De ramp met de

'Reina del Mar'


28 mei 1981, Middelandse Zee

De Reina del Mar begon in 1951 als de Ocean Monarch en diende in een aantal lijndiensten, herdoopt in 1967 in Varna, voor het in 1978 werd verkocht aan een Griekse lijndienst. Maar voor zijn laatste eigenaar het schip in de vaart kon nemen, werd het verwoest door brand.

De Reina del Mar afgemeerd in Southampton in mei 1974, zeven jaar voor een fatale brand haar naar de bodem joeg.

Het schip werd in 1951 als de Ocean Monarch gebouwd door een Britse werf, Vickers Armstrong, om voor Furness Withy op de route tussen New York en Bermuda te varen. Een Bulgaarse maatschappij bezat het schip als de Varna en verhuurde het begin jaren zeventig als cruiseschip vanuit Montreal. Vanaf 1973 was het kort in eigendom van Sovereign Cruises. De Varna maakte slechts twee reizen voor Sovereign en werd uit de vaart genomen tot aan 1978, toen het gekocht werd door een Griekse lijndienst met als thuishaven Piraeus. De nieuwe eigenaar besloot de naam te veranderen in Rivera. De maatschappij had grote plannen om de Rivera als cruiseschip te gebruiken, maar de plannen kwamen moeizaam van de grond. In 1981 werd de Rivera tot Reina del Mar omgedoopt. In 1981 kondigde men aan dat de Reina del Mar enige cruises op de Middellandse Zee zou gaan doen, maar eerst zou men het schip renoveren. Tijdens de werkzaamheden, op 28 mei brak er brand uit in de machinekamer, die zich snel verspreidde en de passagiersaccommodatie verwoestte. Het schip verkeerde in een gevaarlijke toestand - het was uitgebrand en de bovenbouw was ingestort. Omdat het een risico vormde voor andere schepen, werd het in veiligheid gesleept vlak bij de Rasa Sayang, nog een uitgebrand schip. De Reina del Mar kapseisde en zonk op 31 mei in de werf van Perama.

Volgende pagina