Voorouderlijst De Meijer Jan

 

1. Het Middelnederlandse meyer betekent: rentmeester, meier, vertegenwoordiger van de heer in het hofgericht, ambtenaar met rechtsmacht.

Een beroepsnaam dus.

2. Soms is Meyer een dialectische variant van De Mayer: zie bij Mayer.

 

Beroepsnaam voor een maaier in de landbouw.

 


 

XIV - De Meyer Jan, (S),  x met

 

Uit dit huwelijk:

 

XIII - De Meijer - De Maijer Adrianus,

 

De Meijer - De Mijer - Smeijers Joannes jr, (x) Betekom 03.03.1619 (g. Natalis Leemans en Adrianus Meyers), x Betekom 17.03.1619 met Meijs Maria, ex Betekom,

In de akte (met dank aan Paul Peeters) maakt met melding van Joannes De Meyer de jonge en zijn vrouw Maria Meys, inwoners van Betekom. Uit de akte blijkt dat Joannes De Meyer de jonge niet de zoon is van Anthonius en Barbara Vercalsteren, maar wel van Joannes.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7518, folio 17r., akte dd. 17 juli 1628.

Item Jan De Meyer de jonge Janssone en(de) Maeyken Meys, sijne huysv(rouw)e, woonen(de) tot Betecum, in p(rese)ntia, ob(ligantes), et(ceter)a, in forma, hebben indivisim bekendt schuldich te sijne aen m(eeste)r Jan Boyens als rentm(eeste)r van(de) Collegie van(de) Schoone L(ive) Vrouwe binnen deser stadt Loven, negen carolus guldens te xx st(uyvers) Brabants t' stuck, erffel(ijcke) rente, alle jaer op date deser te v(er)schijnen en(de) te betaelen, d(aer)aff d' eerste jaer van betaelinghe sijn sal den xviien. july 1629 en(de) inder stadt wissele van Loven te leveren, los en(de) vrije van ve., xe., xxe., ce. en(de) van alle andere, mindere oft meerdere pen(ningen) en(de) impositien, innegestelt oft naermaels inne te stellen in futurum quolibet assecutum, et ad mo(nitionem) pignus infra leucam valens duplum et tantum, met conditie dat die voors(chreve) bekenderen de voors(chreve) rente sullen mogen lossen ende affquyten t' allen tijden alst hen gelieven sal t' eender reyse tegen den pen(ninck) xvie. en(de) met volle rente ende om der voors(chreve) collegie noch bat te v(er)sekeren, soo hebben de voors(chreve) gehuysschen geconsenteert int maecken van mainmise over alle henne goeden en(de) int decreet van dijen sonder daertoe te dorven gedaeght oft geroepen te worden, ende naementl(ijck) over huys en(de) hoff, boomgaert met een landeken daeraen, groot een halff boen(der) onbegrepen, gelegen tot Betecum, reg(eno)ten de straet oost en(de) suyden, Peeter V(er)straeten west en(de) noorden, item noch een plecke landts, gelegen onder de heerlijcheyt van Rivieren, groot ontrent drije dachmael, reg(eno)ten Louys Van Meerbeeck oost, Henrick Goris al(ia)s Bruers suyden, Adriaen Peeters west, de heere van(der) Bruggen noorden, coram Van Assche, Berckel, julii xvii., 1628.

     Uit dit huwelijk:

     De Mijer Elizabeth, (°) Betekom 16.04.1620 (g. Hermans Natalis ? en Hensthums ? Elizabeth),

     De Meijer Anna, (°) Betekom 15.09.1622 (g. Smits Adrianus en Sneijers Anna),

     De Meijer Maria, (°) Betekom 25.11.1624 (g. Smeijers Adrianus en De Meijer Maria),

     Smeijrs Joannes, (°) Betekom 28.09.1627 (g. Smeijrs Joannes en Smeijrs Anna),

     De Mijer Catharina, (°) Betekom 18.05.1630 (g. De Mijer Adrianus jr en Claes Catharina fa Adrianus),

     De Meijer Adrianus, (°) Betekom 02.04.1634 (g. Peeters Adrianus en Van Vlasselaer Adriana),

     De Meijer Joanna, (°) Betekom 12.01.1640 (g. Gerarts Laurentius en Brugmans Joanna), moeder Meijrs.

 


 

XIII - De Meijer - De Maijer Adrianus fs Jan (S5506 + S5826), ° ca. 1565, x met Barbara Vercalsteren, fa Joannes.

 

Aarschot 6911: cijnsboeck Rivieren 1577:
16. nu Adriaen De Meijere Janssone out 20 jr actum 7 aug 1597 coram Hendrick Moons en Willem De Hooghe
nu Peeter Van Calster Peetersone
Jan Goris Pauwelsone vanden Bricxpoel int Kerckhoven eusele ende int Moelgeken ende daerleijde onder Peeter De Molder ‎(nu Hendrik De Molder)‎, Margriet Van Aerschot, Peeter Vercalsteren, erfgen Jan Hoolaerts, ende meer anderen.
Aarschot 6911 fo 27: cijnsboek Rivieren 1577
nu Adriaen De Meijer bij houwelijck
Peeter Van Calsteren van eenen vuijtvanck voer zijn huijs & hof gelegen ten Berge ende zijn huijs alzoe tdaer gelegen es es toepandt
- Adriaen De Meijer 1611-620.
Aarschot 6912: peertskeuren onder Betekom 1639-1640:
11. Hansken De Meijer Adriaensone out 4 jr dd 22 okt 1601 is gichtdrager van de goeden ter Bergen ten Kerckhoven
na de dood van Hansken De Meijer Adriaensone is als sterfman gestelt Peeter Vissenaeckens out 12 jaeren daer moeder af is Maria Claes dd 17 feb 1659 .
 

 

In de volgende akte (met dank aan Paul Peeters) maken we kennis met de kinderen van Adrianus De Meyer, weduwnaar van Barbara Van Calster en inwoner van Betekom. De akte werd helaas afgebroken. De datum van de akte moet gesitueerd worden tussen 27 maart 1631 en 10 april 1631. De kinderen waren :

-     Joannes, geboren ca. 1597.

-     Catharina, geboren ca. 1604, nog ongehuwd in 1631.

-     Petrus, geboren ca. 1607.

-     Anthonius, nog minderjarig in 1631.

Op voorgaande pagina maak je ook melding van zoon Guilielmus (x Maria Aerts). Deze werd gedoopt te Betekom op 17.04.1612 als Guilielmus Smeyers (ss. : Guilielmus Bols en Maria Machgiels).

Barbara De Meyer, dochter van Guilielmus en Maria Aerts, huwde Michael Vervarent (bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8271, folio 315r., akte dd.23.01.1673 / transcriptie hieronder ook weergeven). De ondertrouw had plaats te Betekom op 19.01.1672 (ss. : Petrus Vervarent en Adrianus Vander Loock). De huwelijksakte werd niet geregistreerd te Betekom. Michael Vervarent en Barbara De Meyer lieten volgende kinderen dopen :

 

1673.05.02

Vervarent

Anthonius

Michael

De Mayer Barbara

De Mayer Anthonius

Vervarent Maria

1675.02.12

Vervarent

Maria

Michael

De Mayer Barbara

De Mayer Andreas

Vervarent Maria

1677.11.03

Vervarent

Susanna

Michaelis

De Mayer Barbara

Vervarent Joannes

De Mayer Susanna

1680.04.17

Vervarent

Henricus

Michaelis

De Mayer Barbara

Van der Loock Henricus Janssone

Van Vlasselaer Anna

1682.09.30

Vervarent

Joannes

Michaelis

De Meyer Barbara

Van Nuffel Joannes

De Meyer Maria

1685.11.05

Vervarent

Catharina

Michaelis

De Meyer Barbara

Claes Laurentius noe. Bloems Joannes

Van Gestel Catharia

 

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8254, folio 79r., akte verleden tussen 27 maart 1631 en 10 april 1631.

In tegenwoordicheyt des meyers ende schepenen van Loven naergenoemp[t] gestaen Adriaen De Meyere, woonende tot Betecom, weduwer van wijlen Barbara Van Calstere, voorde tochte, ende dijen behalvens gebruyckende sekere dispositie der selver, gepasseert voor ... [n.v.] in date den ... [n.v.], alhier gebleken, waermede zij aen den voors(chreven) haeren man heeft gegeven volcommen macht om eenige van hunne goeden te mogen belasten, vercoopen ende alieneren, emmers ter concurrentie vande schulden, thaeren sterffdaghe openstaende, voorts oock in desen geassisteert met Jan De Meyere, oudt omtrent xxxiiii jaeren, Peeter De Meyere, oudt omtrent xxiiii. jaeren, ende Cathlijne De Meyere, oudt ontrent xxvii jaeren, ongehoudt wesende, in de cum tutore assumpto, soo voor hun selven als oock voor Anthoyne De Meyere, hunnen broedere, noch onder sijne jaeren sijnde, den welcken sij in desen sijn vervangende, voorde proprieteyt, hebben tsaemenderhandt opgedragen met wettige verthijdenisse die parceelen van goeden naervolgen(de), liggende onder Rivieren, ierst twee bunderen landts, gelegen opde Bekestraete, regenot(en) sheeren straete oigst, suydt ende noordt, waras op ii capp(uynen) iiii st(uyvers) Lovens aenden heere van Rivieren, item een dachmaele landts, regenot(en) sheeren straete ter i., sheeren van Rivieren Molensluysken ter ii., Jan Viskens beke ter iii., Gooris Camps alias Pijcx ter iiii. zijden, waras op 36 (mij)ten, item ii dachm(aelen) landts, daer huys ende hoff op staet, regenot(en) sheeren straete in drije zijden, Pantecras Stevens ter iiii. zijden, waras op 72 (mij)ten, item een dachm(ael) landts, daer huys ende hoff plach op te staen, regenot(en) sheeren straete in twee zijden, den selven ter iii. ende iiii. zijden, waras op 36 (mij)ten, item een bosken, groot omtrent twee dachmaelen op onder den Molenberch, regenot(en) Hendrick De Moldere ter i., Hendrick De Moldere ter ii., Peeter Kasens ter iii. ende tsheeren straete ter iiii. zijden, waras op ½ st(uyver), item iij dachmaelen landts, regenot(en) sheeren straete in twee zijden, den moldere ter iii. ende Marie Van Aerschot ter iiii., waras op ½ st(uyver), item een halff boender landts, regenot(en) sheeren straete ter i., derffgenaemen dergen(aemen) (!) Jans De Pelsmaeckere ter ii., derffgen(aemen) Willems Daerboven ter iii. en(de) iiii., waras op ½ st(uyver), al conform den extract vuyten chijnsboeck van dheere van Rivieren, geteeckent A. Van Eynatten desen jaere 1631, als den heeren schepenen alhier gebleken, exposit(o) ende heere ende m(eeste)r ... [n.v.] inden naeme ende tot behoeff van het Cleyn Collegie der Godtheyt, imposito idem reddidit terminis ende voorts meer op eene voortaene rente van twelff g(uldens) x st(uyvers) siaers tot xx st(uyvers) elcken gulden ende te drije plecken Brabants elcken st(uyver) gerekent, jaerlijcx te lieveren date deser binnen deser stadt Loven aende voors(chreve) collegie, los ende vrije van allen subventien, ingestelt oft inne te stellen infuturum quolibet assecutum et sub hisce satis et waras obligantes et submittentes se suaq(ue) insolidum, met renuncia(ti)e no(m)i(n)e constitutioni de duobus reis et aliis in forma, ende hebben dye selve comparanten een voor al ende yeder ge voor t' geheel geloeft dese rente loffelijck te betalen ende binnen Loven los en(de) vrije te lieveren infuturum assecutum et casu quo alia et tantum prout vel redimere tseffens ende teenenmaele met eene somme van twee hondert rinsguldens eens ende met volle rente, al tot Loven los ende vrije te lieveren aende voors(chreve) collegie oft heure gecommitteerde.

      In de marge.

Non actum.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8271, folio 315r., akte dd. 23 januari 1673.

In tegenwoordicheyt der heeren schepenen van Loven naerbeschreven gestaen H. Smedts, clercq in tertia, vuyt crachte ende naer vermoghen van zijne onwederroepelijcke procuratie, hem als thoonder der selver gegeven, waervan den teneur hier naer van woorde tot woorde is volghende, luydende aldus.

Op heden den drijentwintichsten january anno 1673 comparerende voor mij als openbaer notaris, bijden Raede van Brabant geadmitteert, tot Loven residerende, ende inde presentie vande getuygen hieronder genoempt, Michiel Vervaerent als man ende momboir van Barbara De Meyer, hem voorde selve verbindende ende sterckmaeckende, dat zij dese sal comen lauderen ende approberen, daerenboven hem sterckmaeckende voor Gooris ende Susanna De Meyer, sijnen minderjaerigen swaeger ende suster, ingesetene van Betecum, die welcke heeft bekent ende bekent bij desen ontfangen te hebben vuyt handen van s(ieu)r Henrick Van Thienen als rentm(eeste)r vande huysarmen van S(in)t Jacobs prochie binnen dese stadt met consent vanden heere pastoor ende meesters der selver prochie, aen mij notario gebleken, de somme van hondert ende vijfftich gul(dens) eens in permissien gelde, waer voor den voorschreven comparant ten behoeve vande voorschreve huysarmen geloeft te betaelen eene erffelijcke rente van negen guldens seven stuy(vers) eenen halven erffelijck, den penninck sesthien, daervan den iersten valdach sal wesen den xxiiie. january a(nno) 1674 ende soo voorts totte quytinge toe, welcke sal mogen geschieden als den voors(chreven) comparant gelieven sal t' eender reyse ende met volle rente in munte als voor, gelovende deselve rente jaerlijcx wel, loffelijck ende personel(ijck) te betaelen ende in stadts wissele van Loven te leveren, los ende vrije van alle impositien oft exactien, ingestelt ende alnoch innetestellen, als schult met recht verwonnen, daer voor verbindende zijnen persoon ende alle zijne goederen, meuble ende immeuble, present ende toecomende, ende namentlijck huys ende hoff, boogaert, schuere met het landt daeraen gelegen tot Betecum voorschreven, groot ontrent sesse dachmaelen luttel min ofte meer, regenootten Aert Nijs ende Lenaert Wouters oost, Lenaert Wouters ende Andries Van Gestel zuyden, die Molestraet westen, d' aertstraetken ende Henrick Nuyts noorden, item noch twee plecxkens lants, groot t' saemen een dachmael ende tachentich roeden, gelegen opden Molenberch onder Betecum voors(chreven), regenootten van t' cleynste plexken t' Molestraetken zuyden, Laureys Vissenaeckens oost, den Molenberch west, Henrick Schrijnen noorden, ende t' grootste Laureys Vissenaeckens oosten, den Molenberch zuyden, d' erffgen(aemen) Anthoen Claes westen, de herbaene noorden, bijde voors(chreve) zijne huysvr(ouw)e vercregen bij scheydinge ende deylinghe tegen haere mede erffgen(aemen), consenterende den voors(chreven) comparant over de voors(chreve) goederen int maecken van beleyden ende mainmise ende int decreet van dijen sonder daegement ende tot naerdere asseurantie van dese rente ende jaerlijcxe betaelinge der selver, soo zijn hiermede gecompareert Anthoen De Meyer, broeder der voors(chreve) Barbara, out sessentwintich jaeren, soo hij verclaerde, soo in zijnen eygen naeme als geconstitueerde van zijne moeder Maria Aerts, dat zij de tochte van(de) bovenges(chreve) goederen ten respecte van dese rente is affgaende vuytwijsens d' acte daervan alhier overgegeven, ende Adriaen Kerckmans, oock ingesetene van Betecum voorschreven, die welcke hun daervoor hebben gestelt borghen ende cautionarissen als principael onder gelijcke obligatie van hunne persoonen ende goederen met renuntiatie in forma, ende namentlijck benef(icie) ord(inis) excuss(ionis) ende alle andere des heeft den iersten comparant geloeft zijne borge altijt costeloos ende schadeloos te garranderen ende indemneren, constituerende alsoo den voors(chreven) comparant ende zijne borghen onwederroepelijck een ieder thoonder deser om dese bekentenisse ende borchtochte voor meyer ende schepenen van Loven ende alle hoff ende heer competent te vernyeuwen ende te herkennen, promittentes ratum, et(ce)t(er)a, ende is te weten dat dese penningen zijn procederende van eene affgequetene rente van Lenaert ende Jan Schepers, ingesetene deser stadt Loven.

Aldus [gedaen] ende gepasseert ten daege, maende ende jaere als boven ter presentie van Peeter Vander Meeren ende Guillam De Backer, getuygen, tot dese geroepen ende gebeden, ende hebben de comparanten de minute deser neffens mij notario onderteeckent, onderstaet quod attestor, ende is onderteeckent A. Van Heusden, nots.

Den voors(chreven) Smedts vuyt crachte als voor heeft dit contract alhier vernyeuwt, herkent ende gereitereert, gelovende ende consenterende prout latius inden selven, obligando, submittendo ac renuntiando in forma, coram s(ieu)rs De Ridder, Van(der) Veecken, hac xxvia. january a(nno) 1673,  Jan De Ridder, 1673.

      In de marge.

Is gebleken bij manuale q(uitan)tie, onderteeckent J. Holsteens, past(or) S(anc)ti Jacobi, Ant. Van Langendonck, respective pastoor en(de) kerckm(eeste)r der parochie van S(in)t Jacob, alhier date deser becleedt met segel van sesse st(uyve)rs, dat de tegenstaende rente van hondert vijfftich gul(den)s capitaels met de verloopen van dijen is gequeten door Jacobus Janssens, hac 7en. jan(ua)ry 1738, quare sic vacat,  G.H. Stas, 1738, off(iciae)l. 

 

Bijgaand een akte met vermelding van Barbara Van Calsteren (Vercalsteren), vrouw van Adrianus De Meyer (De Maijer) en inwoonster van Betekom. Uit de akte blijkt dat Barbara niet de dochter is van Petrus, maar van Joannes !

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7890, folio 438v., akte dd. 17 oktober 1616.

Item in teghenwoirdicheyt des meyers en(de) schepen(en) van Loven naerbes(chreven) ghestaen Barbara Van Calsteren dochtere wijlen Jans, huysv(rouw)e Adriaens De Meyere, woonen(de) te Bethekem, p(er) mo(nitionem) met consente en(de) overstaen des selfs Adriaens, heurs mans, p(er) mo(nitionem) heeft opghedraeghen met behoorl(ijcke) v(er)thijden(isse) ierst huys en(de) hoff met alle zijn(e) toebehoorten, groot een halff boen(der), gheleghen te Bethekom v(oir)s(chreven), reghen(oten) die goeden hier naer beschreven ter eenre Pa en(de) tweede(re), Pant[ec]ras Stevens ter derde(re) en(de) de strate aldair in drije ande(re) zijd(en), item noch twee bunde(ren) lanths, gheleghen teghen tv(oir)s(chreven) huys, reg(enoten) ts(elv)e huys ter eenre, Peeter Vissenaecken ter ii. en(de) sheeren strate ten twee ande(re), item alnoch een halff bunder lants, aldair gelegen, reg(enoten) die voirs(chreve) strate ter eenre, Henrick De Molde(re) ter ande(e) en(de) tv(oir)s(chreven) goet ter derder, item een halff boen(der) landts en(de) bossch, d(air)tegen gheleghen, reg(enoten) tv(oir)s(chreven) goet ter eenre en(de) Moeulenberch ter ande(re) sijd(en), item noch een bunder lanths, gheleghen aldair aen(den) wintmoeulen, reg(enoten) sheeren strate in twee zijd(en), Peeter Vissenaecken ter derde(re) en(de) Peeter Aerts ter iiii. zijden, v(er)claren(de) alle die zelve goeden haer v(er)storven te zijn(e) bijd(er) afflijvicheyt des v(oir)s(chreven) haers vaders, vuytghenomen tv(oir)s(chreven) huys en(de) toebehoorten, dwelck bij hunlieden v(er)coch ghecocht en(de) v(er)creghen is van Jan De Witte en(de) die zelve goed(en) nyet meer belast te zijn(e) dan met sheeren chijns van(den) gronde, ende ende ende die v(oir)s(chreve) ghehuyss(chen) opdraegheren midts ordinantie van rechte d(aer)vuyt ontgoet en(de) onterft zijnde, ende s(ieu)r Anthoine De Pottere als rentm(eeste)r ind(en) naem en(de) tot behoeff van(den) heere deken en(de) capittel van Sinte Peeters te Loven imp(ositus) p(er) mo(nitonem) reddidit opt recht en(de) co(m)mere v(oir)s(chreven) ten behoorl(ijcken) en(de) ghewoonl(ijcken) tijden en(de) termijn(e) te betaelen ende voirts meer op tweelff car(olus)g(uldens) te xx st(uyvers) tstuck en(de) thien ghel(ijcke) stuyvers, mu(n)te in Brab(an)t cours en(de) loop hebben(de), erffel(ijcke) rente, alle jaere op heden datu(m) van des(en) te betaelen, ende inder stadt wissele van Loven, los en(de) vrij van allen lasten en(de) beden, ons ghen(edichs) heeren shertoghen van Braba(n)t en(de) van allen ande(re) lasten en(de) impositien, hoedanich die zoud(en) moghen wes(en), oock van xe., xxe., ce., minde(re) en(de) meerdere pen(ningen), te leveren den v(oir)s(chreven) capittule, erffel(ijck) in toecomen(de) tijd(en), telcken termijn(e) als v(er)reycte schult, iure et satis die v(oir)ghen(oempde) ghehuysschen ind(ivisi)m et insolidu(m) oblig(ando) et submitt(endo) et waras op sheeren chijns van(den) gronde als boven ende om tv(oir)s(chreven) capittel van(de) v(oir)s(chreve) gheleufte van warantschap noch bat te v(er)zekeren, zoo hebben die v(oir)s(chreve) ghehuysschen v(er)cleert en(d)e gheaffirmeert, v(er)cleren en(de) affirmeren midts dezen onder solempnelen eede, bij hen alsnu ten staven(e) vande naerbes(chreve) schepen(en) ghedaen en(de) ghepresteert die v(oir)s(chreve) goeden met egheen ande(re) lasten noch renten, reele oft p(er)sonele, belast te zijn(e) dan met dese van xii ½ r(ins)g(uldens) erffel(ijck), alsnu gheconstitueert, die welcke zij ghehuysschen midts des(en) ombesund(er)t, onverscheyd(en) en(de) elck een voiral als principael hebben gheloeft en(de) bij des(en) gheloven alle jaer ten tijde en(de) termijn(e) voirs(chreven) wel en(de) loffel(ijck) te betaelen en(de) ind(er) stadt wissele van Loven, los en(de) vrij, en(de) tot behoeff als boven te leveren telcken termijne als schult met recht v(er)wonnen, d(air)voir ind(ivisi)m v(er)binden(de) en(de) submitteren(de) hunlied(er) p(er)soon(en) en(de) alle hunne goederen, rueren(de) en(de) onrueren(de), p(rese)nt en(de) toecomen(de), ende die v(oir)s(chreve) Barbara in des(en) oock renu(n)cieren(de) van alle p(ri)vileg(ien) en(de) exceptien, en(de) namentl(ijck) tp(ri)vilegie van sen(atus) consulti velleani, d(air)van tierst behoorl(ijck) ghecertioreert wesen(de), met conditien dat zij ghehuysschen de zelve rente sullen moghen lossen en(de) quyten tallen tijd(en) alst hen ghelieven sal metter somme van twee hondert carolusgul(dens) te xx st(uyvers) tstuck eens, die zijlieden voir de capitaele pen(ningen) van(de) v(oir)gen(oempde) rente alsnu bekennen vuyt handen des voirs(chreven) s(ieu)r Anthoine De Pottere ontfanghen te hebben en(de) oock met volle rente, coram Vander Heyden, Maelstede, octobris xvii., 1616.

 

Hierbij een akte met vermelding van Adrianus De Meyer (Smeyers) en zijn vrouw Barbara Vanden Calster dochtere Joannes, inwoners van Betekom.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7499, folio 290r., akte dd. 4 februari 1609.

Item in p(rese)ntia villici, etc(etera), gestaen Barbara Vanden Calstere dochter wijlen Jans met consente en(de) ten overstaen(e) van Adriaen Smeyers, haers mans, woonen(de) tot Bethecum, p(er) mo(nitionem) hebben tsamen opgedraeghen met behoorl(ijcke) v(er)thijden(isse) een block landts, groot een boen(der), genoempt het Huysblock, gelegen ond(er) Bethecum, regen(oten) sh(ee)ren straete in iii zijd(en) en(de) Jan Thijs ter iiiie. zijd(en), item noch een boend(er) landts daerbij gelegen, regen(oten) sh(ee)ren straete in iii zijd(en), Peeter Vissenaecken ter iiiie. zijd(en), item noch een boend(er) landts, geheeten den Molenberch, regen(oten) sh(ee)ren straete in twee zijd(en), Peeter Vissenaecken ter iiie. en(de) Peeter Aerts ter iiiie. zijd(en), item noch een halff boen(der) landts, gelegen inde Beeckstraete, regen(oten) die sel(ve) straete ter ie., Henrick De Molder ter ande(re) en(de) Anthonis Claes ter iiie. zijd(en), item noch een huys en(de)e hoff, aldaer geleghen, groot een halff boen(der), regen(oten) sh(ee)ren straete in drije zijd(en) en(de) Pan[te]cras Stevens ter iiiie. zijd(en), exp(osito) ende Andries Van Arenberghe, woonen(de) binnen des(er) voors(chreve) stadt Loven, imp(ositus) p(er) mo(nitionem) redd(idi)t die voors(chreven) opdraege(re) om tsel(ve) goet te hebben, te houden en(de) te besitten opde commeren en(de) lasten daer te voren op vuytgaen(de), te weten tvoors(chreven) huys en(de)e hoff op ses rinsg(u)l(dens) erffel(ijck), die voors(chreve) landen op sh(ee)ren chijns van(den) gronde tanqua(m) prout iure ende voorts meer op een(e) voortaen(e) rinte van seven carol(us) guld(ens) te xx st(uyvers) Brab(an)ts stuck, erffel(ijcke) rinte, jaerl(ijcx) vallen(de) en(de) v(er)schijnen(de) opden iiiia. feb(rua)rii en(de) bynnen des(er) stadt wissele van Loven te leveren, los en(de) vrije van allen impositien oft exactien, innegestelt oft naemaels inne te stellen in futur(um) quolibet assecut(um) obligan(do) et submitten(do) et war(as) opde voors(chreve) lasten, geloven(de) voorts die voors(chreve) gehuysschen indivis(im) die voors(chreve) rinte van seven carol(us) gul(den)s jaerl(ijcx) wel en(de) loffel(ijck) te betaelen en(de) leveren als voor, los en(de) vrije, etc(etera), quolibet assecut(um) obligan(do), submitten(do) ac renun(tiando) in forma, met conditie dat die voors(chreve) gehuyschen oft henne naercomelin(gen) die voors(chreve) rinte van seven carol(us) g(u)l(dens) sullen moghen lossen en(de) affquytten tallen tijd(en) alst hun gelieven sal teend(er) reysen, elcken carol(us) guld(ens) met xvie. gel(ijcke) carol(us) gul(den)s loopen(de) munte, ac cum, coram Asscha, Maes, feb(rua)rii iiiia., 1609.

Senten(tiatum) p(er) Petrum Van Arenberghe, coram Impens, Broeck, junii xv., 1627.

 

Hierbij een akte met vermelding van Adrianus Smeyers (De Meyer) en zijn vrouw Barbara Vanden Calster (Vercalsteren), inwoners van Betekom.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7497, folio 131v., akte dd. 28 februari 1605.

Item in tegenwoordich(eyt) als voor gestaen Cath(elij)ne Van Roost huysvr(rouw)e Jans De Witte, woonen(de) onder Bierbeecke, met consente en(de) ten overstaen(e) desselffs haers mans, p(er) mo(ontionem) heeft opgedraegen met behoorl(ijcke) v(er)thijden(isse) een huys en(de) hoff, groot ontrent een halff boend(er), gelegen tot Bethecum, regen(ooten) sh(ee)ren straete in drije zijden en(de) Pancras Stevens oostweert ter iiiie. zijden, item noch een dachm(ael) landts, gelegen inde Rijstraete, reg(enooten) sh(ee)ren straete ter ie., Loys Van Meerbeeck ter iie., Niclaes Van Vlasselaer ter iiie. en(de) Henr(ick) Moons ter iiiie. zijd(en), exp(osito) imp(ositus) est Adriaen Smeyers en(de) Barbara Van(den) Calster, zijne huysvr(ouw)e, woonen(de) tot Bethecum voors(chreven), p(er) mo(nitionem) et sat(is) obligan(do), submitten(do) ac renun(tiando) in forma, et waras tvoors(chreven) huys en(de) hoff op sh(ee)ren chijns van(den) gronde ende dat tsel(ve) is liggen(de) ond(er) een(en) peertskeur en(de) tvoors(chreven) dachm(ael) op sh(ee)ren chijns tanqua(m) prout iure, coram Duffel, Beringhen, feb(rua)rii ultima, 1605.

Item die voors(chreve) p(ar)tijen v(er)cleren den rechtveerdighen coop van(de) voors(chreve) goeden te wesen om en(de) voorde somme van hondert rinsg(u)l(dens) eens, los gelts, de sel(ve) te betaelen voor Loven kermisse toe(comen)de tanqua(m) assecut(um) ende ingevalle de voors(chreve) Adriaen en(de) zijne huysvr(ouw)e des bleven in gebreke, soo sullen die sel(ve) penn(ingen) cours en(de) loop hebben tegen den penn(inck) xvie., bij maniere van erffvuytgevinghe alle jaere te Loven kermisse te v(er)schijnen te Loven, te leveren los en(de) vrije, etc(etera), daer vore v(er)obligeren(de) en(de) submitteren(de) henne p(er)soonen en(de) goeden, en(de) naementl(ijck) de voors(chreve) opgedraegen goeden met noch een halff boend(er) landts, gelegen tot Bethecum inde Beeckstraete, regen(ooten) Hendrick De Molder ter ie., tsh(ee)ren straete ter iie. en(de) iiie. en(de) Margriet Leesbos ter iiiie. zijd(en), de sel(ve) goeden ingevalle als boven ten erffdomme nemen(de) opd(en) voors(chreven) last en(de) geloven(de) die jaerl(ijcx) ind(er) manieren voors(chreven) te betaelen en(de) leveren quolibet assecut(um) obligan(do) et submitten(do) in forma et sat(is) et war(as) op een oort ts(iae)rs en(de) dat tsel(ve) is liggen(de) ond(er) eenen peertskeur, coram eisdem.

            In de marge.

De quytan(tie) van dese hondert guldens staet 7bris. ultima 1651 in hac camera et sic vacat.

 

Uit dit huwelijk:

 

De Meijer Joannes,

 

De Meijer Catharina,

 

De Meijer Petrus,

 

De Meijer - Smeyers Guilielmus fs Adrianus, (°) Betekom 17.04.1612 (g. Guilielmus Bols en Maria Machgiels), x Betekom 19.01.1636 (g. De Meijer Adrianus en Aets Petrus) met Ae(r)ts Maria,

     Uit dit huwelijk:

     ... (Aarschot ?),

     De Meijer Anna, (°) Betekom 07.02.1640 (g. De Meijer Christianus en Smeijers Anna),

     De Meijer Barbara, (°) Betekom 24.09.1642 (g. Visenaken Laurentius en Timmermans Margareta),

     De Meijer Anthonius, (°) Betekom 24.08.1645 (g. De Meijer Anthonius en Vits Maria),

     De Meijer Susanna, (°) Betekom 04.03.1648 (g. Aerts Petrus en Smets Susanna),

     De Meijer Gregorius, (°) Betekom 15.12.1651 (g. Vanden Velde Gregorius en Cleijnheijns Joanna),

     De Meijer Catharina, (°) Betekom 27.12.1653 (g. Mertens Joannes en Van Gestel Catharina),

 

De Meijer Adrianus, x Betekom 27.06.1641 (g. Vande Loock Adrianus en Janssens Joannes) met Timmermans alias Janssens Margare/ita, deze x 1 Betekom 25.05.1627 (g. Timmermans Joannes, Vervarent Laurentius en Vervarent Henricus) met Janssens Adrianus,

     Uit dit huwelijk:

     1. Janssens Elisabeth, (°) Betekom 12.06.1628 (g. Timmermans Henricus en Kerckmans Elizabeth), moeder Timmermans,

     Janssens Joannes, (°) Betekom 15.10.1630 (g. Janssens Joannes en Geets Catharina), moeder Timmermans,

     Janssens Lucia, (°) Betekom 30.11.1632 (g. Timmermans Guilielmus en Michiels Adriana), moeder Timmermans,

     Janssens Mattheus, (°) Betekom 02.10.1639 (g. Mertens Mattheus en Claes Anna), moeder Janssens,

     2. De Meijer Maria, (°) Betekom 05.07.1643 (g. Van Roij Adrianus en Claes Marta), moeder Janssens,

 

De Meijer Anthonius, + Betekom 29.01.1665, x Betekom 17.06.1642 (g. De Maier Adrianus, Timmermans Arnoldus, Nuijts Hendricus en De Meijer Cristianus) met Nuijts Catharina,

Hieronder een akte waarbij Hendrik Nuyts (Nauts) met volmacht van Christiaan De Meyer, beiden voogden van de kinderen van Anthoon De Meyer en Catharina Nuyts, een lening aangaat bij Maria De Vos.  Hendrik Nuyts is de broer van Catharina Nuyts.  In de akte worden ook Leonard, Anna, Elisabeth (Lysken), Jan en Joanna vermeld, allen kinderen van Anthoon De Meyer en Catharina Nuyts.

Onderstaande akte en logica met dank aan Paul Peeters

Het is bijzonder twijfelachtig dat Catharina Nuyts (Nauts) een tweede maal in het huwelijk trad met Petrus Van Esche om volgende redenen.

1.  In Betekom overleed een Anthonius De Meyer (als gehuwde) op 29.01.1665. Als deze Anthonius inderdaad de man was van Catharina Nuyts, dan kan zij bezwaarlijk een tweede maal met Petrus Van Esche te Werchter gehuwd zijn op 24.04.1663 en een dochter Maria gehad hebben met haar tweede man, dat gedoopt werd te Werchter op 23.03.1664.

2.  In de doopakten van Maria, Joanna en Elisabeth Van Esche (meer bepaald te Werchter op 23.03.1664, 26.04.1666 en 12.05.1669) staat resp. als moeder vermeld: Catharina Aerts, Catharina Naerts en Catharina Aerts). Ook in de huwelijksakte op 24.04.1663 staat er Catharina Aerts.

3.  In Betekom overleed ook een Catharina Nuyts (als weduwe) in 1667 (exacte datum niet vermeld – vermeld onder nr. 17).

4.  In de onderstaande akte wordt Hendrik Nuyts (als voogd van moederszijde) en Christiaan De Meyer (als voogd van vaderszijde) vermeld, wat er op duidt dat zowel Anthoon De Meyer als Catharina Nuyts reeds overleden waren.

Om al deze redenen zou ik besluiten dat Catharina Nuyts niet hertrouwde met Petrus Van Esche.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7923 fol. 249v°.

Item inde tegenwoordicheyt der h.h. schepenen van Loven naerbeschreven gesten den clerck Van Limborch om tgene naerbes. staet te Xnieuwen. ende herkennen, geconstitueert sijnde bij procuratie hier onder geinsereert, ende heeft tselve gedaen inder vuegen naervolgende.    

Op heden den vierden dach van juny 1671 comparerende voor mij openbaer notaris ende getuygen hier onder genoempt, Henrick Nauts, innegesetene van Betecum, als momboir van de kinderen van Anthoon De Meyer, hebbende procuratie van Cristiaen De Meyer, sijnen mede momboir, gepasseert voor den notaris Adriaen Loocx ende seekere getuygen opden xiiijen. mey 1671, sijnen medemomboir ende voor den welcken hij hem is sterckmaekende, heeft bekent ontfangen te hebben in goede gevalueerde penninghen tot sijn contentement vuyt handen van jouffrouw Maria De Vos de somme van twee hondert ende vijfftich gul. eens, voor welcke somme hij comparant is bekennende eene erffelijcke rente van vijffthien guldens xij ½ s. teghen den penninck sesthien, cours nemende van heden date deser ende soo vervolgens van jaer tot jaer, preciselijcken op sijnen valdach, los ende vrije van alle impositien, alreede innegestelt oft naermaels inne te stellen, te betaelen ende alhier in stadts wissele te leveren als schult met rechte Xwonnen., daer toe verobligerende sijnen psoon. ende der voors. weesegoederen daer toe expresselijck geauthoriseert sijnde ende permissie hebbende vande heeren weesmren. der stadt Loven in date den xvien. mey 1671, onderteekent Goffaert, ende tot naerdere vasticheyt heeft den vs. comparant hem gestelt borghe ende cautionaris als principael voorde capitaele ende Xloopen. der vs. rente ende alnoch voor reele hypotecke heeft gestelt die naervolgende panden, die voors. weesen competerende, waer van den comparant hem is verobligerende, copije vande deylinge over te sijnden aende voors. jouffe. De Vos ofte haeren commis, als te weeten ierst een plecke weye ende landt, ghenoempt d' Jan Saels, wesende de hellicht van drije dachmaelen, gelegen onder de heerlijckheyt vander Bruggen, regenooten Gooris Vande Velde mette wederhellicht oost, den selven Gooris suyden, Jan Jooris west, Jan Mertens noorden, competerende Leenaert De Meyer, item aenden selven Lenart De Meyer is noch competerende eene rente van xiiij r. v s. tsiaers op de goederen van Peeter Claes en. Jan Jansens, tot Betecom geleghen, item heeft alnoch gestelt ontrent twee dachmaelen landts, competeren. Anna De Meyer, genoempt de Beeck, regenooten Cristiaen De Meyer oist, tsheere straet suyden, Laureys Vissenaecken noort, item ontrent twee dachmaelen bosch, geleghen aen d' Jan Saels voors., regenoten Lenaert De Meyer oist, Jan Jooris suyden, Lijsken De Meyer noorden, item Lijsken De Meyer is hebben. onderhalff dachmael bosch, regenoten Luyck Lijfftochts ende Jan Mertens oost, Anna De Meyer suyden, die straete noorden, item is noch hebbende eene rente van thien guldens tsiaers op het huys van Jan De Meyer, item Joanna De Meyer is hebbende onderhalff dachmael landts, genoempt het Halff Landt, regenooten Vlemincx suyt, de straete west, de heere graeve van Riviren noort, item is noch hebbende de vs. Joanna De Meyer een schuere die t' voorleden jaere is verhuert geweest aen mijn heere Augustinus Carlier ende aen Jan De Meyer, haeren broeder, regenoten Aert Nijs ter eenre ende Adriaen Van Loon, coster van Betecom voors., om op ende aen die voors. gronden te verhaelen die capitaele ende verloopen der voors. rente, consenterende tot dijen eynde tot het slaen van belijde ende mainmise ende in het decreet der heeren schepenen der stadt Loven sonder daer toe te moeten gedaeght sijn, constitueren. onwederoepel. elcken thoonder deser om te compareren voor de heeren schepenen van Loven ende alomme elders ende tgene voors. is, te Xnieuwen. ende herkennen, consenterende inde volontaire condemnatie ende den vs. comparantom alnoch beeter te Xseekeren. tgene voors. is, heeft boven sijne personele obligatie gestelt voor hypotecque een halff boinder landts, gelegen onder Riviren, regenoten mijn heer Crabeels Bosch ter ie., den H. Geest van Betecom suyt, jor. Eynatten oist, op conditie dat deselve teender reyse sal moegen gequeten worden ende met volle rente den penninck sesthien, hier present sijnde den eerw. heere Cristiaen Van Langendonck, pastoir van het Audt Begijnhoff van Sinte Catlijnen binnen Loven, jouffen. Catharina Vande Water ende Gudula Briers, hooffmeesterssen, ende de voors. jouffvrouwe Maria De Vos, tgene voors. is, accepterende tot behoeff vande fondatie van heer Steven Jacobs, vande wel. de selve penningen sijn procederende van affgequeten rente vande selve fondatie, hebben gestaen tot laste van Jan Rauvoet ende gequeten bij sr. Henrick Govaerts.

Aldus gedaen tot Loven ten daege, maende en. jaere als boven ter presentie van mr. Henrick Van Thienen ende van Adriaen Berckmans, als getuygen tot desen gebeden, ende hebben die voors. compten. de minute deser beneffens mij noto. ondert., quod attestor, sig. Jacques Goffart, nots.

Aldus vernieuwt bij den vs. gecons., coram Silvius, Van Dieven, viij juny 1671.  J. Bta. Sylvius.

N.B. : De akte werd doorgehaald en in de rand werd volgende tekst vermeld.

Is gebleken bij manuele quittantie, staende in pede vande constitutie brieven, dat de capitaelen, in desen vermelt, sijn bet. aende fundae.

Van Brouwershaven de date 16 juny 1711 et sic vacat, testor G. De Coninck, 1711, 6, 16.

     Uit dit huwelijk:

     De Meijer Adrianus, (°) Betekom 25.03.1643 (g. Nauts Joannes en Koremans Adriana n. Claes Magdalena),

     Smeijers Maria, (°) Betekom 31.08.1644 (g. Van Roubergen Joannes en Claes Maria),

     De Meijer Joannes, (°) Betekom 18.11.1646 (g. Jooris Joannes en Vrancken Anna),

     De Meijer Anna, (°) Betekom 04.04.1648 (g. Verbulckt Hendricus en Nuijts Anna),

     De Meijer Elizabeth, (°) Betekom 13.02.1650 (g. Mertens Hendricus en Nuijts Elizabeth),

     De Maeier Joanna, (°) Betekom 03.11.1652 (g. Vande Loeck Adrianus en Brugmans Joanna),

     De Meijer Henricus, (°) Betekom 24.04.1655 (g. Nuijts Henricus en Vuijtum Maria),

     De Meijer Leonardus, (°) Betekom 29.03.1657 (g. Wauters Leonardus en Claes Maria),

 

De Maijer - De Meijer Catharina, XII (S2753 + S2913),

 

De Meijer Christianus, x Betekom 20.01.1643 (g. De Meijer Adrianus, De Meijer Guilielmus en Vanden Loock Adrianus) met Verstappen Anna,

     Uit dit huwelijk:

     Demeijer Anna, (°) Betekom 11.02.1643 (g. Vincxs Laurentius en Smeijers Anna),

     De Meijer Adrianus, (°) Betekom 01.09.1644 (g. Van Roy Adrianus en Meijs Maria),

     De Meijer Catharina, (°) Betekom 24.09.1645 (g. Van Landewijck Hendricus en Naets Catharina),

     De Meijer Joannes, (°) Betekom 30.03.1648 (g. Jooris Joannes en Smets Elizabeth),

     De Meijer Adrianus, (°) Betekom 22.11.1650 (g. Vanden Loock Adrianus n. Brugmans Adrianus en Janssens Elizabeth),

     De Meijer Maria, (°) Betekom 24.09.1656 (g. De Meijer Adrianus en Van Uytum Maria),

     De Meijer Adriana, (°) Betekom 28.02.1660 (g. Vranken Henricus en De Myer Adriana).

 


 

XII - Vervloossem - Vervloezen - Vervloesen Joannes (S2752 + S2912), (°) (niet R?, Bet!, W!, ...), x Betekom 25.04.1641 (g. Vande Loock Adrianus, Mertens Adrianus, De Meijer Adrianus en De Meijer Christianus) met De Maijer - De Meijer Catharina (S2753 + S2913), ° ca. 1615, (niet Bet!).

 

Uit dit huwelijk:

 

Vervloesen Anna, (°) Betekom 18.06.1641 (g. De Meijer Anthonius en De Meijer Anna),

 

Vervloesem Martinus, XI (S1376 + S1456),

 

Vervloezen Adriana, (°) Betekom 15.11.1643 (g. Mertens Adrianus en Jansens Margarita).

 

Terug naar startpagina Terug naar startpagina stamboom