De ramp met de 'Estonia'


28 september 1994, Oostzee

De veerboot Estonia aan de kade in Stockholm, Zweden. Twee jaar na de aankoop door Estline verging de veerboot in de Oostzee waarbij ten minste 850 mensen om het leven kwamen.

De Estonia was een grote diepzeeveerboot, bestemd om op de Oostzee te gaan varen. Het had een snelheid van 21 knopen en kon 2000 passagiers vervoeren en had voor meer dan de helft van hen slaapplaatsen. Begin de jaren 1980 werd het schip in Duitsland gebouwd en was oorspronkelijk bekend als Viking Sally, die voor Sally Lines voer tussen Stockholm, Mariehamm en Abo. Begin jaren 1990 kende de veerboot twee eigenaars en twee namen, voordat het in 1992 doorverkocht werd aan Estonian Steamship Lines. Twee jaar later was de Estonia wereldnieuws toen hij ten onder ging met een afschuwelijk verlies aan mensenlevens. Het was de zwaarste ramp die een diepzeeveerboot ooit trof. De Estonian Steamship Lines, een samenwerkingsverband tussen de regering van Estland en een Zweedse onderneming, zette de Estonia aan het werk op de route tussen Tallinn en Stockholm.

De laatste reis van de Estonia begon op 27 september om 19.00 uur. De veerboot vertrok uit Tallinn, maar men was bezorgd over de boegdeuren. Bij een inspectie kort voor vertrek ontdekte men problemen met de dichtingen, die er voor moesten zorgen dat de deuren waterdicht zouden zijn. Na minder dan 90 minuten op de Oostzee kwam de Estonia in zwaar weer terecht. Sommige passagiers gingen naar bed in hun hut; anderen bleven in de openbare ruimtes van het schip. Deze beslissingen zouden van levensbelang zijn voor wie wel en wie niet zou overleven. Rond middernacht ontdekte een mecanicien op een routine-inspectie dat er water door de boegdeuren binnenstroomde. De pompen van de Estonia werden aangezet en men begon het water af te pompen. Maar de hoeveelheid water die binnenstroomde was veel te groot voor de capaciteit van de pompen. De Estonia liep vol water. Om 01.24 uur zond de Estonia een noodsignaal uit. Het volgelopen schip, heen en weer geschud door een harde wind en razende zee, maakte gevaarlijk slagzij. Toen vielen de motoren uit. Kort voor 02.00 uur sloeg de Estonia om en zonk. Degenen die naar bed waren gegaan, konden niet ontsnappen. Degenen die in de lounges gebleven waren, hadden iets meer kans om te overleven. Er heerste paniek aan boord, waar iedereen vocht om van boord te geraken. Sommige mensen werden geplet door zwaar meubilair of door medepassagiers die hen vertrapten. Enkelen konden ontsnappen, maar slechts weinigen slaagden erin de veilige reddingsboten te bereiken. De meeste die in de ijskoude Oostzee terechtkwamen, stierven van de kou of verdronken. Na 60 minuten was het eerste schip ter plaatse. Het was aardedonker en de golven waren huizenhoog, toch werden enige mensen gered. De meeste waren mannen, die waarschijnlijk meer reserves hadden om de kou en zware zee aan te kunnen. Meer dan 850 opvarenden, het precieze aantal zullen we nooit weten, kwamen om het leven. De laatste rustplaats van de Estonia werd drie dagen later ontdekt en op video vastgelegd. Het schip lag op 80 meter diepte en de boegdeur was eraf gescheurd, waarschijnlijk door het geweld van de storm. Een rapport van drie jaar later concludeerde dat de boegdeur van de veerboot een zwak sluitsysteem had en dat de zware zee de deur had opengerukt.

Volgende pagina