Voorouderlijst Cluppels Niclaes fs Jan                    

 

Clippel, De Clippel(e), (de) Klippel, Kluppels, Cluppel(s)

1. Bijnaam voor een kluppelaar. Iemand die zich verdedigt met een kluppel.

2. Bijnaam naar de gedrongen gestalte.

3. Naam uit het Middelnederlandse clepel, clippel: klepel van de klok. Beroepsbijnaam voor de klokkenluider.

 


De oudste gegevens en de aktes met dank aan Christine Savat en Michael Roekaerts. Meer info op hun website.

 

XIV - XV - XVI - Cluppels Niclaes, fs Jan, ca. 1515 (Wakkerzeel ?), x met Barbara Van Haeltert, deze x 1 met Guilielmus Van Gobbelsrode.

 

R1628: Fo 191:
- 1 feb 1546: Jan De Witte zone wijlen Willems die brueder was van Vranck wijlen De Witte nae doode ende aflijvigheijt desselfs wijlen Vranckx, heeft ontvangen tot behoef van hem ende van Vranckx, Hendrick, Philip, Anne ende Berbelen De Witte zijne broederen ende zusteren ende tot behoef van Lodewijck, Jan, Aert ende Sebastiaen De Witte kinderen Jacops wijlen De Witte onderhalf vd vande moelen van Wijchmale onder Rotselaer
een ander vd vandezelfde molen toebehorende is meester Claes wijlen ooms alias de capella ende tsurplus der selven moelen toebehorende es de weduwe Lodewijck wijlen De Witte ende de voers Jan De Witte verclaerde
- op deselven dag hebben de voors Jan ende Vranck De Witte gebruederen den selven Vranck, hem verclaerde oudt te wesen 24 jaren, Henrick De Witte ‎(18 j)‎, Philips De Witte ontrent 20j ende Berbel Switten ontrent 25 jr alle drije gebroeders ende zuster des voers Jan ende Vranckx De Witte met consente willen weten ende ten bijzijne Aerts Paeps ende Willem De Witte zone des voers wijlen Vrancks als hun momboiren ende de selfe momboiren vanwegen den voers Henricq, Philips ende Barbelen, tot desen & om des naerbes es te moegen doen, bij de weth van Herent, ende dat bij acte daer aff
op 4 juli 1546 ‎(datum? Sic)‎ geauthoriseert wesende, ende Adriaen De Medegreve x Anna Switten oock sustere des vors Jans, Vrancks, Henricq, Philips ende Berbele De Witte alle kinderen Willems wijlen De Witte, Jan Van Maelcote zone Mertens ende Willem De Colmer zone wijlen Willems als momboirs ende inden name ende van wegen Lodewijck, Jans, Aerts ende Sebastiaen De Witte, kinderen Jacops wijlen De Witte tot des naerbes es te mogen doen bij de weth van Herent gauthoriseert wesende ‎(akte 7 jan 1545)‎ hebben gederft de hellicht van onderhalf dv vanden voers molen van Wijchmale aan Claes Cluppel, zone Jans, x Berbele Van Haeltert, Claes Cluppers sterfman
- in de marge: es te weten soe Jan De Witte zone wijlen Willems, die zone was van Vranckx wijlen De Witte, ende Willem De Witte zone wijlen Vranckx, ende Aert Paeps als momboir der onbejaerde kinderen des voers wijlen Willes De Witte verclaert hebben dat int onderhalf vd van des molen met toebehoorten, voer die derfinge des selfs gericht waren, te weten de kinderen des voers Willems wijlen De Witte elck in een sevenste deel, ende de kinderen Jacops wijlen De Witte tsamen maer voer een sevenste deel ‎(20 feb 1546).‎
18 feb 1562: Dat comen sijn Jan Van Hoegaerden ende Huijbrecht Van Hoegaerden sone wijlen Jans ende Anthoon De Raedemaecker x Elisabeth Van Hoegaerden Jan Van Hoegaerden voors dochter ende noch Jan Meijnaert x Margriet Van Hoegaerden oock Jans Van Hoegaerden dochter voor Elisabeth Verhoeven we Jans De Bruijne ? ‎(Niclaes Cluppels ontleent leenman)‎ hebben opgedragen aan heer Niclaes Cluppels ten behoeve van Jakob, Henneken ende Barbara Cluppels zijn broeders ende suster.

1570: Condt ende kennelijck zij eenen yigelijcken die deselven sullen sien off horen lesen dat wij Lodewijck Schoyte heere van Laken drossaert des lants van Rotselaer Aert Wiggers Willem Goorts Lybrecht Vanden berghe Ysaack Vanden Paenhuijse Jan De Pelsmaker Willem de Witte ende Willem Poortmans schepen van Rotselaer, Lambrecht De Berthoz  rentmeester des lants van Rotselaer, Jacop Van Aerschot ende Gheert Fobelets als kerckmeesters van Rotselaer henrick van aerschot ende peeter vogels als heyligheestmeesters van Rotselaer Jan ende hubrecht van Lantrop gebroederen anthonis de keppere ende Jacop de Schrijnmakere ingesetenen van Rotselaer met consente van allen de ingesetenen der banderije ende heerlijckheijt van Rotselaer op een solempuelen sondach daertoe vergaedert zijnde ende hen te kennen gegeven geweest zijnde de welcke in des naer beschreven staet geconsenteert hebben sonder contradictie van niemanden hebben geaccordeert gewilleceert ende geconsenteert gehadt accorderen williceren ende consenteren bijdesen Nicolasen Cluppels ende Barbele Van Haeltert sijn huysvrouwe ende hunnen erfen ende naecomelinghen van nu voertaen ten eeuwigen daghen inne te maken te beheymen ende te besluyreb alsulcken stuck beempts als de voors. Nicolaes Cluppels ende Barbele Van Haeltert voors. vercregen hebben vande weduwe ende erfge& wijlen Joos Van Wesembeke gelegen inde voors. heerlijckheijt van Rotselaer int Hellichterbroeck tusschen den Demere ter eenre die goeden der erfgen wijlen Jans De Witte ter tweeder die goeden der voors. Nicolaes Cluppels ter derder die goeden der erfgen Huybrecht Willems ende der erfgen wijlen Willems Aurogge ter vierder zijden welcke voors. beemp plach te zijne eenen gemeynen manbroeck des voors. Hellichterbroeck welcke voors.inne maken beheymen ende besluijten de voors. Nicolaes Cluppels ende Berbel Van Haeltert sijn huijsvrouwe hunne erfnen ende naecomelinghen jaerlijckx sullen moeghen doen van half meerte tot Sinte Mertensmisse ende met langhere in recompense van welcken accorde willecoeren ende consente de voors. Nicolaes Cluppels ende Barbele Van Haeltert sijn huijsvrouwe voor hunne erfnen ende naecomelinghen, den voors. ingesetenen der heerlijckheijt van Rotselaer hebben gehoeft gehadt ende geloven mits desen promptelijck inden voors. beempt te doen maken ende stellen een loffleijcke arcke met eender ghoten inder wijden van twee ende een half voeten bijmen de houtwercke met sijnder bejourlijcken linghde om daerinne te ontfanghen ende daerdoer te roelen tot allen tijden allen het watere soo van over vloede als van hemelschen regen oft grontwater daermede tvoirs. broeck soude moghen beschadicht worden. Ende hebben gelooft gehadt ende geloven mits dese die voors. Arcke met haeren toebehoorten ten eeuwighen daeghen te onderhouden op hunnen cost ende last, in sulcke weghen dat die voors. ingesetenen van Rotselaer daervan egheenen cost last oft schade hebben en sullen ende daer en boven hebben die voors. Nicolaes Cluppels ende Barbele Van Haeltert sijn huijsvrouwe gelooft gehadt ende geloven mits dese den dijck comende aende voors. Arcke ende voorts lanx die voors. erfnen ten eeuwighen daghen soo wel ende loffelijcken te repareren ende te onderhouden dat nyemant vanden voors. gemeynten daer doer beschadicht of behindert en sal wesen Ende tot versekertheyt vandes voors. is te doen/ Soo hebben de voors. Nicolaes Cluppels ende Barbele Van Haeltert sijn huijsvrouwe den voors. beempt opgedraghen met eenen halm in handen des voors. drossaerts ende daeraff behoerlijcken verthegen, tot behoef vande voors. ingesetenen, om daer aene te verhalene tghene dat bij den voors. Nicolaes Cluppels Barbele Van Haeltert sijn huijsvrouwe off hunne naecomelinghen benomen mocht wordden aenden voors. dycke oft arcke te gebreken off in gebreke te wesen sonder overgelast in kennesse.. Actum 16 mey anno 15 en 71.
R1604: Fo 87: 16 mei 1571:
Jooris De Witte in zijn naam ende Vranck De Witte als momboir van Kathelijne De Witte dochter Jans wijlen De Witte x Kathelijne Van Maelcote, in desen vervangende Janne Van Maelcote sijnen medemomboir ... verkopen aan Claes Cluppels x Berbele Van Haeltert een half dm broecq gelegen int Hellichterbroeck tusschen Claes Cluppels, Hendrik Dries, de Demer en de Leigracht.
R1604: Fo 123: 5 mei 1573:
Katherijne Rogmans we Henrick Willems x Wouter De Neutere heuren tegenwoordighen man voor de tochte, deselve Kathelijne Rogmans als curatesse met Adriaen Rogmans als momboir van Eustaes Pauwels ‎
‎ ende Lijsken Willems kinderen van die voors Henrick Willems x Katherijne Rogmans geauthoriseert wesende bij de weth van Wesemaele op 26 april ll ? verkopen aan Claes Cluppels x Barbele Van Haeltert een half dm bempt int Hellichtebroeck ‎(Anne Aurogge)‎.
R1604: Fo 124: 19 mei 1574:
Gooris De Witte, Vranck De Witte ende Jan Van Maelcote als momboirs van Katherijne De Witte dochter wijlen Jans De Witte bekennen dat Claes Cluppels zijn schuld ‎(erfelijke rente)‎ heeft afgelost
?.
Wer1847: Fo 62: mrt 1592:
Proc voor Nicolaes Cluppels den ouden
Nicolaes Jacop en Jan Cluppels gebroeders over een proces.

 

Onderstaande aktes met dank aan Paul Peeters

BRON : Stadsarchief Leuven, register nr. 7478, folio 183r, akte dd. 10 februari 1586.

Transcriptie.

                                                                                                            Item Aerdt Van Meerbeke soene wijlen Willems,

woonen(de) te Loeven(e), in p(rese)ntia, heeft geloeft en(de) geloefde midts

desen costeloos en(de) schadeloos tontheffen

en(de) indempneren derffgenaemen Berbels

Van Haltert wed(uw)e wijlen Willems Van

Gobbelsrode en(de) Claes(en) Cluppels ter ....

van een(e) erffrinte van vijff carolus

gulden erffel(ijck), d(aer)inne p(er)sonel(ijck) de

voors(creve) wijlen Willem Van Gobbelsrode

en(de) Claes Clippels voor scepen(en) van

S(olvi)t ii stuyvers                            ... [n.v.] verbonden staen den ... [n.v.],

al naerder blijcken(de) bijde brieve scepen(en)

brieven d(aer)aff sijn(de) in date voors(creven),

geloven(de) de selve rente jairl(ijcx) wel

en(de) loffel(ijck) te betalen(e) volgen(de) de voors(creve)

constitutie brieven d(aer)aff sijnde,

en(de) de voors(creve) p(ar)tijen en(de) huere success-

euren costel(oos) en(de) schadel(oos) als voor te

leveren indempneren, obligan(do)

et submitten(do),

cor(am) Graven, Duffele, februarii xa., a(nn)o lxxxvi.

Commentaar.

Uit de akte blijkt dat Barbara Van Haeltert eerst gehuwd was met Guilielmus Van Gobbelsrode.  De familienaam is afgeleid van de gelijknamige plaatsnaam Gobbelsrode onder Kortrijk-Dutsel.

 

In de onderstaande akte wordt melding gemaakt van priester Nicolaus Cluppels, kapelaan van Wakkerzeel, en zijn broer Jacobus Cluppels, beiden kinderen van Nicolaus Cluppels.  Ook zij waren blijkbaar naar Leuven gevlucht.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7864, fol. 109v, akte dd. 10 oktober 1580.

Item heer Claes Cluppels, priester, cappellaen van Wackerseele, ende Jacop Cluppels, ghebrudere(n), kinderen wijlen Claes, nutertijt binnen deser stadt woon(ende), in p(re)sentien, hebben bekint indivisim schuldich te sijn(e) Merten Hollants tot behoeff van he(m) en(de) sijn(e) kinderen ende behoeff Olivieren Hollants sone Peeters, sijns soens als hij leefde, p(ri)us ema(n)cip(avi)t, twelff car(olus) g(uldens) te xx st(uyvers) stuck, munt(en) cours en(de) loop in Brab(ant) hebben(de), erffel(ijcke) rente, alle jaer(en) opden xen. octobr(is) te betaelen(e) ende inde stadt wissele van Loven los en(de) vrij van x., xx., c. en(de) andere pen(ningen) te leveren, erffel(ijck) in toecomende tijden, quolib(e)t ass(ecu)tum ende ter manissen pandt te stellen, weert sijn(de) boven alle co(m)meren d(ae)r vuytgaen(de) dobbel rente ende soo vele te doen(e) dat den v(oor)s(chreven) Merten, sijn(e) erven en(de) naercomelinghen v(oor)s(chreven) sal moghen ghenoch sijn, met conditie dat de v(oor)s(chreve) bekinderen de v(oor)s(chreve) rente va(n) v(oor)s(chreve) xii car(olus) g(ulden) erffel(ijck) sullen moghen lossen ende quyten talle(n) tijden alst hen ghelieven, elcken pen(ninck) d(ae)rvuyt met xvi gel(ijcke) pen(ningen) ac cu(m) oblig(ando), submitten(do) ac renun(tiando) in for(m)a, cor(am) Schuerbroot, Goerts, octobr(is) xa., a(nn)o 1580.

            In de marge.

Item Peeter Wilthagen en(de) Lijsbeth Hollants, ghehuysschen, voir de hellicht, Lambrecht Bodden voir een vierdendeel en(de) Jan Calabers als procuratie hebben(de) van Anna Hollants, zijn(e) schoonmoede(re), oock en(de) voir een vierendeel, hebben altsamen bekint, soo zij bekennen midts desen, elck voir hun v(oer)s(chreven) pairten en(de) deelen dese rente van xii carolus gul(dens) aen hen volcomel(ijck) ghelost, ghequeten en(de) affgheleet te zijn(e) als beken(nende) de capitale pen(ningen) der zelver ontfanghen te hebben conste van(de) v(oor)s(chreve) Niclas(en) Cluppels en(de) zijn(e) v(oor)s(chreve) broedere, consenteren(de) d(aer)o(m)me inde cassatie van des(en) bekenne et sic vacat, actu(m) septembris xxvii, 1606.

 

De volgende akte met vermelding van Jacobus en Nicolaus Cluppels, beiden zonen van Nicolaus (x Barbara Van Haeltert).

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7861, fol. 343v, akte dd. 26 april 1577.

Item Jacop Cluppels sone Claes, obligan(...), etc(etera), heeft bekindt schuldich te zijn(e) heeren Claesen Cluppels, prieste(re), broede(re) des voers(chreven) Jacops, vijff carolus gulden te twintich st(uvers) mon(ete) den stuver tot drije pl(e)c(ken), etc(etera), erffel(ijcke) rente, alle jae(re) opten xxvien. aprilis te betalen(e) et in cambio quite et libere necnon a x., xx. et c. d(enariis), quol(ibe)t ass(ecutu)m ad mo(bilia) pignus sub Werchte(re) valens duplum et t(antu)m et poterit redimere quando volverit queml(ibe)t denariu(m) exin(de) median(tibus) sedecim d(enariis) cons(imilibus) ac cum, coram eisdem.

 

Hieronder nog een akte met vermelding van Nicolaus Cluppels en zijn vrouw Barbara Van Ha(e)ltert, wonende te Werchter. 

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7469, fol. 590r., akte dd. 11 mei 1576.

Item, in tegenwoirdich(eyt) des meyers en(de) schepen(en) van Loven(e) naerbes(creven) gestaen hee(re) Jheronim(us) Vekem(ans), prieste(re), woonen(de) int goidtshuys van heeren Percken, p(er) mo(nitionem), heeft opgedrag(en) met behoorl(ijcke) verthijdenisse die goed(en) en(de) grond(en) va(n) erffven naerbes(creven), te weten(e) yerst xxvtich. roed(en) beempts hellichtwinnin(ge) aen(den) hee(re) v(an) Rotselaer, gelijck die selve onbegrepen vand(er) maten gelegen zijn onder Rotselaer int Hellichter Broeck tegen ove(re) Onser Liever Vrouwen cappelle van Werchte(re), regen(ooten) die goed(en) Jozijne Symoons ter eende(re), die goeden Huybrechts De Ketele(re) ter tweede(re), die goed(en) der erffgen(aemen) Goerdts Loyx ter derde(re) zijd(en) ende die goeden Claes Cluppels ter iiiie. zijd(en), item noch xxvtich. roeden beempts, geleg(en) int v(oer)s(creven) Hellichterbroeck, gelijck die selve insgel(ijcx) onbegrepen der maten geleg(en) zijn bijde Deme(re) aldaer tusschen die goed(en) Jans De Moor ter eende(re), die goed(en) Jans Van Hulselaer ter tweede(re) en(de) die v(oer)s(creve) Demere ter derdere zijd(en), exp(osito) soe is daerinne gegoedt Pauwels Van(den) Berghe ind(en) name en(de) tot behoeff van(den) v(oer)s(creven) Claes(en) Cluppels en(de) Barbele Van Haltert, zijn(e) huysv(rouw)e, woonen(de) te Werchtere, p(er) mo(nitionem) et sat(is) et war(as) beyde die p(ar)cheelen v(oer)s(creven) op sheeren recht van(den) gronde, tanq(uam) prout jure, coram Liedekercke, Spira, maii xia.

 

Hieronder een akte met vermelding van Nicolaus Cluppels (Clippels) en Barbara Van Ha(e)ltert.  Merkwaardig dat zij in het bezit werden gesteld van een eigendom onder Veltem (als zij in  Wakkerzeel woonden).  Te voet van Wakkerzeel naar Veltem is toch een eindje, of zouden zij van Veltem afkomstig zijn  

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7468, fol. 157r., akte dd. 20 december 1574.

Item in tegewoirdicheyt des meyers en(de) scepen(en) van Loven(e) naebescr(ev)en gestaen Machiel Maes sone wijlen Willems, woonen(de) te Bruessele, Philips Coomans als speciael(ijck) en(de) onwederoepel(ijck) geco(n)st(itueer)t zijn(de) tot des naerbescr(ev)en staet te mogen doen bij Catlijn(e) Maes ten bij zijn(e) en(de) met co(n)sente Philips De Putte(re), huers mans, blijcken(de) bij brie(ve)n van p(ro)curatien voer Henricken Rogge als notaris en(de) zeke(re) getuygen, gepass(eer)t in date des iien. aug(us)ti xvc. vier en(de) tzeve(n)tich, Magriete Maes, zuster des voirs(creven) Machiels en(de) Catlijn(e) Maes, met c(on)se(n)te, wille, weten(e) en(de) overstaen(e) Wouters Van(den) Berghe, huers mans, en(de) Jan Vand(en) Ouwerborch met Adriaen(en) Rogiers, beyde als mo(m)boirs bijd(er) weesm(eeste)ren des(er) stadt tot des naebescr(ev)en es geco(n)stitueert en(de) geauctorize(er)t zijn(de) van Heylwich en(de) Lijsbeth Maes blijcken(de) de v(oir)s(creve) auctorizatie bij acte auctentyck in date des xiien. nove(m)bris a(n)ni xvc. lxiiii, alle de voirs(creve) p(er)sonen ind(er) voirs(creve) qualiteyt hebben opgedragen met behoirl(ijcke) v(er)thiedeniss(en) een huys en(de) hoff metten backhuyse en(de) een(e) blocxken landts en(de) allen a(n)de(re)n zijn(e) toebehoirten, groot ts(am)en o(m)trent vijff viere(n)deelen o(m)begrepen van e(n)niger maten, alzoe tselve goet gelegen is onder de p(ro)chie van Velthem tusschen des hee(re)n strate aldaer in twee zijnden, de goeden hee(re)n en(de) m(eeste)r Willems Boxhoren, raidt ons hee(re)n des con(incx), ter derd(er) en(de) Jans Willems goeden ter ande(re) zijden, exp(osito) soe es d(aer)inne gegoet en(de) geerft ten erffel(ijcken) rechte Claes Clippels, soe ind(en)naeme van zij[n] selven als ind(en) naeme en(de) tot behoeff van Barberen Van Haltert, zijn(e) huysvr(ouw)en, p(er) mo(nitionem) et sat(is) ind(er) qualiteyt voirs(creven) et war(as) op dertich stuv(er)s erffel(ijck) aend(en) autaer van S(in)te Laureys bynnen der kercken van Velthem en(de) voerts op shee(re)n chijs van(den) gronde, soe verre men bevindt daer eenige vuyt te gaen(e) et a(n)ders(sint)s nyet, ta(n)q(uam) p(ro)ut jure, cor(am) Schore, Baerts, dece(m)br(is) xxa.

 

Onmiddellijk volgend op de akte in de voorgaande email gaat er nog een akte met vermelding van Nicolaus Cluppels (Clippels), die hieronder wordt weergegeven.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7468, fol. 158r., akte dd. 20 december 1574.

Item alle de voirs(creve) p(er)sonen ind(er) qualiteyt voirs(creven), in p(rese)ntia, etc(etera), hebben geced(eer)t, getransporteert en(de) ov(er)gegeven, cederen, transporte(re)n en(de) gheven over midts desen den voirs(creven) Nicolaes(en) Clippels ind(en) naeme en(de) tot behoeff als voe(re) alzulcke twee carolusg(uldens) te xx st(uvers) tstuck erffel(ijck) als Laureys V(er)elst sone wijlen Loduwijcx en(de) El(isabe)t Beckers, gehuysschen, eertijden, te weten(e) opten xxen. octobr(is) xvc. lxvii p(er)sonel(ijck) voer scepen(en) van Loven(e) hebben bekint gehadt sculd(ich) te zijn(e) Pauwels(en) Maes, geven(de) over midts des(en) de brie(ve)n d(aer)aff zijn(de) ten selven rechte p(ro)ut, cor(am) eis(em)

         In de marge.

De quitan(tie) van deen gegeven bij heeren Niclaesen Clippels h(abetu)r opde marge van(de constitutie, gepasseert in 2a., wesen(de) van(der) daet martii va., 1590.

 

Hieronder een akte met vermelding van Nicolaus Cluppels en zijn eerste vrouw Barbara Van Ha(e)ltert, wonende te Werchter.  Twee opmerkingen met betrekking tot deze akte.  Er staat wel degelijk Waesmuysere, wat zonder meer dient gedentificeerd te worden als Waasmunster.  Verder staat er een dach(mael) lants, woonende te Werchte(re)  Het is niet meer of minder dan een lapsus van de klerk, want uiteraard diende er te staan een dach(mael) lants, gelegen te Werchte(re).

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7464, fol. 18r., akte dd. 11 juli 1570.

Item in jegewoirdicheyt des meyers ende der scepen(en) van Loven(e) naebescreven gestaen joncffrouwe Anna Vander Lynden dochter h(eer) Jans Vand(er) Lynden, ridders, huysvr(ouw)e h(eer) en(de) m(eeste)r Pauwels Van Steelant, woonen(de) tot Waesmuysere int lant van Waes, per mo(nitionem) heeft met consente, wille, wete en(de) overstaen(e) desselfs haers mans opgedragen met behoirlijcke v(er)thieniss(e) een dach(mael) lants, woonen(de) te Werchte(re), regenoot de goeden Jans Van Aerschot in deene, de goeden Claes(en) Cluppels ter tweed(er), tCleyn Terwe Lant aldaer t(er) derder ende tGroot Terwe Lant ter vierd(er) zijden, liggende onverdeylt metten goeden des v(oir)s(creven) Claes(en) Cluppels, exp(osito) soe es d(aer)inne gegoet en(de) geerft ten erffel(ijcken) rechte Barbel Van Haltert, huysvr(ouw)e desselfs Claes(en) Cluppels tot behoeff van huer en(de) van(de) v(oir)s(creven) hue(re)n man, woonen(de) te Werchte(re) voirs(creven) p(er) mo(nitionem) et sat(is) ind(ivisi)m et war(as) voe(r) ombelast prout jure, cor(am) Lynden Goerts, julii xiia.

 

Hieronder nog een akte met vermelding van Nicolaus Cluppels, zoon van wijlen Joannes.  Enkele afkortingen waren niet duidelijk.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7855, fol. 237v., akte dd. 10 januari 1571.

Item, in p(rese)ntia villici, etc(etera), Peeter Traetsens tot des naebescreven es te mogen doen, hebben(de) volcomen macht, p(ro)curatie speciale en(de) irrevocabel bevel van Josijnen Van Kelfs weduwe Joos(en) wijlen Van Wesenbeke en(de) van Marien Van Weze(n)beke, hue(re) dochtere, naer vuytwijsen den instrume(n)te d(aer)aff zijn(de), gepass(eer)t voer m(eeste)ren Jannen Van Kiesecom als notaris ende sekeren getuyghen opten negensten januarii des tegenwoirdichs jaers xvc. tzeve(n)tich, stijl van Brabant, alhier gethoont ende gesien, heeft vuyt v(er)mogen vanden zelven en(de) anderss(in)ts in ald(er) bester forme ende maniere, hem doenlijck zijn(de), vuytgegeven ende bekint ten erve vuytgegeven te hebben(e) Clase Cluppels sone wijlen Jans voer hem ende zijn(e) nacomelingen de goeden naebes(crev)en, gelegen onder Rotselaer, te weten(e) yerst een stuck broecx, gelegen int Helsterbroeck, houden(de) omtrent drije dachmalen, regen(oten) de v(oir)s(creven) Claes t(er) eenre, den Demer t(er) ande(re) en(de) dErcke ter iii. zijden, noch een stuck broecx int voirscreven broeck, groot omtrent die vier(...)en (?), regen(oten) den v(oir)s(creven) Demer t(er) eenre, de voirs(creven) Claes Clippels ter ande(re), Henrick Dries ter iiie. en(de) Cornel(is) Van G(er)ve(n) ter iiii. zijden, erffelijck te houden(e) ende te besitten(e) opt recht ende co(m)mere d(aer)te voren vuytgaen(de), te weten(e) dyerste parceel op vijff mol(evaten) haveren en(de) dander op braspen(ninck) heeren chijs ende oyck d(aer)op dat de v(oir)s(creve) twee parceelen belast souden mogen wezen met seke(re)n chijs, bedragen(de) omtrent x st(uvers) ts(iae)rs aen(den) hee(re) van Rotselaer, waeraff derffg(enaemen) Leerpeyns den last te dragen hebben terminis debitis ende voerts meer op thien carolusgulden te xx st(uvers) mon(ete) d(omi)ni ducis Brab(antie) p(ro)nu(n)c curren(tis) erffel(ijcke) rente, alle jaere opten thiensten januarii te betalen(e) den v(oir)s(creven) Peete(re)n Traessens en(de) Marien Van Wese(n)beke, zijnd(er) huysvr(ouwen) en(de) hue(re)n nacomeli(n)g(en), gehuysschen, infuturu(m) quite et libere, etc(etera), necnon a x., xx. ac c. d(enariis) jure et sub hiis sat(is) tam no(m)i)n(e) proprio q(u...) (?) vigore dicti p(ro)curatorii oblig(ando), etc(etera) et war(as) tanq(uam), behalven der v(oir)s(creve) Jozijn(e) inde voirgen(oempde) rente huer tocht ende voerheffen ende tot meerder vasticheyt den v(oir)s(creven) vuytgeveren vande voirs(creve) huer rente respectivel(ijck) te doene p(ro)misit dictus Nicolaus oblig(ando) singulis a(n)nis persolvere et in cambio quite et libe(re) ut sup(ra) deliberare quol(ibe)t ass(ecu)tum et t(antu)m et pot(eri)t red(imer)e q(ua)n(do) vol(verit) v(ideli)c(et) que(m)libet d(enarium) exin(de) median(tibus) octodecim d(enariis) pred(ictis) cons(imilibus) ac cum, verclerende de voirs(creve) p(ar)tien tpontgelt t(er) saken van des(en) gerijsen(de) te staene ten laste van(den) v(oir)s(creven) Clas(en), cor(am) Bucq, Goerts, januarii decima.

 

In de volgende akte wordt melding gemaakt van Nicolaus Cluppels en zijn echtgenote Barbara Van Ha(e)ltert, inwoners van Werchter, die hun schuld van een jaarlijkse rente van twee karolusgulden en twee stuyvers hebben afgelegd aan de kerk van het Groot Begijnhof te Leuven en hiervoor verder worden kwijtgescholden door Cornelius Reyneri Vander Gouwen, pastoor van voornoemde kerk, Jacobus Joordens en Petrus Calentijn, kapellanen van dezelfde kerk, en Catharina Druys in naam van de scholieren van die kerk.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuveliers, register nr. 7461, akte dd. 12 februari 1567 fol. 340r., akte dd. 12 februari 1567.

Item heer ende m(eeste)r Cornelis Reyneri Vand(er) Gouwen, licentiaet ind(er) heyliger godtheyt, prochiaen der kercken vanden Grooten Baghijnhove bynnen Loeven(e), Jacop Joordens ende Peeter Calentijn, p(res)b(yte)ren, capellaenen der zelver kercken, ende jouff(rouw)e Cathlijne Druys inden name vanden scholieren der zelver kercken, in p(rese)ntia, hebben bekindt ende geleden, kinnen en(de) lijden midts dezen van Barbele Van Haltert, huysvr(ouw)e van Nicolaes Cluppels, woonen(de) te Werchteren, aen hen inden naeme ende qualiteyt voirscreven gelost, gequeten ende affgeleet te zijne alsulcken twee carolusguld(en) te xx st(uvers) tstuck ende seven gelijcke stuvers erffelijcke rente, vallen(de) jaerlicx opden ixen. februarii als derffgen(amen) Peeters wijlen De Metsere der voirs(creven) kercken jaerlicx gelden(de waeren vuyt zekere henre goeden ende gronden van erfven, gelegen tot Werchte(re), nutertijt den voirs(creven) gehuysschen toebehoiren(de), schelden(de) alsoo de voirs(creve) persoonen respective inden name ende qualiteyt voirs(creven) den voirs(creven) gehuysschen ende henre goeden voer de v(oir)s(creve) re(n)te van twee carolusg(ulden) ende zeven stuvers v(er)bonden volcomelijcken quyte, promitten(tes) nullat(enus) alloqui sed semper sat(is) inden naeme ende qualiteyt voirs(creven) et war(as) p(ro)ut olbig(ando) et submitten(do) ac renu(n)c(iando) in forma, cor(am) Schore, Kelft, februarii xiia.

 

Hieronder volgt het testament van Nicolaus Cluppels (De Cluppel) en Barbara Van Haeltert (Van Haltert). Het is een interessant testament, omdat we vernemen dat zij niet drie maar vier kinderen hadden. Er worden wel maar twee kinderen bij naam genoemd, te weten zoon Nicolaus, die priester was, en hun dochter Barbara. Bovendien blijkt uit de akte dat hun dochter Barbara duidelijk tegen de zin van haar ouders was gehuwd met Zeger Verstraten, wat zich ook liet gevoelen in het testament. Zij zou immers met betrekking tot haar rechtmatig deel enkel het vruchtgebruik hebben en nooit de naakte eigenares worden. Zij mocht of kon haar rechtmatig deel dan ook niet verkopen of belasten met een rente. Wanneer zij zou komen te overlijden voor haar man Zeger Verstraten, dan zou deze laatste nooit het vruchtgebruik krijgen. Men kan hier zonder meer besluiten dat zij duidelijk te kort werd gedaan in de nalatenschap of eigenlijk onterfd werd. Men kan wel vermoeden dat het niet boterde tussen Barbara en haar ouders.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7461, fol. 459v., akte dd. 18 mei 1568.

Wij, m(eeste)r Jan Roelofs en(de) Gheert Van Griecken, scepen(en) van Loven(e), doen condt een(en)yegel(ijcken) dat op heden datu(m) van desen voer ons geco(m)pare(er)t zijn in prope(re)n p(er)soonen Claes De Clupper en(de) Barbel Van Haltert, wettige gehuysschen en(de) ingeseten(en) des dorps van Werchte(re), gaen(de), staende en(de) beyde hue(re) vijff si(n)nen wel machtich zijnde, alzoe tselve openbaerl(ijck) bleke, mercken(de) en(de) wel overdenckende der menschelijcker natueren, broosheyt en(de) der menschen dagen cortheyt op deser eerden ende dat nyet zekerder en is dan die doot en(de) nyet onsekerder dan die ure der selver, willende en(de) begherende de selve gehuysschen te eviteren en(de) te schouwen allen twisten, discordie en(de) tweedracht, die tusschen hue(re) kynde(re)n nae hue(re)n afflivich(eyt) ter zaken van hue(re) tijtelijcke goeden, bij hen testateuren alchter te laten(e), souden mogen gereysen en(de) opstaen, soe hebben de selve Claes De Cluppel en(de) Barbara Van Haltert gesamender hant bij goeder rijper deliberatien en(de) voerdachticheyt in aller bester manieren, vuegen ende forme van rechte, dat zij alderbest consten ende mochten achtervolgen(e) en(de) gebruycken(de) in des(en) zeke(re) bri(ve)n van octroye, hen bij ons(en) genadigen hee(re) coninck Ph(i)l(ipp)e als hertoge van Brab(ant) opten xiien. dach der maent van nove(m)bri a(nn)o xvc. lxv v(er)lent, om te mogen disponeren van allen hu(n)nen leengoeden en(de) allen ande(re)n, hoedanich die genoempt moegen zijn, gemaect en(de) geord(onneer)t van hu(n)nen voirs(creven) tijtelijcken goeden, hen van gode van hemelrijck v(er)leent, hen testam(ente) en(de) vuytersten wille ind(er) manie(re)n naevolgen(de), willen(de) vuyterlijck en(de) begheerde dat dit hen testamen(te) en(de) des(er) tegewoirdig(er) vuytersten wille goet, vast, gestentich en(de) van weerde zij en(de) blijve en(de) stede hebben, het zij bij manie(re) van testamen(te), codicille oft anders, alzoe ende gelijckerwijs een yegelijcx testam(ente) christen menschen testamen(te) oft vuytersten wille alderbest van weerde zijn soude mogen naed(en) gheestel(ijcke) en(de) weerelijcke rechten, op dat hu(n)nen vuytersten wille soude mogen volbracht wordden, nyettegenstaen(de) dat alle sole(m)niteyten) van rechte d(aer)toe gerequire(er)t wesende, d(aer)inne nyet geobserveert en wae(re)n, inden iersten hebben de voirs(creve) testateuren tsamenderhandt wederoepen alle voergaen(de) testam(enten) en(de) codicillen, bij hen voe(r) date van des(en) e(n)nichssins gemaect, de selve midt des(en) cassere(n)de, doot en(de) te nyeuwte doen(de), voerts bevelen de voirs(creve) testateuren hue(re) zielen, soe wa(n)neer de selve van hue(re)n sterffel(ijcke) lichaem(en) scheyden zullen, gode van hemelrijcke en(de) der glorioes(en) Maget Maria en(de) allen den hemelschen henre en(de) hue(re) doode lichaem(en) der gewijdder eerden, kiesende hue(re) sepulture inder prochien daer zij afflivich zullen wordden, item voerts maken de voirs(creve) testateuren der fabrycken van S(in)te Lambrechts kercke tot Luydick voe(r) hue(re) onrechtveerdich goet oft zij e(n)nich hadden, d(aer)aff zij v(er)claeren nyet te weten(e), twee st(uvers) eens, te betalen(e) bij hue(re)n kynde(re)n nae dafflivich(eyt) van(den) lesten leve(n)de van hen testateuren, willen(de) en(de) begheere(n)de alle hu(n)ne sculden, kerckrechten en(de) ande(re) van hue(re) gereetste goeden nae hue(re) afflivicheyt bij hue(re) geinstitueerde erffgen(amen) bet(ael)t te wordden, voerts willen en(de) ordineren de voirs(creve) gehuysschen en(de) testateurs dat hue(re) vier kynderen sullen gelijckelijck en(de) hootsgelijck succede(re)n in allen den goeden, bij hen testateuren achter te laten(e), soe wel inde haeffel(ijcke) als inde leengoeden, chijsgoeden en(de) eygen goeden en(de) alle ande(re), hoedanich die mogen zijn, egheen vuytgescheyden, de selve hue(re) vier kynde(re)n daerinne hue(re) e(n)nige en(de) universele erffgen(amen) kiesen(de), noemen(de) en(de) instituere(n)de, behalven dat hee(re) Claes De Cluppel, prieste)re, hen sone, sal voer vuyt hebben twee mudden rogs ontquytbaer erfpachts, die derffgen(amen) Putmans zijn gelden(de), ende dat in reco(m)pense dat zijn mede erffgen(amen) oyck sullen succede(re)n inde leengoeden, bij hen testateuren achter te laten(e), dyes sal hij den anderen drije kynderen van hen testateuren moeten gheven elcken van hen zesthien carolusg(ulden) eens, met sulcker c(on)ditien dat hij de selve noch e(n)nige ande(re) erfgoeden, op hem te succede(re)n, midts afflivicheyt van hen testateuren nyet en sal moegen v(er)setten noch v(er)coopen, ten wae(re) dat hij grooten en(de) merckel(ijcken) noot wae(re), wel v(er)staen(de) dat de voirs(creven) hee(re) Claes de selve twee mudden rogs noch oyck nyet en sal mogen v(er)coopen, belasten noch oyck d(aer)aff disponeren, maer dat de selve nae zijn(en) afflivicheyt sullen succede)ren op zijn(e) naeste erffgen(amen), soe naed(er) lantrecht behoert, ordineren(de) voerts midts des(en) wel expressel(ijck) dat Barbara De Cluppel, gemerct zij haer ten houwel(ijcken) heeft gegeven met Zege(re)n Verstraten en(de) dat tegen den danck van hue(re)n ouders, in desen testateuren, soe zij verclaerd(en), sal alleenlijck huer paert en(de) portie, dwelck huer in deylinge vallen zal naed(er) afflivicheyt van hen testateuren, moegen gebruycken tochsgewijse, haer midts des(en) interdiceren(de) die alienatie en(de) belastinge van(de) selven goeden ende soe verre in hu(n)nen sterfhuyse yet coopt, comen(de) totter so(m)men van negen rinsg(ulden), dat zij tselve sculdich sullen zijn aen te leggen tot behoeff van(de) kynde(re)n, behalven der voirs(creve) Barbara d(aer)inne hue(re) tocht, willen(de) oyck dat in dijen de voirs(creve) Barbara De Cluppel voe(r) den voirs(creven) Zegeren afflivich wordt, dat indijen gevalle de v(oir)s(creven) Zeger aen(de) selve goeden gheen(e) tocht hebben en zal dan voe(r) zoe vele hue(re) legittime es aengaen(de), maii xvii, a(nn)o xvc. lxviii.

 

Uit dit huwelijk:

 

Cluppels Niclaes, ca. 1540, priester, o.a. onderpastoor in Wakkerzeel,

- 9 nov 1599: heer Nicolaes Cluppers ‎(prebende)‎ zone wijlen Nicolaes, cappelaen des prochie kercke van Ste Huijbrechts te Wackerzeele nae doode van zijn vaders voors te leene ontvangen die helft van onderhalf vd vande watermolen van Wijchmael etc ... sterfman Claesken Cluppels Jans sijn broeders sone out ontrent 15 jr.
- 9 aug 1606: Heer Nicolaes Cluppels verkoopt zijn deel inde molen aan Frederick Van Hove den jongen zone Fredericks oudt ontrent 20 jaeren woonende tAntwerpen
- 20 juli 1637: het corpus vande stad Loven koopt die voors hellicht van onderhalf vd vanden watermolen gelegen te Wijchmael mette hellicht van onderhalf vd vanden sluijse iende tbedde totten tweeden molen ende huijsinge & molengrecht appendentien ende deppendentien metten vischerije van Mandenborgh tot die Maesvondele ende tgene daer af dependeert.

R1605: Fo 1v: 16 mei 1600:
Niclaes Cluppels verkoopt een stuck erffen gelegen in Averijst aen Jan De Neuter en sijn huijsvrouwe.
Wer1847: Fo 20V: 11 ju 1601:
Jan Leerbijls uit krachte van testament van Anna Leerbijls voor heer Nicolaes Cluppels dd 27 mrt 1592 tot behoef van Jan Van Langendonck Willemsone x Maria Van Haecht, Jan Docx x Anna Van Langendonck den hellicht van een half boender bempt int Wechterbroeck ‎(erfgen Wouter Verthiers)‎.

Onderstaande aktes met dank aan Paul Peeters

BRON : S.A.L, Inventaris Cuvelier, register nr. 7482, akte dd. 31.10.1589.

 Transcriptie folio 124r.

 Item hee(re) Niclaes Cluppels, prieste(re),

sone Niclaes, woonen(de) nutertijt tot

Wackerzeele, hem sterckmaken(de) voer alle

zijn(e) medecomplicen, alle als derffgen(amen)

desselffs Claes, zijns vaders, diewelcke

hij geloeft in dijen te hebben(e), dat zij

dese guedin(ge) sullen lauderen ende

approberen ter manissen en(de) Anna De

Witte dochtere wijlen Jans, woonen(de)

te Loven(en), cu(m) tutore voer een vijffstedeel

die selve bij manisse hebben tsamen

opgedragen met behoerl(ijcke) verthijdenisse

een huysken met eene lege plecke

erffven, daeroppe insgelijcx oyck                   

         

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7866, fol. 51v, akte dd. 7 oktober 1585.

Item heer Claes Cluppels, prieste(re), sone wijlen Claes, in p(rese)ntia, etc(etera), heeft getransporteert Arnde De Rijcke sone wijlen Laureys derffrente van zeven carolusgul(dens) tsiaers, daervoe(re) verobligeert staen Merten Paeps sone wijlen Arndts en(de) Marie Neggers, zijn huysvr(ouw)e, met schepen(en) brieven van Loeven in date xva. novembris a(n)no xvc. lxxiiii in me(di)a aen Jasperen Smeets, waeraff den voers(creven) h(eer) Clasen dactie is competeren(de) volgen(de) den transporte, hem bij Marie Vernoyen, weduwe desselffs Jaspers, daeraff voer schepen(en) van Loeven gedaen xix. aprilis a(n)no xvc. lxxvii in me(di)a, quare contulit l(itte)ras cum omnibus arriragiis exinde cess(e) eodem jure, geloven(de) de voers(creven) heer Claes obligan(do) et submitten(do) ac renu(n)tian(do) den voers(creven) Arnde De Rijcke altijt daeraff genoech te doen si quid minus ende dat voer inne te staene dat is een goede en(de) duechdelijcke rente, nyet verthiert oft belast prout, cor(am) Asca, Loenys, octobris vii.

 

In onderstaande akte wordt vermelding gemaakt van priester Nicolaus Cluppels als zoon Nicolaus (x Barbara Van Haeltert).

BRON : S.A.L, Inventaris Cuvelier, register nr. 7865, folio 104v, akte dd. 20.04.1583

Transcriptie.

 Item h(ee)r Claes Clippels, prieste(re), sone Claes,

in p(rese)ntia, etc(etera), heeft bekindt en(de) geled(en) dat

Lambrecht Meynaerts, soe ind(en) name van

hem selven als der erfgen(aemen) van wijlen Barbele

Cale aen hem mits eend(er) so(m)me van penn(ingen) de

quib(us) sat(is) volcomel(ijck) gelost en(de) afgequet(en)

heeft vijventwintich st(uyvers) erffel(ijck), hem co(m)peteren(de) vuyt

twee en(de) eenen halve(n) rinsg(ulden) erffel(ijck) bij testamen(te)

van Eliz(abeth) wijlen Ghijsbrechts al(ia)s Scrijf Scrijns van

en(de) vuyt xii car(olus) g(ulden) erffel(ijck), d(aer)voe(r) Jacop

Vand(en) Rijne en(de) de v(oer)s(creve) Barbele Cale, zijn

huysv(rouw)e, v(er)bonden staen met scepen(en) br(iev)en van

Loeven(e) in date xvi. ap(ri)lis xvc. lviii,

geteekent Coste(re), aen(de) v(oer)s(creve) wijlen Elizabeth

schelden(de) d(aer)af quyte, promitten(tes) non

alloqui sed sat(is) et war(as) oblig(ando), etc(etera), ac

renu(n)c(iando) erga quoscu(m)q(ue) prout,

cor(am) Vrancx, Goerts, aprilis xx.

 

Hieronder nog een akte, volledig in het Latijn opgesteld, met vermelding van Nicolaus Cluppels, priester en zoon van Nicolaus (x Barbara Van Haeltert). 

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7861, fol. 334r, akte dd. 19 april 1577.

Item Maria Vernoyen relicta Jasp(ar)is quondam Smeets, co(m)morans apud Wackezeel sub Werchte(re), in p(rese)ntia, contulit d(omi)no Nicolao Cluppels, p(res)b(yte)ro, filio Nicolai, hereditariu(m) redditum septem florenorum caroli singulis annis ad xvam. septembris persolven(dis) pro quo obligati existunt Martinus Paeps et Anna Neggers erga prefatum quondam Jasp(ar) mediantibus l(itte)ris scabinor(um) Lovanien(sis) de data xv. novembris a(n)no xvc. lxxiiii, quare contulit eodem jure, cor(am) Ympens, Wils, aprilis xixa.

 

Hieronder een akte met vermelding van Nicolaus Cluppels (zoon van Nicolaus), kapelaan van Wakkerzeel.

Bron : S.A.L., Iventaris Cuvelier, register nr. 8223, fol. 215v., akte van 14 maart 1574.

 Item Jan Verdonck sone wijlen Henricx, woenende te Wackerseele, oblig(antes) et submitt(entes) in forma, heeft bekyndt Niclaesen Cluppels xxx st(uyvers) te iii pl(e)c(k)en tstuck, monete curren(tis), erffel(ijcke) rinte, alle jaer opten xiiiien. dach meert te betalen(e) ende inder stadt wissele van Loven(e) los ende vrije van bede, schote, lothe, xe., xxe., ce. ende alle andere pen(ningen) ende impositien te leveren infuturu(m) ass(ecutu)m ad mo(nitionem) pignus valens duplu(m) et t(antu)m et pot(eri)t redimere met twee ende twintich car(olus)g(ulden) te xx st(uyvers) tstuck inde weerde voirs(creven) ac cu(m) ende is te wetene dat dit bekin gedaen is ter causen ende in voldoeninge van zekere borchtocht, bijden voirs(creven) Jannen gedaen voir Jannen van(der) Horst totter so(m)men van sessentwintich car(olus)g(ulden) x stuyvers ter saken van(den) molen van Wijchmale, daeraff de voirs(creven) Niclaes den selven Jannen Verdonck met den voirscreven bekinne ende de quita[n]tie van xxii car(olus)g(ulden) mits desen is quiterende, gelijck hij verclaerde, coram Berthijns, Goerts, martii xiiii.

             In de marge.

 Jan Van Langendonck, co(mm)issie hebbende van heer Niclaes Cluppels, capellaen van Wackerseele, blijcken(de) bijde co(mm)issie, bij hem onder(eeckent) den 19. octobris a(nn)o 1619, ondert(eeckent) N. Cluppels, bekent dat Hans Verhaegen, metsere, aen heer Niclaes v(oir)s(creven) gelost heeft dese dertich st(uyvers), int witte deser geteeckent, consenteren(de) inde cassa(ti)e met beloefte van dese rente nyet meer te eyschen onder ob(ligatie en(de) sub(missie) in forma, actum den tweeden decembris anno 1619.

J. Van Langhendo[n]ck.

 

In de volgende akte wordt er melding gemaakt van Nicolaus Cluppers, priester en inwonder van Wakkerzeel.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7504, folio 263r., akte dd. 12 mei 1614.

Item in tegenwoordich(eyt) der schepen(en) van Loven naerbes(chreven) gestaen h(ee)r Niclaes Cluppels, p(res)b(yte)re, woonen(de) tot Wackerseel, heeft bekindt ende bekindt midts desen te vollen vernuecht ende gecontenteert te zijn van Gielis Stuyvers en(de) Josijne Verlint, gehuysschen, woonen(de) tot Velthum, van alsulcken coop van huys en(de) hoff als die voors(chreven) Niclaes aen(de) voors(chreve) gehuysschen eertijts heeft v(er)cocht gehadt, gelegen tot Velthum voors(chreven), gel(ijck) tsel(ve) bijden vader des voors(chreven) heer Niclaes was v(er)cregen voor schepen(en) van Loven opden xxen. decembris libro xvc. lxxiiii in hac camera, vercleren(de) op tsel(ve) goet nyet meer te pretenderen, nu oft naemaels in eeniger manieren, obligan(do), submitten(do) ac renun(tiando) in forma, eisd(em).

 

Cluppels Jacobus, ca. 1540, wellicht x 1 met Anna Lerebyls (akte daar), x 2 met Elisabeth Schots, fa Willem, x 3 met Clara Verbiest,  

SAL 6340/ B: bedezetting Werchter 1597:
63. Jacop Cluppels eigenaer van huis & hof groot 3en half bunderen en in hueringe sesse bunderen 3 dm ende het derdedeel van een bunder soe lant als bempt, eenen ploegh, drij peerden ende vijf koijen.
Wer1847: Fo 147v: 10 jun 1598:
Jan De Witte wijlen Willemsone x Barbara Schots heeft opgedragen twee stukskens land opt Leepsvelt
‎(Jacop Cluppels als eertyts x Elisabeth Schots suster des vs Barbele kinderen wijlen Willem Schots)‎ aan Loijck Smets x Marie Verstraeten.
H835: Fo 69v: 22 okt 1598:
Jan Leerbijls zone wijlen Willems uit Wakkerzeel heeft opgedragen de helft van een rente van 6 rinsgl waerop de hellicht is toebehorende aan Jacob Cluppels ook uit Wakkerzeel, op C verstorven door Huijbrecht Verpaelt sone wijlen Vranckx beset sijnde op Peeter Smets gewoont hebbende tot Keerbergen, volgens erfbrief moet betaeld woorden door erfgen Barthollmeus Van Heetvelde.
Wer1848: Fo 68: 30 aug 1607:
Willem Van Langendonck Janssone heeft bij mangelinge overgegoijt aen Jakob Cluppels x Clara . . . een half bunder bempt gelegen onder Wakkerzeel geheeten Cristiaenshoff hem bij testamente gemaeckt bij Adriaen Van Langendonck Peeterssone ‎(erfgen Jan Van Langendonck Willemsone, die weesen Huijbrecht Verpaelt)‎ in ruil voor een half bunder bempt int Werchterbroeck.
       

 

In deze akte (met dank aan Paul Peeters) wordt melding gemaakt van volgende personen :

-     Clara Verbiest, weduwe van Jacobus Cluppels, op dat ogenblik wonende te Kampenhout.

-     hun overleden dochter Barbara (Beycken) Cluppels, mogelijk geweest met Dionysius Stroobants (zie info Jeanne Servranckx onder Kampenhout).

-     hun dochter Maria Clupopels, man van Joannes Van Langendonck, wonende te Wakkerzeel.

-     wijlen Anna Cluppels, man van wijlen Joannes Loosen (Van Loossen), wonende te Wakkerzeel.

-     hun kleinkinderen Martinus en Maria Loosen, kinderen van Joannes en Anna Cluppels, wonende te Wakkerzeel.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7519, folio 90r., akte dd. 7 december 1629.

Item in tegenwoordicheyt des meyers en(de) schepen(en) van Loven naerbes(chreven) naerbes(chreven) gestaen Thomas Hernandes, vuyt crachte en(de) naer v(er)moghen van sekere procuratie speciael, hem gegeven bij Clara Verbiest wed(uw)e wijlen Jacob Cluppels, woonen(de) tot Campenhout, en(de) voorde wethouderen der heerlijcheyt van Campenhoudt op heden date deser onder henne signaturen gepasseert, alhier gesien en(de) gebleken, per mo(nitionem) heeft opgedraegen met behoorl(ijcke) v(er)thijdenisse allen het paert en(de) deel, actie en(de) pretensie, op haer consti(tuan)te eenichsints v(er)storven en(de) op haer gedevolveert bij d' overlijden van wijlen Beycken Cluppels, haere dochter, bij haer v(er)weckt metten v(oor)s(chreven) Jacob, haeren man zaliger, soo onder Wackerzeel, Haecht, Thidonck als Rotselaer gelegen, expos(ito) impos(iti) sunt Jan Van Langendonck en(de) Maeyken Cluppels, sijne huysv(rouw)e, voor d' een hellicht ende Dionijs Kerincx en(de) Elizabeth Loosen, sijne huysv(rouw)e, Marten en(de) Maeyken Loosen kinderen Jans Loosen en(de) Anna Cluppels, henne ouders zaliger, alle woonen(de) onder Wackerzeel, voor d' ander hellicht, per mo(nitionem) et satis de voors(chreven) geconstitueerde ob(ligando) et sub(mittendo) ac ren(untiando) personam et bona praedictae consti(tuen)tis in forma, et waras opden gerechten heeren chijnsen sonder meer, item de v(oor)s(chreve) partijen v(er)cleiren den rechtveerdighen coop te wesen om en(de) voor de somme van vier hondert en(de) sessenveertich carolus guldens eens, los en(de) vrije van pondtgeldt, goedinghe en(de) anderssins, de s(elv)e somme te betaelen inde termijnen naerbes(chreven) te weten hondert en(de) sessentwintich rinsg(uldens) te halff meert 1630 naestcomende, item hondert ende thien rinsg(uldens) op jaersdach xvic. en(de) eenendertich item gelijcke hondert ende thien rinsg(uldens) op jaersdach xvic. en(de) tweeendertich en(de) de resterende hondert guldens op jaersdach xvic. en(de) drijendertich, t' elcken jaere en(de) termijne als schuldt met rechte v(er)wonnen, ob(ligando) et indivisim sub(mittendo) ac ren(unciando) in forma, met conditie indyen de v(oor)s(chreve) coopers bleven in gebreke en(de) veerthien daegen van eenighe der voors(chreve) termijnen lieten overstrijcken, dat de voors(chreve) geconsitueerde de s(elv)e goeden sal moghen promptel(ijck) vuytwinnen met condemnatie voluntaire sonder eenighe dilay oft rechtvoorderinghe daeromme te derven doen, coram S(ainc)t Victor, Willemaers, decembris viia., a(nn)o 1629.

 

Hierbij een akte met vermelding van Jacobus Cluppels zone Nicolaus, inwoner van Wakkerzeel, en zijn dochter Anna, die gehuwd was met Jan Loosen (Van Loosfelt/Van Looffelt). Het blijft een moeilijke naam.

Bron : S.A.L, Inventaris Cuvelier, register nr. 7497 folio 127v., akte dd. 19 februari 1605.

Item in p(rese)ntie als voor gestaen Jacob Cluppels sone wijlen Niclaes, woonen(de) tot Wackerseel, voorde tocht, Jan Loosen als man en(de) momboir van Anna Cluppoels, door last ende procura(ti)e der sel(ve), hem gegeven om des naerbes(chreven) staet te doene, gepass(eer)t voorde weth van Leeuwe opden xviie. feb(rua)rii 1605, get(eeckent) Van(der) Avoert, alhier gesien en(de) gebleken, p(er) mo(nitionem) hebben opgedraeghen met behoorl(ijcke) v(er)thijden(isse) vijff vierendeelen landts, gelegen tot Thieldonck opt Thieldonck Velt, regen(ooten) Jan Van Meerbeeck in drije zijd(en) en(de) m(eeste)r Henrick Van Diependael ter iiiie. zijd(en), item noch drije vieren(deelen) landts, gelegen oock onder Thieldonck opt Brezijp, regen(ooten) den aultaer van S(in)t Jan tot Thieldonck ter ie., tgoidtshuys van Terbanck ter iie., Jan Van Haechtum ter iiie. en(de) de leybeeck ter iiiie. zijd(en), exp(osito) imp(ositus) est de voors(chreve) Jan Van Meerbeeck en(de) Jehenne Van Maelcoty, zijn(e) huysvr(ouw)e, p(er) mo(nitionem) et sat(is) obligan(do) et submitten(do) ac renun(tiando) in forma, et war(as) de voors(chreve) vijff vieren(deelen) op sh(ee)ren chijns vanden gronde indyen daer iet op is vuytgaende, en(de) de voors(chreve) drije vieren(deelen) ts(iae)rs op ontrent een(en) st(uyver) hee(ren) chijns, tanqua(m) prout iure, coram Vorst, Rivieren, feb(rua)rii xixa.

Nog een akte bij De Wijngaert.

     Uit dit huwelijk:  

     2. Cluppels Barbara, x met Dionysius Stroobants,

     Cluppels Anna,  x met Van Loossen Jan, ca. 1565,

          Uit dit huwelijk:

          Loosen Merten, ca. 1600,

          Loosen Elisabeth, ca. 1605,

          Loosen Maria, ca. 1605.

     Cluppels Maria, () Wakkerzeel 09.09.1586 (g. Cluppels Nicolaus en Bloems Barbara), x met Joannes Van Langendonck,

          aktes en verdere gegevens bij Van Langendonck.

     Cluppels Jan, x met ...

          Uit dit huwelijk:

          Cluppels Claes, ca. 1585, zie akte hierboven, 

     Cluppels Henricus, ca. 1560, x met ...

          Uit dit huwelijk:

          Cluppels Niclaes, ca. 1584, x met Anna Berghmans,

 

Cluppels ?,

 

Cluppels Barbara, XIII - XIV - XV.

 


 

XIII - XIV - XV - Verstraeten Cristoffel, ca. 1550, x 1 met Cluppels Barbara (S), x 2 met Maria Holemans.

 

Een heleboel aktes i.v.m. dit gezin vind je in het parenteel van Verstraeten Cristoffel.

 

Uit dit huwelijk:

 

1 Verstraeten Jacobus, XII - XIII - XIV.

 

Terug naar startpagina Terug naar startpagina stamboom