BWV 172

Erschallet, ihr Lieder, erklinget, ihr Saiten!

[ bestemming: Pinksteren (20.05.1714)]

( bezetting: sopraan, alt, tenor, bas; hobo, 3 trompetten, pauken, orgel; koor, strijkers & BC)



 

Overzicht

1. Coro:  Erschallet, ihr Lieder, erklinget, ihr Saiten!
2. Recitativo Basso: Wer mich liebet, der wird mein Wort halten
3. Aria Basso: Heiligste Dreieinigkeit
4. Aria Tenore: O Seelenparadies
5. Aria Soprano - Alto: Komm, laß mich nicht länger warten
6. Corale: Von Gott kömmt mir ein Freudenschein


Schriftlezingen

------------------------------------------------------------------
Handelingen 2.1-13: Nederdaling van de heilige Geest
------------------------------------------------------------------
1 Toen de dag van Pinksteren aanbrak, waren allen bijeen op dezelfde plaats.
2 Plotseling kwam uit de hemel een gedruis alsof er een hevige wind opstak en heel het huis waar zij gezeten waren, was er vol van.
3 Er verscheen hun iets dat op vuur geleek en dat zich, in tongen verdeeld, op ieder van hen neerzette.
4 Zij werden allen vervuld van de heilige Geest en begonnen in vreemde talen te spreken, naargelang de Geest hun te vertolken gaf.
5 Nu woonden er in Jeruzalem Joden, vrome mannen, die afkomstig waren uit alle volkeren onder de hemel.
6 Toen dat geluid ontstond, liep het volk te hoop en tot zijn verbazing hoorde iedereen hen spreken in zijn eigen taal.
7 Zij waren buiten zichzelf en zeiden vol verwondering: ‘Maar zijn al die daar spreken dan geen Galileeërs?
8 Hoe komt het dan dat ieder van ons hen hoort spreken in zijn eigen moedertaal?
9 Parten, Meden en Elamieten, bewoners van Mesopotamië, van Judea en Kappadocië, van Pontus en Asia,
10 van Frygië en Pamfylië, Egypte en het gebied van Libië bij Cyrene, de Romeinen die hier verblijven,
11 Joden zowel als proselieten, Kretenzen en Arabieren, wij horen hen in onze eigen taal spreken van Gods grote daden.’
12 Allen waren buiten zichzelf, wisten niet wat ervan te denken en zeiden tot elkaar: ‘Wat zou dit betekenen?’
13 Maar anderen zeiden spottend: ‘Ze zijn zich aan zoete wijn te buiten gegaan.’
--------------------------------------------------------------
Johannes 14.23-31: De heilige Geest zal u bijstaan
--------------------------------------------------------------
23 Jezus gaf hem ten antwoord: ‘Als iemand Mij liefheeft, zal hij mijn woord onderhouden; mijn Vader zal hem liefhebben en Wij zullen tot hem komen en verblijf bij hem nemen.
24 Wie Mij niet liefheeft, onderhoudt mijn woorden niet; het woord dat gij hoort, is niet van Mij, maar van de Vader die Mij gezonden heeft.
25 Dit zeg Ik u, terwijl Ik nog bij u ben,
26 maar de Helper, de heilige Geest, die de Vader in mijn Naam zal zenden, Hij zal u alles leren en u alles in herinnering brengen wat Ik u gezegd heb.
27 Vrede laat Ik u na; mijn vrede geef Ik u. Niet zoals de wereld die geeft, geef Ik hem u. Laat uw hart niet verontrust of kleinmoedig worden.
28 Gij hebt Mij horen zeggen: Ik ga heen, maar Ik keer tot u terug. Als gij Mij zoudt liefhebben, zoudt gij er blij om zijn dat Ik naar de Vader ga, want de Vader is groter dan Ik.
29 Nu, eer het gebeurt, zeg Ik het u, opdat gij, wanneer het gebeurt, zult geloven.
30 Veel zal Ik niet meer met u spreken, want de vorst van de wereld is op komst. Weliswaar vermag hij niets tegen Mij,
31 maar de wereld moet weten dat Ik de Vader liefheb en dat Ik handel zoals Hij Mij bevolen heeft. Staat op, laten we hier vandaan gaan.’ 


Commentaar

1. Coro:  Erschallet, ihr Lieder, erklinget, ihr Saiten! [chimt]

Een heerlijk openingskoor, waarbij de tekst voor zichzelf spreekt.
Pauken en drie trompetten voegen de daad bij het woord en laten luid en lustig de liederen schallen. Het jubelende begin contrasteert met een minder heftig fugatisch middendeel: trompetten en pauken zwijgen en laten zangers en strijkers even alleen aan het woord.
Dan keert het aanvankelijke gejubel terug: heel indrukwekkend.


2. Recitativo Basso: Wer mich liebet, der wird mein Wort halten [mt]

De bas zingt de woorden van Christus.
Dit recitatief heeft eerder het karakter van een arioso.
Er is veel kans dat het lange melisme op machen (de eerste keer) de duurzaamheid of eeuwigheid van het verblijf bij de Vader voorstelt.
Merk ook de opgaande lijn op kommen (de tweede keer).


3. Aria Basso: Heiligste Dreieinigkeit [himt+]

Het martiale geweld van de drie trompetten en pauken en het voortdurend spelen met motieven opgebouwd rond de grote drieklank in dit derde deel, zal wel symbool staan voor de Drieëenheid: Heiligste Dreieinigkeit, / Großer Gott der Ehren, ...


4. Aria Tenore: O Seelenparadies [himt+]

Net als het openingskoor, staat dit stuk in een maat van drie.
Maar in tegenstelling tot het openingskoor en de voorgaande aria wordt in dit deel een veel rustigere, paradijselijke sfeer opgeroepen.
De strijkers all' unisono, legato en in samengevoegde beweging, en de melismen van de tenor op het woord durchwehet, beelden het waaien van Gods Geest uit.


5. Aria Soprano - Alto: Komm, laß mich nicht länger warten [cfimt]

Een duet in de vorm van een dialoog tussen de menselijke ziel (sopraan) en Gods Geest (alt), dat moet wel iets moois worden!
De ziel vraagt om de komst van de Geest en die geeft gretig gehoor aan haar uitnodiging.
Opnieuw horen we een vergelijkbaar melisme op [Komm, du sanfter Himmelswind, /] Wehe [durch den Herzensgarten!].
In hemelse liefde versmelten de stemmen harmonisch met elkaar. Hierbij voegen zich nog hobo, orgel en cello (BC).


6. Corale: Von Gott kömmt mir ein Freudenschein [him+]

De meest beweeglijke partij in dit koraal is die van de viool, die boven alles uit zweeft als de Geest. Minder opvallend, maar des te noodzakelijker: de baspartij, de Vader die alles ondersteunt, voortstuwt en in beweging houdt. En de Zoon? Die moet als Mens midden onder de (zingende) mensen te vinden zijn: bij de woorden O Herr Jesu, is de middenstem in de strijkers inderdaad even wat duidelijker te onderscheiden.


Ter vergelijking


 
1 juni 2001
( 3 juli 2001 )
Johan De Wael