Overzicht1. Coro: Erschallet, ihr Lieder, erklinget, ihr Saiten!2. Recitativo Basso: Wer mich liebet, der wird mein Wort halten3. Aria Basso: Heiligste Dreieinigkeit4. Aria Tenore: O Seelenparadies5. Aria Soprano - Alto: Komm, laß mich nicht länger warten6. Corale: Von Gott kömmt mir ein Freudenschein |
|
Handelingen 2.1-13: Nederdaling van de heilige Geest ------------------------------------------------------------------ 2 Plotseling kwam uit de hemel een gedruis alsof er een hevige wind opstak en heel het huis waar zij gezeten waren, was er vol van. 3 Er verscheen hun iets dat op vuur geleek en dat zich, in tongen verdeeld, op ieder van hen neerzette. 4 Zij werden allen vervuld van de heilige Geest en begonnen in vreemde talen te spreken, naargelang de Geest hun te vertolken gaf. 5 Nu woonden er in Jeruzalem Joden, vrome mannen, die afkomstig waren uit alle volkeren onder de hemel. 6 Toen dat geluid ontstond, liep het volk te hoop en tot zijn verbazing hoorde iedereen hen spreken in zijn eigen taal. 7 Zij waren buiten zichzelf en zeiden vol verwondering: ‘Maar zijn al die daar spreken dan geen Galileeërs? 8 Hoe komt het dan dat ieder van ons hen hoort spreken in zijn eigen moedertaal? 9 Parten, Meden en Elamieten, bewoners van Mesopotamië, van Judea en Kappadocië, van Pontus en Asia, 10 van Frygië en Pamfylië, Egypte en het gebied van Libië bij Cyrene, de Romeinen die hier verblijven, 11 Joden zowel als proselieten, Kretenzen en Arabieren, wij horen hen in onze eigen taal spreken van Gods grote daden.’ 12 Allen waren buiten zichzelf, wisten niet wat ervan te denken en zeiden tot elkaar: ‘Wat zou dit betekenen?’ 13 Maar anderen zeiden spottend: ‘Ze zijn zich aan zoete wijn te buiten gegaan.’ |
|
Johannes 14.23-31: De heilige Geest zal u bijstaan -------------------------------------------------------------- 24 Wie Mij niet liefheeft, onderhoudt mijn woorden niet; het woord dat gij hoort, is niet van Mij, maar van de Vader die Mij gezonden heeft. 25 Dit zeg Ik u, terwijl Ik nog bij u ben, 26 maar de Helper, de heilige Geest, die de Vader in mijn Naam zal zenden, Hij zal u alles leren en u alles in herinnering brengen wat Ik u gezegd heb. 27 Vrede laat Ik u na; mijn vrede geef Ik u. Niet zoals de wereld die geeft, geef Ik hem u. Laat uw hart niet verontrust of kleinmoedig worden. 28 Gij hebt Mij horen zeggen: Ik ga heen, maar Ik keer tot u terug. Als gij Mij zoudt liefhebben, zoudt gij er blij om zijn dat Ik naar de Vader ga, want de Vader is groter dan Ik. 29 Nu, eer het gebeurt, zeg Ik het u, opdat gij, wanneer het gebeurt, zult geloven. 30 Veel zal Ik niet meer met u spreken, want de vorst van de wereld is op komst. Weliswaar vermag hij niets tegen Mij, 31 maar de wereld moet weten dat Ik de Vader liefheb en dat Ik handel zoals Hij Mij bevolen heeft. Staat op, laten we hier vandaan gaan.’ |