|
| verleiding zoals zij opduikt uit het niets, begod kleeft haar dans opzwepend zwart op ‘t wit van 't netvlies grijpt hartenklop hem naar het strot als aan de grond genageld biologeert hij de lastpost tot lieflijke stoeipoes verheven tot ze oog in oog een stilstand forceert in facetten vangt zij zijn doen en laten rank en flinterlicht, ammehoela! en heft teentippelend haar tutu-tule als een prima ballerina in hem buitelt een bandeloze wolf geil als een jagende golf sleept zijn stem: ik pak je wel aftastend traag, daarna heel snel oh perverse geest vol begeerten loenst in ogen peilloos mysterieus het is geen zicht daar hij zwicht voor de nietsvrezende vlieg op zijn neus |
| © 2006 desmet.marleen@telenet.be |
Terug naar http://marleendesmet.lierde.net
Terug naar homepage Lierde Online