|
IK HEB DE SAINT - SAUCISSE ONTMOET |
Toen ik verleden zondag (30 augustus) uit mijne nest
kroop stond er op mijne almanak aangeduid dat het de dag van de “processie
van Plaisance” was.
Een dag waar ik mijn Lierde even verlaat om niet alleen het Manneken Pis te
vertegenwoordigen in ’t stad maar ook om te genieten van de mens in de
straat.
De voorbije jaren had ik al opgemerkt dat die mannen van “Giesbaargen” een
speciaal volk zijn en dat als het op feesten aankomt ze steeds van de partij
waren.
Met de zon aan een hemelsblauwe hemel kon het niet anders dan dat er weer
een lap zou op gegeven worden.
Toen ik op het marktplein aankwam had ik natuurlijk eerst oog voor dat
Manneken dat daar al sinds 1459 zijn best doet om de Brusselaars de loef af
te steken en wat mij opviel was dat ze het Manneken onder een soort
kerststal hadden gezet.
Ja, door al de politieke zwaargewichten die daar door de jaren de trappen
waren opgestegen was het hoogtijd dat ze de trappen eens zouden vernieuwen.
Na elke receptie of trouwpartij op het stadhuis was er wel iemand die daar
bijna met zijn klikken en zijn klakken naar beneden donderde omdat hij in
een gleuf of een scheur was blijven hangen en omdat de verzekering steeds
wil weten of het aan de trap of aan de drank ligt hebben ze de trappen maar
afgebroken om ze te vernieuwen.
Ja, Geraardsbergen is aan het opfleuren en dat was ook te zien aan het nieuw
toeristisch centrum.
Maar ondertussen stelde de stoet zich op met op kop de drie reuzen waarvan
de dragers ook vernieuwd waren.
De fanfare sloeg en blies erop los zodat zelfs de laatslapers uit hunne nest
kropen om het schouwspel te volgen en zo trok zoals elk jaar de processie
van plaisance door de straten van “Giesbaargen”.
De reuzen met in hun zog de verschillende verenigingen en zeker niet te
vergeten het Manneken-Pis dat zijn 550ste verjaardag viert met daarachter
het schrijn met de relikwie van Sint-Bartholomeus dat sinds 1515 is
overgebracht van Sint-Martens-Lierde naar Geraardsbergen.
Tijdens de stoet hoorde ik zelfs het idee opperen van op een jubileumjaar de
stoet terug van uit Lierde te laten vertrekken.
Ja, en waarom niet, hoewel de feestvierders er dan misschien een tweedaagse
zouden van maken.
Och…we zullen de dragers eerst nog wat laten oefenen want de dag dat ze met
reuzen en schrijn de “Wassegem” zullen moeten naar beneden stappen zullen er
meer druppels zweet verschijnen dan deze die ik nu al heb gezien.
In elk geval chapeau voor al die mannen die het feestelijke gewicht op hun
schouders dragen.
Zo beklommen de reuzen onder luide aanmoedigingen de Nieuwstraat om daarna
een dansje te doen op de grote markt in afwachting dat het schrijn ook zou
aankomen en terug zijn plaats zou innemen in de kerk.
Je zou dan denken dat eens de stoet gedaan is ook het feesten is gedaan maar
in Geraardsbergen weten ze wel beter en velen komen vooral voor de “after
party” van Saint-Saucisse.
Ja, ik had het ook nog nooit meegemaakt en had de Heilige Saint-Saucisse ook
nergens teruggevonden in mijn Heiligenboeken.
Toen ik vroeg waar het gebeuren plaats zou hebben verwezen ze mij niet naar
de kerk maar naar “Café Den Eendracht” op de markt waar alle kerkstoelen al
bleken volzet te zijn.
Potverdekke, ’t kwam er op aan van rap te zijn en zelfs de eerste schepen
Rudy Mortier met zijn “vrouwke” die speciaal uit Lierde overgevlogen waren
om ook de zegen te krijgen van Saint-Saucisse waren te laat om binnen nog
een plaats te vinden.
Ja, zelfs onze gewezen minister van Geraardsbergen en omstreken Guido De
Padt moest gedwongen plaats nemen op het terras.
Wat mij opviel was dat er daar velen hun geloof sterkten door de kelk niet
aan hun laten voorbij te gaan en zo de halve liters aan hun lippen zetten
telkens ze één of andere psalm hadden gezongen.
Ja, en hoe meer liters hoe meer liedjes in afwachting dat de relikwie van
Saint-Saucisse zou worden rondgedragen.
Ik zat eerst nog te denken dat het de patroonheilige van de beenhouwers was
en dat ze hier misschien een relikwie van Van Den Boeyenants zouden
ronddragen maar niets was minder waar.
Op zeker moment werd onder luid gejuich Saint-Saucisse door de dragers
opgetild waarna hij vanuit het café werd naar buiten gedragen.
Groot was mijn verwondering te zien dat het hier nog om een levend persoon
ging!
Ja, ik stelde mij een paar dragers voor die een schoon beeld zouden
ronddragen maar ’t was potverdekke en Heilige in levende lijve.
Wit lang haar, lijkbleek en in een lichtblauw hemd over een wit
“onderlijveke” was het precies of hij op het laatste avondmaal was ontsnapt.
Zittend op een draagberrie uit de jaren stilletjes droegen de dragers hem
tussen de menigte aan wie hij stukken saucisse uitdeelde.
Honderden handen gingen de lucht in om daar toch maar een stuk saucisse te
kunnen vangen in de massa die opging in het feestgebeuren.
Op zeker moment stonden de dragers daar voor mijne neus en het was de eerste
keer dat ik zo dicht bij een Heilige in levende lijve had gestaan.
Ik liet me meeslepen door het volk en half geplet tussen de menigte gingen
ook mijn handen omhoog om een stuk saucisse te grabbelen.
Plots vlogen er een paar stukken mijn richting uit en omdat ik er telkens
naast grabbelde door het geduw en getrek was het een feestmaaltijd voor de
hond die iets verder stond.
Toen Saint-Saucisse terug naar binnen werd gedragen speelde de fanfare op
volle toeren en bleef de tapkraan openstaan.
Het was al laat in de namiddag dat er sommigen nog wreed aan het bidden
waren om toch maar geen hoofd of maagpijn te hebben de komende dagen.
Saint-Saucisse is een onderdeel van het feestgebeuren en ik weet zeker dat
niemand op dat moment aan crisistijd dacht.
Nee, de mens onder de mensen waar bekenden en onbekenden met elkaar klinken
op iets heel simpel dat is uitgegroeid tot een waar volksgebeuren.
De man en vrouw uit de straat die de huishoudelijke stress even ruilen om te
ontsnappen uit de dagelijkse leefwereld en de remmen los te laten.
Het had gewoon een volksverhaal uit één van de schrijfsels van Ernest Claes
kunnen zijn met dit verschil dat hier het verleden nog levendig wordt
gehouden.
Ja, ik heb ar alvast van genoten en ben vooral blij Saint-Saucisse in
levende lijve te hebben gezien.
Groetjes chauffeurke

Terug naar 'Lierde onder de pen'
Terug naar homepage Lierde Online