Voorouderlijst Briers Augustijn

 

Bries

1. Zie Briers.

2. Patroniem uit de heiligennaam Brixius.

 

De Brier, Brier(r)e, Brière, Briers, Bryere, Bryers, Brieders

1. Limburgse vorm van brouwer. Beroepsnaam.

2. Zie ook Broeder.

 

Broeder(s), De(n) Broeder, Broere(n), Bruere(n), Broers, Bruer(s), Bruurs, Brieders, De Brier, Briere, Brière, Brie(r)s, Bryere, Bryers

Familienaam uit het Middelnederlandse broeder: ambtsbroeder, confrater, collega. Bijnaam. 

 


De oudste gegevens en de aktes met dank aan Christine Savat en Michael Roekaerts. Meer info op hun website.

 

XV - XVI - Briers Augustijn (S + M), ° ca. 1500, x met Maria Van Aerschot.

 

1545: Weclke voersscr& ? dese naervolgende personen gehalt hebben aende molen van Rotselaer:
Inden iersten die ... van Rotselaer Quinten Briers, Henricq Aurogge, Anthonis Rogmans, Vranck De Kersmaker, Henriq Terheyden, Michael Briers, Zegher Vermolen, Berthel Terheyden, Lange Heyne, Gherdt De Pelsmaker, Willem Aurogge, Willem Aerts alias Meester, Willem Vermolen, Jan Vogels, Jan en Peter Van Kelfs, Antheunis Briers, Aert Vermolen, Joris Loyckx, Willem Goordts, Willem Van Bossche, Antheunis De Ceppel, Aert Van Langendonck, Aert Aurogge, Peeter Van Dycke, Goordt Loyckx, Jasper Briers, Merten Van Eycken, Jan Van Eycken,  Henricq Ingels, Willem Mertens, Jan Wouters, Goordt Loyckx, Aert Andries, Jacop Grietens, Guste Briers.

1560: Johanna (susanna?) Van Aerschot x Bartholomeus Verstraeten, Wouter Verstraeten = broer? 1567: Bartholomeus Verstraten doude weduwnaar wijlen Digna van Hasenberge 1567: Merten Verstraeten ende de kinderen van Augustijn Briers x Maria Verstraeten (Merten en Lijsken Briers) 1567: Susanna Briers wwe wijlen Anthonis Vanden Berge, zoon = Adriaen Vanden Berghe Kathelijne Vrancx wwe wijlen Merten Verstraeten ende Emerentiana Wouters wwe wijlen Aerts Verstraeten, - Bartholomeus Verstraeten sone der wijlen voors. merten ende Kathelijne Vrancx - Wouter en marie Verstraeten kinderen van Aert en Emerentiana Wouters verkopen in 1567 een stuk grond aan Jan Verstraeten x Kathelijne Thijs

SAL 8221 fo 251v: 5 jun 1573 Augustyn Briers wwn Marie Van Aerschot uijt crachte vanden testamente bij de vrs Marie gemaeckt dd 9 apr 1653 heeft opgedragen een stuk land onder Rotselaer opde sSriekstraete regt Willem Poortmans, Jan Verstraete, aen den vrs Jan Verstraeten x Cathlijn Thijs.

 

Uit dit huwelijk:

 

Briers Merten,

RTS1604 fo 48: 17 jan 1568
Jehanne Van Aerschot we Anthonis Vandenberghe met Adriaen Vandenberghe haeren sone verkopen aan Merten Briers sone Augustijns Briers in den naem en tot behoef van hem self en van sijn broeders en susters drije vd bempts int Keerbroeck in Rotselaer tussen de goeden Lauwerijs Ingels, Cornelis Van Grave ende de Melcklake.

 

Briers Augustijn ,  XIV - XV,

 

Briers Jan ?,

 

Briers Margriet, ° ca. 1535, x 1 met Vuyten ?, x 2 met Karel Vanderlinden, deze x 2 met Marieken Cools, akte bij Vits.

Hieronder (met dank aan Paul Peeters) een akte met vermelding van Margaretha Briers, dochter van Augustinus en vrouw van Carolus Van der Linden.  Volgens de onderstaande akte was zij (ook) gehuwd met Vuyten.  Is deze naam onvolledig (bijv. Uytenhoven of Uyttendaele) of is het werkelijk Vuyten ?

Het is ondertussen na Pasen en jawel, het jaartal veranderde in 1575.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8223, fol. 269r., akte dd. 30 april 1575.

Item in tegenwoirdicheyt des meyers, etc(etera), gestaen Margriete sBriers dochter wijlen Augustijns met consente, wille, wetene ende overstaene Jans Vuyten, haers mans, heeft opgedragen met behoirlijcke verthijdenisse huys ende hoff met eenen blocxken d(aer)aene, gelegen tot Bexhem onder Rotselaer, regenoten sheeren strate in twee zijden, de kercke van Rotselaer ter iiir. ende derffgenamen Willem Swinnen ter iiiir. zijden, expos(ito) impos(itus) est jure hereditario Henrick De Pelsmaker p(er) mo(nitionem) et satis et wares (!) op xxx st(uyvers) erffelijck aen Augustijn Briers terminis tanq(uam) prout jure aut, coram Bucq, Wils, aprilis xxx., a(n)no xvc. lxxv.

     Uit dit huwelijk:

     2. Vanderlinden Joanna, ° ca. 1575, x 1 met Anthonius Vits, x 2 met Andreas Van Salm,

     Vanderlinden Catharina, ° ca. 1580, x met Adrianus Pasteels. 

 


 

XIV - XV - Briers Augustijn (S + M),  ° ca. 1530, x 1 ?, x 2 met Maria Verstraeten.

 

Augustijn Briers Augustijnsone x Marie Verstraeten.
Karele Vanderlinden weduwnaar wijlen Margriet Briers.
R1604 fo 21v: 2 jan 1567:
Joes Vandendijcke soene wijlen Jans, Margriete Vandendijcke x Jacop Standaerts soene wijlen Anthonis, Lijsbeth Standaerts dochter wijlen Anthonis met Janne Viskens heuren momboir ‎(der wet)‎, Augustijn Briers Augustijnsone ende Kaerle Vanderlinden wn wijlen Margriete Briers verkopen hun paert recht en deel aen een huijs ende hof gelegen te Bexhem ‎(Henrick De Schrijnmaker)‎ aan Hendrick De Scrijnm
aker.
R1604 fo 26: 28 maart 1567:
Augustyn Briers x Marie Verstraten verkopen aan Jan Verstraten vijf vd landts in Averijst ‎(Jan Verstraten, Merten Verstraten).‎
R1604 fo 42: 29 juni 1568:
Kathelijne Vandenberge verkoopt aan Augustyn Briers drij vierdeel land gelegen opde Hertshage tusschen Willem Rogmans, Cornelis Van Grave.
R1604 fo 48: 17 jan 1568:
Jehanne Van Aerschot we Anthonis Vandenberghe met Adriaen Vandenberghe haeren sone verkopen aan Augustijn Briers drije vd bempts int Keerbroeck in Rotselaer ‎(Lauwerijs Ingels, Cornelis Van Grave ende de Melcklak
e).‎
R1604 fo 72: 19 sept 1570:
Hendrick Boschmans xAanne Vandenbossche verkopen aan Merten Verstraten ende de kinderen Augustyn Briers x Marie Verstraten 25r bempt gelegen opt Hooghbroeck ‎(erfgen Aert Van Aerschot)‎ ende noch een stuck bempt oijck groot 25r int Keerbr
oeck ‎(Augustyn Briers).

R1604 fo 116v: 28 meert 1572 voer paesschen:
Jan Verstraten verkoopt aan Augustyn Briers een half dm land opde Hertshage.
R1604 fo 121: 28 dec 1573:
Andries van bettenrode verkoopt aan augustyn briers x marie verstraten een dm hellichtwinninge int bexhembroeck ‎(willem van emelen, marie vercouteren)‎ & noch 40r int selve broeck gelegen ‎(jacops vandencalster, erfgen aert van aerschot)‎ ende noch de helcht van eenen halven dm chijnsgoet
R1628-2 fo 144:
- 14 maart 1574: mr Lambrecht De Berthoz ‎(gilde van St Jooris)‎, Gheert De Pelsmaker deecken der gulde, Anthonis Van Kelfs, Gielis De Rouw, Willem De Witte, Henricq Ourogge, Augustyn Briers, Henrick Van Aerschot, Willem Van Aerschot, Anthonis Standaerts, Aert Van Betz, Jan Van Roomen, Adriaen Van Gruenenberghe, Jakob De Keijsere, Dierick Daems, heer Anthonis Van Bettenrode, Bartolomeus Van Rode, met alle dandere gemeijn gesellen ende confreers der voorgenoempde gulde, bij procuratie gepassert voor meesteren Janne Gheerts als notaris Wouter De Keijzer ende Gheert De Donckere as getuigen op 6 maart jl.. heeft bekend tot een erfelijke onquijtbare chijns en rente der kercken van St Job tot Wesemaele, jaerlijckx schuldigh te zijn vijf carolus gulden
? ende te betalen den fabrijcke meesters der voers kercke oift hueren rentmeester ... bepant op eenen boogaert gelegen tot Rotselaer bi de plaetse .. .. .. in plaetse van onderpande den voers boogaert niet te ergeren maer den selven te beteren, soe met planten van fruijtbomen als van schutterhuijsen daerop te stellen, naer den voors guldenbroeders discretie  ende daervoor ontgoet de leens rechte Gheert De Pelsmaker alias Ter Heijden, inden naeme van Gheert Leijs alias Van Gheele Willemsone oudt thien jaren als sterfman inden naeme en tot behoef vande voers kercke van Wesemaele,  Geert De Pelsmaker besetsman.
- ‎(dese rente is gesmolten en verandert in een rente van drij
?. ).‎
- 23 jan 1588: Claude Machelier rentmr van de kerk van Wezemaal heeft te lene ontvangen bij doode vanden voors Geert Leijs die rente van 5 rinsgulden erfelijck
, Hansken Machelier, 8 j, sterfman.
R1604 fo 161v: 20 maart 1576:
Jehanne Van Aerschot we Berthelemeus Verstraten ‎(testament dd 17 jan 1570)‎ verkoopt aan Augustyn Briers x Marie Verstraten een stuk beempt gelegen int Bexembroeck ‎(Cornelis Van Emelen)‎, Merten en Elijsabeth Briers wettige kinderen Augustijn Briers x Marie Verstraten.
R1604 fo 162: 10 sept 1576:
Jacob Vandencalstere wn Barbera Shertogs verkoopt aan Augustyn Briers x Marie Verstraeten ‎(+ kinderen)‎ het derdedeel van een boender bempt hellichtwinninge int Bexembroeck ‎(Willem Van Emelen).‎
 4

 

Hieronder (met dank aan Paul Peeters) een akte met vermelding van Augustinus Briers, weduwnaar van Maria Van Aerschot.  Ook hier is het niet duidelijk of zij de ouders zijn van Augustinus Briers (x Maria Verstraeten).  Of gaat het hier om hun zoon Augustinus, die naast zijn huwelijk met Maria Verstraeten ook in huwelijk is geweest met Maria Van Aerschot.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8221, fol. 251v., akte dd. 5 juni 1573.

Item in tegenwoirdicheyt des meyers, etc(etera), gestaen Augustijn Briers weduwer Marie Van Aerschoth vuyt crachte van zekeren testamente ende vuytersten wille, hem bijder selver Marien gemaect ende gepasseert voer hee(re) Peete(ren) Micken, openbaer notaris, ende zeke(re) getuygen opden ixen. dach aprilis a(nn)o xven. lxiii, heeft opgedragen met behoorlijcke verthijdenisse een stuck landts, gel(ijck) tselve onbegrepen der maten geleg(en) is onder Rotselaer opde Scrieckstrate, regen(ooten) Willem Poertmans ter eenre, Jan Verstraten ter tweede(re) en(de) sheeren straten ter derde(re) en(de) vierde(re) zijden, exp(osito) imp(ositi) sunt jure hered(itari)o die voerscreven Jan Verstraten ende Cathlijn(en) Thijs, zijn huysv(rouw)e, per mo(nitionem) et sat(is) et war(as) op sheeren recht terminis tanq(ua)m prout jure aut, cor(am) Liedekercke, Duffle, junii va.

 

Hieronder een akte waaruit blijkt dat Maria Verstraeten de tweede vrouw is van Augustinus Briers. Ik vermoed dat Jan Briers, zoon van Augustinus, de broer is van eerstgenoemde Augustinus, m.a.w. dat Jan en Augustinus Briers beiden kinderen zijn van wijlen Augustinus.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8219, fol. 142v., akte dd. 29 april 1569. 

Item in tegenwoerdich(eyt) des meyers van Loven(e), etc(etera), gestaen Jan Briers sone wijlen Augustijns, woonende te Werchtren, heeft opgedraegen met behoirl(ijcke) v(er)thijdenissen alsulcken dertich stuvers erffel(ijcke) rinte, jairl(ijcx) te Sinxene te betalen(e) als den selven in deylinge gebleven es tegens zijn(e) medeerffgen(amen) voer scepen(en) van Rotsselaer aen ende op huys en(de) hoff meten boegaerde en(de) alle andere zijn(e) toebehoirten, gestaen te Bexem onder Rotsselaer, regen(oten) sheeren straete in twee zijden, derffgen(amen) Henrycx De Pelsmaeckere ter iiier. en(de) Henryck Van Aersschot al(ia)s Muelemans ter iiiier. zijd(en), expos(ito) imp(ositus) est jure hered(itari)o Augustijn Briers inden name ende tot behoeff zijn(der) kinderen, die hij behouden heeft ende noch bijd(er) gr(atie)n Goidts v(er)crijgen mach van Marie V(er)straeten, zijn(der) tweeder huysv(rouw)e, p(er) mo(nitionem) et satis et war(as) voer ombelast salvo p(er)ceptione et dispositione pred(ict)i Augustini, patris, q(...) d(omi)ni vixerit prout jure aut, coram Grave, Winde, aprilis xxix.

 

Uit dit huwelijk:

 

Bries Martinus, ° ca. 1560, x (niet Rot, W, Wak, ) met De Cael Gudula, fa Rombout en Maeijcken Van Aerschot,

R1605: Fo 94 (29 dec 1606):

Hendrik Van Dijcke (x Elisabeth Lauwers) als momboir van de onbejaerde kinderen van wijlen Peter Lauwers x Cathelijne Vranckx alias Grietens met overstaen van Peter Lauwers den jongen gesondt sijnde, Joris Van Aerschot, Adriaen Briers, Geert Van Aerschot ende Adriaen Meeus x Cathelijne Van Aerschot suster des voors Geerts.

Item Merten Briers x Goedele De Cale.

Als erfgenamen van Geraert Verstraten verkopen twee vd als zijlieden waren pretenderende op een half dm gelegen te Bexem eerst de voors Geraert Verstraten toebehoort hebbende aen Goyvaert Vrolijckx de jongen met Cathelijne Brugmans sijn huijsvrouwe. 

 

In de volgende akte (met dank aan Paul) maakt men melding van Martinus Briers, zoon van wijlen Augustinus en inwoner van Rotselaar. Er is blijkbaar op de een of andere manier een familiale relatie met de familie Cornelissen, doch ik kan de andere personen niet plaatsen in het geheel. Bij die familie Cornelissen zit een schilder Hans (Joannes) en een lakenbereider Egidius.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7501, folio 181v., akte dd. 3 juli 1611.

Item, in p(rese)ntia villici, etc(etera), gestaen Charles V(er)linden sone wijlen Niclaes, woonen(de) tot Wesemael, voorde tocht, Mertten Briers sone wijlen Augustijns, woonen(de) tot Rotselaer, Hans Cornelissen, schildere, soo in zijn(en) eygen(en) name als oock mede naer v(er)mogen van seeckere procura(ti)e speciael en(de) irrevocabel, hem gegeven bij Johanna Van(den) Dijcke Anthonis dochtere, wijlen wed(uw)e van Niclaes Cornelissen, Gielis Cornelissen, laeckenbereider, sone des voors(chreven) Niclaes, v(er)vangen(de) oock mede mette sel(ve) procura(ti)e Aerde Cornelissen, heurlieder minderjaeringhen (!) sone, oudt wesen(de) negenthien jaeren, gepass(eer)t de sel(ve) procura(ti)e voor borgem(eeste)ren, schepen(en) en(de) raedt der stadt van Antwerpen opden xxxe. dach may 1611, ond(erteecken)t Kieffelt, alhier gesien en(de) gebleken, en(de) waeraff den teneur der sel(ver) onder dit contract es volgen(de), voorde proprieteyt, p(er) mo(nitionem) hebben tsamen opgedraegen met behoorl(ijcke) v(er)thijden(iss)e die goeden naerbes(chreven), ierst een halff boen(der) maybempts, gelegen onder Werchtere opde Oude Demer, regen(oten) de kercke van Wesemael ter ie., Jan Fobleth ter iie., ... [n.v.], item noch een blocxken landts, geheeten den Drijhoeck, gelegen onder Rotselaer, regen(oten) sh(ee)ren straete in twee zijden, Cornelis Bernaerts ter iiie., item noch een block landts, groot ontrint thien vieren(deelen) ombegrepen, gelegen te Bexem, regen(oten) derffgen(aemen) Adriaen De Muyser ter ie., derffgen(aemen) Gheerdt V(er)straeten ter iie., sh(ee)ren straete ter iiie. zijden, item noch een dachm(ael) weybempts, regen(oten) tvoors(chreven) stuck ter ie. en(de) derffgen(aemen) Adriaens De Muysere in andere drije zijden, item noch een blocxken landts, groot ontrent drije vieren(deelen), regen(oten) Adriaen Van Brussele ter ie., jo(ncke)r Cornelis Van Grave ter iie., die h(ee)re van Rotselaer ter iiie. zijden, item noch een rauwaige, genoempt de Ressche, groot ontrint een dachm(ael), regen(oten) Adriaen Briers terie., derffgen(aemen) Aerdt Van Betz ter iie. en(de) sh(ee)ren straete ter iiie. zijden, item noch een(en) weybempt, gelegen ind(e) Wiel Eussels, groot i ½ dachm(ael), regen(oten) die voors(chreven) jo(ncke)r Cornelis Van Grave ter ie., cappel(laenen) van Aersschot ter iie., Godevaert Vrolijcx ter iiie., de Wielstraete ter iiiie. zijden, item noch een vieren(deel) bempts, gelegen ombegrepen inde Wiel Eussel voors(chreven), regen(oten) Cornelis Van Grave in drije zijden, die Wielstra Wielstraet ter iiiie. zijden, exp(osito) imp(ositus) est Willem Briers zone Adriaens, woonen(de) ond(er) Rotselaer, et sat(is), etc(etera), et waras allen die voors(chreve) parcheelen op sh(ee)ren chijns van(den) gronde en(de) alnoch op vii rinsg(u)l(dens) en(de) x st(uyvers) aen tclooster van S(in)te Bernaerts, tanqua(m) prout iure, coram Schore, Roeloffs, junii iiia., 1611.

Item die voors(chreve) partijen v(er)cleren den rechtveerdighen coop te wesen van allen dese bovenst(aende) parcheelen om en(de) voor die somme van xcvtich. rinsg(u)l(dens) eens, los gelts, en(de) iiii. rinsg(u)l(dens) x st(uyvers) lijffcoop, eisd(em).

In de marge.

            tem Carel V(er)linden heeft v(er)cleert en(de) v(er)cleert midts des(en) datter geen naerder erffgen(aemen) en zijn als Adriaen en(de) Mertten Briers en(de) Johanna Van(den) Dijcke, eisd(em).

Hier naer volght den teneur van(de) procura(ti)e, hier boven geruert.

Wij, borgem(eeste)ren, schepen(en) en(de) raedt der stadt van Ant(wer)pen, doen condt en(de) kennel(ijck) allen den genen die dese l(ette)ren sullen sien oft hooren lesen, dat op heden datum van desen voor ons gecomen en(de) geco(m)pareert zijn in propre p(er)soonen Jehanne Van(den) Dijcke Anthonis dochtere, wijlen wed(uw)e wijlen Niclaes Cornelis, met een(en) momboir, haer gegeven metten rechte, Gielis Cornelis, laeckenbereydere, heur en(de) des voors(chreven) wijlen Niclaes sone, beyde voor hen sel(ven) en(de) gesamenderhandt voorts ind(en) naeme van Aerde Cornelis, heurlieder minderjaerighe sone en(de) broedere respective, die sij hierinne v(er)vingen en(de) geloeffden te vervane, hen daervore sterck maecken(de), ten bij zijne, willecorene en(de) consente van(den) voors(chreven) Aerde, oudt wesen(de) negenthien jaeren, soo zij v(er)claerden, ende hebben wettel(ijck) machtich gemaeckt en(de) in hunne stede gestelt, maeckten wettel(ijck) machtich en(de) stelden in hunne plaetse steden midts desen, Hansse Cornelis, schilder, heurl(ieder) sone en(de) broedere respective, omme van heurlieder constituanten wegen en(de) in hunne namen ind(er) qua(liteyt) als vore te gaene en(de) te compareren voor alle heeren, hoven en(de) gerechten daer dit noodich wesen en(de) behoiren sal en(de) aldaer te goedene, tervene en(de) te vestigene Adriane De Bries (!), woonen(de) tot oft onder Rotselaer, ind(er) drije vieren(deelen) der voors(chreve) Johannen, midts der afflijvicheyt des voors(chreven) wijlen heurs vaeders, toegecomen van seven v(er)scheyden stucken, soo say als weylandt, die Caerle Van Lang in tochten heeft beseten, gelegen onder Rotselaer voor(chreven) ende hun constituanten ind(er) voors(chreve) qua(liteyt) daeraff tontgoedene, tontervene en(de) tontvestigene met brieven oft anderss(in)ts, soo dat naer der plaetsen recht daer de goedenisse geschieden sal, behoort, halm te schietene en(de) wettel(ijcke) gifte te gevene, warantschap te doene en(de) te geloven heurlieder persoonen en(de) goeden, daer vore te v(er)bindene die penn(ingen) daeraff comen(de), tontfangen en(de) quitan(tie) daer aff te gevene en(de) te v(er)lijdene, ende voorts al tgene daerinne te doen(e) en(de) te hanterene, dat zij constitua(n)ten ind(er) voors(chreve) qua(liteyt), sel(ve) p(rese)nt en(de) voor oogen wesen(de), doen soud(en) mogen, alwaert dat die saeke breerder oft speciaelder macht behoeffde dan voors(chreven) is, geloven(de) in goeder trouwen te houden over goet, vast, gestentich en(de) van weerden tallen daegen al tgene ds bijd(en) voors(chreven) gemechtichden hierinne gedaen en(de) voortsgekeert sal wordden sonder daer jegens te comene oft te doene in eeniger manieren, behoudelijck dat die voorschreven gemechtichde schuldich sal sijn van sijnen voors(chreven) ontfanck te doen goede, wettige rekenin(ge), bewijs en(de) reliqua, tallen tijden als hij daertoe bij de voors(chreve) constituanten v(er)socht sal wesen sond(er) argelist ende des toircond(en) hebben wij den segel ten saken der voors(chreve) stadt van Antwerpen des(er) l(ette)ren doen opdrucken den xiiie. dach der maendt mey int jaer ons heeren alsmen schreeff 1611, ond(erteecken)t G. Kieffelt.

 

Hierbij een akte met vermelding van Martinus Briers zone wijlen Augustinus met zijn vrouw Gudula De Cael.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7893, folio 361r., akte dd. 18 april 1622.

Ite(m) in tegenwordicheyt des meyers, schepenen van Loven ende eygengenooten naebeschreven gestaen Barbara Briers alias Vanden Berghe dochtere wijlen Anthonis, met consent, wille, wete ende overstaen van Jan Burghers, haers mans ende momboirs, p(er) mo(nitionem) heeft opgedraghen met behoorlijcke verthijdenisse ende met ressche ende rijse vijffentwintich roeden bemps, geleghen int Schepstael onder Rotselaer, regenooten den Demere ter eenre, Jan Foblets den auden in twee zijden ende jo(ncker) Raes Van Grave ter vierdere Isaack Vanden Panhuyse ter vierdere zijden, op haer opdraghersse voirs(chreven) verstorven mits die doot des voirschreven Anthoens, haers vaders, exposito soo es daerinne gegoyt en(de) geerft ten erffelijcke ende eyghen rechte Merten Briers sone wijlen Augustijns, soo voor hem als tot behoeff van Goedelijne De Cael, zijne huysvrauwe, hier waeren over Maes, Beringhen, schepen(en), wesen(de) eygengenooten, item s(ieu)r Machiel Pannis, lieutenant des heeren meyers van Loven, ende Ghijseleers, insgelijx als eygengenooten, coram quibus satis die voirs(chreve) opdragheren indivisim onder obligatie ende submissie van henne respective p(er)soonen ende goeden, present ende toecomende, met renunciatie in forma, et waras voor vrij, eyghen ende onbelast goet, quiquidem allodii consortes rogantes, quo faciunt scabini praedicti, coram actum 18. aprilis 1622.

 

Martinus Briers (afkomstig van Rotselaar), zoon van wijlen Augustinus en inwoner van Leuven, emancipeerde op 23.06.1623 zijn zonen Joannes (ged. Rotselaar 25.06.1609) en Anthonius (geb. Rotselaar 10.07.1611). Martinus Briers is te identificeren als de man van Gudula De Cael.

Martinus Briers en Gudula De Kael lieten ook nog een andere zoon na, met name Jeronimus (Hieronymus) Bries, gedoopt Leuven (Sint-Geertrui) op 27.03.1606 (ss. : Jeronimus Craenen en Barbara Cluppels). Allicht was deze Hieronymus reeds overleden op het ogenblik dat Joannes en Anthonius werden geemancipeerd.

Martinus werd begraven te Leuven (Sint-Geertrui) op 06.02.1628. Bij zijn overlijden woonde hij in de Halfstraat te Leuven. In zijn begrafenisakte staat vermeld dat hij afkomstig was van Rotselaar.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7893, folio 464r., akte dd. 23 juni 1623.

Transcriptie.

Item Martinus Briers filius quondam

Augustini, commorans Lovanii, in praesentia,

emancipavit Johannem et Anthonium Briers,

suos filios, a pane suo modo debito et

consueto, quo facto Ghijseleers reconduxit,

eisdem eodem.

 

Dezelfde dag dat Martinus Briers zone wijlen Augustinus zijn twee zonen emancipeerde, werd hij ook binnenpoorter van Leuven.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7893, folio 464r., akte dd. 23 juni 1623.

Transcriptie.

Item dictus Martinus Briers, oriundus ex

Rotzelaer, effectus est opidanus intraneus

Lovaniensis, eisdem eodem.

Transcriptie.

Item Martinus Briers filius quondam

Augustini, commorans Lovanii, in praesentia,

emancipavit Johannem et Anthonium Briers,

suos filios, a pane suo modo debito et

consueto, quo facto Ghijseleers reconduxit,

eisdem eodem.

     Uit dit huwelijk

     Bries Jeronimus, (°) Leuven Geertrui  23.06.1606 (g. Jeronimus Craenen en Barbara Cluppels),

     Bries Joannes, (°) Rotselaar 25.06.1609 (g. Vranckx Johannes en Poortmans Catharina),

     Bries Anthonius, (°) Rotselaar 10.07.1611 (g. Gooris Anthonius en Van Ophel Johanna),

 

Briers Lijsken, ° ca. 1563,

 

Briers Adriaen, XIII - XIV (S4460 + M9484 + S10140).

 


 

XIV - Briers alias Vandenberghe Adriaen (S4460 + M9484 + S10140), ° ca. 1580, x met Catharina Poortmans (S4461 + M9485 + S10141). Deze x 2 Leuven Geertrui 03.11.1626 met XIII - XIV - Goris alias Bruers Hendrick (S9924 + S10142), deze x 1 met Maria Van Loosvelt (S9925 + S10143). 

 

Hij was een gemiddeld landbouwer. Hij was o.m. proprietaris van eigen huis en hof, van een blok 3 bunder groot, van 3 paarden en 8 koeien. Cfr Wim Vandersloten.

 

Hendrik Gobbeleijns alias Wouters met proc van Aerden Moens zone wijlen Jacop dmafw Cathelijn Van Hove en Adriaen Bries alias Vandenberge & Job Michiels als momboirs van Willeken Peeters zone wijlen Daneels dmafw Anna Schrijnmakers voor een gelijk vierdedeel in de narbes goederen wesen tsamen een hellicht

Item Adriaen Briers x Catherijn Poortmans ende Hendrik Geens x Christina Keijaerts als tochteresse voor een derde van dander hellicht

Peeter Van Tongeren x Maeijcken Tymermans dochter wijlen Jans daer moeder af was Cathelijn Poortmans ende Godevaert Diricx x Margriete Timmermans suster maeijcken voor een ander derdendeel van voors hellicht

Lijbrecht Van Essche wijlen Hendricksone dmafw wijlen Anna Poortmans ende Hendrik Paeps alias Van Eijcken de jonge x Cathlijn Van Essche zuster des vrs Lijbrechts samen voor het derde deel van voors hellicht

In huis en hof met land en toebehoorten gelegen ter Heijden in Werchter verkopen tvoors huis aan Willem Dries x Elisabeth Van Bovenbeke.

Wer1847: Fo 326:

- 11 aug 1573: (mr Peeter Van Breedzijp) Jan ende Loijck Wasschaerts kinderen wijlen Matheus verkopen de twee derdedelen van twee derdedelen ende de hellicht vanden derdedeel ende alle recht en actie van een half bonder bempt nu boomgaert wesende daer een huijs plach op te staen gelegen te Hanewijck aan Jan Lints uit Werchter

- 2 jun 1576 st novo: Jan Lints verkoopt aan Augustyn Van Loossen

- 27 mei 1596: Hendrik Goris alias Bruers x Maijcken Van Loossen dochter wijlen Augustyns daer moeder af was Barbara Van Haecht heeft na de dood deselves Augustyns te leene ontvangen tot behoef van zijn voors huijsvr en van Anna Van Loossen haer suster, en noch tot Peeterken Lauwaerts hun half broeder die twee derdedelen etc – sterfman Peeterken Lauwaerts 15 jaar, woonende tot Mechelen

- 24 apr 1660: Cornelis Verbeeck als m+m van Elisabeth Michiels ende Jan Smets x Geertruijde Michiels hebben na de dood van Peeter Lauwers hunnen oom te lene verheven – sterfman Jan Paeps

- 24 feb 1680: Maijcken Smets na de dood van Jan Paeps heeft te leene ontvangen het voors half bunder lant.. – Jacques Mertens besetman

- 22 mrt 1694: Peeter Verbeeck na de dood v an Maijecken Smets sijne moeder heeft te leene ontvangen het voors half bunder

- 8 apr 1726: Cornelis Verbeeck na de dood van Peeter Verbeeck zijn broeder heeft ontvangen

- 2 mei 1749: Cornelis Verbeeck na dood van zijn vader Cornelis Verbeeck

- 19 jul 1762: Anna Verstraeten we Cornelis Verbeeck actievelijk in houwelijck met Michiel Vincx voor twee derde paerten ende Hendrik Verbeeck x ? voor het resterende derde paert heeft na dood van Cornelis Verbeeck verheven .. sterfman Joannes Verbeeck: 8 jaar.

Wer1849: Fo 35: 22 juni 1655:
S+D tussen de kinderen Henrick Goris x wijlen ‎(puntjes: Maria Van Loossen)‎ en de kinderen van Catherine Poortmans daer vader af was wijlen Adriaen Briers d’oude over enige goederen staende hunnen houwelijcken vercregen.
- Jan Dauwen x Maeijcken Goris
- Henrick Briers sone Mertens ende wijlen Catlijne Goris ter asstie ende overstaen vande voors Merten Briers, syn vader, also mede toesienders ende momboirs van hunne resp minderjarige kinderen broeders & susters
- Willem De Wortelaer x Margareta Goris
- Jan Janssens Pavie x Anneken Goris
- Rombout Demares x Elisabeth Goris
alle kinderen en erfgen van Hendrik Goris x ‎(Maria Van Loossen)‎ zijne iertse huijsvrouwe was ter eende
- Willem Briers
- Carel De Brier x Emerentiana Briers
- Wouter Van Inthout x Helena Briers hem ook sterkmakende
- Jan Fobelets x Maeijcken Briers hun mede sterkmakende voor
- Merten Briers hunnen zwagere oudt die 22 jaeren,
kinderen wijlen Adriaen Briers de jonge
- Merten Briers ende mr Demetrius Del Vaulx als toesiender ende directeur vande kinderen wijlen heer en meester Peeter Briers, licentiaet inde rechten, sone was wijlen mr Librecht Briers
alle als kinderen en erfgen van wijlen Adriaen Briers d
oude daer moeder& grootmoeder af was wijlen Catharina Poortmans ter andere zijden
2) Wilm Briers cum suis als kinderen en erfgen wijlen Catharina Poortmans
- een boender bosch tot Vuijthem onder Aerschot ‎(Adriaen Vandenschrieck)‎
- een boender bempt tot Tremelo ‎(erfgen Henrick Goris, Anthoon VL,
- de hellicht van 3 dm weijde als lants gelegen te Vaerenth genoemt den Haeghman alnoch onverdeylt tegens d’erfgen Jan Backels
- een dm land opde Hooghwegh leenroerich onder de heere van Brugge reg Peeter Spoelberghs, Geraert Viskens.

Wer1849/2: Fo 85v: 27 feb 1658:

S+D kinderen Merten Briers behouden van wijlen Cathlijn Goris over die goederen op hen verstorven bij dode Henrick Goris x Maria Van Loosvelt (hun grootouders)

- Henrik Briers

- Jan Briers geasst met Jan Janssens Pavie

- Peeter Briers geasst met Merten Briers sijn vader

- Elisabeth Briers x Anthoon Lauwers met Jan Bruijnincx als grootvader van haar kinderen behouden van wijlen Peeter Bruijnincx.

Alle kinderen wijlen Cathlijn Goris alias Bruers daer vader af is den vs Merten Briers hebben overeengekomen over S+D over gronden en erven en renten als op hun voor hun paert en deel zijn verstorven mits die doot en aflijvigheijt van Henrik Goris alias Briers x wijlen Maria van Loosvelt hunnen resp grootouders, salvo dat het vierde paert ende deel van seker blockxen lant alhier gelegen tot Varent aenden voors Hendrik Briers voor vuijtgelaeten in recompense vanden enuntiatie vande voorkeuse ende consent gedreagen totter lotinghe van deser deylinge, waervan aenden vs Hendrik alnoch een vierde paert was competerende vuijt crachte & naer vermogen vande testamente van wijlen Cathlijn Poortmans, ende die resterende hellicht competeert aan Remeijs Verthiers, het selve een vierde paert bij den vs Hendrik wordt overgelaten & gecedeert aenden voors Jan Briers sijn broeder in recompense ende dancksegginge van de permutatie van malcanderens lotinge …

Wer1849/ 2: Fo 38: 1 dec 1655:
Carel De Brier x Emerentiana Briers, Goris VDP gemachtigt van wegen Wouter Van Inthout x Helena Briers, Jan Fobelets x Maeijcken Briers, Merten Briers alnoch minderjarig verkopen samen aan Huijbrecht De Cock x Anneken Hoijlaerts de hellicht van een boender land of blok hun gelaten door wijlen Hendrik Goris ende Catharina Poortmans zijne tweede huijsvrouwe, welcke was wijlen Adriaen Briers d
oude zijne resp tweede huijsvrouwe ? voor d’ander hellicht nog onverdeylt competer& derfgen den voors Hendrik Goris, gelegen achter den Heiligen Put.

Wer1847: Fo 139v: 16 okt 1597:

Merten Van Hove sone wijlen Jans als m+m van Cathelijn Vercalsteren we was Lambrecht De Pretere voor de tocht, Aert De Pretere sone des voors Lambrechts voor hem en voor Paeschier De Preetere zijn enig kind en als momboir van drij onbejaerde kinderen van wijlen Lijs De Pretere zijnen broeder was voor de erfgelijkheid hebben gequeten en afgelost aan Adriaen Briers alias Vandenberghe x Cathlijn Poortmans dochter wijlen Willem een erfelijke rente – aan Cathlijn Poortmans gevallen in S+D tussen Anthonis Rogmans ter eenre, Cathlijn Poortmans ter tweedere ende Catlijn Brugmans ter derdere zijde dd 16 okt 1554.

Wer1849/ 2: Fo 38: 1 dec 1655:
Carel De Brier x Emerentiana Briers, Goris VDP gemachtigt van wegen Wouter Van Inthout x Helena Briers, Jan Fobelets x Maeijcken Briers, Merten Briers alnoch minderjarig verkopen samen aan Huijbrecht De Cock x Anneken Hoijlaerts de hellicht van een boender land of blok hun gelaten door wijlen Hendrik Goris ende Catharina Poortmans zijne tweede huijsvrouwe, welcke was wijlen Adriaen Briers d
oude zijne resp tweede huijsvrouwe ? voor d’ander hellicht nog onverdeylt competer& derfgen den voors Hendrik Goris, gelegen achter den Heiligen Put.

Wer1849/2: Fo 85v: 27 feb 1658:

S+D kinderen Merten Briers behouden van wijlen Cathlijn Goris over die goederen op hen verstorven bij dode Henrick Goris x Maria Van Loosvelt (hun grootouders)

- Henrik Briers

- Jan Briers geasst met Jan Janssens Pavie

- Peeter Briers geasst met Merten Briers sijn vader

- Elisabeth Briers x Anthoon Lauwers met Jan Bruijnincx als grootvader van haar kinderen behouden van wijlen Peeter Bruijnincx.

Alle kinderen wijlen Cathlijn Goris alias Bruers daer vader af is den vs Merten Briers hebben overeengekomen over S+D over gronden en erven en renten als op hun voor hun paert en deel zijn verstorven mits die doot en aflijvigheijt van Henrik Goris alias Briers x wijlen Maria van Loosvelt hunnen resp grootouders, salvo dat het vierde paert ende deel van seker blockxen lant alhier gelegen tot Varent aenden voors Hendrik Briers voor vuijtgelaeten in recompense vanden enuntiatie vande voorkeuse ende consent gedreagen totter lotinghe van deser deylinge, waervan aenden vs Hendrik alnoch een vierde paert was competerende vuijt crachte & naer vermogen vande testamente van wijlen Cathlijn Poortmans, ende die resterende hellicht competeert aan Remeijs Verthiers, het selve een vierde paert bij den vs Hendrik wordt overgelaten & gecedeert aenden voors Jan Briers sijn broeder in recompense ende dancksegginge van de permutatie van malcanderens lotinge …  

 

De naam van de moeder (Catharina Poortmans) van dit gezin komt naar voor voor in een boeiende akte, die zit onder de KLIK bij 5b. Met dank aan Paul Peeters.

Nog een akte van Paul hieronder:

BRON : S.A.L, Inventaris Cuvelier, register nr. 7481, akten dd. 24.04.1589.

Transcriptie folio 199r°

Item Adriaen Bries sone wijlen ... [n.v.] en(de)

Cathlijn(e) Poertmans, zijn(e) huysv(rouw)e, woonachtich

ond(er) Rotselaer, in p(rese)ntia oblig(ando) et submitt(endo).

 In de marge.

S(olvi)t.

Transcriptie folio 199v°

ac renu(n)t(iando) in for(ma) hebben indivisim geloeft

te betalen Glaude Masquelier als rentm(eeste)re

ende ind(en) name van mijn(e) hee(re) van Wesemale

die somme van achtentwintich rinsguldens

te xx st(uyvers) tstuck eens in drije termijn(en),

te weten(e) neg(en) rinsg(uldens) daeraff te Sinxen,

ande(re) neg(en) rinsg(uldens) te Bamisse en(de) de

resteren(de) thien rinsg(uldens) te Lichtmisse al

naest(comen)de, telcken termijn(e) als schult met

rechte verwonnen, met conditie in dijen

hij den een(en) termijn laet xiiii dag(en) sond(er)

betalen overslaen, dat alle die ande(re)

termijn(en) oyck sullen verschen(en) zijn en(de)

dat ter causen van ofte ? actie van een(en)

peertskeur, mijn(e) hee(re) van Wesemale

voers(creven) v(er)schen(en), blijffven(de) die v(oer)s(creven) Adriaen

Bries geheel in zijn actie van garandt

teg(en) zijn(e) medegelderen, sulx als hij zal

bevinden te behooren(e), coram Duffle, Luenis,

aprilis xxviii, 1589.

 

Hierbij een akte met vermelding van Adrianus Briers en Catharina Poortmans, inwoners van Rotselaar.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7501, folio 140r., akte dd. 18 maart 1611.

Item, in p(rese)ntia villici, etc(etera), gestaen Cathlijn De Muysere dochter wijlen Adriaens, geassisteert met Loyck Vand(er) Hulst, haren man en(de) momboir, woonen(de) tot Wiltsele, p(er) mo(nitionem), heeft opgedraeghen met behoorl(ijcke) v(er)thijden(isse) een blocxken landts, geheeten de Zijpe, groot ontrent drije vieren(deelen) ombegrepen der maeten, gelegen tot Bexum ond(er) Rotzelaer, regen(oten) Adriaen Briers in twee zijden, sh(ee)ren straete ter iiie. en(de) iiiie. zijden, exp(osito) soo is daerinne gegoyt en(de) geerft Adriaen Briers en(de) Cathelijn Poertmans, gehuysschen, woonen(de) onder Rotzelaer, et sat(is) die voors(chreven) opdraege(re) obligan(do), submitten(do) ac renun(ciando) in forma, et waras op een(en) capp(uyn) aen(den) hertoge van Aersschot tanqua(m) prout iure, waeraff de voors(chreven) opdraege(re) sal draegen en(de) moeten betaelen die v(er)looopen, tot date des(er) v(er)schenen, coram Schore, Roeloffs, martii xviiia., 1611.

Item de voers(chreve) partijen v(er)cleren den rechtveerdighen prijs van(den) coop van tvoors(chreven) goet te wesen om en(de) voor lxiii rinsg(u)l(dens) eens, los gelts, ii rinsg(u)l(dens) lijffcoop, eisd(em).

 

Hier een akte (in drie delen) met vermelding van Adrianus Briers en Catharina Poortmans.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7502, folio 16r., akte dd. 14 juli 1611.

Item in tegenwoordich(eyt) des meyers en(de) schepen(en) van Loven naerbes(chreven) gestaen jo(ncke)r Ph(i)l(ip)s Van Schore en(de) Jan Van Espen, beyde raeden des(er) voors(chreve) stadt Loven, als momboirs van(den) Grooten Baghijnhove alhier, Carel Van(der) Noot, rintm(eeste)r van(den) sel(ven) baghijnhove, tot des naerbes(chreven) staet te doene, hebben(de) volcomen macht en(de) procura(ti)e speciael en(de) irrevocabel, hem gegeven bij h(ee)r Henrick Van(den) Venne, p(res)b(yte)r, licen(tiaet) ind(er) h(eylige) godtheyt en(de) pastoir van(den) sel(ven) bagijnhove, jo(uffrouw)e Cath(ari)na Robijns en(de) jo(uffrouw)e Martijne Van(den) Berghe, v(er)vangen(de) en(de) hen sterckmaecken(de) voor jo(uffrouw)e Anna Van(den) Bosch, alle bagijnkens en(de) groote meesterssen, jo(uffrouw)e Anna Van(der) Molen en(de) jo(uffrouw)e Marie Marcelis, beyde als infirmerije meesterssen van(den) voors(chreven) bagijnhove, als rep(rese)nteren(de) tsel(ve) bagijnhoff, gepass(eer)t voorden not(ari)s Gheeraert Boels en(de) zeeckere getuyghen opden xiiien. dach july 1611, zijn(de) oock de voors(chreven) h(ee)r pastoir en(de) de voors(chreve) bagijnkens daertoe volcomel(ijck) geauthoriseert bijden eerw(eerdigen) hee(re) Matthias, ertsbisschop van Mechelen, volgen(de) seecker appostille op henne req(ues)te gestelt opden xxen. juny 1611 lestleden, al tsaemen alhier gesien en(de) gebleecken, ende waeraff de teneuren van dijen onder dit contract zijn volgen(de), p(er) mo(nitionem) hebben opgedraegen met behoorl(ijcke) v(er)thijden(isse) een stuck bempts oft eussel, groot een dach(mael), genoempt den Donck, gelegen onder Rotselaer, regen(oten) Adriaen Briers in drije zijden, exp(osito) soo es daerinne gegoydt en(de) geerft ten erffel(ijcken) rechte m(eeste)r Robijn van S(in)t Jans ind(en) naem en(de) tot behoeff des voor(chreven) Adriaens Briers p(er mo(nitionem) et sat(is) obligan(do), submitten(do) ac renun(ciando) vigore quo supra in forma, et war(as) opden last diemen bevinden sal daerop vuyttegaen, die welcke sal staen ten laste des voors(chreven) Adriaens, coram Pulle, Loomans, julii xiiiia., 1611.

 

            Hier naer volght die teneuren van(de) procura(ti)e ende authorisa(ti)e, hierboven geruert.

Compareren(de) voor mij not(ari)o en(de) den getuygen naergenoempt opden xiiien. dach der maent van julio anno 1611 deersame hee(re) Henrick Van(den) Venne, licen(tiaet) ind(er) h(eylige) godtheyt ende pastoir van(den) Grooten Bagijnhove bynnen Loven, jo(uffrouw)e Cath(ari)na Robijns, jo(uffrouw)e Martijne Van(den) Berghe, in des(en) v(er)vangen(de) en(de) hen sterckmaecken(de) voor jo(uffrouw)e Anna Van(den) Bossche, alle bagijnkens en(de) groote meesterssen van(den) voors(chreven) bagijnhove, jo(uffrouw)e Anna Van(der) Molen en(de) jo(uffrouw)e Marie Marcelis, beyde als infirmerije meesterssen van(den) voor(chreven) bagijnhove, alle representeren(de) tsel(ve) bagijnhoff, zijn(de) oock mede om de naerbes(chreve) goeden(isse) te doen, volcomel(ijck) geauthorseert bijd(en) eerw(eerdigen) ertsbisschop van Mechelen volgen(de) seeckere appostille, op henne req(ues)te gestelt in daete den xxen. juny 1611,, ond(erteecken)t Matthias, ertsbisschop van Mechelen, ende hebben tsaemenderhant geconstitueert, volcomen macht en(de) procura(ti)e speciael en(de) irrevocabel gegeven, gel(ijck) zij geven midts desen, aen Charles Van(der) Noot, alhier p(rese)nt, om in hennen naem te comp(ar)eren voor meyer en(de) schepen(en) der stadt Loven en(de) aldaer wettel(ijck) op te draegen in sh(ee)ren handen een stuck bempts oft eusels, groot een dach(mael), genoempt den Donck, gelegen ond(er) Rotselaer, regen(oten) Adriaen Briers in drije zijden, ende daer inne te goeden en(de) terffven den voors(chreven) Adriaen Briers en(de) zijn(e) huysvr(ouw)e Cathelijn Poertmans met allen solempniteytn, naer shoeff coustume daertoe gerequireert, genoech doen daeraff te geloven ende tsel(ve) waranderen opden last diemen bevinden sal daerop vuyttegaen, die wel(cke) sal staen ten laste des voors(chreven) Adriaens ende voorts allen anderen geloften en(de) v(er)bintenissen, daerinne te doen(e), ende te gele geloven alsoo sij comp(ar)anten, sel(ve) p(rese)nt en(de) voor oogen wesen(de), zouden connen oft mogen doen, hem daertoe volcomel(ijck) authoriseren(de), promitt(entes) ratu(m) irrevocabiliter obligan(do) et submitten(do) ac renun(ciando) precipue p(ri)vilegio senat(us) cons(ulti) vell(eiani) de eo certiorat(a) ac aliis quibuscunque in forma, aldus gedaen ten daeghe, maende en(de) jaere voors(chreven) ter p(rese)ntie van Niclaes Van(der) Haeghen en(de) h(ee)r Bartholomeeus Beckers als getuyghen, etc(etera), ende onderstondt aldus, ende van mij als not(ari)s, bijd(en) Raede van Braba(n)t geadmitteert, ond(erteecken)t G. Boels.

            Aen(den) eerw(eerdichsten) en(de) doerluchtichsten h(ee)r den aertsbisschop van Mechelen.

Verthoonen met allen oytmoet en(de) reverent(ie) den hee(re) pastoir en(de) meestersssen van(den) Grooten Bagijnhove bynnen Loven hoe dat dinfirmerije van(den) zel(ven) heeft haer toebehoiren(de) onder anderen haeren goeden seeckere dach(mael) eussels, gelegen ond(er) Rotselaer en(de) genaempt den Donckt, regen(oten) Adriaen Briers in drije zijd(en), wel(ck) stuck erffs die van(de) infirmerije seer luttel oft bat nyet met allen weert en is als sulcx dwelck in goeden tijde en(de) voor dese inlansche troublen met vijff andere parcheelen, te weten met drije vieren(deelen) landts, noch een dachm(ael) landts, noch een dach(mael) bempts en(de) noch een(en) anderen bempt met een bosken alleen en(de) ten hoochsten hebben in pachtin(ge) oft huerin(ge) gegonden die vier gul(den)s thien stuyvers ts(iae)rs, daer nochtans tegenwoordel(ijck) voor het voors(chreven) dach(mael)  eussel alleen in coope wort bijd(en) voors(cchreven) Adriaen Briers geboden (apparentel(ijck) daerom midts tsel(ve) hem wel gelegen es) de tsestich gul(den)s eens, waerom de si supl(ian)ten sulcx wel zouden gesint wesen dat zij tsel(ve) daer voerden sel(ven) Adriaen zouden laeten als prouffijtel(ijck) voor dinfirmerije wesen(de), dan oft sij tsel(ve) behield(en), maer alsoo hij tsel(ve) sonder aggreatie en(de) consent van zijn(e) eerw(eerdichsten) gratie nyet en v(er)mogen, soo bidden zij ootmoedel(ijck) ten eynde die zij gedient de voors(chreve) suppl(ian)ten tauthoriseren om het v(er)coop van het voors(chreven) dach(mael) eussels voorde so(mm)e voors(chreven) te mogen doen, den cooper daerinne validel(ijck) terffven en(de) te goeden, midts de pe(n)nin(gen) voors(chreven) daer van procederen(de), employeren(de) tot rente oft anderssints ten meesten prouffijt van(de) voors(chreve) infirmerije, dwel(cke) doen(de), etc(etera), opde marge van(den) sel(ven) req(ues)te stondt geschreven aldus, wij authoriseren de suppl(ian)ten tot haeren v(er)suecke, actum te Mechelen den xxen. juny 1611, onder stont geschreven, Mathias, aertsbisschop van Mechelen, ende onder stont aldus, gecollationneert tegens zijn originael, es dese copije daermede bevonden taccorderen, bij mij als not(ari)s, bijden Raede van Brabant geadmitteert, ond(erteecken)t G. Boels.

 

In de volgende akte maakt men melding van Adrianus Briers en zijn vrouw Catharina Poortmans, inwoners van Bexem onder Rotselaar).

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7505, folio 122r., akte dd. 10 november 1614.

Item in tegenwoordich(eyt) des meyers en(de) schepen(en) van Loven naerbes(chreven) gestaen Willem Peeters soene wijlen Daneels, woonen(de) tot Werchter, per mo(nitionem) heeft opgedraeghen met behoorlijcke v(er)thijden(isse) onderhalff dachmael maybempt, wesen(de) hellicht winninghe, gelegen tot Bexu(m) onder Rotselaer inde Nijpe, regen(oten) Thomas De Neuter ter ie., derffgen(aemen) van Merten V(er)straeten ter iie., Adriaen Briers ter iiie. en(de) den Demer ter iiiie. zijden, exp(osito) soo is daerinne gegoydt en(de) geerft ten erffel(ijcken) rechte die voors(chreven)à Adriaen Briers, soo tot behoeff van hem als van Cathelijn Poetmans, sijne huysvr(ouw)e, woonen(de) tot Bexu(m) voors(chreven), et satis die voors(chreven) opdraeger obligan(do), submitten(do) ac renun(tiando) in forma, et waras opden voors(chreven) last van hellicht winninghe tanqua(m) prout iure, coram Lievens, Leunis, novemb(ris) xa., 1614.

Item partijen v(er)cleeren den rechtveerdighen prijs van(den) voors(chreven) bempt om en(de) voorde so(mm)e van xx gul(den)s eens, eisd(em).

 

In de volgende akte maakt men melding van Adrianus Briers en zijn vrouw Catharina Poortmans.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7505, folio 133v., akte dd. 17 november 1614.

Item in tegenwoordich(eyt) des meyers en(de) schepen(en) van Loven naerbes(chreven) gestaen Henrick Lambrechts, Jan Lambrechts, Troyelus Van(der) Borcht als man en(de) momboir van Fransken Lambrechts, suster der voors(chreve) gebroederen, alle wettighe kinderen van wijlen Symon Lambrechts, borger des(er) stadt Loven als hij leeffden, en(de) met hunlieden gevuecht Barbara Van Overbeeck, leste wed(uw)e des voors(chreven) Symoms, vuyt crachte van benefitie van huwelijcxsche voorweerden, per mo(nitionem) hebben opgedraeghen met behoorl(ijcke) v(er)thijden(isse) een halff boen(der) besloten blocx, gelegen tAverijssch onder Rotselaer, regen(oten) Jan Van Eynde ter ie., Jan Foblets ter iie., Herman Janssens ter iiie. en(de) den H(eyligen) Geest van Rotselaer ter iiiie. zijden, item noch sesse vierendeelen landts, gelegen opden Winckel onder Wesemael, regen(oten) jo(ncke)r ... [n.v.] de Laittre ten twee zijden, de wed(uw)e Laureys Van(der) Tomme ter iiie. en(de) Henricken Wijbrechts ter iiiie. zijden, item een halff dach(mael) landts, gelegen opt sel(ve) velt, regen(oten) Henrick Van Aerschot ter ie., sheerestraete ter twee andere zijden en(de) den voors(chreven) jo(ncke)r ... [n.v.] de Laittre ter iiiie. zijden, exp(osito) de voors(chreve) opdraegeren, soo sijn daer inne gegoydt bij manisse des meyers en(de) wijsdomme der schepen(en) van Loven naerbes(chreven) Adriaen Briess en(de) Cathlijn Poirtmans, gehuysschen, et sat(is) die voorschreven opdraegeren obligando et submitten(do) ac renun(tiando) in forma, en(de) besunder de voors(chreve) wed(uw)e het privilegiu(m) senat(us) cons(ulti) vell(eiani) de eo certiorata et waras tvoors(chreven) halff boen(der) op cleenen hee(ren) chijns indyen men daerop eenighen bevindt vuyt te gaene, de zesse vierendeelen landts op vijff mol(evaten) corens aen(den) heere van Wesemael en(de) het halff dach(mael) insgel(ijcx) op cleynen heeren chijns, liggen(de) onder ghicht, soemen seyt, coram Lievens, Maes, novembris xviia., 1614.

Verclaeren partijen den coop van dese voors(chreve) goeden geweest te hebben voor drije hond(er)t en(de) xv rinsg(u)l(dens), daeraff die twee hond(er)t van het halff boen(der) onder Rotselaer en(de) dander halff boen(der) onder Wesemael voor ic. xv rinsg(u)l(dens), midts tsel(ve) is belast met vijff mol(evaten) corens chijns.

Accorderen die voors(chreve) v(er)coopers dat in dijen yemandt dit goet wilde v(er)naerderen, dat zijlieden sullen geven alsulcke munte als Adriaen nu debourseert, te weten achtenveertich stuyvers, penn(ingen) oft mattecons.

 

In de volgende akte maakt men melding van Adrianus Briers en zijn vrouw Catharina Poortmans.

Bron : S.A.L., In deb  7505 fol. 277v. (04.04.1615) - scan 554

Item, in presen(tia), etc(etera), gestaen Elysabeth Verthiers, achtergelaeten wed(uw)e wijlen Adams Serniels, voor haer tocht, en(de) Barbara Serniels dochter wijlen Adams met consente, wille, wete en(de) overstaen Jans Gerts, haers mans, woonen(de) tot Barle onder die heerl(ijckheyt) van Aerschoth, voorde proprieteyt, per mo(nitionem) hebben opgedraegen met behoorel(ijcke) v(er)thijden(isse) een halff boen(der) xxv royen maye bempts, ombegrepen der maeten, gelegen opde Oude Demere onder Werchtere, regen(oten) derffgen(aemen) Peeters Van Aerschoth mette erffgen(aemen) van wijlen Artus Van Eycken ter ie., derffgen(aemen) Antheunis Lenarts ter iie., dAude Demer ter iiie. en(de) derffgen(aemen) Van Diependael ter iiiie. zijden, ten erffdomme gehouden van jo(uffrouw)e Anna Van Bothma als vrouwe vanden gronde, exp(osito) imp(ositus) est Adriaen Briers en(de) Cathelijn Poertmans, sine huysvr(ouw)e huysvr(ouw)e, per mo(nitionem) et satis die voors(chreve) opdraegeren obligan(do) et submitten(do) ac renun(tiando) in amplissima forma et waras op dat voors(chreven) goet leeght in een gichte en(de) geeft jaer(lijcx) elck dach(mael) vii vier en(de) een halff mijten chijs aen(de) voors(chreve) jo(uffrouwe) als vrouwe van(den) gronde als op allent recht daerop vuytgaen(de), coram Vorst, Leunis, aprilis iiia., 1615.

Item is te weten soo partije hinc inde verclaerde den rechtveerdighen prijs vand(en) coop van(den) voors(chreven) bempt te wesen om ende voorde so(mm)e van hondert en(de) lxx rinsd rinsg(u)l(dens) los gelt en(de) vijff gul(den)s voord(en) lijffcoop, eisd(em)

 

In de volgende akte wordt melding gemaakt van Henricus Goris alias Bruers en zijn vrouw Maria Van Loeffene (Van Loeffvelt), inwoners van Werchter. 

In de akte wordt melding gemaakt Adrianus Briers zone Augustijns en Catharina Poortmans dochtere Guilielmus, inwoners van Rotselaar.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7506, folio 299v., akte dd. 13 juni 1616.

Item, in p(rese)ntia villici Lovanien(sis), etc(etera), gestaen Guill(am)e Van Emelen, weert in Roomen, woonen(de) bynnen der stadt Loven, per mo(nitionem) heeft opgedraegen met behoorl(ijcke) v(er)thijden(isse) de hellicht van een boender landts, daeraff dander hellicht leengoet is, gelegen opden Bremberch onder Werchtere, regen(oten) Laureys V(er)borcht ter ie., den Kerckwech ter andere, de wed(uw)e Aert Wouthers ter iiie. ende Henrick Goris ter iiii. zijden, exp(osito) imp(ositus) die voors(creven) Henrick Goris al(ia)s Bruers, soo tot behoeff van Marie Van Loeffene, sijne huysvr(ouw)e, woonen(de) tot Werchtere, et satis die voors(creven) opdraegere obligan(do) et submitten(do) ac renun(tiando) in forma et waras op een(en) stuyver chijns indyen men bevindt daerop vuyttegaen(e), tanquam prout iure, coram Thommen, Nijverseel, junii xiiia., anno 1616.

Verder staan in de akte ook Theodorus (Dierick) Van Vlasselaer en Anna Boogaerts, inwoners van Wezemaal, vermeld,.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7507, folio 288v., akte dd. 29 maart 1616.

Item, in presen(tia), etc(etera), gestaen Adriaen Briers soene wijlen Augustijns en(de) Cath(e)lijn Poertmans dochter wijlen Willems, gehuysschen, woonen(de) onder Rotselaer, per mo(nitionem) hebben indivisim opgedraegen met behoorl(ijcke) v(er)thijdenisse drije vierendeel maybeempt onbegrepen der maeten, gelegen onder Rotselaer int Sallaecken Broeck, regen(oten) Jan Van Inthoudt ten drije sijden en(de) die Demer ter vierdere zijden, exp(osito) imp(ositus) Dierick Van Vlasselaer en(de) Anna Boogaerts, gehuysschen, woonen(de) onder Wesemael, en(de) dat bij maniere van mangelinge tegen een besloten blocxken, hier naer volgende), per mo(nitionem) et satis et waras die voors(creve) drije vierendeel op sheeren chijns van(den) gronde in dijen men bevindt tselve daer op vuytgaen(de) en(de) ingevalle jae, sullen dopdraege(re)n die selve totten dach van(de) goedinghe moeten affdoen, obligan(do), etc(etera), in forma, tanquam prout, coram Duffle, Van Thienen, martii xxixa., 1617.

 

Voor de volgende twee akten, kan ik verwijzen naar dezelfde linken als in de voorgaande email. Deze twee akten volgen onmiddellijk op de voorgaande, zijn van dezelfde datum en lijken een vervolg te zijn. In de tweede akte wordt ook melding gemaakt van Guilielmus Briers, zoon van Adrianus en Catharina Poortmans.  Uit de eerste akte meen ik te mogen afleiden dat Theodorus (Dierick) Van Vlasselaer nog een zuster Catharina en een broer Adrianus had.

Tot slot merk ik nog op dat met Bixem (in de eerste akte) Bexem wordt bedoeld.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7507, folio 289r., akte dd. 29 maart 1617.

Item, in presen(tia), etc(etera), gestaen die voors(creven) Dierick Van Vlasselaer en(de) Anna, sijne huysvr(ouw)e, mede hem sterckmaecken(de) voor sijne moedere, Cathlijn, sijne sustere, en(de) Adriaen Van Vlasselaer, broeder des voors(creven) Diericx, p(er) mo(nitionem) hebben opgedraegen met behoorl(ijcke) v(er)thijdenisse een besloten blocxken landt met eenen borreput daerop staen(de), gelegen te Bixem onder Rotselaer, regen(oten) sheeren heye in twee zijden, derffgen(aemen) Willems Rogmans ter iiie. en(de) sheeren straete ter iiiie. zijden, exp(osito) imp(ositi) sunt die voors(creven) Adriaen Briers en(de) Cathelijn Poertmans en(de) dat bij maniere van mangelinge tegen die voors(creve) drije vierendeel beempts, p(er) mo(nitionem) et satis et waras op sheeren chijns van(den) gronde in soo verre men eenighen daerop bevindt vuyt te gaene, voorder oft anderssints nyet, en(de) ingevalle die voors(creve) opdraegeren dachterstellen daeraff open en(de) ombetaelt staende, totten daeghe van dese goedinghe te betaelen, obligan(do), etc(etera), in forma, eisd(em).

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7507, folio 289v., akte dd. 29 maart 1617.

Item, in presen(tia), gestaen die voors(creven) Adriaen Briers en(de) Cathlijn Poertmans, gehuysschen, per mo(nitionem) hebben indivisim opgedraegen met behoorl(ijcke) v(er)thijdenisse het voors(creven) blocxken landts met noch het vierendeel van(de) goederen, naerder begrepen inden contracte van(der) daet junii iiia., 1611, in hac camera, exp(osito) imp(ositus) est Willem Briers, sone des voors(creven) Adriaens, per mo(nitionem) et satis et waras opde lasten, soo ind(en) voors(creven) contracte begrepen, als het blocxken op sheeren chijns van(den) gronde, prout iure, eisd(em).

 

Weer met verwijzing naar de link van Adriaen Briers en Catharina Poortmans, een akte van dezelfde datum, volgende op de twee voorgaande en ditmaal met vermelding van hun kinderen Adrianus, Henricus, Martinus en Libertus.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7507, folio 289v., akte dd. 29 maart 1617.

Item is te weten dat Adriaen, Henrick, Merten en(de) Liebrecht Briers, kinderen der voors(creve) gehuysschen, in plaetse van dese gifte, soo vand(en) vierendeel inden contracte vand(er) voors(creven) daet junii tertia 1611 als van dit blocxken landts sullen elck naer die doot en(de) afflijvicheyt der voors(creve) gehuysschen voor vuyt hebben elck een halff boen(der) weybeempts, naementl(ijck) deen genaempt het Neereeussel, groot drije dachmaelen, item noch een(en) beempt, daer neffens geleg en, genoempt het Wermoes Roet, en(de) noch een dachmael, daer neffens gelegen, item noch een halff boen(der) weybeempts, geheeten den Ham, de Demer aldaer vlieten(de) in twee zijden, en(de) ingevalle eenighe vand(er) voors(creve) vier kinderen quaem te sterffven sonder wettighe oir, dat tselve henne deel sal accresseren en(de) v(er)sterven hootsgewijse van(den) gene int leven sullen wesen, behoudelijck der voors(creve) gehuysschen hen gereserveert henne tocht en(de) bij leven eisd(em). 

 

Hierbij een akte met vermelding van Catharina Poortmans, weduwe van Adrianus Briers (alias Vanden Berge) met haar zonen Guilielmus, Adrianus en Henricus Briers.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7515, folio 345v., akte dd. 11 augustis 1626.

Item, in presentia, et(ceter)a, gestaen m(eeste)r Aert Cuypers naer vermogen van onwederroepel(ijcke) procuratie, hem hiertoe specialijck gegeven bij en(de) van wegen Cat(hlijn)e Poortmans weduwe wijlen Adriaens Briers en(de) Willem, Adriaen en(de) Hendrick, haere sonen en(de) hunder huysvr(ouw)e, gepasseert voorden not(ari)s Leunis op heden date deser en(de) sekere getuygen, alhier gesien en(de) gebleken, heeft in dier qualiteyt bekent schuldich te sijn aen jo(uffrouw)e Cath(ari)na Willems, alhier present en(de) tselve accepterende, soo voor haer als tot behoeff van s(ieu)r Jacques Van Verrenborre (!), haers mans, twee en(de) tsestich carolus gul(dens) te xx st(uyvers) t' stuck en(de) thien gelijcke stuyvers loopen(de) munte, erffel(ijcke) rente, jaerlijcx opden xien. augusti te v(er)schijnen en(de) in deser stadts wissele van Loven te leveren, los en(de) vrije van xe., xxe, ce. en(de) allen andere, mindere oft meerdere penningen en(de) impositien, ingestelt oft naermaels inne te stellen in toecomen(de) tijden, telcken termijne als schult met rechte v(er)wonnen, totte quytinge van dien toe, de welcke redemptie sal mogen geschieden conformel(ijck) den teneur van(de) v(oor)s(chreve) procuratie, et tantum obligan(do) et submitten(do) p(er)sonas et bona p(re)dictorum constituentium indivisim ac renun(tiando) prout in forma, et ad mo(nitionem) pignus valens duplum, coram eisdem.

            In de marge.

Op heden den 26. july anno 1627 heeft Jacques Van Werremborre bekent ontfangen te hebben vuyt handen van dese bekenderen de capitale penn(ingen) met een jaer v(er)loops deser rente van lxii gul(dens) x st(uyvers) erffeli(ijk), consenteren(de) inde cassatie van dien, toirconde, et(ceter)a, en(de) was ondert(eecken)t J. Van Werremborre.

 

In de onderstaande akte wordt melding gemaakt van :

-     Guilielmus Briers x Maria Vanden Berge;

-     Adrianus Briers x Anna Vanden Panhuysen;

-     Henricus Briers x Maria Paeps.

Het betreffen hier drie kinderen van Adrianus Briers alias Vanden Berge en Anna Poortmans, allen wonende te Rotselaar.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7515, folio 346r., akte dd. 11 augustus 1626.

Condt zij eeneniegelijcken dat comen is voor meyer en(de) schepenen van Loven naerbes(chreven) jo(ncke)r Raes Van Grave, tegenwoordich schepene deser stadt, ende heeft ten erve vuytgegeven aen Willem, Adriaen en(de) Henrick Briers, gebroeders, kinderen wijlen Adriaens, woonen(de) te Rotselaer, die welcke insgel(ijcx) bekennen ten erve genomen te hebben, soo voor hen als voor Mayken Van(den) Berge, Anna Van(den) Panhuyse en(de) Mayken Paeps, henne respective huysvr(ouw)e, seven dachmaelen en(de) xxvi royen bempts, geweest hebbende drije parcheelen, genoempt de Wieleneusssels, gelegen te Becxem onder Rotselaer, regen(oten) Willem Briers ter ie., het Becxem Broeck ter iie. en(de) sheeren straete ter iiie. zijd(en), item een dachmael landts onbegrepen, geheeten de Binnenveldekens, gelegen te Becxem v(oor)s(chreven), regen(oten) Willem Briers ter ie., Govaert Vrolijcx ter iie. en(de) de Saet ter iiie. zijd(en), item noch een dachmael bempts, gelegen te Becxem voors(chreven) aen t' Keerbroeck, regen(oten) tselve Keerbroeck ter ie., de kercke van Wesemael ter iie. en(de) iiie. en(de) Adriaen Briers ter iiiie. zijd(en), om de voors(chreve) goeden te hebben, te houden en(de) te besitten opde lasten d(aer)op vuytgaende, te weten de seven dachm(aelen) bempts en(de) het dachmael landts voor onbelast en(de) het dachmael bempts met drije pen(ningen) boon en(de) t' derde paert oft vierde paert van eenen cap(puyn) aen(den) hertoge van Aerschot en(de) anderssints volgen(de) de conditie van v(er)coope daervan gehouden bij m(eeste)r Richardt d' Otrenge ende voirts meer op eene voertaene rente van eenentachtentich carolus gul(dens) te xx st(uyers) t' stuck en(de) vijff gel(ijcke) stuyvers, alle jaere op heden date deser te v(er)schijnen en(de) binnen deser stadtswissele van Loven tot behoeff des voors(chreve) erffvuytgevers, sijne erven en(de) naercomelingen te leveren, los en(de) vrije, oock van ve., xe., xxe., ce. en(de) van alle andere, mindere oft meerdere penningen ende impositien, ordinaris oft extraordinaris, innegestelt oft naermaels inne te stellen, telcken termijne als schult met rechte verwonnen, geloven die voors(chreve) erffnemeren ende hunne voors(chreve) huysvrouwen, alhier present, tsaemen en(de) elck een voor al die voors(chreve) rente van eeentachtentich guldens v st(uyvers) erffel(ijck) telcken jaere ende termijne voors(chreven) wel en(de) loffel(ijck) te betaelen en(de) te leveren, los en(de) vrije als voor, quolibet assecut(um) obligan(do) et indivisim submitten(do) ac renuntian(do) et signanter pred(ictis) mulieres privilegio sen(atus) cons(ulti) vell(eani) et auth(entica) de eo certiorate, en(de) v(er)cleren partijen den rechtveerdigen prijs van(de) voors(chreve) parcheelen te wesen die somme van drije duysent vier hondert r(insguldens) eens, d(aer)inne begrepen die capitaele penningen der v(oor)s(chreve) rente van lxxxi r(insgudens) v st(uyvers) erffel(ijck), coram Van(der) Vorst, De Greve, aug(usti) xi., 1626.

 

Uit dit huwelijk:

 

1. Briers Libertus, x Leuven Pieter 30.05.1627 (g. Petrus Richard en Jacobus Santels) met Maria Richard,

Hierbij een akte (dank Paul) met vermelding van Libertus Briers, zoon van Adrianus Briers alias Vanden Berge (en van Catharina Poortmans). Hij blijkt naar Leuven uitgeweken te zijn. Hij huwde te Leuven (Sint-Pieters) op 30.05.1627 met Maria Richard (Richart) in aanwezigheid van de getuigen Petrus Richard en Jacobus Santels.

Ik vond het volgende kind terug :

-     Petrus Bries, gedoopt Leuven (Sint-Pieter) op 27.12.1628

      (ss. : Petrus Richart en Catharina Bries).

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7515, folio 345v., akte dd. 11 augustus 1626.

Item, in presentia, et(ceter)a, gestaen die voors(chreven) jo(ncke)r Raes Van Grave, per mo(nitionem) heeft opgedraegen met behoorel(ijcke) v(er)thijdenisse een hallf dachmael bempts, gelegen opde Oude Demere onder Werchter, regen(oten) tgoidtshuys van Vrouwenperck ter ie., tcap(pite)le van Aerschot ter iie. en(de) Adriaen Briers ter iiie. zijd(en), expos(ito) impos(itus) est Librecht Briers sone wijlen Adriaens, woonen(de) te Loven, per mo(nitionem) et satis obligan(do) et submitten(do) ac renun(tiando)  in forma, et waras volgen(de) de conditie vanden v(er)coope daervan gehouden voor m(eeste)r Richart Dotrenge, en(de) v(er)cleren partijen den rechtveerdigen prijs van tvoors(chreven) halff dachmael te wesen die so(m)me van een hondert rensgul(dens) eens, coram Van(der) Vorst, De Greve, aug(usti) xi., 1626.

     Uit dit huwelijk:

     Briers Petrus, (°) Leuven 27.12.1628 (g. Petrus Richart en Catharina Bries), 

 

Briers Adrianus, + Rotselaar 22.04.1633, x 1 Rotselaar 18.10.1620 (g. Adrianus Briers en Anna Vanden Panhuyze) met Anna Vanden Panhuijs, (°) Rotselaar 1602, fa Joannes Van den Panhuijs en Dympna Aurocx, x 2 Rotselaar 10.01.1634 (g. Vanden Panhuyssen Joannes en Lemmens Ludovicus) met Mommaerts Abraham, meer info daar,

"i8 octobris (1620) solemnizatus est matrimonium Adriani briers et Anna vanden panhuyse coram me ... Adriano briers, Joanne van panhuyse, Martini briers ...

 

Uit de onderstaande akte (met dank aan Paul Peeters) blijkt dat Anna Vanden Panhuysen na het overlijden van haar man Adrianus Brie(r)s hertrouwde met Abraham Momboirs/Mommaerts  In de parochieregisters staat Abraham steeds geregistreerd als Mommaerts.

 Bron : S.A.L., Inventaris Cuveliers, register nr. 8255, folio 285r., akte dd. 12 februari 1636.

Item in tegenwoirdicheyt des meyers ende schepen(en) van Loven naergenoempt gestaen Abraham Momboirs ende Anna Vanden Panhuysen, lest weduwe van Adriaen Bries, gehuysschen, woonende tot Bexum onder Rotselaer, hebben bekint ter saecke van een hondert vijfftich g(uldens) eens, bij hen ten dancke ontfangen van Cathlijn De Leeuwe weduwe Cornelis Neuckers eene erff(elijcke) rente van van (!) negen guldens vii ½ st(uvyers) erff(elijck), ter rente den penninck sesthien, waervan d' ierste jaer sal vallen ende verschijnen d(en) xx. february xvic. sevenendertich ende soo voorts van jaere te jaere, telcken jaere te leveren aende voors(chreve) Cathlijn De Leeuw oft actie te hebbene, los ende vrije vna x., xx., c., mindere ende meerdere penn(ingen) oft impostien, ingestelt oft inne te stellen, als schult met recht verwonnen, ende tot betere vasticheyt der voors(chreve) rente ende betalinge der selver, soo hebben de voors(chreve) comp(ara)nten geconsenteert int maecken van beleyde, mainmise en(de) decreet sonder gedaecht te derven worden over over alle ende yegewelcke henne goederen, meuble ende immeuble, ende namentlijck op ierst een halff boender broeckbempt, gelegen op d' Aude [Demer], regen(oten) d' erffgen(aemen) Anthoin Foblets en(de) Hendrick Van Aerschot, item noch opden selven Auden Demer oft daer ontrent een dachm(ael), oock broeck, regen(oten) d(en) Demer ter ie., Peeter De Witte ter iie., item noch dachm(ael) lants opt Rot, regen(oten) d' erffgen(aemen) Adriaen Bries, den H(eyligen) Geest en(de) de straete, item noch seven vierendeelen lants aen(de) Schijtdaege, regen(oten) de straete ter ie., Willem Bries, Pelsmaecker ter andere, item noch sesse vieren(deelen) lants tot Bexu(m) aen(de) ... [n.v.], waran(derende) de selve voor vrije en(de) ombelast, bij haer vercregen van haeren iersten man Adriaen Bries Bries sone Adriaens bij test(amente) gepasseert voor h(eer)e Adriano Mertens, pastoir in Rotselaer, den 20. april 1633, geloven(de) ter manisse noch pant te stellen, dobbel rente weert sijnde, boven alle voorcommeren onder resorte deser stadt Loven, oblig(ando), etc(etera), ... ... (?), met conditie van dese rente te mogen lossen met gelijcke so(mm)e van een hondert vijfftich g(uldens) capitaels en(de) met volle rente, coram oblig(ando), etc(etera), coram Van Grave, Dielbeke, feb(rua)rii 12., 1636.

 

In de akte wordt melding gemaakt van Adrianus Briers zone Adrianus en zijn vrouw Anna Vanden Panhuysen, inwoners van Rotselaar.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7518, folio 40r., akte dd. 7 augustus 1628.

Item in p(rese)ntia villici Lovanien(sis), et(ceter)a, gestaen Adriaen Briers sone wijlen Adriaens en(de) Anna Van(den) Panhuyse, gehuysschen, woonen(de) tot Rotselaer, per mo(nitionem) hebben t' saemen opgedraegen met behoorl(ijcke) v(er)thijdenisse drije dachm(aelen) landts onbegrepen der maeten, alsoo de s(elv)e gelegen sijn onder Wiltsele opden Cleynen Lastvoort, reg(eno)ten d' erffgen(aemen) Adriaen Henricx ter ie., de wed(uw)e Adriaens Van(den) Zijpe ter iie. en(de) ter iiie. en(de) het Biesenblock ter iiiie. sijden, inder vuegen gel(ijck) de voors(chreve) opdraegeren tselve vercregen hebben voor meyer en(de) schepen(en) van Loven van Joris Van(den) Dael opden vi. feb(rua)ry 1627 in d' eerste camere, expos(ito) impos(iti) sunt Guilliam Roosbroeck sone wijlen Bernaerts en(de) Anna Van(der) Borcht, gehuysschen, woonen(de) tot Rotselaer, per mo(nitionem) et satis, et(ceter)a, et waras op s' heeren cleynen chijns en(de) op eenen peerdtskeur in soo verre men bevindt daerop vuytgaende, voorder nyet, coram S(ainc)t Victor, Stockmans, augusti viia., a(nn)o 1628.

Item partijen v(er)cleiren den rechtveerdighen coop te wesen om en(de) voor de somme van vier hondert en(de) vijffentachentich guldens eens los geldts en(de) twee rinsg(uldens) lijffcoop, ende is ondersproken in soo verre men bevindt den voors(chreven) peerdtskeur daerop vuytgaen(de) (daeraff de v(er)coopers ignoreren), soo sullen de voors(chreve) coopers twintich guldens min betaelen, die welcke sij sullen onderhouden een halff jaere naer datum van desen, welcke somme van vier hondert en(de) vijffentsestich guldens eens bekennen de voors(chreve) v(er)coopers van(de) coopers op nu ontfangen te hebbe, coram eisdem.

 

Bij deze nogmaals Adrianus Briers zone Adrianus en zijn vrouw Anna Vanden Panhuysen.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7518, folio 40v., akte dd. 7 augusti 1628.

Item in p(rese)ntia villici Lovanien(sis), et(ceter)a, gestaen Guill(iam)e Roosbroeck sone wijlen Bernaerts en(de) Anna Van(der) Borcht, gehuysschen, woonende tot Rotselaer, per mo(nitionem) hebben opgedraegen met behoorl(ijcke) v(er)tijdenisse een huys en(de) hoff met alle andere sijne toebehoorten, groot tsaemen onderhalff dachm(ael), gelegen onder Rotselaer, reg(eno)ten de weduwe Opstals ter ie., Robrecht Van(den) Dale ter iie. en(de) s heeren straete ter iiie. sijden, bij de voors(chreve) opdraegeren v(er)creghen tegen Susanna en(de) Jacques De la Warde voor de weesm(eeste)rs der stadt van Antwerpen van(der) daet viien. novembris 1615, geteeckent De Witte, belast met twee molevaten even en(de) twee molevaten gerste aen(den) hertoghe van Aerschot, item een dachm(ael) landts, gelegen onder Wiltsele onbegrepen der maete, reg(eno)ten Jaecques Huygens ter ie., de leygracht ter iie. en(de) het straetken aldaer ter iiie. sijden, wesende onbelast, bij hun v(er)cregen tegen Elizabeth Leys uyt crachte van(den) testamente van Adriaen Van Thienen, haers mans, gepasseert voor Henrick Joos als pastoir van S(in)te Geertruyden van(den) jaere 1613, item een halff boender bempdts, gelegen inde Perckstraete bij Vrouwenperck, reg(eno)ten t' goidtshuys van Vrouwenperck ter ie., Aert Van Aerschot ter ii. en(de) die straete ter iiie. sijden, v(er)cregen tegen Joris Van(den) Dale, belast met twee Percx cap(puynen) chijns aen die van Vrouwenperck en(de) op vijff rinsg(uldens) erffel(ijck) aen Wouther De Keyser, item noch een halff dachm(ael) landts, gelegen onder Rotselaer, reg(eno)ten de wed(uw)e Opstal ter ie., den voetpat ter andere, wesende onbelast, v(er)cregen tegen Aert Van Rijmen, item een halff dachm(ael) broecx, gelegen onder Rotselaer int Hellichter Broeck, reg(eno)ten den H(eyligen) Geest van Holsbeeck ter ie., Michiel Van Thienen ter iie. en(de) mijn heer Van Lathem ter iiie. sijden, onbelast, en(de) ten lesten drije dachm(aelen) landts onbegrepen, alsoo die gelegen sijn onder Wiltsel opden Cleynen Lastvoort, reg(eno)ten d' erffgen(aemen) Adriaen Henricx ter ie., de wed(uw)e Adriaens Van(den) Zijpe ter iie. en(de) iiie. en(de) het Biesenblock ter iiiie. sijden, bij de s(elv)e opdraegeren op heden v(er)cregen voor schepen(en) deser stadt in dese eerste camere tegen Adriaen Briers en(de) Anna Vanden Panhuyse, gehuysschen, belast met sheeren chijns, expos(ito) ende jo(uffrouw)e Marie Van Bouckele wed(uw)e wijlen Clements Winter impos(ita) p(er) mo(nitionem) redd(idi)t aen(de) v(oor)s(chreve) opdraegeren om de selve goeden te hebben, te houden en(de) te besitten opde lasten, hier boven naerder gespecificeert sonder meer, ende voorts meer op eene voortaene rente van eenendertich carolus guldens te xx st(uyvers) Brabants t' stuck en(de) vijff gelijcke stuyvers erffel(ijcke) rente, alle jaere opden viien. augusti date deser te betaelen ende binnen deser stadt wissele van Loven te leveren, los en(de) vrije van bede, oock van xe., xxe., ce. en(de) van alle andere impositien, alreede innegestelt oft naermaels inne te stellen, t' elcken jaere en(de) termijne als schuldt met rechte v(er)wonnen, ob(ligando) et sub(mittendo), geloven(de) die voors(chreve) gehuysshen de voors(chreve) rente van eenendertich carolusg(uldens) en(de) v st(uyvers) erffel(ijck) jaerl(ijcx) indivisim en(de) insolidum wel en(de) loffel(ijck) te betaelen en(de) leveren als voor, los en(de) vrije als boven onder de s(elv)e ob(liga)tie ende sub(miss)ie met ren(untia)tie en(de) naementl(ijck) de voors(chreve) Anna Van(der) Borcht van het beneficie sen(atus) cons(ulti) vell(eiani), haer daeraff ondericht  hebbende en(de) van alle andere in behoorl(ijcke) formen, met conditie dat sijl(ieden) oft heurl(ieden) naercomelingen de voors(chreve) rente sullen mogen lossen en(de) affquyten t' allen tijden alst hun gelieven sal t' eender reysen, elcken gulden erffel(ijck) daeaff met xvi gel(ijcke) guldens loopende munte en(de) met volle rente, bekennen(de) de voors(chreve) gehuysschen vuyt handen van(de) v(oor)s(chreve) jo(uffrouw)e Van(den) Bouckele de capitaele pen(ningen) ontfangen te hebben, coram S(ainc)t Victor, Stockmans, augusti viia., a(nn)o 1628.

 

In de akte maakt men melding van Adrianus Briers en zijn vrouw Anna Vanden Panhuysen, inwoners van Rotselaar. Adrianus Briers is zoon van Adrianus.

Hierbij ook een rechtzetting van een kleine tikfout op voornoemde pagina.

Bron : S.A.L, Inventaris Cuvelier, register 7516, folio 245v., akte dd. 6 februari 1627.

Item in tegenwoordicheyt des meyers, schepen(en) en(de) eygenooten van Loven naerbes(chreven) gestaen Guillam Herts om t' gene des naerbes(chreven) staet te mogen doen, hebben(de) procura(ti)e speciael en(de) onwederroepel(ijck) bevel, hem gegeven respectivel(ijck) bij Jooris Van(den) Dael sone wijlen Roberts en(de) Anna Van Daelem, gehuysschen, woonen(de) onder Wiltsel, en(de) gepasseert voor H. Van Roost als openb(aer) not(ari)s en(de) seeckere getuygen van(der) daet xiiiia. decemb(ris) 1626 lestleden, alhier gesien en(de) gebleken, desel(ve) geconstitueerde per mo(nitionem) heeft opgedraegen met behoorl(ijcke) verthijdenisse en(de) met ressche en(de) rijse drije dach(mae)len lants ombegrepen der maeten, alsoo de sel(ve) gelegen sijn op den Cleynen Lastvoort inden Hoeck onder Wiltsel, wesen(de) eygen goet, regen(ooten) d' erffgenamen) A[d]riaen Henricx ter ire., de wed(uw)e Adriaens Van(den) Zijpe ter iie. en(de) ter iiie. en(de) het Biesenblock ter iiiie. zijden, inder vuegen gel(ijck) de voors(chreve) constituanten desel(ve) drije dach(mae)len vercregen hebben voor meyer, schepen(en) en(de) eygenooten van Loven op den xxviien. january 1626 in ia. tegens Jacques De la Warde, expos(ito) impos(iti) sunt Adriaen Briers sone wijlen Adriaens ende Anna Van(den) Panhuysen, gehuysschen, woonen(de) tot Rotselaer, hier waren over jon(cke)r Charles Van Pulle en(de) Peeter Van(den) Broeck, schepen(en) tot Loven en(de) eygenooten, item s(ieu)r Michiel Pannis, lieuten(ant) s' heeren meyers van Loven, en(de) Henr(ick) Van Roost, insgel(ijcx) als eygenooten, coram quibus satis et waras voor vrije, eygen en(de) onbelast goet, qui quidem rogantes, hoc faciunt scabini p(re)dict, actum via. februarii anno 1627.

Item partijen vercleren den rechtveerdigen coop te wesen om en(de) voor de so(mm)e van iiiic. en(de) xx r(insguldens) los gelts eens en(de) ii r(insguldens) lijfcoop, eisdem.

 

Hierna volgen twee opeenvolgende akten van dezelfde datum. In de tweede akte wordt melding gemaakt van Adrianus Briers zone Adrianus en zijn vrouw Anna Vanden Panhuysen, inwoners van Rotselaar. Om die tweede akte tot zijn volle recht te laten komen, werd ook de eerste akte hierbij weergegeven.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7512, folio 74v., akte dd. 29 oktober 1621.

Item, in presen(tia), etc(etera), gestaen m(eeste)r Aerdt Swerts, gebruycken(de) in desen die cracht en(de) macht, hem gegeven bij jo(uffrouw)e Cath(lijne) Boon, sijne huysvr(ouw)e als sij leeffde, met haren testamente, gepass(eer)t voorden not(ari)s W m(eeste)r Willem Impens en(de) seeckere getuyghen opden viiien. octob(ris) 1620, alhier gesien en(de) gebleken, h(ee)r en(de) m(eeste)r Raphael Lyntermans, advoca[e]t, etc(etera), als procura(ti)e hebben(de) van h(ee)r en(de) m(eeste)r Niclaes Kieboom en(de) jo(uffrouw)e Cath(lijn)e Boen, sijne huysvr(ouw)e, gepasseert voorden not(ari)s Impens ende zeke(re) getuyghen opden iersten juny 1620, h(ee)r en(de) m(eeste)r Charles Bollius, advocaet, etc(etera), en(de) m(eeste)r Adolph du Pret als momboirs van(de) ombejaerde kinderen wijlen jo(ncke)r Godevaert Sults, bij hem v(er)weckt vuytten lichaeme van jo(uffrouw)e Barbara Boen dochter wijlen m(eeste)r Willems Boen als erffgen(aem) wijlen des voors(creven) m(eeste)r Willems, tot des naerbes(creven) staet te doen, geauthoriseert zijn(de) bij act(en) van authorisa(ti)e der h(ee)ren weesm(eeste)rs des(er) stadt Loven van(der) date respective xiiii. juny en(de) xxi. augusti 1621, ond(erteecken)t R. Prince, oock alhier gesien en(de) gebleken, en(de) waervan de teneuren hier naer van woorde te woorde sullen worden geinsereeert, per mo(nitionem) hebben opgedraegen met behoorl(ijcke) v(er)thijden(isse) een boend(er) xxxviii royen bempts, gelegen onder Holsbeeck aen(den) Dutselen Driesch, regen(oten) derffgen(aemen) wijlen Jans Wijbrechts ter ie., den voors(creven) driesch ter iie. en(de) het Bruggevelt ter iiie. zijd(en), item noch onderhalff dachm(ael) eeussels, ond(er) Rotselaer gelegen, regen(oten) Franchois Dirix ter ie., Geert Van Nerschot ter iie., het Broeck Molevelt ter iiie. en(de) Bartholomeeus Van Boischot ter iiiie. zijd(en), exp(osito) imp(ositus) est Jan Vrijsens sone wijlen Guillams, borger ende innewoonder des(er) stadt Loven, p(er) mo(nitionem) et sat(is) die voors(creve) opdraege(ren) elck ind(er) voors(creve) qua(litey)t, obligan(do), submitten(do) ac renun(tiando) in forma et war(as) tvoors(creven) boend(er) xxxvii royen bempts op vii ½ penn(ingen) boon en(de) xii st(uyvers) chijns, daermen jaerl(ijcx) aen die van Gemp voor betaelt een(en) stuyver viii penn(ingen) en(de) het voors(creven) halff dachm(ael) eussels op sh(ee)ren chijns ingevalle men eenighen bevindt daerop vuyt te gaen, tanqua(m) prout iure, coram Schore, Heyden, octob(ris) xxix., 1621.

Item partijen v(er)cleren die voors(creve) goeden v(er)cocht te sijn met diverssche sitdaeghen op hooghen en(de) ten vuytgaene van(de) branden(de) keerssen en(de) sel(ve) gebleven te sijn den voors(creven) Jan Vrijsens als hoochste en(de) meeste v(er)dierdere om en(de) voor vier hondert ses en(de) tsestich rinsg(u)l(dens) eens te xx st(uyvers) Brabandts tstuck eens boven slach, hooghen en(de) wijn gelt, alles volgen(de) die conditie daeraff sijn(de), berusten(de) ond(er) den clerck Hollandts, eisd(em).

Welcke penn(ingen) sijn getelt.

            In de marge.

Lyntermans non interfuit.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register 7512, folio 75v., akte dd. 29 oktober 1621.

Item, in presen(tia), etc(etera), gestaen alle die voors(creve) persoonen per mo(nitionem) hebben opgedraghen met behoorl(ijcke) v(er)thijden(isse) een halff boend(er) bempts, gelegen onder Werchter aen dOude Demer, regen(oten) den voors(crevren) ter ie., die goeden der erffgen(aemen) Absoloens ter iie. en(de) tGroot Sieckgasthuys te Loven ter iiie. zijd(en), exp(osito) imp(ositus) Ph(i)l(ip)s Hollandts, ind(en) naem en(de) tot behoeff Adriaen Briers sone Adriaens, soo voor hem als voor Anna Van(den) Panhuyse, sijne huysvr(ouw)e, woonen(de) tot Rotselaer, p(er) mo(nitionem) et satis die voors(creve) opdraegeren ind(er) qual(iteyt) als voor, obligan(do), etc(etera), et war(as) op neghen mijtten aen(den) hertoghe van Aerschot, tanqua(m) prout iure, eisd(em).

V(er)cleren(de) partijen den justen prijs van(den) coope te sijn boven slach, hooghen en(de) wijn gelt hondert tachtentich rinsg(u)l(dens) te xx st(uyvers) Brabants tstuck eens, eisd(em).

Hier volght den teneur van(den) leste requeste en(de) app(osti)lle, hier voor v(er)melt, en(de) het testament, procura(ti)e en(de) ierste req(ues)te, staen(de) hier voor augusti ix., 1621, die alhier worden gehouden voor geinsereert.

            Aen mijne h(ee)ren weesm(eeste)ren der stadt Loven.

Geven met behoorl(ijcke) reveren(tie) te kennen die kinderen wijlen m(eeste)r Guillam Boen en(de) met hun die momboirs van(de) weesen, achtergelaeten bij wijlen jo(ncke)r Godevaert Sults, gehoudt geweest zijnde met jo(uffrouw)e Barbara Boon, hoe dat zijlieden alhier ter weescame(re) opden xiiiien. juny lestled(en) hebben v(er)worven authorisatie om te moghen v(er)coopen seeckere parcheelen van goeden, gespecificeert in dacte van consente daervan zijnde, hier mede gaen(de), van welcke goeden zijn gehouden geweest vier sitdaeghen naer voorgaen(de) proclamatien, maer en hebben maer connen v(er)cocht wordden twee partijen, te weten die vijff dachm(aelen), gelegen ond(er) Rotselaer bij het moleken van Vrouwenperck, en(de) het boend(er) eussels, gelegen ond(er) Wiltsel, tsamen gegonden hebben(de) ses hondert sessendertich guld(ens) sond(er) slach en(de) hooghen, waer jegens dienen(de) doncosten, alles blijckende bij doriginele conditie van v(er)coopinge, gehouden bijd(en) clerck Hollandts, van welcke conditie midts desen wordt visie gedaen, maer want die voors(creve) gemaeckte penn(ingen) op verre naer nyet en sijn bestandt om die schulden van(den) sterffhuyse des voors(creven) m(eeste)rs Guillams Boon te voldoen, bedragen(de) over die twee duysent vijffhondert gul(den)s salvo justo, soo aen(de) stadt (die de voors(creve) gemaeckte penn(ingen) bij provisie heeft genoten en(de) ontfanghen) aen(de) d faculteyt in artib(us) aen tgoidtshuys van Silverborne, aen(de) rentm(eeste)rs des(er) stadt De Vroye en(de) De Greve, Marien en(de) Overbeeck als meer andere, die hij hem suppl(ian)t daegel(ijcx) moyel(ijck) vallen en(de) dreyghen die goeden van(den) sterffhuyse texecuteren, dwelck notoirel(ijck) dient beter v(er)hoedt dan toegelaeten, soo ist dat sij suppl(ia)nten hen anderwerffven aen U e(erwaerde) addresseren, bidden(de) dat die s(elve) gedient sij hen thauthoriseren om andere goeden te coop te stellen met proclamatien en(de) sitdaeghen tot concurren(tie) van(de) voors(creve) schulden, behoudel(ijck) dat sij opde sel(ve) sitdaeghen anderwerff sullen te coope gebieden en(de) voorhouden die p(ar)cheelen, inde voorgaen(de) authorisa(ti)e gemelt en(de) onv(er)cocht gebleven, en(de) dat voorts van alles sal wordden gedaen in conformiteyt van(de) sel(ve) voorgaen(de) acte behoorl(ijcke) reeckenin(ge), bewijs en(de) reliqua, dwelck doen(de), etc(etera), was onderteeckent Bollius.

            Appostille.

Die h(ee)ren weesm(eeste)rs gesien die voorgaen(de) authorisatie, bij hen den suppl(ian)ten v(er)leent opden xiiiien. juny 1621, hierbij gevuecht, gemerckt dat naer vier distincte publique sitdaeghen van(de) goeden, inde sel(ve) voorgaen(de) acte v(er)leent, nyet en heeft becomen eenighen coopman en(de) dat eenighe parcheelen alsoo sijn o[n]vercocht gebleven en(de) op dat die weesen goeden nyet en wordden tot hennen groote lesie en(de) achterdeel bij executie an(de) crediteurs v(er)cocht, soo hebben die selve h(ee)ren weesm(eeste)rs den suppl(ian)ten geconsenteert en(de) geaccordeert die sel(ve) authoriseren(de) daertoe bij desen om eenige andere goeden, den weesen en(de) den gemeynen sterffhuyse min schaedel(ijck) te moghen v(er)coopen in plaetse van(de) geproeffde onv(er)cochte goeden tot concurrentie van(de) schult, in desen en(de) die voorgaen(de) req(ues)te naerder v(er)melt, dienen(de) dese jegenwoordighe voor acte, aldus gedaen ter weescame(re) den xxien. augusti 1621 en(de) was ond(erteeckent) R. Prince.

 

Hierbij een akte met vermelding van Adrianus Briers zone Adrianus de oude en zijn vrouw Anna Vanden Panhuysen, inwoners van Rotselaar.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7512, folio 447v., akte dd. 6 mei 1623.

Item Nayencken Van Hoovelt wed(uw)e wijlen Michiels Van(den) Schre Schrieck, gebruycken(de) in desen die cracht en(de) macht, haer gegeven soo bijd(en) testam(ente) haer voors(creven) mans opden xxvien. novemb(ris) 1622, ond(erteecken)t frater Paulus Van(den) Hove, cappellaen en(de) onderpastoir van Wesemael, als dauthoriteyt der h(ee)ren weesm(eeste)ren en(de) overmomboiren des(er) stadt Loven in date via. may 1623, ond(erteecken)t J. Schorenbroot, alhier gesien en(de) gebleken, p(er) mo(nitonem) heeft opgedraegen met behoorl(ijcke) v(er)thijden(isse) een dachm(ael) landts, gelegen onder Rotselaer opt Rot, regen(oten) Adriaen Briers ter ie., den H(eyligen) Geest van Rotselaer ter iie., Willem Briers ter iiie. en(de) sh(ee)ren straete ter iiiie. zijd(en), exp(osito) soo is daerinne gegoydt en(de) geerft ten erffel(ijcken) rechte Adriaen Briers den ouden ind(en) naem en(de) tot behoeff van Adriaen, zijn(en) zone, en(de) Anna Van Panhuyse, gehuysschen, woonen(de) tot Rotselaer, p(er) mo(nitionem) et satis die voors(creve) opdraegersse et war(as) op ontrent eenen stuyvers heeren chijns, tanquam prout iure, coram eisdem.

Item partijen v(er)cleren den rechtveerdighen prijs van(den) voors(creven) dachm(ael) landts te zijne hondert xxxi rinsg(u)l(dens) eens los gelts en(de) thien rinsg(u)l(dens) vi st(uyvers) voorden lijffcoop, eisd(em).

     Uit dit huwelijk:

     1. Briers Anna, (°) Rotselaar 02.12.1621 (g. Henricus Briers n. Petrus Briers en Anna Aurogge),

     Bries Emerantiana, x Rotselaar 16.10.1644 (g. Vanden Panhuijsse Joannes en Dnus Vanden Panhuijsse Henricus) met De Brul Carolus - De Brier Carel,

     Bries Helena, (°) Rotselaar 25.01.1628 (g. Henricus Goris en Helena Vanden Panhuijsen), x met Walterus Van Inthoud, fs Dionisius en Aleijdis Keijsers,

     twee boeiende aktes van dit gezin vind je onder de KLIK, bij 3, met dank aan Paul Peeters,

     Briers Maria, x 1 met Joris Van den Eynde, x 2 Rotselaar 21.01.1653 disp. 3 gr. (g. Vanden Panhuijsen Gregorius en Goris Petrus)

     met Foblets Joannes, fii te Rot,

      meer boeiende info over dit gezin met dank aan Paul Peeters onder de KLIK, bij 4 en 5,  

      2. Mommaerts Elizabet, (°) Rotselaar 02.07.1637 (g. Van Merbeke Christophorus en Paellmaers Elizabeth), x met Joannes Thijs, chirurgijn,

     Mommaerts Judocus, (°) Rotselaar 21.11.1639 (g. De Cleijn Judocus en De Pair Catharina),

     Mommaerts Abraham, (°) Rotselaar 09.11.1642 (g. Van Hoeve Ludovicus en Bries Catharina),

     Mommaerts Christina, (°) Rotselaar 29.10.1645 (g. Mommarts Gregorius en Ursula Mommaerts n. Christina Goossens), x met Joannes Verrijt,

 

Briers Hendrick, x 1 Rotselaar 19.02.1623 (g. Petrus Bries en Adrianus Bries) met Paeps Maria, deze 2 Rotselaar 25.01.1628 (g. Paeps Petrus en Bries Libertus) met Wouter - Gualterus Van Aerschot, deze x 2 Rotselaar 20.02.1635 (g. Van Aerschot Arnoldus en Van Aerschot Henricus) met Foblets Catharina,

In de akte maakt men melding van Henricus Briers en zijn vrouw Maria Paeps.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7516, folio 124r., akte dd. 4 november 1626.

Item in tegenwoordicheyt des meyers en(de) der schepen(en) van Loven naerbes(chreven) gestaen jo(ncke)r Raes Van Grave, heere van Lovenjoul, etc(etera), per mo(nitionem) heeft opgedraeghen met behoorl(ijcke) verthijdenisse een halff dachm(ael) broecx, gelegen int Schipstal onder Rotselaer, regen(ooten) d' erffgen(aemen) Cathlijn Poortmans ter ire., d' erffgen(aemen) Jans De Smedt en(de) d' erffgen(aemen) Adriaens Van Hoovelt ter iiire. zijden, expos(ito) impos(iti) sunt Henrick Briers en(de) Marie Paeps, gehuysschen, et satis, etc(etera), et waras op s' heeren chijs ind[y]en men bevindt daerop vuyt te gaene, alles achtervolgen(de) de conditie daer aff sijn(de), bijden not(ari)s d' Otrenge gehouden, item partijen vercleren den rechtveerdigen coop te wesen om ende voor de so(mm)e van lxxxiiii g(uldens) eens los gelts, coram Assche, Impens, novemb(ris) iiiia., anno 1626.

     Uit dit huwelijk:

     2. Van Aerschot Adriaen,  

     3. Van Aerschot Barbara, (°) Rotselaar 22.01.1637 (g. Van Aerschot Gerardus en De Brier Barbara),

     Van Aerschot Catharina, (°) Rotselaar 18.09.1639 (g. De Neuter Henricus  en Vanden Bos Catharina),

     Van Aerschot Ioannes, (°) Rotselaar ...03.1642 (g. Verlinden Joannes en Verlinden Catharina),

     Van Aerschot Henricus, (°) Rotselaar 06.06.1644 (g. De Bries Henricus en Henricx Elisabeth),

     Van Aerschot Petrus, (°) Rotselaar 19.08.1646 (g. Paeps Petrus en Briers Margareta),

     Van Aerschot Maria, (°) Rotselaar 06.12.1648 (g. Huygens Nicolaus en Meeus Maria), 

     Van Aerschot Daniel, (°) Rotselaar 20.08.1651 (g. Vercouteren Daniel en Vanden Eijnde Anna),

     Van Aerschot Gregorius, (°) Rotselaar 21.12.1653 (g. De Pelsmaecker Gregorius en Vander Beken Maria),

     Van Aerschot Joannes, (°) Rotselaar 07.02.1657 (g. De Neuter Joannes en Bols Maria),

     Van Arschot Anna, (°) Rotselaar 23.06.1658 (g. Claes Anna n. Joannes De Jonge en Van Hemelen Maria),

     Van Arschot Elizabeth, (°) Rotselaar 20.09.1661 (g. Goris Petrus en Rombauts Elizabeth), 

 

Bries Martinus, XIII (S5070),

 

Bries Gielielmus, XII - XIII (S2230 + M4742),

 

Briers Maria,

 

2. Goris Maria, x met Jan Dauwen, geen fii W, Bet, H, Wak,

 

? Goris alias Bruers Joannes, XIII (S4962), of is het een zoon uit een ander gezin ... hij behoort wellicht toch bij deze grote Goris-familie,

 

Goris Catharina, XIII (S5071),

 

Goris Margareta, x 1 Wakkerzeel 27...1630 (g. Langendonck Guilielmus en Vande Put Petrus) met Ingelborchs Guilielmus, (°) Wakkerzeel 20.11.1603 (g. Van Langendondonck Guilielmus en Gorts Catharina), zij x 2 Werchter 20.10.1642 (g. Goris Henricus en Van Tongelen Arnoldus) met Joannes Van Leemputten, x 3 Werchter 11.11.1653 (g. Verstraeten Joannes en Van Tongelen Arnoldus) met Willem De Wortelaer,

     Uit dit huwelijk:

     1. Ingelborchs Catharina,  x Werchter 14.06.1655 (g. Van Tongelen Petrus en Arnoldus) met Lauwers Petrus, fii in W,

     Ingelborchs Levinus, (°) Werchter 14.10.1641 (g. Doxs Guilielmus n. Segers Levinus en Van Essche Barbara), 

     2. Van Leemputten Henricus, (°) Werchter 02.04.1644 (g. Van Tongelen Arnoldus n. Stroobants Henricus en Van Esch Barbara n. Goris Anna),

     Van Leemputten Maria, (°) Werchter 26.05.1647 (g. Brugmans Adrianus en Ingelborchs Maria),

 

Goris Elisabeth, ° ca. 1608, x Mechelen Rom 23.02.1637 (g. De Mares Peeter en Steemans Jan) met Rombout Demares - Des Mares,

     Uit dit huwelijk:

     Des Mares Henricus, (°) Mechelen Rom 25.02.1637 (g. Des Mares Jan n. Gooris Henricus en Vanden Dijck Maria),

     Des Mares Catharina, (°) Mechelen Rom 29.08.1638 (g. Des Mares Peeter en Poortmans Cathelijn),

     Des Mares Simon, (°) Mechelen Rom 08.06.1640 (g. Des Mares Simon en Molcman Elisabeth),

     Des Marez Nicolaes, (°) Mechelen Rom 10.07.1642 (g. Des Marez Nicolaes en Vanden Eijke Maria n. Branes Jenneken), 

     Des Mares Maria, (°) Mechelen Rom 21.04.1644 (g. Des Mares Jan en Gooris Maria),

     Des Mares Rumoldus, (°) Mechelen Rom 24.08.1645 (g. Bouwens Remi n. Bries Marten en Des Mares Anna), 

     Des Marez Petrus, (°) Mechelen Rom 28.10.1646 (g. Des Marez Peeter n. Lauwers Petrus en Des Marez Maria), 

     Dez Mares Barbara, (°) Mechelen Rom 26.09.1649 (g. Des Mares Jan en Vanden Dijck Maria n. Vanden Essche Barbara), 

     Des Mares Anna, (°) Mechelen Rom 05.09.1651 (g. Vermeulen Cornelius n. Van Leemput Joannes en Van Horick Anna), 

     Des Mares Maria Anna, (°) Mechelen Rom 06.09.1653 (g. Bouwens Remi n. Des Mares Antonius en Vanden Dijck Maria n. Gooris Anna), 

     Des Mares Gerardus, (°) Mechelen Rom 24.02.1656 (g. De Mares Gerardus pr en Molckmans Elisabeth n. Gooris Margareta), 

     Des Mares Elisabeth, (°) Mechelen Rom 31.01.1659 (g. Des Mares Gerardus pr n. Michiels Adrianus (pastoor Strijpen) en Des Mares Catharina), 

 

Goris Anna, ° ca. 1610, x Werchter 23.11.1643 (g. Goris Henricus en Van Meerbeeck Christophorus) met Joannes Janssens alias Pavie, deze x 1 Rotselaar 10.08.1631 (g. Vanden Panhuijsse Joannes sr en Janssens Petrus/Foblets Guilielmus) met Foblets Maria,

     1. Janssens Anna, (°) Rotselaar 18.09.1636 (g. Molemans Guilielmus en Grietens Anna),

     Janssens alias Pavie Christophorus, (°) Rotselaar 14.11.1638 (g. Van Meerbeeck Christophorus en Kerckmans Catharina),

     Janssens Jacoba, (°) Rotselaar 09.03.1640 (g. Foblets Wilhelmus en Panhuijsen Jacoba). 

 


 

XIII - Briers Martinus (S5070), x 1 Rotselaar 23.01.1622 (g. Gooris Anthonius, Bries Martinus en Bries Adrianus jr) met Goris Catharina (S5071), x 2 (niet Rot, W, ) met Meeus - Mieus - ... Elisabeth.

 

Onderstaande akte 'van uit den brode doen' plaats dit gezin in een juistere context. Met dank aan Paul Peeters.

(bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier (oud archief), register nr. 7537, f° 294r°).

Item Martinus Bries filius quondam Adriani, commorans in Werchter, in p(rese)ntia, etha., emancipavit Henricum,

Jo(ann)em., Petrum, Elizabetham et Barbaram Bries, proles suas, a pane suo modo debito et consueto, quo facto

C. Van Moockenborch reconduxit coram Dielbeeck, Craeneveldt, decembris xv, a°. 1650.

 

Wer1849/2: Fo 85v: 27 feb 1658:

S+D kinderen Merten Briers behouden van wijlen Cathlijn Goris over die goederen op hen verstorven bij dode Henrick Goris x Maria Van Loosvelt (hun grootouders)

- Henrik Briers

- Jan Briers geasst met Jan Janssens Pavie

- Peeter Briers geasst met Merten Briers sijn vader

- Elisabeth Briers x Anthoon Lauwers met Jan Bruijnincx als grootvader van haar kinderen behouden van wijlen Peeter Bruijnincx.

Alle kinderen wijlen Cathlijn Goris alias Bruers daer vader af is den vs Merten Briers hebben overeengekomen over S+D over gronden en erven en renten als op hun voor hun paert en deel zijn verstorven mits die doot en aflijvigheijt van Henrik Goris Alias Briers x wijlen Maria van Loosvelt hunnen resp grootouders, salvo dat het vierde paert ende deel van seker blockxen lant alhier gelegen tot Varent aenden voors Hendrik Briers voor vuijtgelaeten in recompense vanden enuntiatie vande voorkeuse ende consent gedreagen totter lotinghe van deser deylinge, waervan aenden vs Hendrik alnoch een vierde paert was competerende vuijt crachte & naer vermogen vande testamente van wijlen Cathlijn Poortmans, ende die resterende hellicht competeert aan Remeijs Verthiers, het selve een vierde paert bij den vs Hendrik wordt overgelaten & gecedeert aenden voors Jan Briers sijn broeder in recompense ende dancksegginge van de permutatie van malcanderens lotinge …

AVT1: 24 april 1668:

Joos Bruijnincx als momboir van de onbejaerde kinderen wijlen Peeter Bruinincx synen broeder ende Elisabeth Briers, Anthoon Lauwens als vader en momboir van sijn onbejaerde kinderen die hij gewonnen heeft van die voors Elisabeth Briers wesende in haeren tweeden houwelijck ende Peeter Van Tongelen Jansone x Magdaleen Peeters ende haere onbejaerde kinderen die sij gewonnen heeft van Hendrik Bries haeren iersten man was constitueren Jan Briers hunnen C swager om in hunnen naam alsook voor zijn zelven, de persoon van Peeter Briers synen broeder te bedwingen ... om afstand te doen van de goederen die hij is bezittende uit hoofde van zijn grootvader Henrik Goris saliger memorie voor soo veel hij genoten heeft voor syn paert vande goederen die den voors Hendrik Goris stande sijnen weduwelijkcen staet als andere sijnen naerhouwelijck heeft gecocht ende finalijcken daer hij vrije heer ende meester af was, van welcke goederen dat den voors Hendrik Goris bij forme van tractaet heeft gewild ende begeert dat de houwelijcken voorwaarden gemaeckt tusschen Merten Briers ende Elisabeth Meeus sal worden voorgoet vast ende van weerde ... dat alle die voorkinderen van Merten Briers tselfde sullen lauderen etc...

AVT1: 24 nov 1669:

Merten Briers verhuurt aan Merten Claes huis en hof schuere ende stallingen met toebehoorten groot 6 boenderen en vijf vd gelegen in Rotselaer soo en gelijk het in huringe werd gehouden door Antoon Lauwers ende nog tot S Mertensmisse.

 

Het schepenregisters van Leuven (met dank aan Paul Peeters) is inderdaad een eindeloze en één van de meest onderschatte bron, zeker voor de periode dat andere bronnen het laten afweten en dit vanaf de tweede helft van de 14e eeuw !!! Het enige nadeel is dat men geen klappers heeft en gestructureerd zoeken niet mogelijk is. Alleen kan men in een bepaalde periode bij benadering gaan zoeken, maar dan nog.

In de akte wordt melding gemaakt van Martinus Briers en Catharina Goris uit Werchter.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7522, folio 42r., akte dd. 16 oktober 1632.

Item in tegenwoordicheyt des meyers en(de) schepen(en) van Loven naerbes(chreven)

gestaen Guilliam Van Emelen sone wijlen Huybrechts, woonen(de) tot Loven,

per mo(nitionem) heeft opgedraeghen met behoorl(ijcke) v(er)thijdenisse een dachm(ael) landts,

geleghen tot Werchter, geheeten Sparendonck, te Varent, regen(oten) de

straete ter ie., Adriaen Briers ter iie., de kercke van Werchter ter iiie.

en(de) d' erffgen(aemen) Peeters Van Eycken ter iiiie. sijden, expos(ito) impos(iti) sunt Merten

Briers en(de) Cathlijn Goris, gehuysschen, woonende tot Werchter, per mo(nitionem)

et satis, etc(eter)a, et waras op drije molevaeten corens aen(den) H(eyigen) Geest van

Werchter en(de) op s' heeren chijns soo verre men bevindt daerop vuytgaen(de),

prout, coram Borchgreeff, Greve, octobris xvi., a(nn)o 1632. 

 

In deze akte maakt men melding van Martinus Briers (x Catharina Goris), zoon van Adrianus en inwoner van Werchter.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7522, folio 64v., akte dd. 10 januari 1633.

Transcriptie.

Item in tegenwoordicheyt des meyers en(de) schepen(en) van Loven naerbes(chreven)

gestaen Merten Briers sone wijlen Adriaens, woonende tot Werchter,

per mo(nitionem) heeft opgedraeghen met behoorl(ijcke) v(er)thijdenisse een dachm(ael)

landts, geleghen tot Varent onder Werchter, geheeten Sparendonck,

regen(oten) de straete ter ie., Adriaen Briers ter iie., d' erffgen(aemen) Peeters

Vander Eycken ter iiie. en(de) die kercke van Werchter ter iiiie. sijden,

expos(ito) impos(itus) est Peeter Verstraeten sone wijlen Zegers, woonende

tot Werchter, en(de) dat bij maniere van naerderschap et satis, etc(eter)a,

et waras op s' heeren chijns, soo verre men bevindt daerop vuyt te

gaene, prout, coram Daneels, Greve, january xa., a(nn)o 1633.

 

Hierbij een akte met vermelding van Martinus Briers zone Adrianus en zijn vrouw Catharina Goris.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8250, folio 275v., akte dd. 4 mei 1626.

In tegenwoirdicheydt des meyers, etc(etera), gestaen s(ieu)r Henrick Van(den) Roye, onwederroepelijcken gemachticht om t' gene naerbeschreven staet te moghen doen bij s(ieu)r Alexander Van Malcot sone Jacques, weduwer van wijlen jo(uffrouw)e Barbara Van Ermeghem, voor Zegher Festraets, not(ari)s binnen Thienen, den iiien. deser loopen(der) maendt en(de) jaere, zij hebbende die selve Van Malcot volcomen macht en(de) vrije dispositie om te moghen verthienen ende alieneren vuyt crachte vanden testamente, bij hem en(de) zijnder huysvrouwe saligher gesamender handt gemaeckt en(de) gepass(eer)t voorden not(ari)s Petrus Utens van(den) xiien. meert 1625, den heeren schepenen naerbeschreven respectivelijck in originalibus gebleken, heeft die voors(chreven) comp(aran)t en(de) gecommitteerde in qua(litey)t als voore opgedraeghen met behoorelijcke verthijdenisse de goeden naerbeschreven, eerst te weten een parcheel van vijff dachmalen bemdts onbegrepen der maten, met noch twee dachmaelen, neffens malcanderen tot Werchter geleghen, reghenooten de Laecke ter ire., t' godtshuys van heeren Perck ter iire. ende iiire., den Heylighen Geest aldaer ter vierdere zijden, den voorchreven Van Malcot vuyten hooffde van wijlen zijnder huysvrouwe voors(chreven) aengedeylt voor schepen(en) van Thienen vuyttten achtergelaten goeden van zijnder huysvrouwe voorgenoemt wijlen hare ouders in date ... [n.v.], expos(ito) imposit(us) Merten Briers sone Adriaens, zoo voor hem als voor Cathlijne Goris, zijne huysvrouwe, ende dat bij titule van coope, per mo(nitionem) et satis die voors(chreven) opdragere naer vermoghen zijnder procuratie voors(chreven), obligeren(de), submitteren(de) en(de) renun(tierende) in forma et waraz op zeven rinsg(uldens) acht st(uyvers) s(iae)rs aenden godtshuyse van heeren Perck voors(chreven) ende op zekeren cleynen s' heeren chijns, waer van v(er)coopere moet affdoen allen openstaen(de) v(er)loopen totten dage deser goedenisse, geschiedende dit vercoop om en(de) midts die somme van twelff hondert vijfftich g(uldens) te xx st(uyvers) t' stuck, los geldts, daer van die neghen hondert bijden coopers voors(chreven) als nu comptant worden getelt en(de) die resterende drije hondert vijfftich guldens blijven staen ter rente gereserveert opde voors(chreve) parcheelen bemdts, die daer voor bij desen blijven verobligeert, bedraeghende jaerl(ijcx) eenentwintich guldens xvii ½ st(uyvers), te betaelen jaerl(ijcx) opden date deser, dierste jare sal v(er)schijnen den iiiien. may xvic. xxvii en(de) soo voorts van jare te jare, staende te quyten teender reyse den pen(ninck) xvie. en(de) met volle rente, daer voor verbinden(de), submitterende en(de) renuntieren(de) in behoorel(ijcke) formen, coram Maes, Berckel, iiii. may 1626.

 

Uit dit huwelijk: geen andere gegevens te W, Wak, Rot, Wez, H, Wak,

 

1. Bries Elisabeth, XII (S2535),

   

Briers Henricus, (°) Werchter 29.12.1627 (g. Goris Henricus en Paeps Maria), x 1 Haacht 19.09.1653 met Pe(e)ters Magdalena, deze x 2 Werchter 11.04.1668 (g. Van Nuffelen Cornelius en Peeters Joannes) met Van Tongelen Petrus,

     Uit dit huwelijk:

     1. Bries Catharina, (°) Werchter 05.10.1655 (g. Bries Martinus en Van Haecht Catharina),

     Bries Joannes, (°) Werchter 23.12.1657 (g. Peeters Joannes en Paeps alias Van Eijcken Maria),

     Briers Petrus, (°) Werchter 15.03.1659 (g. Schellekens Petrus mediocr. en Mieeuxs Elisabeth),

     Bries Johannes, (°) Werchter 14.02.1662 (g. Janssens Johannes en Gheijselings Johanna n. Stoop Maria),

     Bries Henricus, (°) Werchter 15.07.1665 (g. Van Leemputte Henricus en Van Esch Barbara),

     Bries Joannes, (°) Werchter 19.01.1668 posthumus (g. Bries Joannes en Janssens Sijnken),

     2. Van Tongelen Maria, (°) Werchter 04.11.1669 (g. Van Nuffelen Cornelius en Meeuws Elijsabeth n. Peeters Maria),

 

Bries Joannes, x (niet W, ) met Anna Wouters, deze x 2 Werchter 15.06.1670 (g. De Keijser Joannes en Wauters Arnoldus) met De Keijser Petrus,

     Uit dit huwelijk:

     1. Briers Maria, (°) Werchter 11.05.1660 (g. Lauwers Joannes en Wouters Catharina),

     Bries Joannes, (°) Werchter 15.01.1663 (g. Janssens Joannes en Wauters Clara),

     Briers Petrus, (°) Werchter 05.09.1666 (g. Wouters Petrus en Van Bostraeten Anna),

     Briers Joannes Martinus, (°) Werchter 21.09.1667 (g. De Winter Joannes en Van Hoof Anna),

     Briers Arnoldus, (°) Werchter 31.03.1670 (g. Michaelis Arnoldus),

     2. De Keijser Joanna, (°) Werchter 07.04.1672 (g. Wauters Arnoldus en De Keijser Joanna),

     De Keijser Catharina, (°) Werchter 02.09.1674 (g. De Winter Joannes sr en Van Aerschot Catharina),

     De Keijser Anna, (°) Werchter 19.07.1677 (g. Bruijninx Martinus en Bruijnincx Anna),

     De Keijser Petrus Joannes, (°) Werchter 21.01.1685 (g. Machiels Joannes en Van Leemputte Maria),

    

Bries Petrus, x Mechelen 27.06.1666 (g. De Wijgaert Adrianus en Bries Joannes) met Van Langendonck Catharina,

Onderstaande aktes met dank aan Paul Peeters

BRON : Stadsarchief Leuven, register nr. 7933, folio 47r°, akte dd. 21 augustus 1680.

Transcriptie

Item in tegenwoordicheyt des heere

meyers ende schepenen van Loven naergenompt gestaen

Remisius Peeters sone Guilliams, inne-

gesetenen en. poirter deser stadt Loven,

ter manisse des voors. heere meyers

heeft opgedraegen met behoore-

lijck verthijdenisse een halff boender

bempt, gelegen onder Werchter,

regenooten s' heeren straete ter ire.,

t' goidtshuys van Perck ter ijre., d' erfgen.

Hendrick oft Jan Van Aerschoth ter derdere

sijden, daer Deyle ter expos. impos.

est Peeter Briers ende Cathlijn Van

Langendonck, sijne tegenwoordighe

huysvrauwe oft hens actie hebben.,

waeranderende t' voors. goet voor

vrij, eygen en. onbelast goet, per monitionem jure

et satis et satis, obligans, submittens

ac renuntians in forma, verclaeren.

partijen den rechtverdigen coopprijs

van het bovenges. halff boender

bempts te wesen drij hondert

ende vijffthien guldens, van welcke

somme den voor[s.] transportant ver-

cooper in desen bekent ten vollen

vernieught (!) ende voldaen te sijn, dienen-

de dese voor absolute quittancie, coram

eisdem eodem.

 

Hieronder een akte met vermelding van Catharina Van Langendonck, weduwe van Petrus Bries. Haar man was dus reeds overleden op dat moment.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7600, fol. 43r., akte dd. 27 juni 1716.

In teghenwoordigheyt des hre. meyers ende schepenen van Loven naer te noemen ghestaen den clercq Essinck om die naervolghende acte notariael alhier te vernieuwen en. t' herkennen, als thoonder vande selve gheconstitueert sijnde bij die procuratie daer inne geinsereert, heeft t' selve ghedaen als volght.

Op heden den iiiien. mey 1700 compareerde voor mij openbaer notaris, binnen Mechelen residerende, ende ter presentie vande getuyghen naergenoempt Anneken Van Langendonck, geassisteert van Guille. Camps, haeren man en. momboir, die selve voor soo vele noodt sij authoriserende, de welcke hebben bekent, gelijck sij doen bij desen, vercocht, gecedeert ende getransporteert te hebben aen Catharina Van Langendonck, hier mede compareren. ende den naerbeschreven coop accepterende, sekeren bempt geleghen onder den dorpe van Werchter, groot een halff bunder onbegrepen der maete, de coopersse genoech bekent, regenotende den Demeir (!) in drij seyden en. het Rotselaer Broeck ter iiiie. seyden, wesende vrij ende suyver, soo van chijnsen als andere lasten, haer vercoopersse competerende vuyt den hooffde van haere ouders volghens scheydinghe ende deylinghe daer van ghepasseert, ende is den voors. coop ende transport geschiet voor ende midts de somme van twee hondert seventich guldens eens, op heden date deser te betaelen, die de voors. vercooperen alsnu bekennen ontfanghen te hebben sonder naermaels van voordere te moeten doceren, constituerende voorts de selve vercooperen tot meerdere vasticheyt van t' gene voors. onwederroepelijck mits desen mr. ... [n.v.] omme te gaen en. compareren voor schepenen der voorschr. heerlijckheyt van Werchter en. aldaer het gene voors. herkennende, de voors. Catharina Van Langendonck ofte de gene die sij noemen sal, in den voors. bempt te goeden, vestighen ende erffven met alle solemniteyten daer toe gerequireert, alles tot haeren coste totten erffbrieff inclus, renuntieren., etc., ende voorts alles meer, etc., gelovende, etc., actum binnen Mechelen ter presentie van mr. Martinus Van. Driessche ende Jacobus Van Deurne, ende hebben de voors. comparanten de minute deser beneffens mij notaris onderteeckent, onderstont, quod attestor, ende was onderteeckent J. Van. Driessche, nots. pubs., 1700.

Aldus vernieuwt en. herkent die voors. acte notariael bij den voornoempden gheconstitueerden in alle en. iegewelcke haere pointen en. clausulen, den welcken dijenvolghens ter manisse des heere meyers en. wijsdomme der naerbeschreve heeren schepenen heeft opgedraeghen met behoorelijcke verthijdenisse sekeren bempt, geleghen onder den dorpe van Werchter, groot ontrent een halff bunder onbegrepen der maete, inde voors. acte notariael in sijne regenoten breeder geinsereert en. ghespecificeert, en. daer vuyt ontgoyt ende onteerfft sijnde, soo wordt daerinne met alle solemniteyten van rechte daer toe gerequireert, gegoyt en. geeerfft Catharina Van Langendonck, weduwe van Peeter Bries, de selve alhier present en. t' selve t' haeren behoeve accepteren., et satis et waras pro ut latius in dicto procuratorio, coram d. Herckenrode et Sneyers, hac xxviien. july 1716.

M.T. Dirix, 1716.

De volgende akte in het register heeft ook betrekking op Catharina Van Langendonck weduwe Petrus Bries. Het perceel dat zij dezelfde dag had gekocht, droeg zij over aan Arnoldus Michiels.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7600, fol. 45r., akte dd. 27 juli 1716.

In teghenwoordigheyt des hre. meyers en. schepenen van Loven naer te noemen, compareren. Catharina Van Langhendonck wede. wijlen Peeter Bries, innegesetene van Werchter, de welcke mits het protest van reformatie, bijgeleght weghens Aert Michiels over den vonnisse, t' haeren voordeele bij die hren. schepenen deser stadt in date ii. may lestleden gewesen, heeft in forme van cautie opgedraeghen sekeren bempt, geleghen onder den dorpe van Werchter, groot ontrent een halff boinder onbegrepen der maete, regenoten. den Demer in drij seyden en. het Rotselaeren Broeck ter iiii. seyden, bij haer op date deser in hac camera vercreghen teghens Anneken Van Langendonck en. haeren man, welcken volghens daer vuyt ontgoeyt en. onteerfft sijnde, soo wordt daerinne gegoyt en. geeerfft den clercq Essinck, alhier present en. accepteren. inden naem en. ten behoeve van Aert Michils om daer aen te verhaelen t' gene die voors. comparante ten laste van. voors. Michils vuyt crachte en. naer vermoghen van twee distincte taxaten van costen sal comen t' executeren ingevalle den voors. vonnisse in sijne mats. Raede van Brabant wierde geretracteert, voorders oft anderssints nyet, gelovende, verbindende en. renuntieren. pro ut in forma, partije in haeren procureur Vander Smissen, hier toe ghedaeght door den dienaer de Mort, ut scripto retulit coram d. Herckenrode et Sneyers, hac xxviie. july 1716.

M.T. Dirix, 1716.

     Uit dit huwelijk:

     Bries Anna, (°) Werchter 12.07.1667 (g. Worteleers Joannes en Peeters Anna),

     Bries Guilielmus, (°) Werchter 15.10.1669 (g. Guilielmus Van Langendonck en Elisabeth Meeus),

     Bries Petrus, (°) Werchter 16.11.1671 (g. Boots Petrus en Van Langendonck Maria n. Ingelborghs Maria),

     Bries Anna, (°) Werchter 31.03.1674 (g. Van Roost Cornelius n. Van Langendonck Petrus en Goris Anna),

     Bries Joanna, (°) Werchter 11.06.1677 (g. Vlemincx Joannes en Van Langendonck Joanna),

     Bries Catharina, (°) Werchter 12.03.1680 (g. Boels Joannes en Ingelborchs Catharina),

     Bries Joannes, (°) Werchter 07.01.1684 (g. De Keijser Petrus n. Van Langendonck Joannes en Van Leemput Maria),

     Bries Maria, (°) Werchter 07.01.1684 (g. Van Langendonck Guilielmus en Bries Maria),

     x Werchter 06.05.1706 (g. Geens Joannes en Bries Petrus) met Guens Joannes,

     Bries Martinus, (°) Werchter 22.12.1686 (g. Briers Martinus en Van Langhendonck Anna),

     Bries Anna, (°) Werchter 10.10.1689 (g. Joannes Bries en Anna Van Hoef),

    

Bries Joanna, (°) Werchter 25.10.1641 (g. Van Essche Henricus en Vander Haeghen Joanna),

    

Bries Egidius, (°) Werchter 25.10.1641 (g. Smets Egidius),

    

Bries Rumoldus, (°) Werchter 28.06.1643 (g. Goris Elisabeth n. mar. Desmares Rumoldus en Goris Anna),

    

Bries Martinus, (°) Werchter 11.10.1645 (g. Bries Guielmus en Hollemans Maria),

    

Briers Barbara, (°) Werchter 19.08.1647 (g. Bruijnincx Arnoldus en Dekens Barbara),

 

2. Bries Anna, (°) Werchter 28.07.1652 (g. Schellekens Joannes n. Brugmans Adrianus en Meius Anna),

 

Bries Maria, (°) Werchter 30.07.1653 (g. Van Arschot Maria n. De Keijser Joannes echtg. en Mieus Maria),

 

Bries Martinus, (°) Werchter 09.05.1656 (g. Bries Martinus en Paeps Adriana),

 

Briers Adrianus, (°) Werchter 26.05.1658 (g. Brugmans Adrianus en Briers Emerantiana),

 

Briers Catharina, (°) Werchter 02.05.1660 (g. Bauwdewijns Cornelius en Van Aerschot Catharina),

 

Briers Andreas, (°) Werchter 21.02.1662 (g. Meuws Andreas en Bostraten Anna).

 

 

 

XII - XIII - Bries Gielielmus (S2230 + M4742), ° ca. 1586, x 1 met Vandenberge Maria (+ Rotselaar 08.04.1629 in Ecclesia), fa Paulus en  Maria Vandendaele, x 2 Rotselaar 16.07.1630 (g. Joannes Vermylen en Adrianus Bries) met Aurogge Catharina (S2231 + M4743), ° ca. 1601-1610, + Rotselaar 05.12.1676 ((+) Rotselaar 07.12.1676 in Ecclesia).

 

Bijgaand een akte (met dank aan Paul Peeters) met vermelding van Guilielmus Briers en Maria Vanden Berghe, inwoners van Rotselaar

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7511, folio 123v., akte dd. 4 januari 1621.

Item, in p(rese)ntia als boven, etc(etera), gestaen Hendrick Van(den) Driesch als man en(de) momboir van Cathelijn Van Malcot, Gielis Smets als man en(de) momboir van Elisabeth Van Malcot en(de) Niclaes Van Malcot, v(er)claren(de) hem oudt te wesen xxv jaeren, alle kinderen en(de) erffgen(aemen) van Cornelis wijlen Van Malcot en(de) Johanna Leunis Luenis, gehuyschen als sij leeffden, heurl(ieder) in solidum sterckmaecken(de) voor Peeteren ende Willem(en) Van Malcot, heurl(ieder) respective broeders, noch minderjaerige, alle woonen(de) onder Herent, met manisse hebben tsaemen opgedraeghen met behoorl(ijcke) v(er)thijden(isse) alsulcke twee halsteren rocx en(de) het vierendeel van een halster erffpacht mette v(er)loopen van dijen als de voors(creve) opdraegeren en(de) erffgen(aemen) als vore met schepen(en) brieven van scheydinghe en(de) deylinghe der stadt Loven jaerl(ijcx) waren trecken(de) van(der) daet january viia., anno xvc. lxxxvi, in dierste schrijffcaemere, bepandt en(de) gehypothiceert op seecker halff boen(der) landts, gelegen onder Rotselaer, wesen(de) een block, gelegen aen(den) Middelberch, regen(oten) den voors(creven) Middelberch ter eenre, Adriaen Briers ter tweedere en(de) die heye aldaer ter derdere zijden, exp(osito) imp(ositi) Willem Briers ende Maria Van(den) Berghe, gehuysschen, woonen(de) tot Rotzelaer, en(de) dat bij maniere van affquyttinghe et satis den voors(creven) respective opdraegeren obligan(do) et indivisim submitten(do) ac renun(tiando) in forma et waras dat de voors(creve) erffpacht nyet en is belast noch v(er)thiert geweest in eenigher manieren, prout, coram eisd(em). 

 

Dan vind je onder de KLIK bij 2 en bij 5 (ook met dank aan Paul Peeters) nog een akte en gezinsinfo.

Willem Briers had met zijn vrouw Catlijn Auroghs tenminste drie dochters, met name Geertrui, Elisabeth en Catlijn. Hun zoon Petrus wordt in de akte niet vernoemd, wat erop zou kunnen wijzen dat deze als kind overleed. Is het deze Geertrui die als doophefster optrad bij de doop van Gertrudis Goris, dochter van haar halfzuster Catharina en Petrus Goris ?

gaat hieronder op genealogisch vlak een vrij interessante schepenakte i.v.m. het gezin van Catharina Aurocx, weduwe van Willem Briers.  In de akte wordt ook melding gemaakt van :

- Peter Briers;

- Geertrui Briers, echtgenote van Hendrik Van Salm;

- Elisabeth Briers, echtgenote van Peter Boits.  

 

Hieronder een akte met vermelding van Guilielmius Briers (Bries) zone Adrianus en zijn vrouw Catharina Aurocx (Ourogge).

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8254, folio 305v., akte dd. 15 november 1631.

Item in p(rese)ntie als voor gestaen die v(oor)s(chreven) Guilliam Herts vuyt crachte van procura(ti)e voorgeruert et repetatur, per mo(nitionem) heeft opgedraegen met behoorel(ijcke) v(er)thijdenissen tot behoeff van Willem Briers soene Adriaens en(de) Cathlijn Ourogge, gehuysschen, een stuck van sesse vierendeelen lants, gelegen onder Rotselaer op het Rotvelt, regenooten den H(eyligen) Geest van Rotselaer ter eenre, derffgen(aemen) Adriaen Briers ter iier., die v(oor)s(chreven) Willem Briers ter iiier. en(de) Adriaen Mieulx ter vierdere zijden, waranderende tselve voor vrije, eygen en(de) onbelast, exposit(o) impositi est sunt per mo(nitionem) jure hered(itario) et allod(ii) die v(oor)s(chreven) Willem Briers en(de) Cathlijn Ourogge, gehuysschen, voor hen en(de) naercomelingen, et satis die v(oor)s(chreven) gemachtichde naer v(er)mogen zijnder co(mm)issie obligans, etc(tetera), et waras ut ante, den coop beraeght twee hondert en(de) vijfftich gulden eens, los en(de) vrije gelts boven slach, hoogen en(de) anderen ongelde volgen(de) de c(on)ditien, actu(m) eodem et eisdem.  

 

Hieronder een schepenakte m.b.t. Willem (Guilielmus) Briers en Catlijn (Catharina) Auroghs (Aurogge).

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7912 fol. 13v°.

Item in tegenwoordicheyt der scepenen van Loven naergenomt gestaen Willem Briers als man ende momboir van Cattlijn Auroghs, sijne huysvre., ten overstaen ende bij consent des selffs, in desen oyck pnt. heer ende mr. Maximiliaen Peeters, sris. der voors. stadt Loven, de welcke alhier in handen vna Geleyn Van Emelen, clerck vant register deser stadt, als onder de weth heeft gesteldt een stuck gaudt, wesende een. halven Philips gulden, ende een. iij s. penninck, als wesende gaudt ende silver, ganckbaer sijnde ende in gevalueerden gelde, ende dat om te comen tot naederschap van een halff boinder landts, gelegen tot Rotselaer, regen. den wegh gaen. naert clooster van Vrouwenperck ter ie., d' erffgen. Laureys Van Crieckinghen ter ije., Laris Bosch ter iije., onlancx bij Peeter ende Philips Van Haeght vercocht, kinderen wijlen Jans, aen Anthoen Van Mechelen ende daerinne den selven alhier voor scepenen van Loven is gegoyt ten behoeff van Jan Auroghs ende de kinderen van Matthijs De Ceustere ende Cattlijn Van Mechelen, elck voor de hellicht, op den xven. marty lestleden, versoecken. totte selve naederschap te worden gepermitteert, geloven. te voldoen allen t' ghene daer toe is staende, soo wanneer behooren sal ende de materie daer toe sal gedisponeert sijn ende hem in alles te reguleren volgens de coustuymen deser stadt, soo wanneer partije hem oyck daer naer sal reguleren, coram Greve, Horenbeeck, xxvi aprilis 1658.

 

R1610: Fo 40: 13 dec 1678:

S+D Willem Briers x Catharina Aurogge

- Elisabeth Briers x Peeter Boits

- Geertruide Briers met Jan Van Salm ende Anthoon Lauwers als momboirs over haere minderjaerige kinderen behouden van wijlen Hendrick Van Salm ende Jan Lauwers haere resp mans waeren.

R1628 fo 30: Peeter Boets x Lijsbeth Briers dochter Wijllems naer doodt Peeterken broeder geprofest int abdije Van Tongerloo tot behoeff van erfgen vanden selven Peeterken Briers ofte wel die dit leen vanden deijlinge .. van een dm lants vuijt onderhalf dm gelegen te Rotselaer op het Kerckhoffvelt bijden voors Peeteren Briers vercregen open 19 juni 1656 van Hendrick Lechij rechter als int bij hem gedaen ende blijvende Geertruijt Broers oudste suster van voors Peeter nu getrouwt met Jan Lauwers heeft Peeter Boits gedaen manschap & eedt van trouwe
- 23 sept 1566: Katherijne ‎(x Hendrick Vandeneijnde)‎ ende Marie Van Criekinghe ‎(x Huijbecht De Beckere)‎ wijlen Sebastiaens dochters hebben bij de dood van hun vader onderhalf dm gelegen opt Kerckhof velt ontvangen
- opdezelfde dag verkopen zij het goed aan Huijbrecht Van Criekinghe x Barbele Hobbocq
- 15 nov 1602: Vranck Lechij x Cathelijne Van Criekinge, dr wijlen Huijbrechts, ontvangt na de dood van Huijbrecht Van Criekinge te leene onderhalf dm lants opt Kerckhofvelt ‎(Pauwels Vandenberghe)‎
- 28 april 1608: Anthoon Lechij zone Vranckx ende Cathelijn Van Criekinghe hebben na de dood van Cathelijne zijne moedere te leene ontvangen onderhalf dm opt Kerckhofvelt ‎(Pauwel Vandenberghe)‎
- 19 juni 1656: Willem briers x Cathelijne Auwericx kopen van Hendrik Lechij sone Anthoons een dm vant voors onderhalf dm opt Kerckhofvelt ‎(Peeter Goris, erfgen Joos Van Boischot)‎ tot behoef van Peeterken Briers hunnen soone, 11 jaer , sterfman
- 7 okt 1656 koopt Willem Briers van Laureijs Lechij soene Anthoens ten behoef van Peeterken Briers een half dm uit het vorig stuk
- 9 maart 1669: Peeter Boets x Lijsbeth Briers dochter Willems hebben verheven na de dood van Peeterken Briers haeren broeder geproffest inde abdije van Tongerloo het voors dm lants uit onderhalf dm opt Kerckhohvelt
sterfvrouwe Geertruijt Briers autste sustere vanden voors Peeter Briers nu getrouwt met Jan Lauwers
- dezelfde dag verheft Peeter Boets het andere half dm
provisionele sterfvrouw Gertrudis Briers
- 21 feb 1682: Cornelis Luimoije x Gertrudis Briers verkopen het voors half dm uit een meerder stuck van onderhalf dm ‎(Elisabeth Briers)‎ aan mr Wijnant Van Limborch
- 29 nov 1690: Peeter Boets x Elisabeth Briers verkopen aan Anna De Cammon we Wijnant Van Limborch het overige dagchmael ‎(erfgen Peeter Gijselinckx)‎
.
  

 

Hierbij een akte met vermelding van Guilielmus Brie(r)s en zijn vrouw Maria Vanden Berghe.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7512, folio 224v., akte dd. 30 mei 1622.

Item, in presen(tia), etc(etera), gestaen Jan Schrieckmans sone wijlen Jooris als man en(de) momboir en(de) ten bij sijne en(de) overstaen(e) van Cath(lij)ne Gessels, sijne huysvr(ouw)e, en(de) Jan Dillemans als man en(de) momboir van Anna Van Aerschot, alhier oock p(rese)nt, p(er) mo(nitionem) hebben indivis(im) opgedragen met behoorl(ijcke) v(er)thijden(isse) een dachm(ael) boogaert, daer iertijts een huys heeft opgestaen, ombegrepen der maeten, gelegen onder Rotselaer, regen(oten) sh(ee)ren straete in twee zijd(en), Govaert Vrolijcx doude ter iiie., exp(osito) imp(ositus) est Willem Briers, soo voor hem als voor Marie Van(den) Berghe, zijne huysvr(ouw)e, p(er) mo(nitionem) et sat(is) obligan(do), etc(etera), et war(as) op sh(ee)ren chijns van(den) gronde ingevalle eenighen daerop is vuytgaende, die wel(cke) die voors(creve) v(er)cooperen geloven aff te doen totten daeghe van heden ingevalle daer eenighen op is vuytgaen(de), coram Vorst, Beringhen, maii xxx., 1622.

Item partijen v(er)cleren den prijs van(den) coop te sijn hondert xx rinsg(u)l(dens) eens los gelts en(de) drije guld(ens) lijffcoop, eisd(em).

 

Uit dit huwelijk:

 

1. Briers Catharina (Catlijn), (°) Rotselaar  02.02.1611 (g. Adrianus Bries en Elisabeth Pasteels), x Rotselaar 20.10.1630 (g. Gooris Anthonius en Bries Wilhelmus) met Petrus Goris, (°) Rotselaar 29.12.1609 (g. Petrus Vanden Eynde en Anna Dauwen), fs Antoon Gooris alias Bruers en Maria Waut(i)ers,

Hieronder (met dank aan Paul Peeters), een akte met vermelding van Petrus Goris (broer van Jacoba en schoonbroer van Gregorius Van den Panhuysen) en Catharina Bries.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, nr. 7917 fol. 375r°.

Item inde tegenwoodicheyt der hh. schepenen van Loven naerbes. gestaen Adriaen Stuckens, geswooren boode deser stadt Loven, om tgene naerbes. staet te vernieuwen, als thoonder deser daer toe geconstitueert sijnde bij procuratie, hier onder geinsereert, ende heeft tselve gedaen inder vuegen naervolgende.

Op heden desen ix. mey 1664 comparerende voor mij openbaer notaris, present die getuygen naer te noemen, den eersamen Peeter Gooris ende Cathalijn Bries, sijne wettige huysvrouwe, woonen. onder Rotselaer, welcke voors. compten. gehuyschen bekennen alsnu deughdel. te hebben ontfangen vuyt handen van sr. Peeter de Lannoy ende Anna De Waersegere, gehuyschen, woonende binnen deser stadt Loven, de somme van een duysent guldens eens in specie van patacons, daer voor sij hebben gelooft te betaelen eene erffel. rente van vijfftich guldens tsiaers tegen den penninck twintich, alle jaeren vallende ende Xschijnende. datum deser ende voorsulcx voorden iersten valdach te Xschijnen. den ix. mey vanden naestcomenden jaere 1665 ende soo voorts van jaer tot jaere totte quytinge toe die sal moeghen gebeuren alst de voorschreve rentgelderen gelieven sal ende dat in twee reysen, elck reyse met vijffhondert guldens smaels in specie van patacons ende met volle rente, gheloovende de voors. rentnemeren de vs. gehuyschen renthefferen de vs. rente alle jaeren tsijnen valdach voors. wel ende loffel. te betaelen ende binnen deser stadt wissele van Loven te leveren, los ende vrije van alle beden ende impositien, alreede innegestelt oft naermaels innetestellen, elcken jaere ende termijne voors. als schult metten rechte Xwonnen., ob., sub. ac renuncian. in forma, ende tot alnoch naerdere vasticheyt der voors. rente ende jaerl. betaelinge van dijen, de voors. renthefferen oft hens actie hebbende, noch beeter ter verseekeren, soo hebben de vs. gehuyschen comparanten verbonden en. verobligeert de goederen naerbeschreven, daer over sij alhier consenteren gemaeckt te worden belijde ende mainmise, mitsgaders indt decreet ende herdecreet der heeren schepenen van Loven daer over te geven sonder dagement te derven doen ende signantel. over vijff dachmaelen bempts, gelegen tot Rotselaer tot Becxem, regenooten Henrick ende Carel De Brier oist, Henrick Bries suyt ende derffgenaemen Peeter Bries west ende noort, item drije dachmaelen lants opt Schranckbraeck onder Rotselaer, regenooten het goidtshuys van Betlem oist, Huybrecht Bols ende Guilliam Foblets suyt, Bertel Verlinden west ende derffgenamen Willem Bries noort, item twee boinderen bempts tot Nerum onder Rotselaer, regenoten de Winge oist, de straete aldaer suyden, mijn heer Opperus met jor. Eynatten west ende het begijnhoff van Arschot noort, constituerende de voorschreve comparanten een ider thoonder deser in solidum om tgene voors. staet, voor meyer ende schepenen van Loven te vernieuwen in behoorel. forme de et super quibus promittentes semper ratum et gratum, ob., sub. ac renunciantes pro ut in coi. forma.

Actum binnen Loven ter presentie van Merten Nackarts ende Geraert Oostens als getuygen, tot desen geroepen ende gebeden, ende hebben de voorschreve comparanten de minute deser beneffen mij notario onderteekent, onstont. present als nots., quod attestor ende was onderteekent W. Van Limborich, den voors. Adriaen Stuckens, comparant, vuyt crachte sijnder voors. procuratie ende speciaele commissie den innehouden vanden bovengeschreven instrumente notariael andermael alhier voor heeren schepenen vernieuwt, herkent ende gereitereert hebbende, heeft dijenvolgens inden naeme der vs. constituanten bekent, gelooft, verbonden ende geconsenteert alles pro ut latius in dicto procuratorio coram De Greve, De Ridder, may xvi, 1664.  J. De Greve.

N.B. : De akte werd doorgehaald en in de rand werd volgende tekst vermeld.

Is gebleken van. quitancie in date 17 7bre. 1672, ondertekent de wede. Peeter de Caumon van dat sij de capitaele penningen der rente van 50 gul. tsiaers heeft ontfangen mette Xloopen. der selver et sic vacat., actum xvij 7ber. 1672.

     Uit dit huwelijk:

     Goris Elysabeth, (°) Rotselaar 29.03.1642 (g. Vanden Schrieck Joannes en Bries Maria),

     Goris Anna, (°) Rotselaar 03.02.1644 (g. Gregorius Van den Panhuysse en Anna Briers),

     Goris Petrus, (°) Rotselaar 19.11.1645 (g. Van Bostraten Petrus en Goris Anna),

     Goris Henricus, (°) Rotselaar 10.02.1649 (g. Stroomans Henricus en Dlla Maria Anna Tservaets),

     Goris Barbara, (°) Rotselaar 01.12.1650 (g. Lecheij Guilielmus en Van Hove Barbara),

     Goris Gertrudis, (°) Rotselaar 03.04.1652 (g. Foblets Joannes en Briers Gertrudis),

     Goris Henricus, (°) Rotselaar 14.05.1654 (g. Dnus Joachim de Hoppers en Aurogge Dymphna),

 

Bries Maria, (°) Rotselaar 26.12.1612 (g. Guielmus Rogmans en Elisabeth Vertiers),

 

Bries Adriana, (°) Rotselaar 08.03.1615 (g. Andreas Reinaers en Adriana Van Emelen, x (niet Rot, ) met Mathias De Wals,

     Uit dit huwelijk: geen fii Rot,

     De Wals Henricus, 

 

Bries Maria, (°) Rotselaar 24.05.1618 (g.  Paulus Vanden Berge en Catharina Rogmans), x 1 Rotselaar 13.07.1642 (g. Van Emelen Michael en Bries Guielmus) met Van Emelen Anthonius, x 2 met Philippus Van Haeght, fs Jan, wonend Gelrode, geen fs te Rot, Wez, Nieuwr,

Onder de KLIK bij 1, 3, 4 en 6 zitten bijzonder informatieve aktes over dit gezin en hun ouder(s), broer. Hun situering in ruimte en in tijd. Met dank aan Paul Peeters.

 

Bries Henricus, (°) Rotselaar 13.09.1620 (g. Henricus Brugmans en Catharina Ghyssels), + Rotselaar 28.05.1664, x Rotselaar 06.10.1641 (g. Bries Guielmus, parens, Vanden Bosche ..., parens en Gooris Petrus) met Francisca Van den Bossche, + Rotselaar 28.10.1668, deze x 2 Rotselaar 12.02.1665 (g. Van Langendonck Antonius, Kooremans Henricus en Hierts Petrus) met Dox Guilhelmus, deze x 2 Rotselaar 27.02.1669 (g. Janssens Joannes pater, Janssens Christophorus en Huens Petrus) met Janssens Anna alias Pavie, (°) Rotselaar 18.09.1636, fa  Jansen Johannes, (°) Rotselaar 16.10.1604 (g. Vanden Panhuijsse Johannes en Van Crieckinghe Jodoca), x 1 Rotselaar 10.08.1631 (g. Vanden Panhuijsse Joannes sr en Janssens Petrus/Foblets Guilielmus) met Foblets Maria,

R1628: Fo 71:

- 9 nov 1560 heeft Adriaen Vernoijen sone wijlen Jans gederft twee deelen van vijf dm lants gelegen te Linden onder Rotselaer aan Henrick Van Langendonck

- 7 nov 1622: Jan Van Langendonck sone wijlen Henriq heeft bij leene ontvangen twee deelen van vijf dm lands …

- 31 dec 1623: Jan Huijbrecht ende Geeraert VL hebben na de dood van hun vader te leene verheven…

- 10 nov 1636: Jan Smets sone Jans x Anna VL heeft na de dood van Geeraert VL haeren broeder te leene verheven de voors twee derdedeelen van het Driesken

- 11 feb 1641: Willem Vandenbosch x Cathelijn VL kopen van Jan Smets x Anna Van Langendonck de vrs twee derdendelen

- 4 okt 1660: Henricq Briers x Francijncken Vandenbosch na de dood van Willem Vandebosch verheft de voors twee derdedelen

- 19 sept 1673: Guilliam Briers verheft na de dood van Hendrik Briers zijn vader de voors twee derdedelen …

- 9 dec 1673: eerw heere Thomas Staplethonius is gecomen bij (coope?) gedaen tegens den voors Guilliam Briers ende sijnen naeste bloetverwanten tot de hellicht van een besloten block gelegen in sijne haeghen grachten en canten groot int geheel sesse dm waervan dander hellicht is competerende aende mede erfgen vanden voors Guilliam Briers gelegen tot Rotselaer ..

- 17 juli 1722: fondatie Stapletonius.

 

Onderstaande akte met dank aan Paul Peeters:

Onderstaande akte dat Guilielmus Briers als oudste zoon van Henricus en Francisca Van den Bossche, uitweek naar Kessel-Lo.  Francisca Van den Bosch overleed te Rotselaar op 28.10.1668 en werd de dag nadien in de kerk begraven.  Het is Guilielmus Dockx die zich mee borg stelt voor de lening die zijn stiefzoon Guilielmus Briers aanging bij Petrus Boogaerts, zoon van Cornelius Boogaerts en Emerentiana Keynens uit Leuven.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8265 fol. 93v°.

In tegenwoordicheyt der heeren schepenen van Loven naergenoempt gestaen den clerck Van Heusden vuyt crachte ende naer vermogen van sijne procuratie ende onwederoepelijck bevel om den naerbes. contracte wettelijck te mogen doen vernyeuwen ende te herkennen, als thoonder deser gegeven, waer van den teneur van woorde tot woorde is volgende, luydende aldus.

Op heden den vijffden january anno duysent seshondert sessentsestich comparerende voor mij als openbaer notaris, inden Raede van Brabant geadmitteert, tot Loven residerende, ende inde presentie vande getuygen hier onder genoempt, Guillam Briers, woonende te Kessel onder dese stadt Loven, die welcke heeft bekent ende bekent bij desen ontfangen te hebben van weghen Peeter Boogaerts, sone van wijlen sr. Cornelis Boogaerts ende joe. Omerentiana (!) Keynens, gehuysschen als sij leeffden, woonende binnen dese stadt Loven, de somme van vier hondert gul. eens in permissien gelde, waer voor den voors. comparant ten behoeve vanden voors. Peeter Boogaerts heeft beloeft te betaelen eene erffelijcke rente van vijffentwintich gul. sjaers den penninck sesthien, daer van den iersten termijn van betaelinge vallen ende verschijnen sal den vijffden january anno duysent seshondert sevenentsestich ende soo voorts vervolgens van jaere te jaere totte quyttinge toe, welcke sal mogen geschieden als den rendtgelder gelieven sal t' eender reyse ende met volle rente in munte als voor, gelovende de selve rente jaerlijcx wel, loffelijck ende personelijck te betaelen ende in stadts wissele van Loven te leveren, los ende vrije van alle impositien oft exactien, innegestelt ende alnoch inne te stellen, t' elcken termijn als schult met recht verwonnen, daer voor verbindende sijnen persoon ende alle sijne goederen, meuble ende immeuble, present ende toecomende, ende namentlijck t' sevenste paert inde naervolgende panden, gelegen onder Rotselaer.

Te weten een block lants, gelegen te Bexem, genoempt den Boomgaert, groot thien vierendeelen, regenoten Cornelis Vrolijcx ter ie., de Gemeyne Heyde ter ije., Carel De Brier ter iije. ende sheeren straete ter iiije. zijden.

Item een bempdeken, groot een halff dachmael, gelegen in sijne grechten, genoempt Seynckenseussel, regenoten de Broeckstraet ter ie., de leygracht ter ije. ende Cornelis Van Aerschot ter iije. zijden.

Item een halff boender lants, genoempt t' Slachvelt, gelegen in sijne canten, regenoten d' erffgen. Guillam Vanden Panhuysen ter ie., sheeren heyde ter ije., Wauter Van Aerschot ter iije. ende d' erffgenaemen Jacob Foblets ter iiije. zijden.

Item een halff boender lants opde Hertshaeghe, regenoten Wauter Van Aerschot met Geeraert Elsen ter ie., Peeter Van Aerschot ter ije., Guillam Van Aerschot ter iije. ende sheeren straete ter vierdere zijden.

Item een block lants, groot drije dachmaelen, rontsom in sijne canten onder den Middelberch, regenoten Cornelis De Brier ter ie., den Middelberch ter ije., Jan Kustermans ter iije. ende Guillam Van Aerschot ter iiije. zijden.

Item vijff vierendeelen lants opt Roth, regenoten d' erffgenaemen Geert Van Aerschot ter ie., sheeren straete ter ije., St. Bernaerts Aultaer van Vrouwen Perck ter iije. ende jor. Hopperus ter iiije. zijden.

Item noch een vierendeel lants daer neffens gelegen, regenoten sheeren straete ende den H. Geest.

Item een dachmael hoywassch int Schipstalbroeck, regenoten de pastorije van Rotselaer ter ie., Guillam Foblets ter ije., d' erffgenaemen Mertten Van Meerbeeck ter iije. ende St. Cathlijnen Aultaer ter iiije. zijden.

Item drije vierendeelen lants op den Meeren Leempoel, regenoten Peeter Van Aerschot ter ie., d' erffgenaemen Jaspar Vercouteren ter ije., d' erffgenaemen Jans Vanden Panhuysen ter iije. ende d' erffgenaemen Jaspar Vercouteren ter iiije. zijden.

Item sesse vierendeelen hellicht winninge int Hellichter Broeck, regenoten d' erffgenaemen Anthoen Van Aerschot ter ie. ende ije. ende den Demer ter iije. zijden.

Item een halff dachmael inden Grooten Saert, regenoten den selven ter ie. ende ije. ende de leygracht ter iije. zijden.

Alle welcke panden Franchijnken Vanden Bossch, sijne moeder, is besittende in tochte, die alhier mede present ende oock comparerende, die selve in regarde van t' voors. sevenste paert is affgaende ende quitterende bij desen, consenterende daer over int maecken van beleyde ende mainmise ende in decreet van dijen sonder daer toe geroepen oft gedaeght te sijn, ende tot naerdere asseurantie vande voors. rente ende jaerlijcxe betaelinge der selver, soo is hier mede gecompareert Guillam Docx, ingesetene van Rotselaer, die hem daer voor heeft gestelt borghe ende cautionaris als principael onder gelijcke obligatie ende renunciatie als voor, des heeft den voors. Guillam Briers geloeft sijnen cautionaris te garranderen ende indemneren, tot dijen eynde verobligerende sijn deel ende panden, hier voerens vermelt, ende andere, waer die gelegen sijn oft bevonden sullen worden, constituerende alsoo alle de voors. comparanten onwederoepelijck een yeder thoonder deser om dese bekentenisse ende borchtochte, daerinne vermelt, voor meyer ende schepenen van Loven ende alle hoff ende heer competent te vernyeuwen ende te herkennen, consenterende in volontaire condemnatie, promittentes ratum, etc.

Aldus gedaen ende gepasseert ten daege, maende ende jaere als boven ter presentie van Bernaert Struyff ende Jan Schepers, getuygen, tot dese geroepen ende gebeden, ende hebben de comparanten de minute deser neffens mij notario onderteeckent, onderstaet mij present, quo attestor jor. A. Van Heusden, nots.

Den voors. geconstitueerden vuyt crachte als vore, heeft dit contract alhier vernyeuwt, herkent ende gereitereert, gelovende ende consenterende pro ut latius inden selven, obligando, submittendo ac renunciando in forma, coram Pleines, Crabeels, hac 12. january 1666.  Charles Pleines, G. Vander Heyden.

            N.B. : In de rand van de akte werd volgende tekst vermeld. 

Is gebleken bij notariale quitantie, gepasseert voorden nots. Van Heusden ende seeckere getuygen opden 20. septemb. 1673, gegeven bij mr. Philips Schoeir, momboir der kinderen van wijlen sr. Bernaert Bogaerts dat dese rente van vijffentwintich gul. sjaers, bekent bij Guilliam Briers ende sijne huysvrouwe, is gequeten et sic vacat, ende alsoo ten prothocolle gecasseert.

 

In deze akte wordt melding gemaakt van Guilielmus Docx en Anna Janssens alias Pavie uit Rotselaar.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7938, folio 132r., akte dd.  16 november 1685.

Inde tegenwoordigheyt der heeren scepenen van Loven naergenoempt gestaen den notaris ende clerck Jan Baptista Snijers naer vermoegen van sijne procuratie, hem ghegeven, omden naervolgende contracte notariael wettelijck te verniuwen ende te herkennen, heeft tselve gedaen als volght.

Op heden desen xix. september 1677 comparerende voor mij openbaer notaris, tot Loven residerende, present die ghetuyghen naer te noemen, Guiliam Docx ende Anna Janssens alias Pavie, gehuysscen ende innegesetene van Rotselaer, die welcke bekennen ontfangen te hebben van Govaert Arts ende Margareta Tempelaers, oock gehuyscen, de somme van drije hondert guldens, waer vore die voorscreve gehuysscen comparanten bekennen aende voorschreve ghehuysscen eene jaerelijcxe rente van vijftien guldens, innetegaen den iersten november toecomen(de), jaerelijcx wel ende loffelijck te betaelen, als schult met recht verwonnen, ende te leveren binnen dese stats wissele van Loven, vrije van alle lasten ende impositien, innegestelt ende naermaels innetestellen, ende dit alles totte quytinge toe, die altijt sal moegen ghescieden met hondert guldens smaels ende volle rente ende tot naerdere asseurantie vande voorscreve capitaelen ende verloopen, sijn de voorscreve ghehuysscen comparanten verobligerende hunne persoonen ende goederen, meubelen ende immeubelen, present ende toecomende, met submissie ende renuntiatie in forma ende consenterende in het slaen van mainmise over de selve ende naementlijck over eenen bempt, groot seven daghmaelen, gelegen onder Rotselaer, regenotende die Waterstrate ter eendre, S(in)t Job ofte de kercke van Wesemael ter tweedere, Jan Fobelets ter derdere sijden, ende in het decreet ende herdecreet der heeren schepenen van Loven daerop te volghen sonder voorgaende daghement, constituerende tot dijen onwederoepelijck een ider thoinder deser om dese te moeghen vernieuwen ende herkennen voor heeren meyer ende schepenen van Loven ende aldaer consenterende in voluntaire condemnatie sonder voorgaende daghement, promittentes, etc(eter)a, obligando, submitendo ac renuntiando ut in forma, aldus ghedaen in dathe als voor ter presentie van Franchois Nieutal ende m(eeste)r Mertinus Vander Straeten als ghetuyghen, tot dese geroepen ende ghebeden, hebbende die voorschreve comparanten die minute deser met mij notario onderteeckendt, onderstont quod attestor, ende was onderteeckent, P. Van Hoff.

Aldus vernieuwt, herkent ende ghereitereert vuyt crachte der voorscreve procuratie, eensaementlijck geconsenteert int slaen van mainmise over de goederen, inde procuratie vermelt, die welcke hier wort gehouden voor geinsereert ende gherepeteert, obligando, submittendo ac renuntiando, coram jo(ncke)r De Vroye et s(ieu)r Vanden Kerckhove, hac xvi. november a(nn)o 1685.

 

In de akte maakt men melding van Guilielmus Do(c)x en Anna Janssens Pavie. De akte werd wel op een eigenaardige manier gedateerd : “xx5 february”.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 7938, folio 235v., akte dd. 25 februari 1686.

Inde tegenwoordigheyt der heeren scepenen van Loven naergenoempt gestaen den bode Wagemans naer vermoegen van sijne procuratie, hem ghegeven, omden naervolgende contracte notariael wettelijck te verniuwen ende te herkennen, heeft tselve gedaen als volght.

Comparerende op heden desen xi. february 1686 voor mij notaris, inden Raede van Brabant gheadmitteert, tot Loven residerende, ende inde presentie vande naergenoempde getuygen Guiliam Docx ende Anna Janssens Pavie, wettighe gehuysscen ende innegesetene der banderije van Rotselaer, hebben bekendt ende geleden wel ende deughdelijck ontfangen te hebben vuyt handen van wijlen m(eeste)r Govaert Arts ende Margareta Tempelaers, gehuysscen waeren, van op den eersten november 1672 eene somme van hondert guldens, item opden 19. september 1677 eene somme van drije hondert guldens volgens die bekentenisse daer van gepasseert voorden notaris Van Hoff ende ghetuygen en(de) daer naer nogh eens sevenentachentigh guldens ende alsoo tsamen vierhondert sevenentachentigh guldens, maekende alsoo vijffhondert guldens, waer vore de comparanten gheloven te betaelen eene jaerelijcxe rente van vijffentwintigh guldens a rate den pen(ninck) 20, cours te nemen date deser ende alsoo voor den iersten jaere te verscijnen den xi. february vanden toecomenden jaere 1687 ende alsoo vervolgens totte quytinge toe, die welcke sal moegen gescieden in permissie gelt, volgens die tegenwoordige valuatie met hondert guldens smaels ende met volle rente, mits dat de rendtgelders voor elcke afflegginge sullen dadvertensie moeten doen sesse weken te vorens, daer vore verobligerende hunne persoonen ende goederen, meubelen ende immeubelen, present ende toecomende, ende tot naerdere asseurantie, soo vande voors(chreve) capitaelen als jaereleyxen interest, soo verobligeren de selve aende moimbours der kinderen vande voorscreve Govaert Arts ende Margareta Tempelaers ierst eenen bempt, groot drije daghmaelen onbegrepen der mate, gelegen tot Sallaeken onder Rotselaer, regenotende die Demer ter i., die erffgenaemen Jans Vanden Panhuysen ter ii., de erffgenaemen Hendric Van Meerbeeck ter iii., item een halff boinder onder Rotselaer int Hellichter Broeck, regenotende Bertel De Pelsmaeker ter ie., die kercke ofte H(eyligen) Geest van Rotselaer ter iie., de erffgenaemen Cornelis De Brier ter iii. ende die Demer ter iiii. sijden, belast met sheeren chijns aen sijne excellentie den hertoge van Arschot, voirders vrije ende onbelast, soo ende gelijck de voorscreve parcheelen onder andere aende comparanten ten deele sijn ghevallen voor wedthouderen van Rotselaer opden 24. dagh september 1681, mits welcke herkentenisse ende bekentenisse alhier comen te cesseren alsulcke obligatien als die voors(chreve) comparanten voor date deser hebben verleden, tsij voor notaris ofte onder hunne, constituerende tot desen effecte onwederoepelijck een ieder thoinder deser om de voorscreve bekentenisse wettelijck te verniuwen ende te herkennen voor die heeren meyer ende schepenen van Loven ende alomme daer het van noode wesen sal, consenterende aldaer over die voorschreve goederen int slaen van mainmise ende decreet ende herdecreet daer over te gheven sonder voorgaende daghement, gelovende, verbindende ende renuntierende in forma, actum ut supra ter presentie van m(eeste)r Marcus Dumont ende Victor Den Duyts, beyde als ghetuygen tot desen geroepen ende gebeden, sijnde doriginele minute deser bijde comparanten beneffens mij notaris onderteeckent, onderstont, quod attestor, signatum J.B. Snijers, notaris.

Aldus vernieuwt ende herkent doorden voors(chreven) geconstitueerden, obligando, submittendo ac renuntiando, eentsaementlijck geconsenteert int slaen van mainmise, coram Dielbeeck et Caels, xx5. february 1686.

       Uit huwelijk:

     1. Briers Guilielmus, (°) Rotselaar 02.11.1642 (g. Foblets Guilielmus en Aurogge Catharina),

     Briers Catharina, (°) Rotselaar 22.02.1645 (g. Briers Martinus en Briers Catharina),

     Briers Elisabeth, (°) Rotselaar 20.02.1648 (g. De Wals Mathias en Van Rijmenant Catharina),

     Briers Petrus, (°) Rotselaar 11.09.1650 (g. Van Aerschot Petrus en Briers Gertrudis),

     Briers Maria, (°) Rotselaar 02.10.1652 (g. Van Haecht Philippus en Vanden Bos Maria),

     Briers Anna, (°) Rotselaar 06.11.1656 (g. Bries Martinus en Goris Anna),

     Briers Joannes, (°) Rotselaar 15.12.1658 (g. Molemans Joannes en Foblets Anna),

     Briers Adrianus, (°) Rotselaar 12.08.1663 (g. Booms Adrianus en Bries Gertrudis),

     2. Dockx Barbara, (°) Rotselaar 15.04.1666 (g. Engelborchs Joannes en Dockx Barbara),
     3. Dox proles, ° en + Rotselaar16.02.1670,

     Docx Anna, (°) Rotselaar 10.02.1672 (g. Docx Jan en Goris Anna),
     Doijgx Joannes, (°) Rotselaar 26.04.1673 (g. Janssens Joannes en Van Langendonck Elisabeth),
     Dox Joannes, (°) Rotselaar 20.12.1675 (g. Jansens Pavie Joannes en Dox Catharina), 

     Doij Francis,  

 

Briers Margaretha, x Rotselaar 06.06.1648 (g. Raijmakers Michael en Van Crieckinge Joannes) met Van Aerschot Cornelis,

Hieronder (met dank aan Paul Peeters) een akte met vermelding van Cornelius Van Aerschot en Margaretha Briers uit Rotselaar.

Bron : S.A.L., Inventaris Cuvelier, register nr. 8264 fol. 187v°.

In tegenwoordicheyt der heeren schepenen van Loven naerbes. gestaen G. Boels als gemachtichde met procuratie tot t' gene naerbes. staet te doene, waervan den teneur hiernaer van woorde tot woorde is volgende.

Op heden den 9en. july 1661 comparerende voor mij openbaer nots., bijden Raede, geordonneert in Brabant, geadmitteert, tot Loven residerende, present die getuyghen hieronder genoempt, Cornelis Van Aerschot en. Margarita Briers, gehuysschen, innegesetenen van Rotselaer, welcke comparanten hebben bekent t' hunnen contentemente ontfanghen te hebben, soo en. gelijck sij doen bij desen, vuyt handen van Dierick Tempelers en. Mechelina Janssens, insgelijcx gehuysschen, de somme van hondert rinsgul. eens in goeden ganckbaeren en. gepermitteerden gelde, voor welcke voors. somme die ierste comparanten beloven te betaelen eene erffel. rente van ses gul. en. vijff stuyvers jaerlijcx, welcke voors. rente sal beginnen cours ende loop te nemen date deser en. het ierste jaer van betaelinghe sal vallen en. verscheynen den 9en. july vanden toecomenden jaere 1662 en. soo voorts van jaere tot jaere totte affquytinghe toe, die welcke sal moghen geschieden t' eender reyse en. met vollen rente, verobligerende die voors. comparanten voor die voors. somme en. jaerlijxsche betaelinghe hunnen persoon en. goederen, roerende en. onroerende, present en. toecomende, met submissie ende ren. in forma, constituerende tot dijen onwederoepel. N. en. eenen ieder thoonder deser in solidum om te compareren voor meyer en. schepenen van Loven ende aldaer desen contracte te doen en. laeten vernieuwen en. te consenteren in het maeken van beleyde en. mainmise over alle hunne iersten compen. goederen, van wat nature soude moghen wesen ende signantel. over huys ende hoff, gelegen tot Rotselaer, regen. Carel De Brier ter ire., den hertoghe van Aerschoth ter ijre. en. iijre., t' sheerenstraete ter iiijre. zijden, item alnoch over eenen bempt van vijff dachmaelen, oock aldaer gelegen, regenoten Mertten Briers in twee zijden en. mijn heere Delvaux in twee andere zijden, wesende bijde dese panden vrije, eyghen en. onbelast goedt, behoudel. t' sheeren chijns vanden gronde, mede te consenteren in het decreet van dijen sonder daer toe te derven gedaecht te worden onder obligae., submissie en. ren. ut supra, promitten. in forma.

Actum binnen Loven ter presentie van Jaecques Den Duytsche en. Jaecques Aerdts, getuyghen, tot desen versocht, de minute deser is bijde voors. compnten. met hunnen naeme ondert. beneffens mij nots., onderstont quod attestor, ende was onderteeckent P. Anne, nots.

Welcken volgende den voors. geconstitueerden vuyt crachte sijnder bovenges. procurae. heeft den bovenges. contracte notariael in alle sijne poincten en. clausulen herkent en. vernieuwt, mede eentsaementl. geconsenteert int maeken van mainmise, obligan., submitten. ac ren. in forma, coram De Greeff, Caversom, schepenen, desen 27en. april 1664.

     Uit dit huwelijk: geen andere fii W, Rot, Bet,

     Van Aerschot Franciscus, (°) Rotselaar 13.11.1662 (g. Wilms Franciscus en Bries Gertrudis), 

 

2. Bries Gertrudis, XII (M2371),

 

Bries Elisabeth, XI (S1115), (°) Rotselaar 04.03.1640 (g. Guilhelmus Krikmans en Elisabeth Krikmans),

 

Bries Catharina, (°) Rotselaar 05.03.1642 (g. Guilielmus Reijniers en Catharina Goris),

 

Bries Petrus, (°) Rotselaar 01.02.1646 (g. Petrus Van Geendertal en Dimpna Aurocx), ingetreden in abdij Tongerlo.

 


 

XII - Lauwens Antoon (S2534), (°) Werchter voorregister ?, x 1 Werchter 26.07.1656 (g. Lauwens Petrus sr en Briers Henricus) met Elisabeth Bries (S2535), (°) (niet W, Rot, Wes, H, K, S, Bet, Wez, Heist, Beer, P, R, O, Kamp, Wak, Duf?, Wak,  ), + Rotselaar 04.07.1667, (deze x 1 Werchter 21.11.1649 bloedv. 4 de gr. (g. Bruijninx Joannes en Briers Martinus) met Bruijninckx Petrus), x 2 Rotselaar 09.04.1668 (g. Janssens a Pavie Joannes en Bets Petrus) met Vanden Panhuijsen Joanna.

 

Een heleboel aktes i.v.m. dit gezin vind je in het parenteel van Lauwens Antoon.

 

Uit dit huwelijk:

 

1. Bruijnincx Henricus, (°) Werchter 01.08.1650 (g. Goris Henricus en Goris Anna),

 

Bruijnincx Martinus, (°) Werchter 13.02.1652 (g. Bries Martinus en Vertennen Anna),

 

2. Lauwens Catharina, XI (S1267), (°) (niet W, Rot, H, K, Bet, S, Beer, Wes, Wak, Wez, Duf, ),

 

Lauwens Petrus, (°) Rotselaar 13.01.1660 (g. Goris Petrus en Maria Van Eijck alias Paps nomine Margareta Goris),

 

Lauwens (Maria) Magdalena, (°) Rotselaar 15.05.1662 (g. Lauwers Joannes nomine Lauwers Petrus en Peeters Magdalena), x (niet Rot, Wes, H, Kamp, DD, ) met Jaspar Joostens - Joestens - Oistens, meier van Wespelaar,

     Uit dit huwelijk:

     Joostens Catharina, (°) Wespelaar 25.04.1685,

     Joostens Abraham, (°) Wespelaar 02.02.1687,

     Joostens Maria, (°) Wespelaar 25.02.1689,

     Joostens Cornelius, (°) Wespelaar 04.04.1691,

     Joostens Anna, (°) Wespelaar 18.02.1694,

     Joostens Petrus, (°) Wespelaar 26.05.1696,

     Joostens Lucia, (°) Wespelaar 13.12.1698,

     Joostens Clara, (°) Wespelaar 06.06.1701,

     Joostens Barbara, (°) Wespelaar 15.01.1704,

     Joostens Elisabeth, (°) Wespelaar 10.01?.1706,

     Joostens Catharina, (°) Wespelaar 13.02.1730,

 

3. Lauwers Adrianus, (°) Rotselaar 10.02.1669 (g.  Lauwers Adrianus en Vervoort Anna),

 

Lauwers Arnoldus, (°) Rotselaar 26.10.1670 (g. Van Hove Arnoldus en Bries Catharina),

 

Lauwers Andreas, (°) Rotselaar 05.06.1672 (g. Meeus Andreas en Paeps Maria n. Catharina Engelburghs), verisimiliter baptisata ab obstetrice,

 

Lauwers Barbara, (°) Rotselaar 27.02.1674 (g. Foblets Joannes en Van Hoef Barbara),

 

Lauwers Anna, (°) Rotselaar 12.03.1677 (g. Van Eijcke Gerardus en Goris Anna),

 

Lauwers Martinus, (°) Rotselaar 20.11.1678 (g. Bruijnincx Martinus per manis custodis en Vanden Panhuijsen Anna),
 

Lauwers Theodorus Arnoldus, (°) Rotselaar 03.06.1680 (g. Van Eijnatten Arnoldus Theodorus nobilis scabinis civitatis Lovaniensis en Berckmans nobilis Domina Guielma),

 

Lauwers Anthonius, (°) Rotselaar 03.03.1682 (g. Verrijt Anthonius en Lauwers Maria),

 

Lauwers Joanna, (°) Rotselaar 31.10.1683 (g. Bruijnincx Martinus n. Joannes Bruijninx en dcella Van Tongelen Joanna),

 

Lauwers Adriana, (°) Rotselaar 01.11.1685 (g. Vander Hagen Joannes en Mees Adriana),

 

Lauwers Antonius, (°) Rotselaar 11.02.1687 (g. Verreijt Antonius en Lauwers Anna),

 

Lauwers Nicolaus, (°) Rotselaar 12.02.1689 (g. De Neuter Nicolaus en Vanden Panhuijsen Maria).

 

 

 

XII - Van Salm Henricus (M2370), (°) St.-Pieters-Rode 15.04.1634 (g. Vande Salm Andreas en Maria Swinnen), x Rotselaar 23.09.1657 (g. Bries Guilielmus en Vrolijx Philippus) met Bries Gertrudis (M2371), zij x 2 Rotselaar 09.04.1668 (g. Ceustermans Joannes en Van der Smissen ? Daniel) met Lauwers Joannes, + Rotselaar 06.08.1675, en x 3 Rotselaar 22.01.1678 (g. Everard William en Van Crieckinge Joannes) met Loeijmoeij Cornelius, deze x 2 Rotselaar 23.11.1689 (g. Van Crieckinge Andreas en Petrus) met Vancroecten - Van Grochten - ... Maria.

 

Een heleboel aktes i.v.m. dit gezin vind je in het parenteel van Van Salm Henricus.

    

Uit dit huwelijk:

    

1. Van Salm Elizabeth, XI (M1185), (°) Rotselaar 29.06.1658 (g. Reijniers Gielielmus en Bries Elisabeth),

    

Van Salm Henricus, (°) Rotselaar 01.03.1660 (g. Van Salm Martinus en Vanden Bosch Francisca), x Rotselaar 13.09.1692 (g. Van Couteren Daniel en Van Crikinghen Andreas) met Van Couteren Catharina,

     Uit dit huwelijk:

     Van Salm Joannes, (°) Wezemaal 27.08.1698 (g. Verswijvel Joannes en Van Aarschot Barbara),

     Van Salm Petrus, (°) Wezemaal 16.02.1702 (g. Van Arschot Petrus en Van Arschot Barbara),

     Van Salm Jacobus, (°) Rotselaar 09.10.1704 (g. Van Dijcke Jacobus en Van Aerschot Barbara),

     Van Salm Henricus, (°) Rotselaar 25.11.1707 (g. Bols Jacobus fs Iacobus en Van Salm Elisabeth fa Martinus),

 

Van Salm Joannes, (°) Rotselaar 14.01.1663 (g. Van Salm Joannes en Bollens Jacoba),

    

2. Lauwers Anna, (°) Rotselaar 06.02.1669 (g. Raeijmaeckers Joannes Baptist en Goris Anna),

    

Lauwers Petrus, (°) Rotselaar 02.12.1670 (g. Lauwers Petrus en Meeus Elisabeth),

    

Lauwers proles, (°) Rotselaar 19.02.1675 baptisata est ab obstetrice et mortua est,

    

3. ...

    

4. Laeijmoeijer Joanna, (°) Rotselaar 07.05.1692 (g. Peeters Joannes en Vander Meulen Elisabeth l. Maria Van Criking),

    

Leuijmoijers Cornelius, (°) Rotselaar 27.09.1693 fs naturalis (g. Lauwer Jan en Van Hougaerde Maria),

    

Leumeijers Jacobus, (°) Rotselaar 08.02.1696 (g. Van Krieckinge Petrus l. Jacobus Bols en Janssens Maria).

 

 

 

XI - Petrus Boits - Boots (S1114), x Rotselaar 11.09.1660 (g. Boets Joannes en Van Heli Henricus) met Elisabeth Bries (S1115), (°) Rotselaar 04.03.1640 (g. Guilhelmus Krikmans en Elisabeth Krikmans), + Werchter 09.07.1693, deze x 2 met Petrus Meerkens.

 

Aktes i.v.m. dit gezin vind je in het parenteel van Petrus Boits - Boots.

 

Uit dit huwelijk:

 

1. Petrus Boits, (°) Werchter 07.07.1661 (g. Petrus Bries en Anna Vanden Berghe),

 

Elisabeth Boits, X (S557), (°) Werchter 14.06.1663 (g. Henricus Bries en Elisabeth Meulemans),

 

Catharina Boits, (°) Werchter 17.03.1666 (g. Joannes Calstermans en Catharina Bries),

 

Maria Boits, (°) Werchter 22.01.1668 (g. Arnoldus Van Tongelen en Maria Van Vlasselaer),

 

Anna Boits, (°) Werchter 28.10.1670 (g. Joannes Lauwens en Anna Wouters),

 

Joanna Boits, (°) Werchter 28.10.1670 (g. Carolus Lauwens en Joanna Brugmans),

 

Guilielmus Boits, (°) Werchter 26.03.1674 (g. Guilielmus Van Eycken en Elisabeth Meeuws),

 

Boots Catharina, (°) Werchter 22.05.1676 (g. Guilielmus Foblets en Elisabetha Van Salm), x Werchter 12.04.1695 (g. De Wijgaert Carolus en Meerkens Petrus) met Joannes Van Langendonck,

     Uit dit huwelijk:

     Van Langendonck Norbertus, (°) Werchter 07.04.1697 (g. Heijlighen Michael n. Bries Norbertus en Van Leemputte Anna),

     Van Langendonck Margaretha, (°) Werchter 29.01.1698 (g...), 

     Van Langendonck Maria (tweeling!), (°) 29.01.1698 posthumus (g...),

 

2. Meerkens Herman Joseph, ° ca. 1683 (niet W, Rot, Beer, DD, ).

 

Terug naar startpagina Terug naar startpagina stamboom