapers, Haepers, Van Haperen, Van Haeperen, Van Aperen

1. Familienaam uit de plaatsnaam Hapert (Noord-Brabant) of Haperen in Olen (Antwerpen).

2. Zie ook Aper.

 

Harde De, Hard(t), Hart(e), Art(e), d'Harte, 't Hart, Herte, De Herde, D'Herde, Derde(n), Herd(en)

1. Bijnaam uit het Middelnederlandse hart, hert: hard, sterk, gevoelloos, hardnekkig.

2. De vormen met d kunnen ook teruggaan op het Middelnederlandse harde, herde: herder.

2. De naam Arte bestaat ook in Italië (Campania en omgeving) - patroniem uit Arthur, bijnaam uit kunst, ...

 

Hardeel, Ardeel

Familienaam uit hardel: touw.

Bijnaam of beroepsbijnaam voor hij die de strop verdient of ze hanteert.

 

Hardeman, Haerdeman, Arteman, Hardman(s), Hartman(s), Hertmans, Herteman(s), Hertelmans

Patroniem uit de Germaanse voornaam hard(u)-man.

 

Hardewijn, -yn, Herdewijn, -yn, Hard(o)uin, Ardewijn, Ardouin, Ardhuin, Herdhuin

Patroniem uit de Germaanse voornaam hard-win.

 

Hardyzer, -ijzer

Beroepsbijnaam van de smid.

 

Harinck, -ing, -ingh(s), Haerinck, -ing, -ynck, -ijnck, De Harijnck, -ynck, (de) He(e)ring, Heerings, -inckx, Herinck(x), -in(c)x, -incs, Aring, Harrings, Herring, -inck, Den Haring, De(n) Haerinck, -ijnck, -ynck, -inckx, -ynckx

1. Beroepsnaam voor een haringvisser of -verkoper.

2. Is mogelijk een patroniem uit de Germaanse Hari-namen: Hairingus, Arincus.

 

Harizanova

Metromiem uit het Slavisch (Russisch) taalgebied: dochter van Hariza.

Hariza komt mogelijk uit het Sanskriet: geluk.

 

Harpen, Herper(s), Herpels, Harps

Beroepsnaam naar het Middelnederlandse harper, herper: harpspeler.

 

Harps: zie Harpen en Herps

 

Harshagen

Patroniem gecombineerd met plaatsnaam: de afsluiting van hard.

 

Harsin

Naam uit de gelijknamige naam in Luxemburg.

 

Harteel, -iel, Arteel, -iel(le), Artels, Hertay, Hartaud, Arthau, Artaud

1. Patroniem uit Hartaud: Romaanse vorm van de Germaanse voornaam hart-wald.

2. De familienaam werd in Ronse in de 17-de en 18-de eeuw verward met Sarteel. Zie dus ook Sarteel.

 

Hartenhof(f)

Naam die terug te voeren is op Hartenhoeve. Hart komt wellicht van een Germaanse hart-eigennaam (de hoeve van ene Harte). Deze hoeve was wellicht gelegen in Oost-Groningen (de naam komt ook (zelden) voor in Duitsland.

 

Hartgers, Hertgers
Patroniem, afgeleid van de Germaanse voornaam Hardger: hardu-gaiza (wat zoveel betekent als sterk met de speer).

 

Hartskeerl

Patroniem uit de Germaanse voornaam Hart (hard) en keerl (man). Zoiets als sterke man.

 

Hasenberg, Hazenberg, Hassenberg

Familienaam uit de gelijknamige plaatsnaam in Zandvliet (Antwerpen) en op heel wat plaatsen in Duitsland.

 

Hartsuiker, Hartsuijker, Hartzuiker

1. Beroepsbijnaam voor de suikerbakker of -handelaar.

2. Of misschien wel bijnaam voor iemand met een goed hart (een hart van suiker).

 

Hassan

Arabische naam die zoveel betekent als: mooi, knap.

 

Hasselt Van(der), Vanhassel(t), Verassel(t), Verassel(t), Verrassel, Van Assel

Familienaam afgeleid van een plaatsnaam waar 'hasseleiren' of hazelaren groeien.

 

Haubourdin, -ijn, -yn, Obourdin, Auverdin, -tin

Familienaam uit de plaatsnaam Haubourdin (Nord).

 

Haudecoeur, Haut(e)coeur, Hauttecoeur, Hauteceur, -keur, -keer, -kier, Hout(t)ekier, Hautecourt, Haultcoeur, Autecoeur

1. Bijnaam uit Haut de Coeur voor een hooghartig iemand.

2. Zie ook Hautecourt.

 

Hautecourt

1. Familienaam uit de plaatsnaam Hautecourt (Meuse, Moselle, Ain, Aisne, ...)

2. Zie ook Haudecoeur.

 

Hauw, Hau(we), Haeuw

1. Verkorte vorm van Van den Hauwe, uit de plaatsnaam Hau.

2. Zie Houwen.

 

Hauw De, De Houw

Waarschijnlijk uit Dauw: zie daar.

Er is ook een mogelijkheid dat het een variant is van Hauw. Zie daar.

 

Hauwaert(s), -ard, -arth, Hawa(e)rt, Houwaert, -aer(t), -ard, Houard, -a(e)rt, Auwaert(s)

1. Patroniem uit de Romaanse vorm van de Germaanse voornaam hug-hard.

2. Verkorte vorm van Van Hauwaert: uit de plaatsnaam Houwaart (Vlaams-Brabant en Oost-Vlaanderen).

 

Hauweel, -eele, Hauwel, Havel, Houel, Hoël(le), Hoel(le), Hu(w)el, Ho(u)yaux, Hoyau, Hoyas, Howell, Aveau, Avau(x), Avoux, Havaux, -aut, -eau(x), -ai, -ia -en Daval, Davau, Davaux, Davaud, Davaz, Laval, Lavat, Lavau, Lavaud, Lavoz, Lavallée, Lavalley)

1. Familienaam uit het Middelnederlandse houweel, hauweel of het Oudfranse houel: hauw, hak, houweel (dit uit het Oudnederlandse hauwa). Een beroepsbijnaam dus.

2. Hauweel bestaan ook als patroniem, zie bij Houwe.

3. Avaux, Avoux en varianten zijn zeker ook ontstaan uit Aval, Avaux, ...: dit uit het Franse à val, het Latijnse ad vallem: vallei, stroomafwaarts. In diverse Franse dialecten is val trouwens vau. Met dank aan Norbert Avoux. Zie ook bij Daval.

 

Hauwelaert (van), Van der Rauwelaert

Naam uit de plaatsnaam Ouden Aert (de oude aanlegplaats, kade).

Soms verward met Van der Auweraert. Zie dus ook Ouderaa.

 

Hauwer(e) De, De Houwer(e), Den Houwer, D'Hauwer(s), D'Houwer, Den Auwer, Auwers, Dauwer(s)

Beroepsnaam van de houwer: houthakker of steenhouwer.

 

Hauwermeir(en) Van

Familienaam uit de plaatsnaam Oude Mere: oude waterplas.

 

Havelaerts, Haevelaerts

Brabantse uitspraak van (van) Hauwelaert. Zie verder daar.

 

Havenith, -neth

Nederduitse bijnaam voor iemand die weinig of niets heeft.

In het Duits: Habenicht.

 

Haver(e) Van, Van Haever(e), Van Ha(e)vre, (van) Hover

Familienaam naar de plaatsnaam Haver: een plaats waar haver groeit/groeide.

 

Haverals, -aels, -hals, Aver(h)als, Ha(e)verans

Familienaam uit de plaatsnaam Haverels: lijsterbes.

 

Havermaet (van), Van Haverma(e)te, Van Avermaat, (van) Aeverma(e)te, (van) A(e)vermaet, Van Haevermaet(e), Van Hanvermat, Haevermaet(e)

Naam uit de plaatsnaam Havermaat (Zele - Oost-Vlaanderen): havermaailand.

 

Havet, -ez, Avet, -ez, Avé, Ave

Naam uit het Oudfranse havet: haak(je). Beroepsbijnaam voor de maker ervan.

 

Havinga, Havenga

1. Friese patroniem uit de voornaam Ave.

2. Of uit de plaatsnaam hofa.

 

Haye(n), Haeye(n), Haij(en),Hay(ens), Heye, Heije, Heyen(s), Heijens, Heyink, Heijing

1. Patroniem uit de Friese naam Hajon, het Germaanse Haio.

2. Metroniem, verkorte vorm van de Germaanse voornaam Hadewig.

 

Hazaer(t), Hazar(d), Haza(rt), Hasaert(s), -aer(s), -ard, -art, Haesaert(s), Haeza(e)rt, -aerts, Haasert, Azaert(s), Asaert, Asa(rd), Aesaert, Azar(d), Duhazard

1. Naam uit het Middelnederlandse hasaert, het Oudfranse hasart: kansspel, geluk. Bijnaam voor een kansspeler, een dobbelaar.

2. Soms ook variant van De Haas. Zie bij Haas (de).

 

Van Hazendonk, Van Haesendonck

Familienaam uit de plaatsnaam Haasdonk, Hazedonk, Hazendonck, Haesendonck: opstekende heuvel waar wellicht hazen leefden. Deze plaatsnaam komt in diverse gebieden voor.

 

Andere H-bladzijden H | He | Her | Ho | Hor | IJ

 A | B | C |  D E F | G | H I J | K | L | M | N O | P Q | R | S | T U | V | W X Y Z

Wil je de betekenis van jouw familienaam kennen ? Stuur een mailtje!  

Er zijn slechts drie voorwaarden:

- vermeld in je mailtje waarom je het wil weten,

- beperk je tot één of een paar namen.

- vermeld ook even hoe je op mijn site terecht kwam.

 

Soms moet je even geduld hebben: er zijn nogal wat aanvragen.

Kijk a.u.b. eerst of de gezochte naam er niet opstaat (bv. De Grote bij Groot, Verbeeck bij Beek en bv. Vranckx bij Frank). Zo bespaar je mij heel wat werk.

 

Literatuur:

De betekenis van toponymische samenstellingen (J .Van Loon - Onomastica neerlandica 1981)

Etymologisch woordenboek der Nederlandsche Taal (J. Vercoullie - Van Rysselberghe & Rombout 1925)

Huizinga's complete lijst van namen (A.Huizinga - Tirion 1998)

Middelnederlandsch handwoordenboek (J. Verdam -  Uit. Martinus Nijhoff 1949)

Middelnederlandse spraakkunst ( Dr. A. Van Loey - Wolters-Noordhoff 1980)

Toponymisch Woordenboek van België, Nederland, Luxemburg, Noord-Frankrijk en West-Duitsland (voor 1226) (Maurits Gysseling - Belg. interuniversitair centrum voor neerlandistiek 1960)

Vondelingen en hun naamgeving (L.De Man - Onomastica neerlandica 1956)

Woordenboek van de familienamen in België en Noord-Frankrijk (grondig herziene en vermeerderde uitgave) (Dr. Frans Debrabandere - L.J. Veen /Het Taalfonds 2003)